08 SCAN RV Kom Zegge Lage Zegstraat naast 8
Tekst van het document
..._ oCPI-IEN
GF.
Commissie
t -. R i
•ryf
,.._ d.
Raadsvergadering /
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 21 april 2021
Griffier
Beslissing:
A
Commissievergadering EROM 7 april 2021
Agendanummer 08 Agendanummer 10
Bestemmingsplan Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge Voorstel: 1. Het bestemmingsplan 'Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge', bestaande uit de geometrische bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NLIMR0.0840.2585K00130N01 met de daarbij behorende bestanden, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke is ontleend aan de BGT, langs elektronische weg vast te leggen en in die vorm gewijzigd vast te stellen, conform de Nota van Zienswijzen. 2. Geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen omdat het kostenverhaal anderszins verzekerd is. Samenvatting: Hierbij bieden wij u ter vaststelling het bestemmingsplan 'Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge'aan. Het bestemmingsplan heeft betrekking op de voorgenomen ontwikkeling van tien woningen waarvan vier twee-onder-één-kap woningen en twee vrijstaande woningen. Het ontwerpbestemmingsplan heeft zes weken ter inzage gelegen van 10 september t/m 22 oktober 2020. Gedurende die termijn heeft een ieder zijn of haar zienswijze over het ontwerpbestemmingsplan naar voren kunnen brengen. Tijdens deze termijn zijn zes zienswijzen naar voren gebracht. Een aantal zienswijzen geeft aanleiding tot aanpassing van de regels en toelichting van het bestemmingsplan.
Motivering: Voorbereiding nieuw bestemmingsplan: De bevoegdheid tot het vaststellen van bestemmingsplannen ligt op grond van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) bij uw raad. Met de voorbereiding van uw besluit zijn wij belast. In het kader van het in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) bedoelde vooroverleg is het bestemmingsplan aan de daartoe aangewezen (overheids)instanties toegezonden aan het waterschap Brabantse Delta, de brandweer Midden- en West Brabant en de provincie NoordBrabant. Het waterschap Brabantse Delta en de provincie Noord-Brabant hebben een inhoudelijke vraag gesteld naar aanleiding van het voorontwerp bestemmingsplan. Deze zijn reeds ambtelijk beantwoord en opgenomen in de Nota van Zienswijzen. De inhoudelijke vraag van de provincie betreft zienswijze nummer 5, het verzoek tot verkrijgen van inzicht in de anterieure overeenkomst in verband met de bekostiging voor de aanleg van natuur- of landschapselementen. De zienswijze van het waterschap betreft zienswijze nummer 6, betreffende de leiding van het waterschap die zich buiten het plangebied bevindt en het verzoek dit in de toelichting op te nemen. Een aantal zienswijzen geeft aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan De inhoud van de ingediende zienswijzen en de inhoudelijke reactie vindt u in de Nota van Zienswijzen.
Een aantal zienswijzen zijn ongegrond en zullen niet tot wijzigingen van het bestemmingsplan leiden. Een aantal zienswijzen zijn echter gegrond en behoeven een wijziging van het bestemmingsplan. Het betreft de maximale hoogte van de hoofdgebouwen en bijgebouwen. Het bestemmingsplan bevat de mogelijkheid om met 10% af te wijken van de maximale
2
bouwhoogte. Omdat het bouwplan voor de nieuwe woningen uitgaat van een maximale hoogte voor de woningen van 10,00 m. is er geen aanleiding om nog een afwijkingsmogelijkheid in het bestemmingsplan voor het onderhavige project op te nemen. De afwijkingsmogelijkheid met 10% zal uit de regels worden gehaald. De maximale hoogte van de bijgebouwen is in het ontwerpbestemmingsplan vastgesteld op 6 m. Echter voorziet het bouwplan voor de ontwikkeling in bijgebouwen met een plat dak en een hoogte van 3,25 m. Er is geen noodzaak om een maximale hoogte van 6 m. op te nemen in de bestemmingsplanregels. Daarom zal deze regel komen te vervallen, er kan worden volstaan met een maximale hoogte die overeenkomt met die van het bouwplan. Het waterschap Brabantse Delta heeft verzocht een aanvulling te geven op de toelichting op afvalwater. De leiding van het waterschap bevindt zich buiten het plangebied en is daardoor niet op de verbeelding opgenomen. Deze informatie zal aangevuld wordt. Middelen: Artikel 6.12 lid 1 van de Wro bevat de verplichting voor uw raad om, gelijktijdig met het vaststellen van een bestemmingsplan, een exploitatieplan vast te stellen, wanneer binnen het plangebied 'bouwplannen' als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Bro kunnen worden gerealiseerd. Met het bestemmingsplan 'Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge'wordt op verzoek een nieuwe ontwikkeling mogelijk gemaakt.
Tussen gemeente en initiatiefnemer is een overeenkomst over verhaal van plankosten en planschadekosten gesloten. Hiermee zijn de plankosten anderszins geborgd. Het opstellen en door uw raad laten vaststellen van een exploitatieplan is daarom niet vereist. Op grond van de Wro dient uw raad wel expliciet te besluiten over het al dan niet vaststellen van een exploitatieplan. Vervolg: Dit bestemmingsplan met planidentificatie NLIMR0.0840.2585K0013-0N01 dient conform het bepaalde in het Besluit ruimtelijke ordening in elektronische vorm vastgelegd en in die vorm vastgesteld te worden. De aangeleverde stukken geven een analoge weergave van dit plan. Het digitale plan zal na vaststelling het rechtsgeldige document zijn, conform de genoemde regelgeving. Indien het onderhavige bestemmingsplan, conform voorstel, door uw raad wordt vastgesteld, dient van uw besluit op grond van artikel 3.8 lid 4 Wro binnen zes weken na de vaststelling kennis gegeven te worden in de Staatscourant, in de Rucphense Bode en op de gemeentelijke website. De kennisgeving wordt tevens langs elektronische weg toegezonden aan de daartoe aangewezen (overheids)instanties. Aansluitend op de kennisgeving van uw besluit worden het vastgestelde bestemmingsplan, het besluit omtrent de vaststelling en de bijbehorende stukken voor een (beroeps)termijn van zes weken ter inzage gelegd.
Het vastgestelde bestemmingsplan zal te raadplegen zijn via de gemeentelijke website en via de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Gedurende voornoemde termijn van zes weken kan door belanghebbenden beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en kan de voorzitter van de Afdeling daarnaast (door middel van een verzoek om voorlopige voorziening) om schorsing van het vaststellingsbesluit worden gevraagd. Het bestemmingsplan treedt daags na afloop van de beroepstermijn in werking, tenzij gedurende de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan. In dat geval treedt het besluit (op onderdelen) niet in werking voordat op dat verzoek is beslist (artikel 8.4 Wro).
3
Rucphen, 23 maart 2021 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,
de burgemeester,
drs. S. Michielse.
mr. M. van der Meer Mohr.
Bijlage(n): a. Conceptbesluit b. Nota van Zienswijzen 'Bestemmingsplan Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge' c. Analoge versie bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge' Ter inzage voor raadsleden: d. Zienswijzen