CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

12 WHvWB Kaderbrief 2024

commissie Maatschappelijke Aangelegenheden 4 april 2023, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken4.059 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1

Inhoudsopgave 1. Inleiding.......................................................................................................................................................... 3 1.1 Ontwikkeling ............................................................................................................................................ 3 1.2 Bestuurlijke opdracht ............................................................................................................................... 3 1.3 Veranderende sociale zekerheid ............................................................................................................. 4 2. Financiële uitgangspunten begroting ............................................................................................................. 6 2.1 Financieel begrotingsuitgangspunt 4 - Gemeentelijke bijdrage stijgt maximaal met loon-prijsindexatie 6 2.2 Financieel begrotingsuitgangspunt 5 - Gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage ....................................... 6 2.3 Aanvullend financieel begrotingsuitgangspunt 3 - Meerjarige prognose bijstandontvangers ................. 7 3. Beleidsmatige en specifieke uitgangspunten begroting ................................................................................

8 3.1 Inkomen ................................................................................................................................................... 8 3.2 Werk en Participatie................................................................................................................................. 8 3.3 Ketensamenwerking ................................................................................................................................ 9 3.4 Beschut werk ........................................................................................................................................... 9 3.5 Doelgroep indicatie banenafspraak ....................................................................................................... 10 3.6 Wet Inburgering ..................................................................................................................................... 11 Bijlage 1 Financiële richtlijnen begroting 2024 ............................................................................................ 12 Bijlage 2 Beleidsmatige richtlijnen begroting 2024 ...................................................................................... 14

2

1. Inleiding Het Werkplein dient voor 15 april conform de regels de begroting voor het komende jaar in. Bij de begrotingsbehandeling hebben de gemeenteraden de mogelijkheid een zienswijze in te dienen. Het Werkplein stelt voor 1 februari a.s. de algemene financiële en beleidsmatige kaders op in deze kaderbrief als voorbereiding op de begroting voor het jaar 2024. De zienswijzen van het voorgaande jaar zijn hierin verwerkt. In het kader van de regionale nota verbonden partijen wordt vooruitlopend op de begroting de kaderbrief vóór 1 februari aan de deelnemende gemeenten toegezonden. In deze kaderbrief geven wij de koers aan naar een mensgerichte organisatie die wij met ingang van 2022 samen met onze partners in het sociaal domein willen zijn. Daarnaast geven wij de algemene begrotingsuitgangspunten en kaders aan die in de begroting voor 2024 verwerkt worden.

1.1 Ontwikkeling 1 september 2022 hebben we het ‘nieuwe Werkplein’ gemarkeerd. De fase van ontwikkelen en plannen maken hebben we afgerond. We gaan nu verder met de praktische doorontwikkeling van het Werkplein. We werken daadwerkelijk vanuit de werkgebieden, we zoeken actief de samenwerking in het sociaal domein op en het belangrijkste, in ons denken en doen staat de inwoner centraal. In 2024 is samenwerking in het sociaal domein voor onze professionals een vanzelfsprekendheid en we schakelen waar nodig de benodigde expertise in. We zullen dan ook laten we zien wat de resultaten zijn van deze nieuwe manier van werken. Dat doen we in samenwerking met alle Werkpleiners, onze gemeente collega, bestuurders en met u als gemeenteraad. Uiteraard gaan we ook het komend jaar graag met u in gesprek over onze dienstverlening en over de koers die wij volgen. Niet alleen over de begrotingsuitgangspunten voor 2024 maar vooral over de ontwikkeling van onze inwoners, de samenwerking in het sociaal domein en de dienstverlening daar waar dat voor de inwoner uitkomt.

1.2 Bestuurlijke opdracht De D6 gemeenten en het Werkplein zijn overeengekomen om in de periode 2021 tot en met 2024 de volgende strategische doelstellingen te behalen: 1.

Meer inwoners zijn zelfredzaam;

2.

Meer inwoners krijgen passende ondersteuning;

3.

Minder inwoners leven in armoede;

4.

We werken meer samen in het sociaal domein;

5.

Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.

Deze doelstellingen en de activiteiten die wij daarvoor ondernemen worden in de begroting voor 2024 verwerkt.

