21 WHvWB Jaarstukken 2022 definitieve versie
Tekst van het document
Dit is in de begroting voor 2022 opgenomen. Dit is in de begroting voor 2022 opgenomen.
47
15 16
Het Werkplein HvWB verschaft in de diverse P&Cdocumenten inzicht in de stand van de vorderingen en de voorziening dubieuze debiteuren. Het Werkplein HvWB biedt inzicht in de mogelijkheden om de kosten voor de bedrijfsvoering terug te brengen tot het noodzakelijke minimum. Hierin zijn ook de synergievoordelen door het samenvoegen van bedrijfsvoeringstaken binnen de ketensamenwerking opgenomen.
Dit is deze jaarstukken opgenomen. In de ketensamenwerking zijn de inspanningen eerst gericht op de proeftuinen en de implementatie van een nieuwe werkwijze. Daarna wordt bekeken wat dit voor de bedrijfsvoring betekent.
De kosten van bedrijfsvoering bedroegen in 2022 € 17.781.784. De baten bedrijfsvoering bedroegen € 3.661.857. De algemene dekkingsmiddelen zijn 14.479.121. Per saldo is er sprake van een voordelig resultaat van € 359.195 ten opzichte van de gewijzigde begroting 2022.
48
Tabel: Overzicht van Baten en Lasten Bedrijfsvoering 2022
Toelichting resultaat ten opzichte van de gewijzigde begroting 2022 Loonkosten/inhuur/rekenregel € 1.676.156 nadeliger. De loonkosten zijn flink hoger uitgevallen als gevolg van: De loonkosten zijn € 204.183 hoger vanwege inhuur voor de controle van de Tozo Voor de uitvoering van de energietoeslag is voor € 604.759 ingehuurd. Dit betrof circa 9 formatieplaatsen op jaarbasis. De loonkosten van medewerkers Werkgeversservicepunt, garantiebanen en Werkplein Actief die inmiddels in dienst van het Werkplein zijn getreden, worden doorbelast naar het programma Werk en participatie. In 2022 is dat € 884.012. Dit komt omdat in de begroting de kosten van inhuur nog direct op dit programma werden verantwoord. Vanwege het door Roosendaal niet kunnen leveren heeft het Werkplein zelf de inhuur van een ict projectleider en applicatiebeheerder zaaksysteem en ondersteuning geregeld. De kosten ad 140.763 zijn gedekt uit het voordeel dat op de post ondersteunende diensten is ontstaan. Vanwege langdurig zieken is 3,19 fte ingehuurd. Geraamd was € 206.495. Er is € 96.502 meer voor vervanging uitgegeven. Voor de uitvoering van Inburgering zijn in 2022 2,89 fte aan regiehouders aangetrokken en 0,5 fte administratieve ondersteuning ingezet. De kosten ad € 290.263 worden aan het programma Inburgering doorbelast.
Overige loonkosten € 22.947 voordeliger De lagere kosten hebben voornamelijk te maken met de opbrengst vanwege verkoop verlof/uren € 44.149 en lagere kosten woon-werkvergoeding/reis- en verblijfskosten € 64.000. Vanwege de beperkingen corona is er meer thuis gewerkt. In de cao voor 2022 is de mogelijkheid tot verlofsparen opgenomen voor medewerkers. Dat betekent dat verlof over meerdere jaren kan worden opgenomen. Hiervoor moet een voorziening verlofsparen gevormd worden. Voor een zestal medewerkers is een voorziening gevormd van € 87.756. Jaarlijks wordt de hoogte hiervan bepaald. Overige personeelskosten € 162.385 nadeliger De overige personeelskosten betreffen de kosten van opleidingen, personeelsvereniging, arbozorg en representatieve kosten. In 2022 zijn er echter ook kosten verantwoord vanwege de organisatieontwikkeling. Bij elkaar is € 131.187 uitgegeven voor vormgeven van het Leerplein en de serious games voor alle medewerkers van het Werkplein. Deze kosten waren geraamd op organisatiekosten en levert daar lagere kosten op. Verder zijn er onderzoekskosten Tozo ad € 8.378 gemaakt i.v.m. de hercontroles van een deel van de Tozo aanvragen. Verder zijn er vanwege de vele inzet van interne medewerkers voor de extra taken een paasmarkt en een kerstbijeenkomst georganiseerd (kosten € 21.725).
