7. Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant jaarstukken 2023
Tekst van het document
Alle wijzigingen worden dagelijks verwerkt, zodat het systeem actueel is en blijft. Publiek-Private Samenwerking voor blusboot We hebben een waakvlamovereenkomst met de firma BST te Dinteloord voor de incidentbestrijding op de vaarwegen rondom Volkerak en Schelde-Rijnverbinding. Firma BST exploiteert en beheert de blusboot (Furie 4) en de nautische bemanning. We leveren een opstapbemanning die is opgeleid en geoefend naar de huidige eisen. Samen met Veiligheidsregio Zeeland werken we al lange tijd samen bij het bestrijden van incidenten op het Schelde-Rijnkanaal. Om deze interregionale samenwerking te formaliseren is een samenwerkingsovereenkomst opgesteld. Hierin is een aantal algemene uitgangspunten en operationele afspraken vastgelegd. Met deze overeenkomst wordt bijgedragen aan een betere brandweerzorg en voldoet de samenwerking tussen partijen nog meer aan de eisen die de wet en maatschappij hieraan stellen. Operationeel Centrum Veiligheidsregio/Brandweer (OCB VR/Brw) Met ingang van 1 januari 2020 hebben we een convenant met de Veiligheidsregio Zeeland, inzake de samenwerking meldkamer Bergen op Zoom voor de uitvoering van de meldkamerfunctie voor de brandweertaak, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening. Personeel is door de organisatorische samenvoeging per 1-1-2020 in onze dienst en we voeren de administratie van de meldkamerfunctie.
De verdeling van de kosten van de brandweermeldkamer (inclusief CaCo functie) vindt plaats op basis van inwoneraantallen met een vaste verdeelsleutel 74% VRMWB – 26% VR Zeeland.
VRMWB | Jaarstukken 2023
66
4. Jaarrekening 4.1
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. De jaarrekening geeft volgens normen die voor gemeenten en provincies als aanvaardbaar worden beschouwd een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd over de financiële positie en over de baten en lasten. Daarnaast geeft de jaarrekening een getrouw, duidelijk en stelselmatig inzicht in de financiële positie aan het einde van het begrotingsjaar. De waardering van de activa en passiva, en de bepaling van het resultaat, vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. Het BBV bepaalt dat de jaarrekening uit onderstaande onderdelen bestaat: a. Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting. b. De balans en de toelichting. c. De bijlage met de verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen. d. Een bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld. Grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: -
-
-
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 14 december 2023 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld; • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het Algemeen Bestuur zijn gemeld; • Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: • Een verantwoordingsgrens van 3 % (zijnde € 3.086.850,-) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; • Een rapporteringstolerantie van € 50.000,- is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
VRMWB | Jaarstukken 2023
67
Overzicht van baten en lasten en de toelichting Het overzicht van baten en lasten bevat het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten. Per programma zijn de gerealiseerde baten en lasten, en het saldo daarvan, opgenomen in de jaarrekening. Daarnaast is het overzicht van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen, de gerealiseerde kosten van de overhead en het bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting opgenomen. Conform het BBV is de toelichting op het overzicht van baten en lasten opgenomen. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De balans en de toelichting Vaste activa In de financiële verordening ex. 2012 Gemeentewet artikel 10 zijn de richtlijnen met betrekking tot waardering en afschrijving van vaste activa beschreven. Deze richtlijnen zijn uitgewerkt in de beleidsnota ‘investeren, waarderen en afschrijven vaste activa Veiligheidsregio MWB 2023’ (inwerkingtreding 1 juli 2023). Deze nota wordt iedere vier jaar geactualiseerd en vastgesteld door het Algemeen Bestuur.
De (materiële) vaste activa zijn opgenomen op basis van historische waarderingsgrondslagen, respectievelijk vervaardigings- of verkrijgingsprijs minus een lineaire afschrijving. Investeringen met een meerjarig economisch nut en een waarde van minimaal €10.000 worden in het jaar van ingebruikname volledig geactiveerd en afgeschreven per 1 juli van het betreffende boekjaar. Voor het activeren van activa gelden de regels volgens Hoofdstuk 5 van het BBV, en de richtlijnen die zijn opgenomen in de beleidsnota ‘Investeren, waarderen en afschrijven’. Voor het afschrijven van de activa worden onderstaande vastgestelde termijnen van de veiligheidsregio gehanteerd. De afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de economische levensduur van de activa. De afschrijvingen geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Slechts om gegronde redenen mogen de afschrijvingen geschieden op andere grondslagen dan in het voorafgaande begrotingsjaar zijn toegepast. De reden van de verandering wordt in de toelichting op de balans uiteengezet. Jaarlijks wordt het bestaansrecht van de activa gecontroleerd.
VRMWB | Jaarstukken 2023
68
Afschrijvingstermijn in jaren Gronden en terreinen Grond
0
Bedrijfsgebouwen Bedrijfsgebouwen Verbouwingen
10-40 10
Vervoermiddelen Voertuigen
5-20
Machines, apparaten en installaties Installaties Inventaris materieel Inventaris voertuigen MAI overig Materieel Meetapparatuur Verkenningseenheden Werkplaatsen
15 7-20 5-20 7 5-20 7 3-7 5-15
Overige materiële vaste activa Informatietechnologie Inventaris gebouwen Persoonlijke bescherming
3-10 5-20 5-15
Vlottende activa Vorderingen, liquide middelen en overlopende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Buiten gebruik gestelde vaste activa Indien een vast actief buiten gebruik is gesteld, heeft op het moment van buitengebruikstelling een afwaardering van de boekwaarde plaatsgevonden naar de lagere restwaarde of nihilwaarde indien al volledig afgeschreven. Vaste passiva Passiva, bestaande uit het eigen vermogen, voorzieningen en langlopende schulden, worden gewaardeerd tegen nominale waarde. De beleidsnota ‘Reserves en voorzieningen Veiligheidsregio Midden- en WestBrabant 2022’ (Inwerkingtreding 1 januari 2022) behandelt de uitgangspunten en voorwaarden voor de vorming, aanwending en verantwoording van reserves en voorzieningen. Het eigen vermogen bestaat uit reserves en nog te bestemmen resultaat. Toevoegingen en onttrekkingen met betrekking tot reserves worden gedaan op basis van resultaatbestemming en worden conform het BBV separaat verantwoord. Het BBV schrijft vier mogelijkheden voor om een voorziening te vormen. De omvang van de voorzieningen is mede gebaseerd op schattingselementen, verband houdende met uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen en verliezen af te wikkelen. Omdat de voorzieningen gewaardeerd worden tegen nominale waarden, worden geen jaarlijkse rentebijschrijvingen gedaan.
