06b Programmaverantwoording 2024
Tekst van het document
bron : CBS - Gemeentelijke monitor sociaal domein Wmo | 2020 - 2024
*Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo: Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
48
Banen per 1.000 inwoners 15-64 jaar 900,0
836,6
824,7
805,1
795,7
795,0
800,0 700,0 600,0 500,0
451,1
469,8
465,9
453,9
448,5
400,0 300,0 200,0 100,0 0,0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland
bron : CBS - Bevolkingsstatistiek / LISA - bewerking ABF research | 2019 - 2023
*Banen: Onder een baan wordt verstaan een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners.
Jongeren met een delict voor de rechter percentage 1,2 1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland bron : CBS Jeugdmonitor | 2019 - 2023
*Jongeren met een delict voor de rechter: Het percentage jongeren (12 t/m 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen.
49
Netto arbeidsparticipatie percentage 74,0
73,2
73,1
73,0
72,2
72,0 71,0 69,6
70,0 69,0
70,7
70,4 69,4
70,1
69,8
68,0
68,0 67,0 66,0 65,0 2020
2021
2022 Rucphen
2023
2024
Nederland bron : CBS Arbeidsdeelname (gemeente) | 2019 - 2024
*Netto arbeidsparticipatie: het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking.
50
Programma 7: Volksgezondheid en milieu Beoogd maatschappelijk effect Een duurzame en gezonde leefomgeving. Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Ontwikkelingen binnen dit programma Er is in 2024 uitvoering gegeven aan veel integrale reconstructieprojecten, die deels in 2025 afgerond worden. Er zijn voordelen behaald door het verkrijgen van klimaat-/afkoppelsubsidies waarmee optimaal invulling aan klimaatadaptatie wordt gegeven bij reconstructies. Om in 2050 energieneutraal te zijn, zijn er diverse activiteiten uitgevoerd. De activiteiten variëren van bewustwordingscampagnes en het tegengaan van energiearmoede zodat iedereen mee kan doen in de energietransitie tot de voorbereiding van Warmteplannen. Het is niet gelukt om een ecologisch bureau te selecteren voor het soortenmanagementplan (SMP). Het Regionaal Plan Energiesysteem is als opvolger van de Regionale Energiestrategie in 2024 voorbereid om in 2025 tot besluitvorming te komen. Het vastgestelde werkprogramma OWB 2024 is nagenoeg conform het programma uitgevoerd. Speerpunten uit het hoofdlijnenakkoord Naar een gezonde generatie We hechten belang aan een gezonde leefstijl voor alle inwoners. In het lokaal Preventieakkoord hebben we de krachten gebundeld om een stap te zetten naar een gezond en vitaal Rucphen. We voeren dit verder uit.
Naar een duurzame gemeente Rucphen wil op termijn energie- en klimaatneutraal zijn. We volgen daarin het landelijk tempo. We geven uitvoering aan de Regionale Energiestrategie, de gemeentelijke visies op zonne- en windenergie en duurzaamheid en de Transitievisie warmte. We richten ons in eerste instantie op zonne-energie. De windprojecten en de aanvragen hiervan komen eerst pas na 2030 mogelijk in beeld. Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld
Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
TOTAAL
Prim. Beg. 2024
Begr. na wijz. 2024
Rekening 2024
1.001.092 -290.847 1.782.843 -2.671.916 2.638.772 -3.475.803 1.277.609 -422.586 97.261 -26.534
1.421.319 -389.805 1.815.480 -2.768.199 2.667.636 -3.410.547 4.337.051 -3.336.265 90.473 -26.534
1.313.893 -306.559 1.511.299 -2.742.377 2.516.901 -3.290.596 1.155.997 -446.051 90.658 -27.555
-90.109
400.609
-224.390
Verschillenverklaring per taakveld 7.1 Volksgezondheid Het verschil in lasten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • • •
lagere lasten van € 73.800,00 voor de SPUK ‘sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis’. Dit valt weg tegen de lagere baten van deze SPUK; lagere lasten van € 11.400,00 voor de bijdrage aan de GGD West-Brabant; lagere lasten van € 10.400,00 voor de SPUK ‘lokaal preventieakkoord’. Dit valt weg tegen de lagere baten.
