08b bijlage b. r NL.IMRO.0840.2584K0039-DEF1 2024-01-08
Tekst van het document
Regels
bestemmingsplan “Kenbelstraatje ong., St. Willebrord” Planstatus: Datum: Plan identificatie:
vastgesteld 2024-01-08 NL.IMRO.0840.2584K0039-DEF1
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Regels Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 2 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Inhoud Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels .................................................................................................................... 4 Begrippen ...................................................................................................................................... 4 Wijze van meten ........................................................................................................................... 9
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6
Bestemmingsregels .............................................................................................................. 10 Groen .......................................................................................................................................... 10 Tuin ............................................................................................................................................. 10 Verkeer ....................................................................................................................................... 11 Wonen ........................................................................................................................................ 12
Hoofdstuk 3 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13
Algemene regels .................................................................................................................. 15 Antidubbeltelregel ...................................................................................................................... 15 Algemene bouwregels ................................................................................................................ 15 Algemene gebruiksregels ............................................................................................................ 16 Algemene aanduidingsregels ...................................................................................................... 16 Algemene afwijkingsregels ......................................................................................................... 18 Algemene wijzigingsregels .......................................................................................................... 18 Overige regels ............................................................................................................................. 18
Hoofdstuk 4 Artikel 14 Artikel 15
Overgangs- en slotregels ...................................................................................................... 20 Overgangsrecht ........................................................................................................................... 20 Slotregel ...................................................................................................................................... 20
Bijlage Bijlage 1
Staat van bedrijfsactiviteiten .........................................................................................................
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 3 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
1.1 plan het bestemmingsplan “Kenbelstraatje ong., St. Willebrord” met identificatienummer NL.IMRO.0840.2584K0039-DEF1 van de gemeente Rucphen; 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels; 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 achtererfgebied erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 meter achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen; 1.5 achtergevel van een gebouw het meest achterwaarts gelegen deel van een hoofdgebouw; 1.6 afwijken afwijken als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, sub c juncto artikel 2.12, lid 1, sub a, onderdeel 1 van de Wabo; 1.7 bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.8 bedrijf een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis gebonden beroepen daaronder niet begrepen; 1.9 bedrijfsgebouw een gebouw dat dient voor de uitoefening van een bedrijf; 1.10 begane grond de bouwlaag van een gebouw, die rechtstreeks ontsloten
wordt vanaf het straatniveau; 1.11 berging bijbehorend bouwwerk bij een woning ten behoeve van de berging van niet voor handel en distributie bestemde goederen en als stalling van voertuigen; 1.12 beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis het bedrijfsmatig verlenen van diensten dan wel het uitoefenen van bedrijvigheid waarvan de activiteiten in hoofdzaak niet-publieksaantrekkend zijn en die door de bewoner van de woning als ondergeschikte activiteit in of in een bijbehorend bouwwerk bij de woning wordt uitgeoefend. 1.13 bestaand 1. bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaat of wordt gebouwd, mits dat bouwwerk legaal tot stand is gekomen, dan wel nadien kan worden gebouwd, krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, waarvoor de aanvraag voor het tijdstip van inwerkingtreding van het plan is ingediend, tenzij in de regels anders is bepaald; 2. bij gebruik: het gebruik dat op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaat, mits dat gebruik legaal tot stand is gekomen, tenzij in de regels anders is bepaald; Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 4 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
1.14 bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak; 1.15 bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.16 bijbehorend bouwwerk uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk met een dak; 1.17 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.18 bouwgrens de grens van een bouwvlak; 1.19 bouwlaag een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder; 1.20 bouwperceel aaneengesloten (virtueel) vlak waarop functioneel bij elkaar behorende bebouwing en voorzieningen worden geconcentreerd, bestaande uit een bouwvlak, waarbinnen de gebouwen zijn toegelaten, met de direct daaraan grenzende gronden waar ook bouwwerken geen gebouwen zijnde en vergunningvrije bouwwerken zijn toegestaan; 1.21 bouwperceelsgrens de grens van een bouwperceel; 1.22 bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten;
1.23 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.24 dak iedere bovenbeëindiging van een gebouw of overkapping; 1.25 detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, hieronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, verhuren en/of leveren van goederen aan diegenen die deze goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder tevens internetbedrijven worden verstaan, waarbij producten ter plaatse bezichtigd, geretourneerd en/of afgehaald kunnen worden. Hieronder wordt niet verstaan volumineuze detailhandel. 1.26 erf al dan niet bebouwd perceel, of gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, voor zover het bestemmingsplan deze inrichting niet verbiedt; 1.27 erker de grondgebonden uitbreiding van één bouwlaag aan de voor- of zijgevel;
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 5 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
1.28 escortbedrijf de natuurlijke persoon, groep of rechtspersoon die bedrijfsmatig, of van omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte (van een seksinrichting) wordt uitgeoefend; 1.29 gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.30 geluidwerende voorzieningen voorzieningen ten behoeve van de wering of reducering van geluid(overlast), zoals een geluidwal en een geluidscherm; 1.31 gevellijn denkbeeldige dan wel op de verbeelding aangegeven lijn die strak langs de gevel van een gebouw loopt tot aan de bouwperceelsgrenzen; 1.32 hoofdgebouw gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.33 huishouden persoon of groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan; bedrijfsmatige kamerverhuur wordt daaronder niet begrepen; 1.34 kunstwerken bouwwerken geen gebouwen zijnde van weg- en waterbouwkundige aard, zoals bruggen, viaducten, duikers, keerwanden, beschoeiingen, kademuren en dergelijke; 1.35 nevenactiviteit een ondergeschikte activiteit waarvan de omvang zodanig is dat deze,
met behoud van de hoofdfunctie, naast de hoofdfunctie kan worden uitgeoefend; 1.36 nok het snijpunt van twee hellende vlakken; 1.37 nutsvoorziening voorziening ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, voorzieningen ten behoeve van openbaar vervoer, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie; 1.38 omgevingsvergunning vergunning als bedoeld in artikel 2.1 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo); 1.39 ondergeschikte activiteit een activiteit van zeer beperkte beroepsmatige, bedrijfsmatige en/of ruimtelijke omvang zodat de functie waaraan zij wordt toegevoegd, qua aard, omvang en verschijningsvorm, overwegend of nagenoeg geheel als hoofdfunctie herkenbaar blijft; 1.40 opslag het bewaren van goederen, materialen en stoffen, al dan niet in combinatie met de productie, bewerking, verwerking, handel en/of activiteiten van administratieve aard; 1.41 overkapping een bouwwerk voorzien van een gesloten dak en van maximaal twee wanden; Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 6 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
1.42 peil 1. voor gebouwen, waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; 2. in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte bouwterrein; 1.43 prostitutie het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.44 raamprostitutie een seksinrichting met één of meer ramen van waarachter de prostitué/prostituee tracht de aandacht van passanten op zich te vestigen met als doel het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.45 seksautomatenhal een inrichting of daarmee gelijk te stellen gelegenheid waarin door middel van automaten filmvoorstellingen en/of live-shows van erotische en/of pornografische aard kunnen worden gegeven; 1.46 seksbioscoop en/of –theater een inrichting of daarmee gelijk te stellen gelegenheid waarin door vertoningen van erotische en/of pornografische aard kunnen worden gegeven; 1.47 seksinrichting de voor publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden.
Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotischmassagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.48 straatprostitutie het zich op de openbare weg respectievelijk op openbare ruimten of in een zich op de openbare weg respectievelijk openbare ruimte bevindend voertuig beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.49 standplaats het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel; 1.50 vloeroppervlakte de totale oppervlakte van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken op de begane grond; 1.51 volumineuze detailhandel Onder volumineuze detailhandel worden bedrijven die handelen in producten verstaan die veel ruimte in beslag nemen. Producten die je niet zo snel 'onder de arm' mee de winkel uit neemt en daardoor minder geschikt zijn voor de verkoop in de woonkern. Hieronder wordt verstaan de detailhandel in auto's, boten, caravans, keukens, badkamers en sanitair en daarmee rechtstreeks samenhangende artikelen.
1.52 voorgevel van een gebouw het meest naar de wegzijde gekeerde deel van een hoofdgebouw; 1.53 vrijstaand een hoofdgebouw zonder gemeenschappelijke wand met een ander hoofdgebouw; 1.54 waterberging gebieden die integraal onderdeel uitmaken van het watersysteem en die periodiek vanuit het oppervlaktewatersysteem kunnen overstromen;
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 7 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
1.55 waterhuishoudkundige voorzieningen voorzieningen, die het waterhuishoudkundige belang dienen, waaronder voorzieningen voor waterberging, aanvoer en -afvoer, zoals watergangen, waterlopen en waterpartijen, kunstwerken, onderhoudsstroken ten behoeve van het beheer en onderhoud van een watergang of waterloop; 1.56 woning een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de zelfstandige huisvesting van één afzonderlijk huishouden; 1.57 zijgevel van een gebouw een gevel van een hoofdgebouw, die niet een voorgevel of een achtergevel is.
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 8 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 afstanden van gebouwen onderling, alsmede afstanden van gebouwen tot de bouwperceelsgrens worden gemeten vanaf de zijgevel van een gebouw; 2.2 het bebouwde oppervlakte van een bouwperceel of een ander terrein door de oppervlakten van alle op een bouwperceel/terrein gelegen gebouwen en overkappingen bij elkaar op te tellen, tenzij in deze regels anders is bepaald; 2.3 de bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.4 de goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q.
de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel, ondergeschikte bouwdelen, zoals goten van dakkapellen niet meegerekend; 2.5 de breedte en diepte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of tot het hart van de scheidingsmuren, met dien verstande, dat wanneer de betreffende gevelvlakken niet evenwijdig lopen of verspringen, het gemiddelde wordt genomen van de kleinste en de grootste maat; 2.6 de oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.7 het bewoonbaar vloeroppervlak binnen de afgewerkte omtrekwanden (in voorkomende gevallen binnen de balustrade) onder aftrek van de in de ruimte inspringende onderdelen van het gebouw als schoorsteenstoelen, kanalen en kasten, maar zonder aftrek van plinten en vast meubilair als aanrechten en verwarmingslinten.
Vloeroppervlak waarboven minder dan 1,50 meter hoogte aanwezig is wordt hierbij buiten beschouwing gelaten; 2.8 de inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.9 de dakhelling langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.10 de hoogte van een windturbine vanaf het peil tot aan de as van de windturbine; 2.11 de verticale diepte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het diepste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals funderingen, rioleringen, kabels en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.12 ondergeschikte bouwdelen bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, portalen, balkons en overstekende daken, worden bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, dan wel bestemmingsgrenzen niet meer dan 1,00 meter bedraagt. Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 9 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Groen
Bestemmingsomschrijving
3.1.1 Bestemming De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. langzaamverkeersroutes, park, plantsoen, bermstroken, bermsloten, paden, speelvoorzieningen, straatmeubilair, afvalverzamelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen; b. extensief recreatief gebruik; c. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; d. andere tot de bestemming behorende voorzieningen. 3.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 3.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. gebouwen; b. andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 3.2
Bouwregels
3.2.1 Gebouwen Gebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. de oppervlakte bedraagt maximaal 15 m2; b. de bouwhoogte bedraagt maximaal 3,00 meter. 3.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. de bouwhoogte van speeltoestellen bedraagt maximaal 4,00 meter; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt maximaal 2,00 meter. 3.3
Afwijken van de gebruiksregels
3.3.1 Afwijking Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1 voor het aanleggen van parkeervoorzieningen, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. het stedenbouwkundig beeld wordt niet in onevenredige mate geschaad; b. het aanleggen van parkeervoorzieningen noodzakelijk is vanuit een oogpunt van verkeersveiligheid en bereikbaarheid; c. de aanleg van de parkeervoorzieningen heeft geen zodanige invloed op de aanwezige groenvoorziening, dat deze groenstructuur daardoor onevenredige schade wordt toegebracht en de gebruiksmogelijkheden ervan in overwegende mate wordt beperkt; d. er wordt rekening gehouden met de gevolgen voor de waterhuishouding (waterkwaliteit en kwantiteit).