3

1.3 Veranderende sociale zekerheid Er gebeurt veel in de sociale zekerheid. Een fragiel samenspel waarbij economie, sociale samenhang, arbeidsmarkt, bestaanszekerheid maar ook de onrust in de wereld (en dan met name Europa) een rol spelen. Alles grijpt in elkaar en heeft in meerdere of mindere mate invloed op het leven van ons allemaal. Door de oorlog in Oekraïne stijgen de prijzen van ons primaire levensonderhoud. Dit heeft grote invloed op de bestaanszekerheid van vele inwoners. Maar we zien bijvoorbeeld ook door de vergrijzing een krappe arbeidsmarkt waardoor er veel kansen zijn voor veel mensen. Maar waarbij ook pijnlijk duidelijk wordt dat er nog een wereld te winnen is om te zorgen dat iedereen mee kan doen, met of zonder beperking. Iedereen is nodig op de arbeidsmarkt dus moeten we ook met z’n allen zorgen dat iedereen mee kàn doen! Landelijk Op alle niveaus wordt hierop ingezet. Landelijk zien we de doorontwikkeling op terrein van Participatie. In juni 2022 verscheen het rapport ‘Participatiewet in balans, uitkomsten beleidsanalyse’ waarin de menselijke maat, vertrouwen en vereenvoudiging als duidelijk speerpunten naar voren komen. Dit wordt ondersteund door maatregelen en wetswijzigingen uit het breed offensief die de komende jaren ingevoerd of voorgesteld worden. Regionaal Op regionaal niveau komt dit onder andere in de arbeidsmarktregio West-Brabant tot uiting.

Met de kamerbrief van 11 oktober 2022 ‘uitgangspunten voor de uitbreiding van de arbeidsmarktinfrastructuur’ in het achterhoofd gaan we als regio aan de slag met de toekomstige regionale dienstverlening. Ook hierbij staat de behoefte van de werkende, werkzoekende en werkgever centraal. De dienstverlening kan preventief worden ingezet. De dienstverlening wordt integraal en ‘ontschot’ aangeboden èn is de dienstverlening toegankelijk voor iedereen die dat nodig heeft via het ‘no wrong door’ principe. Dit kan op allerlei manieren vorm krijgen. Hier gaan we in 2023 en 2024 verder mee aan de slag. Waarbij we de beoogde dienstverlening lokaal en vanuit de werkgebieden bij het Werkplein niet uit het oog verliezen. Als Werkplein zijn we een richting ingeslagen waarbij de inwoner op de eerste plek komt. We zijn daar waar de vraag is. We richten onze dienstverlening daarop in. Dit staat bij ons centraal in de verdere uitwerking van de regionale samenwerking. D6-regio Werkplein Eind november 2022 schreef minister Schouten (Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen) om meer balans in de Participatiewet te krijgen we niet uit moeten gaan van systemen, maar van mensen. Dat er oog is voor wie om hulp vraagt, want dat is soms al moeilijk genoeg. Waarbij we naast iemand gaan staan in plaats van er tegenover.’ Dit klinkt als muziek in de oren.

Dit is precies de ontwikkeling die het Werkplein de afgelopen jaren heeft ingezet en waar we voor staan. Ik ben blij dat landelijk deze koers ook wordt ondersteund! In onze D6-regio krijgt dit al vorm door het lokaal/gebiedsgericht werken, ontwikkeltrajecten binnen de ketensamenwerking, doorontwikkeling datagedreven werken, uitgaan van vertrouwen, leren en buiten de lijntjes kleuren, doen wat goed is voor de inwoner etc. Hier blijven we vol op in zetten de komende jaren.

4

Wij zijn overtuigd van onze koers en gaan vol vertrouwen verder op de door ons ingeslagen weg. Door de deelnemende gemeenteraden zijn zowel financiële als algemene richtlijnen verstrekt voor de begroting 2024. Deze richtlijnen worden in principe opgenomen in de begroting voor 2024. In bijlage 1 en 2 kunt u per begrotingsuitgangspunt zien of dit het geval is. Mocht het begrotingsuitgangspunt niet één op één worden overgenomen dan wordt dat in hoofdstuk 2 en 3 nader toegelicht. Voorstel: 1.

