CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

07 20210520 Jaarrekening cie raad

commissie Algemeen Bestuur en Middelen 3 juni 2021, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling jaarrekening 2020 en bestemming batig rekeningsaldo 202041.620 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

41

opname worden opgelegd. Er zijn zodoende meer behandelmogelijkheden dan in de huidige Wet Bopz. Verder is wettelijk vastgelegd dat dwang echt alleen in uiterste gevallen mag worden toegepast, zijn de rechten van de betrokken versterkt, is de positie van de familie geregeld, is de grondslag opgenomen voor informatieuitwisseling en wordt tussentijdse beëindiging van de zorg gemeld aan de gemeente. De gemeente Rucphen werkt samen in West-Brabant verband. Met het besluit voeren de 16 gemeenten in West-Brabant in onderlinge afstemming de gemeentelijke taken uit. Burgers kunnen zich wenden tot het Meldpunt Crisiszorg als zij grote zorgen hebben om een persoon (veelal een naaste) en denken dat verplichte ggz-zorg nodig is. Dit meldpunt beoordeelt de melding namens de gemeente en zorgt voor een adequate afhandeling, waaronder indien nodig doorgeleiding naar het team Bemoeizorg dat het verkennend onderzoek uitvoert. Dit leidt mogelijk tot een aanvraag bij het OM voor verplichte zorg, waar de rechter over besluit. De uitvoering van de crisismaatregel in het kader van de nieuwe wet, ziet er voor burgers niet veel anders uit dan de voormalige uitvoering van de inbewaringstelling (IBS) in het kader van de BOPZ. De crisismaatregel vervangt de huidige IBS voor mensen in crisis vanwege psychiatrische problematiek.

Overigens blijft de huidige IBS-maatregel blijft van kracht voor mensen in crisis als gevolg van licht verstandelijk gehandicapt LVGproblematiek of psycho-geriatrische problematiek. Aan al deze wettelijke verplichtingen wordt met ingang van 1 januari 2020 voldaan.

6.82 - Geëscaleerde zorg 18De vervolgstappen die we in 2020 zouden zetten om de strategie Veiligheid verder ten uitvoer te brengen heeft ook vanwege de coronacrisis gedeeltelijk een andere invulling gekregen vanwege de beperkingen of kent een vertraging. Echter, soms heeft de coronacrisis óók gezorgd voor een versnelling in de gewenste ontwikkelingen. Zo hebben alle partijen van de veiligheidsteams, te weten Spring, Veilig Thuis, de Gecertificeerde Instellingen, Raad voor de Kinderbescherming en de 9 West-Brabant West gemeenten, hard gewerkt aan een aangepaste werkwijze. Er is een intensievere samenwerking gerealiseerd om er voor te zorgen dat de medewerkers en de gezamenlijk beschikbare capaciteit zo goed mogelijk ingezet kon worden om onze jongeren in een onveilige situatie zo goed mogelijk te kunnen helpen. Daarnaast is het gelukt om Brabant breed Gecertificeerde Instellingen te contracteren en zeker de eerste helft van 2020 hebben we nog te maken gehad met de uitfasering van cliënten van Juzt en de financiële afwikkeling hiervan. Het anders invullen van de vervolgstappen vanuit de Strategie Veiligheid heeft met name te maken met het betrekken van jeugdigen en hun ouders of verzorgers. Ook stagneerde sommige processen hierdoor.

Denk bijvoorbeeld aan de organisatie van regionale bijeenkomsten voor ouders in scheiding welke maanden vertraging opgelopen heeft en opnieuw stilgelegd is. Of het niet kunnen vergaderen doordat één of meerdere partnerorganisaties nog niet bleek te beschikken over een goedgekeurde, veilige, digitale vergadermogelijkheid. In een aantal maanden zijn de vergaderproblemen alsnog opgelost. Om de gevolgen van de coronacrisis aan te pakken zijn er extra quarantaine plekken georganiseerd samen met de jeugdhulpregio West-Brabant Oost. De raming geëscaleerde zorg 18- was in 2020 niet toereikend doordat er meer jeugdigen een maatregel opgelegd hebben gekregen. Het gaat hier om jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen. Op basis van de prognoses zijn in de 2e bestuursrapportage 2020 de budgetten voor jeugdbescherming en jeugdreclassering verhoogd met € 75.000,00. In de financiële slotwijziging 2020 is hier een bedrag van € 45.000,00 aan toegevoegd voor jeugdbeschermingsmaatregelen.

Beleidsindicatoren

Banen per 1.000 inw 15 t/m 64jr

451,1

792,1

Rucphen

Nederland bron: Meerdere bronnen | 2019

42

Personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners

Rucphen

316,3

Nederland

459,7

bron: CBS | 2020

Netto arbeidsparticipatie 66,3%

68,8%

Rucphen

Nederland bron: CBS | 2019

Lopende re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners van 15 -64 jaar

87,7

202,0

Rucphen

Nederland bron: CBS | 2020

% Kinderen in uitkeringsgezin

% Werkloze jongeren

6,00%

4,00%

2,00% 1,00%

Nederland

Rucphen

Nederland

Rucphen

bron: CBS Jeugd | 2019

bron: CBS Jeugd | 2019

Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo per 10.000 inwoners

400

640

Rucphen

Nederland bron: CBS - MSD WMO | 2020

43

Jongeren met jeugdhulp % van alle jongeren tot 18 jaar

12,3

Rucphen

12,9

Nederland

bron: CBS Jeugd | 2019

Jongeren met jeugdreclassering

Jongeren met jeugdbescherming

0,4%

0,4%

1,3%

1,2%

Rucphen

Nederland

Rucphen

Nederland

bron: CBS Jeugd | 2019

bron: CBS Jeugd | 2019

Jongeren met een delict voor de rechter 1%

1%

Rucphen

Nederland bron: CBS Jeugd | 2019

44

Programma 7: Volksgezondheid en milieu

Beoogd maatschappelijk effect Duurzame en gezonde leefomgeving.

Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Speerpunten uit het Coalitieakkoord 2018-2022 en de Raadsagenda 2018-2022: • In het kader van de duurzaamheid heeft de gemeente een voorbeeldrol. Wij gaan samenwerken aan een duurzame en circulaire economie; • Gemeentelijke afvalstoffenheffing en rioolheffing zijn kostendekkend; Speerpunten uit de Toekomstvisie “Puur Rucphen 2030”: • Onze aanpak kenmerkt zich door nieuwe samenwerkingsverbanden, innovatie en digitalisering en een laagdrempelige en gecoördineerde aanpak dicht bij de burger in wijk en buurt, met blijvende aandacht voor de kwetsbare groepen in onze gemeente. In het samenspel met inwoners en partners bewaken we, als regisseur, de kosten en de kwaliteit van de ondersteuning. Dit resulteert in een doorgaande zorglijn waarbij preventieve actie steeds onze voorkeur heeft; • Extra aandacht gaat uit naar de jongeren en ouderen, zowel qua voorzieningen- als woningaanbod. Het tegemoetkomen aan de behoeften van deze doelgroepen is van belang voor een evenwichtige bevolkingssamenstelling en vitale gemeenschappen. • De kernen bieden de ideale schaal om maatwerk te leveren, aan te sluiten bij wat mensen wél kunnen, de eigen kracht en het sociaal netwerk te betrekken en naast individuele voorzieningen ook algemene voorzieningen te ontwikkelen.

De meer specialistische voorzieningen organiseren we omwille van efficiency en effectiviteit op regionaal niveau. • Het preventieve aanbod is algemeen toegankelijk, laagdrempelig en de bereikbaarheid is dichtbij (voorzieningen zoveel mogelijk dicht bij huis). Denk hierbij aan een consultatiebureaubezoek en vroegsignalering binnen wijknetwerken en vindplaatsen; • Lokaal regelen we algemeen toegankelijke voorzieningen, zoals gemeenschapshuizen en multifunctionele accommodaties, peuterspeelzalen, dagopvang voor ouderen, mantelzorgcafé e.d.; • Vooral in de kleinere dorpen met weinig tot geen (fysiek) zorgaanbod is maatwerk nodig. We stimuleren creatieve oplossingen en inzet van zorgpartners en inwoners Sinds 2020 werken wij samen met het Regionaal Energie Loket (REL). REL is een onafhankelijke organisatie die inwoners informeert, adviseert over het verduurzamen van de woning. Per 1 januari 2020 maken onze inwoners gebruik van de milieustraat van de gemeente Etten-Leur. Gestart is met een onderzoek naar een duurzame inzameling van huishoudelijk afval na 2022. Met stickers op de mini-containers zijn onze inwoners bewust erop geattendeerd dat met goed scheiden de container minder snel aangeboden hoeft te worden voor lediging, hetgeen kosten bespaart.

Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld

Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria

Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten

TOTAAL

45

Prim. Beg. 2020

Begr. na wijz. 2020

Rekening 2020

814.397

848.046

1.554.565 -2.352.503 1.756.746 -2.283.343 654.244 -2.380 76.484 -34.507

1.544.837 -2.394.503 2.120.806 -2.650.470 986.936 -134.106 75.626 -30.052

765.888 -3.215 1.544.705 -2.404.357 2.125.383 -2.768.261 658.313 -113.564 110.163 -35.377

183.703

367.120

-120.322

Verschillenverklaring per taakveld 7.1 - Volksgezondheid Vanwege de coronacrisis heeft het traject Brede impuls combinatiefuncties (sportcoaches) stilgelegen. Dit wordt in 2021 verder opgepakt. We willen € 62.640,00 overbrengen naar 2021. 7.3 - Afval De hogere inkomsten zien we bij het inzamelen van papier, glas en kunststof (Nedvang). Dit vindt zijn oorzaak in afrekening over 2017 en 2018. Daarnaast door een hogere vergoeding in 2020. 7.4 - Milieubeheer Het verschil in de lasten is met name te verklaren door de later opgestarte activiteiten voor de duurzaamheidsagenda/ warmte en energietransitie. Wij stellen voor om het werkbudget Regionale Energie Strategie 2030 (€ 3.200,00); duurzaamheidsagenda/warmte-energietransitie (€ 128.928,00) en Specifieke uitkering reductie energiegebruik (€ 24.858) over te brengen naar 2021. Tevens wordt bij het werkprogramma OMWB voorgesteld om € 7.958,00 over te brengen naar 2021. Daarnaast zijn de geraamde middelen voor dierplaagbestrijding niet volledig benodigd geweest De preventieve behandeling van alle bomen tegen de eikenprocessierups is zeer succesvol gebleken. Daardoor is curatieve bestrijding (verwijderen nesten) maar heel beperkt nodig geweest. Dit heeft geleid tot minder uitgaven dan geraamd.

7.5 - Begraafplaatsen en crematoria De hogere last op dit taakveld wordt met name veroorzaakt door de storting in de voorziening afkoopsommen onderhoud graven. Deze voorziening is in 2018 gevormd. Het deel van de grafrechten dat voor een langere periode is betaald, wordt gestort in een voorziening. De jaarlijkse kosten van onderhoud e.d. brengen we ten laste van die voorziening. Per saldo is in 2020 een bedrag van € 20.870,00 gestort. Daarnaast zijn op dit taakveld in 2020 meer kosten gemaakt aan verwerking van afval en onderhoud door de WVS van in totaal € 6.546,00. Hier staat tegenover dat de werkelijke opbrengsten met betrekking tot de lijkbezorgingsrechten in 2020 € 5.147,00 hoger zijn dan de raming.

De taakvelden 7.1 – Volksgezondheid Publieke gezondheidszorg Wij nemen deel aan de Gemeenschappelijk regeling GGD West-Brabant. In de coronacrisis speelt de GGD een grote rol (onder meer informatiepunt voor inwoners, afnemen van testen, ondersteuning Amphia-ziekenhuis, crisisoverleg met maatschappelijke partners en Veiligheidsregio etc.). Dat vraagt veel van de GGD. De meest cruciale processen binnen de GGD vonden doorgang. De extra werkzaamheden van de GGD brachten veel extra kosten met zich mee. De GGD is met de Rijksoverheid in gesprek over de compensatie van deze kosten. Het is nog niet duidelijk of de compensatie door de rijksoverheid alle extra kosten gaat dekken. Als dat niet het geval is, kan er een extra claim bij de gemeenten weggelegd worden. De bijdrage aan GGD West-Brabant over 2020 bedroeg € 414.427,00. Jeugdgezondheidszorg De coronacrisis heeft gevolgen voor de jeugdgezondheidszorg van 0-4 (door TWB) en 4-19 (door GGD). Voor de 0-4 jarigen was het aantal fysieke contactmomenten beperkt tot de vaccinaties. De overige contactmomenten zijn, zoveel als mogelijk, vervangen door telefonische of digitale contacten. Voor de 4-19 jarigen zijn de contactmomenten uitgesteld. Vaccinaties voor de 4-19-jarigen worden, soms met enige vertraging, uitgevoerd. Door stijging van het aantal kinderen van 0-4 jaar waren de kosten in 2020 hoger dan het begrote bedrag.

RAV Bij de ambulancevoorziening is er nog steeds sprake van een bijzondere situatie. Door gewijzigde wetgeving zijn gemeenten nog verantwoordelijk voor een organisatie, die geen gemeentelijke taak (meer) uitvoert en waarbij de zeggenschap over beleid en financiering is belegd bij de minister van VWS en de zorgverzekeraars. We betalen dan ook geen gemeentelijke bijdrage aan de RAV. Er is daarom een onderzoek uitgevoerd naar een voor de toekomst meest passende rechtsvorm. Hieruit blijkt dat een stichting zonder winstoogmerk het beste voldoet aan de door het bestuur geformuleerde uitgangspunten en voorwaarden.

46

7.2 – Riolering Operationeel rioolbeheer Het operationeel rioolbeheer is veelal uitgevoerd en bekostigd zoals gepland in het gemeentelijk rioleringsplan. Een uitzondering hierop is een overschrijding als gevolg van een verplichte periodieke NEN-keuring van elektrische installaties. Rioolinspecties en onderhoud van IBA’s (Individuele Behandeling van Afvalwater) zijn voordeliger uitgevallen dan gepland. Per saldo zijn de verschillen met de geraamde kosten gering. De regionale samenwerking in ‘Water- en Klimaatkring de Baronie’ is naar tevredenheid verlopen. Daarom is in 2020 een ‘meerjarenprogramma Water- en Klimaatkring de Baronie 2020-2021’ vastgesteld door de deelnemende partijen. Naast Rucphen nemen deel: het Waterschap Brabantse Delta, Brabant Water en de gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Breda, Etten-Leur en Zundert. Investeringen riolering Er is ingezet op meeliften met integrale projecten zoals reconstructie Kaaistraat en Centrumplan Rucphen. Hierbij zijn rioolreparaties uitgevoerd en is infiltratieriolering aangelegd. Verder is in 2020 de riolering van de Kerkeheidestraat voorzien van een relining. Reparaties in het kader van risicogestuurd rioolbeheer zijn doorgeschoven naar 2021. Ook een deel van het krediet ‘rioolvervanging vrij-verval’ is doorgeschoven naar 2021 vanwege integraal werken (reconstructie Nachtegaalstraat).

Klimaatadaptatie In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie is vastgelegd dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust moet zijn ingericht. In 2019 zijn in regionaal verband de zogenaamde klimaatstresstesten uitgevoerd voor Rucphen en de andere gemeenten binnen ‘Water- en Klimaatkring de Baronie’. Op twee verschillende manieren worden de uitkomsten weergegeven: regionale klimaatonderlegger die opgaven op een grotere schaal in de regio weergeven en de lokale stresstesten die tot op straatniveau de opgaven weergeven. In 2020 zijn we met deze opgaven in beeld ‘het gesprek aangegaan’ met verschillende regionale en lokale stakeholders, zoals de GGD, het Groene Platform Rucphen, woningcorporatie Thuisvester en inwoners. Met de verschillende stakeholders is besproken hoe we gezamenlijk de thema’s wateroverlast, hitte, droogte en overstromingen kunnen aanpakken. Rioolheffing De rioolheffing hangt samen met de wettelijke zorgplicht voor drie beleidsvelden op het gebied van water. Doel van de rioolheffing is om geld vrij te maken voor onder meer de afvoer van afvalwater, de afvoer van regenwater (ook wel hemelwater genoemd) en het beheer van het grondwaterpeil. De inkomsten uit rioolheffing zijn alleen beschikbaar voor uitgaven gerelateerd aan de beschreven zorgtaken. De inkomsten en uitgaven worden nader toegelicht in paragraaf 5.1.

