07b2 Bijlagen-D01-81057213-irr-GRP Rucphen
Tekst van het document
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 8
De projectenkaart is hieronder afgebeeld.
In de volgende tabel zijn de projecten vermeld die in Rasmariant zijn meegenomen (zie ook afbeelding hiervoor). Voor elk project is aangegeven hoe de kosten voor vervangen zijn meegenomen. Als de Rasmariant kostenfactor -0- is dan zijn de kosten meegenomen in de klimaatmaatregelen (N01-C02-81051213-edr Maatregel en kostenraming wateroverlast.pdf). Bij een kostenfactor -1- zijn kosten meegenomen voor het vervangen en bij de kostenfactor -1,7- gaan we ervan uit dat het bestaande riool wordt vervangen door een gescheiden stelsel bestaande uit 2 leidingen. In de laatste kolom zijn de kosten weergegeven inclusief de eventuele kostenfactor. Bij de kostenfactor -0- zijn de riolen wel in het ‘Rasmariant vervangingsjaar’ vervangen. Project Noorderstraat - worst case scenario Nachtegaalstraat Rucphen prio 1 - noord Rucphen prio 1 - zuid Sint willebrord prio 2 Tulp, vijver en Leeuwebekstraat Rucphen prio 3 - noord Rucphen prio 3 - midden Noordzijde Sprundel Rucphen prio 3 - zuid Sint willebrord - prio 4 (…donk)
Maatregel enkele nieuwe riolen rond rotonde geheel vervangen geheel vervangen, van 1 naar 2 buizen geheel vervangen, van 1 naar 2 buizen geheel vervangen, van 1 naar 2 buizen geheel vervangen en bijleggen IT-riool geheel vervangen, van 1 naar 2 buizen geheel vervangen, van 1 naar 2 buizen Vergroten bestaand riool geheel vervangen, van 1 naar 2 buizen geheel vervangen, van 1 naar 2 buizen
Rasmariant Rasmariant Rasmariant Rasmariant Vervangingskosten vervangingsjaar Kostenfactor vervangingskosten ja 2023 1 € 845,000 nee 2023 0 nvt ja 2024 1 € 520,000 ja 2025 1 € 450,000 ja 2023 1.7 € 490,000 nee 2023 0 nvt ja 2026 1 € 765,000 ja 2027 1 € 670,000 nee 2028 0 nvt ja 2028 1 € 610,000 ja 2029 1.7 € 1,730,000
De totale lengte aan riolen met een reparatie bedraagt 3,5 km. Er dient rekening te worden gehouden met kosten voor repareren van € 50 – €75.000,-. Dit zal nader moeten worden uitgewerkt.
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 9
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 10
6. Kwaliteit – en kostenontwikkeling Rucphen De kwaliteit van elke individuele rioolstreng wordt uitgedrukt in het aantal schadepunten per strekkende meter. De ontwikkeling van de kwaliteit wordt bepaald door de degradatiecurve in combinatie met de laatste inspectie op de streng. De grenswaarden voor vernieuwen is voor elke streng bepaald. In de volgende grafieken is voor het stelsel als geheel en voor delen van het stelsel in beeld gebracht hoe de kwaliteit en de vernieuwingskosten zich ontwikkelen.
Schadepuntenverloop en kostenontwikkeling (gehele stelsel)
De blauwe lijn stelt de ontwikkeling voor inclusief de gedefinieerde projecten. De rode lijn zonder deze projecten. De projectenkaart is gepresenteerd in hoofdstuk 5.
Schadepuntenverloop en kostenontwikkeling riolen met hoge impact (gewichtsfactor < 0.2) en riolen met lage impact (gewichtsfactor > 0.8)
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 11
7. Risicobeoordeling Rucphen De resultaten van een Rasmariant berekening kunnen worden geplot in een risicomatrix. Op de x-as van de matrix is dan de kwaliteit uitgezet in schadepunten per strekkende meter en op de y-as de impact van een gebeurtenis. De kwaliteit is een maat voor de faalkans. De exacte faalkans is op dit moment niet bekend. Samen met de Stichting RIONED wordt onderzoek uitgevoerd naar de faalkans van instortingen van riolen (www.rioolinstorting.nl).
In bovenstaande afbeelding stelt elke stip het risico voor dat een individuele rioolsteng heeft op een calamiteit. Het risico is berekend als de kans (uitgedrukt in schadepunten) X het gevolg (uitgedrukt in het gewicht). Binnen Rasmariant zijn grenzen (grenswaarden) gehanteerd voor ingrijpen bij belangrijke en minder belangrijke riolen. Deze zijn weergegeven in het hoofdstuk over beleid. In de beide volgende afbeeldingen is voor alle rioolstrengen weergegeven hoe de risico’s zich nu (in 2020) verhouden tot de risico’s in 2030, als het beleid wordt gevolgd en de bijbehorende investeringen zijn gedaan. De rode stippen zijn de riolen van de gemeente. De grijze stippen stellen de riolen voor van het samenwerkingsverband de Baronie.
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 12
8. Inspecteren Rucphen (risicogestuurd) Het inspecteren is risicogestuurd ingesteld. Daarbij is niet meer gekeken naar een vast interval tussen inspecties. De kwaliteit en de kwaliteitsontwikkeling zijn leidend. Er wordt gestuurd op kwaliteit. Riolen met een lage impact worden minder frequent geïnspecteerd en riolen met een hogere impact wordt frequenter geïnspecteerd. De grens is vastgesteld op een gewichtsfactor van 0.65. Afhankelijk van de gewichtsfactor wordt er bij een gedefinieerd aantal schadepunten stijging een inspectie gepland. Als gevolg van een in de toenemende veroudering leidt dit tot een steeds kleiner wordend inspectie interval.
De volgende instellingen zijn gehanteerd: • •
3 sppm - riolen met gewichtsfactor <0.65 1 sppm - riolen met gewichtsfactor >0.65
Naast de kwaliteitssturing zijn er nog een aantal redenen om te inspecteren. Deze zijn vastgelegd in de hierboven getoonde instellingen.
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 13
Inspectieadvies voor de periode 2023 – 2032 (inclusief projecten)
Inspectiekosten cumulatief en inspectielengte per jaar voor de periode 2023 – 2042 (inclusief projecten)
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 14
9. Bijzonderheden Aanlegjaar 1800 Er zijn 121 rioolstrengen met aanlegjaar 1800. Deze riolen worden niet gepland voor vernieuwing.
Hulppunt Er wordt veel gebruik gemaakt van de omschrijving hulppunt als puttype. De putnummers die eraan worden gekoppeld bestaan in veel gevallen vaker. Zo zijn er veel inspectieputten die hetzelfde putnummer hebben als de hulppunten. Dat is verwarrend.
Begin- en einddatum In leidingen is een begindatum een einddatum aangegeven. Je zou verachten dat de einddatum ook de fysiek einddatum is, dan wel dat dit de datum is waarop er is gerelined. Dat is niet het geval. De einddatum ligt zowel in het verleden als in de toekomst. Dat is verwarrend.
Jaar van renovatie Er ontbreekt een jaar van renovatie. Uit de materiaalomschrijving is af te lezen dat er is gerelined, echter niet wanneer dat is gebeurd. Het wordt sterk aangeraden dit jaar te verwerken in het beheersysteem.
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 15
10. Mapkit Mapkit kan gebruikt worden voor het presenteren van de resultaten van Rasmariant. In Mapkit zijn de meeste rekenresultaten zichtbaar te maken.
In Mapkit zijn ook de beschikbaar gestelde rioolinspecties verwerkt. Deze zijn direct te bekijken doordat ze zijn gekoppeld aan de betreffende streng. Extra rioolinspecties kunnen worden ingevoerd door ze eenvoudig in de kaart te slepen. Ook de foto’s en de films worden dan gekoppeld.
In de uitvoering is Mapkit te gebruiken door projecten te definiëren voor een afzonderlijke aannemers. Zo kunnen de reparaties worden toegekend aan een reparatieaannemer en de reinigingen aan een reinigingsaannemer. Elke aannemer krijgt zijn eigen werkomgeving, ziet zijn workflow, voert zijn werk uit en koppelt digitaal de resultaten terug aan de gemeente. Desgewenst kunnen bijzonderheden worden doorgegeven al dan niet voorzien van een foto.
gepland
in uitvoering
gereed gemeld
Ook voor rioolinstorting.nl maakt de Stichting RIONED gebruik van Mapkit. In rioolinstorting.nl kunnen individuele gemeenten hun calamiteiten registreren. Dat doen ze voor zichzelf, als naslag, en voor anderen. In de link een storymap met uitleg https://lnkd.in/dKuDFYR.
