6. Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant Begrotingswijziging 2024 en Begroting 2025
Tekst van het document
Veiligheidsregio MWB
Aan de Colleges van Burgemeester en Wethouders en de Raden van de 24 gemeenten in Midden- en West-Brabant
Tramsingel 71, Breda Postbus 3208 5003 DE Tilburg Telefoon (088) 2250100 www.vrmwb.nl
Datum Onze referentie
22 maart 2024 U.036607
Behandeld door Doorkiesnummer
Uw referentie
Uw brief van
Onderwerp
Jolanda Trijselaar 088-2250100 Jolanda.trijselaar@vrmwb.nl Begrotingswijziging 2024-1 en Begroting 2025 Veiligheidsregio MWB
Geachte leden van het College en de Gemeenteraad, Namens het Dagelijks Bestuur van Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (VRMWB) bied ik u hierbij de Begrotingswijziging 2024-1 en de Begroting 2025 aan voor zienswijzen. Volgens de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) bieden wij, als VRMWB, de gemeenteraden de gelegenheid om hun zienswijzen op de begrotingswijziging en de begroting kenbaar te maken. Voor deze procedure geldt een periode van twaalf weken. Wij bieden u de volgende documenten aan: • Begrotingswijziging 2024-1 • Begroting 2025 Begrotingswijziging 2024-1 U ontvangt onze begroting steeds in het jaar voorafgaande aan het boekjaar. De Begroting 2024 ontving u in april 2023. Tussen april en december 2023 waren er nieuwe ontwikkelingen en financiële actualisaties op diverse gebieden. Voorbeelden zijn de CAO, prijsindexaties, aanpassing van het functioneel leeftijdsontslag (FLO) en het terugkopen van de kazernes Bergen op Zoom en Waalwijk (kazerne Waspik). Ook de extra financiële middelen uit de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) voor de versterking van de crisisorganisatie zijn conform een nieuw bestedingsplan verdeeld. Voor de voorziening in het meerjarig onderhoudsplan (MJOP) is een extra storting door de gemeenten noodzakelijk.
Het MJOP maakt inzichtelijk welke onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd moeten worden en welke budgetten (onderhoudsdotatie) daarvoor nodig zijn. De onderhoudsdotatie is een structureel jaarlijks vast bedrag dat berekend is op basis van de benodigde budgetten voor het onderhoud voor de komende 20 jaar. Onze externe adviseur KWK heeft het MJOP geactualiseerd en op basis van kengetallen doorgerekend. De stijging wordt onder andere veroorzaakt door het gegeven dat wij sinds de vorige actualisatie twee extra gebouwen in beheer hebben. De storting in de voorziening meerjarig onderhoudsplan (MJOP) heeft gevolgen voor de algemene gemeentelijke bijdrage. Daarnaast hebben de aanpassingen van het FLO gevolgen voor Breda, Tilburg, Bergen op Zoom en Roosendaal. Ook de terugkoop van kazernes heeft gevolgen voor de intekentaken van Bergen op Zoom en Waalwijk. Om weer aan te sluiten bij het voortschrijdend financieel inzicht op het boekjaar 2024, bieden wij u deze begrotingswijziging aan. Begroting 2025 Het Beleidsplan 2023-2027, met onze voornemens voor vier jaar, en de Kaderbrief 2025 vormen het uitgangspunt voor de Begroting 2025. De resultaten in deze begroting zijn een voortzetting van de ontwikkelingen die in deze beleidsperiode zijn ingezet. In totaal omvat de begroting 15 resultaten,
verdeeld over onze drie inhoudelijke beleidspijlers en onze 'wendbare en duurzame organisatie' als fundament. Met een beperkt aantal strategische hoofdlijnen maken wij inzichtelijk wat de koers en voortgang van ons beleid is. De Begroting 2025 en de meerjarenraming is sluitend en structureel in evenwicht. De gemeentelijke bijdrage wordt conform de Kaderbrief 2025 aangepast met indexatie en de actualisatie voorziening meerjarig onderhoudsplan (MJOP). Daarnaast worden de intekentaken geactualiseerd. In 2026 verandert de omvang van het gemeentefonds, waardoor gemeenten vanaf dat jaar minder financiële middelen van het Rijk ontvangen. Vanwege de financiële kloof die daarmee ontstaat, wordt het jaar 2026 in de volksmond zelfs ‘ravijnjaar’ genoemd. Gemeenten bereiden zich hierop voor. Wij volgen deze ontwikkelingen en komen hierop terug bij de kaderbrief 2026. Zienswijzen Eventuele zienswijzen ontvangen wij graag uiterlijk vrijdag 14 juni 2024. U kunt uw reactie sturen naar vrsecretariaat@vrmwb.nl. Het Algemeen Bestuur neemt op 4 juli 2024 een besluit over de ingekomen zienswijzen en stelt dan de Begrotingswijziging 2024-1 en de Begroting 2025 definitief vast. Daarna bieden wij de Provincie, als toezichthouder op ons financiële beleid, de vastgestelde Begroting 2025 aan. Voor een nadere toelichting kunt u ons uiteraard altijd benaderen.
In afwachting van uw reactie, Met vriendelijke groet, Namens het Dagelijks Bestuur van Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant, Algemeen Directeur/ Regionaal Commandant,
Jolanda Trijselaar
Bijlagen: 1. Begrotingswijziging 2024-1 2. Begroting 2025
Begrotingswijziging 2024-1 VRMWB
De vastgestelde beleidsbegroting 2024 is geactualiseerd en leidt tot een aantal wijzigingen die opgenomen worden in Begrotingswijziging 2024-1. Deze voorgestelde begrotingswijziging (BGW2024-1) wordt hieronder toegelicht. Begrotingswijziging 2024-1 Hieronder de begrotingswijziging 2024-1 op BBV programma niveau. Beleidsbegroting 2024
Begrotingswijziging 2024-1
Geactualiseerde begroting 2024
Samenvatting belangrijkste mutaties Het volume van de begroting 2024 is gewijzigd met € 9.106k. In deze wijziging zitten veel technische wijzigingen en verschuivingen vanwege de overgang naar een nieuw financieel pakket per 1 januari 2024 en het geactualiseerde bestedingsplan van de additionele BDuR CB gelden. Deze posten wijzigen het begrotingsvolume niet. Anderzijds is er een aantal grote posten die het volume wel wijzigt. Deze worden hieronder toegelicht.
1. Wijziging met effect op de gemeentelijke bijdrage Er is slechts één wijziging met effect op de gemeentelijke bijdragen, dit betreft de mutatie op de meerjaren onderhoudsvoorziening. De voorziening Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) is bijgesteld op basis van besluit AB2024.02.01/4.4. Dit verhoogt de algemene bijdrage met € 280.500. Zie bijlage 3 voor een specificatie per gemeente voor de gemeentelijke bijdrage. 2. Wijziging met effect op intekentaken Er zijn twee wijzigingen met effect op de intekentaken: het verschuiven van de verkoop van twee kazernes van 2023 naar 2024 en de actualisatie van de FLO. De totaal gewijzigde bijdrage per gemeente is terug te vinden in bijlage 3. 3. Technische en administratieve wijzigingen De overige technische wijzigingen hebben geen invloed op de gemeentelijke bijdragen. De mutaties die het volume wijzigen, zijn hieronder nader toegelicht.
Mutatie
Actualisatie voorziening MJOP kazernes
Doorschuiven verkoop kazernes BoZ en Waalwijk + gebruikerslasten
Actualisatie FLO
Effect op effect op begrotingsvolume gemeentelijke (€ x 1000) bijdragen Toelichting
Algemene €281 bijdragen
De voorziening Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) is bijgesteld op basis van besluit AB2024.02.01/4.4. Dit verhoogt de algemene bijdrage met € 280.500. Zie bijlage 3 voor een specificatie per gemeente voor de gemeentelijke bijdrage
Intekentaak €7.060 kazernes
De verkoop kazernes Bergen op Zoom (BoZ) en Waspik (Waalwijk) zijn op aangeven van de gemeenten uitgesteld van 2023 naar 2024. Hierdoor lopen de afwikkelingstransacties (€6.958K) door naar 2024. Deze worden buiten de gemeentelijke bijdragen verrekend met de respectievelijke gemeenten. De onderhoudslasten (€ 102k) worden verrekend met de intekentaak kazernes. Zie hiervoor bijlage 3.
