23. WVS Ontwerp jaarstukken WVS
Tekst van het document
Tekortkomingen en/of aandachtspunten met een verhoogd risico/verhoogde impact Tekortkomingen en/of aandachtspunten met een hoog risico/grote impact
Beperkte tekortkomingen en of/of bijzondere aandachtspunten Onderwerp
Bevindingen 2025
Verwijzing
Signalering 2025
Financiële positie
Begin silhouet
Saldo van baten en lasten
Saldo van baten en lasten (1.676.000 positief) is 1,48% van totale baten (€ 112.859.000).
Gerealiseerd resultaat
Resultaat na reservemutaties (€ 830.000 positief) is 0,8% van totale baten inclusief reservemutaties (€ 112.963.000). 5
I. Inleiding 2. GR WVS in beeld 2/3 Onderwerp
Bevindingen 2025
Verwijzing
Signalering
2025 Netto Schuldquote
De netto schulden (€ 4.242.000) naar rato van de baten (€ 112.859.000) betreft 3,75%. Volgens de normen van de toezichthouder wordt dit als ‘minst risicovol’ beschouwd.
Solvabiliteit
Eigen vermogen (€ 8.176.000) is 29,7% van totaal vermogen (€ 27.482.000). Een solvabiliteit van 29,7% wordt door de toezichthouder als ‘neutraal’ beschouwd. Terwijl een solvabiliteit onder de 20% als zeer risico wordt aangeduid.
Weerstandsvermogen
Het beschikbare weerstandsvermogen na resultaatbestemming is gelijk aan de benodigde weerstandscapaciteit volgens het onderzoek van Deloitte zijnde € 7 mln.
II.5
IT-beheersing
Wij hebben geen belangrijke aandachtspunten geconstateerd ten aanzien van de IT-beheersing. Wel adviseren wij om de BIO2 te borgen door middel van een ISO27001 certificering.
III.2
Fraude
De basis is op orde. Wij hebben een aantal adviezen gegeven ten aanzien van de frauderisicoanalyse. Het is van belang om de belangrijkste frauderisico's te verankeren in de verbijzonderde interne controle.
III.3
Procesbeschrijvingen
Alle essentiële (financiële) werkprocessen zijn beschreven via AFAS workflows. Een verdiepend overzicht van de processen worden ten behoeve van de interne controle nog niet in het 6W format, inclusief de bijbehorende financiële beheerhandelingen, uitgeschreven. Wij adviseren om de beheersmaatregelen ten aanzien van de belangrijke risico’s apart te beschrijven.
Interne beheersing
Begin silhouet
ML
6
I. Inleiding 2. GR WVS in beeld 3/3 Onderwerp
Bevindingen 2025
Verwijzing
Signalering
2025
Interne beheersing Verbijzonderde interne WVS verricht verbijzonderde interne controle (VIC). Wij zien aandachtspunten en verbetermogelijkheden voor de verdere doorontwikkeling van de VIC. controle
ML
Een belangrijk ontwikkelpunt betreft het structureel inschatten van de financiële risico's op het niveau van de transactiestromen in de jaarrekening, om vervolgens vast te stellen in hoeverre er interne beheersingsmaatregelen ingericht zijn om deze risico's af te dekken en zo niet om compenserende controlewerkzaamheden uit te voeren. Personeels- en salarisadministratie
Wij hebben over het verslagjaar geen bevindingen geconstateerd.
ML
Inkopen
Wij hebben over het verslagjaar geen bevindingen geconstateerd.
ML
Betalingen
Wij hebben over het verslagjaar geen bevindingen geconstateerd. Naar aanleiding van onze interim controle is er een procesverbetering doorgevoerd.
ML
Begin silhouet
7
I. Inleiding 3. Controle-object, status accountantscontrole en (voorlopig) oordeel
Ons controle-object is de jaarrekening 2025 van gemeenschappelijke regeling WVS.
Uitkomst controle De accountantscontrole is uitgevoerd overeenkomstig Nederlands recht, Nederlandse controlestandaarden en het Controleprotocol WNT.
Kerngegevens van de gecontroleerde jaarrekening: Jaarrekening GR WVS
2025
2024
Totale baten
€ 112.863.000
€ 110.354.000
Totale lasten
€ 111.187.000
€ 105.136.000
Mutaties reserves
-€ 846.000
€ - 203.000
Gerealiseerd resultaat
€ 830.000
€ 300.000
€ 2.223.000
€ 1.051.000
Materialiteit
Datum van vaststelling DB (30 Maart 2026) en goedkeuring (AB): 13 april 2026
De accountantscontrole is nagenoeg afgerond en dit accountantsverslag bevat onze voorlopige bevindingen.
De verwachte strekking van onze controleverklaring bij de jaarrekening 2025 is een oordeel met beperking.
Wij hebben bij de jaarstukken een door het dagelijks bestuur ondertekende bevestiging ontvangen.
Begin silhouet
8
I. Inleiding 4. Materialiteit en goedkeuringstoleranties
Bij de uitvoering van onze controle hebben wij geen afwijkingen geconstateerd.
Hieronder hebben wij een overzicht opgenomen van de controleverschillen die niet in de jaarrekening 2025 zijn gecorrigeerd. Onderstaand zijn alle afwijkingen die individueel > rapporteringstolerantie opgenomen. Overige afwijkingen < de rapporteringstolerantie zijn cumulatief opgenomen. Omschrijving
Totaal
Materialiteit voor fouten en onzekerheden
Getrouwheid Fouten
Onzekerheden
-
-
€0
€0
€ 2.233.000
De aanpassing van het BADO heeft de volgende gevolgen voor de controle van de jaarrekening 2025 van de GR; • Vanaf 2025 bedraagt de materialiteit 2% van de totale lasten, exclusief dotaties aan reserves • De goedkeuringstolerantie was voor fouten 1% en voor onzekerheden 3%. Voor 2025 is dit samengevoegd tot 2%.
Niet gecorrigeerde controleverschillen De niet-gecorrigeerde controleverschillen overschrijden de goedkeuringstolerantie niet.
Begin silhouet
9
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole
1. 2. 3. 4. 5. 6.
Algemene controlebevindingen bij de jaarrekening Standaard en specifieke risico’s bij de jaarrekeningcontrole Wet normering topinkomens (WNT) Weerstandsvermogen en continuïteitsveronderstelling Voorzieningen Rechtmatigheidsverantwoording
Begin silhouet
10
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 1. Onze algemene controlebevindingen bij de jaarrekening zijn positief 1/2
De jaarrekening 2025 voldoet aan het besluit begroting en verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV)
Het jaarverslag voldoet aan de daaraan te stellen eisen.
Jaarverslag COS720 De inhoud van het jaarverslag voldoet aan de daaraan te stellen eisen en is niet in strijd met de jaarrekening en met de kennis die wij hebben verkregen tijdens de controle.
Wijzigingen grondslagen Er zijn geen wijzigingen doorgevoerd in het stelsel voor de financiële verslaglegging.
Resultaat Het gerealiseerde resultaat na mutaties in de reserves is € 830.000 positief.
Oordeel met beperking Wij zijn voornemens een controleverklaring met beperking te verstrekken bij de jaarstukken 2025. Naar ons oordeel geeft de jaarrekening 2025 een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2025 en van het vermogen per 31 december 2025, uitgezonderd de WNT-aangelegenheden ten aanzien van intra-groep detachering.
In 2025 is het beschikbare weerstandsvermogen na resultaatverdeling toegenomen tot € 7,0 miljoen. Het bedrag aan resultaat boven het passende niveau van weerstandsvermogen wordt uitgekeerd aan de deelnemers.
Begin silhouet
11
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 1. Onze algemene controlebevindingen bij de jaarrekening zijn positief 2/2
Rechtmatigheidsverantwoording Het dagelijks bestuur heeft in de rechtmatigheidsverantwoording aangegeven dat de onrechtmatigheden lager zijn dan de daarvoor gestelde grens. De onrechtmatigheden over 2025 hebben betrekking op: 1. Acceptabele begrotingsafwijkingen. Wij hebben de conclusies van het dagelijks bestuur betrokken bij de onderbouwing van ons getrouwheidsoordeel.
Speerpunten Door het algemeen bestuur zijn aan ons voor de controle 2025 geen aanvullende aandachtspunten meegegeven.
