CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

10c Was Wordt Afvalstoffenverordening

commissie Economie Ruimtelijke Ordening en Milieu 13 september 2023, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Afvalstoffenverordening Rucphen 20245.660 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was/wordt Afvalstoffenverordening Hieronder volgt een uiteenzetting van de wijzigingen die de Afvalstoffenverordening 2013 gemeente Rucphen heeft ondergaan: Artikel 1. Begripsomschrijvingen

ARTIKEL 1. DEFINITIES

In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan:

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

1. wet: Wet milieubeheer; 2. inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; 3. ter inzameling aanbieden: de wijze van overdragen van afvalstoffen aan een inzamelende persoon of instantie, inclusief het achterlaten van afvalstoffen in daartoe door of vanwege de inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of –voorzieningen of op een daartoe aangewezen plaats; 4. inzamelmiddel: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel ten behoeve van één huishouden; 5. inzamelvoorziening: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of –plaats, bijvoorbeeld een (ondergrondse) verzamelcontainer, wijkcontainer of brengdepot, ten behoeve van meerdere huishoudens; 6. inzameldienst: de krachtens artikel 2, eerste lid, aangewezen inzameldienst, belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen; 7. andere inzamelaars: de krachtens artikel 2, tweede lid, aangewezen personen en instanties, belast met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen;

inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; ter inzameling aanbieden: de wijze van overdragen van afvalstoffen aan een inzamelende persoon of instantie, inclusief het achterlaten van afvalstoffen in daartoe door of vanwege de inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of –voorzieningen of op een daartoe aangewezen plaats; inzamelmiddel: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, ten behoeve van één huishouden; inzamelplaats: daartoe op grond van artikel 5 aangewezen plaats; andere inzamelaars: de krachtens artikel 4 lid 1 sub a, b en c aangewezen personen en instanties, belast met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen; straatafval: huishoudelijke afvalstoffen van zeer beperkte omvang en gewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom, plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren, niet zijnde klein chemisch afval, ontstaan buiten een perceel; inzamelvoorziening: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of -plaats ten behoeve van meerdere huishoudens; perceel: perceel waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan.

2

8. gebruiker van een perceel: degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21 en artikel 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt Het permanent feitelijk gebruik moet worden aangetoond door inschrijving in de Gemeentelijke Basisadministratie op het betreffende perceel met de bestemming ‘wonen’; 9. straatafval: huishoudelijke afvalstoffen van zeer beperkte omvang en gewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom, plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren, niet zijnde klein chemisch afval, ontstaan buiten een perceel; 10. wegen: de wegen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b. van de Wegenverkeerswet 1994; 11. motorrijtuigen: alle voertuigen, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c. van de Wegenverkeerswet 1994; 12. perceel: een roerende of onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte ervan, dat naar indeling en inrichting is bestemd voor het voeren van een particuliere huishouding waarin geregeld afvalstoffen kunnen ontstaan.

Artikel 2. Aanwijzing inzameldienst en andere inzamelaars

ARTIKEL 2. DOELSTELLING De toepassing van deze verordening is gericht op de bescherming van het milieu, met inbegrip van een doelmatig beheer van afvalstoffen. ARTIKEL 3. AANWIJZING VAN DE INZAMELDIENST

1. Het college wijst de inzameldienst aan, die belast is met het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen.

1. Saver N.V. is als inzameldienst belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen.

2. Naast de inzameldienst kan het college andere inzamelaars aanwijzen die belast zijn met het afzonderlijk inzamelen van

2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke

3

categorieën huishoudelijke afvalstoffen.

afvalstoffen inzamelt.

3. Het college kan aan het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van de bescherming van het milieu.

ARTIKEL 4. REGULERING VAN ANDERE INZAMELAARS 1. Het is voor anderen dan de inzameldienst verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen, tenzij de inzamelaar: a. daartoe is aangewezen door burgemeester en wethouders; b. middels Uitvoeringsbesluit Afval 2023 van het verbod is vrijgesteld; of c. verplicht is tot inname, bedoeld in artikel 9.5.2, derde lid, aanhef en onderdeel b, of vierde lid, van de Wet milieubeheer. 2. Burgemeester en wethouders kunnen aan een aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, onder a, voorschriften verbinden en beperkingen stellen. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. Dit artikel is thans ARTIKEL 1. BESTANDDELEN AFVAL VAN HET UITVOERINGSBESLUIT AFVAL 2024 geworden, dat als volgt luidt:

4. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen).

