CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

1. b&w Interbestuurlijk Toezicht VTH-taken

commissie Algemeen Bestuur en Middelen 26 februari 2026, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken28.796 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

voorzetten van de samenwerking met de Bestuurlijk Uitvoeringsspecialist (4) Week van de veiligheid: • uitlichten van verschillende veiligheidsthema’s en organiseren van acties om het bewustzijn rondom veiligheid te vergroten Zorg en veiligheid (1) OGGZ: • continueren van het lokaal zorg- en veiligheidsoverleg met de ketenpartners • continueren van het lokaal overleg extreme overlastgevers met de ketenpartners (2) Samenwerken zorg en veiligheid: • continueren van de inzet van OOGZ en procesregie op het gebied van fenomenen, meldingen en casuïstiek in het zorg- en veiligheidshuis (3) Huisvesting overlastgevende personen: • starten pilot voor huisvesting overlastgevende personen • onderzoek naar geschikte locaties voor overlastgevers en personen met onbegrepen gedrag • onderzoek naar locaties voor ‘Skaeve Huse’ (4) Radicalisering en polarisatie: • inzetten op Monitoroverleggen Radicalisering en Polarisatie voor trainingen, fenomenen en doorontwikkelen • continueren casuïstiekoverleg radicalisering en polarisatie

45

(5) Jeugd: • intensiveren samenwerking met het jongerenwerk en stimuleren van gebruik jeugdhonken • meer inzet op samenwerking, informatiedeling en doorontwikkelen van Jeugden Veiligheidsoverleg • organiseren bewustwordingsacties voor jeugd over ondermijning • geven van voorlichting over o.a. sexting, online pesten, (online) criminaliteit en identiteitsfraude • inzetten op projectmatige aanwijzing Halt voor Boa’s • groepen 7 en 8 van de basisscholen krijgen de mogelijkheid naar de Risk Factory te gaan (6) Mensenhandel: • organiseren van awareness bijeenkomsten voor interne collega’s over mensenhandel • organiseren van prostitutiecontroles om uitbuitingssituaties aan te pakken • organiseren van controles om arbeidsuitbuiting aan te pakken • continueren inzet van twee aandachtsfunctionarissen mensenhandel (7) Ex-gedetineerden: • continueren integrale samenwerking rondom persoon tijdens en na de detentieperiode Veilige buurt (1) Leefbaarheid: • meer wijkgericht werken • actieve discriminatievoorziening waar klachten gemeld kunnen worden • actieve voorziening voor meldingen ongewenst verhuurgedrag (2) Evenementen: • adviseren bij risicovolle evenementen over veiligheidssituatie en eventueel te nemen maatregelen in afstemming met ketenpartners (3) Buurtbemiddeling: • organiseren structurele overleg, evaluatie- en afstemmingsmomenten over casussen, trends en verbeterpunten •

vergroten bekendheid van buurtbemiddeling door jaarlijkse communicatieacties. (4) Buurtpreventie: • versterken verbinding • organiseren verschillende gezamenlijke acties • regelmatig afstemmen over knelpunten, actuele veiligheidsthema’s en ondersteuningsbehoefte • organiseren overleggen voor coördinatoren om kennis te delen en gezamenlijke acties af te stemmen • financiële ondersteuning voor trainingen, materialen en communicatiecampagnes. Risico’s en omgeving • deelnemen aan gemeenschappelijke regeling VRMWB • opstellen natuurbrandbeheersplan met bijbehorende uitvoeringsplan • investeren in weerbaarheid van inwoners bij langdurige verstoringen • vervangen van districtelijk voertuig van de OvD-Bz • organiseren brede veiligheidsdag 11.4. Prognose aantallen In onderstaande tabellen is de planning aangegeven van het aantal verwachte benodigde uren aan inzet op het gebied van openbare orde en veiligheid. Deze uren zijn bepaald op basis van de ervaringscijfers van voorgaande jaren en daar waar nodig aangepast op de verwachtingen in 2026.

11. 11.1. 11.3.1. 11.3.2. 11.4. 11.4.

Openbare orde en veiligheid Doelen en coördinatie Ondermijning Crisis Toezicht en handhaving (boa’s) Toezicht en handhaving (juridisch)

Benodigde uren 8.550 2.250 1.000 800 3.500 1.000

Toezicht en handhaving (boa’s) Openbare orde en veiligheid vereist inzet van onze Boa’s. Op basis van historie is hieronder een schatting van de urenraming voor 2026 gemaakt. Openbare orde en veiligheid Administratie en coördinatie Algemene surveillance Meldingen Fixi en OC Casuïstiek overleg Buurtpreventie en verbinding Omgevingsveiligheid Integrale acties Vuurwerk

Urenraming 700 825 850 150 250 100 410 125

46

Overige overtredingen (waarschuwingen) Overige overtredingen (sancties) Totaal

50 40 3.500

Toezicht en handhaving (juridisch) Openbare orde en veiligheid vereisten geregeld ook aandacht van de juristen. Het gaat hierbij vooral om besluiten van de burgemeester tot het sluiten van panden op basis van artikel 13b Opiumwet en waarschuwingen van de burgemeester in het kader van onder andere wapenvondsten (denk aan overtredingen van de Wet wapens en munitie of de Wet Victoria (artikel 174a Gemeentewet)). Een dergelijk traject wordt gestart op basis van een door de politie uitgebrachte bestuurlijke rapportage. Op basis van historie is hieronder een inschatting gemaakt van hoe veel van deze zaken te verwachten zijn.

5

Urenraming

10 6 2

Kental (uren) 37 20 15

370 120 30

Urenraming incl. bezwaar en beroep 462,5 150 37,5

2

40

80

100

100

2

200

250

-

-

-

1.000

Openbare orde en veiligheid

Aantal

Toepassen artikel 13b Opiumwet Waarschuwingen5 Aanwijzingsbesluit cameratoezicht Samenscholingsverbod, gebiedsverbod, etc. Overig advies openbare orde problematiek Totaal

O.a. op basis van Wet wapens en munitie, Wet Victoria, etc.

47

12. Communicatie De De6-gemeenten willen communiceren zo organiseren, dat het dienend is aan de doelstellingen uit de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie, het Uitvoeringsprogramma VTH en het Jaarverslag VTH. De communicatie speelt ook in op de beleving van de inwoner en is erop gericht het vertrouwen van de inwoner in de aanpak van de overheid te vergroten. 12.1. Communicatiedoelstellingen Onze communicatiedoelstellingen: Informeren over actuele wetten en regelgeving. In 2026 blijft de Omgevingswet en bijbehorende participatie een centraal thema voor communicatie. Het updaten en actualiseren van de informatie op de gemeentelijke website blijft daarbij belangrijk. Op het gebied van participatie is verwachtingsmanagement belangrijk. In 2026 wordt daarnaast een nieuw participatiebeleid en -verordening vastgesteld. Begrip vergroten dat we samen verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van de leefomgeving. Bevorderen van het naleven van wetten en regels. Vertrouwen in de overheid vergroten. Met communicatie streven we dus een preventieve werking na; bevorderen van het naleven van wetten en regels. Het hebben van kennis over de regels, risico’s en sancties is van het allergrootste belang. We gaan het gesprek aan met inwoners en bedrijven over wat er goed gaat en wat er nog beter kan.

Kernboodschap voor de inwoners: Samen zijn we verantwoordelijk voor een veilige en prettige leefomgeving. Onze medewerkers zijn ambassadeurs voor de gemeente en regelgeving en denken mee in oplossingen en mogelijkheden voor onze inwoners en bedrijven. 12.2. Communicatiestromen op bekendmakingen jaarverslag en programma Het Uitvoeringsprogramma VTH 2025 en Jaarverslag VTH 2024 worden na vaststelling door het college bekend gemaakt aan de betrokken medewerkers, de gemeenteraad en de provincie NoordBrabant (inclusief het IBT). Daarnaast worden deze documenten op de website van de gemeente Rucphen geplaatst. Met publicatie in de lokale Bode en op sociale media wordt er bekendheid gegeven aan onze 5 O’s (Onderwijs, Ondernemers, Overheden, Onze Inwoners, Organisaties). 12.3. Balans tussen communicatie en effectief handelen Boodschap, actie en verwacht effect moeten in balans zijn. Op de eerste plaats komt het informeren van inwoners, organisaties en bedrijven. Men moet bekend zijn met de regels, wetgeving is een voorwaarde om de juiste keuzes te kunnen maken. We maken waar wat we beloven en we doen ook wat we zeggen. Dat draagt ook bij aan het vertrouwen in de lokale overheid. We zijn er ook transparant over wanneer dingen niet kunnen.

