08d 1e Bestuursrapportage BWB 2024 1
Tekst van het document
1e bestuursrapportage
2024 Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant
Inhoudsopgave 1.
Algemeen ..................................................................................................................................3 1.1
Doel en functie bestuursrapportage ........................................................................................3
1.2
Aanbieding en resultaat ...........................................................................................................3
1.3
Leeswijzer ................................................................................................................................4
2.
Ontwikkelingen/voortgang primaire proces ..........................................................................5 2.1
Programma Waarderen ...........................................................................................................5
2.2
Programma Heffen ................................................................................................................13
2.3
Programma Invordering .........................................................................................................16
3.
Bedrijfsvoering/ organisatie ..................................................................................................18 3.1
Personeel en organisatie .......................................................................................................18
3.2
Informatisering en automatisering .........................................................................................20
3.3
Control ...................................................................................................................................20
4.
Weerstandsvermogen & risicobeheersing ..........................................................................21 4.1
Algemeen ..............................................................................................................................21
4.2
Inventarisatie weerstandscapaciteit.......................................................................................21
4.3
Risicobeheersing ...................................................................................................................21
4.4
Risicoanalyse ........................................................................................................................22
5.
Financiën .................................................................................................................................23 5.1
Overzicht exploitatie 2024 .....................................................................................................23
5.2
Toelichting budgetten begroting 2024 ...................................................................................24
5.3
Aandachtspunten waarmee (financieel) nog geen rekening is gehouden. ............................27
5.4
Deelnemersbijdrage ..............................................................................................................28
Bijlagen ................................................................................................................................................31 Bijlage 1: Risicoprofiel BWB over 2024 en volgende jaren ................................................................31
Eerste bestuursrapportage 2024
2
1.
Algemeen
1.1
Doel en functie bestuursrapportage
De bestuursrapportage heeft als doel om uw Algemeen Bestuur te informeren over de voortgang van de (voorgenomen) beleidsontwikkelingen, de zich eventueel aandienende ontwikkelingen op het gebied van de bedrijfsvoering en over eventuele afwijkingen tussen de werkelijke baten en lasten per 1 mei ten opzichte van de vastgestelde ramingen bij de primaire begroting. Door een dergelijke rapportage wordt uw Algemeen Bestuur tussentijds op de hoogte gesteld van zich aandienende afwijkingen en ontwikkelingen, waardoor een tijdige bijstelling van de begroting kan plaatsvinden. Tussentijdse bijstellingen in een bestuursrapportage kunnen een wijziging van de begroting tot gevolg hebben. Als dit leidt tot een verhoging van de totale deelnemersbijdrage, wordt de zienswijze procedure toegepast conform artikel 30 lid 8 van de gemeenschappelijke regeling BWB.
1.2
Aanbieding en resultaat
Via deze eerste bestuursrapportage 2024 wordt uw Algemeen Bestuur over de voortgang van de begroting 2024 geïnformeerd. Een volledige weergave is opgenomen vanaf hoofdstuk 2. Ten opzichte van de primaire begroting 2024 vindt er een bijstelling plaats die leidt tot een verlaging van de deelnemersbijdrage. De belangrijkste ontwikkelingen die hieraan bijdragen zijn: -
Een daling van het aantal waardebezwaren met als gevolg lagere proceskostenvergoedingen aan met name aan No-Cure-No-Pay-bureaus (€ 330.000 voordeel).
-
Hogere rentebaten als gevolg van de stijgingen van de rente op de kapitaalmarkt (€ 280.000 voordeel).
Daling van het aantal waardebezwaren In de begroting is rekening gehouden met 14.010 waardebezwaren. Het verwachtte aantal waardebezwaren is aangepast naar 10.500. Dit betekent een daling van 25% ten opzichte van begroot. Evenals in 2023 is als gevolg hiervan kritisch gekeken naar de gerelateerde budgetten. Dit betreft het budget voor proceskostenvergoedingen en de budgetten voor de afhandeling van de bezwaren (veelal salaris- en inhuurbudgetten). Proceskostenvergoedingen De daling van het aantal waardebezwaren heeft gevolgen voor het benodigde budget voor proceskostenvergoedingen. Op basis van de huidige gegevens is een redelijk betrouwbare inschatting te maken van het totale aantal te verwachten bezwaren (en beroepen). De proceskosten die hieruit voortvloeien zijn conservatief geraamd. Er is rekening gehouden met het risico dat de wettelijke verlaging van de proceskostenvergoeding door de Hoge Raad wordt teruggedraaid. Op basis van de daling van het aantal bezwaren kan desondanks in 2024 het benodigde budget worden verlaagd met € 300.000. Indien het risico zich niet zal voordoen dan kan het budget mogelijk verder worden verlaagd.
Eerste bestuursrapportage 2024
3
Personele capaciteit In 2023 is de stijging van het aantal waardebezwaren opgevangen binnen de bestaande personele capaciteit door innovatie en aanpassingen in de bedrijfsvoering. Dit was ook noodzakelijk aangezien uitbreiding van de personele capaciteit voor de afhandeling van waardebezwaren niet mogelijk was gezien de problematische arbeidsmarkt. De benodigde personele capaciteit binnen het team Waarderen (belast met de afhandeling van waardebezwaren) blijft grotendeels gelijk. Het aantal bezwaren is gedaald maar daar tegenover staat een stijging van het aantal beroepen en extra inzet op de kwaliteit van de data voor modelmatige waardebepaling. De verwachting is dat de huidige werklast opgevangen kan worden binnen de beschikbare capaciteit. Een toelichting op deze ontwikkelingen is opgenomen in het programma Waarderen. Stijging van de rente Als gevolg van de rentestijgingen op de kapitaalmarkt zijn de verwachte renteopbrengsten over het saldo van de schatkist-bankierenrekening hoger dan geraamd. De bijstelling bedraagt € 280.000 voordelig. Deelnemersbijdrage en begrotingswijziging De voorliggende bestuursrapportage leidt per saldo tot een verlaging van de begroting van de BWB met € 330.000 en tot een verlaging van de totale deelnemersbijdrage met € 550.000. In dat kader wordt een begrotingswijziging opgesteld.
De begrotingswijziging per programma is opgenomen in paragraaf 5.1 Overzicht exploitatie 2024. Op grond van artikel 30, lid 9 van de gemeenschappelijke regeling belastingsamenwerking WestBrabant wordt hierop de zienswijze procedure toegepast. Na definitieve vaststelling door het algemeen bestuur, na afloop van de zienswijze procedure, wordt deze begrotingswijziging aan het college van GS van Noord Brabant gezonden.
1.3
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 worden de ontwikkelingen en de voortgang van het primaire proces beschreven. In hoofdstuk 3 van deze bestuursrapportage is nader ingegaan op de stand van zaken, de voortgang en de zich aandienende ontwikkelingen op het gebied van de bedrijfsvoering en de organisatie in zijn algemeenheid. Tenslotte is in hoofdstuk 4 gedetailleerd ingegaan op de financiële stand van zaken van de exploitatie 2024 en is waar nodig een toelichting gegeven.
Eerste bestuursrapportage 2024
4
2.
Ontwikkelingen/voortgang primaire proces
2.1
Programma Waarderen
In deze paragraaf worden de ontwikkeling ten aanzien van productiekwantiteiten, actualiteit en andersoortige zaken behandeld binnen het primaire proces Waarderen. Hierbij wordt rekening gehouden met de informatie tot en met april 2024 en de realisatie van 2023. Objecten
Aantal WOZ-objecten 360.000 330.000 300.000 270.000 240.000 210.000 180.000
334.965
337.800
337.400
Realisatie 2023
Begroot 2024
Prognose 2024
150.000 120.000 90.000 60.000 30.000 -
Het aantal WOZ-objecten ligt een klein beetje lager dan de initiële prognose. De prognose is opgesteld op basis van de WOZ-objecten 2023, vermeerderd met de 0,75% autonome stijging van het aantal objecten.
