CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

7 WVS AB WVS (openbaar) 14 oktober

commissie Maatschappelijke Aangelegenheden 26 november 2024, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken25.853 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

6.13

Deze natuurlijke adviesfunctie kan verder reiken dan de reguliere controlewerkzaamheden. Opdrachtnemer houdt hierbij rekening met ontwikkelingen die spelen binnen de organisatie.

6.14

Opdrachtnemer stelt conform planning drie soorten rapportages op voor GR WVS: • managementletter, waarin n.a.v. de uitgevoerde interim-controle de mogelijke risico’s, aandachtspunten op het gebied van AO/IC en overige belangrijke onderwerpen worden benoemd, waarbij het kantoor de keuze vrijstaat dit per juridische entiteit of in een gecombineerd rapport te doen; • accountantsverslag per gecontroleerde jaarrekening: in dit verslag worden de bevindingen, geconstateerde fouten, onzekerheden en aangebrachte correcties benoemd; • accountantsverklaring per gecontroleerde jaarrekening: waarin opgenomen het oordeel over de gecontroleerde jaarrekening.

6.15

Opdrachtnemer dient de jaarrekening van WVS Schoonmaak vof te controleren. Doelstelling van de opdracht is om te komen tot een samenstelverklaring van de jaarrekening WVS Schoonmaak vof. In dit verband dient de jaarrekening van Opdrachtgever over elk boekjaar te worden gecontroleerd. Hiervoor ontvangen wij graag de volgende dienstverlening: • samenstelverklaring jaarrekening WVS Schoonmaak vof.

Pagina 8 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Artikel 7,

Planning en doorlooptijd

7.1

Het is de verantwoordelijkheid van de Opdrachtnemer om diens controle werkzaamheden zodanig in te plannen en uit te voeren in overleg met Opdrachtgever, dat de Opdrachtnemer voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgt voor het afgeven van haar oordeel.

7.2

De controlewerkzaamheden worden minimaal drie maanden van tevoren en in overleg met Opdrachtgever gepland en uitgevoerd binnen de deadlines en data van de bestuurskalender en planning & control cyclus van de Opdrachtgever. Hetzelfde geldt voor wijzigingen in de planning.

7.3

Voor het tijdig en volledig opleveren van werkzaamheden door Opdrachtnemer geldt onderstaande planning: Het is de verantwoordelijkheid van de Opdrachtnemer om diens controle werkzaamheden zodanig in te plannen en uit te voeren in overleg met Opdrachtgever, dat de Opdrachtnemer voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgt voor het afgeven van haar oordeel.

7.4

De controlewerkzaamheden worden minimaal drie maanden van tevoren en in overleg met Opdrachtgever gepland en uitgevoerd binnen de deadlines en data van de bestuurskalender en planning & control cyclus van de Opdrachtgever. Hetzelfde geldt voor wijzigingen in de planning.

7.5

Voor het tijdig en volledig opleveren van werkzaamheden door Opdrachtnemer geldt onderstaande planning:

7.6

Betreft

Aanvang

Gereed

Afstemming plan van aanpak interim controle

Week 37

Week 40

Bepaling selecties t.b.v. interim-controle

Week 40

Week 44

Interim controle externe accountant

Week 45

Week 46

Voorbereiding jaarrekening, restant proceduretesten

Week 48

Week 5 (volgend jaar)

Bespreken managementletter

Week 48

Week 48

Samenstellen balansdossier

Week 2

Week 5

Samenstellen geconsolideerde jaarrekening

Week 6

Week 7

Controle externe accountant

Week 8

Week 10

Oplevering controleverklaring

Week 11

Week 11

Vaststelling jaarrekening

Week 12

Week 12

De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling dient jaarlijks vóór 15 juli te worden ingediend bij de provincie Noord-Brabant. Voor indiening dienen deze door het Algemeen Bestuur (AB) van de betreffende GR te worden vastgesteld, en voor verwerking in de jaarrekening van de gemeenten aan de diverse gemeenteraden te worden aangeboden. Gezien de hiervoor geldende termijnen is het noodzakelijk dat de jaarrekening medio maart voorzien van een accountantsverklaring ter vaststelling aangeboden kunnen worden aan het AB.

Pagina 9 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Artikel 8,

Beroepsstandaarden

8.1

De werkzaamheden van de Opdrachtnemer voldoen aan de beroepsstandaarden en de kwaliteitseisen zoals die zijn geformuleerd in ‘Verordening gedrags- en beroepsregels accountants’ (VGBA) en aan bestaande wet- en regelgeving.

8.2

Opdrachtnemer heeft een vergunning van op grond van de Wta van AFM om wettelijke controles te mogen uitvoeren.

Artikel 9,

Vast controle team

9.1

Opdrachtgever eist een consistente kwaliteit van dienstverlening gedurende de looptijd van de Overeenkomst en verwacht dat Opdrachtnemer maatregelen treft die de kwaliteit en ervaring van de dienstverlening en het controleteam waarborgen.

9.2

De eindverantwoordelijke binnen Opdrachtnemer heeft minimaal de kwalificatie van registeraccountant (RA), hetgeen blijkt uit inschrijving in het daartoe bestemde register en beschikt over een certificerende bevoegdheid zoals dat in de Nederlandse Wet- en Regelgeving is geregeld.

9.3

Opdrachtnemer werkt met een vast controleteam dat beschikt over relevante ervaring en expertise. Tevens beschikken zij over sterk ontwikkelde kennis op het gebied van audit en advies in de publieke sector en de specifieke wet- en regelgeving die hierop van toepassing is.

9.4

Het team moet voldoen aan de vigerende wetgeving zonder uitputtend te zijn, zijn dit: de gedrags- en beroepsregels geldende voor accountants, de wet gemeenschappelijke regelingen, de commissie BBV, de AVG, Titel 9 BW 2 en overige voor de organisatie geldende wet- en regelgeving.

9.5

Opdrachtnemer ziet erop toe dat de uitvoering van de Opdracht ongestoord voortgang vindt en conform de daaraan gestelde eisen wordt uitgevoerd. Opdrachtnemer draagt er zorg voor dat de voortgang niet door o.a. ziekte, vakantie of andere redenen van afwezigheid van haar medewerkers wordt onderbroken. Opdrachtnemer neemt in voorkomende gevallen onverwijld de nodige maatregelen tot het doen van de vereiste voorzieningen c.q. inzet van vervangend gelijkwaardig personeel (zowel qua werk- en denkniveau als aantoonbare relevante werkervaring).

9.6

Alle medewerkers van en namens Opdrachtnemer welke in een gebouw van de Opdrachtgever komen houden zich aan de geldende huisregels en kunnen zich op verzoek legitimeren.

9.7

Indien Opdrachtgever niet tevreden is over de inzet van een medewerker van de Opdrachtnemer kan Opdrachtgever verzoeken om vervanging van de desbetreffende medewerker. Opdrachtgever zal tijdig Opdrachtnemer op de hoogte stellen en zal geen vervanging eisen op basis van ongegronde redenen.

Artikel 10,

Meerwerk – Aanvullende opdrachten

10.1

Het factureren van meerwerk aangaande de in de Aanbestedingsdocumenten omschreven opdracht is niet mogelijk. Er kan enkel sprake zijn van aanvullende kosten wanneer op verzoek van Opdrachtgever werkzaamheden worden verricht die niet zijn beschreven in de Aanbestedingsdocumenten en niet Pagina 10 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

vallen onder hetgeen beschreven onder “Omschrijving van de opdracht”. Hieraan ligt te allen tijde een voorafgaande prijsopgave ten grondslag. 10.2

Voor aanvullende opdrachten wordt altijd vooraf door Opdrachtnemer een offerte met een begroot aantal uren met het uurtarief, zoals door Opdrachtnemer aangeboden tijdens haar Inschrijving en vastgelegd in de Overeenkomst.