Bij het signaleren van overtredingen of nalatigheid kan op basis van wat aangetroffen en geconstateerd wordt een keuze gemaakt worden tussen samen oplossen, sancties uitdelen en aanvullend externe communicatie inrichten. Hierbij houden we altijd het doel en de kernboodschap voor ogen.

48

12.4. Nauwkeurigheid in communicatie Met ‘pinpoint’ communicatie zorgen we ervoor dat de juiste doelgroep de goede informatie krijgt op het juiste moment. Hiervoor is het nodig na te denken welke communicatiebehoefte er is, en welke afstemming/participatie vanuit wetgeving of beleid gevraagd wordt van de initiatiefnemer (gemeente of inwoner/bedrijf). Het is van belang om de VTH-taken en communicatie zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen. 12.5. Inspanningen zichtbaar maken Wij zijn gericht op het delen van succes. De communicatie maakt zichtbaar hoe geïnvesteerd wordt in de veilige en prettige leefomgeving van de gemeente.

49

13. Jaarverslag VTH 2024 Op grond van artikel 13.11 van het Omgevingsbesluit dient het college jaarlijks te rapporteren over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de doelen. In dit Jaarverslag VTH 2025 wordt verslag gedaan van de uitvoering op het gebied van omgevingsrecht, bijzondere wetten en openbare orde en veiligheid in Rucphen. Het uiteindelijke doel van taken op het gebied van het omgevingsrecht, bijzondere wetgeving en openbare orde en veiligheid, is het creëren van een veilige en schone (fysieke) leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. In dit Jaarverslag VTH 2025 wordt een zo volledig mogelijk beeld gegeven van de uitgevoerde taken op dit gebied. Het Jaarverslag VTH 2025 wordt ook aan de provincie Noord-Brabant voorgelegd in het kader van het interbestuurlijk toezicht (IBT). In het Jaarverslag VTH 2025 wordt weergegeven welke inzet in 2025 is gedaan op bovengenoemde VTH-OOHV taken, in hoeverre dit overeenkomt met de planning in het Uitvoeringsprogramma VTH 2025 en indien dit hiervan afwijkt, wat hiervoor de verklaring is. Waar dit noodzakelijk is, is op grond van de resultaten uit 2025 het Uitvoeringsprogramma VTH 2026 aangepast. Dit is ook de reden dat het Jaarverslag VTH 2025 is geïntegreerd als hoofdstuk in het Uitvoeringsprogramma VTH 2026.

Op die manier vormt dit verslag niet alleen een sluitstuk in de beleidscyclus, maar is het tegelijkertijd het begin van een nieuwe cyclus. In dit Jaarverslag VTH 2025 zal achtereenvolgens ingegaan worden op verschillende thema’s overeenkomstig met de volgorde van de opmaak van het Uitvoeringsprogramma VTH 2025. Tot slot worden enkele conclusies en aanbevelingen besproken. 13.1. Regionale samenwerking In 2025 is adequaat samengewerkt in de regio. Wel merken we dat casussen en problematieken steeds grensoverschrijdender worden en de regio derhalve een steeds grotere rol gaat spelen. Soms is het lastig om hier bovenop het normale werk de aandacht aan te bestreden die men er graag aan zou willen besteden. Gedurende 2024 en 2025 heeft bovendien veel samenwerking plaatsgevonden omtrent het project Vitale Recreatieparken. In 2025 zijn de regionale samenwerkingen verder geïntensiveerd. Dit wordt in 2026 verder voortgezet. Er wordt extra aandacht besteed aan integrale aanpakken. Sinds 2025 is een districtelijke Bestuurlijke Uitvoeringsspecialist gestart die de Boa’s verder ondersteunt op dit gebied. We willen vanuit meerdere perspectieven meer oog hebben voor regionale samenwerkingsverbanden, om hier meer uit te kunnen halen. 13.2.

VTH-beleidscyclus Om input op te halen om het VTH Uitvoeringsprogramma en Jaarverslag wat meer te laten leven onder de betrokken collega’s zijn gedurende 2024 verschillende workshops georganiseerd, waarbij onder andere aandacht was voor een lokale prioriteringsmatrix. In 2025 zijn daarnaast updates opgehaald via een brede enquête. Verder voldoet gemeente Rucphen aan de wettelijke eisen. Er is een geldende Uitvoerings- & Handhavingsstrategie 2024-2027 vastgesteld op 16 januari 2024 (artikel 13.5 Omgevingsbesluit). Aan de verplichtingen om jaarlijks een Uitvoeringsprogramma VTH (artikel 13.8 Omgevingsbesluit) en een Jaarplan VTH (artikel 13.11 Omgevingsbesluit) wordt voldaan middels dit document. Deze documenten dienen vastgesteld te worden voor respectievelijk 1 februari en 1 mei, waarmee met vaststelling van dit document op 13 januari 2026 is voldaan. 13.2.1. Evaluatie Uitvoerings- & Handhavingsstrategie 2024-2027 In januari 2024 is de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie 2024-2027 vastgesteld. Omdat op voorhand lastig in te schatten was wat de effecten van de Omgevingswet zouden zijn en omdat de

50

vorige strategie goed beviel, lag deze – afgezien van het noodzakelijke onderhoud en aanpassingen aan het nieuwe wettelijke kader en de juiste terminologie – redelijk op één lijn met de strategie van daarvoor. Bij de evaluatie is gebleken dat er toch behoefte bestaat om de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie te actualiseren. Dit is grotendeels te verklaren door de inwerkingtreding van de Omgevingswet, welke grote gevolgen met zich heeft meegebracht. Er zijn nieuwe werkprocessen opgekomen, waar de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie 20242027 op dit moment niet in voorziet. Het gaat hierbij met name om de werkzaamheden rondom de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) en de BOPA’s. Rondom de Wkb is gekozen om het proces nu te borgen in het Uitvoeringsprogramma VTH 2026 & Jaarverslag VTH 2025. Wat betreft de BOPA’s vindt een intensievere, andersoortige samenwerking plaats tussen de medewerkers Vergunningen en Ruimtelijke Ordening, welke voorheen niet op deze manier was ingericht. In 2025 is dit werkproces verder uitgediept, wat ook een aantal personeels- en taakwisselingen met zich heeft meegebracht. Daarnaast heeft de gemeente Rucphen in 2024 nieuwe kernwaarden vastgesteld en zijn nieuwe dan wel andere vormen van regionale samenwerking tot stand gekomen.

Bovendien is bij het onderdeel Toezicht de keuze gemaakt om expliciet meer in te gaan zetten op ondermijning, brandveiligheid en grootschalige thema-controles / actiedagen (o.a. brandveiligheid, horeca, prostitutie, huisvesting arbeidsmigranten, etc.). Hoewel dit is opgenomen in het Uitvoeringsprogramma VTH 2026 & Jaarverslag VTH 2025, zijn deze elementen op dit moment niet geborgd in de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie 2024-2027. Tot slot zijn gedurende 2024 workshops gehouden om tot een lokale prioriteringsmatrix te komen en relevante landelijke en gemeentelijke ontwikkelingen in kaart te brengen. Deze worden jaarlijks door de VTH-medewerkers herzien. Deze resultaten zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma VTH 2026 & Jaarverslag VTH 2025, maar zijn op dit moment niet geborgd in de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie. In Q1 2026 wordt bovendien een nieuw evenementenbeleid opgesteld. Daarnaast zijn er in 2025 enquêtes gehouden rondom de medewerkers-tevredenheid en de Kwaliteitscriteria 3.0. Deze elementen worden geregeld geëvalueerd. Ook deze werkprocessen zijn op dit moment niet verankerd in de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie 2024-2027. Belangrijk om te vermelden is dat de onderliggende doelen en strategieën grotendeels gelijk zijn gebleven. Er is dan ook geen aanleiding om deze grondig aan te passen.

