08b Bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Tekst van het document
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Datum: 8 maart 2023 Status: vastgesteld
Inhoudsopgave Regels
5
Hoofdstuk 1
Inleidende regels
6
Artikel 1 Artikel 2
Begrippen Wijze van meten
6 17
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
19
Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18 Artikel 19 Artikel 20 Artikel 21 Artikel 22 Artikel 23 Artikel 24
Agrarisch Bedrijf Bedrijf - Nutsvoorziening Centrum - 1 Centrum - 2 Detailhandel Dienstverlening Groen Groen - Landschapselement Horeca Maatschappelijk Sport Tuin Verkeer Water Wonen Wonen - 1 Wonen - 2 Wonen - 3 Wonen - 4 Leiding - water Waarde - Archeologie
19 20 23 24 26 28 30 32 34 36 38 40 41 42 44 45 49 51 54 57 60 62
Hoofdstuk 3
Algemene regels
65
Artikel 25 Artikel 26 Artikel 27 Artikel 28 Artikel 29 Artikel 30 Artikel 31
Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Overige regels
65 66 67 69 73 74 75
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
76
Artikel 32 Artikel 33
Overgangsrecht Slotregel
76 77
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
3
Bijlagen bij regels Bijlage 1
Staat van Bedrijfsactiviteiten
Bijlage 2
Staat van Horeca-activiteiten
Bijlage 3
Landschappelijke inpassing Hazelaarstraat
Bijlage 4 nummer 83a
Landschappelijk inpassingsplan Irenestraat naast
Bijlage 5 en 95
Landschappelijk inpassingsplan Irenestraat tussen 91
4
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Regels
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
5
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder:
1.1
plan
het bestemmingsplan “Kom St. Willebrord” met identificatienummer NL.IMRO.0840.258400005-DEF1 van de gemeente Rucphen;
1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels;
1.3
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;
1.4
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;
1.5
aaneengebouwd
blokken van meer dan twee aaneengebouwde hoofdgebouwen;
1.6
achtererfgebied
erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 meter achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen;
1.7
achtergevel van een gebouw
het meest achterwaarts gelegen deel van een hoofdgebouw;
1.8
afgewerkt bouwterrein
de gemiddelde hoogte van de omringende grond van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
1.9
afwijken
afwijken als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, sub c juncto artikel 2.12, lid 1, sub a, onderdeel 1 van de Wabo;
1.10
agrarisch bedrijf
een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door het telen van gewassen of door het houden van dieren, zijnde: een (vollegronds)teeltbedrijf, een veehouderij, een glastuinbouwbedrijf of een overig agrarisch bedrijf;
6
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
1.11
archeologische waarde
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende archeologische relicten;
1.12
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
1.13
bebouwingspercentage
een op de verbeelding of in de regels aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van een maatvoeringsvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd;
1.14
bedrijf
een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis gebonden beroepen daaronder niet begrepen;
1.15
bedrijfsgebouw
een gebouw dat dient voor de uitoefening van een bedrijf;
1.16 bedrijfsmatig gebruik bedrijfsmatig gebruik van (een gedeelte van) een gebouw voor het verrichten van werkzaamheden van dienstverlenende en/of ambachtelijke aard met als doel daaruit hoofd- of neveninkomsten te betrekken, waarbij geen sprake is van een zich als specifiek opgeleid persoon naar buiten presenterende beroepsbeoefenaar en waarvan de omvang van de activiteiten zodanig is dat deze, met behoud van de woonfunctie, kunnen worden uitgeoefend;
1.17
bedrijfswoning
een woning in of bij een gebouw of op een terrein, die dient voor de huisvesting van (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting daar, gelet op de bestemming van de grond ter plaatse van het gebouw of het terrein, noodzakelijk moet worden geacht;
1.18
begane grond
de bouwlaag van een gebouw, die rechtstreeks ontsloten wordt vanaf het straatniveau;
1.19 berging bijbehorend bouwwerk bij een woning ten behoeve van de berging van niet voor handel en distributie bestemde goederen en als stalling van voertuigen;
1.20
beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis
het bedrijfsmatig verlenen van diensten dan wel het uitoefenen van bedrijvigheid waarvan de activiteiten in hoofdzaak niet-publieksaantrekkend zijn en die door de bewoner van de woning als ondergeschikte activiteit in of in een bijbehorend bouwwerk bij de woning wordt uitgeoefend.
1.21 bestaand 1.
bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaat of wordt gebouwd, mits dat bouwwerk legaal tot stand is gekomen, dan wel nadien kan worden gebouwd, krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, waarvoor de aanvraag voor het tijdstip van inwerkingtreding van het plan is ingediend, tenzij in de regels anders is bepaald;
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
7
2.
