CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

09b Aanbiedingsbrief 10e wijziging GR BWB gemeente Rucphen

commissie Algemeen Bestuur en Middelen 29 januari 2026, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel 10e wijziging Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) (toestemmingsbesluit)1.274 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rucphen Postbus 9 4715 ZG RUCPHEN

Contactpersoon M.S.A. van Leeuwen

Uw kenmerk

Onderwerp Tiende wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant

Datum 13 november 2025

Geacht college, Het algemeen bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant heeft in de vergadering van 7 november 2025 besloten tot vaststelling van de tekst van de 10e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant (GR BWB) De conceptregeling is uitgebreid behandeld in het regie-overleg. Er zijn in het regie-overleg wensen geuit waarbij door BWB is aangegeven dat de officiële zienswijzeprocedure gevolgd zal worden. Zienswijzeprocedure De zienswijzeprocedure heeft plaatsgevonden. Op 7 april 2025 is aan de deelnemers gevraagd te reageren op de zienwijze met als uiterlijke termijn 6 juni 2025. Gemeente Etten-Leur heeft op 23 september 2025 een zienswijze ingediend. Het college van B&W van Etten-Leur heeft de conceptregeling van de BWB op 12 juni, na het verstrijken van de termijn, behandeld en daarna een voorstel naar de raad gestuurd. De raad van Etten-Leur heeft de regeling vervolgens op 22 september behandeld. Op dat moment was de interne procedure bij de BWB ter vaststelling van de definitieve tekst al gestart. De zienswijze van Etten-Leur is daarom niet formeel behandeld. In de definitieve versie zijn ten opzichte van de vorige GR al aanpassingen doorgevoerd die deels aan de zienswijze van Etten-Leur tegemoetkomen. 1.

De zienswijze over het concreter vastleggen van de actieve informatieplicht door het afspreken met een termijn, is reeds verwerkt in artikel 11, 2e lid van de GR. De termijn bedraagt 30 dagen. 2.De bepaling(en) over ontslag en schorsing. In de definitieve versie staat het ontslag en schorsing van het personeel benoemd als bevoegdheid van het dagelijks bestuur. 3. Het afstemmen van twee bepalingen met de Nota Verbonden Partijen: de in de Nota Verbonden Partijen afgesproken termijnen zijn van toepassing verklaard in artikelen 30, 10e lid en 32, 8e lid Gr. De ingekomen zienswijze van Breda is als volgt behandeld: 1. Het verzoek om het DB niet uit te breiden. Wij hebben kennisgenomen van de zorg van Breda over de uitbreiding van het dagelijks bestuur en de gevolgen daarvan voor de stemverhoudingen. De keuze voor een dagelijks bestuur van vijf leden is bewust door het algemeen bestuur gemaakt om de vertegenwoordiging van gemeenten onder de

100.000 inwoners te versterken en daarmee de evenwichtige samenstelling van het bestuur te waarborgen. De voor de gemeente Breda nadelige verlaging van het relatieve stemgewicht, is een gevolg van de bredere afweging van het algemeen bestuur om alle deelnemende gemeenten passend te laten meewegen in de besluitvorming. Gelet op het voorgaande, nemen wij de inhoud van de zienswijze op dit onderwerp niet over in de tekst van de 10e wijziging. 2. De gewenste beperking van de garantstelling door de deelnemers wanneer de BWB zich niet zou houden aan de door het algemeen bestuur gewenste kaders. (artikel 31, vierde lid GR) Wij begrijpen en delen de zorg van Breda dat het handelen van BWB altijd binnen de bestuurlijke kaders moet plaatsvinden. Tegelijk stellen wij voor de zienswijze op dit punt niet over te nemen, om de volgende redenen: •

De financiële verantwoordelijkheid van deelnemers is onvoorwaardelijk verbonden aan de kostenverdeelsystematiek die door het algemeen bestuur is vastgesteld. Deze systematiek bepaalt hoe lasten worden verdeeld, ook als verplichtingen buiten de kaders zijn aangegaan. Deelnemers zijn gehouden hun bijdrage volgens die systematiek te leveren. Het toevoegen van een voorwaarde zou hiermee in strijd komen en maakt de uitvoerbaarheid onzeker.

•

Het voorgestelde voorbehoud ("mits binnen de kaders") kan in de praktijk niet worden toegepast. Contractspartijen van BWB hebben geen zicht op interne bestuurlijke kaders. Een voorwaardelijke garantstelling ondermijnt de betrouwbaarheid van BWB als partij in het maatschappelijk verkeer en maakt nakoming van verplichtingen juridisch risicovol.

