CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

07 RV adviesrecht en verplichte participatie

commissie Economie Ruimtelijke Ordening en Milieu 31 mei 2023, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Omgevingswet: adviesrecht en verplichte participatie bij aanvragen voor omgevingsvergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA)3.381 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Raadsvergadering 20 juni 2023

Agendanummer 00

Commissievergadering EROM 31 mei 2023

Agendanummer 07

Omgevingswet: adviesrecht en verplichte participatie bij aanvragen voor omgevingsvergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA) Voorstel: 1. dat een (bindend) advies van de gemeenteraad vereist is als er sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en de aanvraag valt binnen één of meerdere van de opgenomen categorieën van gevallen zoals zijn benoemd in de Advieslijst, zie bijlage 1 van dit raadsbesluit; 2. dat voor deze categorieën tevens geldt dat participatie van en overleg met derden verplicht is voordat een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarvoor het college van burgemeester en wethouders bevoegd gezag is, kan worden ingediend; 3. dat geen advies van de gemeenteraad nodig is voor deze categorieën van gevallen, als deze passen binnen door de gemeenteraad vastgestelde kaders in (master)plannen, nota’s van uitgangspunten, programma’s van eisen of andere door de gemeenteraad vastgestelde (beleids)kaders die specifiek gericht zijn op de daarvoor ontvangen aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit; 4. dat geen advies van de gemeenteraad nodig is, als een aanvraag om een omgevingsvergunning voor deze gevallen moet worden geweigerd op inhoudelijke gronden wegens strijd met wet- en regelgeving en/of gemeentelijk beleid.

Samenvatting: Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Hiermee vervalt de zogenaamde ‘verklaring van geen bedenkingen’ die de raad moet afgeven bij een aanvraag om omgevingsvergunning in strijd met het bestemmingsplan. In die gevallen komt hiervoor het (bindend) adviesrecht van de raad in de plaats. Daarnaast heeft de Omgevingswet ambities ten aanzien van participatie bij de voorbereiding van besluiten voor de fysieke leefomgeving. De raad kan bij aanvragen om omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (hierna BOPA) gevallen aanwijzen waarin participatie verplicht wordt gesteld. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet ontstaat ‘automatisch’ het omgevingsplan van rechtswege. Dit tijdelijke omgevingsplan bestaat hoofdzakelijk uit de huidige bestemmingsplannen. Nieuwe initiatieven worden getoetst aan dit tijdelijk omgevingsplan van rechtswege. Wanneer het initiatief niet past binnen het omgevingsplan maar het wel bijdraagt aan de ambities of doelstellingen uit de omgevingsvisie, kan 1) het omgevingsplan zelf worden aangepast of 2) met een omgevingsvergunning voor een BOPA worden afgeweken. Ingevolge de Omgevingswet is en blijft de raad bevoegd tot het wijzigen van het omgevingsplan en is en blijft het college bevoegd voor het verlenen van de omgevingsvergunningen.

2

Bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor een BOPA kan er sprake zijn van adviesrecht van de raad (in plaats van een verklaring van bedenkingen) en kan participatie verplicht worden gesteld. Uw raad moet een besluit nemen hoe zij betrokken wil worden bij besluiten voor het afwijken van het omgevingsplan (adviesrecht) en hoe de participatie in dergelijke gevallen wordt vormgegeven. Hieronder volgt een toelichting en motivering op deze twee onderwerpen. Motivering – onderdeel adviesrecht: Context: Omgevingsvisie, omgevingsplan en adviesrecht Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. In dit kader wordt gewerkt aan een nieuwe omgevingsvisie voor Rucphen. Op 2 november 2022 heeft uw raad de Omgevingsvisie 1.0 vastgesteld. De ambities en doelstellingen uit de visie worden in 2023 en 2024 gebiedsgericht uitgewerkt. Hiermee stelt u de strategische koers vast voor de invulling van de fysieke leefomgeving voor het grondgebied van de gemeente Rucphen voor de langere termijn. Deze koers wordt vertaald in (tactisch) beleid én in regels in het omgevingsplan (als vervanger van het bestemmingsplan). Alle voor het grondgebied van Rucphen geldende bestemmingsplannen gaan bij de inwerkingtreding van de wet van rechtswege op in één tijdelijk omgevingsplan. Het omgevingsplan wordt – evenals de omgevingsvisie – vastgesteld door de raad.

