CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

11b bijlage Nota van zienswijzen TOV beleid

gemeenteraad 11 maart 2026, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling Beleid teeltondersteunende voorzieningen 20264.923 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van zienswijzen TOV-beleid Inleiding en toelichting Tussen 17 juli en 28 augustus 2025 heeft het Beleid teeltondersteunende voorzieningen Rucphen 2026 (TOV- beleid) ter inzage gelegen. Dit is bekendgemaakt via de Rucphense Bode, de website en via overheid.nl. Geïnteresseerden zijn in de gelegenheid gesteld het beleid digitaal te bekijken of fysiek in te zien in het gemeentehuis. Zij konden hierop schriftelijk of mondeling reageren. Ook zijn belanghebbenden actief op de hoogte gesteld van het TOV beleid Rucphen en in de gelegenheid gesteld om hierop te reageren. In de inzage periode zijn twaalf zienswijzen van bedrijven en instanties ontvangen waarvan één zienswijze buiten de reactietermijn. Besloten is om deze zienswijze wel mee te nemen. Een deel van de zienswijzen is namens meerdere personen ingediend, waardoor het totaal aantal indieners op circa twintig ligt. Het waterschap heeft geen zienswijze ingediend, maar enkele tekstuele wijzigingen voorgesteld. Deze zijn meegenomen. In deze nota van zienswijzen zijn de reacties niet in hun geheel opgenomen, maar zijn ze samengevat. Bij de behandeling van de zienswijzen is wel gekeken naar de volledige tekst van de zienswijze. Onze reactie op de zienswijze staat in de tweede kolom. In de meest rechter kolom staat benoemd of de zienswijze heeft geleid tot een aanpassing van het ontwerp TOV-beleid.

Persoonsgegevens Op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) worden de indieners van de zienswijzen niet met naam en toenaam genoemd, maar zijn ze genummerd. Aan de betrokkenen wordt per brief kenbaar gemaakt onder welk nummer hun zienswijze is opgenomen.

Zienswijze 1 (ZLTO afdeling Rucphen, Treeport en Fruitport) In algemene zin geven de indieners van de zienswijze aan dat zij niet het gevoel hebben dat eerdere inbreng goed is meegenomen in het ontwerp TOV-beleid. Zij pleiten ervoor om in overleg het beleid aan te passen. De inhoudelijke bezwaren tegen het ontwerp TOV-beleid staan in onderstaande tabel. Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

De term ‘boomteelthekken’ wordt als ongebruikelijk gezien. Verzoek om dat woord te verwijderen.

We hebben deze term ook in het bestemmingsplan buitengebied Rucphen 2020 staan. Ook in provinciale stukken wordt deze term gebruikt. Voor de consistentie vinden we het logisch om deze term in het beleid te laten staan. We zijn het hier mee eens. De motieven voor het gebruik van TOV’s worden in het document aangevuld, zoals gevraagd.

Verzoek om de motieven om TOV’s toe te passen aan te vullen. Nu wordt de suggestie gewekt dat de sector met het gebruik van TOV intensiever en meer wil produceren. De eisen uit de markt ontbreken in de argumentatie. Verzocht wordt om het doel van TOV-beleid aan te vullen met het versterken van ‘gezonde en toekomstbestendige bedrijven Verzocht wordt om expliciet te duiden of dit beleid geldt voor

Aanpassing TOVbeleid? Nee

Ja

Hier zijn we het mee eens. Het TOV-beleid wordt hiermee aangevuld.

Ja

We zullen in het TOV-beleid duidelijk opnemen dat dit beleid is bedoeld voor

Ja

ontwikkelingen van permanente TOV’s buiten het bouwvlak, óf permanente TOV’s > 3 hectare buiten het bouwvlak

Verzoek om geen spuitvrije zone in te stellen. Dit zou maatwerk moeten zijn.

Verzocht wordt om de term ‘hinderlijke agrarische activiteiten’ in bebouwingsconcentraties te verwijderen. Deze term is niet gedefinieerd en laat daardoor ruimte voor willekeurige interpretatie. Gevraagd wordt om het gesprek te voeren over de kansen met de agrarische sector over bodem en water sturend, samen met de sector te zoeken naar mogelijkheden in plaats van regels te stellen.

