2 b&w Voortgang implementatie Omgevingswet
Tekst van het document
Gemeenteraad Rucphen Postbus 9 4715 ZG RUCPHEN
Onze referentie:
AZ17/021747-D21/1138746
Uw referentie:
Rucphen, Onderwerp:
u• 9
Behandelaar:
T. van Wijnen
Telefoonnummer:
0165-349500
MAART 2021
Voortgang implementatie Omgevingswet - maart 2021
Geachte raad, Graag praten wij u via deze brief bij over de laatste ontwikkelingen in het kader van de Omgevingswet. Door middel van de verschillende bestuursrapportages en de jaarrekening bent u de afgelopen tijd op de hoogte gehouden van de voortgang. Ondanks het uitstellen van de inwerkingtreding van de wet, van 1 januari 2021 naar vooralsnog 1 januari 2022, staat onze gemeente niet stil. Omdat de datum van 1 januari 2022 dichterbij komt, houden wij u de komende tijd vaker op de hoogte van de ontwikkelingen van de Omgevingswet. Landelijke ontwikkelingen In de Eerste Kamer leven er zorgen over de kosten en de kostenverdeling van de nieuwe wet. De VNG maakt zich ook zorgen over de kosten, zowel de invoeringskosten als de structurele financiële effecten van de Omgevingswet. Ook zijn er zorgen over de uitvoerbaarheid van de wet en de adequate werking van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DS0). Dit is duidelijk geworden bij de behandeling van het Koninklijk Besluit van het wettelijk stelsel Omgevingswet. De stemming hierover is door de Eerste Kamer aangehouden. De komende tijd gaat de minister met de Eerste Kamercommissies in debat over de zorgen die de Kamer heeft met betrekking tot de invoering van de Omgevingswet.
De VNG heeft hierbij aangegeven dat het voor gemeenten van belang is om bij voorkeur uiterlijk 1 mei 2021, duidelijkheid te hebben over de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Dit om ervoor te zorgen dat ingezette trajecten op het gebied van gebiedsontwikkeling geen hinder ondervinden van de invoering van de Omgevingswet. Bovendien is de datum van inwerkingtreding van belang voor het treffen van de benodigde voorbereidingen, ook binnen onze gemeente. Ook de invoering van de Wet kwaliteitsborging is gekoppeld aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Doel van deze wet is het verbeteren van de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht door inschakeling van private kwaliteitsborgers (gecertificeerde bedrijven die toezicht houden op de bouw). Roadmap voor invoering Omgevingswet De VNG heeft een roadmap opgesteld voor gemeenten en uitvoeringsdiensten waarin de route is vastgelegd van de stappen die moeten worden doorlopen voordat de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging per 1 januari 2022 in werking treden. De stappen die gezet moeten worden zijn aangeduid als mijlpalen. De mijlpalen geven aan wanneer een resultaat bereikt of activiteit opgestart moet worden, naar inzicht van de VNG. Het betreft een middel om het overzicht te
Binnentuin 1 Postbus 9 4715 ZG Rucphen T: 0165 34 95 00 F: 0165 34 13 75
Banknummer: 2850 07 319 IBAN: NL376NGH0285007319 KvK-nr. 20164997 Gemeente Rucphen
Rucphen
Schijf
Sprundel
St. Willebrord
Zegge
gemeente@rucphen.ni www.rucphen.ni
2
houden op de voortgang van de implementatie van de Omgevingswet. Deze roadmap hanteren wij ook voor de implementatie van de Omgevingswet. Op de website van de VNG kunt u de roadmap en achtergronden vinden: https://vng.nl/publicaties/route-2022-roadmap-invoerinoomgevingswet Koers is bepaald In 2017 heeft u het 'Koersdocument Omgevingswet gemeente Rucphen'vastgesteld. Dat is de koers voor de uitwerking van de implementatie van de Omgevingswet. In het Koersdocument zijn verschillende processen benoemd. Deze processen en kaders van uw raad zijn verder uitgewerkt en afgestemd op de acties die volgen uit de roadmap. Onderstaand hebben we de stand van zaken per proces beschreven. Dit zodat u een actueel overzicht heeft van de verschillende ontwikkelingen. Veranderopgaven De Omgevingswet kent vier veranderopgaven. Onderstaand is aangegeven hoe per veranderopgave hier lokaal invulling aan is gegeven. Meer integraal Om ons goed voor te bereiden op de nieuwe Omgevingswet, hebben we onze interne werkprocessen aangepast. We hebben overbodige regels geschrapt en procedures vereenvoudigd. Bovendien zijn we integraler gaan werken. De intaketafel en de omgevingstafel zijn mooie voorbeelden van dit integrale werken. Een initiatief dat niet past in het bestemmingsplan, of na inwerkingtreding van de Omgevingswet in het omgevingsplan, wordt behandeld in de intaketafel.