Eerste bestuursrapportage 2024
5
Bezwaren
Waardebezwaren 20.000 18.000 16.000 14.000 12.000 10.000
19.909
8.000
14.010
6.000
10.500
4.000 2.000 -
Realisatie 2023
Begroot 2024
Prognose 2024
WOZ-bezwaren en WOZ-beroepen 2023 en voorgaande jaren Er resteren vrijwel geen bezwaarschriften meer tegen de waardebeschikkingen van het jaar 2023, daarmee zijn de ruim 22.000 binnengekomen waardebezwaren uit 2023 afgehandeld en vormen deze geen beletsel meer voor de werkprocessen van 2024. De grote hoeveelheid bezwaarschriften in 2023 heeft geleid tot een substantiële toename van beroepsprocedures voor datzelfde belastingjaar. Momenteel liggen er meer dan 900 WOZberoepsprocedures bij de rechtbank Zeeland West-Brabant, waarvan circa 660 dossiers afkomstig zijn uit 2023. Van die dossiers is ongeveer 90% ingediend door no cure no pay-bureaus (NCNP). Dergelijke aantallen zijn niet eerder ontvangen. Daarnaast heeft de rechtbank nog steeds te kampen met grote achterstanden. Zaken die momenteel ter zitting komen, stammen uit 2021 of 2022, wat onterecht suggereert dat de afhandeling van dossiers bij de BWB ernstig is vertraagd. De vertraging hindert de herwaardering, aangezien de uitkomsten van gerechtelijke procedures in vele gevallen impact hebben op de waardering van die objecten in volgende jaren.
Eerste bestuursrapportage 2024
6
De BWB zet daarom nu in op schikkingsonderhandelingen met NCNP's om zaken uit 2023 in der minne af te doen. Dit experiment is recentelijk gestart en de resultaten zullen worden gerapporteerd in de tweede bestuursrapportage. Het proces van schikkingen moet echter niet worden gezien als een ongeconditioneerd 'geven en nemen'. Het omvat een grondige beoordeling van desbetreffende dossiers door zowel de taxateur als een juridisch medewerker, die vervolgens dit oordeel vergelijken met dat van de NCNP. Daarmee voorkomen we dat schikkingen weer problemen bij de herwaardering van 2025 geven in termen van precedentwerking. Ontwikkelingen wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en BPM Het wetsvoorstel dat per 1 januari 2024 van kracht is geworden, hanteert als hoofdlijn dat de proceskostenvergoeding in WOZ bezwaar- en beroepsprocedures 75% lager ligt dan in 'normale' bestuursrechtelijke procedures. Daarnaast worden met ingang van 1 januari 2024 de verschuldigde proceskosten aan de belanghebbende uitbetaald en niet aan de gemachtigde en NCNP-bureaus. Deze wetgeving, waaraan door de belastingsamenwerkingen waaronder de BWB actief is meegewerkt, heeft een aanzienlijke impact op de NCNP’s gehad.
Het is aannemelijk dat de inwerkingtreding van dit voorstel, samen met een relatief vlakke waardeontwikkeling, heeft geleid tot een halvering van het aantal WOZ-waardebezwaren voor 2024 ten opzichte van 2023. Voor de proceskostenvergoeding is er nog een risico dat benoemd moet worden. Momenteel lopen er verschillende procedures waarbij een beroep wordt gedaan op het gelijkheidsbeginsel, waarbij wordt betoogd dat de regeling die per 1 januari 2024 van kracht is geworden in strijd zou zijn met artikel 1 van de Grondwet. Verwacht wordt dat de Hoge Raad in september van dit jaar een oordeel zal vellen, waardoor duidelijkheid zal ontstaan over de juridische geldigheid van de huidige regeling voor proceskostenvergoeding. Mocht de Hoge Raad het oordeel vellen dat de regeling daadwerkelijk strijdig is met hogere rechtsbeginselen, dan zal dit (tenzij reparatiewetgeving wordt ingevoerd) tot gevolg hebben dat de regeling waarbij de afslag met 75% ten opzichte van de gebruikelijke tarieven vervalt. Dit zal ongetwijfeld een opleving van bezwaar- en beroepsprocedures betekenen. Hierbij wordt de kans zeer hoog ingeschat dat de uitspraak negatief uitvalt ten opzichte van de BWB. Dit risico is opgenomen in de risicoanalyse (onderdeel 4 en bijlage 1 van deze bestuursrapportage).
Het bestaan van de kans dat de proceskostenvergoeding terugvalt in het oude regime maakt dat binnen het team waarderen in wordt gezet op het spoedig afdoen van deze bezwaren. Momenteel vinden de eerste hoorzittingen met de NCNP's plaats waarna we verwachten vanaf eind juni met het afdoen van de NCNP bezwaren te kunnen starten. Bij het zich voordoen van deze kans zal ook de proceskostenvergoeding voor de beroepsprocedures geraakt worden; de afdoening daarvan ligt bij de rechtbank waardoor we daarop niet kunnen sturen.
Eerste bestuursrapportage 2024
7
WOZ-bezwaren 2024 Het aantal WOZ-bezwaren 2024 ligt lager dan begroot voor dit jaar (10.500 stuks ten opzichte van 14.010 stuks). Later dit jaar worden nog enkele vervolgkohieren opgelegd, het huidige aantal bezwaren zal dus nog wel licht toenemen maar naar verwachting niet uitstijgen boven de 10.500 stuks. Dit aantal is eveneens veel lager dan het aantal bezwaren in 2023, toen (in totaal) circa 22.000 bezwaren zijn binnengekomen. De daling ligt in lijn met de landelijke trend. In de telling elders in deze rapportage wordt een getal van ruim 19.909 bezwaren genoemd; laatstgenoemd getal zijn de daadwerkelijk inhoudelijke afgewikkelde dossiers. Een deel van de ingediende bezwaarschriften, wordt gaande het behandeltraject door belanghebbenden of de NCNP ingetrokken. In 2023 betrof dit dus ongeveer 2.000 dossiers. Dat een dossier gaande het traject wordt ingetrokken, wil niet zeggen dat daar geen werk aan verricht hoeft te worden. Het inboeken en uitboeken van de bezwaren kost ook tijd, alsmede het contact met de belanghebbende of NCNP voor het opvragen van machtigingen en dergelijke. Als oorzaken voor de eerder genoemde dalende trend wordt gewezen op de zeer gematigde stijging van de WOZ-waarde (gemiddeld zo’n 4% per peildatum 1 januari 2023) en de verminderde aantallen bezwaren van NCNP's.
In absolute aantallen hebben de NCNP’s op moment van schrijven al ruim 6.300 bezwaren ingediend. Hoewel dat in absolute aantallen minder is dan in 2023, is de verhouding tussen bezwaren van burgers en NCNP's wel wat veranderd ten opzichte van 2023. In 2023 waren de gemachtigden en NCNP's verantwoordelijk voor 54% van de bezwaren ten opzichte van de huidige 62% voor 2024. Inmiddels is een aanvang gemaakt met de afdoening van de bezwaren 2024, daarbij zijn we gestart met de bezwaren die door particulieren zelf zijn ingediend. Zoals bekend willen de NCNP's gebruik maken van het recht om te horen (in verband met het in rekening kunnen brengen van proceskostenvergoeding); deze hoorzittingen zijn vanaf half mei ingepland waarna de afwikkeling van de NCNP bezwaren ook op gang kan komen. Voor de afhandeling van bezwaarschriften maken we naast ons eigen personeel, taxateurs en medewerkers bezwaar & beroep, ook gebruik van ingehuurde krachten. Ook streven we ernaar om processen zoveel mogelijk te automatiseren. Daarnaast maken we gebruik van een ‘robot’ voor het afwikkelen van allerhande handelingen in het systeem en het vervaardigen van correspondentie. Het aantal afgewikkelde bezwaren wordt vanzelfsprekend dagelijks bijgehouden. Op het moment van opstellen (1 mei 2024) zijn circa 1.000 waardebezwaren afgedaan.
Wettelijk gezien verloopt de termijn voor het afdoen van de bezwaren op 31 december 2024.
