CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

11. WVS Uitnodiging en agenda openbare vergadering 7 april

commissie Maatschappelijke Aangelegenheden 15 april 2025, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken26.585 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

B. Naam en vestigingsplaats: Flexkompaan B.V. te Roosendaal Openbaar belang: Het detacheren van medewerkers bij WVS en/of met haar verbonden partijen. Belang WVS: WVS is indirect 100 % aandeelhouder van Flexkompaan B.V. Risico's: beperkt tot het aandeel in het eigen vermogen Eigen vermogen: begin 2024 € 40.000 en eind 2024 € 77.000 Vreemd vermogen lang: begin 2024 € 0 en eind 2024 € 0 Resultaat 2024: €36.000 (2023: € 14.000). Toelichting: In 2005 is Flexkompaan B.V. opgericht als “Personeels BV” voor WVS. Propeople Holding B.V. is 100 % aandeelhouder van Flexkompaan. Tussen WVS en Flexkompaan is een service niveau overeenkomst gesloten waarin de dienstverlening is geregeld. C. Naam en vestigingsplaats: WVS Facilitair B.V. te Roosendaal Openbaar belang: Door het aanbieden van activiteiten op het gebied van facilitaire dienstverlening wordt werkgelegenheid gecreëerd voor personen met een afstand tot de reguliere arbeidsmarkt. Middels WVS Facilitair B.V. worden deze personen opgeleid voor een baan in de reguliere facilitaire dienstverleningsbranche. Belang WVS: WVS is indirect 100 % aandeelhouder van WVS Facilitair B.V.

Risico's: beperkt tot het aandeel in het eigenvermogen Eigen vermogen: begin 2024 € 470.000 ; eind 2024 € 456.000 Vreemd vermogen lang: begin 2024 € 0 en eind 2024 € 0 Resultaat 2024: € 182.000 winst (2023: € 196.000 winst) Toelichting: Het resultaat is uitgekeerd aan Propeople Holding BV. D. Naam en vestigingsplaats: Vennootschap onder firma "WVS Schoonmaak" te Roosendaal Openbaar belang: Door het aanbieden van activiteiten op het gebied van schoonmaakdiensten wordt werkgelegenheid gecreëerd voor personen met een afstand tot de reguliere arbeidsmarkt. Bij WVS Schoonmaak Vof worden deze personen opgeleid voor een baan in de reguliere schoonmaakbranche. Belang WVS: WVS is indirect 50 % vennoot in WVS Schoonmaak Vof. Risico's: WVS Facilitair B.V. is hoofdelijk aansprakelijk voor de verplichtingen van WVS Schoonmaak Vof. Eigen vermogen: begin 2024 € 804.000; eind 2024 € 773.000 Vreemd vermogen lang: niet van toepassing Resultaat 2024: € 364.000 winst (2023: € 396.000 winst). Toelichting: In juni 2009 is door WVS Facilitair B.V. een 50 % deelname verworven in WVS Schoonmaak Vof. Tussen WVS en WVS Schoonmaak Vof is een service niveau overeenkomst gesloten waarin de dienstverlening is geregeld. WVS Schoonmaak Vof opereert op de commerciële markt door producten en diensten aan derden te leveren.

Hierdoor heeft WVS Schoonmaak Vof te maken met het normale ondernemersrisico zoals het debiteurenrisico. Voor zover ze kwantificeerbaar zijn, is bij de waardering van de betrokken actiefposten hiermee rekening gehouden. Veel van de omzet van WVS Schoonmaak Vof wordt in onder-aanneming uitgevoerd voor WVS, gezien deze zijn aanbesteed middels artikel 2.82 AW ‘voorbehouden aan SW bedrijven'. De meest gebruikelijke contractvorm welke binnen WVS Schoonmaak Vof wordt gehanteerd zijn onbepaalde tijd contracten.

Jaarstukken 2024

pagina 16 van 41

10.

Wet Open Overheid

Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is per 1 mei 2022 in werking getreden en is de opvolger van de Wet openbaarheid bestuur (Wob). In deze paragraaf wordt beschreven hoe WVS invulling geeft en gaat geven aan de Woo. Passieve openbaarmaking WVS heeft de rol van Woo-contactfunctionaris ingevuld. Contactgegevens zijn opgenomen op de website en intern gecommuniceerd. De Woo-contactfunctionaris is het eerste aanspreekpunt om vragen te beantwoorden over de beschikbaarheid van publieke informatie en om eventuele Woo-verzoeken te behandelen. Actieve openbaarmaking De Woo stelt de verplichting om 11 benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting geldt niet voor alle 11 categorieën tegelijk. De bepalingen inzake de actieve verplichte openbaarmaking treden pas later in werking. Zolang er nog geen verplichting is om bepaalde categorieën documenten te publiceren zal WVS openbare stukken blijven publiceren op de eigen website. Informatiehuishouding op orde De Woo verplicht dat de digitale informatiehuishouding op orde wordt gebracht. Dit is een randvoorwaarde om uitvoering te geven aan openbaarheid. Dit betekent dat er maatregelen moeten worden genomen om informatiebestanden duurzaam toegankelijk te maken en te houden. WVS is bezig met het optimaliseren van de digitale informatiehuishouding.

11.

Samenwerking met ISD en Werkplein

WVS voert in samenwerking met de ISD en het Werkplein ontwikkeltrajecten uit. Het betreft hier uitkeringsgerechtigden van de 9 deelnemende gemeenten met een ondersteuningsvraag, die voor maximaal 12 maanden met behoud van uitkering deelnemen aan een ontwikkeltraject. Het doel van een ontwikkeltraject is een optimale arbeids- en mensontwikkeling voor de werkzoekende. Het ultieme doel is het laten uitstromen van kandidaten richting regulier werk. De doelgroep betreft kandidaten met een ondersteuningsbehoefte en arbeidsperspectief en kandidaten waarvoor (eerst) een diagnose gesteld moet worden. Tijdens het ontwikkeltraject worden aan de hand van een zogenaamde routekaart werknemersvaardigheden en competenties ontwikkeld en worden specifieke ontwikkelvragen beantwoord. Ook kunnen, indien nodig, arbeidsonderzoeks instrumenten worden ingezet. De routekaart laat overzichtelijk zien welke stappen kunnen worden gezet om mensen toe te leiden naar betaald werk en welke instrumenten kunnen worden ingezet in specifieke situatie Na het ontwikkeltraject nemen de werkcoaches van WVS en / of het Werkgevers Servicepunt (WSP) de bemiddeling richting de arbeidsmarkt op zich. De ontwikkeltrajecten worden ook ingezet voor statushouders omdat het vooral maatwerk is wat wordt gevraagd en geleverd.

De ervaring leert dat de ontwikkeltrajecten voor de statushouders / inburgeraars zeer intensief zijn en meer vergen dan een regulier ontwikkeltraject. In het Jaarplan Samenwerken aan Participatie 2024 is tussen de ISD, het Werkplein en WVS afgesproken dat jaarlijks 380 ontwikkeltrajecten (inclusief leerroute Groen) worden gestart, waarvan een derde vanuit de ISD en twee derde vanuit het Werkplein. Ontwikkeltrajecten

Instroom

Werkplein ISD 2024 190

Uitstroom naar werk Voorzetting traject extern Inzicht in arbeidsbeperking

2024 96

Werkplein ISD 2023 240

2023 90

78 personen 54 personen 103 personen

Overige instrumenten Jobcoachtraject Loonwaardemetingen

2024 44 160

2023 64 166

Voor de inhoudelijke verantwoording verwijzen we u graag naar de toelichting in de ketenmonitor 4e kwartaal 2024.

Jaarstukken 2024

pagina 17 van 41

WVS Jaarrekening 2024

Roosendaal, 7 april 2025

Aldus opgemaakt op: 24 maart 2025

Aldus vastgesteld op: 30 juni 2025

Algemeen Directeur: Dhr. L.G.M. van der Beek

Voorzitter Algemeen Bestuur: Dhr. T.C. Melisse

Concernhoofd FI&A: Mevr. W.C.C.J. Faijaars

Bestuurssecretaris: Dhr. P.F.J.M. Havermans

Aangeboden aan het Algemeen Bestuur ter behandeling in de vergadering van 7 april 2025.