De nieuwe organisatie is in september met een feestelijke bijeenkomst van start gegaan (kosten € 6.000). Organisatiekosten € 126.167 voordeliger Dit voordeel is met name ontstaan doordat een deel van de kosten voor de implementatie van de organisatieveranderingen ook nog in 2023 zullen gaan plaatsvinden. Dat betreft de inrichting van het Leerhuis, implementatie van echt communiceren en onze leidende principes (€ 87.000). Dit bedrag blijft nog in het gereserveerde bedrag voor organisatieontwikkeling zitten. -het budget dat voor de uitvoering energietoeslag beschikbaar was voor een KCC-functie blijft nog voor 2023 beschikbaar (€ 50.000). Ondersteunende diensten € 129.145 voordeliger Er is een voordeel doordat de door Roosendaal te leveren 0,5 fte projectleider ICT en 1 fte applicatiebeheer/ondersteuning via het Werkplein tijdelijk middels inhuur is ingezet (voordeel € 49
140.763). Deze formatie is gecombineerd met inhuur bij het Werkplein voor ICT-projecten. Facilitaire kosten € 44.225 nadeliger Op facilitaire kosten zijn de portokosten € 20.800 hoger uitgevallen. Dit komt door extra beschikkingen en brieven voor de Tozo en energietoeslag. Ook zijn er kosten gemaakt voor de organisatieontwikkeling (€ 18.183). De hogere portokosten worden gedekt uit de vrijgevallen middelen uitvoeringkosten Tozo. Financiële kosten € 13.026 nadeliger De hogere kosten komt door hogere kosten van de accountant. Voor de controle van de jaarrekening 2021 en daarmee de Tozo-regeling zijn € 12.000 aan meerkosten gemaakt. Communicatie € 234.231 nadeliger In 2022 is meer capaciteit ingehuurd vanwege de organisatieveranderingen (€ 136.499). Dit wordt gedekt uit gereserveerde middelen organisatieontwikkeling. Voor de opzet en inrichting nieuwe website zijn € 23.421 aan kosten gemaakt. Voor de inzet van de energietoeslag is 0,4 fte ingezet (€ 34.400) en voor inburgering 0,2 fte (€ 17.200). Dit wordt gedekt uit de bijdrage uitvoeringskosten energietoeslag en middelen inburgering. Voor de opmaak en aanpassen van de nieuwe huisstijl en inrichten visual studio in Etten-Leur is € 22.072 uitgegeven.
ICT-kosten € 76.018 voordeliger De lagere kosten komen voornamelijk door: In 2022 zijn de exploitatiekosten die voorheen door ICT WBW apart werden gefactureerd inmiddels opgenomen in de jaarlijkse bijdrage aan de ICT WBW. Dit levert een eenmalig voordeel op van afgerond € 60.000. Vanwege lagere kapitaallasten € 28.667. De geplande investeringen voor persoonlijke internetpagina voor onze inwoners, een clientvolgsysteem in kader van de integrale samenwerking en vervanging van scanners zijn niet in 2022 opgepakt. Baten De baten/ontvangsten zijn in 2022 € 2.123.462 voordeliger uitgevallen. Dit betreft voor het grootste gedeelte de bijdrage in de loonkosten voor inburgering ( €290.263), loonkosten van de medewerkers van het Werkgeverspunt en Werkplein Actief die in de reguliere organisatiestructuur zijn opgenomen en daarmee in dienst zijn genomen (€ 884.812) uit het participatiebudget. Daarnaast is de gevormde voorziening voor een arbeidsgeschil ad € 549.203 vrijgevallen. Vrijval reservering Tozo € 44.106 nadeliger In 2022 is € 202.183 aan medewerkers ingehuurd. Dit betreft klantmanagers, applicatiebeheer, communicatie. De controle van de Tozo regelingen heeft behoorlijk wat tijd gevergd van de accountant en eigen organisatie. Dat heeft tot meerwerk bij de accountant geleid (€ 15.000).
De overige kosten bestaat uit Hulp aan ondernemers (€ 30.000) en kosten van IMK voor adviezen (€ 8.378). Dit jaar was geraamde uitgaven € 301.666. De kosten en daarmee ook de vrijval uit de reserve zijn € 44.106 lager dan geraamd. Voor de nog te maken kosten voor controles, archivering, bezwaren en terugvorderingen is € 171.140 nog beschikbaar voor 2023 en 2024.
50
Plan van aanpak DIV/Archief Voor het wegwerken van de achterstanden archivering van documenten en de inrichting van het archief zijn was nog € 84.826 beschikbaar van de in 2020 beschikbaar gestelde middelen. Dit jaar is er vanwege de extra taken zoals de energietoeslag, controles Tozo en leefgeld Oekraïners maar zeer beperkte tijd in het wegwerken van achterstanden gestoken. Ook vanwege de krappe arbeidsmarkt kon geen extra kwalitatieve formatie meer worden ingehuurd. Geraamde uitgaven bedroegen € 54.580, werkelijke uitgaven € 13.645. Dit leidt tot een lagere bijdrage uit de reserve van € 40.935. De restant middelen van € 70.981 blijven beschikbaar om in 2023 te verbeterslag te kunnen maken.
Organisatieontwikkeling Voor de implementatie van de organisatieontwikkeling hebben bestuur en gemeenten een eenmalig bedrag van € 657.000 beschikbaar gesteld voor de periode 2021-2022. Voor het jaar 2022 was nog € 443.613 beschikbaar. In 2022 is € 356.019 uitgegeven aan begeleiding en inhuur van capaciteit voor HRM en communicatie., voor de serious games, het nieuwe logo, het plaatsingsproces en indelingscommissie en de start werkzaamheden inrichting Leerplein. Geraamd was € 353.261. Dit leidt tot een iets hogere vrijval van de reserve van € 2.764. Vanwege de uitvoering van extra taken zoals de energietoeslag zijn en de krapte op de arbeidsmarkt zijn een aantal zaken uitgesteld naar 2023. Dit betreft de implementatie van het Leerplein, inrichting autorisaties systemen en de implementatie nieuwe huisstijl. Een bedrag van € 87.593 blijft hiervoor beschikbaar in 2023. Dit blijft in de bestemmingsreserve zitten.