Tijdens dit overleg beoordelen we met verschillende collega's van ruimtelijke ontwikkeling, vergunningen én handhaving de wenselijkheid van een initiatief. Kleinere initiatieven kunnen op basis van deze beoordeling al dan niet vergund worden. Grotere initiatieven sturen we, na een positieve beoordeling, door naar de omgevingstafel. Aan de omgevingstafel nemen de adviseurs wonen, duurzaamheid, milieu, water, projecten, samenleving, veiligheid, economische zaken en groen deel. Ook nemen ketenpartners, zoals de brandweer en het waterschap deel aan het overleg. De omgevingstafel onderzoekt hoe de initiatieven gerealiseerd kunnen worden en of er voorwaarden aan verbonden zijn. Dit leidt tot een principestandpunt dat voorgelegd wordt aan het college. Ook uitgewerkte plannen (een bestemmingsplan/omgevingsplan) worden beoordeeld en worden vervolgens voorgelegd aan het college. Op deze manier worden alle initiatieven die niet passen binnen het bestemmingsplan integraal opgepakt en beoordeeld. Gebiedsgericht In het Koersdocument is het onderscheid in verschillende gebiedstypen al gemaakt. Deze gebiedstypen komen terug in de omgevingsvisie. Per gebiedstype is een veranderambitie opgenomen. Zo worden in centrumgebieden nieuwe ontwikkelingen gefaciliteerd, terwijl bij natuurgebieden juist conserveren voorop staat.
In de omgevingsvisie worden de gebiedstypen op kaart aangeduid en het beleid in hoofdlijnen per gebied verduidelijkt. Meer regionale samenwerking / externe partners De implementatie van de Omgevingswet is regionaal opgepakt met De6-gemeenten. Kennisuitwisseling en het benutten van samenwerkingskansen staat centraal. In de omgevingstafel nemen diverse ketenpartners al deel. Zo sluiten de brandweer en het waterschap op dit moment iedere vergadering aan en beoordelen deze de diverse initiatieven. Daarnaast heeft de provincie al een keer deel genomen aan de omgevingstafel. De adviezen vanuit de ketenpartners kunnen door deze partners deel te laten nemen in de omgevingstafel al in een vroegtijdig stadium in de planvorming meegenomen worden. Meer samenwerking met de maatschappij (participatie) In de Toekomstvisie Puur Rucphen 2030 wordt nadrukkelijk ingezet op overheidsparticipatie. Momenteel wordt bij nieuwe initiatieven al vanuit de houding "ja, mits" meegedacht. Bij het actualiseren van de bestemmingsplannen voor de kommen van Sprundel, Zegge, St. Willebrord en
3
het buitengebied zijn bewoners en bedrijven actief uitgenodigd om hun plannen in te dienen. Tijdens inloopavonden konden initiatiefnemers vragen stellen over wat de mogelijkheden zijn en welke procedure gevolgd moest worden. Dit leverde bijvoorbeeld in het kader van het bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020 in totaal 23 initiatieven op die integraal onderdeel zijn geworden van de actualisatie van het bestemmingsplan. In de Inspraak- en participatieverordening, die per 1 juli 2019 in werking is getreden, is de omgevingsdialoog opgenomen. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt aan initiatiefnemers gevraagd hun plannen af te stemmen met de omgeving. Inmiddels hebben we uw raad al diverse bestemmingsplannen voorgelegd waarvoor een omgevingsdialoog is gevoerd. Zoals afgesproken wordt de omgevingsdialoog geëvalueerd. De uitkomsten van deze evaluatie kunnen gebruikt worden voor het opstellen van de participatieverordening. In de participatieverordening kan uw raad regels vastleggen omtrent participatie. Onder de werking van de Omgevingswet zal participatie een steeds belangrijker proces worden in de planvorming. Omgevingsvisie De omgevingsvisie is een politiek bestuurlijk integraal beleidsdocument op strategisch niveau. De omgevingsvisie heeft betrekking op alle terreinen van de leefomgeving.