WNT Wij hebben bij onze controle van de WNT opgave in de jaarstukken geen afwijkingen geconstateerd die de materialiteitsgrenzen overschrijden.
Begin silhouet
12
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 2. Voor de jaarrekeningcontrole zijn door ons naast standaardrisico’s ook enkele specifieke risico’s geïdentificeerd
Standaardrisico’s • Doorbreking van interne beheersingsmaatregelen door het management (frauderisico) • Afwijkingen in de WNT-verantwoording.
Specifieke risico’s • Rechtmatigheid van de aanbesteding. • Volledigheid en nauwkeurigheid van de voorzieningen.
Controlebevindingen Uit de controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd om in te spelen op deze risico’s zijn geen bijzonderheden gebleken: • De WNT-verantwoording voldoet aan de eisen van de publicatieverplichting. • Er zijn geen afwijkingen van de Europese aanbestedingsrichtlijnen geconstateerd. • Er zijn geen afwijkingen geconstateerd ten aanzien van de volledigheid en de nauwkeurigheid van de voorzieningen.
Begin silhouet
13
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 3. Wet normering topinkomens (WNT) Inhoud controleverklaring Wij hebben bij onze controle van de WNT vastgesteld dat de publicatie in de jaarstukken 2025 voldoet aan de eisen van het WNT-controleprotocol.
WNT Het algemene bezoldigingsmaximum van € 246.000 (2026: € 262.000) is van toepassing voor de GR. Wij hebben vastgesteld dat de WNT-verantwoording in alle van materieel belang zijnde aspecten is opgesteld in overeenstemming met de WNT.
Intra-groep detachering Wij zijn niet in staat geweest om vast te stellen of in de overige doorbelaste kosten nog bezoldigingscomponenten zijn opgenomen die aan het vervullen van de topfunctie moeten worden toegerekend, omdat de bepalingen bij en krachtens de WNT niet voorzien in een limitatieve opsomming van de componenten die tot de WNT-bezoldiging gerekend moeten worden voor zowel 2024 als 2025. Daarnaast zijn wij niet in staat gebleken om vast te stellen of de verantwoorde deeltijdfactor van de betreffende topfunctionarissen overeenkomt met de praktijk, onder meer omdat bepalingen in de WNT niet voorzien in de wijze van toerekening van groepsbrede activiteiten aan individuele WNTinstellingen voor zowel 2024 als 2025. De directeur is vanaf 1 december 2025 formeel in dienst getreden bij GR WVS waardoor deze onzekerheid in de toekomst zal worden opgeheven.
Begin silhouet
Advies Het toetsen aan de bezoldigingsafspraken is niet de verantwoordelijkheid van de controlerend accountant en dit maakt dan ook geen onderdeel uit van het WNT-protocol. Wij adviseren bij wijzigingen om dit intern te toetsen.
14
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 4. Weerstandsvermogen en continuïteitsveronderstelling Risicomanagement en weerstandsvermogen
Risicomanagement vindt onder andere plaats in de vorm van een risicotabel, waarin WVS de risico’s in beeld brengt en periodiek monitort. In de jaarstukken 2025 is een risicotabel opgenomen in de paragraaf “Weerstandsvermogen en Risicobeheersing”.
Het weerstandsvermogen komt uit op € 7,0 miljoen na resultaatverdeling. In de paragraaf Weerstandsvermogen & Risicobeheersing is vermeld dat volgens het meest recente onderzoek van Deloitte een passende stand is van het weerstandsvermogen voor WVS.
Hoewel er geen harde norm is voor de gewenste omvang van het weerstandsvermogen, kan worden gesteld dat GR voldoende weerstandscapaciteit bezit om onvoorziene financiële tegenvallers op te vangen. Tegenvallers zullen door de deelnemers opgevangen moeten worden.
De beoordeling van de continuïteitsveronderstelling voor de jaarrekening De controle van de jaarrekening van GR WVS is aan te merken als een Vrijwillige controleopdracht.
Wij kunnen ons vinden in de door de GR opgestelde continuïteitsveronderstelling.
De meerjarenbegroting 2026-2029 van GR WVS laat een structureel sluitend beeld zien. Voor het begrotingsjaar 2026 en verder is uw GR uitgegaan van een daling van het exploitatieresultaat. De begroting laat een daling van de Rijksbijdrage WVS zien met een verhoging van de overige bedrijfskosten. Deze daling van het exploitatieresultaat wordt gedekt door een verhoging van de gemeentelijke bijdrage.
Begin silhouet
15
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 5. Voorzieningen Voorzieningen Het opstellen van de jaarrekening vereist dat WVS een oordeel vormt en schattingen maakt, die van invloed zijn op de toepassing van de grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen en van de baten en lasten. De schattingen en de hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden en verschillende andere factoren die, gegeven de omstandigheden, als redelijk worden beschouwd. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. Een goed inzicht in de jaarrekening vraagt kennis van de door de WVS opgestelde schattingen. De schattingen met een materiële impact lichten wij hier kort toe.
Begin silhouet
Personele voorzieningen Het opslagpercentage van het spaarverlof is geactualiseerd op basis van de werkelijke salarislasten over 2025. Het is van belang dat deze inschatting jaarlijks plaatsvindt om zo een beste schatting te maken van de verwachte uitstroom van middelen als gevolg van het spaarverlof. Op basis van uitspraken van de Commissie BBV is ook voor SW-bedrijven een voorziening voor RVU verplichtingen van toepassing. WVS heeft naar aanleiding van deze uitspraken deze voorziening gevormd.
Begin silhouet
16
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 6. Rechtmatigheidsverantwoording 1/3 Rechtmatigheidsverantwoording
De door het DB opgestelde rechtmatigheidsverantwoording is in de jaarrekening opgenomen. De tekst voldoet aan het voorgeschreven model. Er zijn drie criteria geformuleerd om de financiële rechtmatigheid te toetsen en concreet te maken: 1. Het voorwaardencriterium 2. Het begrotingscriterium en 3. Misbruik en oneigenlijk gebruik Bij het opstellen van de jaarrekening legt het DB in de rechtmatigheidsverantwoording verantwoording af over deze drie criteria.
Het DB heeft in de rechtmatigheidsverantwoording aangegeven binnen de grens van 2% van de lasten niet rechtmatig gehandeld te hebben. De belangrijkste in 2025 geconstateerde onrechtmatigheden zijn: - € 3.9 miljoen aan begrotingsonrechtmatigheden.
Het voorwaardencriterium schrijft voor dat financiële handelingen alleen mogen plaatsvinden onder de voorwaarden zoals opgenomen in de wet of in een verordening
Het budgetrecht bepaalt dat de AB toestemming geeft om het te realiseren beleid per programma binnen de vastgestelde of bijgestelde begroting uit te voeren. Uitgangspunt is dat iedere overschrijding van de begroting onrechtmatig is.
Het is aan de GR WVS om effectieve maatregelen te treffen om misbruik en oneigenlijk (M&O) gebruik te voorkomen. Op basis van de eisen in de wet- en regelgeving heeft door de GR WVS de vertaling plaatsgevonden naar de opzet van de interne organisatie.
De door de GR geconstateerde begrotingsafwijkingen passen binnen bestaand beleid en worden daarom aangemerkt als acceptabel. Wij zijn van mening dat de in de jaarstukken 2025 opgenomen rechtmatigheidsverantwoording getrouw is. Begin silhouet
Begin silhouet
17
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 6. Rechtmatigheidsverantwoording 2/3 Rechtmatigheidsafwijking
Rechtmatigheidsfout
Rechtmatigheidsonduidelijkheid
Waarvan acceptabel
Waarvan niet-acceptabel
Begrotingsoverschrijding WVS
€ 3.900.000
€0
€ 3.900.000
€0
Overschrijding investeringskredieten
€0
€0
€0
€0
Subtotaal begrotingscriterium
€ 3.900.000
€0
€ 3.900.000
€0
Geen afwijkingen
€0
€0
€0
€0
Subtotaal voorwaardencriterium
€0
€0
€0
€0
€ 3.900.000
€0
€ 3.900.000
€0
Begrotingscriterium
Voorwaardencriterium
TOTAAL
Begin silhouet
Begin silhouet
18
II. Bevindingen bij de jaarrekeningcontrole 6. Rechtmatigheidsverantwoording 3/3 Verbijzonderde interne controle De verbijzonderde interne controle is door de GR in overeenstemming met het IC jaarplan 2025 uitgevoerd. De controles zijn tijdig afgerond en de bevindingen zijn opgenomen in de IC jaarrapportage. Wij hebben geadviseerd om in het IC jaarplan vooral te richten op die financiële risico’s waarin een afwijking van materieel belang mogelijk is.