De kaderbrief 2024 vaststellen.

2.

De in de kaderbrief 2024 opgenomen uitgangspunten in de conceptbegroting voor 2024 te verwerken.

3.

De kaderbrief 2024 aan de gemeenteraden aanbieden.

Aldus vastgesteld door het algemeen bestuur van het Werkplein Hart van West-Brabant d.d. 30-01-2023.

M. Does

R. van Ginderen

Secretaris

Voorzitter

5

2. Financiële uitgangspunten begroting Bij het opstellen van de begroting 2024 en het meerjarenperspectief worden de begrotingsuitgangspunten gehanteerd die de gemeenteraden conform de nota verbonden partijen aan ons hebben aangeboden. In bijlage 1 en 2 kunt u zien welke van de financiële en beleidsmatige begrotingsuitgangspunten één op één worden overgenomen en welke onder voorbehoud of niet. In paragraaf 3 en 4 wordt toegelicht indien een financieel of beleidsmatig begrotingsuitgangspunt niet één op één wordt overgenomen. Tevens worden sommige uitgangspunten al concreter ingevuld. 2.1 Financieel begrotingsuitgangspunt 4 - Gemeentelijke bijdrage stijgt maximaal met loonprijsindexatie In de begrotingsrichtlijnen geven gemeenten aan dat de begroting 2024 dient te worden opgesteld op basis van een gemeentelijke bijdrage die maximaal met de loon indexering en de prijsontwikkeling uit de septembercirculaire 2022 (of een actuelere circulaire) stijgt. Ook verandert de bijdrage wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen. Voor de programma’s Inkomen en Inkomensondersteuning ligt dit uitgangspunt genuanceerder. Dit omdat in 2023 het minimumloon verhoogd wordt met 10%. Dat is in de septembercirculaire 2022 niet opgenomen.

De begroting voor 2023 van het Werkplein wordt daarvoor aangepast en de doorwerking daarvan in de begroting voor 2024-2027. Voor uw gemeente staan daar inkomsten vanuit het Rijk tegenover (Buig-budget). Die zullen ook worden aangepast vanwege de stijging van het minimumloon. 2.2 Financieel begrotingsuitgangspunt 5 - Gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage In de ontwerpbegroting worden de mogelijkheden beschreven om de bijdrage van de deelnemende gemeenten te verminderen, bijvoorbeeld door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. Voor Inkomen en Inkomensondersteuning kan de gemeentelijke bijdrage alleen gelijk blijven als de vergoedingen van bijvoorbeeld bijzondere bijstand, minimabeleid, collectieve ziektekostenverzekering worden verlaagd. Vanuit uw gemeente hebben zo’n signaal niet vernomen. Integendeel, inkomensnormen voor de verstrekking van bepaalde minimaregelingen zijn onlangs opgetrokken naar 130%van de bijstandsnorm. Daarnaast is de Participatiewet op het gebied van het bieden van een vangnet (bijstandsverstrekking) en inkomensondersteuning (bijzondere bijstand) een openeindregeling. Dat wil zeggen dat een aanvraag om bijstand of bijzondere bijstand niet geweigerd kan worden om bijvoorbeeld budgettaire redenen. Overigens zijn al onze inspanningen erop gericht om inwoners zodanig te ontwikkelen dat zij uitkeringsonafhankelijk worden.

Voor het programma Werk en Participatie wordt de Rijksbijdrage gevolgd (Participatiebudget). Voor de bedrijfsvoeringskosten hanteren we de loon- en prijsindexeringen uit de septembercirculaire 2022. Voor prijsstijging is dat voor 2024 2,5% en voor loonstijging 4,2%. Gezien de huidige inflatie en daarmee loonontwikkelingen lijken deze percentages behoorlijk aan de lage kant. Indien er voor het opstellen van de begroting 2024 actuelere percentages door het Rijk worden gegeven dan zullen we die met een toelichting opnemen in de begroting voor 2024. Komen er geen bijgestelde percentages dan zullen we dat als financieel risico in de begroting benoemen. Bij de bedrijfsvoeringskosten, metname de loonkosten, is de ontwikkeling