Ook na inwerkingtreding van de Omgevingswet blijft er sprake van initiatieven die in strijd zijn met het omgevingsplan. Als een dergelijk initiatief bijdraagt aan de ambities en doelstellingen uit de Omgevingsvisie 1.0 en niet leidt tot (milieutechnische) belemmeringen en/of hinder voor omliggende functies, kan net zoals nu, medewerking worden verleend aan een dergelijk initiatief. Dit kan door een wijziging van het omgevingsplan. Het wijzigen van het omgevingsplan blijft onder de Omgevingswet, net als nu, een bevoegdheid van de raad. Een andere mogelijkheid is het verlenen van een omgevingsvergunning voor een BOPA. Het verlenen van een omgevingsvergunning, ook voor een BOPA, is een bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders. Wat houdt het bindend adviesrecht in? Het uitgangspunt van de Omgevingswet is dat het college bevoegd is tot het verlenen van omgevingsvergunningen, ook bij BOPA’s. De raad kan bij dergelijke aanvragen categorieën van gevallen aanwijzen waarbij bindend advies van de raad nodig is voordat het college een besluit over een aanvraag om omgevingsvergunning voor een BOPA neemt (artikel 16.15a onder b Omgevingswet). Het adviesrecht onder de Omgevingswet is te vergelijken met de huidige systematiek van de 'verklaring van geen bedenkingen' (vvgb). U heeft op 25 maart 2020 een dergelijke lijst vastgesteld.

‘Vergelijkbaar’ is echter niet gelijk ‘hetzelfde’. Het adviesrecht onder de Omgevingswet werkt anders als de vvgb onder de huidige wetgeving. De veranderingen kunnen op hoofdlijnen als volgt worden weergegeven. Huidige wetgeving

Omgevingswet

wat mag niet? Nee, tenzij…

Wat kan er wel? Ja, mits…

Verklaring van geen bedenkingen van gemeenteraad

Adviesrecht gemeenteraad

3

Raad bij afwijking in beginsel altijd betrokken

Raad bij afwijking in beginsel niet betrokken

Welke strijdige initiatieven hoeft de raad niet te zien?

Welke strijdige initiatieven wil de raad wel zien?

Altijd uitgebreide procedure

Standaard reguliere procedure

Naar verwachting wordt buitenplans afwijken vaker met een omgevingsvergunning gedaan Onder het huidige stelsel wordt weinig buitenplans afgeweken met een omgevingsvergunning. Initiatiefnemers geven de voorkeur aan een bestemmingsplanwijziging omdat dit meer rechtszekerheid (de bestemming verandert) én meer flexibiliteit biedt. Vanaf maart 2020 is 4 keer met een zogenaamd projectafwijking besluit medewerking verleend aan een initiatief in strijd met het bestemmingsplan. Hiervoor heeft uw raad 2 keer een vvgb afgegeven. Het vvgb-beleid met betrekking tot projectafwijkingsbesluiten voldoet en kan gezien de positieve ervaringen in de afgelopen jaren as basis dienen voor het beleid ten aanzien van het advies van de raad bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor een BOPA. Overeenkomstig de huidige werkwijze ligt ook in de toekomst bij medewerking aan een initiatief dat in strijd is met het omgevingsplan het primaat op het wijzigen van het omgevingsplan in plaats van medewerking door een omgevingsvergunning voor een BOPA. Hierbij merken wij op dat de landelijke verwachting is dat onder de Omgevingswet in de beginperiode, waarin het tijdelijk omgevingsplan van rechtswege net van kracht is, vaker met een omgevingsvergunning buitenplans wordt afgeweken en minder voor het wijzigen van het omgevingsplan wordt gekozen.

