250623 ABM CDA TV + ANTW (Kadernota)
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAAG COMMISSIE ABM
vraag gesteld door:
A. Lambregts en E. van Kalmthout/ CDA-fractie
datum vergadering:
23 juni 2025
betreft:
Agendapunt: 6 Kadernota 2026
VRAAG: In het kader van inzicht krijgen in de financiële ruimte en keuzes, met de afspraak uit het hoofdlijnen akkoord van maximaal 2% ozb-stijging per jaar in ons achterhoofd, willen wij vragen om een technische doorrekening van de volgende scenario’s met betrekking tot de ontwikkeling van de OZBtarieven: Vraag 1: Zijn er verschillende scenario’s voor het verhogen van de ozb afgewogen? Wij noemen de volgende scenario’s waarin we graag inzicht willen krijgen: Scenario 1: • OZB-stijging in 2025: +2% (gebruikelijke inflatiecorrectie) • OZB-stijging in 2026: +2% (gebruikelijke inflatiecorrectie) • OZB-stijging in 2027: +13,46% (voorgestelde verhoging) Vraag 2: Wat is het meerjarig effect (t/m 2029) van dit scenario op de structurele inkomsten en op het begrotingssaldo? Scenario 2: Richting 2028 de ozb stijging uitsmeren door het toepassen van een ‘inlooppad’ met als voorbeeld maximaal 5% stijging per jaar.
• OZB-stijging in 2026: +max 5% • OZB-stijging in 2027: +max 5% • OZB-stijging in 2028: +max 5% • OZB-stijging in 2029: +max 5% Vraag 3: Wat is het meerjarig effect (t/m 2029) van dit scenario op de structurele inkomsten en op het begrotingssaldo? Vraag 4: Heeft een van deze scenario’s gevolgen voor het voorstel vrijval ten gunste van de reserve IHP (onderdeel 5.7)? Vraag 5: Geldt de voorgestelde ozb stijging van 13,46% voor zowel particulieren als bedrijven? En verder hadden wij nog enkele losse vragen over het stuk: Vraag 6: Voor 2026 was er de mogelijkheid om 10% van de algemene reserve in te zetten om het gat in de begroting te sluiten. Geldt deze mogelijkheid in 2029 ook nog?
-2-
Vraag 7: Op pagina 37 lezen we uitstel vervanging abonnementstarief WMO. Voor Rucphen komt dit neer op een bedrag van €295.000,00. Zorgt dit nu voor een voordeel of een nadeel voor Rucphen in 2026? Zijn de gevolgen voor het nieuwe abonnementstarief al meegenomen in de meerjarenbegroting? Vraag 8: Op pagina 36 worden de gederfde inkomsten uit ozb vanwege proceskostenvergoedingen geraamd op €8000,-. Wat bedroegen deze kosten in de afgelopen jaren voor ons al gemeente? Vraag 9: Op pagina 22 staat de subsidie klimaatadaptatie Gagelrijzen gecursiveerd, is er een onzekerheid over deze subsidieverlening?
ANTWOORD: Antwoord vraag 1: In de Kadernota worden de uitgangspunten voor de lokale lasten van 2026 vastgelegd. Er is door ons alleen afgewogen of en in hoeverre we in 2026 de ozb willen verhogen. Het vaststellen van het tarief is namelijk een autonome bevoegdheid van uw raad. We kunnen niet vooruitlopen op besluitvorming van een nieuwe gemeenteraad in 2027 - 2029. De enige uitzondering is een vaste inflatiecorrectie van 2%.Er zijn om voornoemde redenen geen meerjarige scenario’s voor het verhogen van de onroerendezaakbelastingen (ozb) afgewogen. Antwoord vraag 2: SCENARIO 1 We gaan uit van een typefout in de jaartallen en dat er 2026, 2027, 2028 moet staan i.p.v. 2025, 2026, 2027. Voor 2029 gaan we uit van een verhoging van 2%. Dit geeft de volgende begrotingssaldi. Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Begrotingssaldo meerjarenraming 2026-2029 uit de Programmabegroting 2025, inclusief wijzigingen t/m 2 juli 2025
-542.492
65.291
407.035
925.942
Totaal claims t.l.v. algemene dekkingsmiddelen (3.)
-2.854.194
-2.994.307
-3.093.597
-3.128.617
Totaal bezuinigingen (3.)