Doorberekende kosten € 125.930 voordeliger Aan projecten wordt bij inhuur overheadkosten doorberekend. Dit betreft de kosten voor werkplek ICT, huisvesting en andere faciliteiten. In de gewijzigde begroting is dat niet als inkomst opgenomen. Komend jaar zal dat overigens sterk verminderen omdat de inhuur van externe medewerkers omgezet gaat worden naar reguliere dienstverbanden. Overige baten € 235.401 voordeliger Dit betreft de volgende baten:
€ 235.401 --> De overige baten bestaan uit vergoedingen UWV wegens arbeidsongeschiktheid, zwangerschapsverlof, levensloop, afrekening fees 2021 RWB en inhoudingen wegens ziekte.
Bijdrage gemeenten De bijdrage van de gemeenten voor 2022 zijn al bij de 3e begrotingswijziging 2022 met € 328.047 verlaagd.
51
3.3.2 Incidentele baten en lasten In de jaarrekening is sprake van enkele incidentele lasten en baten. Hieronder worden deze posten vermeld waarbij de volgende uitgangspunten zijn gehanteerd: a. De uitgaven die worden bekostigd uit de door gemeente overgehevelde participatiemiddelen (lokale werkgelegenheidstrajecten, individuele trajecten, werkgeversservicepunt, jongerenaanpak e.d.) beschouwen wij in dit kader niet als incidentele baten en lasten. Deze baten en lasten vinden reeds enkele jaren plaats. b. De kosten van inhuur van personeel (voorzien in vacatures, inhuur t.b.v. projecten e.d.) beschouwen wij niet als incidentele baten of lasten. Hoewel er sprake is van enkele incidentele ontvangsten ten behoeve van inhuur is het voorzien in flexibele inhuur van vacatures en projecten een jaarlijks terugkerend feit. c. De baten en lasten in het kader van de uitvoering van de Participatiewet worden niet beschouwd als incidentele baten en lasten.
Tabel: Incidentele baten en lasten 2022
De incidentele baten betreffen de volgende zaken: Bijdrage van derden voor tijdelijke detachering van twee medewerkers (€ 9.840) Met gemeenten zijn afspraken gemaakt over de extra inzet van personeel voor casuïstiekbespreking (zes gemeenten), aanvragen Gemeentelijke Kredietbank en SROI (€ 152.064). Van Flex West-Brabant is € 39.078 aan betaalde fees over 2021 terugontvangen. Voor de uitvoering van Tozo is € 428.700 beschikbaar voor de uitvoeringskosten tot en met 2024. Daadwerkelijk is in 2022 € 257.561 uitgegeven. Aan eenmalige kosten organisatieontwikkeling is € 356.025 uitgegeven. Dit wordt gedekt uit de gereserveerde middelen voor organisatieontwikkeling. Voor 2022 is € 84.626 beschikbaar gesteld voor plan van aanpak DIV en verbeterplan archief. In 202 is € 13.645 hiervan uitgegeven. Afronding vindt in 2023 plaats.
3.3.3 Begrotingsrechtmatigheid Analyse begrotingsrechtmatigheid De analyse begrotingsrechtmatigheid is gemaakt ten opzichte van de begroting 2022 na wijziging. Er is een beperkte kostenoverschrijding bij programma Inkomensondersteuning.
Bij de toetsing van begrotingsafwijkingen kunnen tenminste de volgende “soorten” begrotingsafwijkingen worden onderkend:
Onrechtmatig, Onrechtmatig, maar telt niet en telt mee voor mee voor het het oordeel oordeel
52
Kostenoverschrijdingen betreffende activiteiten die niet passen binnen het bestaande beleid en waarvoor men tegen beter weten in geen voorstel tot begrotingsaanpassing heeft ingediend. Bijvoorbeeld de doelgroep c.q. de activiteiten zijn in de praktijk aantoonbaar ruimer geïnterpreteerd dan in regelgeving (subsidieregeling, -verordening) was gedefinieerd. Kostenoverschrijdingen die passen binnen het bestaande beleid, maar waarbij de accountant ondubbelzinnig vaststelt dat die ten onrechte niet tijdig zijn gesignaleerd. Bijvoorbeeld: de verwachte kostenoverschrijding op jaarbasis was via tussentijdse informatie al wel bekend, maar men heeft geen voorstel tot begrotingsaanpassing ingediend en dit is in strijd met de budgetregels zoals afgesproken met de raad. Kostenoverschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten, bijvoorbeeld via subsidies of kostendekkende omzet. Kostenoverschrijdingen bij open einde (subsidie)regelingen. Vaak blijkt vanwege dit open karakter in het kader van het opmaken van de jaarrekening een (niet eerder geconstateerde) overschrijding. Kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door extra inkomsten die niet direct gerelateerd zijn.
