CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

08 Kadernota 2023

gemeenteraad 6 juli 2022, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Kadernota 202320.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

6.5.6. Dividend nv Bank Nederlandse Gemeenten Het jaarlijks bedrag aan dividend over de afgelopen begrotingsjaren kent een wisselend verloop: • 2018: € 56.019,60 • 2019: € 24.963,00 • 2020: € 35.577,36 • 2021: € 44.815,68 Het dividend van de BNG Bank N.V. voor 2023 en verder baseren we op het gemiddelde bedrag aan dividend over de afgelopen vier begrotingsjaren. De huidige raming (€ 38.000,00) is passend voor 2023.

40

6.6. Overige financiële mutaties Algemeen In hoofdstuk 3 van deze Kadernota zijn de claims en knelpunten gepresenteerd. Daarnaast dienen nog twee mutaties verwerkt te worden die effect hebben op het begrotingssaldo. Budget districtelijk coördinator Mensenhandel In het kader van de aanpak van ondermijnende criminaliteit is mensenhandel één van de speerpunten. Samen met de zeven andere gemeenten binnen het district de Markiezaten is 0,5 fte capaciteit vrijgemaakt voor een coördinator mensenhandel, die binnen het Zorg- en Veiligheidshuis de casuïstiek hierover behandeld. De financiële bijdrage voor de gemeente Rucphen bedraagt structureel € 3.500,00. Kosten accountantscontrole Het huidige contract voor de accountantscontrole betreft de jaren 2020 t/m 2022, met een verlengingsoptie voor 2023. Vanaf 2022 vindt indexering plaats op basis van CBS. Voor de jaren t/m 2026 zijn de kosten geïndexeerd (prognose van CBS). De stijging van de kosten ten opzichte van de huidige begrote bedragen lopen van € 685,00 in 2023 naar € 9.525,00 in 2026. Omschrijving Budget districtelijk coördinator Mensenhandel Kosten accountantscontrole Totaal financiële mutatie

2023 -3.500

2024 -3.500

2025 -3.500

2026 -3.500

-685 -4.185

-2.365 -5.865

-5.400 -8.900

-9.525 -13.025

6.7. Benodigd weerstandvermogen en risicomanagement De benodigde weerstandscapaciteit bedraagt volgens de jaarrekening 2021, per 31 december 2021 € 2.970.821,00. De beschikbare weerstandscapaciteit, gecorrigeerd voor middelen welke niet als dekking gebruikt kunnen worden bedraagt € 9.817.247,00. Volgens de normtabel weerstandsvermogen is onze weerstandscapaciteit uitstekend. Bij de bepaling van de ratio is al rekening gehouden met toekomstige onttrekkingen uit de Algemene Reserve, waarover uw raad heeft besloten. Tussen de vaststelling van deze Kadernota en de Programmabegroting 2023 vindt een actualisatie van de risico’s plaats, zodat in de Programmabegroting 2023 een actuele stand van het benodigd weerstandsvermogen kan worden gepresenteerd. Mutaties weerstandsvermogen tot en met 6 juli 2022 resume toekomstige ontwikkelingen weerstandscapaciteit bij: resultaatbestemming jaarrekening 2021

€

1.015.770

bij: overheveling Risicoreserve Coronacrisis naar de Algemene Reserve

€

277.374

af: Storting in reserve Kadernota (o.b.v. Kadernota 2023)