Initiatiefnemers, adviesbureaus en gemeenten hebben namelijk nog geen ervaring met het wijzigen van een omgevingsplan en weten niet goed hoe ze dit moeten aanpakken. Daarnaast zijn de definitieve omgevingsplanregels voor de belangrijkste functies (zoals wonen) nog niet goed ingericht in het tijdelijk omgevingsplan. Meer aanvragen om omgevingsvergunning voor BOPA’s betekent in principe dat het college vaker bevoegd gezag is. De lijst met categorieën van gevallen waarvoor bindend adviesrecht van de raad van toepassing is geeft uw raad de mogelijkheid alsnog te sturen. Spanningsveld tussen bindend adviesrecht en versnellen vergunningenproces In de geest van de Omgevingswet houdt de raad zich bezig met de hoofdlijnen van het beleid met betrekking tot de fysieke leefomgeving. Uw raad blijft daarom bevoegd gezag voor het vaststellen van de omgevingsvisie en het wijzigen van het omgevingsplan. Het verlenen van omgevingsvergunningen, ook bij BOPA’s, is gericht op uitvoering en derhalve een bevoegdheid van het college. Het bindend adviesrecht was daarom oorspronkelijk geen onderdeel van de Omgevingswet, maar is door een amendement van de Tweede Kamer achteraf toegevoegd. Het toevoegen van de mogelijkheid van bindend adviesrecht levert een spanningsveld op met één van de verbeterdoelen van de Omgevingswet om de besluitvorming over projecten in de fysieke leefomgeving te versnellen.

Onder de Omgevingswet is de reguliere procedure van toepassing op aanvragen voor een omgevingsvergunning voor een BOPA. Op dergelijke aanvragen moet, ook in gevallen waarin bindend advies van uw raad noodzakelijk is, dus binnen 8 weken worden beslist. Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen kan het college de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing verklaren. Het is de vraag in hoeverre het geven van bindend advies mogelijk en realistisch is binnen de huidige vergadercyclus van de raad.

4

Onder de Omgevingswet betekent het niet tijdig beslissen op een aanvraag omgevingsvergunning, anders dan onder de huidige wet- en regelgeving, niet dat er automatisch vergunning van rechtswege ontstaat. In plaats van deze vergunning van rechtswege kunnen aanvragers het college van burgemeester en wethouders in dergelijke gevallen echter wel in gebreke stellen, met mogelijk een dwangsom tot gevolg. Dit is uit financieel oogpunt een onwenselijke situatie. Daarnaast heeft het niet halen van termijnen een negatieve impact op het imago van de gemeente waardoor het vertrouwen van de samenleving in de gemeente mogelijk verminderd. Verhouding tussen de raadsvergadercyclus en reguliere procedure voor vergunningverlening? De doorlooptijd van het raadsvoorstel om bindend adviesrecht van de raad te vragen legt met minimaal 4 weken een grote belasting op de doorlooptijd van de vergunningprocedure van 8 weken. Daarnaast blijkt uit de vergadercyclus van de raad voor 2023 dat de doorlooptijd van een raadsvoorstel voor een bindend advies gezien de vergaderfrequentie (veel) meer dan 8 weken kan bedragen. In geval een aanvraag om omgevingsvergunningsvergunning voor een BOPA op 6 januari of 15 juni wordt ingediend kan, indien nodig, uw raad pas op respectievelijk 8 maart of 27 september een bindend advies aan het college uitbrengen. Dit betekent een doorlooptijd van 9 of 15 weken.

Dit advies moet daarna nog verwerkt worden in het definitieve besluit. Hiermee wordt de termijn van 8 weken ruimschoots overschreden. Wanneer uitgebreide voorbereidingsprocedure of kan het raadsvoorstel buiten de procedure om worden behandeld? Zoals hierboven reeds vermeld is één van de verbeterdoelen van de Omgevingswet snellere besluitvorming voor projecten met impact op de fysieke leefomgeving. Daarom heeft de wet als uitgangspunt dat de reguliere voorbereidingsprocedure met een beslistermijn van acht weken van toepassing is op aanvragen om omgevingsvergunningen, ook voor een BOPA. Er zijn twee situaties waarin de uitgebreide voorbereidingsprocedure (afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht) van toepassing is op een aanvraag om omgevingsvergunning voor een BOPA. Ten eerste kan het college met instemming van de aanvrager de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing verklaren. Daarnaast mag het college in uitzonderlijke gevallen eenzijdig de uitgebreide procedure van toepassing verklaren. Van dergelijke gevallen is alleen sprake bij een activiteit die aanzienlijke gevolgen heeft of kan hebben op de fysieke leefomgeving en waartegen naar verwachting verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen hebben. De aanvrager moet ook in deze uitzonderlijke gevallen om een zienswijze worden gevraagd.

