CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

19 RV RB Vaststelling jaarrekening 2024 en bestemming batig rekeningsaldo 2024 aangepast

gemeenteraad 11 juni 2025, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling jaarrekening 2024 en bestemming batig rekeningsaldo 20243.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 11 juni 2025

Agendanummer 19

Commissievergadering ABM 28 mei 2025

Agendanummer 07

Vaststelling jaarrekening 2024 en bestemming batig rekeningsaldo 2024 Voorstel: 1. De jaarrekening 2024 onder voorbehoud van een goedkeurende verklaring van de accountant vast te stellen; 2. In het kader van ‘begrotingsrechtmatigheid’ in te stemmen met de overschrijdingen zoals aangegeven in de jaarrekening; 3. € 0.665.916,00 toe te voegen aan de reserve restantbudgetten; 4. € 0.104.665,00 toe te voegen aan de reserve personele knelpunten; 5. € 0.010.000,00 toe te voegen aan de reserve mutaties decembercirculaire; 6. € 0.045.393,00 toe te voegen aan de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing; 7. € 2.503.395,07 toe te aan de algemene reserve. Samenvatting: Overeenkomstig artikel 197 van de Gemeentewet bieden wij u de gemeenterekening over het dienstjaar 2024 ter vaststelling aan. De exploitatie 2024 van de gemeente Rucphen sluit met een positief saldo van afgerond € 3.329.369,07. Dit saldo is in positieve zin aanzienlijk beïnvloed door een aantal eenmalige zaken en daarnaast door het over de jaargrens doorlopen van projecten, waardoor niet alle budgetten werden besteed. In het onderdeel “Middelen” wordt hierop verder ingegaan. Motivering: De jaarrekening 2024 is opgesteld volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). De jaarrekening is ingedeeld volgens de programma’s van de begroting 2024.

Op grond van artikel 200 van de Gemeentewet dient deze jaarrekening vóór 15 juli 2025 aan Gedeputeerde Staten te worden ingezonden. Middelen: In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) wordt onderscheid gemaakt in het saldo van baten en lasten en het resultaat. Saldo van baten en lasten Het saldo van baten en lasten bestaat uit de algemene dekkingsmiddelen van de gemeente Rucphen (o.a. algemene uitkering en lokale heffingen) -/- de (netto) kosten van de programma’s, overhead en vennootschapsbelasting. In 2024 bedraagt het nadelig saldo € 1.501.532,00. Resultaat Het resultaat geeft de mutatie in het eigen vermogen weer. Een negatief resultaat wil echter niet zeggen dat de gemeente het “slecht gedaan heeft”. In dit resultaat zitten namelijk eenmalige uitgaven die bekostigd worden uit reserves. Hierover zijn door uw raad expliciet besluiten genomen. Structurele lasten worden overigens niet gedekt door bijdragen uit reserves.

2

Het resultaat wordt berekend door van het saldo van baten en lasten de mutatie in de reserves af te trekken. De mutatie in de reserves in 2024 is per saldo € 4.830.902,00 zodat het resultaat afgerond € 3.329.370,00 bedraagt. De mutaties in de reserves vloeien voort uit door uw raad genomen besluiten. Voor een toelichting op de mutaties in de reserves wordt verwezen naar paragraaf 6.3 van de jaarrekening. Resultaat Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

56.949.435

Saldo programma's (lasten -/- baten)

49.550.926

-/-

Overheadkosten

8.899.587

-/-

454

-/-

Heffing vennootschapsbelasting Totaal saldo van baten en lasten

-1.501.532

Storting in reserves

6.003.380

-/-

Aanwending van reserves

10.834.282

+

Resultaat

3.329.370

Verklaring resultaat De programma’s De programma’s en taakvelden met de grootste afwijkingen ten opzichte van de begroting worden hieronder vermeld (bedragen afgerond op € 1.000,00). Voor een meer gedetailleerde verschillenverklaring bij de taakvelden wordt verwezen naar de toelichtingen bij de programma’s in hoofdstuk 1, algemene dekkingsmiddelen in hoofdstuk 2 en overhead in hoofdstuk 3. Bestuur en Ondersteuning Het negatieve saldo op dit programma bedraagt € 314.000,00. Dit wordt voor € 456.000,00 veroorzaakt door een storting in de pensioenvoorziening wethouders naar aanleiding van de jaarlijkse actuariële waardebepaling. Het bedrag dat werd ontvangen aan leges met betrekking tot nutsvoorzieningen was € 72.000,00 hoger dan waar in de begroting rekening mee was gehouden. Veiligheid Het positieve saldo op dit programma is € 245.000,00. Zowel de kosten als de uitgaven van de crisisnoodopvang (CNO) waren hoger dan waar in de begroting rekening mee was gehouden. Per saldo leverde dit een voordeel op van € 96.000,00. Van het eenmalige budget met betrekking tot de aanpak van recreatieparken resteert € 123.000,00. Dit budget blijft beschikbaar voor 2025. Verkeer, vervoer en waterstaat Het positieve saldo op dit programma is € 141.000,00. Dit saldo wordt veroorzaakt door meerdere relatief kleine afwijkingen ten opzichte van de begroting.