Intekentaak -€613 FLO
De intekentaak FLO is geactualiseerd met de meest recente indices en ontwikkelingen voor 2024. Dit valt voor 2024 gunstiger uit voor de respectievelijke gemeenten Breda, Tilburg, BoZ en Roosendaal. Zie bijlage 3 voor een specificatie per gemeente
Actualisatie begroting vluchtelingenopvang
€281 geen
Actualisatie begroting Crisisnoodopvang (CNO)
€580 geen
De begroting is geactualiseerd voor de in Q1 en Q2 doorlopende verplichtingen voor de coördinatie van de eerste opvang van Oekraïense ontheemden in de regio. Op basis van het Bekostigingsbesluit eerste Opvang ontheemden Oekraïne worden deze kosten één op één vergoed door het Rijk. De begroting voor CNO is geactualiseerd voor de verplichtingen die doorlopen in Q1 van 2024 op basis van de afspraken per tijdelijke locatie met het Centraal orgaan Opvang Asielzoekers (COA). Deze lasten worden één op één gedeclareerd bij het COA.
Doorbelasting kazerne Moerdijk Haven / Stichting brandweerzorg Moerdijk
€532 geen
Conform bestuurlijke afspraken zijn nieuwe uitgangspunten bepaald wat betreft de doorbelasting van de kosten kazerne MDH (vergaderverslag AB 21-12-2022 5.4.2)
BDuR LPO junicirculaire 2023
€544 geen
Vanuit de reguliere BDuR bijdrage is middels de junicirculaire 2023 een LPO toegekend van € 544k. Deze wordt gebruikt om indexaties op contracten en een deel van de CAO 2024 op te vangen.
Verkoop overige activa
€120 geen
In 2024 wordt er additionele activa verkocht.
Doorbelasting OCB cfm nieuwe begroting OCB 2024
€120 Geen
Op basis van de vaste verdeelsleutel draagt Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) 26% van de totale lasten van de gezamenlijke meldkamer en de Caco-functie. Naar aanleiding van de versterking vanuit de extra BDuR CB gelden en actualisatie van de budgetten is de bijdrage van VRZ € 120k hoger.
Actualisatie detacheringen
€100 geen
De opbrengsten voor detacheringen zijn geactualiseerd
Actualisatie financiering
€118 geen
Actualisatie mutaties reserves
-€52 geen
De baten en lasten voor financiering zijn geactualiseerd op basis van nieuwe rentepercentages, uitzettingen en (verwachte) leningen. De mutaties reserves zijn aangepast op de geactualiseerde lasten. Zie hiervoor bijlage 1.17
Overige mutaties
€35 geen €9.106
In bijlage 1 staat de volledige technische uiteenzetting van de begrotingswijziging. VERVOLGPROCES Deze begrotingswijziging 2024-1 wordt gelijktijdig met de Beleidsbegroting 2025 aangeboden aan het Algemeen Bestuur op 4 april 2024. Na ontvangst van de zienswijzen van de gemeenteraden neemt het Algemeen Bestuur op 4 juli 2024 een definitief besluit. Op basis van de goedgekeurde begrotingswijziging 2024-1 wordt de begroting 2024 aangepast. BIJGEVOEGD Bijlage 1: Volledige begrotingswijziging 2024-1 Bijlage 2: Geactualiseerde begroting 2024 op pijlerniveau Bijlage 3: Specificatie gemeentelijke bijdrage 2024 bij BW2024-1 Bijlage 4: Actualisatie Investeringsplan 2024
Bijlage 1: Begrotingswijziging 2024-1
Mutaties met effect op baten en lasten Het saldo van de baten en het saldo van de lasten wijzigt in totaliteit met € 9.106k. Hieronder vindt u de cijfermatige toelichting van de mutaties op kostencategorie. Daaronder ziet u een tekstuele toelichting per kostencategorie corresponderend met het nummer. Er is slechts één wijziging met effect op de gemeentelijke bijdragen, dit betreft de mutatie op de meerjaren onderhoudsvoorziening. Dit wordt toegelicht onder nummer 9. Er zijn twee wijzigingen met effect op de intekentaken: het verschuiven van de verkoop van 2 kazernes van 2023 naar 2024 en de actualisatie van de FLO. Deze worden toegelicht onder nummer 3.2 en 3.3. De totaal gewijzigde bijdrage per gemeente is terug te vinden in bijlage 3.
Toelichting mutaties met effect op baten en lasten Actualisatie Bestedingsplan extra BDuR Crisisbeheersing en informatiepositie (Actualisatie BDuR CB/IP) Bij het opmaken van de beleidsbegroting 2024 zijn alle lasten van de door het Rijk geoormerkte extra BDUR-gelden voor de versterking van crisisbeheersing en de informatiepositie (BDuR CB/IP) tijdelijk geboekt als loonlasten bij het programma veiligheid in afwachting van het bestedingsplan. Op basis van het in 2023 vastgestelde en voor 2024 geactualiseerde bestedingsplan worden de BDuR CB/IP gelden technisch verdeeld over de onderstaande kostencategorieën binnen het Programma Veiligheid en Overhead. Ook een aantal overheadfuncties zijn uitgebreid. Het betreft hier met name functies op het gebied van informatisering. Dit heeft als gevolg dat er BDuR CB/IP budget verschoven wordt van Programma Veiligheid naar Overhead. Binnen het Programma Veiligheid heeft de verdeling effect op de volgende kostencategorieën: 1.3 Advies en uitbesteding € 26k 5.3
Lonen en salarissen
-/- € 681k
6.2
Opleiden en oefenen
€ 25k
10.4
Overige baten en lasten
€ 131k
Binnen Overhead heeft de verdeling effect op de volgende kostencategorieën: 14.2 Kosten IV € 45k 15.3
Lonen en salarissen
€ 404k
16.3
Overige baten en lasten
€ 49k
Programma Veiligheid 1. Advies en uitbesteding (€ 1.036k lasten) 1.1 Uitbesteding crisisnoodopvang (CNO) (€ 544k lasten) De begroting voor CNO is geactualiseerd voor de verplichtingen die doorlopen in Q1 van 2024 op basis van de afspraken per tijdelijke locatie met het Centraal orgaan Opvang Asielzoekers (COA). Het betreft € 544k aan lasten voor uitbesteding en ondersteuning door onder andere het Rode Kruis. De totale lasten zijn € 580k. Deze lasten worden één op één gedeclareerd bij het COA. Het Algemeen Bestuur heeft in oktober 2023 besloten dat alleen bij een formele afkondiging van een crisis en daarmee een specifieke oproep van een bewindspersoon aan de (voorzitter) veiligheidsregio’s, de veiligheidsregio inspringt. Overige vragen worden teruggelegd in de Provinciale Regionale Tafel (PRT)-structuur. 1.2 Uitbesteding Vluchtelingenopvang (€ 273k lasten) De begroting is geactualiseerd voor de in Q1 en Q2 doorlopende verplichtingen voor de coördinatie van de eerste opvang van Oekraïense ontheemden in de regio. Dit betreft contracten die in 2023 zijn afgesloten. Op basis van het Bekostigingsbesluit eerste Opvang ontheemden Oekraïne door veiligheidsregio’s worden deze kosten één op één vergoed door het Rijk. De totale kosten zijn € 281k omdat er naast uitbesteding nog € 8k is geboekt op overige kosten.
Het Algemeen Bestuur heeft het besluit genomen dat de VRMWB ook na 1 april e.v. de financiële afhandeling blijft doen voor de kosten die vallen binnen de nieuwe regeling van 1 januari 2024 (Bekostigingsregeling eerste opvang ontheemden Oekraïne door Regionale openbare lichamen). Ook deze kosten worden door het Rijk vergoed maar zijn nu nog niet inzichtelijk. In een volgende begrotingswijziging wordt een actualisatie opgenomen. 1.3 BDuR CB (€ 26k lasten) Zie de toelichting bij Actualisatie BDuR CB/IP. 1.4 Uitbesteding vakbekwaamheid (€ 71k lasten) Als gevolg van actualisatie van het opleidingsplan Vakbekwaam Worden en Blijven heeft er een herverdeling plaatsgevonden van kostencategorie naar uitbesteding voor vakbekwaamheid. 1.5 SaaS (€ 50k lasten) De IV kosten voor de SaaS omgeving zijn geactualiseerd, een aantal SaaS projecten 2023 hebben een doorloop naar 2024. Deze kosten kennen een koppeling met een egalisatiereserve. Zie overzicht reserves bij punt 17. 1.6 Regionaal Crisis Centrum (RCC) (€ 42k lasten) De kosten voor het RCC is aangepast en geactualiseerd met de door de Politie geïndexeerde bedragen. Dit betekent een verschuiving van € 36k van Facilitair naar Uitbesteding/ dienstverlening en een verhoging door indexering van € 6k. 1.7 Overig (€ 30k lasten) Overige bijstellingen op het gebied van advies en uitbesteding op basis van indexaties en actualisaties.