Jaarstukken 2024

pagina 18 van 41

Balans (x € 1.000) Activa

31-12-2024 31-12-2023 Passiva

31-12-2024

31-12-2023

4.000 0 5.518 9.518

3.000 850 2.717 6.567

Voorzieningen 18 0 Voorzieningen

1.708

1.674

3e WW jaar ambtelijk

18

17

1675

1657

15

0

7.582

9.945

18.808

18.186

Vaste activa Materiële activa (investeringen met een economisch nut) Materiële vaste activa Financiële activa - kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen - leningen verstrekt aan deelnemingen

Eigen vermogen

16.008

18 0

Algemene reserve Bestemmingsreserve 16.260 Gerealiseerd resultaat Totaal eigen vermogen

Spaarverlof SW Spaarverlof Ambtelijk

De vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van binnenlandse banken

Totaal vaste activa

16.026

16.278

Vlottende activa

Totaal vaste financieringsmiddelen Vlottende passiva

Voorraden (grond- en hulpst.)

1.134

1.018

Uitzettingen met een rentetypsche looptijd korter dan één jaar

10.562

Netto vlottende schulden met een rente7.200 typische looptijd korter dan één jaar

Handelsdebiteuren Vorderingen op openbare lichamen Af: voorziening wegens risico niet invorderbaarheid

10.381

9.417

5021

4669 Crediteuren

3221

2485

1369

1667 Kasgeldlening

4000

4000

-52 Af te dragen belasting en premies

1824

1813

Overige vorderingen

1614

416 Af te dragen BTW

1323

1114

Uitzettingen in 'S Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan een jaar

2620

500 Overig

13

5

607

454

225 22

237 20

360

197

10.988

9.871

29.796

28.057

Liquide middelen

-62

1.023

2.243

Kassaldi

2

1

Banksaldi

1021

2242

Overlopende activa

1.051

Comp transitie verg. LIV

342 276

Te ontv LKS BW Te verdelen LKS BW

3 0

Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

1.318 Overlopende passiva 121 Rente leningen 756 Accountantskosten Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van 4 volgende begrotingsjaren komen 68

430

369

Totaal vlottende activa

13.770

11.779

Totaal generaal

29.796

28.057

Jaarstukken 2024

Totaal vlottende passiva

pagina 19 van 41

Overzicht van baten en lasten (x € 1.000) 2024

Begroot Initiële begroting 2024 2024

2023

Baten Netto omzet Mutatie voorraad gereed product en onderhanden werk Grond- en hulpstoffen en uitbesteed werk

36.190 -54 -11.277

35.432 0 -11.924

35.821 0 -12.055

34.748 -19 -11.160

Toegevoegde waarde

24.859

23.508

23.766

23.569

Bijdragen overheden Overige opbrengsten

70.590 3.424

66.319 2.421

63.770 2.450

64.670 3.083

Subtotaal

74.014

68.740

66.220

67.753

Totaal baten

98.873

92.248

89.986

91.322

Personeelskosten Afschrijvingskosten Overige bedrijfskosten

-84.384 -2.032 -7.287

-83.291 -1.910 -6.571

-81.330 -1.910 -6.271

-79.779 -1.964 -6.607

Totaal bedrijfskosten

-93.703

-91.773

-89.511

-88.350

Saldo van baten en lasten vóór rente en dividend

5.170

475

475

2.972

Rentebaten en -lasten Dividend Deelnemingen

-102 150

-475 0

-475 0

-255 0

Saldo van baten en lasten

5.218

0

0

2.717

Mutaties in reserves - baten Mutaties in reserves - lasten

300 0

0 0

0 0

0 0

5.518

0

0

2.717

Lasten

Gerealiseerd resultaat

Jaarstukken 2024

pagina 20 van 41

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemeen Op de jaarrekening zijn de bepalingen van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (verder BBV) van toepassing. Deze bepalingen zijn met ingang van het begrotingsjaar 2004 van toepassing. Indien optellingen ogenschijnlijk niet lijken te kloppen, is dit slechts het resultaat van afrondingsverschillen. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van de historische kosten. De activa en passiva worden opgenomen tegen nominale waarden, tenzij bij de betreffende balanspost anders is vermeld. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts verantwoord voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Uitzonderingen hierop zijn de personele verplichtingen genoemd in de paragraaf Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen. Voor deze “jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume” mogen geen voorzieningen worden opgenomen (artikel 44, lid 3 BBV).

In het BBV is onder meer bepaald dat de jaarrekening bestaat uit het overzicht van baten en lasten en de toelichting alsmede uit de balans en de toelichting. In een aantal gevallen is, in verband met het van gemeenten en provincies afwijkende karakter van de bedrijfsvoering van de WVS, de benaming van de posten van de balans en het overzicht van baten en lasten hierop enigszins aangepast. Het BBV schrijft voor dat een aantal verplichte paragrafen in de jaarrekening moet worden opgenomen. Voor WVS betreft dit de volgende paragrafen:

• Weerstandsvermogen & risicobeheersing: zie paragraaf 5 onder “Algemeen”. • Financiering: zie paragraaf 6 onder “Algemeen”. • Onderhoud kapitaalgoederen: zie paragraaf 7 onder “Algemeen”. • Bedrijfsvoering: zie paragraaf 9 onder “Algemeen” . • Verbonden partijen: zie paragraaf 10 onder “Algemeen”. De voor gemeenten verplichte overige paragrafen “lokale heffingen” en “grondbeleid” zijn voor WVS niet van toepassing. Grondslagen voor de waardering van activa en passiva Vaste activa Materiële vaste activa De waardering van de materiële vaste activa is gebaseerd op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen. Afschrijving vindt plaats op basis van een vast percentage van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Op grond wordt niet afgeschreven. De afschrijvingstermijnen bedragen in jaren (maximaal): Nieuwbouw bedrijfsgebouwen Renovatie, restauratie en aankoop bedrijfsgebouwen Voorzieningen aan terreinen Installaties Machines en inventarissen Vervoermiddelen Automatisering

40 25 20 15 10 10 5

Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan € 2.500 worden niet geactiveerd, tenzij er sprake is van een complex van kleine activa waarvan het totaal groter is dan € 2.500. Gronden worden altijd geactiveerd. Financiële vaste activa De deelnemingen zijn gewaardeerd op verkrijgingsprijs, dan wel lagere directe opbrengstwaarde.

Jaarstukken 2024

pagina 21 van 41

Vlottende activa Voorraden Voorraden grond- en hulpstoffen en handelsgoederen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere netto-opbrengstwaarde. Deze lagere netto-opbrengstwaarde wordt bepaald door individuele beoordeling van de voorraden. De waardering van de voorraden grond- en hulpstoffen komt tot stand op basis van fifo. De voorraden handelsgoederen worden individueel gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere netto-opbrengstwaarde. Het onderhanden werk en de voorraden gereed product worden gewaardeerd tegen vervaardigingsprijs of lagere netto-opbrengstwaarde. Deze lagere netto-opbrengstwaarde wordt bepaald door individuele beoordeling van de voorraden. De vervaardigingsprijs omvat het directe materiaalverbruik, de directe loon- en machinekosten en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend, en een opslag voor indirecte fabricagekosten. De netto-opbrengstwaarde is gebaseerd op een verwachte verkoopprijs, onder aftrek van nog te maken kosten voor voltooiing en verkoop. Vorderingen (met een rentetypische looptijd van korter dan 1 jaar) en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, onder aftrek van een voorziening wegens oninbaarheid.

De waardering van de nog te factureren omzet is gebaseerd op de nog te factureren uren (tegen een gemiddelde uuropbrengst) en de bestede materialen op de lopende projecten. Liquide middelen De liquide middelen zijn tegen nominale waarde opgenomen. Eigen vermogen Algemene reserve De algemene reserve dient als buffer om toekomstige financiële en (verwachte) negatieve exploitatieresultaten te kunnen opvangen. Aan deze reserve is geen specifieke bestemming gegeven. Bestemmingsreserve De bestemmingsreserve dient als buffer om toekomstige financiële kosten te kunnen opvangen. Aan deze reserve is een specifieke bestemming gegeven. Voorzieningen Voorzieningen De voorzieningen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Langlopende schulden Leningen De leningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Het betreft schulden met een looptijd langer dan een jaar. Vlottende passiva (met een rentetypische looptijd van korter dan 1 jaar)

Jaarstukken 2024

pagina 22 van 41

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat Baten Netto-omzet Netto-omzet is de opbrengst van aan derden geleverde goederen en diensten exclusief de over de omzet geheven belastingen en onder aftrek van kortingen. Mutatie voorraad gereed product en onderhanden werk Dit betreft het saldo van de mutaties in de voorraden gereed product en onderhanden werk gedurende het jaar. Grond- en hulpstoffen en uitbesteed werk De kosten van grond- en hulpstoffen worden berekend op basis van vaste verrekenprijzen. Onder deze post zijn ook de kosten van directe uitzendkrachten en uitbesteed werk begrepen. Bijdragen overheden Dit betreft de rijksbijdrage en de gemeentelijke bijdragen. De rijksbijdrage in het kader van de Wet sociale werkvoorziening is gebaseerd op de P-budgetten SW van de deelnemende gemeenten in het boek-/subsidiejaar. De gemeentelijke bijdragen zijn gebaseerd op het aantal SWmedewerkers, medewerkers met een indicatie beschut werk en medewerkers met een doelgroepverklaring per gemeente bij WVS in dienst op 1 januari van het voorgaande boekjaar. Overige opbrengsten Dit zijn de opbrengsten van de dienstverlening door WVS aan WVS Schoonmaak Vof en Propeople Holding B.V. Daarnaast betreft dit ook verhuuropbrengsten en de dienstverleningen aan SDW. Verder bestaat de overige opbrengsten uit opbrengsten bijdrage vanuit personeel voor privé gebruik auto van de zaak.

