08 RV RB Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 en Participatieverordening gemeente Rucphen 2026
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 11 februari 2026
Agendanummer 00
Commissievergadering ABM 29 januari 2026
Agendanummer 08
Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 en Participatieverordening gemeente Rucphen 2026 Voorstel: 1. Het Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 vast te stellen; 2. De Participatieverordening gemeente Rucphen 2026 vast te stellen; 3. Voor de uitvoering in 2026 een incidenteel budget beschikbaar te stellen van € 10.500,00 ten laste van het begrotingssaldo 2026 door vaststelling van de 2e begrotingswijziging 2026. Samenvatting: De gemeente Rucphen wil participatie met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties op een herkenbare, consistente en betekenisvolle manier vormgeven. In de afgelopen periode hebben we daarom gewerkt aan het Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 en de Participatieverordening gemeente Rucphen 2026. Met het participatiebeleid stelt de raad de visie en werkwijze voor participatie vast. De participatieverordening vormt de juridische basis en zorgt ervoor dat de gemeente voldoet aan de Wet versterking participatie op decentraal niveau. Deze wet verplicht gemeenten participatie en het uitdaagrecht te regelen. Het beleid en de verordening versterken elkaar en geven invulling aan de aanbevelingen van het onderzoekrapport van de rekenkamer Rucphen 2025 naar participatie, onder meer op het gebied van samenhang, rolverdeling, sturing en evaluatie.
Ter ondersteuning is een visual toegevoegd (bijlage 3) waarin zichtbaar is hoe we deze aanbevelingen hebben vertaald naar het nieuwe beleid en de verordening. Om de uitvoering van het participatiebeleid in 2026 te kunnen aanvangen, wordt voorgesteld om in dat jaar incidentele middelen beschikbaar te stellen. Hiermee wordt het mogelijk om reeds in 2026 een start te maken met de introductie van het beleid. Er wordt nu bewust gekozen om geen structurele middelen aan te vragen, aangezien deze middelen anders geen onderdeel kunnen uitmaken van de integrale afweging bij de kadernota 2027. Door deze werkwijze is het niet mogelijk om in 2026 volledig te starten met de implementatie van het participatiebeleid, omdat daarvoor structurele budgetten noodzakelijk zijn. Een belangrijk onderdeel van deze structurele middelen is de uitvoering van een digitaal participatieplatform. Dit platform vormt het centrale vertrekpunt om participatie zichtbaar, herkenbaar en toegankelijk te maken voor inwoners en ondersteunt de organisatie en de raad bij een consistente en transparante werkwijze. Het tempo en de ambitie waarmee participatie vanaf 2026 wordt versterkt hangt af van de integrale afweging ten aanzien van structurele middelen. Motivering: De gemeente Rucphen staat voor grote maatschappelijke opgaven die impact hebben op het dagelijks leven van inwoners.
In dorpen en wijken is veel lokale kennis, ervaring en betrokkenheid
2
aanwezig. Inwoners weten wat er speelt in hun omgeving, waar knelpunten liggen en welke oplossingen kansrijk zijn. Door deze lokale kracht beter te benutten, sluiten besluiten beter aan bij de praktijk en neemt het draagvlak toe. Het rekenkameronderzoek 2025 laat zien dat participatie in Rucphen waardevolle resultaten oplevert, maar dat inwoners participatie nog te vaak als projectafhankelijk en niet eenduidig ervaren. Inwoners geven aan dat zij behoefte hebben aan meer duidelijkheid over wanneer zij kunnen meedenken, hoe hun inbreng wordt benut en wat zij daarvan terugzien in besluiten. Wanneer deze helderheid ontbreekt, blijft niet alleen vertrouwen achter, maar gaat ook waardevolle lokale kennis verloren. Met het Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 en de participatieverordening kiezen we bewust voor een werkwijze waarin we de kracht van de lokale gemeenschap structureel benutten. De raad stelt hiermee duidelijke kaders vast voor participatie, zodat inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties weten: • wanneer participatie plaatsvindt en wanneer niet;
• • •
wat de stappen in het proces zijn; welke rol en invloed zij kunnen hebben; hoe en wanneer terugkoppeling plaatsvindt.