Over de aanwending van deze extra inkomsten heeft de raad nog geen besluit genomen Kostenoverschrijdingen betreffende activiteiten welke achteraf als onrechtmatig moeten worden beschouwd omdat dit bijvoorbeeld bij nader onderzoek van de subsidieverstrekker, belastingdienst of een toezichthouder blijkt (bijvoorbeeld een belastingnaheffing). Het zal hier in de praktijk vaak gaan om interpretatieverschillen bij de uitleg van wet- en regelgeving die na het verantwoordingsjaar aan het licht komen. Er zijn dan geen rechtmatigheidsgevolgen voor dat verantwoordingsjaar. Wel zal de gemeente er voor moeten zorgen dat de overschrijdingen getrouw in de jaarrekening worden weergegeven. Ook kunnen er gevolgen zijn voor het lopende jaar. - geconstateerd tijdens verantwoordingsjaar - geconstateerd na verantwoordingsjaar
375.525
375.525 0
Dit betreft de hogere kosten programma inkomensondersteuning. Zie toelichting in paragraaf 2.2.8. 3.4 Informatie wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) Uit hoofde van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) moet de bezoldiging van alle topfunctionarissen worden verantwoord, ook als de norm niet is overschreden (dit geldt ook voor externe topfunctionarissen, ongeacht de duur van het dienstverband c.q. de periode van inhuur). Van overige medewerkers moet alleen een vermelding plaatsvinden bij overschrijding van de norm. Van elke topfunctionaris en van elke andere functionaris, die in het betreffende jaar een totale bezoldiging heeft ontvangen hoger dan de maximale bezoldigingsnorm, moet het Werkplein op grond van de WNT en het gewijzigde artikel 28 BBV in de toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening het volgende opnemen: De beloning. De belastbare vaste en variabele onkostenvergoeding. De voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn. De functie of functies. De duur en omvang van het dienstverband in het verslagjaar. Een motivering voor de overschrijding van de maximale bezoldigingsnorm (dit geldt ook voor externe topfunctionarissen).
Het voor het Werkplein Hart van West-Brabant toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2022 € 216.000 (het algemeen bezoldigingsmaximum). 53
Van topfunctionarissen moet bovendien ook de naam openbaar worden gemaakt. Bij de niettopfunctionarissen is dit niet verplicht en kan worden volstaan met het noemen van de functie(s). Beloningen regulier 2022
WNT-verantwoording 2022
WNT-verantwoording 2021
WNT-verantwoording 2021
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT: Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2022 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
3.5 Verantwoording taakvelden jaarrekening 2022 In de herziening van het BBV wordt voorgeschreven dat de colleges (bestuur gemeenschappelijke regeling) de ramingen en realisatiecijfers die zij moeten leveren voor de begrotingsuitvoering, indelen aan de hand van taakvelden, waaraan de bijbehorende baten en lasten moeten worden toegerekend. De gegevens dienen ook gebruikt te worden voor de financiële informatie die gemeenten/Werkplein aan het CBS moeten aanleveren om te voorzien in de informatiebehoefte van het Rijk, de EU en het CBS in verband met landelijke statistieken en ten behoeve van onderzoeksdoeleinden. Onderstaand zijn de realisatiecijfers van 2022 verdeeld naar taakvelden.
54
Uitgangspunten zijn de volgende: alle directe kosten worden aan een taakveld toegerekend, denk hierbij aan de kosten van uitkeringen, minimabeleid maar ook re-integratie activiteiten. De kosten van programma Werk en Participatie zijn geheel toegerekend aan Taakveld Arbeidsparticipatie (6.5). De kosten van programma Inkomen en Inkomensondersteuning zijn geheel toegerekend aan Taakveld Inkomensregelingen (6.3). van de bedrijfsvoeringskosten vallen alle kosten onder overhead tenzij een directe relatie met een taakveld hebben. Voor het Werkplein zijn de loonkosten van medewerkers die direct met de uitvoering van de taken arbeidsparticipatie en inkomensregelingen aan die taakvelden toegerekend. De overige loonkosten vallen onder overhead. Taakveld Overhead (0.4)
Begroting 2022
Programma's : Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Tozo regelingen Programma Inkomensondersteuning Leefgeld Oekrainers Energietoeslag Inburgering Bedrijfsvoering: Totaal lasten Baten: Baten bedrijfsvoering Totaal Gemeentelijke bijdragen: Bedrijfsvoering Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Tozo regelingen Programma Inkomensondersteuning Leefgeld Oekrainers Energietoeslag Inburgering Totaal lasten en baten Resultaat
Jaarrekening 2022
Taakveld Overhead (0.4)
Taakveld Inkomens regelingen (6.3)
Taakveld Arbeids participatie (6.5) 4.552.261
4.941.356 62.584.054 -1.945.000 7.810.998 880.030 12.637.848 2.180.930 16.017.517 105.107.733
4.552.261 61.996.250 -1.112.511 8.081.357 474.903 13.674.900 937.520 17.781.784 106.386.463
8.546.898 8.546.898
5.866.229 88.981.126
937.520 3.368.657 8.858.438
1.538.395 103.569.338
3.661.857 102.724.607
1.290.043 7.256.855
1.018.257 87.962.869
1.353.556 7.504.882
14.479.122 4.941.356 62.584.054 -1.945.000 7.810.998 880.030 12.637.848 2.180.930 103.569.338 0
14.479.121 4.552.261 61.996.250 -1.112.511 8.081.357 474.903 13.674.900 1.763.467 103.909.747 1.185.142
14.479.121
61.996.250 -1.112.511 8.081.357 474.903 13.674.900
4.552.261 61.996.250 -1.112.511 8.081.357 474.903 13.674.900 14.479.121 7.222.266
83.114.898 -4.847.971
1.763.467 6.315.728 -1.189.154
Tabel: Jaarrekening naar taakvelden 2022 * Het resultaat bij de taakvelden is in totaliteit gelijk aan het resultaat van de jaarrekening (€ 1.185.142)
3.6 SISA-bijlage bij de jaarrekening SISA-bijlage bij de jaarrekening Jaarlijks dient middels een bijlage bij de jaarrekening verantwoording te worden afgelegd over de besteding van een aantal specifieke uitkeringen. In deze bijlage zijn hiertoe een aantal kengetallen c.q. bedragen opgenomen. De exact in te vullen gegevens per regeling worden door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties via haar website beschikbaar gesteld.