Artikel 4 4.1
Tuin
Bestemmingsomschrijving
4.1.1 Bestemming De voor ‘Tuin’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen, erven en verhardingen; b. parkeervoorzieningen;
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 10 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
c. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; d. andere tot de bestemming behorende voorzieningen. 4.1.2 Toelaatbare bestemming Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 4.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. bijbehorende bouwwerken; b. andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 4.2
Bouwregels
4.2.1 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. er mogen erkers, balkons of luifels ten behoeve van aangrenzende hoofdgebouwen worden gebouwd, mits: 1. de horizontale diepte van de uitbreiding niet meer bedraagt dan 1,50 meter; 2. de afstand tot de bestemmingsgrens niet minder bedraagt dan 2,00 meter; 3. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3,00 meter; 4. de oppervlakte van de erker niet meer bedraagt dan 6,00 m2. 4.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. de bouwhoogte bedraagt: 1. pergola's/tuinmeubilair maximaal 2,50 meter; 2. speeltoestellen maximaal 2,50 meter; 3. lichtmasten maximaal 2,50 meter; 4. vlaggenmasten, één per erf maximaal 6,00 meter; 5. erf- en terreinafscheidingen maximaal 1,00 meter; 6. overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, maximaal 3,00 meter.
Artikel 5 5.1
Verkeer
Bestemmingsomschrijving
5.1.1 Bestemming De voor ‘Verkeer’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. straten, voet- en fietspaden, rabatten, parkeerterreinen, speelvoorzieningen, straatmeubilair, afvalverzamelvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, groenvoorzieningen, terrassen, waterhuishoudkundige voorzieningen, taluds, oevers, bruggen en nutsvoorzieningen; b. overige tot de bestemming behorende voorzieningen. 5.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 5.1.1 genoemde bestemming worden opgericht: a. gebouwen; b. andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 5.2
Bouwregels
5.2.1 Gebouwen Gebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. de oppervlakte bedraagt maximaal 15 m², met dien verstande dat een groter oppervlak is toegestaan als daartoe een bouwvlak is opgenomen; b. de bouwhoogte bedraagt maximaal 3,00 meter.
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 11 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
5.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. de bouwhoogte bedraagt: antennes maximaal 5,00 meter; openbare nutsvoorzieningen maximaal 3,00 meter; speeltoestellen maximaal 4,00 meter; masten maximaal 8,00 meter; overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde maximaal 2,00 meter.
Artikel 6 6.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
6.1.1 Bestemming De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen, met per woning de huisvesting van één huishouding; b. groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming. 6.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 6.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. hoofdgebouwen; b. bijbehorende bouwwerken; c. andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 6.2
Bouwregels
6.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; b. ter plaatse is per bouwvlak 1 vrijstaande woning toegestaan; c. de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; d. de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; e. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; f. de breedte van een hoofdgebouw, een aangebouwd bijgebouw, aan- en uitbouw niet meegerekend, bedraagt ter plaatse van vrijstaande woningen minimaal 6,00 en maximaal 20,00 meter; g. de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; h. de afstand van een hoofdgebouw, een aangebouwd bijbehorend bouwwerk niet meegerekend, tot de zijdelingse perceelsgrens, bedraagt ter plaatse van vrijstaande woningen minimaal 2,00 meter; i.
ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding - dove gevel’ geldt dat deze gevel vanaf een hoogte van 3 meter uitgevoerd dient te worden als een dove gevel, tenzij aan deze gevel geen geluidgevoelige ruimtes grenzen. Dit geldt voor de volgende percelen: 1. ter plaatse van kadastrale gemeente RPN, sectie M, nummer 2920 de noord- en westgevel; 2. ter plaatse van kadastrale gemeente RPN, sectie M, nummer 2895 de noordgevel; 3. ter plaatse van kadastrale gemeente RPN, sectie M, nummer 2896 de noordgevel; 4. ter plaatse van kadastrale gemeente RPN, sectie M, nummer 2887 de noord- en westgevel. 6.2.2 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen in het achtererfgebied worden opgericht met inachtneming van de volgende regels:
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 12 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
a.
de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken buiten het bouwvlak bedraagt, overkappingen meegerekend, per bouwperceel maximaal 100 m2, met dien verstande dat de bebouwde oppervlakte van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken maximaal 50% van het oppervlak van het bouwperceel bedraagt; b. bijbehorende bouwwerken mogen tevens binnen het bouwvlak van de hoofdgebouwen worden gebouwd, waarbij het bouwvlak volledig mag worden bebouwd; c. uitsluitend bij vrijstaande hoofdgebouwen mogen slechts aan één en dezelfde zijgevel bijbehorende bouwwerken worden opgericht; d. de breedte van een met de zijgevel van een hoofdgebouw verbonden bijbehorend bouwwerk bedraagt op gronden met vrijstaande woningen maximaal 6,00 meter; e. de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,50 respectievelijk 6,00 meter; f. de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; g. de bijbehorende bouwwerken dienen minimaal 1,00 meter achter (het verlengde van) de gevellijn te worden opgericht; h. de diepte van een woning en een aangebouwd bijbehorend bouwwerk bedraagt, te meten vanaf (het verlengde van de) gevellijn, maximaal 15 meter. In afwijking hiervan is de diepte van een woning en een aangebouwd bijbehorend bouwwerk niet gemaximaliseerd, indien: 1.