Door de GR zijn met betrekking tot de financiële rechtmatigheid de volgende afwijkingen geconstateerd. • De gerealiseerde lasten zijn € 3,9 miljoen hoger dan geraamd. Voor een totaal van 1,4 mln. zijn voor deze hogere lasten direct compenserende baten en zijn daarmee acceptabel. Voor het restant aan overschrijdingen zijn deze overschrijdingen tijdig gemeld aan het AB en is daarmee acceptabel.
Oordeel rechtmatigheidsverantwoording De door de GR geconstateerde begrotingsafwijkingen passen binnen bestaand beleid en daarom aangemerkt als acceptabel.
Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording is het een vereiste dat het DB in de paragraaf Bedrijfsvoering een toelichting geeft op alle afwijkingen die zijn opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Daarnaast dient te worden beschreven welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen. Wij hebben daarnaast vastgesteld dat alle onrechtmatigheden zoals vermeld in de Rechtmatigheidsverantwoording, zijn toegelicht in de paragraaf Bedrijfsvoering,
In de financiële verordening is opgenomen dat in de paragraaf Bedrijfsvoering fouten of onduidelijkheden groter dan € 150.000 dienen te worden toegelicht. Begin silhouet
Begin silhouet
19
III. Interne beheersing
1. 2. 3.
Interne beheersmaatregelen en risico’s geautomatiseerde gegevensverwerking IT-Beheersing Fraude
Begin silhouet
20
III. Interne beheersing 1. Interne beheersingsmaatregelen en risico’s geautomatiseerde gegevensverwerking
Er zijn geen significante tekortkomingen geconstateerd in de interne beheersingsmaatregelen en geen belangrijke risico’s geïdentificeerd voor de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking.
Samenvatting van de aanbevelingen • Als onderdeel van de jaarrekeningcontrole hebben wij een interim-controle uitgevoerd. Onze bevindingen en aanbevelingen met betrekking tot de interne beheersingsmaatregelen hebben wij gerapporteerd in onze managementletter 2025. Wij vinden dat er binnen de GR WVS – rekening houdend met de aard en omvang van de (administratieve) organisatie - geen sprake is van tekortkomingen in de voor de jaarrekeningcontrole relevante interne beheersingsmaatregelen die wij hier zouden moeten rapporteren.
21
III. Interne beheersing 1. Interne beheersingsmaatregelen en risico’s geautomatiseerde gegevensverwerking
Er zijn geen significante tekortkomingen geconstateerd in de interne beheersingsmaatregelen en geen belangrijke risico’s geïdentificeerd voor de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking.
De belangrijkste risico’s ten aanzien van geautomatiseerde gegevensverwerking hebben betrekking op: • onvoldoende inzicht in de procedures bij en het presteren van dienstverleners (geen ISAE 3402); • periodieke controle op rechten en bevoegdheden. Wij hebben inzicht verkregen in de wijze dat WVS omgaat met bovenstaande risico's. WVS maakt gebruik van een structurele aanpak ten aanzien van de belangrijkste IT risico's. Wij geven in overweging om een ISO27001 certificering te realiseren ter verdere borging van de IT risico's.
Wij vragen u blijvende aandacht te hebben voor: • een actueel ICT-beleidsplan; • een periodieke controle op rechten en bevoegdheden binnen de voor de jaarrekeningcontrole relevante applicaties; • het monitoren van de uitvoering van gemaakte afspraken in servicelevel agreements; • het vastleggen van veranderingen in netwerk, systeembeheer en dataopslag; • fysieke en logische toegangsbeveiliging ten aanzien van netwerk/firewalls/-wachtwoordbeleid etc.; • back-up en recoveryprocedures en periodiek testen daarvan; • het zichtbaar maken van afspraken met leveranciers inzake het monitoren van de back-ups en het periodiek testen van de back-up procedure. Wij merken op dat bovenstaande onderdelen een vast onderdeel vormen van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid en dat WVS streeft om minimaal aan deze baseline te voldoen.
22
III. Interne beheersing 3. Fraude 1/2 Fraude
De accountant is verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het DB. Ingeval van fraude door het DB melden we dit aan de AB. Wij merken op dat onze controlewerkzaamheden in het kader van de jaarrekening niet specifiek gericht zijn op het ontdekken van fraude. Meer informatie hierover is te vinden in de NBA-Brochure Verplichte rapportage over fraude en continuïteit in de controleverklaring bij de jaarrekening; wat betekent dit voor u als klant.
Verantwoordelijkheid accountant De accountant is niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor de preventie van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s bij de planning en uitvoering van zijn werkzaamheden. Voor een nadere toelichting verwijzen wij naar onze opdrachtbevestiging 2025.
Begin silhouet
Verantwoordelijkheid dagelijks Bestuur De primaire verantwoordelijkheid voor het voorkomen en detecteren van fraude berust bij het DB, inclusief het invoeren en onderhouden van interne beheersingsmaatregelen inzake de betrouwbaarheid van de financiële verslaggeving, de werking en efficiency van de bedrijfsvoering, en de naleving van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Als accountant verkrijgen wij een redelijke, maar geen absolute, zekerheid dat de jaarrekening als geheel geen afwijkingen van materieel belang bevat, als gevolg van fraude of fouten.
Begin silhouet
23
III. Interne beheersing 3. Fraude 2/2 Frauderisico-analyse WVS heeft beleid dat gericht is op het systematisch identificeren en beheersen van frauderisico’s. Wij constateren dat er in de bedrijfsvoering maatregelen zijn getroffen om de risico’s te beheersen. Deze maatregelen bestaan hoofdzakelijk uit het toewijzen van taken en verantwoordelijkheden, het realiseren van functiescheiding, inrichten van procedures, intern toezicht en externe controle. Naar onze mening wordt het risico van (materiële) fraude en overtreding van wet- en regelgeving hierdoor in voldoende mate teruggebracht. Wel hebben wij geadviseerd om de belangrijke frauderisico’s te betrekken in de verbijzonderde interne controle. De NBA heeft op 19 maart 2025 handreiking 1153 Frauderisicoanalyse gepubliceerd. Deze handreiking helpt controlerend accountants om de standaarden goed toe te passen bij het maken van hun frauderisicoanalyse als onderdeel van de algehele risicoanalyse. Zie ook NBA-handreiking 1153: Frauderisicoanalyse Er zijn tijdens de door ons uitgevoerde reguliere controlewerkzaamheden geen materiële onjuistheden als gevolg van fraude geconstateerd. Daarnaast hebben wij geen signalen ontvangen van geconstateerde fraudes en is er geen sprake van het vermoeden van fraude. Begin silhouet
Wij adviseren om; • De frauderisicoanalyses beperken zich vaak tot het aspect ‘gelegenheid’ van de fraudedriehoek en specifiek op het onderdeel hard controls. Om inzicht te krijgen in de ‘soft controls’ en ook in de onderdelen druk en rationalisatie van de fraudedriehoek is het van belang om ook de organisatiecultuur onderdeel van de analyse te maken. • Het is aan te bevelen om alle maatregelen die worden getroffen om te zorgen voor een cultuur van openheid en integriteit waarbij eventuele misstanden bespreekbaar zijn mee te nemen in de frauderisicoanalyse.
Begin silhouet
24
IV. Actuele ontwikkelingen
1. 2.
Notitie verwonderpunten Commissie BBV Publieke managementletter NBA
Begin silhouet
25
IV. Actuele ontwikkelingen 1. Notitie verwonderpunten Commissie BBV Notitie verwonderpunten Commissie BBV De Commissie BBV heeft eind 2025 de notitie Advies Verwonderpunten uitgebracht, waarin zij diverse voorstellen doet om het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) te vereenvoudigen en de informatievoorziening voor algemeen bestuur te verbeteren. Via de volgende link is de notitie te benaderen Publicatie verwonderpunten BBV · Commissie BBV (Besluit Begroting en Verantwoording).
