CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

11 RV RB Vaststelling Beleid teeltondersteunende voorzieningen (TOV beleid)

gemeenteraad 11 maart 2026, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling Beleid teeltondersteunende voorzieningen 20261.675 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 11 maart 2026

Agendanummer 11

Commissievergadering EROM 25 februari 2026

Agendanummer 07

Vaststelling Beleid teeltondersteunende voorzieningen (TOV beleid) Voorstel: 1. De ingediende zienswijzen gedeeltelijk gegrond te verklaren overeenkomstig de conclusies in de Nota van Zienswijzen (bijlage b.); 2. De wijzigingen zoals opgenomen in de Nota van Zienswijzen vast te stellen; 3. Het Beleid Teeltondersteunende voorzieningen Rucphen 2026 (bijlage c.), gewijzigd vast te stellen. Samenvatting: De agrarische sector in onze gemeente heeft in toenemende mate behoefte aan ruimte voor permanente teeltondersteunende voorzieningen (TOV’s). De provincie Noord-Brabant biedt hiervoor ruimte in de Omgevingsverordening, mits ontwikkelingen passen binnen een ontwikkelingsrichting voor het gebied. Deze ontwikkelingsrichting ontbrak tot nu toe, waardoor ingediende initiatieven niet beoordeeld konden worden en niet voldaan kon worden aan de provinciale regels. Het beleid Teeltondersteunende voorzieningen Rucphen 2026 voorziet in een objectief en concreet ruimtelijk toetsingskader voor (de uitbreiding van) permanente teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouwvlak. Hiermee wordt het mogelijk om agrarische teeltbedrijven toekomstbestendig te ondersteunen, terwijl tegelijkertijd zorgvuldig wordt omgegaan met landschap, bodem- en watersysteem en andere waarden van het landelijk gebied. Het beleid is opgesteld in samenhang met het Landschapsontwikkelingsperspectief (LOP).

Waar het LOP een toekomstbeeld schetst voor het landschap als geheel, biedt het TOV-beleid een concreet toetsingskader voor initiatieven van teeltbedrijven. Het ontwerpbeleid heeft van 17 juli 2025 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Er zijn 20 zienswijzen ingediend, waarvan enkele gezamenlijk. De zienswijzen hebben geleid tot inhoudelijke aanpassingen van het beleid. Het aangepaste TOV-beleid ligt nu ter vaststelling voor aan uw raad. Motivering: Er is meer vraag naar permanente teeltondersteunende voorzieningen. Vanuit de agrarische sector is er steeds meer vraag naar meer ruimte voor het gebruik van permanente teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouwvlak. Deze TOV’s worden onder andere gebruikt voor de verbetering van de productie, verlenging van de teeltperiode, betere arbeidsomstandigheden, verbeteren van de waterkwaliteit en om het gebruik van grondwater te minimaliseren. De provincie bied in de Omgevingsverordening Noord-Brabant meer ruimte aan permanente TOV’s De provincie Noord-Brabant speelt op deze ontwikkelingen in de agrarische sector in, door in de Omgevingsverordening Noord-Brabant meer ruimte te bieden aan het mogelijk maken van permanent TOV’s buiten het bouwvlak. In de Omgevingsverordening is de begrenzing van 3

2

hectare los gelaten. Dit kan enkel onder een aantal voorwaarden, zoals dat de ontwikkeling moet passen binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. Ingediende initiatieven kunnen momenteel geen doorgang vinden door het ontbreken van een ontwikkelingsrichting op ons buitengebied De verruiming in de Omgevingsverordening heeft er toe geleid dat er de afgelopen jaren door vijf teeltbedrijven initiatieven zijn ingediend met de vraag om permanente TOV’s buiten het bouwvlak mogelijk te maken. Momenteel lukt het niet om medewerking aan deze initiatieven te verlenen omdat een ontwikkelrichting op ons buitengebied ontbreekt. Om die reden zijn we in 2024 gestart met het maken van die ontwikkelrichting: het TOV beleid. Met dit beleid wordt voorzien in een actueel gemeentelijk afwegingskader, waarin de provinciale afwijkingsvoorwaarden voor uitbreiding van permanente teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouwvlak zijn uitgewerkt en toegepast op de lokale situatie in Rucphen. Het TOV beleid sluit aan bij Omgevingsvisie Rucphen 2.0 en het ontwerp LOP ‘DaaRbuiten’ In september 2025 is de Omgevingsvisie 2.0 ‘Rucphen 2040’ vastgesteld. Het LOP ‘DaaRbuiten’ heeft een duidelijke koppeling met de Omgevingsvisie. Het LOP vertaalt de landschappelijke ambities uit de Omgevingsvisie naar concrete doelen en maatregelen voor het behoud, de versterking en de ontwikkeling van het landschap.

