07 SCAN RV Vaststelling bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen'
Tekst van het document
GEMEENTE RUCPHEN Commissie
0.d.46 anti 2U2 Raadsvergadering d.d. Iti
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 14 mei 2025 Commissievergadering EROM 16 april 2025
Met 202511
aSirssing:
fKK.
Griffier
Agendanummer 07 Agendanummer 07
Vaststelling bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen' Voorstel: 1. In te stemmen met de Nota van ambtshalve wijzigingen behorende bij het bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen'; 2. Het bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen', bestaande uit de geometrische bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0840.9000B0071-DEF1 met de daarbij behorende bestanden, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke is ontleend aan de BGT, langs elektronische weg vast te leggen en conform de nota ambtshalve wijzigingen in die vorm gewijzigd vast te stellen; 3. Bij de vaststelling van het bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen' geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen. Samenvatting: Hierbij bieden we u ter vaststelling het bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen' aan. Het plan, vervat in een verbeelding en regels, wordt vergezeld door een toelichting.
Het bestemmingsplan voorziet in de mogelijkheid om een loods van 1.600 m2 te realiseren voor de opslag van machines en in de legalisatie van een deels illegaal in gebruik genomen perceel (sectie U, nummer 1479), dat definitief wordt toegevoegd aan het bedrijfsterrein. Het ontwerpbestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen' heeft van 20 juli 2023 gedurende een termijn van zes weken, tot en met 30 augustus 2023, ter inzage gelegen. Op 1 november 2023 heeft u dit bestemmingsplan vastgesteld, overwegende dat tegen het ontwerpbestemmingsplan geen zienswijzen waren ingediend en dat het niet noodzakelijk was om een exploitatieplan vast te stellen, aangezien het verhaal van kosten anderszins verzekerd zou zijn. Na deze besluitvorming is gebleken dat deze argumenten onjuist waren. In het voortraject heeft de provincie op 23 juni 2023 een vooroverlegreactie (zie bijlage 3) ingediend, die destijds niet in het plan is verwerkt. Vervolgens is de provincie niet in de gelegenheid gesteld een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan in te dienen, waardoor zij een vooraankondiging hebben ingediend om beroep aan te tekenen tegen het plan, zoals dit op 1 november 2023 is vastgesteld. Daarnaast is gebleken dat er geen definitieve anterieure overeenkomst was gesloten tussen de initiatiefnemer en de gemeente.
Om deze reden heeft u het plan op 7 februari 2024 ingetrokken (zie bijlage 4). In dit intrekkingsbesluit is aangegeven dat het bestemmingsplan in een later stadium opnieuw aan u ter vaststelling zal worden aangeboden, wanneer de provincie Noord-Brabant in de gelegenheid is gesteld om haar zienswijzen op het plan in te brengen, en het verhaal van de kosten dat moet worden gemaakt in verband met het verhaal van plankosten, inclusief eventuele planschade is verzekerd.
2 Het (gewijzigde) bestemmingsplan dat voor u ligt, is een aangepaste versie van het oorspronkelijke plan. Dit plan is in overleg met de provincie en de initiatiefnemer uitgebreid besproken, waarbij rekening is gehouden met de reactie uit het vooroverleg van de provincie. Motivering: Vaststellen bestemmingsplan Uw raad is bevoegd om het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen, ingevolge artikel 3.1 van de Wro. Omdat de provincie bij de ontwerppublicatie niet in de gelegenheid is gesteld om een zienswijze in te dienen, is er formeel gezien geen zienswijze ontvangen. Daarom is het opstellen van een nota zienswijzen bij de vaststelling niet nodig. Het bestemmingsplan is echter wel aangepast, zodat er tegemoet wordt gekomen aan de reactie uit het vooroverleg van de provincie. Naar aanleiding van de opmerkingen van de provincie zijn er aanpassingen aan het bestemmingsplan doorgevoerd. Deze wijzigingen zijn vastgelegd in de bijgevoegde nota ambtshalve wijzigingen (zie bijlage 2). De provincie heeft op 13 maart 2025 aangegeven akkoord te gaan met de aanpassingen en heeft laten weten geen beroep in te stellen tegen het vastgestelde bestemmingsplan (zie bijlage 5). Voor het overige geldt dat er ten opzichte van het eerder vastgestelde plan er geen wijzigingen zijn doorgevoerd.
