08b Bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Tekst van het document
34
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
b.
11.4.3 Voorwaarden Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 11.4.1 wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend, nadat: a. b.
is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de bestemming; een deskundigenrapport is overgelegd omtrent de vraag of door de voorgenomen werken en/of werkzaamheden de belangen in verband met de bestemming niet onevenredig worden geschaad en welke voorwaarden dienen te worden gesteld ter voorkoming van eventuele schade.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
35
Artikel 12
Horeca
12.1 Bestemmingsomschrijving 12.1.1 Bestemming De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f.
de uitoefening van horeca-activiteiten voor zover die voorkomen in categorie 1 en 2 van de bij deze regels opgenomen 'Staat van Horeca-activiteiten'; ter plaatse van de aanduiding 'wonen' tevens voor het wonen op de verdieping ten behoeve van de huisvesting van één huishouden; ter plaatse van de aanduiding 'kamerverhuur' tevens voor kamerverhuur op de verdieping; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van horeca – zalenverhuur' is zalenverhuur toegestaan, overeenkomstig categorie 3c in de staat van horeca-activiteiten; ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning': tevens wonen in één bedrijfswoning ten behoeve van de huisvesting van één huishouden; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
12.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 12.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
12.2 Bouwregels 12.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
c. d. e.
hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º. ter plaatse van de aanduiding 'wonen' is maximaal één bovenwoning toegestaan. Bewoning vindt plaats boven de eerste bouwlaag.
12.2.2 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
aan- en uitbouwen en bijgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6,00 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º.
12.2.3 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
36
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt 2,50 meter.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
12.3 Afwijken van de bouwregels 12.3.1 Afwijkingen Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 12.2.1, sub b voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 12.2.1, sub c, mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
12.4 Specifieke gebruiksregels Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend het uitoefenen van detailhandel, anders dan als ondergeschikte activiteit bij ter plaatse uitgeoefende horeca-activiteiten.
12.5 Afwijken van de gebruiksregels 12.5.1 Afwijking Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
lid 12.1.1 voor de uitoefening van een horeca-activiteit die niet in de bij deze regels behorende 'Staat van Horeca-activiteiten' is genoemd, mits deze activiteit naar haar aard en invloed op de omgeving kan worden gelijkgesteld met een krachtens lid 12.1.1 ter plaatse toegelaten categorie horeca-activiteiten.
12.6 Wijzigingsbevoegdheid 12.6.1 Wijziging in Wonen met Tuin Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming te wijzigen in 'Wonen' met 'Tuin' met dien verstande dat: a. b. c.
de regels behorende bij de bestemming 'Wonen' en 'Tuin' van overeenkomstige toepassing zijn; de te realiseren woning(en) passen binnen het geldende gemeentelijke woningbouwprogramma; er aantoonbaar geen milieuhygiënische of overige belemmeringen zijn.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
37
Artikel 13
Maatschappelijk
13.1 Bestemmingsomschrijving 13.1.1 Bestemming De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.
educatieve, sociaal-medische, sociaal-culturele, levensbeschouwelijke voorzieningen, voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening alsook ondergeschikte detailhandel ten dienste van deze voorzieningen; ter plaatse van de aanduiding 'begraafplaats': uitsluitend een begraafplaats; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - mortuarium': tevens een mortuarium; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - medisch centrum': uitsluitend een medisch centrum; ter plaatse van de aanduiding 'onderwijs': uitsluitend een onderwijsvoorziening en/of brede school; ter plaatse van de aanduiding 'peuterspeelzaal': tevens een peuterspeelzaal; ter plaatse van de aanduiding 'verenigingsleven': tevens een vereniging; ter plaatse van de aanduiding 'gezondheidszorg': een zorginstelling; ter plaatse van de aanduiding 'verzorgingshuis': uitsluitend een verzorgingshuis; ter plaatse van de aanduiding 'zorginstelling': tevens een zorginstelling; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - hospice': een hospice; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
13.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 13.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht; a. b.
hoofdgebouwen; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
13.2 Bouwregels 13.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
c. d. e. f.
hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; de gebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; de bouwhoogte bedraagt maximaal de op de verbeelding ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' geldt het ter plaatse opgenomen bebouwingspercentage als maximum.
13.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
38
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt maximaal 2,50 meter.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
13.3 Afwijking van de bouwregels 13.3.1 Afwijkingen Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 13.2.1, sub b voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 13.2.1, sub c mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
13.4 Specifieke gebruiksregels Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend het uitoefenen van detailhandel, anders dan als ondergeschikte activiteit bij ter plaatse uitgeoefende bedrijfsactiviteiten.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
39
Artikel 14
Sport
14.1 Bestemmingsomschrijving 14.1.1 Bestemming De voor 'Sport' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.
sportvoorzieningen; ter plaatse van de aanduiding 'sportveld': een sportveld, inclusief kleedgebouwen en een kantine; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van sport - fitness': uitsluitend een fitness-studio; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
14.1.2 Toelaatbare bestemming Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 14.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b.
hoofdgebouwen; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
14.2 Bouwregels 14.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
de gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan de ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; in afwijking van het bepaalde in lid 14.2.1, sub a mag ter plaatse van de aanduiding 'sportveld' buiten het bouwvlak worden gebouwd mits: 1. het aangegeven bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' niet wordt overschreden; 2. elk gebouw een maximaal bebouwd oppervlak heeft van 200 m 2; 3. de goothoogte maximaal 3 meter bedraagt.
14.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
de bouwhoogte binnen een bouwvlak bedraagt maximaal 4,00 meter; de bouwhoogte buiten een bouwvlak bedraagt maximaal 2,50 meter; de bouwhoogte van vlaggen- en lichtmasten en ballenvangers bedraagt maximaal 15 meter.