bij gebruik: het gebruik dat op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaat, mits dat gebruik legaal tot stand is gekomen, tenzij in de regels anders is bepaald;
1.22
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak;
1.23
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming;
1.24
bijbehorend bouwwerk
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk met een dak;
1.25
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats;
1.26
bouwgrens
de grens van een bouwvlak;
1.27
bouwlaag
een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder;
1.28
bouwperceel
aaneengesloten (virtueel) vlak waarop functioneel bij elkaar behorende bebouwing en voorzieningen worden geconcentreerd, bestaande uit een bouwvlak, waarbinnen de gebouwen zijn toegelaten, met de direct daaraan grenzende gronden waar ook bouwwerken geen gebouwen zijnde en vergunningvrije bouwwerken zijn toegestaan;
1.29
bouwperceelsgrens
de grens van een bouwperceel;
1.30
bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten;
1.31
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond;
1.32
café
een horecabedrijf, niet zijnde een discotheek, dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken voor consumptie ter plaatse, met als nevenactiviteit het verstrekken van kleinere etenswaren, al dan niet ter plaatse bereid;
8
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
1.33
cultuurhistorische waarden
waarden en kenmerken van een gebied of daar aanwezige zaken, verband houdend met het bouwkundig erfgoed, het stedenbouwkundig erfgoed, de historische groenwaarden, het historisch geografisch erfgoed en de bekende en verwachte archeologische waarden;
1.34
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw of overkapping;
1.35
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, hieronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, verhuren en/of leveren van goederen aan diegenen die deze goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder tevens internetbedrijven worden verstaan, waarbij producten ter plaatse bezichtigd, geretourneerd en/of afgehaald kunnen worden. Hieronder wordt niet verstaan volumineuze detailhandel.
1.36
dienstverlening
bedrijf of instelling waarvan de werkzaamheden bestaan uit het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, zoals kapperszaken, schoonheidsinstituten, bankfilialen, reisbureaus en naar aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen;
1.37
discotheek
een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van drank voor gebruik ter plaatse, waarbij het doen beluisteren van overwegend mechanische muziek en het gelegenheid geven tot dans een wezenlijk onderdeel vormen;
1.38
erf
al dan niet bebouwd perceel, of gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, voor zover het bestemmingsplan deze inrichting niet verbiedt;
1.39
erker
de grondgebonden uitbreiding van één bouwlaag aan de voor- of zijgevel;
1.40
escortbedrijf
de natuurlijke persoon, groep of rechtspersoon die bedrijfsmatig, of van omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte (van een seksinrichting) wordt uitgeoefend;
1.41
evenement
gebeurtenis, gericht op een groot publiek, op het gebied van kunst, sport, ontspanning, cultuur en detailhandel;
1.42
extensieve recreatie
die vormen van recreatie die in hoofdzaak zijn gericht op natuur- en landschapsbeleving, zoals wandelen en fietsen;
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
9
1.43
extensief recreatief medegebruik
recreatief gebruik van gronden, zoals wandelen, fietsen, varen, zwemmen, vissen en daarmee gelijk te stellen activiteiten (met inbegrip van rust- en picknickplaatsen met bijbehorend meubilair), dat geen specifiek beslag legt op de ruimte, behoudens ruimtebeslag door voet-, fiets- en ruiterpaden met wegbewijzering en rust- en picknickplaatsen met bijbehorend meubilair;
1.44
garage
bijbehorend bouwwerk bij een woning ten behoeve van de berging van niet voor handel en distributie bestemde goederen en als stalling van voertuigen;
1.45
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
1.46 geluidwerende voorzieningen voorzieningen ten behoeve van de wering of reducering van geluid(overlast), zoals een geluidwal en een geluidscherm;
1.47 gesloten verharding een verharding dat bestaat uit materiaal dat na het aanbrengen een solide geheel vormt en niet zonder meer op te delen is;
1.48
gestapeld
een hoofdgebouw waarin meerdere woningen zijn ondergebracht, zodanig dat deze boven dan wel beneden elkaar zijn gesitueerd, waarbij per woning een zelfstandige toegankelijkheid gewaarborgd is;
1.49
gevellijn
denkbeeldige dan wel op de verbeelding aangegeven lijn die strak langs de gevel van een gebouw loopt tot aan de bouwperceelsgrenzen;
1.50 glastuinbouwbedrijf een agrarisch bedrijf met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate plaatsvindt in kassen of in permanent aanwezige tunnels met een hoogte van 1,5 m of meer;
1.51
grondgebonden woning
woning die rechtstreeks toegankelijk is op het straatniveau en waarvan één van de bouwlagen aansluit op het maaiveld;
1.52
hoofdgebouw
gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is;
1.53
horecabedrijf
een bedrijf gericht op het verstrekken van al dan niet ter plaatse bereidde en al dan niet ter plaatse te nuttigen dranken en/of etenswaren en/of het verstrekken van logies en/of het exploiteren van zaalaccomodaties;
10
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
1.54 hospice een instelling die zorg biedt in de laatste levensfase van mensen die om medische redenen niet thuis kunnen worden verzorgd;
1.55 huishouden persoon of groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan; bedrijfsmatige kamerverhuur wordt daaronder niet begrepen;
1.56
kantine
verblijfslokaal ten behoeve van de recreatieve voorzieningen waar men consumpties kan kopen en nuttigen;
1.57
kantoor
een gebouw of een gedeelte daarvan, dat dient voor het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder congressen en vergaderaccommodaties;
1.58
kap
een constructie van één of meer dakvlakken;
1.59
kas
een agrarisch bedrijfsgebouw waarvan de wanden en het dak voornamelijk bestaan uit glas of een ander lichtdoorlatend materiaal en dienend voor de productie van gewassen onder geconditioneerde klimaatomstandigheden, waaronder mede begrepen een schuurkas of een permanente tunnel- of boogkas hoger dan 1,5 m;
1.60
KNA - conform archeologisch onderzoeksrapport
een rapport dat verslag doet van het archeologisch onderzoek en voldoet aan de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie;
1.61
kunstwerken
bouwwerken geen gebouwen zijnde van weg- en waterbouwkundige aard, zoals bruggen, viaducten, duikers, keerwanden, beschoeiingen, kademuren en dergelijke;
1.62
kwetsbaar object
onder een kwetsbaar object worden verstaan: a. b.