Doelstelling Het advies is bedoeld om het BBV toekomstbestendig te maken, de transparantie te vergroten en de vergelijkbaarheid tussen decentrale overheden te verbeteren
De notitie is ontstaan vanuit signalen uit de praktijk en eerdere ‘verwonderpunten’ die controllers van vooral grotere gemeenten hadden geïdentificeerd. De Commissie BBV heeft deze verzameld en vertaald naar concrete wijzigingsvoorstellen. Daarbij gaat het om onderwerpen zoals: • Presentatie van het financiële resultaat, dat nu vaak tot begripsverwarring leidt. • Verbetering van de paragraaf financiële positie, waaronder een effectievere en compacter inzichtgeving. • Eenduidiger waarderingsregels en betere aansluiting op RJ- en IFRS-principes. • Uitbreiding van paragrafen (zoals kapitaalgoederen en investeringen) om raadsleden meer inhoudelijk inzicht te geven in risico’s en beleidskeuzes. De notitie vormt daarmee een belangrijke stap richting een eenvoudiger, consistenter en beter uitlegbaar BBV-kader. Begin silhouet
Begin silhouet
26
IV. Actuele ontwikkelingen 2. Publieke managementletter NBA
De publieke managementletter ‘Vertrouwen in de kwetsbare keten’ van de NBA van februari 2026 geeft inzicht in steunpunten en risico’s voor informatieveiligheid. Zie Vertrouwen in de kwetsbare keten. Samenvatting
Advies Kennisnemen en evalueren van deze publieke managementletter.
Verwevenheid vergroot kwetsbaarheid Ketens worden langer en ondoorzichtiger – inzicht in leveranciers én onderaannemers is een randvoorwaarde voor continuïteit. Assurance is geen garantie Rapporten geven zekerheid over een afgebakende scope en periode, maar vervangen nooit het bestuurlijk oordeel over ketenrisico’s. Nieuwe kaders, nieuwe verantwoordelijkheden DORA, NIS2 en duurzaamheidseisen maken digitale weerbaarheid en datakwaliteit een expliciete verantwoordelijkheid van bestuur én commissarissen.
Weerbaarheid is een bestuursverantwoordelijkheid De vraag is niet óf een verstoring plaatsvindt, maar hoe snel organisaties herstellen en hoe goed dat vooraf is georganiseerd. Voorstel voor ‘samenwerken aan ketenzekerheid’ 0-meting van informatiebeveiliging bij interimcontrole 2026 aan de hand van bestaande veldnormen zoals NIS2. Begin silhouet
De auditor als verbinder van vertrouwen Waarde ontstaat wanneer accountants, IT-auditor en internal audit signalen delen en bestuurders helpen onzekerheden bespreekbaar te maken. Auditdisciplines in beweging: samenwerken aan ketenzekerheid Geen enkele discipline overziet de hele keten alleen – samenwerking is nodig om een compleet risicobeeld te leveren. 27
V. De algehele evaluatie van onze controleopdracht geeft enkele bijzondere attentiepunten
1.
Onafhankelijkheid en het verloop van de controleopdracht
Begin silhouet
28
V. De algehele evaluatie van onze controleopdracht geeft geen bijzondere attentiepunten 1. Onafhankelijkheid en het verloop van de controleopdracht 1/2 Onze controleopdracht is goed verlopen
De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de ‘Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)’ en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen Verstegen accountants ingebed. Op basis van onze toetsing concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij GR WVS in 2025 voldoende is gewaarborgd. Begin silhouet
Er waren geen belangrijke onvoorziene tekortkomingen in de interne beheersing; waardoor aanvullende controlewerkzaamheden moesten worden opgezet en uitgevoerd.
De concept-jaarrekening was bij aanvang van onze jaarrekeningcontrole van goed niveau. Ook waren belangrijke issues (bijvoorbeeld schattingen, reserveringen, voorzieningen, schattingswijzigingen, stelselwijzigingen) in de jaarrekening voldoende onderbouwd.
Het jaarverslag is tijdig aan ons opgeleverd ter verdere beoordeling. De samenwerking is prettig verlopen.
De analyses, specificaties en documentatie die wij hebben opgevraagd voorafgaand aan de controle van de jaarrekeningcontrole (inclusief SISA) zijn tijdig en compleet opgeleverd tijdens de uitvoering van onze controlewerkzaamheden. 29
V. De algehele evaluatie van onze controleopdracht geeft geen bijzondere attentiepunten 1. Onafhankelijkheid en het verloop van de controleopdracht 2/2 Onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht
Wij bevestigen onze onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht: • Adviesdiensten zijn niet geleverd.
Begin silhouet
Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties met de gemeenschappelijke regeling Wij hebben een evaluatie gemaakt van de persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Verstegen, onze partners, onze medewerkers en de gemeenschappelijke regeling die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken die aan u gerapporteerd dienen te worden.
Interne roulatie. Een te grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen kan een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountant wanneer bepaalde leden van het controleteam geregeld en voor lange tijd aan de controle van een controlecliënt meewerken. Wij beoordelen de bedreiging voor de onafhankelijkheid die kan voortvloeien uit de langdurige betrokkenheid van de leden van het controleteam bij de controleopdracht. Waar nodig nemen wij maatregelen om deze bedreiging weg te nemen. Onze beoordeling heeft geen aanleiding gegeven om teamleden bij de gemeenschappelijke regeling te rouleren.
Geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid De Nederlandse onafhankelijkheidsregels vereisen dat de eindverantwoordelijke accountant de met Algemeen Bestuur informeert over geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid die Verstegen, een partner of een ander lid van het controleteam heeft ontvangen van of verstrekt aan de gemeenschappelijke regeling of een bij de gemeente betrokken persoon. Hierbij is een drempel van € 100 opgenomen in de regels. Wij hebben geen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid met een (geschatte) waarde van meer dan € 100 ontvangen of verstrekt, en zijn daarom van mening dat er geen sprake is van een bedreiging voor de onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht. 30
VII. Slot Resterende opmerkingen Worden de jaarstukken nog gewijzigd? Laat het ons weten! Na ontvangst van de ondertekende jaarstukken, zullen wij deze jaarstukken waarmerken en onze controleverklaring daaraan toevoegen. Vaststelling van de jaarstukken 2025 door de Algemeen Bestuur moet voor 15 juli 2026 plaatsvinden.
Het delen van deze rapportage met derden is op eigen risico.
Tot slot Wij vertrouwen erop dat wij u met dit accountantsverslag voldoende hebben geïnformeerd over onze controlebevindingen en dat wij u van dienst zijn geweest met de vermelde ontwikkelingen en aanbevelingen.
Partner / accountant
Handtekening
Jaap Schot MSc RA j.schot@verstegenaccountants.nl
<Signer1>
Opdrachtmanager Erwin Damhuis MSc RA e.damhuis@verstegenaccountants.nl Begin silhouet
31
Onderwerp:
voorstel tot vaststelling van de jaarrekening 2025
Dos. 49 A
Aan het algemeen bestuur. Bijgaand bieden wij u aan de ontwerp jaarrekening 2025 van WVS. De jaarrekening 2025 is door de accountant (Verstegen Accountants & Adviseurs) gecontroleerd. Het accountantsverslag 2025 is ter informatie bijgevoegd. De accountant heeft ten aanzien van de jaarrekening 2025 een controleverklaring met een beperking afgegeven. Deze verklaring is bijgevoegd (./.). Deze beperking heeft betrekking op het feit dat de algemeen directeur van WVS (die in het kader van de Wet Normering Topinkomens (WNT) wordt aangemerkt als een topfunctionaris) gedurende het grootste deel van 2025 formeel niet in dienst was van WVS maar van Flexkompaan BV. Flexkompaan BV is 100 % eigendom van Propeople Holding BV die op haar beurt weer 100 % eigendom is van WVS. De algemeen directeur kwalificeert bij WVS (de WNT-instelling) waar hij naartoe is gedetacheerd als topfunctionaris zonder dienstbetrekking. Er is dan sprake van een zogenaamde intra-groep detachering. Door onduidelijkheid in de (landelijke) regelgeving (normenkader) is de accountant niet in staat om een accountantsverklaring hieromtrent af te geven. Dit is een landelijk probleem waar WVS niets aan kan doen. Voor alle duidelijkheid: dit heeft dus niets te maken met de hoogte van de salariëring van de algemeen directeur.
