CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

09b Was-wordt tabel Wijziging APV 2023 - Gemeente Rucphen

commissie Algemeen Bestuur en Middelen 30 november 2023, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Algemene plaatselijke verordening gemeente Rucphen 202412.149 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Een omgevingsvergunning voor het kappen van een beschermde houtopstand op de Groene Kaart wordt geweigerd op grond van: a. de cultuurhistorische waarde van de b. houtopstand; en / of b. de natuur- en milieuwaarde van de c. houtopstand; en / of c. de boomstructuurwaarde; en / of d. de maatschappelijke waarde van een particuliere houtopstand; 2. In afwijking van lid 1 kan het college de omgevingsvergunning voor het kappen van een beschermde houtopstand verlenen indien: a. behoud van de houtopstand leidt tot beperking voor de concrete uitvoering van een vastgesteld bestemmingsplan of omgevingsvergunning, waarin alternatieven voor behoud zijn onderzocht of; b. naar boomdeskundige maatstaven instandhouding niet langer verantwoord is ter voorkoming van letsel of schade of; c. een algemeen maatschappelijk belang opweegt tegen duurzaam behoud van de beschermde houtopstand. 3. Het college kan een herplantplicht of een financiële herplantplicht ten gunste van het groenfonds opleggen. Artikel 4:13 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 4:13 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke 1. in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of beëindiging van overlast dan wel voorkoming van schade aan de openbare gezondheid is het verboden in de bebouwde kom, alsmede de in- en uitvalswegen: Rucphensebaan, Gebrande Hoefstraat, Schijfse Vaartkant, Sprundelseweg, Roosendaalsebaan, Scherpenbergsebaan, Rucphenseweg, Vorenseindseweg, Bredasebaan, Vosdonkseweg, Bernhardstraat, Kozijnenhoek (tussen Helakkerstraat en

Artikel 4:13 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke 1. in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of beëindiging van overlast dan wel voorkoming van schade aan de openbare gezondheid is het verboden in de bebouwde kom, alsmede de in- en uitvalswegen: Rucphensebaan, Gebrande Hoefstraat, Schijfse Vaartkant, Sprundelseweg, Roosendaalsebaan, Scherpenbergsebaan, Rucphenseweg, Vorenseindseweg, Bredasebaan, Vosdonkseweg, Bernhardstraat, Kozijnenhoek (tussen Helakkerstraat en 20

Industriestraat), Binnentuin, Industriestraat, Poppestraat en eventueel nader door het college aan te wijzen, die buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, in de openlucht of buiten de weg zijn gelegen, de volgende voorwerpen of stoffen op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben: a. onbruikbare of aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voer- of vaartuigen of onderdelen daarvan; b. bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen daarvan; c. kampeermiddelen als bedoeld in artikel 1:17 of onderdelen daarvan, voor zover het plaatsen of aanwezig hebben daarvan geschiedt voor verkoop of verhuur of anderszins voor een commercieel doel; of d. mestopslag, gierkelders of andere verzamelplaatsen van vuil, een verzameling ingekuild gras, loof of pulp of ingekuilde landbouwproducten, afbraakmaterialen en oude metalen. 2. Het college kan bij de aanwijzing nadere regels stellen.

Industriestraat), Binnentuin, Industriestraat, Poppestraat en eventueel nader door het college aan te wijzen, die buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, in de openlucht of buiten de weg zijn gelegen, de volgende voorwerpen of stoffen op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben: a. onbruikbare of aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voer- of vaartuigen of onderdelen daarvan; b. bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen daarvan; c. kampeermiddelen als bedoeld in artikel 1:17 of onderdelen daarvan, voor zover het plaatsen of aanwezig hebben daarvan geschiedt voor verkoop of verhuur of anderszins voor een commercieel doel; of d. mestopslag, gierkelders of andere verzamelplaatsen van vuil, een verzameling ingekuild gras, loof of pulp of ingekuilde landbouwproducten, afbraakmaterialen en oude metalen. 2. Het college kan bij de aanwijzing nadere regels stellen. 3. Dit artikel is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet of de provinciale omgevingsverordening.

Artikel 5:5 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5:5 Voertuigwrakken 1. Het is verboden een voertuig dat rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud en tevens in een kennelijk verwaarloosde toestand verkeert op de weg te parkeren. 2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet milieubeheer.

Artikel 5:5 Voertuigwrakken 1. Het is verboden een voertuig dat rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud en tevens in een kennelijk verwaarloosde toestand verkeert op de weg te parkeren. 2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Wet milieubeheer of het Besluit activiteiten leefomgeving.