het bijbehorend bouwwerk wordt geplaatst tegen een bestaand vrijstaand bijbehorend bouwwerk, waardoor de bijbehorende bouwwerken worden verbonden met de achtergevel dan wel zijgevel van het hoofdgebouw; 2. het bijbehorend bouwwerk past in de stedenbouwkundige opzet van het gebied; 3. door de bouw van het bijbehorend bouwwerk geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Dit betekent onder andere dat de bezonning en het uitzicht van de naastliggende percelen niet onevenredig mogen worden geschaad; 4. het maximale bebouwde oppervlak niet wordt overschreden; 6.2.3 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen in het achtererfgebied worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. de bouwhoogte bedraagt: 1. pergola's/tuinmeubilair maximaal 2,50 meter; 2. speeltoestellen maximaal 2,50 meter; 3. lichtmasten maximaal 2,50 meter; 4. vlaggenmasten, één per erf maximaal 6,00 meter; 5. erf- en terreinafscheidingen maximaal 2,00 meter; 6. geluidwal maximaal 3 meter; 7. overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, maximaal 3,00 meter. 6.3
Afwijken van de bouwregels
6.3.1 Afwijkingen Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. lid 6.2.1, sub c, voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; b. lid 6.2.1, sub e, mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden; c. lid 6.2.1, sub h, voor een kleinere afstand. 6.4
Specifieke gebruiksregels
6.4.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van ruimten binnen de woning en/of bijbehorende bouwwerken bij de woning voor beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis dan wel voor een bed and breakfast; Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 13 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
b.
c. d.
6.5
het gebruik van gronden voor andere vormen van wonen dat de huisvesting van één afzonderlijk huishouden per woning, zoals bedrijfsmatige kamerverhuur of de huisvesting van (groepen) personen die geen huishouden vormen; het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning. bij verharding van het bestemmingsvlak ‘Wonen’ dient voldaan te worden aan de regels conform de Keur van het waterschap de Brabantse Delta. Indien er een toename van de verhard oppervlakte meer dan 500 m2 bedraagt, dienen er compenserende maatregelen te worden getroffen om versnelde afvoer van hemelwater tegen te gaan, in de vorm van een voorziening met een minimale retentiecapaciteit conform de rekenregel: Benodigde retentiecapaciteit (in m³) = toename verhard oppervlak (in m²) x gevoeligheidsfactor x 0,06. Afwijken van de gebruiksregels
6.5.1 Beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.4.1 sub a voor de uitoefening van beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten in een woning en/of bijbehorende bouwwerken, met inachtneming van de volgende regels: a. het gebruik een kleinschalig karakter heeft en behoudt; b. door de uitoefening van de activiteiten wijzigt het uiterlijk van de woning niet zodanig, dat de woning het karakter van een woning geheel of gedeeltelijk verliest; c. de vloeroppervlakte van de activiteiten in de woning en bijbehorende bouwwerken bedraagt gezamenlijk maximaal 50 m²; d. de activiteiten zijn niet vergunnings- of meldingsplichtig op grond van milieuwetgeving; e. degene die de activiteiten in de woning en/of bijbehorende bouwwerk uitvoert is tevens de bewoner van de woning; f. het geen verkeersaantrekkende activiteiten betreffen die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer en er geen onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte plaatsvindt; g. de uitoefening van detailhandel niet is toegestaan, uitgezonderd als ondergeschikte nevenactiviteit en gerelateerd aan de desbetreffende activiteit; h. er geen buitenopslag plaatsvindt; i. het gebruik niet leidt tot afbreuk en/of belemmering van gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of bebouwing; j.
de uitoefening van seksinrichtingen niet zijn toegestaan; k. de uitoefening van horeca-activiteiten niet zijn toegestaan; l. in afwijking van 6.5.1 sub k is een bed and breakfast accommodatie toegestaan, met dien verstande dat: 1. het aantal personen dat tegelijkertijd van een bed and breakfast accommodatie gebruik kan maken maximaal 10 bedraagt; 2. de vloeroppervlakte van de bed and breakfast bedraagt maximaal 40% van het totale woonoppervlak; 3. er maximaal 4 bed and breakfast kamers gerealiseerd mogen worden. Hiervan mogen maximaal 2 bed and breakfast kamers in een bestaand bijbehorend bouwwerk gerealiseerd worden voor in totaal maximaal 4 personen; 4. de bed and breakfast niet mag worden gevestigd in of bij een mantelzorgwoning; 5. in een voormalige mantelzorgwoning kan een bed and breakfast gerealiseerd worden wanneer deze is opgericht in een bestaand bijbehorend bouwwerk en de keukenvoorziening verwijderd is waarbij een pantry wel toegestaan is; 6. de bed and breakfast accommodatie niet mag worden gebruikt voor de huisvesting van seizoensarbeiders of andere vormen van huisvesting.