We vinden het echter wel belangrijk om de nieuwe prioriteiten, werkprocessen en uitdagingen te borgen in de Uitvoerigs- & Handhavingsstrategie. De doelstelling was om de huidige Uitvoerings- & Handhavingsstrategie gedurende 2025 te evalueren en in 2026 opnieuw vast te stellen. Er heeft in 2025 een lokale evaluatie plaatsgevonden, maar er is op dit moment nog geen nieuwe strategie opgesteld. Dit wordt in 2026 regionaal in samenwerking met de De6 opgepakt. Daarmee wordt de Uitvoerings- & Handhavingsstrategie eerder opnieuw vastgesteld dan strikt noodzakelijk (2027), maar is deze wel actueel, in lijn met feitelijke werkprocessen en aangepast aan (de gevolgen van) nieuwe wetgeving. 13.3. IBT De resultaten van de IBT-beoordeling worden meegenomen in het Uitvoeringsprogramma VTH voor het volgende jaar. Een reflectie op het beoordelingsrapport van het IBT van vorig jaar, alsmede hoe de gemeente daarmee is omgegaan, zijn daarom reeds toegelicht onder hoofdstuk 5. De leerpunten uit voorgaande jaren worden meegenomen en waar nodig doorgevoerd in de plannen voor het volgende jaar. 13.4. Ontwikkelingen In 2025 hebben een aantal belangrijke ontwikkelingen invloed gehad op de werkzaamheden. Hieronder wordt op verschillende ontwikkelingen teruggeblikt. De Omgevingswet wordt hierin niet apart meegenomen, nu deze wet de gehele VTH-taken omvat en alle werkprocessen beïnvloed.

De verwachte ontwikkelingen hierin voor 2026 zijn reeds omschreven onder 6.1.1.

51

13.4.1. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Vanuit de gedachte dat de bouwkwaliteit van bouwwerken kan en moet worden verbeterd, is er ook voor de bouwplantoetsing en het bouwtoezicht een nieuw stelsel ingegaan. Daarbij worden ook bouwpartners zelf meer verantwoordelijk voor de bouwkwaliteit. Dit wordt geregeld via de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. De werkprocessen zijn hierop gedurende 2023 en 2024 ingericht en waar nodig op praktijkervaringen aangepast.6 Op dit moment heeft de gemeente Rucphen het werkproces omtrent de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen als volgt ingericht: Bouwmeldingen De medewerkers van Vergunningen toetsen binnen vier weken na het ontvangen van de bouwmeldingen of de melding volledig en juist is. Zo ja, dan ontvangt de melding een akkoordbevinding. Zo nee, dan wordt de melding beschouwd als niet gedaan en wordt de melder bericht dat er een nieuwe – volledige en juiste – melding dient te worden gedaan. Tijdens de bouw Er kunnen verschillende redenen zijn om een medewerker Toezicht toch ter plaatse te laten gaan tijdens de bouw. Denk bijvoorbeeld aan klachten en/of meldingen over (vermeende) strijdigheden en excessen. Daarnaast kan de kwaliteitsborger contact opnemen bij de gemeente of zelfs een verzoek om handhaving indienen. Waar nodig kan extra informatie opgevraagd worden en/of gaat een toezichthouder van de gemeente ter plaatse langs.

Gereedmeldingen De medewerkers van Toezicht toetsen binnen twee weken na het ontvangen van de gereedmelding of de melding volledig en juist is. Zo ja, dan ontvangt de melder een akkoordbevinding. Zo nee – of wanneer de constatering van de kwaliteitsborger daartoe aanleiding geeft – wordt in overleg met de medewerkers van Handhaving bezien of een handhavingstraject noodzakelijk en wenselijk is. Om de gemeentelijke risicobeoordeling en prioritering niet uit het oog te verliezen is hiervoor een gemeentelijk kader opgesteld: Categorie

Maatregel

Categorie 0

Geen handhavingstraject

Categorie 1

Waarschuwingsbrief

Categorie 2

Bestuurlijke boete7

Categorie 3

Last onder dwangsom

Categorie 4

Verbod op ingebruikname

Toelichting De risico’s zijn dermate laag dat er geen handhaving noodzakelijk dan wel wenselijk wordt geacht. De risico’s zijn dermate laag dat een handhavingstraject niet noodzakelijk dan wel wenselijk wordt geacht. De eigenaar/overtreder wordt wel schriftelijk op de hoogte gebracht van de overtreding en wordt geadviseerd om de overtreding (waar mogelijk) te beëindigen/herstellen. Wanneer de overtreding niet (makkelijk) te herstellen is, maar wel een strijdigheid oplevert en relatief lage risico’s met zich meebrengt, kan gebruik worden gemaakt van een bestuurlijke boete. Wanneer de overtreding een risico met zich meebrengt, kan gebruik worden gemaakt van een last onder dwangsom om de strijdigheid te (laten) herstellen. Wanneer de overtreding dermate hoge risico’s met zich meebrengt, kan in het uiterste geval worden besloten om over te gaan tot een verbod op ingebruikname (tot de strijdigheden zijn hersteld).

Gedurende het gehele proces is een goede communicatie tussen de verschillende medewerkers die belegd zijn met VTH-taken nodig, zoals reeds gebruikelijk. Tot en met 2028 zal deze wetgeving geleidelijk uitgebreid gaan worden. Wanneer nodig, worden bovenstaande werkprocessen herzien.

In de U&H strategie (7.2) zijn toetsingsniveaus opgenomen. Met de komst van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen zijn deze niveaus niet meer relevant voor initiatieven die onder de Wkb vallen. 7 Let op: de gemeente Rucphen werkt op dit moment nog niet met de bestuurlijke boete, maar wil in 2025 wel naar een mogelijke implementatie hiervan gaan kijken. Beleidsmatig wordt daarom alvast gekeken naar waar deze maatregel een plaats zou kunnen hebben. 6

52

13.4.2. Wet BAG Als gemeente zijn we bronhouder van twee basisregistraties: de BGT (Basisregistratie Grootschalige Topografie) en de BAG (Basisregistratie Adressen en Gebouwen). Beide registraties hebben wettelijke verplichtingen voor het opnemen van de feitelijke situatie (legaal of illegaal). Doordat er voor wijzigingen in of aan panden niet altijd vergunningen nodig zijn, moeten wij als beheerder op basis van onder andere inschrijvingen en luchtfoto’s de feitelijke situatie registreren. Mutaties in de BGT en BAG moeten actief worden opgespoord en doorgevoerd in beide registraties. De verdergaande deregulering (meer vergunningsvrij bouwen) van de rijksoverheid en het steeds meer aan de markt overlaten staat dus haaks op de uitgangspunten van de wet BAG die voorschrijft dat een gemeente alle panden in beeld moet hebben. Het betekent dat een gemeente verplicht is de nodige inzet te plegen voor de Wet BAG op toezicht en handhaving van de panden. Bovendien is de wet omtrent BRP-inschrijvingen aangescherpt en dienen deze gekoppeld te zijn aan BAG-objecten. In 2024 en 2025 is daarom vanuit het project Vitale Recreatieparken extra aandacht besteed aan BAG-objecten en -standplaatsen op onze recreatieparken. Met de komst van een nieuwe collega op het BAG-gebied zijn de werk- en controleafspraken tussen de medewerkers VTH en de BAG-gegevensbeheerder opnieuw geëvalueerd. 13.4.3.

Wet goed verhuurderschap Sinds 1 juli 2023 is de Wet goed verhuurderschap van kracht. Deze wet geeft gemeenten meer mogelijkheden om ongewenst verhuurgedrag, zoals woondiscriminatie, intimidatie, onredelijke servicekosten en een te hoge borg tegen te gaan. Met een verhuurvergunning kunnen aanvullende eisen aan verhuurders worden gesteld zoals een eerlijke huurprijs en tijdig onderhoud van de woonruimte. Sinds 1 januari 2024 beschikt de gemeente Rucphen over een meldpunt waar inwoners meldingen kunnen doen. De gemeente Rucphen kent echter weinig private huur. In 2024 zijn dan ook geen meldingen binnengekomen op het meldpunt. Eind 2024 is ingezet op een training omtrent de Wet goed verhuurderschap en de Wet betaalbare huur, zodat medewerkers wel up-to-date blijven. In 2025 zijn voor het eerst een tweetal meldingen ontvangen. Er wordt gemonitord wanneer een actualiseringstraining noodzakelijk is. De verwachting is echter dat er wederom weinig tot geen meldingen zullen worden gedaan in 2026. 13.5. Monitoring en registratie De kwaliteitsvoorwaarden en -criteria voldoen en zijn reeds besproken in hoofdstuk 7. Onder deze paragraaf wordt verder geëvalueerd over stappen die in 2025 zijn ondernomen om de monitoring en registratie en de kwaliteitsvoorwaarden en -criteria verder te bevorderen. In samenwerking met Informatievoorzieningen wordt het zaaksysteem steeds geëvalueerd.