55
SZW
G3B
Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (uitsluitend kapitaalverstrekking)_deel openbaar lichaam 2022
Hieronder per regel één Besteding (jaar T) gemeente(code) selecteren kapitaalverstrekking en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Baten (jaar T) vanwege vanaf Baten vanwege vóór 1 januari Besteding (jaar T) Bob 1 januari 2020 verstrekt 2020 verstrekt kapitaal kapitaal (exclusief Rijk) (exclusief Rijk)
Baten (jaar T) Bob (exclusief Rijk)
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) 2004 Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden) Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd.
Deel openbaar lichaam
Aard controle n.v.t. Indicator: G3B/01
Aard controle R Indicator: G3B/02
Deel openbaar lichaam
Aard controle R Indicator: G3B/03
Deel openbaar lichaam
Aard controle R Indicator: G3B/04
Aard controle R Indicator: G3B/05
Aard controle R Indicator: G3B/06
1 060777 Gemeente Etten-Leur
€ 5.000
€ 2.336
€ 3.842
€0
€0
2 061655 Gemeente Halderberge
€ 36.000
€0
€ 5.698
€0
€0 €0
3 061709 Gemeente Moerdijk
€ 24.000
€ 19.197
€ 39.389
€0
4 061674 Gemeente Roosendaal
€0
€ 750
€ 5.063
€0
5 060840 Gemeente Rucphen
€0
€0
€ 9.076
€0
€0
6 060879 Gemeente Zundert
€0
€0
€ 25.479
€0
€0
€0
7 8 9 10
56
57
58
3.7 Controleverklaring De controleverklaring van de accountant wordt separaat aangeleverd.
59
3.8 Bijlagen
3.8.1 Staat van personele sterkte STAAT VAN PERSONELE STERKTE Primitieve begroting Organisatie-eenheid
Jaarrekening 2022
Aantal personeelsleden
Aantal formatieplaatsen
Aantal personeelsleden
Aantal formatieplaatsen
Verschil
Huidig personeel Directeur
1
Team Werk en participatie
40
Team Inkomen
40
1
1,00
0
35,05
45
41,34
-6,29
35,94
35
30,63
5,31 3,2
1,00
Team Inkomensondersteuning
30
27,63
26
24,43
Team Besturing en Control
14
13,95
21
18,90
-4,95
Team Staf
30
21,88
28
21,29
0,59
Totaal huidig personeel 155 135,45 156 Van de beschikbare 151 fte zijn er 137,59 vast ingevuld. De rest is ingehuurd.
137,59
-2,14
Bij Werk en Participatie is de formatie toegenomen vanwege de incorperatie van Werkplein Actief (5,34) en 1 medewerker overgegaan naar Staf. De hogere formatie bij Beturing en Control betreft de medewerkers van beleid die voorheen bij team staf zaten. Bij team Staf is ruim 8 fte ingehuurd/ingezet voor uitvoering energietoeslag, regiehouders, plan van aanpak DIV (beperkt)en printwerk i.v.m. beperkingen Corona. Van de 151,08 formatieplaatsen zijn er 13,41 via inhuur ingevuld.