Artikel 3. Afzonderlijke inzameling 1. Door de inzameldienst of andere inzamelaars worden de volgende categorieën huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: 1. afgedankte elektrische en elektronische apparatuur; 2. B-(afval)hout; 3. C-(afval)hout; 4. asbest en asbesthoudend afval; 5. autobanden; 6. bouw- en sloopafval; 7. dakleer; 8.

In dit besluit worden de volgende bestanddelen van afval onderscheiden: a. afgedankte elektrische en elektronische apparatuur; b. B-(afval)hout; c. C-(afval)hout; d. asbest en asbesthoudend afval; e. autobanden; f. bouw- en sloopafval; g. dakleer; h. EPS (piepschuim);

4

EPS (piepschuim); 9. frituurvet en frituurolie; 10. gips; 11. groente-, fruit- en tuinafval; 12. grof huishoudelijk restafval; 13. grond/zand; 14. harde kunststof; 15. huishoudelijk restafval; 16. huisraad; 17. klein chemisch afval; 18. kunststof verpakkingsmateriaal; 19. luiers; 20. metalen; 21. papier en karton; 22. schoon puin; 23. snoeihout en tuinafval; 24. tapijt en vloerbedekking; 25. textiel en schoenen; 26. verpakkingsglas; 27.

i. frituurvet en frituurolie; j. gips; k. groente-, fruit- en tuinafval; l. grof huishoudelijk restafval; m. grond/zand; n. harde kunststof; o. huishoudelijk restafval; p. huisraad; q. klein chemisch afval; r. kunststof verpakking; s. luiers; t. metalen; u. papier en karton; v. schoon puin; w. snoeihout en tuinafval; x. tapijt en vloerbedekking; y. textiel en schoenen; z. verpakkingsglas; aa. vlak glas.

5

vlak glas.

2. Het college kan een omschrijving vaststellen van de categorieën huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in het eerste lid. Artikel 4. Inzamelmiddelen en – voorzieningen 1. De inzameling kan plaatsvinden via: 1. een inzamelmiddel voor de gebruiker van een perceel; 2. een inzamelvoorziening voor de gebruikers van een aantal percelen; 3. een inzamelvoorziening op wijkniveau; 4. een brengdepot op lokaal niveau.

2. Het college kan aanwijzen via welk al dan niet van gemeentewege verstrekt inzamelmiddel of via welke inzamelvoorziening de inzameling van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de gebruiker van een perceel plaatsvindt.

Dit is thans ARTIKEL 3. AANWIJZING INZAMELMIDDELEN- EN VOORZIENINGEN van UITVOERINGSBESLUIT AFVAL 2024 geworden: Op grond van artikel 10 van de verordening worden de volgende inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen aangewezen: a. Voor restafval van huishoudens in de laagbouw: een 240 liter grijze minicontainers voorzien van een chip. b. Voor GFT-afval van huishoudens in de laagbouw: een 240 liter groene minicontainer; c. Oud papier en karton en PMD van huishoudens in de laagbouw: papiercontainer voor papier en zakken voor PMD; d. Voor klein chemisch afval de milieustraat van Saver B.V. aan de Wortelsteeke in Oud Gastel; e. Voor verpakkingsglas de daarvoor geplaatste boven- en ondergrondse glascontainers; f. Voor textiel de daarvoor op meerdere locaties geplaatste inzamelcontainers; g. Voor oud papier en karton en textiel tevens de milieustraat van Saver B.V. aan de Wortelsteeke in Oud Gastel. Deze afvalstoffen dienen in de daartoe bestemde containers te worden gedeponeerd; h.