10.3

De Opdrachtgever, enkel in de functionaris van algemeen directeur of Concernhoofd FIA/Concerncontroller, is bevoegd tot het geven van de aanvullende opdrachten. Uitsluitend schriftelijke, of schriftelijk bevestigde, vooraf verstrekte opdrachten door de algemeen directeur of Concernhoofd FIA/Concern controller kunnen worden gefactureerd.

Artikel 11,

Beveiliging en AVG

11.1

Opdrachtnemer treft maatregelen zodat Opdrachtgever bedrijfsgevoelige bestanden op een veilige manier beschikbaar kan stellen.

11.2

Opdrachtnemer beschikt over een (online) portal waar Opdrachtgever bestanden op een veilige manier ter beschikking kan stellen. De portal is afgeschermd en alleen toegankelijk voor het controle team. Dossiers worden niet langer bewaard dan wettelijk vereist is.

11.3

De Opdrachtnemer voldoet aan de AVG.

Artikel 12,

Communicatie en evaluatie

12.1

De Opdrachtnemer benoemt op strategisch, tactisch en operationeel niveau één accountmanager die voor de Opdrachtgever het centrale aanspreekpunt is. Deze accountmanager coördineert, draagt zorg voor (toezicht op) de naleving van de Overeenkomst en houdt toezicht op de kwaliteit van de totale dienstverlening van de Opdrachtnemer. De Opdrachtnemer stelt daarnaast (per Opdrachtgever) één vaste contactpersoon (en een vervanger) beschikbaar, die primair verantwoordelijk is voor de naleving en de verdere invulling van de Overeenkomst, en die hiervoor als eerste aanspreekpunt fungeert voor de betreffende Opdrachtgever. Deze contactpersoon (en vervanger) moet tussen 08:30 en 17:30 telefonisch en per email bereikbaar zijn en beheerst de Nederlandse taal in woord en geschrift.

12.2

De communicatie tussen Opdrachtgever en Opdrachtnemer vindt als volgt plaats: Type overleg Strategisch / tactisch Operationeel

12.3

Aanwezig vanuit Opdrachtgever Concernhoofd FIA/Concerncontroller

Frequentie

Inhoud

1 x per jaar

Concernhoofd FIA/Concerncontroller

Indien nodig

Bijzonderheden naar aanleiding van de dienstverlening. Toekomstige ontwikkelingen Operationele zaken.

De Opdrachtnemer evalueert, conform bovenstaande tabel, kosteloos de dienstverlening met de Opdrachtgever. Hierbij wordt de uitvoering van de dienstverlening besproken, welke ontwikkelingen er

Pagina 11 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

binnen de organisaties zijn en de nakoming van overeengekomen afspraken. Daarnaast vindt ook nog besluitvorming plaats. 12.4

De gedurende de evaluaties gemaakte afspraken tussen Partijen, zoals vastgelegd en overeengekomen in gespreksverslagen (opgesteld door de Opdrachtnemer), hebben een bindend karakter, indien en voor zover deze afspraken niet strijdig zijn met afspraken in de Overeenkomst, of tenzij Partijen expliciet hebben aangegeven dat zij zich niet willen binden, of dat de aard van de evaluaties verkennend/informatief zijn en geen bindend karakter hebben.

Artikel 13,

Prijzen

13.1

De jaarlijkse prijs voor de accountantscontrole en uurtarieven gelden voor de looptijd van de Overeenkomst, met een jaarlijkse indexering, voor het eerst voor het controlejaar 2026, op basis van het CBS -indexcijfer “commerciële dienstverlening en transport code 692 Accountants, boekhouders en transport (2015=100)”. Peildatum is het indexcijfer van oktober. (Jaarlijks wordt het indexcijfer van oktober vastgesteld en vergeleken met het indexcijfer van oktober van het vorige jaar. De mutatie betreft de indexatie).

13.2

De jaarlijkse prijs voor de , voor eventuele meerwerk, gelden voor de looptijd van de Overeenkomst, met een jaarlijkse indexering, voor het eerst op 1 januari 2026, op basis van het CBS -indexcijfer “commerciële dienstverlening en transport code 692 Accountants, boekhouders en transport (2015=100)”. Peildatum is het indexcijfer van oktober. (Jaarlijks wordt het indexcijfer van oktober vastgesteld en vergeleken met het indexcijfer van oktober van het vorige jaar. De mutatie betreft de indexatie).

13.3

Reistijd en reiskosten worden niet in rekening gebracht. Er worden geen overige kosten in rekening gebracht.

Artikel 14,

Facturering en betalingsvoorwaarden

14.1

Opdrachtnemer factureert jaarlijks de Opdrachtgever als volgt: • Na afronding interim- controle in december 30% van de aangeboden inschrijfprijs • Voorschot controle werkzaamheden in februari 40% van de aangeboden inschrijfprijs • Eindafrekening na afronding controle werkzaamheden in april 30% van de aangeboden inschrijfprijs

14.2

Op de factuur vermeldt Opdrachtnemer ten minste de volgende informatie: • de wettelijk verplichte factuurgegevens, zoals vermeld op www.belastingdienst.nl > zakelijk > btw >administratie bijhouden > facturen maken > wettelijk verplichte gegevens; • de naam en het adres van Opdrachtgever; • contractnummer; • omschrijving; • totaal in rekening gebrachte bedrag exclusief btw.

14.3

De betalingstermijn van een factuur bedraagt 30 dagen na factuurdatum.

Pagina 12 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

14.4

Overschrijding van (een) betalingstermijn(en) door de Opdrachtgever geeft de Opdrachtnemer niet het recht zin prestaties op te schorten c.q. te beëindigen. Niet-betaling door de Opdrachtgever van (een) factu(u)r(en) op grond van vermoede inhoudelijke onjuistheid van die factu(u)r(en) of van ondeugdelijkheid van de gefactureerde prestaties, geeft de Opdrachtnemer eveneens niet het recht zijn prestaties op te schorten c.q. te beëindigen.

14.5

De Opdrachtgever geeft binnen de betaaltermijn van de factuur aan de Opdrachtnemer aan wanneer de juistheid van de factuur in zijn geheel of gedeeltelijk wordt betwist. Alleen voor het betwiste gedeelte is de Opdrachtgever gerechtigd de betaling op te schorten. Het niet betwiste gedeelte van de factuur moet binnen de betaaltermijn worden voldaan. Het is de Opdrachtnemer niet toegestaan creditnota’s te verrekenen met debet nota’s.

Artikel 15,

Klachtenregeling

15.1

De Opdrachtnemer zorgt voor de ontvangst en registratie van klachten die schriftelijk, telefonisch of per email zijn ingediend.

15.2

De Opdrachtnemer is verantwoordelijk voor: • het in benadeling nemen van alle klachten; • afhandeling van alle gemelde klachten binnen 5 werkdagen; • voorkoming van herhaling van klachten.

15.3

Van iedere klacht wordt door de Opdrachtnemer het volgende geregistreerd: • de naam van de klagen; • datum en tijdstip van indiening van klacht; • afhandelingsdatum van klacht; • aard van ingediende klacht; • de wijze en het resultaat van de afhandeling van de klacht; • wel of niet gegrondverklaring van de klacht.

15.4

Per jaar vindt er een overleg plaats tussen de Opdrachtgever en de Opdrachtnemer waarin de klachten en de door de Opdrachtnemer te nemen/genomen maatregelen worden besproken en geëvalueerd. Dit om de klachten in de toekomst te voorkomen. Indien nodig wordt de frequentie van dit overleg verhoogd.

