CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

10a Beleidsplan OVL 2023-2027 def (002)

gemeenteraad 8 maart 2023, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen Beleidsplan Openbare Verlichting 2023-202712.154 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

*

Beleidsplan

Openbare verlichting 2023 - 2027

Duurzaam & leefbaar

Versie: 2.6 Datum: 01-02-2023

1

Voorwoord Beste Lezer,

Voor u ligt het beleidsplan openbare verlichting, Duurzaam en Leefbaar. Een beleidsstuk waarin wij de ambitie hebben vastgelegd omtrent openbare verlichting voor de komende jaren. De afgelopen jaren is er op het gebied van openbare verlichting veel ontwikkeling geweest. Openbare verlichting is een basisvoorwaarde voor het inrichten van de openbare ruimte. In dit beleidsstuk conformeren wij ons als gemeente zoveel mogelijk aan de opgaves omtrent klimaat en duurzaamheid. Licht is een belangrijp aspect in de openbare ruimte. De komende beleidsperiode wordt gekenmerkt nog meer verduurzamen. Samen met de verschillende disciplines die invloed hebben op de openbare ruimte proberen wij met licht zoveel mogelijk aan te sluiten op de wensen en behoeftes van onze bewoners. De gekozen kaders binnen de openbare verlichting zijn een combinatie van wensen en ideeën van onze bewoners en vakkennis binnen onze gemeente. Het bundelen van deze ideeën zorgt voor een openbare ruimte die past binnen onze gemeente. Ik kijk uit naar een licht(er) perspectief Martijn Gijzen Wethouder Fysieke leefomgeving

2

Inhoudsopgave Voorwoord 1 INLEIDING

04

2 WAAR MOETEN WIJ REKENING MEE HOUDEN?

07

3 WAT HEEFT RUCPHEN AAN OPENBARE VERLICHTING?

22

4 WAT WIL RUCPHEN?

32

5 HOE GAAN WE DIT BEREIKEN

50

6 Conclusie en aanbevelingen

56

2.1 Landelijke beleidskaders ................................................................................................. 07 2.2 Regionale beleidskaders................................................................................................... 18 2.3 Gemeentelijke kaders ........................................................................................................ 19 3.1 Leeftijdsopbouw …………………………………………………………………. ........................................... 24 3.2 Areaalopbouw naar type ..................................................................................................28

4.1 Ambitie en visie ...................................................................................................................32 4.2 Beleidsregels Rucphen...................................................................................................... 34 Scenario 1: 20-40........................................................................................................................... 52 Scenario 2: 25-50 ..........................................................................................................................54

Bijlagen

Bijlage 1 Gebiedsverdeling gemeente Rucphen .............................................................. 58 Bijlage 2 Uitgangspunten berekening financiële doorrekening ........................... 64 Bijlage 3 Gebruikte lampen .....................................................................................................67 Bijlage 4 Type materialen gerelateerd a/d functie van de weg................................ 70 Bijlage 5 SLEEC.............................................................................................................................72 Bijlage 6 CROW beeldkwaliteit ..............................................................................................73 Bijlage 7 Smart lighting ............................................................................................................76 Bijlage 8 SER Energieakkoord voor duurzame groei.................................................... 79

3

01 INLEIDING De gemeente Rucphen bestaat uit vijf kerkdorpen gelegen in regio WestBrabant. De A58 loopt door het noordwesten van de gemeente. Rucphen is een groene gemeente; een vijfde van haar grondgebied wordt bedekt door bossen en heide. Tussen Rucphen, Sprundel en SintWillebrord bevindt zich het gebied De Binnentuin. Dit gebied omvat meerdere sportaccommodaties. Als gemeente Rucphen vinden wij het belangrijk dat Rucphen een aantrekkelijke woongemeente is. De openbare ruimte is hier een belangrijk onderdeel van. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeente om te zorgen dat de buitenruimte goed verlicht is tijdens de avond en nacht om zo een bijdrage te leveren aan de sociale- en verkeersveiligheid. Maar ook de betrouwbaarheid van de openbare verlichting is hierbij van groot belang. Vaak wordt de openbare verlichting als “vanzelfsprekend” ervaren door burgers en functioneert deze altijd. Daarom richt Rucphen zich op een openbare verlichtingsinstallatie met een maximale beschikbaarheid. Het is noodzakelijk dat uitval van installatiedelen of storingen (lampuitval) tot een minimum wordt beperkt .

4

Naast een goede bijdrage aan de veiligheid en beschikbaarheid, is het ook belangrijk dat de openbare verlichting een rol gaat spelen op het gebied van duurzaamheid. Duurzaamheid betekent in het geval van openbare verlichting, het verstandig omgaan met natuurlijke hulpbronnen en het milieu. Openbare verlichting kan negatieve effecten hebben op onze flora en fauna. Er dient een goede afweging te worden gemaakt waar wel en waar niet te verlichting, zolang de veiligheid niet in gevaar komt. Daarnaast dient niet-noodzakelijke productie van nieuwe masten en armaturen zoveel mogelijk te worden voorkomen. Bij het opstellen van dit beleid is rekening gehouden met de gestelde landelijke, regionale en gemeentelijke beleidskaders. Binnen de landelijke beleidskaders wordt de verantwoordelijkheid van de gemeente beschreven in relatie tot wat er in de wet is bepaald. Naast de wet zijn er een verscheidene richtlijnen meegenomen bij het opstellen van dit beleidsplan. Deze komen later aan bod.

01

Aanleiding

Doelstelling

De aanleiding voor het opstellen van dit beleidsplan is het verlopen van het vorige beleidsplan, periode 2015-2020. Gezien de snelle ontwikkelingen van de laatste jaren is dit vorige beleidsplan inmiddels gedateerd. Wij als gemeente zien dit als het juiste moment om onze vernieuwde beleidskaders op te stellen. Voor de openbare verlichting is de ambitie met name gericht op functionaliteit, duurzaamheid en betrouwbaarheid.

Ons doel is om onze openbare verlichting dusdanig efficiënt in te richten dat het bijdraagt aan de sociale en verkeersveiligheid en tevens zorgdraagt voor de juiste beleving in de donkere uren. Daarnaast is ons doel om met openbare verlichting een bepaalde kwaliteit uit te stralen aan inwoners en bezoekers van de gemeente. Hierbij is aandacht voor verlichten op maat. De doelstelling van dit beleidsplan is om (d.m.v. kaders) een handreiking te bieden hoe om te gaan met de openbare verlichting in verschillende situaties.

5

01 Leeswijzer Om u als lezer structuur te bieden bij het lezen van dit beleidsplan is een onderverdeling gemaakt in zes hoofdstukken. Hoofdstuk 1 staat geheel in het teken van de aanleiding en het doel van dit beleidsplan. Hoofdstuk 2 geeft antwoord op de vraag wat de gemeente moet. In dit hoofdstuk worden de (wettelijke) beleidskaders voor openbare verlichting benoemd en beschreven. In hoofdstuk 3 wordt de huidige stand van zaken in Rucphen ten aanzien van de openbare verlichting uiteengezet. Met de voorgaande hoofdstukken als uitgangspunt, is hoofdstuk 4 gebruikt om de uiteindelijke beleidsregels van Rucphen te formuleren. Na het vaststellen van de beleidsregels, wordt in hoofdstuk 5 inzicht gegeven in wat er nodig is om het beschreven beleid uit te kunnen voeren. Het financieel kader en het gekozen uitvoeringsscenario geven een visie op benodigdheden om tot invoering van het beleid te kunnen komen. De resterende documentatie bestaat uit diverse bijlagen die ter ondersteuning van de hoofdstukken 3 t/m 5 dienen.

6

02

WAAR MOETEN WIJ REKENING MEE HOUDEN? Openbare verlichting heeft veel raakvlakken met overige beleidsgebieden. Natuurlijk is er een sterke samenhang met het weg- en groenbeleid, maar bijvoorbeeld ook met duurzaamheid en veiligheid. Verder is niet alleen lokaal beleid relevant, maar ook regionaal en landelijk beleid spelen een rol en zorgen voor kaders. Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de relevante externe en interne beleidskaders en de wijze waarop deze invloed hebben op de openbare verlichting binnen onze gemeente. Daarmee geeft dit hoofdstuk antwoord op de vraag “Waar moeten wij rekening mee houden?”