Dit gebeurt in samenhang met landbouw, natuur, klimaat en recreatie. Het TOV beleid is gekoppeld aan het Landschapsontwikkelingsperspectief ‘Daarbuiten’ (LOP). Waar het LOP een toekomstbeeld schetst voor het landschap als geheel, biedt het TOV beleid een helder en concreet toetsingskader voor permanente teeltondersteunende voorzieningen en daarmee een toekomstperspectief voor teeltbedrijven in onze gemeente. Het LOP ‘DaaRbuiten’ en het TOV beleid zijn in samenhang tot stand gekomen. Participatie was onderdeel van het opstellen van het TOV beleid. Inwoners, stakeholders en beleidsmedewerkers van de gemeente hebben input geleverd voor het TOV beleid. Er hebben meerdere gesprekken plaatsgevonden met belangrijke stakeholders zoals ZLTO, Treeport en Fruitport. Daarnaast zijn overleggen gevoerd met de provincie Noord-Brabant, waterschap Brabantse Delta, de natuurwerkgroep Rucphen, Regio West Brabant West en de gemeenten Zundert, Etten-Leur en Breda. Ook is het TOV beleid aan bod gekomen tijdens de roadshow van de omgevingsvisie die georganiseerd was voor inwoners van onze gemeente. Na de inzageperiode in de zomer van 2025 zijn, naast de eerder genoemde stakeholders, ook gesprekken gevoerd met alle deelnemers van het Groene Platform. Dit vanwege de integrale aanpak van het Landschapsontwikkelingsplan (LOP) en het TOV beleid.

Aanvullend waren dit: Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, ANV (Agrarische Natuurvereniging tussen Baronie en Markiezaat), Brabant Water, Defensie en Landgoed Schijf. Het TOV beleid is afgestemd in de ambtelijke organisatie en er heeft een raadsinformatieavond plaatsgevonden. Alle input is meegenomen om te komen tot dit TOV beleid. De volgende wijzigingen zijn naar aanleiding van de zienswijzen en gevoerde gesprekken doorgevoerd: • De landschappelijke indeling. Op meerdere plaatsen zijn de grenzen tussen landschapstypen gewijzigd. Zo is het verdrogingsgevoelig agrarisch gebied verkleind op basis van nieuwe informatie van het Waterschap. • Er is een gebiedstype toegevoegd (primair agrarisch gebied), waar weinig belemmeringen en landschappelijke waarden spelen. Hier zijn ruimere mogelijkheden voor het realiseren van teeltondersteunende voorzieningen.

3

•

• •

•

• • •

De eisen aan de landschappelijke inpassing. Deze betrof 20% en op sommige plekken 30% van de oppervlakte van de teeltondersteunende voorzieningen. Dat percentage is teruggebracht naar een basis inpassing van 10% voor de eerste 3 hectare teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouwvlak. Boven de 3 hectare geldt een variabele tweede investering, die meer doelgestuurd is, afhankelijk van de ligging in het gebied (droogtegevoelig gebied, open gebied of primair agrarisch). Daarnaast zijn enkele gebieden waarvan de landschappelijke- en/of cultuurhistorische waarde hoog zijn uitgesloten van nieuwe teeltondersteunende voorzieningen. Zoals de landgoederen Schijf en Visdonk, maar ook om de Oude Zoek en het gebied rondom de Heimolen. In deze gebieden staat het behouden van het huidige landschappelijke en recreatieve beeld met bijbehorende kenmerkende cultuurhistorische uitstraling zoals beschreven in het LOP DaaRbuiten voorop. De alternatieve investeringen (water en groenfonds). Een bijdrage aan infiltratie van water is toegevoegd als mogelijke investering. Daarnaast is de mogelijkheid toegevoegd om een bijdrage aan het groendfonds te kunnen doen als andere maatregelen niet mogelijk zijn. De motivering van het gebruik van teeltondersteunende voorzieningen.