Artikel 5:6 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5:6 Kampeermiddelen en andere voertuigen 1. Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt, een kampeermiddel, een aanhanger of voertuig: a.langer dan op drie achtereenvolgende

Artikel 5:6 Kampeermiddelen en andere voertuigen 1. Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt, een kampeermiddel, een aanhanger of voertuig: 21

dagen te plaatsen of te hebben op de weg en/of niet tot de rijbaan behorend weggedeelte in de bebouwde kom, alsmede op de volgende in- e uitvalswegen en/of niet tot de rijbaan behorend weggedeelte: Rucphensebaan, Gebrande Hoefstraat, Schijfse Vaartkant, Sprundelseweg, Roosendaalsebaan, Scherpenbergsebaan, Rucphenseweg, Vorenseindseweg, Bredasebaan, Vosdonkseweg, Bernhardstraat, Poppesraat en op een door het college aangewezen weg, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte of schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente;, b. te parkeren in de bebouwde kom, alsmede op de volgende in- en uitvalstwegen en/of niet tot de rijbaan behorend weggedeelte: Rucphensebaan, Gebrande Hoefstraat, Schijfse Vaartkant, Sprundelseweg, Roosendaalsebaan, Scherpenbergsebaan, Rucphenseweg, Vorenseindseweg, Bredasebaan, Vosdonkseweg, Bernhardstraat, Poppesraat en op een door het college aangewezen plaats, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 2. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a. 3. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

a. langer dan op drie achtereenvolgende dagen te plaatsen of te hebben op de weg en/of niet tot de rijbaan behorend weggedeelte in de bebouwde kom, alsmede op de volgende in- e uitvalswegen en/of niet tot de rijbaan behorend weggedeelte: Rucphensebaan, Gebrande Hoefstraat, Schijfse Vaartkant, Sprundelseweg, Roosendaalsebaan, Scherpenbergsebaan, Rucphenseweg, Vorenseindseweg, Bredasebaan, Vosdonkseweg, Bernhardstraat, Poppesraat en op een door het college aangewezen weg, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte of schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente;, b. te parkeren in de bebouwde kom, alsmede op de volgende in- en uitvalstwegen en/of niet tot de rijbaan behorend weggedeelte: Rucphensebaan, Gebrande Hoefstraat, Schijfse Vaartkant, Sprundelseweg, Roosendaalsebaan, Scherpenbergsebaan, Rucphenseweg, Vorenseindseweg, Bredasebaan, Vosdonkseweg, Bernhardstraat, Poppesraat en op een door het college aangewezen plaats, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 2. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a. 3. Het eerste lid is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de provinciale omgevingsverordening. 4.

Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 5:32 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5:32 Crossterreinen 1. Het is verboden op enig terrein, geen weg zijnde, met een motorvoertuig of een bromfiets te crossen buiten wedstrijdverband, een wedstrijd dan wel, ter voorbereiding van een wedstrijd, een trainings- of proefrit te houden of te doen houden dan wel daaraan deel te nemen, dan wel een motorvoertuig of een bromfiets met het kennelijke doel daartoe aanwezig te hebben. 2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college kan

Artikel 5:32 Crossterreinen 1. Het is verboden op enig terrein, geen weg zijnde, met een motorvoertuig of een bromfiets te crossen buiten wedstrijdverband, een wedstrijd dan wel, ter voorbereiding van een wedstrijd, een trainings- of proefrit te houden of te doen houden dan wel daaraan deel te nemen, dan wel een motorvoertuig of een bromfiets met het kennelijke doel daartoe aanwezig te hebben. 2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college kan

22

nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van: a. het voorkomen of beperken van overlast; b. de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving en ter bescherming van andere milieuwaarden; c. de veiligheid van de deelnemers van de in het eerste lid bedoelde wedstrijden en ritten of van het publiek. 3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Besluit omgevingsrecht, de Zondagswet of het Besluit geluidproduktie sportmotoren.

nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van: a. het voorkomen of beperken van overlast; b. de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving en ter bescherming van andere milieuwaarden; c. de veiligheid van de deelnemers van de in het eerste lid bedoelde wedstrijden en ritten of van het publiek. 3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Omgevingswet, afdeling 3.9 van het Besluit activiteiten leefomgeving en binnen de in het omgevingsplan aangewezen terreinen voor zover die activiteit daarbij is toegelaten, de Zondagswet of het Besluit geluidsproduktie sportmotoren.

Artikel 5:33 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5:33 Beperking verkeer in natuurgebieden 1. Het is verboden binnen voor publiek toegankelijke natuurgebieden, parken, plantsoenen of voor recreatief gebruik beschikbare terreinen te rijden of zich te bevinden met een motorvoertuig, een bromfiets, een fiets of een paard. 2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college kan nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van: a. het voorkomen van overlast; b. de bescherming van natuur- of milieuwaarden; c. de veiligheid van het publiek. 3. Het verbod is niet van toepassing op motorvoertuigen, bromfietsen, fietsen en paarden: a. ten dienste van politie, brandweer en geneeskundige hulpverlening en van andere krachtens artikel 29, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 door de bevoegde minister aangewezen hulpverleningsdiensten; b. die worden gebruikt in verband met beheer, onderhoud of exploitatie van de terreinen als in het eerste lid bedoeld; c. die worden gebruikt in verband met werken die krachtens wettelijk voorschrift moeten worden uitgevoerd; d. van de zakelijk gerechtigden, huurders en pachters van percelen die gelegen zijn

