08 RV RB Wijziging Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 15 mei 2024
Agendanummer 08
Commissievergadering ABM 18 april 2024
Agendanummer 09
Wijziging Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant Voorstel: 1. Het college van burgemeester en wethouders van Rucphen toestemming te verlenen tot het vaststellen van de gewijzigde Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en WestBrabant (GR VRMWB). Samenvatting: Op 1 juli 2022 is de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking getreden. De wijzigingen zijn bedoeld om de democratische legitimiteit van de gemeenschappelijke regelingen en de kader stellende rol van deelnemers aan de regelingen bij taken die worden uitgevoerd te versterken. Als gevolg van de wijzigingen van de Wgr zal de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant op een aantal punten moeten worden aangepast. De nieuwe gemeenschappelijke regeling dient uiterlijk 1 juli 2024 in werking te treden. Zienswijzeprocedure Op 27 september 2023 besloot uw raad om geen zienswijzen in te dienen tegen de ontwerpregeling. In de ontwerpregeling van 20 april 2023 kon nog geen rekening worden gehouden met de nieuwste versie van de “Nota verbonden partijen (NVP)” voor de West-Brabantse gemeenten.
In haar vergadering van 1 februari 2024 heeft het Algemeen Bestuur van de veiligheidsregio aan de hand van het ontwerp Wijzigingsvoorstel Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Middenen West-Brabant (versie 20-04-2023) en de daarop ingebrachte zienswijzen een aangepaste conceptregeling vastgesteld. In deze conceptregeling is zoveel mogelijk rekening gehouden met de NVP en de ingebrachte zienswijzen. Motivering: Tien gemeenten dienden een inhoudelijke zienswijze in op één of meerdere van de onderstaande onderwerpen. U treft deze hieronder aan met een korte reactie daarop: a. Burgerparticipatie: Naar aanleiding van de ingebrachte zienswijzen is de mogelijkheid van burgerparticipatie ten aanzien van het beleidsplan opgenomen en kan het Algemeen Bestuur ook andere besluiten aanwijzen voor burgerparticipatie. b. Zienswijzen: Naar aanleiding van de ingebrachte zienwijzen is de mogelijkheid van het inbrengen van een zienswijze op het risicoprofiel en het beleidsplan opgenomen en kan het Algemeen Bestuur ook andere besluiten aanwijzen voor het inbrengen van zienswijzen door gemeenteraden. Andere suggesties hebben we niet overgenomen.
2
c. Evaluatie: Naar aanleiding van de ingebrachte zienswijzen is het niet langer nodig dat gemeenten aangeven dat er behoefte is aan een evaluatie, maar zal deze tenminste eenmaal per raadsperiode plaatsvinden, tenzij gemeenten aangeven dat er geen behoefte bestaat. Ook tussentijds evalueren op verzoek wordt mogelijk. d. Uittredingsvoorwaarden: Uittreden bij een veiligheidsregio is alleen mogelijk indien de Wet veiligheidsregio’s wordt aangepast. De uittredingsregeling is hierop gebaseerd en wordt gehandhaafd. De richtingen die in de jurisprudentie worden aangegeven voor uittreden zijn niet passend voor een veiligheidsregio. e. P&C-cyclus: Naar aanleiding van de ingebrachte zienswijzen worden de data voor kaderbrief en ontwerpbegroting niet meer in de regeling opgenomen. Het Algemeen Bestuur van de veiligheidsregio is van mening dat het aangepaste voorstel voldoet aan de eisen van de Wgr en recht doet aan de afspraken met de deelnemende gemeenten. Wij kunnen instemmen met de wijzigingen die zijn aangebracht in de conceptregeling naar aanleiding van de ingebrachte zienswijzen. Vervolg: Op grond van artikel 9 van de Wet veiligheidsregio’s dient ons college de gemeenschappelijke regeling te treffen. Gelet op artikel 1, tweede lid van de Wgr dient ons college daarvoor echter wel de toestemming van uw raad te krijgen. Dit geldt ook voor een wijziging van de regeling.
Volgens de wettelijke bepaling kan uw raad de toestemming slechts weigeren wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Zodra tenminste tweederde van de colleges de wijziging van de gemeenschappelijke regeling met toestemming van de gemeenteraad hebben getroffen en kan deze in werking treden. Bekendmaking zal plaats moeten vinden door plaatsing in de het Gemeenteblad van de gemeente Tilburg. Rucphen, 12 maart 2024 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,
de burgemeester,
drs. E.A.C.M. Kolen.
mr. M. van der Meer Mohr.
Bijlage(n): a. Conceptbesluit b. Begeleidend schrijven VRMWB; c. Bijlage 1 Zienswijzen, reacties en toelichting; d. Aangepaste concept-regeling.
RAADSBESLUIT Wijziging Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant 15 mei 2024
De raad van de gemeente Rucphen, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 12 maart 2024, overwegende dat het wenselijk is de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Middenen West-Brabant in overeenstemming te brengen met huidige wet- en regelgeving;, gelet op artikel 1, tweede lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen, gehoord de commissie Algemeen Bestuur en Middelen op 18 april 2024, besluit: 1. Het college van burgemeester en wethouders van Rucphen toestemming te verlenen tot het vaststellen van de gewijzigde Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Rucphen in zijn openbare vergadering van 15 mei 2024, de griffier,
de voorzitter,
J.J.H. Lahaije.
mr. M. van der Meer Mohr.