5 b&w Leidraad en stappenplan participatie
Tekst van het document
Onze referentie:
Gemeenteraad Rucphen Postbus 9 4715 ZG RUCPHEN
Z20/049129-D21/1145282
Uw referentie: Behandelaar:
M. van Starkenburg
Telefoonnummer:
Rucphen,
-7 MEI 2021
Onderwerp:
Leidraad en stappenplan Participatie
Geachte raad, Begin dit jaar, op 5 januari, hebben we uw raad bijgepraat over hoe wij onze inwoners beter en meer op maat gaan betrekken bij onze plannen en projecten. We lieten u zien dat we een aantal producten ontwikkelen die medewerkers helpen burgerparticipatie op een vaste en gestructureerde manier vorm te geven. De leidraad Participatie (bijlage 1) en bijbehorend stappenplan (bijlage 2) is daar de concrete uitwerking van. •
•
De digitale Leidraad Participatie leidt medewerkers in 9 stappen langs alle (voor burgerparticipatie) relevante vragen en beslissingen. Op basis van de Leidraad kan een participatieaanpak worden ontworpen die inwoners op het juiste moment op de juiste manier betrekt bij beleidsontwikkelingen of projecten die voor hen relevant zijn. Deze aanpak komt in een praktisch participatieplan dat aan de voorkant van een beleidsontwikkeling of project is afgestemd met de ambtelijk en bestuurlijk opdrachtgever. Het stappenplan participatie is een verkorte versie van de Leidraad. Deze wordt op papier verspreid zodat medewerkers hem altijd bij de hand hebben.
Tijdens een workshop op 16 juni geven we een groep medewerkers inzicht in de verschillende leefstijlen (voorkeuren, motivaties, normen en waarden) van onze inwoners en wat dat betekent voor de manier waarop we hen het best betrekken bij onze ontwikkelingen en projecten. Na afloop van de workshop kunnen medewerkers onze inwoners gerichter en meer op maat benaderen en betrekken. Hoe zorgen we ervoor dat de manier waarop we inwoners betrekken écht verandert? Tijdens de informatieve bijeenkomst merkte uw raad, geheel terecht, op dat een andere manier van werken een andere houding en benadering vraagt van beleidsambtenaren en projectleiders. Het gaat grotendeels om een gedragsverandering. Hoewel dat niet 'vanzelf' gaat, merken we nu al Binnentuin 1 Postbus 9 4715 ZG Rucphen T: 0165 34 95 00 F: 0165 34 13 75 Banknummer: 2850 07 319 IBAN: NL37BNGH0285007319 KvK-nr. 20164997 gemeente@rucphen.n1 Gemeente Rucphen
Rucphen
Schijf
Sprundel
St. Willebrord
Zegge
www.rucphen.n1
2
dat er intern meer aandacht is voor het onderwerp participatie en dat gesprekken hierover anders verlopen dan voorheen. De houvast van de conceptleidraad lijkt daarbij te helpen. De verantwoordelijkheid voor het juiste en blijvende gebruik van de leidraad ligt in de driehoek van de bestuurlijk opdrachtgever, ambtelijk opdrachtgever en opdrachtnemer. •
De bestuurlijk opdrachtgever (portefeuillehouder) geeft aan welke ruimte er is (in bestuurlijke zin) voor participatie. Kan een inwoner alleen meepraten of krijgen inwoners ook echt invloed? Of mogen ze zelfs meebeslissen?
•
Ambtelijk opdrachtgever (manager) stimuleert het gebruik van de participatieleidraad en het bijbehorend participatieplan.
•
Opdrachtnemer gebruikt de leidraad en stelt voor elke fase van een ontwikkeling of project een participatieplan op.
We houden u op de hoogte van de ervaringen en resultaten Een half jaar na invoering evalueren we de Leidraad en het gebruik daarvan. De resultaten die hieruit komen, delen we t.z.t. graag met u in een informatiebrief of, als daar behoefte aan is, in een informatieve bijeenkomst. We hopen u met deze brief voldoende geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Rucphen, ii
de burgemeester,
b. S.