woningen, woonschepen en woonwagens, niet zijnde beperkt kwetsbare objecten; gebouwen bestemd voor verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, zoals: 1. ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; 2. scholen, of; 3. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; 4. gebouwen waarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn, zoals: kantoorgebouwen en hotels met een brutovloeroppervlakte van meer dan 1.500 m 2; complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk brutovloeroppervlakte meer dan 1.000 m 2 bedraagt en winkels met een totaal brutovloeroppervlakte van meer dan 2.000 m 2 per winkel, voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd, en; kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
11
personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen;
1.63 landschappelijke inpassing het optimaal op elkaar afstemmen van bebouwing en beplanting, rekening houdend met de ter plaatse voorkomende landschappelijke en cultuurhistorische waarden om zo te komen tot een landschappelijke inpassing van nieuwe bebouwing en/of gebruik die recht doet aan de kwaliteit en de beleving van het landschap;
1.64
landschappelijke waarden en kenmerken
gebruikswaarde, natuurwaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde van het landschap, gericht op ruimtelijke, ecologische, cultuurhistorische en recreatieve aspecten;
1.65
maatschappelijke voorzieningen
culturele, educatieve, medische, sociale en levensbeschouwelijke voorzieningen, voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening, alsook ondergeschikte detailhandel ten dienste van deze voorzieningen;
1.66
maatvoeringsvlak
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangegeven, waar een bepaalde maatvoering geldt;
1.67
nevenactiviteit
een ondergeschikte activiteit waarvan de omvang zodanig is dat deze, met behoud van de hoofdfunctie, naast de hoofdfunctie kan worden uitgeoefend;
1.68 nok het snijpunt van twee hellende vlakken;
1.69
nutsvoorziening
voorziening ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, voorzieningen ten behoeve van openbaar vervoer, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie;
1.70
omgevingsvergunning
vergunning als bedoeld in artikel 2.1 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo);
1.71
ondergeschikte detailhandel
detailhandelsactiviteiten die qua uitstraling passen bij de hoofdfunctie, ter ondersteuning dienen van de hoofdfunctie en niet zelfstandig worden uitgeoefend en/of los toegankelijk zijn, los van de hoofdfunctie;
1.72
ondergeschikte activiteit
een activiteit van zeer beperkte beroepsmatige, bedrijfsmatige en/of ruimtelijke omvang zodat de functie waaraan zij wordt toegevoegd, qua aard, omvang en verschijningsvorm, overwegend of nagenoeg geheel als hoofdfunctie herkenbaar blijft;
12
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
1.73
opslag
het bewaren van goederen, materialen en stoffen, al dan niet in combinatie met de productie, bewerking, verwerking, handel en/of activiteiten van administratieve aard;
1.74 overige teeltondersteunende voorzieningen voorzieningen die niet vallen onder de categorie permanente teeltondersteunende voorzieningen, zoals stellages, met regenkappen bij grondgebonden teelt van zacht fruit en boomteelthekken;
1.75
overkapping
een bouwwerk voorzien van een gesloten dak en van maximaal twee wanden;
1.76
paardenhouderij
een bedrijf waarvan de activiteiten uitsluitend of in hoofdzaak zijn gericht op het houden en fokken van paarden, het africhten, opleiden en trainen van paarden, het geven van instructies met paarden en/of het beoefenen van paardensport, nader te onderscheiden in: a.
b.
productiegerichte paardenhouderij: een overig agrarisch bedrijf, uitsluitend of in hoofdzaak gericht op het fokken van paarden, het houden/stallen van paarden en/of het africhten, opleiden en trainen van paarden, al dan niet in combinatie met het als nevenactiviteit geven van lessen en/of het verzorgen van instructies; voorbeelden van productiegerichte paardenhouderijen zijn een paardenfokkerij, een hengsten- en/of merriehouderij, een paardenmelkerij , een africhtingsstal, een trainingsstal, een handelsstal, een stalhouderij en een pensionstalling; gebruiksgerichte paardenhouderij/manege: een agrarisch verwant bedrijf, uitsluitend of in hoofdzaak gericht op het geven van instructies aan derden met gebruikmaking van paarden in eigendom van het bedrijf of eigen paarden, het beoefenen van de paardensport, het organiseren van hippische evenementen en/of het houden/stallen van paarden, alsook ondergeschikte horeca;
1.77 1. 2.