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 14 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Hoofdstuk 3 Artikel 7
Algemene regels
Antidubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 8
Algemene bouwregels
8.1
Nadere eisen
8.1.1
Plaatsbepaling, straatbeeld en dakhelling
Het bevoegd gezag kan, bij het verlenen van een omgevingsvergunning tot bouwen, nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de plaatsing van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken ten opzichte van de bouwperceelsgrens en ten opzichte van elkaar; b. de plaatsing en vormgeving van bouwwerken, geen gebouwen zijnde; c. de samenhang in straat- en bebouwingsbeeld; d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken; e. de dakhelling en nokrichting van hellende dakvlakken van gebouwen. 8.1.2
Voorwaarden
De in lid 8.1.1 bedoelde nadere eisen mogen slechts worden gesteld met het doel te voorkomen dat de belangen van derden worden geschaad of afbreuk wordt gedaan aan de doeleinden van het plan en met het oog op de bereikbaarheid van gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde en gronden in verband met calamiteiten. 8.2
Bestaande afstanden en andere maten
8.2.1 Bestaande afstanden Indien afstanden op de datum van de ter inzage legging van de vaststelling van het plan meer dan wel minder bedragen dan ingevolge op basis van hoofdstuk 2 van dit plan is toegestaan, mogen de bestaande afstanden als maximaal respectievelijk minimaal toelaatbaar worden aangehouden. 8.2.2 Bestaande andere maten In die gevallen dat hoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken, geen gebouwen zijnde op de dag van de vaststelling van het plan meer of minder bedragen dan ingevolge de hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen de bestaande maten en hoeveelheden als maximaal respectievelijk minimaal worden aangehouden. 8.3
Ondergronds bouwen
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden de volgende regels: a. ondergrondse bouwwerken zijn toegestaan binnen de contouren van opgerichte hoofdgebouwen; b. de verticale diepte van ondergrondse bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3,5 meter onder peil. 8.4
Waterretentie
Bij verharding van het bestemmingsvlak ‘Wonen’ dient voldaan te worden aan de regels conform de Keur van het waterschap de Brabantse Delta en het beleid van de gemeente Rucphen. Indien er een toename van de verhard oppervlakte meer dan 500 m2 bedraagt, dienen er compenserende maatregelen te worden getroffen om versnelde afvoer van hemelwater tegen te gaan, in de vorm van een voorziening met een minimale
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 15 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
retentiecapaciteit conform de rekenregel: Benodigde retentiecapaciteit (in m³) = toename verhard oppervlak (in m²) x gevoeligheidsfactor x 0,06.
Artikel 9 9.1
Algemene gebruiksregels
Bestaand gebruik
9.1.1 Bestaand gebruik gronden en bouwwerken In afwijking van hetgeen bepaald in hoofdstuk 2 is bestaand gebruik van gronden en bouwwerken niet in strijd met dit bestemmingsplan. 9.1.2 Verleende vergunningen Onder bestaand gebruik, waaronder eveneens bouwen is begrepen, wordt tevens verstaan het gebruik van gronden of bouwwerken overeenkomstig de besluiten bij of krachtens artikel 3.22 Wet ruimtelijke ordening (Wro), dan wel artikel 2.12 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), één en ander zoals blijkt uit het gemeentelijk bouwarchief. 9.2
Verboden gebruik
Het is verboden de in dit plan begrepen gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde te gebruiken, te doen of laten gebruiken op een wijze of tot een doel strijdig met de in dit plan aan de grond gegeven bestemming. Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken, te doen of laten gebruiken van gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde op een wijze of tot een doel strijdig met de in dit plan aan de grond gegeven bestemming; b. het gebruiken, te doen of laten gebruiken van gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de exploitatie van een seksinrichting, een escortbedrijf en raam- en straatprostitutie; c. het gebruiken, te doen of laten gebruiken van gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de productie, opslag, stalling en dumping van: 1. een middel zoals bedoeld in lijst I of II van de Opiumwet; 2. grondstoffen ten behoeve van en afvalstoffen afkomstig uit het productieproces van een verboden middel zoals bedoeld in lijst I of II van de Opiumwet. 9.3
Voorwaardelijke gebruiksbepaling akoestiek
Het gebruiken en het (doen) laten gebruiken van de voor 'Wonen' aangewezen gronden is alleen toegestaan wanneer ter plaatse van de in de bestemming 'Wonen' opgenomen aanduiding 'specifieke vorm van wonen – geluidwal 2', een geluidwerende voorziening van minimaal 2 meter hoog gerealiseerd is en ter plaatse van de opgenomen aanduiding ‘specifieke vorm van wonen – geluidwal 3’ een geluidwerende voorziening van minimaal 3 meter hoog gerealiseerd is.
Artikel 10 10.1
Algemene aanduidingsregels
Geluidzone – luchtvaart 48 dB(A) Lden
10.1.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Geluidzone - luchtvaart 48 dB(A) Lden' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de ligging binnen de 48 dB(A) Lden geluidcontour vanwege het luchtverkeer. 10.2
Luchtvaartverkeerzone
Al dan niet in afwijking van het bepaalde in hoofdstuk 2 geldt ter plaatse van de aanduiding 'luchtvaartverkeerzone (met nummer)' dat ten behoeve van het obstakelvrije (start- en landings)vlak met zijkanten de bouwhoogte van een bouwwerk niet meer mag bedragen dan de bouwhoogte die wordt verkregen door lineaire interpolatie van:
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 16 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
a.