In 2025 heeft een organisatiebrede evaluatie plaatsgevonden. In 2026 vindt een grote herinrichting plaats. Hierbij is rekening gehouden met de Omgevingswet en zijn de zaken zo ingericht dat deze automatisch gekoppeld zijn aan de wettelijke bewaartermijnen uit de Archiefwet. Ook de standaarddocumenten welke gekoppeld zijn aan deze zaaktypen zijn opnieuw geëvalueerd. Bovendien zijn verschillende werkprocessen gedurende 2024 en 2025 geëvalueerd en aangepast aan de praktijkervaringen die de inwerkingtreding van de Omgevingswet met zich heeft meegebracht, onder meet het gebruik van CLO. Onder 13.4.2. zijn de stappen beschreven die zijn ondernomen om de basisregistratie BAG up-to-date te houden. 13.6. Capaciteit In het Uitvoeringsprogramma VTH 2025 hebben we onze taken zoveel mogelijk gepland. Hierbij is onder andere gebruik gemaakt van kentallen en ervaringscijfers. Als we kijken naar onze planning in 2025 blijkt dat in een aantal gevallen de planning klopt, maar in een aantal gevallen ook niet. In dit hoofdstuk wordt hier verder op ingegaan.

53

Op basis van de gegevens van 2025 kan geconcludeerd worden dat er voldoende capaciteit was in 2025 voor het reguliere/structurele werk en de geplande projecten. Inhuur van derden en het maken van overuren is gedurende 2025 langzaam uitgefaseerd door het herverdelen van de werklast en de inzet op extra formatie. Aandacht was er in 2025 voor openstaande vacatures. De volgende vacatures hebben opengestaan gedurende 2025: Vergunningverlener APV en bijzondere wetten (0,5 fte) Juridisch medewerker handhaving en veiligheid (0,8 fte) Juridisch adviseur handhaving en veiligheid (1,0 fte) Casemanager vergunningen (2 fte) Boa/inspecteur handhaving (2 fte) Daarnaast heeft de gemeenteraad eind 2025 besloten om in de begroting van 2026 ruimte te ramen voor 2 fte boa/inspecteur handhaving extra. Al met al is adequaat ingezet op binnenkomende klachten en incidenten. De urenregistratie van klachten en meldingen wordt per taakveld bijgehouden. Hieronder is een schatting van de besteedde uren in 2025 opgenomen. Gelet op het aantal klachten en de tijd die nodig was in 2025 om een klacht gedegen op te pakken, met name voor de Omgevingswettaken, bleek een strakkere prioritering noodzakelijk. Met als basis de risicoanalyse, welke onderdeel uitmaakt van de U&H-strategie, zijn meldingen geprioriteerd.

In 2024 bleek daarbij meer afstemming tussen de VTH-medewerkers gewenst, mede omdat verschillende werkprocessen door de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn gewijzigd. Om dit meer te laten leven bij collega’s en de prioritering te actualiseren, zijn er gedurende 2024 verschillende workshops gepland om hier aandacht aan te besteden. Gedurende 2025 is aandacht besteed aan het implementeren van de gemaakte afspraken. 13.7. VTH Omgevingswet In de tabel hieronder wordt een vergelijking gemaakt tussen de geraamde uren voor 2025, de gerealiseerde uren in 2025 en de geraamde uren voor 2026. Onder de tabel wordt per thema ingegaan op eventuele verschillen en wordt verder gereflecteerd op overige ervaringen uit 2025.

9. 9.1. 9.3. 9.3.1. 9.3.2. 9.3.3. 9.3.4. 9.4. 9.4.1. 9.4.2. 9.4.3. 9.4.4. 9.5. 9.5.1. 9.5.2. 9.5.3. 9.5.4. 9.6. 9.6.1. 9.6.2. 9.6.3. 9.6.4.

VTH Omgevingswet 2024 Klachten, calamiteiten en meldingen Bouwen en verbouwen Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving Cultureel erfgoed Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving Slopen Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving Ruimtelijke ordening en strijdig gebruik Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving

Urenraming 2025 12.184 700 2.695 70 1.780 480 365 238 70 116 40 12 291 70 141 56 24 2.623 70 1.665 426 462

Gerealiseerde uren 2025 11.703 700 3.034 70 2.124 480 360 219 70 116 25 8 373 70 233 60 10 2.370 70 1.435 385 480

Urenraming 2026 12.609 1.000 2.695 70 1.780 480 365 238 70 116 40 12 291 70 141 56 24 2.623 70 1.665 426 462

54

9.7. 9.7.1. 9.7.2. 9.7.3. 9.7.4. 9.8. 9.8.1. 9.8.2. 9.8.3. 9.8.4. 9.9 9.9.1. 9.9.2. 9.9.3. 9.9.4. 9.10. 9.10.1. 9.10.2. 9.10.3. 9.10.4. 9.11

Brandveiligheid Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving Milieu Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving Vellen houtopstanden Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving Projecten Huisvesting bijzondere doelgroepen Vitaal Buitengebied Landelijke Aanpak Adreskwaliteit Recreatieparken Wet Bibob

879 70 145 433 231 1.413 400 513 20 480 1.245 70 405 497 273 1.350 250 250 100 750 300

1.161 70 141 600 350 1.363 400 513 25 425 1.119 70 389 500 160 1.550 200 250 100 1.000 250

879 70 145 433 231 1.288 400 513 20 355 1.245 70 405 497 273 1.350 250 250 100 750 300

Algemeen Uit bovenstaande tabel blijkt dat de planning voor 2025 vrij reëel is geweest. Hieronder wordt per thema ingegaan op de verschillen. 2025 werd nog steeds gekenmerkt door de inwerkingtreding van de Omgevingswet. In 2023 en 2024 is flink geïnvesteerd in het opdoen van kennis. Dit heeft zijn vruchten afgeworpen in 2025. Hoewel er in 2025 wat minder vergunningen werden aangevraagd, werden er – met name door team vergunningen – in de geraamde tijd die over was al veel voorbereidende werkzaamheden getroffen op bovenstaande thema’s voor het project Omgevingsplan dat vanaf 2026 in een stroomversnelling komt. Bovenstaande laat zien dat er over het algemeen wat minder uren zijn besteed aan VTH Omgevingswet. Dit komt omdat met name de juridische capaciteit wat meer aandacht heeft moeten hebben voor openbare orde problematiek. Al met al zijn procedures en processen gedurende 2025 soepel verlopen. Intern was veel aandacht voor onderlinge communicatie, het bewaken van termijnen en borgen van werkprocessen. Dit wordt in 2026 voortgezet. Er bestaat bij de gemeente (en haar partners) een goede termijnbewaking. Om binnen de termijn van orde te blijven zoals genoemd in de Algemene wet bestuursrecht, zullen aanvragen, waarvan de aanvullende informatie niet tijdig wordt verkregen, buiten behandeling worden gesteld. Termijnoverschrijding wordt hiermee voorkomen.

Aanvullend is er steeds meer aandacht voor integrale samenwerking tussen verschillende teams, afdelingen en partners onder de Omgevingswet. Doelen en coördinatie Er is gebleken dat er behoefte bestaat om verschillende beleidsstukken en verordeningen te actualiseren. Deze doelstelling bestaat al enige tijd, maar hier was binnen de huidige capaciteit tot nu toe weinig ruimte voor gebleken. In 2025 is hier meer prioriteit voor geraamd. Onder andere is er een Evenementenbeleid geschreven en zijn de Nota standplaatsen en de Marktverordening geactualiseerd. In 2026 wordt dit doorgezet met onder meer actualisatie van het Damoclesbeleid. Klachten, calamiteiten en meldingen Er zijn in 2026 meer uren geraamd voor klachten, calamiteiten en meldingen. In 2026 wordt de capaciteit uitgebreid met twee extra boa’s. Een deel van deze uren is op dit thema geboekt om hier meer aandacht aan te kunnen besteden. Het aantal meldingen – en daarmee het aantal toezichtsen handhavingskwesties – blijft al een aantal jaar licht stijgen. Er is met name een verschuiving te zien naar langslepende burenconflicten, welke over en weer melden of zelfs verzoeken om handhaving doen. Er wordt actief gewezen op de mogelijkheid van buurt-bemiddeling, maar soms staan buren hier niet meer voor open.