2.1Landelijke beleidskaders Verantwoordelijkheid Op basis van het Burgerlijk Wetboek kan onze gemeente verantwoordelijk worden gesteld voor schade die wordt opgelopen op de openbare weg. Dit wanneer deze weg, inclusief de openbare verlichting, niet voldoet aan de eisen die redelijkerwijs aan de openbare weg in de gegeven omstandigheden mag worden gesteld. Hierbij kan worden teruggegrepen op art. 6:162 BW; schuldaansprakelijkheid en art. 6:174 risicoaansprakelijkheid. Onder dit recht is de schuldverantwoordelijkheid omgezet in een risicoaansprakelijkheid. Dat wil zeggen dat de weggebruiker niet meer de schuld van de wegbeheerder (de gemeente Rucphen) hoeft aan te

tonen, maar slechts de gevaarlijke toestand van de weg (uitrusting) en het daardoor intreden van het gevaar. De nieuwe bepaling zal een snellere aansprakelijkheid van de gemeente als wegbeheerder met zich meebrengen dan voordien het geval was. Wettelijk is niet vastgelegd aan welke kwaliteit de openbare verlichting moet voldoen, maar justitie hanteert op dit moment als enig houvast de Aanbevelingen voor Openbare Verlichting, uitgegeven door de NSVV (Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde). Een wegbeheerder is vrij om af te wijken van de aanbevelingen mits dit is onderbouwd en beleidsmatig is vastgelegd.

Richtlijnen openbare verlichting De Nederlands Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV) heeft voor de openbare verlichting diverse richtlijnen en aanbevelingen opgesteld. Deze richtlijnen en aanbevelingen gelden als vertrekpunt bij de toepassing van verlichting in de openbare ruimte. De NSVV heeft in combinatie met de NEN in januari 2017 de Nederlandse Praktijk

Richtlijn (NPR13201-2017) gepubliceerd en uitgebracht. Deze publicatie dient als vervanging van de NPR13201-1:2002 en Ontwerp NPR 13201:2016. Tevens vervalt met het uitbrengen van de nieuwe richtlijn de tijdelijke richtlijn genaamd ROVL-2011 welke na uitkomst als standaard richtlijn in Nederland werd gehanteerd.

7

02 Doel van de openbare verlichting Verkeersveiligheid

Sociale veiligheid

Vlotte en veilige afwerking van het verkeer.

Veilig gevoel voor de inwoner

Verlichting op gevaarlijke punten

Gelijkmatigheid van verlichting

Verminderen van risicoaansprakelijkheid

Voldoende lichtsterkte

Ruimtelijke inrichting

Duurzaamheid

Sfeer door lichtkleur

Energiebesparing

Sfeer door vormgeving

Verminderen CO2 uitstoot

Kwaliteit van de openbare verlichting Figuur 2 1: Schematische weergave doelen openbare verlichting

Bij het implementeren van de Nederlandse Praktijk Richtlijn voor openbare verlichting (NPR13201-2017) binnen de gemeente en de uitvoering van beleid is het van belang dat een goed onderbouwde keuze wordt gemaakt voor wat betreft het wel of niet verlichten en de wijze waarop verlicht wordt. Deze integrale afweging maakt Rucphen op basis van de volgende functies, waarbij duurzaamheid vanwege relevantie meegenomen wordt in deze functieopsomming:

De Gemeente Rucphen hanteert de NPR13201-2017 als uitgangspunt. In nieuwe situaties (uitbreiding/vervanging) dient hieraan te worden voldaan. Op het gebied van verticale verlichtingssterkte streven wij naar klasse B (0,5 lux minimaal) voor nieuwe situaties (uitbreiding/vervanging). In bestaande situaties is de streefwaarde klasse A (0,3 lux minimaal). Het aanpassen van bestaande situaties kan (economisch) niet haalbaar of zeer kostbaar zijn en overbodig aanvoelen wanneer er geen klachten worden ervaren.

8

02 Verkeersveiligheid Onder verkeersveiligheid wordt een veilige en vlotte afwikkeling van het verkeer verstaan. Op de openbare wegen is zicht de belangrijkste waarnemingsfactor om ons veilig te kunnen verplaatsen. In het donker wordt een groot deel van dit zicht beperkt. Deels wordt dit gecompenseerd door de verlichting van bijvoorbeeld auto’s of fietsers, maar deze verlichting is niet altijd voldoende voor een veilig gebruik van de weg. Zonder openbare verlichting kan de weggebruiker

namelijk vaak niet verder kijken dan het bereik van de koplampen. Om ook in het donker te kunnen anticiperen op het overige wegverkeer, vooral in een druk gebied, kan onder andere openbare verlichting helpen bij het vergroten van de verkeersveiligheid. De openbare verlichting is dus van invloed op de verkeersveiligheid bij duisternis. De verkeersdeelnemers moeten het verloop van de weg, de aanwezigheid van zijwegen, overige weggebruikers en eventuele obstakels kunnen waarnemen.

Sociale veiligheid Openbare verlichting heeft invloed op het veiligheidsgevoel van de gebruikers van de openbare ruimte. Een slecht verlichte omgeving, waarin weinig overzicht is, wordt als onveilig ervaren. Het tegenovergestelde is ook waar als de omgeving goed is verlicht. Een goed verlichte omgeving maakt iets of iemand herkenbaar. Openbare verlichting biedt dus ook sociale veiligheid.

Dat openbare verlichting resulteert in meer sociale veiligheid geldt echter niet altijd. De mate van objectieve sociale veiligheid wordt voornamelijk bepaald door de aanwezigheid van behulpzame medemensen. Het verbeteren van de sociale veiligheid met behulp van openbare verlichting kan daarom enkel daar waar bijvoorbeeld ook woningen direct langs de weg staan of waar een intensief gebruik van de openbare ruimte plaatsvindt. Zonder deze sociale controle levert het verlichten van een openbare ruimte enkel schijnveiligheid op.

De gemeente Rucphen wil schijnveiligheid in de openbare ruimte voorkomen. Wij kiezen er daarom voor om de openbare ruimte die intensief gebruikt wordt te verlichten. Dit geldt ook voor doorgaande routes door parken en voor speelplaatsen

9

02 Ruimtelijke inrichting en leefbaarheid Het passend gebruik van openbare verlichting versterkt het karakter van de openbare ruimte. Het plaatsen van klassieke lantaarns draagt bij aan de historische uitstraling van de omgeving. Het illumineren van karakteristieke of monumentale gebouwen verbetert de beleving van de openbare ruimte in het donker. De kleur van het licht

speelt hierbij een grote rol. Zo levert verlichting met een warme (geel licht) uitstraling een gezelligere ruimte op dan verlichting met een koude (wit/blauw licht) uitstraling. Daarentegen wordt helder wit licht vaak als veilig en prettig ervaren. De keuze in lichtkleur kan per situatie bepaald worden.

Duurzaamheid Openbare verlichting is een belangrijke factor in het totale energieverbruik van gemeenten. Het verduurzamen van de openbare verlichting binnen gemeente Rucphen leidt tot een grote stap in de verduurzaming van de gehele gemeente. Gemiddeld gaat circa 50% van het energieverbruik binnen een gemeente naar de openbare verlichting. Door te investeren in energiezuinige alternatieven zijn besparingen tot wel 40% op het energieverbruik van de openbare verlichting realiseerbaar. Hiermee wordt de belasting van het milieu beperkt door de CO2-uitstoot terug te dringen. B e h a l v e d e besparing op energiekosten wordt ook duurzaam omgegaan met materiaal, bijvoorbeeld door hergebruik van grondstoffen.

Daarnaast is ook de invloed van verlichting op de natuur beïnvloedbaar. Dit vindt plaats door waar mogelijk niet actief te verlichten maar op basis van de ‘Richtlijn voor Actieve Markering’ (NSVV 2014) maatregelen toe te passen. Actieve markering is een markering in het wegdek die zelf licht geeft, op basis van praktijkervaring worden handvatten geboden voor het toepassen van actieve markering. Actieve markering kan een oplossing bieden in gebieden waar reguliere openbare verlichting niet gewenst is zoals in natuurgebieden.

Het beleid voor de openbare verlichting draagt dus bij aan het verlagen van de milieudruk en het energieverbruik.