• htets-é----)
mr. M. van,der Meer Moli
LEIDRAAD PARTICIPATIE
Deze leidraad legt uit wat je bij de verschillende stappen van het stappenplan participatie kunt of moet weten, doen of regelen om je omgeving zo goed mogelijk te betrekken bij je beleidsontwikkeling of project.
Leidraad Participatie Gemeente Rucphen - 2021 Inhoud en tekst: Marijn van Starkenburg Vormgeving: Nicole Alewijn
Beste lezer, Voor je ligt een eerste versie van de Leidraad Participatie. Deze is gemaakt om je te helpen bij het betrekken van de omgeving bij je project of beleidsontwikkeling. Ik zeg bewust een eerste versie. De kans is groot dat er volgende versies met verbeteringen of nieuwe inzichten volgen. Ik wil je vragen kritisch te zijn bij het gebruik van de leidraad en je bevindingen te delen met team communicatie. Van informeren naar betrekken Het betrekken van onze omgeving is niet nieuw voor ons. We leggen ontwikkelingen ter inzage, ook als dat niet wettelijk verplicht is. En vaak organiseren we aanvullend ook een inloop- of informatieavond. En toch voelt onze omgeving zich niet altijd even goed gehoord. Dat horen we terug via het college en de raad en konden we lezen in het rapport van de rekenkamercommissie van maart 2020. Onze omgeving (inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners) vraagt om een andere en vaak grotere rol bij het ontwikkelen van beleid en projecten dan voorheen. Ze willen niet alleen door ons geïnformeerd worden over wat er speelt, maar daar ook over meedenken en meepraten, hun eigen inzichten en misschien ook kennis met ons delen. En dat is niet meer dan logisch. Onze beleidskeuzes en projecten hebben grote invloed op hun woon- en leefomgeving.
En als we willen dat zij zich daar prettig voelen en zich daar verantwoordelijk voor voelen, moeten we hen daar aan de voorkant bij betrekken. In 2020 is bij jullie geïnventariseerd hoe we onze omgeving anders kunnen betrekken. En wat jullie daarvoor nodig hebben. Een vaste werkwijze was een van de meest gehoorde antwoorden. Daar is deze leidraad het antwoord op.
Werkwijze Deze leidraad, helpt je, voorafgaand aan elke fase van een beleidsontwikkeling of een project, na te denken over participatie. De leidraad leidt je langs de keuzes die je daarin kunt maken. Per fase leg je die keuzes en besluiten vast in een participatieplan en in een participatie- en communicatieplanning. Betrek hier in ieder geval een collega van communicatie bij en mogelijk kunnen ook andere collega's een rol spelen. Het participatieplan en de planning bespreek je met de portefeuillehouder en voeg je toe aan de collegestukken. Een ander veel gehoord punt was dat er ruimte nodig is om te leren, experimenteren en fouten te maken. Die ruimte is er absoluut. Ik nodig jullie uit die ruimte te gebruiken en je ervaring te delen met e collega's binnen en buiten de gemeente. Veel succes en plezier bij je komende participatie trajecten, Laura Matthijssen Portefeuillehouder Participatie
INHOUDSOPGAVE
0
VORM JE PARTICIPATIETEAM
0
BEPAAL 3E DOEL
0
IN WELKE FASE ZIT JE? HOEVEEL RUIMTE IS ER VOOR PARTICIPATIE?
0
WAT WIL JE BEREIKEN MET PARTICIPATIE? HOE ZIET 3E OMGEVING ERUIT?
tip
HOEVER BETREK 3E 3E STAKEHOLDERS? WAT IS JE PARTICIPATIE VRAAG/KERNVERHAAL? HOE BETREK 3E JE STAKEHOLDERS?
