CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

09c Ontwerp-Programmabegroting BWB 2026

gemeenteraad 11 juni 2025, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Programmabegroting 2026 en Jaarstukken 2024 Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB)15.675 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Begroting 2026 Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant

INHOUDSOPGAVE BESTUURLIJKE SAMENVATTING .......................................................................................................... 6 1.

Algemene beschouwingen ........................................................................................................... 7

2.

Financiële beschouwingen ........................................................................................................... 8

I

BELEIDSBEGROTING 2026 ............................................................................................................ 10 Algemeen ........................................................................................................................................... 11 Programmaplan ................................................................................................................................. 15 Paragrafen ......................................................................................................................................... 33

II

FINANCIËLE BEGROTING 2026 ..................................................................................................... 44 1.

Algemeen .................................................................................................................................... 45

2.

Baten en lasten begroting 2026 – 2029...................................................................................... 46

3.

Toelichting op de baten en lasten 2026...................................................................................... 48

4.

Uiteenzetting financiële positie ................................................................................................... 60

5.

EMU-saldo .................................................................................................................................. 61

6.

Overzicht baten en lasten per taakveld ...................................................................................... 62

Bijlagen .............................................................................................................................................. 63

Begroting 2026

2

VOORWOORD In 2026 treedt een vernieuwd belastingstelsel voor de waterschappen in werking. De wet is inmiddels goedgekeurd, en de voorbereidingen voor de implementatie zijn in volle gang. In 2025 worden de benodigde veranderingen doorgevoerd om de systemen en processen tijdig gereed te maken voor de uitvoering. Het Waterschap Brabantse Delta en de BWB treden hier gezamenlijk in op. Gemeenten zitten, als gevolg van een daling van het gemeentefonds met 9%, financieel in zwaar weer. Om een sluitende begroting te kunnen presenteren wordt gesneden in de eigen bedrijfsvoering, maar ook in voorzieningen en dienstverlening aan de inwoners en bedrijven. Vanzelfsprekend hebben ook de verbonden partijen, inclusief de BWB, een taakstelling meegekregen voor 2026 en de jaren daarna. In de voorliggende begroting is daar invulling aan gegeven. De BWB voert de financiële taakstelling door zonder aanpassingen aan het takenpakket. Vanzelfsprekend blijven we alle belastingsoorten voor de deelnemers opleggen en blijven we de BAG en de WOZ uitvoeren. Geen kerntakendiscussie dus, maar de BWB werkt wel continu aan de efficiency van haar bedrijfsvoering. Dat zit in ons DNA. LEAN werken, robotiseren en het steeds meer toepassen van kunstmatige intelligentie veranderen de bedrijfsvoering van de BWB. Steeds slimmer werken helpt ons om de financiële taakstelling te realiseren.

Maar voor de langere termijn misschien nog belangrijker is dat het de BWB-organisatie toekomstbestendig maakt. Over enkele jaren begint de grote uitstroom van ervaren medewerkers en op de arbeidsmarkt zal om iedere gekwalificeerde kracht worden gevochten. De BWB wil daar niet van afhankelijk zijn en zet in op innovatie. Inmiddels is AI een toverwoord geworden. Deze technologie dringt overal in door, dus ook in de bedrijfsvoering van de BWB. Maar we weten nog niet concreet hoe, hoe snel en wanneer. De BWB was de eerste belastingorganisatie die een AI-module in haar waarderingsapplicatie heeft aangeschaft. Inmiddels onderzoeken we mogelijkheden om de module niet alleen bij de afhandeling van de waardebezwaren, maar ook bij de herwaardering zelf in te zetten. In 2025 wordt verder ingezet op de ontwikkeling en implementatie van AI om de processen van de BWB niet alleen efficiënter maar ook klantvriendelijker te maken. Daarbij leveren we niet in op informatieveiligheid en privacy. Elke stap die we zetten doen we zorgvuldig en in een gepast tempo. De nieuwe technologieën en technieken werken alleen goed wanneer de datakwaliteit van zeer hoog niveau is. Daarom blijven we investeren in die kwaliteit. De inspanningen die we daarvoor verrichten zijn voor de meeste belanghebbenden onzichtbaar, maar o zo noodzakelijk.

Begroting 2026

3

Onze toezichthouder, de Waarderingskamer, heeft gezien dat de BWB haar werk uitstekend verricht. Ze hebben met groot respect gekeken naar de manier waarop wij de enorme hoeveelheid waardebezwaren in 2023 hebben afgehandeld, terwijl de kwaliteit van de herwaardering jaar op jaar is gestegen. Daarom heeft ze de BWB vorig jaar de hoogst haalbare waardering toegekend: Vijf sterren. Voor de medewerkers van de BWB is dat een grote kroon op ons werk. En voor de deelnemers, de burgers en bedrijven is het een bewijs van de hoge kwaliteit die wij leveren. Iets om te koesteren. We blijven vooruitkijken, vernieuwen en verbeteren, zodat BWB niet alleen klaar is voor komend jaar, maar ook voor langere termijn. Marco van Leeuwen, Plaatsvervangend directeur

Begroting 2026

4

Leeswijzer De programmabegroting begint met de bestuurlijke samenvatting. In de bestuurlijke samenvatting wordt op hoofdlijnen een algemene en financiële beschouwing gegeven van de begroting 2026. Onderdeel 1 van de begroting, de beleidsbegroting, bestaat uit twee onderdelen. Het eerste deel is het Programmaplan. In dit plan zijn per programma de voorgenomen beleidsvoornemens toegelicht en de daarbij noodzakelijke kosten geraamd. In het tweede deel zijn de wettelijk verplichte paragrafen opgenomen en toegelicht. Onderdeel 2 van de begroting omvat de financiële begroting. Hierin is een totaaloverzicht van de baten en lasten voor 2026 en het meerjarenperspectief 2027-2029 gegeven. De belangrijkste verschillen tussen de begrotingscijfers 2025 en 2026 zijn daarin afzonderlijk toegelicht. Tevens bevat dit hoofdstuk een uiteenzetting van de financiële positie van de BWB.

Begroting 2026

5

BESTUURLIJKE SAMENVATTING

Begroting 2026

6

1. ALGEMENE BESCHOUWINGEN We presenteren u de begroting 2026, welke is opgesteld met de inachtneming van de kaders zoals door het Algemeen Bestuur van de BWB zijn vastgesteld. In de financiële beschouwingen wordt aangegeven hoe de begroting zich verhoudt tot de kadernota 2026 - 2029, dit is in onderdeel II van de deze begroting in detail uitgewerkt. De BWB staat sinds haar oprichting borg voor de uitvoering van de aan haar opgedragen taken op het gebied van waarderen, heffen en invorderen van lokale belastingen. Door deze taken gezamenlijk uit te voeren treden voor de deelnemers diverse voordelen op. Het verminderen van kwetsbaarheden in specialistische functies en het verbeteren van de kwaliteit zijn hiervan goede voorbeelden. Veranderende wet- en regelgeving en behoeftes bij onze deelnemers leiden ertoe dat de eisen die gesteld worden aan de BWB omhooggaan. Dit is onder andere het geval bij informatiebeveiliging en privacy, de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording, accountantscontrole maar ook op het gebied van informatievoorziening en de wens meer in control te komen. Een belangrijke verandering, die in deze begroting 2026 is verwerkt, betreft de overheveling van de proceskostenvergoedingen naar de belastingadministratie. Het totale risicoprofiel van de BWB is licht toegenomen.

Een toelichting hierop is opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen & risicobeheersing.

Begroting 2026

7

2. FINANCIËLE BESCHOUWINGEN Het Dagelijks Bestuur heeft zich tot het uiterste ingespannen om een begroting te overleggen op basis van reële uitgangspunten waarbij de stijging van de deelnemersbijdrage zoveel als mogelijk wordt beperkt én er ruimte is om in de toekomst de efficiency te verbeteren en de gevolgen van de vergrijzing van de beroepsbevolking op te kunnen vangen. Binnen deze uitgangspunten is de door de deelnemers gewenste 0-lijn dicht benaderd. Budgetten zijn scherper geraamd in ieder geval naar een reëel niveau en waar mogelijk is een aanvullende verlaging doorgevoerd. Een concreet effect is de verlaging van het aantal fte’s. De bijstellingen zijn mede mogelijk door de inzet van leanmethodieken en innovatie. De verlaging van de formatie gaat niet gepaard met gedwongen ontslagen, ook wordt de dienstverlening niet ingeperkt. Hoewel er sprake is van een verlaging van budgetten, is de begroting nog steeds op reële uitgangspunten gebaseerd. Hierbij is beoordeeld welke risico’s de BWB loopt, deze zijn opgenomen in de risico-paragraaf. Het risicoprofiel van de BWB is effectief gestegen. Het vermogen om deze risico’s op te vangen is beperkt, deze wordt gevormd door de post onvoorzien (€ 80.000) en de algemene reserve (€ 200.000). Tot slot is er beperkt ruimte in de begroting behouden om in de toekomst verder te kunnen innoveren.