STAAT VAN PERSONELE LASTEN
Organisatie-eenheid
Gewijzigde begroting Loonkosten
Jaarrekening 2019 Loonkosten
Huidig personeel Directeur
138.639
Werkplein
11.634.276
10.257.860
1.376.416
Totaal huidig personeel
11.772.915
10.402.767
1.370.148
-828.888
-1.122.156
293.268
2.977.379
-2.977.379
-828.888
1.855.223
-2.684.111
10.944.027
12.257.990
-1.313.963
Tijdelijk personeel Formatie a.g.v. rekenregel
0
Vergoedingen projecten, loonkosten en inhuur Inhuur (regulier 13,21 fte en projecten e.d. 39,42 fte) Totaal tijdelijk personeel TOTAAL GENERAAL
144.907
-6.268
0
60
3.8.2 Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven
3.8.3 Specificatie gemeentelijke bijdragen jaarrekening 2022 Specificatie gemeentelijke bijdrage Jaarrekening 2022
Etten-Leur
Halderberge
Moerdijk
Roosendaal
Rucphen
Zundert
Totaal
WERK & PARTICIPATIE: Participatiebudget(klassiek en nieuwe doelgroepen en begeleiding) Totaal programma Werk en participatie INKOMEN:
€
686.258
€
686.258 €
€
500.184
€
500.184 €
387.942
€
387.942 €
2.389.024
€
2.389.024 €
478.379
€
478.379 €
110.473
€
4.552.260
110.473 €
4.552.260
Bijstandsverlening/P-wet
€
9.849.511
€
6.568.332
€
Pwet vorderi ngen debiteuren
€
-213.777 €
-69.386 €
-63.804
€
-393.024 €
-12.350 €
-63.208 €
-815.549
IOAW bestedingen
€
501.764
409.963
643.055
€
1.369.318
234.277
195.629
3.354.005
Verhaal normen IOAW
€
-1.676 €
-2.757 €
-891
€
IOAZ bestedi ngen
€
28.413
€
64.480
€
35.428
€
109.736
€
61.447
€
48.265
€
347.769
BBZ uitkeringen
€
63.365
€
31.442
€
118.840
€
219.272
€
9.603
€
66.434
€
508.955
BBZ baten
€
-17.270 €
9.119
€
26.137
€
18.211
€
361
€
-7.659 €
28.898
€ €
6.352.303
€
25.596.818
€ €
-1.554 €
4.409.766
€ €
-24.879 €
2.790.502
€ €
-408 €
BBZ uitkeringen Declarabel
55.567.233
-32.164
€
-
-6.017 €
-53.691
BBZ baten Declarabel
€
Invorderingskosten Buig
€
1.955
€
8.785
€
2.215
€
4.546
€
1.285
€
-139 €
18.645
Externe controlekosten (sociaal rechercheur)
€
19.799
€
17.635
€
24.037
€
56.827
€
13.297
€
6.265
€
137.859
Onderzoekskosten
€
14.441
€
7.530
€
12.960
€
28.006
€
5.135
€
10.271
€
78.343
Loonkostensubsidie
€
543.468
€
275.961
€
316.316
€
1.138.140
€
315.359
€
253.465
€
2.842.709
€
601
€
1.650
€
3.359
€
1.723
€
485
-6.178 €
-816 €
-37.472
€
-1.973 €
-1.236 €
Studietoeslag
€
5.420
€
13.238
Totaal programma Inkomen INKOMENSONDERSTEUNING:
€
10.789.236 €
7.104.858 €
7.646.803 €
28.147.682 €
5.013.786 €
3.293.884 €
61.996.250
Bijzondere bijstand
€
1.009.133
673.052
€
628.047
€
2.341.832
382.749
241.916
5.276.729
Vorderingen debiteuren bijzondere bijstand
€
-108.939 €
-73.473 €
-69.711
€
-221.405 €
-37.443 €
-33.545 €
-544.515
Collectieve ziektekosten
€
691.753
€
317.081
€
257.166
€
1.169.459
€
209.414
€
138.220
€
2.783.092
Uitkering maatsch. Part. Webshop
€
230.699
€
116.746
€
106.822
€
59.100
€
-
€
39.739
€
553.105
Externe adviezen
€
2.691
€
2.201
€
2.551
€
3.504
€
526
€
1.473
€
12.946
Totaal programma Inkomen Totaal programmakosten Uitvoerings- en organisatiekosten
€
1.825.337 €
1.035.607 €
387.802 €
8.081.357
€
13.300.831
8.640.649
€
3.792.159 €
74.629.867
Totaal bedrijfsvoeringskosten
€
2.569.546 €
1.232.994 €
842.224 €
14.479.121
€
€
€
1.645.318 €
924.875 € 8.959.620
€
1.861.680 €
€
3.352.490 € 33.889.196
€
6.327.359 €
€
555.246 € 6.047.411
€
61
Overige bijdragen gemeenten
Etten-Leur
Tozo om niet
€
2.556
Halderberge
Tozo opbrengst Terugvordering
€
Tozo opbrengst Bedrijfskapitaal
€
Energietoeslag 2022
€
2.499.800
€
1.600.300
€
Uitvoering energietoeslag 2022
€
117.013
€
74.797
Leefgeld Oekrainers
€
-
€
6.820
€
1.043
Moerdijk
Roosendaal
Rucphen €
2.633
Zundert €
717
Totaal
€
8.307
€
3.289
-265.333 €
-123.770 €
-173.307
€
-279.713 €
-3.365 €
-1.762 €
-2.170
€
-3.855 €
1.821.600
€
5.384.600
€
1.365.200
€
1.003.400
€
13.674.900
€
84.909
€
288.879
€
55.995
€
38.366
€
659.959
€
200.175
€
230.251
€
37.657
€
-
€
474.903
595
€
2.720
€
6.035
€
680
Uitvoering Leefgeld Oekrainers
€
€
18.545
-136.515 €
-137.082 €
-1.115.721
-2.191 €
-1.994 €
-15.336
€
10.030
SROI
€
20.063
€
12.492
€
14.379
€
48.546
€
8.795
€
6.081
€
110.356
Bespreki ng causistiek
€
7.395
€
4.727
€
5.366
€
18.256
€
3.539
€
2.425
€
41.706
Gemeentelijke kredietbank
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
49.000
€
49.000
Kindertoeslagaffaire Roosendaal (KOT) Ondertussen-groep
€
12.996
€
8.965
€
10.974
€
22.871
€
6.702
€
6.417
€
68.923
Inburgering
€
424.540
€
321.354
€
305.624
€
444.526
€
137.528
€
129.895
€
1.763.467
Totaal kosten extra regelingen 2022
€
2.815.665 €
1.048.224 €
15.740.732
1.905.560 €
2.278.577 €
6.212.684 €
1.480.021 €
62
Deloitte Accountants B.V. Flight Forum 1 5657 DA Eindhoven Postbus 376 5600 AJ Eindhoven Nederland Tel: 088 288 2888 Fax: 088 288 9839 www.deloitte.nl
CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT Aan: het algemeen bestuur van gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant
Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2022 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2022 van gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant te Etten-Leur gecontroleerd. Naar ons oordeel: •
Geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2022 als van de activa en passiva van gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant op 31 december 2022 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
•
Zijn de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2022 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder verordeningen van de gemeenschappelijke regeling, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het controleprotocol dat is vastgesteld door het algemeen bestuur op 17 november 2022.