7.3 – Afval Milieustraat Vanaf 1 januari 2020 kunnen de inwoners gebruik maken van de milieustraat van de gemeente Etten-Leur. Omdat op deze milieustraat het afval veel beter kan worden gescheiden, wordt er per inwoner minder restafval aangeboden. Gebleken is dat door de coronacrisis landelijk ongeveer 20% meer afval is aangeboden op de milieustraten. Dit geldt ook voor de milieustraat Etten-Leur. Vanaf november 2020 zijn wij met de gemeente Etten-Leur in overleg met betrekking tot de eindafrekening 2020 van de milieustraat. Na verschillende gesprekken in het afgelopen half jaar hebben wij op 18 mei 2021 een eindvoorstel vanuit Etten-Leur mogen ontvangen. Na besluitvorming hierop door ons college, zal uw raad per raadsinformatiebrief over het eindresultaat worden geïnformeerd. Attero De juridische procedure met betrekking tot de naheffing voor het te weinig aanleveren van huishoudelijk restafval door de gewesten voor het jaar 2015 en 2016 is nog niet afgerond. Er loopt op dit moment een vernietigingsprocedure met betrekking tot de uitspraak. Niet duidelijk is wanneer er een definitieve uitspraak kan worden verwacht. Na deze uitspraak zal op provinciaal niveau worden bepaald op welke wijze de financiële afrekening wordt afgewerkt.

De gemeenten die deel uitmaakten van het voormalige Streekgewest huldigen op dit moment het standpunt dat het voormalig streekgewest heeft voldaan aan de verplichtingen, verwoord in de overeenkomst met Attero en zij niet zullen meebetalen aan de naheffing. Nu de Arbitrage is afgerond (de Vernietigingsprocedure loopt nog) hebben 4 van de 6 Gewesten ingestemd met het volgende voorstel:

47

Het bestuur van de Vereniging van Contractanten (VVC) heeft eerder vastgesteld dat zij niet gaat over het verdelingsvraagstuk. Het bestuur van de VVC gaat derhalve: 1. geen besluit nemen over het verdelingsvraagstuk en gaat geen bindend advies daarover vragen. 2. geen verdelingsvoorstel (tussen gewesten onderling) voorleggen aan de Algemene Vergadering. 3. geen standpunt innemen op welke wijze verdeling binnen ieder gewest moet plaatsvinden. Afvalstoffenheffing Het uitgangspunt bij de afvalstoffenheffing is een volledig 100%-kostendekkende tariefberekening. Alle kosten van de activiteiten die in enige mate (geheel/gedeeltelijk) kunnen worden toegerekend aan de in de Wet Milieubeheer opgenomen gemeentelijke zorgplicht voor het verwijderen van huishoudelijke afvalstoffen, inclusief de kosten van de gemeentelijke milieustraat, zijn in de kostenonderbouwing meegenomen. De kosten en opbrengsten lichten we nader toe in paragraaf 5.1.

7.4 – Milieubeheer Duurzame Mobiliteit / Slim laden In 2019 is besloten dat wij deelnemen aan de gezamenlijke aanbesteding van Laadpalen voor elektrisch rijden van de provincies Noord-Brabant en Limburg. Vattenfall en BAM hebben uiteindelijk de opdracht gekregen om de infrastructuur van de E-laadpunten uit te breiden. In 2021 krijgen de gemeenten die deelnemen aan dit project voorstellen met betrekking tot de uitbreiding van de e-laadpunten in hun gemeenten. Deze aanleg is voor de gemeenten gratis. Wij hoeven slechts zorg te dragen voor de benodigde verkeersbesluiten. In onze gemeente worden de komende vier jaren in totaal 5 extra laadpalen aangelegd met elk 2 laadpunten in de kernen Zegge, Sprundel en St. Willebrord. Begin 2020 is de elektrische Dorpsbus in Sprundel en St. Willebrord als pilotproject gestart. Door de Coronacrisis heeft de Dorpsbus alleen in januari en februari kunnen rijden. Programma Omgevingsdienst Midden- en West Brabant De Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) voert voor Rucphen diverse (milieu)taken uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). Het programma bestaat uit de wettelijk verplichte basistaken, de regionaal afgesproken collectieve taken en de gemeentelijke verzoektaken.

Voor het takenpakket van de OMWB wordt jaarlijks een uitvoeringsprogramma opgesteld conform de spelregels (onder andere de MWB-norm) die hierover in onze regio zijn afgesproken. De gemeentelijke bijdrage aan de omgevingsdienst bedroeg in 2020 € 253.925,00. Over de resultaten van het programma wordt uw raad jaarlijks geïnformeerd via het jaarverslag VTH, waarin ook de resultaten van de OMWB zijn opgenomen. Door de opgelegde beperkingen als gevolg van corona heeft de toezichtstaak 2020 en de planning daarvan een aangepaste invulling gekregen. Al met al kan worden gesteld dat de OMWB de taken, ondanks de beperkingen, conform het opgestelde uitvoeringsprogramma 2020 heeft uitgevoerd. Ongediertebestrijding Het aantal geregistreerde meldingen met betrekking tot ratten is ten opzichte van 2019 met ongeveer 30% gestegen tot 224. In 2020 is naast de curatieve bestrijding (verwijderen van de nesten) gestart met de preventieve bestrijding van de Eikenprocessierups. Hierdoor is de overlast in sterke mate gedaald. Het aantal meldingen over eikenprocessierupsen is ten opzichte van 2019 afgenomen met 80% tot 60 meldingen. De voor de bestrijding beschikbare middelen zijn in 2020 niet volledig ingezet, mede door het positieve effect van de preventieve bestrijding, in zijn algemeenheid minder overlast van de eikenprocessierups en beperkte curatieve bestrijding.

Duurzaamheid Voor de uitvoering van de Visie Duurzaamheid is 1 fte extra ingezet. Deze capaciteit was noodzakelijk om te kunnen voldoen aan de wettelijk verplichte activiteiten in het kader van duurzaamheid c.q. klimaatadaptatie. Daarnaast is een overeenkomst gesloten met het Regionaal Energie Loket (REL). Dit loket adviseert onze inwoners en bedrijven over het thema ‘Energie’. Of het nu gaat over de aanschaf van zonnepanelen, isolatie, energiebesparing of de subsidiemogelijkheden het Loket heeft deze deskundigheid in huis. Ook ondersteunt REL onze gemeente bij het uitvoeren van de Regeling reductie energieverbruik.

48

Duurzaamheid en circulariteit in beleidsdocumenten Door een adviesbureau is een QuickScan gedaan op de inhoud van beleidsstukken met betrekking tot circulariteit en de landelijke doelstellingen hierin. Het Programma van Eisen Openbare Ruimte en het inkoopbeleid zijn als gevolg hiervan op onderdelen aangepast. Duurzaamheid en het inkoopbeleid In het Programma van Eisen Openbare Ruimte is een hoofdstuk duurzaamheid toegevoegd. Dit hoofdstuk is overkoepelend voor de rest van het document en stimuleert een duurzame aanpak. In 2020 is het project gestart om het inkoopbeleid van onze gemeente duurzaamproof te maken. De uitgangspunten van het Maatschappelijk Verantwoord Inkopen zijn geïmplementeerd in het inkoopbeleid door een bredere omschrijving en definitie te geven aan duurzaamheid onder de noemer maatschappelijk verantwoord inkopen. Deze activiteit stond eveneens vermeld in de Duurzaamheidsagenda. Gemeente als voorbeeldfunctie In 2020 heeft uw raad de motie aangenomen om de toepassing van zonnepanelen op gemeentelijke gebouwen te onderzoeken. Deze activiteit was al opgenomen in de Duurzaamheidsagenda voor het jaar 2022, maar is hierdoor naar voren geschoven. Totaal is voor 9 gebouwen onderzocht of het plaatsen van zonnepanelen mogelijk is. Het gemeentehuis is niet meegenomen in het onderzoek.

Het hoogstgelegen dak van het gemeentehuis heeft namelijk onvoldoende ruimte om zonnepanelen te plaatsen vanwege de aanwezigheid van de bewassingsinstallatie en de hoge dakranden (schaduwwerking). Er kunnen slechts ca. 4 zonnepanelen worden geplaatst. Dit aantal rechtvaardigt de investering niet. Het sedumdak is daarnaast niet geschikt voor het aanbrengen van zonnepanelen. Gebleken is dat bij 6 gebouwen direct zonnepanelen kunnen worden geplaatst. Het betreft hier de gebouwen: • De Brandweerkazerne • Peuterspeelzaal De Dolfijn • Gemeenschapshuis D’n Hoge Dries • De Heemtuin • t.t.v. De Backhands • MFA Agora Voor de Nieuwenberg, de gemeentewerf en De Lanteern wordt in 2021 nog een onderzoek naar de constructie uitgevoerd. Besloten is dat bij de Kadernota 2022 een claim zal worden ingebracht voor het leggen van zonnepanelen op alle 9 gemeentelijke gebouwen inclusief de kosten voor het aanpassen van de constructie. Klimaat, Energie en Wonen In juni 2020 is door uw raad het concept van de Regionale Energie Strategie 2030 West-Brabant (RES 2030) vastgesteld. De RES 2030 is ter becommentariëring naar het Rijk gezonden. Naar aanleiding van de reactie van het Rijk is het concept waar nodig aangepast c.q. aangevuld. In de raadsvergadering van april 2021 is de RES 1.0 vastgesteld.