2. Facilitaire kosten (€ 239k lasten) 2.0 Belastingen (€ 32k lasten) De lokale belastingen zijn met € 32k geïndexeerd. 2.1 Indexatie contracten (€ 203k lasten) Betreft € 155k verplaatsing van kosten voor ademluchtapparatuur van hoofdcategorie voertuigkosten naar Facilitaire kosten. Een aantal overige facilitaire contracten zijn geïndexeerd (€ 48k). 2.2 Overig (€ 4k lasten) Overige bijstellingen 3. Gemeentelijke en Rijksbaten specifiek programma Veiligheid (€ 230k baten en € 1.8M lasten) 3.1 Baten Coördinatie opvang ontheemden Oekraïne (€ 281k baten) Op basis van de bij 1.2 genoemde actualisering is voor coördinatie opvang ontheemden Oekraïne € 281k aan totale extra baten via het Rijk opgenomen. Hier staan ook één op één hogere lasten tegenover. 3.2 Actualisatie intekentaak Kazernes (€ 102k baten) Door het uitstellen van het terug verkopen van de kazernes Bergen op Zoom (BoZ) en Waspik (Waalwijk) aan de gemeenten naar 2024, lopen de gebruikerslasten door naar 2024. Dit heeft effect op de intekentaak van deze specifieke gemeenten. Zie hiervoor de bijlage 3. 3.3 Actualisatie intekentaak FLO (-/- € 613k baten en € 1.8M lasten) De intekentaak FLO is geactualiseerd met de meest recente indices en ontwikkelingen voor 2024. Daarnaast hebben we gekozen om alle lasten en de baten van deze intekentaak bij elkaar te categoriseren.
Voor een overzicht van het effect op de gemeentelijke bijdragen van de specifieke gemeenten, zie bijlage 3. 4. Investeringen en kapitaallasten (€7.021k baten en € 6.958k lasten) 4.1 Verkoop kazerne verschoven van 2023 naar 2024 (€ 6.958k baten en € 6.958k lasten) Door het uitstellen van de verkoop kazernes Bergen op Zoom (BoZ) en Waspik (Waalwijk) naar 2024 lopen de afwikkelingstransacties door naar 2024 (opbrengst verkoop en boekverlies activa). 4.2 Verkoop activa (€ 120k baten) Een additionele verkoop van overige activa levert € 120k extra baten op. 5. Lonen en salarissen (€ 74k baten en -/- € 1.639k lasten) 5.1 Detacheringsinkomsten (€ 74k baten) De detacheringen op het programma Veiligheid zijn geactualiseerd. 5.2 Actualisatie en verplaatsing intekentaak FLO (-/-€ 2.408k lasten) De loonkosten behorende bij de intekentaak FLO 2024 zijn geactualiseerd en verplaatst naar de hoofdkostencategorie Gemeentelijke en Rijksbijdragen. Voor een totaaloverzicht van de mutatie op de gemeentelijke bijdragen, zie bijlage 3. 5.3 Herallocatie loonbudget BDuR Crisisbeheersing (CB) (-/- € 681k lasten) Zie de toelichting bij Actualisatie BDuR CB/IP. 5.4 Actualisatie formatie programma Veiligheid en verwachte nieuwe CAO 2024 (€ 1.436k) De loonkostenbegroting is geactualiseerd op basis van formatie en verwachte nieuwe CAO 2024.
De geschatte kosten voor de nieuwe CAO 2024 zijn hoger dan we met de reguliere indexatie op de gemeentelijke bijdrage kunnen dragen. Het totale CAO tekort van € 1,143M (Programma Veiligheid plus Overhead) brengen wij vooralsnog niet in rekening bij/via BGW2024-1 op de gemeentelijke bijdragen, maar nemen we op als een tijdelijke stelpost. Bij de BURAP 2024 zal de nieuwe CAO
bekend zijn en hebben we inzicht in de kosten als gevolg van de nieuwe CAO 2024. Daarna kunnen we ook bepalen of we de definitieve CAO zelf kunnen opvangen binnen onze begroting óf met de begrotingswijziging BGW2024-2 alsnog verwerken in de gemeentelijke bijdragen. Zie ook AB2024.02.01/3.1.4. 5.5 Incidentele loonkosten gedekt door reserves (€ 14k lasten) Het betreft een actualisatie van incidentele loonkosten gedekt door reserves (reserve HSL -/- € 24k, reserve doorontwikkeling organisatie € 31k en een reserve BDuR strategische projecten € 8k). 6. Opleiden en oefenen (-/-€ 136k lasten) 6.1 Opleiden en oefenen algemeen (-/-€ 160k lasten) Dit betreft een actualisatie van het opleidingsplan en verschuiving van kosten voor vakbekwaam worden en blijven naar de hoofdkostencategorie Advies en uitbesteding. 6.2 Opleiden BDuR CB (€ 25k lasten) Zie de toelichting bij Actualisatie BDuR CB/IP. 7. Voertuigkosten (-/- € 72k lasten) De voertuigkosten zijn geïndexeerd met € 68K. Het overige verschil heeft betrekking op een verschuiving van kosten voor ademlucht naar de hoofdcategorie Facilitair (-/- € 155K). 8. Vrijwilligers (€ 209k) De loonkosten van de vrijwilligers zijn bijgesteld op basis van de inschatting nieuwe CAO 2024. 9. Mutaties voorzieningen (€ 281k) De voorziening Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) is (meerjarig) bijgesteld op basis van besluit AB2024.02.01/4.4.
Dit heeft effect op de gemeentelijke bijdragen. Zie hiervoor bijlage 3. 10. Overige baten en lasten (€ 1.199k baten en € 639k lasten) 10.1 Doorbelasting Kazerne Moerdijk Haven (€ 532k baten en € 532k lasten) Conform bestuurlijke afspraken zijn nieuwe uitgangspunten bepaald wat betreft de doorbelasting van de kosten kazerne MDH (vergaderverslag AB 21-12-2022 5.4.2). De intentie is om onderrealisatie in een bestemmingsreserve te zetten ten gunste van de herziening van de situatie rondom kazerne MDH. We komen hier bij de BURAP 2024 op terug. 10.2 CNO vergoeding COA (€ 580k) De totale kosten voor CNO (€ 544 uitbestedingslasten en € 36k overige kosten) worden volledig vergoed door het COA. 10.3 Doorbelasting OCB (€ 120k baten) Op basis van de vaste verdeelsleutel draagt Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) 26% van de totale lasten van de gezamenlijke meldkamer en de Caco-functie. Naar aanleiding van de versterking vanuit de extra BDuR CB gelden en actualisatie van de budgetten is de bijdrage van VRZ € 120k hoger. 10.4 BDuR CB (€ 131k lasten) Zie ook de toelichting bij Actualisatie BDuR CB/IP. Dit betreft een ophoging van de facilitaire kosten in relatie tot de formatie-uitbreiding en werkkosten gerelateerde kosten (reiskosten, thuiswerk(plek)vergoeding e.d.). 10.5 Overige baten en lasten (-/- € 32k baten en -/-€ 24k lasten) Overige bijstellingen
Algemene Dekkingsmiddelen 11. Gemeentelijke en Rijksbijdragen (€ 824k baten) 11.1 Ophoging algemene gemeentelijke bijdragen wegens MJOP (€ 281k baten) De voorziening MJOP is bijgesteld op basis van besluit AB2024.02.01/4.4. Dit heeft effect op de gemeentelijke bijdragen. Zie hiervoor bijlage 3. 11.2 BDuR LPO junicirculaire 2023 (€ 544k baten) De junicirculaire 2023 heeft voor een boekjaar 2024 € 544k extra LPO toegekend voor de totale BDuR bijdrage 2024. 12. Overige algemene dekkingsmiddelen (€ 118k baten en € 118k lasten) Dit betreft de actualisatie van de financieringslasten en toegerekende rente aan kapitaallasten. Overhead 13. Advies en uitbesteding (€ 147k lasten) 13.1 Aanpassing SaaS (€ 125k lasten) en reserve strategische projecten (€ 80k lasten) De kosten voor de SaaS omgeving zijn geactualiseerd. Deze kosten kennen een egalisatiereserve. Ook de advieskosten voor de reserve BDuR strategische projecten zijn geactualiseerd op basis van het herziene bestedingsplan. 13.2 Verplaatsing licentiekosten HRM pakket (-/- € 115k lasten) De licentiekosten voor het HRM pakket zijn verplaatst van uitbesteding naar IV kosten. 13.3 Diverse overige aanpassingen advies en uitbesteding (€ 90k lasten) Diverse reguliere inhuur, advies en uitbestedingskosten zijn geactualiseerd en geïndexeerd. 14.