Een omgevingsvisie gaat in op de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed. In het Koersdocument is bepaald dat de Toekomstvisie Puur Rucphen 2030 en de Structuurvisie Rucphen 2030 de basis vormen voor de op te stellen omgevingsvisie. Op rijksniveau is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) in september 2020 vastgesteld. De NOVI is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Ook op provinciaal niveau is de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld. De Brabantse Omgevingsvisie is een samenhangende visie op de fysieke leefomgeving. Dat gaat om ambities op gebied van de energietransitie, een klinnaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. Ook op gemeentelijk niveau zijn we van start gegaan met de eerste stappen om te komen tot een omgevingsvisie. De uitgangspunten voor de gemeentelijke omgevingsvisie heeft uw raad vastgelegd in het Koersdocument. Vanwege uitstel van de Omgevingswet en het ontbreken van visies vanuit Rijk en provincie, is gewacht met het opstellen van de omgevingsvisie.
Nu de visies van het Rijk en de provincie vastgesteld zijn, is het juiste moment om een volgende stap te zetten met de gemeentelijke omgevingsvisie. In het koersdocument is het uitgangspunt dat betrokken partners en inwoners kunnen participeren in de vorm van het reageren op de doorvertaling van de toekomstvisie en de structuurvisie naar de nieuwe omgevingsvisie. Dit zal dan ook de eerste stap zijn in het proces van de participatie in het kader van de omgevingsvisie. De mogelijkheden van zowel digitale als fysieke participatie worden momenteel bekeken om iedereen toegang te geven om mee te denken over deze doorvertaling. De participatie wordt vormgegeven op basis van de aanbevelingen van de rekenkamer en de participatieleidraad die in voorbereiding is. Het is de bedoeling om u dit jaar een omgevingsvisie ter vaststelling aan te bieden. Om te komen tot een omgevingsvisie treft u in de bijlagen van deze brief een plan van aanpak aan. Van bestemmingsplannen naar omgevingsplan Vooruitlopend op de nieuwe Omgevingswet worden de bestaande bestemmingsplannen geactualiseerd. Daar zijn de afgelopen jaren al flinke stappen in gezet. Dit zodat het eenvoudiger is om op basis van de nieuwe wet te komen tot één omgevingsplan. Onderstaand een overzicht van de stand van zaken: Bestemmingsplan Kom Sprundel Het bestemmingsplan Kom Sprundel is onherroepelijk.
4
Bestemmingsplan Kom Zegge Het ontwerpbestemmingsplan Kom Zegge heeft vanaf 24 december 2020 tot en met 4 februari 2021 ter inzage gelegen. Dit bestemmingsplan wordt op korte termijn aangeboden ter vaststelling. Bestemmingsplan Kom St. Willebrord Het voorontwerpbestemmingsplan Kom St. Willebrord heeft vanaf 20 augustus tot en met 30 september 2020 ter inzage gelegen. Momenteel zijn wij bezig om dit bestemmingsplan aan te passen tot een ontwerpbestemmingsplan. Bestemmingsplan Kom Rucphen en Kom Schijf Het is de bedoeling om de bestemmingsplannen voor Rucphen en Schijf eveneens te actualiseren. Dit proces is wat vertraagd vanwege de vele ruimtelijke procedures van inwoners en ondernemers die bij ons zijn ingediend en in behandeling zijn. Het bestemmingsplan Kom Rucphen is momenteel in voorbereiding. Bestemmingsplan Leisuregebied Binnentuin Het bestemmingsplan Leisuregebied Binnentuin is onherroepelijk. Bestemmingsplan Buitengebied Rucphen Het bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020 is vastgesteld op 16 december 2020. Bestemmingsplan Nijverhei Vanwege nieuwe regionale afspraken voor bedrijventerreinen kon de bestemmingsplanprocedure nog niet opgestart worden. Inmiddels zijn de afspraken vastgesteld en is de opdracht verstrekt voor de actualisatie van het bestemmingsplan. De uitbreiding bij de Struikhei wordt meegenomen in het nieuwe bestemmingsplan.