Bij vragen over het gebruik van Mapkit neem contact op met Ronald Laverman.
Project: Risico gestuurd rioolbeheer Rucphen – 2022/april 16
Bijlage V IBA-jaarrapportage 2021
IBA Jaarverslag 2021 Waterschap Brabantse Delta
Betreft
Beheer en onderhoud IBA-systemen 2021
Versie
Definitief
Datum
23 februari 2022
Opdrachtgever Waterschap Brabantse Delta Bouvignelaan 5 4836 AA Breda
Opgesteld door ing. J.G.(Harro) van der Zande Eindredactie P. (Peter) van Gurp (Waterschap Brabantse Delta)
Inhoudsopgave 1.
Inleiding .................................................................................................................................1
2.
Overzicht areaal ....................................................................................................................2
3.
Prestaties 2021 ......................................................................................................................3
3.1. Werkwijze en planning onderhoud ......................................................................................................... 3 3.2. Storingen en klachten ........................................................................................................................... 4 3.3. Functioneren ........................................................................................................................................ 8
4.
Kosten ...................................................................................................................................9
4.1. Onderhoudskosten beheersgebied ........................................................................................................ 9 4.2. Onderhoudskosten per gemeente.......................................................................................................... 9 4.3. Vergelijk t.o.v. onderhoud 2020 ........................................................................................................... 10
5.
Conclusie............................................................................................................................. 11
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
1. Inleiding Waterschap Brabantse Delta verzorgt sinds 2006 het beheer en onderhoud van circa 700 IBA-systemen binnen haar beheersgebied. De IBA-systemen zijn eigendom van de gemeenten. Deze gemeenten hebben gekozen voor de zogenaamde verbrede zorgplicht. Het waterschap verzorgt het beheer en onderhoud dan ook in opdracht van de gemeenten. Na een openbare aanbesteding is het onderhoud aan de IBA-systemen met ingang van 1 januari 2020 gegund aan Copier Water. Omdat Copier Water ook de onderhoudspartij mocht zijn in het vorige contract kan zij bij haar jaarlijkse rapportage ook terugkijken naar historische gegevens. Dit jaarverslag verstrekt informatie aan het WSBD voor de verslaglegging zoals die door het waterschap wordt gepresenteerd aan de gemeenten.
Figuur 1 – Beheersgebied Waterschap Brabantse Delta
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
2. Overzicht areaal In onderstaande tabel worden de aantallen en verschillende IBA-systemen per gemeente weergegeven. Hierbij moet worden opgemerkt dat het beheerpakket SAM3 geen mogelijkheden biedt om een selectie te maken op originele productnamen. In SAM3 kan alleen op aantal tanks worden geselecteerd.
Boralit
Boralit
Eternit
Akanova
Modificatie
SC
BCI
EP
Upoclean
SBR
Breda
Ander
4
Dongen 4
Halderberge
55
Moerdijk
3
Rucphen
154
37
Steenbergen
215
127
Tilburg
1
369
165
56
3
1
73
196
1
343
1
22
61 88
5
3
1
1
12 1
21
Woensdrecht
Totaal
4 12
Geertruidenberg
Totaal
VST
62 5
1
2
703
Figuur 2 – Tabel indeling per gemeente naar merk en type (bron: SAM-beheerapplicatie WSBD)
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
3. Prestaties 2021 3.1. Werkwijze en planning onderhoud Het preventieve onderhoud volgt zoveel als mogelijk een vaste jaarplanning. Hiermee wordt gerealiseerd dat alle systemen met een vrijwel gelijke frequentie worden bezocht. Het onderhoud vind plaats gedurende het gehele jaar al kent het een intensieve periode voor en na de zomervakantie. Indicatief schetst onderstaande afbeelding de werkzaamheden per gemeente in 2021.
Figuur 3 – Jaarinzet onderhoud per maand per plaats 2021
De ervaring heeft geleerd dat ondanks aangekondigde onderhoudsbezoeken de bewoners toch niet thuis zijn bij het bezoek en/of er toch nog op het laatste moment verzoeken komen voor een ander moment. Er worden geen percelen betreden zonder dat de bewoners daar mee in hebben gestemd. Zoveel als mogelijk worden deze adressen “ingehaald” in de periode erna. Ander aspect is het feit dat gedurende langere perioden in 2021 er diverse vormen van restricties in het kader van COVID-19 van toepassing waren. De indruk bestaat dat bewoners als gevolg hiervan terughoudender waren met betrekking tot het laten uitvoeren van onderhoud.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
3.2. Storingen en klachten Storingen en klachten kunnen door bewoners worden gemeld op een speciaal 0800-storingsnummer dat gratis 24x7 bereikbaar is. Storingen en klachten zijn primair afgehandeld door Copier Water. In navolgende afbeelding wordt het aantal afgehandelde meldingen aan in beheer zijnde IBA-systemen weergegeven. In 2021 zijn in totaal 209 meldingen (storingen) geregistreerd in het SAM-beheer pakket. Over de gehele linie is licht lager ca. 5% ten opzichte van 2020.
Aantal meldingen 2021 35 30 25 20 15 10 5 0 jan
feb
mrt
apr
mei
Kwrt1
jun
jul
aug
Kwrt2
sep
okt
nov
Kwrt3
dec
Kwrt4
2021 IBA
Figuur 4 – Totaaloverzicht storingen systemen in 2021
Meerjaren overzicht meldingen 90
85
83
82
79
80
74
70 61
60
62 58
55
54
64
61 56
56
52 46
50
46
43
36
40
32
30 20 10 0 Kwrt1 Kwrt2 Kwrt3 Kwrt4 Kwrt1 Kwrt2 Kwrt3 Kwrt4 Kwrt1 Kwrt2 Kwrt3 Kwrt4 Kwrt1 Kwrt2 Kwrt3 Kwrt4 Kwrt1 Kwrt2 Kwrt3 Kwrt4 2017
2018
2019
2020
2021
IBA
Figuur 5 – Meerjaren overzicht meldingen totaal gebied.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
De dalende trend uit de voorgaande jaren lijkt zich de afgelopen jaren wat uit te vlakken. Duidelijk blijkt dat ook in 2021 de eerste kwartalen het kenmerkende hogere aantal meldingen optreden. Vaak door een eerste “confrontatie” met de iba in het voorjaar. Evenals in 2020 is er geen sprake van een dip in het aantal meldingen in de zomerperiode. Gedetailleerd naar de onderliggende gemeentes is een lichte toename bij 6 van de 9 gemeentes waarneembaar wat wellicht is te relateren aan de “thuisblijvers”. De storingsratio van de gemeente Steenbergen bleef vrijwel ongewijzigd van 0,28 (2020) naar 0,27 (2021). Deze gemeente beschikt ook over het grootste aantal systemen.
Meerjaren overzicht storingen per gemeente 129
140 114
109
120
97
90
100
56
60
65 54
38 26
3
3
9
4
22 5
1
19 2
3
2
7
Halderberge
1
Geertruidenberg
4
Breda
2
Dongen
16
9
Geertruidenberg
1
Dongen
Geertruidenberg
27
22 5
Geertruidenberg
Breda
Dongen
23 10
Breda
1
Dongen
2
Geertruidenberg
1
Dongen
27
40 20
94 79
80
2
1
2017
2018
2019
2020
Tilburg
Woensdrecht
Rucphen
Steenbergen
Moerdijk
Tilburg
Woensdrecht
Rucphen
Steenbergen
Halderberge
Nieuw-Vossemeer
Breda
Tilburg
Woensdrecht
Rucphen
Steenbergen
Halderberge
Tilburg
Woensdrecht
Rucphen
Steenbergen
Halderberge
Tilburg
Woensdrecht
Rucphen
Steenbergen
Halderberge
0
2021
IBA
Figuur 6 – Meerjaren overzicht meldingen per gemeente.
Een vergelijk tussen het aantal bronadressen van storingen ten opzichte van het gehele areaal binnen het gebied van WSBD resulteert in het gegeven dat pakweg 17% van de adressen verantwoordelijk zijn voor alle storingen in het gebied. Een en ander blijkt uit onderstaande grafiek.
17%
83%
Figuur 7 – Relatie tussen aantal storingsadressen en gehele areaal WSBD.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
Uit een analyses van deze trend binnen de plaatsen met grotere aantallen iba’s zoals Halderberge, Rucphen, Steenbergen en Woensdrecht blijkt dit ook het algemene beeld te zijn. De volgende grafieken schetsen een beeld van de relatie tussen het volledige areaal en het aantal locaties welke de bron van de storingen vormden. Steenbergen 15%
Rucphen
Halderberge
Woensdrecht
10%
21%
79%
85%
19%
81%
90%
Figuur 8 – Relatie tussen aantal storingsadressen en areaal per gemeente.