Klimaatadaptatie De volgende activiteiten zijn uitgevoerd: • Klimaatstresstesten • Week van ons water (Tegels eruit, plantjes erin / Regentonactie) • Alliantie Financiële Prikkels (gedragsonderzoek d.m.v. een enquête wateroverlast) • Groene schoolpleinen Regeling reductie energiegebruik (RRE) De doelgroep voor deze regeling is de particuliere woningbezitter. Op basis van deze regeling is in december 2019 subsidie verkregen, groot € 131.726,00. De regeling liep van 1 december 2019 tot en met 31 december 2020 , maar is verlengd tot 31 december 2021. In het kader van de RRE zijn de volgende activiteiten, in samenwerking met het Regionaal Energie Loket, georganiseerd: • collectieve inkoop zonnepanelen; • collectieve inkoop spouwmuur- en vloerisolatie ; • drie Buurtacties Energiezuinig wonen;

49

• •

het verstrekken van cadeaubonnen ter waarde van € 45,00 voor kleine isolerende en/of energiebesparende maatregelen. De doelstelling van de regeling, de reductie van CO2-uitstoot is met de uitvoering van deze activiteiten bereikt. Er is namelijk 410 ton CO2 reductie per jaar bespaard.

Transitievisie Warmte Het streven van het Rijk is dat Nederland in 2050 aardgasloos is. Daarom moeten gemeenten voor 31 december 2021 een Transitievisie Warmte vaststellen. In deze Visie wordt aangegeven welke stappen gemeenten gaan zetten om in 2050 uit te komen op ‘aardgasloos’. In 2020 hebben wij opdracht verleend deze Transitievisie op te stellen. Middels een participatieproces worden onze inwoners, instellingen en bedrijven hierbij betrokken. Het project zal volledig in 2021 worden uitgevoerd. Visie Zonne- en Windenergie Rucphen Dit document bevat kaders voor het realiseren van zonne- en windenergie. De visie is in 2020 in samenwerking met Industriële Kring Rucphen (IKR) en Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie (ZLTO) opgesteld en vastgesteld in de raadsvergadering van februari 2021.

7.5 - Begraafplaatsen en crematoria De gemeentelijke begraafplaatsen aan de Kaaistraat te St. Willebrord en de Kerkstraat te Rucphen geven invulling aan de verplichting van de gemeente om een algemene begraafplaats te hebben. Beide begraafplaatsen bieden nog voldoende ruimte qua graven en urnenplaatsen. Beheer en onderhoud van de begraafplaatsen heeft op de vastgestelde wijze plaatsgevonden

Beleidsindicatoren

Hernieuwbare elektriciteit 4,4%

geen data

Rucphen

Nederland bron: Klimaatmonitor-RWS | 2018

Omvang huishoudelijk restafval kg per inwoner

Rucphen

162

Nederland

163

bron: CBS statistiek Huishoudelijk afval | 2019

50

Programma 8: Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

Beoogd maatschappelijk effect Het is goed wonen in Rucphen; aantrekkelijk en leefbaar.

Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma In de begroting 2020 zijn de volgende speerpunten uit het Coalitieakkoord, de Raadsagenda en de Toekomstvisie opgenomen. Speerpunten uit het Coalitieakkoord 2018-2022 en de Raadsagenda 2018-2022; • Actualisatie woonvisie in 2018; • Speciale aandacht voor een optimale verdeling van woningbouw op basis van vraag, tussen de doelgroepen starters, senioren, sociale huur, geliberaliseerde huur en zelfbouwers; • Aanvullende afspraken met Thuisvester over toewijzen woningen aan mensen met lokale binding; • Afronding dorpsplannen binnen de reeds beschikbaar gestelde kredieten en de laatste verpaupering in de dorpscentra actief te lijf gaan; • Passende oplossingen voor leegstand buitengebied. Speerpunten uit de Toekomstvisie “Puur Rucphen 2030”: • De gemeente Rucphen is aantrekkelijk voor wonen en vrijetijdsbesteding; • Onze dorpen hebben allemaal een eigen karakter en het is er goed leven. De samenstelling van de bevolking is daarbij belangrijker dan aantallen; • Een sterke vrijetijdseconomie draagt bij aan de leefbaarheid van onze dorpen. In 2020 is volop gebouwd in de gemeente. Er zijn afgelopen jaar 89 woningen opgeleverd. Het coronavirus lijkt vooralsnog geen invloed te hebben op het aantal woningbouwplannen. Er is gestart met het bouwrijp maken van Hofstede en het bouwen van appartementen in het centrum van Rucphen.

Het centrumplan van Rucphen wordt gerealiseerd. In de andere dorpen is ook volop beweging. Er zijn vele plannen ontwikkeld en op diverse plekken is volop bouwactiviteit. De doelstellingen uit de woonvisie worden in praktijk gebracht door het bouwen voor diverse doelgroepen. Ook in het buitengebied is volop ontwikkeling. Met het nieuwe bestemmingsplan buitengebied zijn nieuwe kaders vastgesteld. Diverse voormalige agrarische bedrijven hebben een nieuwe bestemming en daarmee toekomst gekregen. In 2020 is ook bekend geworden dat de Omgevingswet uitgesteld wordt naar 2022. Mede hierdoor is het opstellen van de omgevingsvisie uitgesteld naar 2021. De focus heeft gelegen op de vele woningbouwplannen en actualisaties van de bestemmingsplannen. Met de nieuwe bestemmingsplannen is ruimte gegeven aan initiatieven van onze inwoners en ondernemers.

Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld

Ruimtelijke ordening Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Wonen en bouwen

Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten

TOTAAL

51

Prim. Beg. 2020

Begr. na wijz. 2020

Rekening 2020

584.075 -178.120 4.259.857 -4.081.498 869.466 -424.661

718.659 -279.704 4.896.857 -4.735.290 851.046 -509.528

627.531 -339.296 5.194.094 -5.182.694 885.754 -673.602

1.029.119

942.040

511.787

Verschillenverklaring per taakveld 8.1 - Ruimtelijke ordening Van het budget implementatie omgevingswet resteert € 90.000,00. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is opnieuw met een jaar uitgesteld tot 1 januari 2022. De middelen zullen nog hiervoor worden ingezet. Van de Provincie is een bijdrage voor Ruimte voor Ruimte ontvangen van € 50.000. Dit wordt bij de resultaatbestemming gestort in de reserve ‘Verbetering kwaliteit en leefbaarheid landelijk gebied. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Dit taakveld verantwoorden we binnen het grondbedrijf. De resultaten van de grondexploitatie worden verwerkt in de reserve van het grondbedrijf. Afwijkingen in baten en lasten worden daardoor gecompenseerd en hebben geen invloed op het resultaat. Het verschil, zowel bij de uitgaven als inkomsten, wordt veroorzaakt door: • tussentijdse-winstnemingen; • aanzuivering van de voorziening binnen het grondbedrijf voor verliesgevende complexen. De hogere last wordt ook veroorzaakt doordat in 2020 € 105.270,00 meer is afgeschreven dan geraamd. De hogere afschrijving wordt o.a. veroorzaakt doordat op dit taakveld de afwaardering van het vastgoed is verantwoord voor een bedrag van € 35.875,00.

Verder is voor een bedrag van € 40.409,00 door het grondbedrijf aan gronden aangekocht, waardoor deze boekwaarden zijn afgeschreven binnen de exploitatie, maar ook bijgeschreven (interne overboeking). Daarnaast is er nog afgeschreven in verband met de verkoop van een pand. 8.3 - Wonen en bouwen De hogere kosten wordt met name veroorzaakt door hogere salariskosten. De hogere opbrengst wordt veroorzaakt door meer aanvragen voor omgevingsvergunningen (bouwen) in de maand december 2020.