Verordeningen en beleid op orde Een aantal verordeningen die betrekking hebben op de fysieke ruimte worden straks geïntegreerd in het omgevingsplan. De hoofdlijnen uit de beleidsstukken die toezien op de fysieke leefomgeving zullen worden doorvertaald in de omgevingsvisie. Alle verordeningen en beleidsstukken die de afgelopen jaren zijn vastgesteld zijn geïnventariseerd. In september 2018 heeft uw raad reeds een aantal overbodige verordeningen en beleidsstukken ingetrokken. Vanwege de vaststelling van de omgevingsvisie kunnen wederom een aantal verordeningen en beleidsstukken ingetrokken worden. Hiervoor ontvangt u bij de vaststelling van de omgevingsvisie een apart raadsvoorstel. Digitalisering Voor het indienen van aanvragen voor vergunningen en het raadplegen van plannen wordt een Digitaal Stelsel Omgevingswet ontwikkeld. Het is lange tijd onzeker geweest hoe dit er precies uit komt te zien. Inmiddels is daar meer duidelijkheid over en hebben de eerste leveranciers softwarepakketten ontwikkeld. Er is voor gekozen om geen grote wijzigingen in de ondersteunende software te maken. Dit om de kwetsbaarheid van het nieuwe systeem te verminderen. In de begroting heeft uw raad structureel C 35.000,00 opgenomen voor deze minimale variant. Als er meer duidelijkheid is over de landelijke ontwikkelingen en de softwareleveranciers, is duidelijk wat de exacte kosten zullen zijn.
Mogelijk dat we hierop terug moeten komen bij uw raad.
5
Wij vertrouwen erop u met deze brief voldoende van de voortgang van de implementatie van de Omgevingswet op de hoogte te hebben gebracht. Graag geven wij u een mondelinge toelichting op deze brief en het plan van aanpak voor de omgevingsvisie tijdens de raadsinformatieavond van 30 maart a.s. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Rucphen, --de burgeme de secretaris, Ii
?[dor Michielse
Marjoleiri varider Meer Mohr
Bijlage: Plan van Aanpak omgevingsvisie
Omgevingsvisie Rucphen
Plan van Aanpak
2
Omgevingsvisie Rucphen, Plan van Aanpak 3 maart 2021
3
Inhoud Inhoud 1. Aanleiding 2. Vertrekpunt 3. Wettelijke kaders 4. Stappen 4.1 Analyse bestaand beleid 4.2 Projectgroep 4.3 Participatie 4.4 Ketenpartners betrekken 4.5 Raad bij het proces betrekken 4.6 Opgaven prioriteren 4.7 Over je eigen grens kijken 4.8 Toekomstagenda bepalen 4.9 Een verhaal schrijven 4.10 De formele procedure 4.11 Planning Bijlage 1: Checklist minimumeisen omgevingsvisie
3 4 5 6 7 7 7 7 8 8 8 8 9 9 9 9 10
4
1. Aanleiding Omgevingswet De Omgevingswet bundelt en moderniseert de wetten voor de leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. De Omgevingswet staat voor een goed evenwicht tussen het benutten en beschermen van de leefomgeving. De nieuwe wet zorgt voor een samenhangende aanpak van de leefomgeving, ruimte voor lokaal maatwerk en betere en snellere besluitvorming. Daarnaast wordt participatie bevorderd, bijvoorbeeld door burgers en ondernemers zo goed mogelijk te betrekken bij de ontwikkeling van de leefomgeving. De Omgevingswet treedt naar verwachting op 1 januari 2022 in werking. De omgevingswet bevat zes kerninstrumenten: de omgevingsvisie; het omgevingsplan; het programma; de omgevingsvergunning; het projectbesluit; algemene rijksregels voor activiteiten in de fysieke leefomgeving. Dit plan van aanpak is opgesteld met als doel om tot een vastgestelde omgevingsvisie te komen. Omgevingsvisie Rijk, provincies en gemeenten stellen allemaal een omgevingsvisie op: een strategische visie voor de lange termijn (minimaal zo'n twintig jaar) voor de gehele fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie heeft betrekking op alle terreinen van de fysieke leefomgeving. In de omgevingsvisie legt de gemeente haar ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn vast.