De langlopende schulden worden verminderd met de aflossingen die reeds voor de balansdatum zijn voldaan.
VRMWB | Jaarstukken 2023
69
Vlottende passiva Kortlopende schulden en verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, worden gewaardeerd tegen nominale waarden. Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen waaraan we voor toekomstige jaren zijn verbonden, worden opgenomen in de toelichting op de balans. Resultaatbestemming Het saldo van de jaarlijkse baten en lasten vormt het resultaat. Dit resultaat en de bestemming daarvan wordt door het AB vastgesteld.
VRMWB | Jaarstukken 2023
70
4.2
Balans
ACTIVA (bedragen x € 1.000)
31-12-2022
31-12-2023
Vaste activa Materiële vaste activa Materiële vaste activa economisch nut
Totaal vaste activa
€
54.976
€
57.380
€
54.976
€
57.380
€
-
€
-
€
9.522
€
2.322
Vlottende activa Voorraden Gereed product en handelsgoederen
Uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of minder Vorderingen op publiekrechtelijke lichamen Uitzettingen in Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Overige vorderingen of uitzettingen
€ € €
3.924 5.477 122
€ € €
543 1.399 380
Liquide middelen Kas- en banksaldi
€
80
€
113
Overlopende activa
€
3.364
€
4.284
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkering met een specifiek bestedingsdoel - Overige Nederlandse overheidslichamen € Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen €
2.278
€
2.019
1.086
€
2.265
Totaal vlottende activa
€
12.965
€
6.719
Totaal generaal
€
67.941
€
64.099
PASSIVA (bedragen x € 1.000)
31-12-2022
Vaste passiva Eigen Vermogen Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat
€ € €
15.535 941
€ €
377 2.761
€
Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren.
31-12-2023
16.476 € €
5.922 801
€ €
761 3.104
3.138
€
6.724
€
3.865
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen binnenlandse banken
Totaal vaste passiva Vlottende passiva Netto schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar € €
4.316
€
- Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen
Overige kasgeldleningen Overige schulden
33.550
€
29.669
€
53.164
€
40.257
€
4.316
€
15.687
€
8.155
€ €
11.700 3.987
7.686
€
7.678
€
2.775
€
477
€
-
€
-
€
Overlopende passiva Verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen
€
10.462
Ontvangen overheids-voorschotbedragen met specifiek bestedingsdoel
Totaal vlottende passiva
€
14.777
€
23.841
Totaal generaal
€
67.941
€
64.099
VRMWB | Jaarstukken 2023
71
4.3
Toelichting op de balans
ACTIVA Vaste activa Materiele vaste activa (Bedragen x € 1.000)
Boekwaarde 31-12-2022
Onderhanden werk activa voorgaand jaar
Investeringen
Des- Afschrijvingen investeringen
€ € € € € € €
€ € € € € € €
€ € € € € € €
Gronden en terreinen Gebouwen Grond weg en bouwkundige werken Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal
€ € € € € € €
1.105 11.401 98 28.887 3.014 10.468 54.973
Onderhanden werk activa Totaal
€ €
3 € 54.976 €
-
-3 € -3 €
460 5.120 364 3.769 9.713
11.010 € 20.723 €
-109 -44 -98 -252
€ € € € € € €
-11.010 € -11.261 €
Bijdragen derden direct gerelateerd
Afwaardering wegens duurzame waardevermindering
Boekwaarde 31-12-2023
€ € € € € € €
-
€ € € € € € €
-50 -44 -94
€ € € € € € €
1.105 11.259 93 30.322 2.929 11.860 57.380
€ -6.960 €
-
€ €
€ -94 €
57.380
-652 -5 -3.575 -405 -2.322 -6.960
Materiele vaste activa economisch nut Investeringen De investeringen hebben betrekking op verbouwingen (gebouwen), reguliere vervangingen van voertuigen, machines, apparaten en installaties en overige materiële vaste activa. In paragraaf 3.4 Onderhoud kapitaalgoederen en investeringen is een nadere specificatie opgenomen van wat in 2023 is geïnvesteerd. Desinvesteringen Gedurende het jaar zijn diverse voertuigen afgestoten en verkocht. Ook zijn warmtebeeldcamera's verkocht. Bij de vervanging van de laptops zijn de oude laptops teruggenomen door de leverancier. Hiervoor zijn vergoedingen ontvangen. De resultaten hiervan zijn opgenomen in de exploitatie. Alle activa zijn gecontroleerd op aanwezigheid en levensduur en indien van toepassing gedesinvesteerd. Afschrijvingen In 2023 zijn de afschrijvingen toegepast op basis van lineaire afschrijvingen, conform de termijnen gesteld in paragraaf 4.1 grondslagen voor waardering en resultaatbepaling. Afwaardering Over de activiteiten van de Risk Factory is BTW verschuldigd, in overleg met de belastingdienst is op de aanschafwaarde van de activa de BTW in aftrek gebracht. Het totale bedrag wordt verantwoord als afwaardering en geeft een toevoeging op de waarde van investeringen, omdat de aanschaf van de activa in voorgaande jaren heeft plaatsgevonden.