peil
voor gebouwen, waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte bouwterrein;
1.78 permanente teeltondersteunende voorzieningen permanente voorzieningen zijn teeltondersteunende voorzieningen die voor onbepaalde tijd worden gebruikt, zoals bakken op stellingen (hoge permanente teeltondersteunende voorzieningen) en containervelden (lage permanente teeltondersteunende voorzieningen). Deze voorzieningen hebben geen directe relatie met het grondgebruik;
1.79
prostitutie
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;
1.80
raamprostitutie
een seksinrichting met één of meer ramen van waarachter de prostitué/prostituee tracht de aandacht van passanten op zich te vestigen met als doel het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;
1.81
recreatie
het ondernemen van activiteiten voor diens plezier;
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
13
1.82
restaurant
een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van maaltijden voor consumptie ter plaatse, met als nevenactiviteit het verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken;
1.83
seksautomatenhal
een inrichting of daarmee gelijk te stellen gelegenheid waarin door middel van automaten filmvoorstellingen en/of live-shows van erotische en/of pornografische aard kunnen worden gegeven;
1.84
seksbioscoop en/of –theater
een inrichting of daarmee gelijk te stellen gelegenheid waarin door vertoningen van erotische en/of pornografische aard kunnen worden gegeven;
1.85
seksinrichting
de voor publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotisch-massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar;
1.86 sociaal-medische voorzieningen voorzieningen detailhandel;
1.87
inzake
volksgezondheid
(medisch
en
paramedisch)
met
daaraan
ondergeschikte
Staat van Bedrijfsactiviteiten
de Staat van Bedrijfsactiviteiten zoals die van deze regels onderdeel uitmaakt en is gebaseerd op de VNG-brochure Bedrijven en milieuzonering 2009;
1.88
Staat van Horeca-activiteiten
de Staten van Horeca-activiteiten zoals deze van deze regels onderdeel uitmaken;
1.89
straatprostitutie
het zich op de openbare weg respectievelijk op openbare ruimten of in een zich op de openbare weg respectievelijk openbare ruimte bevindend voertuig beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;
1.90
standplaats
het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel;
1.91
statische opslag
opslag van goederen die naar hun aard geen regelmatige verplaatsing behoeven, zoals auto's, boten en caravans. De opslag mag niet bestemd zijn voor de handel en mag niet plaatsvinden voor een elders gevestigd niet-agrarisch bedrijf;
14
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
1.92
teeltondersteunende kas
een teeltondersteunende voorziening, bestaande uit een agrarisch bedrijfsgebouw waarvan de wanden en het dak voornamelijk bestaan uit glas of een ander lichtdoorlatend materiaal en dienend voor de productie van gewassen onder geconditioneerde klimaatomstandigheden. Schuurkassen en permanente tunnel- of boogkassen (hoger dan 1,5 m) worden beschouwd als een kas;
1.93 teeltondersteunende voorzieningen een voorziening in, op of boven de grond die door de agrarisch bedrijven met plantaardige teelten worden gebruikt om de volgende doelen na te streven: 1. 2. 3.
verbetering van de productie, onder meer door teeltvervroeging en -verlating, terugdringing van onkruidgroei en beperking van vraatschade; verbetering van de arbeidsomstandigheden, onder meer door gewassen verhoogd te telen; bereiken van positieve effecten op milieu en water (bodembescherming, terugdringen onkruidbestrijding, effectief omgaan met water). Voorbeelden van teeltondersteunende voorzieningen zijn: aardbeientafels, afdekfolies, antiworteldoek, boomteelthekken, hagelnetten, insectengaas, plastic tunnels, ondersteunende kas, schaduwhallen en vraatnetten;
1.94 tijdsduur periode dag, avond, nacht aaneengesloten tijdsperiode, onderdeel van één etmaal vormende; hierbij worden de volgende tijdsperiodes onderscheiden: dagperiode: van 07.00 uur tot 19.00 uur; avondperiode: van 19.00 uur tot 23.00 uur; nachtperiode: van 23.00 uur tot 07.00 uur.
1.95
tijdelijke huisvesting van seizoensarbeiders
het huisvesten van seizoenarbeiders (tijdelijke arbeidsmigranten), die in een periode van grote arbeidsbehoefte gedurende enkele maanden op het eigen agrarisch bedrijf werkzaam zijn om naar aard kortdurend werk te verrichten, voor zover noodzakelijk voor een doelmatige bedrijfsvoering;
1.96
twee-aaneen
blokken van twee-aaneen gebouwde woningen, waarbij de hoofdgebouwen met elkaar zijn verbonden;
1.97
veehouderij
een agrarisch bedrijf gericht op het fokken, mesten en houden van runderen, varkens, schapen, geiten, pluimvee, tamme konijnen en/of pelsdieren, nader te onderscheiden in: a.
b.
intensieve veehouderij: een veehouderij met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate in gebouwen plaatsvindt en waarvan de productie (nagenoeg) niet afhankelijk is van de bij het bedrijf behorende agrarische grond als productiemiddel, zoals een rundveemesterij, een varkens-, vleeskalver-, pluimvee-, pelsdier- of geitenhouderij of een combinatie van deze bedrijfsvormen, alsmede naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijfsvormen; niet-intensieve veehouderij: een veehouderij waarvan de productie (nagenoeg) geheel afhankelijk is van de bij het bedrijf behorende agrarische grond als productiemiddel, in die zin dat het voer en de mest voor het overgrote deel gewonnen respectievelijk aangewend worden op gronden die in gebruik zijn van de veehouderij;
en tevens nader te onderscheiden in: c.
d.
grondgebonden veehouderij: een veehouderij die voldoet aan de criteria voor grondgebondenheid, zoals opgenomen in nadere regels die hieromtrent op basis van de Interim omgevingsverordening door Gedeputeerde Staten zijn gesteld, zoals die regels gelden op het tijdstip van ontvangst van de ontvankelijke omgevingsvergunningaanvraag; niet-grondgebonden veehouderij: een veehouderij die niet voldoet aan de criteria voor grondgebondenheid, zoals opgenomen in nadere regels die hieromtrent op basis van de Interim omgevingsverordening door Gedeputeerde Staten zijn gesteld, zoals die regels gelden op het
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
15
tijdstip van ontvangst van de ontvankelijke omgevingsvergunningaanvraag;
1.98 vloeroppervlakte de totale oppervlakte van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken op de begane grond;
1.99
volumineuze detailhandel
Onder volumineuze detailhandel worden bedrijven die handelen in producten verstaan die veel ruimte in beslag nemen. Producten die je niet zo snel 'onder de arm' mee de winkel uit neemt en daardoor minder geschikt zijn voor de verkoop in de woonkern. Hieronder wordt verstaan de detailhandel in auto's, boten, caravans, keukens, badkamers en sanitair en daarmee rechtstreeks samenhangende artikelen.