De gemeente stelt 1 omgevingsvisie voor het hele grondgebied vast. Uiterlijk op 31 december 2024 moet iedere gemeente een vastgestelde omgevingsvisie hebben. Het is echter sterk aan te raden om de omgevingsvisie zo spoedig mogelijk vast te stellen. De omgevingsvisie vormt namelijk een belangrijk uitgangspunt bij het opstellen van het omgevingsplan. Daarnaast wordt de beleidsvrijheid van een gemeente ten opzichte van de provincie en het Rijk beperkt, als er geen actuele visie ligt, met de reikwijdte die de omgevingswet vereist. In de huidige gemeentelijke structuurvisie en toekomstvisie wordt gestuurd op programma's en locaties. In de geest van de Omgevingswet neemt de gemeente bij de omgevingsvisie een minder sturende en meer faciliterende rol aan. Deze uitnodigingsplanologie vraagt een ander soort visie dan voorheen. In een uitnodigende omgevingsvisie kan meer gebruik worden gemaakt van de energie in de samenleving. Dit brengt met zich mee dat bij het opstellen van de omgevingsvisie meer input gewenst is uit de samenleving en dat in het proces ruimte moet worden gegeven om initiatieven tot ontplooiing te laten komen. Inzicht en samenhang door integrale afwegingen
Milleubeteldsplan
Nat,.
Verkeer- en vervoersplan StructuurvIsre
5
2. Vertrekpunt Koersdocument en omgevingsvisie Rucphen Voor de invoering van de Omgevingswet wordt samengewerkt met De6-gemeenten. Alle gemeenten hebben een Koersdocument opgesteld met gezamenlijke ambities en een lokale ambitie. De gemeenteraad van Rucphen heeft op 20 september 2017 het Koersdocument Omgevingswet Rucphen vastgesteld. In dit Koersdocument zijn onder andere de kaders opgenomen voor de omgevingsvisie. Zo is het uitgangspunt van voortbouwen op bestaand beleid opgenomen, is bepaald wat de veranderambitie is per gebied en hoe samengewerkt wordt met andere gemeenten. Voor verdere implementatie van de Omgevingswet, heeft de gemeenteraad middelen beschikbaar gesteld. Voor het opstellen van de omgevingsvisie wordt gebruik gemaakt van deze middelen. Voortbouwen op bestaand beleid De toekomstvisie 'Puur Rucphen 2030'is de visie op de toekomst van de gemeente. Deze visie is op 23 september 2015 door de gemeenteraad van Rucphen vastgesteld. De toekomstvisie is opgesteld in intensieve samenspraak met inwoners, ondernemers en vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties. De toekomstvisie is de leidraad voor de verdere ontwikkelingen in de gemeente. De ruimtelijke toekomstvisie van de gemeente is vastgelegd in de structuurvisie Rucphen 2030. Deze visie is op 11 december 2013 door de gemeenteraad van Rucphen vastgesteld.
De structuurvisie is nog redelijk actueel en geeft de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden tot 2030 weer. De uitwerking van het in de structuurvisie beschreven beleid ligt vast in deelvisies, bestemmingsplannen en projecten. In het Koersdocument Omgevingswet Rucphen is vastgesteld dat de Toekomstvisie Puur Rucphen 2030 en Structuurvisie Rucphen 2030 de basis vormen voor de omgevingsvisie. Sinds de vaststelling van het Koersdocument zijn ook andere belangrijke visies vastgesteld in samenspraak met inwoners, ondernemers en stakeholders. Deze visies vormen een verdere uitwerking van de Toekomstvisie en zullen eveneens een belangrijke plek krijgen in de omgevingsvisie. Het gaat daarbij om de Woonvisie 2020-2024 , Visie (Vrijetijds)economie gemeente Rucphen 2020-2025 en de Visie Duurzaamheid.