In onderstaande tabel zijn Onderstaande tabel schets de top 30 van 2021. Hierin is tevens gemarkeerd of betreffend adres ook in de top 30 voorkwam van eerdere jaren:
Adres
Plaatsen
Aantal
2020
2019
meldingen 2021 1
Engelseweg 1d
Steenbergen
8
2
Kruislandsedijk 32
Steenbergen
8
3
Zundertseweg 37
Rucphen
5
4
Posthoorn 7a (VST)
Rucphen
3
5
Schietbaan De 11
Rucphen
3
6
Canadezenweg 2
Steenbergen
3
7
Achterhoeksestraat 106
Rucphen
3
8
Heistraat 4
Rucphen
3
9
Rolafseweg 11
Steenbergen
3
10
Steenpaal 5
Rucphen
3
11
Drielindekensdijk 3
Steenbergen
3
12
Waspikseweg 27
Dongen
3
13
Leguijt 4
Steenbergen
3
14
Martinushoeveweg 9
Woensdrecht
3
15
Roosendaalsebaan 23
Rucphen
2
16
Lage Zegstraat 17
Rucphen
2
17
Vierbundersweg 90
Tilburg
2
18
Leguijt 3
Steenbergen
2
19
Kapelverestraat 16
Rucphen
2
20
Dreefje Het 7
Rucphen
2
21
Schietbaan De 5
Rucphen
2
22
Mariadijk 3
Steenbergen
2
23
Lage Zegstraat 14
Rucphen
2
24
Achterhoeksestraat 79
Rucphen
2 2
25
Rijksweg Zuid 95
Rucphen
26
Achterhoeksestraat 77
Rucphen
2
27
Rolafseweg 9
Steenbergen
2
28
Nieuwe Dijk 3
Woensdrecht
2
29
Kruislandsedijk 27
Steenbergen
2
30
Oliesteenenweg 2
Halderberge
2
Figuur 9 – Tabel met “top 30” storingslocaties in 2021.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
De oorzaak van de storingen zijn enorm divers maar vanuit het beheerpakket SAM en verdere analyse van de uitkomsten terug te herleiden tot de navolgende hoofdoorzaken:
Gebruik gerelateerd/ Lozingsgedrag; verstoppingen door doekjes, maandverband, haren, drijflagen, overmatig toiletpapier, vet en overbelasting;
Vervuiling; vuilophopingen in het systeem, drijflagen, slibafzetting die de normale functionaliteit
Defecten; defecten in relatie tot de iba zoals afgebroken luchtslangen, emmers, vaten, luchtpompen,
Bouwkundig; verzakkingen, vastzittende en/of verborgen toegangen, gebroken leidingen, vervormingen
verstoren; effluentpompen, drukopnemers en aanrijschade; tanks en tussenschotten;
Leidingwerk; toe- en/of afvoerleidingen geblokkeerd, foutief afschot, breuk en/of schade;
Lozing; geblokkeerd lozingspunt zoals niet werkende infiltratie en/of te hoog slootpeil;
Elektrisch; sluiting of defect in besturing iba, sluiting in voeding vanuit woning, sluiting in kabels,
Pompen; verstoppingen, sluiting, geblokkeerde vlotters;
Overig; veelal gerelateerd aan de afvoerleiding van de gebruiker.
werkzaamheden bewoner/derden;
9% 7%
14% 20%
16%
10%
7% 10% 7%
Gebruik-gerelateerd
Vervuiling
Defecten
Bouw-kundig
Leidingwerk
Lozing
Elektrisch
Pompen
Overig
Figuur 11 – Verdeling hoofdoorzaken van storingen.
Ondanks het gevarieerde beeld qua onderliggende oorzaken is circa 30% van alle meldingen gerelateerd aan de aspecten gebruik en/of vervuiling als gevolg daarvan. Samen met de aspecten bouwkundig en defecten aan de basis van 50% van alle meldingen. De iba’s van het type Boralit BCI vertonen evenals in voorgaande jaren de meeste gevoeligheden en gebreken en staan aan de basis van vele storingen. IBA Jaarverslag 2021 WSBD
In het kader van het historisch perspectief is het percentage storingen t.o.v. het totaal areaal wederom in navolgende figuur aangegeven.
40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% 2006
2007
2008
2009
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
Figuur 10 – Historie van storingsmeldingen als percentage van aantal IBA-systemen. Een duidelijke trend lijkt waarneembaar.
3.3. Functioneren De BRL K14035 kent met betrekking tot het beoordelen van het zuiveringsproces van kleine afvalwaterzuiveringen (tot 50IE) een tweetal beoordelingsmethodieken welke gerelateerd zijn aan het activiteitenbesluit milieubeheer §3.1.4 zijnde:
Beoordeling “basis” voor systemen tot 6IE zonder aanvullende (lozings-)voorwaarden van het bevoegd
Beoordeling “norm” voor alle systemen tot 50IE met (lozings-)voorwaarden van het bevoegd gezag.
gezag;
Binnen het onderhavige onderhoudscontract is tussen partijen afgesproken alle IBA-systemen te beoordelen volgens de methodiek “basis”. Hierbij wordt in de basis alleen een oordeel gegeven over het proceswater in de voorbezinker, de reactor en de nabezinker (indien deze componenten allen voorhanden zijn). Het beheerspakket welke door het WSBD ter beschikking is gesteld om de registraties biedt onvoldoende mogelijkheden de relevante parameters op te nemen. Het beoordelen van een aantal parameters met betrekking tot de waterkwaliteit en/of functioneren van het proces is niet conform de BRL. Als gevolg hiervan is, op het moment van deze rapportage, uit de beschikbare data geen sluitende analyse te maken die een beeld geeft van de effluentkwaliteit c.q. het zuivering technische rendement van de iba’s als geheel. Een op eigen initiatief uitgevoerde steekproef op de mate van helderheid van het effluent resulteerde in ongeveer 14% een tegenvallend resultaat op.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
4. Kosten 4.1. Onderhoudskosten beheersgebied In onderstaande tabel zijn de kosten opgesplitst van het uitgevoerde onderhoud in 2021. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen de planbare preventieve kosten, niet planbare correctieve kosten en herstelkosten als gevolg van gepland en/of onvoorzien noodzakelijke investeringen.
Totale kosten Preventief onderhoud
€ 50.721
Correctief onderhoud
€ 26.950
Herstel / reparatie
€ 17.063
Beheer
0
Totale kosten
€ 94.734
Figuur 11 – Tabel kosten van beheer en onderhoud 2021
4.2. Onderhoudskosten per gemeente Uit een analyse van de kosten per gemeente ontstaat het volgende overzicht. Hierbij moet worden opgemerkt dat een aantal gemeentes herstel c.q. investeringen via het onderhoudscontract hebben afgewikkeld wat het beeld licht vertekend.
Preventief onderhoud
Correctief onderhoud
Breda
€ 159
€ 123
Herstel / investering
Totaal kosten onderhoud
Totaal kosten per IBA1
€ 282
€ 70
Dongen
€ 875
€ 613
€ 1.487
€ 124
Geertruidenberg
€ 159
€ 123
€ 1.175
€ 1.456
€ 291
Halderberge
€ 2.942
€ 1.225
€ 694
€ 4.860
€ 87
Moerdijk
€ 159
€ 123
€ 282
€ 94
Rucphen
€ 14.231
€ 10.413
€ 8.323
€ 32.966
€ 168
Steenbergen
€ 26.633
€ 11.883
€ 4.692
€ 43.207
€ 126
Tilburg
€ 1.352
Woensdrecht
€ 4.214
€ 2.450
€ 2.179
€ 1.352
€ 61
€ 8.842
€ 143
€ 94.734
€ 135
Figuur 12 – Tabel kosten van onderhoud 2021 per gemeente
1 De bedragen theoretisch en bepaald door de kosten te verdelen over het gehele areaal van elke gemeente. Gezien het grote verschil in aantallen kunnen hierdoor relatief grote
fluctuaties ontstaan in deze theoretische eenheidsprijzen.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
Gevisualiseerd naar daadwerkelijke totaalkosten gemoeid met het in stand houden van de iba systemen levert navolgende grafiek op.
€60.000,00
€50.000,00
€40.000,00
€30.000,00
€20.000,00
€10.000,00
€-
POH totaal
COH tot
Herstel/reparatie
Figuur 13 – Verdeling kosten onderhoud 2021 per gemeente.