1.100 voorgevel van een gebouw het meest naar de wegzijde gekeerde deel van een hoofdgebouw;
1.101 voorgevellijn de gevellijn waarin de voorgevel van het hoofdgebouw is gelegen, alsmede het verlengde daarvan;
1.102 vrijstaand een hoofdgebouw zonder gemeenschappelijke wand met een ander hoofdgebouw;
1.103 waterberging gebieden die integraal onderdeel uitmaken van het watersysteem en die periodiek vanuit het oppervlaktewatersysteem kunnen overstromen;
1.104 waterhuishoudkundige voorzieningen voorzieningen, die het waterhuishoudkundige belang dienen, waaronder voorzieningen voor waterberging, -aanvoer en -afvoer, zoals watergangen, waterlopen en waterpartijen, kunstwerken, onderhoudsstroken ten behoeve van het beheer en onderhoud van een watergang of waterloop;
1.105 weekmarkt een door het college van burgemeester en wethouders ingestelde markt die eens in de week op een vaste dag en op een vaste plaats gehouden wordt;
1.106 woning een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de zelfstandige huisvesting van één afzonderlijk huishouden;
1.107
zakelijke dienstverlening
het bedrijfsmatig verlenen van diensten aan instellingen of personen ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit;
1.108 zijgevel van een gebouw een gevel van een hoofdgebouw, die niet een voorgevel of een achtergevel is.
16
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Artikel 2
Wijze van meten
Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
2.1
afstanden
van gebouwen onderling, alsmede afstanden van gebouwen tot de bouwperceelsgrens worden gemeten vanaf de zijgevel van een gebouw;
2.2
het bebouwde oppervlakte van een bouwperceel of een ander terrein
door de oppervlakten van alle op een bouwperceel/terrein gelegen gebouwen en overkappingen bij elkaar op te tellen, tenzij in deze regels anders is bepaald;
2.3
de bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
2.4
de goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel, ondergeschikte bouwdelen, zoals goten van dakkapellen niet meegerekend;
2.5
de breedte en diepte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of tot het hart van de scheidingsmuren, met dien verstande, dat wanneer de betreffende gevelvlakken niet evenwijdig lopen of verspringen, het gemiddelde wordt genomen van de kleinste en de grootste maat;
2.6
de oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk;
2.7
het bewoonbaar vloeroppervlak
binnen de afgewerkte omtrekwanden (in voorkomende gevallen binnen de balustrade) onder aftrek van de in de ruimte inspringende onderdelen van het gebouw als schoorsteenstoelen, kanalen en kasten, maar zonder aftrek van plinten en vast meubilair als aanrechten en verwarmingslinten. Vloeroppervlak waarboven minder dan 1,50 meter hoogte aanwezig is wordt hierbij buiten beschouwing gelaten;
2.8
de inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
2.9
de dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;
2.10 de hoogte van een windturbine vanaf het peil tot aan de as van de windturbine;
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
17
2.11 de verticale diepte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het diepste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals funderingen, rioleringen, kabels en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
2.12 ondergeschikte bouwdelen bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, portalen, balkons en overstekende daken, worden bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, dan wel bestemmingsgrenzen niet meer dan 1,00 meter bedraagt.
18
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Hoofdstuk 2 Artikel 3
Bestemmingsregels
Agrarisch
3.1
Bestemmingsomschrijving
3.1.1
Bestemming
De voor 'Agrarisch' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.
agrarisch grondgebruik; extensief recreatief medegebruik; ter plaatse van de aanduiding ‘glastuinbouw’: uitsluitend een glastuinbouwbedrijf; ter plaatse de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - teeltondersteunende voorzieningen' zijn teeltondersteunende voorzieningen toegestaan; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
3.1.2
Toelaatbare bebouwing
Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 3.1.1 genoemde bestemming worden opgericht: a. b.
hoofdgebouwen andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
3.2
Bouwregels
3.2.1
Hoofdgebouwen
Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
de gebouwen mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak worden opgericht, met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven aanduidingen; de goot- en/of bouwhoogte bedraagt maximaal de op de verbeelding aangegeven maat; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65°.
3.2.2
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van agrarisch grondgebruik, bedraagt maximaal 1,50 meter; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt maximaal 2,00 meter.
3.3
Specifieke gebruiksregels
3.3.1
Verboden gebruik
Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a.
het opslaan, storten of bergen van materialen, producten en mest.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
19
Artikel 4
Bedrijf
4.1
Bestemmingsomschrijving
4.1.1
Bestemming
De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k.
de uitoefening van bedrijfsactiviteiten voor zover die voorkomen in categorie 1 en 2 van de in bijlage 1 van deze regels opgenomen Staat van Bedrijfsactiviteiten; ter plaatse van de aanduiding 'verkooppunt motorbrandstoffen met lpg': tevens een benzinestation met de verkoop van lpg; ter plaatse van de aanduiding 'verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg': tevens een benzinestation zonder de verkoop van lpg; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - aannemers-/bouwbedrijf': tevens een aannemersbedrijf; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - broodfabriek': tevens een broodfabriek; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf 'grafisch bedrijf/hoogdrukkerij': tevens een grafisch bedrijf/hoogdrukkerij; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - garagebedrijf': tevens een garagebedrijf; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf 'houtgroothandel': tevens een houtgroothandel; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - interieurafwerking': tevens een interieurafwerking; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - isolatiebedrijf': tevens een isolatiebedrijf; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - pluimveeslachterij en
conservenfabriek': tevens een pluimveeslachterij en conservenfabriek; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - taxi-touringcarbedrijf': tevens een taxien touringcarbedrijf; m. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - transportbedrijf': tevens een transportbedrijf; n. ter plaatse van de aanduiding 'kantoor': uitsluitend kantoorruimten; o. ter plaatse van de aanduiding 'parkeerterrein': uitsluitend parkeerplaatsen ten behoeve van de kantoor- en bedrijfsruimten; p. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - reclamemast': een reclamemast; q. wegen, paden, pleinen, parkeervoorzieningen, verhardingen, groenvoorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming. l.