14.3 Specifieke gebruiksregels Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend het uitoefenen van detailhandel, anders dan als ondergeschikte activiteit bij ter plaatse uitgeoefende bedrijfsactiviteiten.
40
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Artikel 15
Tuin
15.1 Bestemmingsomschrijving 15.1.1 Bestemming De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.
tuinen, erven en verhardingen; parkeervoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; andere tot de bestemming behorende voorzieningen.
15.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 15.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b.
bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
15.2 Bouwregels 15.2.1 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.
er mogen erkers, balkons of luifels ten behoeve van aangrenzende hoofdgebouwen worden gebouwd, mits: 1. de horizontale diepte van de uitbreiding niet meer bedraagt dan 1,50 meter; 2. de afstand tot de bestemmingsgrens niet minder bedraagt dan 2,00 meter; 3. 4.
de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3,00 meter; de oppervlakte van de erker niet meer bedraagt dan 6,00 m 2.
15.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, volgende regels: a.
mogen worden opgericht met inachtneming van de
de bouwhoogte bedraagt: 1. pergola's/tuinmeubilair maximaal 2,50 meter; 2. speeltoestellen maximaal 2,50 meter; 3. lichtmasten maximaal 2,50 meter; 4. vlaggenmasten, één per erf maximaal 6,00 meter; 5. erf- en terreinafscheidingen maximaal 1,00 meter; 6. overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, maximaal 3,00 meter.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
41
Artikel 16
Verkeer
16.1 Bestemmingsomschrijving 16.1.1 Bestemming De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
b. c. d. e. f. g. h. i. j. k.
straten, voet- en fietspaden, rabatten, parkeerterreinen, speelvoorzieningen, straatmeubilair, afvalverzamelvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, groenvoorzieningen, terrassen, waterhuishoudkundige voorzieningen, taluds, oevers, bruggen en nutsvoorzieningen; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - geluidswerende voorziening' uitsluitend een geluidwerende voorziening; ter plaatse van de aanduiding 'water': mede een singelloop; ter plaatse van de aanduiding 'evenemententerrein': tevens voor het houden van evenementen; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - standplaats'; tevens het gebruik als standplaats; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - standplaats weekmarkt': tevens het gebruik als standplaats voor een weekmarkt; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - inrit', voor een inrit ten behoeve van de bereikbaarheid van de aangrenzende laad- en losplaats; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - reclamezuil', mede voor een reclamezuil'; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van centrum - geluidscherm', mede voor een geluidwerende voorziening in de vorm van een geluidscherm; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - geluidscherm': tevens geluidswerende voorzieningen; overige tot de bestemming behorende voorzieningen.
16.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 16.1.1 genoemde bestemming worden opgericht: a. b.
gebouwen; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
16.2 Bouwregels 16.2.1 Gebouwen Gebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
de oppervlakte bedraagt maximaal 15 m²; de bouwhoogte bedraagt maximaal 3,00 meter.
16.2.2 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, volgende regels: a.
b. c.
42
mogen worden opgericht met inachtneming van de
de bouwhoogte bedraagt: 1. antennes maximaal 5,00 meter; 2. openbare nutsvoorzieningen maximaal 3,00 meter; 3. speeltoestellen maximaal 4,00 meter; 4. masten maximaal 8,00 meter; 5. overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, maximaal 2,00 meter. in afwijking van sub a bedraagt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding reclamezuil' de bouwhoogte van een reclamezuil maximaal 5,5 meter; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - geluidscherm' gelden de volgende regels: 1. een geluidswerende voorziening wordt op 3,5 m van de buitenste rand van de rijstrook gerealiseerd en in stand gehouden;
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
2.
de bouwhoogte van een geluidwerende voorziening bedraagt ten minste 3 m.
16.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 16.1 voor het oprichten van Jeugd Ontmoetingsplaatsen (JOP's) ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - ontmoetingsplaats', mits: a. b. c.
de afstand tot woningen minimaal 25 meter bedraagt; het oppervlak van het te plaatsen onderkomen maximaal 25 m 2 bedraagt; de hoogte van het te plaatsen onderkomen maximaal 3,00 meter bedraagt.
16.4 Specifieke gebruiksregel 16.4.1 Geluidwerende voorziening Voor het oprichten van een geluidwerende voorziening ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - geluidwerende voorziening' gelden de volgende regels: a.
b.
c.
de oprichting van een geluidwerende voorziening van een gesloten constructie ten behoeve van het weren van stemgeluid, waarbij de minimale bouwhoogte niet mag afwijken van het bepaalde op de verbeelding met de aanduiding 'minimum bouwhoogte (m)'; de geluidwerende voorziening als bedoeld in lid 16.4.1 sub a, onder 1, dient voor ingebruikname van de gronden ter plaatse van de naastgelegen bestemming 'Wonen' te zijn opgericht en dient vervolgens aldus in stand te worden gehouden; de geluidwerende voorziening als bedoeld in 16.4.1 sub a dient kierdicht te worden uitgevoerd en een minimale massa van 10 kg/m2 te bezitten en dient voor ingebruikname van de naastgelegen gronden met de bestemming 'Wonen' opgericht te zijn en dient vervolgens aldus in stand te worden gehouden.
16.4.2 Verlengde Vosdonkseweg Het is niet toegestaan de Verlengde Vosdonkseweg in gebruik te nemen voor autoverkeer indien ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - geluidscherm' geen geluidswerende voorziening is gerealiseerd en in stand wordt gehouden die de geluidsbelasting ten gevolge van de weg op de gevel van de volgende woningen beperkt tot ten hoogste: a. b. c. d. e. f.