4.3. Vergelijk t.o.v. onderhoud 2020 Het uitvoeren van preventief onderhoud op afspraak bleek in 2021 moeizamer te organiseren. Bij het daadwerkelijke onderhoudsbezoek bleek niemand thuis, bezoekafspraken werden op verzoek uitgesteld en op in de bus gedeponeerde brieven werd niet gereageerd. Alle adressen zijn wel fysiek minimaal 1 x bezocht maar voornoemde oorzaken hebben geresulteerd dat formeel op 39 adressen geen volledig onderhoud heeft plaats kunnen vinden. Wellicht dat de COVID epidemie ook mede aanleiding was dat mensen terughoudend(er) hebben gereageerd. Naar aanleiding van opmerkingen is, in tegenstelling tot voorgaande jaren, geen poging gedaan deze adressen te onderhouden zonder contact en/of aanwezigheid van de gebruiker(s). In een 9-tal gevallen is het onderhoud niet mogelijk gebleken als gevolg van verbouwingen, sloop en/of geblokkeerde toegang. Daarnaast zijn in het afgelopen jaar een aantal systemen om diverse redenen uit het onderhoud gegaan. Het beeld wat ca. 6% lagere (51k) preventieve onderhoudskosten voor 2021 schetst dan in 2020 (54k) is daardoor enigszins optimistisch. De kosten gemoeid met correctieve inzet zijn vrijwel identiek aan die van het voorgaande onderhoudsjaar net onder de € 30.000. Er zijn binnen de contractuele afspraken duidelijk minder grootschalige herstelwerkzaamheden gedaan.
In een aantal gevallen is herstel rechtstreeks door de diverse gemeentes verzorgd.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
5. Conclusie Deze rapportage schetst een beeld op hoofdlijnen van de inspanningen, kosten en geeft een toelichting op de achterliggende oorzaken. De totale kosten gemoeid met het uitvoeren van preventief en correctief onderhoud zijn vrijwel vergelijkbaar met het voorgaande onderhoudsjaar 2020 en liggen rond de € 80.000 per jaar voor het gehele onderhoudsgebied. In lijn met het grotere aantal iba’s zijn de gemeentes Rucphen en Steenbergen met name geconfronteerd met aanvullende reparatie/herstel kosten van opgetreden gebreken. Ondanks een nagenoeg gelijk aantal storingen in 2021 als in 2020 lijkt, over langere periode terug bekeken, de stijgende trend in het aantal meldingen zich te continueren. Alle meldingen in 2021 zijn terug te herleiden aan slechts 17% van het gehele areaal. Grofweg kan daarmee worden gesteld dat ruim 80% van het areaal redelijk storingsvrij heeft gefunctioneerd. Pakweg 30% van alle meldingen zijn terug te herleiden aan gebruik, zware belasting en vervuiling dien ten gevolge. Ruim 40% van de meldingen kunnen toegekend worden aan de afnemende technische en bouwkundige conditie van de systemen. Het merendeel van de systemen zijn rond de 18 jaar oud. Zeker op onderdelen en inwendige componenten naderen de systemen in zekere zin het technische afschrijvingsmoment.
Zonder structurele vorm van renovatie is het reel te veronderstellen dat de benodigde inspanningen op het correctieve vlak zullen toenemen de komende jaren. De iba systemen van het type BCI en Akanova kennen een wat complexer binnenwerk. Met name in de BCIsystemen is sprake van een toenemend aantal defecten in leidingwerk, conus en slangen. Defecten van deze orde zijn niet direct te herstellen. In sommige gevallen is het praktischer het volledige systeem te renoveren. Als het de ambitie is een maximaal haalbare effluentkwaliteit na te streven, is een veel actiever beheer wenselijk. Een eenmalig preventief bezoek per jaar aan systemen is door de technische conditie en belasting onvoldoende. Deels is dit het gevolg van de beperkingen van de iba zelf maar ook zijn er een aantal met bijzonder gebruik. Hierbij te denken aan kinderdagverblijven, bed & breakfast en onderkomens voor arbeidsmigranten. De toekomstige werkwijze kan tweeledig zijn:
Handhaven huidig onderhoudsregiem en toenemende onzekere correctieve kosten accepteren;
Handhaven huidig onderhoudsregiem en intensiveren onderhoud op probleemlocaties al of niet i.c.m. herstel: 20% van alle adressen staan aan de basis van alle meldingen;
Wij adviseren een gestructureerd renovatieprogramma op te zetten om de aanwezige systemen de komende jaren weer op te waarderen voor de volgende 25 jaar. Een minst ingrijpende oplossing voor de gebruiker is het renoveren van de bestaande iba systemen. Hierbij wordt de bestaande behuizing/tanks hergebruikt maar alle andere componenten en besturing vervangen door nieuwe onderdelen. Deze werkwijze wordt elders in den lande reeds voor vele waterschappen en gemeentes toegepast.
IBA Jaarverslag 2021 WSBD
Bijlage VI Raadsvoorstel 2 februari 2022 extra informatie en budget verhoogde ambitie integrale projecten
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 2 februari 2022
Agendanummer 06
Commissievergadering EROM 19 januari 2022
Agendanummer 07
Consequenties van integrale projecten voor gemeentelijk rioleringsplan Voorstel: 1. Kennis te nemen van de planning van ‘integrale projecten openbare ruimte’ en de consequenties daarvan voor discipline ‘rioolbeheer/klimaatadaptatie’ en het gemeentelijk rioleringsplan (GRP). 2. Een krediet beschikbaar te stellen van € 502.000,- in 2022 voor rioolbeheer/klimaatadaptatie, als aanvullende investering op de programmabegroting 2022. 3. Een structureel budget beschikbaar te stellen in verband met de personele uitbreiding van 0,75 fte voor de reguliere taken rioolbeheer uit het GRP en de ambitieuze planning van integrale projecten. 4. De 4e begrotingswijziging 2022 vast te stellen. Samenvatting: In de kadernota 2022 is ten aanzien van de planning van integrale projecten openbare ruimte invulling gegeven aan de bestuurlijke ambitie. De financiële en personele consequenties van de planning van de integrale projecten openbare ruimte in de periode 2022 t/m 2025, zijn in de kadernota/programmabegroting 2022 niet volledig in beeld gebracht voor het GRP. Gezien de impact wordt hiervoor voor het jaar 2022, middels dit voorstel aparte besluitvorming aan uw raad voorgelegd. Motivering: Consequenties voor discipline ‘rioolbeheer/klimaatadaptatie’ en het gemeentelijk rioleringsplan: In het gemeentelijk rioleringsplan 2018-2022 (GRP) zijn kosten geraamd voor rioolbeheer en klimaatadaptatie.
Tevens is bepaald dat de uitvoering van werkzaamheden integraal wordt afgestemd en zal worden gecombineerd met wegbeheer en reconstructies van de openbare ruimte, zodat kosteneffectief ‘werk-met-werk’ gemaakt kan worden. Er staan de komende jaren meer integrale projecten op de planning dan in het GRP was voorzien. Daarom is in de kadernota 2022 aangegeven, dat de bedragen voor investeringen ‘rioolvervanging vrijverval en drainage’ en ‘afkoppelen / klimaatadaptatie’ kunnen wijzigen bij integrale projecten. In dit voorstel geven we daar verdere invulling aan. In bijlage c. ‘update GRP integrale projecten’ zijn de geraamde GRP-investeringen gespecificeerd voor 2022 t/m 2025. Het meerjaren investeringsprogramma begroting ‘22 is vermeld in bijlage d. Voor 2022 is het verschil €502.000,- en t/m 2025 is het verschil € 3.197.000,-. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat stuurt gemeenten aan middels het ‘deltaplan ruimtelijke adaptatie’ (DPRA) om uiterlijk in 2050 ‘klimaatproof’ te zijn ten aanzien van o.a. droogte en wateroverlast ten gevolge van neerslag en overstroming. Voor onze gemeente zijn in dit kader inmiddels klimaatstresstesten uitgevoerd, waaruit is gebleken dat er een forse opgave is die de gemeente samen met inwoners en stakeholders moet gaan oppakken.