6

van het bestand relevant. Mocht er sprake zijn van een flinke toename van het bestand dan zal dat een keuze vergen tussen meer inzet van personeel danwel het bedienen van minder inwoners danwel minder intensieve begeleiding van inwoners. Om ervoor te zorgen dat de Buig uitgaven en de daarvoor beschikbare rijksvergoeding enigszins in evenwicht blijven is het noodzakelijk om de inwoner adequaat te kunnen ontwikkelen naar werk. Daarop zal onze inzet gericht blijven. In de begroting voor 2024 zullen wij hier nader op ingaan. 2.3 Aanvullend financieel begrotingsuitgangspunt 3 - Meerjarige prognose bijstandontvangers Na een stijging van de werkloosheid in het afgelopen jaar is de verwachting van het Centraal Planbureau in september 2023 dat de werkloosheid zal stabiliseren naar een normaal niveau. De verwachting is uitgesproken dat het bestand in 2023 met 2,8% zal afnemen, en vanaf 2024 gelijk zal blijven (0%). Individueel kunnen deze percentages per gemeente verschillen. Voor het aantal mensen in de bijstand geeft het CPB een indicatie. In onderstaande tabel zijn de diverse prognoses aangegeven.

Prognose ontwikkeling bestand bijstandontvangers 2022

2023

2024

2025

2026

3.940

3.929

3.929

3.929

3.929

Stijging/daling per jaar

-2,8%

0,0%

0,0%

0,0%

Verloop in aantallen

11

0

0

0

Aantal bijstandontvangers eind van het jaar

7

3. Beleidsmatige en specifieke uitgangspunten begroting Naast de algemene financiële begrotingsuitgangspunten zijn er ook zaken die specifieke aandacht behoeven of waarvan de uitwerking pas later in het jaar zal plaatsvinden. Van een aantal beleidsmatige uitgangspunten geven wij in deze kaderbrief aan hoe wij daar mee willen omgaan, de anderen zullen in de begroting voor 2023 worden verwerkt (zie bijlage 2). Beleidsmatig begrotingsuitgangspunt 2 - Concrete ambities begroting Gemeenten hebben aangegeven een begroting op hoofdlijnen te willen zodat op basis van de actualiteit in 2023 de ambities voor 2024 middels het Werkprogramma 2024 binnen de gestelde kaders kunnen worden bijgesteld. De actualisatie van de opdracht van de gemeenten aan het Werkplein is daarvoor de kapstok. 3.1 Inkomen De productkosten bestaan uit de middelen die aan PW, IOAW, IOAZ, BBZ (via gebundelde uitkering Participatiewet) en Bijzondere bijstand/minimabeleid (gemeentelijk budget) worden besteed. Kosten van bijstand In de begroting voor 2024 wordt uitgegaan van de werkelijke uitgaven over 2022, gecorrigeerd met de verwachtingen qua ontwikkeling van het bestand in 2023 en 2024. Tevens wordt inzicht geboden in de verwachte ontwikkeling van de structurele loonkostensubsidies. Er wordt rekening gehouden met de stijging van het minimumloon.

Inkomensondersteuning Voor de kosten van bijzondere bijstand/minimabeleid zullen wij de ramingen voor 2024 baseren op de werkelijke uitgaven 2022 gecorrigeerd met de verwachtingen van het gestegen gebruik naar aanleiding van de inzet op het tegengaan van non-gebruik van de regelingen en het vormgeven van een regelingencheck in de toegang. Gemeenten hebben in december 2022 besloten om de inkomensnorm voor de verstrekking van de tegemoetkoming maatschappelijke participatie per 1 januari 2023 op te trekken naar 130% van de bijstandsnorm. Zo kunnen we een nog grotere groep inwoners die het nu vanwege de energiecrisis en hoge inflatie toch al zeer moeilijk hebben ook ondersteunen in deze kosten. Een inschatting van de meerkosten hiervan zullen we in de begroting voor 2024 opnemen. 3.2 Werk en Participatie De rijksvergoeding voor het klassiek re-integratiebudget en voor nieuw Wajong en Nieuw begeleiding zijn inmiddels bijna geheel overgeheveld naar de algemene uitkering. Deze vergoeding wordt vanaf 2024 niet meer voor de begroting gehanteerd omdat deze niet meer uit de algemene uitkering herleidbaar is. De ramingen zullen wij baseren op de werkelijke uitgaven van 2022 en de middelen die nodig zijn om de inwoners goed te kunnen laten ontwikkelen en participeren. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de inzet voor de ketensamenwerking met de WVS en de ISD Brabantse Wal.