Spechtendonk 30 tot en met 40: maximaal 48 dB; Ravendonk 21 tot en met 27A: maximaal 48 dB; Mezendonk 18 tot en met 24: maximaal 48 dB; Fazantendonk 2 tot en met 22: maximaal 48 dB; Kerkeheidstraat 55 tot en met 57: maximaal 48 dB; Koekoekstraat 97: maximaal 48 dB.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
43
Artikel 17
Water
17.1 Bestemmingsomschrijving 17.1.1 Bestemming De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor; a. b. c. d. e. f. g.
water ten behoeve van de waterhuishouding; waterberging; waterlopen en waterwegen; retentievijvers; bergbezinkbassins; extensieve recreatie; overige tot de bestemming behorende voorzieningen.
17.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 17.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a.
andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
17.2 Bouwregels 17.2.1 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.
de bouwhoogte, anders dan voor de waterwegaanduiding, geleiding of tofheffing bedraagt: 1. 2.
44
bruggen en viaducten 8,00 meter overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde 4,00 meter.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Artikel 18
Wonen
18.1 Bestemmingsomschrijving 18.1.1 Bestemming De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
c. d. e.
wonen, met per woning de huisvesting van één huishouden; ter plaatse van de aanduiding 'garage': uitsluitend garages als huishoudelijke berg- en werkruimte, voor de berging van niet voor handel en distributie bestemde goederen, en als stalling van voertuigen; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - reisbureau' is op de begane grond tevens een reisbureau toegestaan; ter plaatse van de aanduiding 'praktijkruimte': tevens een aan huis verbonden beroep; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
18.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 18.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
18.2 Bouwregels 18.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; het bestaande aantal woningen mag niet worden vermeerderd; in afwijking van het bepaalde in sub b mag ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' ten hoogste het aangegeven aantal woningen worden gebouwd; d. ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' mogen uitsluitend aaneengebouwde hoofdgebouwen, van ten minste twee-aaneen, worden opgericht; e. ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' mogen uitsluitend gestapelde hoofdgebouwen worden opgericht; f. ter plaatse van de aanduiding 'twee-aaneen' mogen uitsluitend twee-aaneen gebouwde hoofdgebouwen worden opgericht; g. ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand' mogen uitsluitend vrijstaande hoofdgebouwen worden opgericht; h. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 'chalet' mogen uitsluitend vrijstaande hoofdgebouwen worden opgericht; i. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - patio' mogen uitsluitend patiowoningen worden opgericht; j. de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; k.
de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; l. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; m. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding patio' bedraagt het bebouwingspercentage voor het perceel ten hoogste 80%; n. de breedte van een hoofdgebouw, een aangebouwd bijgebouw, aan- en uitbouw niet meegerekend, bedraagt ter plaatse van de aanduiding:
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
45
o. p.
1. aaneengebouwd: minimaal 5,40 meter; 2. gestapeld: maximaal 20,00 meter; 3. twee-aaneen: minimaal 5,40 meter; 4. vrijstaand: minimaal 6,00 en maximaal 20,00 meter; 5. specifieke bouwaanduiding - chalet: minimaal 6,00 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; de afstand van een hoofdgebouw, een aangebouwd bijbehorend bouwwerk niet meegerekend, tot de zijdelingse perceelsgrens, bedraagt ter plaatse van de aanduiding: 1. aaneengebouwd: niet nader bepaald; 2. gestapeld: niet nader bepaald; 3. twee-aaneen: minimaal 2,00 meter aan één zijde; 4. vrijstaand: minimaal 2,00 meter. 5. specifieke bouwaanduiding - chalet: niet nader bepaald.
18.2.2 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen in het achtererfgebied worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b.
c.
d. e.
f. g.
h.
i. j. k.
46
ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen uitgesloten' zijn geen bijbehorende bouwwerken toegestaan; de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken buiten het bouwvlak bedraagt, overkappingen meegerekend, per bouwperceel maximaal 100 m 2, met dien verstande dat de bebouwde oppervlakte van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken maximaal 50% van het oppervlak van het bouwperceel bedraagt; in afwijking van het bepaalde in lid 18.2.2 sub c is maximaal 20 m 2 toegestaan voor een gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - chalet'; bijbehorende bouwwerken mogen tevens binnen het bouwvlak van de hoofdgebouwen worden gebouwd, waarbij het bouwvlak volledig mag worden bebouwd; in afwijking van het bepaalde in lid 18.2.2 sub d mogen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - patio' bijbehorende bouwwerken binnen het bouwvlak worden gebouwd, waarbij het bebouwingspercentage van het bouwperceel ten hoogste 80% bedraagt; uitsluitend bij vrijstaande hoofdgebouwen mogen slechts aan één en dezelfde zijgevel bijbehorende bouwwerken worden opgericht; de breedte van een met de zijgevel van een hoofdgebouw verbonden bijbehorend bouwwerk bedraagt op gronden met de aanduiding: 1. aaneengebouwd: maximaal 4,00 meter; 2. gestapeld: maximaal 4,00 meter; 3. twee-aaneen: maximaal 4,00 meter; 4.
vrijstaand: maximaal 6,00 meter; 5. specifieke bouwaanduiding - chalet: maximaal 4,00 meter. de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,50 respectievelijk 6,00 meter, met dien verstande dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - chalet' een maximum goothoogte geldt van 4,50 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; de bijbehorende bouwwerken dienen minimaal 1,00 meter achter (het verlengde van) de gevellijn te worden opgericht; de diepte van een woning en een aangebouwd bijbehorend bouwwerk bedraagt, te meten vanaf (het verlengde van de) gevellijn, maximaal 15 meter. In afwijking hiervan is de diepte van een woning en een aangebouwd bijbehorend bouwwerk niet gemaximaliseerd, indien: 1. het bijbehorend bouwwerk wordt geplaatst tegen een bestaand vrijstaand bijbehorend bouwwerk, waardoor de bijbehorende bouwwerken worden verbonden met de achtergevel dan wel zijgevel van het hoofdgebouw; 2. het bijbehorend bouwwerk past in de stedenbouwkundige opzet van het gebied; 3. door de bouw van het bijbehorend bouwwerk geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Dit betekent onder andere dat de bezonning en het uitzicht van de
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
l.
naastliggende percelen niet onevenredig mogen worden geschaad; 4. het maximale bebouwde oppervlak niet wordt overschreden; in afwijking van het voorgaande mag ter plaatse van de aanduiding 'garage' het bouwvlak volledig worden bebouwd met een bouwhoogte van maximaal 3,00 meter en een maximaal oppervlak van 30 m² per garage.