•

De Wgr-systematiek veronderstelt een solide, zelfstandige rechtspersoon. Deelnemers kunnen niet op voorhand een beperking opleggen aan hun financiële betrokkenheid zonder de samenwerkingsstructuur als geheel onder druk te zetten.

•

Het signaal van Breda is waardevol. Wij onderschrijven dat verplichtingen alleen binnen de door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders worden aangegaan. Die kaders komen tot stand in een zorgvuldig proces, waaraan de afgevaardigden van alle deelnemers bijdragen: in het Dagelijks Bestuur (uitvoering en voorbereiding) en in het Algemeen Bestuur (kaderstelling en besluitvorming). Ook Breda is in beide gremia vertegenwoordigd. Daarmee is de kaderstelling gezamenlijk en transparant geborgd.

Gelet op het voorgaande, nemen wij de inhoud van de zienswijze op dit onderwerp niet over in de tekst van de 10e wijziging. 3. De gewenste zienswijzeprocedure bij een begrotingswijziging wanneer bij een gelijkblijvende productie de bijdrage van een individuele deelnemer wordt verhoogd. Wij begrijpen de zorg van Breda dat een verhoging van de bijdrage voor een individuele deelnemer zonder dat sprake is van een verhoging van de productie, gevoelig kan liggen en dat een zienswijzeprocedure dan wenselijk zou zijn. De bijdrage volgt uit de kostenverdeelsystematiek. Deze systematiek is een besluit van het algemeen bestuur, en ligt op dat moment niet ter vaststelling voor. Een zienswijzeprocedure zou in dit geval niet tot de gewenste uitkomst leiden. Bij verschuivingen binnen het totaal is dus gekozen voor een kortere procedure. De belangen van deelnemers zijn daarbij geborgd doordat iedere begrotingswijziging via de reguliere besluitvorming in het algemeen bestuur van de BWB loopt, waarin alle deelnemers zijn vertegenwoordigd en een besluit

alleen maar tot stand kan komen door dit democratische proces, waarbij alle belangen zorgvuldig zijn afgewogen. Besluitvorming over de kostenverdeelsystematiek vereist een versterkte meerderheid en er is ruimte voor inhoudelijke beïnvloeding via evaluaties, voorstellen en stemgedrag. Gelet op het voorgaande, nemen wij de inhoud van de zienswijze op dit onderwerp niet over in de tekst van de 10e wijziging. 4. Het schrappen van de indexering op de uittreedvergoeding. (artikel 37, 8e lid) In de definitieve tekst is de indexering verwijderd uit de tekst conform de zienswijze. 5. De afbouwregeling voor een deeltaak maximeren op 1 jaar met een vergoeding voor maximaal 100% voor de jaarbijdrage van een deeltaak. (artikel 37, 9e lid) In de definitieve tekst is de versnelde afbouwregeling voor een deeltaak conform de zienswijze overgenomen. Het percentage van 100% strookt echter niet met de systematiek van de vergoeding voor de algehele uittreding. We zien geen aanleiding waarom het uittreden met een deeltaak een lagere vergoeding voor de BWB zou moeten opleveren dan algehele uittreding van de complete verzameling deeltaken. Gelet op het voorgaande, nemen wij de inhoud van de zienswijze op dit punt niet geheel over in de tekst van de 10e wijziging. Overzicht wijzigingen In de bijgevoegde tekst van de 10e wijziging van de GR is de bovengenoemde behandeling van de zienswijze verwerkt.

De definitieve wijzigingen hebben wij opgenomen in een overzicht dat is bijgevoegd. Toestemmingsprocedure Het besluit tot het vaststellen van de 10e wijziging GR-BWB moet nu nog geformaliseerd worden met handtekeningen van het college/dagelijks bestuur of de daartoe aangewezen gemachtigde. Dit kan pas na toestemming van de gemeenteraden van de deelnemende gemeentes en het algemeen bestuur van het Waterschap. Een modelbesluit voor toestemming is meegezonden. Nadat van de deelnemers de ondertekende exemplaren zijn ontvangen kan de gemeenschappelijke regeling gepubliceerd worden en in werking treden. Als bijlagen treft u aan: 1. 10e wijziging gemeenschappelijke regeling West-Brabant 2. Wijzigingen overzicht met daarin de tekstuele verschillen tussen de 9e en 10e wijziging van de gemeenschappelijke regeling. 3. Model toestemmingsbesluit Vriendelijk verzoeken wij om na de ondertekening document 1 en het toestemmingsbesluit van de raad in geheel digitaal te retourneren via e-mail naar het adres beleid@bwbrabant.nl Met vriendelijke groet, Het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant, namens deze

M.S.A. van Leeuwen Plaatsvervangend Directeur

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16488519/1