Facilitaire kosten (€ 202k lasten) 14.1 Verplaatsing IV licentiekosten HRM pakket (€ 115k lasten) De licentiekosten voor het HRM pakket zijn verplaatst van uitbesteding naar IV kosten onder hoofdkostencategorie facilitair. 14.2 Kosten IV (€ 45k lasten) Zie de toelichting bij Actualisatie BDuR CB/IP. 14.3 Overige mutaties (€ 42k lasten) Overige bijstellingen 15. Lonen en salarissen (€ 33k baten, € 965k lasten) 15.1 Detacheringen (€ 33k baten) De detacheringen op de Overhead zijn geactualiseerd. 15.2 Incidentele loonkosten gedekt door reserves (-/-€ 220k lasten) Incidentele loonkosten op de overhead gedekt uit reserves zijn geactualiseerd voor 2024. Het betreft loonkosten betreffende de reserve Doorontwikkeling Organisatie (-/-€ 318k lasten) en de reserve BDuR strategische projecten (€ 98k lasten). 15.3 BDuR CB loonkosten Overhead (€ 404k lasten) Zie de toelichting bij Actualisatie BDuR CB/IP 15.4 Actualisatie formatie programma Veiligheid en nieuwe CAO 2024 (€ 781k lasten) De loonkostenbegroting is geactualiseerd op basis van formatie en nieuwe CAO 2024. Zie ook AB2024.02.01/3.1.4.
16. Overige baten en lasten (€ 15k baten, -/- €1.596k lasten) 16.1 Tegemoetkoming Opleiding RCDV (€ 15k baten) De Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio's (RCDV) heeft een leergang ontwikkeld voor strategisch leidinggevenden en potentials. Een deel van de kosten wordt vergoed uit de reserves van de nationale vereniging voor brandweer en crisisbeheersing (NVBC). 16.2 Stelpost indexering (-/- € 1.714k lasten) Dit was de nog te verdelen LPO uit de beleidsbegroting 2024 (€ 572k) plus de nieuwe stelpost CAO 2024 (€ 1,143M) conform bestuurlijke afspraak AB2024.02.01/3.1.4. 16.3 BDuR CB (€ 49k lasten, nog te bestemmen) Zie ook de toelichting bij Actualisatie BDuR CB/IP. Een klein deel van de BDuR CB Overhead is nog niet bestemd in afwachting van de landelijke ontwikkelingen in de gezamenlijke informatievoorziening. 16.4 Overige personeelskosten (€ 69k lasten). Een aantal overige personeelskosten zoals reiskosten, internetvergoeding, werkkosten e.d. zijn geïndexeerd. 17. Mutaties reserves (-/-€ 52k baten) De mutaties reserves zijn aangepast op de geactualiseerde lasten. Het betreft: Mutaties reserves
Toelichting
Reserve BDuR Strategische projecten
-/-€188k
Reserve Doorontwikkeling organisatie
€287k
Reserve HSL
€24k
Reserve SaaS
-/-€175k
Eindtotaal
-€52k
Bij het opstellen van de beheersbegroting wordt jaarlijks door middel van projectvoorstellen in het MT besloten welke strategische projecten uitgevoerd gaan worden. Voor 2024 betreft het de projecten Duurzaamheid, Visitatiecommissie, inhuur ter versterking Financiële administratie i.v.m. de overgang naar AFAS en een tijdelijke medewerker bij Strategie & Ontwikkeling. Dit betreft frictiekosten rondom personeel als gevolg van de doorontwikkeling die in 2021 heeft plaatsgevonden. Het verschil ontstaat doordat in 2023 afscheid is genomen van een boventallige medewerker en er is dekking in de vorm van een vacature gevonden voor een andere medewerker. De salarislasten van de tijdelijke hoofden brandweerzorg zijn naar beneden bijgesteld. Een aantal SaaS projecten 2023 hebben een doorloop naar 2024.
Technische wijzigingen Een aantal wijzigingen heeft geen effect op het saldo van de baten en lasten en geen effect op de gemeentelijke bijdragen. Dit betreffen technische verschuivingen voortkomend uit de overgang naar een nieuw financieel pakket op 1 januari 2024, het opschonen en verbeteren van de administratie. Als gevolg van de overgang is de administratie opgeschoond en vereenvoudigd. Vanaf 2024 bevat het programma Veiligheid alleen nog maar de drie pijlers van het primaire proces: 1. Stimuleren redzaamheid in de samenleving. 2. Bijdragen aan een veilige leefomgeving. 3. Leveren hulpvaardige en slagvaardige inzet. De Overhead bevat vanaf de geactualiseerde begroting 2024 volledig de “Wendbare en Duurzame Organisatie”. Zie ook bijlage 2.
Technische verschuivingen nr. Hoofdkostencategorie Veiligheid 1 Advies en uitbesteding 2 Facilitaire kosten 3 Investeringen en kapitaallasten 4 Lonen en salarissen 5 Opleiden en oefenen 6 Overig Overhead 1 Advies en uitbesteding 2 Facilitaire kosten 3 Investeringen en kapitaallasten 4 Lonen en salarissen 5 Opleiden en oefenen 6 Overig Eindtotaal
Kolomlabels Baten
Lasten € 30.000
€ 30.000
-€ 30.000
-€ 30.000
€0
-€ 1.704.704 -€ 31.500 -€ 10.000 -€ 16.839 -€ 1.018.591 -€ 45.000 -€ 582.774 € 1.704.704 € 31.500 € 10.000 € 16.839 € 1.018.591 € 45.000 € 582.774 €0
Verplaatsing projectkosten (€ 30k baten en € 331k lasten op nr 1-6) Project en investeringskosten op het gebied van informatie gestuurd werken, presterend vermogen en veerkracht & vitaliteit zijn naar de overhead verplaatst. Verplaatsing stelpost indexering (€ 571k lasten op nr 6 overig) De stelpost indexering is naar de overhead verplaatst als gevolg van het onderbrengen bij de directie. Verplaatsing arbeidsmobiliteit (€ 365k lasten op nr 4 lonen en salarissen) Als gevolg van de uitgevoerde werkzaamheden van het personeel in de arbeidsmobiliteit is deze in de basis verplaatst naar de overhead. Indien personeel in arbeidsmobiliteit werkzaamheden uitvoert voor het primaire proces, drukken deze op programma Veiligheid. Verplaatsing loonkosten beleidsadviseurs (€ 437k lasten op nr 4 lonen en salarissen). De loonkosten van een aantal beleidsadviseurs in de bedrijfsvoering zijn na herziening verplaatst naar de overhead.
