29b2 Bijlagen-D01-81057213-irr-GRP Rucphen
Tekst van het document
Periodiek wordt aan de deelnemers gevraagd of er wijziging of herziening nodig is. Alle deelnemers zijn positief over de samenwerking en zetten deze structureel voort. Omdat het een losse overeenkomst betreft zal deze niet meer onder de Waterkring vallen.
12
4
Regionale ambitie en doelen
Regio de Baronie wil zich voorbereiden op het veranderende klimaat door gezamenlijk aan klimaatadaptatie te werken. Dat doen we al meerdere jaren en we zijn al goed op weg. We vinden als aandeelhouders in de regio nu een verbreding en versnelling nodig. Daarvoor gaan we met een nieuw uitvoeringsprogramma aan de slag. In dit hoofdstuk beschrijven we de klimaatadaptatie ambitie van De Baronie, onze regionale doelstellingen (van de klimaatkring en de waterkring), de visie op de regionale samenwerking en de samenhang met andere netwerken.
4.1
Ambitie in de Baronie
Onze ambitie is om als regio de Baronie klimaatbestendig en waterrobuust te zijn in 2050. We dragen bij aan het bouwen van leefbare, gezonde steden, dorpen en buitengebied, aan het vestigingsklimaat in de regio en aan versterking van de biodiversiteit. We bereiden ons voor op watertekorten, wateroverlast en een warmer klimaat. Zo bouwen we aan onze weerbaarheid tegen toenemende weersextremen. Wateroverlast Hevige neerslag leidt niet tot schade aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen. Vitale en kwetsbare functies en voorzieningen blijven beschikbaar.
Hitte Tijdens perioden van hitte biedt de gebouwde omgeving verkoeling en een gezond leefklimaat.
Droogte Langdurige droogte leidt niet tot structurele schade aan bebouwing, funderingen, wegen, natuur, landbouw, water en vitale en kwetsbare functies.
Waterveiligheid De gebouwde omgeving en landelijk gebied zijn middels gevolgbeperking voorbereid op overstromingen door dijkdoorbraken.
De regionale ambitie staat niet op zichzelf maar past bij de klimaatadaptatie ambities van de lokale overheden binnen de Baronie en bij de afspraken die gemeenten, waterschappen, provincie en het Rijk maakten in het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie.
4.2
Visie op de regionale samenwerking
We staan in de Baronie voor een grote opgave om klimaatbestendig te worden. Er zijn fysieke maatregelen en veranderingen op allerlei fronten nodig. Daarom gaan we door met het uitvoeren van projecten. Hiervoor staan de individuele deelnemers in de Klimaatkring de Baronie (gemeenten, waterschap en drinkwaterbedrijf) aan de lat. Lokaal komt ten slotte een gebiedsgerichte aanpak tot zijn recht. Het devies is: zelf doen wat kan en samen doen wat nodig is (vanuit een inhoudelijk of procesmatig gezamenlijke behoefte). De Klimaatkring neemt dus geen lokale verantwoordelijkheden over. In plaats daarvan committeren we ons op het schaalniveau van de regio aan het stimuleren en ondersteunen van deze projecten. Daarbij richten we ons specifiek op regionale doelstellingen (zie paragraaf 4.3 voor de Klimaatkring en paragraaf 4.4 voor de Waterkring). Daarnaast is het (verder) integraal borgen van klimaatadaptatie in de denk- en werkwijzen van de organisaties in de Klimaatkring een doelstelling voor de lange termijn. Ons ultieme doel is om als Klimaatkring in de toekomst niet meer noodzakelijk te zijn omdat klimaatadaptatie verankerd is in water-, groen-, maar ook in bijvoorbeeld woon-, werk- en mobiliteitsbeleid. Dit doel en de bijbehorende aanpak staat ander uitgewerkt in hoofdstuk 5 (Organisatie).
13
4.3
Doelen Klimaatkring de Baronie
De doelstellingen van Klimaatkring de Baronie voor dit regionale uitvoeringsprogramma zijn: 1. Prio-projecten kracht bijzetten We geven een impuls aan de uitvoeringscapaciteit en -processen van klimaatadaptatie projecten die we prioriteren als waardevol voor de hele regio.
2. Samenwerken op thema’s We gaan voor meerdere thema’s intensief samenwerken om – afhankelijk van de behoeften bij dat thema – onze kennis te vergroten en met een gezamenlijke aanpak stappen te zetten.