Eerste bestuursrapportage 2024
8
Het reduceren van het aantal gegronde bezwaren door het continu blijven verbeteren van de kwaliteit van de objectkenmerken in ons bestand is een van de kerntaken van het team Waarderen. Onderliggend aan de vaststelling van de WOZ-waarde middels een beschikking is immers een bestand gevuld met data. In dit bestand liggen vanzelfsprekend hele basale kenmerken vast, zoals de oppervlakte en het bouwjaar van een WOZ-object (de zogenaamde primaire objectkenmerken), maar ook worden kenmerken vastgelegd die een relatie hebben met bijvoorbeeld de kwaliteit, de onderhoudstoestand, ligging enzomeer van WOZ-objecten (de zogenaamde secundaire kenmerken, die ook wel benoemd worden met de term ‘KOUDV factoren’). Het team zet dit jaar extra in op een controleslag van die kenmerken, nu er minder bezwaren zijn ingediend dan voorzien. Door hier aandacht aan te schenken en controles uit te voeren worden de onder de waardering liggende data verbeterd; hetgeen het modelmatig waardebepalen ten goede zal komen. Prognose 2024
Realisatie 2023
Realisatie 2022
Realisatie 2021
WOZ-objecten
337.400
334.965
321.033
315.773
Objecten onder bezwaar
10.500
19.909
8.246
*10.934
% aandeel bezwaren t.o.v. WOZ-objecten
3,1%
5,9%
2,6%
3,5%
% mutatie bezwaren t.o.v. voorgaand jaar
-/- 47%
141%
-/- 25%
16%
I - % gegrond verklaard
25%
28%
38%
II - % gegrond waarbij Vermindering WOZ-waarde met >10%
8%
16%
13%
II / I
31%
59%
34%
Specificatie waarderen
Objecten onder bezwaar ingediend door NCNP
6.500
10.728
4.646
4.756
% NCNP t.o.v. alle objecten onder bezwaar
62%
54%
56%
44%
€ 760.000
€ 937.000
€ 1.011.200
€ 601.500
660
173
103
Proceskostenvergoeding boekjaar Beroepszaken over hetzelfde heffingsjaar
*Exclusief bezwaren die voortvloeien uit het project Waarderen op Gebruiksoppervlakte.
Er is een verandering doorgevoerd in de gegevens in bovenstaande tabel. Hierbij wordt aangesloten op de definiëring van de Waarderingskamer, dit leidt ertoe dat vanaf 2024 bij ‘objecten onder bezwaar’ de prognose of realisatie van ontvangen bezwaren wordt weergegeven (tot en met 2023 werd de realisatie verminderd met ingetrokken bezwaren). Ten aanzien van ‘Beroepszaken over hetzelfde heffingsjaar’ worden de ontvangen beroepen over het belastingjaar gepresenteerd. Concreet zijn tot en met 1 mei 2024 660 beroepen ontvangen over belastingjaar 2023.
Eerste bestuursrapportage 2024
9
Financiële gevolgen proceskostenvergoedingen 2024 In de primaire begroting 2024 is een budget opgenomen van € 1.060.000. Dit bedrag was gebaseerd op enkele algemene ontwikkelingen. Nu een groot deel van de bezwaren en beroepen zijn ingediend kan een beter inzicht worden gekregen in de te verwachten proceskosten voor het boekjaar 2024. Deze kosten bestaan uit in 2024 ingediende waardebezwaren en in 2024 ingediende beroepen over waardebezwaren boekjaar 2023 en 2024. De totale inschatting, zoals hierna is beschreven, komt neer op een budget van € 760.000 en daarmee een verlaging van € 300.000. Hierbij is rekening gehouden met het risico zoals beschreven onder ‘Ontwikkelingen wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en BPM’, indien de verlaging wordt teruggedraaid heeft dit alleen gevolgen voor de vaststelling van de proceskostenvergoedingen ná de uitspraak van de Hoge Raad. Financiële gevolgen waardebezwaren De bezwaren met betrekking tot NCNP en gemachtigden worden in kwartaal 4 afgehandeld. De bezwaren van deze partijen resulteren bij toekenning in proceskosten. Mocht de Hoge Raad het oordeel vellen dat de regeling, zoals eerder is beschreven, daadwerkelijk strijdig is met hogere rechtsbeginselen resulteert dit in een hogere vergoeding.
Ervan uitgaande dat deze uitspraak half september wordt gedaan en deze resulteert in een hogere vergoeding komen de kosten hierdoor neer op € 510.000. Dit komt tot stand op basis van een tarief van € 658, na uitspraak van de Hoge Raad, en 772 toegekende WOZ-bezwaarschriften. Financiële gevolgen waardeberoepen (belastingjaar 2023) Beroepen met betrekking tot NCNP's en gemachtigden die voortvloeien uit waardebezwaren voor belastingjaar 2023, ingediend vanaf 1 januari 2024, zullen worden afgehandeld vóór de uitspraak van de Hoge Raad. Het tarief is echter afhankelijk van het voorliggende besluit, ookwel de datum waarop het waardebezwaar is afgedaan. Als het voorliggende besluit is genomen in 2023 is het tarief van het beroep nog gebaseerd op de oude vergoeding. De kosten komen neer op ongeveer € 130.000 op basis van een vergoeding van € 945 en 141 toegekende WOZ-beroepschriften. Als het voorliggende besluit is genomen in 2024 is het tarief van het beroep nog gebaseerd op de verlaagde vergoeding. De kosten komen neer op ongeveer € 10.000 op basis van een vergoeding van € 321 en 39 toegekende WOZ-beroepschriften. Financiële gevolgen waardeberoepen (belastingjaar 2024) Beroepen met betrekking tot NCNP en gemachtigden die volgen vanuit waardebezwaren belastingjaar 2024 worden pas ontvangen na afhandeling van de betreffende waardebezwaren.
Ervan uitgaande dat deze uitspraak half september wordt gedaan en deze resulteert in een hogere vergoeding komen de kosten hierdoor neer op € 110.000. Dit komt tot stand op basis van een tarief van € 945, na uitspraak van de Hoge Raad, en 120 toegekende WOZ-bezwaarschriften.
Eerste bestuursrapportage 2024
10
Financiële gevolgen totaal 2024 Op basis van alle bovenstaande informatie wordt het totale budget 2024 als volgt ingeschat: Waardebezwaren
€
510.000
Waardeberoepen (belastingjaar ‘23) – voorliggend besluit ‘23
€
130.000
Waardeberoepen (belastingjaar ‘23) – voorliggend besluit ‘24
€
10.000
Waardeberoepen (belastingjaar ’24)
€
110.000
Totaal budget proceskostenvergoeding
€
760.000
Afloop voorziening griffie en proceskosten waarderen 2022 & 2023 In de jaarrekening 2023 zijn er twee voorzieningen gevormd ten behoeve van de griffie en proceskosten 2022 en 2023. De voorzieningen zijn opgebouwd met behulp van de aantallen openstaande bezwaaren beroepschriften per balansdatum en vermenigvuldigd met de proceskostenvergoeding zoals opgenomen in de grondslagen van de jaarrekening 2023. De afloop hiervan is tussentijds beoordeeld en naar huidig inzicht iets te hoog gewaardeerd. Het definitieve financiële effect hiervan wordt verwerkt bij de jaarrekening 2024 Voorziening griffie en proceskosten waarderen 2022 Op basis van de huidige data kan het onderstaande verloop in beeld worden gebracht. Hierbij zijn er in 2024, 9 waardebezwaren en 87 waardeberoepen afgehandeld. De nog te verwachten vergoeding is gebaseerd op basis van 11 openstaande waardebezwaren en 48 openstaande waardeberoepen. Deze zijn gewaardeerd tegen een tarief van respectievelijk € 0 en € 387. Bezwaar
Beroep
Voorziening per balansdatum (31-12-2023)
€
2.000
€
77.000
Realisatie proceskostenvergoeding
€
-
€
34.000
Nog te verwachten proceskostenvergoeding
€
-
€
19.000
Restant voorziening
€
2.000
€
24.000
Voorziening griffie en proceskosten waarderen 2023 Op basis van de huidige data kan het onderstaande verloop in beeld worden gebracht. Hierbij zijn er in 2024, 469 toegekende waardebezwaren en 25 toegekende waardeberoepen afgehandeld. De nog te verwachten vergoeding is gebaseerd op basis van 94 toe te kennen waardebezwaren en 282 toe te kennen waardeberoepen. Deze zijn gewaardeerd tegen een tarief van respectievelijk € 676 en € 872. Bezwaar
Beroep
Voorziening per balansdatum (31-12-2023)
€
375.000
€
128.000
Realisatie proceskostenvergoeding
€
317.000
€
22.000
Nog te verwachten proceskostenvergoeding
€
9.000
€
100.000
Restant voorziening
€
49.000
€
6.000
Eerste bestuursrapportage 2024
11
KPI’s In 2024 zijn de volgende KPI’s vastgesteld voor dit programma: Prestatie-indicator
Doelstelling
Resultaat
Oordeel waarderingskamer
Algemeen oordeel ‘GOED’ van de Waarderingskamer
‘GOED’
Tijdige waardebepaling woningen en niet woningen t.b.v. jaarlijkse herwaardering conform norm WAKA
WOZ waardebepaling - per 1 december 90 % gereed - uiterlijk 1 februari 98% gecontroleerd en gereed
- 90% - 97%
1. het aantal WOZ-objecten waarbij de waarde met >10% wordt aangepast t.o.v. de initiële vastgestelde WOZ-waarde. Wordt door Waka als fout aangemerkt. Woningen Niet woningen >10% >10%
Juiste WOZ waardebepaling
Afhandeling WOZ-bezwaren
2. de mate waarin (bedrag) de WOZ-waarde wordt aangepast t.o.v. de initiële vastgestelde WOZ-waarde Woningen Niet woningen ≥ 4% ≥ 4% 3. het aantal WOZ objecten waarbij de waarde wordt verlaagd t.o.v. het totale aantal WOZ objecten Woningen Niet woningen 1% 2% Op 1 december van ieder jaar is 95% van de waarde bezwaren afgehandeld, voor zover deze bezwaren betrekking hebben op dat jaar en in dat jaar zijn ingediend.