VRMWB | Jaarstukken 2023
72
Vlottende activa Vorderingen publiekrechtelijke lichamen Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
Voorziening dubieuze debiteuren
€ € € € €
3.386 46 491 3.924 -
€ € € € €
198 86 259 543 -
Totaal
€
3.924
€
543
Debiteuren Nog te ontv btw/bcf Afrekening GHOR
De positie debiteuren is in 2023 afgenomen. De afname wordt veroorzaakt doordat aan het einde van 2022 de afrekening intekentaken 2021 en de facturering aan het Centraal Orgaan Opvang (COA) heeft plaatsgevonden. De afrekening intekentaken 2022 is in de loop van 2023 afgerond en de facturering Q4 aan het COA is in overlopende activa verantwoord. Het verschil in nog te ontvangen btw/bcf is ontstaan, doordat er een vordering op de btw is voor de periode december. De afrekening GHOR is lager vanwege hun lagere financiële resultaat. Uitzettingen in Rijk’s schatkist met een looptijd korter dan 1 jaar Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
Des Rijk's schatkist
€
5.477
€
1.399
Totaal
€
5.477
€
1.399
De ter beschikking staande liquide middelen zijn in 2023 toereikend om te voldoen aan de financieringsbehoefte die voortvloeit uit de salarisbetalingen, exploitatie uitgaven en realisatie op het investeringsplan. In 2023 zijn er verschillende kasgeldleningen aangetrokken in verband met de timing van het betalen van de kortlopende verplichtingen.
VRMWB | Jaarstukken 2023
73
Uitzettingen in het kader van schatkistbankieren Presentatie gelden buiten schatkistbankieren voorgeschreven 2023: Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) 2023
Verslagjaar (1)
2057,9
Drempelbedrag
Kwartaal 4
Kwartaal 3
Kwartaal 2
Kwartaal 1 3
80
3
2
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
2.055
1.978
2.055
2.056
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
(2)
(1) Berekening drempelbedrag 2023
Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
102.895
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
102.895
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal Drempelbedrag groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
2057,9
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
(5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Kwartaal 4
Kwartaal 3
Kwartaal 2
Kwartaal 1 Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
300
7.301
254
146
90
91
92
92
3
80
3
2
Overige vorderingen of uitzettingen Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
Voorziening dubieuze debiteuren
€ € €
122 122 -
€ € €
380 380 -
Totaal
€
122
€
380
Debiteuren
De toename in debiteuren wordt veroorzaakt door de bijdrage van Q4 PPS Moerdijk, welke begin januari is betaald.
Liquide middelen Kas- en banksaldi Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
Bank Simpled Card Kruisposten
€ € €
80 -
€ € €
50 62 1
Totaal
€
80 €
113
VRMWB | Jaarstukken 2023
74
Dagelijks wordt het saldo van de bank afgeroomd tot € 50.000 naar 's Rijks Schatkist. Simpled Card In overeenstemming met de representatieregeling wordt elk kwartaal een vast bedrag gestort voor de vrijwilligersposten. De kaarten voor de beroepsposten worden dagelijks aangevuld. Met name bij de vrijwilligersposten volgen de uitgaven niet de stortingen. De posten “sparen” gedurende het jaar loopt op en wordt op het eind van het jaar pas uitgegeven. Het saldo in omloop fluctueert hierdoor vooral tegen het einde van het jaar. Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel. Overige Nederlandse overheidslichamen Bedragen x € 1.000
31-12-2022
Toevoeging
Ontvangen bedragen
31-12-2023
Opvang ontheemden Oekraïne
€
2.278 €
1.285 €
1.544 €
2.019
Totaal
€
2.278 €
1.285 €
1.544 €
2.019
Opvang ontheemden Oekraïne Het betreft de kosten voor de opvang van ontheemden uit de Oekraïne welke zijn gedeclareerd door GGD West-Brabant en diverse gemeenten. We nemen de door de individuele gemeenten verantwoorde bedragen (gecontroleerd door haar accountant) over 2022 op in de SISA-bijlage in de jaarrekening 2023, samen met de gemaakte kosten door VRMWB. De definitieve afrekening door het Rijk vindt plaats op basis van de SISA-aangifte en de jaarrekening 2023. Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
Vooruitbetaalde bedragen Ontvangen levensloop
€ €
1.083 € 3 €
2.265 -
Totaal
€
1.086 €
2.265
Vooruitbetaalde bedragen Deze post bestaat zowel uit vooruitbetaalde bedragen als nog te ontvangen bedragen. Betalingen die in 2023 zijn gedaan, maar betrekking hebben op 2024 zijn opgenomen op de balans als vooruitbetaalde bedragen. Het verschil ten opzichte van 2022 ontstaat door de afrekening van de intekentaken FLO en de doorbelaste kosten aan het COA van Q4 welke in 2024 zijn gefactureerd en in 2023 zijn opgenomen als nog te ontvangen bedragen. PASSIVA
VRMWB | Jaarstukken 2023
75
Vaste passiva Eigen vermogen Na een toename van het eigen vermogen in 2022, is in 2023 het eigen vermogen weer afgenomen. Dit is het gevolg van de vrijval van de reserve kapitaallasten die dit jaar is opgeheven. Op basis van het besluit van het Algemeen Bestuur van februari 2023 is de vrijval verrekend met de gemeenten. Bestemmingsreserves De bestemmingsreserves zijn opgenomen in een meerjarig bestedingspatroon, waarin de benutting van de gevormde bestedingsreserves wordt aangegeven. In 2023 worden onderstaande bestemmingsreserves onderscheiden. Bedragen x € 1.000
31-12-2022
Toevoeging/ Toevoegingen Onttrekkingen onttrekking reserves reserves resultaat 2022 € € € € € € € € € 141 € € 533 € € € € 140 € € € € 478 € € € € 13 € € € 349 € 238 €
Crisis en calamiteiten Egalisatiereserve kapitaallasten BDuR strategische Projecten BDuR BTW Doorontwikkeling organisatie HSL SaaS
€ € € € € € €
1.612 8.700 1.704 1.073 996 604 846