Daarnaast is de ambitie om eerst met mogelijk overtreders in gesprek te gaan en kansen te bieden om de situatie zelf op te lossen, alvorens wordt

55

overgegaan op een formeel handhavingstraject. Deze aanpakt werkt goed en past bij de dienstverlenende ambities van de gemeente Rucphen, maar kost wel tijd. Bouwen en verbouwen Over het algemeen is de urenbesteding hiervoor licht gestegen. We hebben een piek in aanvragen gezien die nu langzaam afneemt. Daarnaast vraagt toetsing wegens gewijzigde wetgeving soms nog meer tijd dan gedacht. Verder zien we een trend naar meer handhavingskwesties en verzoeken om handhaving en minder repressief toezicht, vanwege de stijging in vergunningsvrije activiteiten. De verwachting is daarom dat de urenbesteding, met name op het gebied van vergunningen, in 2026 weer licht daalt. Cultureel erfgoed Tot 2025 waren hiervoor geen aparte uren geraamd, terwijl deze wel gemaakt werden. In 2025 is dan ook een specifieke medewerker aangewezen die deze taken coördineert. Desondanks is de geplande inzet relatief laag vergeleken met andere categorieën, omdat de gemeente Rucphen sinds jaar en dag advies inwint van externe partijen op dit thema. Tot 2025 was dit de ODZOB, vanaf 2026 zal samengewerkt gaan worden met Dorp, Stad en Land. Handhavingszaken op het gebied van cultureel erfgoed komen vrijwel nihil voor. Eind 2025 is een parapluplan opgesteld voor al het cultureel erfgoed van de gemeente.

In het kader van zorgvuldige planvorming is aandacht besteed aan de bescherming van cultuurhistorische waarden binnen het plangebied. De reikwijdte van het plan is verbreed: naast archeologische en cultuurhistorisch waardevolle bebouwing zijn nu ook rijksmonumenten, provinciaal vastgelegde cultuurhistorische vlakken, landgoederen, landbouwenclaves en toegangslaan met veldkapel opgenomen. Deze integrale benadering zorgt voor een eenduidige en overzichtelijke bescherming van erfgoedwaarden binnen de gemeente. De genoemde elementen zijn vastgelegd op de verbeelding van het omgevingsplan. Hierbij geldt dat de planregels geen wijzigingen aanbrengen in de beschermingsregimes die reeds van toepassing zijn op grond van rijks- of provinciale regelgeving. In 2026 is de doelstelling om een aanvullend erfgoedbeleid op te stellen. Slopen Activiteiten op het gebied van slopen worden summier uitgevoerd door de medewerkers van de gemeente Rucphen. Deze taken liggen met name bij de OMWB. Wel merken we dat de behoefte aan informatie en juridisch advies gedurende de afgelopen jaren gestaag toeneemt. Voor nu is er nog geen aanleiding geweest om de urenbesteding voor volgend jaar te verlagen. Ruimtelijke ordening en strijdig gebruik De urenbesteding hierop is vrij gelijk gebleven. Bij het taakveld handhaving zien we over het algemeen wat minder zaken binnen dit thema.

Vaak is strijdig gebruik een bijkomende strijdigheid, die tegelijkertijd met een andere strijdigheid bestaat. In de praktijk wordt daarmee meer aandacht besteed aan andere strijdigheden. Tegelijkertijd zien we vaker vergunningsaanvragen waarbij bovenop een activiteit – of al dan niet tijdelijk – moet worden afgeweken van het ter plaatse toegestane gebruik. Dit vergt vaak enige uitzoektijd. Bovendien gaat die thema in 2026 meer spelen, wanneer van alle betrokken disciplines actiever input voor het Omgevingsplan gevraagd gaat worden. De verwachte urenbesteding is daarom niet verlaagd voor 2026. Brandveiligheid Dit bleef een belangrijk thema in 2025. De samenwerking met de brandweer is veelvuldig opgezocht, voor zowel informatie, als advies, als ondersteuning bij toezicht. Er hebben een aantal handhavingstrajecten gelopen omtrent brandveiligheid, welke ook veel toezichtscapaciteit vroegen. Er zijn bewust meerdere controles op brandveiligheid uitgevoerd bij verschillende horecagelegenheden. Hier kwam veel strijdige informatie uit. Dit vroeg veel toezicht- en handhavingscapaciteit. De doelstelling is om in 2026 actief te blijven inzetten op dit thema. Ook bij het project Recreatieparken is veel aandacht (geweest) voor brandveiligheid.

Milieu Het gaat hierbij met name om de coördinatie van beleidszaken en de werkafspraken met de OMWB, alsmede coördinatie aangaande toezicht en handhaving. Vanaf 2026 wordt op het gebied

56

van dat laatste een iets lagere inzet verwacht, omdat de OMWB in 2025 een mandaat voor handhavingszaken heeft gekregen. Tegelijkertijd wordt hierop nog wel coördinatie verwacht. Uitgangspunt voor vergunningverlening, afhandeling van meldingen en klachten, toezicht en handhaving is het behouden van het adequate niveau. Ook in 2025 is de gemeente hierin geslaagd. Waar nuttig en noodzakelijk heeft de gemeente rekening gehouden met de verruimde reikwijdte, dan wel de toepassing van best beschikbare technieken (BBT). Het toepassen van de verruimde reikwijdte houdt in dat naast de traditionele onderwerpen (leefbaarheidsaspecten), ook aandacht wordt besteed aan duurzaamheidsaspecten. Als een bedrijf een bepaalde drempelwaarde overschrijdt, kan de gemeente regulerend optreden (voorschriften verbinden aan de vergunning of het stellen van meetwerkvoorschriften bij een melding in het kader van het Activiteitenbesluit). Bij bedrijven die de drempelwaarden onderschrijden of overschrijven, volgt de gemeente vrijwel altijd het stimulerende spoor: voorlichting over energie- en waterbesparing, afvalpreventie en afvalscheiding. Er wordt in dit jaarverslag niet verder ingegaan op de werkzaamheden die door de OMWB zijn uitgevoerd, hier evalueert de OMWB zelfstandig en separaat over. Welke bedrijven de OMWB controleert in een jaar ligt vast in het werkprogramma.

Dit werkprogramma wordt jaarlijks regelmatig gemonitord en besproken door de gemeente en de OMWB. De verslaglegging daarover vindt plaats middels de jaarrapportage van de OMWB, waarbij de OMWB aan haar raad van bestuur (deelnemende gemeenten) verslaglegging doet over de gemaakte werkafspraken, behaalde resultaten en financiën. De P&C documenten van de OMWB worden rechtstreeks doorgezet naar de gemeenteraad. In de bijlagen (14.5 en 14.6) treft u het werkprogramma van de OMWB voor 2026 en de evaluatie van de OMWB. Vellen houtopstanden Uit het Jaarverslag VTH 2023 volgde de aanbeveling om de uren die de VTH-medewerkers besteden aan het thema groen te registeren. Er waren hier voorheen geen uren voor geraamd, terwijl dit in de praktijk wel veel aandacht vraagt. Deze aanbeveling is sindsdien doorgevoerd. In 2025 is wat minder uur aan deze taak besteed, omdat er minder verzoeken om handhaving op dit thema zijn binnengekomen dan in het jaar daarvoor. Projecten In 2025 zijn minder meldingen binnengekomen over de (illegale) huisvesting van arbeidsmigranten. Er is daarom iets minder inzet geweest op dit project. Hier blijft wel inzet op gepleegd worden, ook steeds vaker met grootschaligere integrale controles. Deze aanpak is in 2025 goed bevallen. In het kader van het project ‘Vitaal Buitengebied’ werd vanaf 2019 extra ingezet op controles in het buitengebied.

In 2024 is dit project opnieuw geëvalueerd en wordt vanaf nu meer repressief ingezet (zie ook 9.10.2.). Tegelijkertijd is er een pilot gedraaid met het programma Obscope, waarmee verschillende actiedagen zijn gepland. Deze pilot wordt voortgezet in 2026. Ook blijven we in gesprek gaan met de inwoners en ondernemers van het buitengebied om hun behoeften op te halen. Het project ‘Vitale Recreatieparken’ vroeg in 2025 wederom veel tijd (zie ook 9.10.4). Er zijn extra controles uitgevoerd op brandveiligheid. Dit was van tevoren niet de verwachting. De verwachting is dat dit project vanaf 2026 minder inzet zal vragen. Wet Bibob In januari 2024 is het nieuwe Bibob-beleid van de gemeente Rucphen in werking getreden. Het aantal te Bibobben terreinen wordt gefaseerd ingevoerd. In 2024 zijn we gestart met het uitvoeren van een Bibob-toets in het kader van vastgoedtransacties. Na evaluatie worden deze toetsen in de toekomst uitgebreid naar aanbestedingen. Vanwege een vacature die een tijdlang vacant is geweest, is wat minder uur besteed aan deze taak dan in 2024. In 2026 wordt dit weer met volle inzet opgepakt.