8

3.3 Ketensamenwerking Werken als een gezamenlijk ontwikkelbedrijf, waar inwoners die binnen ons werkgebied wonen en vallen onder de Participatiewet, optimaal worden ondersteund bij hun ontwikkeling naar een betaalde baan. Of als dat niet haalbaar is betaalde detachering of vrijwilligerswerk. Dit is de doelstelling van de ketensamenwerking tussen het Werkplein, ISD Brabantse Wal en WVS in 2023. Vanuit de proeftuinen is duidelijk geworden dat een goede diagnose belangrijk is. Het leerwerktraject is niet voor iedereen het juiste instrument. Een deel van onze inwoners kunnen zich niet in korte tijd ontwikkelen om te kunnen starten in betaald werk. Hierdoor hebben we een nieuwe route ontwikkeld voor inwoners. Hiermee starten we in 2023. In 2024 willen we op volle toeren draaien in deze nieuwe route. Ontwikkeltrajecten We gaan uit van ontwikkeltrajecten. Na een uitgebreide kennismaking volgt een verdiepende diagnose in het diagnosecentrum. Vervolgens gaan inwoners aan de slag binnen een traject. Dit kan een leerwerkplek zijn als werk op (korte) termijn haalbaar is. Of dit kan een activeringstraject zijn voor inwoners die de wens hebben om te ontwikkelen naar betaald werk maar daar wat langer de tijd voor nodig hebben. Of een traject dat gericht is op vrijwilligerswerk.

Ook de kwetsbare groep inwoners met een indicatie Banenafspraak of beschut werk kan terecht voor een ontwikkeltraject. Juist ook de inwoners die deze indicatie nog niet hebben maar waarvan we vermoeden dat ze hiervoor in aanmerking komen. Aantallen Bij de leerwerktrajecten gingen we in het verleden uit van een traject van 6 maanden. In een ontwikkeltraject is het afhankelijk van de behoefte van de inwoner hoe lang een traject nodig is. Hierin passen we maatwerk toe. We streven naar 380 ontwikkeltrajecten op jaarbasis op de diverse leerlijnen als groen, logistiek, schoonmaak, productie, catering en post. Ook ligt voor nu het accent op kwaliteit en minder op kwantiteit. Het Werkplein verzorgt 255 deelnemers en ISD Brabantse Wal 125 deelnemers. De samenwerking op het gebied van de leerwerktrajecten, nu ontwikkeltrajecten, is vanaf 2022 niet meer gebaseerd op het halen van aantallen maar op kwalitatieve ondersteuning bieden aan inwoners die dit nodig hebben om de ontwikkeling naar de arbeidsmarkt te maken. In deze kaderbrief worden nog wel aantallen genoemd omdat de begrotingsramingen gebaseerd moeten zijn op aantallen en tarieven. De opgenomen aantallen zijn kortgesloten met de WVS en de ISD Brabantse Wal en worden zowel in onze begroting als die van de WVS verwerkt.

3.4 Beschut werk Vanaf 1 januari 2017 hebben gemeenten de mogelijkheid om een bepaald aantal plaatsen beschut werken te realiseren zoals hen is opgelegd in de zogenaamde ‘taakstelling’ vanuit het Rijk. Hierbij is één plaatsing gelijk aan een arbeidsovereenkomst van 31 uur. Indien een kandidaat voor minder uur geplaatst wordt kan deze

9

arbeidsplaats verder opgevuld worden. Door het Rijk is deze ‘taakstelling’ vertaald in aantallen voor 2023. Tot en met 2024 zijn 161 plekken gereserveerd waarvoor een bedrag ad € 1.304.100 aan begeleidingsvergoeding (voor de zes gemeenten gezamenlijk) in de begroting wordt opgenomen. De aantallen voor de jaren 20242026 zijn berekend op basis van de stijging die eerder per jaar heeft plaatsgevonden. Beschut werk kan een onderdeel zijn binnen het ontwikkeltraject. Een inwoner heeft al een indicatie of er is het vermoeden dat een beschut werk indicatie aansluit bij de behoefte van de inwoner en dan wordt deze aangevraagd. Doordat er meer aandacht is voor de inwoner is het mogelijk dat meer inwoners doorstromen naar beschut werk.