De taakvelden 8.1 - Ruimtelijke ordening Actualisatie van bestemmingsplannen In 2020 zijn de bestemmingsplannen ‘Kom Zegge’ en ‘Kom St. Willebrord’ in procedure gebracht. Vaststelling van het bestemmingsplan ‘Kom Zegge’ heeft in april 2021 plaatsgevonden. Het bestemmingsplan ‘Kom St. Willebrord’ kan vastgesteld worden na de zomer 2021. Het was de bedoeling om ook de bestemmingsplannen voor ‘Kom Rucphen’ en ‘Kom Schijf’ in 2020 in procedure te brengen. Vanwege de vele andere ruimtelijke procedures is dit doorgeschoven naar 2021. In 2020 is ook uitspraak gedaan over het bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2012, 3e herziening. Deze procedure is daarmee beëindigd. Buitengebied In 2020 is hard gewerkt aan het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020. De gemeenteraad heeft dit bestemmingsplan op 16 december 2020 vastgesteld. In dit bestemmingsplan zijn 23 particuliere initiatieven meegenomen. Om het bestemmingsplan af te kunnen ronden en de initiatieven te verwerken is tevens € 28.340,00 extra budget beschikbaar gesteld bovenop de eerder beschikbare gestelde € 40.000,00. Toename aantal ruimtelijke procedures Ondanks de coronacrisis zijn er veel aanvragen binnengekomen voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Ook in de dorpen zijn veel ontwikkelingen.

Er zijn diverse procedures gestart voor het toevoegen van woningen of het omzetten van voormalige winkels en bedrijven naar woningen. Er is € 8.750,00 meer ontvangen aan leges en plankosten dan geraamd. De procedures en daarmee gemoeide kosten lopen door in 2021 waardoor dit budget overgebracht wordt naar 2021. Omgevingswet De inwerkingtreding van de Omgevingswet is uitgesteld naar 1 januari 2022. Voor de zomer 2021 wordt duidelijk of de Omgevingswet nog een keer uitgesteld wordt. In 2020 is gestart met de voorbereidingen van de aansluiting op het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Begin 2021 zijn hiervoor de volgende stappen gezet (aanschaf software). Omdat de meeste activiteiten voor de Omgevingswet uitgesteld zijn naar 2021, stellen wij voor dit budget over te brengen naar 2021. In de 2e bestuursrapportage is aangegeven dat de omgevingsvisie begin 2021 wordt opgepakt. Vaststelling van de omgevingsvisie is voorzien eind 2021.

52

Kwaliteitsverbetering landschap Met de provincie zijn afspraken gemaakt over middelen die ontvangen worden voor ruimte voor ruimte. De ontvangen middelen kunnen ingezet worden voor verbetering van de kwaliteit en leefbaarheid van het buitengebied. In 2020 zijn de eerder ontvangen middelen ingezet voor de landschapsontwikkeling van De Binnentuin en de aankoop en sloop van het pand van de fysiotherapeut in het Processiepark in St. Willebrord. In december 2020 is voor kwaliteitsverbetering van het landschap een bedrag van € 50.000,00 ontvangen van de provincie. Bij de resultaatbestemming stellen wij uw raad voor dit bedrag te storten in de reserve ‘Verbetering kwaliteit en leefbaarheid landelijk gebied’. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) De gemeente heeft voor een drietal locaties zelf de regie over de gronduitgifte voor woningbouw. Dit zijn de locaties Hofstede in Rucphen en de Fazantendonk-Vosdonkseweg en Kaaistraat-Valkendonk in St. Willebrord. Hofstede De Raad van State heeft op 1 april 2020 uitspraak gedaan over de beroepen tegen het bestemmingsplan voor Hofstede. De beroepen zijn ongegrond verklaard waardoor het bestemmingsplan onherroepelijk is. De locatie is bouwrijp gemaakt. De bouw van woningen is inmiddels gestart. Alle woningen uit fase I zijn verkocht. Fazantendonk-Vosdonkseweg In 2020 zijn de plannen voor de invulling Fazantendonk-Vosdonkseweg in St.

Willebrord verder uitgewerkt. De stedenbouwkundige invulling wordt omgezet naar een bestemmingsplan. De omgeving wordt hierbij in 2021 actief betrokken. Op de locatie aan de Vosdonkseweg-Krommestraat is woningbouw voorzien. Inmiddels zijn de plannen voor woningbouw ontvangen. De komst van de huisartsenpraktijk op deze locatie gaat niet door. In 2021 wordt bezien hoe deze locatie ingevuld kan worden. Kaaistraat-Valkendonk De hoek Kaaistraat-Vosdonkseweg in St. Willebrord wordt door Ruimte voor Ruimte in ontwikkeling gebracht. De grond naast deze locatie (naast de begraafplaats) wordt door de gemeente zelf ontwikkeld voor woningbouw. De kernrandzone wordt afgerond en landschappelijk versterkt. Het perceel grond achter de Valkendonk wordt eveneens voor woningbouw bestemd. De visie hiervoor wordt in 2021 verder uitgewerkt. 8.3 - Wonen en bouwen Uitvoering woonvisie In de vergadering van 11 december 2019 is de woonvisie vastgesteld. In 2020 is uitvoering gegeven aan de ambities uit de woonvisie. In de raadsvergadering van september 2020 is de huisvestingsverordening vastgesteld. Hierdoor kunnen lokale woningzoekenden voorrang krijgen bij de toewijzing van een sociale huurwoning. Vanaf februari 2021 kunnen woningzoekenden zich via Klik voor Wonen aanmelden. Daarnaast is gestart met het in beeld brengen van de kansen en risico’s van pre-mantelzorgwoningen.

Verder is onderzocht of KoLat (het Koop Later-concept) interessant is voor de gemeente. Met diverse partijen wordt verkend of dit concept gerealiseerd kan worden. De woonvisie is inmiddels vertaald in de vastgestelde prestatieafspraken met Thuisvester. Woningbouw in Schijf en Zegge Voor Schijf is het bestemmingsplan ‘De Berg’ vastgesteld. Tegen dit plan is beroep ingediend bij de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroep is nog niet behandeld waardoor er nog niet gestart is met woningbouw. Het bestemmingsplan voor de ruimte voor ruimte-locatie Zoeksestraat is vastgesteld. Voor Zegge zijn de bestemmingsplannen voor woning aan de Lage Zegstraat (10 woningen) en Hoefstraat (4 woningen) in april 2021 vastgesteld. Dorpsontwikkeling In Rucphen zijn op twee locaties projecten gestart. Het betreft de locaties ‘De Vaart’ en ‘Jeu de boulesbanen’. Het bestemmingsplan voor de locatie ‘Jeu de boulesbanen’ (De Vlette) is door de raad vastgesteld in maart 2020. Inmiddels is op beide locaties gestart met de bouw van de appartementen. De uitvoering van het centrumplan vordert volgens de planning.

53

Voor Sprundel is voor de locatie Neerhofplein in 2020 een aanvulling ontvangen op het eerder gedane verzoek voor de bouw van een supermarkt met appartementen. Voor St. Willebrord is het centrumplan verder uitgevoerd. Afronding van het gebied Vijverstraat / Pastoor Bastiaansensingel hangt samen met de plannen voor (ver)nieuwbouw van de Heilinde. In het Processiepark zijn de apotheek, de huisartsenpraktijk en de ruimte van de fysiotherapeuten gesloopt. Uw raad heeft extra middelen beschikbaar gesteld voor de inrichting van het Processiepark. Vergunningverlening Eerder is het begrote bedrag voor inkomsten uit omgevingsvergunningen verhoogd met € 100.000,00. De geraamde inkomsten van bijna € 425.000,00 zijn in 2020 ruimschoots behaald. Er is zelfs bijna € 250.000,00 extra ontvangen (in totaal dus € 673.000,00). Eind 2020 zijn er nog vele aanvragen ontvangen. Een groot deel van deze werkzaamheden wordt in 2021 uitgevoerd. De formatie voor vergunningen is eerder met 0,5 fte structureel uitgebreid vanwege de toegenomen vraag. Het aantal woningbouwplannen en daarmee dus ook het aantal verleende omgevingsvergunningen is fors gegroeid. Het is de verwachting dat dit de komende tijd doorzet gelet op de bestemmingsplannen die in procedure zijn en in voorbereiding zijn.