PUUR RUCPHEN203°
, Toekomstvisie gemeente Rucphen
Vangen., 71,eptembe, 1715
esjo'
4a Deel A: Visie
"%COC,
6
3. Wettelijke kaders De wettelijke grondslag voor de omgevingsvisie ligt in afdeling 3.1 van de Omgevingswet. Artikel 3.1 bepaalt dat de gemeenteraad een omgevingsvisie moet vaststellen. Artikel 3.2 geeft aan welke aspecten in ieder geval aan de orde moeten komen: - de hoofdlijnen van de kwaliteit van de huidige fysieke leefomgeving; - de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkelingen, gebruik, beheer, bescherming en behoud van het grondgebied; - de hoofdzaken van het beleid op alle relevante terreinen van de fysieke leefomgeving. Verder moet rekening worden gehouden met de vier milieu-beginselen, genoemd in de artikel 3.3: - het voorzorgsbeginsel ; het beginsel van preventief handelen; het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestreden moeten worden; het beginsel dat de vervuiler betaalt. In de omgevingsvisie worden alle beleidsterreinen en onderwerpen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving geïnventariseerd en wordt het beleid integraal vastgelegd. Dit houdt in dat: - er één beleidsstuk komt met samenhangend beleid zonder interne strijdigheden; - de omgevingsvisie in ieder geval de beleidsterreinen uit artikel 1.2 lid 2 bevat; - het beleid zowel ontwikkelingen betreft, als de beschrijving van de kwaliteit van de bestaande situatie en het behoud door bijvoorbeeld beheer en bescherming.
Er zullen beleidsdoelen worden opgenomen en worden aangegeven met welke instrumenten die beleidsdoelen worden nagestreefd. Het kan daarbij gaan om financiële instrumenten, maar ook om juridische instrumenten zoals het omgevingsplan en het programma. In bijlage 1 is een checklist opgenomen, om te waarborgen dat de omgevingsvisie aan alle eisen voldoet.
7
4. Stappen In 2017 en 2018 hebben twaalf gemeenten aan een pilot voor de omgevingsvisie meegedaan. Naar aanleiding van deze pilot is een eindrapport opgesteld, waarin 9 processtappen zijn beschreven 1. Analyse bestaand beleid 2. Projectgroep 3. Participatie 4. Ketenpartners betrekken 5. Raad bij het proces betrekken 6. Opgaven prioriteren 7. Over je eigen grens kijken 8. Toekomstagenda bepalen 9. Een verhaal schrijven Deze processtappen worden hieronder kort beschreven. In de laatste paragraaf wordt de lijst nog aangevuld met de paragraaf 'De formele procedure'.
4.1 Analyse bestaand beleid Op dit moment wordt in kaart gebracht welk beleid in ogenschouw moet worden genomen bij het opstellen van de omgevingsvisie. Het gaat om documenten die komen te vervallen als de omgevingsvisie wordt vastgesteld en beleid dat deels wordt overgenomen, of als inspiratie voor de omgevingsvisie dient. Sommige beleidsdocumenten kunnen later als programma gaan functioneren. De omgevingsvisie is de ruimtelijke vertaalslag van de toekomstvisie. Naast de uitkomsten van de participatie zal de toekomstvisie Puur Rucphen 2030 leidend zijn, waarbij de structuurvisie en andere visies worden meegenomen. Denk daarbij aan visies voor verschillende (sectorale) onderwerpen: Visie Zonne- en Windenergie, Programmaplan Sociaal Domein en het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoerplan.
4.2 Projectgroep Voor het opstellen van de omgevingsvisie is een gemeentelijk projectteam samengesteld. Omdat de omgevingsvisie als facet door de verschillende beleidssectoren heen loopt zitten hier ook de adviseurs vanuit de verschillende disciplines in. Naast de gemeentelijke projectgroep, zullen ook externe adviseurs en ketenpartners regelmatig bij het proces worden betrokken. De projectgroep zal ervoor zorgen dat inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en de gemeenteraad voldoende bij de totstandkoming van de omgevingsvisie worden betrokken.