Dit is belangrijk om in te kunnen spelen op de vergrijzing (krimp van de beroepsbevolking) en de wens om de efficiëntie in werkprocessen verder te verhogen. Op basis van de huidige inzichten blijft de deelnemersbijdrage binnen de vastgestelde kaders van de kadernota 2026 - 2029. Waar in de kadernota werd uitgegaan van een bijdrage van € 20.934.000, is de bijdrage voor 2026 vastgesteld op € 20.727.000. Deelnemers moeten er wel rekening mee houden dat als gevolg van de overheveling van het budget voor proceskostenvergoedingen van € 332.000 naar de belastingadministratie de belastingopbrengsten effectief dalen. Het totale effect voor de meerjarenbegrotingen van de deelnemers is netto € 674.000 voordelig. In de meerjarenbegroting 2025 – 2028 was de benodigde bijdrage van de deelnemers voor 2026 geraamd op € 21.733.000. In de ontwerpbegroting 2026 komt deze uit op € 20.727.000, een verschil van € 1.006.000. Na correctie voor de overheveling van € 332.000 aan proceskostenvergoeding naar de belastingadministratie resteert een netto daling van € 674.000.

Begroting 2026

8

Kadernota 2026

Omschrijving (× € 1.000)

Begroot 2026

Verschil

Deelnemersbijdrage primaire begroting 2025

20.773

20.773

-

Correctie looncompensatie 2025

PM (-)

-

-

Correctie prijscompensatie 2025

50

-19

69

Correctie overige baten 2025

40

90

-50

Correctie besparingen 2025

-

-145

145

Mutatie proceskostenvergoedingen bezwaar en beroep waarderen

PM (-)

-

-

Deelnemersbijdrage 2025 o.b.v. geactualiseerde kaders*

20.863

20.699

164

Loon-, prijs- en productiecompensatie 2026 - 2029

830

598

232

Besparingen 2026 - 2029**

-427

-253

-174

Overige baten 2026 – 2029

-

15

-15

-332

-332

-

20.934

20.727

207

Proceskostenvergoedingen bezwaar en beroep t.b.v. belastingen Deelnemersbijdrage 2026

*) Zal naar verwachting de basis vormen voor de eerste bestuursrapportage 2025. **) In de kadernota is een besparing opgenomen van € 360.000, deze is verhoogd met 50% van de Ontwikkeling productiekwantiteiten 2026 – 2029 (€ 134.000). Kortom: € 360.000 + € 67.000 = € 427.000).

De stijging past binnen de kaders zoals vastgesteld in de kadernota. Op welke wijze verder invulling is gegeven aan de (financiële) richtlijnen van de deelnemers is opgenomen in bijlage 2.

Begrotingsresultaat 2026 De stijging van de deelnemersbijdrage ten opzichte van de begroting 2025 is als volgt te specificeren: Omschrijving (× € 1.000)

Resultaat

Personele kosten

377 N

Inhuurkosten

80 V

Overige personele kosten

111 V

Materiele kosten

95 N

Waarde- en heffingsbezwaren

332 V

Btw-compensatie

100 V

Overige bijdrage

105 N

Totaal deelnemersbijdrage

46 V

Voor een uitgebreidere analyse en toelichting van deze verschillen wordt verwezen naar de financiële begroting van dit boekwerk.

Begroting 2026

9

I

Begroting 2026

BELEIDSBEGROTING 2026

10

ALGEMEEN Deelnemers De Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) is een Gemeenschappelijke Regeling op vrijwillige basis. De BWB voert de belastingtaken uit voor het Waterschap Brabantse Delta en twaalf deelnemende gemeenten, te weten Bergen op Zoom, Breda, Dongen, Etten-Leur, Halderberge, Loon op Zand, Moerdijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Woensdrecht en Zundert. Onderstaande afbeelding geeft een beeld van het huidige werkgebied van de BWB:

Begroting 2026

11

Afbakening huidige taken BWB De BWB is belast met de heffing en inning van lokale heffingen en is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet WOZ. Daarnaast voert de BWB een aantal specifieke taken uit voor enkele deelnemers, zoals onder meer de uitvoering van de BAG. Hieronder zijn de taken zoals vastgesteld voor 2025 (peildatum 31 december 2024) opgenomen per deelnemer.

Bergen op Zoom

Dongen

Etten-Leur

Halderberge

Loon op Zand

Moerdijk

Oosterhout

Roosendaal

Rucphen

Woensdrecht

Zundert

√

Breda

Onroerende zaakbel. Rioolheffing Afvalstoffenheffing Reinigingsrecht Hondenbelasting Toeristenbelasting Watertoeristenbelasting Forensenbelasting Precariobelasting Reclamebelasting BIZ-heffing Heffingsleges Marktgelden Lijkbezorgingsrechten Havengelden Parkeerbelasting Rioolaansluitrecht Verontreinigingsheffing Zuiveringsheffing Watersysteemheffing

Brabantse Delta

Belastingsoort

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√ √

√

√

√

√

√

√

√ √

√

√

√ √

√

√ √

√

√

√

√

√ √

√

√

√

√ √

√ √

√ √

√

√ √ √

√

√

√

√ √ √

Belastingsoort uitgevoerd door de BWB Belastingsoort die is vastgesteld in de verordening Deelnemer voert de heffing niet uit

Begroting 2026

√

√

12

√

√

Geprognosticeerde belastingopbrengsten Voor 2026 wordt € 559.518.000 aan belastingopbrengsten verwacht. Bij de berekening van de belastingopbrengsten is uitgegaan van de volgende basisuitgangspunten: 

Het gerealiseerde bedrag (excl. prognoses) in boekjaar 2024 (zie jaarrekening 2024);

Een jaarlijkse gemiddelde tariefstijging van 3,2% voor 2025 en 2,2% voor 2026 (conform de kadernota 2026 - 2029).

De doelstelling van het onderstaande overzicht is om een indicatie te geven van wat de BWB verwacht te gaan heffen voor de deelnemers in het begrotingsjaar 2026. De werkelijkheid kan hier uiteindelijk van afwijken, als individuele per deelnemer afwijkende tarieven worden vastgesteld, taken wegvallen of taken worden toegevoegd.

Prognose belastingopbrengsten biljetbedrag (× € 1.000)

Begroting 2026

Realisatie 2024

92.913

88.094

BIZ (Bedrijven Investering Zone)

956

906

Forensenbelasting

92

87

Hondenbelasting

685

649

2.838

2.691

Lijkbezorgingsrechten

284

269

Marktgelden

129

122

170.382

161.545

Precariobelasting

1.255

1.190

Reclamebelasting

1.552

1.471

Reinigingsrecht

182

173

Rioolheffing

84.120

79.757

(Water)toeristenbelasting

9.587

9.090

Zuiveringsheffing

97.842

92.767

595

564

Watersysteemheffing

96.106

91.121

Totaal belastingopbrengsten biljetbedrag

559.518

530.496

Afvalstoffenheffing

Leges

Onroerendezaakbelastingen

Verontreinigingsheffing oppervlaktewater

Begroting 2026

13

Daarnaast is door het Bestuur besloten om per 2026 de proceskostenvergoeding voor zowel Waarderen als Heffen via de belastingadministratie te laten lopen. Deze post vormt dan geen onderdeel meer van de bedrijfsvoering en wordt opgenomen in de belastingverantwoording. De omvang en invulling is nog niet concreet en wordt nog verder afgestemd met de deelnemers. Om deze reden is de onderstaande post toegevoegd als PM-post.

Prognose overige opbrengsten en kosten (× € 1.000)

Begroting 2026

Realisatie 2024

Vervolgingskosten

2.273

2.155

Invorderingsrente

313

297

Proceskostenvergoeding

PM

-

2.586

2.452

Totaal overige opbrengsten

Begroting 2026

14

PROGRAMMAPLAN Programma 1: Waarderen 1.