De grootsten hiervan zijn: • Hogere kosten voor onderhoud van openbare verlichting (€ 147.000,00); • Lagere kosten voor planmatig wegonderhoud in verband met weersomstandigheden (€ 109.000,00); • Lagere personeelskosten (€ 82.000,00); • Lagere kosten van elektriciteit van de openbare verlichting (€ 57.000,00); • Aanbestedingsvoordeel onkruidbestrijding en straatvegen (€ 51.000,00).

3

Economie Het positieve saldo op dit programma bedraagt € 29.000,00. Dit wordt voor € 21.000,00 veroorzaakt door lagere kosten van promotiebeleid. Onderwijs Het positieve saldo op dit programma bedraagt € 1.167.000,00. Dit wordt voor € 992.200,00 veroorzaakt door het restant op de eenmalige budgetten in verband met de bouw van basisschool De Heilinde. Deze budgetten blijven beschikbaar voor 2025. De kosten van Voorschoolse educatie waren € 81.000,00 lager dan begroot, o.a. omdat de post onvoorzien niet hoefde te worden ingezet. De kosten van leerlingenvervoer waren € 86.000,00 lager dan begroot. Sport, cultuur en recreatie Het positieve saldo op dit programma bedraagt € 299.00,00. Dit saldo wordt veroorzaakt door meerdere relatief kleine afwijkingen ten opzichte van de begroting. De grootsten hiervan zijn: • Lagere lasten voor integraal beheer openbare ruimte (groenonderhoud € 178.000,00); • Lagere lasten voor cyclisch boombeheer (€ 43.000,00); • Lagere personeelslasten (€ 37.000,00). Sociaal Domein Het positieve saldo op dit programma bedraagt € 88.000,00. Op het totale bedrag van het programma van € 30,7 mln. is dat slechts een kleine afwijking. Op taakveldniveau zijn er echter grotere verschillen zichtbaar: • • • • • • • •

Samenkracht en burgerparticipatie € 192.000,00 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen € 630.000,00 Inkomensregelingen -/- € 343.000,00 WSW en beschut werk € 345.000,00 Arbeidsparticipatie € 238.000,00 Wet Maatschappelijke Ondersteuning -/- € 51.000,00 Jeugd (incl. Jeugdbescherming) -/- € 1.298.000,00 Beschermd wonen € 376.000,00

Voor een specificatie van de verschillen per taakveld wordt verwezen naar paragraaf 1.6.4. Volksgezondheid en Milieu Het positieve saldo op dit programma bedraagt € 625.000,00. Dit wordt voor € 170.000,00 veroorzaakt door een hoger aanwending van het Gemeentelijk Rioleringsplan. Het saldo op taakveld Afval bedraagt € 31.000,00. Op taakveld milieu resteren middelen voor de energietransitie en het soortenmanagementplan. Dit zijn eenmalige budgetten voor activiteiten die doorlopen na 2024. Het gaat om een bedrag van € 245.000,00. Op het budget voor het werkprogramma OMWB resteert € 94.000,00. Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Het positieve saldo op dit programma bedraagt € 27.000,00. • Ruimte en leefomgeving -/- € 20.000,00 • Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) -/- € 43.000,00 • Wonen en Bouwen € 91.000,00

4

Financiële paragraaf (exclusief rekeningresultaat) De posten die onder de financiële paragraaf vallen, sluiten met een negatief saldo van € 390.000,00. Het positieve saldo op taakveld Overhead bedraagt € 828.000,00. Dit heeft voor een groot deel te maken met een overschot op personeelslasten door een aantal vacatures die gedurende (een deel van) het jaar niet konden worden ingevuld. Het positieve saldo op taakveld ‘Algemene Uitkering’ bedraagt € 197.000,00. Voor een uitgebreide toelichting hierop wordt verwezen naar paragraaf 2.4 Algemene uitkering. Het positieve saldo op taakveld ‘Overige Baten en Lasten’ bedraagt € 101.000,00. Het gaat voornamelijk om stelposten. Deze worden opgenomen als er voor een bepaald doel al middelen van het rijk worden ontvangen terwijl hiervoor nog beleid moet worden gemaakt. Voor een specificatie wordt verwezen naar paragraaf 2.6.Overige baten en lasten. Er werd in 2024 € 150.000,00 minder gereserveerd dan begroot. Daarnaast werd er € 1.684.000,00 minder aan reserves onttrokken. Voor een uitgebreid overzicht met het verloop van de reserves wordt verwezen naar paragraaf 7.1. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio dat de verhouding weergeeft tussen de beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit.