Artikel 16, 16.1

Overige verplichtingen

De Opdrachtnemer garandeert dat hij, en de eventueel door hem ingeschakelde derden, voldoen en blijven voldoen aan alle wettelijke bepalingen en voorschriften, en dat zij beschikken en blijven beschikken over alle vereiste vergunningen, beschikkingen en verklaringen, ten aanzien van de dienstverlening en het ondernemerschap.

Artikel 17,

Controle

Pagina 13 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

17.1

De Opdrachtnemer is te allen tijde gerechtigd om de wijze van de uitvoering van deze Overeenkomst en de Opdrachten te controleren.

17.2

De Opdrachtgever is daarbij gerechtigd om controles uit te voeren op een manier die haar passend lijkt. Eventuele kosten van de controles worden gedragen door de Opdrachtgever, met uitzondering van de situatie waarin de Opdrachtnemer niet aan zijn verplichtingen blijkt te hebben voldaan. In dat geval worden de kosten gedragen door de Opdrachtnemer. De Opdrachtnemer is slechts tot een vergoeding van de kosten gehouden voor zover deze kosten aantoonbaar en redelijkerwijs gemaakt zijn.

Artikel 18,

Geheimhouding

18.1

De Opdrachtnemer zal alle informatie die door Opdrachtgever wordt verstrekt geheimhouden, tenzij de bepaalde informatie expliciet als niet-vertrouwelijk is aangemerkt. De informatie in kwestie kan in elke vorm, mondeling of schriftelijk, worden verstrekt.

18.2

Het is Partijen niet toegestaan om informatie van de Opdrachtgever beschikbaar te stellen, te kopiëren of anderszins te gebruiken of te verspreiden zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de wederpartij.

18.3

Partijen bij deze Overeenkomst zullen alle informatie die zij ontvangen, inclusief deze Overeenkomst, geheimhouden en in geen enkele vorm meedelen of beschikbaar stellen aan derden zonder dat daar voorafgaand schriftelijke toestemming voor is gegeven door de wederpartij.

18.4

Partijen zullen de informatie uitsluitend bekend maken aan haar personeel en onderaannemer, voor zover deze daarvan kennis moeten nemen voor de uitvoering van werkzaamheden. Partijen zullen haar geheimhoudingsplicht ten aanzien van de informatie integraal opleggen aan haar personeel en onderaannemers.

18.5

Partijen zijn tot geheimhouding van de informatie gehouden totdat de verstrekte gegevens van openbare bekendheid zijn geworden, buiten toedoen of nalaten van de partij die de informatie heeft ontvangen.

18.6

De Opdrachtnemer verplicht zich de informatie op geen enkel wijze, in gewijzigde noch in ongewijzigde vorm, in exploitatie te nemen of toe te passen voor een ander doel dan de uitvoering van de Opdracht, zonder dat daar voorafgaand schriftelijke toestemming voor is gegeven door de wederpartij. Wanneer het gebruik van de informatie door de ontvanger resulteert in rechten van intellectueel eigendom of soortgelijke aanspraken, dan zal de ontvanger van de betreffende informatie de rechten en/of aanspraken overdragen aan de partij die de informatie heeft verstrekt.

18.7

Na beëindiging van de Overeenkomst zullen beide Partijen de aan de wederpartij ter beschikking gestelde informatie op verzoek retourneren of vernietigen.

18.8

De Opdrachtnemer handelt conform de AVG.

Pagina 14 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Artikel 19,

Aansprakelijkheid

19.1

Indien de Opdrachtnemer geheel of gedeeltelijk tekortschiet in de nakoming van zijn verplichting(en) uit de Overeenkomst, dan is hij tegenover de Opdrachtgever aansprakelijk en moet hij de door Opdrachtgever geleden schade, waaronder begrepen door Opdrachtgever gemaakte kosten ter beperking van haar schade, vergoeden.

19.2

De aansprakelijkheid van Opdrachtnemer is beperkt tot het bedrag van het voor de uitvoering van de Opdracht in rekening gebrachte honorarium. Als de Opdracht een duurovereenkomst betreft met een looptijd van meer dan één (1) jaar, dan wordt het hiervoor bedoelde bedrag gesteld op eenmaal het bedrag van het honorarium dat in de twaalf maanden voorafgaand aan het ontstaan van de schade in rekening is gebracht aan Opdrachtgever.

19.3

De aansprakelijkheid van Partijen strekt niet tot vergoeding van indirecte schade, waaronder begrepen gederfde omzet, gederfde winst en gemiste kansen.

19.4

De Opdrachtnemer is niet aansprakelijk voor niet-, onvolledige- of onjuiste naleving van deze Overeenkomst voor zover zij zich gerechtvaardigd kan beroepen op overmacht. De Opdrachtnemer kan zich niet beroepen op overmacht ingeval de niet-nakoming te wijten is aan een door haar ingeschakelde derde, tenzij deze derde zich gerechtvaardigd kan beroepen op overmacht en de Opdrachtnemer zich heeft ingespannen om de gevolgen van de overmachtssituatie voor de Opdrachtgever zoveel mogelijk te beperken.

19.5

De aansprakelijkheid geldt voor schade als gevolg van toerekenbare tekortkoming, bestaande uit niet, niet-tijdige, niet volledige of onjuiste naleving door haar, of door haar ingeschakelde personen, van deze Overeenkomst.

19.6

De Opdrachtnemer zal de Opdrachtgever, ook na het einde van een Opdracht, in elk opzicht vrijwaren van enige aansprakelijkheid die ontstaat doordat de Opdrachtnemer niet, niet meer of niet in voldoende mate beschikt over de vereiste vergunningen, dan wel wanneer de Opdrachtnemer verplichtingen die haar bij de wet zijn opgelegd niet of niet volledig nakomt.

19.7

De Opdrachtnemer vrijwaart de Opdrachtgever van alle financiële- en fiscale aspecten en ketenaansprakelijkheid, zoals de afdracht van sociale zekerheidspremies en loonbelastingen.

19.8

Indien de Opdrachtnemer toerekenbaar tekortschiet inde nakoming van zijn verplichting(en) is hij tegenover de Opdrachtgever aansprakelijk voor de door de Opdrachtgever geleden c.q. te lijden schade.

19.9

De Opdrachtnemer heeft een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering en een beroepsaansprakelijkheidsverzekering afgesloten conform de verzekeringspolissen die als Bijlage 3 bij de Overeenkomst is bijgevoegd.

19.10

De in dit artikel gestelde beperkingen in de aansprakelijkheid van de Opdrachtnemer vervallen in geval er sprake is van opzet, grove schuld of nalatigheid van de Opdrachtnemer.

Pagina 15 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Artikel 20,

Toepasselijke voorwaarden en geschillen

20.1

Op deze Overeenkomst is uitsluitend Nederlands rechts van toepassing.

20.2

In het geval één der Partijen, ook na schriftelijke aanmaning van de wederpartij, waarbij een redelijke termijn wordt gesteld, niet voldoet aan zijn verplichting tot nakoming van de genoemde voorwaarden en verplichtingen, is de wederpartij, onverminderd zijn verdere rechten, gerechtigd dit verzuim na voorafgaande kennisgeving op kosten van de in gebreke blijvende partij te verhelpen, hetzij door derden te laten verhelpen. De in gebreke blijvende partij is verplicht hieraan zijn medewerking te verlenen en desgewenst op eerste verzoek de daarvoor benodigde informatie te verstrekken.

20.3

Alle geschillen (daaronder begrepen die welke slechts door één van de Partijen als zodanig worden beschouwd), die naar aanleiding van deze Overeenkomst tussen Partijen mochten ontstaan en die niet door middel van overleg blijken te kunnen worden opgelost, zullen aanhangig worden gemaakt bij de bevoegde rechter in het bevoegde arrondissement.

20.4

Wijzigingen in deze Overeenkomst, en aanvullingen daarop, zijn slechts geldig voor zover deze schriftelijk zijn overeengekomen en goedgekeurd door beide Partijen.