VOOR JE BEGINT... Wanneer hebben we het over participatie en wanneer over inspraak of niets of beide? Of ligt het initiatief elders en gaat het om Overheidsparticipatie of een omgevingsdialoog? In verschillende gevallen gelden verschillende afspraken en mogelijkheden. In deze leidraad beperken we ons tot burgerparticipatie: meeweten, meedenken, meewerken en meebepalen.
Bij wie ligt het initiatief?
Belanghebbende Gemeente faciliteert Overheidsparticipatie
Gemeente
Is er wettelijke verplichting tot inspraak?
Uitvoeren volgens procedure afspraak
Zijn er belanghebbenden?
Hebben belanghebbenden invloed op het proces? Is er ruimte voor participatie?
Wat kunnen belanghebbenden bijdragen in het proces? MEEWETEN Belanghebbenden worden geïnformeerd
MEEDENKEN
MEEBEPALEN
Mening geven
Samen beslissen MEEWERKEN Adviseren
Geen participatie
O
VORM JE PARTICIPATIETEAM Betrek een collega van communicatie zo vroeg mogelijk!
Als projectleider of beleidsmaker sta jij aan de lat om te zorgen voor waardevolle participatie. Dit hoef je natuurlijk niet in je eentje te doen. Vraag collega's voor een klein participatieteam dat je helpt met het vormgeven van het participatieproces. In dit team zit, minimaal, een communicatieadviseur. Vraag ook collega's die veel kennis hebben van (een aspect van) de beleidsontwikkeling of het project of van de omgeving.
0
Doorloop samen met dit participatieteam de stappen van de leidraad en leg dit vast in het participatieplan. Het sjabloon hiervoor vind je in word en op intranet. Het participatieplan bespreek je met je opdrachtgever.
BEPAAL JE DOEL Wat is je beleids- of projectdoel?
Formuleer zo scherp mogelijk welk 'probleem'of deel daarvan je gaat oplossen. Herkennen stakeholders dit probleem? Een beleids- of projectdoel kan voor ons ambtenaren heel belangrijk en relevant zijn. Maar, als stakeholders dat anders zien of voelen, levert participatie niet veel op.
TIP! Als je een projectopdracht hebt geschreven, staat je beleids- of projectdoel daar al in onder het eerste kopje.
0
IN WELKE FASE ZIT 3E? En wat is er eerder gebeurd?
Per fase kun je een ander participatiedoel hebben. Niet alle stakeholders zijn vanaf het begin relevant en ook hun rol kan veranderen tijdens het project of beleidsontwikkeling. Bekijk daarom elke fase weer kritisch naar je participatieplan en pas dit aan waar nodig.
Beschrijf kort in je plan wat er in eerdere fases is gedaan op gebied van participatie. Zijn er afspraken gemaakt, verwachtingen gewekt, toezeggingen gedaan of moeten er dingen worden goed gemaakt of recht gezet? Houdt hierbij ook rekening met relevante maatschappelijke ontwikkelingen of uitingen in de (sociale) media die van invloed kunnen zijn op het beeld dat stakeholders hebben.
TIP! Participatie beperkt zich niet tot één moment, maar is een proces dat loopt tot de afronding van je beleidsontwikkeling of project. Houd daarom alle eerder betrokken stakeholders op de hoogte van ontwikkelingen en de voortgang in het proces. Ook als er niets te melden lijkt (bijvoorbeeld omdat een proces stil ligt), waarderen ze een kort bericht waarin je dat meldt.
BEGIN
FASE WAAR JE NU STAAT
•
STIP AAN DE HORIZON
4
HOEVEEL RUIMTE IS ER VOOR PARTICIPATIE? Hoeveel macht en invloed krijgen de stakeholders?