Met deze duidelijkheid wordt participatie herkenbaarder en betrouwbaarder. Inwoners worden niet alleen gehoord, maar ook op momenten betrokken waarop hun kennis en ervaring daadwerkelijk van meerwaarde zijn. Dit kan bijdragen aan kwalitatief betere besluitvorming, meer begrip voor keuzes en een sterkere samenwerking tussen gemeente en inwoners. Dit beleid en deze verordening zorgen voor een gezamenlijk en herkenbaar kwaliteitsbeeld voor participatie, dat richting geeft aan zowel bestuur, organisatie als inwoners. Het digitale participatieplatform ondersteunt dit gezamenlijke kwaliteitsbeeld door participatie-informatie, terugkoppeling en resultaten op één toegankelijke plek samen te brengen. De Rekenkamer constateert dat informatie over participatie momenteel is verspreid over verschillende documenten, waardoor de samenhang voor raadsleden, inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties niet altijd vanzelfsprekend is. Een online toegankelijk platform kan bijdragen aan het bundelen van dit instrumentarium en het vergroten van overzicht, samenhang en toegankelijkheid. Om deze aanpak in de praktijk tot leven te brengen, is een zorgvuldige invoering noodzakelijk. De voorgestelde middelen maken het mogelijk om vanaf 2026 te investeren in leren, experimenteren en ondersteunen. Investeren in een leer-en ontwikkeltraject met o.a.
trainingen, intervisies en gezamenlijke werksessies voor medewerkers en bestuur. Praktijkexperimenten in dorpen of beleidsprojecten inclusief voorbereiding, begeleiding, verwerking van resultaten en terugkoppeling. Hierdoor kunnen medewerkers en inwoners samen ervaring opdoen, worden succesvolle werkwijzen verder ontwikkeld en wordt participatie zichtbaar en herkenbaar in de dagelijkse praktijk. Zonder deze investering bestaat het risico dat de lokale kracht van de gemeenschap onvoldoende wordt benut en participatie vooral een papieren ambitie blijft. Kantekeningen Het voorstel om in 2026 incidentele middelen beschikbaar te stellen maakt het mogelijk om reeds in dat jaar een aanvang te maken met de introductie van het participatiebeleid. Wordt echter gewacht op structurele middelen, dan kan de integrale afweging hiervan pas plaatsvinden bij de kadernota 2027. Dit betekent dat de daadwerkelijke implementatie pas in 2027 kan starten, met het risico dat waardevolle tijd verloren gaat en daarmee (hernieuwde) energie en betrokkenheid
3
rond het beleid afnemen. Het risico hierbij is dat, wanneer in de kadernota 2027 geen structurele middelen beschikbaar worden gesteld, de doelstellingen uit het participatiebeleid niet kunnen worden gerealiseerd. Het participatieplatform vormt geen losstaand instrument, maar een randvoorwaarde om participatie vanaf de start in 2026 daadwerkelijk zichtbaar en herkenbaar te maken voor inwoners. Het platform draagt bij aan eenduidige communicatie, duidelijke terugkoppeling en het benutten van lokale kennis en expertise. Daarnaast ondersteunt het de organisatie door standaardisatie van werkwijzen, lagere administratieve lasten, AVG-proof verwerking en vermindering van werkdruk voor de organisatie. Voor de raad biedt het platform beter inzicht in waar en hoe participatie plaatsvindt en wat dit oplevert. Tegelijkertijd dient rekening te worden gehouden met het feit dat onze meerjarige begroting momenteel niet sluitend is. In de jaren 2028 en 2029 wordt een tekort voorzien. Aan het participatiebeleid hangen structurele kosten, die bij de Kadernota 2027 als financiële claim worden verwerkt. Het is daarom belangrijk om de financiële haalbaarheid van dit voorstel zorgvuldig te overwegen in het licht van de verwachte tekorten.