Lasten Personeelskosten De personeelskosten bestaan uit de betalingen aan, voor en in verband met de medewerkers die in dienst van WVS zijn (geweest). Daarnaast zijn er de verstrekte subsidies aan werkgevers in het kader van Begeleid Werken en de kosten van de indirecte medewerkers die van detacheringbedrijven en uitzendbureaus worden ingehuurd. In de toelichting wordt een onderscheid gemaakt naar de loonbetalingen en sociale premies van huidig personeel, de vergoedingen van kosten die in het belang van WVS zijn gemaakt en sociale uitkeringen aan of in verband met (voormalig) personeel. Verder worden de kosten van gesubsidieerd personeel (SW-medewerkers) niet-gesubsidieerd personeel (ambtelijke medewerkers) en ingehuurd personeel onderscheiden. Bij de kosten van het gesubsidieerd personeel zijn ook de kosten van plaatsing en arbeidsonderzoek opgenomen. Afschrijvingskosten Dit zijn de kosten van de afschrijvingen van materiële vaste activa, conform de afschrijvingssystematiek die bij deze balanspost is vermeld. Voor de afschrijving op bedrijfsauto’s wordt rekening gehouden met de vastgestelde restwaarden. Overige bedrijfskosten De overige bedrijfskosten zijn de aan het boekjaar toerekenbare uitgaven voor huur, onderhoud, energie, belastingen/verzekeringen, indirecte productiekosten, verkoopkosten, dienstreizen, onderzoek en advies en overige algemene kosten.

Hierin is ook de dotatie aan de voorzieningen dubieuze debiteuren en spaarverlof opgenomen.

Jaarstukken 2024

pagina 23 van 41

Rentebaten en -lasten De rentebaten betreffen de opbrengsten uit positieve banksaldi en uitgeleende gelden. De rentelasten bestaan uit de rentelasten van de langlopende geldleningen en de rekening-courant krediet bij de bank. Resultaat verbonden partijen Dit betreft de dividenduitkering van Propeople Holding B.V. aan WVS, welke in 2024 heeft plaatsgevonden.

Gerealiseerd resultaat Het gerealiseerd resultaat over enig boekjaar wordt afzonderlijk onder het eigen vermogen, op de balans opgenomen. Begrotingscijfers en begrotingsrechtmatigheid Voor de begrotingscijfers is uitgegaan van de in december 2023 vastgestelde herziene begroting 2024.

Jaarstukken 2024

pagina 24 van 41

Toelichting op de balans per 31 december 2024 Vaste activa Materiële vaste activa (x € 1.000 ) 2024

2023

Boekwaarde per 1 januari Desinvesteringen Investeringen Vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering (mutatie) Afschrijvingen

16.260 -100 1.406

16.629 -410 2.200

473 -2.031

-195 -1.964

Boekwaarde 31 december

16.008

16.260

Vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering is de mutatie in het boekjaar opgenomen. Het saldo aan het begin van het boekjaar bedroeg € 36.000. Ultimo 2024 bedroeg het saldo € 509.000. Van de investeringen wordt het volgende overzicht gegeven:

- voorzieningen aan terreinen - gebouwen - installaties - machines - informatie- en communicatietechn ICT - inventarissen - vervoermiddelen - Vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering Totaal

2024

begroting 2024

2023

5 59 140 109 343 260 490 509 1.915

0 900 200 150 100 200 1.250 0 2.800

0 496 97 146 18 178 1.265 36 2.236

De grootste investeringen in 2024 werden gedaan in het wagenpark, gebouwen, inventaris en automatisering. Staat van vaste activa en afschrijvingen (x € 1.000 ) Omschrijving Boekwaarde InvesteDesinvesvan kapitaalper ringen teringen uitgaven 01-01-2024 2024 2024

Grond Terreinvoorzieningen Gebouwen Installaties Machines Automatisering Inventarissen Vervoermiddelen Vaste BM in uitvoering Totaal

Jaarstukken 2024

1.970 73 8.222 1.098 396 38 481 3.946 36 16.260

0 5 59 140 109 343 260 490 509 1.915

0 0 0 0 188 274 167 361 36 1.026

Afschrijving 2024

Storno Boekwaarde afschrijvingen per i.v.m. des31-12 investeringen 2024 2024

0 13 721 185 114 43 136 819

0 0 0 0 188 274 167 261

2.031

890

1.970 65 7.560 1.053 391 338 605 3.517 509 16.008

pagina 25 van 41

Financiële vaste activa (x € 1.000 ) 2024

2023

18 0 18

18 0 18

Kapitaalverstrekkingen aan Deelnemingen (Propeople Holding BV) Leningen verstrekt aan deelnemingen Totaal financiële vaste activa

In 2007 is Propeople Holding B.V. opgericht. Het doel van deze B.V. is het beheren van B.V.’s, welke noodzakelijk worden geacht om de primaire doelstelling van WVS te realiseren. Flexkompaan B.V. is tegen intrinsieke waarde ondergebracht bij Propeople Holding BV. In 2009 heeft Propeople Holding B.V. WVS Facilitair B.V. opgericht, welke B.V. een 50 % belang heeft verworven in WVS Schoonmaak Vof. Aanvullende toelichting op de post Financiële activa WVS heeft een 100 % deelneming in Propeople Holding B.V. (Propeople). Deze deelneming is gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van € 18.000. Het eigen vermogen van Propeople Holding B.V. bedraagt ultimo 2024 € 909.000 Vlottende activa Voorraden (x € 1.000 ) 2024

2023

Grond- en hulpstoffen Diverse voorraden

1.133 1

1.018 0

Totaal

1.134

1.018

De voorraden zijn met € 115.000 gestegen ten opzichte van 2023 .Verreweg het grootste deel van de voorraden heeft betrekking op de trappenproductie bij Industrie Bergen op Zoom. Een voorziening voor incourantheid van de voorraden wordt ultimo 2024 niet noodzakelijk geacht. Uitzettingen met een rentetypsche looptijd korter dan één jaar (x € 1.000)

Handelsdebiteuren Vorderingen op openbare lichamen Af: voorziening wegens risico nietinvorderbaarheid Totaal debiteuren Personeelsvordering Overige vorderingen Uitzettingen in 'S Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan een jaar Totaal Verhouding handelsdebiteuren/netto-omzet in %

2024

2023

5.021 1.369 -62

4.669 1.667 -52

6.328

6.284

74 1.540 2.620

91 325 500

10.562

7.200

29,2

20,7

Schatkistbankieren Voor decentrale overheden met een begrotingsomvang van minder dan € 500 miljoen geldt een drempelbedrag van 2 % van de jaarlijkse begroting. Het begrotingstotaal van WVS bedroeg voor 2024 € 104.171.000. Het kwartaalgemiddelde van het rekening-courant saldo in 2024 was als volgt: Gebruik drempelbedrag Drempelbedrag Overschrijding(-) / onderschrijding (+)

1e kw. 1.241 2083

2e kw. 1.777 2083

3e kw. 2.407 2083

4e kw. 1.849 2083

842

307

-323

234

In de kwartalen van overschrijding zijn er overtollige middelen bij Rijksschatkist aangehouden.

Jaarstukken 2024

pagina 26 van 41

Liquide middelen (x € 1.000)

2024

2023

Kas Bank- en girosaldi

2 1.021

1 2.242

Totaal

1023

2243

Overlopende activa Totaal

2024 1.051

2023 1.318

Compensatie transitie vergoeding Nog te ontvangen Lage Inkomensvoordeel Totaal

2024 342 276 618

2023 122 756 878

De kas- en banktegoeden zijn opgenomen onder de activa.