Als we de middelen die niet als dekking gebruikt kunnen worden buiten beschouwing laten spreken we van de gecorrigeerde ratio; het uitgangspunt is een gecorrigeerd ratio tussen 1,0 en 1,4. De gecorrigeerde ratio voor de jaarrekening 2024 is 1,8, dat is ‘ruim voldoende’. Indien de ratio op enig moment groter is dan 1,4, dan is sprake van vrij besteedbare ruimte binnen de Algemene reserve. In paragraaf 5.2 vindt u meer informatie over het weerstandsvermogen. Begrotingsrechtmatigheid In het Besluit Accountantscontrole Provincies en Gemeenten wordt begrotingsrechtmatigheid toegelicht: Financiële beheershandelingen dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de door de raad geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s. In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. In 2024 is er op Programma 0. Bestuur en ondersteuning en Programma 1 Veiligheid een begrotingsonrechtmatigheid ontstaan. Op programma 0 is de overschrijding van de lasten met name ontstaan door een storting in de pensioenvoorziening gewezen wethouders. We zijn verplicht om de voorziening voldoende groot te houden om aan de toekomstige verplichtingen te kunnen voldoen. De hogere lasten en baten op programma 1 worden met name veroorzaakt door de crisisnoodopvang (CNO).

Alle lasten met betrekking tot de CNO worden integraal doorbelast aan het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA). Er is in dit geval sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. Voor een totaaloverzicht van de begrotingsafwijkingen per programma wordt verwezen naar hoofdstuk 9 Begrotingsrechtmatigheid. Ten aanzien van deze overschrijdingen zijn wij van mening dat deze als ‘passend binnen het door uw raad uitgezette beleid’ kunnen worden beschouwd. We stellen u dan ook voor om in het kader van de begrotingsrechtmatigheid met deze overschrijdingen in te stemmen. In 2024 zijn er drie kredieten met een overschrijding van meer dan € 10.000,00, welke worden toelichting in onderdeel 9.1. ‘Kredietoverschrijdingen’. Ten aanzien van de overschrijding op kredieten zijn wij van mening dat deze als ‘passend binnen het door uw raad uitgezette beleid’ kunnen worden beschouwd. We stellen u dan ook voor om in het kader van de begrotingsrechtmatigheid met deze overschrijdingen in te stemmen.

5

Rechtmatigheidsverantwoording van burgemeester en wethouders Ons college legt verantwoording af over de rechtmatigheid van de totstandkoming van de baten en lasten alsmede de balansmutaties. De rechtmatigheidsverantwoording is in paragraaf 9.3 van de jaarrekening opgenomen. Hiermee geeft ons college de verklaring dat alle baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen in de jaarrekening. Om de rechtmatigheid te onderbouwen, heeft er een verbijzonderde interne controle plaatsgevonden op de belangrijkste financiële processen. Bovendien is in de tabel van de verantwoording het begrotingscriterium nader uitgewerkt en opgesomd, wat een transparante weergave biedt van de naleving van de budgettaire kaders. Accountantscontrole De accountant geeft nog uitsluitend een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening; de accountant kan geen direct oordeel geven over de rechtmatigheid van alle baten, lasten en balansmutaties. Indirect doet hij dat wel door een getrouwheidsoordeel te geven over de door de gemeente opgestelde rechtmatigheidsverantwoording. Hierop is één uitzondering: de accountant geeft in de controleverklaring een expliciet rechtmatigheidsoordeel over de specifieke uitkeringen.