1. * 2. * 3. *
*
*) Resultaat wordt bepaald bij jaarrekening Ten aanzien van de WOZ-waardebepaling kan aangegeven worden dat de achterstand per 01-02-2024 gering is en inmiddels is opgelost. Op het moment van schrijven van deze rapportage is 98% beschikt.
Eerste bestuursrapportage 2024
12
2.2
Programma Heffen
In deze paragraaf worden de ontwikkeling ten aanzien van productiekwantiteiten, actualiteit en andersoortige zaken behandeld binnen het primaire proces Heffen. Hierbij wordt rekening gehouden met de informatie tot en met april 2024 en de realisatie van 2023. Aanslag(regels)
Aantal aanslagen 825.000 750.000 675.000 600.000 525.000 450.000 375.000
793.424
818.400
799.200
Realisatie 2023
Begroot 2024
Prognose 2024
300.000 225.000 150.000 75.000 -
Aantal aanslagregels 3.300.000 3.000.000 2.700.000
Totaal: 3.042.081
Totaal: 2.977.100
Totaal: 2.975.000
449.077
435.000
455.000
2.593.004
2.542.100
2.520.000
Realisatie 2023
Begroot 2024
Prognose 2024
2.400.000 2.100.000 1.800.000 1.500.000 1.200.000 900.000 600.000 300.000 -
Aanslagregels (excl. beschikkingen)
Eerste bestuursrapportage 2024
13
Beschikkingen
Exoten
30.200
35.000
30.200
30.327
Exoten Gemeenten 30.000
14.660
20.000
16.690
16.829
25.000
-
Regels precariobelasting
930
880
860
2.850
2.760
5.000
2.849
5.000
4.260
10.000
5.111
15.000
Regels reclamebelasting
Aanslagen (water)toeristen
Realisatie 2023
Begroot 2024
Regels hondenbelasting
Panden BAG
Prognose 2024
Exoten Waterschap (zuiveringsheffing) 24.000 20.000 16.000 12.000
23.945 20.000
22.000
8.000 4.000 -
Realisatie 2023
Begroot 2024
Prognose 2024
De realisatie van 2023 geeft ons ten opzichte van primaire begroting 2024 een gewijzigd inzicht waardoor we over de gehele linie een ander verwachtingspatroon hebben welke we bij het maken van de begroting 2024 niet hebben kunnen voorzien. Zo is de prognose hondenbelasting lager doordat één deelnemer is gestopt met deze belastingsoort sinds 1 januari van dit jaar.
Eerste bestuursrapportage 2024
14
Bezwaren
Bezwaren heffen gecategoriseerd 10.000 8.750
9.000 8.000
7.500
7.447
7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 -
220
167 Heffingsbezwaren Realisatie 2023
130
Legesbezwaren Begroot 2024
Prognose 2024
We verwachten op basis van de ingediende bezwaren van de eerste maanden dat het aantal bezwaren overeen zal komen met het aantal dat we in 2023 hebben ontvangen. Ten aanzien van de legesbezwaren wordt een daling voorzien van 20% ten opzichte van de realisatie 2023. KPI’s In 2024 zijn de volgende KPI’s vastgesteld voor dit programma: Prestatie-indicator Tijdige aanslagoplegging
Tijdige afhandeling
Afhandeling heffingsbezwaren
Doelstelling
Resultaat
95% van de aanslagen (inclusief waardebeschikking) is uiterlijk in februari door middel van een gecombineerde aanslag, opgelegd voor het huidige belastingjaar. 97% van de opgelegde aanslagen is binnen 12 maanden na datum aanslag afgehandeld. Afgehandeld = saldo € 0,00. (Opgelegd -/- Betaald -/Verminderd -/- Vernietigd -/- Kwijtschelding -/- Oninbaar) % tijdige afhandeling bezwaren. 1. 95% bezwaren ingediend in belastingjaar voor half november zijn afgewerkt op 31 december. 2. 75% bezwaren ingediend in de periode 15 november – 31 december zijn binnen 6 weken afgewerkt.
*) Resultaat wordt bepaald bij jaarrekening
Eerste bestuursrapportage 2024
15
96%
*
1. * 2. *
2.3
Programma Invordering
In deze paragraaf worden de ontwikkeling ten aanzien van productiekwantiteiten, actualiteit en andersoortige zaken behandeld binnen het primaire proces Invordering. Hierbij wordt rekening gehouden met de informatie tot en met april 2024 en de realisatie van 2023. Invorderingsproces
40.000
45.000
40.000
50.000
41.376
Invorderingsproces
40.000 35.000
5.000 -
Aanmaningen
Dwangbevelen Realisatie 2023
Hernieuwde bevelen
Begroot 2024
5.000 500
1.887
10.000
8.000
8.000
15.000
13.119
20.000
14.000
18.095
25.000
13.500
30.000
Beslag*
Prognose 2024
*In de jaarrekening van 2023 werd al benoemd dat de zogenaamde vereenvoudigde derdenbeslagen niet waren opgenomen in de tellingen bij beslag. Deze aantallen zijn nu wel opgenomen in het bovenstaande overzicht, zowel onder de realisatie van 2023 als in de prognose voor dit jaar. Cijfers komen dus niet overeen met de jaarrekening.
De gerealiseerde resultaten in 2023 tonen aan dat de achterstand van de hernieuwde bevelen is ingelopen, deze trend wordt verwacht voort te zetten bij de beslagen in 2024. Op basis van deze ontwikkelingen hebben we het vertrouwen dat we aan het einde van dit jaar volledig up-to-date zullen zijn met betrekking tot het aanmaken en verzenden van aanmaningen en dwangbevelen, het betekenen van hernieuwde bevelen en waar nodig het leggen van beslag. Jaarlijks voert invordering verschillende acties uit om bij het uitblijven van betaling de openstaande aanslag te innen. Hierbij wordt altijd onderscheid gemaakt in mensen die niet willen of niet kunnen betalen. Eerdere rapportages hebben herhaaldelijk vermeld dat diverse werkzaamheden niet konden worden uitgevoerd vanwege de implementatie van het nieuwe belastingpakket en de invloed van de coronapandemie. Deze periode kunnen we naar verwachting, na dit jaar, volledig achter ons laten.