Inhoud programma

De BWB voert voor haar deelnemers onder meer de Wet Waardering Onroerende Zaken (de WOZ) uit. Binnen het programma Waarderen vindt de permanent marktanalyse plaats en worden objecten gewaardeerd. Daarnaast omvat dit programma alle activiteiten met betrekking tot het tijdig (juridisch) behandelen en afdoen van waarde gerelateerde bezwaar- en beroepsschriften. In incidentele gevallen wordt in overleg met de deelnemer hoger beroep of beroep in cassatie aangetekend tegen uitspraken van de rechtbank of het gerechtshof. De uitvoering van de activiteiten moet voldoen aan het toetsingskader en de richtlijnen van de Waarderingskamer, de landelijke toezichthouder op de uitvoering van de Wet WOZ. Beleidskaders/richtlijnen Omschrijving

Datum

Wet Waardering Onroerende Zaken

01-1995

Uitvoeringsbesluit Wet Waardering Onroerende Zaken

07-2007

Besluit onderbouwing en uitvoering waardebepaling Wet WOZ

01-2010

Vraagbaak Waardebepaling Wet WOZ

10-2023

Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en BPM

01-2024

2.

Wat willen we bereiken?

De BWB wil in 2026 tenminste de waardering “goed” (5 sterren in de beoordelingssystematiek van de Waarderingskamer) behouden. Deze kwalificatie betekent immers dat de wettelijk toezichthouder op basis van diverse audits constateert dat de processen en werkwijzen binnen de BWB kwalitatief meerjarig op orde zijn. Kritische prestatie indicatoren (KPI's) Voor het programma waarderen zijn de volgende KPI’s relevant.

Omschrijving

Doelstelling

Oordeel waarderingskamer

Algemeen oordeel GOED van Waarderingskamer.

Tijdige waardebepaling woningen en niet woningen ten behoeve van jaarlijkse herwaardering conform norm WAKA

WOZ-waardebepaling per 1 december 90% gereed uiterlijk 1 februari 98% gecontroleerd en gereed

Begroting 2026

15

Omschrijving

Doelstelling 1. Het aantal WOZ-objecten waarbij de waarde met >10% wordt aangepast t.o.v. de initiële vastgestelde WOZ-waarde. Wordt door Waka als fout aangemerkt. Woningen >10%

Niet woningen >10%

2. De mate waarin (bedrag) de WOZ-waarde wordt aangepast t.o.v. de initiële vastgestelde WOZ-waarde.

Juiste WOZ-waardebepaling

Woningen ≥ 4%

Niet woningen ≥ 4%

3. Het aantal WOZ-objecten waarbij de waarde wordt verlaagd t.o.v. het totale aantal WOZ objecten. Woningen 1%

Op 1 december van ieder jaar is 95% van de waarde bezwaren afgehandeld, voor zover deze bezwaren betrekking hebben op dat jaar en in dat jaar zijn ingediend.

Afhandeling WOZ bezwaren

3.

Niet woningen 2%

Wat gaan we daarvoor doen in 2026?

Aantal WOZ-objecten 350.000 300.000 250.000 200.000 150.000

337.678

340.100

342.800

Realisatie 2024

Begroot 2025

Begroot 2026

100.000 50.000 -

Het aantal objecten is conform de gebruikelijke trendmatige groei van 0,75% bijgesteld.

Begroting 2026

16

Waardebezwaren 15.000 13.500 12.000 10.500 9.000 7.500

14.200

14.410

Begroot 2025

Begroot 2026

6.000 4.500

9.998

3.000 1.500 Realisatie 2024

Begroot 2026

Omschrijving

Begroot 2025

Realisatie 2024

Realisatie 2023

WOZ-objecten

342.800

340.100

337.678

334.965

Objecten onder bezwaar

14.410

14.200

9.998

19.909

% aandeel bezwaren t.o.v. WOZ-objecten

4,2%

4,2%

3,0%

5,9%

Objecten onder bezwaar & ingediend door NCNP

7.205

7.005

6.287

10.728

% NCNP t.o.v. alle objecten onder bezwaar

50%

50%

63%

54%

Vervallen

€ 315.000

€ 677.000

€ 937.000

Proceskostenvergoeding boekjaar

De realisatie van het aantal waardebezwaren in 2024 is geen aanleiding geweest om het aantal waardebezwaren voor 2026 aan te passen. Het jaar 2024 wordt beschouwd als een relatief normaal jaar waarin zowel door burgers als door No-Cure-No-Pay (NCNP) minder bezwaren zijn ingediend dan in 2023. In het jaar 2026 zal het volledige effect van de, per 1 januari 2024, in werking getreden Wet herwaardering proceskosten WOZ en BPM inzichtelijk worden en zal een conclusie getrokken kunnen worden of de daarin opgenomen beperking van de proceskostenvergoeding voor NCNP's dusdanig is dat daardoor ook substantieel, meerjarig minder bezwaar- en beroepsprocedures aanhangig worden gemaakt. De BWB heeft eind 2024 de hoogst mogelijke beoordeling (5 sterren) van de toezichthouder, de Waarderingskamer, gekregen. Deze beoordeling staat voor een meerjarig goede kwaliteit van de waardebepaling. De BWB streeft ernaar deze kwaliteit en bijbehorende beoordeling te behouden.

Begroting 2026

17

De organisatie zorgt voor een volledig, actueel en betrouwbaar bestand van WOZ-objecten, uitgevoerd met een goed onderbouwde waarderingsmethode door vakbekwame medewerkers. De Waarderingskamer stelt hoge eisen aan de kwaliteit, continuïteit en efficiency van de WOZ-uitvoering. Het belang van een zorgvuldige uitvoering van de waardebepaling en waardevaststelling is groot, mede omdat de WOZwaarde inmiddels een breed gebruik kent en bijvoorbeeld ook gebruikt wordt bij de berekening van het aantal punten voor een huurwoning. De voorgeschreven werkwijze beoogt een continue verbetercyclus (PDCA) en daarmee een blijvende tijdsinspanning. Binnen de BWB vormt de waarderingscyclus zoals die door de Waarderingskamer in haar waarderingsinstructie is beschreven het belangrijkste onderdeel van de jaarplanning. Waar mogelijk worden kwaliteit en efficiency steeds verder geoptimaliseerd door deze met een ‘LEAN’ benadering onder de loep te nemen. Optimalisatie vindt ook plaats door aanpassingen in de systemen uit te voeren, nieuwe technieken te onderzoeken en in te zetten en door medewerkers steeds verder in hun vakgebied te laten ontwikkelen.

In het bijzonder wordt ook in 2026 weer aandacht geschonken aan het (verder) ontwikkelen van geautomatiseerde oplossingen in het WOZ-proces De afgelopen jaren is al ingezet op de ontwikkeling van robots ter ondersteuning van het proces van bezwaar en beroep. Inmiddels zijn er vijf robots die het proces van bezwaar en beroep ondersteunen; deze wordt uitgebreid met een robot die ook de binnenkomende processtukken automatisch aan de juiste dossiers kan koppelen. Deze robot is naar verwachting in 2026 volledig operationeel. No-Cure-No-Pay bureaus Directe communicatie met de inwoners en bedrijven is en blijft een speerpunt, zodat zij rechtstreeks bij de BWB, zonder tussenkomst van No-Cure-No-Pay bedrijven, bezwaar indienen. De eerder ingezette maatregelen (zoals de QR-code op het aanslagbiljet) om direct contact te bevorderen worden zoveel mogelijk uitgebreid. De BWB is betrokken bij landelijk overleg over de verdere uitwerking van de maatregelen die beogen de instroom van bezwaar- en beroepschriften van NCNP's in te perken en bij overleg waarin nieuwe vormen van contact met onze inwoners worden besproken en –later- ook in pilots kunnen worden beproefd. De rechtsbescherming van burgers en bedrijven staat hierbij vanzelfsprekend op de eerste plaats.

In het kader van de hierboven bedoelde maatregelen zet de BWB, samen met de partners, in op een digitale omgeving waarin burgers zelf de secundaire objectkenmerken (zoals de onderhoudstoestand van een woning) kunnen raadplegen en aanpassen. Daarmee verwachten we een groot deel van de bezwaren die we nu ontvangen over de secundaire kenmerken te kunnen voorkomen. Ook de Waarderingskamer is partner in dit traject.