2
De opgave voor de riolering is in beeld gebracht middels een ‘Systeemoverzicht Stedelijk Waterplus’ (SSW+). Hieruit blijkt de noodzaak om klimaatadaptatie-maatregelen integraal mee te nemen bij reconstructie van de openbare ruimte. Geen kansen missen in afwachting van besluitvorming raad klimaatadaptatie: In het kader van het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) moeten gemeenten de impact van klimaatverandering in beeld brengen en een ambitie door de gemeenteraad laten vaststellen voor klimaatadaptatie-maatregelen. Deze besluitvorming was gepland in 2021 maar is vertraagd, waardoor pas in 2022 besluitvorming over het ambitieniveau zal plaatsvinden. Desondanks is met dit voorstel ingezet op het benutten van kansen bij integrale projecten, door klimaatadapatiemaatregelen mee te nemen bij wegreconstructies. Immers, eerst de weg reconstrueren en pas na klimaatadaptatie-besluitvorming alsnog maatregelen uitvoeren zou leiden tot kapitaalvernietiging. Overigens is ‘integraal werk-met-werk-maken’ ook onze huidige werkwijze. Middelen: Om rioolreparaties en klimaatadaptatie-maatregelen integraal uit te kunnen voeren in combinatie met wegreconstructies, zal in de periode 2022 t/m 2025 een extra krediet benodigd zijn van circa € 3.197.000,- te dekken door het GRP. Dit is gespecificeerd in bijlage ‘Update GRP integrale projecten’.
Voor 2022 vragen we hiervan een extra krediet van € 502.000,- beschikbaar te stellen voor rioolbeheer/ klimaatadaptatie, als aanvullende investering op de programmabegroting 2022. De afschrijvingslasten hiervan, worden vanaf 2023 opgevangen binnen de voorziening Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP). De rioolheffing hoeft nu dus niet verhoogd te worden. De extra benodigde kredieten vanaf 2023 worden meegenomen bij het opstellen van het nieuwe GRP dat later in 2022 aan de raad zal worden voorgelegd. Bij de Kadernota 2023 zullen we deze bedragen al opnemen en toelichten in het Investeringsprogramma. Indien ten gevolge van Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie extra investeringen nodig zijn, dan komt de toekomstige tariefsopbouw rioolheffing onder druk te staan. Dit zal nader uitgewerkt worden in het nieuwe GRP. Structurele uitbreiding 0,75fte + eenmalig budget voor 2022 Om invulling te kunnen geven aan de reguliere taken qua rioolbeheer uit het GRP en de ambitieuze planning van integrale projecten, is 1 fte extra formatie nodig. Voorgesteld wordt de aanvullende middelen voor 0,75 fte aan extra formatie beschikbaar te stellen vanaf 2022. Dit komt neer op een bedrag van € 52.500,00. Daarnaast wordt voor 2022 een eenmalig budget gevraagd van € 37.500,00, voor de uitbesteding van de voorbereidende werkzaamheden van integrale projecten GRP.
Beide budgetten kunnen worden opgevangen binnen de voorziening GRP. Verschuiving taken servicedienst Doordat het huidige GRP dateert uit 2017, hebben er de afgelopen jaren verschuivingen plaatsgevonden in de werkzaamheden bij de servicedienst. Om aansluiting te houden bij de werkelijke situatie dient 500 uur (komt neer op € 22.650,00) verschoven te worden van riolering naar wegen. Deze 500 uur werd bekostigd uit de voorziening GRP. Doordat deze uren nu worden overgeheveld naar wegen komen deze kosten structureel ten laste van het begrotingssaldo. Vervolg: Deze ontwikkeling maakt onderdeel uit van de klimaatopgave, waarvoor in 2022 aan uw raad gevraagd zal worden om het ambitieniveau in relatie tot klimaatbeleid vast te stellen. In 2022 zal ook een nieuw GRP ter vaststelling aan u worden voorgelegd.
3
Rucphen, 7 december 2021 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,
de burgemeester,
drs. S. Michielse.
mr. M. van der Meer Mohr.
Bijlage(n): a. Conceptbesluit b. 4e begrotingswijziging 2022 Ter inzage voor raadsleden: c. Update GRP integrale projecten d. meerjaren investeringsprogramma begroting ‘22
RAADSBESLUIT Consequenties van integrale projecten voor gemeentelijk rioleringsplan 2 februari 2022 De raad van de gemeente Rucphen, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 7 december 2021 overwegende de planning van ‘integrale projecten openbare ruimte’ en de consequenties daarvan voor discipline ‘rioolbeheer/klimaatadaptatie’ en het gemeentelijk rioleringsplan (GRP), gelet op de financiële en personele consequenties van de planning van de integrale projecten openbare ruimte in periode 2022 t/m 2025, die in de kadernota en programmabegroting 2022 niet volledig in beeld zijn gebracht voor het GRP, gehoord de commissie Economie, Ruimtelijke Ordening en Milieu op 19 januari 2022, besluit: 1. Kennis te nemen van de planning van ‘integrale projecten openbare ruimte’ en de consequenties daarvan voor discipline ‘rioolbeheer/klimaatadaptatie’ en het gemeentelijk rioleringsplan (GRP). 2. Een krediet beschikbaar te stellen van € 502.000,- in 2022 voor rioolbeheer/klimaatadaptatie, als aanvullende investering op de programmabegroting 2022. 3. Een structureel budget beschikbaar te stellen in verband met de personele uitbreiding van 0,75 fte voor de reguliere taken rioolbeheer uit het GRP en de ambitieuze planning van integrale projecten. 4. De 4e begrotingswijziging 2022 vast te stellen.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Rucphen in zijn openbare vergadering van 2 februari 2022, de griffier,
de voorzitter,
J.J.H. Lahaije, plv.
mr. M. van der Meer Mohr.
Bijlage VII Programma 2022 water – klimaatkring De Baronie
Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie De Baronie Maart 2022
1
Inhoudsopgave 1
2
3
4
5
6
Regionale aanpak klimaatadaptatie
4
1.1
Klimaatadaptatie op alle schaalniveaus
4
1.2
Werkregio: Waterkring en Klimaatkring de Baronie
5
1.3
Samenhang met andere transities in de Baronie
5
1.4
Conclusie
6
De klimaatadaptatie opgave voor De Baronie
7
2.1
Gebiedskenmerken van regio de Baronie
7
2.2
Kwetsbaarheden voor klimaatverandering in de Baronie
8
2.3
Van kwetsbaarheden naar klimaatopgaven
9
Terugblik: we zijn al op weg
10
3.1
Klimaatkring
10
3.2
Waterkring
11
Regionale ambitie en doelen
13
4.1
Ambitie in de Baronie
13
4.2
Visie op de regionale samenwerking
13
4.3
Doelen Klimaatkring de Baronie
14
4.4
Doelen Waterkring de Baronie
15
4.5
Koppeling met andere netwerken
15
4.6
Vergelijking met andere werkregio’s
16
Organisatie
17
5.1
Organisatie Klimaatkring
17
5.2
Organisatie Waterkring
18
5.3
Integraal werken aan klimaatadaptatie
19
5.4
Monitoring en evaluatie
19
Programma 2022: Klimaatkring
21
6.1
Klimaatthema’s in de Baronie: waar willen we aan werken?
21
6.2
Uitvoeringsprogramma: Hoe pakken we het aan?
24
6.3
Programmalijn 1: Prio-projecten kracht bijzetten
24 2
7
8
6.4
Programmalijn 2: Samenwerken op thema’s
25
6.5
Programmalijn 3: Procesondersteuning
26
6.5.1
Inzicht, in projecten en het netwerk
26
6.5.2
Sturen, met gedeelde richtlijnen voor klimaatadaptatie
28
6.5.3
Verbinding in en versterking van het netwerk
29
6.5.4
Financieren, met cofinanciering en de investeringsagenda
30
Programma 2022: Waterkring
33
7.1
Uitvoeringsprogramma, planning en prioriteit
33
7.2
Toelichting activiteiten 2022
33
Doorkijk: Programma 2023 en verder
39
Bijlage 1: Overzichtskaart
41
Bijlage 2: Begroting
42
Kostenverdeelsleutel
42
Totale begroting
42
Programmamanagement
43
Klimaatkring de Baronie
44
Waterkring de Baronie
45
3
1
Regionale aanpak klimaatadaptatie
In de Baronie willen we bouwen aan een groene en aantrekkelijke leefomgeving. De wens om te recreëren in openbare ruimte neemt toe, de roep om eerlijkere duurzame lokale economie neemt toe en mensen hechten steeds meer waarde van een gezonde verblijfsruimte. Tegelijk verandert het klimaat. Daardoor krijgen we vaker te maken met hitte, droogte en hevige neerslag en overstromingen. We willen zoveel mogelijk klimaatverandering voorkomen, ofwel de gevolgen van het veranderende klimaat mitigeren. Tegelijkertijd moeten we er rekening mee houden dat we het niet helemaal kunnen voorkomen. We willen (en kunnen) onze omgeving op het veranderende klimaat aanpassen, ook wel klimaatadaptatie genoemd. Als laatste zien we een grote woningbouwopgave op ons afkomen. Het is belangrijk om de balans te krijgen en houden tussen wonen, werken, mobiliteit en landschap. Er zijn voldoende redenen om met ons landschap, ons water en ons groen onder de vlag van klimaatadaptatie aan de slag te gaan.
