CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

07 RV RB Kadernota 2026

gemeenteraad 2 juli 2025, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Kadernota 20261.758 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 2 juli 2025

Agendanummer 07

Commissievergadering ABM 23 juni 2025

Agendanummer 06

Kadernota 2026 Voorstel: De kadernota 2026 vast te stellen als basis voor de Programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029. Samenvatting: De kadernota 2026 is het eerste ontwerp van de begroting 2026. De uitgangspunten in deze kadernota en de financiële actualisatie worden verwerkt in de begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029. De kadernota 2026 geeft ten opzichte van de begroting 2025-2028 een geactualiseerd beeld van de ontwikkeling van de reguliere budgetten, beheers- en beleidsmatige ontwikkelingen (claims), de kosten van gemeenschappelijke regelingen, kapitaallasten, algemene uitkering (meicirculaire 2025), het investeringsprogramma en rentekosten. Daarnaast wordt in deze kadernota ingegaan op de toekomstige ontwikkelingen, de verhoging van de opbrengst van de onroerende zaakbelasting en het voorstel met betrekking tot de vrijval van de boekwaarde van de reserve Omleiding. Motivering: In artikel 4 van de verordening 212 Gemeentewet (de "Financiële verordening gemeente Rucphen 2025") is voorgeschreven dat wij u een nota aanbieden met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de ontwerpbegroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. Met de Kadernota 2026 leggen wij aan uw raad een zorgvuldig afgewogen en transparant overzicht voor van de financiële ontwikkeling in de jaren 2026–2029.

Met uw vaststelling van deze nota leggen wij samen de basis voor de begroting 2026, waarbij wij in onderling samenspel duidelijke kaders formuleren en scherp zicht bieden op de keuzes en risico’s die onze koers bepalen. In deze nota zijn alle uitgangspunten en onzekerheden helder benoemd, zodat u in uw kaderstellende rol, over de volle breedte geïnformeerd, deze kunt meewegen. Ons collegewerkprogramma blijft de leidraad voor uitvoering en beleid: wij koesteren gezonde financiën én intensieve samenwerking met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners. Tegelijk constateren wij dat de opgave groter wordt. In lijn met het advies van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben wij daarom de onroerendezaakbelasting geactualiseerd naar de inflatieverwachting, zodat wij gezamenlijk de ruimte behouden om onze ambities na te jagen zonder overhaast te moeten bijsturen. Desondanks vormt het tekort voor de jaren 2028 en 2029 – met name door onvoorspelbare kosten in de jeugdzorg – een stevige uitdaging waarvoor wij verantwoordelijkheid dienen te nemen. In dat licht nemen wij de aanbevelingen uit het recente begrotingsadvies van de VNG nadrukkelijk ter harte.

De VNG benadrukt dat de financiële afspraken vanuit het rijk, onder andere naar aanleiding van de Voorjaarsnota 2025, slechts een tussenstap vormen en dat volledige structurele duidelijkheid pas op zijn vroegst in 2027 wordt verwacht. Voor de jaren 2026 en 2027 streven wij

2

naar een sluitende begroting. Tegelijkertijd volgen wij het advies om voor de jaren 2028 en 2029 een tekort te presenteren gelet op de nog onzekere inkomsten en hervormingen in de jeugdzorg en de inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor Wmo vanaf 2027. Vooruitlopend op het tweede advies van de commissie Van Ark (begin 2027), nemen wij in de meerjarenraming een claim voor Jeugdzorg op, zodat wij bij een passende rijksbijdrage het jeugdstelsel structureel in balans kunnen brengen. Daarbij hanteren wij het uitgangspunt dat medebewindstaken – zoals jeugdzorg – in beginsel voor rekening van het rijk zijn, conform artikel 108 lid 3 van de Gemeentewet. In 2026 vinden gemeenteraadsverkiezingen plaats. Daarmee markeert dit jaar een belangrijk politiek moment. De nieuwe gemeenteraad en het daaropvolgende college krijgen te maken met wederom stevige financiële en maatschappelijke opgaven. Het is van belang dat dit nieuwe bestuur kan voortbouwen op een helder kader met doordachte scenario’s, zodat zowel ambities als voorzieningen voor onze inwoners realistisch en toekomstbestendig blijven. Wij zijn ons ervan bewust dat we binnen de beschikbare middelen steeds meer prioriteiten moeten wegen. Tegelijk blijft het van groot belang oog te houden voor de investeringen die onze leefomgeving en dienstverlening versterken.