18.2.3 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen in het achtererfgebied worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.
de bouwhoogte bedraagt: 1. pergola's/tuinmeubilair maximaal 2,50 meter; 2. speeltoestellen maximaal 2,50 meter; 3. lichtmasten maximaal 2,50 meter; 4. vlaggenmasten, één per erf maximaal 6,00 meter; 5. erf- en terreinafscheidingen maximaal 2,00 meter; 6. overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, maximaal 3,00 meter.
18.3 Afwijken van de bouwregels 18.3.1 Afwijkingen Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
lid 18.2.1, sub j, voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord;
b. c.
lid 18.2.1, sub k en l, mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden; lid 18.2.1, sub p, voor een kleinere afstand.
18.3.2 Woningtypologie Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 18.2.1 sub d, e, f en g teneinde medewerking te verlenen aan de uitwisseling van de genoemde woningtypologieën. Hierbij dient aan het volgende te worden voldaan: a. b. c. d.
er geen sprake is van woningvermeerdering; de woningtypologie passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de in de omgeving aanwezige architectonische, cultuurhistorische en/of archeologische waarden.
18.4 Specifieke gebruiksregels 18.4.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. b.
c. d.
het gebruik van ruimten binnen de woning en/of bijbehorende bouwwerken bij de woning voor beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis dan wel voor een bed and breakfast; het gebruik van gronden voor andere vormen van wonen dat de huisvesting van één afzonderlijk huishouden per woning, zoals bedrijfsmatige kamerverhuur of de huisvesting van (groepen) personen die geen huishouden vormen; het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning; het gebruik van gronden en gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen 1' voor het wonen zonder dat de geluidswerende voorziening zoals opgenomen in artikel 16.4.1 opgericht en aldus in stand gehouden.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
47
18.5 Afwijken van de gebruiksregels 18.5.1 Beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 18.4.1 sub a voor de uitoefening van beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis in het hoofdgebouw en/of in bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.
het gebruik een kleinschalig karakter heeft en behoudt; door de uitoefening van de activiteit(en) het uiterlijk van de woning niet zodanig wijzigt dat de woning het karakter van een woning geheel of gedeeltelijk verliest; de vloeroppervlakte van de activiteit(en) in de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 50 m² bedraagt; de activiteit(en) niet vergunnings- of meldingsplichtig is (zijn) op grond van milieuwetgeving; degene die de activiteit(en) in de woning en/of bijbehorende bouwwerken uitvoert tevens gebruiker van de woning is; de activiteit(en) niet leid(en) tot een onevenredige verkeersaantrekkende werking en/of verkeersonveilige situaties dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte; de uitoefening van detailhandel niet is toegestaan, uitgezonderd als ondergeschikte nevenactiviteit gerelateerd aan de desbetreffende activiteit(en); er geen buitenopslag plaatsvindt; het gebruik niet leidt tot afbreuk en/of belemmering van gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of bebouwing; de uitoefening van seksinrichtingen niet zijn toegestaan; de uitoefening van horeca-activiteiten niet zijn toegestaan; in afwijking van 18.5.1 sub k is een bed and breakfast accommodatie toegestaan, met dien verstande dat: 1. het aantal personen dat tegelijkertijd van een bed and breakfast accommodatie gebruik kan maken maximaal 10 bedraagt; 2. 3.
4. 5.
6.
de vloeroppervlakte van de bed and breakfast bedraagt maximaal 40% van het totale woonoppervlak; er maximaal 4 bed and breakfast kamers gerealiseerd mogen worden. Hiervan mogen maximaal 2 bed and breakfast kamers in een bestaand bijbehorend bouwwerk gerealiseerd worden voor in totaal maximaal 4 personen; de bed and breakfast niet mag worden gevestigd in of bij een mantelzorgwoning; in een voormalige mantelzorgwoning kan een bed and breakfast gerealiseerd worden wanneer deze is opgericht in een bestaand bijbehorend bouwwerk en de keukenvoorziening verwijderd is waarbij een pantry wel toegestaan is; de bed and breakfast accommodatie niet mag worden gebruikt voor de huisvesting van seizoensarbeiders of andere vormen van huisvesting.
18.6 Wijzigingsbevoegdheid 18.6.1 Wetgevingsgebied wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de regels in het plan te wijzigen ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingzone - wijzigingsgebied' ten behoeve van de realisatie van één nieuwe vrijstaande woning, met dien verstande dat: a. b. c. d.