Overigens is de algemeen directeur per 1 december 2025 in dienst getreden van WVS, waardoor dit ‘probleem’ voor de toekomst is opgelost. De jaarrekening 2025 sluit met een voordelig exploitatieresultaat van € 830.000,- (2024: € 5.518.000,- positief). Het totale resultaat van WVS komt tot stand uit drie hoofdactiviteiten, te weten het subsidieresultaat, het operationeel resultaat en de bijzondere baten en lasten. Daarnaast is in 2025 een divenduitkering ontvangen uit het resultaat van de (private) deelneming van WVS in WVS Schoonmaak Vof. Het positieve resultaat is voor een deel te danken aan niet bedrijfsvoerings gerelateerde zaken. Hierbij moet met name worden gedacht aan een hogere stijging van de rijksbijdrage Wsw (begroot 3 %, werkelijk 5,4 %). Maar in 2025 is tevens een uitstekend operationeel resultaat behaald. Het subsidieresultaat (de subsidie doelgroep minus de personeelskosten doelgroep) was in 2025 € 1.145.000,- nadeliger dan begroot. Het subsidieresultaat is met name nadelig beïnvloed door de vorming van de RVU-voorziening ad € 2.216.000,-. Een toelichting hierop treft u hierna. Het operationeel resultaat is € 6.008.000,- hoger dan begroot. De bedrijfsonderdelen van WVS hebben in 2025 vrijwel allemaal een uitstekend financieel resultaat geboekt. In totaal is er € 1.886.000,- meer toegevoegde waarde gerealiseerd.
De rentebaten en -lasten waren € 494.000,minder dan begroot. Door de extra ontvangsten was de financieringsbehoefte lager. Tevens ontving WVS in 2025 een hogere begeleidingsvergoeding voor beschut werk en is er een bedrag ontvangen als extra bijdrage loonkostensubsidie, vooruitlopend op de te verwachten wetswijziging waarbij de loonkostensubsidie voor beschut werk forfaitair wordt vastgesteld op 68 %.
De incidentele baten en lasten bedroegen in 2025 € 4.034.000,- negatief. Dit betreft de lagere kosten in verband met een geringe onderrealisatie SW van 10,36 SE, alsmede de extra kosten voor de reserving van € 1,4 miljoen voor uitstaande verlofdagen en vakantiegeld van de Flexompaan-medewerkers en het treffen van een voorziening van € 2,2 miljoen voor het gebruikmaken van de RVU-regeling in de Cao SW. Een toelichting hierop treft u hierna aan. Daarnaast dient de dotatie aan de bestemmingsreserves Impulsbudget en Infrastructurele gelden ad € 846.000 als incidentele last te worden verantwoord. Omdat Flexkompaan BV dit jaar moet worden aangemerkt als een middelgrote onderneming, gaan er andere (boekhoudkundige) regels gelden. Eén van de nieuwe regels is dat een reservering moet worden opgenomen voor de uitstaande verlofdagen en het vakantiegeld van de Flexkompaan-werknemers. Dit gaat om een bedrag van € 1,4 miljoen. Binnen Flexkompaan wordt dan een schuld opgenomen voor dit bedrag aan het personeel en een vordering aan WVS voor hetzelfde bedrag. Hierdoor is ten laste van het resultaat van 2025 door WVS een bedrag voorzien van € 1,4 miljoen. Sedert enkele jaren kent de Cao SW een zogenaamde RVU-regeling. Dit betekent dat een SWmedewerker ervoor kan kiezen om vanaf 2 jaar vóór de pensioendatum te stoppen met werken.
De medewerker blijft dan in dienst bij WVS en ontvangt dan tot aan de pensioendatum een RVU-uitkering. In de RVU-uitkeringsperiode ontvangt WVS nog de rijksbijdrage voor deze medewerker, zodat de regeling voor WVS financieel neutraal verloopt. Nu heeft de Commissie BBV bepaald dat vanaf dit jaar een voorziening moet worden opgenomen voor de RVUregeling. Dit is een verplichting. In verband hiermee is ten laste van het resultaat 2025 een RVU-voorziening opgenomen van € 2,2 miljoen. WVS neemt via haar private ondernemingen (Propeople Holding BV en WVS Facilitair BV) voor de helft (samen met Vebego) deel aan WVS Schoonmaak Vof. De winst van WVS Schoonmaak Vof wordt jaarlijks uitgekeerd en gaat voor de helft naar WVS. Deze winst is in de afgelopen jaren gebruikt voor de aflossing van de geldlening die WVS ooit aan Propeople Holding BV heeft verstrekt. Inmiddels is deze geldlening volledig afbetaald. In 2025 is het dividend van WVS Schoonmaak Vof toegevoegd aan de algemene reserve van Propeople Holding BV. In 2025 werden door WVS in opdracht van de deelnemende gemeenten in totaal 1363,24 SE (Standaard Eenheden SW) gerealiseerd (2024: 1463,30 SE). In 2025 was sprake van een onderrealisatie van 10,36 SE SW. Hierdoor hadden we iets minder loonkosten ten opzichte van de ontvangen rijksbijdrage.
Om goed en betrouwbaar te kunnen opereren dient WVS te beschikken over een adequate algemene reserve. In 2024 is door Deloitte Accountants onderzocht wat het meest passende niveau van het weerstandsvermogen van WVS is, rekening houdend met de liquiditeitsbehoefte en de financiële risico’s. Het gaat hierbij dan met name om risico’s die onvoorzien zijn en waarvoor op korte termijn dekking gevonden moet worden. Uit het onderzoek van Deloitte is gebleken dat een weerstandsvermogen van € 7 miljoen voor WVS noodzakelijk is. Dit bedrag past binnen de in de Nota Verbonden Partijen aangegeven bandbreedte. Een reserve van € 7 miljoen is ten opzichte van de begrote lasten in de begroting 2027 een percentage van 7 %. Uw algemeen bestuur heeft naar aanleiding van het advies van Deloitte op 1 juli 2024 besloten om
pagina 2 van 4
spelregels vast te stellen met betrekking tot de reserve van WVS. Eén van de spelregels is dat, mits het financiële resultaat dit toestaat, de algemene reserve geleidelijk zal groeien tot maximaal € 7 miljoen. Tot en met ultimo 2025 bedraagt de reserve € 6,5 miljoen. Het financiële resultaat over 2025 bedraagt (vóór accountantscontrole) € 830.000,-. In het voorstel tot vaststelling van de jaarrekening wordt voorgesteld om ten laste van het resultaat 2025 een bedrag van € 0,5 miljoen toe te voegen aan de reserve. De reserve is dan volledig gevuld. Het overige resultaat van € 330.000,- zal dan worden uitgekeerd aan de 9 deelnemende gemeenten, conform de verdeling zoals die is afgesproken in de gemeenschappelijke regeling WVS. Resumerend stellen wij u voor: 1. de ontwerp jaarrekening 2025 vast te stellen, overeenkomstig het bijgevoegde ontwerp besluit; 2. ten laste van het voordelig saldo een bedrag van € 500.000,- toe te voegen aan de algemene reserve; 3. het resterende voordelig saldo, zijnde een bedrag van € 330.000,-, uit te keren aan de deelnemende gemeenten naar rato van het aantal Wsw-werknemers, beschut werkers en participanten dat uit iedere gemeente afkomstig is per 1 januari 2024.
Roosendaal, 30 maart 2026. Het dagelijks bestuur van WVS, de secretaris,
de voorzitter,
P.F.J.M. Havermans
T.C. Melisse.
pagina 3 van 4
Het algemeen bestuur van WVS; gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur dd. 30 maart 2026, no. 49A; gelet op de gemeenschappelijke regeling WVS;
besluit:
1. de ontwerp jaarrekening 2025 van WVS vast te stellen, overeenkomstig de gewaarmerkte bijlage; 2. ten laste van het voordelig saldo een bedrag van € 500.000,- toe te voegen aan de algemene reserve; 3. het resterende voordelig saldo, zijnde een bedrag van € 330.000,-, uit te keren aan de deelnemende gemeenten naar rato van het aantal Wsw-werknemers, beschut werkers en participanten dat uit iedere gemeente afkomstig is per 1 januari 2024.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van WVS op 6 juli 2026.