Bijlage 2: Geactualiseerde begroting 2024 op pijlerniveau Primaire begroting 2024
Geactualiseerde begroting 2024
Bijlage 3: Specificatie gemeentelijke bijdrage 2024 bij BW2024-1 Gemeentelijke bijdrage 2024
Totaal bijdrage o.b.v. Herijking beleid Totaal bijdrage Acualisatie kostenverdeelmodel (mutatie) o.b.v. Meerjaren 2024 excl. intekentaak kap.lasten kostenverdeelmodel Onderhoudsplan 2024 excl. (MJOP) intekentaak incl. herijking beleid kap.lasten
Alphen-Chaam Altena Baarle-Nassau Bergen op Zoom Breda Dongen Drimmelen Etten-Leur Geertruidenberg Gilze en Rijen Goirle Halderberge Hilvarenbeek Loon op Zand Moerdijk Oisterwijk Oosterhout Roosendaal Rucphen Steenbergen Tilburg Waalwijk Woensdrecht Zundert Totaal
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
749.878 3.336.669 564.026 4.316.459 12.157.983 1.453.487 1.696.842 2.549.584 1.347.905 1.684.725 1.291.242 1.969.724 1.031.586 1.386.228 3.119.875 1.965.394 3.486.656 4.989.745 1.233.161 1.593.009 16.502.285 3.049.388 1.498.363 1.258.461 74.232.676
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
-2.978 -13.252 -2.240 -17.143 -48.287 -5.773 -6.739 -10.126 -5.353 -6.691 -5.128 -7.823 -4.097 -5.506 -12.391 -7.806 -13.848 -19.818 -4.898 -6.327 -65.541 -12.111 -5.951 -4.998 -294.826
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
746.900 3.323.417 561.786 4.299.316 12.109.695 1.447.714 1.690.103 2.539.458 1.342.551 1.678.034 1.286.114 1.961.901 1.027.488 1.380.723 3.107.484 1.957.588 3.472.808 4.969.927 1.228.263 1.586.683 16.436.744 3.037.277 1.492.412 1.253.463 73.937.850
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
2.834 12.608 2.131 16.310 45.941 5.492 6.412 9.634 5.093 6.366 4.879 7.443 3.898 5.238 11.789 7.427 13.175 18.855 4.660 6.019 62.357 11.523 5.662 4.755 280.500
Intekentaak Intekentaak FLO Totale bijdrage verkoop o.b.v. kostenkazernes verdeelmodel 2024
€
91.776
€
99.908
€
9.799
€
201.483
€ €
315.317 813.153
€
370.155
€
1.020.727
€
2.519.352
€ 749.733 € 3.336.025 € 563.918 € 4.722.719 € 12.968.789 € 1.453.206 € 1.696.515 € 2.549.092 € 1.347.645 € 1.684.400 € 1.290.993 € 1.969.343 € 1.031.386 € 1.385.961 € 3.219.181 € 1.965.015 € 3.485.983 € 5.358.937 € 1.232.923 € 1.592.702 € 17.519.827 € 3.058.599 € 1.498.074 € 1.258.218 € 76.939.185
Bijlage 4: Actualisatie Investeringsplan 2024 Actualisatie van het investeringsplan 2024 ten opzichte van de begroting (primitief) van de beleidsbegroting 2024. Categorie (Bedragen x € 1.000)
Begroting Primitief 2024
Begroting na Begroting 24-1 wijziging 2024-1 -/- Begroting primitief 105 € 200 € 95 6.203 € 3.347 € -2.856
Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties
€ €
€ Overige materiële vaste activa €
701 € 616 €
509 € 917 €
-192 301
Totaal
€
7.625 €
4.973 €
-2.652
Bedrijfsgebouwen Verbouwingen van de entree Breda en de kazerne Ossendrecht zijn in 2023 niet uitgevoerd en schuiven door naar 2024 (€ 55K). In 2024 worden voor € 40K laadpalen op vrijwilligersposten geïnstalleerd. Dit was niet opgenomen in de begroting 2024. Vervoermiddelen De aanschaf van voertuigen TS 4x4, voertuigen piket OVD hybride en elektrische voertuigen (Team brandonderzoek (TBO) en bestelauto's) schuiven door naar 2025 en 2026 door vertraging in het aanbestedingsproces en door het clusteren van de aanschaf van elektrische voertuigen, een totaalbedrag van -/- € 2,9 mln. Voor de voertuigen wordt een ritregistratiesysteem aangeschaft (€ 57K) die niet in de primitieve begroting was opgenomen. Machines, apparaten en installaties Voor Voertuig TS basis - inventaris standaard wordt van 2023 - voor de aanschaf van O-bundels (slangen) - € 150K doorgeschoven naar 2024. Van het totaal beschikbare investeringsbedrag voor Voertuig TS basis - inventaris standaard schuift € 312K door naar 2027 voor de TS-en en TS-en 4x4. De vervanging van rookgasafzuiging € 70K schuift door naar 2025. Voertuig TS basis – hydraulisch redgereedschap: slangen dienen eerder vervangen te worden waardoor € 40K extra op het investeringsplan is opgenomen. Overige materiële vaste activa Meubilair Breda schuift door van 2023 (€ 31K).
Centralisering van de jeugdbrandweer leidt tot extra investeringen in operationele tenues, helmen en digitale oefenmiddelen van in totaal € 153K. Voor de vervanging van Pc en werkplekhardware op onbemande posten is een extra investering van € 78K noodzakelijk. Voor de afronding van de aanschaf van het operationele tenue van de beroeps en vrijwilligers is € 39K doorgeschoven van 2023. Daarnaast is voor het operationele tenue € 55K extra investeringsbudget opgenomen voor aangegane verplichtingen. Voor 2024 zijn 25 extra uitrukpakken in het investeringsplan opgenomen (€ 19K). Aankleding Willemstad en Wouw schuift door naar 2025 (-/- € 30K). De vervanging van de hardware werkgroepprinters wordt doorgeschoven naar 2025 (-/- € 44K).
Beleidsbegroting 2025 Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant
1
VRMWB | Titel
2
Inhoud 1. Programma Veiligheid .............................................................................. 5 1.1 Algemeen .................................................................................................................... 5 1.2 Stimuleren van een redzame samenleving ................................................................... 9 1.3 Bijdragen aan een veilige leefomgeving ..................................................................... 12 1.4 Hulpvaardige en slagvaardige inzet ............................................................................ 16 1.5 Wendbare en duurzame organisatie .......................................................................... 21
2. Paragrafen ..............................................................................................27 2.1 Bedrijfsvoering .......................................................................................................... 27 2.2 Financiering .............................................................................................................. 30 2.3 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................. 32 2.4 Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................... 38 2.5 Verbonden partijen ................................................................................................... 40
3. Financiële begroting ...............................................................................42 3.1 Kaders totstandkoming begroting .............................................................................. 42 3.2 Financiële positie ...................................................................................................... 53 3.3 Overzicht lasten en baten .......................................................................................... 57 3.4 Incidentele en structurele lasten en baten ................................................................. 58 3.5 Overzicht op taakvelden ............................................................................................ 60 3.6 Begroting op kostencategorie .................................................................................... 61
4. Bijlagen ...................................................................................................62 4.1 4.2
Tariefstelling .......................................................................................................... 62 Lijst van veelgebruikte afkortingen ......................................................................... 63
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
2
VRMWB | Titel
2
Inleiding ‘Samen maken we de regio veiliger’. Dit doen we voor de veiligheid van de inwoners van onze 24 gemeenten. Wij werken aan het voorkomen van incidenten en het verkleinen van risico’s in de regio én we staan 24/7 paraat voor de bestrijding van incidenten, klassieke rampen en moderne crises. We bundelen de krachten van inwoners, ondernemers, bestuurders, partners, hulpverleners en onze medewerkers. Met deze begroting tonen we aan ons bestuur, partners en inwoners de inzet van onze middelen en onze prestaties.
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
3
VRMWB | Titel
2
LEESWIJZER De beleidsbegroting is opgebouwd uit het programma Veiligheid, de verplichte paragrafen en de financiële begroting met bijlagen. Hoofdstuk 1 Programma Veiligheid Dit hoofdstuk beschrijft onze missie, visie en de vertaling daarvan naar de pijlers en ons fundament. Elke pijler begint met een korte inleiding en beschrijft de beoogde resultaten voor 2025. Hoofdstuk 2 Verplichte paragrafen Dit hoofdstuk bevat de verantwoording van de beheersmatige aspecten, conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Hoofdstuk 3 Financiële begroting Dit hoofdstuk beschrijft de financiële uitgangspunten voor de begroting, de ontwikkelingen op het gebied van de loon- en prijsontwikkeling (LPO) en de Rijksbijdrage. Een overzicht van lasten en baten en een meerjarenperspectief van de bijdragen per gemeente worden gepresenteerd. Hoofdstuk 4 Bijlagen In de bijlagen staan het investeringsplan, een overzicht van de lopende leningen, de reserves en voorzieningen en een lijst van veelgebruikte afkortingen
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
4
VRMWB | Titel
2
1. Programma Veiligheid PROGRAMMABEGROTING
1.1 Algemeen Wie we zijn Wij zijn Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (VRMWB). Samen maken we de regio veiliger is onze missie. Dit doen we voor de veiligheid van de inwoners van onze 24 gemeenten. De veiligheidsregio is een wettelijk verplichte samenwerking van onze 24 gemeenten. De burgemeesters vormen ons bestuur. We werken in opdracht van de gemeenten aan het voorkomen van incidenten en het verkleinen van risico’s in de regio én we staan 24/7 paraat voor de bestrijding van incidenten, klassieke rampen en moderne crises. Daarvoor bundelen we de krachten van inwoners, ondernemers, bestuurders, partners, hulpverleners en onze medewerkers. We zijn zowel een netwerkorganisatie als een krachtige hulpdienst. Onze 1800 medewerkers, waarvan 1300 vrijwilligers, vormen een onmisbaar fundament onder de dingen die we doen. We zijn professioneel en dragen met veel passie dag in dag uit bij aan de veiligheid in Midden- en West-Brabant. Wat er speelt De samenleving en onze omgeving veranderen in een razendsnel tempo. De maatschappelijke trends, landelijke en internationale ontwikkelingen en de ontwikkelingen genoemd in het regionaal risicoprofiel beïnvloeden de weg die we als organisatie opgaan en de risico’s waarop we ons voorbereiden en waarmee we geconfronteerd worden.