48
de maximale goothoogte van het hoofdgebouw 6,00 meter bedraagt; een passend bouwvlak wordt opgenomen ten behoeve van het hoofdgebouw; er aantoonbaar geen milieuhygiënische of overige belemmeringen zijn; de regels behorende bij de bestemming 'Wonen' en 'Tuin' van overeenkomstige toepassing zijn.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Artikel 19
Wonen - 1
19.1 Bestemmingsomschrijving 19.1.1 Bestemming a. b.
wonen, met per woning de huisvesting van één huishouden; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
19.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 19.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
19.2 Bouwregels 19.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d.
e. f. g.
hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht; het bestaande aantal woningen mag niet worden vermeerderd; hoofdgebouwen mogen uitsluitend vrijstaand worden opgericht met een maximaal bebouwd oppervlak van 250 m² per hoofdgebouw; de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in of maximaal 3,00 meter achter de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin of maximaal 3,00 meter daarachter te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; de afstand van een hoofdgebouw, een aangebouwd bijbehorend bouwwerk niet meegerekend, tot de zijdelingse perceelsgrens, bedraagt minimaal 5,00 meter.
19.2.2 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen in het achtererfgebied worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d.
slechts aan één en dezelfde zijgevel van een hoofdgebouw mogen bijbehorende bouwwerken worden opgericht; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6,00 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; de bijbehorende bouwwerken dienen minimaal 1,00 meter achter (het verlengde van) de gevellijn te worden opgericht.
19.2.3 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen in het achtererfgebied worden opgericht, waarbij de maximale bouwhoogte 2,00 meter bedraagt.
19.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
lid 19.2.1, sub d, voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld;
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
49
2. b. c.
de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 19.2.1, sub e, mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden; lid 19.2.1, sub g, voor een kleinere afstand.
19.4 Specifieke gebruiksregels 19.4.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. b. c.
aan huis verbonden beroepen en bedrijven; het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning of als afhankelijke woonruimte; het gebruik van gronden voor andere vormen van wonen dan de huisvesting van één afzonderlijk huishouden per woning, zoals bedrijfsmatige kamerverhuur of de huisvesting van (groepen) personen die geen huishouden vormen.
19.5 Afwijken van de gebruiksregels 19.5.1 Beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 19.4.1 sub a voor de uitoefening van beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis in het hoofdgebouw en/of in bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.
50
het gebruik een kleinschalig karakter heeft en behoudt; door de uitoefening van de activiteit(en) het uiterlijk van de woning niet zodanig wijzigt dat de woning het karakter van een woning geheel of gedeeltelijk verliest; de vloeroppervlakte van de activiteit(en) in de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 50 m² bedraagt; de activiteit(en) niet vergunnings- of meldingsplichtig is (zijn) op grond van milieuwetgeving; degene die de activiteit(en) in de woning en/of bijbehorende bouwwerken uitvoert tevens gebruiker van de woning is; de activiteit(en) niet leid(en) tot een onevenredige verkeersaantrekkende werking en/of verkeersonveilige situaties dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte; de uitoefening van detailhandel niet is toegestaan, uitgezonderd als ondergeschikte nevenactiviteit gerelateerd aan de desbetreffende activiteit(en); er geen buitenopslag plaatsvindt; het gebruik niet leidt tot afbreuk en/of belemmering van gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of bebouwing; de uitoefening van seksinrichtingen niet zijn toegestaan; de uitoefening van horeca-activiteiten niet zijn toegestaan; in afwijking van 19.5.1 sub k is een bed and breakfast accommodatie toegestaan, met dien verstande dat: 1. het aantal personen dat tegelijkertijd van een bed and breakfast accommodatie gebruik kan maken maximaal 10 bedraagt; 2.
de vloeroppervlakte van de bed and breakfast bedraagt maximaal 40% van het totale woonoppervlak; 3. er maximaal 4 bed and breakfast kamers gerealiseerd mogen worden. Hiervan mogen maximaal 2 bed and breakfast kamers in een bestaand bijbehorend bouwwerk gerealiseerd worden voor in totaal maximaal 4 personen; 4. de bed and breakfast niet mag worden gevestigd in of bij een mantelzorgwoning; 5. in een voormalige mantelzorgwoning kan een bed and breakfast gerealiseerd worden wanneer deze is opgericht in een bestaand bijbehorend bouwwerk en de keukenvoorziening verwijderd is waarbij een pantry wel toegestaan is; 6. de bed and breakfast accommodatie niet mag worden gebruikt voor de huisvesting van seizoensarbeiders of andere vormen van huisvesting.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Artikel 20
Wonen - 2
20.1 Bestemmingsomschrijving 20.1.1 Bestemming De voor 'Wonen - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
wonen, met per woning de huisvesting van één huishouden; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
20.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen uitsluitend ten dienste van de in lid 20.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
20.2 Bouwregels 20.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b.
hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht, met in achtneming van het ter plaatse aangegeven bebouwingspercentage; een hoofdgebouw mag een maximale inhoud van 450 m 3 hebben;
c.
ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' mag ten hoogste het aangegeven aantal woningen worden gebouwd; d. ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' mogen uitsluitend aaneengebouwde hoofdgebouwen, van ten minste twee-aaneen, worden opgericht; e. ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' mogen uitsluitend gestapelde hoofdgebouwen worden opgericht; f. ter plaatse van de aanduiding 'twee-aaneen' mogen maximaal twee-aaneen gebouwde hoofdgebouwen worden opgericht; g. ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand' mogen uitsluitend vrijstaande hoofdgebouwen worden opgericht; h. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 'chalet' mogen uitsluitend vrijstaande hoofdgebouwen worden opgericht; i. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - vier-aan-een' mogen maximaal vier aaneengesloten hoofdgebouwen worden opgericht; j. de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn is opgenomen. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd; k. de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven maat; l.
ter plaats van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - chalet' bedraagt de afstand tussen de zijgevels van de hoofdbebouwing 5 meter; m. de afstand van een hoofdgebouw, een aangebouwd bijbehorend bouwwerk niet meegerekend, tot de zijdelingse perceelsgrens, bedraagt ter plaatse van de aanduiding: 1. vrijstaand: minimaal 2,50 meter; 2. twee-aan-een, drie-aan-een of vier-aan-een en tevens eindwoning van het blok: 2,50 meter aan de zijde waar het hoofdgebouw niet aan het hoofdgebouw op het naastgelegen perceel is gebouwd; n. de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken minimaal 30º en maximaal 65º.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
51
20.3 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d.