Beschut werk Beschikbare

Etten-Leur

Halderberge

Moerdijk

Roosendaal

Rucphen

Zundert

Totaal

Begroting

2021

18

15

13

52

19

6

123

996.300

2022

20

17

15

58

21

6

137

1.109.700

2023

21

18

16

62

22

7

146

1.182.600

2024

23

20

18

68

24

8

161

1.304.100

2025

25

22

20

74

26

9

176

1.425.600

2026

28

24

22

81

28

10

193

1.563.300

2027

29

27

24

86

29

11

206

1.668.600

plekken

3.5 Doelgroep indicatie banenafspraak Het Werkplein onderzoekt samen met gemeenten de mogelijkheden en scenario’s voor de dienstverlening aan de doelgroep met een blijvende arbeidsbeperking. Het advies hierin is dat inwoners zelf de regie houden om zich te melden bij het Werkplein voor ondersteuning en dat wanneer inwoners aan de slag zijn in een betaalde garantiebaan we dan intensieve nazorg bieden aan de werknemer en de werkgever. Hiermee zetten we in op duurzame plaatsingen. Dit betekent een toename van de structurele loonkostensubsidie en de inzet van klantmanagers en instrumenten. In de rijksvergoeding Buig is rekening gehouden met een jaarlijkse toename van de loonkostensubsidie. In het Participatiebudget is ook rekening gehouden met de toename van begeleidingskosten, jobcoaching en loonwaardemetingen. In 2023 wordt het instrument Praktijkroute verder uitgerold binnen het Werkplein. Door middel van dit instrument worden de kansen op werk vergroot van inwoners met belemmeringen. Dit zijn belemmeringen waardoor zij werk niet voor langere tijd vast kunnen houden. Op de werkplek wordt door middel van een loonwaardemeting getoetst of iemand een verminderde loonwaarde heeft. Heeft iemand een verminderde loonwaarde? Dan wordt deze inwoner, zonder toetsing van het UWV, opgenomen in het doelgroepregister en krijgt deze een indicatie Banenafspraak.

Het voordeel hiervan is dat er gebruik gemaakt kan worden van

10

ondersteunende instrumenten zoals structurele loonkostensubsidie en jobcoaching. De inzet van de Praktijkroute kan dus ook een toename betekenen van het gebruik van voorgenoemde instrumenten. 3.6 Wet Inburgering Op 1 januari 2022 is de nieuwe Wet Inburgering in werking getreden. Dit betekent dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de inburgering. De uitvoering van deze wet is bij het Werkplein belegd. Het jaar 2023 staat nog in het teken van het maken van een kwaliteitsslag op inhoud. De financiële middelen voor inburgeringsvoorzieningen zijn gebaseerd op de rijksvergoeding (SPUK). De rijksmiddelen voor de uitvoeringkosten zijn overgeheveld naar de algemene uitkering. De uitvoeringskosten inburgering worden in 2024 overgeheveld naar de bedrijfsvoeringskosten van het Werkplein.

11

Bijlage 1 Financiële richtlijnen begroting 2024

Begrotingsrichtlijn van de gemeenteraad wordt één op één overgenomen Begrotingsrichtlijn van de gemeenteraad kan niet één op één worden overgenomen omdat er of een beperking op van toepassing is of een nuancering. Dit wordt dan kort toegelicht.

Nr.

Opnemen in Motivatie begroting

Richtlijn begroting Financieel

1.

We verwachten van het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) dat zij een structureel sluitende meerjarenbegroting 20242027 aanbiedt aan de deelnemers. De GR vermeldt duidelijk de uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting 2024. In de begroting 2024 neemt de GR ook een overzicht op met de bijdragen 2024 t/m 2027 per deelnemer.

2. 3.

De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting opgenomen, behalve als dit eerder door het (Algemeen) Bestuur is besloten.

4.