Eerste bestuursrapportage 2024
16
Op dit moment blijkt er geen stijging te zijn in het aantal kwijtscheldingsverzoeken of achterstallige betalingen. Dit geldt ook voor het aantal faillissementen of aanmeldingen voor schuldhulpverlening. We blijven deze ontwikkelingen nauwlettend volgen. Gezien de grotendeels ingelopen achterstanden, wordt er snel gereageerd bij uitblijvende betalingen en wordt indien nodig beslag gelegd. Hierbij blijft de afweging gemaakt worden of er sprake is van iemand die niet kan of niet wil betalen. Ontwikkelingen Invordering Er blijft landelijk aandacht voor het hanteren van een menselijke benadering bij de invordering van belastingen. Hierbij wordt sterk de nadruk gelegd op het maken van onderscheid tussen personen die niet willen betalen en personen die daadwerkelijk niet in staat zijn om te betalen. Binnen de BWB wordt dit onderscheid al geruime tijd gemaakt. Voor mensen die niet in staat zijn om te betalen, wordt bijvoorbeeld ondersteuning geboden door te wijzen op mogelijkheden van schuldhulpverlening, het aanvragen van kwijtschelding, het treffen van betalingsregelingen of betalen middels automatische incasso. Dit jaar gaan wij aanvullend de verdere mogelijkheden van vroeg signalering onderzoeken. Dit jaar is het gebruik van de betalingsvordering gestart. Dit is een vereenvoudigde vorm van bankbeslag die al kan worden toegepast na het postdwangbevel.
Binnen de BWB hanteren we het beleid dat dit pas gebeurt nadat het adres door de deurwaarder is bezocht. Het toepassen van deze maatregel kan aanzienlijke gevolgen hebben voor betrokkenen, en om die reden zetten wij dit middel niet te vroeg in. Het inlichtingenbureau heeft in nauwe samenwerking met de werkgroep kwijtschelding van de Landelijke Vereniging voor Lokale Belastingen (LVLB) afgelopen jaren hard gewerkt aan de ontwikkeling van Kwijtschelding 3.0. Dit is een doorontwikkeling op de bestaande geautomatiseerde toets Rechtmatigheidscontrole (verlenging) kwijtschelding. Deze verbeterde toets biedt gemeenten en waterschappen nog meer ondersteuning en flexibele gebruiksmogelijkheden in de beoordeling van aanvragen voor en/of de ambtshalve verlenging van kwijtschelding van lokale belastingen. In de vernieuwde toets zijn verschillende verbeteringen doorgevoerd. Onze softwareleverancier start in samenwerking met het inlichtingenbureau een pilot om te gaan testen. Wij gaan als BWB ook meedraaien met deze pilot. Het gebruik van Kwijtschelding 3.0 heeft als doel minder informatie te hoeven opvragen bij de aanvrager (en zodoende de administratieve handelingen te verminderen). KPI’s In 2024 zijn de volgende KPI’s vastgesteld voor dit programma: Prestatie-indicator Oninbaar Tijdige betaling aanslag Afhandeling kwijtscheldingsverzoeken
Eerste bestuursrapportage 2024
Doelstelling
Resultaat
5 jaar na datum aanslag bedraagt het % oninbaar, t.o.v. het bedrag aan opgelegde aanslagen, maximaal 0,8% % openstaand 2 jaar na datum aanslag ≤ 0,5% Berekening % = openstaand bedrag x-jaar t.o.v. bruto opgelegd x-jaar. O.b.v. datum aanslag en niet belastingjaar. 80% van de kwijtscheldingsverzoeken is < 16 weken afgehandeld.
17
0,27% 0,63% 99,9%
3.
Bedrijfsvoering/ organisatie
3.1
Personeel en organisatie
Ten opzichte van eerdere bestuursrapportages zullen enkele onderwerpen opnieuw worden behandeld. Het betreft hier de onderwerpen; strategische personeelsplanning, werving & selectie, verzuim en loonontwikkeling. Daarnaast wordt er ook stilgestaan bij de opleidingsbehoefte en hybride werken. Strategische personeelsplanning Het uitvoeren van de personeelsscan is inmiddels ingebed in de bedrijfsvoering. Structureel wordt deze scan twee keer per jaar uitgevoerd. Dit geeft de BWB inzicht en de kans om op tijd in te grijpen bij mogelijk knelpunten. De scan wordt steeds aangevuld met nieuwe criteria ’s en verdiepingsvragen. Dit alles om goed grip te houden op de inzet van onze medewerkers in relatie tot de toekomstige ontwikkelingen. Werving & Selectie Door een aantal aanpassingen in ons werving en selectiebeleid slaagt de organisatie er nog in om vacatures in te vullen. De medewerkers worden geselecteerd op basis van de gestelde competenties. Dit betekent dat deze medewerkers opgeleid en goed ingewerkt dienen te worden Tevens starten we op tijd met het werven van kritische functies. We verwachten echter dat deze acties in de toekomst niet voldoende zijn. Dit wordt veroorzaakt door de samenstelling van de beroepsbevolking. De Nederlandse beroepsbevolking vergrijst waarmee het lastiger gaat worden om medewerkers te werven. Daarom is de BWB voornemens haar arbeidsmarktcommunicatie
te
moderniseren.
Wat
betreft
de
modernisering
van
onze
arbeidsmarktcommunicatie zijn inmiddels de eerste stappen gezet. Later in het jaar volgt verdere uitwerking. Opleidingsbehoefte Zoals eerder in de tweede bestuursrapportage 2023 en begroting 2025 is aangegeven, voorzien wij lastenstijging op het gebied van opleidingen. Deze stijging is verklaarbaar door enerzijds de hogere bezettingsgraad en anderzijds door de keuze om medewerkers aan te trekken die door ons worden opgeleid. Hybride werken Het hybride werken is inmiddels standaard binnen de BWB. Om onze medewerkers hierin te ondersteunen, zijn wij in vergevorderd stadium om een thuiswerkregeling in te voeren. Deze regeling heeft als doel om enerzijds te voldoen aan de Arbowetgeving, die stelt dat de werkgever ook (mede)verantwoordelijk is voor de thuiswerkplek en anderzijds om onze rol als goed werkgever in te vullen. Dit onderwerp wordt ook benoemd in de gehouden risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). In 2024 worden de acties uit de RI&E verder opgepakt. Een van de belangrijkste thema’s hieruit is het opstellen van een nieuw Arbobeleid.
Eerste bestuursrapportage 2024
18
Verzuim Gedurende de maanden januari tot en met april 2024 was het gemiddelde verzuimpercentage 5,3%. We zien een daling ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Over dezelfde periode vorig jaar bedroeg het verzuimpercentage 10,1%. Het gemiddelde verzuimpercentage van gemeentelijke organisaties over de eerste helft van 2023 was 6,3%. Het percentage lijkt zich de afgelopen maanden te stabiliseren rond het huidige cijfer. Werk- en niet-werkgerelateerd verzuim Het verzuim is volledig niet-werkgerelateerd. Het betreft hier zowel fysieke aandoeningen alsmede mentale klachten. Wanneer mogelijk probeert de BWB hier invloed op uit te oefenen door zelf hulp in te zetten, denk hierbij aan psychologische ondersteuning.
Verzuimpercentage 12,0% 11,0%
11,3%
11,1%
10,0%
9,7%
9,0% 8,2%
8,0%
6,9%
7,0% 6,0% 5,0%
5,8%
5,5%
5,5%
5,3% 4,2%
4,0% 3,0%
jan
feb
mrt
apr
Verzuimpercentage 2024
Gemideld verzuimpercentage 2024
Verzuimpercentage 2023
Gemideld verzuimpercentage 2023
Verzuimduur in percentage Januari tot en met april 2024 Totaal: 3,2%
3,5% 3,0% 2,5% 2,0% 1,5%
Totaal: 1,1%
3,2%
Totaal: 0,9%
1,0% 0,5% 0,0%
1,1%
0,9%
Kort (<11 dagen)
Middellang (11 t/m 42 dagen)
Verzuimduur niet-werkgerelateerd
Eerste bestuursrapportage 2024
19
Lang (> 42 dagen)
Verzuimduur werkgerelateerd
Verzuimbegeleiding De medewerkers worden adequaat ondersteund door de teammanagers en het team P&O. De nieuwe bedrijfsarts is inmiddels ingewerkt en volledig operationeel. Loonontwikkeling De lopende CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) heeft een looptijd van 15 maanden (1 januari 2024 tot en met 31 maart 2025). Enkele belangrijke wijzigingen in deze CAO zijn een loonstijging van 4,75% per 1 januari 2024, een loonstijging van 1,25% per 1 oktober 2024, één extra bovenwettelijke vakantiedag per 1 januari 2025 en een opzegtermijn van twee maanden.