57

13.8. APV en bijzondere wetten In de onderstaande tabellen vindt een nadere verantwoording plaats van de taakvelden rondom de APV. Zo wordt nader ingegaan op de verleende vergunningen en ontheffingen en wordt nader inzicht gegeven in het aantal uitgevoerde controles. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2025 waren meer uren geraamd voor het uitvoeren van controles op de Alcoholwet. Verschillende Boa’s hebben gedurende 2024 namelijk hun kwalificaties behaald en getraind voor het uitvoeren van controles hierop. Wegens personeelswisselingen en andere prioriteiten heeft dit onderwerp minder aandacht gekregen dan gewenst. De doelstelling is daarom opnieuw om hier vanaf 2026 meer aandacht aan te gaan besteden.

10. 10.1.1. 10.1.2. 10.1.3. 10.1.4.

APV en bijzondere wetten Doelen en coördinatie Taakveld vergunningen Taakveld toezicht Taakveld handhaving

Urenraming 2025 4.173 200 1.357 2.015 600

Gerealiseerde uren 2025 4.027 200 1.200 2.022 605

Urenraming 2026 4.750 200 1.357 2.500 693

Urenraming 2025 562,5 60 380 80 300 70 15 15 40 28 28 0 8 1 5 2 61 0 1 38 23

Gerealiseerde uren 2025 569 60 380 80 300 70 15 15 40 25 20 5 6 1 3 2 90 0 1 40 49

Urenraming 2026 750 60 380 80 300 70 15 15 40 28 28 0 8 1 5 2 61 0 1 38 23

Taakveld vergunningen

Informatieverzoek Vooroverleg Evenementen Melding evenementen Evenementenvergunning Drank en horeca Melding leidinggevenden Artikel 35 ontheffing Alcoholwet vergunning Exploitatie Exploitatievergunning Exploitatievergunning seksinrichting Kansspelen Kansspelautomaten Bingo’s Loterijen Overig Reclame- en aankondigingsborden Collectes Voorwerpen op de weg ontheffing Standplaatsvergunning & markt Taakveld toezicht

Tot 2024 waren de uren van de Boa’s met name op het gebied van de APV onvoldoende inzichtelijk. In 2024 zijn deze uren ook inzichtelijk gemaakt en is daarmee een nieuwe onderverdeling van het taakveld toezicht onder APV en bijzondere wetten tot stand gekomen. In 2025 is daarom significant meer uur geraamd voor deze taak. Deze urenverdeling heeft prettig gewerkt en wordt in de toekomst ook op deze manier gehanteerd. Hieronder wordt gereflecteerd op de gerealiseerde uren en is de urenraming voor 2026 uiteen gezet. Deze is op een aantal punten hoger, vanwege de formatie die in 2025 met twee extra Boa’s wordt uitgebreid.

58

Administratie en coördinatie Algemene surveillance Meldingen Fixi en OC Evenementen Drank en horeca Exploitatievergunningen Kansspelen, bingo’s en loterijen Reclame- en aankondigingsborden Collectes Verkeer, parkeren en stallen Voorwerpen op of aan de weg Overlast (o.a. jeugd, geluid, dieren) Marktmeester

Urenraming 2025 225 125 100 275 300 10 10 0 0 50 20 800 100

Gerealiseerde uren 2025 196 150 150 389 34 39 0 0 0 70 30 864 100

Urenraming 2026 250 275 220 325 300 20 20 0 0 100 40 850 100

Taakveld handhaving Tot 2024 waren de uren voor dit taakveld onvoldoende inzichtelijk. In 2024 zijn deze uren opnieuw inzichtelijk gemaakt en is daarmee een nieuwe onderverdeling van het taakveld toezicht onder APV en bijzondere wetten tot stand gekomen. Deze urenverdeling heeft prettig gewerkt en wordt in de toekomst ook op deze manier gehanteerd. Hieronder wordt gereflecteerd op de gerealiseerde uren en is de urenraming voor 2026 uiteen gezet. Deze is op een aantal punten hoger, vanwege de formatie die in 2025 met twee extra Boa’s wordt uitgebreid. Daarnaast is er wat meer juridische capaciteit geraamd, vanwege uitbreiding van de formatie met een extra juridisch medewerker.

Vergunningen Wegsleepverordening Voorwerpen op of aan de weg Overige APV-overtredingen (juridisch) Overige APV-overtredingen (boa’s, waarschuwingen) Overige APV-overtredingen (boa’s, sancties)

Urenraming 2025 281 58 58 17 115 72

Gerealiseerde uren 2025 270 60 60 20 120 75

Urenraming 2026 319 58 58 29 143,75 86

13.9. Openbare orde en veiligheid In de onderstaande tabellen vindt een nadere verantwoording plaats van de taakvelden rondom toezicht en handhaving in relatie tot openbare orde en veiligheid. Zoals eerder toegelicht zijn in 2024 de uren van de Boa’s en juridische handhaving opnieuw inzichtelijk gemaakt en onderverdeeld in taakgebieden. De tabellen hieronder laten de gerealiseerde uren van 2025 en de urenraming voor 2026 zien. Er zijn wat meer uren naar het buitengebied gegaan en minder naar ondermijning. Voor aankomend jaar is de doelstelling om meer in te zetten op ondermijning. Het aantal Opiumwetsluitingen is licht gestegen. Jeugd speelt als thema veelvuldig op. In 2024 en 2025 zijn hier vele uren aan besteed, de verwachting is dat dit zich in 2026 door zal blijven ontwikkelen. De vuurwerkperiode heeft ook onze aandacht. Het verhogen van de meldingsbereidheid (met name in het buitengebied) blijft ook onze aandacht hebben. Er wordt veel geïnvesteerd op risico’s en omgeving. Er hebben verschillende projecten gelopen. In 2024 was er veel aandacht voor de CNO en de opvang van Oekraïners. In 2025 was er extra aandacht voor het natuurbeheersplan en de nieuwe Defensie kazerne, in samenwerking met verschillende partijen. De Veiligheidsregio speelt hier ook een grote rol in. Crisis blijft onze aandacht houden.

Lokaal vervullen we een aantal functies in de crisisorganisatie, die moeten op orde zijn. Iedereen moet geoefend en getraind zijn. Ook in 2026 blijft geïnvesteerd worden op integrale acties. De urenraming is op een aantal punten hoger, vanwege de formatie die in 2025 met twee extra Boa’s wordt uitgebreid. Daarnaast is er wat meer juridische capaciteit geraamd, vanwege uitbreiding van de formatie met een extra juridisch medewerker.

59

11. 11.1. 11.3.1. 11.3.2. 11.4. 11.4.

Openbare orde en veiligheid Doelen en coördinatie Ondermijning Crisis Toezicht en handhaving (boa’s) Toezicht en handhaving (juridisch)

Urenraming 2025 8.065 2.250 900 800 3.265 850

Gerealiseerde uren 2025 8.340 2.250 1.022 800 3.363 905

Urenraming 2026 8.550 2.250 1.000 800 3.500 1.000

Toezicht en handhaving (boa’s)

Administratie en coördinatie Algemene surveillance Meldingen Fixi en OC Casuïstiek overleg Buurtpreventie en verbinding Omgevingsveiligheid Integrale acties Vuurwerk Overige overtredingen (waarschuwingen) Overige overtredingen (sancties)

Urenraming 2025 700 825 775 125 125 100 400 125 50 40

Gerealiseerde uren 2025 700 825 800 115 100 100 400 243 45 35

Urenraming 2026 700 825 850 150 250 100 410 125 50 40

Urenraming 2025 437,5 150 37,5 100 125

Gerealiseerde uren 2025 450 75 50 30 300

Urenraming 2026 462,5 150 37,5 100 250

Taakveld handhaving (juridisch)

Toepassen artikel 13b Opiumwet Waarschuwingen Aanwijzingsbesluit cameratoezicht Samenscholingsverbod, gebiedsverbod, etc. Overig advies openbare orde problematiek 13.10. Communicatie

Het Uitvoeringsprogramma VTH 2026 en Jaarverslag VTH 2025 worden na vaststelling door het college bekend gemaakt aan de betrokken partijen. Het IBT-beoordelingsrapport wordt gelijktijdig met dit Uitvoeringsprogramma VTH 2026 en Jaarverslag VTH 2025 ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad. Daarnaast worden deze documenten gepubliceerd. In 2026 blijft het onderwerp communicatie en het uitdragen van onze waarden onze aandacht hebben. Er is extra aandacht voor profilering: laten zien wat we doen.