De Gemeente Rucphen plaatst in het buitengebied enkel oriëntatieverlichting. Lichtpunten verminderen of vervangen door actieve markering wordt om deze reden niet toegepast.

10

02 Lichthinder Eveneens in 2014 heeft de NSVV nieuwe ‘Richtlijn Lichthinder’ gepubliceerd. Hierin zijn 5 eerdere richtlijnen over lichthinder samengevoegd, geactualiseerd en aangevuld. Met deze richtlijn wordt beoogd om een stap te zetten richting evenwicht tussen natuur, mens en techniek. Voor nieuwe installaties en bestaande installaties die voorzien worden van een groter aantal en/of nieuwe types armaturen, zijn sinds 1 november 2021 de nieuwe grenswaarden voor maximaal toegestane waarden voor de lichtemissie van armaturen definitief.

Lichthinder wordt niet alleen veroorzaakt door de openbare verlichting, zoals te zien in Figuur 2.2 zijn er tal van andere aspecten die invloed hebben op het licht in de openbare ruimte. Het is wel van belang hier rekening mee te houden bij de vervanging van bestaande verlichtingsinstallaties. Gebeurt dit niet, maar wordt er wel voldaan aan de grenswaarden van openbare verlichting, dan kan het er nog steeds lichthinder optreden. Lichthinder is te voorkomen door te voldoen aan onderstaande grenswaarden. In tabel 2-1 zijn de grenswaarden vastgelegd voor de maximaal toegestane waarden dit ter voorkoming van lichthinder voor omwonenden.

Figuur 2 2: Lichthinder kan ontstaan door verschillende toepassingen van lichtbronnen. NSVV beschrijft deze verschillen als toepassingsgebieden (bron: NSVV, Richtlijn Lichthinder, 2020).

11

02 De gemeente Rucphen conformeert zich voor wat betreft hinder ondervonden door de openbare verlichting aan de richtlijn lichthinder. Hierbij zullen de grenswaarde voor de maximale verticale verlichtingssterkte op een relevant geveldeel overgenomen worden. Voor wat betreft de grenswaarden voor de maximale lichtsterkte in de richting van omwonenden zal de gemeente praktisch blijven ontwerpen en actie ondernemen waar nodig. Hierbij hanteert de gemeente de waarden toegekend aan Natuurgebied (E1) voor natuurgebieden; Landelijk gebied (E2) voor buitengebieden, met uitzondering van conflictzones (deze punten ter attentie verlichten); Stedelijk gebied (E3) voor parken; en Stedelijk gebied (E3) en Stadscentrum/Industriegebied (E4) voor de overige gebieden. Klachten over lichthinder openbare verlichting worden individueel behandeld in relatie tot deze richtlijn.

Tabel 2-1: Grenswaarden voor de maximale verlichtingssterkte ter voorkoming van lichthinder van omwonenden (Tabel 7.1 in de ‘Richtlijn Lichthinder’).

12

02 Werkgeversverantwoordelijkheid Openbare verlichting is een elektrotechnische installatie, om die reden hebben we te maken met zowel de NEN-1010 als de NEN-3140. Waar de eerstgenoemde de veiligheid van de laagspanningsinstallatie beschrijft geeft de laatstgenoemde aan hoe je hier bedrijfsmatig veilig mee om moet gaan. Dé norm voor elektrotechnische laagspanningsinstallaties in woningen, gebouwen en infrastructuur is de NEN1010 ‘Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties’. Deze norm heeft betrekking op het veilig aanleggen van nieuwe installaties, maar ook op aanpassingen aan bestaande installaties.

De NEN-3140 ‘Bedrijfsvoering van elektrische installaties Laagspanning’ is van toepassing op de bedrijfsvoering van elektrotechnische laagspanningsinstallaties in woningen, gebouwen en infrastructuur. Deze norm beschrijft het veilig werken aan en met deze installaties. Het wordt juridisch gezien als de sterkste methode om aantoonbaar te voldoen aan de eisen in het Arbobesluit met betrekking tot veilig werken aan en met de genoemde installaties. Het overgrote deel (99,9%) van het elektriciteitsnet voor openbare verlichting binnen de gemeente Rucphen is aangesloten op het netwerk van Enexis.

Het overgrote deel van de openbare verlichting binnen de Gemeente Rucphen is aangesloten op het netwerk van Enexis. Aan de verschillende aannemers die aan de elektrotechnische installaties werken wordt gevraagd om, in het kader van de NEN 3140, de juiste bevoegdheden aan te tonen.

13

02 Wet Natuurbescherming Sinds 1 januari 2017 is de ‘Wet Natuurbescherming’ van kracht. Deze wet vervangt de ‘Natuurbeschermingswet’ van 1998, de ‘Boswet’ en de ‘Flora- en Faunawet’. De ‘Wet Natuurbescherming’ voorziet in de bescherming van planten- en diersoorten en kan daarmee uiteenlopende gevolgen hebben voor de Gemeente Rucphen. Als aangetoond kan worden dat verlichting verstorend is voor bepaalde soorten kan op basis van deze wet worden besloten dat de lichtbron aangepast of verwijderd moet worden. Naast de ‘Wet Natuurbescherming’ heeft Nederland de ‘Europese Vogel- en Habitatrichtlijn’ geïmplementeerd in de wetgeving. Deze richtlijn voorziet in de bescherming van leefgebieden van verschillende planten diersoorten. De aangewezen Vogelen Habitatrichtlijngebieden genieten een speciale bescherming, waardoor projecten met gevolgen voor een dergelijk gebied moeten worden getoetst aan bepaalde eisen. Uit wetenschappelijk onderzoek komen sterke bewijzen naar voren dat de openbare verlichting in het buitengebied en natuurgebieden schadelijke gevolgen

heeft op flora en fauna populaties (o.a. Molenaar, 2003). Kunstmatige verlichting kan nadelige gevolgen hebben voor de voortplanting, oriëntatie, het biologische ritme, seizoenmigratie, versnippering van leefgebieden en het ongeschikt raken van foerageergebieden voor fauna soorten. De toetsing van dit aspect is dan ook noodzakelijk binnen de omschreven richtlijngebieden. Verlichting in ‘groenzones’ binnen de bebouwde kom dient ook zoveel mogelijk te worden beperkt. Een goed lichtontwerp en het bewust wel of niet verlichten is hierbij doorslaggevend. Het goed afstemmen van de verlichting op het gebruik en het afschermen richting de natuur kan een belangrijke bijdrage leveren aan natuurbescherming en behoud van biodiversiteit. Vanuit deze gedachte is het raadzaam om in de natuur- en groenzones in onze gemeente te overwegen om verlichting weg te laten, aan te passen of te vervangen door afgeschermde verlichting, te kiezen voor automatisch dimmende lichtbronnen of voor andere ecologisch verantwoorde mogelijkheden.

Gemeente Rucphen beschikt over de natuurzone Rucphense Bossen, waar terughoudendheid met licht het uitgangspunt is. Uitbreiding van de openbare verlichting in deze gebieden is niet gewenst. Tevens dient altijd, conform de ‘Wet Natuurbescherming’, de openbare verlichting (binnen en buiten bebouwde kom) niet storend te zijn voor flora en fauna en zal dit conform de wet worden gehandhaafd. Binnen de gemeente Rucphen verlichten wij de parken in principe niet. Enkel belangrijke doorgaande routes door parken of naar openbare ruimtes.

14

02 Milieucriteria voor Maatschappelijk Verantwoord Inkopen Op 22 januari 2021 heeft het Rijk het nieuw nationaal plan Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI), genaamd ‘Opdrachtgeven met ambitie’, inkopen met impact gepresenteerd. De minimumeisen als opgenomen in het milieucriteriadocument gelden als ondergrens. Naast minimumeisen zijn standaard gunningscriteria opgenomen in het document. De standaard gunningcriteria kunnen worden

toegepast om de ambitie te verhogen en duurzaamheid verder te bevorderen. Voorgaande in lijn met de doelstellingen uit de Aanbestedingswet om zoveel mogelijk maatschappelijke waarde te creëren. Elke inkoop en aanbesteding is echter maatwerk. Het opstellen van een aanbestedingsdocument blijft dan ook de verantwoordelijkheid van de inkoper en daarmee ook voor onze gemeente.