6

Voor luierafval de speciale, daartoe bestemde, plastic inzamelzakken, te deponeren in de daartoe geplaatste gesloten container(s); i. Voor de overige in artikel 2 van dit besluit genoemde huishoudelijke afvalstoffen: de hiervoor genoemde milieustraat Wortelsteeke in Oud Gastel; j. Voor bepaalde gebieden/ bepaald aantal aansluitingen binnen gemeente Rucphen kan het college aangepaste inzamelmiddelen/inzamelvoorzieningen gedurende een bepaalde termijn aanwijzen, dit in het kader van proeven met alternatieve inzameling; k. Voor medisch afval (o.a. stoma- en nierdialyse materiaal): de extra minicontainer voor restafval die hiervoor is aangevraagd op grond van een medische verklaring. Deze container wordt in de route van het restafval geledigd; l. Voor afval van hoogbouwlocaties: ondergrondse verzamelcontainers. Artikel 5. Frequentie van inzamelen 1. Huishoudelijk restafval wordt ten minste eenmaal per twee weken bij elk perceel ingezameld. 2. In afwijking van het eerste lid wordt huishoudelijk restafval bij gebruikers van bepaalde percelen niet afzonderlijk bij elk perceel ingezameld, maar door middel van verzamelcontainers. De adressen van deze percelen worden nader aangegeven in het Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening dat is vastgesteld door het college. 3. Groente-, fruit- en tuinafval wordt eenmaal per twee weken afzonderlijk bij elk perceel ingezameld. 4.

In afwijking van het derde lid wordt groente-, fruit- en tuinafval bij percelen die voor huishoudelijk restafval gebruik maken

AFVALSTOFFENVERORDENING: ARTIKEL 9. TIJDSTIP VAN AANBIEDING Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan op de door burgemeester en wethouders daartoe bepaalde dag en tijden. Deze kunnen voor verschillende bestanddelen verschillend worden vastgesteld.

Uitvoeringsbesluit afval: Artikel 6. Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden Het college stelt de volgende regels op grond van artikel 9 van de verordening: a.

inzamelmiddelen moeten worden aangeboden op de vastgestelde inzameldag, zoals aangegeven op de gemeentelijke website en de Afvalapp;

b.

inzamelmiddelen mogen, mits goed gesloten, de avond voor de vastgestelde inzameldag vanaf 20.00 uur op de juiste

7

van verzamelcontainers niet afzonderlijk bij elke perceel ingezameld.

wijze worden aangeboden; c.

de inzamelmiddelen moeten zo spoedig mogelijk na lediging door de

5. Het college kan de frequentie van inzameling vaststellen van de overige categorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk in aangewezen delen van de gemeente bij elk perceel worden ingezameld.

inzameldienst, doch uiterlijk aan het einde van de vastgestelde inzameldag, van de weg zijn verwijderd en op het perceel van de gebruiker geplaatst worden; d.

grof huishoudelijk afval, grof tuinafval en grote elektrische en elektronische apparatuur worden op afroep ingezameld, deze categorieën mogen slechts worden aangeboden op het afgesproken tijdstip;

e.

in verband met geluidhinder mogen glasbakken alleen tussen 7.00 en 20.00 worden gebruikt;

f.

de milieustraat Wortelsteeke in Oud Gastel is geopend op dinsdag tot en met zaterdag van 08:00 uur tot 16:30 uur.

Artikel 6. Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. 2. Het verbod geldt niet voor de inzameldienst of andere aangewezen inzamelaars. 3. Het verbod geldt niet voor personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben gekregen voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen.

ARTIKEL 3. AANWIJZING VAN DE INZAMELDIENST 1. Saver N.V. is als inzameldienst belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke afvalstoffen inzamelt. ARTIKEL 4. REGULERING VAN ANDERE INZAMELAARS 1. Het is voor anderen dan de inzameldienst verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen, tenzij de inzamelaar: a. daartoe is aangewezen door burgemeester en wethouders; b. middels Uitvoeringsbesluit Afval 2023 van het verbod is vrijgesteld; of c. verplicht is tot inname, bedoeld in artikel 9.5.2, derde lid, aanhef en onderdeel b, of vierde lid, van de Wet milieubeheer. 2.

8

Artikel 7. Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden aan een ander dan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen.

Burgemeester en wethouders kunnen aan een aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, onder a, voorschriften verbinden en beperkingen stellen. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. ARTIKEL 6. ALGEMENE VERBODEN Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen: a. ter inzameling aan te bieden aan een ander dan de inzameldienst of een inzamelaar als bedoeld in artikel 4, eerste lid; b. over te dragen aan een ander dan een inzamelaar als bedoeld in artikel 4, eerste lid; of c. achter te laten op een andere plaats dan de inzamelplaats, bedoeld in artikel 5.