Beleidsindicatoren

Woonlasten éénpersoonshuishouden

Woonlasten meerpersoonshuishouden

euro

euro

695

700

764

773

Rucphen

Nederland

Rucphen

Nederland

bron: COELO, Groningen | 2020

bron: COELO, Groningen | 2020

Gemiddelde WOZ waarde woningen 280 270 260 250 240 230 220 210 200 2016

2017

2018 Rucphen

2019

2020

Nederland bron : CBS - WOZ | 2016 -2020

Nieuw gebouwde woningen per 1.000 woningen

10,4

8,9

Rucphen

Nederland bron: BAG/ABF | 2020

54

Demografische druk

Rucphen

Nederland

67,50%

70,00%

bron : CBS | 2020

55

Het overzicht van algemene dekkingsmiddelen Inleiding In dit hoofdstuk besteden wij aandacht aan de algemene dekkingsmiddelen. Algemene dekkingsmiddelen zijn inkomsten van een gemeente waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald. Deze middelen zijn in principe vrij aanwendbaar: uw raad bepaalt voor welk doel de middelen worden ingezet. Hierbij dient natuurlijk in acht te worden genomen dat gemeenten wettelijk verplicht zijn een aantal taken uit te voeren. Het overzicht van algemene dekkingsmiddelen bevat de volgende onderdelen: • Lokale heffingen; • Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds; • Treasury; • Overige baten en lasten (inclusief onvoorzien).

Overzicht algemene dekkingsmiddelen In onderstaande tabel is de opbrengst van de verschillende algemene dekkingsmiddelen verantwoord. Hierna lichten wij de opbrengsten per onderdeel toe.

Lokale heffingen Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Treasury Overige baten en lasten

Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten

TOTAAL

Prim. Beg. 2020

Begr. na wijz. 2020

Rekening 2020

339.877 -3.907.150

357.370 -3.779.110

374.690 -3.757.717

-36.120.322 525.990 -942.340 84.839 -59.655

-37.879.453 468.544 -814.204 148.081

-37.976.056 487.195 -821.820

-40.078.761

-41.498.772

-41.716.524

-22.816

Lokale heffingen Lokale heffingen zijn de opbrengsten uit rechten (retributies) en de eigen belastingen. Onder de algemene dekkingsmiddelen verstaan we alleen de baten uit de eigen belastingen. Dit zijn de onroerende zaakbelastingen, toeristenbelasting en forensenbelasting. Belastingopbrengsten uit rechten, zoals rioolheffing, zijn kostendekkend en daarmee niet vrij besteedbaar. Voor het opleggen en innen van de eigen belastingen betalen we een bijdrage aan de Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB). Deze bijdrage zien we terug aan de lastenkant. Een nadere toelichting over de inkomsten en kostendekking vindt u terug in paragraaf 5.1 ‘Lokale heffingen’.

56

Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds De algemene uitkering is één van de uitkeringen die gemeenten van het Rijk ontvangen. Dat gebeurt via het Gemeentefonds. Gemeenten kunnen, met inachtneming van wet- en regelgeving, zelf bepalen of zij de uitkering uitgeven aan taken die het Rijk opdraagt of aan eigen beleid. Gemeenten hoeven zich niet te verantwoorden over de besteding van de algemene uitkering richting het Rijk. De verantwoording vindt plaats aan de gemeenteraad. Algemene uitkering 2020 Aan de hand van de decembercirculaire 2020 van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is de uitkering uit het gemeentefonds voor het jaar 2020 berekend op € 30.323.467,67. In onderstaand overzicht is de ontwikkeling van de algemene uitkering op de verschillende rapportagemomenten weergegeven: Algemene uitkering van het gemeentefonds 2020 Raming

Werkelijk

Verschil

Begroting 2020

29.434.426,00

1e bestuursrapportage 2020

29.534.323,00

99.897,00

2e bestuursrapportage 2020

30.002.353,00

468.030,00

Financiële slotwijziging 2020

30.211.438,00

209.085,00

Jaarrekening 2020

30.323.467,67

112.029,67

(Bedragen excl. afrekening oude jaren, integratie- en decentralisatie-uitkeringen, maar wel incl. taakmutaties ivm compensatie Corona).

Het verschil tussen de begroting 2020 en de 1e bestuursrapportage 2020 wordt met name veroorzaakt door actualisatie van maatstaven die gebruikt worden in de berekening van de algemene uitkering. Veel maatstaven in dienstjaar 2019 zijn definitief vastgesteld. Dit werkt door naar de maatstaven van 2020. Zie voor verdere toelichting de 1e bestuursrapportage 2020. Het verschil tussen de 1e en 2e bestuursrapportage 2020 van € 468.030,00 positief, wordt veroorzaakt door de effecten van de mei- en septembercirculaire en de aanvullende brief met verdeling compensatiepakket coronacrisis. Het betreft met name de volgende onderdelen binnen het Gemeentefonds die een afwijking veroorzaken: • Hoger accres door hogere uitgaven bij het Rijk in 2019 en 2020 en door de afrekening van het BTWCompensatiefonds 2019 (meicirculaire 2020); • De taakmutaties Corona uit de aanvullende brief met verdeling compensatiepakket coronacrisis; • Het tweede pakket aan maatregelen om gemeenten te compenseren voor de gevolgen van de coronacrisis (septembercirculaire 2020); • Schrappen oploop opschalingskorting 2020 (septembercirculaire 2020) Zie voor verdere toelichting de 2e bestuursrapportage 2020. Na de 2e bestuursrapportage 2020 is de financiële slotwijziging 2020 opgesteld. Het verschil tussen deze twee documenten bedraagt € 209.085,00 positief, wat o.a.

veroorzaakt wordt door de bijstelling van de uitkeringsfactor met 9 punten o.b.v. de septembercirculaire 2020 en actualisatie van de aantallen en tarieven van diverse maatstaven. Ten opzichte van de berekening die gemaakt is voor de financiële slotwijziging 2020 is het werkelijke bedrag voor 2020 € 112.029,67 hoger uitgevallen. Dit wordt met name veroorzaakt door het 3e pakket aan Coronacompensatie en een bijstelling van de uitkeringsfactor met 2 punten. Algemene uitkering oude jaren In het dienstjaar 2020 hebben er nog verrekeningen plaatsgevonden met betrekking tot de jaren 2018 en 2019 welke per saldo hebben geleid tot een terugbetaling van € 75.985,14.

57

Totaal algemene uitkering Het totale bedrag dat in 2020 wordt verantwoord op het taakveld “algemene uitkering” bedraagt € 37.976.055,58. Voor 2020 was een bedrag begroot van € 37.879.453,00, waardoor er per saldo een bedrag van € 96.602,58 meer ontvangen is in 2020. In onderstaande tabel is per onderdeel het geraamde en het werkelijke bedrag opgenomen. Totaal algemene uitkering Omschrijving

Begroot

Werkelijk

1

Algemene uitkering uit het gemeentefonds 2020

30.211.438

30.303.631

Verschil 92.193

2

Alg. uitkering uit het gemeentefonds 2020 oude jaren

-75.655

-75.985

-330

3

Integratie-uitkering Sociaal domein

7.160.686

7.160.686

4

Integratie-uitkering Verhoging raadsledenvergoeding kleine gemeenten

77.780

77.780

5

Integratie-uitkering Inburgering

44.936

44.936

Decentralisatie-uitkeringen: 6

VTH provinciale taken

46.697

46.697

7

Schulden en armoede

26.301

26.301

8

Armoedebestrijding kinderen

60.290

60.290

9

Gezond in de stad

51.691

51.691

10 brede aanpak dak-+thuisloosheid

17.628

17.628

11 Voorschoolse voorziening peuters

40.261

40.261

12 Brede Reg Combi functies/buurtsportcoach

42.772

42.772

13 Maatschappelijke begeleiding

26.070

30.810

14 Verhoging taalniveau statushouders

26.076

26.076

15 compensatie toeristenbelasting

29.000

29.000

16 Eigen bijdrage WMO

27.298

27.298

17 Extra kosten verkiezingen

30.828

30.828

18 noodopvang kinderen ouders cruciale beroep

30.984

30.984

19 Precariobelasting+markt+evenementenleges

4.372

4.372

37.879.453

37.976.056

Totaal

4.740

96.603

Het verschil van € 96.603,00 wordt met name veroorzaakt door het aanvullende compensatiepakket medeoverheden december 2020. Tevens is de decentralisatie-uitkering maatschappelijke begeleiding o.b.v. de decembercirculaire 2020 gestegen. In onderstaande toelichting wordt per onderdeel een toelichting gegeven. Ontwikkelingen n.a.v. de decembercirculaire 2020 Op 31 augustus 2020 heeft het kabinet de Tweede Kamer geïnformeerd over een aanvullend compensatiepakket voor medeoverheden. In de afgelopen periode zijn er door het kabinet aanvullende afspraken gemaakt voor 2020 en 2021. Over dit aanvullend pakket compensatie medeoverheden december 2020 is de Tweede Kamer parallel aan het uitkomen van de decembercirculaire geïnformeerd. Het betreffen de volgende maatregelen die betrekking hebben op 2020: Rijksmiddelen uit decembercirculaire 2020