Compensatie transitie vergoeding Nog te ontvangen Lage Inkomensvoordeel Totaal

Saldo 1/1 122 756 878

Toev 342 276 618

Vrijval Saldo 31/12 122 342 756 276 878 618

De opgenomen vordering betreft de compensatievergoedingen welke per 31-12-24 nog te verwachten zijn. De vordering LIV 2024 is berekend op basis van de loongegevens 2024. De definitieve beschikking en ontvangst van de gelden zal plaatsvinden in de loop van 2025. Overige overlopende activa Vooruitbetaalde motorrijtuigenbelasting en - verzekering Vooruitbetaalde verzekeringspremie overige Te ontvangen loonkosten subsidie Beschut Werk Te verdelen loonkosten subsidie BW Diverse vooruitbetaalde onderhoudscontracten en licenties Overige posten Totaal

2024 359 10 3 0 0 62 433

2023 341 7 4 0 0 88 440

2024 3.000 1.000 0 4.000

2023 4.256 0 -1.256 3.000

De post "overige posten" betreft vooruitbetaalde kosten op balansdatum.

Eigen vermogen Algemene reserve (x € 1.000 ) Saldo per 1 januari Vermeerderingen Onttrekkingen Saldo per 31 december

Jaarstukken 2024

pagina 27 van 41

Bestemmingsreserve (x € 1.000 ) Saldo per 1 januari Vermeerderingen Onttrekkingen

Dotatie extra kosten CAO SGO 2024 Dotatie 50 jarig jubileum WVS Vrijval extra kosten CAO SGO 2024 Vrijval 50 jarig jubileum WVS

2024 850 0 50 -600 -300

2023 200 600 50 0 0

0

850

Saldo per 31 december

Zowel de reservering voor het jubileumfeest "Viering 50 jaar WVS" als de bestemmingsreserve voor de extra kosten voortvloeiend uit cao SGO 2023 zijn in 2024 volledig vrijgevallen. Nog te bestemmen resultaat (x € 1.000 ) In 2024 is het resultaat over 2023 (€ 2.717.000 overschot) deels toegevoegd aan de bestemmingsreserve en deels uitgekeerd.

Saldo per 1 januari Toegevoegd aan Algemene Reserve Onttrokken aan Algemene Reserve Toegevoegd aan Bestemmingsreserve Onttrokken uit de Bestemmingsreserve Uitgekeerd aan gemeenten Gerealiseerd resultaat

2024 2.717 -1.000 0 -50 600 -2.267 5.518

2023 1.068 0 1256 -650 0 -1.674 2.717

Saldo per 31 december

5.518

2.717

In de paragraaf overige gegevens in deze jaarrekening is het voorstel tot verwerking van het voordelige resultaat 2024 ad € 5.518.000 opgenomen. Voorzieningen (x € 1.000 ) 2024

2023

Saldo per 1 januari Vermeerderingen Onttrekkingen

1.674 122 -88

1.725 55 -106

Saldo per 31 december

1.708

1.674

3e WW jaar ambtelijk Spaarverlof SW Spaarverlof ambtelijk Totaal

Saldo 1/1 18 1.637 19 1.674

Toev

Vrijval 0 108 14 122

0 -70 -18 -88

Saldo 31/12 18 1.675 15 1.708

De vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Leningen (x € 1.000 ) Saldo per 1 januari Opgenomen leningen Aflossingen

2024 9.945 0 -2.363

2023 9.008 3.000 -2.063

Saldo per 31 december

7.582

9.945

De rentelast voor de langlopende schulden in 2024 was € 195.954

Jaarstukken 2024

pagina 28 van 41

Staat van leningen (x € 1.000 )

Lening Nummer

Oorspronkelijk bedrag leningen

Lening 90545 Lening 91109 Lening 111105 Lening 112899 Lening 115893 Lening 40116610

4.538 4.538 5.000 4.000 4.000 3.000 25.076

Jaar vd laatste aflossing 2024 2025 2027 2024 2032 2033

Renteperc. 6,09 6,05 0,84 -0,20 1,88 3,31

Restant leningen Primo 2024

In het jaar opgenomen leningen

181 364 2.000 800 3.600 3.000 9.945

0 0 0 0 0 0 0

betaalde rente 11 22 17 -2 68 99 215

aflossing 181 181 500 800 400 300 2.363

Restantleningen ultimo 2024 0 182 1.500 0 3.200 2.700 7.582

Vlottende passiva Kortlopende schulden Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar (x € 1.000 ) Crediteuren Kasgeldlening Af te dragen belasting en premies Af te dragen BTW Diversen Totaal per 31 december

2024 3.221 4.000 1.824 1.323 13 10.381

2023 2.485 4.000 1.813 1.114 5 9.417

2024 225 22 0 0 0 360 607

2023 238 20 0 0 0 197 455

Overlopende passiva (x € 1.000 ) Rente leningen Accountantskosten Vooruitontvangen bijdragen projecten Nog te ontvangen fakturen Transitorische kosten Overig Totaal

Jaarstukken 2024

pagina 29 van 41

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Openstaande verlofrechten van ambtelijke en SW-medewerkers (1) met uitzondering van Ambt. verlofsparen en SW spaarverlof. Voor Verlofsparen en Spaarverlof SW is een voorziening getroffen in de balans.

€

3.322.526

Vakantiegeldverplichting (juni tot en met december) SW-medewerkers (2)

€

2.139.594

€

5.462.120

1) Op basis van verlofsaldi ultimo 2024; uurtarief op basis van actuele salariskosten van het personeelsbestand, inclusief opslag voor sociale en pensioenlasten. 2) Per 1-1-2017 geldt het IKB (Individuele keuzebudget) voor de ambtelijke medewerkers. Hier maakt vakantiegeld onderdeel vanuit, waardoor vanaf boekjaar 2018 voor deze categorie medewerkers geen vakantiegeld verplichting meer bestaat. Daarnaast zijn er nog de navolgende verplichtingen aangegaan: - Er worden nog enkele (kleine) bedrijfsruimten ten behoeve van de groenvoorziening gehuurd.

Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum die het beeld van de jaarrekening beïnvloeden en toegelicht dienen te worden.

Jaarstukken 2024

pagina 30 van 41

Rechtmatigheid Verantwoordelijkheid Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteris niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties, het begrotings-, voorwaarden- en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium, rechtmatig zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en laste, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur op 18-12-2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 1 % van de totale lasten inclusief mutaties in de reserves en is daarmee vastgesteld op € 1.041.000.

De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Comissie BBV van oktober 2024. Het Dagelijks Bestuur is van mening dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 1.475.477 bedraagt. Dit is hoger dan de daarvoor gestelde grens van € 1.041.000. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het Dagelijks Bestuur overigens een bedrag van € 910.000 acceptabel op basis van de door het Algemeen Bestuur vastgestelde afspraken. De geconstateerde afwijkingen betreffen: Begrotingscritium: Overschrijding lasten programma Totaal begrotingsonrechtmatigheden Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is Voorwaardencritium: Inkopen ten onrechte niet europees aanbesteed - inkoop feest 50 jaar WVS - inhuur consultants BI-ondersteuning M&O criterium geen bevindingen

€ €

910.000 910.000

€

910.000

€ € €

280.146 197.331 477.477

In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het Algemeen Bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het Dagelijks Bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

Jaarstukken 2024

pagina 31 van 41

Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid Toegevoegde waarde (x € 1.000) Omschrijving Netto omzet Mutatie voorraad gereed product en onderh. werk Kosten grond- en hulpstoffen en uitbesteed werk Toegevoegde waarde Verhouding directe kosten / netto-omzet (in %) FTE's WSW (gemiddeld, exclusief Begeleid Werken, exclusief RVU) FTE's WSW deelnemers aan de RVU regeling FTE's WSW Totaal (exclusief BW, inclusief RVU regeling) Toegevoegde waarde per FTE (in €)

2024

Begroot 2024

2023

36.190 -54 -11.277 24.859

35.431 0 -11.924 23.507

34.748 -19 -11.160 23.569

31,3 1.312 42 1.354 18.355

33,7 1.400 40 1.440 16.328

32,2 1.404 28 1.432 16.462

De netto omzet is ten opzichte van 2023 met 4,15 % gestegen. De toegevoegde waarde (TW) is 11,5 % hoger dan 2023. Bijdragen overheden (x € 1.000) Begroot Omschrijving

2024

2024

2023

Rijksbijdrage SW Bijdragen lokale overheden Overige subsidies overheid Totaal

55.545 8.135 6.910 70.590

51.862 8.135 6.322 66.319

51.621 7.700 5.349 64.670

Aantal S.E.’s WSW gemiddeld

1.462 37.980

1.463 35.448

1.540 33.519

Rijksbijdrage per S.E. gemiddeld (in €)

Het Rijk heeft de rijksbijdrage gemeenten via het SW gedeelte van het participatiebudget toegekend als lumpsum financiering. Deze is gebaseerd op een fictieve taakstelling. De berekening wordt volgens de formule "gerealiseerde taakstelling voorgaand jaar - blijfkanscorrectie voor lopend jaar" toegepast. Daarnaast heeft separaat nog afrekening plaatsgevonden met andere gemeenten m.b.t. rijksbijdrage voor SWmedewerkers die in de loop van 2024 zijn verhuisd. De bijdragen lokale overheden zijn de gemeentelijke bijdragen per doelgroep-deelnemer (Wsw, beschut werk en participant) waartoe in de (herziene-) begroting 2024 is besloten. Deze bijdrage bedraagt € 4.148 per deelnemer. De post "overige subsidies overheid" bevat onder andere ontvangen loonkostensubsidie beschut werk € 2.770.000, vergoeding begeleiding beschut werk € 2.546.000, opbrengsten ontwikkeltrajecten € 938.000, loonkostensubsidie participanten € 150.000 en € 360.000 opbrengst reïntegratie instrumenten.