Artikel 8. Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan de gebruikers van percelen Het is anderen dan gebruikers van percelen verboden om huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden.

Artikel 9. Afzonderlijk ter inzameling aanbieden 1 Het is verboden om de categorieën huishoudelijke afvalstoffen zoals bepaald in artikel 3,eerste lid, anders dan afzonderlijk ter inzameling aan te bieden. 2. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen aan te bieden aan anderen dan de krachtens artikel 2 aangewezen inzameldienst en andere inzamelaars. 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor de bij nadere regels aan te wijzen categorieën van personen. 4. Het in het tweede lid gestelde verbod geldt niet voor het aanbieden van categorieën huishoudelijke afvalstoffen aan personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht

ARTIKEL 8. GESCHEIDEN AANBIEDING 1. Het is verboden de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in artikel 1 van het Uitvoeringsbesluit Afval, anders dan afzonderlijk: a. ter inzameling aan te bieden; b. achter te laten op een inzamelplaats als bedoeld in artikel 5. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen. Deze regels kunnen voor categorieën van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van het verbod, bedoeld in het eerste lid.

9

hebben gekregen voor die categorieën huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 10. Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen 1. Het is de gebruiker van een perceel, voor wie krachtens artikel 4, eerste lid een inzamelmiddel of inzamelvoorziening is aangewezen, verboden de huishoudelijke afvalstoffen anders aan te bieden dan via het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening of het betreffende brengdepot. 2. Het is verboden andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen via een inzamelmiddel of inzamelvoorziening aan te bieden, dan de categorie waarvoor dit inzamelmiddel of deze inzamelvoorziening krachtens artikel 4, eerste lid, is bestemd. 3. Het college kan regels stellen omtrent het gebruik van een van gemeentewege verstrekt inzamelmiddel. 1. Het college kan regels stellen omtrent de plaats en wijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moeten worden aangeboden. 2. Het college kan categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanwijzen die zonder inzamelmiddel ter inzameling kunnen worden aangeboden. 3. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere wijze ter inzameling aan te bieden dan krachtens dit artikel is bepaald.

Artikel 11. Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden 1. Het college stelt de dagen en tijden vast

ARTIKEL 10. WIJZE EN PLAATS VAN AANBIEDING 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouder te stellen regels over het gebruik van: a. een inzamelmiddelen voor het aanbieden ter inzameling bij een perceel; b. een inzamelvoorzieningen voor het aanbieden ter inzameling nabij een perceel; c. een inzamelvoorziening op wijkniveau; d. een brengdepot op lokaal of regionaal niveau. 2. Het is verboden om een inzamelmiddel na afloop van de bepaalde dag en tijden, bedoeld in artikel 9, buiten een perceel te laten staan. 3. Burgemeester en wethouders hebben in het Uitvoeringsbesluit Afval voor categorieën van percelen regels gesteld. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod inhouden. 4. Degene die een woonruimte verhuurt, is verplicht er voor te zorgen dat uit die woonruimte afkomstige huishoudelijke stoffen volgens de voorschriften van deze verordening ter inzameling worden aangeboden en is verplicht om daartoe alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd. 5. Degene die onzelfstandige woonruimte verhuurt, is verplicht er voor te zorgen dat uit die woonruimte afkomstige huishoudelijke stoffen volgens de voorschriften van deze verordening ter inzameling worden aangeboden. Aanbieding van afvalstoffen in strijd met dit artikel moet worden verwijderd. ARTIKEL 9.

TIJDSTIP VAN AANBIEDING Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan op de door burgemeester en wethouders daartoe bepaalde dag en tijden. Deze

10

waarop categorieën huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling kunnen worden aangeboden. 2. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere dagen en tijden ter inzameling aan te bieden dan krachtens het eerste lid is bepaald. Artikel 12. Het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen In afwijking van hetgeen in deze paragraaf is bepaald, kan het college regels stellen omtrent het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst of andere inzamelaars.

Artikel 13. Inzameling bedrijfsafvalstoffen door de inzameldienst Het college kan categorieën bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die door de inzameldienst worden ingezameld.