Het verschil in baten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • •
lagere baten van € 72.800,00 voor de SPUK ‘sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis’ Dit valt weg tegen de lagere lasten van deze SPUK; lagere baten van € 10.400,00 voor de SPUK ‘lokaal preventieakkoord’. Dit valt weg tegen de lagere lasten;
51
7.2 Riolering Het verschil in lasten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • hogere aanwending van € 170.000,00 uit de voorziening gemeentelijke rioleringsplan. Dit wordt veroorzaakt door onderstaande verschillen en een hoger btw-component op investeringen; • hogere lasten van € 21.100,00 voor onderhoudskosten drukriolering risico gestuurd; • hogere lasten van € 12.100,00 voor energiekosten riolering; • lagere lasten van € 43.400,00 voor toegerekende rente; • lagere lasten van € 33.800,00 voor inhuur in verband met voorbereiding integrale projecten; • lagere lasten van € 24.500,00 voor planvorming riolering; • lagere lasten van € 19.600,00 voor inhuur in verband met inventariseren duikers; • lagere doorbelasting salarissen van € 15.100,00; • lagere lasten van €10.500,00 voor meten en monitoren waterkring Baronie. Het verschil in baten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • lagere baten van € 32.500,00 voor rioolheffing. 7.3 - Afval Het verschil in lasten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • een storting van € 170.000,00 in de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing (voorheen de egalisatiereserve afvalstoffenheffing) door onderstaande verschillen; • lagere lasten van € 323.000,00 voor het verwerken en ophalen van afval.
Hier staan deels lagere baten tegenover. Het verschil in baten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • lagere baten van € 120.000,00 voor het bewerken en verwerken van grof restafval, hier staan lagere lasten tegenover; • lagere baten van € 111.600,00 voor het inzamelen textiel, papier & e-waste, hier staan lagere lasten tegenover; • hogere baten van € 66.800,00 voor het inzamelen PBD, glas en metaal; • hogere baten van € 11.600,00 voor activiteiten zwerfafval. 7.4 – Milieubeheer Het verschil in lasten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • hogere lasten van € 22.700,00 voor het Circulair Energy Hub. Hier staan baten tegenover; • lagere lasten van € 1.352.300,00 voor de uitvoeringskosten van het klimaatakkoord. Dit wordt gecompenseerd door de lagere baten; • lagere lasten van € 914.300,00 voor SPUK lokale aanpak isolatie. Dit wordt gecompenseerd door de lagere baten; • lagere lasten van € 480.400,00 voor aanpak energiearmoede. Dit wordt gecompenseerd door de lagere baten; • lagere lasten van € 159.000,00 voor de duurzaamheidsagenda en de warmte-energietransitie; • lagere lasten van € 93.700,00 voor het werkprogramma OMWB; • lagere lasten van € 85.800,00 voor de voorbereiding voor het soortenmanagementplan (SMP).
De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld; • lagere lasten (geen lasten) van € 79.000,00 voor het nationaal isolatieprogramma. Dit wordt gecompenseerd door de lagere baten; • lagere lasten van € 13.600,00 voor de vergroting bewustwording van inwoners. Het verschil in baten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • hogere baten van € 22.700,00 voor het Circulair Energy Hub. Hier staan lasten tegenover; • lagere baten van € 1.366.600,00 voor de uitvoeringskosten van het klimaatakkoord. Dit wordt gecompenseerd door de lagere lasten; • lagere baten van € 914.300,00 voor SPUK lokale aanpak isolatie. Dit wordt gecompenseerd door de lagere lasten; • lagere baten van € 480.400,00 voor aanpak energiearmoede. Dit wordt gecompenseerd door de lagere lasten; • lagere baten (geen baten) van € 79.000,00 voor het nationaal isolatieprogramma. Dit wordt gecompenseerd door de lagere lasten; • lagere baten van € 71.500,00 voor de bijdrage van de gemeenten in de kosten van de voorbereiding van het SMP. De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld.
52
De taakvelden 7.1 – Volksgezondheid Publieke gezondheidszorg Op grond van de publieke gezondheidszorg moeten gemeenten bijdragen aan het verbeteren en beschermen van de gezondheid van iedere inwoner. Deze taken worden uitgevoerd door GGD West-Brabant. De GGD is een gemeenschappelijke regeling waarin Rucphen samen met 15 andere gemeenten uit West-Brabant participeert. De bijdrage aan de GGD West-Brabant bedroeg in 2024 € 533.653,00. Specifieke uitkering versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026 (SPUK BREED) In 2023 is in Nederland de start gemaakt met het proces van de brede specifieke uitkering (Brede SPUK). De uitkering is gericht op het ontwikkelen van een samenhangende lokale aanpak op het gebied van gezondheidsbevordering, sport en bewegen, cultuurparticipatie en sociale basis. Dit voor de jaren 2023-2026. Wij zijn aangehaakt op het proces van de Brede SPUK en hebben subsidie aangevraagd voor de hele periode. Voor de beschikbaar gestelde Rijksmiddelen vanuit de Brede SPUK is door onze gemeente een integraal Plan van Aanpak opgesteld, waarmee we de ambities op het gebied van de preventieve gezondheid willen realiseren. In 2024 is een bedrag van € 535.698,00 beschikt. Stevig ouderschap In 2024 is stevig ouderschap gestart.