De speelruimte die je hebt, bepaalt waarop stakeholders invloed kunnen uitoefenen en hoe ver die invloed gaat. Als er geen of onvoldoende ruimte is, richt je dan niet op participatie, maar op het geven van informatie. Dat vraagt om een ander (communicatie)proces. Participatie gaat over het delen van invloed of macht met inwoners. Je speelruimte wordt dus in belangrijke mate bepaald door de hoeveelheid invloed of macht die de raad of wethouder bereid is uit handen te geven. Begin het vormgeven van het participatieproces dus met een goed gesprek met je opdrachtgever.
CO
Bestaand beleid of kaders zijn ook van invloed op de speelruimte voor participatie. Voorkom dat wat al vaststaat deel wordt van je participatievraagstuk. Dat zorgt alleen maar voor verwarring en frustratie. Tot slot zijn geld, tijd en capaciteit bepalend voor je participatietraject. Je hebt ze alle 3 in voldoende mate nodig.
Participatie is nooit een doel op zich! Kijk kritisch naar de ruimte die er is voor participatie en organiseer geen participatie voor de bühne! Stakeholders prikken daar doorheen en dat schaadt het vertrouwen.
WAT WIL JE BEREIKEN MET PARTICIPATIE? Voorkom dat participatie het doel op zich is...
Maak een duidelijke keuze wat je doel is met participatie. Doelen hoeven elkaar niet uit te sluiten, maar het is lastig ze tegelijk na te streven. Om sommige doelen te bereiken, is het zaak zoveel mogelijk inwoners te betrekken (bijvoorbeeld vergroten van draagvlak). Voor andere doelen (betere kwaliteit beleid) kun je beter inzetten op geselecteerde en gemotiveerde inwoners.
MOGELIJKE DOELEN: • • • • • • • • •
Ophalen van informatie en tips Betere kwaliteit van beleid Meer draagvlak/minder weerstand Sociale cohesie Educatie of bewustwording Betrokkenheid Overeenstemming Begrip (Gedeeld) eigenaarschap
HOE ZIET JE OMGEVING ERUIT? Met wie heb je of krijg je te maken?
Maak een inventarisatie van alle spelers (stakeholders) die een rol kunnen spelen in het beleid of project. Denk aan interne en externe spelers, georganiseerde partijen, inwoners, ondernemers, instanties, bestuur, politiek, media...
Stel jezelf (in ieder geval) de volgende vragen: • Wat weet je van hen? • Zijn ze voor of tegen? • Zijn ze eerder betrokken geweest? • Zijn er afspraken gemaakt of verwachtingen gewekt? • Wat was hun rol? • Wat is hun verwachting binnen deze fase? • Hoe kijken ze aan tegen de gemeente? Is er wantrouwen of oud zeer? Hoe kijken ze aan tegen het onderwerp?
TIP! Gebruik de tool van Strigo https://strigo.nl/trainingen/factor-c/tools/ringen-van-invloed/ om samen met je participatieteam, je omgeving in beeld te brengen. Vul in deze stap alleen linkerkant van het veld in. De plaats in de cirkel komt in stap 7.
Ringen van invloed Actor
BeMvloeders Georganiseerden Opinieleiders
Beslissers
Toeleveranciers Uitvoerders Ondersteuners
Gebruikers Afnemers
Actor: Notities: Houding:
(
Actor toevoegen
J
)
O
HOEVER BETREK .JE JE STAKEHOLDERS? Nodig niet iedereen uit, maar kies je publiek
Niet elke stakeholder heeft hetzelfde belang en dezelfde rol. En ook kunnen de belangen en rollen van stakeholders per fase veranderen. Door het invullen van 'de ringen van invloed'krijg je overzicht over het krachtenveld waarmee je te maken hebt.