Artikel 14. Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst 1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen aan te bieden aan de inzameldienst. 2. Het verbod geldt niet voor de krachtens artikel 13 aangewezen categorieën bedrijfsafvalstoffen, voor zover degene die gebruik maakt van de inzameling door de

kunnen voor verschillende bestanddelen verschillend worden vastgesteld.

ARTIKEL 4. REGULERING VAN ANDERE INZAMELAARS 1. Het is voor anderen dan de inzame ldienst verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen, tenzij de inzamelaar: a. daartoe is aangewezen door burgemeester en wethouders; b. middels Uitvoeringsbesluit Afval 2023 van het verbod is vrijgesteld; of c. verplicht is tot inname, bedoeld in artikel 9.5.2, derde lid, aanhef en onderdeel b, of vierde lid, van de Wet milieubeheer. 2. Burgemeester en wethouders kunnen aan een aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, onder a, voorschriften verbinden en beperkingen stellen. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. ARTIKEL 11. INZAMELING BEDRIJFSAFVALSTOFFEN DOOR INZAMELDIENST Burgemeester en wethouders kunnen bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die worden ingezameld door de inzameldienst die is aangewezen op grond van artikel 3 of 4, in gevallen waarin de voor deze inzameling krachtens de “Verordening afvalstoffenheffing 2022” verschuldigde heffing is voldaan. ARTIKEL 12. AANBIEDING TER INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVALSTOFFEN Het is verboden anders dan in overeenstemming met artikel 13 bedrijfsafvalstoffen ter inzameling door de inzameldienst aan te bieden of over te dragen, of bij een inzamelplaats als bedoeld in artikel 5, achter te laten. ARTIKEL 13.

REGELING VAN INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVALSTOFFEN

11

inzameldienst voldoet aan de daarmee ontstane belastingplicht op grond van de “Verordening reinigingsrechten Rucphen” van het betreffende jaar. 3. Het college kan regels stellen omtrent de dagen, tijden, wijzen en plaatsen waarop de krachtens artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst ter inzameling kunnen worden aangeboden. 4. Het is verboden de krachtens artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in strijd met deze regels. Artikel 15. Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst 1. Het college kan regels stellen voor het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst. 2. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in strijd met deze regels.

Artikel 16. Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging 1. Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer een afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins te plaatsen op een wijze die aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu. 2. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen. 3. Het verbod is niet van toepassing op:

1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouders te stellen regels over de dagen, tijden, wijzen en plaatsen van inzameling van de krachtens artikel 11 aangewezen bedrijfsafvalstoffen. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor het aanbieden, overdragen of achterlaten van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, inhouden. ARTIKEL 13. REGELING VAN INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVALSTOFFEN 1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouders te stellen regels over de dagen, tijden, wijzen en plaatsen van inzameling van de krachtens artikel 11 aangewezen bedrijfsafvalstoffen. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor het aanbieden, overdragen of achterlaten van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, inhouden. ARTIKEL 14. DUMPINGSVERBOD 1.

Het is verboden zonder ontheffing van burgemeester en wethouders, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening; b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel

12

1. het overeenkomstig deze verordening ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen; 2. het thuis composteren van groente-, fruiten tuinafval; 3. voor zover de (afval)stoffen tijdelijk op de weg geraken of worden gebracht als onvermijdelijk gevolg van het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen dan wel het verrichten van andere werkzaamheden op of aan de weg. 4. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de Wet bodembescherming of het Besluit bodemkwaliteit voorziet in de beoogde bescherming van het milieu.

waar dit is ontstaan; c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, het Besluit bodemkwaliteit of de Omgevingswet. 3. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel. 4.

Het bepaalde in lid 3 geldt niet indien deze persoon kan aantonen, dat door hem voldoende zorg voor het milieu in acht is genomen. 5.