3. Procesondersteuning We ondersteunen klimaatadaptatie in de Baronie procesmatig met bijdragen aan inzicht, sturing, verbinding en financiering. Inzicht: We houden in beeld wat de klimaatadaptatie opgave is en welke projecten er plaatsvinden, zijn uitgevoerd of gepland staan. Ook houden we zicht op ons regionetwerk. Sturen: We bieden richting aan de klimaatadaptatie opgave door met elkaar te formuleren wanneer we het klimaatbestendig (genoeg) is en welke richtlijnen ons daarbij helpen. Verbinden: We behouden en versterken het inmiddels opgebouwde netwerk van partners in de regio, om te blijven voorzien in de behoefte aan onderlinge uitwisseling en verbinding. Financieren: We werken mee aan een regionale investeringsagenda en wenden cofinanciering aan voor klimaatadaptatieprojecten in de regio
De regionale doelstellingen zijn ontstaan uit een langlopend proces van afstemming in de regio. Onderliggend zijn de klimaatstresstesten en de integrale klimaatonderlegger. Hierover zijn risicodialogen gevoerd, om de regionale opgaven te bepalen en prioriteren. Hieruit volgenden vele bouwstenen om te vertalen naar dit uitvoeringsprogramma. Met brede bijeenkomsten, een enquête en een participatief schrijfproces zijn deze doelstellingen geland in het programma.
14
4.4
Doelen Waterkring de Baronie
In de Waterkring werken de specialisten en beleidsadviseurs op het gebied van (afval)water samen aan de volgende doelen: Verminderen van de kwetsbaarheid van de keten
Verlagen van de kosten van de keten
Verhogen van de kwaliteit van de keten
De waterkring werkt daarbij met de volgende speerpunten: Positioneren van werkzaamheden onder een gezamenlijk verhaal
Verbinding maken met andere gebiedsgerichte processen
Toewerken naar overzicht in de (investerings)agenda’s
4.5
Koppeling met andere netwerken
In de Baronie werken we als Klimaatkring niet alleen. Er gebeurt veel op het gebied van klimaatadaptatie, op allerlei schaalniveaus. Soms noemen we dit klimaatadaptatie, soms groenperspectief, gebiedsontwikkeling, beeklandschap van de toekomst of toeristische aantrekkelijkheid. We manoeuvreren als Klimaatkring tussen de diverse schaalniveaus waar aan deze onderwerpen wordt gewerkt, van het landelijke DPRA, tot provinciaal/Zuid-Nederland, werkregioniveau en de lokale gemeentelijke inzet op klimaatadaptatie. Maar ook tussen de vele samenwerkingsverbanden en netwerken op andere thema’s dan klimaatadaptatie. Voor een optimale inzet bepalen we de positionering van Klimaatkring de Baronie in dit speelveld:
15
Brabantse Omgevingsvisie Brabantse ambities voor de fysieke leefomgeving in 2050, met een gebiedsgerichte en samenhangde aanpak Stedelijke Agenda BrabantStad Gezamenlijke inzet op aantrekkelijkheid, bereikbaarheid en concurrentiekracht van de Brabantse stedelijke regio Natuurnetwerk Brabant Voor de realisatie van aaneengesloten Brabantse natuurgebieden
Brabantse Visie Klimaatadaptatie Uitwerking van het Omgevingsvisie-onderdeel Klimaatproof en samenwerking met partners daartoe Stedelijke Regio Breda Tilburg Voor het realiseren van de woonagenda met balans tussen wonen, werken, mobiliteit en landschap
Water- en Klimaatkring de Baronie
Regionale Investeringsagenda regio Breda Meerjarige ambities van tien gemeenten voor gezonde groei in en van de regio en de bijbehorende investeringsopgaven
Regio West-Brabant Inzet op economie, arbeidsmarkt, mobiliteit en ruimte voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat
Regionale Energie strategie RWB Voor een regionale aanpak van de energietransitie in regio West-Brabant
LandStad de Baronie Streeknetwerk voor samenwerkingen op het gebied van landschapsarchitectuur
Van Gogh Nationaal Park Samenwerking tussen Brabantse partners voor een mooie, gezonde en groene leefomgeving
Figuur 3 Overzicht van netwerken waar we als Water- en Klimaatkring de Baronie mee verbonden zijn en aan bijdragen
Op regionale schaal zijn we als Klimaatkring in the lead op het thema klimaatadaptatie. Veel hieraan gerelateerde onderwerpen zijn echter al geborgd in deze diverse netwerken. Als Klimaatkring zitten we dan aan tafel, zoals bij de Stedelijke Regio Breda Tilburg. Onze inzet sluiten we aan bij of passen we aan op andere lopende processen. Door zo goed mogelijk aangehaakt te zijn, kunnen we enerzijds kennis, leer- en praktijkervaringen binnenhalen voor ons werk in de Klimaatkring. Anderzijds dragen wij ook bij aan het realiseren van de andere regionale opgaven. Projecten ontstaan, worden versterkt en/of verbreed door de samenwerking met bijvoorbeeld streeknetwerk LandStad de Baronie, projectteam Van Gogh Nationaal Park en de Regionale Energie Strategie. Zo staan we in onze aanpak niet op onszelf en bereiken we voor de Baronie meer.