1.1
Klimaatadaptatie op alle schaalniveaus
Landelijk: Sinds 2018 werken de Nederlandse overheden (gemeenten, waterschappen, provincies en Rijk) aan het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie, waarin zij afspraken om lokaal en regionaal samen te werken aan klimaatadaptatie. Het Deltaplan versnelt en intensiveert de aanpak van wateroverlast, hittestress, droogte en de gevolgen van overstromingen volgens zeven ambities, om als Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te zijn ingericht. Provinciaal: In Noord-Brabant wordt al sinds 2016 door gemeenten, waterschappen, de provincie en de waterleidingbedrijven in negen werkregio’s samengewerkt aan het opstellen van regionale uitvoeringsprogramma’s om de ambities op klimaatadaptatie te realiseren. Provincie Noord-Brabant en Limburg en de inliggende werkregio’s nemen als regio Zuid-Nederland de bovenregionale opgaven en acties uit de losse uitvoeringsprogramma’s op in het Uitvoeringsprogramma Zuid-Nederland (UPZN) 2021 – 2027. Dit is een belangrijk strategisch document voor de betrokken overheden en ook richting het Rijk om haar verantwoordelijkheid en financiële bijdrage meer in lijn te brengen met de omvang van de opgave. Het platform Zuid-Nederland zet in op vier strategieën: 1. 2. 3. 4.
Samen werken waar het kan, apart als het moet Gebiedsgericht in gesprek met alle betrokkenen Alle opgaven aan tafel De basis leggen in het omgevingsbeleid
Regionaal: Vanuit negen werkregio’s wordt in Noord-Brabant (45 werkregio’s landelijk) gewerkt aan klimaatadaptatie. Gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Breda, Etten-Leur, Rucphen en Zundert vormen samen met waterschap Brabantse Delta en drinkwaterbedrijf Brabant Water formeel Werkregio de Baronie. Gemeente Gilze-Rijen en provincie Noord-Brabant maken in de praktijk ook deel uit van de werkregio. Lokaal: Naast een regionaal uitvoeringsprogramma voor klimaatadaptatie, is iedere gemeente in de regio verantwoordelijk om te bepalen wat er op lokaal niveau nodig is ten aanzien van klimaatadaptatie. Hiervoor stellen de gemeenten ieder een lokaal uitvoeringsprogramma op, volgend uit lokale stresstesten en klimaatdialogen.
4
1.2
Werkregio: Waterkring en Klimaatkring de Baronie
In 2018 en 2019 heeft Werkregio de Baronie zich ingespannen om bekend te raken met het thema ruimtelijke adaptatie. In 2019 is een zachte scheiding gemaakt tussen een Waterkring en een Klimaatkring. In de waterkring komen voornamelijk specialisten en beleidsadviseurs op het gebied van (afval)water samen om aan de doelen van het Bestuursakkoord Water te (blijven) werken. In de klimaatkring komen voornamelijk specialisten en beleidsadviseurs op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie bij elkaar om onder andere het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie uit te voeren. Dit uitvoeringsprogramma betreft zowel de inzet van de waterkring als de klimaatkring. De inzet van de Waterkring is gericht op de opgaven in de (afval)waterketen. Het Bestuursakkoord Water (BAW) heeft een intensievere samenwerking in de (afval)waterketen doen ontstaan. Dat bevalt goed en gaat door. Daarnaast draagt de Waterkring bij aan de andere transities in De Baronie, door waar nodig expertise te leveren in de diverse initiatieven en strategieën waaraan de gemeenten in de Baronie samenwerken. De inzet van de Klimaatkring is gericht op omgang met extreem weer. De aandacht is uitgegaan naar mogelijke aanpakken, leertrajecten, beleidskeuzes en het bouwen van netwerken. In 2019 zijn klimaatstresstesten uitgevoerd en is kennis gedeeld over de aanpak van ruimtelijke adaptatie.
De kennisuitwisseling varieert hierbij van de toepassing van stresstesten tot het informeren van gemeenteraden en het starten van eigen en gezamenlijke risicodialogen. Samenwerken op lokaal én regionaal niveau, met overheden, strategische partners en organisaties is noodzakelijk en wenselijk om de komende jaren te werken aan een gezamenlijke klimaatadaptieve gebiedsontwikkeling. Vanuit de Baronie sluiten we dan ook nauw aan bij samenwerkingsverbanden als de Regionale Investeringsagenda de Baronie, maar ook met andere werkregio’s die met klimaatadaptatie bezig zijn.
1.3
Samenhang met andere transities in de Baronie
Klimaatadaptatie is in de Baronie één van de transities in de leefomgeving. Op dit moment worden bijvoorbeeld ook binnen de Regionale Energiestrategie (RES) regionale plannen gemaakt voor de energietransitie, wordt met LandStad de Baronie gewerkt aan een streekagenda en wordt binnen de Stedelijke Regio Breda-Tilburg gewerkt aan de balans tussen wonen, werken, mobiliteit en landschap. Daarnaast liggen er opgaven vanuit de omgevingswet, stedelijk waterbeheer, landbouw, biodiversiteit en natuurontwikkeling. Vanuit deze regionale ontwikkelingen en programma’s bestaat de behoefte om plannen en initiatieven op elkaar af te blijven stemmen en te bundelen, dus zo ook voor het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie.
5
Figuur 1 Relatie tussen klimaatadaptatie en andere regionale opgaven (niet uitputtend) (bron: Jochiem Hendriksen)
1.4
Conclusie
Het voorliggende regionale uitvoeringsprogramma is noodzakelijk. Ten eerste omdat de andere schaalniveaus waarop aan klimaatadaptatie wordt gewerkt een regionale inzet van ons vragen. We moeten invulling geven aan onze afspraken op landelijk niveau (Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie) en in Zuid-Nederland. Ten tweede is er de behoefte om in regionaal verband onze lokale speerpunten kracht bij te zetten. Ten slotte kunnen we met een regionaal programma voor klimaatadaptatie de samenhang waarborgen met ontwikkelingen en programma’s voor de andere transities in de Baronie.
6
2
De klimaatadaptatie opgave voor De Baronie
De klimaatstresstest is te bekijken in een klimaatportaal met een interactief overzicht op wijkniveau van de klimaatopgaves. Via deze methode kan gezamenlijk gekeken worden wat de kansen en knelpunten zijn en hoe deze het beste aangepakt kunnen worden. Het klimaatportaal is te bekijken via deze link.
2.1
Gebiedskenmerken van regio de Baronie
Om de gevolgen van klimaatverandering en de klimaatopgaven voor de Baronie te begrijpen, beschrijven we eerst de gebiedskenmerken van de regio. Zo bestaat de Baronie landschappelijk gezien uit het beeklandschap van de Aa of Weerijs (west) en de Bovenmark (oost). De beken komen bij elkaar in de Brede Aa (Breda). De Baronie is een landschap op de overgang van hoge warme zandgronden naar lage koele kleigronden. Breda vormt daarin het waterverdeelcentrum, waar de waaier van beken vanuit het zuiden naartoe stromen. Om vervolgens samen te vloeien in de rivier de Mark, die ten noorden van Breda hoger dan haar omgeving door het laagland stroomt. Breda heeft dan ook een regionale rol in het waterverdeel- en klimaatbeheersysteem.
Figuur 2 Gebiedskenmerken regio De Baronie
7
2.2
Kwetsbaarheden voor klimaatverandering in de Baronie
Het klimaat verandert. De temperatuur stijgt en hittegolven komen vaker voor, het wordt droger en tegelijkertijd wordt de neerslag extremer. De gevolgen hiervan zijn al merkbaar via materiële, economische en volksgezondheidsschade.