Nederland circulair in 2050 In 2016 is het Rijksbrede programma ‘Nederland Circulair in 2050’ ingericht. De overheid werkt hierin samen met het bedrijfsleven, kennisinstituten natuuren milieuorganisaties, overheden, vakbonden, financiële instellingen en andere maatschappelijke organisaties om zuiniger en slimmer met grondstoffen om te gaan. Het kabinet heeft drie doelstellingen geformuleerd om de Nederlandse economie zo snel mogelijk circulair te maken:

Gemeente Rucphen conformeert zich aan de doelstellingen qua Milieucriteria bij inkoop en gericht op circulariteit. Deze doelstellingen beïnvloeden de keuzes die ze maakt op het gebied van openbare verlichting.

15

02 Huidige Criteria gemeente Rucphen Als we kijken naar het totaal elektrische energieverbruik van gemeente Rucphen, dan zien we dat we sinds 2019 al een flinke inhaalslag hebben gemaakt. In 2019 verbruikte Rucphen nog ca. 62,1 kWh/m² tegenover een landelijk gemiddelde van zo’n 49,2 kWh/m². In 2021 was het totaal elektrische energieverbruik nog maar ca. 32,2 kWh/m² tegenover zo’n 40,2 kWh/m² gemiddeld in Nederland. In 2021 zat de gemeente Rucphen hiermee dus onder het landelijk gemiddelde. Kijken we naar de omliggende gemeenten dan zien we de volgende prestaties in 2021 (meest recent beschikbare cijfers): • • • •

Roosendaal: Halderberge: Etten-Leur: Zundert:

28,4 kWh/m² 37,9 kWh/m² 40,4 kWh/m² 41,6 kWh/m²

(Bron: Waar staat je gemeente van de VNG)

16

02 2.2 Regionale beleidskaders Brabants Verkeersveiligheidsplan 2020-2024 Verkeersveiligheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Samen met Brabantse gemeentes is het ‘Brabantse Verkeersveiligheidsplan 2020-2024’ opgesteld. Dit veiligheidsplan heeft als doel het verhogen van de bewustwording van het gedrag van de weggebruiker. De gemeente stimuleert gedragsbeïnvloeding van verkeersdeelnemers . Dat kan door het nemen van fysieke maatregelen, maar ook door weggebruikers bewust te maken van hun verkeersgedrag in de eigen omgeving. Kwetsbare verkeersdeelnemers, waaronder fietsers, verdienen bescherming. De gemeente betrekt de positie van deze kwetsbare verkeerdeelnemer bij de voorbereiding van plannen voor de inrichting van de openbare ruimte.

De gemeente Rucphen kiest er voor om kruispunten, T-splitsingen en soortgelijke conflictzones in natuurgebieden (E1) en buitengebieden (E2) te verlichten ter attentie. Voor het verhogen van de veiligheid bij voetgangersoversteekplaatsen en scholen kan er bijvoorbeeld gekozen worden voor het aanbrengen van zogenaamde Zebrasafes op diverse plaatsen. Deze Zebrasafes zijn zebrapaden met verlichting om zo de veiligheid bij het oversteken te verhogen.

De gemeente Rucphen kiest er voor om recreatieve fietspaden niet te verlichten. Hoofdfietsroutes worden wel voorzien van verlichting. De verlichting wordt aangepast aan het profiel, zoals van een vrijliggend fietspad, maar kan ook mee worden verlicht met naastgelegen rijbanen. Op het fietspad aan de Rucphenseweg wordt sensortechniek toegepast, het licht alleen aan bij aanwezigheid van fietsers.

17

02 2.3 Gemeentelijke kaders Rucphen heeft het beheer van de openbare verlichting ondergebracht bij de afdeling Beheer en Ruimtelijke Ontwikkeling. Deze afdeling heeft op het gebied van beheer en onderhoud en de aanleg van nieuwe installaties een coördinerende rol; in de toekomst blijft dit ook zo. Openbare verlichting heeft onlosmakelijk raakvlakken met andere beleidsgebieden van de gemeente zoals groen, wegen, kabels en leidingen, reclame en ruimtelijke ordening. Het is essentieel dat de juiste medewerkers tijdig betrokken worden bij projecten binnen de openbare ruimte. Een aantal gemeentelijke beleidsstukken schrijven specifiek over raakvlakken met de openbare verlichting. Het is van belang om deze raakvlakken inzichtelijk te houden door hier in dit beleidsplan verder op in te gaan.

Boombeleid Rucphen heeft een groen imago wat wordt gewaardeerd en moet worden gekoesterd. In het boombeleid worden de kaders gesteld om de groenstructuur binnen de gemeente goed te beheren. Middels het boombeleid streven wij de komende jaren naar een duurzame ontwikkeling van het bomenbestand. Hierbij is ons uitgangspunt het vergroten van de biodiversiteit en klimaat adaptief maken van onze gemeente. Het goed beheer en de focus op de kwaliteit van groen binnen de gemeente heeft invloed op het beleid aangaande openbare verlichting. Openbare verlichting kan namelijk hinder ondervinden van bomen als het gaat om het lichtbeeld, lichtkwaliteit en afscherming van licht. Naast het negatief beïnvloeden van het lichtbeeld, kunnen hierdoor onveilige situaties ontstaan. Daarnaast kan het groen hinder

18

ondervinden van werkzaamheden aan de openbare verlichting als het gaat om het vervangen of leggen van bijvoorbeeld voedingskabels. Een goede afstemming tussen deze vakdisciplines is daarmee van essentieel belang. Het uitgangspunt is om in gebieden met veel groen zo terughoudend mogelijk te zijn met kunstmatig licht. In gevallen waar wel licht gewenst of benodigd is dient licht op maat ontworpen te worden. In nieuwe plannen wordt de inrichting van de ruimte en het aanwezige groen zoveel mogelijk afgestemd in relatie tot de openbare verlichting. Bestaande conflicten tussen groen en openbare verlichting worden incidenteel per situatie bekeken, waarna er naar passende maatregelen wordt gezocht. Een dergelijke maatregel kan bijvoorbeeld zijn het gericht verwijderen van takken.

02 Duurzaamheidsvisie Openbare verlichting is een belangrijk onderdeel binnen de duurzaamheidsvisie, die door de gemeente Rucphen is vastgesteld in 2019. Bij duurzaamheid wordt ingestoken op het verlagen van het elektriciteitsverbruik en daar aan gerelateerd de CO2 uitstoot, maar ook op het duurzaam afvoeren van afval en het verlagen van grondstoffengebruik. Rucphen neemt dan ook haar verantwoordelijkheid waar het gaat om energiebesparing en verduurzaming van het eigen vastgoed. Zoals ook beschreven in de duurzaamheidsvisie, vervangt de gemeente verlichting reeds door ledverlichting en verlicht i n het buiten- en natuurgebieden enkel ter oriëntatie (conflictpunten). Daarnaast beschrijft dezelfde visie het toepassen van slimme openbare verlichting.

Binnen de openbare verlichting kennen we twee methodes van dimmen: dimmen op vaste tijdstippen via een dimschema (statisch) en dimmen via sensoren en communicatietechnologieën (dynamisch). Momenteel maakt de gemeente enkel gebruik van statisch dimmen (op vastgestelde tijdstippen de verlichting dimmen). De economische levensduur van masten is over het algemeen bepaald op 40 jaar en van armaturen op 20 jaar. Het afvoeren van de masten en armaturen dient op een milieuvriendelijke wijze te gebeuren. Technisch gezien zijn deze masten en armaturen echter niet altijd aan het einde van hun levensduur. Voor de masten is het mogelijk om een meting uit te laten voeren om de sterkte (veiligheid) te bepalen om te beoordelen of de mast technisch gezien nog langer in gebruik kan blijven. Bij armaturen is een visuele inspectie mogelijk, maar is de te verlengen levensduur lastig vast te stellen.

Visie Zonne- en Windenergie De visie Zonne- en Windenergie geeft inzicht in hoe de gemeente Rucphen de energievoorziening van de toekomst wenst in te vullen. Bij inkoop voor het eigen gebruik is duurzaamheid van stroom een van de criteria bij keuze van de leverancier.

19

02 Reclamebeleid Het reclamebeleid is opgesteld om een kwalitatief verzorgd straatbeeld te behouden en wildgroei aan reclame-uitingen te voorkomen. Net als bij de openbare verlichting kan reclame resulteren in (licht)hinder en overlast in zowel het verkeer als het landschap en welstand.