Indien dit voorstel wordt goedgekeurd, zal dit mogelijk verdere druk uitoefenen op de toekomstige financiële ruimte, wat aanvullende maatregelen vereist om een structureel sluitende begroting te realiseren. Middelen: Voor de uitvoering in 2026 is een eenmalig budget van € 10.500,00 nodig. Waarbij de focus voor 2026 op de onderdelen in onderstaande tabel worden beschreven. Vanaf 2027 is structureel een budget benodigd van €46.000,00 in 2027 en vanaf 2028 € 34.000,00. Voor deze middelen is binnen de bestaande begroting geen dekking beschikbaar, waardoor we voor deze middelen in de Kadernota 2027 een claim zullen indienen. Deze structurele kosten hebben met name betrekking op het beheer en gebruik van het participatieplatform, dat als centraal vertrekpunt dient voor participatieprocessen en monitoring.
Doel/focus
2026
Introductie nieuwe werkwijze en afwegingskader Voorbereiding en Ontwikkeling toolkit + eerste trainingen € 10.500,(gefaseerde) Voorbereiding digitale infrastructuur voor incidenteel inrichting digitaal participatie (campagne “Samen maken we (eenmalig) participatieplatform Rucphen” + platform en landingspagina) 2 participatiepilots Voorbereiding meerjarig uitvoeringsprogramma
2027
2028
Belangrijkste onderdelen
Kosten (indicatief)
Jaar
Verankering & opschaling
Structureel beheer participatieplatform Jaarprogramma training & intervisie 3–4 participatiepilots Ondersteuning loket overheidsparticipatie Jaarlijkse rapportage aan raad
± €46.000* structureel
Verbetering & consolidatie
Doorontwikkeling dashboard participatie Jaarlijkse participatiemonitor Actualiseren toolkit en formats Verdiepen samenwerking met maatschappelijke organisaties
± €34.000 structureel
4
Jaar
Doel/focus
Belangrijkste onderdelen
2029
Integratie participatie in andere beleidskaders Borging & innovatie Externe audit / peer review participatie doorontwikkeling Innovatieve participatievormen en digitale ondersteuning
Kosten (indicatief) ± €34.000 structureel
*Door in dit raadsvoorstel te kiezen voor incidentele middelen voor de uitvoering in 2026, worden de structurele kosten voor de implementatie van het participatieplatform doorgeschoven naar 2027. Hierdoor ligt het structurele bedrag in 2027 (€ 12.000) hoger dan in 2028 en de daaropvolgende jaren. Vervolg: Na vaststelling door de raad start het college in 2026 met de uitvoering van het participatiebeleid. De verdere inrichting en inzet van het digitale participatieplatform is daarbij afhankelijk van de besluitvorming over de structurele middelen. • • • • • •
start uitvoering participatiebeleid training medewerkers publiekscommunicatie (‘Samen maken we Rucphen’) participatiepilots (gefaseerde) ontwikkeling van digitale ondersteuning periodieke terugkoppeling aan de raad
Rucphen, 13 januari 2026 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,
de burgemeester,
drs. E.A.C.M. Kolen.
mr. M. van der Meer Mohr.
Bijlage(n): a. Conceptbesluit b. Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 + bijlagen participatiebeleid c. Participatieverordening gemeente Rucphen 2026 d. Visual: Doorvertaling aanbevelingen rekenkamer Rucphen participatiebeleid- en verordening e. 2e begrotingswijziging 2026
RAADSBESLUIT Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 en Participatieverordening gemeente Rucphen 2026 11 februari 2026
De raad van de gemeente Rucphen, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 januari 2026, gehoord de commissie Algemeen Bestuur en Middelen op 29 januari 2026, besluit: 1. het Participatiebeleid ‘Samen R toe doen’ 2026 vast te stellen; 2. de Participatieverordening gemeente Rucphen 2026 vast te stellen; 3. Voor de uitvoering in 2026 een incidenteel budget beschikbaar te stellen van € 10.500,00 ten laste van het begrotingssaldo 2026 door vaststelling van de 2e begrotingswijziging 2026.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Rucphen in zijn openbare vergadering van 11 februari 2026, de griffier,
de voorzitter,
J.J.H. Lahaije.
mr. M. van der Meer Mohr.