De secretaris,
P.F.J.M. Havermans
pagina 4 van 4
De voorzitter,
De colleges van B&W van de 9 aangesloten gemeenten c.c. de gemeenteraden
Onderwerp
begroting 2027 WVS
Uw brief van Ons kenmerk Bijlagen
45 A 2 Roosendaal, 15 april 2026
Geacht college, Hierbij bieden wij u aan de ontwerp begroting 2027 & meerjarenraming t/m 2030 van WVS en de aanbiedingsnota aan het algemeen bestuur. Deze brief is tevens toegezonden aan de raadsgriffies. De ontwerp begroting 2027 zal worden behandeld in de vergadering van het algemeen bestuur van WVS op maandag 6 juli 2026. Wij verzoeken u de eventuele zienswijze(n) van uw gemeente, indien mogelijk, uiterlijk 26 juni a.s. aan ons toe te zenden. Wij vertrouwen er op u hiermee voldoende te hebben ingelicht. Hoogachtend, het dagelijks bestuur van WVS, de secretaris, de voorzitter,
P.F.J.M. Havermans
T.C. Melisse.
Ontwerp begroting 2027 Meerjarenraming 2028 - 2030
Inhoudsopgave
1. Voorwoord Algemeen Directeur
3
2. Financiële begroting en meerjarenraming
6
2.1 Uitgangspunten begroting 2027 en meerjarenraming 2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD 2.3 Overzicht van baten en lasten 2025 - 2030 2.4 Financiële positie 2.5 Risicoparagraaf
6 10 12 13 14
3. Overige begrotingsinformatie
18
3.1 Weerstandsvermogen 3.2 Wet Open Overheid
18 18
Bijlagen 1. Resultatenrekening 2027 - 2030 Overhead 2. Balans per ultimo 2025 - 2027 3. Overzicht lang- en kortlopende leningen 4. Overzicht reserves en voorzieningen 5. Overzicht van investeringen in vaste activa 6. Gemeentelijke bijdrage 2027 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente 2027
WVS - Ontwerpbegroting 2027
19 20 21 22 23 24 25
2
1. Voorwoord Algemeen Directeur WVS WVS is nog steeds één van de grootste werkgevers in West-Brabant met meer dan tweeduizend werknemers woonachtig in onze deelnemende gemeenten. WVS werkt, als werkontwikkelbedrijf van West-Brabant, samen met de ISD Brabantse Wal en het Werkplein, om een steeds groter wordende groep inwoners die aan de zijlijn staan weer een betere toekomst te bieden. Gezamenlijk gaan we de uitdaging aan om zoveel als mogelijk de groep inwoners die al langer aan de zijlijn staan, te laten participeren en te ontwikkelen naar liefst loonvormende arbeid. Wij geloven dat we door meer samen te werken, in staat zijn om de maatschappelijke kosten te laten dalen en het maatschappelijke rendement te laten stijgen. Voor u ligt de begroting 2027 en de meerjarenraming 2028 tot en met 2030 van WVS. Deze begroting is gebaseerd op de gegevens die we weten vanuit de mei- en septembercirculaire 2025. De acties voortkomend uit het programma WegWijzer c.q. de samenwerking met de ISD en het Werkplein zijn, voor zo ver als mogelijk, meegenomen in deze begroting en zijn met beide partijen afgestemd. De begroting moet dan ook in samenhang worden bekeken met de begrotingen van de ISD en het Werkplein. WVS voert vanuit de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening en het beschut werken uit. Daarnaast ontwikkelt WVS mensen die de route naar werk niet zelfstandig kunnen maken.
Het gezamenlijke doel van de samenwerking met de ISD en het Werkplein voor 2027 en de meerjarenraming 2028 tot en met 2030, is om meer inwoners in ontwikkeling te zetten. Mede hiervoor is in 2024 ‘Startpunt’, het centrum voor een verdiepende diagnose, opgericht om inwoners gerichter te kunnen ontwikkelen op basis van hun vaardigheden. Hierdoor kunnen we onze bijstandsgerechtigde inwoners waaronder jongeren en statushouders nog beter in hun kracht zetten. Alle projecten in het programma WegWijzer bieden een vergaande verbetering van de samenwerking tussen ISD, Werkplein en WVS met als doel om meer kwetsbare inwoners in West-Brabant te ontwikkelen. WVS heeft vanuit het verleden te maken met hogere loonkosten t.o.v. het landelijk gemiddelde terwijl de bedrijfskosten en de verhouding reguliere medewerkers versus doelgroepmedewerkers lager liggen. Het inverdienvermogen ligt echter weer hoger t.o.v. het landelijk gemiddelde. WVS zit daarmee in de top van best presterende werkontwikkelbedrijven in Nederland zoals blijkt uit het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van SZW en de benchmark van de branchevereniging Cedris. In deze meerjarenraming is goed nagedacht over de financieel lastige jaren die onze deelnemende gemeenten voor de boeg hebben.
Wij blijven qua uitgaven scherp aan de wind zeilen en streven door intensievere samenwerking met ISD en Werkplein meer inwoners aan de slag te helpen dan wel geactiveerd te krijgen. ( x € 1.000)
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Operationeel resultaat
2.014
2.028
2.161
2.899
4.280
7.145
Incidentele baten en lasten
4.140
1.833
-879
-248
-17
-3.187
Gemeentelijke bijdrage
8.058
5.593
7.532
7.700
8.135
4.866
Subsidieresultaat*
-10.076
-8.740
-7.746
-7.634
-6.880
-7.994
Totaal resultaat
4.136
714
1.068
2.717
5.518
830
* Het subsidieresultaat is het verschil tussen de rijksbijdrage/loonkostensubsidie en de loonkosten doelgroep. In 2020, 2021 en 2022 heeft WVS te kampen gehad met Covid-19. De compensatie vanuit het Rijk is verantwoord onder de incidentele baten en lasten. In 2025 zijn de verlofsaldi van Flexkompaan BV doorbelast aan WVS (1,4 mln) en is er een RVU voorziening Wsw gevormd (2,2 mln).
3
WVS - Ontwerpbegroting 2027
Factoren die een bepalende rol spelen bij het al dan niet realiseren van de begroting van 2027 zijn: 1. Subsidies 2. Kostenbeheersing 3. Algemene economische situatie 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door de gemeenten 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen 7. Uitstroom SW en leidinggevend SW-kader 8. WAADI (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs) 9. Cao SW 10. Cao Aan de Slag (Wet Arbeidsmarkt in Balans) 11. Compensatie transitievergoeding Ad 1. Subsidies De begroting is gebaseerd op het voorlopig toegekende Wsw-participatiebudget voor 2027 o.b.v. de meicirculaire 2025 zijnde € 43.140,- en met 3 % LPO € 45.767,-. Dit is inclusief de compensatie voor het wegvallen van de LIV. Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Naast de hoogte van het bedrag speelt ook de toekenning van de (fictieve) taakstelling een steeds belangrijkere rol. Door het Rijk is besloten om de begeleidingsvergoeding beschut werk per 2026 te verhogen naar € 12.485,- per taakstelling. Het Rijk heeft onderkend dat de loonwaardebepaling van beschut werk lastig is vanwege deeltaken.
Hierdoor wordt de loonwaarde vaak te hoog gewaardeerd en loopt de uitvoerende instantie (WVS) loonkostensubsidie mis. Er is een wetswijziging in de maak waarbij er sprake is van een forfaitaire loonkostensubside voor beschut werk van 68 %. Vooruitlopend op deze wijziging heeft het Rijk middelen vrijgemaakt om het verschil tussen de landelijke gemiddelde loonwaarde en de reële loonwaarde te compenseren. De wetswijziging wordt verwacht op 01-01-2028. Ad 2. Kostenbeheersing WVS scoort in de benchmark goed in kostenbeheersing. Echter, met de invoering van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) zijn de kosten voor het begeleidend en ondersteunend regulier personeel flink gestegen. De flinke stijging van het WML en secundaire arbeidsvoorwaarden zorgen voor een verhoging van de loonkosten van de doelgroep werkende onder de Cao Aan de Slag. Daarnaast zijn er positieve effecten van de arbeidsontwikkeling van de doelgroep voor de werkpleinen. Deze zijn niet opgenomen in de begroting van WVS. De financiële effecten hiervan zie je terug bij de ISD en het Werkplein. Daarom moeten de resultaten in samenhang worden gezien met die van het Werkplein en de ISD. Ad 3. Algemene economische situatie De economische groei lijkt gestagneerd te zijn. Ad 4.