De jaarrekening bestaat uit: •
Het overzicht van baten en lasten over 2022.
•
De balans per 31 december 2022.
•
De toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen.
•
De SiSa-bijlage met de verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen.
•
Het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het controleprotocol en het normenkader voor de financiële rechtmatigheid die zijn vastgesteld door het algemeen bestuur op 17 november 2022 en het Controleprotocol WNT 2022 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant zoals vereist in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA).
23050698D6/RR/1
Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Informatie ter ondersteuning van ons oordeel Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel en de financiële rechtmatigheid van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties en bij het vormen van ons oordeel hierover. Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moeten in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen of conclusies. Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 1.090.000. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten 1% en voor onzekerheden 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 Bado en het controleprotocol vastgesteld met bestuursbesluit d.d. 17 november 2022. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in het Controleprotocol WNT 2022. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen relevant zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado.
Wij zijn met het algemeen bestuur overeengekomen dat wij aan het algemeen bestuur tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven de € 100.000 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve redenen relevant zijn. Controleaanpak frauderisico's Wij hebben risico's geïdentificeerd en ingeschat op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening die het gevolg is van fraude. Wij hebben tijdens onze controle inzicht verkregen in de gemeenschappelijke regeling en haar omgeving, de componenten van het interne beheersingssysteem, waaronder het risicoinschattingsproces en de wijze waarop het dagelijks bestuur inspeelt op frauderisico's en het interne beheersingssysteem monitort en de wijze waarop het algemeen bestuur toezicht uitoefent, alsmede de uitkomsten daarvan. Wij constateren dat het dagelijks bestuur beschikt over een actuele frauderisicoanalyse. Wij hebben de opzet en de relevante aspecten van het interne beheersingssysteem en in het bijzonder de frauderisicoanalyse geëvalueerd alsook bijvoorbeeld de klachtenregeling en de regeling melden vermoeden misstand. Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd geëvalueerd van interne beheersmaatregelen gericht op het mitigeren van frauderisico's.
Als onderdeel van ons proces voor het identificeren van risico's op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening die het gevolg is van fraude, hebben wij frauderisicofactoren overwogen met betrekking tot frauduleuze financiële verslaggeving, oneigenlijke toe-eigening van activa en omkoping en corruptie. Wij hebben geëvalueerd of deze factoren een indicatie vormden voor de aanwezigheid van het risico op afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude.
23050698D6/RR/2
Op basis van deze werkzaamheden en het in de controlestandaarden veronderstelde risico, hebben wij de veronderstelde frauderisico’s overwogen met betrekking tot het doorbreken van interne-beheersmaatregelen door het management, inclusief of er indicaties zijn voor tendentie bij het management van de entiteit die mogelijk een risico vormt op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. Wij hebben de volgende gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd gericht op het risico van het doorbreken van interne-beheersmaatregelen door het management: •
Het toetsen of specifieke journaalposten en andere aanpassingen die tijdens het opstellen van de financiële overzichten zijn aangebracht aanvaardbaar zijn.
•
Het toetsen of specifiek (op basis van fraudekarakteristieken) geselecteerde journaalboekingen die gedurende het boekjaar en tijdens het opstellen van de financiële overzicht zijn aangebracht aanvaardbaar zijn.
•
Het beoordelen van significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant.
In onze controle bouwen wij een element in van onvoorspelbaarheid. Ook hebben wij de uitkomst van andere controlewerkzaamheden beoordeeld en overwogen of er bevindingen zijn die een aanwijzing geven voor fraude of het niet-naleven van wet- en regelgeving. Wij hebben kennis genomen van de beschikbare informatie en om inlichtingen gevraagd bij leden van het dagelijks bestuur, management en het algemeen bestuur. Hieruit volgden geen signalen van fraude die kunnen leiden tot een afwijking van materieel belang. Controleaanpak naleving van wet- en regelgeving Wij hebben een algemeen inzicht verworven in het wet- en regelgevingskader dat van toepassing is op de gemeenschappelijke regeling door inlichtingen in te winnen bij het management en het lezen van de notulen van de vergaderingen van het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur. Voor zover materieel voor de gerelateerde financiële overzichten, hebben wij op basis van onze risicoanalyse, en rekening houdende met het feit dat het effect van niet-naleving van wet- en regelgeving aanzienlijk varieert, de wet- en regelgeving overwogen die is opgenomen in het controleprotocol als wet- en regelgeving met een directe invloed op de financiële overzichten.