689.199
625.196
619.075
625.038
Ontwikkelingen in het benodigde kapitaallastenbudget, inclusief de effecten van het liquiditeitenverloop (5.4.2)
-102.434
-204.501
-221.179
-226.591
Kostenontwikkelingen uit deelname in gemeenschappelijke regelingen (5.4.3 )
-29.268
-33.818
-42.568
-138.839
Onroerende zaakbelastingen (5.5.2 )
30.000
30.000
523.077
532.938
Overige heffingen, rechten en leges (5.5.3)
16.000
16.000
16.000
16.000
Algemene uitkering gemeentefonds (5.5.5)
2.704.826
2.441.127
925.721
1.139.280
Dividend Bank Nederlandse Gemeenten (5.5.6)
4.000
4.000
4.000
4.000
Aanvullende maatregelen om het meerjarig tekort te verkleinen (5.5.7)
322.645
253.370
196.041
115.000
Totaal geraamd saldo 2026-2029 Kadernota 2026
238.282
202.358
-666.395
-135.849
Incidentele baten en lasten
-6.755
Reëel en structureel begrotingssaldo met verhoging van 2%, 2%, 13,46%, 2%
231.527
202.358
-666.395
-135.849
Verschil met Kadernota 2026
-474.000
-474.000
19.077
28.938
-3-
Er is een negatief effect op begrotingsjaren 2026 en 2027. Per saldo daalt het begrotingsresultaat met € 900.000,00. Een verlaging van het resultaat betekent dat we minder tegenvallers kunnen opvangen en/of minder kunnen sparen. Antwoord vraag 3: SCENARIO 2 Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Begrotingssaldo meerjarenraming 2026-2029 uit de Programmabegroting 2025, inclusief wijzigingen t/m 2 juli 2025
-542.492
65.291
407.035
925.942
Totaal claims t.l.v. algemene dekkingsmiddelen (3.)
-2.854.194
-2.994.307
-3.093.597
-3.128.617
Totaal bezuinigingen (3.)
689.199
625.196
619.075
625.038
Ontwikkelingen in het benodigde kapitaallastenbudget, inclusief de effecten van het liquiditeitenverloop (5.4.2)
-102.434
-204.501
-221.179
-226.591
Kostenontwikkelingen uit deelname in gemeenschappelijke regelingen (5.4.3 )
-29.268
-33.818
-42.568
-138.839
Onroerende zaakbelastingen (5.5.2 )
154.065
286.815
428.734
580.329
Overige heffingen, rechten en leges (5.5.3)
16.000
16.000
16.000
16.000
Algemene uitkering gemeentefonds (5.5.5)
2.704.826
2.441.127
925.721
1.139.280
4.000
4.000
4.000
4.000
Aanvullende maatregelen om het meerjarig tekort te verkleinen (5.5.7)
322.645
253.370
196.041
115.000
Totaal geraamd saldo 2026-2029 Kadernota 2026
362.347
459.173
-760.738
-88.458
Dividend Bank Nederlandse Gemeenten (5.5.6)
Incidentele baten en lasten
-6.755
Reëel en structureel begrotingssaldo met verhoging van 5%, 5%, 5%, 5%
355.592
459.173
-760.738
-88.458
Verschil met Kadernota 2026
-349.935
-217.185
-75.266
76.329
Er is een negatief effect op de begrotingsjaren 2026, 2027 en 2028. In 2029 is het effect positief omdat de totale stijging cumulatief hoger is dan de Kadernota 2026 (13,46%, 2%, 2%, 2%). Per saldo daalt het begrotingsresultaat met € 566.000,00. Een verlaging van het resultaat betekent dat we minder tegenvallers kunnen opvangen en/of minder kunnen sparen. Antwoord vraag 4: Beide scenario’s hebben geen effect op de vrijval ten gunste van de reserve IHP. In beide gevallen blijft de vrije ruimte binnen de Algemene reserve positief. Antwoord vraag 5: De voorgestelde stijging geldt voor zowel woningen als niet-woningen. Antwoord vraag 6: Dat is op dit moment nog niet bekend. Jaarlijks ontvangt de gemeente een begrotingscirculaire, waarin de spelregels en aandachtspunten zijn opgenomen. Hieraan dient de gemeente zich te houden bij het opstellen van de Programmabegroting. Voor 2026 is in de circulaire aangegeven dat de inzet van de algemene reserve (10% van het vrij besteedbare deel) is toegestaan. Voor het jaar 2029 moeten we dit dus nog afwachten. Antwoord vraag 7: Doordat het de vervanging van het abonnementstarief WMO met een jaar is uitgesteld (van 1 januari 2026 naar 1 januari 2027), wordt de uitname uit het Gemeentefonds in de meicirculaire 2025 teruggestort. Dit is dus een meevaller/voordeel in 2026 voor de gemeenten en voor Rucphen betreft dit afgerond € 295.000,00.
-4-
Omdat hier nog steeds veel onduidelijkheid over heerst, zijn de gevolgen voor het nieuwe abonnementstarief nog niet meegenomen in de meerjarenbegroting. Op pagina 18 van de Kadernota, onderdeel toekomstige ontwikkelingen wordt dit ook toegelicht. Antwoord vraag 8: De kosten hebben we niet inzichtelijk, omdat deze tot en met 2025 in de begroting van de Belastingsamenwerking West-Brabant waren opgenomen en werden verrekend in onze deelnemerbijdrage. Wel kunnen we een indicatie geven op basis van het aantal waardebezwaren. Het bedrag van € 8.000,00 is gebaseerd op een begroot aantal bezwaarschriften van 370. In 2023 en 2024 hebben we respectievelijk 513 en 260 waardebezwaren ontvangen. Antwoord vraag 9: De subsidie betreft een inkomst. Omdat het een inkomst betreft hebben we dit bedrag cursief gemaakt in het investeringsprogramma van de Kadernota 2026. We hebben de beschikking met betrekking tot deze middelen reeds ontvangen, dus er bestaat hier geen onzekerheid.