Opbrengsten, toegevoegde waarde In de huidige economische ontwikkeling is het zaak om het nivo van de opbrengsten en toegevoegde waarde per medewerker te behouden. Het inrichten van de organisatie op basis van lean en het realiseren van een betere prijsvorming is de basis voor een gezonde toekomst. Ad 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door gemeenten Een goede samenwerking met de gemeenten, ISD en Werkplein zorgt er voor dat meer mensen aan loonvormende arbeid kunnen deelnemen. Door opdrachten vanuit gemeenten te verstrekken voor werkzaamheden die bij de doelgroep passen, kunnen mensen op basis van hun ontwikkelmogelijkheden getraind worden binnen deze werkzaamheden. De druk op de financiële situatie bij de gemeenten is merkbaar in de opdrachtverstrekking. Dit heeft impact op het resultaat. Bij geschiktheid vindt er doorstroom plaats naar reguliere arbeid, maar inmiddels is er ook een vangnet voor die groep die deze stap niet kan maken. We zijn gestart met een pilot t.b.v. de ontwikkeling van statushouders. Samen WVS - Ontwerpbegroting 2027
4
met de ISD en het Werkplein is de afgelopen jaren een nieuwe werkwijze geïmplementeerd waarbij de ontwikkeling van de inwoner centraal staat. De komende jaren wordt er geïnvesteerd in mensen die meer begeleiding nodig hebben en het zelfstandig niet redden om in ontwikkeling te komen. Mocht het niet haalbaar zijn dat onze inwoners uit het Landelijk Doelgroep Register (LDR) kunnen aansluiten op de arbeidsmarkt, dan biedt WVS de mogelijkheid voor een (tijdelijk) dienstverband. WVS ondersteunt ook personen die met LKS aan de slag willen, maar het (tijdelijk) niet kunnen. Ad 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen De uitvoering van de Participatiewet vraagt om intensieve samenwerking met de werkpleinen en het werkgeversveld. Op arbeidsmarktregioniveau zijn er vanuit het Rijk participatiegelden beschikbaar voor de regio, t.b.v. de ontwikkeling van de doelgroep. Ad 7. Uitstroom SW personeel en leidinggevend SW kader In de begroting is opgenomen dat leidinggevend kader in SW-dienstverband wordt vervangen door reguliere krachten. Hierin is echter niet de volledige vervanging meegenomen die door uitstroom vanwege pensioenleeftijd is ingeschat. Door de invoering van de RVU regeling voor SW-personeel, is er een snellere uitstroom van SW-leidinggegevenden. Ad 8.
WAADI (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs) Er ligt een wetsvoorstel bij de Eerste Kamer om de Wet WAADI aan te passen. In de basis dienen medewerkers ingezet via detachering of uitzending betaald te worden volgens de Cao van de inlenende partij. In het nieuwe wetsvoorstel zal er net als onder de huidige Wet WAADI een uitzondering worden gemaakt voor de medewerkers vallend onder de Cao SW en de beschut werk-geïndiceerden vallend onder de Cao aan de Slag. Voor deze groepen is er vrijstelling. Met het huidige wetsvoorstel zal wel de vrijstelling voor de doelgroep met de indicatie banenafspraak komen te vervallen en kan er alleen sprake zijn van een tijdelijke vrijstelling. Dit zal negatief uitwerken voor medewerkers met een banenindicatie binnen de werkontwikkelbedrijven. • Werknemers krijgen dan te maken met een fluctuerend inkomen met gevolgen voor aanvullende bijstands- en WIA uitkering en eventuele toeslagen. • Het succesvolle instrument van detachering van mensen met een ondersteuningsvraag wordt onaantrekkelijker (duurder) voor werkgevers. • Bureaucratische rompslomp voor werkontwikkelbedrijven omdat er afgestemd moet worden met een veelvoud aan Cao’s van werkgevers waar mensen met begeleiding werken. • De banenafspraak komt hierdoor onder druk te staan vanwege de betaalbaarheid. Ad 9.
Cao SW De Cao SW volgt de stijgingen van het WML en de LPO ontwikkeling van het IUSD-WSW. De Cao loopt nog tot eind 2028. Ad10. Cao Aan de Slag (beschutwerken en LDR) De Cao Aan de Slag volgt de stijgingen van het WML. Ad 11. Compensatie transitievergoeding In de wetgeving staat dat bij vertrek van een medewerker uit de organisatie, anders dan ‘op eigen verzoek’ of ‘verwijtbaar’, er een transitievergoeding betaald dient te worden. Dit geldt ook voor medewerkers die na 2 jaar ziekte de organisatie verlaten. Voor de laatste categorie wordt er vanuit het Rijk compensatie verstrekt. Deze compensatie komt per 1-7-2026 te vervallen. Het gaat om een bedrag in de begroting van € 500.000,-, welke is komen te vervallen. Omdat de werkontwikkelbedrijven in verhouding veel uitstroom na 2 jaar ziekte hebben, worden zij extra financieel geraakt door deze maatregel. Het is inmiddels duidelijk dat er geen compensatie vanuit het Rijk te verwachten is voor het wegvallen van deze vergoeding. L.G.M. van der Beek, Algemeen Directeur WVS 5
WVS - Ontwerpbegroting 2027
2. Financiële begroting en meerjarenraming 2.1 Uitgangspunten begroting 2027 Bij het opstellen van de begroting zijn naast de werkelijke resultaten over 2025, de mei- en septembercirculaire 2025, de interne werkbudgetten voor 2026 als uitgangspunt gehanteerd. Toegevoegde waarde Voor de berekening van de toegevoegde waarde (TW) zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: •
• •
De TW voor WVS is uit verschillende zaken opgebouwd. De TW per fte SW wordt constant verondersteld. Daarnaast is rekening gehouden met de TW voor de nieuwe beschut werk-medewerkers. Voor nieuwe medewerkers met structurele loonkostensubsidie wordt een TW nivo van de huidige SW-populatie verwacht. Hierbij gaan we uit van een loonwaarde van gemiddeld 50 %. Daarnaast zullen er ontwikkeltrajecten voor de ISD en het Werkplein uitgevoerd worden. Voor mensen in een ontwikkeltraject wordt geen toegevoegde waarde meegenomen omdat de focus ligt op leren i.p.v. werken. De formatie SW is gebaseerd op de prognose komende uit de mei- en septembercirculaire 2025. Per type contract (SW, beschut werk, participatie) wordt een andere inzetbaarheid over de verschillende werksoorten zoals groen, postbezorging en industriële activiteiten verwacht. In de begroting is rekening gehouden met een omzet vanuit de deelnemende gemeenten ten opzichte van de werkelijke omzet 2025 met een afname i.v.m. daling fte SW.