€

-312.234

totaal voorgestelde mutaties 2022

€

980.910

41

Raadsbesluiten tot de aanwending van / storting in de algemene reserve Resultaatbestemming jaarrekening 2021 o Storting: € 1.015.770,00; o Vaststelling jaarrekening 2021 en bestemming batig rekeningsaldo 2021 o Raad 15 juni 2022 Overheveling Risicoreserve Coronacrisis naar de Algemene Reserve o Storting: € 277.374,00; o Vaststelling jaarrekening 2021 en bestemming batig rekeningsaldo 2021 o Raad 15 juni 2022 Storting in reserve Kadernota ten behoeve van begroting 2023 o Aanwending: € 312.234,00; o Kadernota 2023 o Raad 6 juli 2022 Reserve grondexploitatie De reserve grondexploitatie bedraagt per 31 december 2021 € 1.839.612,67. De reserve bestaat uit de Algemene reserve geliquideerde bouwwijken ( € 1.569.507,86) en het Algemeen uitbreidingsfonds geliquideerde complexen (fonds grote werken) (€ 270.104,81). Op deze reserves zijn in 2022 geen mutaties voorzien. Onbenutte belastingcapaciteit De onbenutte belastingcapaciteit bij de OZB is zo groot als het verschil tussen het gehanteerde tarief en het tarief om tot een "artikel 12 gemeente" gerekend te worden. Voor 2022 is dit tarief 0,1800%. Wanneer we dit percentage afzetten tegen de in de begroting opgenomen ramingen voor de OZB-ontvangsten is er nog een ruimte van € 2.440.840,00 structureel. Beschikbare Weerstandscapaciteit Beschikbare weerstandscapaciteit Algemene reserve per 01-01-2022

€

5.131.358

Reserve grondexploitatie

€

1.839.613

Onbenutte belastingcapaciteit (redelijk peil 2022)

€

2.440.840

Onvoorzien

€

55.000

Algemene reserve geactiveerde gronden in erfpacht (stille reserves)

€

953.000

Totale beschikbare weerstandscapaciteit

€

10.419.810

Totaal aanwendingen tlv / vrijval tgv de algemene reserve

€

-377.064

Totaal gecorrigeerde beschikbare weerstandscapaciteit

€

10.796.874

Totaal benodigde weerstandscapaciteit (o.b.v. 100%)

€

2.970.821

Vrij besteedbaar

€

7.826.053

AF: onbenutte belastingcapaciteit en erfpacht

€

3.393.840

Vrij besteedbare middelen (na correctie)

€

4.432.213

Wanneer we de benodigde weerstandscapaciteit in mindering brengen op de beschikbare weerstandscapaciteit resteert een vrij besteedbaar bedrag van € 7.826.053,36. Als we vervolgens op dit bedrag een correctie toepassen voor de middelen welke niet als dekking gebruikt kunnen worden (onbenutte belastingcapaciteit en erfpacht), resteert nog € 4.432.213,16 aan vrij besteedbare middelen. Ratio weerstandsvermogen Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, leggen we een relatie tussen de financieel gekwantificeerde risico’s, de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.

42

Ratio weerstandsvermogen

=

Beschikbare weerstandscapaciteit

€ 10.796.874

Benodigde weerstandscapaciteit

€

3,6

2.970.821

Wanneer we op deze ratio een correctie toepassen voor de middelen welke niet als dekking gebruikt kunnen worden (onbenutte belastingcapaciteit en erfpacht), verandert het ratio als volgt:

Ratio weerstandsvermogen (gecorrigeerd)

=

Beschikbare weerstandscapaciteit

€

7.403.034

Benodigde weerstandscapaciteit

€

2.970.821

2,5

Wanneer we alle toekomstige ontwikkelingen meenemen en deze afzetten tegen de totale beschikbare weerstandscapaciteit heeft de gemeente Rucphen een ratio van 3,6. We zijn ons er van bewust dat de onbenutte belastingcapaciteit en erfpacht niet kunnen worden gebruikt als dekking. Wanneer we een correctie op deze onderdelen toepassen daalt de ratio naar 2,5, wat volgens de norm uitstekend is. Prognose Kengetallen Om een beeld te geven van de financiële positie van onze gemeente zijn de kengetallen meerjarig geprognosticeerd. De uitgangspunten die hiervoor zijn gebruikt zijn: - de balanspositie per 31 december 2021; - de meerjarenraming uit de programmabegroting 2022; - de geactualiseerde liquiditeitsprognose.