Overige bedrijfsopbrengsten (x € 1.000) Omschrijving

2024

Begroot 2024

2023

Opbrengsten serviceniveau-overeenkomsten Overige opbrengsten Incidentele baten Resultaat/boekwinst desinvesteringen Totaal overige bedrijfsopbrengsten

3.141 278 0 5 3.424

2.371 20 0 30 2.421

2.806 233 0 44 3.083

WVS levert diverse diensten aan WVS Schoonmaak Vof en Propeople Holding B.V. Dit vindt plaats op basis van service-niveau overeenkomsten waarin de diverse diensten staan beschreven en tegen welke kosten. De overige opbrengsten bestaan uit opbrengsten bijdrage vanuit personeel voor privé gebruik auto van de zaak € 42.000 en diverse werkzaamheden voor en huuropbrengsten van o.a. Stichting Op Weg Naar Werk en SDW. De subsidie Praktijkleren van het RVO bedroeg € 12.492.

Jaarstukken 2024

pagina 32 van 41

Personeelskosten (x € 1.000 ) 2024

Begroot 2024

2023

Personeelskosten Wsw Personeelskosten ambtelijk Inhuur personeel derden

59.519 3.651 21.214

59.258 3.914 20.119

57.135 3.964 18.680

Totaal personeelskosten

84.384

83.291

79.779

2024

Begroot 2024

2023

Lonen Wsw Compensatie transitievergoedingen Sociale lasten Wsw Pensioenpremie Wsw Loonkostenkortingen (LIV) Woon-werk vervoerskosten Wsw Collectief vervoerskosten Wsw Kosten Transitievergoeding Studiekosten Kosten arbeidsontwikkeling Overige personeelskosten Wsw Verstrekte loonkostensubsidies

45.017 -493 7.731 4.079 -392 660 593 494 241 0 1.313 276

45.398 -450 7.470 4.280 -500 382 490 500 149 0 1.314 225

44.335 -493 7.271 3.953 -759 325 595 520 167 0 994 227

Totaal personeelskosten Wsw

59.519

59.258

57.135

1.312 42 1.354 45.369 26,2

1.400 40 1.440 42.336 25,9

1.404 28 1.432 40.689 25,3

Omschrijving

Personeelskosten WSW (x € 1.000) Omschrijving

FTE’s Wsw (jaargemiddelde), excl. Beg. Werken FTE's WSW deelnemers aan de RVU regeling FTE's WSW Totaal (exclusief BW, inclusief RVU regeling) Personeelskosten Wsw per FTE (in €) Verhouding soc. lasten en pens. premie t.o.v. lonen Wsw (%)

De loonkosten voor het SW-personeel hebben betrekking op een gemiddelde formatie van 1.312 full-time-equivalents (FTE) (exclusief begeleid werken). Begroot was een gemiddelde formatie van 1.400 FTE’s. In de begroting is uitgegaan van € 500.000,- kosten voor transitievergoedingen. De werkelijke lasten m.b.t. de transitievergoeding zijn € 494.000 in 2024. In de begroting was rekening gehouden met een compensatie transitievergoeding van € 450.000,-. Vanaf 2022 is gestart met inhuur organisatie HCS/Quare ten behoeve van bedrijfsgeneeskundige zorg, kosten € 734.000 voor jaar 2024. Er is een vordering LIV 2024 opgenomen van € 392.000,- als bate voor het LIV (Lage Inkomens Voordeel). Begroot was een bedrag van € 500.000,-.

Jaarstukken 2024

pagina 33 van 41

Personeelskosten ambtenaren (x € 1.000)

Cat. 1.1 1.1 1.1 3.4 3.4 3.4

Omschrijving Lonen Sociale lasten Pensioenlasten Reiskosten Studiekosten Overige personeelskosten Totaal

2024 2.780 393 413 36 17 12 3.651

Begroot 2024 3.044 420 450 0 0 0 3.914

2023 3.025 422 456 19 12 30 3.964

Formatie ten laste van exploitatie Formatie ten laste van voorzieningen Aantal ambtenaren (FTE’s gemiddeld)

35,7 0,0 35,7

43,0 0,0 43,0

42,3 0,0 42,3

102.269 29%

91.023 29%

93.712 29%

Personeelskosten ambtelijk per FTE (in €) Verhouding sociale & pensioen lasten / lonen ambtelijk (in %)

De gemiddelde formatie van regulier personeel (ambtenaren en inhuur van Flexkompaan regulier) over 2024 bedroeg 215,1 full-timeequivalents (FTE: een formatieplaats van 36 uur). De gemiddelde loonkosten per ambtenaar zijn ten opzichte van vorig jaar met 9,3 % gestegen per FTE. Nieuwe reguliere medewerkers komen in dienst van Flexkompaan B.V.

Inhuur personeel derden (x € 1.000) Omschrijving Inhuur Flexkompaan Inhuur Flexkompaan Participatie (Beschut Werk) Inhuur Stichting WWB en OWNW Overige inhuur Totaal inhuur personeel derden

2024 13.698 5.827 65 1.624 21.214

Begroot 2024 13.362 6.392 0 365 20.119

2023 12.321 4.414 30 1.915 18.680

In 2024 zijn gemiddeld 179,4 fte’s ingehuurd van Flexkompaan. De totale personeelsformatie (ambtelijk en flexkompaan regulier) is 3,30 fte boven 2023, zoals uit bijgaand overzicht blijkt. De overige inhuur betreft uitzendkrachten.

Begroot

Ambtelijke medewerkers, gemiddeld aantal FTE's Flexkompaan regulier, gemiddeld aantal FTE's Flexkompaan Participatie, gemiddeld aantal FTE's

Jaarstukken 2024

2024

2024

2023

35,7 179,4 179,1

43,0 153,4 163,8

42,3 169,5 156,3

394,2

360,2

368,1

pagina 34 van 41

Afschrijvingskosten (x € 1.000 ) Cat.

Omschrijving

2024

Begroot 2024

2023

2.3

Afschrijving materiële vaste activa

2.032

1.910

1.964

De afschrijvingen zijn € 68.000 hoger dan 2023. De investeringen zijn toegelicht op bladzijde 24. Ten opzichte van de begroting zijn de afschrijvingen € 122.000 hoger. Overige bedrijfskosten (x € 1.000 ) Cat.

Omschrijving

2024

Begroot 2024

2023

3.4 3.4 3.1 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4

Huren Onderhoud Energie Indirecte productiekosten Reiskosten werkkilometers Onderzoek en advies Marketing- en verkoopkosten Algemene kosten Incidentele lasten Totaal

68 2.562 1.260 421 20 386 353 2.218 0 7.288

58 2.170 1.786 480 14 335 96 1.632 0 6.571

65 1.881 1.431 565 21 407 129 2.108 0 6.607

De huurlasten bestaan voor een groot deel uit de huur van steunpunten in Zevenbergen en Woensdrecht t.b.v. de groenvoorziening alsmede huur van bedrijfsmiddelen.

Rentebaten en -lasten (x € 1.000 )

Cat.

Omschrijving

2024

Begroot 2024

2023

2.1

Langlopende leningen BNG o/g Langlopende lening u/g Propeople Holding Kasgeldlening BNG Overige rentebaten en -lasten

196 0 143 -237

288 0 180 7

176 0 133 -54

Totaal

102

475

255

2.1

De rentelasten zijn ten opzichte van 2023 toegenomen met 9,71%. De rentebaten zijn met 438,89 % toegenomen. In paragraaf 6 van de algemene toelichting is het treasury-beleid verder toegelicht. In 2024 is er een nieuwe kasgeldlening aangegaan ad. € 4.000.000 met een looptijd van 1 jaar en een rentepercentage van 3,85 %.