4.3 Participatie De wetgever vindt het belangrijk dat burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties invloed kunnen uitoefenen op de omgevingsvisie. Daarom heeft zij in artikel 10.7 van het omgevingsbesluit een motiveringsplicht opgenomen: "Bij het vaststellen van een omgevingsvisie wordt aangegeven hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn". De gemeente moet op basis van haar eigen situatie bepalen hoe zij de participatie op willen zetten en welke instrumenten zij hierbij willen gebruiken. In de afgelopen jaren heeft in het kader van andere beleidsdocumenten, zoals de Toekomstvisie Puur Rucphen 2030, al participatie plaatsgevonden. In het Koersdocument Omgevingswet Rucphen wordt aangegeven dat de Toekomstvisie en de structuurvisie leidend moet zijn bij het opstellen van de omgevingsvisie. In het koersdocument is het uitgangspunt dat betrokken partners en inwoners kunnen participeren in de vorm van het reageren op de doorvertaling van de toekomstvisie en de structuurvisie naar de nieuwe omgevingsvisie. Dit zal dan ook de eerste stap zijn in het proces van de participatie in
8
het kader van de omgevingsvisie. De mogelijkheden van zowel digitale als fysieke participatie worden momenteel bekeken om iedereen toegang te geven om mee te denken over deze doorvertaling. Daarmee kan iedereen meedenken over de strategische hoofdlijnen van de omgevingsvisie. De omgevingsvisie kan vervolgens door de gemeenteraad worden vastgesteld in december 2021. In 2022 worden de hoofdlijnen van de vastgestelde omgevingsvisie uitgewerkt. Dit is een nadere uitwerking op gebiedsniveau (denk hierbij aan de vijf dorpen, buitengebied, bedrijventerrein Nijverhei en Binnentuin). Participatie staat hier centraal!
4.4 Ketenpartners betrekken Voor veel opgaven ligt de oplossing op het regionale schaalniveau. Neem opgaven als de energietransitie, mobiliteit en de woningmarkt: allemaal opgaven met een bovenlokale dynamiek. De Omgevingswet baseert zich op het uitgangspunt dat de overheid als één overheid moet gaan werken. Regionale (keten)samenwerking is dus een randvoorwaarde om te voldoen aan dit uitgangspunt. Dit betekent dat informatie met elkaar gedeeld moet worden. Naast de provincie en het waterschap zullen in ieder geval alle buurgemeenten (inclusief het Belgische Essen) bij de omgevingsvisie worden betrokken.
4.5 Raad bij het proces betrekken Vaststelling van de omgevingsvisie is een raadsbevoegdheid. De gemeenteraad stuurt met de omgevingsvisie op de lange termijn. De wet gaat uit van het principe 'decentraal wat kan, centraal wat moet'. Dat geeft gemeenten meer afwegingsruimte voor lokaal maatwerk. De raad moet de vraag beantwoorden: wat is belangrijk in mijn gemeente? Wat voor een gemeente willen wij? In het kader van onder andere het Koersdocument en de Toekomstvisie heeft de gemeenteraad al deels antwoord gegeven op deze vragen. Een opiniërende bespreking met de raad is een goede manier om de raad bij te praten over de voortgang van het proces en de uitkomsten van de participatie en te informeren of zij naar aanleiding daarvan hun standpunten willen wijzigen ten opzichte van het geldende beleid. Het is belangrijk dat eerst de participatie wordt afgerond en bovenstaande vragen vervolgens aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Op deze manier kan de gemeenteraad haar standpunten geven met in achtneming van de uitkomsten van de participatie. Als de gemeenteraad al voor de participatie standpunten in gaat nemen, zorgt dit voor een kleinere impact van de participatie of zorgt dit ervoor dat de gemeenteraad haar standpunten moet herzien.
4.6 Opgaven prioriteren Uit de analyse van het bestaande beleid, de participatie en het contact met de gemeenteraad komt als het goed is naar voren: wat de kenmerken van de gemeente Rucphen zijn; welke ambities de gemeente Rucphen heeft; welke opgaven er liggen om deze ambities te halen. Niet alle opgaven kunnen tegelijk in dezelfde mate worden gerealiseerd. Daarom moet de gemeenteraad prioriteiten stellen.
4.7 Over je eigen grens kijken De omgevingsvisie moet een integrale visie worden. Zij moet niet alleen in samenspraak met verschillende sectoren en hogere overheden tot stand komen, maar ook in samenwerking met de regio. De omgevingsvisie zal worden afgestemd met de omliggende gemeenten. Bij de omgevingsvisie betrekken we ook partners die bij meerdere gemeenten betrokken zijn en een breed belang dienen. Denk hierbij aan Enexis, Brabant Water, Natuurmonumenten, Defensie en ZLTO. Ook het beleid van het Rijk, de provincie, waterschap en Regio West-Brabant worden meegenomen bij de totstandkoming van de omgevingsvisie.