4.6
Vergelijking met andere werkregio’s Zuid-Nederland
In de Baronie stellen we het proces centraal in ons uitvoeringsprogramma. Dat betekent dat de drie programmalijnen (zie paragraaf 6.2) aan de basis staan. Hieraan koppelen we onze activiteiten voor de komende jaren. Als inhoudelijk kader hierbij formuleren we de opgaven/thema’s waarvoor we in de regio aan de lat staan. Voorbeelden hiervan zijn toekomstbestendige werklocaties, klimaatbestendige beekdalen en bosgebieden in de Baronie (zie paragraaf 6.1). Deze thema’s zijn inhoudelijk vergelijkbaar met andere werkregio’s. Hier worden de raakvlakken met uitvoeringsprogramma’s van andere werkregio’s inzichtelijk. Bijvoorbeeld Waterkring West stelt vijf inhoudelijke thema’s centraal en bouwt daar haar programma op voort (waar wij vertrekken vanuit drie processuele programmalijnen). Het op deze wijze aanvliegen van het uitvoeringsprogramma volgt logischerwijs uit de wijze waarop we als regio de afgelopen jaren al aan klimaatadaptatie hebben gewerkt. Ondanks de verschillende aanvliegroutes, zijn er voldoende raakvlakken tussen ons programma en de programma’s van andere werkregio’s in Zuid-Nederland om de synergie te benutten en waar mogelijk opgaven samen aan te pakken.
16
5
Organisatie
Het voorliggende uitvoeringsprogramma beschrijft de plannen van Water- en Klimaatkring de Baronie voor 2022 en de jaren daarna. In 2020 en 2021 werkten we ook al aan een meerjarenprogramma. Om de organisatie voor de komende jaren op te zetten, bouwen we deels voort op de ervaringen van het afgelopen meerjarenprogramma. Voor de nieuwe periode leggen we onze ambitie echter weer wat hoger. Dat vraagt meer organisatiecapaciteit. We kijken daarom ook naar de successen in de organisatieaanpak voor de RES.
5.1
Organisatie Klimaatkring
In de evaluatie van 2020 en 2021 is geconcludeerd dat de ambities van de Klimaatkring hoog zijn maar niet overal de gewenste voortgang is gehaald. De Klimaatkring concludeert dat het uitdagend is om de gewenste uren te investeren. Om die reden kiezen we voor de komende periode om een overkoepelend programmamanagement in te richten. Een programmanagement is noodzakelijk om dit programma uit te voeren en om de voortgang daarvan de bewaken. We stellen daarom een programmateam op en waarborgen in de organisatiestructuur de aansturing daarvan. De organisatiestructuur voor de uitvoering van het Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie de Baronie is als volgt: Wie
Voor
Frequentie
Secretaris
Dagelijkse uitvoering
Doorlopend
Vanaf 2023: Regisseur(s)
Dagelijkse uitvoering
Doorlopend
Ambtenaren Klimaatkring leden
Uitvoering Inbreng leveren Deelnemen Aansturing (inhoud)
Zeswekelijks
Management Klimaatkring leden
Aansturing (inhoud, proces en budget)
Zeswekelijks
Bestuurders Klimaatkring leden
Aansturing (proces en budget)
Halfjaarlijks
Programmateam
Management stuurgroep Bestuurlijke stuurgroep
Doorlopend
* De betrokkenheid van uitvoeringspartners (zoals de Veiligheidsregio en Natuurmonumenten) is een essentieel klankbord. De verbinding met deze partijen is gewaarborgd in hun deelname aan de regiobijeenkomsten en de thematische werkgroepen.