Begroting 2026

18

De afgelopen jaren kent het aantal beroepsprocedures een grote stijging. Beroepsprocedures bij de rechtbank zijn langdurige trajecten die regelmatig meer dan twee jaar in beslag nemen van het moment van indiening tot uitspraak. Dit betekent bijvoorbeeld dat ten tijde van het schrijven van deze begroting nog 74 zaken van het belastingjaar 2021, 34 zaken van het belastingjaar 2022, 260 zaken van het belastingjaar 2023 en 196 zaken van het belastingjaar 2024 bij de rechtbank in behandeling zijn. Vanzelfsprekend wordt getracht zaken in der minne te schikken als dat mogelijk is, maar doordat veel van deze zaken door NCNP's zijn ingediend, wensen de NCNP's veelal niet te schikken omdat dan meer proceskosten opgehaald kunnen worden. De rechtbanken kennen inmiddels forse achterstanden waarvan het niet lijkt dat deze op korte termijn ingelopen worden. Er zijn maatregelen getroffen om de werklast van deze procedures zoveel mogelijk te beperken, maar feit blijft dat deze forse aantallen dossiers veel aandacht van de collega's vragen.

4.

Wat mag het kosten? Realisatie 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Personele lasten

4.560

4.557

4.682

5.045

5.382

5.731

Directe materiele lasten

1.187

855

565

577

590

603

Totaal lasten

5.747

5.412

5.247

5.622

5.972

6.334

Directe opbrengsten derden

-

-

-

-

-

-

Totale baten

-

-

-

-

-

-

5.747

5.412

5.247

5.622

5.972

6.334

Totale baten en lasten (× € 1.000)

Saldo voor bestemming Mutaties reserves Saldo na bestemming

-

-

-

-

-

-

5.747

5.412

5.247

5.622

5.972

6.334

Voor een toelichting op de verschillen tussen de ramingen over 2025 en 2026 wordt kortheidshalve verwezen naar de financiële begroting (onderdeel toelichting op baten en lasten), op pagina 48 van dit document.

Begroting 2026

19

Programma 2: Heffen 1. Inhoud programma Algemeen Binnen het programma Heffen vindt voornamelijk dataverzameling, databewerking en dataverwerking plaats. Er wordt een zo optimaal mogelijke geautomatiseerde koppeling onderhouden met alle verplichte basisregistraties (onder andere BRP / Kamer van Koophandel (Nederlands Handelsregister) / Kadaster) en andere gegevensbronnen van deelnemende gemeenten, waterschap en niet-deelnemende gemeenten. De gegevens vormen de grondslag voor de verschillende belastingsoorten, zoals reclamebelasting, zuiveringsheffing bedrijven, enzovoort. Door het adequaat eenmalig registreren van deze gegevens wordt vervolgens een efficiënte en effectieve aanslagoplegging voor onze deelnemers bereikt. De BWB voert ook de Wet Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) uit. Dit omvat het beheer van gegevens van gebouwen, verblijfsobjecten, openbare ruimten en woonplaatsen. Deze gegevens worden via de Landelijke Voorziening BAG aan externe afnemers geleverd. Daarnaast omvat dit programma alle activiteiten met betrekking tot het tijdig (juridisch) behandelen en afdoen van plicht gerelateerde bezwaar- en beroepsschriften. In incidentele gevallen wordt in overleg met de deelnemer hoger beroep of beroep in cassatie aangetekend tegen uitspraken van de rechtbank of het gerechtshof. Beleidskaders/richtlijnen Omschrijving

Datum

Verordeningen deelnemende gemeenten

Jaarlijks

Verordeningen waterschap

Jaarlijks

Wet BAG

01-2008

Besluit BAG

03-2009

Regeling BAG

06-2009

Wijzigingswet BAG (BAG 2.0)

02-2017

Beleidsregels BWB

Diversen

Besluit aanwijzing heffingsambtenaar BWB 2023

02-12-2022

Mandaatbesluit heffingsambtenaar BWB 2023

02-12-2022

2.

Wat willen we bereiken?

De BWB beschikt over juiste, actuele en volledige gegevens en voert haar werkzaamheden rondom het opleggen van de diverse aanslagen conform de vastgestelde jaarplanning uit. Voor zover de BWB de bronhouder is voor de BAG is tevens de doelstelling om een goede kwaliteit van de BAG te realiseren en te behouden.

Begroting 2026

20

Kritische prestatie indicatoren (KPI's) Voor het programma heffen zijn de volgende KPI’s relevant. Omschrijving

Doelstelling

Tijdige aanslagoplegging

95% van de aanslagen (inclusief waardebeschikking) is uiterlijk in februari door middel van een gecombineerde aanslag, opgelegd voor het huidige belastingjaar. 97% van de opgelegde aanslagen is binnen 12 maanden na datum aanslag afgehandeld. Afgehandeld = saldo € 0,00.

Tijdige afhandeling

(Opgelegd -/- Betaald -/- Verminderd -/- Vernietigd -/Kwijtschelding -/- Oninbaar) % tijdige afhandeling bezwaren. 1. 95% bezwaren ingediend in belastingjaar voor half november zijn afgewerkt op 31 december. 2. 75% bezwaren ingediend in de periode 15 november – 31 december zijn binnen 6 weken afgewerkt.

Afhandeling heffingsbezwaren

3.

Wat gaan we daarvoor doen in 2026?

Aantal aanslagen 825.000 750.000 675.000 600.000 525.000 450.000 375.000

809.553

805.400

821.800

Realisatie 2024

Begroot 2025

Begroot 2026

300.000 225.000 150.000 75.000 -

Begroting 2026

21

Aantal aanslagregels 3.300.000 3.000.000

Totaal: 3.032.100

Totaal: 2.898.570

455.000

352.212

2.700.000

Totaal: 2.906.500 355.000

2.400.000 2.100.000 1.800.000 1.500.000 2.546.358

2.577.100

2.551.500

Realisatie 2024

Begroot 2025

Begroot 2026

1.200.000 900.000 600.000 300.000 -

Aanslagregels (excl. beschikkingen)

Beschikkingen

Bezwaren heffen gecategoriseerd 9.000 8.000

8.140 7.500

7.341

7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000

180

165

Heffingsbezwaren Realisatie 2024

Begroting 2026

Legesbezwaren Begroot 2025

22

Begroot 2026

170

30.000 27.000 24.000

15.000

14.400

18.000

14.660

14.413

21.000

1.100

930

3.000

1.088

2.730

2.850

2.984

5.110

6.000

5.000

9.000

5.112

12.000

Regels precariobelasting

Regels reclamebelasting

Aanslagen (water)toeristen

Realisatie 2024

Begroot 2025

Regels hondenbelasting

Panden BAG

Begroot 2026

Exoten Waterschap (zuiveringsheffing) 27.000 24.000 21.000 18.000 15.000 12.000

24.854

22.000

25.000

9.000 6.000 3.000 Realisatie 2023

Begroting 2026

Begroot 2024

23

Begroot 2025

30.900

33.000

30.300

30.888

Exoten Gemeenten

4.

Wat mag het kosten? Realisatie 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

2.285

2.426

2.576

2.700

2.808

2.920

209

221

193

197

201

205

2.494

2.647

2.769

2.897

3.009

3.125

Directe opbrengsten derden

-

-

-

-

-

-

Totale baten

-

-

-

-

-

-

2.494

2.647

2.769

2.897

3.009

3.125

-

-

-

-

-

-

2.494

2.647

2.769

2.897

3.009

3.125

Totale baten en lasten (× € 1.000) Personele lasten Directe materiele lasten Totaal lasten

Saldo voor bestemming Mutaties reserves Saldo na bestemming

Voor een toelichting op de verschillen tussen de ramingen over 2025 en 2026 wordt kortheidshalve verwezen naar de financiële begroting (onderdeel toelichting op baten en lasten), op pagina 48 van dit document.

Begroting 2026

24

Programma 3: Invordering 1.

Inhoud programma

Algemeen De BWB is verantwoordelijk voor het volledige invorderingsproces, van de verwerking van betalingen tot en met het leggen van beslagen en een eventuele executieverkoop. Binnen dit programma vallen ook de behandeling van (verzoeken om) kwijtschelding en de samenwerking binnen schuldhulpverleningstrajecten en faillissementsprocedures. Nadat de aanslagen zijn verzonden, zorgt invordering ervoor dat alle betalingen correct worden verwerkt en dat de maandelijkse incasso’s worden uitgevoerd. Daarnaast worden verzoeken om kwijtschelding geregistreerd en afgehandeld. Wanneer betaling of reactie uitblijft, start het (dwang)invorderingstraject. We streven naar een zo hoog mogelijk invorderingsresultaat met het oog op de situatie van de belastingschuldige, door een zorgvuldige en gestructureerde aanpak. Hierbij wordt ingezet op tijdige signalering, passende maatregelen en waar mogelijk maatwerkoplossingen. Het (dwang)invorderingstraject wordt tijdelijk opgeschort wanneer een belastingschuldige bezwaar maakt tegen de aanslag, een verzoek om kwijtschelding, een betalingsregeling indient of schuldhulpverlening aanvraagt. Dit kan de doorlooptijd van de volledige afhandeling van een aanslag vertragen.