Uitwegenbeleid In het uitwegenbeleid van gemeente Rucphen is de aanvraag omgevingsvergunning voor uitwegen opgenomen, hierbij is een eenvoudig toetsingskader opgenomen. Dit toetsingskader bevat onder andere de vraag of het verplaatsen van lichtmast(en) mogelijk is en of daarna eventueel aanpassing benodigd is om

20

een verslechtering van de bruikbaarheid van de weg te voorkomen. Bij een dergelijke aanpassing is het van belang dat de beleidsregels omtrent openbare verlichting, zoals omschreven in dit beleid, worden nageleefd.

03

WAT HEEFT RUCPHEN AAN OPENBARE VERLICHTING? Om dit beleidsplan in het juiste perspectief te kunnen beschouwen, is het van belang om een beeld te kunnen vormen van de omvang en de karakteristieken van de openbare verlichting in onze gemeente. In dit hoofdstuk wordt antwoord gegeven op de vraag “Wat hebben wij aan openbare verlichting?” en wordt er verder inzicht gegeven in de omvang en karakteristieken van het areaal van de openbare verlichting binnen Rucphen.

Omvang areaal openbare verlichting Rucphen GRONDSPOT / PILAAR / SCHIJNWERPER

76 ARMATUREN CONVENTIONEEL

3598

LICHTMASTEN

4825 ARMATUREN LED

1335

Rucphen heeft nagenoeg geen eigen netten voor de openbare verlichting, 99,9% is aangesloten op het netwerk van Enexis. Door het aansluiten van de lichtmasten op het net van de netbeheerder hoeft de gemeente geen rekening te houden met vervangingsleeftijden van kabels en/of voedingskasten.

21

Figuur 3 1: Weergave lichtpunten gemeente Rucphen

22

03 3.1 Leeftijdsopbouw In onderstaande grafieken is een overzicht gemaakt van de leeftijden van masten en armaturen en de verschillende lamptypes. De economische afschrijvingstermijn van lichtmasten is 40 jaar en van armaturen 20 jaar.

Armaturen Figuur 3-2 toont de leeftijdsopbouw van armaturen binnen ons areaal. De categorie van ouder dan 20 jaar bevat ca. 25%, hier valt de komende beleidsperiode dus een inhaalslag te maken qua vervanging. Een derde deel van de armaturen komt gedurende de komende beleidsperiode in aanmerking voor vervanging. Verlichtingsarmaturen ouder dan 20 jaar krijgen te maken met verouderingsverschijnselen. De lichtkap van oudere armaturen wordt dof worden waardoor er minder lichtopbrengst is. Daarnaast heeft ook de veroudering van onderdelen, zoals elektronica, lampvoeten en

lampen invloed op de kwaliteit. Bij het defect raken van onderdelen bij oudere verlichtingsarmaturen krijgt men te maken met het niet meer leverbaar zijn van de betreffende onderdelen. Oudere typen verlichtingsarmaturen en/of onderdelen daarvan zijn niet meer verkrijgbaar in verband met uitfasering door de fabrikant. Het door ouderdom defect raken van armaturen resulteert dan uiteindelijk in hogere kosten, meer storingen en langere hersteltijden bij storingen.

Plaatsingsjaar armaturen

Figuur 3-2: Overzicht areaal o.b.v. plaatsingsjaar armaturen

23

Figuur 3-3: Weergave armaturen o.b.v. plaatsingsjaar gemeente Rucphen

24

03 Lichtmasten Figuur 3-4 laat zien dat het grootste gedeelte van de lichtmasten jonger is dan 20 jaar (ca. 56%). Rekening houdend met een vervangingscyclus van 40 jaar betekent dit dat het merendeel van de masten de komende beleidsperiode nog niet in aanmerking komt voor vervanging. De masten die voor 1987 zijn geplaatst komen wel in aanmerking voor vervanging tijdens de komende beleidsperiode; dit betreft omstreeks 20 %.

Zodra lichtmasten de leeftijd van 40 jaar hebben bereikt kan de veiligheid in het geding komen. De masten staan deels in de grond en de kwaliteit van het ondergrondse deel is niet te zien en veelal het kritische punt. Door inwerking van corrosie ter hoogte van het maaiveld gaan masten uiteindelijk doorrotten en kunnen ze omvallen met alle gevolgen van dien. Hoewel in de praktijk blijkt dat de verwachte levensduur enigszins kan worden opgerekt, brengt dit wel risico’s met zich mee.

Plaatsingsjaar lichtmasten

Figuur 3-4: Overzicht areaal o.b.v. plaatsingsjaar lichtmasten

25

Figuur 3-5: Weergave lichtmasten o.b.v. plaatsingsjaar gemeente Rucphen

26

03 3.2 Areaalopbouw naar type

Figuur 3-6 laat de opbouw van het aantal lampen per type zien, waarbij te analyseren is dat er nog circa een vierde van het huidige areaal tot niet zuinige conventionele lampen (Fluorescentie en Hogedruk natrium) behoort. Het overgrote deel van het areaal is voorzien van armaturen met een Compact fluorescentie lichtbron (PLL /PLT). De Compact fluorescentie lichtbron kan worden gezien als de ‘spaarlamp’ voor de openbare verlichting.

Het areaal van Rucphen is dus inmiddels redelijk energiezuinig. Echter neemt dit niet weg dat er aanvullend nog maatregelen genomen kunnen worden voor verdere verduurzaming van het areaal. Als eerste kan de vervanging van niet zuinige conventionele lampen worden doorgezet. Daarnaast valt bijvoorbeeld te denken aan het vervangen door LED-armaturen in combinatie met het dimmen van verlichting in de nachtelijke uren.

Figuur 3-6: Overzicht areaal o.b.v. lamp soort

27

Figuur 3-7: Weergave lampsoorten gemeente Rucphen

28

03 Areaal opbouw en materiaalsoort lichtmasten

Staal

< 4 meter

129

4 t/m 6 meter

6 t/m 8 meter

36

4

8 t/m 10 meter

12

Aluminium

< 4 meter

2094 8 t/m 10 meter

80

4 t/m 6 meter

1527

6 t/m 8 meter

943

> 10 meter

0

29

03 Totaal

Figuur 3-8: Weergave lichtmasten o.b.v. masthoogte

30

04 WAT WIL RUCPHEN? In de voorgaande hoofdstukken is uitgebreid stilgestaan bij wat er in het algemeen verwacht wordt en wat de huidige stand van zaken betreft de openbare verlichting in Rucphen is. In dit hoofdstuk richten we ons op hoe we ons beleid vanaf heden in Rucphen gaan profileren. Hierbij komen zowel algemene als specifieke zaken aan bod. Daarmee wordt invulling gegeven aan de vraag “Wat wil Rucphen?”

4.1

Ambitie en visie Rucphen wil haar openbare verlichting inrichten met het oog op duurzaamheid en de toekomst. Een belangrijk thema voor de komende jaren is het terug dringen van de CO2 uitstoot. Door zo duurzaam mogelijk om te gaan met de OVL installatie kan Rucphen een bijdrage leveren aan de vermindering van de CO2 uitstoot in Nederland. Zo duurzaam mogelijk betekent dat er onder andere gekeken wordt naar de leeftijd van de verschillende onderdelen in de installatie.

Zodra een armatuur in aanmerking komt voor vervanging zal er gekeken worden naar de toekomst. Het terug te plaatsen armatuur zal zo uitgevoerd zijn dat deze opgenomen kan worden in het huidige dimprofiel. Hierbij zal er nog steeds uitgegaan worden van een standaard statisch dimprofiel.

Algemene uitgangspunten voor openbare verlichting Openbare verlichting heeft tot doel om bij duisternis (circa 4.000 uur per jaar = 47 % van het jaar) het openbare leven zo goed mogelijk te laten functioneren. Hoewel met openbare verlichting het niveau van het daglicht niet bereikt kan worden moet de openbare verlichting wel bijdragen aan een veilige woon- en leefomgeving. Een goede kwaliteit van de openbare verlichting is van groot belang om dit doel te bereiken. Wij stellen als uitgangspunt “Licht waar het moet, donker waar het kan” voor. Er wordt gestreefd naar het gebruik van openbare verlichting op het niveau dat deze recht doet aan alle functies die verlichting moet hebben wanneer de situatie er om vraagt.