3.2
Informatisering en automatisering
Op het gebied van ICT en Informatieveiligheid zijn er in 2024 geen nieuwe projecten te benoemen voor de eerste bestuursrapportage. Wel is er op beide vlakken sprake van doorontwikkeling. Zo zijn op het gebied van Informatieveiligheid de meeste beleidsstukken en uitgangspunten geactualiseerd. Daarnaast blijft het personeel van de BWB continue getraind worden op het herkennen van verdachte situaties. Vanuit formeel oogpunt kan gesteld worden dat de BWB binnen het kader van de Baseline Informatieveiligheid Overheden (BIO) weer een aantal verschillende stappen heeft gezet en daardoor een veiliger ICT-omgeving heeft gecreëerd. Deze ontwikkeling zal dan ook doorgezet worden. Op het gebied van ICT is de ontwikkeling te zien in bewegingen als het werken in Microsoft 365, het steeds meer ontwikkelen van SaaS-oplossingen en het verder verbeteren van de managementinformatie-voorziening. Daarnaast is de eerder ingevoerde robotisering (RPA) verder uitgerold op het gebied van WOZ bezwaren om uiteindelijk minder bewerkingstijd per bezwaar te hebben.
3.3
Control
In 2024 wordt vervolg gegeven aan het verbeteren van de administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB) van de BWB. Hierbij wordt ingezet op het invullen van de vacature medewerker AO/IC en het borgen van de jaarlijkse cyclus van actualisatie van procesrisico’s en administratieve organisatie en interne beheersing en vervolgens het uitvoeren van verbijzonderde interne controles op de belangrijkste processen. Naar aanleiding van de ervaringen die afgelopen jaar zijn opgedaan krijgt het Algemeen Bestuur in oktober een voorstel voorgelegd om invulling te geven aan haar kaderstellende rol in deze. Het gaat hierbij specifiek om de financiële verordening en afspraken die hierin zijn opgenomen ten aanzien van begrotingsrechtmatigheid.
Eerste bestuursrapportage 2024
20
4.
Weerstandsvermogen & risicobeheersing
4.1
Algemeen
In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt inzicht gegeven in de weerstandscapaciteit van de BWB. De weerstandscapaciteit is de mate waarin onvoorziene, financiële tegenvallers kunnen worden opgevangen zonder dat verandering van beleid noodzakelijk is. Om dit te kunnen beoordelen, dient er inzicht te zijn in de omvang en achtergronden van de aanwezige weerstandscapaciteit en de risico’s die voor de BWB aanwezig zijn.
4.2
Inventarisatie weerstandscapaciteit
Onder weerstandscapaciteit wordt verstaan de middelen en mogelijkheden die de organisatie heeft om onverwachte, niet-begrote kosten te kunnen dekken. Voorbeelden van deze middelen zijn het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve en de post onvoorzien die in de begroting is opgenomen. Het weerstandsvermogen bestond, in de primaire begroting, uit € 80.000, daarnaast is bij de jaarrekening 2023 een reserve gevormd van € 200.000 ten behoeve van het opvangen van verschillen in de geraamde en werkelijke loon- en prijsontwikkeling.
4.3
Risicobeheersing
Om een juist beeld van de financiële positie van de BWB te krijgen, is het noodzakelijk dat helder is met welke risico’s de samenwerking kan worden geconfronteerd. Onder risico wordt in dit verband verstaan ‘een niet door de BWB te beïnvloeden gebeurtenis, onvoorspelbaar en onafwendbaar als deze zich voordoet, met veelal financiële of materiële gevolgen die niet specifiek af te dekken zijn’. De BWB streeft ernaar om risico’s zoveel mogelijk te ondervangen door zorgvuldigheid in de uitvoering van procedures, het treffen van beheersmaatregelen en de benodigde verzekeringen af te sluiten. Op grond van artikel 31, lid 4 van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant zijn de deelnemers verplicht er zorg voor te dragen dat de BWB te allen tijde beschikt over voldoende middelen om aan al haar verplichtingen naar derden te kunnen voldoen. Concreet betekent dit dat de risico’s voor rekening van de deelnemers komen voor zover deze het eigen weerstandsvermogen te boven gaan.
Eerste bestuursrapportage 2024
21
4.4
Risicoanalyse
De risicoanalyse wordt periodiek geactualiseerd. De veranderingen ten opzichte van de laatste beoordeling hebben betrekking op de mogelijkheid dat de Hoge Raad de verlaging van de proceskostenvergoeding terug gaat draaien. Dit leidt tot een significante verhoging (€ 186.000) van het risico. In 2024 is de impact nog beperkt (pas ná de uitspraak van de Hoge Raad worden de vergoedingen aangepast en niet met terugwerkende kracht), in de begroting 2025 is een voordeel van € 744.000 verwerkt als gevolg van de invoering van de Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en BPM. Hiernaast is inzicht in het aantal beroepen over 2023. Deze zijn gestegen en het benodigde budget voor proceskostenvergoedingen is hier in deze eerst bestuursrapportage zo goed mogelijk op afgestemd waarmee het risico naar beneden is bijgesteld (€ 66.250). De andere risico’s blijven gelijk aan de ontwerpbegroting 2025, er zijn geen nieuwe risico’s toegevoegd. Aanpassing bepalen risicoprofiel Het totale financiële risico afgezet tegen de kans dat een dergelijk risico zich voordoet, geeft een beeld over het risicoprofiel van de BWB (Risico = Kans x Gevolg). In bijlage 1 zijn de risico’s opgenomen. Concreet levert dit een risicoprofiel op van € 786.750. Genoemd risicoprofiel kan/dient normaliter te worden afgedekt door de aanwezige weerstandscapaciteit van de organisatie.
De weerstandscapaciteit waarover de BWB beschikt, is de in de begroting opgenomen post onvoorzien en de algemene reserve van € 200.000. Indien zich in de praktijk een risico aandient wat het weerstandsvermogen te boven gaat zal dit door de deelnemers zelf moeten worden afgedekt. In dat kader is het belangrijk dat het bestuur zich bewust is van de mogelijke risico’s die horen bij de uitvoering van het beheer en het beleid van de BWB.
Eerste bestuursrapportage 2024
22
5.
Financiën
5.1
Overzicht exploitatie 2024
In het onderstaande overzicht wordt weergeven hoe de baten en lasten zich in 2024 ontwikkelen ten opzichte van de primaire begroting 2024. In de eerste begrotingswijziging zijn de mutaties verwerkt zoals deze zijn toegelicht in de kadernota 2025 – 2028. Daarnaast is er in de begrotingswijziging ook rekening gehouden met de extrapolatie van de werkelijke lasten tot en met april 2024. In paragraaf 5.2 wordt een uitgebreide toelichting op de wijzigingen gegeven.
Begrotingswijziging programma's (× € 1.000) Lasten
Primaire begroting 2024
Begrotingswijziging
Begroting na wijziging
Waarderen
5.820
-289
5.531
Heffen
2.551
-46
2.505
Invordering
2.388
-118
2.270
Subtotaal programma's
10.759
-453
10.306
Kosten overhead
9.970
123
10.093
Treasury
6
-
6
Vennootschapsbelasting
-
-
-
80
-
80
Subtotaal overhead
10.056
123
10.179
Totaal lasten
20.815
-330
20.485
Post onvoorzien
Baten
Primaire begroting 2024
Begrotingswijziging
Begroting na wijziging
Waarderen
-
-
-
Heffen
-
-
-
Invordering
-
-
-
Subtotaal programma's
-
-
-
Opbrengst overhead
225
-60
165
Treasury
190
280
470
20.400
-550
19.850
Vennootschapsbelasting
-
-
-
Post onvoorzien
-
-
-
Subtotaal overhead
20.815
-330
20.485
Totaal baten
20.815
-330
20.485
Bijdragen deelnemers
Eerste bestuursrapportage 2024
23
5.2
Toelichting budgetten begroting 2024
Algemeen Voordat wordt ingegaan op de confrontatie tussen de begroting 2024 en de eerste bestuursrapportage 2024 wordt eerst een inzicht gegeven van de uiteindelijke verwerking van de kaders 2024 uit de kadernota 2025.