Jaarstukken 2024

pagina 35 van 41

Resultaat verbonden partijen (x € 1.000 )

Cat.

Omschrijving

2024

Begroot 2024

2023

2.1

Dividend deelnemingen

150

0

0

In 2024 is door de Algemene vergadering van aandeelhouders van Propeople Holding BV besloten dividend uit te keren.

Mutatie reserves baten (x € 1.000)

Cat.

Omschrijving

2024

Begroot 2024

2023

7.1

Mutatie reserves

300

0

0

Gerealiseerd resultaat (x € 1.000) Cat.

Omschrijving

2024

Begroot 2024

2023

6.0

Saldo

5.518

0

2.717

De exploitatie sluit met een positief resultaat van € 5.518.000. In de paragraaf “overige gegevens” is het voorstel tot bestemming van dit resultaat opgenomen.

Jaarstukken 2024

pagina 36 van 41

Overzicht van Incidentele baten en lasten (x € 1.000) specificatie incid. 2024

Totaal 2024

Incidenteel

Resultaat 2024

Begroting 2024

Baten Netto omzet Mutatie voorraad gereed product en onderhanden werk Grond- en hulpstoffen en uitbesteed werk

36.190 -54 -11.277

Toegevoegde waarde

24.859

Bijdragen overheden Rijksbijdrage SW Overrealisatie Wsw Bijdragen lokale overheden Overige subsidies overheid Dividenduitkering Propeople Holding BV

0 0 0

36.190 -54 -11.277

35.432 0 -11.924

24.859

23.508

70.590

-168

70.758

66.319

Overige opbrengsten

3.424

0

3.424

2.421

Subtotaal

74.014

-168

74.182

68.740

Totaal baten

98.873

-168

99.040

92.248

-84.384

0

-84.384

-83.291

Afschrijvingskosten Overige bedrijfskosten

-2.032 -7.287

0 0

-2.032 -7.287

-1.910 -6.571

Totaal bedrijfskosten

-93.703

0

-93.703

-91.773

Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening vóór rente

5.170

-168

5.337

475

Rentebaten en -lasten Resultaat verbonden partijen Mutaties in reserves

-102 150 300

0 0 0

-102 150 300

-475 0 0

Gerealiseerd resultaat

5.518

-168

5.685

1

55.545 -18 8.135 6.910 -150

Lasten Personeelskosten Personeelskosten Wsw Personeelskosten ambtelijk Inhuur personeel derden

Jaarstukken 2024

-59.519 -3.651 -21.214

pagina 37 van 41

Overzicht Programma-taakvelden WVS had tot 2018 maar 1 programma/ taakveld te rapporteren. Vanaf 1-1-2018 is vanuit de BBV opgelegd dat de lasten en baten moeten worden gesplitst naar 2 taakvelden.

* € 1.000 Hoofdtaakveld 0 Bestuur en ondersteuning

Taakveld 0.4 Overhead 0.9 Vennootschapsbelasting 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten

Totaal taakveld 6 Sociaal domein Totaal taakveld Totaal-generaal

Jaarstukken 2024

6.4 Begeleide participatie

Lasten Begroting Rekening 2024 2024

Begroting 2024

Baten Rekening 2024

Begroting 2024

Saldo Rekening 2024

-12.755 0 0

-13.305 0 0

3.509 0 0

4.263 0 300

-9.246 0 0

-9.042 0 300

0 -12.755

0 -13.305

3.509

5.518 10.081

0 -9.246

-91.416 -91.416

-91.779 -91.779

100.662 100.662

100.520 100.520

9.246 9.246

5.518 -3.224 1.019 8.742 8.742

-104.171

-105.084

104.171

110.601

0

5.518

pagina 38 van 41

Toelichting Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) In het kader van de WNT dienen de beloningen aan topfunctionarissen te worden bekendgemaakt, alsmede de beloningen aan andere functionarissen die het bezoldigingsmaximum van € 233.000 (op jaarbasis) te boven gaan.

Belastbare kostenvergoedingen

Voorzieningen betaalbaar op termijn

totale beloning

Norm 2024

Beloning 2023

Norm 2023

0

0

0

0

21.385

0

22.300

12.357

0

1.940

14.297

19.789

0

0

nvt

0

0

0

0

5.793

5.000

22.300

nvt

3.750

0

0

3.750

17.507

0

0

nvt

5.000

0

0

5.000

23.300

3.805

16.725

nvt

0

0

0

0

23.300

0

22.300

Dhr. J.M.J.C. van Steen lid AB vanaf 11-07-2023 nvt voorzitter AB/DB vanaf 23-062022 Dhr. T.C. Melisse nvt

0

0

0

0

23.300

0

10.631

0

0

0

0

34.950

0

33.450

Dhr. A.C.M. Buijsen

Naam

Functie

Omvang dienstverband

Beloning

in

De topfunctionarissen van WVS zijn de leden van het Algemeen en Dagelijks Bestuur, alsmede de Algemeen Directeur. Van de leden van het Algemeen en Dagelijks Bestuur ontvingen in 2024 alleen de zg. externe DB-leden een beloning.

Dhr. L.G.M. van der Beek

plv. voorzitter AB/DB tot 0112-2024

Dhr. L.G.M. van der Beek

Alg. directeur vanaf 01-122024

Dhr. A.M. van Beers

extern lid DB tot 01-04-2024

Dhr. J.G.F.W. van der Horst

extern lid DB vanaf 01-042024

Dhr. B. van 't Wout

extern lid DB vanaf 01-042023

Dhr. M.A.C.M.J. van Ginderen

lid AB/DB

nvt 100%

lid AB vanaf 16-12-2024

nvt

0

0

0

0

1.019

0

0

Dhr. M.J. Verwijmeren lid AB vanaf 15-06-2022 Mevr. L.F.E.A. lid AB vanaf 15-06-2022 Matthijssen-de Jong lid AB vanaf 15-06-2022 Dhr. N. Baali

nvt

0

0

0

0

23.300

0

22.300

nvt nvt

0 0

0 0

0 0

0 0

23.300 23.300

0 0

22.300 22.300

Dhr. G.J.M. Blom

nvt

0

0

0

0

23.300

0

22.300

nvt

0

0

0

0

21.836

0

22.300

0

0

0

0

1.464

0

0

181.570

0

23.464

205.034

233.000

195.412

223.000

Dhr. D.P.E. Hopmans

lid AB vanaf 15-06-2022 lid AB vanaf 15-06-2022 tot 09-12-2024

Dhr. D.P.E. Hopmans

plv. voorzitter AB/DB vanaf 09-12-2024

Dhr. J.H.G Koopman

Alg. directeur tot 01-12-2024

nvt 100%

Beloning *

Belastbare kostenvergoedingen

Voorzieningen betaalbaar op termijn *

totale beloning *

Norm 2023

Alg. directeur v.a. 1-3-2010

Omvang dienstverband *

Dhr. J.H.G Koopman

Functie

Naam

De algemeen directeur is het gehele jaar in dienst geweest op basis van 40 uur p/w

100%

172.751

0

22.661

195.412

0

De met een * aangemerkte bedragen hebben betrekking op het jaar 2023. Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2024 een bezoldiging boven het individueeel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

Jaarstukken 2024

pagina 39 van 41

Overige gegevens Voorstel tot verwerking van het resultaat Voorgesteld wordt om het gerealiseerd resultaat over 2024 ad. € 5.518.000 positief als volgt te bestemmen: - € 2.500.000,- toe te voegen aan de algemene reserve. - € 3.018.000,- uitkeren aan de deelnemende gemeenten.

Jaarstukken 2024

pagina 40 van 41

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant De controleverklaring van de onafhankelijke accountant is als separate bijlage toegevoegd aan de jaarstukken.

Jaarstukken 2024

pagina 41 van 41

Per

doelgroep

doelgroeper

1-1-2023

resultaat 2024

Bergen op Zoom

407 €

626.377

Etten-Leur

221 €

340.121

Halderberge

191 €

293.951

Moerdijk

102 €

156.979

Roosendaal

563 €

866.463

Rucphen

224 €

344.738

Steenbergen

100 €

153.901

Woensdrecht

87 €

133.894

Zundert

66 €

101.575

1.961 €

3.018.000

aantal doelgroepers per doelgroeper

1.961 €

1.539

Onderwerp: voorstel tot vaststelling van de begroting 2026 en de meerjarenraming t/m 2029

No. 3 - 2025 Dos. 3/45 A

Aan het algemeen bestuur.