Stevig ouderschap word uitgevoerd door TWB en bied een steuntje in de rug voor kwetsbare (aanstaande) ouders. De interventie richt zich op het verstevigen van het gezonde opgroeien, opvoeden en het normaliseren van problemen met als doel het risico op ernstige opvoedproblemen en kindermishandeling te verkleinen. We hebben 5 trajecten ingekocht. 7.2 – Riolering Operationeel rioolbeheer Het operationeel rioolbeheer is veelal uitgevoerd en bekostigd zoals gepland in het gemeentelijk rioleringsprogramma (GRP) 2023-2026. Per saldo zijn de verschillen met de geraamde kosten relatief gering. Investeringen riolering Er is in 2024 opnieuw ingezet op het meeliften op integrale projecten zoals reconstructies Nachtegaalstraat, Sint Martinusstraat, Wilhelminastraat, Noorderstraat, Tulpstraat en Seringenstraat. Bij deze projecten is naast rioolvervanging ook regenwater afgekoppeld vanwege klimaatadaptatie ter bestrijding van verdroging en wateroverlast. Restanten van de kredieten ‘rioolvervanging vrij-verval’ en ‘afkoppelen en klimaatadaptatie’ worden overgebracht naar 2025 i.v.m. nog aan te besteden reconstructies. De grondverwerving van retentie RucphenNoord loopt nog en daarom worden deze kredieten ook naar 2025 doorgezet. Individuele Behandelinstallaties voor Afvalwater (IBA’s) Voor wat betreft renovatie van IBA’s is er nieuw Europees beleid.
Pas nadat deze ‘EU-richtlijn afvalwater’ is geïmplementeerd in Nederland, zal de uitvoering van de renovatie van IBA’s concreet opgepakt worden. Dit om te voorkomen dat we investeringen doen zonder er zeker van te zijn dat de systemen voldoen aan de nieuwe EU-richtlijn. Daarom wordt voorgesteld om het voor IBA-renovatie beschikbare krediet over te boeken naar 2025. Overigens wordt er binnen ‘waterkring De Baronie’ in regionaal verband gewerkt aan een toekomststrategie voor riolering in het buitengebied. Subsidie Er is succesvol provinciale subsidie aangevraagd voor klimaatadaptatie Gagelrijzen. Er is € 500.000,00 subsidie toegekend voor vergroening en afkoppelen van regenwater in zowel de openbare ruimte als ook op particulier terrein. Ook in de Seringenstraat en Tulpstraat vindt afkoppeling van hemelwater plaats met subsidie. Klimaatadaptatie Bewustwording In het kader van bewustwording heeft in mei 2024 tijdens de landelijke Week van Ons water de regentonactie gelopen. Daarnaast is een (subsidie) bijdrage geleverd aan het Groen- en Klimaatfonds. Een initiatief van de Natuurwerkgroep Rucphen om onze inwoners te ondersteunen bij het vergroenen, verduurzamen en meer klimaat-adaptief inrichten van onze gemeente.
53
Groenblauwe Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) Molenbeek Binnen het projectgebied Molenbeek hebben keukentafelgesprekken plaatsgevonden. De bevindingen en conclusies zijn vastgelegd in een rapport. Dit dient als basis voor het verder optrekken met de Stakeholders waarmee we per deelgebied (Turfvaart – Rucphense Bossen – Schijfse Vaartkant & Oude Zoek) verdere maatregelen en acties uitwerken. Regionale samenwerking Binnen ‘Klimaatkring’ de Baronie wordt nog steeds veel kennis gedeeld. Voor de uitvoering volgen we de speerpunten uit het Uitvoeringsprogramma. Voor thema’s zoals Stimulering bestaand gebied, Droogteaanpak, Juridische borging werken we in projectgroepen e.e.a. uit. Hiermee geven we verdere invulling aan het Deltaprogramma (DPRA). 7.3 – Afval De afvalstoffenverordening 2024 is door de raad vastgesteld in september 2023 en op 1 januari 2024 in werking getreden gelijktijdig met het uitvoeringsbesluit Afval 2024. De reguliere afvalinzameling heeft zonder bijzonderheden plaatsgevonden door vooral Saver. Bewaking vindt via ambtelijke en bestuurlijke overleggen met Saver plaats. 7.4 – Milieubeheer Transitievisie Warmte Voor de uitvoering van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) hebben we de 2e tranche van de uitvoeringsmiddelen aangevraagd en ontvangen. De hoogte van dit deel van deze Specifieke Uitkering is € 1.536.903,00.