Bedrag

Jaar

omschrijving compensatie Aanvullende pakket re-integratiekosten 2020

€

22.240,00

2020

Gemeentelijk schuldenbeleid 2020

€

13.559,00

2020

Bijzondere bijstand 2020

€

4.631,00

2020

Continuïteit van zorg (COVID 19) 2020

€

36.262,00

2020

Compensatie quarantainekosten 2020

€

3.569,00

2020

totaalbedrag compensatie nav decembercirc 2020

€

80.261,00

58

Extra middelen voor re-integratie dienstverlening aan bijstandsgerechtigden Als onderdeel van het steun- en herstelpakket stelt het kabinet in 2020 en 2021 extra middelen voor de reintegratie van bijstandsgerechtigden (€ 40 miljoen in 2020  € 22.240,00 voor Rucphen ; € 90 miljoen in 2021 inclusief afdracht aan het BTW-Compensatiefonds  € 51.149,00 voor Rucphen). Gemeenten ontvangen deze extra middelen zodat zij de reguliere dienstverlening op peil kunnen houden nu de instroom in de bijstand toeneemt. Daarnaast ontvangen gemeenten in 2021 een tijdelijk impuls voor re-integratie (€50 miljoen inclusief afdracht aan het BTW-compensatiefonds  € 27.313,00) die gemeenten in staat stelt om de dienstverlening aan mensen die nu als gevolg van de crisis de bijstand instromen te intensiveren. Persoonlijk contact is belangrijk om hen vanuit een uitkeringssituatie naar werk te begeleiden. De bedragen met betrekking tot 2021 zijn verwerkt in de 1e bestuursrapportage 2021.

Extra middelen voor gemeentelijk schuldenbeleid en bijzondere bijstand Als onderdeel van het steun- en herstelpakket stelt het kabinet in 2020 en 2021 extra middelen voor het gemeentelijk schuldenbeleid (€ 15 miljoen in 2020  € 13.559,00 ; € 30 miljoen in 2021  € 27.719,00 ) en de bijzondere bijstand (€ 5 miljoen in 2020  € 4.631,00; € 10 miljoen in 2021  € 9.467,00) beschikbaar, gelet op de voorziene toename van de armoede- en schuldenproblematiek. Deze extra middelen stellen gemeenten in staat om hun inwoners waar nodig van dichtbij te blijven ondersteunen. Meer informatie is te vinden in de brief van de Staatssecretaris van SZW van 28 september jl. over de intensivering armoede- en schuldenaanpak. De bedragen met betrekking tot 2021 zijn verwerkt in de 1e bestuursrapportage 2021. Continuïteit van zorg (COVID-19) De VNG en het Rijk hebben in maart 2020, kort na het uitbreken van de coronacrisis, afspraken gemaakt over het bieden van financiële zekerheid en ruimte aan zorgorganisaties en professionals binnen de Jeugdwet en Wmo 2015. De afspraken zijn gericht op het zo goed mogelijk organiseren van continuïteit van zorg voor cliënten en het borgen van het zorgstelsel voor de langere termijn. Onderdeel van de afspraken met gemeenten is onder meer dat meerkosten als gevolg van de coronacrisis door het Rijk worden vergoed aan gemeenten.

Op 28 mei 2020 heeft het kabinet de Kamer geïnformeerd over een compensatiepakket voor medeoverheden waaronder een voorschot voor gemeenten van € 144 miljoen voor de meerkosten en inhaalzorg van de jeugdzorg en Wmo 2015. Dit voorschot is vervolgens verdeeld in paragraaf 2.2 van de aanvullende brief van juni 2020. Daarnaast is in opdracht van de Ministeries van VWS, FIN, BZK en de VNG een onderzoek naar de omvang van de totale meerkosten in het sociaal domein in 2020 uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek is de totale hoogte van de compensatie met betrekking tot de Jeugdwet en Wmo 2015 in het bestuurlijk overleg van 23 september 2020 gezamenlijk vastgesteld op € 170 miljoen. Dit betreft een afrondende afspraak voor meerkosten (inclusief mogelijke inhaalzorg) in het sociaal domein over 2020. Er vindt na afloop van 2020 dan ook geen nacalculatie meer plaats. Het verleende voorschot wordt met de nu vastgestelde € 170 miljoen aan compensatie verrekend. Er wordt dus € 26 miljoen extra toegevoegd (voor Rucphen € 36.262,00) aan het al door gemeenten ontvangen voorschot van € 144 miljoen. Van de aanvullende € 26 miljoen wordt € 20,4 miljoen toegevoegd aan de algemene uitkering (cluster Wmo 2015) en € 5,6 miljoen aan de integratie-uitkering Beschermd Wonen.

Op de andere onderdelen van het gemeentefonds waar meerkosten en inhaalzorg op van toepassing zijn, zijn reeds middelen toegekend via het voorschot in de aanvullende brief van juni 2020. De verdeling van de middelen over de verschillende onderdelen van het gemeentefonds is tot stand gekomen in gezamenlijk overleg tussen de Ministeries van VWS en BZK en de VNG. Compensatie quarantainekosten Met de motie Asscher c.s. heeft de Tweede Kamer gevraagd hoe mensen ondersteund kunnen worden als ze in quarantaine horen te gaan. Het kabinet heeft met gemeenten afgesproken dat zij een rol zullen vervullen bij het ondersteunen van mensen die in quarantaine moeten. Het gaat daarbij vooral om praktische ondersteuning en het continueren van zorg en ondersteuning vanuit de sociaaldomeinwetten voor die burgers die in quarantaine moeten en niet in staat zijn de problemen die daardoor kunnen ontstaan zelf of met hun netwerk op te lossen. Het gaat mogelijk om een groep die niet al in beeld is bij gemeenten. In de quarantainegids die onder andere via de GGD verspreid wordt, worden mensen naar de gemeente en het Rode Kruis verwezen als ze de hulp niet zelf georganiseerd krijgen. Met de VNG is afgesproken dat gemeenten hun vrijwilligersorganisaties en hun toegang/informatiepunten voorbereiden om de mensen in quarantaine die het niet zelf redden, deze ondersteuning te bieden.

Dit vraagt ook een duidelijk vraagpunt en snelle handelswijze (binnen 1-3 werkdagen). Ter compensatie van mogelijke extra kosten wordt in 2020 eenmalig € 4 miljoen toegevoegd (voor Rucphen € 3.569,00).

59

Decentralisatie-uitkering Maatschappelijke begeleiding (hervestigers) Conform artikel 18 van de Wet inburgering voorziet het college in de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. Dit geldt eveneens voor “hervestigers”. De vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, de UNHCR, selecteert deze vluchtelingen en draagt ze voor aan de Nederlandse overheid om te worden hervestigd in Nederland. Deze vluchtelingen hoeven bij aankomst geen asielprocedure te doorlopen en worden direct in een gemeente gehuisvest. In de decentralisatie-uitkeringen Maatschappelijke begeleiding vanaf 1 oktober 2017 zijn de hervestigers niet opgenomen. Om die reden wordt de uitkering bij deze circulaire voor 2020 met € 1,14 miljoen opgehoogd (voor Rucphen betreft het een verhoging van € 4.740,00, waardoor de uitkering 2020 in totaliteit € 30.810,00 bedraagt). De middelen voor hervestigers worden verstrekt op basis van: • •

•

het aantal inburgeringsplichtige hervestigers dat, rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd, als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 en het aantal inburgeringsplichtige hervestigers dat rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, verleend onder een beperking verband houdend met verblijf als familie- of gezinslid, voor verblijf bij: o 1°. een houder van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, o 2°. een houder van een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd, of o 3°. een houder van een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen die is verleend met een aantekening inzake internationale bescherming als bedoeld in artikel 45c, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De hervestigers zijn in de periode vanaf 1 oktober 2017 inburgeringsplichtig geworden en in de periode vanaf 1 oktober 2017 tot en met 26 februari 2020 ingeschreven in de Basisregistratie Personen in de gemeente waar zij op grond van artikel 28 van de Huisvestingswet 2014 zijn gehuisvest en voor wie nog niet eerder middelen zijn verstrekt ten behoeve van de maatschappelijke begeleiding in het kader van de meicirculaires 2018, 2019 en 2020.