Het programmateam staat aan de lat om dit programma uit te voeren. Het team bestaat uit: Leden Klimaatkring de Baronie De leden van Klimaatkring de Baronie (gemeenten, waterschap en Brabant Water) hebben een essentiële rol in het programmateam. De ambtenaren die binnen deze organisaties verantwoordelijk zijn voor het thema klimaatadaptatie zetten zich in voor: deelname aan regionale activiteiten, input en gebieds/vakkennis leveren aan de uitvoerders, of zelf een uitvoerende rol aannemen. Wanneer nodig mobiliseren zij ook hun collega’s van andere vakdisciplines om bij te dragen. Een vertegenwoordiger van de Provincie Noord-Brabant neemt ambtelijk deel aan de Klimaatkring. Regisseur(s) De regisseur(s) is verantwoordelijk voor het uitvoeren van het programma en voor het coördineren waar uitvoering door anderen nodig is. Daarnaast bewaakt de regisseur de onderlinge verbinding tussen de programma’s van de Klimaatkring en de Waterkring. De regisseur neemt ook deel aan het Platform Klimaatadaptatie Zuid-Nederland. Verder heeft de regisseur een coachende rol om de Klimaatkring handvatten te geven voor het integraal borgen van klimaatadaptatie in de gemeentelijke organisaties. De 17
regisseur is alert op nieuwe kansen/initiatieven om in het kader van het regionale uitvoeringsprogramma verder te brengen. Ten slotte houdt de regisseur andere relevante ontwikkelingen in de regio en in ZuidNederland in de gaten, evenals best practices in andere werkregio’s. Voor al deze taken verzorgt de regisseur een terugkoppeling naar de Klimaatkring en de stuurgroepen. De regisseur(s) rol vullen we in met externe inhuur vanaf 2023 (zie ook hoofdstuk 8). Secretaris De secretaris ondersteunt de regisseur(s) en de leden van de Klimaatkring bij de uitvoering van het programma. Diverse uitvoerende taken komen ook volledig bij de secretaris te liggen. Naast (ondersteunen van) uitvoering, is de secretaris verantwoordelijk voor het overzicht, verslaglegging van de voortgang, communicatie en het organiseren van de structurele aansturing. Deze samenstelling waarborgt enerzijds dat er een stevige organisatie staat om het programma ook daadwerkelijk uitgevoerd te krijgen. Anderzijds zorgen we er met dit programmateam voor dat de Klimaatkring deels wordt ontzorgd in het uitvoeren van het programma en tegelijk goed kan meepraten en aansturen. Zie de bijlage voor een specificatie van de tijdsbesteding van het programmateam evenals de kosten voor de inhuur. In 2020 en 2021 is de Klimaatkring ondersteund door een klimaattrainee.
Op die manier liggen er mogelijkheden om een junior medewerker ervaring op te laten doen en zijn handjes beschikbaar om de regisseur te ondersteunen en de secretarisrol in te vullen. Met deze organisatiestructuur waarborgen we naast de nodige uitvoeringscapaciteit ook de voortgangsbewaking. Op ambtelijk, management en bestuurlijk niveau is structurele aansturing ingebouwd. De aansturing is bedoeld om op de hoogte te blijven van de voortgang en gezamenlijk te kunnen bijsturen indien nodig. Binnen het programmateam combineren we de inzet van externe inhuur en de leden van de Klimaatkring. Met een zeswekelijks voortgangsoverleg voor het programmateam houden alle betrokkenen zicht op de voortgang, stemmen ieders activiteiten met elkaar af en sturen de ontwikkelingen aan. Naast deze ambtelijke aansturing zijn er buiten het programmateam twee stuurgroepen: management en bestuurlijk. De management stuurgroep komt eveneens zeswekelijks bij elkaar. Ieder halfjaar komen de relevante bestuurders (portefeuillehouders klimaatadaptatie) bij elkaar. De stuurgroepen worden bijgepraat over de voortgang van het programma en sturen de uitvoering waar nodig bij.
5.2
Organisatie Waterkring
Waterkring de Baronie bestaat uit dezelfde leden (gemeenten, waterschap en Brabant Water) als de Klimaatkring. Dit wordt echter ambtelijk ingevuld door de specialisten en beleidsadviseurs op het gebied van (afval)water. De organisatie voor de Waterkring blijft gelijk aan de voorgaande jaren. In vergelijking met de Klimaatkring, is er bij de Waterkring geen sprake van structurele externe inhuur in de vorm van een programmateam. Externe inhuur vindt plaats op projectbasis. De ambtelijk betrokkenen vormen daarom in essentie het programmateam. Zij werken zij in diverse samenstellingen aan de projecten in het uitvoeringsprogramma van de Waterkring. Bij bepaalde projecten zijn alle Waterkring-leden betrokken, bij andere projecten niet. Daarnaast is er voor ieder project een trekker aangewezen (zie hoofdstuk 7 voor de nadere toelichting). Ten slotte participeren de betrokkenen bij de Waterkring waar nodig ook in voor de activiteiten van het Klimaatkring programma. Net als bij de Klimaatkring, komen de betrokken ambtenaren van de Waterkring samen ten behoeve van de voortgang van het programma. De stuurgroepen vanuit het management en het gemeentebestuur zoals genoemd bij de organisatie van de Klimaatkring, geven ook sturing aan de Waterkring.