e. f.
g.
h. i. j.
bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan ter plaatse van het bouwvlak en ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' de bebouwde oppervlakte van het bouwperceel bedraagt maximaal 50%; de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken bedraagt maximaal 60 m 2; in afwijking van het bepaalde in lid 20.3 sub c is maximaal 20 m 2 toegestaan voor een gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - chalet'; uitsluitend bij vrijstaande hoofdgebouwen mogen slechts aan één en dezelfde zijgevel bijbehorende bouwwerken worden opgericht; de breedte van een met de zijgevel van een hoofdgebouw verbonden bijbehorend bouwwerk bedraagt op gronden met de aanduiding: 1. aaneengebouwd: maximaal 4,00 meter; 2. gestapeld: maximaal 4,00 meter; 3. twee-aaneen: maximaal 4,00 meter; 4. specifieke bouwaanduiding - vieraan: maximaal 4.00 meter; 5. vrijstaand: maximaal 6,00 meter; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6,00 meter, met dien verstande dat: 1.
ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - chalet' een maximum goothoogte geldt van 4,50 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken minimaal 30º en maximaal 65º; de bijbehorende bouwwerken dienen minimaal 1,00 meter achter (het verlengde van) de gevellijn te worden opgericht; de diepte van een woning en een aangebouwd bijbehorend bouwwerk bedraagt, te meten vanaf (het verlengde van de) gevellijn, maximaal 15 meter. In afwijking hiervan is de diepte van een woning en een aangebouwd bijbehorend bouwwerk niet gemaximaliseerd, indien: 1. het bijbehorend bouwwerk wordt geplaatst tegen een bestaand vrijstaand bijbehorend bouwwerk, waardoor de bijbehorende bouwwerken worden verbonden met de achtergevel dan wel zijgevel van het hoofdgebouw; 2. het bijbehorend bouwwerk past in de stedenbouwkundige opzet van het gebied; 3. door de bouw van het bijbehorend bouwwerk geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Dit betekent onder andere dat de bezonning en het uitzicht van de naastliggende percelen niet onevenredig mogen worden geschaad; 4. het maximale bebouwde oppervlak niet wordt overschreden.
20.3.1 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen binnen het bouwvlak en ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' worden opgericht; de bouwhoogte achter (het verlengde van) de gevellijn bedraagt maximaal 2 meter; de bouwhoogte voor (het verlengde van) de gevellijn bedraagt voor licht- en vlaggenmasten maximaal 2,5 meter en voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde maximaal 1 meter.
20.4 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 20.2.1 sub j voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 20.2.1 sub m voor een kleinere afstand.
52
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
20.5 Specieke gebruiksregels 20.5.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. b. c.
aan huis verbonden beroepen en bedrijven; aan huis verbonden beroepen in bijbehorende bouwwerken; het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning of als afhankelijke woonruimte.
20.6 Afwijken van de gebruiksregels 20.6.1 Uitoefenening van een aan huis verbonden bedrijf Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 20.6.1 sub a voor de uitoefening van beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis in het hoofdgebouw en/of in bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.
het gebruik een kleinschalig karakter heeft en behoudt; door de uitoefening van de activiteit(en) het uiterlijk van de woning niet zodanig wijzigt dat de woning het karakter van een woning geheel of gedeeltelijk verliest; de vloeroppervlakte van de activiteit(en) in de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 50 m² bedraagt; de activiteit(en) niet vergunnings- of meldingsplichtig is (zijn) op grond van milieuwetgeving; degene die de activiteit(en) in de woning en/of bijbehorende bouwwerken uitvoert tevens gebruiker van de woning is; de activiteit(en) niet leid(en) tot een onevenredige verkeersaantrekkende werking en/of verkeersonveilige situaties dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte; de uitoefening van detailhandel niet is toegestaan, uitgezonderd als ondergeschikte nevenactiviteit gerelateerd aan de desbetreffende activiteit(en); er geen buitenopslag plaatsvindt; het gebruik niet leidt tot afbreuk en/of belemmering van gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of bebouwing; de uitoefening van seksinrichtingen niet zijn toegestaan; de uitoefening van horeca-activiteiten niet zijn toegestaan; in afwijking van 20.6.1 sub k is een bed and breakfast accommodatie toegestaan, met dien verstande dat: 1. het aantal personen dat tegelijkertijd van een bed and breakfast accommodatie gebruik kan maken maximaal 10 bedraagt; 2.
de vloeroppervlakte van de bed and breakfast bedraagt maximaal 40% van het totale woonoppervlak; 3. er maximaal 4 bed and breakfast kamers gerealiseerd mogen worden. Hiervan mogen maximaal 2 bed and breakfast kamers in een bestaand bijbehorend bouwwerk gerealiseerd worden voor in totaal maximaal 4 personen; 4. de bed and breakfast niet mag worden gevestigd in of bij een mantelzorgwoning; 5. in een voormalige mantelzorgwoning kan een bed and breakfast gerealiseerd worden wanneer deze is opgericht in een bestaand bijbehorend bouwwerk en de keukenvoorziening verwijderd is waarbij een pantry wel toegestaan is; 6. de bed and breakfast accommodatie niet mag worden gebruikt voor de huisvesting van seizoensarbeiders of andere vormen van huisvesting.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
53
Artikel 21
Wonen - 3
21.1 Bestemmingsomschrijving 21.1.1 Bestemming De voor 'Wonen - 3' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.
het wonen in grondgebonden woningen; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming; ter plaatse van de aanduiding 'landschapswaarden', mede voor de instandhouding en ontwikkeling van de aanwezige landschappelijke waarden.