Totaal
€
15.535 €
141 €
349 €
1.402 €
Vrijval
31-12-2023
€ € € € € € €
1.612 1.312 933 519 591 956
8.700 €
5.922
8.700 -
Bovenstaand overzicht geeft de totale reservepositie weer. Per 31-12-2022 bedroeg de totale reservepositie € 15.534.839. Alle toevoegingen en onttrekking hebben conform de begroting plaatsgevonden, behoudens de reserve SaaS die conform werkelijkheid is gemuteerd. Per 31-12-2023 resulteert dit in een totale reservepositie van € 5.922.491. Crisis en calamiteiten Deze bestemmingsreserve is bedoeld voor het opvangen van uitgaven in verband met crises en calamiteiten binnen de regio, waar in de lopende begroting niet of onvoldoende ruimte voor is. Hierdoor kunnen uitgaven door onvoorziene omstandigheden gedragen worden zonder de gemeenten extra te belasten. De reserve mag maximaal 2% van de omvang van de begroting bedragen. Het is in 2023 niet noodzakelijk geweest deze reserve in te zetten. Egalisatie kapitaallasten Conform het besluit in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 9 februari 2023 is de egalisatiereserve kapitaallasten opgeheven en vrijgevallen. BDuR strategische projecten Conform begroting is € 532.917 onttrokken voor het project procesoptimalisatie S&B, het beleidsplan, de implementatie Woo, het project duurzaamheid en voor de inzet van tijdelijke hoofden Brandweerzorg en voltijd officieren in opleiding. BDuR BTW Conform begroting is een bijdrage van € 140.000 uit de reserve onttrokken. Doorontwikkeling organisatie
VRMWB | Jaarstukken 2023
76
Deze reserve is voor de frictiekosten en het leiderschapstraject als gevolg van de doorontwikkeling van de organisatie die in 2021 heeft plaatsgevonden. Conform begroting is € 477.572 onttrokken, werkelijk is er € 461.069 uitgegeven in 2023. Hoge snelheidslijn (HSL) In 2023 is de reserve Hoge Snelheidslijn ingezet voor oefenuren ten behoeve van aanpak incidenten op de HSL en kapitaallasten van de voor de HSL aangeschafte voertuigen. SaaS De ICT kosten voor Software as a Service (SaaS) worden gedekt uit een egalisatiereserve SaaS, waardoor een evenwichtige spreiding van de lasten wordt bereikt. Op basis van een meerjaren begroting SaaS projecten wordt in de begroting de hoogte van de onttrekking bepaald. Voor 2023 is minder onttrokken uit de reserve om verschillende redenen. Door langer gebruik te maken van het huidige facilitair systeem hoeft deze nu niet vervangen te worden. Daarnaast kennen een aantal projecten een doorloop naar 2024 waaronder de vervanging van het financieel systeem, personeelsadministratie systeem (EHRM), digitaal management systeem (DMS) en vervanging software ICT en software primair proces. Gerealiseerd resultaat conform art. 42 BBV Bedragen x € 1.000
Totaal
31-12-2022 Toevoegingen/ Toevoegingen/ Verminderingen onttrekkingen onttrekkingen afschrijvingen resultaat 2022 baten en lasten activa €
941
€
-941
€
801
€
- €
31-12-2023
801
Het gerealiseerd resultaat over 2023 bedraagt € 801.340. Dit resultaat is vastgesteld conform de tekst in art. 42 van het BBV. Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico’s Bedragen x € 1.000
31-12-2022
Toevoeging
Aanwending
Vrijval
31-12-2023
Regeling Vervroegde Uittreding Spaarverlof
€ €
€ 377 €
67 € 434 €
-
€ €
€ 117 €
67 694
Totaal
€
377 €
500 €
-
€
117 €
761
Regeling Vervroegde Uittreding Deze voorziening omvat alle financiële verplichtingen aan werknemers die gebruik maken van de Regeling Vervroegde Uittreding (RVU). Het gaat om afspraken met medewerkers om tot beëindiging van het dienstverband te komen en daarvoor gebruik willen maken van RVU. Spaarverlof Deze voorziening omvat de arbeidskosten gerelateerde verplichting aan medewerkers met betrekking tot het opgebouwde spaarverlof en de overmatige bovenwettelijke verlofsaldi. Op basis van de verlofstanden op 31-12-2023 is een storting geboekt voor nieuw opgebouwd verlof en een vrijval in de voorziening geboekt voor de opgenomen uren.
VRMWB | Jaarstukken 2023
77
Voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren Bedragen x € 1.000
31-12-2022
Toevoeging
Aanwending
Vrijval
31-12-2023
Onderhoud huisvesting
€
2.761 €
842 €
499 €
-
€
3.104
Totaal
€
2.761 €
842 €
499 €
-
€
3.104
Onderhoud huisvesting In 2013 heeft het bestuur ingestemd met het vormen van een voorziening onderhoud huisvesting om de onderhoudskosten van de gebouwen in tijd gelijkmatig te spreiden. De voorziening wordt gevoed op basis van een meerjarig onderhoudsplan (MJOP) dat voor iedere kazerne is opgesteld en waarop periodiek actualisering plaatsvindt. In 2022 heeft actualisering van de MJOP’s plaatsgevonden zodat toekomstige aanspraken (20 jaar) ten behoeve van de uitvoering van het onderhoud van de gebouwen als gebruiker is gewaarborgd en inzichtelijk is gemaakt. Aan de voorziening wordt jaarlijks € 842.000 toegevoegd. De werkelijke kosten die in 2023 zijn uitgegeven voor het planmatig onderhoud bedroegen € 499.315. Dit bedrag is onttrokken aan de voorziening. Vaste schulden met een rente looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen binnenlandse banken Bedragen x € 1.000
Saldo 31-12-2022
Vermeerderingen
Aflossing 2023
Saldo 31-12-2023
Rentelast 2023
Rentelast 2022
Lening 40.82959 (4,58%) Lening 40.105429 (3,41%) Lening 40.105430 (3,68%) Lening 40.108835 (2,65%) Lening 40.110376 (1,22%) Lening 40.110377 (0,84%) Lening 40.114923 (0,205%) Lening 40.115776 (2,132%) Lening 40.116078 (3,033%)
€ € € € € € € € €
80 1.790 1.604 3.200 875 9.167 9.833 7.000
€ € € € € € € € €
-
€ € € € € € € € €
39 651 207 400 250 667 667 1.000
€ € € € € € € € €
41 1.139 1.397 2.800 625 8.500 9.167 6.000
€ € € € € € € € €
3 47 54 37 6 18 203 203
€ € € € € € € € €