De uitvoering van de nota buitensport, de toekomstbestendige huisvesting van scholen, de verduurzaming en instandhouding van gemeentelijke gebouwen, alsook onze rol als aantrekkelijke werkgever met moderne faciliteiten, vragen blijvende aandacht en afgewogen investeringskeuzes. In deze Kadernota presenteren wij een pakket gerichte maatregelen waarmee wij op korte termijn tegemoetkomen aan de noodzaak van een structureel sluitende begroting. Daarnaast blijven wij investeren in alternatieve scenario’s voor de meerjarenraming, zodat ons college bij veranderende omstandigheden snel kan bijsturen en onze financiële weerbaarheid gewaarborgd blijft, en voeren we o.a. de opdracht beheersbaar houden kosten Jeugdzorg uit. Wij onderzoeken vooral de mogelijkheden om binnen het programma Sociaal Domein te komen tot structurele besparingen. Wij vragen uw raad deze Kadernota 2026 vast te stellen als verbindend kader voor de begroting 2026. Indien u eigen accenten of randvoorwaarden wilt toevoegen, staan wij open voor uw initiatieven en betrokkenheid. Op basis van uw besluit – ongewijzigd of geamendeerd – zal ons college de begroting voor het komende jaar opstellen. Zo versterken wij samen de slagvaardigheid, financiële gezondheid en maatschappelijke impact van onze gemeente, zodat wij ook in financieel uitdagende tijden invulling kunnen geven aan onze gezamenlijke ambitie en wettelijke taken.

3

Middelen: De meerjarenraming 2026-2029 laat de volgende saldi zien: Omschrijving

2026

2027

2028

2029

Begrotingssaldo meerjarenraming 2026-2029 uit de Programmabegroting 2025, inclusief wijzigingen t/m 2 juli 2025

-542.492

65.291

407.035

925.942

Totaal claims t.l.v. algemene dekkingsmiddelen (3.) Totaal bezuinigingen (3.)

-2.854.194 689.199

-2.994.307 625.196

-3.093.597 619.075

-3.128.617 625.038

Ontwikkelingen in het benodigde kapitaallastenbudget, inclusief de effecten van het liquiditeitenverloop (5.4.2) Kostenontwikkelingen uit deelname in gemeenschappelijke regelingen (5.4.3 )

-102.434

-204.501

-221.179

-226.591

-29.268

-33.818

-42.568

-138.839

Onroerende zaakbelastingen (5.5.2 )

504.000

504.000

504.000

504.000

Overige heffingen, rechten en leges (5.5.3)

16.000

16.000

16.000

16.000

Algemene uitkering gemeentefonds (5.5.5)

2.704.826

2.441.127

925.721

1.139.280

4.000

4.000

4.000

4.000

322.645

253.370

196.041

115.000

712.282 -6.755 705.527

676.358

-685.472

-164.787

676.358

-685.472

-164.787

Dividend Bank Nederlandse Gemeenten (5.5.6) Aanvullende maatregelen om het meerjarig tekort te verkleinen (5.5.7) Totaal geraamd saldo 2026-2029 Kadernota 2026 Incidentele baten en lasten Reëel en structureel begrotingssaldo

Zowel in het Hoofdlijnenakkoord 2022-2026 als in het Collegewerkprogramma 2022-2026 is afgesproken dat de begroting meerjarig sluitend moet zijn. De tabel laat zien dat alleen de jaren 2026 en 2027 reëel en structureel sluitend zijn, maar de jaren daarna niet. Dit wordt met name veroorzaakt door de algemene uitkering van het Gemeentefonds. Hierbij wordt het “ravijnjaar” 2026 doorgeschoven naar 2028. De Kadernota is een momentopname. Tal van (externe) factoren kunnen van invloed zijn op zowel de uitgaven als de inkomsten van de gemeente. Tevens is nog geen rekening gehouden met de kosten die kunnen voortvloeien uit de toekomstige ontwikkelingen uit paragraaf 3.2 van deze kadernota. Omdat de reserve kadernota niet volledig toereikend is om de eenmalige claims te bekostigen wordt bij de Programmabegroting 2026 voorgesteld een bedrag van € 187.500,00 over te hevelen van de algemene reserve naar de reserve kadernota. Aanvullende maatregelen In deze Kadernota presenteren wij een pakket gerichte maatregelen waarmee wij op korte termijn tegemoetkomen aan de noodzaak van een structureel sluitende begroting. We verlagen de post onvoorzien naar € 0,00 en storten een extra bedrag in de reserve dekking kapitaallasten vanuit de algemene reserve. Bij een negatief begrotingssaldo 2026 kunnen we aanvullend 10% van het vrij besteedbare deel van de algemene reserve inzetten.