Rijksbijdrage Wsw Begroting 2027
Werkelijk 2025
Herz. begr. 2026
Begroting 2027
Raming 2028
Raming 2029
Raming 2030
Aantal SE
1.374
1.294
1.197
1.126
1.046
973
Rijksbijdrage per SE
40.680
41.752
43.140
44.443
45.913
47.435
3,0 %
3,0 %
3,0 %
3,0 %
3,0 %
Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO
55.887
56.454
54.791
54.685
54.044
53.519
Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Rijksbijdrage Impuls en infrastructuur Begroting 2027 Werkelijk 2025
Herz. begr. 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
Raming 2030
Impulsbudget
614.601
533.634
533.634
533.634
533.634
533.634
Basis financiering
331.529
358.771
386.047
413.356
440.716
470.453
91
99
106
114
121
129
946.130
892.405
919.681
946.990
974.350
1.004.087
Aantal (per persoon 3600) Totaal bijdrage
Het impulsbudget moet een bijdrage leveren aan het oplossen van één van de knelpunten die Berenschot in zijn onderzoek in 2023 naar de infrastructuur van werkontwikkelbedrijven heeft geïdentificeerd. Het impulsbudget wordt via een decentralisatie-uitkering (DU) uitgekeerd aan gemeenten. Het impulsbudget wordt beschikbaar gesteld per samenwerkingsverband van gemeenten op het terrein van sociaal ontwikkelbedrijven. Uitkering zal plaatsvinden aan de grootste gemeente binnen het samenwerkingsverband, in onze regio is dat de gemeente Roosendaal. Eind 2023 heeft het kabinet een extra financiële bijdrage aangekondigd voor de banen van mensen die niet vallen onder beschut werk, maar die tijdelijk aangewezen zijn op de infrastructuur van werkontwikkelbedrijven (de zgn. ’10.000 banen van Schouten’). Het betreft mensen zonder een indicatie beschut werk, die baat hebben bij de intensieve begeleiding WVS - Ontwerpbegroting 2027
6
en ondersteuning die vanuit een werkontwikkelbedrijf wordt geboden. Het gaat onder meer om een tegemoetkoming in de kosten van overhead, huisvesting e.d. De extra bijdrage moet het daarnaast ook beter mogelijk maken om de vangnetfunctie als een van de arbeidsmarktfunctionaliteiten in te vullen. Het budget is in de meicirculaire 2025 apart zichtbaar opgenomen in de Integratieuitkering Participatie. Het betreft een oplopende reeks van € 19,8 miljoen in 2025 tot structureel € 35,9 miljoen vanaf 2035. In de oploop van deze middelen wordt uitgegaan van een groei van het aantal banen van zo’n 5.000 (nu) tot 10.000 (2035). De rijksbijdrage sociale infrastructuur wordt aan alle gemeenten uitgekeerd. Het budget wordt landelijk verdeeld op basis van de maatstaf ‘doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep’. In de regio is afgesproken om het impulsbudget en de integratieuitkering sociale infrastructuur in samenspraak met de ISD en het Werkplein in te zetten via het ontwikkelbedrijf WVS. Dit draagt bij aan de noodzakelijke transitie van de sociale infrastructuur en sluit aan bij de regionale toekomstvisie.
In onze regio wordt als uitvloeisel van het verkennend onderzoek naar de doorontwikkeling van de samenwerking tussen de ISD, het Werkplein en WVS, in samenspraak met de gemeenten, een toekomstvisie gepresenteerd op de sociale infrastructuur en de positie van het werkontwikkelbedrijf hierbinnen. Voor de besteding van de budgetten is in samenspraak met de ISD, het Werkplein, WVS en de deelnemende gemeenten een (project)plan opgesteld. Bijdrage deelnemende gemeenten Basis is het aantal geplaatste doelgroep medewerkers (SW + participatie) op 1 januari van het voorafgaande jaar aan het rapportagejaar (zie bijlage 6 per gemeente). Begroting 2027
Werkelijk 2025
Aantal SW/participatie-medewerkers Gem. bijdrage per SW/participant in € Gem. bijdr. (€ x 1.000)
4.866
Herz. begr. 2026
Herz. begr. 2027
Raming 2028
Raming 2029
Raming 2030
1.787
1.785
1.726
1.657
1.586
3.073
3.507
3.428
3.332
3.201
5.492
6.260
5.916
5.522
5.077
Overige subsidies overheid Beschut Werk In de begroting is opgenomen dat er beschut werk wordt ingezet en dat deze zal worden uitgevoerd door WVS conform gemaakte afspraken. Voor deze doelgroep is uitgegaan van 70 % loonkostensubsidie en gemiddeld 28 uur per persoon. De begeleidingsvergoeding voor beschut werk wordt vanuit het ministerie BZK geraamd. In de begroting 2026 is een bedrag opgenomen van € 12.485,- per persoon conform de meicirculaire 2025. WVS neemt in haar begroting reeds een loonwaarde van 30 % (loonkostensubsidie 70 %) mee. Echter, de gemiddelde loonkostensubsidie is lager. De compensatie van het Rijk is verwerkt in de begroting.
Ontwikkeltrajecten Er zijn aannames gemaakt m.b.t. de afname van ontwikkeltrajecten door de ISD en het Werkplein. In de begroting en de meerjarenraming is uitgegaan van de met Werkplein en ISD afgestemde gegevens. De tariefstelling van de trajecten is o.b.v. het gemiddelde van afgelopen jaren met een indexering conform afspraak. Er wordt gerekend met een gemiddelde looptijd van een traject van 4 maanden. Overige bedrijfsopbrengsten Dit betreft de doorberekening van de kosten van dienstverlening van WVS aan de verbonden partijen, zoals Flexkompaan BV, WVS Schoonmaak Vof en Propeople Holding BV, alsmede derdenpartijen zoals de Stichting Werkwijs West-Brabant en de Stichting Op Weg Naar Werk. In de begroting is verondersteld dat de dienstverlening op hetzelfde niveau gehandhaafd blijft. De aanpassing van de opbrengst is op basis van het aantal fte’s dat gedetacheerd wordt.
7
WVS - Ontwerpbegroting 2027
Personeelskosten SW Voor de berekening van de indexering van de lonen SW is rekening gehouden met de huidige loonafspraken. De LPO op het participatiebudget SW wordt verondersteld op 3 % voor 2027. De loonsverhoging voor de SW is op 4 % gesteld. Voor de jaren 2027 e.v. is eveneens 4 % stijging aangehouden. Door uitstroom van in verhouding duurdere werknemers wordt daarnaast een algemene daling van de loonkosten per SW-fte verondersteld, die de loonkosten in positieve zin beïnvloedt. Overige personeelskosten SW De overige personeelskosten zijn gebaseerd op de gerealiseerde kosten 2025 en het budget 2026. Tevens is hier rekening gehouden met de uitstroom van SW-medewerkers conform de prognose vanuit de rijksoverheid. Loonkostensubsidie Begeleid Werken Het aantal BW-plaatsingen wordt constant verondersteld. Salariskosten regulier personeel Leidinggevende SW-medewerkers worden vanwege uitstroom gedeeltelijk vervangen door regulier Flexkompaan personeel. Verder wordt uitstromend leidinggevend kader ambtelijk en Flexkompaan vervangen door nieuwe Flexkompaan krachten. De omvorming tot werkontwikkelbedrijf heeft tot gevolg dat er ook nieuwe functies ontstaan die met regulier personeel moeten worden ingevuld. Begroting 2027
Werkelijk 2025
Herz. begr. 2026
Begroting 2026
Raming 2028
Raming 2029
Raming 2030
Fte ambt. pers.
32,0
33,0
31,0
29,0
27,0
25,0
Gem. loonsom (€)
97.749
98.892
104.810
107.704
110.685
113.756
Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)
3.126
3.263
3.249
3.123
2.989
2.844
Fte Flexkompaan
185,8
193,0
199,0
201,0
203,0
205,0
Gem. loonsom (€)
82.396
83.961
86.955
89.564
92.251
95.018
Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)
15.305
16.177
17.304
18.002
18.727
19.479
Totaal Fte regulier
217,8
226,0
230,0
230,0
230,0
230,0
Totaal Sal. kst. regulier (€ x 1.000)
18.431
19.440
20.553
21.125
21.716
22.323
Voor de berekening van de salarissen ambtelijk personeel is rekening gehouden met de verhoging van 3 % van de kosten voor 2027 en verder. Dit is voor Cao-stijgingen en wijzigingen in werkgeverslasten. Met de invoering van de WAB zijn de personeelsleden in Flexkompaan qua salariëring gelijk getrokken met de ambtelijke collega’s. Bij het uitwerken van de projectplannen van de impulsgelden is naar voren gekomen dat er inzet van extra (specifiek geschoold) personeel (tijdelijk) nodig is. Vanaf 2026 is voor vervanging bij WVS Schoonmaak 1 fte opgenomen, welke zal worden doorbelast aan WVS Schoonmaak. Loonkosten beschut werk In de Cao was sprake van een 37-urige werkweek, een pensioenvoorziening en extra secundaire arbeisvoorwaarden zoals bijv. reiskosten. Vanaf 2027 (nog onderhandelingsakkoord) is er afgesproken dat de contracturen worden teruggebracht naar 36 uur. Tevens is er een eindejaarsuitkering afgesproken van 350 per fte. Dit heeft een kostenverhogend effect. Loonkosten Participanten In de begroting wordt uitgegaan van dezelfde kostenstructuur als bij beschut werk.