Omschrijving (× € 1.000)
Kaders 2024 uit kadernota 2025
Begroting 2024 na wijziging
Primaire begroting 2024
20.815
20.815
-
Correctie indexatie 2024
219
-30
249
PM (-300)
-300
-
20.734
20.485
249
Proceskosten Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en BPM 2024 Totaal begroting 2024 na wijziging
Verschil
Op basis van het bovenstaande beeld is de totale begroting € 249.000 voordeliger uitgevallen, dan in de kadernota is geschetst. Allereerst is de actualisatie tarief- en productiestijging 2024 doorgevoerd. In de kadernota 2025 staat beschreven dat dit 5,1% voor personele lasten bedraagt en 3,8% voor materiële lasten. De werkelijke uitvraag in de begroting is echter lager, omdat in de eerste bestuursrapportage is gekeken naar de huidige ontwikkelingen. Doordat er kritisch is gekeken naar de huidige budgetten is de correctie lager dan verwacht bij met name het personele budget. Verderop in de toelichting wordt er meer inzicht gegeven in deze financiële wijzigingen. De waardebezwaren waren als PM-post opgenomen, maar wordt zoals ook in de voortgang van de primaire processen is geschetst, geraamd op € 760.000. Deze daling van € 300.000 wordt verderop in de toelichting nogmaals kort in beeld gebracht. De wijziging van de begroting resulteert dus voor een lastendaling van € 330.000. De baten stijgen echter ook met een bedrag van in totaal € 220.000, wat resulteert in een verlaging van de deelnemersbijdrage van € 550.000. Verschillen eerste bestuursrapportage ten opzichte van de primaire begroting 2024 In de verdere toelichting is inzicht gegeven op de belangrijkste verschillen tussen de primaire begroting 2024 en de eerste bestuursrapportage 2024.
In deze toelichting wordt alleen ingegaan op wijzigingen van meer dan € 100.000. Kleinere wijzigingen worden samengevoegd onder ‘overige kleine verschillen’. De gevolgen voor de verdeling van de kosten over de deelnemers zijn beschreven in 5.4 Deelnemersbijdrage.
Eerste bestuursrapportage 2024
24
Wijzigingen (> € 100.000) Loonkosten (€ 189.000 V) Het geraamde budget voor salarislasten exclusief garantiesalarissen, gratificaties en dergelijke kan worden verlaagd met per saldo € 189.000. Deze verlaging is het gevolg van lagere inhuurkosten, doordat vacatures zijn ingevuld met vast personeel en het ziekteverzuim is afgenomen. Hierbij is ook rekening gehouden met de effecten van het cao-akkoord 2024. De verlaging per programma is: Overhead € 40.000, Waarderen € 4.000, Heffen € 60.000 en Invordering € 85.000. Proceskosten waardebezwaren (€ 300.000 V) In de primaire begroting 2024 is een budget opgenomen van € 1.060.000. Zoals binnen het programma Waarderen is beschreven is nu een groot deel van de bezwaren en beroepen ingediend en kan er een beter inzicht worden gekregen in de te verwachten proceskosten voor het boekjaar 2024. Deze kosten bestaan uit waardebezwaren welke in 2024 zijn ingediend en beroepen welke worden ingediend in 2024 over afgewezen waardebezwaren boekjaar 2023 en 2024. Hierbij is al rekening gehouden met een uitspraak in het nadeel van de belastingsamenwerking. Op basis van de uitgangspunten zoals beschreven binnen het programma Waarderen is het budget als volgt samengesteld: Waardebezwaren
€
510.000
Waardeberoepen (belastingjaar ‘23)
€
140.000
Waardeberoepen (belastingjaar ’24)
€
110.000
Totaal budget proceskostenvergoeding
€
760.000
De totale inschatting van het budget proceskosten waardebezwaren komt daarmee neer op € 760.000, wat resulteert in een verlaging van € 300.000. Overige personeelskosten (€ 185.000 N) De overige personeelskosten zijn verhoogd met € 185.000. Deze wijziging bestaat uit: -
Allereerst is het vormings- en opleidingsbudget verhoogd met € 100.000 zodat er voldoende geïnvesteerd kan worden in kennis en kunde voor nieuw en huidig personeel.
-
Ook de representatiekosten zijn toegenomen met € 35.000 om personeel voldoende te belonen voor hun werkzaamheden en om beter aan te sluiten bij de verwachte uitgave.
-
Als laatste zijn er nog wat kleinere verhogingen doorgevoerd van in totaal € 50.000 zoals het verhogen van de reis- en verblijfkosten, de zorgkosten (BHV/ARBO) en het beschikbaar stellen van een thuiswerkfaciliteitenbudget voor personeel.
Eerste bestuursrapportage 2024
25
Kantoorkosten & bijdrage print en portokosten (saldo: € 2.000 N) De bijdrage print- en portokosten komt per 2024 te vervallen (€ 115.000 N). Er worden namelijk geen kosten meer in rekening gebracht bij de belastingsamenwerking van MijnOverheid en DigiD. Deze werden in het verleden doorbelast aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken en het Waterschap Brabantse Delta. Door deze wijziging vervalt de bijdrage, maar ook de kostenpost binnen het budget kantoorkosten (€ 113.000 V). Daarnaast zijn er nog enkele kleine wijzigingen ten behoeve van de kantoorkosten. Renteopbrengsten (€ 280.000 V) De renteopbrengsten zijn de verwachte opbrengsten in 2024 over het saldo van de schatkistbankierenrekening. Er is een inschatting gemaakt op basis van een gemiddeld rentepercentage van 3,9%, wat resulteert in € 470.000 aan rentebaten in 2024. De bijstelling bedraagt hierdoor € 280.000.
Overige kleinere verschillen (< € 100.000) Diverse kleinere verschillen op de baten en lasten bedragen per saldo € 32.000 nadelig en bestaan uit diverse verhogingen en verlagingen van budgetten. De overige kleinere verschillen zijn als volgt uit te splitsen: Overige loonkosten
€
50.000 N
Inhuur derden
€
35.000 V
Bedrijfsvoering
€
40.000 N
Informatisering/automatisering
€
62.000 V
Huisvesting
€
3.000 N
Door te schuiven BTW
€
95.000 N
Materiële lasten binnen Waarderen, Heffen en Invordering
€
4.000 V
Bijdrage garantiesalarissen
€
25.000 V
Bijdrage overige goederen en diensten
€
30.000 V
De compensabele BTW (€ 95.000 N) is verhoogd op basis van de huidige inzichten en de realisatie 2023. Het effect per deelnemer is weergegeven in paragraaf 5.4 onder compensabele BTW.
Eerste bestuursrapportage 2024
26
5.3
Aandachtspunten waarmee (financieel) nog geen rekening is gehouden.
Naast de reeds verwerkte cijfers uit zijn er echter nog enkele aandachtspunten, ook wel ontwikkelingen, waarvan nog geen financiële mutatie heeft plaats gevonden in deze bestuursrapportage naast de in het risicoprofiel geschetste ontwikkelingen. KinderOpvangToeslagAffaire (KOTA) De afspraken over de compensatie van de kosten die gemeenten in het kader van de hersteloperatie maken, zijn opgenomen in zogenaamde specifieke uitkeringen. Deze zijn vorm gegeven in ministeriële regelingen, welke zijn gepubliceerd. In deze bestuursrapportage is nog geen rekening gehouden met de kwijtgescholden (waterschaps)belastingen en compensatie van uitvoeringskosten aangezien de omvang pas bij de jaarrekening bepaald kan worden. Afloop voorzieningen Voorziening griffie en proceskosten waarderen 2022 & 2023 Er is een voorziening getroffen voor de verplichtingen die voortvloeien uit afhandeling van de openstaande bezwaren en beroepen 2022 en 2023 per balansdatum 31-12-2023. De afloop hiervan is tussentijds beoordeeld. De voorziening is toereikend en naar huidig inzicht iets te hoog gewaardeerd. Het financiële effect hiervan wordt verwerkt bij de jaarrekening 2024. Voorziening verlof en RVU Er is een voorziening getroffen voor de verplichtingen die voortvloeien uit het personele zaken zoals verlof (bovenwettelijk- en spaarverlof) en de Regeling Vervroegde Uittreding (RVU).