18
5.3
Integraal werken aan klimaatadaptatie
Klimaatadaptatie vraagt om anders werken. Integraal werken en relaties leggen met andere opgaven in de fysieke leefomgeving. Iedere ruimtelijke (her)ontwikkeling moet klimaatadaptief uitgevoerd worden. Voor echte integrale afwegingen is een nieuwe aanpak nodig met meer flexibiliteit. Dit past in de geest van de Omgevingswet waar participatie wordt bevorderd door minder regels en meer speelruimte. Daarnaast vraagt het voortdurende verbetering van lerend vermogen en omgaan met nieuwe kennis, technieken en inzichten. Dit alles kost tijd en vraagt goede samenwerking van Water- en Klimaatkring, maar ook samenwerking met andere beleidsvelden en samenwerking met de directe omgeving, denk aan inwoners, bedrijven, instanties en samenwerkingsverbanden als Land Stad Baronie, Van Gogh Nationaal Park en Regio West-Brabant. Een lange termijn doel met betrekking tot de organisatie van klimaatadaptatie is het uiteindelijk borgen van het regionale programma in de interne organisaties van de Klimaatkring zelf. De inhuur van een programmateam ondersteunt en ontzorgt ons nu. Maar de aanpak van klimaatadaptatie, ook de regionale aspecten die we nu in dit uitvoeringsprogramma borgen, wordt integraal onderdeel van ons handelen als organisaties. De externe inhuur binnen het programmateam heeft daarom naast een uitvoerende rol ook een coachende rol.
Om de Klimaatkring leden die daar behoefte aan hebben, handvatten te bieden om klimaatadaptatie integraal in te bedden in hun organisatie. Het gaat om opgaven zoals aanpassing van werkprocessen en het vergroten van draagvlak, urgentie en kennis van klimaatadaptatie in het vakgebied van collega’s. Binnen de interne organisaties en tussen de verschillende beleidsvelden en vakgebieden dienen we elkaar tijdig te betrekken bij klimaatadaptatie vraagstukken en moeten we inzicht en vertrouwen hebben in elkaars kennis en kunde op het gebied van klimaatadaptatie en de eigen vakkennis. Om ook andere beleidsvelden te betrekken bij klimaatadaptatie, nodigen we collega’s uit om deel te nemen aan onderdelen binnen dit uitvoeringsprogramma. Zo richten we (tijdelijke) thematische werkgroepen op ten behoeve van de versnelling van klimaatadaptatie binnen bepaalde thema’s en organiseren we regionale bijeenkomsten om de verbinding tussen verschillende beleidsvelden en relevante (strategische) partners op gebied van klimaatadaptatie te vergroten.
5.4
Monitoring en evaluatie
Een regelmatige check op de uitvoering van het programma is noodzakelijk. We monitoren daarom de voortgang: zijn voldoende middelen beschikbaar om doelen te halen en zitten we nog op de juiste koers? Alleen daarmee kunnen we evalueren en tijdig bijsturen. Het programmateam bewaakt en monitort de voortgang van het totale uitvoeringsprogramma. Die uitvoering wordt tegen het licht van de geformuleerde ambitie en regionale doelen gehouden. In de stuurgroep overleggen worden het management en bestuurders bijgepraat. Driemaandelijks worden de opgerichte thematische werkgroepen die samenwerken aan regionale klimaatadaptatie opgaves geëvalueerd., om de meerwaarde van deze werkgroepen te beoordelen en de behoefte aan een vervolg te peilen. Op deze manier kunnen waar nodig meerjarige werkgroepen ontstaan, terwijl we andere thema’s (regionaal) afronden en nieuwe thema’s oppakken. Jaarlijks stelt de secretaris een voortgangsrapportage op. Hierin reflecteren waar we als regio staan, wat eventuele knelpunten zijn, de voortgang van de huidige koers en bepalen we de voortzetting. Op basis van het resultaat formuleren we eventueel noodzakelijke verbetervoorstellen. De resultaten van de monitoring koppelen we terug in regionale bijeenkomsten.
19