Daarnaast houden we rekening met ontwikkelingen en trends zoals veilig verduurzamen, de informatiegedreven samenleving, het gegeven dat de machtsverhoudingen veranderen en minder voorspelbaar zijn en de ‘zwarte zwaan’ (onbekende zeldzame situaties met grote impact, die achteraf te voorspellen waren). Het Regionaal Risicoprofiel 2023-2027 beschrijft de verschillende risico's die in de regio aanwezig zijn. De risico’s met een grote impact, grote waarschijnlijkheid én veel cascade-effecten, zijn prioritaire risico’s. De vijf prioritaire risico's in onze regio zijn: 1. Infectieziekten mens 2. Verstoring vitale infrastructuur 3. Extreem weer 4. Effecten van maatschappelijke onrust 5. Natuurbranden De prioritaire risico’s uit het Regionaal Risicoprofiel zijn een belangrijk uitgangspunt voor de komende beleidsperiode. In 2024 hebben we extra aandacht voor de prioritaire risico’s natuurbranden en extreem weer. In 2025 hebben we extra focus op de effecten van maatschappelijke onrust.
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
5
VRMWB | Titel
2
Maatschappelijke onrust Maatschappelijke onrust is te omschrijven als (zichtbare) collectieve gedragingen in situaties die voortkomen
uit maatschappelijk ongenoegen. Maatschappelijk ongenoegen is een gevoel van angst, onzekerheid, onvrede, of miskenning ten gevolge van ongrijpbare fenomenen, zoals onder andere globalisering, klimaatverandering, migratie en ongelijkheid. Het komt voort uit een gevoel van pessimisme (bron: NCTV). Verschillende ontwikkelingen wereldwijd en binnen ons land kunnen van invloed zijn op de ervaren maatschappelijke onrust in onze regio. Denk aan gevolgen van klimaatverandering, cyberdreigingen (uitval nutsvoorzieningen), economische en politieke instabiliteit, en polarisatie die versterkt wordt door social media. We hebben een belangrijke rol in het signaleren, voorkomen en bestrijden van de effecten van maatschappelijke onrust, bijvoorbeeld door het verzamelen en duiden van informatie, het coördineren van hulpverlening, en het faciliteren van bestuurlijk overleg. We gaan na, wat actuele ontwikkelingen nog meer van ons vragen en versterken onze inzet op die taken. In het bijzonder vragen internationale ontwikkelingen en maatschappelijke onrust die hieruit voortkomt om extra aandacht voor de veiligheid en welzijn van inwoners. De NAVO-landen staan voor grote uitdagingen; spanningen met Rusland en China, de afhankelijkheid van aardgas en de gevolgen van conflicten in Oekraïne en Israël.
Daarom hebben de NAVO-landen in 2023 een akkoord bereikt over een reeks doelstellingen om hun weerbaarheid en veerkracht te vergroten. Deze doelstellingen zijn gebaseerd op zeven basisvereisten die van vitaal belang zijn voor de bescherming en het welzijn van de burgers in de NAVO-landen. Het gaat om de volgende aspecten: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
De continuïteit van de overheid De energievoorziening De opvang van grote aantallen personen De gezondheidszorg Het transport De levensbehoeften De communicatie
Deze zeven basisvereisten moeten bestand zijn tegen verstoringen, bedreigingen en aanvallen, zowel in vredestijd als in crisis of conflict. Zo kan de NAVO haar taken effectief uitvoeren en haar waarden verdedigen. Nederland werkt vanaf 2024 aan de civiele paraatheid en het versterken van de weerbaarheid van de inwoners. Het NCTV is verantwoordelijk voor de coördinatie hiervan en voor de uitwerking van de basisvereisten in de nationale plannen. De veiligheidsregio’s zijn hierop aangesloten. Waar wij voor gaan We zijn een parate veiligheidsregio, klaar voor actuele uitdagingen. We richten ons op fysieke veiligheid en maatschappelijke vraagstukken met (fysieke) veiligheidseffecten. Onze aandacht gaat allang niet meer alleen naar fysieke veiligheid en klassieke incidenten. Waar een crisis voorheen een ‘flitsramp’ was, hebben we nu steeds vaker te maken met complexe, langdurige crises met maatschappelijke impact of een steeds lastiger te voorspellen mix van impact. Denk hierbij aan de crisisnoodopvang van vluchtelingen, vuurwerkproblematiek, boerenprotesten, coronacrisis en niet te vergeten de ontwikkelingen als gevolg van de klimaatverandering met zeer grote impact zeker ook op de langere termijn. Deze crises vragen om een andere aanpak en meer bovenregionale samenwerking. Onze rol varieert.
Deze kan repressief en hulpverlenend zijn maar ook coördinerend, VRMWB | Beleidsbegroting 2025
6
VRMWB | Titel
2
regisserend en ondersteunend ten behoeve van samenwerkingspartners, onze gemeenten, het Rijk en het Veiligheidsberaad. Paraat en klaar voor actuele uitdagingen • De meeste mensen zijn prima in staat om zelf te handelen bij incidenten en crisissituaties. We stimuleren veilig gedrag en zelfredzaamheid van inwoners. • Risico’s zijn er altijd. Wij adviseren vanuit onze professionele expertise, robuuste informatiepositie en omgevingssensitiviteit hoe we risico’s beter kunnen beheersen. We richten ons daarbij op fysieke veiligheid(effecten). • Inwoners verdienen de beste veiligheidszorg. We staan 24/7 paraat en bieden daadkrachtige hulp bij incidenten, rampen en crises. We willen het beste uit onszelf halen • Ons werk is mensenwerk, onze mensen zijn een belangrijk fundament onder onze resultaten. Zij zijn vitaal, professioneel en zetten zich met passie in voor een veilige regio. • De uitdagingen waar we de komende jaren mee te maken krijgen zijn te complex om alleen op te pakken. We zijn een betrokken en betrouwbare partner in het netwerk van veiligheid en gezondheid. Om onze ambitie te realiseren, zetten we in op drie pijlers: • • • •
Pijler 1: Stimuleren van redzaamheid in de samenleving Pijler 2: Bijdragen aan een veilige leefomgeving Pijler 3: Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet Fundament onder deze pijlers is een wendbare en duurzame organisatie.
Indeling begroting De beleidsbegroting heeft een herkenbare relatie met ons Beleidsplan 2023-2027 en daarmee met onze beleidspijlers met als fundament onze wendbare en duurzame organisatie. Zo hanteren we één lijn in onze beleidsdocumenten. Hiermee vergroten we het inzicht in welke activiteiten bijdragen aan het bereiken van onze doelen. In deze beleidsbegroting 2025 werken we de pijlers concreter uit door de volgende vragen te beantwoorden: • • •
Wat willen we bereiken? Wat gaan we hiervoor doen? Wat hebben we daarvoor nodig?
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
7
VRMWB | Titel
2
Programmabegroting De begroting kent één programma (programma Veiligheid), onderverdeeld in de drie pijlers. Daarnaast is het voor de categorieën: Overhead, Algemene Dekkingsmiddelen en Reserves verplicht deze apart inzichtelijk te maken. In het onderstaand overzicht is de begroting op programmaniveau voor 2025 inclusief het meerjarenperspectief voor de jaren 2026 t/m 2028 opgenomen.