Het accountantsverslag is inmiddels van de accountant ontvangen maar omdat het normenkader 2023 en 2024 nog niet door uw raad zijn vastgesteld, is op dit moment nog geen goedkeurende controleverklaring afgegeven. Uit communicatie met de accountant blijkt echter dat deze voornemens is een goedkeurende verklaring af te geven. Na ontvangst van de controleverklaring kan definitieve vaststelling van de jaarrekening plaatsvinden in de raadsvergadering op 2 juli zodat tijdige toezending vóór 15 juli aan de Provincie Noord-Brabant plaats kan vinden. Resultaatsbestemming Het batig saldo (€ 3.329.369,07) dient als zodanig in de balans te worden opgenomen. Bij de vaststelling van de rekening kunt u vervolgens een bestemming geven aan het saldo. Op basis van de huidige besluiten en gedragslijnen met betrekking tot bestemming van het batig saldo, wordt voorgesteld dit saldo als volgt te bestemmen: a. € 0.665.916,00 toe te voegen aan de reserve restantbudgetten; d. € 0.104.665,00 toe te voegen aan de reserve personele knelpunten; c. € 0.010.000,00 toe te voegen aan de reserve mutaties decembercirculaire; c. € 0.045.393,00 toe te voegen aan de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing; e. € 2.503.395,07 toe te voegen aan de algemene reserve. a. reserve restantbudgetten In de loop van 2024 zijn een aantal (éénmalige) budgetten beschikbaar gesteld voor (incidentele) werkzaamheden.

Een aantal van deze werkzaamheden zijn nog niet geheel in 2024 uitgevoerd. Om in 2025 over deze middelen te kunnen beschikken wordt voorgesteld deze budgetten “over te brengen” naar 2025. Voor een specificatie van deze projecten wordt verwezen naar paragraaf 6.1.3 van de jaarrekening. b. reserve personele knelpunten In 2024 zijn er ambtelijke uren ingezet ten behoeve van de crisisnoodopvang op diverse vakgebieden. Deze uren zijn doorbelast aan het COA. Het doorbelaste bedrag willen we storten in de reserve personele knelpunten om mogelijke knelpunten aan te pakken. c. reserve mutaties decembercirculaire De mutaties die uit de decembercirculaire 2024 voortvloeien hebben betrekking op 2024 maar konden, door het tijdstip van publicatie, niet meer worden verwerkt in de (gewijzigde) begroting van 2024 of worden ingezet. Daarom wordt voorgesteld deze middelen te reserveren. Een uitgebreide toelichting op de algemene uitkering vindt u in paragraaf 2.2 van de jaarrekening.

6

d. egalisatievoorziening afvalstoffenheffing In 2024 was beoogd de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing in te zetten voor een bedrag van € 170.000,00 om de heffing kostendekkend te maken en het tarief voor 2024 te kunnen drukken. Dit blijkt in werkelijkheid niet nodig te zijn. De kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing over 2024 is € 45.393,00 positief, wat betekent dat er een storting in de voorziening plaatsvindt. e. algemene reserve Na bovengenoemde reserveringen blijft er nog een bedrag van € 2.503.395,07 over als nader te bestemmen. Bij het Raadvoorstel ‘Vaststelling jaarrekening 2021 en bestemming batig rekeningsaldo 2021’ (d.d. 15 juni 2022) heeft uw raad geamendeerd besloten om “De komende jaren eenmalige meevallers te storten in de reserve IHP, tot het moment dat een nader te bepalen omvang van de reserve is bereikt”. We willen bij de resultaatbestemming 2024 gemotiveerd afwijken van voornoemd amendement en een bedrag van € 2.503.395,07 toevoegen aan de Algemene reserve. We adviseren om eerst de behandeling van de Kadernota 2026 af te wachten en een meer integrale benadering op de resultaatbestemming toe te passen. Om ons advies nader te onderbouwen zijn hieronder een aantal argumenten opgenomen.

Het amendement houdt geen rekening met de financiële positie van gemeente Rucphen Het amendement stamt uit 2022 en bevat geen afwegingskader buiten “eenmalige meevallers”. Er zit geen einddatum aan, noch een streefbedrag. We adviseren met klem om de financiële situatie 2026 - 2029 te betrekken bij het afwegingskader. Op dat moment is ook inzichtelijk wat we in 2026 van het rijk ontvangen. We verwachten een meerjarig tekort Onze laatste prognose voor de Kadernota 2026 laat, rekening houdend met positieve berichtgeving uit de voorjaarsnota, in de jaren 2026 – 2029 een cumulatief tekort van ongeveer € 4 mln. zien. Blijft de situatie onveranderd dan zal de Algemene reserve worden aangesproken om het gat te dichten. De vrije ruimte in de Algemene reserve is beperkt Per 31 december 2024 is de omvang van de Algemene reserve € 4,6 mln., waarvan € 2,9 mln. vrije ruimte. Dat wil zeggen dat we € 2,9 mln. kunnen onttrekken uit de reserve zonder dat het ratio weerstandvermogen onder de 1,0 komt. De vrije ruimte is niet genoeg om het verwachte tekort op te kunnen vangen. De Algemene reserve kan worden ingezet om andere afschrijvingslasten te dekken Om het tekort in 2026 – 2029 te verkleinen kan de Algemene reserve worden ingezet om afschrijvingslasten te dekken. Er vindt dan een storting plaats in de Reserve dekking kapitaallasten.