ter plaatse van de aanduiding 'luchtvaartverkeerzone - 5' van 49.14 m en 54.14 m boven NAP;
in verband met het beschermingsgebied van in- en uitvliegfunnel van vliegtuigen. 10.3
Milieuzone – boringvrije zone
10.3.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Milieuzone - boringvrije zone' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening. 10.3.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 6) mag de verticale diepte van een bouwwerk niet meer dan 10 m bedragen. 10.3.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.3.2 voor het bouwen van een bouwwerk met een verticale diepte van meer dan 10 m, met dien verstande dat: a. het bouwwerk of de bouwwerkzaamheden geen onevenredige afbreuk doen aan de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening; b. schriftelijk advies is verkregen van Gedeputeerde Staten waarbij het bevoegd gezag het advies van het Gedeputeerde Staten als afweging meeneemt bij de verlening of weigering van de omgevingsvergunning. 10.3.4 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden Op het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden zijn de rechtstreeks werkende regels voor de boringvrije zone zoals opgenomen in de (interim) Omgevingsverordening Noord-Brabant van toepassing. 10.4
Vrijwaringszone – obstakelbeheerzone
10.4.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - obstakelbeheerzone' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van het radarverstoringsgebied van Vliegbasis Woensdrecht en radarstation Herwijnen, teneinde de verstoring van het radarbeeld te voorkomen en bescherming van de obstakelbeheerzones van Vliegbasis Woensdrecht. 10.4.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 6): a. mogen geen bouwwerken worden gebouwd met een hoogte van meer dan 88 meter; b. geldt voor windturbines, in aanvulling op het bepaalde onder a en naast de bouwregels zoals opgenomen in de artikelen 3 tot en met 24, dat geen windturbines mogen worden opgericht met een tiphoogte hoger dan 90 m + NAP. 10.4.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.4.2 voor het bouwen overeenkomstig het bepaalde in de andere bestemmingen, met dien verstande dat: a. het functioneren van de radar niet in onevenredige mate wordt of kan worden aangetast; b. de Minister van Defensie ingestemd heeft met de ontwikkeling. 10.5
Vrijwaringszone – weg
10.5.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - weg' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van de verkeersfunctie, het onderhoud en de ruimtereservering van de aangrenzende Rijksweg. Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 17 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
10.5.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mogen geen bouwwerken worden opgericht binnen een afstand van 50 m vanuit de rand van de meest nabijgelegen rijbaan, met uitzondering van bouwwerken en voorzieningen die nodig zijn voor het wegverkeer. 10.5.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.5.2 voor het bouwen overeenkomstig het bepaalde in de andere bestemmingen, met dien verstande dat: a. de bescherming van de verkeersfunctie, het onderhoud en de ruimtereservering voor de aangrenzende Rijksweg niet in onevenredige mate wordt of kan worden aangetast; b. schriftelijk advies is verkregen van de wegbeheerder.
Artikel 11 11.1
Algemene afwijkingsregels
Algemeen a.
de in het plan genoemde goothoogten, bouwhoogten, oppervlakte- en inhoudsmaten, percentages en afstandseisen, waarbij een overschrijding is toegestaan tot maximaal 10%, met dien verstande dat deze afwijking niet is toegestaan voor de vergroting van de inhoud van woningen en bedrijfswoningen en vergroting van de oppervlakte van recreatiewoningen en enkel in de onderstaande gevallen waarbij aangetoond is dat afwijking noodzakelijk is: 1. ten gevolge van de technische eisen als opgenomen in het Bouwbesluit; 2. ten gevolge van een woningaanpassing in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning; 3. ter optimalisering van de bedrijfsvoering. b. de regels en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, met dien verstande dat de overschrijding maximaal 2,5 m bedraagt en deze noodzakelijk is in verband met de uitmeting van het terrein of uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de gronden en/of de bebouwing; c. de regels en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, en ten behoeve van zend-/ontvangstinstallaties en/of sirenemasten wordt verhoogd tot maximaal 40 m; met dien verstande dat: 1. de belangen van de eigenaren en gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet aantoonbaar onevenredig worden geschaad; 2. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig wordt geschaad; 3.
de verkeersveiligheid niet onevenredig wordt geschaad.
Artikel 12 12.1
Algemene wijzigingsregels
Algemeen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de regels in het plan te wijzigen in de vorm van het aanbrengen van geringe veranderingen in de plaats, ligging en/of afmetingen van bestemmingsgrenzen, met dien verstande dat: a. bestemmingsgrenzen met niet meer dan 5 m worden verschoven; b. de belangen van de eigenaren en gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet aantoonbaar onevenredig worden geschaad; c. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad.
Artikel 13 13.1
Overige regels
Parkeerregeling
Tenzij in de genoemde bestemmingsplannen als opgenomen in bijlage 1 bij de regels expliciet is voorzien in een andere regel ten aanzien van de aanwezigheid van voldoende parkeergelegenheid, geldt de volgende regeling: Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 18 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
a.
bij de uitoefening van de bevoegdheid voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen en/of afwijken, dient tenminste voldaan te worden aan het gemeentelijk beleid ten aanzien van parkeernormen, zoals opgenomen in de 'Nota Parkeernormen Rucphen 2017' d.d. 31 mei 2017; b. het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in sub a. indien wordt voorzien in parkeervoorziening, die gelet op de parkeerbelasting naar aard en invloed op de omgeving gelijkwaardig is als bedoeld in sub a; c. indien de 'Nota Parkeernormen Rucphen 2017' als bedoeld onder sub a gedurende de planperiode van dit bestemmingsplan wordt gewijzigd, wordt bij de verlening van de omgevingsvergunning getoetst aan deze wijziging. d. parkeergelegenheid die is gerealiseerd om te voorzien in voldoende parkeergelegenheid dient in stand te worden gehouden.
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 19 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Hoofdstuk 4 Artikel 14 14.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken a.
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10%. c. het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 14.2
Overgangsrecht gebruik a.
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. indien het gebruik, bedoeld onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Artikel 15
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan "Kenbelstraatje ong., St. Willebrord".