Het bestemmingsplan is, met inachtneming van de Nota ambtshalve wijzigingen, nu gereed om vastgesteld te worden door uw raad. Middelen: Artikel 6.12 lid 1 van de Wro bevat de verplichting voor uw raad om, gelijktijdig met het vaststellen van een bestemmingsplan, een exploitatieplan vast te stellen, wanneer binnen het plangebied 'bouwplannen' als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Bro kunnen worden gerealiseerd. Met het bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen' wordt op verzoek een nieuwe ontwikkeling mogelijk gemaakt. Tussen gemeente en initiatiefnemer is alsnog een overeenkomst over verhaal van plankosten en planschadekosten gesloten. Hiermee zijn de plankosten anderszins geborgd. Het opstellen en door uw raad laten vaststellen van een exploitatieplan is daarom niet vereist. Op grond van de Wro dient uw raad wel expliciet te besluiten over het al dan niet vaststellen van een exploitatieplan. Kanttekeningen: Er kan beroep ingesteld worden tegen het bestemmingsplan Tegen het vastgesteld bestemmingsplan kan door belanghebbenden beroep worden ingesteld. Dit is ook mogelijk tegen de wijzigingen als gevolg van de gewijzigde vaststelling. In de Nota van ambtshalve wijzigingen is uitgebreid ingegaan op de aanpassingen ten aanzien van de vooraankondiging beroep, waarbij de provincie heeft ingestemd met deze ambtshalve wijzigingen.
Aangezien het ontwerpbestemmingsplan niet bij de provincie was aangemeld, is het plan vóór de vaststelling al voorgelegd aan het waterschap Brabantse Delta, Rijkswaterstaat en de brandweer Middenen West-Brabant. Onze ketenpartners hebben aangegeven akkoord te gaan met het gewijzigde bestemmingsplan. Het is echter niet uit te sluiten dat er toch beroep ingesteld wordt. Mocht er beroep ingesteld worden, dan zal dit leiden tot vertraging van het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan. Een wezenlijk ander (bestemmings)plan mag zonder het opnieuw doorlopen van de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure niet worden vastgesteld Volgens jurisprudentie mogen ontwerpplannen na terinzagelegging slechts beperkt worden gewijzigd, zodat de integriteit van het oorspronkelijke plan en de zienswijzen gewaarborgd blijven. Indien wijzigingen leiden tot een wezenlijk ander plan, dient de procedure opnieuw te worden doorlopen, inclusief een hernieuwde terinzagelegging. Gelet op de beperkte wijzigingen naar aanleiding van de vooraankondiging beroep en het intrekkingsbesluit, kan bij een mogelijk beroep worden aangevoerd dat het plan opnieuw ter inzage had
3 moeten worden gelegd. Echter, met de invoering van de Omgevingswet is dit niet langer mogelijk, wat leidt tot vertraging en de noodzaak om de stukken aan te passen aan de nieuwe regelgeving. Ondanks deze wijzigingen blijft het bestemmingsplan gericht op de realisatie van een loods en het gebruik van een deel van U 1479, zonder wezenlijke verandering van de kern van het plan. Het is uiteindelijk aan de rechterlijke macht om te beoordelen of de doorgevoerde wijzigingen zodanig ingrijpend zijn dat sprake is van een wezenlijk gewijzigd plan. Bovendien zijn er, afgezien van de vooraankondiging van de provincie, geen andere zienswijzen ingediend, wat erop wijst dat er geen bredere bezwaren zijn geuit. Vervolg: Dit bestemmingsplan met planidentificatie NL.IMRO.0840.9000B0071-DEF1 dient conform het bepaalde in het Besluit ruimtelijke ordening in elektronische vorm vastgelegd en in die vorm vastgesteld te worden. De aangeleverde stukken geven een analoge weergave van dit plan. Het digitale plan zal na vaststelling het rechtsgeldige document zijn, conform de genoemde regelgeving. Indien het onderhavige bestemmingsplan, conform voorstel, door uw raad wordt vastgesteld, dient van uw besluit op grond van artikel 3.8 lid 4 Wro zes weken na de vaststelling kennisgegeven te worden in het Gemeenteblad, in de Rucphense Bode en op de gemeentelijke website.
De kennisgeving wordt tevens langs elektronische weg toegezonden aan de daartoe aangewezen (overheids)instanties. Aansluitend op de kennisgeving van uw besluit worden het vastgestelde bestemmingsplan, het besluit omtrent de vaststelling en de bijbehorende stukken voor een (beroeps)termijn van zes weken ter inzage gelegd. Het vastgestelde bestemmingsplan zal te raadplegen zijn via de gemeentelijke website en via de landelijke voorziening www.omgevingswet.overheid.nl. Gedurende voornoemde termijn van zes weken kan door belanghebbenden beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en kan de voorzitter van de Afdeling daarnaast (door middel van een verzoek om voorlopige voorziening) om schorsing van het vaststellingsbesluit worden gevraagd. Het bestemmingsplan treedt daags na afloop van de beroepstermijn in werking, tenzij gedurende de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan. In dat geval treedt het besluit (op onderdelen) niet in werking voordat op dat verzoek is beslist (artikel 8.4 Wro). Rucphen, 25 maart 2025 Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris, de burgemeester, drs. E.A.C.M. Kolen.
mr. M van der Meer Mohr.
Bijlage(n): a. Concept-raadsbesluit b. Ontwerp bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen c. Nota ambtshalve wijzigingen d. Vooroverleg reactie provincie 23 juni 2023 e. Intrekkingsbesluit van 7 februari 2024 f. Reactie provincie op bestemmingsplan Rijksweg-Zuid 51 te Rucphen g. Taxatierapport t.b.v. de kwaliteitsverbetering landschap (vertrouwelijk)