Vanwege het nog ontbrekende Soortenmanagementplan (SMP) voor onze gemeente kunnen wij nog niet starten met de uitvoering van het NIP in zijn geheel. Wel zijn er het afgelopen jaar een aantal pilotprojecten uitgevoerd onder de NIP-doelgroep (particuliere woningen met energielabel DEFG met een WOZwaarde onder de NHG-grens), zoals een collectieve inkoopactie voor glas. Ook heeft een deel van de NIPdoelgroep gebruik kunnen maken van een (isolatie)adviseur aan huis, waarbij een woning-afhankelijk advies wordt uitgebracht over de mogelijk te nemen isolatiestappen. Soortenmanagementplan (SMP) We hebben een SMP nodig om de uitvoering van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) betaalbaar te houden. Voor bijna iedere vorm van woningisolatie moet namelijk een ecologisch onderzoek worden uitgevoerd dat voor een woning afzonderlijk veel tijd en geld kost. De uitweg is om op gebiedsniveau een SMP op te stellen, zodat individuele burgers geen duur onderzoek hoeven te doen. Daarmee borgen we dat de populaties van beschermde diersoorten in stand blijven bij woningisolatie (zoals vleermuizen en gierzwaluwen die zich nestelen in daken en spouwmuren). Op basis van dit SMP kan vervolgens een generieke gebiedsontheffing worden verleend. Voor de voorbereiding van de aanbesteding van dit SMP moet iedere gemeente een plan van aanpak opstellen dat behoorlijk wat ecologische en juridische kennis vereist.
Wij gaven samen met zes andere gemeenten opdracht aan een projectteam om de aanbesteding voor te bereiden met als doel een gunning in het eerste kwartaal 2025. Ondanks een voorafgaande marktverkenning en aanpassing van de marktvraag hierop heeft dit aanbestedingsproces geen inschrijvingen opgeleverd. Er loopt nu een maatwerkproces om uiteindelijk toch tot gunning van de opdracht in een kleiner perceel te komen in de eerste helft van 2025. Uitvoeringsmiddelen klimaat- en energiebeleid Personele inhuur ter voorbereiding van de aanbesteding van het Soortenmanagementplan (SMP) is bekostigd vanuit het CDOKE-budget3. Ook is vanuit dit budget de personele bezetting uitgebreid met een projectmedewerker Duurzaamheid en -energie. Beide kostenposten vallen onder de doelstelling van de CDOKEmiddelen, namelijk het uitbreiden van personele capaciteit voor de uitvoering van klimaat- en energiebeleid. Als compensatie voor de afname van de reële koopkracht van reeds toegekende specifieke uitkeringen wegens inflatie, hebben wij vanuit Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RvO) een aanvullend bedrag van € 37.250,89 ontvangen. Aanpak energiearmoede In de 1e bestuursrapportage 2024 gaven wij aan dat we zijn gestart met de uitvoering van de Europese aanbesteding, waarmee we inzetten op energie-fixteams.
Deze teams passen kleine energiebesparende maatregelen toe bij woningen met een laag energielabel en hoog energiegebruik. Van de initiële doelgroep van 3
Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)
54
plusminus 1.500 huishoudens, hebben inmiddels ruim 300 huishoudens bezoek gehad van een energie-fixer. Daarentegen hebben ook ruim 500 huishoudens aangegeven geen interesse te hebben in deelname. Wij onderzoeken de potentie van een eventuele tweede en laatste verlenging van de overeenkomst met de uitvoerende partij. In het laatste kwartaal van 2024 zijn wij tevens van start gegaan met het volgende onderdeel van de aanpak energiearmoede, namelijk de witgoed-regeling. De doelgroep, zoals bepaald in de ‘aanpak energiearmoede’, komt uit op 567 huishoudens. De witgoed-regeling zullen wij gefaseerd over deze doelgroep uitrollen, waarbij inmiddels de eerste 229 huishoudens een brief hebben ontvangen met daarin het aanbod voor een voucher ter waarde van € 500,00 voor de aanschaf van een energiezuinig product. Deze voucher is ook in te wisselen bij lokale witgoed-ondernemingen. Voor zowel de uitvoering van de energie-fixteams als de witgoed-regeling, hebben wij in 2024 € 126.000,00 besteed van de specifieke uitkering bestemd voor de aanpak van energiearmoede. Regionale Energiestrategie (RES) 2.0 Sinds begin 2024 zijn we binnen de RES West-Brabant volop bezig met de RES 2.0. In deze herijking van de RES 1.0 worden voorstellen gedaan over de energietransitie in West-Brabant en wat waar een plek gaat krijgen in de regio.