Bestemmingsplan regels 190860 | 08-01-2024
Pagina 20 van 20
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Bijlage
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
Bijlage 1
Staat van bedrijfsactiviteiten
10, 11 101, 102 101 101 101, 102
108 102 102 1031 1031 1052 1052 1071 1071 1081 10821 1073 13 132 133 139 139, 143 14 14 141 142, 151 15 15 151 152 16 16 16102 16102
15 151 151 151 151
151 152 152 1531 1531 1551 1552 1581 1581 1583 1584 1585 17 172 173 174, 175 176, 177 18 18 181 183 19 19 192 193 20 20 2010.2 2010.2
nummer
VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking: - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m² - loonslachterijen - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. < 2.000 m² Visverwerkingsbedrijven: - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Aardappelprodukten fabrieken: - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² Zuivelprodukten fabrieken: - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens Suikerfabrieken: Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: Deegwarenfabrieken VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Weven van textiel: Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen
- HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. 0 Houtconserveringsbedrijven: 2 - met zoutoplossingen
-
-
0
8 0 6 0 2 0 2 0 1 0 0
0 5 6 7
OMSCHRIJVING
GEUR
10 0 10
30
50 10 30
50
10
50 50
30 50
30
10 10
0 10
0 0 10
10
50
50 10 0
0
0 0 0
50
50 30 50
AFSTANDEN IN METERS
STOF
SBI-CODE 2008
50
30 50
50 10
50 50 50
10
30 C
30
50
30
50
50 C 50 50
GELUID
SBI-CODE
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
10
10 10
0 10
10 10 10
10
10
0
50 R
10
10
30 10 10
GEVAAR
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
GROOTSTE AFSTAND 50
50 D 50
50 50
50 50 50
50
30
30
50
50
50
50 50 50
3.1
3.1 3.1
3.1 3.1
3.1 3.1 3.1
3.1
2
2
3.1
3.1
3.1
3.1 3.1 3.1
CATEGORIE
- VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN 0 Glasfabrieken: Glasbewerkingsbedrijven 0 Natuursteenbewerkingsbedrijven: 2 - zonder breken, zeven en drogen: p.o. <= 2.000 m² Slijp- en polijstmiddelen fabrieken VERVAARD. EN REPARATIE VAN PRODUKTEN VAN METAAL (EXCL. - MACH./TRANSPORTMIDD.) 0 Constructiewerkplaatsen: 1a - gesloten gebouw, p.o. < 200 m2 0 Tank- en reservoirbouwbedrijven: B1 Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d., p.o. < 200 m2 0 Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven: 2 Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. <200m2 A0 Grofsmederijen, anker- en kettingfabrieken: B Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.; inpandig, p.o. <200 m2 - VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS
23 231 231 237 237 2391
25, 31 251, 331 251, 331 2529, 3311 255, 331 2561, 3311 2562, 3311 259, 331 259, 331 26, 28, 33
26 261 2615 267 267 2681
28 281 281 2821 284 2851 2852 287 287 30
VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Loopvlakvernieuwingsbedrijven: - vloeropp. < 100 m2 Kunststofverwerkende bedrijven: - productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen
VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN Papier- en kartonfabrieken: - p.c. < 3 t/u VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN Farmaceutische produktenfabrieken: - formulering en afvullen geneesmiddelen Lijm- en plakmiddelenfabrieken: Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken
1 0 1 0 1 0 A 0 1 0 3 -
nummer
203, 204, 205 162 21 17 21 17 2112 1712 2112 1712 24 20 2442 2120 2442 2120 2462 2052 2466 205903 25 22 25 22 2512 221102 2512 221102 252 222 252 222 26 23
Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2
OMSCHRIJVING
GEUR
30 30 30 30
30 10 30
30 30
10 10
30
30
10
30
50
10
50
10
10
50
50
30
30
50
0
AFSTANDEN IN METERS
STOF
SBI-CODE 2008
50
50
50
50
50 50
50
50
30
50
50
50 C
50
GELUID
SBI-CODE
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
10
10
10
10
0 10
10
30
30
50 R
50 R
30 R
0
GEVAAR
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
GROOTSTE AFSTAND 50
50 D
50 D
50
50 50 D
50
50
50
50
50
50
50
3.1
3.1
3.1
3.1
3.1 3.1
3.1
3.1
3.1
3.1
3.1
3.1
3.1
CATEGORIE
SBI-CODE 2008
26, 28, 33 26, 28, 33 26, 33 261, 263, 264, 331 2612 26, 32, 33 26, 32, 33 26, 32, 33 29
30 301, 3315 301, 3315 31 9524 321 322 323 324 32991 32999 38 35 35 35 35 35 35 36 36 36 36 36 36 41, 42, 43
SBI-CODE
30 30 32 321 t/m 323 3210 33 33 33 34
35 351 351 36 361 362 363 364 365 3663.1 3663.2 37 40 40 40 40 40 40 41 41 41 41 41 41 45
nummer
VERVAARDIGING VAN TRANSPORTMIDDELEN (EXCL. AUTO'S, AANHANGWAGENS) Scheepsbouw- en reparatiebedrijven: - houten schepen VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Sportartikelenfabrieken Speelgoedartikelenfabrieken Sociale werkvoorziening Vervaardiging van overige goederen n.e.g.
- PRODUKTIE EN DISTRIB. VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER C0 Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen: C1 - < 10 MVA C2 - 10 - 100 MVA D0 Gasdistributiebedrijven: D5 - gasontvang- en -verdeelstations, cat. D - WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER A0 Waterwinning-/ bereiding- bedrijven: A2 - bereiding met chloorbleekloog e.d. en/of straling B0 Waterdistributiebedrijven met pompvermogen: B1 - < 1 MW -
0 1 2
A Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie - VERVAARDIGING VAN AUDIO-, VIDEO-, TELECOM-APPARATEN EN -BENODIGDH. Vervaardiging van audio-, video- en telecom-apparatuur e.d. Fabrieken voor gedrukte bedrading - VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN A Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. incl. reparatie -
OMSCHRIJVING