4.1.2
Toelaatbare bebouwing
Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 4.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b.
hoofdgebouwen; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
4.2
Bouwregels
4.2.1
Hoofdgebouwen
Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
d.
de hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; de goothoogte mag niet meer bedragen dan de ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m)' aangegeven maat; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum
20
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
c.
e. f.
g.
goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; het bebouwd oppervlak mag niet meer bedragen dan de ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwd oppervlak (m2)' aangegeven maat; de afstand tussen gebouwen en overkappingen onderling, indien deze niet aaneengesloten zijn gebouwd, mag ter plaatse van de aanduiding 'minimum afstand bedrijfsbebouwing (m)' niet minder bedragen dan de aangegeven maat; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65°.
4.2.2
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt maximaal 2,50 meter; de bouwhoogte van een reclamemast bedraagt maximaal 15,00 meter.
4.3
Afwijken van de bouwregels
4.3.1
Afwijkingen
Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 4.2.1, sub b. voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 4.2.1, sub c. mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
4.4
Specifieke gebruiksregels
4.4.1
Gebruiksregels
Opslag van goederen en materialen op onbebouwde gronden is tot een gezamenlijke hoogte van maximaal 4,00 meter toegestaan, mits een afstand van 3,00 meter tot de bouwperceelsgrens in acht wordt genomen.
4.4.2
Verboden gebruik
Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. b. c.
het uitoefenen van detailhandel, anders dan als ondergeschikte uitgeoefende bedrijfsactiviteiten; opslag van meer dan 10.000 kilo consumentenvuurwerk; het oprichten van Bevi-inrichtingen en Wgh-inrichtingen.
4.5
Afwijken van de gebruiksregels
4.5.1
Afwijkingen
activiteit
bij
ter
plaatse
Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
c.
lid 4.1.1 voor de uitoefening van een bedrijfsactiviteit die niet in de bij deze regels behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten is genoemd, mits deze activiteit naar haar aard en invloed op de omgeving kan worden gelijkgesteld met een krachtens lid 4.1.1 ter plaatse toegelaten categorie bedrijfsactiviteiten; lid 4.1.1 om bedrijven toe te laten uit maximaal 1 categorie hoger, voor zover het betrokken bedrijf naar aard en invloed op de omgeving geacht kan worden te behoren tot de categorieën zoals genoemd in lid 4.1.1; lid 4.4.1 voor de opslag van goederen en materialen op onbebouwde gronden tot op de bouwperceelsgrens.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
21
4.6
Wijzigingsbevoegdheden
4.6.1
Staat van Bedrijfsactiviteiten
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de van deze regels deel uitmakende Staat van Bedrijfsactiviteiten te wijzigen in die zin, dat de categorie-indeling van bedrijfsactiviteiten kan worden gewijzigd indien en voor zover een wijziging van de belasting van de desbetreffende typen van bedrijven op het milieu als gevolg van technologische ontwikkelingen daartoe aanleiding geeft.
4.6.2
Wijziging in 'Wonen' met 'Tuin'
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming te wijzigen in 'Wonen' met 'Tuin', met dien verstande dat: a. b. c.
22
de regels behorende bij de bestemming 'Wonen' en 'Tuin' van overeenkomstige toepassing zijn; de te realiseren woning(en) passen binnen het geldende gemeentelijk woningbouwprogramma; er aantoonbaar geen milieuhygiënische of overige belemmeringen zijn.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Artikel 5
Bedrijf - Nutsvoorziening
5.1
Bestemmingsomschrijving
5.1.1
Bestemming
De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
nutsvoorzieningen; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - meet- en regelstation' een nutsvoorziening in de vorm van een meet- en regelstation.
5.1.2
Toelaatbare bebouwing
Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 5.1.1 genoemde bestemming worden opgericht: a. b.
gebouwen; andere bouwwerken; geen gebouwen zijnde.
5.2
Bouwregels
5.2.1
Gebouwen
Gebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
de oppervlakte bedraagt maximaal 15 m²; de bouwhoogte bedraagt maximaal 3,00 meter; in afwijking van sub b bedraagt de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - meet- en regelstation' 3,50 meter.
5.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.
de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 4 meter.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
23
Artikel 6
Centrum - 1
6.1
Bestemmingsomschrijving
6.1.1
Bestemming
De voor 'Centrum - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.
d. e.
f. g.
centrumvoorzieningen, zoals zakelijke en maatschappelijke dienstverlening, detailhandel en kantoren; het wonen, met per woning de huisvesting van één huishouden; ter plaatse van de aanduiding 'horeca': tevens voor de uitoefening van horeca-activiteiten voor zover die voorkomen in categorie 1 en 2 van de bij deze regels behorende 'Staat van Horeca-activiteiten', ter plaatse van de aanduiding 'hotel': tevens een hotel; ter plaatse van de aanduiding 'garage': uitsluitend garages als huishoudelijke berg- en werkruimte, voor de berging van niet voor handel en distributie bestemde goederen, en als stalling van voertuigen; uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'supermarkt', tevens voor een supermarkt; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
6.1.2
Toelaatbare bebouwing
Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 6.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
6.2
Bouwregels
6.2.1
Hoofdgebouwen
Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e.
f. g. h.
de hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; het bestaande aantal woningen mag niet worden vermeerderd; ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' mogen uitsluitend gestapelde hoofdgebouwen worden opgericht; ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' mag ten hoogste het aangegeven aantal woningen worden gebouwd; de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65°.