De zorg, bedoeld in lid 4, houdt in ieder geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen voor het milieu kunnen worden veroorzaakt, verplicht is dergelijk handelen achterwege te laten voor zover in redelijkheid kan worden gevergd, dan wel alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd teneinde die gevolgen te voorkomen of, voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. Artikel 17. Achterlaten van straatafval 1. Het is verboden straatafval in de openbare ruimte achter te laten zonder gebruik te maken van de van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. 2. Het is verboden om andere afvalstoffen dan straatafval achter te laten in daartoe van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven bakken,

ARTIKEL 14. DUMPINGSVERBOD 1. Het is verboden zonder ontheffing van burgemeester en wethouders, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of

13

manden of soortgelijke voorwerpen.

bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening; b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel waar dit is ontstaan; c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, het Besluit bodemkwaliteit of de Omgevingswet. 3. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel. 4. Het bepaalde in lid 3 geldt niet indien deze persoon kan aantonen, dat door hem voldoende zorg voor het milieu in acht is genomen. 5. De zorg, bedoeld in lid 4, houdt in ieder geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen voor het milieu kunnen worden veroorzaakt, verplicht is dergelijk handelen achterwege te laten voor zover in redelijkheid kan worden gevergd, dan wel alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd teneinde die gevolgen te voorkomen of, voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. ARTIKEL 15.

ZWERFAFVAL IN DE OPENBARE RUIMTE 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen van beperkte omvang en gewicht die zijn ontstaan buiten een perceel, achter te laten in de openbare ruimte, anders dan in daartoe bestemde afvalbakken of andere middelen ter inzameling van deze afvalstoffen.

14

2. Reclamedrukwerk, ander promotiemateriaal en de verpakking daarvan, die in weerwil van het eerste lid in de openbare ruimte wordt weggeworpen of achtergelaten, wordt terstond opgeruimd door degene die het in de betreffende omgeving onder het publiek verspreidde. 3. Het is verboden ter inzameling gereedstaande afvalstoffen of inzamelmiddelen te doorzoeken of te verspreiden, te stoten, te schoppen, omver te werpen of door deze anderszins te behandelen waardoor er zwerfaval ontstaat ARTIKEL 16. ZWERFAFVAL RONDOM INRICHTINGEN 1. Degene die een inrichting drijft waar eetof drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, draagt zorg voor de aanwezigheid in of nabij de inrichting van een voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval. 2. Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, afval of andere materialen, die kennelijk uit de inrichting afkomstig zijn of voor de inrichting zijn bestemd, binnen een straal van ten minste 25 meter van de inrichting. 3. De vorige leden gelden niet voor situaties waarin wordt voorzien door de Omgevingswet. ARTIKEL 17. AFVAL EN VERONTREINIGING OP DE WEG 1.

Het is verboden een weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994, te verontreinigen of het milieu nadelig te beïnvloeden door afvalstoffen, stoffen of voorwerpen te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten. 2. Degene die in strijd met het eerste lid de weg verontreinigt of het milieu nadelig beïnvloedt, of diens opdrachtgever, zorgt terstond na de beëindiging van de

15

werkzaamheden van die dag voor het reinigen van de weg, of zoveel eerder als nodig is om de veiligheid van het verkeer of de bescherming van het wegdek te verzekeren. ARTIKEL 18. GEEN OPSLAG VAN AFVAL IN DE OPEN LUCHT Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek waarneembare plaats in de open lucht en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan door het in overeenstemming met paragraaf 2 van deze verordening aanbieden, achterlaten of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 18. Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande afvalstoffen 1. Het is verboden afvalstoffen of inzamelmiddelen die ter inzameling gereed staan te doorzoeken en te verspreiden. 2. Het is verboden tegen afvalstoffen of inzamelmiddelen, die ter inzameling gereed staan, te stoten, te schoppen, deze omver te werpen of deze anderszins te behandelen waardoor zwerfafval ontstaat. Artikel 19. Afvalbakken in inrichtingen voor het gebruik van eet- en drinkwaren De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht: a. een afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp in of nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten; b.

zorg te dragen dat deze afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, -mand of voorwerp steeds tijdig wordt geledigd; c. zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk een uur na sluiting van de inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met het

ARTIKEL 16. ZWERFAFVAL RONDOM INRICHTINGEN 1. Degene die een inrichting drijft waar eetof drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, draagt zorg voor de aanwezigheid in of nabij de inrichting van een voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval. 2. Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, afval of andere materialen, die kennelijk uit de inrichting afkomstig zijn of voor de inrichting zijn bestemd, binnen een straal van ten minste 25 meter van de inrichting. 3. De vorige leden gelden niet voor situaties waarin wordt voorzien door de Omgevingswet.