Hiermee geven we vorm aan het energiesysteem van de toekomst, waarbinnen vraag en aanbod (van elektriciteit en warmte) op elkaar worden afgestemd. Er is een verkenning gestart om te komen tot andere maatregelen om onze energie-doelstellingen te behalen. Dit betekent dat niet sec naar zon op dak, maar ook naar zon op veld gekeken wordt. Eind december 2024 is het Regionaal Plan Energiesysteem in concept aan de deelnemers aangeboden. We gaan dus van de RES 2.0 naar het RPE. De raden zijn gevraagd wensen en bedenkingen in te dienen. Uw raad gaf aan dat er geen wensen en bedenkingen waren over de RPE. In het tweede kwartaal 2025 is de definitieve vaststelling van het RPE aan uw raad ter besluitvorming voorgelegd. Onderzoek energiehub Nijverhei Vorig jaar hebben we een verkennend onderzoek bekostigd naar de mogelijkheden rond een kleinschalige energiehub op bedrijventerrein de Nijverhei, waarbinnen elektriciteit en/of warmte op duurzame wijze zouden kunnen worden opgewekt en gedeeld, en waarmee de afhankelijkheid van het verkrijgen van een netaansluiting voor een aantal bedrijven wordt verkleind (met het oog op de voortdurende netcongestieproblematiek). Naar aanleiding van deze verkenning hebben vier bedrijven besloten om deze mogelijkheden nader te onderzoeken middels een conceptenstudie.
Voor de gedeeltelijke bekostiging van deze conceptenstudie hebben we onlangs een subsidie toegekend gekregen vanuit het Onderzoek & Ontwikkel (O&O)-fonds van de Regio West-Brabant. Eind 2024 is een conceptenstudie opgeleverd. Helaas heeft dit op dit moment niet geresulteerd in een haalbare casus. Wel heeft dit onderzoek de basis gevormd voor verdere opschaling van deze verkenning op het bedrijventerrein Nijverhei. Voor de gedeeltelijke bekostiging van dit onderzoek, maken we gebruik van de subsidie van het Onderzoek & Ontwikkel (O&O)-fonds en hebben we middelen van de provincie gekregen met een SPUK verduurzaming bedrijventerreinen. We gaan hiervoor in gesprek met de Industriële Kring Rucphen (IKR) en het parkmanagement die de mogelijkheden graag willen verkennen. Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant De Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) voert voor Rucphen diverse (milieu)taken uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) en advisering. Voor het takenpakket van de OMWB wordt jaarlijks een werkprogramma opgesteld. Het werkprogramma bestaat uit de wettelijk verplichte basistaken (programma 1), de gemeentelijke verzoektaken (programma 2) en de regionaal afgesproken collectieve taken (programma 3).
Over de resultaten van het werkprogramma wordt uw raad jaarlijks geïnformeerd via het jaarverslag VTH, waarin ook de resultaten van de OMWB zijn opgenomen. Uit de eindafrekening over 2024 blijkt dat de OMWB voor een bedrag van € 401.264,00 aan werkzaamheden heeft verricht. Dit valt ruim binnen het bedrag dat was opgenomen in het werkprogramma 2024. Dit ligt onder andere aan het feit dat de verwachte hogere kosten als gevolg van de inwerkingtreding van de Omgevingswet (nog) zijn uitgebleven. Verder valt op dat er minder niet-geprogrammeerde verzoektaken zijn uitgezet bij de OMWB (programma 2). Hierbij moet gedacht worden aan het verstrekken van adviezen en verrichten van onderzoek op het gebied van luchtkwaliteit, geur, geluid en trillingen, waterkwaliteit, beleid en ruimtelijke ordening. De verplichte (basis)taken en collectieve taken (programma 1 en 3) zijn wel in lijn met het werkprogramma 2024 uitgevoerd.