5 69 62 188 42 8 19 71 9
Totaal
€
33.550 €
-
€
3.880
€
29.669
€
572
€
473
Er zijn geen langlopende leningen opgenomen in 2023. Vlottende passiva Netto schulden met een rente looptijd korter dan 1 jaar Overige kasgeldleningen Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
Kasgeldlening
€
-
€
11.700
Totaal
€
-
€
11.700
Overige schulden
VRMWB | Jaarstukken 2023
78
Bedragen x € 1.000 Crediteuren
€
31-12-2022 4.316 €
31-12-2023 3.987
Totaal
€
4.316
3.987
€
De afname van de crediteuren wordt veroorzaakt door een daling van de Crediteuren. Eind 2022 zaten hier nog de doorbelaste kosten inzake 1e opvang Oekraïne in van betrokken partijen (gemeenten en GGD). De salarissen 13e maand zijn lager omdat er minder achterstand was in uren declaraties etc. dan in 2022. De verhoging van de Loonbelasting is het gevolg van een naheffing RVU, hogere belastbare IKB en salarissen. Overlopende passiva Verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen Bedragen x € 1.000 Nog af te dragen BTW Nog te betalen rente leningen Boete huuropzegging Doornboslaan Onterecht ontvangen Levensloop Salarissen 13e maand Af te dragen Loonheffingen Nog te betalen afdrachten ABP, IZA etc. Overige nog te betalen bedragen Overige vooruitontvangen bedragen Totaal
€ € € € € € € € €
31-12-2022 50 € 70 € 156 € 74 € 52 € 3.553 € 633 € 3.098 € €
31-12-2023 88 86 4.758 671 2.033 42
€
7.686
7.678
€
De salarissen 13e maand zijn lager, omdat er minder achterstand was in uren declaraties etc. dan in 2022. De verhoging van de Loonbelasting is het gevolg van een naheffing RVU, hogere belastbare IKB en salarissen.
Ontvangen overheidsvoorschotbedragen met specifiek bestedingsdoel overige NL Overheid Bedragen x € 1.000
31-12-2022
Toevoeging
Transitiekosten meldkamer Riskfactory Gelden Corona Toegangsbewijs Opvang ontheemden Oekraïne
€ € € €
435 19 1.331 990
€ € € €
Totaal
€
2.775 €
60 554
Aanwending € € € €
614 €
37 1.544
Vrijval € € € €
1.580 €
31-12-2023 € € € €
435 42 -
1.331 €
477
1.331 -
Transitiekosten meldkamer In het uitwerkingskader van de meldkamer (2018) is afgesproken dat het beheer van de meldkamers wordt overgenomen door de Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS). Als compensatie van mogelijke frictiekosten op het gebied van beheer en ondersteuning is een vergoeding ontvangen van het Ministerie van J&V ad € 500.000. In 2023 is het niet noodzakelijk gebleken deze gelden in te zetten voor frictie voor de
VRMWB | Jaarstukken 2023
79
meldkamer. In 2024 worden er (landelijke) vervolgstappen genomen in de transitie en zal de vergoeding aangesproken gaan worden. Risk Factory Voor de activiteiten die gerelateerd zijn aan het opzetten en exploiteren van een Risk Factory heeft de Provincie Noord-Brabant eind 2021 besloten om een subsidie van € 175.000 toe te kennen. Deze subsidie wordt in drie termijnen ontvangen over de periode 2022-2024. In 2023 is de 2e termijn ad. € 60.000 ontvangen, waarvan € 36.524 toegerekend is aan de subsidiabele kosten in 2023.
Gelden Corona Toegangsbewijs De minister van J&V heeft voor de periode van oktober tot en met december 2021 extra middelen (€ 45 mln.) beschikbaar gesteld aan de 25 veiligheidsregio’s verdeeld naar rato van het aantal inwoners op 1 januari 2021. Het bedrag dat ter beschikking is gesteld bedraagt € 2.909.892. De operationele uitvoering hiervan ligt bij de gemeenten binnen onze regio. De definitieve verantwoording van de besteding van de middelen verloopt via het SiSa-systeem. Dit geldt zowel voor ons als voor de individuele gemeenten. De verantwoording en controle vindt plaats in 2 fasen: De gemeenten verantwoorden de ontvangen bijdragen en de bestedingen in hun jaarrekening 2021. We verzamelen de jaarrekeningen 2021 (inclusief bijbehorende controleverklaringen van de accountant) van de individuele gemeenten in 2022. We nemen de door de individuele gemeenten verantwoorde bedragen (gecontroleerd door haar accountant) over 2021 op in de SiSa-bijlage in onze jaarrekening 2022. De accountant heeft dit bij de jaarrekening 2022 gecontroleerd. Uit de ontvangen verantwoordingen blijkt dat in totaal € 1.331.297 is besteed door de gemeenten. Deze bedragen zijn in 2022 teruggevorderd. Eind 2023 heeft de definitieve afrekening en daarmee de afronding met het ministerie plaatsgevonden.
Opvang ontheemden Oekraïne Het bekostigingsbesluit van de Staatsecretaris van Justitie en Veiligheid voorziet in de vergoeding van de kosten die worden gemaakt door de veiligheidsregio’s, gemeenten en de GGD-en/GHOR voor de coördinerende werkzaamheden en de eerste opvang van Oekraïense vluchtelingen in de regio. Dit besluit werkt van 1 maart 2022 tot en met 31 december 2023. Wij hebben een voorschot aangevraagd van € 1,5 miljoen. Dit is goedgekeurd en ontvangen. De eigen werkelijke kosten als gevolg van de eerste opvang van Oekraïense vluchtelingen zijn in 2022 € 509.000. Dit zijn kosten voor huisvesting (bedden en beddengoed € 327.000) en inhuur en overwerk van medewerkers (€ 182.000). Het resterende bedrag (€ 990.000) staat per 31-12-2022 als vooruit ontvangen bedrag op de balans. In 2023 is in totaal aan voorschotten € 554.000 aangevraagd en ontvangen. De eigen kosten in 2023 bedragen € 1,4 miljoen. In 2023 is aan de gemeenten en GGD € 2,2 miljoen uitgekeerd op basis van door hun accountant goedgekeurde uitgaven in de jaarrekeningen 2022. Per 31-12-2023 is het restant van het voorschot en de in 2023 ontvangen voorschotten administratief verrekend met de totale eigen kosten en die van de gemeenten en GGD. Per saldo ontstaat hierdoor een vordering van € 2,0 miljoen (overlopende activa/ nog te ontvangen van overige Nederlandse Overheidslichamen).