Het uitgangspunt, zoals bedoeld door de wetgever, blijft echter de reguliere voorbereidingsprocedure met een beslistermijn van acht weken. Monitoring en evaluatie De Omgevingswet verandert het speelveld met betrekking tot (de beoordeling van) initiatieven voor de fysieke leefomgeving. Daarom kent de Omgevingswet een zogenaamde transitieperiode. Deze periode loopt vanaf datum inwerkingtreding op 1 januari 2024 tot 1 januari 2030. Gedurende deze transitieperiode ontwikkelen de kerninstrumenten zich door van ‘volgens de letter van de wet’ naar ‘in de geest van de wet’. Dit betekent dat de inhoud van de omgevingsvisie en het omgevingsplan gedurende deze periode nog wijzigt. Hierdoor zijn de consequenties van het voorliggende voorstel over adviesrecht en verplichte participatie bij aanvragen voor omgevingsvergunningen voor een BOPA moeilijk in te schatten. De lijst met categorieën van gevallen waarin advies van de raad noodzakelijk is en waarbij participatie verplicht wordt gesteld, zal daarom jaarlijks worden geëvalueerd en daar waar nodig aangepast. Bovendien kan uw raad kan op ieder moment besluiten dat zij de lijst gewijzigd wil vaststellen.

5

Motivering – verplichte participatie: Een van de uitgangspunten van de Omgevingswet is dat inwoners, bedrijven en belangstellenden de mogelijkheid krijgen om vroegtijdig te participeren bij de voorbereiding van besluiten met betrekking tot de fysieke leefomgeving. Bij het opstellen en/of wijzigen van de omgevingsvisie en het wijzigen van het omgevingsplan stelt de Omgevingswet participatie daarom verplicht. Voor aanvragen om omgevingsvergunning voor een BOPA stelt de wet deze verplichting niet. Wel biedt de wet de raad de mogelijkheid bij aanvragen voor een omgevingsvergunning voor een BOPA categorieën van gevallen aan te wijzen waarbij participatie verplicht is. Het gaat hierbij om participatie voorafgaand aan het formele traject van de aanvraag tot omgevingsvergunning. Het is niet toegestaan om participatie verplicht te stellen voor alle aanvragen voor een omgevingsvergunning voor een BOPA. Op grond van de Omgevingswet moet er een specifieke lijst met categorieën van gevallen worden bepaald om de participatieplicht in te kunnen voeren. In die gevallen moet een aanvrager een participatieproces vormgeven en doorlopen. Hij moet aangeven wat er aan participatie gedaan is en wat de resultaten ervan zijn. Als niet aan participatie is gedaan, kan de aanvraag buiten behandeling worden gelaten. De vorm van participatie mag initiatiefnemer zelf bepalen.

Om juridisch te borgen dat de raad alle relevante informatie tot haar beschikking heeft om haar advies uit te brengen over een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een BOPA, ligt het voor de hand om in die gevallen waarin de raad adviesrecht heeft ook participatie verplicht te stellen. Het aanwijzen van een lijst met categorieën van gevallen waarin participatie verplicht wordt gesteld betekent niet dat bij de andere aanvragen voor een omgevingsvergunning voor een BOPA, geen participatie hoeft plaats te vinden. Participatie wordt in die gevallen niet verplicht gesteld maar is wel één van de aanvraagvereiste. In 2021 is de Leidraad Participatie met bijbehorend stappenplan vastgesteld. Op basis hiervan kunnen initiatiefnemers bepalen voor welke ontwikkelingen, welke vorm van participatie het meest geschikt is en kan een volledig participatietraject worden opgezet. Deze Leidraad vormt het uitgangspunt in die gevallen waarin participatie niet verplicht wordt gesteld. Inspraakrecht blijft bestaan De verplichting voor initiatiefnemers om belanghebbenden voorafgaand aan het indienen van de vergunningaanvraag te laten participeren, staat los van de mogelijkheid voor belanghebbenden om in te spreken bij gemeenteraadsvergaderingen.