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
8
VRMWB | Titel
2
1.2 Stimuleren van een redzame samenleving Inleiding
Een samenleving wordt gevormd door de mensen die er wonen, werken, recreëren, ondernemen en studeren; iedereen draagt daar op de één of andere manier een steentje aan bij. De manier waarop verschilt per persoon en per moment. Uit onderzoek blijkt dat de redzaamheid van mensen in de afgelopen periode is afgenomen en dat er vaker contact wordt gezocht met hulpverleners. Tegelijkertijd zien we een grote veerkracht bij mensen, zoals tijdens de coronacrisis. In de komende jaren is het essentieel daar waar nodig te ondersteunen en waar mogelijk de veerkracht aan te spreken. Het is onze taak om inwoners bewust te maken van veiligheidsrisico's en handelingsperspectief te bieden voorafgaand aan, tijdens en na afloop van incidenten en crises. Om met onze interventies effectief te zijn bij de verschillende doelgroepen begrijpen we wat speelt in de samenleving, zitten we in een vroeger stadium samen met stakeholders uit ons netwerk om tafel, vergroten we de redzaamheid en bundelen we onze kennis en kunde. Waar richten we ons de komende jaren op? Redzaamheid is een product van synergie tussen inwoners, ondernemers, zorg- en hulpverleners en andere maatschappelijke partners. Om daar optimaal op in te kunnen spelen willen we: Weten hoe onze samenleving er uit ziet en wat er in de samenleving leeft. • Vroegtijdige samenwerking versterken.
Immers, als we kwetsbaarheden en risico’s in de samenleving kennen, dan kunnen we kwetsbaarheden en risico's beperken en inwoners handvatten geven waarmee zij redzamer zijn én voorkomen dat incidenten ontstaan. • De redzaamheid vergroten door in te zetten op belevingsleren, risicocommunicatie en het stimuleren van veilig gedrag. • Inzetten op burgerhulpverlening, om burgers te betrekken bij de samenwerking met hulpverleners. Wat we al doen In deze begroting geven we aan wat we in 2025 willen ontwikkelen om een bijdrage te leveren aan het stimuleren van een redzame samenleving. Naast deze ontwikkelingen zijn er uiteraard ook reguliere werkzaamheden die bijdragen aan deze pijler en waarvoor we een deel van onze capaciteit in zetten. Een aantal van deze werkzaamheden gebeurt op basis van aanvraag en samenwerking met gemeenten. Ten behoeve van het stimuleren van de redzame samenleving zijn onze reguliere werkzaamheden onder andere: • Met risicocommunicatie bieden we inwoners en andere partijen handelingsperspectieven. Zij staan tijdens en direct na een incident vaker open voor informatie over risico’s en gevaar. Door op het juiste moment -voor, tijdens of na een incident- passende informatie te bieden, nemen veiligheidsbewustzijn en handelingsbekwaamheid van betrokkenen toe.
• • •
Contacten leggen en onderhouden met netwerkpartners rondom verminderd zelfredzame groepen, zoals ouderen en zorgbehoevenden. Bijdragen aan de landelijke Brandpreventieweken. We bieden schooljeugd uit de groepen 7 en 8 in onze Risk Factory belevingsonderwijs om hen redzamer te maken rondom diverse veiligheids-, gezondheids- en duurzaamheidsthema’s.
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
9
VRMWB | Titel
2
Ontwikkelingen Burgerparticipatie In de nieuwe Gemeenschappelijke Regeling VRMWB is de mogelijkheid van burgerparticipatie ten aanzien van het beleidsplan opgenomen. Ook kan het Algemeen Bestuur andere besluiten aanwijzen voor burgerparticipatie. Deze aanvulling op de Gemeenschappelijke Regeling komt voort uit de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) en onderliggende informatie van de Rijksoverheid. Weerbare samenleving Geconstateerd is dat inwoners, maatschappelijke organisaties, vrijwilligers en bedrijfsleven samen met professionele hulpverleners graag een maatschappelijke bijdrage willen leveren bij rampen en crises. In veel gevallen wordt niet gewacht op de overheid, maar neemt men zelf het initiatief. Het huidige stelsel van crisisbeheersing is nog sterk gefocust op de warme fase van de crisis. De rollen en taken van de traditionele hulpverleningsdiensten en besturen staan daarin centraal. De weerbare samenleving is om die reden opgenomen in de Landelijke agenda Crisisbeheersing. Wat willen we bereiken? Aan het einde van deze beleidsperiode in 2027 hebben we onze inwoners bereikt met onze activiteiten gericht op bewustwording en het bieden van handelingsperspectieven en weten we velen aan te zetten tot veilig gedrag en zelfredzaamheid.
Concreet betekent dit: • Weten we voor de prioritaire- en nieuwe risico’s vanuit (risico)monitoring en omgevingsanalyses: o Wat veilig en redzaam gedrag is, wat we dan willen zien bij onze inwoners. o Hoe we inwoners uitnodigen met ons samen te werken (burgerhulpverlening) o Hoe we onze inwoners, samen met onze partners, effectief informeren en activeren. o Welke (nieuwe) partners ons kunnen helpen. • Hebben we meer inzicht in het bereik en de effectiviteit van onze activiteiten/campagnes. • Is veilig en redzaam gedrag van inwoners een regulier onderdeel van onze advisering, communicatie, samenwerking en relatiemanagement. Wat gaan we daarvoor doen? In 2025 richten we ons op de volgende resultaten: Veilig gedrag en redzaamheid In 2024 onderzoeken we een basisaanpak die veilig gedrag en redzaamheid op de thema’s natuurbrandbeheersing en extreem weer (focus wateroverlast) bevordert. Risicocommunicatie draagt bij aan handelingsperspectieven voor inwoners. Deze ambitie draagt ook bij aan het onderdeel ‘versterken van de weerbare samenleving’ van de landelijke agenda Crisisbeheersing. In 2025 is deze basisaanpak geïmplementeerd en gebruiken we die om het thema ‘maatschappelijke onrust’ op te pakken. In samenwerking met (nieuwe) partners binnen en buiten de veiligheidsregio experimenteren we met methoden om het effect van de aanpak te meten.
Burgerhulpverlening We hebben inzichtelijk gemaakt hoe burgerhulpverlening van meerwaarde is voor de veiligheidsregio en hebben hiervoor beleidsuitgangspunten bepaald. VRMWB | Beleidsbegroting 2025
10
VRMWB | Titel
2
(Brand)veilig leven We hebben een bredere visie geformuleerd op (brand)veilig leven. Een bredere inzet van de Risk Factory maakt daar onderdeel van uit. Denk aan aandacht voor (on)leefbaarheid en welbevinden in de woonomgeving van inwoners.
Kengetallen en prestaties Realisatie Aantal campagnes voor
Verwachting of
Verwachting of
2023 streefwaarde 2024
streefwaarde 2025
10
10
10
3.127 leerlingen
4.500 leerlingen
6.000 bezoekers1
bewustzijnsverhoging inwoners Aantal deelnemers dat Risk Factory bezoekt 1 Het aantal bezoekers van de Risk Factory loopt de komende jaren gestaag op. In 2024 verwachten we 4.500 bezoekers en
in 2025 6.000. Dit zijn reële aantallen in vergelijking met de andere Risk Factories in het land.
Wat hebben we daarvoor nodig? Financieel overzicht Weergave van de kosten voor Programma Veiligheid: pijler Stimuleren van de redzame samenleving:
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
11
VRMWB | Titel
2
1.3 Bijdragen aan een veilige leefomgeving Inleiding De inrichting van een veilige leefomgeving creëer je niet alleen, maar samen. Inwoners, ondernemers, zorg- en hulpverleners, iedereen draagt zijn steentje bij. De regierol voor een veilige leefomgeving ligt bij de gemeenten. We adviseren gemeenten en bedrijven bij specifieke projecten, evenementen, objecten en gebieden. We kijken daarbij breder naar de aanwezige risico’s met betrekking tot het object en omgeving én er is aandacht voor nieuwe risico’s. Wij adviseren tijdig en op een eenduidige manier over het beheersen van risico’s om incidenten, rampen en crises te voorkomen. Waar richten we ons de komende jaren op? • Het integraal en risicogericht aanpakken van (brand)veiligheidsvraagstukken, door afhankelijk van het risico een passende rol te pakken (en samen met partners tot een passende oplossing te komen). Daarvoor gaan we vroegtijdig in gesprek met onze gemeenten en partners, hanteren we een flexibel basistakenpakket en passen we onder andere de zes sporen van beïnvloeding toe. • De prioritaire risico’s uit het Regionaal Risicoprofiel. Deze risico’s krijgen de komende jaren extra aandacht in de voorbereiding. We scherpen onze informatie- en netwerkpositie aan, actualiseren de planvorming en borgen ons vakmanschap. Ook kijken we gebiedsgericht naar risico’s en maken we risicogerichte keuzes.