Verzocht wordt om maatwerk toe te passen bij landschappelijke inpassing en daarbij af te zien van een standaard 20 of 30% landschappelijke inpassing en mogelijkheden om verplaatsing van zowel TOV’s als landschappelijke inpassing mogelijk te maken en/of de mogelijkheid voor het financieel afstorten in een gezamenlijk fonds; De mogelijkheid om TOV’s aan te laten sluiten op een bouwvlak in plaats van het eigen bouwvlak, of bouwvlak waarmee een duidelijke relatie bestaat Geen beleid voor boomsteeltstokken opnemen. Dit is een normale agrarische bedrijfsvoering die overal zou moeten kunnen plaatsvinden.

ontwikkelingen van permanente TOV’s buiten het bouwvlak. Alle permanente TOV’s binnen het bouwvlak, alle tijdelijke TOV’s en voorzieningen zoals boomstokken vallen buiten dit beleid, omdat die al geregeld zijn in het (tijdelijk) omgevingsplan (ofwel het vml. bestemmingsplan buitengebied Rucphen 2020).). Bij gebruik van gewasbeschermingsmiddelen moeten spuitvrije zones worden aangehouden conform de meest recente wet- en regelgeving en jurisprudentie. We zullen in het TOV-beleid geen vaste afstand noemen, maar aangeven dat we de meest recente wet- en regelgeving en jurisprudentie aanhouden.

Ja

Deze zinssnede zal worden verwijderd uit het TOV-beleid. De bescherming van kwetsbare functies vindt plaats via het (tijdelijk) omgevingsplan.

Ja

We zijn het ermee eens dat er allerlei ontwikkelingen en onderzoeken gaande zijn naar de kwaliteit van water en bodem. Tegelijk willen wemet de huidige kennis wel de juiste bescherming bieden. Daarom wordt er wel beleid opgenomen om bodem en water te beschermen. Er wordt echter wel de zin opgenomen, dat beleid kan worden aangepast als er nieuwe kennis is ontwikkeld. We zijn het hiermee deels eens. In het TOVbeleid zal het percentage landschappelijke inpassing lager worden gemaakt. Ook wordt voor een deel van de ‘maatschappelijke investering;’ de mogelijkheid geboden om deze af te storen in een fonds. Een basisinpassing vinden we echter noodzakelijk.

Ja

We vinden het belangrijk dat TOV zoveel mogelijk worden geconcentreerd in het buitengebied. Daarom wordt de koppeling aan het eigen bouwvlak of een bouwvlak waarmee een functionele relatie bestaat niet gewijzigd. Het Beleid voor boomteeltstokken had niet in het TOV-beleid opgenomen moeten worden, omdat dit al is geregeld in het (tijdelijk) omgevingsplan. Deze TOV’s zullen uit het TOV-beleid worden gehaald.

Nee

Ja

Ja

Verzoek om aan te geven dat ‘bijlage A’ het huidige beleid betreft en een aparte tabel op te nemen met daarin het voorgenomen nieuwe beleid Verzoek om met het beleid aan te sluiten op een regionale werkwijze. De telers waren in de veronderstelling dat de gemeente Zundert beleid zou ontwikkelen, dat als uitgangspunt voor de West-Brabantse gemeenten kan dienen.

Inspreker vraagt zich af wat er met de eerdere input uit de overleggen is gedaan. Verzocht wordt om bij trends en ontwikkelingen helder te maken dat het hier om boomteelt en zachtfruit gaat. De kaart over omgevingsfactoren geeft aan wat er niet kan en geeft geen perspectief. Verzocht wordt om het LOP ‘DaaRbuiten’ te behandelen als apart beleidsdocument en het beleid voor landschap niet in het TOV-beleid op te nemen.

Het klopt dat deze bijlage het huidige beleid betreft. Er zal een tabel worden opgenomen met het nieuwe beleid.

Ja

Het TOV-beleid is meerdere malen afgestemd met de regio. Het is echter niet het uitgangspunt geweest om beleid van de buurgemeente als uitgangspunt te nemen. Veel gemeenten in de regio zijn nog niet zover en daar willen we gezien de vraag naar TOV’s niet op wachten. De uitgangssituatie in de gemeente Zundert is anders dan in de gemeente Rucphen, omdat dit is aangewezen als boomteeltontwikkelingsgebied. Waardoor er vanuit de omgevingsverordening ruimere mogelijkheden zijn. De eerder aangedragen input uit de overleggen is zorgvuldig meegewogen bij de verdere uitwerking van het TOV-beleid. We zullen dat in het TOV-beleid benoemen.

Nee

In het aangepaste beleid wordt een heldere zoneringskaart opnemen, waaruit blijkt wat er per gebied aan mogelijkheden zijn. Het LOP ‘DaaRbuiten’ is inderdaad een apart beleidsdocument. In het ontwerp TOV-beleid stonden veel kaarten opgenomen uit het LOP ‘DaaRbuiten’, maar ook een aantal kaarten die daar een aanvulling op waren. Het LOP ‘DaaRbuiten’ en het TOV-beleid worden behandeld als twee aparte beleidsdocumenten. Het TOV-beleid is wel gekoppeld aan het Landschapsontwikkelingsperspectief ‘Daarbuiten’ (LOP ‘DaaRbuiten’). Waar het LOP ‘DaaRbuiten’ een toekomstbeeld schetst voor het landschap als geheel, biedt het TOV-beleid een helder en concreet toetsingskader voor permanente teeltondersteunende voorzieningen.