*Het is belangrijk om te vermelden dat de genoemde percentages gebaseerd zijn op het productiejaar 2024 en niet op het belastingjaar 2024. Het aantal beslagleggingen betreft het aantal aanslagen waarvoor beslag is gelegd.

Begroting 2026

25

Beleidskaders/richtlijnen Omschrijving

Datum

Leidraad invordering BWB (2024)

12-07-2024

Incassoreglement BWB (2023)

01-01-2023

Besluit aanwijzing invorderingsambtenaar

01-01-2018

Mandaatbesluit invorderingsambtenaar 2023

01-01-2023

Verordeningen deelnemende gemeenten en waterschap

2.

Jaarlijks

Wat willen we bereiken?

Het primaire doel is om het invorderingsproces zo efficiënt en doelgericht mogelijk te doorlopen en een optimaal resultaat te behalen. Hiervoor wordt de beschikbare informatie effectief ingezet en worden voortdurend resultaatmetingen uitgevoerd. Zo kan het invorderingsproces continu worden verbeterd en geoptimaliseerd. Daarnaast speelt BWB flexibel in op veranderende regelgeving rondom invordering. Ontwikkelingen op dit gebied worden nauwlettend gevolgd, zodat de werkwijze waar nodig tijdig kan worden aangepast. Kritische prestatie indicatoren (KPI's) Voor het programma innen zijn de volgende KPI’s relevant.

Omschrijving

Doelstelling

Oninbaar

5 jaar na datum aanslag bedraagt het % oninbaar, t.o.v. het bedrag aan opgelegde aanslagen, maximaal 0,8% % openstaand 2 jaar na datum aanslag ≤ 0,5%

Tijdige betaling aanslag

Afhandeling kwijtscheldingsverzoeken

Begroting 2026

Berekening % = openstaand bedrag x-jaar t.o.v. bruto opgelegd x-jaar (o.b.v. datum aanslag). 80% van de kwijtscheldingsverzoeken is < 16 weken afgehandeld.

26

3.

Wat gaan we daarvoor doen in 2026?

42.250

45.000

40.000

50.000

42.696

Invorderingsproces

40.000 35.000

5.000

5.000

1.500

5.830

10.000

8.500

8.527

15.000

7.500

20.000

18.000

17.797

25.000

14.000

30.000

Aanmaningen

Dwangbevelen Realisatie 2024

Hernieuwde bevelen

Begroot 2025

Beslag

Begroot 2026

Het invorderingsproces wordt uitgevoerd conform de geldende wet- en regelgeving, met als prioriteit het tijdig verwerken van betalingen en automatische incasso’s. Wanneer betalingsregelingen worden overeengekomen, wordt actief toezicht gehouden op de naleving. Daarnaast worden verzoeken van bewindvoerders, curatoren en schuldhulpverleners zorgvuldig behandeld. Ook de afhandeling van kwijtscheldingsverzoeken en ingediende beroepen met betrekking tot kwijtschelding gebeurt binnen de wettelijke termijnen. Om de administratieve last voor burgers te minimaliseren, worden kwijtscheldingsverzoeken in eerste instantie digitaal getoetst bij Stichting Inlichtingenbureau (ILB). Voor aanslagen die niet binnen de gestelde betaaltermijnen zijn voldaan, start het invorderingstraject. De dwanginvordering is informatiegestuurd: op basis van beschikbare gegevens wordt bepaald welke (vervolg)stappen noodzakelijk zijn. Hierbij wordt gebruikgemaakt van een combinatie van interne data en externe informatiebronnen om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen van de financiële situatie van de belastingschuldige. Dit stelt ons in staat om efficiënt en gericht te handelen, met aandacht voor zowel een rechtvaardige invordering als de mogelijkheden tot maatwerk in individuele situaties.

Waar mogelijk worden betalingsregelingen getroffen, maar indien nodig worden ook dwangmaatregelen ingezet, zoals beslaglegging op inkomen, bankrekeningen of bezittingen.

Begroting 2026

27

Gedurende het gehele invorderingsproces wordt ingezet op een structurele en duurzame oplossing, waarbij rekening wordt gehouden met de situatie van de belastingschuldige. Kan of wil deze niet betalen? Naast de betalingsbereidheid wordt ook beoordeeld welke financiële middelen beschikbaar zijn. De voorkeur ligt bij vroegtijdig contact met de belastingschuldige om tijdig inzicht te krijgen in de omstandigheden en eventuele knelpunten. Dit helpt om vroeg in het proces oplossingsrichtingen te verkennen, zoals betalingsregelingen of verwijzing naar schuldhulpverlening, en waar mogelijk een dwangtraject te voorkomen. Door deze werkwijze wordt niet alleen het resultaat verbeterd, maar wordt ook bijgedragen aan het voorkomen van problematische schulden.

4.

Wat mag het kosten? Realisatie 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

2.080

2.311

2.215

2.321

2.414

2.511

176

190

210

215

220

225

2.256

2.501

2.425

2.536

2.634

2.736

Directe opbrengsten derden

-

-

-

-

-

-

Totale baten

-

-

-

-

-

-

2.256

2.501

2.425

2.536

2.634

2.736

-

-

-

-

-

-

2.256

2.501

2.425

2.536

2.634

2.736

Totale baten en lasten (× € 1.000) Personele lasten Directe materiele lasten Totaal lasten

Saldo voor bestemming Mutaties reserves Saldo na bestemming

Voor een toelichting op de verschillen tussen de ramingen over 2025 en 2026 wordt kortheidshalve verwezen naar de financiële begroting (onderdeel toelichting op baten en lasten), op pagina 48 van dit document.

Begroting 2026

28

Overhead en overige: Directie en bedrijfsvoering 1.

Inhoud programma

Algemeen De directie, de staffuncties en alle overige ondersteunende activiteiten ten behoeve van het primaire proces zijn binnen dit onderdeel ondergebracht. Hieronder vallen de taken met betrekking tot ICT, facilitair, interne controle, beleid, inkoop, financiën, communicatie en de HRM werkzaamheden. De werkzaamheden, met uitzondering van de HRM-werkzaamheden en de controller die direct onder de directie vallen, worden uitgevoerd binnen team Ondersteuning. Binnen directie en ondersteuning zijn tevens de baten en lasten van de interne financiering en de algemene dekkingsmiddelen (bijdrage deelnemers) verantwoord. Beleidskaders/richtlijnen Omschrijving

Datum

Gemeenschappelijke regeling BWB

23-04-2024

Mandaat en volmacht-regeling

25-01-2021

Besluit Begroting en Verantwoording

01-02-2003

Treasurystatuut GR Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB)

05-07-2024

Nota reserves en voorzieningen 2024

26-01-2024

Inkoop en aanbestedingsbeleid BWB

24-03-2023

Financiële Verordening Belastingsamenwerking West-Brabant 2023

01-11-2024

Controleverordening 2021 Belastingsamenwerking West-Brabant 2023

27-10-2023

Verordening 2021 onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid Belastingsamenwerking West-Brabant

22-01-2021

Nota waarderen en afschrijving activa 2021

21-10-2022

Regeling budgethouders Belastingsamenwerking West-Brabant 2022

18-10-2024

Archiefverordening

23-07-2017

Informatiebeveiligingsbeleid

02-12-2022

2.

Wat willen we bereiken?

De betrokken medewerkers en organisatieonderdelen die onder team Ondersteuning vallen, staan ten dienste van de teams die de primaire processen uitvoeren. Zij ondersteunen de organisatie, faciliteren deze en helpen mee verbeteringen aan te brengen waar nodig.

3.

Wat gaan we daarvoor doen in 2026?