Per fase geef je je stakeholders een positie: • Beïnvloeder: oefent (formeel of informeel) invloed uit op het beleid/project. • Beslisser: neemt beslissingen over het beleid/project. • Toeleverancier/uitvoerder: speelt een rol bij de uitvoering. • Gebruiker/afnemer: ervaart de gevolgen van het beleid/project. En een rol (van buiten naar binnen op de cirkel, van een kleine rol naar een grote rol vwb participatie): • Meeweten: Eenzijdig infomeren is de basis. Er is nog geen invloed voor de stakeholders. • Meedenken: Beleid of project is voorbereid en hier willen we graag de mening van de stakeholders over weten. We besluiten zelf over het vervolg. Doel: aansluiten bij wensen/ideeën samenleving. • Meewerken: We hebben nog geen concreet plan en vragen advies van stakeholders om zo zelf betere keuzes te kunnen maken. De gemeente wil vooral leren van de stakeholders omdat zij, bijvoorbeeld, meer kennis heb ben van het thema. • Meebepalen = Macht delen: We maken samen met de stakeholders beleid, keuzes en nemen samen besluiten
( -Beinvloeders Georganiseerden Opinieleiders
Toeleveranciers Uitvoerders _Ondersteuners
Beslissers
Gebruikers Afnemers
WAT IS JE KERNVERHAAL? Waarover praat je met je stakeholders?
Bepaal het verhaal (kort of lang) waarover je met je stakeholders praat. De tekst vormt de rode draad voor de communicatie.
proces of emotie. Belangrijk is dat je in de huid van je stakeholders kruipt. Kijk van buiten de organisatie (door de ogen van je stakeholder) naar binnen, naar je vraagstuk.
Je kernverhaal vormt de brug tussen onze doelen en de beleving van de buitenwereld. Het kan gaan over inhoud,
KIJK Waarom moet ik dit weten? vraagstuk/mening/standpunt Met KIJK trek je aandacht. Je geeft aansprekende feiten, iets waar mensen naar willen luisteren omdat het ze aanspreekt, raakt of opmerkelijk is. Waarom is jouw verhaal belangrijk? Wat zit erin voor de toehoorder? Waarom zou de ander luisteren? In de Donken zijn niet veel speelplaatsen. Dit gaan we veranderen.
WANT Kan ik het volgen?
Verklaring/feiten/argumenten
Dit vormt het middendeel van je verhaal. Hieruit blijkt de logica van wat je wil bereiken. De redenering of uitleg. Het is het verband tussen KIJK en DUS. We vinden het belangrijk dat kinderen lekker buiten kunnen spelen. We vinden het ook belangrijk dat we bouwmaterialen hergebruiken om zuinig om gaan met het milieu en belastinggeld.
DUS Wat moet ik er verder mee? Actie/voorstel/oplossing Dit is het appèl dat je op de lezer doet. Moet de ander in actie komen of alleen maar iets weten? Daarom bouwen we een grotere en verschillende kleinere speelburchten in de Donken, We denken te weten wat kinderen leuk vinden, maar weten dat natuurlijk niet zeken We zoeken daarom de meest creatieve en handige kinderen (en hun ouders) om ons te helpen bij het ontwerpen en het maken van de burchten.
HOE BETREK JE JE STAKEHOLDERS? Welke werkvormen zet je in? En welke communicatiemiddelen? Er zijn enorm veel manier om stakeholders bij je beleid of project te betrekken. Wat de beste manier is, hangt van veel factoren af. Wat past bij je stakeholders, bij je vraagstuk, waar voel jij je lekker bij? En waar heb je tijd en geld voor? Een vorm kies je niet 'voor de bühne', maar omdat dat de beste manier is om je stakeholders te betrekken. Wees helder over de gekozen vorm richting de genodigden. Noem een informatieavond (waar geen ruimte is voor inbreng) geen inspraakavond! Online of offline Ideaal gezien is online en offline participatie als een goed huwelijk: ze vullen elkaar aan en versterken elkaar. Beide vormen spreken een ander publiek aan en door ze aanvullend aan elkaar in te zetten, geef je iedereen de kans mee te praten of mee te denken. Zo
bereik je een grotere en meer diverse groep mensen. Participatie- en communicatiekalender Wanneer je welke participatievorm inzet voor welke stakeholders leg je vast in een kalender. Vul deze kalender aan met communicatiemomenten. Hoe houd je, bijvoorbeeld, de stakeholders op de hoogte van het proces? En de raad? En niet direct betrokken inwoners? Een van de communicatieadviseurs helpt je hier graag bij!