Ja

nee

Ja

Ja

Zienswijze 2 (Schoenmakers advies, namens een groep van 8 telers uit de gemeente Rucphen) Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Regeling rond spuitvrije zones graag verwijderen.

Bij gebruik van gewasbeschermingsmiddelen moeten spuitvrije zones worden aangehouden conform de meest recente wet- en regelgeving en jurisprudentie. We zullen in het TOV-beleid geen vaste afstand noemen, maar aangeven dat we de meest

Aanpassing TOVbeleid? Ja

recente wet- en regelgeving en jurisprudentie aanhouden. De term ‘hinderlijke agrarische activiteiten’ in bebouwingsconcentraties verwijderen. Deze term is niet gedefinieerd en laat daardoor ruimte voor willekeurige interpretatie. In het nieuw TOV-beleid wordt meermaals specifiek aangegeven dat hoge TOV in gebieden met openheid volledig zijn uitgesloten. Dit gaat verder dan bestaande rechten en is volgens indiener disproportioneel. Verzoek om bepalingen rondom landschappelijke inpassing te herzien. De inpassingseis van 20 tot 30% wordt als te hoog gezien. Volgens indiener is het arbitrair en nergens onderbouwd. Dit zou leiden tot 40% natuurbestemming. De landschappelijke inpassing is ook onomkeerbaar. Telers verzoeken dit aan te passen, zodanig dat bij beëindiging van de TOV ook de inpassing kan worden verwijderd.

De droogtekaart waarop beleid wordt gebaseerd is onvoldoende onderbouwd en erg globaal. Verzoek is dit beter te onderbouwen en waar nodig aan te passen.

Deze zinssnede zal worden verwijderd uit het TOV-beleid. De bescherming van kwetsbare functies vindt plaats via het (tijdelijk) omgevingsplan.

Ja

In het LOP ‘DaaRbuiten’ is beschreven dat we in gebieden met een waardevolle openheid, de openheid beschermen. Binnen het bouwvlak is op basis van het (tijdelijke) omgevingsplan de oprichting van hoge TOV mogelijk. Buiten het bouwvlak willen we omwille van de openheid alleen meewerken aan lage TOV. Gedeeltelijk zijn we het hier mee eens. In het TOV-beleid zal het percentage landschappelijke inpassing lager worden gemaakt. Ook wordt voor een deel van de ‘maatschappelijke investering’ de mogelijkheid geboden om deze af te storten in een fonds als inpassen of andere maatregelen op de locatie niet kunnen. Een basisinpassing rond het bedrijf zelf vinden we echter wel noodzakelijk.

Nee

We willen dat ontwikkeling van bedrijven gepaard gaat met een basis inpassing/versterking van het landschap. In het ontwerp TOV-beleid was opgenomen dat de landschappelijke inpassing juridisch geborgd moet worden in het (tijdelijk) Omgevingsplan. De gebruikelijke werkwijze is dat dit conform een vergelijkbare status als de huidige bestemming ‘groenlandschapselement’ gebeurd en niet met een standaard ‘natuur’ bestemming. De kaart met gebieden, die droogtegevoelig zijn, is met het Waterschap besproken. Het waterschap heeft een nieuwe kaart ter beschikking gesteld, die een iets kleiner gebied aangeeft dan de kaart in het ontwerp TOV beleid. De zone is aangepast.

nee

Ja

Verzocht wordt om duidelijk te duiden of dit beleid geldt voor ontwikkelingen van permanente TOV’s boven de 3 hectare per bouwvlak die de provincie volgens de inspreker toestaat zonder toetsing aan het ontwikkelingskader.

De provinciale verordening geeft aan dat zonder een ontwikkelingsvisie voor TOV alleen binnen het bouwperceel TOV mag worden opgericht en tot max 3 hectare. We zullen in het TOV-beleid duidelijk opnemen dat dit beleid alleen is bedoeld voor ontwikkelingen van permanente TOV’s buiten het bouwvlak. Alle permanente TOV’s binnen het bouwvlak, alle tijdelijke TOV’s en voorzieningen zoals boomstokken vallen buiten dit beleid, omdat die al geregeld zijn in het (tijdelijk) omgevingsplan (ofwel het vml. bestemmingsplan buitengebied Rucphen 2020).