Artikel 5:33 Beperking verkeer in natuurgebieden 1. Het is verboden binnen voor publiek toegankelijke natuurgebieden, parken, plantsoenen of voor recreatief gebruik beschikbare terreinen te rijden of zich te bevinden met een motorvoertuig, een bromfiets, een fiets of een paard. 2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college kan nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van: a. het voorkomen van overlast; b. de bescherming van natuur- of milieuwaarden; c. de veiligheid van het publiek. 3. Het verbod is niet van toepassing op motorvoertuigen, bromfietsen, fietsen en paarden: a. ten dienste van politie, brandweer en geneeskundige hulpverlening en van andere krachtens artikel 29, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 door de bevoegde minister aangewezen hulpverleningsdiensten; b. die worden gebruikt in verband met beheer, onderhoud of exploitatie van de terreinen als in het eerste lid bedoeld; c. die worden gebruikt in verband met werken die krachtens wettelijk voorschrift moeten worden uitgevoerd; d. van de zakelijk gerechtigden, huurders en pachters van percelen die gelegen zijn 23

binnen de terreinen als in het eerste lid bedoeld; e. voor het verkeer ten behoeve van bezoek en van de verzorging van de onder d bedoelde personen. 4. Het verbod is voorts niet van toepassing: op wegen die gelegen zijn binnen de in het eerste lid bedoelde gebieden of terreinen;

5. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

binnen de terreinen als in het eerste lid bedoeld; e. voor het verkeer ten behoeve van bezoek en van de verzorging van de onder d bedoelde personen. 4. Het verbod is voorts niet van toepassing: a. op wegen die gelegen zijn binnen de in het eerste lid bedoelde gebieden of terreinen; b. binnen de bij of krachtens de provinciale omgevingsverordening aangewezen stiltegebieden ten aanzien van motorrijtuigen die bij of krachtens die verordening zijn aangewezen als toestel. c. Binnen de in het omgevingsplan aangewezen terreinen voor zover die activiteit daarbij is toegelaten. 5. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

Artikel 5:34 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5:34 Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken 1. Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen in de zin van de Wet milieubeheer of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben.

Artikel 5:34 Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken 1. Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben. 2. Mits geen sprake is van gevaar, overlast of hinder voor de omgeving, is het verbod niet van toepassing op: a. verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke; b. sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven, voor zover geen afvalstoffen worden verbrand; c. vuur voor koken, bakken en braden; d. het verbranden van kerstbomen; het houden van kampvuren door de plaatselijke scouting; e. het houden van oefeningen door de brandweer. 3. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod. 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de ontheffing worden geweigerd ter bescherming van de flora en fauna. 5. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef

2. Mits geen sprake is van gevaar, overlast of hinder voor de omgeving, is het verbod niet van toepassing op: a. verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke; b. sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven, voor zover geen afvalstoffen worden verbrand; c. vuur voor koken, bakken en braden; d. het verbranden van kerstbomen; het houden van kampvuren door de plaatselijke scouting; e. het houden van oefeningen door de brandweer. 3. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

4. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1˚ of 3˚, van het Wetboek van

24

Strafrecht of de Provinciale milieuverordening Noord-Brabant.

en onder 1˚ of 3˚, van het Wetboek van Strafrecht, de provinciale omgevingsverordening of bij of krachtens de Omgevingswet.

25

Toelichting op de was-wordttabel De APV bevat regels over de fysieke leefomgeving en wordt aangepast met het oog op de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024. De wettelijke grondslagen en formele verwijzingen zijn geactualiseerd zodat vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet doorgewerkt kan worden met deze verordening onder de Omgevingswet. Het betreft een juridisch-technische omzetting. Een aantal wijzigingen behoeven toelichting. In de definitie is het begrip beperkingengebiedactiviteiten opgenomen. Hierbij wordt verwezen naar de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet. Volgens deze bijlage is een beperkingengebied een krachtens of bij de wet aangewezen gebied waar vanwege de aanwezigheid van een werk of object regels gelden voor activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor dat werk of dat object. Een beperkingengebiedactiviteit is een activiteit binnen een beperkingengebied. Voorbeelden van een beperkingengebiedactiviteit zijn: het bouwen van een viaduct, het plaatsen van een reclamebord naast de snelweg. In bepaalde artikelen is opgenomen dat deze niet van toepassing zijn op omgevingsvergunningen. Dit komt omdat voor vergunningen of ontheffingen die omgevingsvergunning zijn de Omgevingswet uitputtende regelingen kent voor de in deze artikelen geregelde onderwerpen. Denk hierbij aan o.a.

beslistermijn, nakomen voorschriften, voor wie de omgevingsvergunning geldt en over intrekking of wijziging van een omgevingsvergunning. In artikel 5.43 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet wordt het Vuurwerkbesluit gewijzigd. De definitie van consumentenvuurwerk vervalt. Daarom wordt dit begrip gewijzigd.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13481755/1