16

toezicht op de naleving van dit artikel, in de nabijheid van de inrichting achtergebleven afval, voor zover kennelijk uit of van die inrichting afkomstig, wordt opgeruimd. Artikel 20. Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Degene die in de openbare ruimte reclamebiljetten of dergelijke of ander promotiemateriaal onder het publiek verspreidt, is verplicht deze of de verpakking daarvan terstond op te ruimen of te laten opruimen, indien deze in de omgeving van de plaats van uitreiking op de weg of een andere voor het publiek toegankelijke plaats door het publiek wordt weggeworpen.

Artikel 21. Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden 1. Het is verboden afvalstoffen, stoffen of voorwerpen zodanig te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten dat de weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig wordt beïnvloed. 2. Indien bij het laden of lossen of vervoeren van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen deze weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig worden beïnvloed, is degene die genoemde werkzaamheden verricht alsmede diens opdrachtgever verplicht deze weg te reinigen of te laten reinigen: a. direct na het ontstaan van de verontreiniging, indien de verontreiniging gevaar voor de veiligheid van het verkeer of beschadiging van het wegdek oplevert; b. direct na beëindiging van de

ARTIKEL 15. ZWERFAFVAL IN DE OPENBARE RUIMTE 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen van beperkte omvang en gewicht die zijn ontstaan buiten een perceel, achter te laten in de openbare ruimte, anders dan in daartoe bestemde afvalbakken of andere middelen ter inzameling van deze afvalstoffen. 2. Reclamedrukwerk, ander promotiemateriaal en de verpakking daarvan, die in weerwil van het eerste lid in de openbare ruimte wordt weggeworpen of achtergelaten, wordt terstond opgeruimd door degene die het in de betreffende omgeving onder het publiek verspreidde. 3. Het is verboden ter inzameling gereedstaande afvalstoffen of inzamelmiddelen te doorzoeken of te verspreiden, te stoten, te schoppen, omver te werpen of door deze anderszins te behandelen waardoor er zwerfafval ontstaat.

17

werkzaamheden, indien de verontreiniging geen gevaar oplevert; c. indien de werkzaamheden langer dan een dag duren, elke dag direct na beëindiging van de werkzaamheden. Artikel 22. Verbod opslag van afvalstoffen 1. Het is verboden afvalstoffen op voor het publiek toegankelijke plaatsen in de open lucht en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben. 2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod. 3. Het verbod is niet van toepassing op het overdragen of ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 23. Afgifte autowrakken afkomstig uit huishoudens Het is de eigenaar of kentekenhouder verboden zich te ontdoen van een autowrak, dat afkomstig is van een huishouden, anders dan door afgifte aan inrichtingen, genoemd in artikel 6 van het Besluit huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 24.

Strafbepaling Een gedraging in strijd met de volgende artikelen is een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder 3o, Wet op de economische delicten: Artikel 6 Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing Artikel 7 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Artikel 8 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door

ARTIKEL 18. GEEN OPSLAG VAN AFVAL IN DE OPEN LUCHT Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek waarneembare plaats in de open lucht en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan door het in overeenstemming met paragraaf 2 van deze verordening aanbieden, achterlaten of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen.

ARTIKEL 19. ONTDOEN VAN AUTOWRAKKEN Het is verboden zich te ontdoen van een autowrak dat afkomstig is van een perceel, anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken. ARTIKEL 21. STRAFBARE FEITEN Overtreding van het bij of krachtens de artikelen 4, 7, 8 tot en met 19 bepaalde en de daarbij gegeven voorschriften en beperkingen, is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3, van de Wet op de economische delicten.

18

anderen dan de gebruikers van de percelen Artikel 9 Afzonderlijk ter inzameling aanbieden Artikel 10 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Artikel 11 Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden Artikel 14 Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafval aan de inzameldienst Artikel 15 Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst Artikel 16 Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging Artikel 17 Achterlaten van straatafval Artikel 18 Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande afvalstoffen Artikel 19 Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren Artikel 20 Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal

Artikel 21 Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden Artikel 22 Verbod opslag afvalstoffen Artikel 23 Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden Artikel 25. Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het

ARTIKEL 22. TOEZICHTHOUDERS Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening

19

bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen ambtenaren.

zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, danwel krachtens hoofdstuk 18 van de Omgevingswet, door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13075070/2