Ja

Beleidsregel 14 eist verwijdering van TOV’s na “beëindiging gebruik”. Verzocht wordt om te specificeren wanneer sprake is van “beëindiging gebruik”.

Deze regeling is overgenomen uit de provinciale Omgevingsverordening en is dus een provinciale eis. Met ‘beëindiging’ van het gebruik wordt bedoeld, als de TOV’s niet meer nodig zijn doordat de bedrijfsvoering veranderd of het bedrijf stopt. In dat geval moeten ze worden verwijderd. Deze toelichting is opgenomen in het aangepaste TOV beleid. Aardkundige waarden worden in de provinciale verordening als een harde beperking gezien. In onze gemeente zijn echter geen gebieden met deze aanduiding opgenomen. Ze vormen in onze gemeente dus geen harde beperking. We zullen dit toelichten in het TOV-beleid. In het TOV-beleid zal een kaart worden opgenomen met een zonering. Per zone wordt duidelijk welke en hoeveel TOV zijn toegestaan. Als er op de kaarten al huidige TOV staan opgenomen heeft dat geen consequenties voor de ontwikkelingsmogelijkheden. In het aangepaste TOV-beleid zullen echter veel kaarten, die niet relevant waren voor het TOV-beleid worden weggelaten.

Ja

Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar tegen het ontwerpbeleid, omdat dit geen recht doet aan de praktijk van de sector en onvoldoende aansluit bij toekomstgericht telen in gemeente Rucphen.

Na de zienswijzeperiode zijn er opnieuw gesprekken gevoerd met meerdere stakeholders waaronder met (vertegenwoordiging van en met) agrariërs, zoals de ZLTO, en diverse maatschappelijke organisaties. Er zijn meerdere wijzigingen aangebracht die tegemoet komen aan de bezwaren die agrariërs hebben ingediend. Een belangrijke wijziging is dat het

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Verzocht wordt om aardkundige waarden niet als harde beperking op te leggen. Deze zijn binnen de gemeente nauwelijks aanwezig.

Kaartmateriaal bevat inconsistenties met feitelijke of planologische situaties. Verzocht wordt om de kaarten in overeenstemming te brengen met deze plannen en feitelijke situaties.

Nee

Ja

Zienswijze 3

percentage aan landschappelijke inpassing is verkleind. Zienswijze 4 Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar tegen het ontwerpbeleid, omdat dit geen recht doet aan de praktijk van de sector en onvoldoende aansluit bij toekomstgericht telen in gemeente Rucphen.

Na de zienswijzeperiode zijn er opnieuw gesprekken gevoerd met meerdere stakeholders waaronder met (vertegenwoordiging van en met) agrariërs, zoals de ZLTO, en diverse maatschappelijke organisaties. Er zijn meerdere wijzigingen aangebracht die tegemoet komen aan de bezwaren die agrariërs hebben ingediend. Een belangrijke wijziging is dat het percentage aan landschappelijke inpassing is verkleind.

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Zienswijze 5 Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar tegen het ontwerpbeleid, omdat dit geen recht doet aan de praktijk van de sector en onvoldoende aansluit bij toekomstgericht telen in gemeente Rucphen.

Na de zienswijzeperiode zijn er opnieuw gesprekken gevoerd met meerdere stakeholders waaronder met (vertegenwoordiging van en met) agrariërs, zoals de ZLTO, en diverse maatschappelijke organisaties. Er zijn meerdere wijzigingen aangebracht die tegemoet komen aan de bezwaren die agrariërs hebben ingediend. Een belangrijke wijziging is dat het percentage aan landschappelijke inpassing is verkleind.

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Zienswijze 6 Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar tegen het ontwerpbeleid, omdat dit geen recht doet aan de praktijk van de sector en onvoldoende aansluit bij toekomstgericht telen in gemeente Rucphen.

Na de zienswijzeperiode zijn er opnieuw gesprekken gevoerd met meerdere stakeholders waaronder met (vertegenwoordiging van en met) agrariërs, zoals de ZLTO, en diverse maatschappelijke organisaties. Er zijn meerdere wijzigingen aangebracht die tegemoet komen aan de bezwaren die agrariërs hebben ingediend. Een belangrijke wijziging is dat het percentage aan landschappelijke inpassing is verkleind.

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Zienswijze 7 Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar tegen het ontwerpbeleid, omdat dit geen recht doet aan de praktijk van de sector en onvoldoende aansluit bij toekomstgericht telen in gemeente Rucphen.

Na de zienswijzeperiode zijn er opnieuw gesprekken gevoerd met meerdere stakeholders waaronder met (vertegenwoordiging van en met) agrariërs, zoals de ZLTO, en diverse maatschappelijke organisaties. Er zijn meerdere wijzigingen aangebracht die tegemoet komen aan de bezwaren die agrariërs hebben ingediend. Een belangrijke wijziging is dat het percentage aan landschappelijke inpassing is verkleind.