Veel agrariërs vonden dat onvoldoende was toegelicht dat het gebruik van teeltondersteunende voorzieningen belangrijk is voor het halen van de maatschappelijke eisen die aan boeren worden gesteld. De voordelen van het gebruik van teeltondersteunende voorzieningen zijn meer toegelicht. De categorisering van de teeltondersteunende voorzieningen. Er werd alleen onderscheid gemaakt in hoge en lage teeltondersteunende voorzieningen. In het aangepaste beleid zijn teeltondersteunende voorzieningen die de bodem afdekken zoals bijvoorbeeld containervelden als een aparte categorie neergezet. Er zijn definities toegevoegd van type teeltondersteunende voorzieningen en andere belangrijke begrippen, zodat er geen verwarring kan ontstaan wat er wordt bedoeld. Een aantal teeltondersteunende voorzieningen is uit het beleid verwijderd, omdat dit al in het tijdelijk omgevingsplan was geregeld (boomteeltstokken) Het realiseren van een teeltondersteunende kas van 1,5 hectare is uit het beleid verwijderd, omdat niet meer binnen het provinciale beleid paste. In de interim verordening van de provincie Noord-Brabant bestond deze mogelijkheid nog, maar intussen niet meer.

Inwoners, bedrijven en andere belanghebbende (organisaties) hebben de gelegenheid gehad om op het ontwerp te reageren. Het ontwerp-TOV beleid heeft vanaf 17 juli 2025 gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Geïnteresseerden zijn in de gelegenheid gesteld het beleid digitaal te bekijken of fysiek in te zien in het gemeentehuis. Zij konden hierop schriftelijk of mondeling reageren. Daarnaast is het ontwerpbeleid toegezonden aan organisaties die deelnamen aan de stakeholderbijeenkomsten. Middelen: Dit voorstel brengt geen aanvullende financiële consequenties met zich mee. De uitvoering van het TOV beleid vindt plaats via de behandeling van aanvragen en verzoeken. De hiermee samenhangende kosten worden gedekt uit leges en/of plankosten. Vervolg: Tegen het besluit van uw raad staat geen bezwaar of beroep open. Gezien het ontbreken van vergelijkbare beleidskaders in Noord-Brabant wordt gekozen voor een lerende aanpak. Het beleid wordt daarom na het eerste en tweede jaar na vaststelling geëvalueerd. Daarbij wordt beoordeeld of het beleid in de praktijk goed toepasbaar is, de gewenste doelen bereikt en of sprake is van knelpunten of onvoorziene effecten. Op basis van deze evaluaties kan het beleid, indien nodig, worden aangepast

4

Rucphen, 3 februari 2026 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,

de burgemeester,

drs. E.A.C.M. Kolen.

mr. M. van der Meer Mohr.

Bijlage(n): a. Conceptbesluit b. Nota van Zienswijzen c. Beleid Teeltondersteunende voorzieningen Rucphen 2026 d. Overzicht wijzigingen

RAADSBESLUIT Vaststelling Beleid teeltondersteunende voorzieningen (TOV beleid) 11 maart 2026 De raad van de gemeente Rucphen, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 3 februari 2026, overwegende: • de agrarische sector in de gemeente Rucphen in toenemende mate behoefte heeft aan ruimte voor permanente teeltondersteunende voorzieningen; • de Omgevingsverordening Noord-Brabant ruimte biedt voor permanente teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouwvlak, mits wordt voldaan aan gebiedsgerichte voorwaarden; • voor het buitengebied van Rucphen een ontwikkelingsrichting noodzakelijk is om initiatieven voor permanente teeltondersteunende voorzieningen te kunnen beoordelen; • het beleid Teeltondersteunende voorzieningen Rucphen 2026 voorziet in een objectief en concreet ruimtelijk toetsingskader; • het beleid is opgesteld in samenhang met het Landschapsontwikkelingsperspectief ‘DaaRbuiten’; • bij de totstandkoming van het beleid participatie heeft plaatsgevonden; • het ontwerpbeleid gedurende zes weken ter inzage heeft gelegen; • twintig zienswijzen zijn ingediend, waarvan enkele gezamenlijk; • de ingediende zienswijzen hebben geleid tot aanpassing van het beleid; gelet op: • de Omgevingsverordening Noord-Brabant; • het Landschapsontwikkelingsperspectief ‘DaaRbuiten’; • het beleid Teeltondersteunende voorzieningen Rucphen 2026; • de Nota van Zienswijzen; gehoord

de commissie Economie, Ruimtelijke Ordening en Milieu op 25 februari 2026, besluit: 1. De ingediende zienswijzen gedeeltelijk gegrond te verklaren overeenkomstig de conclusies in de Nota van Zienswijzen (bijlage b.); 2. De wijzigingen zoals opgenomen in de Nota van Zienswijzen vast te stellen; 3. Het Beleid Teeltondersteunende voorzieningen Rucphen 2026 (bijlage c.), gewijzigd vast te stellen. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Rucphen in zijn openbare vergadering van 11 maart 2026, de griffier,

de voorzitter,

J.J.H. Lahaije.

mr. M. van der Meer Mohr.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16674686/1