Administratieve organisatie/Interne controle (AO/IB) Jaarlijks wordt een controleplan vastgesteld waarin twee doelstellingen centraal staan: het afleggen van een rechtmatigheidsverantwoording door het Dagelijks Bestuur over het gevoerde beleid en daarnaast het versterken van de administratieve organisatie en interne beheersing over alle processen van de BWB. In 2026 komt de focus meer te liggen op de tweede doelstelling waarbij proces voor proces de administratieve organisatie wordt beoordeeld, en waar nodig geactualiseerd. Verbijzonderde interne controles worden uitgevoerd op basis van een risicoanalyse waarbij het uitgangspunt is zoveel mogelijk procesgericht te controleren.

Begroting 2026

29

Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) Om te voldoen aan de BIO1 heeft de BWB de afgelopen jaren veel vooruitgang geboekt op de implementatie van de uitgangspunten: In 2022 en 2023 is het beleidsmatige kader geactualiseerd, in 2023 en 2024 zijn daarnaast op basis van het informatie-beveiligingsplan de gap’s opgelost. In 2025 en 2026 zal een doorontwikkeling plaatsvinden naar BIO2. Het verschil tussen BIO1 en BIO2 is dat BIO2 een vertaling is van Europese richtlijn NIS2 en inhoudelijk is er meer sprake van bundeling van meerdere uitgangspunten, waar in totaliteit aan moet worden voldaan.

4.

Wat mag het kosten? Realisatie 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Personele lasten

3.758

4.769

4.902

5.137

5.342

5.556

Organisatiekosten

5.234

5.954

5.791

5.918

6.048

6.181

Totale lasten

Totale baten en lasten (× € 1.000) Overhead

8.992

10.723

10.693

11.055

11.390

11.737

Vergoeding loonkosten

175

110

95

100

104

108

Opbrengsten derden

120

55

45

46

47

48

Totaal baten

295

165

140

146

151

156

8.697

10.558

10.553

10.909

11.239

11.581

Totale lasten

-

-

-

-

-

-

Totale baten

-

-

-

-

-

-

Saldo VPB

-

-

-

-

-

-

8.697

10.558

10.553

10.909

11.239

11.581

-

-

-

-

-

-

8.697

10.558

10.553

10.909

11.239

11.581

Saldo Overhead Vennootschapsbelasting

Saldo voor bestemming Mutaties reserves Saldo na bestemming

Voor een toelichting op de verschillen tussen de ramingen over 2025 en 2026 wordt kortheidshalve verwezen naar de financiële begroting (onderdeel toelichting op baten en lasten), op pagina 48 van dit document.

Begroting 2026

30

5.

Beleidsindicatoren Indicator

Jaarrekening 2024

Eenheid

Begroting 2025

Begroting 2026

Formatie*

Fte

142,3 fte

142,3 fte

139,4 fte

Bezetting*

Fte**

132,1 fte

**132,5 fte

**134,2 fte

Apparaatskosten*

Totale lasten (× € 1.000)

19.495

21.368

21.217

Externe inhuur

Lasten als % van totale loonsom + externe inhuur

11,2%

5,2%

4,5%

Overhead

% van totale lasten

46,1%

50,2%

50,4%

*

De beleidsindicatoren formatie, bezetting en apparaatskosten zijn niet aangegeven per 1.000 inwoners, zoals voorgeschreven door de BBV. Een berekening per 1.000 inwoners zou betekenen dat dit aantal nog gedeeld zou moeten worden door de inwoners van alle deelnemende gemeenten, dit zou een vertekend beeld geven. In plaats daarvan zijn deze indicatoren daarom in absolute waarden (fte/kosten) weergegeven.

**

Conform BBV is de beleidsindicator bezetting voor het begrotingsjaar aangeduid als de werkelijke bezetting op 1 januari van het vorig jaar.

Begroting 2026

31

Dekkingsmiddelen: Directie en bedrijfsvoering 1. Inhoud programma De dekkingsmiddelen vormen de basis om de uitgaven in het kader van de verschillende programmaonderdelen te dekken. In voorgaande paragrafen is per programma toegelicht, wat we in 2024 hebben bereikt. De dekkingsmiddelen bestaan uit de volgende onderdelen: bijdrage deelnemers, treasury en onvoorzien. De bijdrage van de deelnemers wordt met een vastgestelde berekeningswijze aan de deelnemers toegerekend.

2. Wat mag het kosten? Totale baten en lasten (× € 1.000)

Realisatie 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

6

5

3

3

3

3

Treasury Totale lasten Totale baten

471

430

350

358

366

374

Saldo Treasury

-465

-425

-347

-355

-363

-371

Totale lasten

-

80

80

84

87

90

Totale baten

-

-

-

-

-

-

Saldo onvoorzien

-

80

80

84

87

90

Bijdrage deelnemers

19.850

20.773

20.727

21.693

22.578

23.495

Saldo bijdrage deelnemers

-19.850

-20.773

-20.727

-21.693

-22.578

-23.495

Saldo voor bestemming

-20.315

-21.118

-20.994

-21.964

-22.854

-23.776

Onvoorzien

Bijdrage deelnemers

Mutaties reserves Saldo na bestemming

-

-

-

-

-

-

-20.315

-21.118

-20.994

-21.964

-22.854

-23.776

Voor een toelichting op de verschillen tussen de ramingen over 2025 en 2026 wordt kortheidshalve verwezen naar de financiële begroting (onderdeel toelichting op baten en lasten), op pagina 48 van dit document.

Begroting 2026

32

PARAGRAFEN Paragraaf 1: Weerstandsvermogen & risicobeheersing Algemeen In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt inzicht gegeven in de weerstandscapaciteit van de BWB. De weerstandscapaciteit is de mate waarin onvoorziene, financiële tegenvallers kunnen worden opgevangen zonder dat verandering van beleid noodzakelijk is. Om dit te kunnen beoordelen, dient er inzicht te zijn in de omvang en achtergronden van de aanwezige weerstandscapaciteit en de risico’s die voor de BWB aanwezig zijn.

Inventarisatie weerstandscapaciteit Onder weerstandscapaciteit wordt verstaan de middelen en mogelijkheden die de organisatie heeft om onverwachte, niet-begrote kosten te kunnen dekken. Voorbeelden van deze middelen zijn het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve en de post onvoorzien die in de begroting is opgenomen. Het weerstandsvermogen bestaat – bij het opstellen van deze begroting – uit de post onvoorzien, welke in de begroting 2026 is gehandhaafd op € 80.000 en de algemene reserve van € 200.000.

Verloop reserve Bij de jaarrekening 2023 is een reserve gevormd van € 200.000 ten behoeve van het opvangen van verschillen in de geraamde en werkelijke loon- en prijsontwikkeling. Er zijn geen toevoegingen of onttrekkingen in de begroting opgenomen. De besluitvorming van het AB ten aanzien van deze reserve zijn opgenomen in bijlage 3 van deze begroting.

Risicobeheersing Om een juist beeld van de financiële positie van de BWB te krijgen, is het noodzakelijk dat helder is met welke risico’s de samenwerking kan worden geconfronteerd. Onder risico wordt in dit verband verstaan ‘een niet door de BWB te beïnvloeden gebeurtenis, onvoorspelbaar en onafwendbaar als deze zich voordoet, met veelal financiële of materiële gevolgen die niet specifiek af te dekken zijn’. De BWB streeft ernaar om risico’s zoveel mogelijk te ondervangen door zorgvuldigheid in de uitvoering van procedures, het treffen van beheersmaatregelen en de benodigde verzekeringen af te sluiten. Op grond van artikel 31, lid 4 van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant zijn de deelnemers verplicht er zorg voor te dragen dat de BWB te allen tijde beschikt over voldoende middelen om aan al haar verplichtingen naar derden te kunnen voldoen. Concreet betekent dit dat de risico’s voor rekening van de deelnemers komen.

Begroting 2026

33

Risicoanalyse Het is van belang periodiek een analyse van de risico’s te maken die de financiële zelfstandigheid en het functioneren van de samenwerking in gevaar kunnen brengen, dan wel bij manifestatie gevolgen hebben voor de deelnemers. De risico’s zoals bekend bij het opstellen van de begroting 2026 zijn toegelicht in bijlage 1. Bepalen risicoprofiel Het totale financiële risico afgezet tegen de kans dat een dergelijk risico zich voordoet, geeft een beeld over het risicoprofiel van de BWB (Risico = Kans x Gevolg). In bijlage 1 zijn de risico’s financieel vertaald. Concreet levert dit een risicoprofiel op van € 620.000. Genoemd risicoprofiel kan/dient normaliter te worden afgedekt door de aanwezige weerstandscapaciteit van de organisatie. De weerstandscapaciteit waarover de BWB beschikt, is de in de begroting opgenomen post onvoorzien en de algemene reserve van € 200.000. Indien zich in de praktijk een risico aandient wat het weerstandsvermogen te boven gaat zal dit door de deelnemers zelf moeten worden afgedekt. In dat kader is het belangrijk dat het bestuur zich bewust is van de mogelijke risico’s die horen bij de uitvoering van het beheer en het beleid van de BWB.