Inwoners, bedrijven en belanghebbenden krijgen er dus een extra mogelijkheid bij hun mening te geven over een initiatief vóórdat de aanvraag wordt ingediend bij de gemeente. Presentatie 7 februari 2023 Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst van 7 februari jl hebben wij onze denkrichting voor het adviesrecht van de raad bij aanvragen om omgevingsvergunningen voor een BOPA inclusief verplichte participatie aan u gepresenteerd. Tijdens deze bijeenkomst vroeg u om enkele voorbeelden zodat u zich een beter beeld kon vormen bij welke initiatieven een advies gewenst c.q. noodzakelijk is. Bij het formuleren van de voorbeelden hebben wij ons gebaseerd op gegevens uit het verleden. Op 25 maart 2020 stelde uw raad een (gewijzigde) vvgb-lijst vast. Sindsdien zijn er enkele gevallen geweest die op grond van de vvgb-lijst ofwel direct door het college zijn afgedaan ofwel waarvoor een vvgb van de raad is gevraagd.

6

Voorbeelden van ruimtelijke ontwikkelingen waarvoor een vvgb aan de raad is gevraagd: het herbouwen van een loods aan de Scherpenbergsebaan 29 A te Schijf (verleend); het bouwen van 17 appartementen aan de Dorpsstraat 139 – 145 te St. Willebrord (verleend). Voorbeelden van ruimtelijke ontwikkelingen waarvoor op grond van de lijst van categorieën van gevallen geen vvgb aan de raad is gevraagd: het bouwen van een tweekapper aan de Sint Martinusstraat 35A en 37 te Rucphen; het verbouwen en uitbreiden van een woning aan de Irenestraat 39 te St. Willebrord. Uitgangspunten raadsbesluit adviesrecht en verplichte participatie Tijdens de presentatie hebben wij uw raad geïnformeerd over de uitgangspunten die wij hebben gehanteerd om te komen tot de voorgestelde lijst met categorieën van gevallen. De uitgangspunten zijn: 1. efficiënte en effectieve besluitvorming 2. aansluiten huidige werkwijze en vergaderschema 3. zijn er door de raad vastgestelde concreet richtinggevende kaders 4. wat is de impact van het initiatief op de fysieke leefomgeving 5. is het initiatief bestuurlijk en/of maatschappelijk gevoelig Bijlage 1 bij het bijgevoegde besluit bevat de categorieën van gevallen waarvoor ingeval van een aanvraag om omgevingsvergunning voor een BOPA bindend adviesrecht van de raad nodig is en participatie verplicht wordt gesteld.

Presentatie 9 mei 2023 Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst van 9 mei 2023 is het conceptraadsvoorstel voor het adviesrecht en verplichte participatie bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor een BOPA gepresenteerd. Hier reageren wij op de tijdens die bijeenkomst gestelde vragen. De vragen hadden met name betrekking op categorie A Wonen binnen de bebouwde kom. Verhoging aantal woningen Op basis van het huidige v.v.g.b.-beleid (actualisatie 25 maart 2020) is er een verklaring van geen bedenking vereist voor een initiatief waarbij het aantal woningen met meer dan 2 woningen toeneemt. Op grond van het voorliggende raadsbesluit wordt de raad om advies bij een toename van 11 woningen (duurzame stedelijke ontwikkeling). Dit voorliggende besluit is ingegeven door: de gezamenlijke bestuurlijke ambitie om invulling te geven aan de woningbouwopgave voor de gemeente Rucphen waarbij aandacht is voor de bouw van woningen voor starters en senioren; hierbij gaat de voorkeur uit naar bouwen binnen de kernen omdat dit een bijdrage levert aan het voorzieningenniveau en daarmee de leefbaarheid van de kern en de druk op het buitengebied niet toeneemt; de toename van woningen in de kernen past binnen de kaders van rijk en provincie (bouwen binnen stedelijk gebied gaat voor op bouwen in het buitengebied); hierdoor de bestuurlijke last voor de raad niet onnodig wordt aangetast.