ALDUS OVEREENGEKOMEN EN ONDERTEKEND OP <datum>. WVS

<Opdrachtnemer>

J.H.G. Koopman Algemeen directeur

<Naam> <Functie>

Pagina 16 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Bijlage 1,

Prijzen

<invoegen>

Pagina 17 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Bijlage 2,

Dienstverlengingsplan

<invoegen>

Pagina 18 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Bijlage 3,

Bedrijfsaansprakelijkheids- en Beroepsaansprakelijkheid verzekering Opdrachtnemer

<invoegen>

Pagina 19 WVS:

<Opdrachtnemer: WVS | Accountantsdiensten | 2024-228

Ontwerp Herziene Begroting 2025 Meerjarenraming 2026 - 2028

Inhoudsopgave

1. Voorwoord Algemeen Directeur

3

2. Financiële begroting en meerjarenraming

6

2.1 Uitgangspunten herziene begroting 2025 en meerjarenraming 2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD 2.3 Overzicht van baten en lasten 2023 - 2028 2.4 Financiële positie 2.5 Risicoparagraaf

3. Overige begrotingsinformatie 3.1 Weerstandsvermogen 3.2 Wet Open Overheid

6 9 11 13 14 18 18 18

Bijlagen 1. Resultatenrekening 2025 - 2028 Overhead 2. Balans per ultimo 2023 - 2025 3. Overzicht lang- en kortlopende leningen 4. Overzicht reserves en voorzieningen 5. Overzicht van investeringen in vaste activa 6. Gemeentelijke bijdrage 2025 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente 2025

WVS - Herziene begroting 2024

20 21 22 23 24 25 26

2

1. Voorwoord Algemeen Directeur WVS WVS werkt, als sociaal ontwikkelbedrijf van West-Brabant, samen met de ISD Brabantse Wal en het Werkplein, om een steeds groter wordende groep inwoners die aan de zijlijn staan weer een betere toekomst te bieden. Gezamenlijk gaan we de uitdaging aan om zoveel als mogelijk de groep inwoners die al langer dan 2 jaar aan de zijlijn staan, te laten participeren en te ontwikkelen naar liefst loonvormende arbeid. Wij geloven dat we door meer samen te werken, in staat zijn om de maatschappelijke kosten te laten dalen en het maatschappelijke rendement te laten stijgen. Voor u ligt de herziene begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 tot en met 2028 van WVS. Deze herziene begroting is gebaseerd op de gegevens die we weten vanuit de septembercirculaire 2024. De acties voortkomend uit het gezamenlijke jaarplan van samenwerking met de ISD en het Werkplein zijn, voor zo ver als mogelijk, meegenomen in deze begroting en is met beide partijen afgestemd. De begroting moet dan ook in samenhang worden bekeken met de begrotingen van de ISD en het Werkplein. WVS voert vanuit de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening en het beschut werken uit. Daarnaast ontwikkelt WVS mensen die de route naar werk niet zelfstandig kunnen maken.

Het gezamenlijke doel van de samenwerking met de ISD en het Werkplein voor 2025 en de meerjarenraming 2026 tot en met 2028, is om meer inwoners in ontwikkeling te zetten. Om onze inwoners te ondersteunen in hun ontwikkeling is vanaf 2024 ‘Startpunt’, het centrum voor een verdiepende diagnose, opgericht om inwoners gerichter te kunnen ontwikkelen op basis van hun skills. Hierdoor kunnen we gerichter bijstandsgerechtigde inwoners, jongeren en statushouders in hun kracht zetten. WVS heeft vanuit het verleden te maken met hogere loonkosten t.o.v. het landelijk gemiddelde terwijl de bedrijfskosten en de verhouding reguliere medewerkers versus doelgroepmedewerkers lager liggen. Het inverdienvermogen ligt echter weer hoger t.o.v. het landelijk gemiddelde. WVS zit daarmee in de top van best presterende sociale ontwikkelbedrijven in Nederland zoals blijkt uit het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van SZW en de benchmark van de branchevereniging Cedris. We zetten al onze energie op de ontwikkeling van de eigenwaarde van onze inwoners. Werk is uiteindelijk de beste zorg. ( x € 1.000)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Operationeel resultaat

6.004

5.235

2.014

2.028

2.161

2.899

Incidentele baten en lasten

2.273

713

4.140

1.833

-879

-248

Gemeentelijke bijdrage

6.427

8.182

8.058

5.593

7.532

7.700

Subsidieresultaat*

-11.962

-11.529

-10.076

-8.740

-7.746

-7.634

Totaal resultaat

2.742

2.601

4.136

714

1.068

2.717

* Het subsidieresultaat is het verschil tussen de rijksbijdrage en de SW-loonkosten. In 2020, 2021 en 2022 heeft WVS te kampen gehad met Covid-19. De compensatie vanuit het Rijk is verantwoord onder incidentele baten en lasten.

3

WVS - Herziene begroting 2024

Factoren die een bepalende rol spelen bij het al dan niet realiseren van de herziene begroting van 2025 zijn: 1. Subsidies 2. Kostenbeheersing 3. Algemene economische situatie 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door de gemeenten 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen 7. Uitstroom SW en leidinggevend SW-kader 8. (Fiscale) Wetgeving 9. Cao Aan de Slag (Wet Arbeidsmarkt in Balans) 10. Cao SW 11. Compensatie transitievergoeding Ad 1. Subsidies De begroting is gebaseerd op het voorlopig toegekende Wsw-participatiebudget voor 2025 o.b.v. de septembercirculaire 2024 zijnde € 38.028,- en met 3 % LPO € 39.169,-. Dit is inclusief de compensatie voor het wegvallen van de LIV. Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Naast de hoogte van het bedrag speelt ook de toekenning van de (fictieve) taakstelling een steeds belangrijkere rol. In 2021 en 2022 was de uitstroom van de SW hoger dan voorspeld. In 2023 lager en was er een overrealisatie. Door het Rijk is besloten om de begeleidingsvergoeding beschut werk per 2024 te verhogen naar € 11.300,- per persoon.

In december heeft minister Schouten in een kamerbrief aangegeven dat er meerjarig extra geld is vrij gemaakt ter ondersteuning van de bekostiging van de infrastructuur van de sociaal ontwikkelbedrijven. Deze extra subsidie is opgenomen in deze begroting. In 2024 is besloten om een gedeelte van dit geld vrij te maken voor de financiering van de extra Caoverhoging SW/Aan de Slag. Dit is niet het doel van deze middelen. Daarnaast is er nog geen zicht op de structurele financiering van de extra personeelslasten. Ad 2. Kostenbeheersing WVS scoort in de benchmark goed in kostenbeheersing. Echter, met de invoering van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) zijn de kosten voor het begeleidend en ondersteunend regulier personeel flink gestegen. De flinke stijging van het WML zorgt voor een verhoging van de loonkosten van de doelgroep PW. Hierdoor is het steeds lastiger om binnen de kostprijs de producten te leveren en dit heeft dan ook effect op het operationeel resultaat. Daarnaast zijn er positieve effecten van de arbeidsontwikkeling van de doelgroep voor de werkpleinen. Deze zijn niet opgenomen in de begroting van WVS. De financiële effecten hiervan ziet men terug bij de ISD en het Werkplein. Daarom moeten de resultaten in samenhang worden gezien met die van het Werkplein en de ISD. Hiervoor kan verwezen worden naar de ketenbegroting. Ad 3.