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Zienswijze 8 Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar tegen het ontwerpbeleid, omdat dit geen recht doet aan de praktijk van de sector en onvoldoende aansluit bij toekomstgericht telen in gemeente Rucphen.

Na de zienswijzeperiode zijn er opnieuw gesprekken gevoerd met meerdere stakeholders waaronder met (vertegenwoordiging van en met) agrariërs, zoals de ZLTO, en diverse maatschappelijke organisaties. Er zijn meerdere wijzigingen aangebracht die tegemoet komen aan de bezwaren die agrariërs hebben ingediend. Een belangrijke wijziging is dat het percentage aan landschappelijke inpassing is verkleind..

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Zienswijze 9 Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar tegen het ontwerpbeleid, omdat dit geen recht doet aan de praktijk van de sector en onvoldoende aansluit bij toekomstgericht telen in gemeente Rucphen. Verzocht wordt om het beleid te herzien en beter af te stemmen op de bestaande rechten, toekomstbestendige ontwikkelingen en de economische uitvoerbaarheid van de sector.

Na de zienswijzeperiode zijn er opnieuw gesprekken gevoerd met meerdere stakeholders waaronder met (vertegenwoordiging van en met) agrariërs, zoals de ZLTO, en diverse maatschappelijke organisaties. Er zijn meerdere wijzigingen aangebracht die tegemoet komen aan de bezwaren die agrariërs hebben ingediend. Een belangrijke wijziging is dat het percentage aan landschappelijke inpassing is verkleind.

Verzocht wordt om duidelijk te duiden of dit beleid geldt voor ontwikkelingen van permanente TOV’s boven de 3 hectare per

De provinciale verordening geeft aan dat zonder een ontwikkelingsvisie voor TOV alleen binnen het bouwperceel TOV mag worden opgericht en tot max 3 hectare. We

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Ja

bouwvlak die de provincie volgens de inspreker toestaat zonder toetsing aan het ontwikkelingskader.

Verzoek om geen spuitvrije zone in te stellen. Dit zou maatwerk moeten zijn.

De term ‘hinderlijke agrarische activiteiten’ in bebouwingsconcentraties verwijderen. Deze term is niet gedefinieerd en laat daardoor ruimte voor willekeurige interpretatie. Verzoek om bepalingen rondom landschappelijke inpassing te herzien. De inpassingseis van 20 tot 30% wordt als te hoog gezien. Volgens indiener is het arbitrair en nergens onderbouwd. Dit zou leiden tot 40% natuurbestemming. De landschappelijke inpassing is ook onomkeerbaar. Telers verzoeken dit aan te passen, zodanig dat bij beëindiging van de TOV ook de inpassing kan worden verwijderd.

De droogtekaart waarop beleid wordt gebaseerd is onvoldoende onderbouwd en erg globaal. Verzoek is dit beter te onderbouwen en waar nodig aan te passen Verzocht wordt om aardkundige waarden niet als harde beperking op te leggen. Deze zijn binnen de gemeente nauwelijks aanwezig.

zullen in het TOV-beleid duidelijk opnemen dat dit beleid alleen is bedoeld voor ontwikkelingen van permanente TOV’s buiten het bouwvlak. Alle permanente TOV’s binnen het bouwvlak, alle tijdelijke TOV’s en voorzieningen zoals boomstokken vallen buiten dit beleid, omdat die al geregeld zijn in het (tijdelijk) omgevingsplan (ofwel het vml. bestemmingsplan buitengebied Rucphen 2020). Bij gebruik van gewasbeschermingsmiddelen moeten spuitvrije zones worden aangehouden conform de meest recente wet- en regelgeving en jurisprudentie. We zullen in het TOV-beleid geen vaste afstand noemen, maar aangeven dat we de meest recente wet- en regelgeving en jurisprudentie aanhouden.

Ja

Deze zinssnede zal worden verwijderd uit het TOV-beleid. De bescherming van kwetsbare functies vindt plaats via het (tijdelijk) omgevingsplan.

Ja

Gedeeltelijk zijn we het hier mee eens. In het TOV-beleid zal het percentage landschappelijke inpassing lager worden gemaakt. Ook wordt voor een deel van de ‘maatschappelijke investering’ de mogelijkheid geboden om deze af te storten in een fonds als inpassen of andere maatregelen op de locatie niet kunnen. Een basisinpassing rond het bedrijf zelf vindt de gemeente echter wel noodzakelijk.