Daarom wordt voorgesteld ‘Categorie A Wonen, binnen de bebouwde kom’ ongewijzigd te laten, waarbij wordt voorgesteld dat:

7

-

-

het college geen besluit neemt over een initiatief voor woningbouw binnen de kernen met een toename onder de 11 woningen dat naar mening van het college meer dan gebruikelijke impact heeft op de omgeving, voordat uw raad op grond van ‘Categorie F Overig’ van de voorgestelde lijst met categorieën van gevallen een advies heeft gegeven; het college uw raad jaarlijks informeert over de verleende omgevingsvergunning voor een BOPA.

Verschil maken tussen kernen bij woningbouwontwikkelingen Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst is gevraagd of het mogelijk is onderscheid te maken tussen kernen. In de ene kern heeft een ontwikkeling voor de realisatie van woningen minder impact dan in de andere kern. Hoewel dit inderdaad het geval kan zijn, stellen wij vanwege de eenduidigheid en transparantie van de regeling ‘Categorie A Wonen, binnen de bebouwde kom’ ongewijzigd te laten, waarbij wordt voorgesteld dat:

-

-

het college geen besluit neemt over een initiatief voor woningbouw binnen de kernen met een toename onder de 11 woningen dat naar mening van het college meer dan gebruikelijke impact heeft op de omgeving, voordat uw raad op grond van ‘Categorie F Overig’ van de voorgestelde lijst met categorieën van gevallen een advies heeft gegeven; het college uw raad jaarlijks informeert over de verleende omgevingsvergunning voor een BOPA.

Het knippen van ontwikkelingen zodat het adviesrecht van de raad niet van toepassing is Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst is gevraagd of het mogelijk is dat een initiatiefnemer een beoogde ontwikkeling opknipt zodat het adviesrecht van de raad niet van toepassing is. Hoewel een dergelijke werkwijze door de ontwikkelaar in principe mogelijk is, gaat dit naar verwachting niet vaak voorkomen omdat: -

-

dit leidt tot meerdere aanvragen omgevingsvergunning waarover leges worden geheven. Het opknippen van een ontwikkeling leidt daarmee tot hogere kosten voor de ontwikkelende partij; dit leidt tot meerdere besluiten omgevingsvergunning waartegen opnieuw bezwaar en beroep open staat. Het opknippen van een ontwikkeling leidt daarmee tot hogere procesrisico’s voor de ontwikkelende partij.

Daarnaast bestaat kan het college op basis van ‘Categorie F, Overig’ van de lijst met categorieën van gevallen de raad ook om advies vragen bij woningbouwontwikkelingen waarbij het aantal woningen minder is dan 11. Ingeval van het opknippen van een ontwikkeling kan het college derhalve de raad toch om advies vragen. De tijdens de raadsinformatiebijeenkomst gestelde vragen hebben derhalve niet geleid tot inhoudelijke aanpassing van het voorgestelde besluit. Wel zegt het college ingeval van ontwikkelingen met meer dan gebruikelijke impact op de omgeving toe de raad om advies te vragen op grond van ‘Categorie F, Overig’. Daarnaast zegt het college toe om de raad jaarlijks te informeren over de verleende omgevingsvergunningen voor een BOPA. Middelen: Dit voorstel heeft geen financiële consequenties. Vervolg: Er is sprake van een besluit van algemene strekking. Er staan geen mogelijkheden voor beroep of hoger beroep open tegen het besluit van de gemeenteraad.

8

Rucphen, 2 mei 2023 Burgemeester en wethouders van Rucphen, de secretaris,

de burgemeester,

drs. S. Michielse.

mr. M. van der Meer Mohr.

Bijlage(n): a. Raadsbesluit inclusief Bijlage 1 – Lijst van gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor de gemeenteraad van Rucphen bindend adviesrecht en verplichte participatie heeft aangewezen b. Kaarten komgrenzen Ter inzage voor raadsleden: c. Presentatie raadsinformatiebijeenkomst 7 februari 2023 d. Presentatie raadsinformatiebijeenkomst 9 mei 2023.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12759732/3