De definitieve afrekening door het Rijk vindt plaats op basis van de SISA-aangifte en de jaarrekening 2023.
VRMWB | Jaarstukken 2023
80
4.4
Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen
We hebben enkele (mogelijke) verplichtingen die van omvang zijn, maar niet in de balans zijn opgenomen. De belangrijkste verplichtingen (boven € 200.000) staan in onderstaand tabel. Hier worden ook de overschrijdingen van de contracten meegenomen. Omschrijving
Looptijd contract
Bedrag
Opmerking
(per jaar) ICT/automatisering
30-6-2025
€
1.172
verplichting
Blusboot
1-10-2039
€
377
verplichting
Wagenparkverzekering
31-12-2024
€
204
verplichting
Aanschaf voertuigen
30-6-2027
€
7.110
verplichting
Overige software
30-4-2024
€
208
verplichting
Ongevallenpolis
€
320
verplichting
Overige Europse aanbestedingen
€
24
€
9.415
Er is een nieuw contract aanbesteed voor Gas en Electra. De prijzen zijn aanzienlijk gestegen tov vorige jaren.
VRMWB | Jaarstukken 2023
81
4.5
Baten en lasten
In onderstaand overzicht van de baten en lasten wordt de begroting voor wijziging en begroting na wijziging vergeleken met de realisatie. Per pijler zijn de voornaamste verschillen tussen de begroting na wijziging en de realisatie weergegeven en toegelicht in paragraaf 4.6 Verschillenanalyse.
VRMWB | Jaarstukken 2023
82
4.6
Overzicht lasten en baten: verschillenanalyse
Toelichting per pijler Stimuleren redzaamheid in de samenleving
VRMWB | Jaarstukken 2023
83
Bijdragen aan een veilige leefomgeving
VRMWB | Jaarstukken 2023
84
Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet
VRMWB | Jaarstukken 2023
85
VRMWB | Jaarstukken 2023
86
VRMWB | Jaarstukken 2023
87
Wendbare en duurzame organisatie
VRMWB | Jaarstukken 2023
88
4.7
Overzicht van de aanwending van het bedrag onvoorzien
Dit voorgeschreven overzicht ex. Artikel 28, lid b, BBV is niet opgenomen omdat binnen de begroting 2023 van Veiligheidsregio MWB geen bedrag voor onvoorzien bestond. Van eventuele aanwending is daarom ook geen sprake.
VRMWB | Jaarstukken 2023
89
4.8 Overzicht incidentele baten en lasten en structurele toevoegingen en onttrekkingen Volgens artikel 28, lid c en d van het BBV dient een specificatie te worden opgenomen van de incidentele baten en lasten en de structurele toevoegingen en onttrekkingenreserves. Het overzicht geeft inzicht in het structurele evenwicht van de jaarrekening. Pijlers
Rekening 2023
(bedragen x 1.000)
Incidenteel
Structureel
Totaal
Lasten Stimuleren redzaamheid in de samenleving Bijdragen aan een veilige leefomgeving Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet Wendbare en duurzame organisatie
€ € € €
2.272 272 556
€ € € €
588 8.783 66.892 1.153
€ € € €
2.860 8.783 67.164 1.709
Algemene Dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Totaal lasten
€ € € €
295 3.395
€ € € €
644 15.599 93.659
€ € € €
644 15.894 97.054
Baten Stimuleren redzaamheid in de samenleving Bijdragen aan een veilige leefomgeving Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet Wendbare en duurzame organisatie
€ € € €
-2.267 -
€ € € €
-92 -200 -7.687 -
€ € € €
-2.359 -200 -7.687 -
Algemene Dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting
€ €
-
€ €
-86.333 -223
Totaal baten
€
-2.267 €
-94.535
€ € € €
-86.333 -223 -96.802
Totaal saldo van lasten en baten
€
1.128
€
-876
€
252
Totaal onttrekkingen
€ € € € €
-284 -1.118 -1.402
€ € € € €
-
€ € € € €
-284 -1.118 -1.402
Toevoegingen reserves Stimuleren redzaamheid in de samenleving Bijdragen aan een veilige leefomgeving Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet Wendbare en duurzame organisatie Totaal toevoegingen
€ € € € €
349 349
€ € € € €
-
€ € € € €
349 349
Totaal mutaties reserves
€
-1.053 €
-
€
-1.053
Totaal resultaat
€
75
-876
€
-801
Onttrekkingen reserves Stimuleren redzaamheid in de samenleving Bijdragen aan een veilige leefomgeving Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet Wendbare en duurzame organisatie
VRMWB | Jaarstukken 2023
€
90
Toelichting op incidentele posten hoger dan 50k Algemeen Wij duiden de volgende typen posten als incidenteel: De (projectmatige) lasten die worden gedekt uit een reserve. Mutaties in de reserves. Eenmalige baten en lasten op niet terugkerende posten in de begroting. Hieronder een nadere toelichting op bovenstaand overzicht van incidentele baten en lasten hoger dan 50K. Lasten en baten Stimuleren redzaamheid in de samenleving (2.272K lasten en 2.267K baten) Dit betreft lasten die gemaakt zijn voor de eerste opvang van vluchtelingen uit Oekraïne (€ 1.402K). Deze lasten worden door het Rijk vergoed. Daarnaast betreft het lasten die gemaakt zijn voor extra locaties voor de Crisis Noodopvang Asielzoekers als gevolg van de opvangcrisis. Deze lasten worden door het COA vergoed (864K). Tot slot nog lasten binnen de reserve BDuR strategische projecten voor Brandveilig leven (6K). Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet (272K) Het betreft lasten binnen de reserve BDuR strategische projecten voor de tijdelijke inzet van adviseurs Brandweerzorg en voor de voltijd officieren in opleiding (250K). Daarnaast de lasten binnen de reserve SaaS voor vervanging software primair proces (13K). Tot slot betreft het lasten binnen de reserve HSL ingezet voor oefenuren ten behoeve van aanpak incidenten op de HSL en kapitaallasten van de voor de HSL aangeschafte voertuigen (9K).