Ja

We willen dat ontwikkeling van bedrijven gepaard gaat met een basis inpassing/versterking van het landschap. In het ontwerp TOV-beleid was opgenomen dat de landschappelijke inpassing juridisch geborgd moet worden in het (tijdelijk) Omgevingsplan. De gebruikelijke werkwijze is dat dit conform een vergelijkbare status als de huidige bestemming ‘groenlandschapselement’ gebeurd en niet met een standaard ‘natuur’ bestemming. De kaart met gebieden, die droogtegevoelig zijn, is met het Waterschap besproken. Het waterschap heeft een nieuwe kaart ter beschikking gesteld, die een kleiner gebied aangeeft dan de kaart in het ontwerp TOVbeleid. De zone is aangepast. Aardkundige waarden worden in de provinciale verordening als een harde beperking gezien. In onze gemeente zijn

Ja

Nee

echter geen gebieden met deze aanduiding opgenomen. Ze vormen in onze gemeente dus geen harde beperking. We zullen dit toelichten in het TOV-beleid. Zienswijze 10 (Provincie Noord-Brabant) Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Bezwaar dat er geen vooroverleg heeft plaatsgevonden

We hebben een eerder concept aan de provincie toegestuurd en besproken in het planteamoverleg van 21 januari 2025. Afgesproken is om in het vervolg het vooraf aan het planteam duidelijk kenbaar te maken dat het een vooroverleg betreft. We hebben dit aangepast. Het LOP ‘DaaRbuiten’ is een zelfstandig document. In het TOV-beleid verwijzen we naar het LOP ‘DaaRbuiten’ bij het maken van een gebiedsindeling. We hebben de mogelijkheid dat een bouwperceel kan worden onderbroken door een weg laten staan. Deze mogelijkheid is via een wijzigingsbevoegdheid opgenomen in het vml. Bestemmingsplan buitengebied. Het TOV-beleid verwijst naar deze bestaande regeling.

We kunnen er niet mee instemmen dat het LOP ‘DaaRbuiten’ als een ontwikkelingsrichting wordt gezien op basis waarvan TOV’s buiten het bouwvlak worden afgewogen. Met name effecten van TOV op de omgeving, in algemene zin, zijn onderbelicht. Ook wordt verzocht om de mogelijkheid, dat een bouwperceel kan worden onderbroken door een weg te verwijderen. In het ontwerp TOV-beleid staat dat de mogelijkheden voor TOV’s in gebieden die zijn aangewezen als attentiezone waterhuishouding enigszins beperkt zijn. Verzocht wordt om het woord ‘enigszins’ weg te laten, aangezien de TOV en attentiezones waterhuishouding slecht samengaan. Verzocht wordt om duidelijk te maken of in droogtegevoelige gebieden moet worden voldaan aan de voorwaarden van artikel 5a in de provinciale verordening. Op pagina 26 bij regel 6 Waterrobuuste inrichting wordt gesteld dat verstoringen van de hydrologische situatie zoveel mogelijk worden beperkt. In de OV is echter opgenomen dat maatregelen worden getroffen en geborgd waardoor de ontwikkeling bijdraagt aan een waterrobuuste inrichting van het gebied en een verstoring van de hydrologische situatie ter plaatse wordt gemitigeerd.

Aanpassing TOVbeleid? nee

Ja

De attentiezone Waterhuishouding overlapt voor een groot deel met de Groen-Blauwe mantel. We nemen nu expliciet op dat in de attentiezone waterhuishouding geen TOV’s buiten het bouwvlak mogelijk zijn.

Ja

Dit zullen we verduidelijken.

Ja

We hebben maatregelen benoemd waardoor in droogtegevoelige gebieden een verstoring van de hydrologische situatie wordt voorkomen. We hebben ook opgenomen, dat het gebruik van TOV’s ook leidt tot waterbesparing.

Ja

Bodembedekking, die ervoor zorgt dat water niet in de bodem kan infiltreren wordt gemist in de afwegingen of TOV worden toegestaan.

Aanbevolen wordt om een betere relatie te leggen tussen de categorieën waaruit kwaliteitsverbetering mag bestaan en de gehanteerde percentages. Verzoek om de ontwikkelingsrichting voor TOV, zoals bedoeld in artikel 5.12 van de omgevingsverordening, integraler op te stellen. Verzoek om de effecten van TOV op het landschap beter te beschrijven. Nu wordt gesuggereerd dat het LOP ‘DaaRbuiten’ daartoe dient, maar daarin blijft dit effect onderbelicht. Verzocht wordt om de verwarring rondom teeltondersteunende kassen en hoge TOV weg te nemen en duidelijke definities te hanteren. Verzocht wordt om de mogelijkheid voor de oprichting van een teeltondersteunende kas tot 1,5 hectare te verwijderen. Dit komt niet overeen met de provinciale Verordening. Verzocht wordt om te verhelderen dat TOV niet buiten het bouwperceel mogen worden opgericht als er aardkundige waarden aanwezig zijn. Verzoek om ten aanzien van EVZ te benoemen dat EVZ’s niet mogen worden belemmerd in hun toekomstig functioneren. Verzoek om duidelijk te stellen dat nieuwvestiging en uitbreiding van TOV in NNB is uitgesloten. Verzocht wordt om het aspect bodemafdekking mee te nemen in de afwegingen, aangezien dat effect heeft op infiltratie. Verzocht wordt om aan te geven hoe met verdroging wordt