Algemene economische situatie De economische groei lijkt gestagneerd te zijn. Dit heeft gevolgen voor de orderportefeuille. Ad 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde In de huidige economische ontwikkeling is het zaak om het nivo van de opbrengsten en toegevoegde waarde per medewerker te behouden. Het inrichten van de organisatie op basis van lean en het realiseren van een betere prijsvorming is de basis voor een gezonde toekomst. Ad 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door gemeenten Een goede samenwerking met de gemeenten, ISD en Werkplein zorgt er voor dat meer mensen aan loonvormende arbeid kunnen deelnemen. Door opdrachten vanuit gemeenten te verstrekken voor werkzaamheden die bij de doelgroep passen, kunnen mensen op basis van hun ontwikkelmogelijkheden getraind worden binnen deze werkzaamheden. De WVS - Herziene begroting 2024

4

druk op de financiële situatie bij de gemeenten is merkbaar in de opdrachtverstrekking, dit heeft impact op het resultaat. Bij geschiktheid vindt er doorstroom plaats naar reguliere arbeid, maar inmiddels is er ook een vangnet voor die groep die deze stap niet kan maken. We zijn gestart met een pilot t.b.v. de ontwikkeling van statushouders. Samen met de ISD en het Werkplein is de afgelopen jaren een nieuwe werkwijze geïmplementeerd waarbij de ontwikkeling van de inwoner centraal staat. De komende jaren wordt er geïnvesteerd in mensen die meer begeleiding nodig hebben en het zelfstandig niet redden om in ontwikkeling te komen. Mocht het niet haalbaar zijn dat onze inwoners uit het Landelijk Doelgroep Register (LDR) kunnen aansluiten op de arbeidsmarkt, dan biedt WVS de mogelijkheid voor een (tijdelijk) dienstverband. Ad 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen De uitvoering van de Participatiewet vraagt om intensieve samenwerking met de werkpleinen en het werkgeversveld. Op arbeidsmarktregioniveau komen vanuit het Rijk participatiegelden beschikbaar voor de regio, t.b.v. de ontwikkeling van de doelgroep. Hoe deze gelden kunnen worden ingezet is op dit moment nog niet helder. Ad 7. Uitstroom SW personeel en leidinggevend SW kader In de begroting is opgenomen dat leidinggevend kader in SW-dienstverband wordt vervangen door reguliere krachten.

Hierin is echter niet de volledige vervanging meegenomen die door uitstroom vanwege pensioenleeftijd is ingeschat. Door de invoering van de RVU regeling voor SW-personeel, is er een snellere uitstroom van SW-leidinggegevenden. In deze begroting is het aantal reguliere krachten bijgesteld, daar de uitstroom van SW-leidinggevend en -kaderpersoneel sneller gaat dan was voorzien, mede door de RVU-regeling in de Cao SW en de Cao SGO. Ad 8. (Fiscale) wetgeving Het Lage Inkomens Voordeel (LIV) is per 2025 vervallen. In 2025 zal er via het gemeentefonds voor de sociaal ontwikkelbedrijven een compensatie worden verstrekt voor het beschut werken. Voor de SW is dit toegevoegd aan de rijksbijdrage. Ad 9. Cao Aan de Slag (Wet Arbeidsmarkt in Balans) Per 1 januari 2020 is de Wet Arbeidsmarkt in Balans in werking getreden. Met de WAB zijn maatregelen getroffen om te voorkomen dat er bij payroll wordt geconcurreerd op arbeidsvoorwaarden. Het kabinet vindt het belangrijk dat voor iedereen, dus ook voor mensen die alleen met ondersteuning de arbeidsmarkt kunnen betreden, het beginsel van gelijke beloning voor hetzelfde werk geldt. Voor de SW-medewerkers was bij de invoering van de WAB al een uitzondering gemaakt.

Sinds 1 juli 2021 is er een nieuwe Cao Aan de Slag gaan gelden voor de medewerkers uit de PW met een beschut werk indicatie en deze Cao geldt ook voor inwoners met een LDR-verklaring, die een dienstverband krijgen bij WVS. De Cao loopt af per 31-12-2024. Ad. 10. Cao SW De Cao SW volgt de stijgingen van het WML en de LPO ontwikkeling van het IUSD-WSW. De Cao loopt nog tot eind 2025. Ad. 11. Compensatie transitievergoeding In de wetgeving staat dat bij vertrek van een medewerker uit de organisatie, anders dan ‘op eigen verzoek’ of ‘verwijtbaar’, er een transitievergoeding betaald dient te worden. Dit geldt ook voor medewerkers die na 2 jaar ziekte de organisatie verlaten. Voor de laatste categorie wordt er vanuit het Rijk compensatie verstrekt. Deze compensatie komt per 2026 te vervallen. Het gaat om een bedrag in de begroting van € 500.000,-, welke is komen te vervallen. Omdat de sociaal ontwikkelbedrijven in verhouding veel uitstroom na 2 jaar ziekte hebben, worden zij extra financieel geraakt door deze maatregel. Het is nog onduidelijk of er een compensatie vanuit het Rijk te verwachten is voor het wegvallen van deze vergoeding.

5

WVS - Herziene begroting 2024

2. Financiële begroting en meerjarenraming 2.1 Uitgangspunten herziene begroting 2025 Bij het opstellen van de herziene begroting zijn naast de werkelijke resultaten over 2023, de interne werkbudgetten voor 2024 als uitgangspunt gehanteerd. De begrotingen van de ISD, het Werkplein en WVS vormen gezamenlijk de basis voor de ketenbegroting. Toegevoegde waarde Voor de berekening van de toegevoegde waarde (TW) zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: •

• •

De TW voor WVS is uit verschillende zaken opgebouwd. De TW per fte SW wordt constant verondersteld. Daarnaast is rekening gehouden met de TW voor de nieuwe Beschut Werk-medewerkers. Voor nieuwe medewerkers met structurele loonkostensubsidie wordt een TW nivo van de huidige SW-populatie verwacht. Hierbij gaan we uit van een loonwaarde van gemiddeld 50 %. Daarnaast zullen er ontwikkeltrajecten voor de ISD en het Werkplein uitgevoerd worden. Voor mensen in een ontwikkeltraject wordt geen toegevoegde waarde meegenomen omdat de focus ligt op leren i.p.v. werken. De formatie SW is gebaseerd op de prognose komende uit de mei- en septembercirculaire 2024. Per type contract (SW, Beschut Werk, participatie) wordt een andere inzetbaarheid over de verschillende werksoorten zoals groen, postbezorging en industriële activiteiten verwacht. In de begroting is rekening gehouden met een omzet van de deelnemende gemeenten ten opzichte van de werkelijke omzet 2023 met een afname i.v.m. daling fte SW.

Rijksbijdrage Wsw Herziene begroting 2025

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Herz. begr. 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Aantal SE

1.535

1.463

1.377

1.298

1.205

1.134

Rijksbijdrage per SE

33.596

34.260

38.028

39.164

40.425

41.626

3,5 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

51.561

51.862

53.866

53.890

53.091

52.997

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Aantal SE

1.535

1.463

1.377

1.298

1.205

1.134

Rijksbijdrage per SE

33.596

34.260

35.209

36.259

37.419

38.537

3,5 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

51.862

49.937

49.938

49.260

49.211

Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO

Begroting 2025

Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO

51.561

Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Rijksbijdrage infrastructuur Begroting 2025

Begr.oting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Aantal SE

1.481

1.395

1.315

1.221

Rijksbijdrage per SE

1.090

1.196

1.307

1.466

Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO

1.615

1.669

1.719

1.790

In de kamerbrief van 21 december 2023 heeft minister Schouten aangegeven dat er een extra bijdrage komt vanuit WVS - Herziene begroting 2024

6

het Rijk ter behoud van de infrastructuur van de sociaal ontwikkelbedrijven. Deze bijdrage zal via de IUSD-SW worden uitgekeerd. Voor de begroting 2025 is uitgegaan van dezelfde verdeelsystematiek als de rijkbijdrage Wsw. Waarschijnlijk zal deze erin worden opgenomen. Bijdrage deelnemende gemeenten Basis is het aantal geplaatste doelgroep medewerkers (SW + participatie) op 1 januari van het voorafgaande jaar aan het rapportagejaar (Bijlage 6 per gemeente). Herziene begroting 2025