21.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 21.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
21.2 Bouwregels 21.2.1 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.
hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht;
b. c.
per bouwvlak is het toegestaan om één hoofdgebouw op te richten; hoofdgebouwen worden uitsluitend vrijstaand opgericht met een maximaal bebouwd oppervlak van 250 m² per hoofdgebouw; hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in of maximaal 3,00 meter achter de op de verbeelding aangegeven (verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn op de verbeelding is aangegeven. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin of maximaal 3,00 meter daarachter te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal de op de verbeelding aangegeven maat; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º.
d.
e. f.
21.2.2 Bijbehorende bouwwerken Bijbehorende bouwwerken mogen in het achtererfgebied en ter plaatse van de aanduiding ‘bijgebouwen’ worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e. f.
de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken bedraagt, overkappingen meegerekend, per bouwperceel maximaal 100 m²; slechts aan één en dezelfde zijgevel van een hoofdgebouw mogen bijbehorende bouwwerken worden opgericht; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6,00 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken maximaal 65º; de bijbehorende bouwwerken dienen minimaal 1,00 meter achter (het verlengde van) de gevellijn te worden opgericht; ter plaatse van de aanduiding ‘bijgebouwen’ mogen geen geurgevoelige objecten als bedoeld in artikel 1 van de Wet geurhinder en veehouderij worden gerealiseerd.
21.2.3 Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde a. b.
54
andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen in het achtererfgebied worden opgericht, waarbij de maximale bouwhoogte 2,00 meter bedraagt; ter plaatse van de aanduiding 'landschapswaarden' mogen uitsluitend andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd in de vorm van omheiningen en/of erfafscheidingen, uitsluitend
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
in de vorm van draadomheiningen en/of draaderfafscheidingen, met dien verstande dat de hoogte ten hoogste 2 meter mag bedragen.
21.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 21.2.1, sub d, voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 21.2.1, sub e, mits deze maat met maximaal 1,00 meter zal worden overschreden.
21.4 Specifieke gebruiksregels 21.4.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. b.
aan huis verbonden beroepen of bedrijven; het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woning of als afhankelijke woonruimte.
21.4.2 Landschappelijke inpassing ontwikkeling Hazelaarstraat a.
b.
c.
tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen, conform het in Bijlage 3 opgenomen 'Plan landschappelijke inpassing' van 17 augustus 2017, nr. 141903.01, zoals is ontworpen voor het bestemmingsplan "Buitengebied Rucphen 2012, Hazelaarstraat - Lijsterbesstraat te St. Willebrord", vastgesteld op 24 oktober 2018; in afwijking van het bepaalde onder a. mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de in artikel 21.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt onder de voorwaarde dat binnen 24 maanden na het verlenen van de omgevingsvergunning ten behoeve van de bouw van een woning op een perceel uitvoering is gegeven aan de bedoelde aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 3 opgenomen landschappelijke inpassingsplan, ten behoeve van een goede landschappelijke inpassing; het bevoegd gezag kan de in lid b genoemde voorwaarde opnemen in een omgevingsvergunning.
21.5 Afwijken van de gebruiksregels 21.5.1 Uitoefening van een aan huis verbonden bedrijf en een aan huis verbonden beroep in bijbehorende bouwwerken Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 21.4.1 sub a voor de uitoefening van beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis in het hoofdgebouw en/of in bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. b. c. d. e. f. g.
het gebruik een kleinschalig karakter heeft en behoudt; door de uitoefening van de activiteit(en) het uiterlijk van de woning niet zodanig wijzigt dat de woning het karakter van een woning geheel of gedeeltelijk verliest; de vloeroppervlakte van de activiteit(en) in de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 50 m² bedraagt; de activiteit(en) niet vergunnings- of meldingsplichtig is (zijn) op grond van milieuwetgeving; degene die de activiteit(en) in de woning en/of bijbehorende bouwwerken uitvoert tevens gebruiker van de woning is; de activiteit(en) niet leid(en) tot een onevenredige verkeersaantrekkende werking en/of verkeersonveilige situaties dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte; de uitoefening van detailhandel niet is toegestaan, uitgezonderd als ondergeschikte nevenactiviteit gerelateerd aan de desbetreffende activiteit(en);
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
55
h. i. j. k. l.
56
er geen buitenopslag plaatsvindt; het gebruik niet leidt tot afbreuk en/of belemmering van gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of bebouwing; de uitoefening van seksinrichtingen niet zijn toegestaan; de uitoefening van horeca-activiteiten niet zijn toegestaan; in afwijking van 21.5.1 sub k is een bed and breakfast accommodatie toegestaan, met dien verstande dat: 1. het aantal personen dat tegelijkertijd van een bed and breakfast accommodatie gebruik kan maken maximaal 10 bedraagt; 2. de vloeroppervlakte van de bed and breakfast bedraagt maximaal 40% van het totale woonoppervlak; 3. er maximaal 4 bed and breakfast kamers gerealiseerd mogen worden. Hiervan mogen maximaal 2 bed and breakfast kamers in een bestaand bijbehorend bouwwerk gerealiseerd worden voor in totaal maximaal 4 personen; 4. de bed and breakfast niet mag worden gevestigd in of bij een mantelzorgwoning; 5. in een voormalige mantelzorgwoning kan een bed and breakfast gerealiseerd worden wanneer deze is opgericht in een bestaand bijbehorend bouwwerk en de keukenvoorziening verwijderd is waarbij een pantry wel toegestaan is; 6. de bed and breakfast accommodatie niet mag worden gebruikt voor de huisvesting van seizoensarbeiders of andere vormen van huisvesting.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
Artikel 22
Wonen - 4
22.1 Bestemmingsomchrijving De voor 'Wonen - 4' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
woningen; groenvoorzieningen, infrastructurele voorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
22.2 Bouwregels 22.2.1 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 22.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a. b. c.
hoofdgebouwen; aan- en uitbouwen en bijgebouwen; bouwwerken geen gebouwen zijnde.