Rucphen wil er naar streven dat de openbare verlichting duurzaam en tegen acceptabele kosten bijdraagt aan: • De verkeersdoorstroming en de verkeersveiligheid; • Het gevoel van sociale veiligheid; • Het creëren van sfeer, gezelligheid en identiteit; • Betrouwbaarheid; • Duurzaamheid. Bovenstaande bijdragen worden binnen onze gemeente nagestreefd met in het achterhoofd dat de openbare verlichting geen of zo min mogelijk hinder veroorzaakt voor haar omgeving. Hierbij valt te denken aan de natuur maar ook de bewoners van de gemeente.

31

04 Renovatie Voorheen is er bij de vervanging van lampen groepsremplace aangehouden. Bij deze wijze worden lampen preventief vervangen om zo uitval te voorkomen, geselecteerd op type en leeftijd. Het is een goede wijze om ad-hoc vervangingen te voorkomen, maar op het gebied van duurzaamheid kan hier nog verbeterd worden. De “normale” technische afschrijving van masten b e d r a a g t 40 jaar, v a n armaturen 20 jaar. Gezien de bodemgesteldheid kan ervoor gekozen worden de technische levensduur van masten eventueel te verlengen. E en verlenging van 10 jaar is haalbaar. H e t is mogelijk om een meting uit te laten voeren om zo mogelijkheid voor de verlenging te bepalen. Bij armaturen is het mogelijk een verlenging van 5 jaar te behalen door visuele inspectie.

32

Door het juist toepassen van remplace waarbij de werkende producten circulair toegepast kunnen worden behoud je oog voor duurzaamheid. Een voorbeeld: Een straat met 20 lichtmasten is aan vervanging toe, 14 masten en armaturen zijn aan het einde van hun levensduur. Echter zijn er 6 masten en armaturen die pas op de helft van hun levensduur zitten. Deze 6 masten en armaturen kunnen in opslag genomen worden en gerenoveerd worden. Bij incidentele uitval kunnen deze worden toegepast zodat er geen nieuwe aanschaf plaats hoeft te vinden. Ook voorkom je hiermee vernietiging van goede producten.

Duisternis

Techniek

Het beleid voor de openbare verlichting is bij gemeente Rucphen gericht op “licht waar het moet, donker waar het kan.” De gehele openbare verlichting zal daarom goed en doelmatig moeten worden uitgevoerd. Vrij vertaald betekent dit dat er verlichting wordt toegepast om het openbare leven bij duisternis zo veilig en leefbaar mogelijk te maken. Daarbij wordt de duisternis daar waar nodig zoveel mogelijk gerespecteerd.

In tegenstelling tot aan aantal jaren geleden bevat openbare verlichting steeds meer techniek. Was het jaren geleden alleen mogelijk om de verlichting ’s-avonds aan en ’s-morgens uit te doen, zo kunnen we in de tegenwoordige tijd steeds meer. Met de komst van de nieuwe technieken hebben we steeds meer licht op maat. Daarbij is het mogelijk dat de verlichting alleen aan gaat wanneer het moet en kan de lichtsterkte aangepast worden aan de behoefte van de gebruiker. Het is en blijft een uitdaging om met een juiste toepassing van openbare verlichting en de beschikbare technieken te voldoen aan alle vormen van veiligheid voor de openbare ruimte. Hierbij moet de openbare ruimte vervolgens zo optimaal mogelijk worden bediend, tegen zo laag mogelijke kosten.

04 4.2

Beleidsregels Rucphen Generieke beleidsregels Verlichtingssterkte en gelijkmatigheid In 2017 is de door de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV) opgestelde Nederlandse Praktijk Richtlijn (NPR-13201:2017) van kracht geworden. Rucphen heeft voorheen de ROVL-2011 gehanteerd, voor dit beleidsplan is besloten de richtlijnen van de NPR-13201:2017 te volgen. Onderdeel hiervan is de zogenaamde verticale verlichtingssterkte. Deze verticale verlichtingssterkte is van belang voor

• • • • • •

een goede gezichtsherkenning in verblijfsgebieden. De klasse indeling is in de NPR-13201:2017 opgenomen als “verhoogde gezichtsherkenning” en onderverdeeld in drie klassen. Bij nieuwe installaties zal er gestreefd worden naar klasse B en bij de huidige installatie naar klasse A. Daarnaast zal er extra aandacht uitgaan naar de gelijkmatigheid van de verlichting.

Beleidsregels aangaande verlichtingssterkte en gelijkmatigheid: De verlichtingssterkte voldoet aan de NPR13201:2017 De gelijkmatigheid voldoet aan de NPR13201:2017 Klasse B (Ev ≥ 0,35 Lux) is de streefwaarde verticale verlichtingssterkte in nieuwe situaties Klasse A (Ev ≥ 0,21 lux) is de streefwaarde verticale verlichtingssterkte in bestaande situaties Bij bestaande verlichting kan worden afgeweken (vanuit economisch oogpunt) De omgeving zal worden aangepast op basis van incidentmeldingen

Energiebesparing Rucphen probeert in de toekomst zoveel mogelijk LED verlichting toe te passen. De afgelopen decennia is Rucphen al veel bezig geweest met het verduurzamen van de openbare verlichting. Hierbij zijn de grote energieverbruikers

al aangepakt. I n de toekomst worden de grote energieverbruikers zoveel mogelijk teruggebracht. Bij zowel reconstructies als vervanging is LED de nieuwe standaard.

33

04 Stroomvoorziening De verwachting is dat de energieprijzen de komende jaren aanzienlijk zullen gaan stijgen. Dit is onder andere het gevolg van heffingen in het kader van de CO2- uitstoot, milieubelastingen maar ook een stijging van de transportkosten die te verwachten zijn. Deze stijging

zal door de energieleverancier worden doorberekend aan haar klanten en dus ook aan Rucphen. Hoe groot dat deze stijging zal zijn is momenteel niet bekend. Het is wel van belang hier alvast rekening mee te houden.

Beleidsregels aangaande stroomvoorziening: Bij nieuwbouw en vervanging van openbare verlichting blijft de bestaande wijze van aansluiten gehandhaafd • Verlichting van derden, zoals van de woningstichting, moeten met een eigen aansluiting op het energienet worden aangesloten • Brandgangen van de woningstichting en particulieren vallen buiten het beheer en onderhoud van de gemeente •

Omgevingscommunicatie Als gemeente hechten we veel waarde aan het informeren en communiceren. Dit heeft betrekking op beleid, beheer en realisatie. Op ieder van deze onderdelen is een heldere communicatie met betrokkenen zoals bewoners,

ondernemers en andere stakeholders cruciaal. Communicatie en informatie mag niet worden onderschat, het is van groot belang dat het beleid voor de openbare verlichting voldoende draagvlak vindt bij alle partijen.

Beleidsregels aangaande omgevingscommunicatie: Gemeente Rucphen zal bij verandering een duidelijke communicatie richting haar bewoners verzorgen • Bij omvangrijke projecten is het van belang dat alle betrokken partijen voldoende geïnformeerd worden • In de communicatie over openbare verlichting is nadrukkelijk aandacht voor het aspect “lichthinder voorkomen” •

34

04 Lichtvervuiling en duisternis Naast lichthinder kan verlichting leiden tot lichtvervuiling, niet alleen voor de nabije omgeving maar ook daaromheen. Lichthinder kan leiden tot een verstoord beeld van de duisternis, het zicht op armaturen in een open landschap levert verrommeling van het landschap op. Tevens kan het zicht op de sterrenhemel verslechteren door teveel lichthinder, denk aan de gloed van licht boven een

dorp of stad. Bij vervuiling is er vaak sprake van energieverspilling, wat tevens onwenselijk is. Er kan eenvoudig rekening gehouden worden met de duisternis door de volgende uitspraak “Licht waar het moet, donker waar het kan”. Dit houdt in dat er terughoudend om wordt gegaan met het plaatsen van verlichting, alleen waar het echt nodig is.