55
Dierplaagbestrijding eikenprocessierups / rattenbestrijding In 2024 is er geen overlast geweest van de eikenprocessierups; er zijn geen kosten gemaakt voor de bestrijding ervan. Het beschikbare budget is deels ingezet voor de rattenbestrijding. De rattenbestrijding is medio 2024 ondergebracht bij een ander bedrijf i.v.m. bedrijfsbeëindiging. Uit de tussentijdse evaluatie bij deze overgang is geconstateerd dat een inhaalslag nodig was met name in de continuïteit van het opvolgen van meldingen. 7.5 - Begraafplaatsen en crematoria De gemeentelijke begraafplaatsen aan de Kaaistraat te St. Willebrord en de Kerkstraat te Rucphen geven invulling aan de verplichting van de gemeente om een algemene begraafplaats te hebben. Beide begraafplaatsen bieden nog voldoende ruimte qua graven en urnenplaatsen. Beheer en onderhoud van de begraafplaatsen heeft op de vastgestelde wijze plaatsgevonden. Beleidsindicatoren
Percentage bekende hernieuwbare elektriciteit percentage 45,0
40,9
40,0 33,3
35,0 30,0
26,8
25,0
20,1
17,5
20,0 15,0
12,8
10,3
10,0 5,0
19,1
6,8
4,3
0,0 2018
2019
2020 Rucphen
2021
2022
Nederland bron : berekening | 2018 - 2022
Omvang huishoudelijk restafval kg per inwoner 175
171
170 165
162
164
163
160 155
150
150
152
150
148 144
145
144
140 135 130 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland bron : CBS | 2019 - 2023
*Omvang huishoudelijk restafval: Het aantal kilogram niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval.
56
Programma 8: Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Beoogd maatschappelijk effect Het is goed wonen in Rucphen; aantrekkelijk en leefbaar. Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Ontwikkelingen binnen dit programma Het jaar 2024 stond in het teken van grote veranderingen op het gebied van vergunningverlening, planvorming en volkshuisvesting. De inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 markeerde het begin van een nieuwe werkwijze, waarin oude en nieuwe wetgeving tijdelijk naast elkaar liepen. Tegelijkertijd zijn belangrijke stappen gezet in het voorbereiden van het gemeentelijk Omgevingsplan en het door ontwikkelen van de Omgevingsvisie 2.0. Naast deze wettelijke transities is in 2024 ingezet op beleidsontwikkeling, zoals het opstellen van het volkshuisvestingsprogramma, de Telersvisie en diverse ontwikkelrichtingen. Deze vormen de inhoudelijke basis voor toekomstige ruimtelijke keuzes. Ook zijn concrete resultaten geboekt op het gebied van woningbouw, de uitvoering van de huisvestingsverordening, het nieuwe prémantelzorgwoningenbeleid en de inzet op het huisvesten van statushouders. Er zijn 53 woningen gebouwd in 2024. Speerpunten uit het hoofdlijnenakkoord Bevorderen lokale binding We zetten in op een aantrekkelijk en gevarieerd woningaanbod. We gaan de komende periode nadenken voor wie, wat en waar we willen bouwen.
We willen inwoners graag de mogelijkheid bieden om in de gemeente Rucphen te blijven wonen of er naar terug te keren. Hiervoor creëren we voldoende mogelijkheden. Hierbij actualiseren we de Woonvisie. Hierbij nemen we de regie. Optimaliseren dorpskernen De kernen vormen het kloppend hart van de dorpen. We verkennen de mogelijkheden voor het optimaliseren ervan. Huisvesten arbeidsmigranten en statushouders Arbeidsmigranten zijn niet meer weg te denken bij onze bedrijven en zijn nodig voor de economie. We zetten in op goede huisvesting voor deze doelgroep op de daarvoor meest geschikte locaties. Hiervoor trekken we samen op met gemeenten in de regio. Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld
Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Wonen en bouwen
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
TOTAAL
Prim. Beg. 2024
Begr. na wijz. 2024
Rekening 2024
854.877 -238.389 2.002.792 -1.917.505 1.190.789 -560.144
1.542.837 -813.348 3.178.781 -2.982.501 1.755.468 -1.103.394
1.549.952 -800.310 1.945.338 -1.705.651 1.080.368 -519.004
1.332.420
1.577.843
1.550.693
Verschillenverklaring per taakveld 8.1 – Ruimte en leefomgeving Het verschil in lasten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • hogere lasten van € 208.400,00 voor de doorbelasting van salariskosten; • hogere lasten van € 11.100,00 voor de vergoeding van planschade; • lagere lasten van € 65.300,00 voor het bestemmingsplan Basisschool Heilinde; • lagere lasten (geen lasten) van € 50.000,00 voor middelen Ruimte voor Ruimte Zoeksestraat Schijf. De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld;
57
• •
lagere lasten van € 47.600,00 voor de implementatie van de Omgevingswet. De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld; lagere lasten van € 43.800,00 voor de ontwikkelvisie.