Uiteraard heeft deze storting een negatief effect op de vrije ruimte in de Algemene reserve, maar een positief effect op de meerjarenbegroting. Met een storting van € 670.056,00 ontstaat onderstaande begrotingsruimte. 2026: 2027: 2028: 2029:

€ 267.645,00 € 198.370,00 € 144.041,00 € 060.000,00

7

De Algemene reserve mag eenmalig als structureel dekkingsmiddel worden ingezet bij een tekort We mogen, in afstemming met de provincie, tien procent van het vrij besteedbare deel van de Algemene reserve inzetten als dekking in 2026. Met de stand van zaken per eind 2024 is dat een bedrag van € 290.000,00. Hoe groter de vrije ruimte in de Algemene Reserve, des te groter het bedrag dat kan worden ingezet. De Algemene reserve kan op een later moment worden ingezet als dekking voor IHP Een storting in de Algemene reserve sluit niet uit dat het bedrag kan worden ingezet voor onderwijshuisvesting. De raad besluit over de aanwending van de reserves en kan ter dekking van een kredietvoorstel voor onderwijshuisvesting de Algemene reserve inzetten. Daarentegen kan een bestemmingsreserve IHP niet worden ingezet om een tekort op te vangen in een begrotingsjaar. Zeker niet als deze al is ingezet om afschrijvingslasten te dekken. Afwaarderen grond camping de Witte Plas In 2029 ontstaat een knelpunt met betrekking tot het afwaarderen van de verworven grond van camping de Witte Plas. Zoals in het raadsvoorstel van 1 november 2023 is vermeld, is de grond aangekocht met bestemming recreatie en tegen aanschafwaarde geactiveerd op de balans.

Door het realiseren van een natuurbos op het aangekochte perceel, moet er rekening worden gehouden met een afwaardering van de grond naar de dan geldende vierkante meterprijs voor bosgrond. Deze afwaardering moet in één keer worden genomen ten laste van het resultaat. We schatten in dat er € 3,3 miljoen moet worden afgewaardeerd. Om dit bedrag te dekken wordt, onder voorbehoud van besluitvorming door uw raad, de algemene reserve ingezet. Vervolg: De resultaatbestemming wordt verwerkt in de 1e Bestuursrapportage 2025. Na ontvangst van de controleverklaring en het controleverslag van de accountant wordt de jaarrekening op 2 juli 2025 ter definitieve vaststelling aan uw raad voorgelegd zodat tijdige toezending voor 15 juli aan de Provincie Noord-Brabant plaats kan vinden.

Rucphen, 6 mei 2025 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,

de burgemeester,

drs. E.A.C.M. Kolen.

mr. M. van der Meer Mohr.

Bijlage(n): a. Conceptbesluit b. Programmaverantwoording 2024 c. Accountantsverslag 2024 Gemeente Rucphen

RAADSBESLUIT Vaststelling jaarrekening 2024 en bestemming batig rekeningsaldo 2024 11 juni 2025 De raad van de gemeente Rucphen, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 mei 2025, overwegende dat wij van mening zijn dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de financiële positie op 31 december 2024 en van de baten en lasten over 2024 en dat de uitgaven die in de jaarrekening zijn opgenomen rechtmatig zijn gedaan, gelet op artikel 197 van de Gemeentewet, gehoord de commissie Algemeen Bestuur en Middelen op 28 mei 2025, besluit: 1. De jaarrekening 2024 onder voorbehoud van een goedkeurende verklaring van de accountant vast te stellen; 2. In het kader van ‘begrotingsrechtmatigheid’ in te stemmen met de overschrijdingen zoals aangegeven in de jaarrekening; 3. € 0.665.916,00 toe te voegen aan de reserve restantbudgetten; 4. € 0.104.665,00 toe te voegen aan de reserve personele knelpunten; 5. € 0.010.000,00 toe te voegen aan de reserve mutaties decembercirculaire; 6. € 0.045.393,00 toe te voegen aan de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing; 7. € 2.503.395,07 toe te aan de algemene reserve.

Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Rucphen in zijn openbare vergadering van 11 juni 2025, de griffier,

de voorzitter,

J.J.H. Lahaije.

mr. M. van der Meer Mohr.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15658606/2