CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

4. Legesverordening Rucphen 2025

gemeenteraad 11 december 2024, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen belastingverordeningen 202512.982 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

€

238,40

€ 2.693,00

€

238,40

€

119,20

21 2.44

2.45

2.46

Beoordeling onderzoeksrapporten De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit. Wijzigen van het omgevingsplan Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan: Niet genoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan:

€ 7.985,80

€

238,40

Paragraaf 2.12 Modaliteiten 2.47

2.48 a.

b.

c.

d. 2.49

a. b. c. d. e. f. g. 2.50 1.

a.

Achteraf ingediende aanvraag Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met: met een maximum van: Voorbereidingsprocedure Voor het in behandeling nemen van een aanvraag omgevingsvergunning waarbij de reguliere procedure wordt gevolgd, wordt, ongeacht de aard van de activiteit waarvoor vergunning wordt aangevraagd met uitzondering van de activiteit ‘bouwen’, een basistarief gerekend van: Voor het in behandeling nemen van een aanvraag omgevingsvergunning waarbij de uitgebreide procedure wordt gevolgd, wordt, ongeacht de aard van de activiteit waarvoor vergunning wordt aangevraagd met uitzondering van de activiteit ‘bouwen’, een basistarief gerekend van: als sprake is van een milieubelastende activiteit uit de Afdeling 3.2, 3.4 tot en met 3.8 van het Besluit activiteiten leefomgeving én Algemene wet bestuursrecht is van toepassing bedraagt – onverminderd het bepaalde in de andere tarieven van dit hoofdstuk - het tarief op de voorbereiding van dit besluit: als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a, b en c: Beoordeling onderzoeksrapporten Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een

rapport moet worden beoordeeld: voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport: voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport: voor de beoordeling van een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting: voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk: voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport: voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER): voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport: Advies Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: voor een advies van de gemeenteraad:

25,00 %

€ 10.000,00 €

277,85

€

754,60

€ 3.366,25

€

238,40

€ € €

119,20 119,20 119,20

€

119,20

€ 119,20 € 8.079,00 € 238,40

€

953,55

22 b.

c.

d.

2.

3.

2.51 1.

a. b.

2.

voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening gemeentelijke adviescommissie fysieke leefomgeving dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening gemeentelijke adviescommissie fysieke leefomgeving in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel b: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met c: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdelen b tot en met d, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van deze paragraaf bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet, voor een advies van de Commissie voor de milieueffectrapportage: het bedrag dat deze commissie in rekening brengt op grond van de door de minister van Infrastructuur en Waterstaat goedgekeurde tariefstelling. Instemming Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: als de gemeenteraad moet besluiten over de instemming: als een ander bestuursorgaan moet besluiten over de instemming: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.

Het bedrag bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

Paragraaf 2.13 Vermindering 2.52 1.

Vermindering na conceptaanvraag Indien de aanvraag om omgevingsvergunning is voorafgegaan door een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2 van deze verordening, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag omgevingsvergunning mits deze aanvraag heeft geleid tot

€

953,55

23

2.

2.53 1.

2.

een door het bevoegd gezag genomen besluit. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan: a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop de conceptaanvraag betrekking had; b. in overeenstemming met de uitkomsten van de beoordeling van de conceptaanvraag; en c. binnen 12 maanden na ontvangst van de beoordeling. Vermindering bij principeverzoek Als een aanvraag tot wijziging van het omgevingsplan is voorafgegaan door een principeverzoek als bedoeld in hoofdstuk 2 van deze verordening, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van de beoordeling van het principeverzoek geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot wijziging van het omgevingsplan mits het principeverzoek heeft geleid tot een door het bevoegd gezag genomen besluit. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan gedaan: a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het principebesluit betrekking had; b. in overeenstemming is met het principebesluit; en c. binnen 12 maanden na ontvangst van het principebesluit.

Paragraaf 2.14 Teruggaaf 2.54

2.55

2.56

a.

b.

c.

Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

De teruggaaf bedraagt: bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen vier weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf vier weken tot zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken

50,00 %

25,00 %

60,00 %

40,00 %

0,00 %

24

2.57

a.

b.

c.

2.58

2.59 a.

b. 2.60

2.61

verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip tot aan publicatie ontwerpbeschikking: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf publicatie van de ontwerpbeschikking: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.

Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 100,00 wordt niet teruggegeven.

60,00 %

25,00 %

0,00 %

0,00 %

0,00 %

25

HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2 Paragraaf 3.1 Horeca 3.1 a. 3.2 a. b. c. d.

Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening: Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet: een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet: een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet: een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Alcoholwet:

€

382,75

€

382,75

€ €

191,35 95,70

€

143,50

€ € €

574,10 287,05 574,10

Paragraaf 3.2 Seksbedrijven 3.3 1.

a. b. c. 3.4

Vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3:3, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening, anders dan een wijziging bedoeld in onderdeel 3.4: voor een seksinrichting: voor een escortbedrijf: voor andere seksbedrijven dan bedoeld in de onderdelen a en b: Wijzigen vergunning seksbedrijf Voor het wijzigen van een verleende exploitatievergunning bij een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in artikel 3:8, van de Algemene plaatselijke verordening, bedraagt het tarief van het onder 3.3.1 genoemde tarief.

50,00 %

Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet 3.5

a. b.

Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet: wijziging van een in onderdeel a bedoelde ontheffing:

€

143,50

€

71,75

€

436,85

€

145,60

Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt 3.6 1.

2.

Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het organiseren van een groot evenement als bedoeld in artikel 2:25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening (evenementen-vergunning) en de nota evenementen en festiviteiten gemeente Rucphen: Voor het verkrijgen van een meerjarige vergunning voor het organiseren van een groot evenement als bedoeld in artikel 2:25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning) en de nota evenementen en festiviteiten gemeente

26

3.7 1.

2.

Rucphen wordt het onder 3.6.1 vermelde tarief verhoogd met voor het eerstvolgende jaar –tot een maximum van 5 jaar-. Wijzigen vergunning evenement Voor het op verzoek wijzigen van een verleende evenementenvergunning bedraagt het tarief van het onder 3.6.1 vermelde tarief. Voor het op verzoek wijzigen van een verleende meerjarige evenementenvergunning bedraagt het tarief van het onder 3.6.2 verschuldigde tarief, met dien verstande dat bij de berekening wordt uitgegaan van de resterende looptijd van de verleende meerjarige vergunning.

50,00 %

50,00 %

Paragraaf 3.5 Standplaatsen 3.8 3.9 3.10 1. 2.

[leeg] [leeg] Losse standplaatsen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het innemen of hebben van een standplaats, bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening: Onverminderd het bepaalde in 3.10.1 bedraagt het tarief, indien voor de in dat subonderdeel bedoelde aanvraag een beoordeling door de brandweer nodig is en wordt beoordeeld:

€

127,60

€

50,35

€

95,70

Paragraaf 3.6 [leeg] 3.11 3.12 3.13 3.14 3.15 3.16 3.17

[leeg] [leeg] [leeg] [leeg] [leeg] [leeg] [leeg]

Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit 3.18

Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking:

27

Bijlage I bij de tarieventabel behorende bij de Legesverordening Rucphen 2025 Waar in deze bijlage wordt verwezen naar wet- of regelgeving wordt verwezen naar de wet- en regelgeving zoals deze luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De onderstaande opsomming is gebaseerd op artikel 4 van Bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht zoals dat gold direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De artikelen 1, 4a, 5, 6 en 7 van Bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht dienen hierbij in acht te worden genomen. Buitenplanse omgevingsplanactiviteit zoals bedoeld in artikel 2.6.2, onder a, van de Tarieventabel behorende bij de Legesverordening Rucphen 2025: 1. Een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, b. de oppervlakte niet meer dan 150 m2. 2. Een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, onder a, dat niet voldoet aan de in dat subonderdeel genoemd eisen, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m². 3.

Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 10 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m². 4. Een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw. 5. Een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m. 6. Een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998. 7. Een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen. 8. Het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied. 9. Het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a.

de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen; b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstructiewet concentratiegebieden, c. de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en d. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was. 10. Ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, voor een termijn van ten hoogste tien jaar.

28

Bijlage II bij de tarieventabel behorende bij de Legesverordening Rucphen 2025 Voor de begripsbepaling is het raadsbesluit Omgevingswet: adviesrecht en verplichte participatie bij aanvragen voor omgevingsvergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA) van 20 juni 2023 van toepassing. Buitenplanse omgevingsplanactiviteit zoals bedoeld in artikel 2.6.2, onder b, van de Tarieventabel behorende bij de Legesverordening Rucphen 2025: A. Wonen • (Bouw)projecten, inclusief geheel of gedeeltelijke vervanging van bestaande bouwwerken voor nieuwbouw, ten behoeve van woonfuncties buiten de bebouwde kom, waarbij de toename niet meer bedraagt dan de bouw van 2 woningen. • (Bouw)projecten, inclusief geheel of gedeeltelijke vervanging van bestaande bebouwing voor nieuwbouw, ten behoeve van woonfuncties binnen de bebouwde kom, voor zover de toename passend is binnen het vastgestelde woningbouwprogramma en deze toename niet meer bedraagt dan 5 woningen. B. Functiewijzigingen • (Bouw)projecten en functiewijzingen, die geen betrekking hebben op bijzondere doeleinden buiten de bebouwde kom en intensieve recreatie binnen en buiten de bebouwde kom. C.

Werken/Bedrijvigheid • Bouwprojecten en functiewijzigingen, die geen betrekking hebben op kleinschalige werkfuncties behorende tot geluidszone 2 of hoger (vergelijkbaar met voormalige VNG categorie 3.1 en hoger) en/of behorende tot geurzone 2 of hoger, uitgezonderd het bedrijventerrein Nijverhei. D. Bouwwerken, geen gebouw zijnde • (Bouw)projecten die geen betrekking hebben op windmolens en zonneakkers/zonneweides van meer dan 0,5 hectare. E. Natuur • Initiatieven die geen betrekking hebben op bestaande gebieden met natuur, landschappelijke en/of cultuurhistorische waarden en die niet bijdragen aan behoud en ontwikkeling van deze waarden. F. Overig • Tijdelijke toedeling van functies aan locaties voor de duur van ten hoogste 15 jaar. • Toestaan van tijdelijke bouwwerken met een kortere instandhoudingstermijn dan 10 jaar en/of met een toename van niet meer dan 5 woningen. • In gevallen waarbij het college van burgemeester en wethouders geen advies van de raad noodzakelijk acht voor zorgvuldige besluitvorming.

29

Bijlage III bij de tarieventabel behorende bij de Legesverordening Rucphen 2025

30

31

32

Bijlage IV bij de tarieventabel behorende bij de Legesverordening Rucphen 2025

33

34

35

Behoort bij het besluit van de raad van de gemeente Rucphen van 11 december 2024 tot vaststelling van de Legesverordening Rucphen 2025. De griffier van Rucphen,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14903937/1