TIP! • •
Ervaringen van gemeenten met verschillende onlinetools en -platforms zijn gebundeld door Movisie in de Keuzewijzer E-Tools. Op de website van SIR en Prodemos vind je heel veel verschillende werkvormen.
MEEWETEN Informeren, eenzijdige informatie, er is geen invloed voor je stakeholders. • • • • • • • •
Persbericht Huis aan huis brief Internet/ Facebook Flyer Artikel huis-aan-huisblad Informatiebijeenkomst Posters Persoonlijk contact
(MEEWERKEN Er is nog geen concreet plan. Je vraagt advies om zo zelf betere keuzes te kunnen maken. Denktank Klankbordgroep Huiskamergesprek Ideeënwedstrijd Adviesraad Kindertop
r
-MEEDENKEN
Plan is voorbereid en je vraagt de mening van de stakeholders. Gemeente besluit zelf over het vervolg. • • • • • • • •
Persoonlijk gesprek Inspraakavond Enquête Bewonerspanel (Digitaal) reactieformulier Referendum op scholen Spreekuur met projectleider Raadgevend referendum
MEEBEPALEN Je maakt gezamenlijk beleid en neemt samen besluiten. • • •
Projectgroep Buurtbegroting Right to challenge
STAPPENPLAN PARTICIPATIE: WAT TE DOEN? Voor je begint... Wanneer hebben we het over participatie en wanneer over Inspraak of niets of beide? Of ligt het initiatief elders en gaat het om Overheidsparticipatie of een omgevingsdialoog? In verschillende gevallen gelden verschillende afspraken en mogelijkheden.
O
Participatie team
Verzamel een klein team om je heen dat je helpt het participatieplan (zie wordsjabloon en/of intranet) te maken. Hierin zit in ieder geval een communicatieadviseur.
Doorloop voor je begint het schema op de achterkant van dit stappenplan.
O
Beleids- of projectdoel
Formuleer zo scherp mogelijk welk 'probleem'of deel daarvan je gaat oplossen. Herkennen stakeholders dit probleem? Een beleids- of projectdoel kan voor ons ambtenaren heel belangrijk en relevant zijn. Maar, als stakeholders dat anders zien of voelen, levert participatie niet veel op.
De uitleg bij dit stappenplan (de Leidraad Participatie) vind je op intranet!
0)
Stakeholders analyse
Participatie doel
laak een duidelijke keuze. verschillende doelen hoeven elkaar liet uit te sluiten, maar het is lastig .e tegelijk na te streven. Voor ommige doelen is het zaak zoveel nensen te bereiken (draagvlak of )ewustwording) en voor andere loeien heb je meer aan geselecteerde ,n gemotiveerde inwoners (betere :waliteit beleid)
Mogelijke doelen zijn: •
Ophalen van informatie en
•
Betere kwaliteit van beleid
•
Meer draagvlak/minder
tips
weerstand •
Sociale cohesie
•
Educatie of bewustwording
•
Betrokkenheid
•
Overeenstemming
•
Begrip
•
(Gedeeld) eigenaarschap
Met wie heb je of krijg je te maken? Inventariseer alle stakeholders die een rol kunnen spelen in het beleid of project. Denk aan interne en externe spelers, georganiseerde partijen, inwoners, ondernemers, instanties, bestuur, politiek, media... • Wat weet je van hen? • Zijn ze voor of tegen? • Zijn ze eerder betrokken geweest? • Zijn er afspraken gemaakt of verwachtingen gewekt? • Wat was hun rol? Wat is hun verwachting binnen • deze fase? • Hoe kijken ze aan tegen de gemeente? Is er wantrouwen of oud zeer? Hoe kijken ze aan tegen het onderwerp?
fi
Hoe betrek je ze?