Beleidsregels aangaande lichtvervuiling en duisternis: Ontwerpen volgens “licht waar het moet, donker waar het kan” principe Parken worden in principe niet verlicht, enkel belangrijke doorgaande routes door parken of naar openbare ruimtes in parken wordt verlicht • Bij nieuwe verlichtingsontwerpen in zowel het woongebied als het buitengebied zullen alleen armaturen worden toegepast waarvan het uittredende licht nauwelijks tot niet boven het denkbeeldige horizontale vlak van het armatuur uitkomt • •

Beheer en onderhoud Om de openbare verlichting kwalitatief in orde te houden is beheer en onderhoud noodzakelijk. Zoals voorheen zal dit ondergebracht worden bij de afdeling beheer en ruimtelijke ontwikkeling. Zij hebben op het gebied van beheer en onderhoud evenals de aanleg van

nieuwe installaties een coördinerende rol. Het vergt capaciteit van de beheersorganisatie om op de hoogte te blijven van nieuwe ontwikkelingen en het onderhoud zo kosten-efficiënt mogelijk uit te laten voeren.

Beleidsregels aangaande beheer en onderhoud: Bij het beheer van de openbare verlichting dient kapitaalvernietiging zoveel mogelijk te worden voorkomen, o.a. door onderhoud tijdig uit te voeren • Het dagelijks beheer is ondergebracht bij de afdeling beheer en ruimtelijke ontwikkeling. •

35

04 Gebied specifieke beleidsregels De gemeente Rucphen kunnen we opdelen in verschillende functiegebieden. Een belangrijke factor hierbij is de omgeving van het betreffende gebied. Zo kunnen we voor verschillende gebieden specifieke regels opstellen

die beïnvloed worden door de gebied gebonden aspecten. We onderscheiden de gebieden ‘binnen de bebouwde kom’ en ‘buiten de bebouwde kom’. De gebiedsverdeling is terug te vinden in de bijlage B1.

Binnen de bebouwde kom Woonwijken In woonwijken speelt openbare verlichting een belangrijk rol. De lichtkleur en kleurweergave zijn belangrijke onderdelen om verkeersen sociale veiligheid te creëren. Solitaire voetpaden worden alleen verlicht wanneer deze ook ’s avonds deel uitmaken van een doorgaande wandelroute en beschikken over

• • • • •

Het plaatsen van openbare verlichting moet worden afgestemd met de aanwezige groenvoorzieningen binnen woonwijken.

Beleidsregels aangaande woonwijken: Toepassen van het juiste lichtniveau is belangrijk in verband met de sociale veiligheid Schijnveiligheid in gebieden waar geen sociale controle is moet voorkomen worden In 30 km/h-zones is het van extra belang dat er een goede gelijkmatigheid is Voor de verticale verlichtingssterkte is de B-klasse van toepassing (NPR13201:2017) Parken worden in principe niet verlicht, enkel belangrijke doorgaande routes door parken of naar openbare ruimtes en bijvoorbeeld kerken worden wel verlicht

Locatie: Pastoor Bastiaansensingel, St. Willebrord

36

voldoen sociale controle.

04 Dorpskernen De dorpskernen hebben een andere dynamiek dan woongebieden. Dit resulteert in een andere sfeer en uitstraling, maar ook moet er rekening gehouden worden met koopavonden. Dit vraag om andere keuzes ten aanzien van bijvoorbeeld dimregimes en materialen.

Beleidsregels aangaande dorpskernen: De toe te passen lichtkleuren spelen een belangrijke rol. We sturen niet alleen op verkeersveiligheid, maar ook op sociale veiligheid en het creëren van de juiste sfeer. (afwijkende lichtkleur is toegestaan mits onderbouwd) • Rekening houden met vormgeving van de omgeving, in verband met keuze voor mast en armatuur • Er dient rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van verhoogd omgevingslicht door reclame-uitingen •

Locatie: Dorpsstraat, Sint-Willebord

37

04 Pleinen & parkeren Parkeerterreinen worden voorzien van goede dimbare openbare verlichting. Met het oog op het milieu wordt er aan de hand van het gebruik van het parkeerterrein bepaald of er dimbare oriëntatieverlichting mogelijk is. Mocht het parkeerterrein niet of nauwelijks gebruikt worden in de donkere uren, dan kan er besloten worden om niet te verlichten.

Beleidsregels aangaande pleinen & parkeren: Toepassen van het juiste lichtniveau is belangrijk in verband met de sociale veiligheid • Afhankelijk van de intensiteit kan er besloten worden alleen oriëntatieverlichting of geen verlichting toe te passen • Het betreft hier geen particuliere parkeerterreinen, deze dienen door de eigenaar zelf verlicht te worden •

Locatie: Processiepark Sint Willebord

38

04 Recreatie Onder recreatie verstaan we vrije tijd en sport locaties. Deze locaties worden verlicht op het moment dat er in georganiseerd verband gebruik van wordt gemaakt. Sportvelden in de buitenlucht kunnen lichthinder veroorzaken voor omwonenden. Het is van belang de lichthinder zo goed als mogelijk te beperken.

Fietspaden van en naar de recreatie locaties worden voorzien van openbare verlichting om de sociale veiligheid te verhogen. Hierbij moet er gekeken worden naar de situatie en het mogelijk dimmen / uitzetten van de verlichting wanneer de locaties niet in gebruik zijn.

Beleidsregels aangaande recreatie: Toepassen van sportverlichting die is begrensd tot het sportcomplex Bij nieuwe verlichtingsontwerpen dient er rekening gehouden te worden met de mogelijk optredende lichthinder • Indien nodig zal er uitgegaan worden van “Richtlijn Lichthinder” • Afhankelijk van de intensiteit van gebruik van omliggende fietspaden kan verlichting worden toegepast in de actieve uren • •

Locatie: Fietspad Helakkerstraat, Rucphen

39

04 Buiten de bebouwde kom Hoofdinfrastructuur Een deel van de wegen die behoort tot de hoofdinfrastructuur valt niet onder het beheer van gemeente Rucphen (A58). De verantwoordelijkheid voor de openbare verlichting op deze en onderliggende wegen ligt bij de betreffende wegbeheerder. Hierbij wordt in overleg met deze beheerder het beleid eenduidig geregeld.

Bij verlichting voor gebiedsontsluitingswegen is vooral de verkeersveiligheid het belangrijkste doel. Het zijn wegen met een hogere verkeersdruk op bepaalde tijdstippen. De nadruk wordt gelegd op verkeer van een doorgaande weg. Afhankelijk van de gebruiksintensiteit kan er op bepaalde tijdstippen gekozen worden om de verlichting te dimmen.

Beleidsregels aangaande hoofdinfrastructuur: Waar veel verkeersafwikkeling is wordt de openbare verlichting afgestemd op de openbare ruimte • Dimmen tijdens lage gebruiksintensiteit • Indien mogelijk gebruik maken van passieve of actieve markeringen •

Locatie: Vosdonkseweg, Sprundel

40

04 Overige infrastructuur Naast de gebiedsontsluitingswegen bestaat het gebied buiten de bebouwde kom uit overige wegen. De verkeersintensiteit hiervan is laag en ze de wegen lopen vaak door landbouw of natuurgebieden. Het is van belang het principe “Licht waar het

• • •

moet, donker waar het kan” te volgen. Potentiële conflictsituaties (kruisingen) worden in principe altijd verlicht. Per situatie kan er bepaald worden wat de beste verlichtingstoepassing is, afhankelijk van effecten op omgeving, omwonenden, gebiedsfunctie enz.

Beleidsregels aangaande overige infrastructuur: Ontwerpen volgens “licht waar het moet, donker waar het kan” principe Conflictsituaties verlichten ter attentie Indien mogelijk gebruik maken van passieve of actieve markeringen

41

04 Industriegebied In de gemeente Rucphen bevindt zich een groot stuk industriegebied. Het is van belang voor de verkeersveiligheid dat deze goed verlicht worden. Hierbij rekening houdend met de actieve en passieve uren, in de avonden / nacht kan de verlichting gedimd worden.

• •

Beleidsregels aangaande industriegebied: Afhankelijk van intensiteit de verlichting dimmen De OVL verlicht geen particuliere bedrijfsterreinen

Locatie: Kraaihei, Rucphen

48

04 Bos De bos gebieden binnen de gemeente Rucphen hebben een grote ecologische waarde. Ecologische verstoring door de openbare verlichting is dus zeer onwenselijk. Aanvullend op de generieke beleidsregels, wordt in de groenzones buiten de bebouwde kom gestuurd op het terugdringen van lichthinder en lichtvervuiling. Openbare verlichting wordt alleen toegepast wanneer de verkeersveiligheid hierom vraagt en alle andere maatregelen aangaande verkeersveiligheid onvoldoende blijken.