60

Treasury Dividend BNG Bank N.V. Dividend is een winstuitkering van een onderneming aan haar aandeelhouders. Gemeente Rucphen heeft 19.656 aandelen in BNG Bank. Het dividend over 2019 is € 24.963,12; dit is € 1,27 per aandeel. De daadwerkelijke uitkering van het dividend is opgeschort naar 2021 op advies van de Europese Centrale Bank (ECB). Het op 19 maart 2021 uitgekeerde dividendbedrag is nog slechts een deel van het door aandeelhouders op 16 april 2020 goedgekeurde dividend over 2019. Het resterende bedrag blijft gereserveerd voor uitkering. De uitkering van dit restant zal op basis van de ECB-aanbeveling niet vóór 30 september 2021 plaatsvinden en is onderworpen aan mogelijke toekomstige aanbevelingen van de ECB. Dividend moet verantwoord worden in het jaar waarin het dividend wordt vastgesteld. Het dividend over 2019 wordt als baat in de jaarrekening 2020 verantwoord. Omdat het dividend na 2020 wordt betaald, is er per 31 december 2020 een vordering opgenomen. Saldo van de financieringsfunctie Onder financieringsfunctie verstaan we alle activiteiten die te maken hebben met het verwerven en beheren van financiële middelen.

Het saldo van de financieringsfunctie is het saldo van (a) de betaalde rente (kosten) over de aangegane leningen en de aangetrokken middelen in rekening-courant en (b) de ontvangen rente (opbrengsten) over de uitzettingen inclusief de toegerekende rentelasten aan de programma’s. We presenteren het saldo in het volgende overzicht: Saldo financieringsfunctie

Begroot

Werkelijk

Saldo

Rentekosten van langlopende geldleningen

429.056

429.056

-0

Kosten betalingsverkeer en beheer

17.805

17.326

479

Rentetoerekening (boekwaarde aandelen)

1.512

1.512

-0

Rente rekening-courant

20.171

24.222

-4.051

Kosten i.v.m. invordering (a) totale lasten

-

15.079

-15.079

468.544

487.195

-18.651 -5.088

Rente rekening-courant

-

5.088

Rente kasgeldleningen

15.183

15.184

-1

761

1.007

-246

52.960

52.960

0

-

1.334

-1.334

Toegerekende reële en bespaarde rente

720.337

721.284

-947

Ontvangen dividend

24.963

24.963

-

(b) totale opbrengsten

814.204

821.820

-7.616

(c) saldo (b - a)

345.660

334.626

11.034

Rente hypothecaire geldleningen Rentevergoeding grondbedrijf Ontvangsten i.v.m. invordering

Rentekosten rekenen we toe aan die taakvelden waar een boekwaarde van een investering voorkomt. Dit doen we via een omslagmethode. Alleen wanneer speciaal voor een investering een geldlening is aangegaan, belasten we de werkelijke rentekosten door. Dat deel blijft dan buiten de omslag. Wij kennen alleen geldleningen voor algemene financiering. Hiervoor geldt dus de omslagmethode. De omslagrente is bij de begroting 2020 bepaald op 0,52 %. Dit ronden we conform de Financiële Veordening af op 1%. De berekening per 31 december 2020 vindt als volgt plaats: Berekening rentepercentage grondbedrijf

31-12-2020

1. De externe rentelasten over de korte en lange financiering

429.056

2. Vaste schulden

25.683.211

3. Rentelast over het vreemd vermogen (1 / 2)

1,67%

4. Vreemd vermogen

45.717.263

5. Totaal vermogen

98.740.213

6. Percentage vreemd vermogen (4 / 5)

46,30%

7 Rentepercentage grondbedrijf (6 * 3)

0,77%

61

Rente berekening voor de boekwaarde

31-12-2020

1. De externe rentelasten over de korte en lange financiering

429.056

2. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend

52.960

3. De aan taakvelden toe te rekenen rente (1 - 2)

376.096

4. Boekwaarde exclusief grondbedrijf

75.285.455

5. Rente over de boekwaarde exclusief grondbedrijf (3 /4)

0,50%

De verdeling van de reëele en bespaarde rente aan de taakvelden is conform onderstaande tabel.

Reële en bespaarde rente toegerekend aan taakvelden: Omschrijving

Begroot

0.2 Burgerzaken

Werkelijk

160

160

0.4 Overhead

123.459

123.459

0.5 Treasury

1.512

1.512

1.1 Crisisbeheersing en brandweer

6.738

6.738

1.2 Openbare orde en veiligheid

431

431

2.1 Verkeer en vervoer

184.474

185.131

2.5. Openbaar vervoer

781

781

3.1 Economische ontwikkeling

23

23

3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur

90

90

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

-

-

4.1 Openbaar basisonderwijs

10.878

10.878

4.2 Onderwijshuisvesting

67.717

67.717

5.698

5.698

37.606

37.606

67

67

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 5.2 Sportaccommodaties 5.5 Cultureel erfgoed 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie

9.984

9.984

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

86.239

86.239

7.2 Riolering

124.062

124.062

2.856

2.856

7.3 Afval 7.5 Begraafplaatsen en crematoria 8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)

479

479

52.908

53.198

4.175

4.174

720.337

721.284

8.3 Wonen en bouwen

62

Overige baten en lasten (inclusief onvoorzien) Onder de overige baten en lasten nemen we de onvoorziene uitgaven, stelposten, taakstellingen en de ontvangsten uit dwangsommen op. In de volgende tabel is het verloop te zien, gevolgd door een toelichting. Overige baten en lasten

Omschrijving

Begroting na wijziging

Begroot

Werkelijk

Onvoorziene uitgaven

55.000,00

34.829,00

-

Stelpost Bbz-levensvatbaarheidsonderzoeken

8.007,00

8.007,00

-

Stelpost Ambulantisering in de GGZ

27.093,00

48.689,00

-

Stelpost Donorwet Stelpost Brede reg combi functie/buurtsportcoaches Stelpost grondbedrijf boekwaarde grondexploitatie

4.000,00

-

-

42.772,00

-

8.300,00

-

-

Stelpost ruimte plafond BCF compensatiefonds

-59.655,00

-

-

Stelpost decentr.-uitkering Gezond in de stad

-

11.006,00

-

Stelpost subsidieprogramma

9.821,00

2.778,00

-

Taakstelling bedrijfsvoering

-36.382,00

-

-

9.000,00

-

-

25.184,00

148.081,00

-22.816,00 -22.816,00

Stelpost ondersteuning griffier Dwangsommen Totaal

Onvoorziene uitgaven In 2020 is € 20.171,00 van het budget voor onvoorziene uitgaven ingezet. In hoofdstuk 6.4. vindt u een nadere toelichting. Stelposten We nemen een stelpost op wanneer de werkelijke uitgaven nog niet exact bepaald kunnen worden. Onze stelposten bevatten beschikbare middelen waarvoor nog geen beleid is vastgesteld, zoals bijvoorbeeld ontvangen decentralisatie-uitkeringen. Uitgaven ten laste van deze posten kunnen pas worden gedaan wanneer uw raad hierover een besluit heeft genomen. Op dat moment worden de middelen met een begrotingswijziging overgebracht naar een ander budget. Stelpost Bbz-levensvatbaarheidsonderzoeken Met ingang van 1 januari 2020 is de financieringssystematiek van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz 2004) vernieuwd. Onderdeel van deze vernieuwing is dat de levensvatbaarheidsonderzoeken die worden uitgevoerd in het kader van het Bbz 2004 niet meer worden bekostigd via een specifieke uitkering, maar via het gemeentefonds. Toevoeging van de middelen voor de kosten van onderzoek aan het gemeentefonds past bij de gedachte dat het bij de onderzoekskosten in beginsel gaat om uitvoeringskosten. Gemeenten ontvangen voor de uitvoeringskosten van de Participatiewet c.s. reeds een bijdrage uit het gemeentefonds, waaraan nu dus de middelen voor de levensvatbaarheidsonderzoeken zijn toegevoegd.

De middelen voor de levensvatbaarheidsonderzoeken worden op basis van de door het Rijk te vergoeden uitgaven over het jaar 2018 toegevoegd aan het gemeentefonds. Vanaf 2020 is hiervoor een structureel budget (stelpost) opgenomen van € 8.007,00. Stelpost Ambulantisering in de GGZ Op 5 juni 2019 is op de Algemene Ledenvergadering van de VNG ingestemd met het hoofdlijnenakkoord GGZ. In het hoofdlijnenakkoord GGZ wordt ingezet op ambulantisering van de zorg. Dit leidt tot een groter beroep op zorg en begeleiding in het gemeentelijke domein. Het kabinet stelt financiële middelen beschikbaar voor het realiseren van de ambities uit het hoofdlijnenakkoord. Een bedrag van € 27.093,00 is in 2020 als stelpost opgenomen plus het restantbedrag van 2019 € 21.596,00.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10155987/1