We hebben bodembedekking nu expliciet benoemd en maatregelen benoemd, die in droogtegevoelige gebieden moeten voorkomen dat de hydrologische situatie wordt verstoord. Zo gaan we uit van bufferstroken na elke 3 hectare waarbij water niet rechtstreeks in de grond kan infiltreren. Ook stellen we infiltratiemaatregelen (indien mogelijk) verplicht in droogtegevoelige gebieden. We hebben nu meerdere mogelijkheden benoemd om te zorgen voor kwaliteitsverbetering. Ook hebben we de percentages aangepast.

Ja

Het TOV-beleid is gewijzigd. Hierin is aandacht besteed aan de integrale afweging. Ook is verwoord hoe die tot stand is gekomen.

Ja

Er is een paragraaf opgenomen, waarin het effect van TOV op het landschap, de natuur, de bodem en het watersysteem is beschreven.

Ja

In het aangepaste TOV-beleid is een toelichting op verschillende soorten TOV opgenomen. We verwachten dat deze verwarring nu is weggenomen.

Ja

We zullen dit aanpassen. Deze regeling is destijds gebaseerd op de interim Verordening, waarin deze mogelijkheid wel was opgenomen.

Ja

Aardkundige waarden worden in de provinciale verordening als een harde beperking gezien. In onze gemeente zijn echter geen gebieden met deze aanduiding opgenomen. Ze vormen in onze gemeente dus geen harde beperking. In EVZ’s is de oprichting van permanente TOV uitgesloten.

Nee

Nieuwvestiging en uitbreiding van TOV’s binnen het NNB was in het ontwerp-beleid al uitgesloten en blijft uitgesloten. Het aspect bodembedekking is meegenomen in de effectbeschrijving. Ook is de maatregel opgenomen dat bij grotere oppervlakte met teelten die de bodem volledig afdekken altijd bufferstroken moeten worden opgenomen,

Nee

Ja

Nee

Ja

omgegaan bij teelt die de grond helemaal afdekt. De provincie maakt bezwaar tegen de zinssnede dat: ‘verstoringen van de hydrologische situatie zoveel mogelijk worden beperkt’. Dat is te zacht uitgedrukt. Aangezien de provincie vereist dat hydrologische effecten worden voorkomen of gemitigeerd. Verzocht wordt om aandacht te geven aan KRWoppervlaktelichamen en overige wateren. Hier geldt dat hier de kwaliteit niet verslechtert. Verzocht wordt om te verduidelijken, dat bij landschappelijke inpassing bedoeld wordt dat 20% van de te ontwikkelen gronden worden bestemd voor landschappelijke inpassing. En niet dat 20% van de randen ingepast worden. Verzocht wordt om de landschapsanalyse uit het LOP ‘DaaRbuiten’ niet alleen te gebruiken om verschil te maken in het type inpassing, maar daar ook het toelaten van type TOV van af te laten hangen.

zodat water wel kan infiltreren en er zuurstof in de bodem kan komen. Deze zinssnede is verwijderd.

Ja

Binnen de gemeente liggen geen KRW watergangen.

Nee

Deze verduidelijking is aangebracht. Wel is het percentage landschappelijke inpassing verlaagd. We zijn het met telers eens, dat dit percentage in het ontwerp TOV-beleid te hoog was. Met de maatregelen die we nu in het beleid hebben opgenomen sluiten we beter aan op de doelen die in elk gebied gehaald moeten worden.

Ja

Er is in het aangepaste TOV-beleid een onderscheid gemaakt naar gebieden, waarbij het van de kenmerken van natuur, landschap en waterhuishouding afhangt wat de mogelijkheden zijn om TOV toe te laten.

Ja

Zienswijze 11 (Natuurwerkgroep Rucphen) Inhoud zienswijze

Reactie gemeente Rucphen

Verzoek om in de voorwaardentabel ook de tekst ‘niet toegestaan’ op te nemen.