Hitte
Klimaatverandering leidt in Nederland tot meer zomerse en tropische dagen. Dat bleek overduidelijk in de zomer van 2018. Het was, volgens het KNMI, de warmste zomer in minimaal drie eeuwen met maar liefst twee hittegolven. Vóór 1975 was een hittegolf een zeldzaam verschijnsel. Meer dan de helft van het aantal hittegolven vond plaats in de afgelopen 28 jaar. Hittestress doet zich logischerwijs voor op plaatsen waar het erg warm kan worden. In De Baronie zijn het met name de stedelijke gebieden waaronder stads- en dorpscentra en bedrijventerreinen. De sterke temperatuurstijging op deze locaties wordt versterkt door een warmtevasthoudende versteende omgeving, gebrek aan ventilatie en de zandgronden die de regio rijk is. De toenemende hitte-extremen hebben verschillende effecten. Zo leidt toenemende hitte tot gezondheidsproblemen en extra sterfte onder kwetsbare groepen. Ook kan hitte leiden tot verminderde arbeidsproductiviteit en slaapstoornissen. Andere effecten van hitte is dat materialen uitzetten, waardoor bijvoorbeeld bruggen niet meer openen of sluiten, uitvallen van machines en een toename in energievraag door gebruik van airco’s. Ook kan het gebeuren dat evenementen zoals wandel- en hardloopwedstrijden niet doorgaan door hoge temperaturen.
Droogte
Droogte heeft vaak een geleidelijk verloop. Bij droogte spreken we over een tekort aan water. In de zomers van 2018, 2019 en 2020 zijn de effecten van langdurige droogte duidelijk zichtbaar geworden en de KNMI scenario’s gaan ook voor de komende jaren uit van aanhoudende en toenemende droogte. Ook voor De Baronie brengt dat nadelige gevolgen met zich mee, zowel op de hogere zandgronden als in de dorpskernen en steden en in lagergelegen kleigebieden. Droogte kan leiden tot bodemdaling en funderingsproblemen, maar ook tot schade aan landbouw, natuur, stedelijk groen en scheepvaart. Daarnaast leidt droogte tot een afnemende waterkwaliteit en biodiversiteit. Bovendien is er onder droge omstandigheden in de zomer een grotere kans op natuurbranden. Door lage grondwaterstanden kunnen gebieden met veen en klei inklinken, met schade aan hiervoor gevoelige infrastructuur, gebouwen en funderingen tot gevolg. De kwetsbaarheid voor droogte hangt niet alleen af van de lokale weersomstandigheden, maar ook van de aanvoer van zoetwater via de grote rivieren. Tekorten kunnen leiden tot uitzakkende peilen, verzilting en onttrekkingsbeperkingen.
Wateroverlast
Als gevolg van klimaatverandering zullen de neerslagkarakteristieken veranderen. De hoeveelheid neerslag en extreme neerslag in de winter nemen toe evenals de intensiteit van extreme regenbuien in de zomer. Hagelen onweersbuien worden heviger. Hierdoor is er een grotere kans op wateroverlast. Wateroverlast als gevolg van kortdurende hevige neerslag ontstaat vaak in de zomer en vooral in de bebouwde omgeving en andere verharde gebieden, zoals bedrijventerreinen en snelwegen. In dit soort verharde gebieden infiltreert niet veel water in de bodem. Het water wordt dan vaak via de riolering afgevoerd naar een waterzuivering of naar nabijgelegen oppervlaktewater. Wanneer er veel neerslag in een korte tijd valt, kan het zijn dat het riool de hoeveelheid toestromend water niet aankan. Als de straat onvoldoende ruimte heeft om de neerslag ter plekke te bergen, bestaat de kans dat water richting gevoelige locaties afstroomt. Wanneer water bijvoorbeeld gebouwen instroomt of belangrijke doorgangswegen onbegaanbaar maakt, spreken we van wateroverlast. 8
Overstroming
De laatste jaren leidde kortdurende hevige neerslag incidenteel ook in het landelijk gebied tot overlast. Doorgaans heeft landelijk gebied meer bergingsruimte voor water dan het stedelijk gebied. Toch valt er soms in een korte tijd zo veel regen, dat ook in landelijk gebied het water niet snel genoeg kan infiltreren, worden geborgen of worden afgevoerd. In dat soort situaties staan bijvoorbeeld delen van snelwegen en akkers onder water en verzakken zelfs de taluds van wegen en spoorlijnen doordat de bodem geheel verzadigd is geraakt. Door klimaatverandering kan de afvoer van rivieren snel stijgen, zo neemt de afvoer van de Rijn in de winter toe door de extra neerslag van onder andere gesmolten sneeuw en ook in het Maasstroomgebied kan de afvoer groter worden door een toename van de neerslag. Als overstromingen plaatsvinden, zal er economische schade optreden aan bijvoorbeeld gebouwen en infrastructuur en ontstaat grote maatschappelijke ontwrichting. Ook is er een kans dat mensen gewond raken of zelfs overlijden als gevolg van verdrinking, onderkoeling of verminderde bereikbaarheid van hulpdiensten. In werkelijkheid kan de overstromingskans in de toekomst ook kleiner zijn, omdat de sterkte van waterkeringen dan groter kan zijn.
Het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie focust op extreem weer, maar heeft een sterke relatie met andere kwetsbaarheden in de fysieke leefomgeving. Dat blijkt ook uit de bovenstaande beschrijvingen van de impact van klimaatverandering op bijvoorbeeld de biodiversiteit, waterkwaliteit, gezondheid en gebruiksfuncties.
2.3
Van kwetsbaarheden naar klimaatopgaven
Als regio hebben we de klimaatkwetsbaarheden tijdens risicodialogen, verschillende werksessies en themabijeenkomsten besproken. We constateren dat we de kwetsbaarheden kunnen vertalen in tien concrete opgaven om onze regio klimaat- en toekomstbestendig in te richten. 1) Waterbuffer- en overloopgebieden aanleggen en uitbreiden 2) Voeding van korte en mogelijk lange kwel waterstromen vergroten 3) Hittestress actief verminderen met groen en water 4) Watervernauwingen verruimen 5) Bos omvormen met soorten die wel tegen grote schommelingen van het grondwaterpeil kunnen 6) Turfvaart als waterverdeelmachine en waterbuffer inzetten 7) Watertekorten aanvullen in gebieden waar het water in de bodem kan trekken 8) Sponswerking brongebieden herstellen en (aanvoer van) grondwater op hogere delen water vasthouden 9) Oppervlakte vergroten voor waterberging en plekken waar het water in de bodem kan infilteren vergroten 10) Voorkomen dat beekdalen worden volgebouwd In dit uitvoeringsprogramma vertellen we onze aanpak om onder andere met deze opgaven aan de slag te gaan, zowel op proces als inhoud.
9
3
Terugblik: we zijn al op weg
Terugkijkend is de afgelopen jaren – sinds we in 2019 begonnen met klimaatstresstesten – de klimaatadaptatie opgave in de Baronie steeds beter in beeld gebracht. Inmiddels kennen we onze gebiedsopgaven en de thema’s die we als belangrijk signaleren voor eventueel een regionale inzet. We beginnen in onze klimaatadaptatie opgave natuurlijk niet op nul. Zowel op regionaal als lokaal niveau gebeurt in de Baronie al veel. We zijn hard op weg naar een klimaatbestendige regio. We blikken terug op de afgelopen periode om lessen te trekken voor een optimale regionale inzet in dit nieuwe uitvoeringsprogramma.
3.1
Klimaatkring
In het Meerjarenprogramma 2020-2021 hebben we als Water- en Klimaatkring de Baronie projecten geformuleerd. Hier hebben we de afgelopen tijd hard aan gewerkt, met mooie resultaten. Tabel 1 Evaluatie meerjarenprogramma 2020-2021 Klimaatkring
Project > KLIMAATKRING Klimaattrainee Klimaatonderlegger en regionale risicodialogen Thematische bijeenkomsten
Toolbox communicatie Toolbox week van ons water Gezamenlijk investeringsprogramma
Evaluatie Ingevuld door watertrainee tot medio oktober 2021. Als zeer waardevol ervaren. Een trainee als opvolger is wenselijk voor de komende periode. Klimaatonderlegger opgeleverd. Regionale dialogen afgerond. Beide zijn doorvertaald naar het regionale uitvoeringsprogramma en zijn tevens inbreng voor de uitwerking van lokale aanpakken voor klimaatadaptatie. Verschillende thematische bijeenkomsten zoals over omgevingswet, samenwerking met woningcorporaties en communicatie zijn georganiseerd. Diverse bilaterale bijeenkomsten zijn buiten de klimaatkring om ontstaan. Er is een programma van eisen voor de gezamenlijke website opgesteld. Er zijn verschillende ideeën over activiteitenprogramma en subsidieregelingen uitgewisseld. In het kader van Corona is in de planperiode geen uitgebreide Week van ons Water georganiseerd. In samenwerking met energietransitie, water, groen, erfgoed en toerisme is een start gemaakt voor een streekagenda. In de eerste versie is de opzet van de agenda en een basis infrastructuur uitgewerkt.