60

14. Bijlagen 14.1. Risicomatrix LHSO

61

14.2. Risicomatrix De6

62

63

14.3. Prioriteringsmatrix lokaal Vergunningen Vergunningsplichtige activiteit Bouwen en verbouwen Bouwen van nieuwbouw - Wonen 1 - Wonen 2 - Wonen 3 - Publiek 1 - Publiek 2 - Publiek 3 - Bedrijven 1 - Bedrijven 2 - Bedrijven 3 - Bedrijven 4 - Overig Verbouwen van bestaande bouw - Wonen 1 - Wonen 2 - Wonen 3 - Publiek 1 - Publiek 2 - Publiek 3 - Bedrijven 1 - Bedrijven 2 - Bedrijven 3 - Bedrijven 4 - Overig Verbouw/aanpassing aan cultureel erfgoed Tijdelijk bouwwerk (behorende bij ‘Wonen’) Plaatsen van een erf- of terreinafscheiding Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Slopen Sloopmelding - Zonder asbest - Met asbest Sloopvergunning Ruimtelijke ordening Afwijken omgevingsplan binnenplans Afwijken omgevingsplan buitenplans Tijdelijk afwijken omgevingsplan Mantelzorg Aanleggen Brandveiligheid Evenementen & overige plaatsen Gebouwgroep 1 Gebouwgroep 2 Gebouwgroep 3 Gebouwgroep 4 Gebouwgroep A Gebouwgroep B Gebouwgroep C Risicovolle gebouwen Milieu Bedrijven, milieucategorie 1 Bedrijven, milieucategorie 2 Bedrijven, milieucategorie 3 Bedrijven, milieucategorie 4 LPG benzinestations Opslag vuurwerk

Prioritering

4 2 1 3/4 2 1/2 3 2/3 2 1 1 4 2 1/2 3/4 2 2 3 2/3 2 1 1/2 1/2 3 4 4

3 2 2 2/3 1 2/3 2/3 3 2 1 1 1 1 1/2 2 1 1 2 2 1 1 1 1

64

Vellen houtopstanden Kappen (geen Groene Kaart, vergunningplicht op grond van omgevingsplan) Kappen (Groene Kaart) APV en bijzondere wetten In-/uitrit Voorwerpen op of aan de weg (incl. gebruik openbare plaats) Inzameling van geld of goederen of leden of donateurswerving Betoging, demonstratie, openbare manifestatie Markten (Marktverordening) Standplaatsvergunning Evenement Exploitatie openbare inrichting Alcoholwetvergunning Seksbedrijf/prostitutie Overige ontheffingen Prioriteit: (1) zeer hoog, (2) hoog, (3) gemiddeld, (4) laag, (5) zeer laag.

3 2 4 3 4 1/2 2/3 3 1/2 1/2 1/2 2 3

Toezicht en handhaving Taakveld Bouwen en verbouwen Bouwen van nieuwbouw - Wonen 1 - Wonen 2 - Wonen 3 - Publiek 1 - Publiek 2 - Publiek 3 - Bedrijven 1 - Bedrijven 2 - Bedrijven 3 - Bedrijven 4 - Overig Verbouwen van bestaande bouw - Wonen 1 - Wonen 2 - Wonen 3 - Publiek 1 - Publiek 2 - Publiek 3 - Bedrijven 1 - Bedrijven 2 - Bedrijven 3 - Bedrijven 4 - Overig Bestaande gebouwenvoorraad Verbouw/aanpassing aan cultureel erfgoed Tijdelijk bouwwerk (behorende bij ‘Wonen’) Plaatsen van een erf- of terreinafscheiding Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Slopen Sloopmelding - Zonder asbest - Met asbest Sloopvergunning Ruimtelijke ordening Afwijken omgevingsplan binnenplans - Gebruik gronden - Gebruik gebouwen Afwijken omgevingsplan buitenplans - Gebruik gronden - Gebruik gebouwen

Prioritering

4 2 1 3 2 1 4 3/4 2/3 1/2 1/2 4 2 1 3 2 1 4 3 2 1 2 4 2 4 4 4

4 2 4

4 3 3 2

65

Mantelzorg Regels omtrent wonen (overbewoning, huisvesting, Wet goed verhuurderschap, etc.) - Huisvesting bijzondere doelgroepen - Illegale bewoning (bij)gebouwen - Permanente bewoning recreatiewoningen Aanleggen Brandveiligheid Evenementen & overige plaatsen Gebouwgroep 1 Gebouwgroep 2 Gebouwgroep 3 Gebouwgroep 4 Gebouwgroep A Gebouwgroep B Gebouwgroep C Risicovolle gebouwen Milieu Bedrijven, milieucategorie 1 Bedrijven, milieucategorie 2 Bedrijven, milieucategorie 3 Bedrijven, milieucategorie 4 LPG benzinestations Opslag vuurwerk Illegale milieuactiviteiten bedrijven Illegale milieuactiviteiten particulieren Vellen houtopstanden Kappen (geen Groene Kaart, vergunningplicht op grond van omgevingsplan) Kappen (Groene Kaart) APV en bijzondere wetten In-/uitrit Voorwerpen op of aan de weg (incl. gebruik openbare plaats) Inzameling van geld of goederen of leden of donateurswerving Betoging, demonstratie, openbare manifestatie Markten (Marktverordening) Standplaatsvergunning Evenement Exploitatie openbare inrichting Alcoholwetvergunning - Horeca lokaliteiten en terrassen (inrichting) - Bedrijfsvoering commerciëlen - Bedrijfsvoering paracommerciëlen - Controle niet-vergunninghouders Seksbedrijf/prostitutie Overlast - Jeugd - Dak- en thuislozen en personen met onbegrepen gedrag - Vuurwerk - Stoken - Geluid - Dieren (incl.

honden) Reclamebeleid Verkeer, parkeren, stallen Winkeltijdenwet Openbare orde en veiligheid Omgevingsveiligheid (onveilige opslag van gevaarlijke stoffen, etc.) Samen sterk in het buitengebied Drugs en ondermijning (incl. toepassen artikel 13b Opiumwet) Illegaal vuurwerk Prioriteit: (1) zeer hoog, (2) hoog, (3) gemiddeld, (4) laag, (5) zeer laag.

5 2 1 3 4 3 1 1 1 2 2 3 3 1 4 3 2 1 4 2 2 3 4 3 4 4 4 2 3 3 2 2 2 2 2 1 2 1 1 1 3 3 3 4 3 4 1/2 3 1 2

66

De De6-prioritering kent veel elementen die niet of nauwelijks voorkomen in de gemeente Rucphen (vb. jachthavens, chemische industrie, etc.). De De6-lijst heeft bijvoorbeeld ook veel aandacht voor onder meer afval en industrie. In de lokale prioritering zijn deze zaken niet meegenomen, nu deze niet (vaak) voorkomen. Mochten deze gevallen zich toch voordoen, wordt teruggevallen op de De6-prioriteringslijst. Niet iedere denkbare situatie is derhalve meegenomen in deze prioritering. Deze lokale prioritering is puur bedoeld om het thema prioritering te laten leven onder medewerkers en aandacht te besteden aan de verdeling van veelvoorkomende, dagelijks werkzaamheden. De prioritering is dan ook niet in beton gegoten. Uitzonderingen en bijzondere casussen zullen zich altijd voor blijven doen. Medewerkers worden jaarlijks gevraagd om te reflecteren op deze lijst, om te kijken of deze nog actueel is en of er thema’s zijn waar het komende jaar meer of minder aandacht aan besteed zal gaan worden. Bovendien dient de kanttekeningen te worden gemaakt dat een casus een hogere prioriteit krijgt dan hierboven aangegeven wanneer er sprake is van een of meer van de volgende elementen: (a) cumulatie (vb. meerdere overtredingen op één perceel), (b) aard en omvang, (c) bestuurlijke prioriteit en/of gevoeligheid, (d) meldingen en/of klachten, (e) verzoek om handhaving.

Afwijkingen van de De6-lijst Er is in de lokale lijst een splitsing gemaakt tussen vergunningen enerzijds en toezicht en handhaving anderzijds, omdat activiteiten die illegaal (zonder vergunning) uitgevoerd worden, een andere prioriteit kunnen hebben. De De6-lijst maakt hier geen onderscheid in. De Rucphense lijst kent op sommige onderwerpen ook een iets andere indeling dan de De6-lijst. Slopen Slopen kent een hogere prioriteit dan op de De6-lijst. Dit komt echter relatief weinig voor, waardoor het thema an sich belangrijk is, maar dit geen extra tijdsbelasting met zich mee zal brengen. Ruimtelijke ordening Bij afwijken bestemmingplan wordt onderscheid gemaakt tussen het gebruik van gronden en gebouwen en tussen een binnenplanse en buitenplanse afwijking. Gemiddeld komt deze prioritering neer op hetzelfde als de De6-lijst, maar het is wat verder uitgesplitst. Ook de regels omtrent bewoning zijn wat verder uitgesplitst, zodat ook het (illegaal) bewonen van bijgebouwen en permanente bewoning van recreatieparken hierbij genoemd zijn. Bij de thema’s bouwen en verbouwen en ruimtelijke ordening zijn ook een aantal extra elementen toegevoegd, zoals het plaatsen van erf- of terreinafscheidingen, tijdelijk afwijken van het omgevingsplan en mantelzorg.