Welke mate van participatie is gewenst? Niet elke stakeholder heeft hetzelfde belang en dezelfde rol. Per fase geef je je stakeholders een positie: beïnvloeden beslisser, toeleverancier of uitvoerder, gebruiker/afnemers En een rol: mee weten, meedenken, meewerken of meebepalen
Beïnvioeders Georganiseerden Opinieleiders
Bes' ssá;S•• it2ewe meedenken meewerken meebepalen
Vraag een communicatieadviseur je te helpen bij stap 6 en 7. Gebruik de tool van Strigo: https://strigo.nl/trainingen/factor-c/ tools/ringen-van-invloed/ Vul in deze stap alleen linkerkant van het veld in. De plaats in de cirke
—
Toeleveranciez Uitvoerders
Gebruikers
Fasering Je participatiedoel kan per fase veranderen. Dat geldt ook voor relevante stakeholders en hun participatierol. Bekijk je participatieplan elke fase kritisch en pas aan waar nodig. Vergeet eerder gemaakte afspraken en toezegging niet! Begin
Fase waar je nu voor staat
Stip aan de horizon
Kernverhaal Waarover praat je met je stakeholders? De tekst vormt de rode draad voor de communicatie. Je kernverhaal is relevant voor je stakeholders, herkenbaar, dichtbij en actueel. Ingrediënten Wat denken/ vinden je stakeholders? Hoe kijken zij tegen het onderwerp aan? Delen of herkennen zij ons beleidsdoel of projectdoel? Wat zijn hun belangen of bezwaren? KIJK In de Donken zijn niet veel speelplaatsen. Dit gaan we veranderen. WANT We vinden het belangrijk dat kinderen lekker buiten kunnen spelen. We vinden het ook belangrijk dat we bouwmaterialen hergebruiken om zuinig om gaan met het milieu en belastinggeld. DUS Daarom bouwen we een grotere en verschillende kleinere speelburchten de Donken. We denken te weten wat kinderen leuk vinden, maar weten dat natuurlijk niet zeker. We zoeken daarom de meest creatieve en handige kinderen (en
Speelruimte Participatie gaat over het delen van invloed of macht met inwoners. Begin het vormgeven van participatie met een goed gesprek met je opdrachtgever. Hoeveel invloed of macht geeft deze uit handen? Verder zijn bestaande beleidskaders, geld, tijd en mankracht van invloed op de mogelijkheden.
Participatie vormen Welke werkvormen zet je in? En welk( communicatiemiddelen? Kies je participatievorm zorgvuldig. Wat de beste manier is, hangt van veel factoren af. Wat past bij je stakeholders, bij je vraagstuk, waar voel jij je lekker bij? En waar heb je tijd en geld voor? Wees helder over de gekozen vorm richting de genodigden. Noem een informatieavond (waar geen ruimte is voor inbreng) geen inspraakavond! Houd contact met alle stakeholders die je eerder hebt betrokken. Geen nieuws bestaat niet! Je kunt altijd iets melden over het verloop van het proces.
Op de website van SIR en Prodemos vind je heel veel verschillende werkvormen.
Bij wie ligt het initiatief? 1
1
Gemeente
Belanghebbende
I v
Is er wettelijke verplichting tot inspraak? I
I
JA
NEE
+
Uitvoeren volgens -0 procedure afspraak
..,
Gemeente faciliteert =
Overheidsparticipatie
Zijn er belanghebbenden?
NEE
I JA
NEE
+ Hebben belanghebbenden invloed op het proces? Is er ruimte voor participatie? I JA + Wat kunnen belanghebbenden bijdragen in het proces?
MEEWETEN Belanghebbenden worden geïnformeerd
MEEDENKEN
MEEWERKEN
MEEBEPALEN
Mening geven
Adviseren
Samen beslissen
-,- Geen participatie