Voor u ligt de ontwerp begroting 2026 (en de meerjarenraming t/m 2029) van WVS. Deze ontwerp begroting is gebaseerd op de (voorlopige) cijfers (o.a. voorlopige Participatiebudgetten) uit de mei- en septembercirculaire van 2024. De aannames voor het jaar 2026 zullen ongetwijfeld nog wijzigen. Dit zal blijken uit de mei- en september circulaire van 2025. In verband hiermee zullen wij in het najaar van 2025 een herziene begroting 2025 presenteren. De ontwerp begroting 2026 is gebaseerd op de volgende pijlers: • een (verdere) daling van het aantal Wsw-dienstverbanden omdat a.g.v. de in werking treding van de Participatiewet geen nieuwe instroom meer plaatsvindt van Wswdienstverbanden per 1 januari 2015; • de aan de deelnemende gemeenten toe te kennen Particpatiebudgetten / Wsw 2026 waarbij er vanuit wordt gegaan dat deze budgetten volledig aan WVS zullen worden overgemaakt; in de begroting is uitgegaan van de gemiddelde rijksbijdrage SW ad € 40.339,- per arbeidsjaar (SE), inclusief de door het Rijk te verstrekken loonprijscompensatie (3 %); • de door het ministerie in het vooruitzicht gestelde ‘rijksbijdrage infrastructuur’; deze gelden zijn bedoeld voor het creeëren van landelijk 10.000 extra banen; voor het werkgebied van WVS zou het gaan om 150 tot 175 extra banen waarmee (voor 2026) een bedrag gemoeid is van € 869.000,- (€ 527.000,- impulsbudget voor projecten behoud

infrastructuur en € 342.000,- voor begeleiding van de doelgroep); in de herziene begroting 2025 was nog (uitgaande van een verdeling van de gelden op basis van de rijksbijdrage Wsw) uitgegaan van een bedrag van bijna € 1,7 miljoen; de uitkering vindt echter plaats op basis van ‘doelgroep register gemeentelijke doelgroep’; dit pakt dus voor WVS ruim € 8 ton nadeliger uit; • het door het Rijk toegekende lage inkomens voordeel (LIV) is vanaf 2025 vervallen; voor de SW is in de rijksbijdrage Wsw een compensatie opgenomen; voor de medewerkers beschut werk wordt de compensatie aan de gemeenten uitgekeerd via het participatiebudget beschut werk; in de begroting 2026 is er vanuit gegaan dat de compensatie volledig aan WVS wordt uitgekeerd; • vanaf 1 juli 2026 wordt de compensatie voor de betaling van de transitievergoedingen bij uitdiensttreding wegens langdurige ziekte afgeschaft; WVS ontving jaarlijks een fors bedrag aan compensatie; nu die komt te vervallen betekent dit een flinke financiële aderlating van € 500.000,-; met name werkontwikkelbedrijven worden hard getroffen door deze maatregel omdat zij verhoudingsgewijs veel werknemers hebben die wegens langdurige ziekte uit dienst gaan;

• • •

•

•

instroom van medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet (met behoud van uitkering, met en zonder loonkostensubsidie, alsmede instroom van beschut werk conform de landelijke berekeningen); een (lichte) stijging van het aantal regulier personeel vanwege uitstroom van SWmedewerkers (die vervangen dienen te worden door regulier personeel), alsmede de invulling van nieuwe functies in verband met de omvorming tot werkontwikkelbedrijf; een ongeveer gelijkblijvende omzet / toegevoegde waarde van derden; de omzet / toegevoegde waarde kan eventueel toenemen bij een (hogere) instroom van medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet (met behoud van uitkering, met en zonder loonkostensubsidie, alsmede beschut werkers); op basis van de werkelijke resultaten over 2024 wordt de gemeentelijke omzet iets hoger ingeschat dan in de herziene begroting 2025; een behoudend investeringsbeleid waarbij wel rekening moet worden gehouden met het voldoen aan een CO2 neutrale organisatie hetgeen een uitdaging is; vanwege de onvoorspelbaarheid van eventuele (forse) prijsstijgingen wordt hierbij wel een marge van 10 % aangehouden; in de begroting 2026 is ook een meerjarenraming t/m 2029 opgenomen; in deze meerjarenraming zijn de aantallen medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet gebaseerd op de aantallen die zijn opgenomen in de ketenbegroting (= gecomprimeerd overzicht van de begrotingen

van de ISD Brabantse Wal, het Werkplein en WVS); wij wijzen u er op dat er sprake is van een aantal onzekere factoren, hetgeen afbreuk doet aan de reële ‘waarde’ van de meerjarenramingen.

De begroting 2026 sluit met een tekort van € 7.386.000,-. In de herziene begroting 2025 werd voor 2026 een tekort geraamd van € 6.381.000,-. De grootste afwijkingen ten opzichte van de herziene begroting 2025 zijn: - Rijksbijdrage Wsw daalt van € 53,8 miljoen (2025) naar € 53 miljoen (2026) als gevolg van de uitstroom van SW-medewerkers, een verlies van € 8 ton. - Rijksbijdrage infrastructuur (inclusief het impulsbudget) daalt van bijna € 1,7 miljoen (2025) naar € 8,5 ton (2026), een verlies van € 8,5 ton. - Compensatie transitievergoedingen vervalt per 1 juli 2026, een verlies van € 3 ton. - Toegevoegde waarde stijgt van € 24,1 miljoen (2025) naar € 25,2 miljoen, een voordeel van € 1,1 miljoen. Wij wijzen u er op dat u het (negatieve) resultaat van WVS dient te beoordelen tegen het totale financiële resultaat wat in de samenwerking met het Werkplein en de ISD Brabantse Wal wordt behaald. WVS heeft zich ontwikkeld tot een werkontwikkelbedrijf voor de partners ISD en Werkplein. Mede dankzij de activiteiten die WVS voor het Werkplein en de ISD uitvoert is in 2024 in ons werkgebied een besparing op de uitkeringen gerealiseerd van € 1.170.000,- en een maatschappelijke besparing van € 210.600,-. In de begroting wordt uitgegaan van één bedrag aan gemeentelijke bijdrage.

Het verlies in de begroting 2026 ad € 7.386.000,- zal gedekt moeten worden uit de gemeentelijke bijdragen (€ 4.133,- per geplaatste Wsw-medewerker, beschut werker en participant, zie bijlage 6 van de begroting).

pagina 2 van 5

U kunt er van uit gaan dat WVS er alles aan zal doen om de verliezen zoveel mogelijk te beperken. Hierbij geldt dat de deelnemende gemeenten ook zelf kunnen bijdragen in het terugdringen van het verlies door de mogelijkheden van inbesteding optimaal te benutten. Dit laatste staat wel in toenemende mate onder druk vanwege de krimp van de SW-populatie. In de samenwerking met de ISD en het Werkplein zijn de laatste jaren belangrijke stappen gezet. Binnen de samenwerking vervult WVS de rol van werkontwikkelbedrijf voor de inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Daartoe is een gezamenlijke routekaart opgesteld waarlangs inwoners (via onderzoek en / of leerroute) worden begeleid naar betaald werk. Begin 2024 is een gezamenlijk centrum voor verdiepende analyse ingericht en in gebruik genomen (het Startpunt). Er wordt continue gewerkt aan een verbetering van de ontwikkeltrajecten, medewerkers van de 3 organisaties maken gebruik van gezamenlijke huisvesting en er wordt gewerkt aan nieuwe dienstverlening in het kader van sociale activering. Dankzij de samenwerking bieden we inwoners weer perspectief op een betaalde baan en vindt een besparing plaats aan maatschappelijke kosten. Door slim te opereren in de samenwerking kunnen we tevens zorgen voor het behoud van vooral laaggeschoold werk voor de (grootste) doelgroep van de Participatiewet.

WVS opereert volop in de open Nederlandse economie met alle voor- en nadelen van dien. WVS is kwetsbaar voor mondiale ontwikkelingen (denk bijvoorbeeld aan de energieprijzen). Deze ontwikkelingen hebben niet alleen financiële gevolgen maar ook gevolgen voor de beschikbaarheid van voldoende en passend werk voor onze doelgroep. Dit is een continue punt van aandacht en zorg. Om goed en betrouwbaar te kunnen opereren dient WVS te beschikken over een adequate algemene reserve. In 2024 is door Deloitte Accountants onderzocht wat het meest passende niveau van het weerstandsvermogen van WVS is, rekening houdend met de liquiditeitsbehoefte en de financiële risico’s. Het gaat hierbij dan met name om risico’s die onvoorzien zijn en waarvoor op korte termijn dekking gevonden moet worden. Uit het onderzoek van Deloitte is gebleken dat een weerstandsvermogen van € 7 miljoen voor WVS noodzakelijk is. Dit bedrag past binnen de in de Nota Verbonden Partijen aangegeven bandbreedte. Een reserve van € 7 miljoen is ten opzichte van de begrote lasten in de begroting 2026 een percentage van 7 %. Uw algemeen bestuur heeft naar aanleiding van het advies van Deloitte op 1 juli 2024 besloten om spelregels vast te stellen met betrekking tot de reserve van WVS. Eén van de spelregels is dat, mits het financiële resultaat dit toestaat, de algemene reserve geleidelijk zal groeien tot maximaal € 7 miljoen.