Werkelijk 2023

Aantal SW/participatie-medewerkers

Herz. begr. 2024

Herz. begr. 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

1.961

1.912

1.826

1.731

1.663

Gem. bijdrage per SW/participant in €

3.769

4.148

2.545

3.495

4.075

4.491

Gem. bijdr. (€ x 1.000)

7.700

8.135

4.866

6.381

7.053

7.469

Begroting 2025

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

1.961

1.912

1.837

1.744

1.676

Aantal SW/participatie-medewerkers Gem. bijdrage per SW/participant in €

3.769

4.148

3.887

4.410

4.941

5.320

Gem. bijdr. (€ x 1.000)

7.700

8.135

7.431

8.102

8.617

8.916

Overige subsidies overheid Beschut Werk In de herziene begroting is opgenomen dat er Beschut Werk wordt ingezet en dat deze zal worden uitgevoerd door WVS conform gemaakte afspraken. Voor deze doelgroep is uitgegaan van 70 % loonkostensubsidie en gemiddeld 28 uur per persoon. De begeleidingsvergoeding voor Beschut Werk wordt vanuit het ministerie BZK geraamd. In de begroting 2025 is een bedrag opgenomen van € 11.300,- per traject conform de meicirculaire 2024. Het landelijk onderzoek (het rapport “Het sociaal ontwikkelbedrijf: werkvormen, kosten en baten”) toont aan dat de € 8.600,- per traject onvoldoende is om de begeleidingskosten te dekken. In dat onderzoek wordt aangegeven dat bij interne plaatsing de extra kosten € 11.000,- per persoon per jaar zijn. Vanuit de overheid is dit gedeeltelijk onderkend.

Ontwikkeltrajecten Er zijn in de ketenbegroting aannames gemaakt m.b.t. afname ontwikkeltrajecten door de ISD en het Werkplein. In de begroting en de meerjarenraming is uitgegaan van de aangereikte cijfers vanuit de ketenbegroting. De tariefstelling van de trajecten is o.b.v. het gemiddelde van afgelopen jaren met een indexering conform afspraak. Er wordt gerekend met een gemiddelde looptijd van een traject van 4 maanden. Overige bedrijfsopbrengsten Dit betreft de doorberekening van de kosten van dienstverlening van WVS aan de verbonden partijen, zoals Flexkompaan BV, WVS Schoonmaak Vof en Propeople Holding BV, alsmede derdenpartijen zoals Stichting Werkwijs West-Brabant en Stichting Op Weg Naar Werk. In de begroting is verondersteld dat de dienstverlening op hetzelfde niveau gehandhaafd blijft. De aanpassing zit hem in het aantal fte’s dat gedetacheerd wordt. Personeelskosten SW Voor de berekening van de indexering van de lonen SW is rekening gehouden met de huidige loonafspraken. De LPO op het Participatie budget SW wordt verondersteld op 3 % voor 2025. De loonsverhoging voor de SW is op 4 % gesteld. Voor de jaren 2026 e.v. is eveneens 4 % stijging aangehouden. Door uitstroom van in verhouding duurdere werknemers wordt daarnaast een algemene daling van de loonkosten per SW-fte verondersteld, die de loonkosten in positieve zin beïnvloedt.

Vanaf 2025 is er geen tegemoetkoming loondomein meer vanuit het Rijk genaamd LIV. Er zijn nog geen 7

WVS - Herziene begroting 2024

vervangende subsidies c.q. tegemoetkomingen bekend. Overige personeelskosten SW De overige personeelskosten zijn gebaseerd op de gerealiseerde kosten 2023 en het budget 2024. Tevens is hier rekening gehouden met de uitstroom van SW-medewerkers conform de prognose vanuit de rijksoverheid. Loonkostensubsidie Begeleid Werken Het aantal BW-plaatsingen wordt constant verondersteld. Salariskosten regulier personeel Leidinggevende SW-medewerkers worden vanwege uitstroom gedeeltelijk vervangen door regulier Flexkompaan personeel. Verder wordt uitstromend leidinggevend kader ambtelijk en Flexkompaan vervangen door nieuwe Flexkompaan krachten. De omvorming tot ontwikkelbedrijf heeft tot gevolg dat er ook nieuwe functies ontstaan die met regulier personeel moeten worden ingevuld. Herziene begroting 2024

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Herz. begr. 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Fte ambt. pers.

45,1

38,8

36,0

35,0

34,0

33,0

Gem. loonsom (€)

86.618

100.772

94.417

98.886

103.588

108.515

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

3.903

3.914

3.399

3.461

3.522

3.581

Fte Flexkompaan

153,2

157,0

180,0

181,0

182,0

183,0

Gem. loonsom (€)

78.396

81.637

85.115

90.221

95.633

101.371

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

12.011

12.817

15.321

16.331

17.406

18.552

Totaal Fte regulier

198,3

195,8

216,0

216,0

216,0

216,0

Totaal Sal. kst. regulier (€ x 1.000)

15.914

16.731

18.720

19.792

20.928

22.133

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Begroting 2025 Fte ambt. pers.

45,1

38,8

36,0

35,0

34,0

33,0

Gem. loonsom (€)

86.618

100.772

94.417

98.886

103.588

108.515

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

3.903

3.914

3.339

3.461

3.522

3.581

Fte Flexkompaan

153,2

157,0

167,0

168,0

169,0

170,0

Gem. loonsom (€)

78.396

81.637

85.115

90.221

95.633

101.371

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

12.011

12.817

14.215

15.158

16.163

17.234

Totaal Fte regulier

198,3

195,8

203,0

203,0

203,0

203,0

Totaal Sal. kst. regulier (€ x 1.000)

15.914

16.731

17.614

18.619

19.685

20.815

Voor de berekening van de salarissen ambtelijk personeel is rekening gehouden met de verhoging van 4 % van de kosten voor 2026 en verder. Dit is voor Cao-stijgingen en wijzigingen in werkgeverslasten. Met de invoering van de WAB is het personeel in Flexkompaan qua salariëring gelijk getrokken met de ambtelijke collega’s. Flexkompaan personeel is korter in dienst en heeft daardoor vaak nog periodieken in het vooruitzicht. De extra stijging hierdoor is 2 %. Loonkosten Beschut Werk In de Cao is sprake van een 37-urige werkweek, een pensioenvoorziening en extra secundaire arbeidsvoorwaarden zoals biijv. reiskosten. De Cao Aan de Slag is voor alle schalen gekoppeld aan het nivo van het WML. Op 1-1-2024 is het wettelijk minimum uurloon ingegaan o.b.v. 36 uur. Hierdoor is er een flinke kostenstijging per fte ontstaan.

WVS - Herziene begroting 2024

8

Loonkosten Participanten In de begroting wordt uitgegaan van dezelfde kostenstructuur als bij Beschut Werk. Afschrijvingen De afschrijvingskosten in 2025 zijn gebaseerd op een behoudend investeringsbeleid. Overige bedrijfskosten Deze zijn min of meer constant verondersteld, m.u.v. de energie- en verzekeringskosten.