Financiële kengetallen Op grond van artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen de op de BWB van toepassing zijnde genoemde financiële kengetallen in deze paragraaf te worden opgenomen. Realisatie 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Netto schuldquote

-3,1%

1,1%

2,7%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

-3,1%

1,1%

2,7%

Solvabiliteitsratio

15,8%

0,0%

1,9%

Structurele exploitatieruimte

5,1%

0,0%

0,0%

Kengetallen

Netto schuldquote Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de BWB ten opzichte van de eigen middelen en geeft daarmee een indicatie van de druk van de rentelasten en aflossing op de exploitatie. Een percentage onder 90% wordt gezien als minst risicovol. De BWB zit hier ruim onder.

Begroting 2026

34

Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de BWB in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het eigen vermogen wordt hierbij afgezet tegen het vreemd vermogen. Doordat de BWB bij het opstellen van deze begroting een beperkte reserve van € 200.000 aanwezig is, is dit kengetal op begrotingsbasis 1,9%. Een solvabiliteitspercentage van 1,9% is laag afgezet tegen het gemiddelde voor Gemeenschappelijke Regelingen (20%-30%). Dit vormt geen risico gezien de afspraken in de Gemeenschappelijke Regeling (art. 31 lid 4 De deelnemers dragen er zorg voor dat de BWB te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.). Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan welke structurele ruimte de BWB heeft om de eigen lasten te kunnen dragen. Hiervoor worden de structurele baten en lasten afgezet tegen het totale saldo van de baten. Doordat de structurele lasten en baten voor het begrotingsjaar aan elkaar gelijk zijn, is dit kengetal 0%. De kanttekening wordt gemaakt dat de kengetallen geen of nauwelijks strategische dan wel beleidsmatige informatiewaarde voor de BWB geven.

Begroting 2026

35

Paragraaf 2: Financiering Algemeen Op grond van de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido) is het opnemen van een financieringsparagraaf in de begroting en jaarrekening verplicht. In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is vastgelegd dat de paragraaf financiering in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille bevat. Daarnaast dient de paragraaf inzicht te geven in de rentelast, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte.

Treasurybeheer en -beleid De belangrijkste algemene doelstellingen van het treasurybeleid zijn: -

Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities;

-

Het tegengaan van ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s, liquiditeitenrisico’s en valutarisico’s;

-

Het minimaliseren van externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities;

-

Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet Fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut.

Het treasurybeleid is erop gericht binnen de financiële mogelijkheden van de BWB een zo optimaal mogelijk rendement te verkrijgen dan wel de lasten zo veel mogelijk te reduceren. Hierbij moeten de risico’s zo goed mogelijk worden beheerst. Risicoprofiel De financieringsfunctie van de BWB is alleen gericht op ondersteuning van haar publieke taak. Het beheer heeft uitsluitend een voorzichtig, risicomijdend karakter. Gezien de aard en activiteiten van de BWB is het risicoprofiel beperkt. Het kredietrisico (oninbaarheid van geldleningen verstrekt aan derden), koersrisico en valutarisico wordt niet gelopen. Het risico van oninbaarheid van debiteuren (met betrekking tot de bedrijfsvoering) is slechts beperkt aanwezig. Het liquiditeitsrisico is zeer beperkt: de huidige en toekomstige geldstromen van de BWB zijn inzichtelijk. Dagelijks wordt het banksaldo automatisch aangezuiverd of afgeroomd naar een saldo van € 0 in het kader van schatkistbankieren.

Renterisico Het renterisico kan worden gedefinieerd als de mate waarin het saldo van de rentelasten en rentebaten verandert door wijziging in het rentepercentage op leningen en uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of langer. De doelstelling is om zoveel mogelijk spreiding in de looptijden van leningen aan te brengen om zo het renterisico gelijkmatig over de jaren te verspreiden.

Begroting 2026

36

Omschrijving (× € 1.000)

2026

A Renterisico

2027

2028

2029

150

150

150

-

-

-

-

-

150

150

150

-

B Rente risiconorm

4.243

4.439

4.619

4.805

Begrotingstotaal

21.217

22.197

23.095

24.025

20%

20%

20%

20%

4.093

4.289

4.469

4.805

Renteherziening Aflossing

Percentage voor berekening norm C Ruimte onder risiconorm

De wettelijk vastgestelde renterisiconorm van 20% houdt in dat in enig jaar de aflossing van de lange schuld niet hoger mag zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Uit de hiervoor opgestelde berekening blijkt dat de BWB de komende jaren geen renterisico zal lopen.

Kasgeldlimiet Voor het bepalen van de liquiditeitspositie is de zogenaamde kasgeldlimiet belangrijk. Hieronder wordt verstaan het bedrag dat maximaal als kasgeld mag worden opgenomen. Dit bedrag wordt berekend door middel van een door het Ministerie van Financiën vastgesteld percentage van 8,2% te vermenigvuldigen met het totaal van de jaarbegroting van de BWB bij aanvang van het jaar. Bij overschrijding van deze limiet moet er in langlopende financieringsmiddelen worden voorzien. Voor de berekening van de kasgeldlimiet is een modelstaat voorgeschreven. Hieronder is deze staat volgens de laatst bekende gegevens ingevuld.

Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden (× € 1.000)

Vlottende schuld

Vlottende middelen

Netto vlottende schuld of overschot

A. Gemiddeld vlottend overschot

-

4.384

4.384

Ultimo kwartaal 1

-

4.384

4.384

Ultimo kwartaal 2

-

4.384

4.384

Ultimo kwartaal 3

-

4.384

4.384

Ultimo kwartaal 4

-

4.384

4.384

B. Berekening kasgeldlimiet

1.740

Begrotingstotaal

21.217

Percentage regeling

8,2%

C. Ruimte onder kasgeldlimiet

6.124

Gemiddeld vlottend overschot (A)

4.384

Kasgeldlimiet (B)

1.740

Voor de BWB bedraagt de kasgeldlimiet over het jaar 2026 € 1.740.000. Gelet op het verwachtte netto vlottende tekort aan financieringsmiddelen resteert voor het begrotingsjaar een financiële ruimte onder de kasgeldlimiet € 6.124.000.

Begroting 2026

37

Renteresultaat Treasury In deze paragraaf wordt ook inzicht gegeven in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen. Ter verkrijging van dit inzicht is onderstaand overzicht opgesteld.

Omschrijving (× € 1.000)

2026

A Externe rentelasten over korte en lange financiering

-3

B Externe rentebaten

350

Saldo externe rentebaten

347

C Interne eigen rente

-

D Toerekening rente via renteomslag

-

Renteresultaat op taakveld treasury

347

Begroting 2026

38

Paragraaf 3: Bedrijfsvoering Ontwikkeling productie De BWB heeft de ontwikkeling van de productiekwantiteiten tot en met 2026 in kaart gebracht, evenals de vertaling naar personele behoefte. De regio West-Brabant kent een trendmatige groei van het aantal huishoudens, woningen en bedrijven van 0,7% à 0,8% per jaar. Er wordt in de begroting dan ook rekening gehouden met de trendmatige groei in het aantal huishoudens van 0,75% per jaar.

Personeel Strategische Personeelsplanning De strategische personeelsplanning (SPP) blijft een belangrijk middel om inzicht te krijgen in de uitstroom en de toekomstige personele behoefte. Kritische functies zijn in beeld gebracht en waar nodig wordt tijdig actie ondernomen om kennis te behouden en vacatures tijdig in te vullen. Waar dit niet lukt, wordt gericht ingezet op externe inhuur. De krapte op de arbeidsmarkt blijft een uitdaging. Om aan te sluiten bij potentiële werknemers en beter zichtbaar te zijn, is een nieuwe arbeidsmarktcommunicatiestrategie gelanceerd. De eerste resultaten laten zien dat dit al vruchten afwerpt. De komende jaren zetten we hier verder op in, met specifieke aandacht voor samenwerking met opleidingsinstituten, het aantrekken van stagiaires en trainees om jonge instroom te bevorderen. Duurzame Inzetbaarheid De afspraken uit de cao over vitaliteit en werkdruk in combinatie met een vergrijzend personeelsbestand is duurzame inzetbaarheid een prioriteit. We investeren in vitaliteit en zetten in op het verminderen van werkdruk door middel van digitalisering en procesoptimalisatie. De speerpunten voor vitaliteit en duurzame inzetbaarheid worden mede bepaald in overleg met de ondernemingsraad, rode draden uit de werkgesprekken met medewerkers en de uitkomsten van het medewerkerstevredenheidsonderzoek en de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E).