Kengetallen weerstandsvermogen en risicobeheersing (prognose) Rekening 2021

Begroting 2022

Prognose 2023

Prognose 2024

Prognose 2025

Prognose 2026

Netto schuldquote

39,0%

67,4%

45,9%

54,6%

51,0%

58,3%

Netto schuldquote (gecorrigeerd)

38,5%

66,9%

45,4%

54,1%

50,5%

57,8%

Solvabiliteitsratio

49,3%

43,6%

47,5%

44,9%

44,9%

43,0%

Grondexploitatie

13,2%

5,6%

6,0%

6,3%

6,2%

6,2%

Structurele exploitatieruimte

2,2%

2,3%

1,5%

1,4%

1,8%

1,8%

Belastingcapaciteit

98,8%

98,2%

98,8%

98,8%

98,8%

98,8%

Kengetallen:

Kengetallen weerstandsvermogen en risicobeheersing (prognose) Rekening 2021

Begroting 2022

Prognose 2023

Prognose 2024

Prognose 2025

Prognose 2026

Netto schuldquote

A

A

A

A

A

A

Netto schuldquote (gecorrigeerd)

A

A

A

A

A

A

Solvabiliteitsratio

B

B

B

B

B

B

Grondexploitatie

A

A

A

A

A

A

Structurele exploitatieruimte

A

A

A

A

A

A

Belastingcapaciteit

B

B

B

B

B

B

Kengetallen:

Meerjarig wordt een stijging van de schuldquote voorzien als gevolg van het aantrekken van lang vermogen om onze reguliere- en investeringsuitgaven te kunnen financieren. Een percentage <90% wordt door onze Provincie gezien als het minst risicovol. Hierbij plaatsen we de kanttekening dat er rekening is gehouden met het feit dat een gedeelte van de investeringen doorschuiven naar volgende begrotingsjaren, zodat ook na 2026 een verdere toename van de schuldquote wordt verwacht.

43

Naast het aantrekken van nieuw vreemd vermogen vinden er ook structurele onttrekkingen uit de reserves (eigen vermogen) plaats. Dit is terug zien in de afname van het solvabiliteitsratio. Een percentage > 50% wordt door onze Provincie gezien als het minst risicovol. Met een solvabiliteitsratio tussen 20% - 50% classificeert gemeente Rucphen zich als neutraal. Risicoreserve coronacrisis De beschikbare weerstandscapaciteit van de Gemeente Rucphen in relatie tot Corona bestaat uit de Risicoreserve Coronacrisis. In de jaarrekening 2021 is uitgebreid toegelicht welke risico’s worden gedekt door de reserve en welke mutaties hebben plaatsgevonden binnen de reserve. De stand van de reserve per 6 juli 2022 bedraagt € 1.684.924,00. Wanneer we de benodigde weerstandscapaciteit voor risico’s (€ 370.000,00) in mindering brengen op de beschikbare weerstandscapaciteit is er een vrije ruimte binnen de reserve van € 1.314.924,00. Het uitgangspunt is dat deze ruimte in de reserve blijft, totdat anders wordt besloten.

44

7.

Financieel totaaloverzicht 2023 - 2026

In de voorgaande hoofdstukken is een aantal financiële gevolgen de revue gepasseerd. In onderstaande tabel zijn deze (in totalen) nogmaals opgenomen. Omschrijving

2023

2024

2025

2026

1.109.990

385.889

837.166

1.169.535

Totaal claims t.l.v. algemene dekkingsmiddelen

-762.821

-818.677

-855.193

-859.839

Loonontwikkelingen

-125.000

-128.250

-131.585

-135.006

Financiële mutaties a.g.v. ontwikkelingen kapitaallastenbudgetten en rente

66.220

89.349

-2.533

-60.807

Financiële mutaties a.g.v. deelname gemeenschappelijke regelingen

-89.927

-128.002

-243.810

-256.051

3.956.725

4.175.378

5.489.224

2.529.855

-4.185

-5.865

-8.900

-12.350

4.151.002

3.569.822

5.084.368

2.375.337

-79.000

-80.580

-82.192

-83.836

4.072.002

3.489.242

5.002.176

2.291.501

Begrotingssaldo volgens de begroting 2023-2026, inclusief wijzigingen t/m 6 juli 2022