Wendbare en duurzame organisatie (556K) Dit betreft lasten binnen de reserve doorontwikkeling organisatie voor de frictiekosten en het leiderschapstraject als gevolg van de doorontwikkeling van de organisatie die in 2021 heeft plaatsgevonden (461k). Daarnaast de lasten binnen de reserve BDuR strategische projecten voor de projecten procesoptimalisatie S&B, Duurzaamheid en het beleidsplan (95K). Overhead (295K) Dit betreft de lasten binnen de reserve SaaS voor vervanging software ICT, het EHRM systeem, het financieel systeem en DMS-RMA (225K). Tevens betreft het de lasten binnen de reserve BDuR strategische projecten voor informatieveiligheid, implementatie WOO en bijdrage onderzoek duurzame inzetbaarheid (70K). Mutaties reserves Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet (onttrekking 284K) Dit betreft de begrote onttrekking uit de reserve BDuR strategische projecten (271K) en uit de reserve HSL (13K). Wendbare en duurzame organisatie (onttrekking 1.118K en 349K toevoeging) Dit betreft de begrote onttrekking uit de reserves Doorontwikkeling organisatie (478K), BDuR strategische projecten (262K) en BDuR BTW (140K). Daarnaast binnen de reserve SaaS de begrote storting (349K) en een onttrekking voor de uitgevoerde projecten (238K).
VRMWB | Jaarstukken 2023
91
4.9
Begrotingsrechtmatigheid
Algemeen Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Als blijkt dat de gerealiseerde lasten, weergegeven in de jaarrekening, hoger zijn dan de geraamde bedragen, met inbegrip van de laatste begrotingswijziging, dan kan er sprake zijn van een begrotingsonrechtmatigheid. De richtlijnen voor de begrotingsrechtmatigheid zijn vastgelegd in de financiële verordening VRMWB 2023. Hierin staat onder andere beschreven wat de spelregels zijn. Iedere afwijking van de begroting wordt als onrechtmatig beschouwd. Hierbij zijn ook enkele categorieën gedefinieerd, waarbij afwijkingen als acceptabel worden aangemerkt; - er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren, - er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling, - de overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. Begrotingsonrechtmatigheden worden expliciet zichtbaar gemaakt en toegelicht bij dit onderdeel. Bij de vaststelling van de jaarstukken, door het Algemeen Bestuur, wordt ook ingestemd met deze onrechtmatigheden, hierdoor tellen deze niet mee voor het oordeel van de accountant.
Analyse begrotingsrechtmatigheid programma’s Exploitatie Op een tweetal programma-onderdelen is een overschrijding van de lasten zichtbaar. Dit betreft de overhead en de algemene dekkingsmiddelen. De totale overschrijding van de lasten in de exploitatie bedraagt € 0,2 miljoen, 0,2% van het begrotingstotaal. Deze overschrijding is onrechtmatig en telt mee in het oordeel voor de rechtmatigheid. Programma onderdeel
Som van Begroting Begrotingswijziging Som van begroting Realisatie 2023 primair en 2023 2023 definitief
Som van Resultaat Conclusie per programmadeel Concerncontrol
Veiligheid Baten Lasten Overhead Baten Lasten Algemene dekkingsmiddelen Baten Lasten Vennootschapsbelasting Baten Lasten Reserve Baten Lasten Eindtotaal
€ € € € € € € € € € € € € € € €
€ € € € € € € € € € € € € € € €
-1.300.879 -80.371.133 79.070.254 1.684.144 -12.162.009 13.846.153 -462.829 462.829 -383.265 -723.265 340.000 0
€ € € € € € € € € € € € € € € €
72.717.788 65.576.097 7.141.692 14.043.170 12.127.009 1.916.161 -85.689.947 -85.799.390 109.443 -1.071.011 -1.079.511 8.500 -0
€ € € € € € € € € € € € € € € €
71.416.909 -14.795.036 86.211.945 15.727.314 -35.000 15.762.314 -85.689.946 -86.262.218 572.272 -1.454.276 -1.802.776 348.500 1
€ € € € € € € € € € € € € € € €
70.270.454 -10.240.573 80.511.027 15.671.564 -222.734 15.894.299 -85.689.847 -86.333.320 643.473 -1.053.512 -1.402.012 348.500 -801.340
1.146.455 -4.554.463 5.700.918 55.750 187.734 -131.985 -99 71.102 -71.201 -400.764 -400.764 801.341
onrechtmatig, maar telt niet mee voor het oordeel
onrechtmatig en telt mee voor het oordeel
rechtmatig rechtmatig
(1) (1)
rechtmatig onrechtmatig
(2)
€
131.985
rechtmatig onrechtmatig
(3)
€
71.201
- € 0,00%
203.186 0,20%
rechtmatig rechtmatig rechtmatig rechtmatig
(4) €
(1) Veiligheid Bij het programma-onderdeel Veiligheid is zowel aan de baten- als aan de lastenkant een aanzienlijke onderschrijding zichtbaar. Dit is hoofdzakelijk een gevolg van het doorschuiven van de verkoop van de kazernes naar 2024, waardoor de baten (verkoopopbrengsten) als de lasten (boekwaarde kazernes) niet zijn gerealiseerd in 2023. Tevens zijn er enkele overschrijdingen zichtbaar op de kostencategorieën energie, onderhoud voertuigen en bedrijfsvoeringskosten. Deze overschrijdingen worden gecompenseerd door de onderschrijding van de verkoop van de kazernes, maar zijn aanzienlijk hoger gerealiseerd dan begroot.