In het Ontwerp TOV-beleid is in de bijlage een tabel uit het vigerende beleid opgenomen. We zullen in het aangepaste beleid een tabel opnemen waarin het nieuwe beleid overzichtelijk staat verwoord. Daarin staat ook wanneer een TOV in een bepaald gebied wordt uitgesloten. Dit woord is in het aangepaste beleid toegelicht. Overigens maken we gebruik van het woord ‘bouwvlak’. Wenemen de definities uit het bestemmingsplan buitengebied daarbij als uitgangspunt.. TOV wordt alleen toegestaan als deze gekoppeld is aan het bouwvlak. Dit leidt tot een concentratie van TOV. We gaan er daarom vanuit dat TOV van verschillende bedrijven niet vaak aan elkaar zullen groeien.

Verzocht wordt om het woord ‘bestemmingsvlak’ toe te lichten.

Verzocht wordt om aan te geven hoe cumulatie van TOV in een gebied wordt voorkomen.

Aanpassing TOVbeleid? Ja

Ja

Nee

Worden er ook regels opgesteld voor de milieu-effecten van gebruikte materialen? Geldt er een overgangsregeling?

Verzocht wordt om aandacht te hebben voor handhaving. Daar valt of staat alles mee. Aanbeveling om de door te lopen toetsingsmomenten van een aanvraag TOV in diagramvorm weer te geven Verzocht wordt om aanduidingen toe te voegen in figuur 5 met de landschapstypen en de legenda leesbaar te maken. Verzocht wordt om de streefbeelden in het LOP ‘DaaRbuiten’ minder algemeen te maken. Ons is niet duidelijk wat de ‘Functieaanduiding uitsluitend TOV’ inhoudt. Is het de huidige vergunde situatie of de toekomstig maximaal te vergunnen situatie. Het valt ons op dat er sprake is van concentraties rond Schijf en aan de oostkant van Sprundel. Wij vinden het vreemd dat in het open gebied ten oosten van Sint Willebrord teeltondersteunende kassen tot een hoogte van 8 meter worden toegestaan. Dit in tegenstelling tot wat voor hetzelfde gebied geduid staat bij figuur 14 (Themakaart natuur): ‘Open ruimtes en zichtlijnen behouden’ Voorstel om alle vermelde artikelen uit de omgevingsverordening, het grondwaterconvenant en de Waterwet integraal over te nemen in een bijlage. Verzocht wordt om een beter verband te leggen tussen de mate van inspanning en de Beleidsregels. Voorgesteld wordt om het woord ‘landschappelijke inpassing’ uit te breiden met ‘en

Nee, hiervoor worden geen regels opgesteld.

Nee

Bestaande rechten worden gerespecteerd. Bij nieuwe TOV of eventueel TOV die wel is opgericht maar waarvoor nog een vergunning moet worden aangevraagd, geldt dit nieuwe beleid. We erkennen dat handhaving belangrijk is. Dat is een algemeen aandachtspunt en hoeft niet te worden opgenomen in dit specifieke TOV-beleid In het TOV-beleid zal een paragraaf besteed worden aan de juridisch door te lopen procedure.

Nee

We zullen nieuwe kaarten opnemen met een heldere aanduiding en een legenda.

Ja

Dat zullen we in het aangepaste LOP ‘DaaRbuiten’ doen.

Ja

Het is de vigerende planologische situatie. In het TOV-beleid zal een kaart worden opgenomen met een zonering. Per zone wordt duidelijk welke en hoeveel TOV zijn toegestaan. Als er op de kaarten al huidige TOV staan opgenomen heeft dat geen consequenties voor de ontwikkelingsmogelijkheden. In het aangepaste TOV-beleid zullen echter veel kaarten, die niet relevant waren voor het TOV-beleid worden weggelaten.

Ja

Wet- en regelgeving is niet statisch ook een OV niet. Daarom ervoor gekozen om deze niet in de bijlagen toe te voegen. Artikel 5.68 teeltbedrijven, vormt een van de basis uitgangspunten van dit beleid en is daarom wel opgenomen. We hebben in het aangepaste TOV-beleid een andere insteek gekozen. Op basis van de gebiedskenmerken zijn er andere mogelijkheden voor TOV en ook andere ‘maatschappelijke’ investeringen mogelijk. Zowel in het ontwerp TOV-beleid als in het aangepaste TOV-beleid is de kwaliteitsverbetering van het landschap een

Nee

Nee

Ja

Nee

kwaliteitsverbetering landschap’. Dit om te benadrukken dat het om en gaat en niet om of.

belangrijke voorwaarde voor het toelaten van TOV’s buiten het bouwvlak. Een ‘robuuste’ landschappelijke inpassing is een manier om de kwaliteit van het landschap te verbeteren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16676721/1