Het verschil in baten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • lagere baten van € 19.900,00 voor de leges ruimte en leefomgeving. Deze opbrengsten zijn lager omdat de behandeling van principeverzoeken tijdelijk stopgezet is in verband met de hoge werkdruk door de inwerkingtreding van de omgevingswet. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Dit taakveld verantwoorden we gedeeltelijk binnen het grondbedrijf. De resultaten van de grondexploitaties worden verwerkt binnen het grondbedrijf. Afwijkingen in baten en lasten worden daardoor gecompenseerd en hebben geen invloed op het resultaat. Het verschil, zowel bij de lasten als baten, wordt veroorzaakt door: • tussentijdse-winstnemingen; • ontwikkelingen die later plaatsvinden dan oorspronkelijk gepland; • aanzuivering van de voorziening binnen het grondbedrijf voor verliesgevende complexen. Het restantverschil in lasten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • hogere doorbelasting salarissen van € 51.500,00; • lagere lasten van € 210.700,00 voor de sloopkosten Sporthei 7 te Rucphen. De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld; • lagere lasten van € 51.900,00 voor ruimtelijke ontwikkeling in de Pierestraat.
De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld; • lagere lasten (geen lasten) van € 23.500,00 voor onderzoek mogelijkheden strategisch grondbeleid. De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld; Het restantverschil in baten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • lagere baten (geen baten) van € 400.000,00 voor de verkoop van de voormalige milieustraat. De werkzaamheden worden in 2025 voortgezet en het resterende budget wordt overgeheveld; • lagere baten van € 26.200,00 voor vervolgaanpak oneigenlijk in gebruik genomen gronden. 8.3 - Wonen en bouwen Het verschil in lasten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • lagere lasten (geen lasten) van € 539.000,00 voor de SPUK ‘huisvesting van aandachtsgroepen’. Dit wordt gecompenseerd door lagere baten; • lagere doorbelasting salarissen van € 102.500,00; • lagere lasten van € 22.000,00 voor het volkshuisvestingsprogramma inclusief woon(zorg)visie; • lagere lasten van € 12.000,00 voor de stedelijke regio WBW. Het verschil in baten tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening van 2024 wordt verklaard door: • lagere baten van € 539.000,00 voor de SPUK ‘huisvesting van aandachtsgroepen’.
Dit wordt gecompenseerd door lagere lasten; • lagere baten van € 38.600,00 voor bouwleges. De taakvelden 8.1 - Ruimtelijke ordening Vergunningen en planvorming in 2024 Het jaar 2024 was een overgangsjaar waarin zowel aanvragen en plannen onder de oude wetgeving (Wabo en Wro) als onder de nieuwe Omgevingswet zijn behandeld. Hieronder volgt een overzicht van de verleende vergunningen en de voortgang van planprocedures. Vergunningverlening • Wabo: In totaal zijn 51 omgevingsvergunningen verleend: 24 binnenplanse vergunningen, 26 kruimelvergunningen en 1 projectafwijkingsbesluit. • Omgevingswet: Er zijn 124 vergunningen verleend: 51 voor een omgevingsplanactiviteit (Opa) en 73 voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (Bopa)
58
Omgevingsplannen en principeverzoeken • Wro-plannen: 16 plannen zijn afgerond (13 bestemmingsplannen, 3 wijzigingsplannen). • In behandeling: 3 plannen. 1 plan bevindt zich in de afrondende fase en 2 plannen voor uitbreiding van teeltondersteunende voorzieningen wachten nog op behandeling. Deze moeten passen binnen de op te stellen ontwikkelingsrichting in het kader van de Telersvisie en het Landschapsontwikkelings-programma (LOP). TAM-omgevingsplannen • Voor Vissenberg fase III is in 2024 een wijziging van het omgevingsplan ingediend. Voor de planologische procedure wordt gebruik gemaakt van de Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM) omdat het DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet) nog altijd technische beperkingen kent. Dit plan wordt naar verwachting in september 2025 ter vaststelling aangeboden. • Voor drie andere gebieden is gestart met de voorbereiding van een TAM-procedures: Rucphen Noord-West, Uitbreiding Oliepot en de Omgangstraat. Voor deze ruimtelijke initiatieven wordt een ontwikkelingsrichting opgesteld en afgestemd met de provincie Noord-Brabant. Deze ontwikkelingsrichtingen wordt opgenomen in de planprocedures. Principeverzoeken • In 2024 zijn in totaal 32 principeverzoeken afgehandeld. Implementatie Omgevingswet Het jaar 2024 was vooral gericht op de voorbereiding van het gemeentelijke Omgevingsplan en de doorontwikkeling van de Omgevingsvisie naar versie 2.0.