De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting 2024 stijgt maximaal met de geldende cao-indexering en de prijsontwikkeling uit de septembercirculaire 2022 (of een actuelere circulaire). Ook wijzigt de bijdrage wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen.

De begroting bevat een overzicht met het verloop van de (bestemmings)reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de GR deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de GR in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan.

12

Voor Inkomen en Inkomensondersteuning worden de uitgaven fors hoger vanwege aanpassing van het minimumloon in 2023. Daarvoor ontvangen gemeenten ook meer inkomsten van het Rijk (Buig). Daarnaast zijn al onze inspanningen erop gericht om inwoners zodanig te ontwikkelen dat zij geheel of gedeeltelijk uitkeringsonafhankelijk worden.

5.

In de ontwerpbegroting worden de mogelijkheden beschreven om de bijdrage van de deelnemende gemeenten te verminderen, bijvoorbeeld door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven.

6. 7.

Een positief resultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De GR kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur.

In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de GR de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen.

Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2024

1. 2. 3. 4.

De op het Werkplein HvWB betrekking hebbende ramingen en effecten van de ketensamenwerking worden herkenbaar in een afzonderlijke paragraaf in de begroting 2024 opgenomen. Het Werkplein HvWB zorgt ervoor dat haar begroting op dit punt aansluit bij de begrotingen van het WVS en de ISD Brabantse Wal. Het Werkplein maakt een onderbouwde meerjarige prognose van het aantal bijstandsontvangers per gemeente.

Het Werkplein neemt in de bijlagen van de begroting een overzicht op met het verloop van de vaste en tijdelijke formatie sinds 2015. Hieruit blijkt welke mutaties er sinds 2015 in de formatie zijn doorgevoerd en met welke reden en de besluitvorming hierover. Het Werkplein verschaft in de diverse P&Cdocumenten inzicht in de stand van de vorderingen en de voorziening dubieuze debiteuren.

13

Voor het programma Inkomen en Inkomensondersteuning (bijzonder bijstand) is dit uitgangspunt moeilijk uitvoerbaar. Dit omdat de Participatiewet op het gebied van het bieden van een vangnet en inkomensondersteuning een openeindregeling is. Wel kunnen voorstellen gedaan worden ter bevordering van de uitstroom en ontwikkeling van inwoners. Zie verder de toelichting in hoofdstuk 2, bladzijde 5 en 6.

Bijlage 2 Beleidsmatige richtlijnen begroting 2024

Nr.

Inhoudelijke richtlijnen begroting 2024

1. 2.

Het Werkplein HvWB stelt een begroting voor het jaar 2024 op waarin de ambities van de deelnemende gemeenten tot duurzame uitstroom van uitkeringsgerechtigden en het beperken van uitkeringslasten tot uitdrukking komt.

3. 4. 5.

De begroting 2024 dient een duidelijke onderbouwing te bevatten van de manier waarop het Werkplein HvWB de hiervoor genoemde (beleidsmatige richtlijnen 1 en2) ambities gaat realiseren, alsmede de lasten die daarmee gepaard gaan.

Het Werkplein HvWB gaat voorafgaand aan de opstelling van de begroting 2024 met de deelnemende gemeenten in gesprek over de concrete ambities van de gemeenten voor 2024 op het terrein van werk, inkomensondersteuning en inburgering.

De onderbouwing begroting 2024 bevat concrete maatregelen die afdoende zijn om aanspraak te kunnen maken op een uitkering in het kader van de vangnetregeling mocht er voor 2024 uiteindelijk onverhoopt toch sprake zijn van een overschrijding van de BUIG-budgetten. De begroting 2024 van het Werkplein HvWB is opgesteld in lijn met de in 2023 te formuleren ambities en doelstellingen van de integrale ketensamenwerking met WVS en de ISD Brabantse Wal. De ketenpartners dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn. Het Werkplein geeft aan welke concrete stappen er komend jaar worden gezet.

14

Opnemen in Motivatie begroting

Gemeenten hebben aangegeven een begroting op hoofdlijnen te willen zodat op basis van de actualiteit in 2023 de ambities voor 2024 middels het Werkprogramma 2024 binnen de gestelde kaders kunnen worden bijgesteld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12539532/1