De afloop van de voorziening verlof kan tussentijds niet worden bepaald. Er kan dus ook geen inzicht worden gegeven in een eventueel voor- of nadeel. De voorziening RVU zal op basis van de huidige inzichten wel volledig worden benut. Het financiële effect hiervan wordt verwerkt bij de jaarrekening 2024. Post onvoorzien De begroting bevat een post onvoorzien van € 80.000. Er zijn dit jaar echter nog geen onvoorziene kosten gemaakt die niet opgevangen kunnen worden met interne verschuivingen. Deze voorziening blijft dus nog beschikbaar.
Eerste bestuursrapportage 2024
27
5.4
Deelnemersbijdrage
Zoals in paragraaf 4.1 is aangegeven daalt de deelnemersbijdrage met een bedrag van € 550.000. De effecten hiervan voor de individuele deelnemers zijn in onderstaande tabel weergegeven. Herziene deelnemersbijdrage 2024 De deelnemersbijdrage wijziging is hieronder weergegeven. De eerste kolom bevat de oorspronkelijke bijdrage uit de primaire begroting. De tweede kolom bevat de herziene bijdrage inclusief de begrotingswijziging. In kolom drie wordt de wijzig per deelnemer in bedrag en percentage getoond.
Herziening bijdrage inclusief BTW (× € 1.000) Bijstelling
Oorspronkelijke bijdrage incl. BTW
Herziene bijdrage incl. BTW
Bergen op Zoom
1.838
1.665
173 V
-9,4%
Breda
4.402
3.984
418 V
-9,5%
Dongen
574
553
21 V
-3,7%
Etten-Leur
1.094
943
151 V
-13,8%
Halderberge
726
692
34 V
-4,7%
Loon op Zand
507
720
213 N
42,0%
Moerdijk
1.081
1.145
64 N
5,9%
Oosterhout
1.385
1.398
13 N
0,9%
Roosendaal
1.993
1.915
78 V
-3,9%
Rucphen
502
491
11 V
-2,2%
Woensdrecht
560
551
9V
-1,6%
Zundert
712
732
20 N
2,8%
Brabantse Delta
5.026
5.061
35 N
0,7%
Totaal deelnemers
20.400
19.850
550 V
-2,7%
Deelnemers
Bedrag
%
NB: De verschillen in de deelnemersbijdragen ten opzichte van 2024 zijn weergegeven met een N (nadeel) of een V (voordeel). Dit nadeel c.q. voordeel moet gelezen worden vanuit het perspectief van de deelnemer. Een hogere bijdrage betekent uiteraard voor de BWB een voordeel.
Eerste bestuursrapportage 2024
28
Analyse verschillen per deelnemer Ondanks dat de deelnemersbijdrage wordt verlaagd, resulteert dit niet voor alle deelnemers in een verlaging van de deelnemersbijdrage. Vijf deelnemers moeten meer deelnemersbijdrage betalen ten opzichte van de oorspronkelijke bijdrage uit de primaire begroting. De gemiddelde procentuele daling van de bijdrage bedraagt 3%. Op de vorige pagina is een specificatie per deelnemer zichtbaar. De reden dat het Waterschap moet bijbetalen komt voornamelijk doordat zowel de productie als het producttarief voor de zuiveringsheffing hoger is. Zo is de productie aanslagregels gestegen met 10% en is het producttarief ook gestegen omdat er meer uren gemaakt worden voor het betreffende proces. De onderlinge verschillen in de gemeentelijke deelnemersbijdrage vindt voornamelijk zijn oorsprong in de waardebezwaren. De overige productie-aantallen zorgen voor kleinere onderlinge effecten. Voor gemeenten als Loon op Zand, Moerdijk en Zundert is er geen of maar een kleine daling in de productie. Dit terwijl gemeenten als Etten-Leur, Bergen op Zoom en Breda wel een forse daling hebben van het aantal waardebezwaren. Hierdoor verschuift de kostenverdeling van de ene gemeente naar de andere. Productie
Productie na
begroot 2024*
wijziging 2024*
Bergen op Zoom
1.690
Breda
Gemeente
Verschil
Verschil %
1.030
-660
-39%
5.500
3.600
-1.900
-35%
Dongen
440
330
-110
-25%
Etten-Leur
910
410
-500
-55%
Halderberge
550
390
-160
-29%
Loon op Zand
330
680
350
106%
Moerdijk
710
760
50
7%
Oosterhout
950
880
-70
-7%
Roosendaal
1.380
1.040
-340
-25%
Rucphen
330
260
-70
-21%
Woensdrecht
380
320
-60
-16%
Zundert
840
800
-40
-5%
Totaal
14.010
10.500
-3.510
-25%
*Dit zijn de verwachte aantallen WOZ-bezwaren per deelnemer over 2024.
Eerste bestuursrapportage 2024
29
Compensabele BTW In de oorspronkelijke begroting was het budget voor compensabele btw € 1.200.000. In deze bestuursrapportage wordt dit bedrag verhoogd met € 95.000 naar € 1.295.000. Dit totaalbedrag wordt proportioneel verdeeld onder de deelnemers. Omdat het Waterschap geen aanspraak maakt op de compensabele btw, via het compensatiefonds, vervalt dit specifieke deelbedrag. Het totaal compensabele btw in de tabel komt daardoor niet overeen met het budget.
Compensabele BTW (× € 1.000) Omschrijving
Oorspronkelijke bijdrage Bijdrage
Herziene bijdrage
Comp. BTW
Bijdrage
Comp. BTW
Bergen op Zoom
1.838
108
1.665
109
Breda
4.402
259
3.984
260
Dongen
574
34
553
36
Etten-Leur
1.094
64
943
62
Halderberge
726
43
692
45
Loon op Zand
507
30
720
47
Moerdijk
1.081
64
1.145
75
Oosterhout
1.385
81
1.398
91
Roosendaal
1.993
117
1.915
125
Rucphen
502
30
491
32
Woensdrecht
560
33
551
36
Zundert
712
42
732
48
Brabantse Delta
5.026
-
5.061
-
Totaal deelnemers
20.400
905
19.850
966
Eerste bestuursrapportage 2024
30
Bijlagen Bijlage 1: Risicoprofiel BWB over 2024 en volgende jaren De risico’s worden steeds opnieuw beoordeeld, de laatste beoordeling heeft plaatsgevonden bij de opstellen van de ontwerpbegroting 2025. Ten opzichte van deze beoordeling zijn twee risico’s aangepast.
I(ncidenteel) S(tructureel)
Financiële omvang
Kans
Berekend risico
De BWB heeft meer beroepen ontvangen over 2023. Het budgettaire effect hiervan is zo goed mogelijk ingeschat maar dit blijft een schatting.
I
€ 265.000
25%
€ 66.250
De “Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en BPM” is sinds 01-01-2024 van kracht. Deze wet verlaagt de proceskostenvergoedingen, deze verlaging heeft de BWB verwerkt in de begroting 2025-2028. De kans dat de Hoge Raad medio september 2024 de verlaging van de proceskostenvergoedingen terug gaat draaien is verhoogd van 50% naar 75%. Het effect van de verlaging is in de begroting 2025 berekend op € 744.000. In de eerste bestuursrapportage 2024 is dit verwerkt, de ontwerpbegroting 2025 is tot stand gekomen op basis van de verlaging van de vergoeding.
S
€ 744.000
75%
€ 558.000
S
€ 160.000
25%
€ 40.000
S
€ 750.000
7,5%
€ 56.250
Risico
Toelichting
Risico’s primaire proces Stijging beroepen WOZ (aangepast)
Hoogte proceskostenvergoedingen (aangepast)
Risico’s met betrekking tot bedrijfsvoering De economie zorgt voor een krapte op de arbeidsmarkt. Hierdoor is het moeilijker en vergt het meer tijd om cruciale functies ingevuld te krijgen. Invullen vacatures
Door aanpassingen in de werving en selectie slaagt de BWB erin de meeste vacatures toch ingevuld te krijgen. Dit uit zich in een hogere bezettingsgraad. De functie van taxateur vormt hierop een uitzondering.
Risico’s met betrekking tot automatisering Aansprakelijkheid in verband met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)
De uitvoering van de AVG is voor een data gestuurde organisatie als de BWB extra risicogevoelig. Ondanks getroffen maatregelen blijft het risico van bijvoorbeeld een datalek aanwezig.
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
Eerste bestuursrapportage 2024
€ 720.500
31