2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD De intensieve samenwerking binnen de keten van ISD Brabantse Wal (ISD), Werkplein en WVS gaat onverminderd door. De doelstelling voor 2024 binnen de samenwerking is dan ook ‘Samen werken aan Participatie’. Meer dan 70 % van de inwoners met een bijstandsuitkering in West-Brabant is langer dan 2 jaar afhankelijk van deze uitkering. Het is onze opdracht om inwoners die ondersteuning te bieden die nodig is. We geloven dat door samenwerking met de bundeling van kennis en kunde, meer inwoners ontwikkeld kunnen worden naar werk of een andere vorm van participeren. Focuspunten 2024 Voor 2024 hebben we 3 focuspunten: 1. Blijvende aandacht voor doelgroep C ondanks economische voor - of tegenspoed. Inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt verdienen meer aandacht. De ontwikkeling van eigenwaarde en zelfredzaamheid zal op termijn leiden tot een hoger maatschappelijk rendement. Het project ‘gecombineerde aanpak’ (zoals voortgekomen uit de maatregelen bestandsbeheersing Werkplein) zal ook in gezamenlijkheid verder uitgewerkt worden. 2. Proeftuin gezamenlijke diagnose. In 2024 wordt de in 2023 ontwikkelde verdiepende diagnose op gebied van arbeidsmogelijkheden, -belemmeringen en benodigde ondersteuningsbehoefte toegepast in de keten.

Dit is een verdiepende analyse die vraaggericht ingezet kan worden aanvullend op de intake diagnose bij Werkplein en ISD. Ook kan een verdiepende analyse toegepast worden tijdens het ontwikkeltraject. Deze ondersteuning kunnen we alleen bieden als we met elkaar (ISD, Werkplein en WVS) en in de volle breedte onze expertise inzetten en daarbij werken volgens de uitgangspunten: • De mens centraal (niet geld, processen en procedures) • Werken vanuit vertrouwen • Ieder zijn eigen oplossing (maatwerk) • Nabij (inwoners en bedrijven) • Samen met partners (sociaal domein, werkgevers, opleiders etc.) • Leren en ontwikkelen • Werken met data In 2024 onderzoeken we hoe we gezamenlijk eenduidig invulling kunnen geven aan deze diagnose/analyse fase door Werkplein, ISD en WVS. En willen we beter inzicht krijgen waar de intakediagnose en de verdiepende diagnose elkaar versterken om beter maatwerk te kunnen leveren aan de inwoner. Hiervoor hebben we gezamenlijk Startpunt opgericht. 3. Communicatie als onderdeel van onze samenwerking. Communicatie draagt bij aan het laten slagen van onze gezamenlijke opdracht. Net als in de afgelopen jaren zal ook in 2024 veel aandacht besteed worden aan communicatie met het bestuur, de samenwerkende organisaties en met de inwoners. In principe zetten we bovenstaande lijn door in 2025.

In het laatste kwartaal van 2024 zullen we als ketenpartners, samen met de gemeenten, de focuspunten evalueren en bezien of bijstelling voor 2025 nodig is. De ontwikkeling van onze inwoners staat voorop met als ontwikkeling naar werk als hoogste doel. In onze samenwerking 9

WVS - Herziene begroting 2024

streven we ernaar om 380 inwoners (255 werkplein en 125 ISD) te ondersteunen met een ontwikkeltraject. Een leerroute zoals groen, logistiek, schoonmaak, productie, catering of post kan daar onderdeel van uitmaken. Uitbreiding naar nieuwe werkgebieden wordt onderzocht. Net als in voorgaande jaren ligt ook nu het accent op de kwaliteit en minder op de kwantiteit. Begroting Ketensamenwerking 2025 Bestaand

WVS

Werkplein

ISD BW

Totaal

Ontwikkeltrajecten

898

440

1338

Loonwaardemetingen

64

32

96

Jobcaoching

112

11

123

Praktijk- en persoonlijkheidsonderzoek

6

0

6

1080

483

1563

Ontwikkeling

ontwikkelbudget

20

20

10

50

Bedrijfsvoering

Manager / aansturing

48

48

24

120

Totaal

68

1148

517

1733

Aantallen activiteiten 2025

HvWB

ISD BW

Totaal

Ontwikkeltrajecten aantal

255

125

380

Loonwaardemetingen

100

50

150

Jobcoaching

30

5

35

WVS - Herziene begroting 2024

10

2.3 Overzicht van baten en lasten 2023 - 2028 Het overzicht baten en lasten voor de jaren 2023 - 2028 laat met name het exploitatieresultaat vóór gemeentelijke bijdrage zien. Ook wordt het totaal exploitatieresultaat gesplitst in het subsidieresultaat (rijksbijdrage minus alle personeelskosten SW personeel) en het operationele resultaat. Conform de eisen zoals gesteld in het Besluit Begroting en Verantwoording, is WVS verplicht inzicht te geven in de overheadkosten zoals gedefineerd in de BBV. Deze opstelling vindt u in bijlage 1. bedragen x € 1.000 Herz. begroting 2025 Netto omzet derden

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Herz. begr. 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

23.746

25.932

27.160

26.664

26.319

26.470

Netto omzet deelnemende gemeenten

9.647

9.500

9.250

9.000

8.750

8.500

Grond- en hulpstof uitbesteed werk

-9.824

-11.924

-12.253

-12.002

-11.802

-11.769

Toegevoegde waarde

23.569

23.508

24.157

23.662

23.267

23.201

Rijksbijdrage WSW

51.621

51.862

53.866

53.890

53.091

52.997

1.615

1.669

1.719

1.790

Loonkostensubsidie

2.296

3.489

4.489

4.822

5.423

5.990

Overige subs. overheid

3.053

2.833

3.225

3.329

3.539

3.726

Totaal bijdr. overheden

56.970

58.184

63.195

63.710

63.772

64.503

Infrastructuur

Overige bedrijfsopbr.

3.083

2.420

2.811

2.668

2.572

2.518

Totaal baten

83.622

84.112

90.163

90.040

89.611

90.222

Loonkosten SW

-54.827

-56.699

-54.646

-54.050

-52.109

-51.017

Overige pers. kstn SW

-2.081

-2.334

-2.147

-2.078

-1.990

-1.926

Verstrekte subsidies

-227

-225

-225

-225

-225

-225

Totaal pers. kstn SW

-57.135

-59.258

-57.018

-56.353

-54.324

-53.168

Kosten regulier pers.

-18.209

-17.641

-19.780

-20.852

-21.988

-23.193

Kosten Beschut Werk

-4.306

-5.240

-6.779

-7.306

-8.278

-9.193

Kosten participanten (LDR)

11

-138

-1.152

-1.406

-1.462

-1.520

-1.581

Afschrijvingskosten

-1.964

-1.910

-2.130

-2.130

-2.130

-2.130

Overige bedr. kosten

-6.599

-6.571

-7.329

-7.678

-7.734

-7.736

Financieringskosten

-254

-475

-587

-640

-690

-690

Incidentele baten en lasten

0

Sub-totaal overige bedr. kstn

-31.470

-32.989

-38.011

-40.068

-42.340

-44.523

Totaal bedrijfskosten

-88.605

-92.247

-95.029

-96.421

-96.664

-97.691

Result. voor gem. bijdr. en dividend

-4.983

-8.135

-4.866

-6.381

-7.053

-7.469

Gem. bijdrage

7.700

8.135

4.866

6.381

7.053

7.469

Totaal expl. result.

2.717

0

0

0

0

0

Subsidieresultaat Doelgroep

-7.663

-10.300

-6.849

-6.410

-5.609

-4.956

WVS - Herziene begroting 2024

bedragen x € 1.000 Begroting 2025 Netto omzet derden

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

23.746

25.932

27.088

26.694

26.394

26.563

Netto omzet deelnemende gemeenten

9.647

9.500

9.250

9.000

8.750

8.500

Grond- en hulpstof uitbesteed werk

-9.824

-11.924

-12.229

-12.012

-11.827

-11.800

Toegevoegde waarde

23.569

23.508

24.109

23.682

23.317

23.263

Rijksbijdrage Wsw

51.621

51.862

49.937

49.938

49.260

49.211

1.615

1.669

1.719

1.790

Loonkostensubsidie

2.296

3.489

4.259

4.822

5.423

5.990

Overige subs. overheid

3.053

2.833

3.046

3.266

3.485

3.681

Totaal bijdr. overheden

56.970

58.184

58.857

59.695

59.887

60.672

Overige bedrijfsopbr.