• •

Beleidsregels aangaande bosgebied: Ontwerpen volgens “licht waar het moet, donker waar het kan” principe Openbare verlichting wordt enkel toegepast als er geen alternatieven mogelijk zijn om het gewenste effect te bereiken (actieve of passieve markering)

49

05 HOE GAAN WE DIT BEREIKEN Op het moment van schrijven van dit beleidsplan hebben we te maken met flinke prijsstijgingen van energie en materialen. Deze prijsstijgingen zijn het gevolg van onder andere leveringsproblemen door diverse ontwikkelingen in de wereld. Deze aanhoudende onzekerheden op de markten heeft ook invloed op dit beleidsplan: vooral de stijgende metaalprijzen hebben invloed op de leveringskosten van lichtmasten. Deze onzekerheden over prijsstijgingen bemoeilijken het opstellen van een nauwkeurige meerjarenbegroting voor de OVL beleidsperiode. Voor de meerjarenbegroting van dit beleidsplan zijn de prijzen van medio 2022 gehanteerd. De verwachting is dat de prijzen de komende tijd nog verder zullen stijgen, waardoor het nodig is om jaarlijks te evalueren middels de standaard planning en control cyclus.

In dit hoofdstuk zal dieper worden ingegaan op de verschillende scenario keuzes. Wij hebben als gemeente met de vervangingsslag van armaturen gekeken naar bewezen innovaties die voor een extra besparingsimpuls kunnen zorgen, hierbij moet gedacht worden aan led armaturen in combinatie met statisch dimmen. Daarom hebben we in dit beleidsplan al vastgelegd dat in de toekomst led verlichting het uitgangspunt is bij vervangingen in de openbare verlichting. Naast het toepassen van led is een ander uitgangspunt dat verlichting ook statisch of dynamisch gedimd wordt. Het vervangen door led inclusief dimmen vraagt een hogere investering maar deze kan worden terugverdiend door lagere onderhouds- en energiekosten. Aan de hand van een tweetal scenario’s is gekeken naar de financiële consequenties.

Het energieverbruik van de openbare verlichting is met de huidige areaalgegevens ingeschat over het jaar 2021. Exacte cijfers zijn niet beschikbaar. De volgende aannames zijn hiervoor gemaakt:

Uit de cijfers blijkt dat er vanaf 2022 nog ongeveer 3.800 armaturen vervangen moeten worden. Dit kunnen we realiseren door vervanging op basis van de technische levensduur. Een ander optie is het verlengen van de levensduur. Afhankelijk van de technische staat is een verlenging van ongeveer 5 jaar mogelijk.

•

•

50

Uitgaande van 4100 branduren per jaar (Kengetallen Openbare Verlichting, NSVV, 2011); Uitgaande van een energiebesparing van 25% door het toepassen van dimprofiel 3B;

Met betrekking tot de masten geldt dat er een stabiliteitsmeting kan worden uitgevoerd om te bepalen of verlenging van de levensduur mogelijk is.

05 De doorgerekende scenario’s zijn als volgt opgebouwd:

Scenario 1: 20-40 Beeldkwaliteit B met enkele accenten op A (kern / winkelgebied) Binnen dit scenario worden armaturen en lichtmasten vervangen na het behalen van de economische levensduur. Voor armaturen geldt hierbij dat ze worden vervangen na 20 jaar, voor lichtmasten geldt dat ze worden vervangen na 40 jaar.

Scenario 2: 25-50 Beeldkwaliteit C Binnen dit scenario worden armaturen en lichtmasten vervangen na het behalen van de technische levensduur. Voor armaturen geldt hierbij dat de levensduur kan worden verlengd tot 25 jaar, voor lichtmasten geldt dat de levensduur kan worden verlengd tot 50 jaar.

51

05 Scenario 1: 20-40 In dit scenario zullen de armaturen en masten worden vervangen zodra de vastgestelde levensduur behaald is. Voor masten is dit 40 jaar en voor armaturen 20 jaar. Gezien de leeftijd van het areaal is het raadzaam om het achterstallig onderhoud (armaturen en masten die hun levensduur hebben overschreden) de komende jaren in te lopen. De masten en armaturen die de levensduur al zijn gepasseerd zijn samengevoegd onder de kop achterstallig. Deze achterstallige vervanging wordt over 5 jaar uitgevoerd (2023 t/m 2027); dit is doorberekend in zowel de kosten als de (cumulatieve) besparingen. Over een periode van 5 jaar komen de totale kosten uit op ca. €1.415.500,- en wordt € 8.039,- aan exploitatiekosten bespaard. Over een periode van 5 jaar is hiermee een totaal budget van circa € 1,42 miljoen benodigd. Totaalkosten beleidsperiode 2023-2027: €1.415.500,2023: €263.886,2024: €315.036,2025: €256.746,2026: €279.496,2027: €300.336,Tabel 5-1: Kosten voor de jaarlijkse vervanging, achterstallige vervanging, en totale kosten waarbij de kosten voor de achterstallige vervanging over 5 jaar wordt verdeeld, van lichtmasten en armaturen o.b.v. scenario 1

KOSTEN VERVANGING LICHTMASTEN EN ARMATUREN O.B.V. SCENARIO 1 2023

JAARLIJKS ACHTERSTALLIG KOSTEN TOTAAL

€ 945.030,00

2024

2025

2026

€ 74.880,00

€ 126.030,00

€ 67.740,00

€ 90.490,00

€ 111.330,00

€ 189.006,00

€ 189.006,00

€ 189.006,00

€ 189.006,00

€ 189.006,00

€ 263.866,00

€ 315.036,00

€ 256.746,00

€ 279.496,00

€ 300.336,00

Figuur 5-1: Achterstallige vervanging en jaarlijks te vervangen lichtmasten en armaturen o.b.v. scenario 1

52

2027

05

Figuur 5-2: Jaarlijks energieverbruik OVL en de gevolgen van het wegwerken van achterstallig onderhoud in 1 jaar of in 5 jaar op het jaarlijks energieverbruik o.b.v. scenario 1.

In bovenstaande grafiek zijn twee lijnen opgenomen die het energieverbruik (per jaar in kWh) over de komende jaren weergeeft. De oranje lijn laat het verloop zien als het achterstallig onderhoud in het eerste jaar weggewerkt zal worden. De gele lijn laat het verloop zien als het achterstallig onderhoud verdeeld zal worden over 5 jaar, 2023 t/m 2027.

Het voordeel van scenario 1 is dat het areaal in gezonde staat blijft. Door het wegwerken van de achterstand en het tijdig vervangen van onderdelen die hun levensduur hebben bereikt zal de uitval verminderen. Dit resulteert in een verlaging van de onderhoudskosten. Voor het inlopen van de achterstand op de vervanging dient rekening te worden gehouden met hogere vervangingskosten per jaar.

Het nadeel van scenario 1 is dat er aan het einde van de technische levensduur wordt vervangen, hierbij wordt er geen rekening gehouden met de eventuele mogelijkheid tot verlenging van de levensduur.

53

05 Scenario 2: 25-50 Scenario 2 is gericht op het maximaal verlengen van de levensduur bij de toegepaste producten. Er zal gekeken worden naar de staat van de mast en het armatuur en aan de hand van deze informatie kan er bepaald worden of en hoe lang de levensduur kan worden verlengd. Voor de berekening zijn we er vanuit gegaan dat de levensduur voor masten van 40 naar 50 jaar kan en voor armaturen van 20 naar 25 jaar. De masten en armaturen die de levensduur al zijn gepasseerd zijn samengevoegd onder de kop achterstallig. Deze achterstallige vervanging wordt over 5 jaar verwerkt (2023 t/m 2027); dit is doorberekend in zowel de kosten als de (cumulatieve) besparingen. Over een periode van 5 jaar komen de totale kosten uit op €774.640,-. Totaalkosten beleidsperiode 2023-2027: €774.640,2023: €140.188,2024: €119.958,2025: €253.888,2026: €140.378,2027: €120.228,Tabel 5-3: Kosten voor de jaarlijkse vervanging, achterstallige vervanging, en totale kosten waarbij de kosten voor de achterstallige vervanging over 5 jaar wordt verdeeld, van lichtmasten en armaturen o.b.v. scenario 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12443093/2