VRMWB | Jaarstukken 2023
92
(2) Overhead lasten Voor een totaalbedrag ad. € 132.000 is sprake van een overschrijding van de lasten ten opzichte van de begroting. Deze overschrijding wordt veroorzaakt door diverse lasten, waaronder inhuur derden en de voorziening spaarverlof. Conform de financiële verordening artikel 23, 3e lid wordt door het Algemeen Bestuur, bij het vaststellen van de jaarstukken ingestemd met deze begrotingsonrechtmatigheid. Hierdoor telt deze niet mee voor het oordeel van de accountant. (3) Algemene dekkingsmiddelen lasten De rentekosten van de kortlopende leningen zijn hoger, dan begroot. Er is ultimo 2023 een extra kasgeldlening aangetrokken ad. € 7 miljoen. Deze lening was niet in de begroting(swijziging) voorzien. Dit betreft een beperkte overschrijding van de lasten met € 70.000. Conform de financiële verordening artikel 23, 3e lid wordt door het Algemeen Bestuur, bij het vaststellen van de jaarstukken ingestemd met deze begrotingsonrechtmatigheid. Hierdoor telt deze niet mee voor het oordeel van de accountant. (4) Reserves De onderschrijding op de baten van de reserves (onttrekking) wijkt aanzienlijk af van de begroting. De onttrekking is lager, dan eerder geprognotiseerd, vanwege de vertraging van verschillende SaaS-projecten. Een facilitaire applicatie hoeft niet te worden vervangen en de vervanging van diverse applicaties zijn gedeeltelijk doorgeschoven naar 2024.
Investeringen De investeringen zijn in 2023 binnen de goedgekeurde budgetten op categorie gerealiseerd. Er heeft zich geen overschrijding van de budgetten voorgedaan, ook vallen de investeringen binnen het bestaande beleid. De investeringen zijn hiermee rechtmatig. Categorie
Som van Begroting Som van Begroting Som van Begroting Realisatie 2023 primair na 2023 Definitief begrotingswijziging
Grond aanschafwaarde Bedrijfsgebouwen aanschafwaarde Grond weg en waterbouwkundige werken Vervoermiddelen aanschafswaarde Machines, app. en install. boekwaard Ov. materiële vaste activa aanschafw
€ € € € € € €
VRMWB | Jaarstukken 2023
7.136.000 705.000 1.550.000 9.391.000
€ € € € € € €
460.800 5.199.300 857.100 4.264.600 10.781.800
€ € € € € € €
460.800 5.199.300 857.100 4.264.600 10.781.800
€ € € € € € €
Verschil
460.353 5.119.794 363.533 3.769.278 9.712.959
€ € € € € € €
Conclusie Concerncontrol
447 79.506 493.567 495.322 1.068.842
onrechtmatig, maar telt niet mee voor het oordeel
onrechtmatig en telt mee voor het oordeel
rechtmatig rechtmatig rechtmatig rechtmatig rechtmatig rechtmatig €
- €
-
93
4.10 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. Het doel van de WNT is het tegengaan van bovenmatige bezoldigingen en ontslagvergoedingen bij instellingen in de (semi)publieke sector. In de WNT worden bezoldigingen en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen bij instellingen waarop de wet van toepassing is genormeerd en openbaar gemaakt. Het bezoldigingsmaximum wordt jaarlijks geïndexeerd en is voor 2023 € 223.000. De WNT geldt voor topfunctionarissen. Dit betekent in de praktijk de bestuurder(s) en, onder bepaalde voorwaarden, de hoogste leidinggevende(n) van een organisatie. Voor niet-topfunctionarissen met een dienstbetrekking geldt alleen een publicatieplicht op functie. Gezien het criteria van de dagelijkse leiding over de gehele organisatie, vallen alleen de algemeen directeur/regionaal commandant en de plaatsvervangende directeur/regionaal commandant onder de meldingsplicht WNT. Publicatie topfunctionarissen zonder bezoldiging
Naam
Functie
Th. L. N. Weterings P.F.G. Depla M. Buijs J.F.M. Janssen A. J. Moerkerke M. Mulder F.A. Petter M. Witte J. van Aart J.J.C. Adriaansen D.A. Alssema S.C.A.M. Ausems M.C. Bakermans R.P. van den Belt J. Brenninkmeijer M.H.M.R. de Hoon-Veelenturf E.B.A. Lichtenberg M. van der Meer Mohr J.M. van Midden B.J.A. Roks B.H.G. Scholtze M.W.A.M. van Stappershoef M.C. Starmans-Gelijns M.C. Starmans-Gelijns L. Schuitmaker M. Verheijen J.G.P. Vermue E.M.L. Weys
Voorzitter AB/DB Plv. Voorzitter AB/DB Lid AB/DB Lid AB/DB Lid AB/DB Lid AB/DB Lid AB/DB Lid AB/DB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB
VRMWB | Jaarstukken 2023
Aanvang en einde functievervulling 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 05-07-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 05-07-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 26-09-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 11-01-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 26-09-2023 26-09-2023 - 31-12-2023 11-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 26-09-2023 01-01-2023 - 31-12-2023 01-01-2023 - 31-12-2023
94
Publicatie bezoldiging leidinggevende topfunctionaris met dienstbetrekking Functiegegevens
Algemeen directeur / regionaal commandant
Plaatsvervangend Algemeen directeur/regionaal commandant
Naam Aanvang en einde functievervulling Omvang dienstverband in fte Dienstbetrekking
A.C. Trijselaar 01-01-2023 - 31-12-2023 1,00 ja
C. de Jong 01-01-2023 - 31-12-2023 1,00 ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
€ € €
188.859 22.649 211.508
€ € €
145.845 22.323 168.168
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
223.000
€
223.000
€
n.v.t. 211.508 €
n.v.t. 168.168
-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging 2023 Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
n.v.t.
Gegevens 2022 Aanvang en einde functievervulling Deeltijdfactor in fte Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
01-01-2022 - 31-12-2022 01-09-2022 - 31-12-2022 1,00 1,00 € 173.913 € 49.349 € 22.282 € 6.991
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
216.000
€
72.197
Totale bezoldiging 2022
€
196.195
€
56.340
VRMWB | Jaarstukken 2023
95
4.11 Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen (SISA)
VRMWB | Jaarstukken 2023
96
4.12 Rechtmatigheidsverantwoording Dagelijks Bestuur
VRMWB | Jaarstukken 2023
97