9
4.8 Toekomstagenda bepalen Om de opgaven in de omgevingsvisie te realiseren is het belangrijk dat een toekomstagenda aan de omgevingsvisie wordt toegevoegd. Zo komt er een duidelijk overzicht van de veranderingen die tot stand moeten worden gebracht en ontstaat de mogelijkheid om te monitoren of de opgaven (op tijd) zijn gerealiseerd.
4.9 Een verhaal schrijven Als de voorgaande stappen zijn uitgevoerd en er voldoende afstemming met alle betrokkenen heeft plaatsgevonden kan de omgevingsvisie geschreven worden. Het is belangrijk dat het integrale karakter van het proces duidelijk in het verhaal van de omgevingsvisie naar voren komt. Als het college tevreden is met het resultaat, kan de omgevingsvisie als ontwerp in procedure worden gebracht.
4.10De formele procedure Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geldt voor de voorbereiding van de omgevingsvisie. Dit betekent dat het college de ontwerp omgevingsvisie voor zes weken ter inzage moet leggen. Iedereen kan zienswijzen naar voren brengen over de ontwerp omgevingsvisie. De gemeente doet mededeling van het ontwerp in het gemeenteblad. Tegen een omgevingsvisie staat geen beroep open. Een omgevingsvisie bindt alleen de gemeente zelf en heeft geen juridische gevolgen.
4.11 Planning De volgende planning wordt aangehouden om de omgevingsvisie in december 2021 vast te kunnen stellen: Planning
Mrt Apr. Mei Juni
Voorbereiding Raadsinformatieavond Omgevingswet en plan van aanpak omgevingsvisie
X
Participatie Opiniërende bespreking met de raad
Juli
Aug. Sep. Okt.
Nov.
Dec.
X
Opstellen omgevingsvisie Ontwerp omgevingsvisie Vaststelling omgevingsvisie
X
10
Bijlage 1: omgevingsvisie Categorie Verplichte onderdelen verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen Verplichte onderdelen De vier milieubeginselen De vier milieubeginselen De vier milieubeginselen De vier mllieubeginselen Uitvoering van de omgevingsvisie Zorgplicht Zorgplicht Zorgplicht Zorgplicht Gebruiksruimte Publieksparticipatie Afstemmingsverplichting Consultatieverplichting Monitoring en evaluatie
Checklist
minimumeisen
Onderdeel Beschrijven kernkwaliteiten Beschrijven gebruik (per thema) Beschrijven beheer (per thema) Beschrijven bescherming (per thema) Beschrijven behoud (per thema) bouwwerken infrastructuur watersystemen water bodem lucht landschappen natuur cultureel erfgoed werelderfgoed voorzorgsbeginsel preventief handelen aan de bron bestrijden de vervuiler betaalt Per thema aangeven met welk instrument voornemens gerealiseerd worden zorgplicht afvalwater (rom Waterschap) zorgplicht hemelwater (lom Waterschap) zorgplicht grondwater (lom Waterschap) Beschrijven hoe met de zorgplicht om is gegaan Gaat uw gemeente de gebruiksruimte brongericht, gebiedsgericht of kwallteitsgericht verdelen? Aangeven hoe publieksparticipatie heeft plaatsgevonden Beschrijven hoe afstemming heeft plaatsgevonden (provincie en waterschap zijn sowieso verplicht) Zijn de noodzakelijke bestuursorganen geconsulteerd? Voornemens en ambities moeten meetbaar zijn (geevalueerd kunnen worden).
_ Verplicht/facultatief Grond Verplicht Art. 3.30W Verplicht Art. 3.2 OW Verplicht Art. 3.20W Verplicht Art. 3.20W Verplicht Art. 3.20W Verplicht Verplicht
Art.1.2 OW Art.1.2 OW
Verplicht Verplicht
Art. 120W Art.1.2 OW
Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht
Art.1.2 OW Art.1.2 OW Art.1.2 OW Art.1.2 OW Art.1.2 OW Art.1.2 OW Art 3.3 OW Art 3.3 OW Art 3.30W Art 3.30W
Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht Verplicht
Art. 1.B OW Art.1.8 OW Art. 1.80W Art.1.7 OW