Deze zaken kunnen relatief vaak voor en komen niet voor op de De6-lijst, dus zijn daarom wel genoemd, maar hebben allemaal een lage prioriteit. Brandveiligheid Het thema brandveiligheid kent over het algemeen een hogere prioriteit dan op de De6-lijst. Dit komt door de doelstelling om meer aandacht aan dit thema te besteden. Milieu Milieubedrijven zijn onderverdeeld in de milieucategorieën welke de OMWB toepast, omdat toezicht en handhaving hierop altijd in samenspraak met de OMWB gebeurt. Dit wijkt af van de De6-lijst. Vellen houtopstanden De gemeente Rucphen kent de Groene Kaart, waarin bomen worden opgenomen die een extra bescherming kennen. Bij het thema vellen houtopstanden wordt onderscheid gemaakt tussen beschermde en niet-beschermde bomen. APV en bijzondere wetten Betogingen, demonstraties, etc. worden door de gemeente Rucphen hoger geprioriteerd dan de De6. Deze elementen komen relatief weinig voor in onze gemeente en leiden vaak tot maatschappelijke ophef. Mocht het voorkomen, dan is er zeker aandacht voor.

67

De gemeente Rucphen kent minder evenementen dan grotere gemeenten. Evenementen worden daarom sowieso hoog geprioriteerd. In de praktijk wordt bij de verdeling van het dagelijkse werk – zoals de De6 aanhoudt – zeker gekeken naar de grootte van het evenement. Het thema Drank & Horeca kent een andere onderverdeling en kent een iets hogere prioriteit dan de De6-lijst, omdat de doelstelling is hier in 2026 extra aandacht aan te besteden. Het thema overlast kent een andere indeling dan op de De6-lijst, toegespitst op veelvoorkomende zaken binnen de gemeente Rucphen. Overlast wordt door de gemeente Rucphen enigszins hoger geprioriteerd dan door de De6. In 2025 zijn veel overlastmeldingen binnengekomen. Hier blijft daarom in 2026 veel aandacht aan besteed worden.

68

14.4. Stand van zaken Kwaliteitscriteria 3.0 Aanleiding Op 1 januari 2025 zijn voor het VTH-werkveld de nieuwe Kwaliteitscriteria 3.0 van kracht geworden. Vanwege de komst van de Omgevingswet is er een update gemaakt van de eisen voor de kritieke massa (deel B) en de competentieprofielen (deel D). De gemeente Rucphen heeft in 2025 getoetst in hoeverre wordt voldaan aan deze nieuwe kwaliteitscriteria. Toelichting toetsingswijze In de Kwaliteitscriteria 3.0 zijn in totaal 23 verschillende deskundigheidsprofielen opgenomen. Niet al deze profielen zijn binnenshuis belegd bij de gemeente Rucphen. Een groot deel van deze taken ligt namelijk bij de Omgevingsdiensten of wordt uitbesteed.

De volgende competentieprofielen zijn belegd binnen de gemeente Rucphen zelf: • Casemanagen • Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening • Toezicht en handhaving bouwen en ruimtelijke ordening • Behandelen juridische zaken • Advisering fysieke leefomgeving De volgende deskundigheidsprofielen zijn in onderstaande analyse niet meegenomen, omdat deze taken bij de Omgevingsdiensten horen of worden uitbesteed: • Vergunningverlening milieu (OMWB) • Toezicht en handhaving milieu (OMWB) • Toezicht en handhaving bodem (OMWB) • Toezicht en handhaving natuur (OMWB, ODBN) • Ketentoezicht (OMWB) • Buitengewone opsporing natuur en milieu en fysieke leefomgeving (OMWB) • Brandveiligheid (VRMWB) • Constructieve veiligheid (AVS) • Sloop en asbest (OWMB) • Afvalwater (OMWB) • Bodem, bouwstoffen, water (OMWB) • Bouwfysica (Omgevingsdienst Nederland) • Omgevingsveiligheid (OMWB) • Geluid & trillingen (OMWB, Vliex) • Luchtkwaliteit & geur (OMWB) • Natuuractiviteiten (OMWB, ODBN) • Cultuurhistorie (Dorp, Stad en Land) • Verduurzaming energie (OMWB) De OMWB, ODBN en Omgevingsdienst Nederland evalueren zelf over de Kwaliteitscriteria 3.0 in haar Jaarverslag (zie 14.6). Voor de VRMWB, Vliex en AVS heeft de gemeente Rucphen beoordeeld dat zij voldoen aan de Kwaliteitscriteria 3.0. Voor Dorp, Stad en Land bestaat deze verwachting ook. Deze samenwerking start echter in 2026.

Gedurende 2026 wordt de tevredenheid over deze samenwerking geëvalueerd. De competentieprofielen (deel D) die binnen de gemeente gewaarborgd dienen te zijn, kennen de volgende kritieke massa (deel B): Casemanagen Eenvoudige situaties

Complexe situaties

Minimaal twee medewerkers die voldoen aan de criteria voor eenvoudige situaties óf de criteria voor de deskundigheid “vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening” óf de criteria voor de deskundigheid “vergunningverlening milieu” die minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden. Minimaal twee medewerkers die voldoen aan de criteria voor complexe situaties óf de criteria voor de deskundigheid “vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening” óf de criteria voor de deskundigheid “vergunningverlening milieu” die minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden.

69

Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening Minimaal twee medewerkers die voldoen aan de criteria voor eenvoudige Eenvoudige situaties situaties die minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden. Minimaal twee medewerkers die voldoen aan de criteria voor complexe Complexe situaties situaties die minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden. Toezicht en handhaving bouwen en ruimtelijke ordening Minimaal twee medewerkers die voldoen aan de criteria voor eenvoudige Eenvoudige situaties situaties die minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden. Minimaal twee medewerkers die voldoen aan de criteria voor complexe Complexe situaties situaties die minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden. Behandelen juridische zaken Minimaal twee juridisch medewerkers die voldoen aan de criteria en die Vergunningverlening minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden. Minimaal twee juridisch medewerkers die voldoen aan de criteria en die Handhaving minimaal 900 uur op jaarbasis aan deze taak besteden. Advisering fysieke leefomgeving Minimaal twee medewerkers. De minimale hoeveelheid is voorts afhankelijk van: (a) de afspraken die worden gemaakt over de in samenhang te beschouwen aspecten uit de fysieke leefomgeving; (b) van ieder in samenhang te beschouwen aspect uit de fysieke leefomgeving is ten minste 1 specialistisch adviseur beschikbaar.

Om te toetsen of individuele medewerkers voldoen aan de competentieprofielen (deel D) is een enquête gehouden. De resultaten hiervan zijn per medewerker verwerkt in een individuele factsheet/kenniskaart. De opleidingsbehoefte van medewerkers etc. is hierin ook meegenomen, zodat zij dit eventueel kunnen meenemen in hun FOCUS-gesprekken. In de volgende paragraaf worden de resultaten hiervan besproken. Op het gebied van kennis gaven veel medewerkers aan weinig kennis te hebben over de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG). Dit is te verklaren, omdat hier een aparte medewerker voor in dienst is. Deze kennis is daarmee voldoende gewaarborgd. Ditzelfde geldt in mindere mate voor milieu- en natuurregelgeving. De taken die de Kwaliteitscriteria 3.0 omschrijven, zijn allemaal uitbesteed. Intern zijn er aanvullend coördinerende adviseurs in dienst die contact onderhouden met bijvoorbeeld de Omgevingsdiensten. Het is daarom niet noodzakelijk dat iedere medewerker hier individueel kennis over heeft. Voor iedere medewerker is een eigen kenniskaart gemaakt. Jaarlijks wordt via een enquête getoetst hoe medewerkers ervoor staan en wordt dit verwerkt op de kenniskaart. Medewerkers kunnen zo voor zichzelf bijhouden welke cursussen ze graag zouden willen volgen en welke competenties ze verder willen ontwikkelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16575098/2