Tot en met ultimo 2024 bedraagt de reserve € 4 miljoen. Het financiële resultaat over 2024 bedraagt (vóór accountantscontrole) ruim € 5,5 miljoen. In het voorstel tot vaststelling van de jaarrekening wordt voorgesteld om ten laste van het resultaat 2024 een bedrag van € 2,5 miljoen toe te voegen aan de reserve. Dit is wat lager dan de afgesproken 50 % van het jaarresultaat. Het overige resultaat van ruim € 3 miljoen zal dan worden uitgekeerd aan de 9 deelnemende gemeenten, conform de verdeling zoals die is afgesproken in de gemeenschappelijke regeling WVS. Voor een uitgebreide toelichting op de cijfers verwijzen wij u kortheidshalve naar de bijgevoegde begroting en de daarin opgenomen informatie. Voorafgaand aan de vaststelling van de begroting en meerjarenraming zullen de deelnemende gemeenten in de gelegenheid worden gesteld een zienswijze in te dienen.

pagina 3 van 5

Voorstel Wij stellen u voor: - de ontwerp begroting 2026 en de meerjarenraming t/m 2029 vast te stellen, één en ander overeenkomstig het bijgevoegde ontwerpbesluit; - de gemeentelijke bijdrage voor het jaar 2026 vast te stellen op € 4.133,- per geplaatste Wswmedewerker, beschut werker en participant (per 1 januari 2025).

Roosendaal, 24 maart 2025.

Het dagelijks bestuur van WVS, de secretaris,

de voorzitter,

P.F.J.M. Havermans

T.C. Melisse.

pagina 4 van 5

Het algemeen bestuur van WVS; gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur dd. 24 maart 2025, no. 3 - 2025, no. 3/45 A; gelet op de gemeenschappelijke regeling WVS;

besluit:

1. de ontwerp begroting 2026 en de meerjarenraming t/m 2029 van WVS vast te stellen, overeenkomstig de gewaarmerkte bijlage; 2. de gemeentelijke bijdrage in het exploitatieresultaat van WVS op basis van de begroting 2026 van WVS vast te stellen op € 4.133,- per geplaatste Wsw-medewerker, beschut werker en participant (peildatum 1 januari 2025) (overeenkomstig de verdeelsleutel zoals die is bepaald in de gemeenschappelijke regeling); 3. te bepalen dat de gemeentelijke bijdragen door de gemeenten per maand worden betaald (uiterlijk de 15e van de maand).

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van WVS op 30 juni 2025.

De secretaris,

De voorzitter,

P.F.J.M. Havermans

T.C. Melisse.

pagina 5 van 5

Begroting 2026

Meerjarenraming 2027 - 2029

Inhoudsopgave

1. Voorwoord Algemeen Directeur

3

2. Financiële begroting en meerjarenraming

6

2.1 Uitgangspunten begroting 2026 en meerjarenraming 2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD 2.3 Overzicht van baten en lasten 2024 - 2029 2.4 Financiële positie 2.5 Risicoparagraaf

6 9 11 12 13

3. Overige begrotingsinformatie

17

3.1 Weerstandsvermogen 3.2 Wet Open Overheid

17 17

Bijlagen 1. Resultatenrekening 2026 - 2029 Overhead 2. Balans per ultimo 2024 - 2026 3. Overzicht lang- en kortlopende leningen 4. Overzicht reserves en voorzieningen 5. Overzicht van investeringen in vaste activa 6. Gemeentelijke bijdrage 2026 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente 2026

19 20 21 22 23 24 25

WVS - Begroting 2026

2

1. Voorwoord Algemeen Directeur WVS WVS werkt, als werkontwikkelbedrijf van West-Brabant, samen met de ISD Brabantse Wal en het Werkplein, om een steeds groter wordende groep inwoners die aan de zijlijn staan weer een betere toekomst te bieden. Gezamenlijk gaan we de uitdaging aan om zoveel als mogelijk de groep inwoners die al langer aan de zijlijn staan, te laten participeren en te ontwikkelen naar liefst loonvormende arbeid. Wij geloven dat we door meer samen te werken, in staat zijn om de maatschappelijke kosten te laten dalen en het maatschappelijke rendement te laten stijgen. WVS is daarnaast nog steeds een van de grootste werkgevers in West Brabant met meer dan tweeduizend werknemers woonachtig in onze deelnemende gemeenten. Voor u ligt de begroting 2026 en de meerjarenraming 2027 tot en met 2029 van WVS. Deze begroting is gebaseerd op de gegevens die we weten vanuit de septembercirculaire 2024. De acties voortkomend uit het gezamenlijke jaarplan van de samenwerking met de ISD en het Werkplein zijn, voor zo ver als mogelijk, meegenomen in deze begroting en is met beide partijen afgestemd. De begroting moet dan ook in samenhang worden bekeken met de begrotingen van de ISD en het Werkplein. WVS voert vanuit de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening en het beschut werken uit. Daarnaast ontwikkelt WVS mensen die de route naar werk niet zelfstandig kunnen maken.

Het gezamenlijke doel van de samenwerking met de ISD en het Werkplein voor 2026 en de meerjarenraming 2027 tot en met 2029, is om meer inwoners in ontwikkeling te zetten. Mede hiervoor is in 2024 ‘Startpunt’, het centrum voor een verdiepende diagnose, opgericht om inwoners gerichter te kunnen ontwikkelen op basis van hun vaardigheden. Hierdoor kunnen we onze bijstandsgerechtigde inwoners waaronder jongeren en statushouders nog beter in hun kracht zetten. WVS heeft vanuit het verleden te maken met hogere loonkosten t.o.v. het landelijk gemiddelde terwijl de bedrijfskosten en de verhouding reguliere medewerkers versus doelgroepmedewerkers lager liggen. Het inverdienvermogen ligt echter weer hoger t.o.v. het landelijk gemiddelde. WVS zit daarmee in de top van best presterende werkontwikkelbedrijven in Nederland zoals blijkt uit het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van SZW en de benchmark van de branchevereniging Cedris. In deze meerjarenraming is goed nagedacht over de financieel mindere jaren die onze deelnemende gemeenten voor de boeg hebben. Wij blijven qua uitgaven scherp aan de wind zeilen en streven door intensievere samenwerking met ISD en Werkplein meer inwoners aan de slag te helpen dan wel geactiveerd te krijgen. ( x € 1.000)

2019

Operationeel resultaat

5.235 713

Incidentele baten en lasten Gemeentelijke bijdrage

2020

2021

2022

2023

2024

2.014

2.028

2.161

2.899

4.280

4.140

1.833

-879

-248

-17

8.182

8.058

5.593

7.532

7.700

8.135

Subsidieresultaat*

-11.529

-10.076

-8.740

-7.746

-7.634

-6.880

Totaal resultaat

2.601

4.136

714

1.068

2.717

5.518

* Het subsidieresultaat is het verschil tussen de rijksbijdrage/loonkostensubsidie en de loonkosten doelgroep. In 2020, 2021 en 2022 heeft WVS te kampen gehad met Covid-19. De compensatie vanuit het Rijk is verantwoord onder de incidentele baten en lasten.

3

WVS - Begroting 2026

Factoren die een bepalende rol spelen bij het al dan niet realiseren van de begroting van 2026 zijn: 1. Subsidies 2. Kostenbeheersing 3. Algemene economische situatie 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door de gemeenten 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen 7. Uitstroom SW en leidinggevend SW-kader 8. WAADI (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs) 9. Cao SW 10. Compensatie transitievergoeding Ad 1. Subsidies De begroting is gebaseerd op het voorlopig toegekende Wsw-participatiebudget voor 2026 o.b.v. de septembercirculaire 2024 zijnde € 39.164,- en met 3 % LPO € 40.339,-. Dit is inclusief de compensatie voor het wegvallen van de LIV. Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Naast de hoogte van het bedrag speelt ook de toekenning van de (fictieve) taakstelling een steeds belangrijkere rol. Door het Rijk is besloten om de begeleidingsvergoeding beschut werk per 2026 te verhogen tot € 11.400 per persoon. In december 2023 heeft de minister in een kamerbrief aangegeven dat er meerjarig extra geld is vrij gemaakt ter ondersteuning van de bekostiging van de infrastructuur van de werkontwikkelbedrijven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15373630/1