5 b&w reserve Integraal Huisvestingsplan
Tekst van het document
Gemeenteraad Rucphen Postbus 9 4715 ZG RUCPHEN
Onze referentie:
Z20/048571-D20/1132170
Uw referentie: E. Aerts
Telefoonnummer:
0165-349904
2C20
Rucphen, Onderwerp:
Behandelaar:
Reserve Integraal Huisvestingsplan
Geachte raad, Tijdens de begrotingsbehandeling op 11 november heeft de VVD-fractie de suggestie gedaan om een reserve Integraal Huisvestingsplan te vormen vanuit de reserve Onderwijsachterstanden. In deze brief gaan wij hier op in. Een deel van de reserve onderwijsachterstanden bestaat uit geoormerkt budget De reserve onderwijsachterstanden wordt jaarlijks gevoed met: Specifieke uitkering onderwijsachterstanden 2019-2022: jaarlijks ca. C 550.887,Gemeentelijk onderwijsachterstandenbudget: C 84.286,Decentralisatie-uitkering voorschoolse voorziening peuters: C 31.536,Jaarlijks wordt een bedrag uit de reserve gehaald voor de kosten van peuteropvang en voorschoolse educatie. De specifieke uitkering is een geoormerkt budget. Het niet bestede deel van de specifieke uitkering mag daarom niet ingezet worden voor andere doeleinden, zoals het Integraal Huisvestingsplan. Dat geldt niet voor het gemeentelijke onderwijsachterstandenbudget en de decentralisatie-uitkering voorschoolse voorziening peuters. De reserve onderwijsachterstanden is sinds 2019 gegroeid De specifieke uitkering onderwijsachterstanden is met ingang van 2019 met ca. C 300.000,verhoogd naar afgerond C 550.000,- per jaar. De hiermee samenhangende wetswijziging (16 uur voorschoolse educatie in plaats van 10 uur) is echter pas op 1 augustus 2020 ingegaan.
Daardoor waren met name in 2019 de kosten voor peuteropvang en voorschoolse educatie veel lager dan de beschikbare middelen (de 3 bovengenoemde toevoegingen aan de reserve). Als gevolg hiervan is een deel van de specifieke uitkering onderwijsachterstanden niet besteed. Maar ook het gemeentelijke onderwijsachterstandenbudget was daardoor niet volledig nodig en is derhalve niet volledig aan de reserve onttrokken voor voorschoolse educatie. Dit deel van de reserve is zoals boven aangegeven niet geoormerkt.
Binnentuin 1 Postbus 9 4715 ZG Rucphen T: 0165 34 95 00 F: 0165 34 13 75 Banknummer: 2850 07 319 IBAN: NL37BNGH0285007319 KvK-nr. 20164997 Gemeente Rucphen
Rucphen
Schijf
Sprundel
St. Willebrord
Zegge
gemeente©rucphen.ni www.rucphen.n1
2
Per 31 december 2019 kan een bedrag van C 125.000,- in de reserve Onderwijsachterstanden vrijvallen In bijgevoegd overzicht is de stand van de reserve eind 2019 opgenomen. Hieruit blijkt dat er op dit moment een bedrag € 125.000,- kan vrijvallen. In dit overzicht is ook een voorlopige stand van de reserve voor 2020 opgenomen. Met ingang van dit jaar bekijken we jaarlijks welk deel van de reserve onderwijsachterstanden kan vrijvallen. We kunnen niet nu al voor de periode t/m 2022 bepalen welk deel kan vrijvallen. De belangrijkste reden is dat de definitieve specifieke uitkering onderwijsachterstanden jaarlijks kan fluctueren en derhalve ook kan tegenvallen. Dit is bijvoorbeeld in 2019 gebeurd. Daarnaast weten we pas ca. een half jaar na afloop van een jaar wat de werkelijke kosten van onderwijsachterstanden in het voorgaande jaar zijn geweest. De jaarlijks vrijval kan toegevoegd worden aan de reserve IHP. Ter informatie is een overzicht bijgevoegd van de ontwikkeling van de reserve onderwijsachterstanden t/m 2022. De vrijval uit de reserve onderwijsachterstanden wordt toegevoegd aan de nieuw gevormde reserve Integraal Huisvestingsplan We stellen voor om een reserve Integraal Huisvestingsplan te vormen. Jaarlijks voegen we de vrijval uit de reserve Onderwijsachterstanden toe aan de reserve Integraal Huisvestingsplan. We verwerken voorgaand in de i e Berap van 2021.
De middelen die bestemd zijn voor onderwijs komen zo ten goede aan het onderwijs Jaarlijks ontvangen we via het gemeentefonds een bijdrage om te kunnen voldoen aan onze zorgplicht voor onderwijshuisvesting. Tot 2015 reserveerden we een deel van die middelen via het moederkrediet onderwijshuisvesting. Naast een jaarlijkse dotatie aan dit krediet werd door middel van het onderwijshuisvestingsprogramma bepaald welke voorzieningen het jaar daarop voor bekostiging in aanmerking kwamen. Dit veranderde toen van rijkswege de plicht voor het buitenonderhoud en aanpassingen werd overgeheveld naar de schoolbesturen. Het structurele beroep op het moederkrediet wijzigde naar een incidenteel beroep. Daarop is het besluit genomen niet meer jaarlijks te doteren maar om pas middelen te reserveren op het moment dat de omvang van onze zorgplicht concreter te bepalen was. Dat moment is nu. De exacte hoogte van de investeringen wordt uiteindelijk bepaald via businesscases. Dit neemt niet weg dat nu al bekend is dat we de komende jaren voor een behoorlijke opgave komen te staan op gebied van onderwijshuisvesting. Door de vrijvallende middelen voor onderwijsachterstanden, die via het gemeentefonds werden toegevoegd aan de reserves, in te zetten voor onderwijshuisvesting kunnen we voldoen aan onze zorgplicht en het onderwijs in onze gemeente een impuls blijven geven.
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Rucphen, de sec de burgem ester,
Sandor Michielse
Marjolein vn der Meer-Mohr