Wij hebben voldoende en geschikte controle-informatie verkregen omtrent het naleven van de bepalingen van die wet- en regelgeving die gewoonlijk wordt geacht van directe invloed te zijn op de financiële overzichten. Daarnaast is de gemeenschappelijke regeling onderworpen aan overige wet- en regelgeving waarvan de gevolgen van niet-naleving een van materieel belang zijnde invloed kunnen hebben op de financiële overzichten, bijvoorbeeld ten gevolge van boetes of rechtszaken. Gezien de aard van de activiteiten van de gemeenschappelijke regeling en de wet- en regelgeving bestaat het risico dat niet wordt voldaan aan de vereisten van deze wet- en regelgeving. Ten aanzien van de wet- en regelgeving die geen direct effect heeft op de vaststelling van de bedragen en de toelichtingen in de jaarrekening, zijn onze werkzaamheden beperkter.
23050698D6/RR/3
Onze verantwoordelijkheid is beperkt tot het uitvoeren van gespecificeerde controlewerkzaamheden ter bevordering van het identificeren van niet-naleving van wet- en regelgeving die een invloed van materieel belang kan hebben op de financiële overzichten. Onze werkzaamheden ter bevordering van het identificeren van gevallen van niet-naleving van overige wet- en regelgeving die een invloed van materieel belang kan hebben op de financiële overzichten, zijn beperkt tot: •
Het management en het dagelijks bestuur, en, in voorkomend geval, het algemeen bestuur vragen of de entiteit dergelijke wet- en regelgeving naleeft.
•
De eventuele correspondentie met de desbetreffende vergunningverlenende of regelgevende of toezichthoudende instanties inspecteren.
Uiteraard zijn wij gedurende de controle alert op indicaties van (vermoedens) van niet-naleving van wet- en regelgeving. Ten slotte hebben wij een schriftelijke bevestiging verkregen dat alle bekende gevallen van niet-naleving of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving, ons ter kennis zijn gebracht. Controleaanpak veronderstellingen inzake financiële risico’s in relatie tot de financiële positie Onze verantwoordelijkheden inzake het beoordelen van de door de gemeenschappelijke regeling gehanteerde veronderstellingen inzake haar financiële risico’s in relatie tot de financiële positie zijn beschreven in het hoofdstuk "Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening". Bij het invullen van onze verantwoordelijkheden hebben wij - rekening houdend met de materialiteit voor de jaarrekeningcontrole ad € 1.090.000 - een aantal werkzaamheden uitgevoerd, waaronder: - Het kennis nemen van de financiële uitgangspunten zoals opgenomen in de gemeenschappelijke regeling alsmede de aangegane overeenkomsten met haar deelnemende gemeenten. - Het kennis nemen van de primaire begroting 2023 teneinde vast te stellen dat voldaan wordt aan de financiering van de gemeenschappelijke regeling door de deelnemende gemeenten.
- Het inwinnen van inlichtingen bij het dagelijks en algemeen bestuur en het management over hun kennis van eventuele significante risico’s die zijn onstaan na de periode van de door het dagelijk en algemeen bestuur verrichte werkzaamheden in het kader van het opstellen van de risicoparagraaf. Op basis van onze werkzaamheden hebben wij geen bevindingen ten aanzien van de risico-inschattingen zoals opgenomen in de risico-paragraaf. Conform de gemeenschappelijke regeling worden financiële tekorten aangevuld door de deelnemende gemeenten. De aard en diepgang van de risico-paragraaf en risico-inschattingen achten wij passend voor de financiële situatie van de gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2022 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is.
23050698D6/RR/4
Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie De jaarstukken omvatten andere informatie, naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij. De andere informatie bestaat uit: •
Het jaarverslag, waaronder de programmaverantwoording en de paragrafen.
•
De bijlagen.
Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie: •
Met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat.
•
Alle informatie bevat die op grond van het BBV voor het jaarverslag is vereist.
Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur voor de jaarrekening Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV. Het dagelijks bestuur is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder verordeningen van de gemeenschappelijke regeling, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het controleprotocol. In dit kader is het dagelijks bestuur verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het dagelijks bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Bij het opmaken van de jaarrekening moet het dagelijks bestuur de veronderstellingen inzake de financiële risico’s in relatie tot de financiële positie onderbouwen, en afwegen of de gemeenschappelijke regeling in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder.
Het dagelijks bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de financiële risico’s kunnen worden opgevangen, toelichten in de jaarrekening. Het algemeen bestuur is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de gemeenschappelijke regeling.
23050698D6/RR/5
Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fouten of fraude en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, het controleprotocol en het normenkader voor de financiële rechtmatigheid die zijn vastgesteld door het algemeen bestuur op 17 november 2022, het Controleprotocol WNT 2022, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit: •
Het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude dan wel dat baten en lasten alsmede de balansmutaties als gevolg van fouten of fraude niet in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing.
•
Het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeenschappelijke regeling.
•
Het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het dagelijks bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan.
•
Het vaststellen dat de door het dagelijks bestuur gehanteerde veronderstellingen aanvaardbaar zijn inzake de afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de gemeenschappelijke regeling haar financiële risico’s kan opvangen. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de gemeenschappelijke regeling de financiële risico’s niet kan opvangen.
23050698D6/RR/6
•
Het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen.
•
Het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen, en of de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
Wij communiceren met het algemeen bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Eindhoven, 25 mei 2023 Deloitte Accountants B.V. Was getekend: I. Wetters MSc RA
23050698D6/RR/7