22.2.2 Hoofdgebouwen Hoofdgebouwen mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.
c.
de hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven aanduidingsvlak binnen het bouwvlak worden opgericht, met inachtneming het op de verbeelding aangegeven bebouwingspercentage daar waar een dergelijk percentage op de verbeelding is aangegeven; ter plaatse van de aanduiding ‘vrijstaand’ mogen uitsluitend vrijstaande hoofdgebouwen worden opgericht; de hoofdgebouwen worden met de voorgevel gebouwd in de op de verbeelding aangegeven
d. e. f.
(verlengde van de) gevellijn, daar waar een dergelijke lijn op de verbeelding is aangegeven. Indien voor een bouwperceel twee gevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel hierin te worden gebouwd. Een uitzondering hierop vormt het oprichten van erkers en portalen vóór de voorgevellijn mits: 1. de oppervlakte niet meer dan 6 m² bedraagt; 2. de diepte niet meer dan 1,5 meter bedraagt; 3. de hoogte niet meer dan 3 meter bedraagt; de goot- en/of bouwhoogte bedraagt maximaal de op de verbeelding aangegeven maat; de afstand van het hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens is minimaal 2 meter; de dakhelling bedraagt bij toepassing van hellende dakvlakken minimaal 30° en maximaal 65°.
b.
22.2.3 Aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen Aan- en uitbouwen en bijgebouwen mogen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e.
de aan- en uitbouwen en bijgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak en ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' worden opgericht; de gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen en bijgebouwen bedraagt maximaal 100 m², met dien verstande dat de bebouwde oppervlakte van het bouwperceel maximaal 50% bedraagt; de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal 3,25 respectievelijk 6 meter. Indien een dakhelling wordt toegepast bedraagt de helling minimaal 30° en maximaal 65°; de aan- en uitbouwen en bijgebouwen dienen minimaal 1 meter achter (het verlengde van) de gevellijn te worden opgericht; de diepte van een woning en een aangebouwd bijgebouw bedraagt, te meten vanaf (het verlengde van de) gevellijn, maximaal 15 meter. In afwijking hiervan is de diepte van een woning en een aangebouwd bijgebouw niet gemaximaliseerd, indien: 1. het bijgebouw wordt geplaatst tegen een bestaand vrijstaand bijgebouw, waardoor de bijgebouwen, aan- en uitbouwen worden verbonden met de achtergevel danwel zijgevel van het hoofdgebouw; 2. het bijgebouw past in de stedenbouwkundige opzet van het gebied; 3. door de bouw van het bijgebouw geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
57
4.
gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde. Dit betekent onder andere dat de bezonning en het uitzicht van de naastliggende percelen niet onevenredig mogen worden geschaad of monumentale panden worden aangetast; het maximale bebouwde oppervlak niet wordt overschreden.
22.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.
bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen binnen het bouwvlak en ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouw' worden opgericht; de bouwhoogte achter (het verlengde van de) gevellijn bedraagt maximaal 2 meter; de bouwhoogte voor (het verlengde van de) gevellijn bedraagt voor licht- en vlaggenmasten maximaal 2,5 meter en voor overige bouwwerken geen gebouwen zijnde maximaal 1 meter.
22.3 Voorwaardelijke verplichting stikstofdepositie Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor het bouwen van gebouwen, wordt slechts verleend indien bij de aanvraag is aangetoond dat het in te zetten bouwmaterieel en/of bouwverkeer niet leidt tot een negatief effect op de Natura 2000-gebieden als gevolg van de stikstofdepositie.
22.4 Afwijken van de bouwregels 22.4.1 Afwijkingen Het bevoegd gezag kan via een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a.
b.
lid 22.2.2 sub c voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de (verlengde van de) gevellijn, mits 1. dit passend is in het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en gebouwen niet onevenredig worden verstoord; lid 22.2.2 sub d mits deze maat met maximaal 1 meter zal worden overschreden.
22.5 Specifieke gebruiksregels 22.5.1 Uitoefening van beroepsmatige activiteiten in een woning De uitoefening van beroepsmatige activiteiten in een woning en/of bij de woning behorende aan- en uitbouwen en bijgebouwen is toegestaan, met inachtneming van de volgende regels: a.
b.
c.
d. e.
f.
58
het gebruik mag geen onevenredige hinder voor het woonmilieu opleveren en geen onevenredige afbreuk doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Reclame-uitingen dienen geminimaliseerd te worden; het gebruik een kleinschalig karakter heeft en zal behouden en naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn. Dat wil zeggen dat van de vloeroppervlakte van de woning, aan- en uitbouwen en bijgebouwen gezamenlijk maximaal 50 m² ten behoeve van beroepsmatige activiteiten in gebruik mag zijn; geen vergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wm, Wabo of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet zal aantasten; het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of bijgebouw uitvoert tevens gebruiker van de woning is; het niet zodanige verkeersaantrekkende activiteiten betreffen die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte; de uitoefening van detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd als ondergeschikte nevenactiviteit gerelateerd aan het desbetreffende beroep of bedrijf.
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
bestemmingsplan Kom St. Willebrord
59
Artikel 23
Leiding - water
23.1 Bestemmingsomschrijving 23.1.1 Bestemming De voor 'Leiding - water' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. b. c.
een ondergrondse waterleiding ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding - water'; het beheer en onderhoud van de leiding; de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de leiding.