3.083

2.420

2.814

2.671

2.578

2.525

Totaal baten

83.622

84.112

85.780

86.048

85.782

86.460

Loonkosten SW

-54.827

-56.699

-54.717

-53.651

-51.782

-50.717

Overige pers. kstn SW

-2.081

-2.334

-2.147

-2.078

-1.993

-1.929

Verstrekte subsidies

-227

-225

-225

-225

-225

-225

Totaal pers. kstn SW

-57.135

-59.258

-57.089

-55.954

-54.000

-52.871

Kosten regulier pers.

-18.209

-17.641

-18.674

-19.679

-20.745

-21.875

Kosten beschut werk

-4.306

-5.240

-6.396

-7.306

-8.278

-9.193

-138

-1.152

-1.406

-1.462

-1.520

-1.581

Afschrijvingskosten

-1.964

-1.910

-2.130

-2.130

-2.130

-2.130

Overige bedr. kosten

-6.599

-6.571

-6.929

-6.979

-7.036

-7.036

Financieringskosten

-254

-475

-587

-640

-690

-690

Sub-totaal overige bedr. kstn

-31.470

-32.989

-36.122

-38.196

-40.399

-42.505

Totaal bedrijfskosten

-88.605

-92.247

-93.211

-94.150

-94.399

-95.376

Result. voor gem. bijdr. en dividend

-4.983

-8.135

-7.431

-8.102

-8.617

-8.916

Gem. bijdrage

7.700

8.135

7.431

8.102

8.617

8.916

Totaal expl. result.

2.717

0

0

0

0

0

Subsidieresultaat Doelgroep

-7.663

-10.300

-10.696

-9.963

-9.116

-8.445

Rijksbijdrage infrastructuur

Kosten participanten LDR Kosten participanten

WVS - Herziene begroting 2024

12

2.4 Financiële positie De afgelopen jaren is een bijdrage van de gemeenten noodzakelijk om een negatief eigen vermogen te voorkomen. In bijlage 6 is een overzicht opgenomen van de gemeentelijke bijdragen voor 2025. In bijlage 2 is de balans per ultimo opgenomen voor de jaren 2023 - 2028. In paragraaf 3.1. Weerstandsvermogen is een overzicht gegeven van ‘jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen’. Deze verplichtingen hebben een nadelige invloed op de financiële positie van WVS. Door het negatieve resultaat in de totale planperiode zal de financieringsbehoefte toenemen. Dit wordt gecompenseerd door stortingen van de gemeentelijke bijdragen. Ultimo 2023 bedroegen de langlopende leningen € 9.944.000,-. In 2024 wordt hierop € 2.363.000,- afgelost. In 2024 is het afsluiten van een langlopende lening gepland van € 4.000.000,- met een looptijd van 10 jaar. Om aan haar financieringsbehoefte te kunnen voldoen sluit WVS rekening-courantkredieten en kasgeldleningen af. De behoefte aan krediet neemt toe vanwege de jaarlijkse aflossingen op de leningen. Het rentepercentage voor de langlopende leningen bedraagt voor 2025 3,89 %. Voor rekening-courantkrediet is dit percentage begroot op 2 % en voor kasgeldleningen op 3 %. Met deze financieringswijze voldoet WVS zowel aan de kasgeldlimiet als aan de norm voor het renterisico.

In bijlage 3 is een overzicht van de langlopende en de kortlopende leningen gegeven voor de jaren 2023 - 2025. De voorzieningen die WVS heeft gevormd hebben het karakter van een toekomstige financiële verplichting. Sinds 2018 wordt er een voorziening gecreëerd voor het 3e WW-jaar ambtelijk. Dit is een verplichting. Deze wordt gevormd uit een bijdrage van het ambtelijk personeel zelf. In 2022 is de voorziening spaarverlof gecreëerd voor de tegoeden die vanuit de Cao-regelingen SW en SGO worden gespaard. De toevoegingen aan en opnames uit deze voorziening hebben een onvoorspelbaar karakter. In bijlage 4 is een overzicht gegeven van het verloop van de reserves en de voorzieningen voor de jaren 2023 - 2028.

13

WVS - Herziene begroting 2024

2.5 Risicoparagraaf Als risico’s worden beschouwd alle redelijke voorzienbare risico’s die niet in de begroting zijn verwerkt en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de omvang van de exploitatie, het exploitatieresultaat en het eigen vermogen van WVS. Ondernemersrisico WVS opereert op de commerciële markt door producten en diensten aan derden te leveren. Hierdoor heeft WVS te maken met het normale ondernemersrisico zoals het debiteuren- en voorraadrisico. Door de turbulente economische omstandigheden is dit risico niet te onderschatten. Omvang: Het achterblijven van de TW van bijvoorbeeld 5 % levert direct een verlies op aan exploitatieresultaat van ruim € 1.200.000,-. Maatregelen: Via de interne P&C cyclus, waardoor snel achterblijvende resultaten zichtbaar zijn, spreiden van risico’s o.b.v. werksoorten, klanten en branches. Tevens werk blijven acquireren ook al is er geen stilstand. Dit vangt leegstand op, of biedt mogelijkheden voor betere rendementen. Opdrachten van deelnemende gemeenten De deelnemende gemeenten zijn belangrijke opdrachtgevers voor WVS. De gemeentelijke opdrachten vormen voor WVS ook een belangrijke inkomstenbron, maar belangrijker nog is dat gemeenten veel werk hebben waar mensen uit de doelgroep op zijn aangewezen.

Door een jaarlijkse krimp in het aantal SW-medewerkers en de beperkte instroom, komt de uitvoering van gemeentelijke opdrachten onder druk te staan. Een tijdelijke plaatsing van inwoners met een LDR-indicatie kan hier een oplossing in bieden. Omvang: De gemeentelijk omzet beslaat om en nabij een derde van de omzet van WVS. Als er door de financiële druk op de begrotingen van de gemeenten, wellicht bezuinigd wordt op opdrachten m.b.t. detacheringen en groenvoorziening, verdwijnen hierdoor banen en werk voor de doelgroep. 5 % Van de omzet van de gemeenten staat voor een bedrag van € 500.000,-. Met de geplande indienstname van inwoners uit het LDR hebben we het werk hard nodig. Maatregelen: Samen met de gemeenten bekijken waar de mogelijkheden liggen. Zorgen dat er een goede orderportefeuille is. Risico rijksbijdrage Wsw In de begroting is uitgegaan van de afbouw SW zoals het Rijk die voorziet. Voorspellen wat de ontwikkeling van de rijksbijdrage gaat doen, is lastig. Er zijn veel landelijke factoren die van invloed zijn op de rijksbijdrage per SE. Indien er grote afwijkingen zijn t.o.v. de begroting zal dit worden gemeld, en indien nodig zal een herziene begroting worden ingediend. In de begroting is uitgegaan van een compensatie van LPO van 3 %. Indien deze niet wordt ontvangen heeft dat impact op de begroting.

Door de koppeling met de Cao SW (op dit moment) is de impact beperkt. Omvang: WVS ontvangt vanuit de gemeenten de volledige subsidie Wsw. Bij overschrijding van de taakstelling is het financiële risico geheel voor WVS. Bij 10 SE is dit een risico van € 390.000,-. Maatregelen: Dit ligt buiten de invloedssfeer van WVS. Risico rijksbijdrage infrastructuur Er is door het ministerie SZW een structureel budget vastgesteld van € 63.900.000,- voor het behoud van de infrastructuur en het realiseren van 10.000 banen extra. De definitieve besluitvorming vindt plaats in het voorjaar WVS - Herziene begroting 2024

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14811951/1