6.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b.
bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; in afwijking van het sub a bepaalde mogen bijbehorende bouwwerken ook buiten het bouwvlak worden opgericht als het hoofdgebouw een woning betreft, mits de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken buiten het bouwvlak, overkappingen meegerekend, per bouwperceel maximaal 100 m² bedraagt én de bebouwde oppervlakte van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken maximaal 50% van het oppervlak van het bouwperceel bedraagt;
24
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
c.
d. e.
de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6 meter, met uitzondering ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte bijgebouwen' waar een maximale bouwhoogte geldt van 3,5 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65°; in afwijking van het voorgaande mag, ter plaatse van de aanduiding 'garage', het bouwvlak volledig worden bebouwd met een bouwhoogte van maximaal 3,00 meter en een maximaal oppervlak van 30 m² per garage.
6.2.3
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt maximaal 2,50 meter.
6.3
Afwijken van de bouwregels
6.3.1
Afwijkingen
Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 6.2.1, sub e voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 6.2.1, sub f, mits deze maten met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
6.4
Specifieke gebruiksregels
6.4.1
Verboden gebruik
Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a.
het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning of als afhankelijke woonruimte.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
25
Artikel 7
Centrum - 2
7.1
Bestemmingsomschrijving
7.1.1
Bestemming
De voor 'Centrum - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
c. d. e. f. g.
centrumvoorzieningen, zoals zakelijke en maatschappelijke dienstverlening, detailhandel en kantoren; tevens voor de uitoefening van horeca-activiteiten voor zover die voorkomen in categorie 1 van de bij deze regels behorende 'Staat van Horeca-activiteiten', waarbij het gezamenlijke oppervlakte aan horeca maximaal 600 m 2 bvo bedraagt; uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'supermarkt': tevens voor een supermarkt; uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'laad- en losplaats': tevens voor het laden en lossen; ter plaatse van de aanduiding 'wonen': tevens voor bovenwoningen, met per bovenwoning de huisvesting van één huishouden; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van centrum - geluidscherm': mede voor een geluidwerende voorziening in de vorm van een geluidscherm; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
7.1.2
Toelaatbare bebouwing
Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 7.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
7.1.3
Parkeervoorzieningen
Het gebruiken en het (doen) laten gebruiken van de voor 'Centrum - 2' aangewezen gronden conform de bestemming 'Centrum - 2' is alleen toegestaan wanneer voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van de in artikel 7.1.1 genoemde functies wordt gerealiseerd en in stand wordt gehouden.
7.2
Bouwregels
7.2.1
Hoofdgebouwen
Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
d. e.
de hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; het bouwvlak mag volledig bebouwd worden, behalve ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' waar het aangegeven percentage als maximum geldt; de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken van maximaal 65°.
7.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b.
bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; in afwijking van het sub a bepaalde mogen bijbehorende bouwwerken ook buiten het bouwvlak worden opgericht als het hoofdgebouw een woning betreft, mits de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken buiten het bouwvlak, overkappingen meegerekend, per bouwperceel maximaal 100 m² bedraagt én de bebouwde oppervlakte van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken maximaal 50% van het oppervlak van het bouwperceel bedraagt;
26
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
c. d.
de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6,00 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º.
7.2.3
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt maximaal 2,50 meter.
7.3
Afwijken van de bouwregels
7.3.1
Afwijkingen
Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 7.2.1, sub c voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 7.2.1, sub d, mits deze maten met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
7.4
Specifieke gebruiksregels
7.4.1
Verboden gebruik
Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a.
het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning of als afhankelijke woonruimte.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
27
Artikel 8
Detailhandel
8.1
Bestemmingsomschrijving
8.1.1
Bestemming
De voor 'Detailhandel' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.
detailhandel; ter plaatse van de aanduiding 'wonen' tevens voor het wonen op de verdieping ten behoeve van de huisvesting van één huishouden; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - wonen toegestaan' tevens voor wonen met per woning de huisvesting van één huishouden; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
8.1.2
Toelaatbare bebouwing
Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 8.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
8.2
Bouwregels
8.2.1
Hoofdgebouwen
Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
c. d. e.
de hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; ter plaatse van de aanduiding 'wonen' is maximaal één bovenwoning toegestaan. Bewoning vindt plaats boven de eerste bouwlaag.
8.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6,00 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º.
8.2.3
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt maximaal 2,50 meter.
8.3
Afwijken van de bouwregels
8.3.1
Afwijkingen
Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
28
lid 8.2.1, sub b voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
1. 2. b.
dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 8.2.1, sub c mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
8.4
Wijzigingsbevoegdheid
8.4.1
Wijziging in 'Wonen' met 'Tuin'
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming te wijzigen in 'Wonen' met 'Tuin', met dien verstande dat: a. b. c.
de regels behorende bij de bestemming 'Wonen' en 'Tuin' van overeenkomstige toepassing zijn; de te realiseren woning(en) passen binnen het geldende gemeentelijk woningbouwprogramma; er aantoonbaar geen milieuhygiënische of overige belemmeringen zijn.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
29
Artikel 9
Dienstverlening
9.1
Bestemmingsomschrijving
9.1.1
Bestemming
De voor 'Dienstverlening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.
dienstverlenende bedrijven; ter plaatse van de aanduiding 'wonen' tevens voor het wonen op de verdieping ten behoeve van de huisvesting van één huishouden; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
9.1.2
Toelaatbare bebouwing
Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 9.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
9.2
Bouwregels
9.2.1
Hoofdgebouwen
Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
c. d. e.
hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º. ter plaatse van de aanduiding 'wonen' is maximaal één bovenwoning toegestaan. Bewoning vindt plaats boven de eerste bouwlaag.