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
0 0 0
0 0
0
10 0
10 10 10 10 10 30 10
0 30 30 30 30 0 30
0 0
30
0
30
30
0 10
30 50
GEUR
10
STOF
30
30 C
50 C
50 C
30 C 50 C
10 10 30 50 50 30 50
50
30
50 50
30
GELUID
AFSTANDEN IN METERS
10
30
50 R
10 30
0 10 10 30 30 0 30
10
0
30 30
10
GEVAAR
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
GROOTSTE AFSTAND 30
50
50
30 50
10 30 30 50 50 30 50 D
50
30
50 D 50
30
2
3.1
3.1
2 3.1
1 2 2 3.1 3.1 2 3.1
3.1
2
3.1 3.1
2
CATEGORIE
45 45 45 45 50 50 5020.4 51 51 5121 5122 5124 5125, 5131 5132, 5133 5134 5135 5136 5137 5138, 5139 514 5148.7 5148.7 5148.7 5148.7 5151.1 5151.1 5153 5153 5153 5153.4 5153.4 5154 5154 5154 5155.2
41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 45, 47 45, 47 45204 46 46 4621 4622 4624 46217, 4631 4632, 4633 4634 4635 4636 4637 4638, 4639 464, 46733 46499 46499 46499 46499 46711 46711 4673 4673 4673 46735 46735 4674 4674 4674 46752
nummer
0 1 2 5 0 1 0 1 2 4 6 0 1 2
1 2 3 C 0
AFSTANDEN IN METERS
0 0 0 50 10 10 10 0 0 30
10 0 0 0 0 0 30
30 10 0 10 0 0 0 10 10 10 10
30
30 30 10
10 10 0
30 10 50 30 10 0 10 10 30 10 10
50
HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS Autospuitinrichtingen
GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders Grth in bloemen en planten Grth in huiden, vellen en leder Grth in ruwe tabak, groenten, fruit en consumptie-aardappelen Grth in vlees, vleeswaren, zuivelprodukten, eieren, spijsoliën Grth in dranken Grth in tabaksprodukten Grth in suiker, chocolade en suikerwerk Grth in koffie, thee, cacao en specerijen Grth in overige voedings- en genotmiddelen Grth in overige consumentenartikelen Grth in vuurwerk en munitie: - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag 10 tot 50 ton - munitie Grth in vaste brandstoffen: - klein, lokaal verzorgingsgebied Grth in hout en bouwmaterialen: - algemeen: b.o. > 2000 m² - algemeen: b.o. <= 2000 m² zand en grind: - algemeen: b.o. <= 200 m² Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur: - algemeen: b.o. > 2.000 m² - algemeen: b.o. < = 2.000 m² Grth in kunstmeststoffen
10 10 0
GEUR
BOUWNIJVERHEID - bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000 m² Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000 m² - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m²
OMSCHRIJVING
STOF
SBI-CODE 2008
50 30 30
30
50 30
50
30 30 30
50 30 30 30 30 30 30 30 30 30 30
30
50 50 30
GELUID
SBI-CODE
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
V V
10 0 30 R
0
10 10
30
10 50 30
30 R 0 0 50 R 50 R 0 0 0 0 10 10
30 R
10 10 10
GEVAAR
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
GROOTSTE AFSTAND 50 30 30
30
50 30
50
30 50 30
50 30 50 50 50 30 30 30 30 30 30
50
50 50 30
3.1 2 2
2
3.1 2
3.1
2 3.1 2
3.1 2 3.1 3.1 3.1 2 2 2 2 2 2
3.1
3.1 3.1 2
CATEGORIE
4676 4677 4677 466 466 466, 469 47 49 494 495 52 52 52242 52102, 52109 52109 53 53 531, 532 61 77
77 7712, 7739 773 772 62 58, 63
63, 69tm71, 73,74,77,78, 80tm82 812 74203 37, 38, 39 37, 38, 39 3700
5156 5157 5157.2/3 518 518 519 60 60 6024 603 63 63 6311.2 6312 6312 64 64 641 642 71
71 712 713 714 72 72
74 747 7481.3 90 90 9001
nummer
Grth in overige intermediaire goederen - autosloperijen: b.o. <= 1000 m² - overige groothandel in afval en schroot: b.o. <= 1000 m² Grth in machines en apparaten: - overige Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.
OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING Reinigingsbedrijven voor gebouwen Foto- en filmontwikkelcentrales
- MILIEUDIENSTVERLENING B rioolgemalen
-
- VERVOER OVER LAND 1 - Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks) b.o. <= 1000 m² Pomp- en compressorstations van pijpleidingen - DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER 0 Laad-, los- en overslagbedrijven t.b.v. binnenvaart: A Distributiecentra, koelhuizen B Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) - POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten A Telecommunicatiebedrijven VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE - GOEDEREN Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's) Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g. - COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE B Datacentra
1 1 0 2
OMSCHRIJVING AFSTANDEN IN METERS
30
50 10
0
10 0
0
0
0 0
0 0
0 0 10
10 0
30 0
10 10 10
0 0
10 0
0 0
0 0
10 10 10
GEUR 10 10 10
STOF
SBI-CODE 2008
10 C
30 30 C
30 C
50 50 30
30 C 10 C
50 C 30 C
50 C 30 C
50 30
30 50 50
GELUID
SBI-CODE
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
0
30 10
0
10 10 10
0 0
50 R 10
30 10
0 0
10 10 10
GEVAAR
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
GROOTSTE AFSTAND 30
50 D 30
30
50 D 50 D 30 D
30 10
50 D 30
50 30 D
50 30
30 50 50
2
3.1 2
2
3.1 3.1 2
2 1
3.1 2
3.1 2
3.1 2
2 3.1 3.1
CATEGORIE
9002.1 9002.1 9002.2 9002.2 9002.2 93 93 9301.1 9301.1 9301.2 9301.3
381 381 382 382 382 96 96 96011 96011 96012 96013
nummer
A Vuilophaal-, straatreinigingsbedrijven e.d. B Gemeentewerven (afval-inzameldepots) A0 Afvalverwerkingsbedrijven: A4 - pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen) A7 - verwerking fotochemisch en galvano-afval - OVERIGE DIENSTVERLENING A Wasserijen en strijkinrichtingen B Tapijtreinigingsbedrijven Chemische wasserijen en ververijen A Wasverzendinrichtingen
OMSCHRIJVING AFSTANDEN IN METERS
30 30 10 10
0 0 0 0
50 10
30 30 30 0
GEUR 50 30
STOF
SBI-CODE 2008
50 C 50 30 30
30 30
50 50
GELUID
SBI-CODE
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
30 30 30 R 0
10 30 R
10 30 R
GEVAAR
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
GROOTSTE AFSTAND 50 50 30 30
50 30
50 50
3.1 3.1 2 2
3.1 2
3.1 3.1
CATEGORIE