Algemene uitkering (meicirculaire 2022) overige financiële mutaties Totaal geraamd saldo 2023-2026 (na actualisatie financiële positie) (-=nadeel) Doorontwikkeling griffie (raad 1 juni 2022) Totaal geraamd saldo 2023-2026 Kadernota 2023

Na verwerking van alle mutaties uit deze Kadernota, is ook het raadsbesluit “Doorontwikkeling griffie” opgenomen in bovenstaand overzicht. In de raadsvergadering van 1 juni 2022 heeft u tot het beschikbaar stellen van deze middelen besloten. Na verwerking van alle nu bekende gegevens, sluit het jaar 2023 met een positief saldo van € 4.072.002,00. De jaren na 2023 sluiten ook positief met de volgende bedragen: € 3.489.242,00 in 2024; € 5.002.176,00 in 2025 en € 2.291.501,00 in 2026. Om te kunnen beoordelen of een begroting inderdaad structureel sluitend is, dienen bovenstaande saldi te worden gecorrigeerd met de geraamde eenmalige baten en lasten en stortingen in en onttrekkingen aan reserves. Voor de Provincie is dit een toetsingsnorm. Tegelijkertijd zijn de bedragen die hieronder staan de bedragen die voor u relevant zijn om te zien of er ruimte is voor bestuurlijke ambities. Na verwerking van de eenmalige zaken komen we op de volgende structurele begrotingssaldi: Omschrijving saldo Kadernota 2023 Incidentele baten en lasten

2023 4.072.002 -146.880

2024 3.489.242 -20.000

2025 5.002.176 0

2026 2.291.501 0

Totaal structureel saldo

3.925.122

3.469.242

5.002.176

2.291.501

In het Coalitieakkoord 2018-2022 is afgesproken dat de begroting meerjarig sluitend zal zijn. De tabel laat zien dat het jaar 2023 en de daarop volgende jaren reëel en structureel sluitend zijn. We moeten ons er wel van bewust zijn dat deze Kadernota een momentopname is en dat er tal van externe factoren van invloed kunnen zijn op zowel de uitgaven als de inkomsten van de gemeente. Zo kan bijvoorbeeld de Septembercirculaire 2022 van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds afwijken en tot een ander begrotingsnadeel/-voordeel leiden. Daarnaast zijn de bestuurlijke ambities uit hoofdstuk 5 nog niet ingevuld en zal in de periode tussen de Kadernota 2023 en de begroting 2023 een collegewerkprogramma opgesteld worden wat eventueel financiële consequenties met zich mee kan brengen.

45

8.

Voorstel

In deze Kadernota geven wij u een actueel inzicht in onze financiële positie en de ontwikkelingen voor de komende jaren. Na verwerking van alle nu bekende gegevens en de incidentele baten en lasten, sluiten alle jaren met een structureel positief saldo. Hierbij nog niet met de kosten die kunnen voortvloeien uit de toekomstige ontwikkelingen en bestuurlijke ambities uit Hoofdstuk 5 van deze Kadernota, rekening gehouden. Na vaststelling van de Kadernota zal een en ander worden verwerkt in de begroting 2023 en meerjarenraming 2024 t/m 2026, die aan u voor behandeling in de raadsvergadering van 9 november 2022 zal worden aangeboden.

Voorstel Wij stellen uw raad voor : 1. De Kadernota 2023 voor kennisgeving aan te nemen en de inhoud als basis gebruiken voor de Programmabegroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026. 2. Ten behoeve van de eenmalige claims een bedrag van € 312.234,00 uit de algemene reserve te storten in de reserve Kadernota.

Rucphen, 7 juni 2022

Burgemeester en wethouders van Rucphen,

de secretaris,

de burgemeester,

drs. S. Michielse

mr. M. van der Meer Mohr

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11657105/1