Op dit moment is dit niet aan de orde. Deze aanvullende maatregelen worden toegelicht in paragraaf 5.5.7. “Aanvullende maatregelen om het meerjarig tekort te verkleinen”. In de periode 2022–2025 hebben we de ozb-opbrengst, conform het hoofdlijnenakkoord, met een vast percentage van 2% per jaar laten stijgen. In de periode 2022-2024 is de

4

consumentenprijsindex (CPI) met 17% (afgerond) toegenomen. We willen de ozb-opbrengst met 13,46% laten stijgen in 2026 om te corrigeren voor inflatie. Dit staat gelijk aan een aanvullende structurele opbrengst van afgerond € 474.000,00 en kost een gemiddelde woningeigenaar € 40,00 extra per jaar. Daarnaast is het gebruikelijk om de omzet toeristenbelasting te koppelen aan de ozb-stijging, wat een voordeel oplevert. Deze onderdelen zijn verwerkt in deze Kadernota 2026. Daarnaast blijven wij investeren in alternatieve scenario’s voor de meerjarenraming, zodat ons college bij veranderende omstandigheden snel kan bijsturen en onze financiële weerbaarheid gewaarborgd blijft, en voeren we o.a. de opdracht beheersbaar houden kosten Jeugdzorg uit. Wij onderzoeken vooral de mogelijkheden om binnen het programma Sociaal Domein te komen tot structurele besparingen. In deze Kadernota is een paragraaf opgenomen met daarin de uitwerking van het voorstel met betrekking tot de vrijval van de boekwaarde van de reserve Omleiding. We benadrukken dat dit een momentopname is, waarbij we uitgaan van ongewijzigde besluitvorming bij vaststelling van de jaarrekening/resultaatbestemming 2024 en het vaststellen van de Kadernota 2026 zoals nu is voorgelegd. Het mag duidelijk zijn dat wijziging in de besluitvorming ook van invloed is op het voorstel.

Op basis van deze Kadernota blijkt dat een bedrag van € 0,00 nodig is om de algemene reserve tot en met 2029 aan te zuiveren. Het restant van de reserve omleiding, groot € 2.982.512,00, kan vrijvallen ten gunste van de reserve IHP. Wij zullen uw raad hierover formeel een besluit laten nemen bij het vaststellen van de begroting 2026 op 12 november 2025. Vervolg: Het is belangrijk dat de gemeenteraad deze kadernota vaststelt en vanuit haar kaderstellende rol richting geeft aan het college om te komen tot een nog gezonder en realistischer meerjarenperspectief. Aan de hand van deze input wordt vervolgens de definitieve begroting 2026 en de meerjarenbegroting 2027-2029 opgesteld.

Rucphen, 3 juni 2025 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,

de burgemeester,

drs. E.A.C.M. Kolen.

mr. M. van der Meer Mohr.

Bijlage(n): a. Conceptbesluit b. Kadernota 2026

RAADSBESLUIT Kadernota 2026 2 juli 2025 De raad van de gemeente Rucphen, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 3 juni 2025, overwegende dat hij voor de voorbereiding van de Programmabegroting 2026 kaderstellende keuzes en/of uitgangspunten wenst te formuleren, gelet op artikel 4 van de verordening 212 Gemeentewet (de "Financieel verordening gemeente Rucphen 2025"), gehoord de commissie Algemeen Bestuur en Middelen op 23 juni 2025, besluit: De kadernota 2026 vast te stellen als basis voor de Programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Rucphen in zijn openbare vergadering van 2 juli 2025, de griffier,

de voorzitter,

J.J.H. Lahaije.

mr. M. van der Meer Mohr.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15721501/1