> INTEGRAAL (Klimaatkring en Waterkring samen) Boek opgeleverd. Succesvolle presentatie gehouden. Verspreiding heeft veel Boek Dynamische kaart Regisseur rol
Secretaris rol
contacten opgeleverd. Streekagenda is deels opgeleverd in de vorm van een kaart en onderliggende GISdatabase. Er is een relatie gelegd met het gezamenlijk investeringsprogramma. Rol is niet ingevuld zoals voorzien. De werkzaamheden zijn ad hoc ingevuld door meerdere personen (trekkers vanuit gemeente Breda, waterschap Brabantse Delta en de trainee). Terugkijkend was dit een te grote belasting voor hen en deed afbreuk aan hun rol als gelijke deelnemer in de Klimaatkring. Noodzakelijk om in de komende periode deze rol in te vullen. Rol is hoofdzakelijk ingevuld door de trainee. De secretarisrol is goed ingevuld.
De evaluatie van het vorige programma, in combinatie met de aanwezige behoeften in de regio, betekent dat we vervolg geven aan een aantal van deze projecten. Onder nadere de dynamische kaart, bijeenkomsten, gezamenlijk investeringsprogramma en diverse rollen (regisseur, secretaris) krijgen een vervolg (zie hoofdstuk 6). Daarnaast concluderen we over het algemeen dat het ons in de afgelopen periode nog niet is gelukt om een bredere groep dan de huidige deelnemers aan het Klimaatkring structureel betrokken te krijgen bij klimaatadaptatie in de regio. We zetten 10
in dit nieuwe programma daarom in op een krachtiger programmateam (zie hoofdstuk 5 Organisatie). Het doel is om die inzet uiteindelijk te borgen in de dagelijkse praktijk van de individuele organisaties in de Baronie. Op lokaal niveau werken de leden van de Klimaatkring aan klimaatadaptatie. In het kader van het DPRA voeren gemeenten lokale stresstesten en risicodialogen uit, welke worden vertaald naar een lokale uitvoeringsagenda. Daarnaast wordt ingezet op beleidsmatige en juridische borging van klimaatadaptatie en de stimulering van derden (inwoners, bedrijven en organisaties) om ook zelf aan klimaatadaptatie te werken. Bijvoorbeeld het Buurtnatuur- en Buurtwaterfonds Noord-Brabant helpt daarbij. Tabel 2 geeft de stand van zaken globaal weer en schetst zo een beeld van de huidige situatie op lokaal niveau. Tabel 2 Stand van zaken klimaatadaptatieproces lokaal niveau, per januari 2022 en op basis van eigen beoordeling van organisatie
Lokale stresstest
Lokale risicodialogen
Lokale uitvoeringsagenda
Borging in lokaal beleid
Stimulering derden
Alphen-Chaam Baarle-Nassau Breda Etten-Leur Rucphen Zundert Waterschap Brabantse Delta
Naast de procesmatige ontwikkelingen, is klimaatadaptatie in de praktijk onderdeel van veel projecten in de Baronie. Een aantal voorbeelden staan genoemd in hoofdstuk 2. Daarnaast geeft de Streekagenda in bijlage 1 inzicht in de staat van implementatie van klimaatadaptatie in de Baronie.
3.2
Waterkring
Terugkijkend op 2020 en 2021 hebben we met de Waterkring veel bereikt. We werkten samen aan veel onderwerpen. Een deel daarvan keert in 2022 terug, anderen stoppen of gaan elders verder. Tabel 3 Evaluatie meerjarenprogramma 2020-2021 Waterkring
Onderwerp Evaluatie > ONDERWERPEN DIE IN 2022 TERUGKEREN We stelden een plan van aanpak op en startten meerdere projecten. Belangrijke focus is het Gegevens op orde
Verminderen kwetsbaarheid
Uitvoeren van modelberekeningen
Gegevenswoordenboek Stedelijk Water (GWSW). Ook de betrouwbaarheid van gegevens maakten we tot aandachtspunt. Gegevens op orde gaat verder in 2022. We voerden de branchestandaard van RIONED uit. Daaruit bleek dat Waterkring De Baronie als geheel voldoende bezetting heeft. Op het niveau van de verschillende gemeenten zijn er echter kwetsbaarheden rond beschikbaarheid van personeel. Vanwege de opgaven rondom water en klimaat is aan het management gevraagd hoe we met de kwetsbaarheden om willen gaan. In 2022 gaan we hiermee verder. Eerder besloten we om het mogelijk te maken om gezamenlijk modelberekeningen uit te laten voeren. Alle deelnemers kunnen daarbij gebruik maken van een specialist modelberekeningen van de gemeente Breda. In de praktijk is het gebruik ervan lager dan vooraf ingeschat. Daarom pasten we vorig jaar al het budget aan. In 2022 keert de activiteit terug, maar dan wel op basis van individuele behoefte. 11
Maaien van waterlopen en bermen Reiniging en inspectie
Onderhoud van mechanische installaties Reparatiebestek klein onderhoud
Kennisdeling
Meewerken aan het gebiedsproces
We voeren deze werkzaamheden met een deel van de deelnemers uit. Doel is afstemming te hebben tussen de werkzaamheden van het Waterschap en de gemeenten. De samenwerking bevalt goed en zetten we structureel voort in 2022. We voeren deze werkzaamheden met alle deelnemers uit. Doel is gezamenlijk op dezelfde wijze reiniging en inspectie van het riool uit te voeren. Ook willen we kostenbewust werken. De deelnemers ervaren de samenwerking positief. In 2022 zetten we de samenwerking structureel voort, het huidige contract loopt inclusief verlengingen tot eind 2024. We voeren deze werkzaamheden met een deel van de deelnemers uit. Doel is gezamenlijk op dezelfde wijze onderhoud van mechanische installaties uit te voeren. We willen zo ook kostenbewust werken. Alle deelnemers zijn positief over de samenwerking. Eind 2022 loopt het huidige contract af, dus in 2022 zal een nieuwe aanbesteding plaatsvinden. We voeren deze werkzaamheden met een deel van de deelnemers uit. Doel is gezamenlijk het klein onderhoud aan voorzieningen uit te voeren. Zo kunnen we kostenbewust werken. Alle deelnemers zijn positief over de samenwerking. In 2022 zetten we de samenwerking structureel voort, dit zal vanaf januari 2022 onder een nieuw contract zijn. In periodieke bijeenkomsten wisselden we kennis en ervaringen uit. Daardoor konden alle deelnemers effectiever werken.
Dit is een belangrijk onderdeel van de Waterkring en daarom gaat dit in 2022 verder, al vermelden we dit niet als losse activiteit. Diverse ontwikkelingen voeren we vanuit een gebiedsproces uit. Deze ontwikkelingen bevatten vaak ook een deel waarbij specialistische kennis van de (afval)waterketen nodig is. Binnen de projecten leverden we deze kennis om gezamenlijk tot een goed gebiedsproces te komen. Ook in 2022 doen we dit, al vermelden we dat niet als losse activiteit.
> ONDERWERPEN DIE STOPPEN OF ELDERS DOORGAAN We gingen met elkaar in gesprek over de Omgevingswet en de relatie tot water. Dit leidde tot inzicht Omgevingswet
Meten en monitoren
Circulaire economie
Update optimaal rioolbeheer
Beheer grondwatermeetnet
in waar elke deelnemer staat en een uitwisseling van kennis. We besloten om het onderwerp niet structureel te agenderen en daarom ook niet in het nieuwe jaarplan op te nemen. Als er ontwikkelingen of vragen zijn kunnen deelnemers het op de agenda zetten. De deelnemers stelden een samenwerkingsovereenkomst op en kwamen in verschillende samenstelling bij elkaar. Daarbij zijn ideeën ontwikkeld en opdrachten opgesteld. Omdat de Samenwerking Water West-Brabant (SWWB) meten en monitoren organiseert staat het niet meer bij de activiteiten voor 2022. We spraken over wat circulaire economie is wanneer het over water gaat. Daarbij is onder andere gesproken over medicijnresten in water en de toepassing van materialen. We vinden circulaire economie belangrijk, maar niet als los onderwerp, dus op die wijze vervalt het in 2022. In plaats daarvan zullen we circulaire economie in de thema’s die op de agenda komen steeds bespreken. In 2020 startten we de update voor optimaal rioolbeheer. Daarbij onderzochten we gegevens en processen en maakten nieuwe afspraken. Op basis van die afspraken werken we nu verder. Daarom staat deze activiteit in 2022 niet meer op de agenda. We spreken af gezamenlijk of individueel eens per vijf jaar de data te actualiseren. In een losse overeenkomst maakten we afspraken over het beheer van het grondwatermeetnet.