9.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6,00 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º.
9.2.3
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt 2,50 meter.
9.3
Afwijken van de bouwregels
9.3.1
Afwijkingen
Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
30
lid 9.2.1, sub b voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
b.
worden verstoord; lid 9.2.1, sub c, mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
9.4
Specifieke gebruiksregels
Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend het uitoefenen van detailhandel, anders dan als ondergeschikte activiteit bij ter plaatse uitgeoefende bedrijfsactiviteiten.
9.5
Wijzigingsbevoegdheid
9.5.1
Wijziging in 'Wonen' met 'Tuin'
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming te wijzigen in 'Wonen' met 'Tuin' met dien verstande dat: a. b. c.
de regels behorende bij de bestemming 'Wonen' en 'Tuin' van overeenkomstige toepassing zijn; de te realiseren woning(en) passen binnen het geldende gemeentelijke woningbouwprogramma; er aantoonbaar geen milieuhygiënische of overige belemmeringen zijn.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
31
Artikel 10
Groen
10.1 Bestemmingsomschrijving 10.1.1 Bestemming De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h.
langzaamverkeersroutes, park, plantsoen, bermstroken, bermsloten, paden, speelvoorzieningen, straatmeubilair, afvalverzamelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen; extensief recreatief gebruik; ter plaatse van de aanduiding 'speelvoorziening': een speelvoorziening; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van water - waterretentiegebied': tevens een waterberging; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - rijksmonument' de instandhouding en bescherming van het rijksmonument; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - verkeer' tevens straten, pleinen en parkeervoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; andere tot de bestemming behorende voorzieningen.
10.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 10.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
gebouwen; speelvoorzieningen ter plaatse van de aanduiding 'speelvoorziening'; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
10.2 Bouwregels 10.2.1 Gebouwen Gebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de oppervlakte bedraagt maximaal 15 m 2; de bouwhoogte bedraagt maximaal 3,00 meter.
10.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de bouwhoogte van speeltoestellen bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt maximaal 2,00 meter.
10.3 Afwijken van de bouwregels 10.3.1 Afwijking Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.1 voor het oprichten van Jeugd Ontmoetingsplaatsen (JOP's) ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - ontmoetingsplaats', mits: a. b. c.
de afstand tot woningen minimaal 25 meter bedraagt; het oppervlak van het te plaatsen onderkomen maximaal 25 m 2 bedraagt; de hoogte van het te plaatsen onderkomen maximaal 3,00 meter bedraagt.
10.4 Afwijken van de gebruiksregels 10.4.1 Afwijking Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.1 voor het aanleggen van parkeervoorzieningen, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
32
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
a. b. c.
d.
het stedenbouwkundig beeld wordt niet in onevenredige mate geschaad; het aanleggen van parkeervoorzieningen noodzakelijk is vanuit een oogpunt van verkeersveiligheid en bereikbaarheid; de aanleg van de parkeervoorzieningen heeft geen zodanige invloed op de aanwezige groenvoorziening, dat deze groenstructuur daardoor onevenredige schade wordt toegebracht en de gebruiksmogelijkheden ervan in overwegende mate wordt beperkt; er wordt rekening gehouden met de gevolgen voor de waterhuishouding (waterkwaliteit en -kwantiteit).
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
33
Artikel 11
Groen - Landschapselement
11.1 Bestemmingsomschrijving 11.1.1 Bestemming De voor 'Groen - Landschapselement' ' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.
het behoud, het herstel en de ontwikkeling van landschappelijke waardevolle landschapselementen; extensief recreatief medegebruik; water en voorzieningen voor de waterhuishouding; bijbehorende wegen, paden en verhardingen; andere tot de bestemming behorende voorzieningen.
natuurlijke en/of
cultuurhistorische en/of
11.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden opgericht ten dienste van de in lid 11.1.1 genoemde bestemmingen.
11.2 Bouwregels Bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met een maximale bouwhoogte van 2 meter.
11.3 Specifieke gebruiksregels Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden voor het opslaan, storten of bergen van materialen en producten, behoudens zover zulks noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte gebruik van de grond.
11.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 11.4.1 Omgevingsvergunningsvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d. e. f. g.
het vellen van houtgewas wat niet overeenkomt met de duurzame ontwikkeling of instandhouding van de bij de bestemming behorende landschappelijke, natuurlijke of cultuurhistorische waarden; het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding of ophoging; het verrichten van grondroeractiviteiten, bijvoorbeeld het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage; het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; het plaatsen van onroerende objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; het aanbrengen van voorzieningen van geringe omvang ten behoeve van extensieve recreatie; het aanbrengen van halfverhardingen.
11.4.2 Uitzonderingsregel Het in lid 11.4.1 vervatte verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a.
c. d.
behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming, als afzetten, knotten, dunnen, waarbij de in 11.1.1 sub a genoemde waarden duurzaam worden veiliggesteld; noodzakelijk zijn in verband met het op de bestemming gerichte beheer of gebruik van de grond, waaronder de realisatie van landschapselementen; reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.