De werkgesprekken vormen een essentieel middel om inzicht te krijgen in wat er speelt bij medewerkers en welke behoeften er zijn, zodat we daarop in kunnen spelen met maatwerkafspraken. Dit alles om een goede werkgever te zijn en onze medewerkers te binden en boeien, met aandacht voor werkplezier, doorgroeimogelijkheden en een prettige werkomgeving. Daarnaast is er een nauwe koppeling met het Arbobeleid, waaruit interventies voortkomen om de gezondheid en vitaliteit van medewerkers te bevorderen. Dit beleid richt zich op preventie en het creëren van een veilige en gezonde werkomgeving, waarbij fysieke en mentale belasting actief worden gemonitord en aangepakt.

Begroting 2026

39

Lean, AI en Verdere Digitalisering Alle medewerkers hebben een basisopleiding in Lean gevolgd. Toekomstige nieuwe medewerkers zullen ook opgeleid worden in de basis Lean opleiding en collega's die de ambitie hebben om zich verder te verdiepen in de Lean-methodiek mogen vervolgopleidingen volgen. Procesoptimalisatie en veranderende werkwijzen hebben impact op de dagelijkse werkzaamheden. Ook de ontwikkelingen op het gebied van AI en verder gaande digitalisering blijven impact hebben op onze werkprocessen. AI en robotisering worden geïntegreerd in werkprocessen om medewerkers te ondersteunen en repetitieve taken te verminderen. Dit vraagt aanpassingsvermogen van medewerkers. We brengen de komende jaren in kaart welke nieuwe competenties nodig zijn en investeren in de scholing van medewerkers om hierop voorbereid te zijn. Daarnaast zetten we in op een cultuur van permanente verbetering, waarin medewerkers actief bijdragen aan innovatie en efficiëntie binnen de organisatie. Digitalisering van Personeelsprocessen De digitalisering van personeelsprocessen wordt verder doorgezet. Het nieuwe personeelssysteem Youforce van Visma Raet gaat per 1 januari 2026 live. Dit systeem ondersteunt efficiëntere en geautomatiseerde HR-processen, waardoor de administratieve handelingen verminderen en medewerkers beter gefaciliteerd worden.

Huisvestiging en Thuiswerkfaciliteiten Het hybride werken is inmiddels verankerd binnen de bedrijfsvoering. In 2025 wordt het bedrijfspand aangepast om beter aan te sluiten op de huidige manier van werken. Er zal een nieuwe RI&E worden uitgevoerd om deze gewijzigde situatie te toetsen. Medewerkers blijven daarnaast gefaciliteerd met een budget voor thuiswerkvoorzieningen, zodat zij ook gezond en veilig kunnen blijven thuiswerken. Wet DBA en risicobeheersing De Wet Deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA) vervangt sinds 2016 de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) en heeft als doel schijnzelfstandigheid tegen te gaan. Onder de Wet DBA kunnen opdrachtgevers en opdrachtnemers niet langer volstaan met een VAR-verklaring om aan te tonen dat er geen sprake is van een dienstbetrekking. In plaats daarvan geldt dat beide partijen de aard van hun samenwerking en de daarbij behorende contracten zorgvuldig moeten toetsen aan de geldende wet- en regelgeving. De belangrijkste risico’s betreffen mogelijke naheffingen van loonbelasting en premies sociale verzekeringen, als de Belastingdienst achteraf vaststelt dat er feitelijk sprake was van een (fictieve) dienstbetrekking.

Begroting 2026

40

Om deze risico’s te beperken, gaan wij de volgende maatregelen nemen: 1.

Overeenkomsten en werkinstructies Wij maken gebruik van modelovereenkomsten die door de Belastingdienst zijn beoordeeld of voldoen aan de richtlijnen van de Wet DBA. Daarnaast zorgen wij dat de feitelijke uitvoering van de werkzaamheden in lijn is met de afspraken in de overeenkomst, om te voorkomen dat er toch sprake is van een gezagsverhouding of verplichting tot persoonlijke arbeid.

2.

Periodieke evaluatie Wij evalueren regelmatig de contracten en de werkrelaties met onze opdrachtnemers. Hierbij letten wij op eventuele veranderingen in de aard van de werkzaamheden en de mate van zelfstandigheid, om tijdig bij te sturen als de situatie wijzigt.

CAO SGO en loonontwikkeling De huidige cao loopt tot en met 31 maart 2025. Ten tijde van het opstellen van de begroting 2026 waren de onderhandelingen voor een nieuwe cao nog niet afgerond. Het laatst bekend bod van de werkgeversbond betreft een looptijd van 24 maanden (tot en met 31 maart 2027). De werknemersbond daarentegen stelt een kortere looptijd voor van 21 maanden (tot en met 31 december 2026). Op het gebied van lonen stelt de werkgeversbond voor om per 1 april 2025 een stijging van 2,5% door te voeren, gevolgd door een verhoging van 1% per 1 oktober 2025. Vervolgens staat per 1 april 2026 een loonstijging van 1,2% gepland en wordt op 1 oktober 2026 een eenmalige bruto uitkering van € 200 uitgekeerd. Tot slot stijgen de lonen op 1 januari 2027 met 1,4%. De werknemersbond heeft een hoger loonbod voorgesteld, bestaande uit een verhoging van 5% per 1 april 2025 en 4% per 1 januari 2026. Bovendien pleiten zij voor de invoering van een automatische prijscompensatie, met ingang van een nog nader te bepalen datum. Dit zou resulteren in een voordeel van ongeveer € 80.000 ten opzichte van de in de kadernota opgenomen 5,8% en 3,8%. Naast de loonontwikkeling zijn er diverse aanpassingen die van invloed kunnen zijn op de begroting. De thuiswerkvergoeding wordt verhoogd van € 2,15 naar € 2,40.

Daarnaast zijn er diverse overige wijzigingen met zeer beperkte financiële effecten, zoals het toevoegen van doelen aan het Individueel Keuzebudget, de indexatie van de BHV-vergoeding en afspraken over de Regeling Vervroegd Uittreden.

Informatiebeveiliging In opzet en bestaan is bij de BWB de informatiebeveiliging op orde gebracht. Er is een vastgesteld informatiebeveiligingsbeleid. Hand in hand hiermee gaat de borging van het gebruik binnen de organisatie van dit beleid en deze procedures (werking). Hiervoor is inmiddels een Information Security Management Systeem (ISMS) ingericht wat het mogelijk maakt om met behulp van de PDCA-cirkel de processen continu te controleren en te verbeteren. Het ISMS maakt het voor de directeur en het managementteam ook mogelijk om sturing te geven aan dit proces.

Begroting 2026

41

Daarnaast wordt sturing gegeven langs de overlegstructuren zoals deze zijn vastgesteld in het informatiebeveiligingsplan. De basis hiervoor vormt het tweewekelijkse informatieoverleg waar de Functionaris Gegevensbescherming, de Chief Information Security Officer, de informatiebeheerder, de senior medewerker documentaire Informatievoorziening en de manager Ondersteuning deel van uitmaken. Er zijn ook overlegstructuren ingericht met de afdeling ICTS van de gemeente Breda, die de IT-systemen van de BWB in beheer heeft.

Openbaarheidsparagraaf (Woo) De Wet Open Overheid (Woo), ingangsdatum 1 mei 2022, legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Eén van deze verplichtingen betreft het geven van een impuls aan openbaarheid door in de begroting en het verantwoordingsverslag in de jaarstukken aan te geven hoe rekening wordt gehouden met de bepalingen uit de Woo. Actieve openbaarmaking De Woo stelt de verplichting om zeventien benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting zal niet voor alle categorieën tegelijk gelden. Over de ingangsdatum is nog geen zekerheid tijdens het schrijven van dit onderdeel Openbaarheid. In 2026 zullen we zorgen dat we voldoen aan de Woo door de op dat moment verplichte informatiecategorieën te publiceren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15635361/1