• De verbinding tussen gezondheid en veiligheid door in samenwerking met de GHOR het zorgrisicoprofiel op te stellen. • Het ontwikkelen van een actueel multidisciplinair risicobeeld door te versterken op risicomonitoring van kwetsbaarheden, dreigingen en risico’s. • Een stevige verbinding tussen regio’s en Rijk en het landelijke Knooppunt Coördinatie RegioRijk (KCR2). Wat we al doen In deze begroting geven we aan wat we in 2025 willen ontwikkelen om een bijdrage te leveren aan een veilige leefomgeving. Naast deze ontwikkelingen zijn er uiteraard ook reguliere werkzaamheden die bijdragen aan deze pijler en waarvoor we een groot deel van onze capaciteit in zetten. We verbeteren ons reguliere werk continu. Permanente risicomonitoring is een belangrijk fundament voor het effectief inzetten van onze zes sporen van beïnvloeding. Deze zes sporen bevatten alle werkzaamheden van risicobeheersing, verdeeld over een aantal werkvelden: Zes sporen van beïnvloeding 1. Beïnvloeding wet- en regelgeving 2. Inrichten van de omgeving 3. Vergunningverlening, toezicht en handhaving 4. Kennisdeling en gedragsverandering samenleving 5. Kennisoverdracht en handelingsperspectief incidentbestrijders 6. Communicatie over restrisico’s en handelingsperspectief VRMWB | Beleidsbegroting 2025
Werkvelden 1. BRZO en Bedrijfsbrandweren 2. Ruimtelijke ontwikkeling en Infrastructuur 3. Milieu en Industrie 4. Bouwen 5. Gebruik 6. Evenementen 7. (Brand) Veilig Leven
12
VRMWB | Titel
2
Het reguliere werk van het GHOR-bureau ligt voornamelijk op het snijvlak van gezondheid en veiligheid. Door middel van advisering, kennisoverdracht en het bieden van handelingsperspectief legt de GHOR de verbinding tussen de veiligheidsregio en de zorgsector. De GHOR brengt het gezondheids- en zorgperspectief in bij veiligheidsvraagstukken en brengt veiligheidsperspectief in bij de zorgsector met als doel om continuïteit van de zorg te borgen. Ontwikkelingen 2025 Taakverandering door Omgevingswet De Omgevingswet brengt voor de veiligheidsregio’s een intensieve taakverandering mee op het gebied van risicobeheersing. Er zijn nieuwe kwaliteiten en producten nodig en een andere wijze van advisering van risicobeheersing aan gemeenten. Hiervoor is meer capaciteit nodig, vooralsnog is dit berekend op drie fte extra. We verwachten dat gemeenten voor de extra structurele kosten worden gecompenseerd door het Rijk. Echter laat de meicirculaire én de septembercirculaire 2023 zien dat er nog geen duidelijkheid is over deze financiële compensatie. Wat de precieze inhoudelijke/ personele en financiële effecten zijn, wordt begin 2024 in kaart gebracht middels een onderzoek naar de Risicobeheersing-taken. Het Algemeen Bestuur heeft in haar vergadering van 5 oktober 2023 opdracht gegeven voor dit onderzoek. Ook de effecten van de implementatie van de Omgevingswet zijn dan nog beter zichtbaar.
Versterking Crisisbeheersing en informatievoorziening Op 26 augustus 2022 zijn bestuurlijke afspraken tussen de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), het Veiligheidsberaad, het Interprovinciaal Overleg (IPO) en het Rijk gemaakt in het kader van opvang vluchtelingen. Het rijk heeft in het najaar 2022 extra structurele middelen toegezegd, oplopend tot 83 mln. in 2026 aan de 25 veiligheidsregio’s en het NIPV voor de versterking van crisisbeheersing en de informatievoorziening. Het definitieve bedrag voor 2025 volgt op 31 juli 2024. Deze gelden worden ingezet voor onder andere risicomonitoring, planvorming en investeringen in de ontsluiting van informatie via geo-applicaties. We blijven de landelijke ontwikkelingen volgen en afstemmen met KCR2. Energietransitie De afnemende vanzelfsprekendheid van beschikbaarheid van energiebronnen en daarmee samenhangend de ontwikkeling van nieuwe energiebronnen, het snel veranderende klimaat, de afnemende biodiversiteit en risico’s bij de energietransitie brengen nieuwe risico’s met zich mee en vragen van ons nieuwe expertise en nieuwe activiteiten om vakbekwaam te blijven. De duurzame ontwikkelingsdoelen (‘Global Goals’) worden steeds belangrijker om aan bij te dragen. Voor toekomstige generaties is duurzaam leven vanzelfsprekend.
Nederland stapt over op duurzame energiebronnen, zoals zonnepanelen, buurtbatterijen en woningen met verwarming op waterstof. We maken onze medewerkers, de samenleving en onze partners hier bewust van door onze kennis actief uit te dragen. Wat willen we bereiken? Aan het einde van deze beleidsperiode in 2027 worden we door onze partners ervaren als een betrouwbare en professionele partner (expert) en worden we tijdig betrokken bij omgevingsvisies en veiligheidsvraagstukken. Onze informatiepositie is op orde, waarmee we risico’s continu monitoren.
VRMWB | Beleidsbegroting 2025
13
VRMWB | Titel
2
Hiermee maken we onderbouwde (beleids)keuzes, kunnen we vroegtijdig risico’s beïnvloeden en bereiden we ons voor op mogelijke crises. Concreet betekent dit: 1. We hebben samen met gemeenten keuzes gemaakt hoe we omgaan met risico’s in specifieke geografische gebieden (gebiedsgerichte- en prioritaire risico’s, in relatie tot opkomsttijden) en we hebben daaraan maatregelen gekoppeld (plan van aanpak). 2. We hebben een 24/7 informatiepositie op kwetsbaarheden, dreigingen en incidenten/crises als onderdeel van het proces van Risicomonitoring. We staan continu in verbinding met andere Veiligheidsregio’s, met KCR2 en andere crisispartners. Op basis van onze informatiepositie bepalen we onze interventiestrategie (risico- en/of crisisinterventies). 3. We hebben ketenregie gedefinieerd, ingericht en werkend voor de prioritaire risico’s, zowel met betrokkenen van de Veiligheidsregio als met gemeenten en partners. Door onze kennis, kunde en informatiepositie op de prioritaire thema’s ervaren onze ketenpartners ons als een betrouwbaar en professioneel partner (expert). 4. We hebben een goed lopend accountmanagement voor gemeenten en strategische partners ingericht.
Wat gaan we daarvoor doen? In 2025 richten we ons op de volgende resultaten: Impact op een veilige leefomgeving We hebben onze kennis en kunde versterkt op het prioritaire risico ‘effecten van maatschappelijke onrust’ en op het thema energietransitie. We weten op deze onderwerpen welke informatie nodig is om te monitoren, met wie we moeten samenwerken en hoe te handelen. We hebben bepaald wat nodig is om expert te zijn en zo ook te worden gezien. Producten en diensten Risicobeheersing Het onderzoek naar het takenpakket van Risicobeheersing leidt tot risicogerichte- en informatiegestuurde producten en diensten die in 2025 verder worden uitgewerkt. Ook hebben we nieuwe processen beschreven die hiervoor nodig zijn en hebben we een plan van aanpak gemaakt voor (door)ontwikkeling van onze kennis en kunde, zodat die aansluiten op de nieuwe dienstverlening van Risicobeheersing. Ketensamenwerking We hebben ketensamenwerking en -regie in de basis uitgebreid op de thema’s effecten van maatschappelijke onrust en de energietransitie. Ketenregie zorgt voor meer overzicht en coördinatie van veiligheidsthema's, waarmee accountmanagement (de aandacht voor goede relaties met onze partners) versterkt wordt.
Aandacht voor kwetsbaarheden in de fysieke omgeving Vanuit risicogerichtheid en gebiedsgerichte opkomsttijden (GGO) werken we samen met gemeenten aan de kwetsbaarheden inclusief aandachtsobjecten, bepalen we samen de prioriteiten en benodigde interventies.