Ter voorbereiding op het Omgevingsplan zijn het pilotproject Schijf en het Handboek Omgevingsplan afgerond. De pilot bood ervaring met het opstellen van een deelplan, met focus op woningbouw. Het handboek geeft inzicht in gemeentelijke keuzes en ondersteunt zowel initiatiefnemers als de gemeente bij een eenduidige en regiegevoerde planvorming. Daarnaast is een koersdocument opgesteld en vond een marktconsultatie plaats ter voorbereiding op de aanbestedingsprocedure in 2025. Voor de Omgevingsvisie 2.0 is in 2024 een strategische gebiedsgerichte uitwerking uitgevoerd, waarbij input uit roadshows per kern is meegenomen. Vaststelling van de visie staat gepland voor september 2025. Overige werkzaamheden betroffen o.a. de evaluatie van de intake- en omgevingstafel, doorontwikkeling van software en regionale opleidingstrajecten voor medewerkers. Telersvisie De vraag naar permanente teeltondersteunende voorzieningen (TOV’s) in het buitengebied neemt toe. De provincie Noord-Brabant biedt hiervoor via de Omgevingsverordening ruimte, mits de ontwikkeling past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. In 2024 is hiervoor een concept-Telersvisie opgesteld. Deze wordt gekoppeld en geïntegreerd in het nieuwe Landschapsontwikkelingsprogramma (LOP), waarin de ontwikkelingsrichtingen voor het gehele buitengebied worden vastgelegd.
Ontwikkelingsrichtingen In 2024 zijn wij gestart met het opstellen van ontwikkelrichtingen voor de gebieden Vissenberg III, Rucphen Noord-West en de Omgangstraat. Deze locaties liggen buiten het bestaande stedelijke gebied. Conform de instructieregels van de provinciale omgevingsverordening Noord-Brabant is het in zulke gevallen noodzakelijk om vooraf de ontwikkelingsrichting van het gebied vast te leggen. Dit zorgt ervoor dat er sturing blijft op ruimtelijke ontwikkelingen buiten de bestaande stedelijke gebieden. De ontwikkelrichtingen bevatten niet alleen ruimtelijke uitgangspunten, maar ook randvoorwaarden op het gebied van duurzaamheid, klimaatadaptatie en gezondheid. Ze zijn concreet en gebiedsgericht en vormen het toetsingskader voor verdere ontwikkeling binnen deze locaties. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Fazantendonk-Vosdonkseweg Door de prioritering van andere projecten is het in 2024 niet gelukt om deze locatie in ontwikkeling te brengen. Wel is de stedenbouwkundige visie verder uitgewerkt. Het voornemen is om de gronden in 2025 te verkopen, onder de voorwaarde dat de ontwikkeling plaatsvindt conform het vastgestelde woonprogramma en de stedenbouwkundige visie.
59
Kaaistraat-Valkendonk & Kaaistraat-naast ingang begraafplaats Ook voor deze locaties is in 2024 geen openbare uitgifteprocedure gestart, als gevolg van prioritering van andere projecten. In 2025 is het voornemen om een partij te selecteren die bereid is de gronden zelfstandig of in samenwerking met de gemeente te ontwikkelen voor woningbouw. Rucphense Vaartkant (Middengebied centrumplan Rucphen) De ontwikkeling van deze locatie bleef in 2024 vertraagd door het Didam-arrest, dat overheden verplicht om bij de verdeling van schaarse rechten gelijke kansen te bieden, doorgaans via een openbare selectieprocedure. Juridisch en procesmatig onderzoek heeft uitgewezen dat de lopende procedure met de drie eerder geselecteerde partijen onder voorwaarden kan worden voortgezet. Hiervoor moeten de selectiecriteria worden geactualiseerd en aangescherpt, zodat wordt voldaan aan de eisen van transparantie en gelijke behandeling. De hervatting van de procedure is voorzien in het tweede kwartaal van 2025. 3 bouwkavels plan Hofstede In 2024 waren er nog 3 bouwkavels van plan Hofstede niet verkocht. De voorgenomen verkoop van deze 3 kavels is in oktober 2024 gepubliceerd. Onder de inschrijvingen heeft de loting bij de notaris plaatsgevonden. Project Snippergroen In 2024 is aan het project snippergroen een verdiepende slag gegeven.
Er is geconstateerd dat het een intensief proces/traject is waarbij baten en lasten niet in verhouding staan. Daarom is het project getemporiseerd en wordt de aanpak heroverwogen. 8.3 - Wonen en bouwen Starterslening In maart 2024 heeft uw raad ingestemd met de nieuwe verordening starterslening. Eerder dat jaar is de eerste tranche van € 300.000,00 beschikbaar gesteld; in november volgde de tweede tranche. De starterslening is een aanvullende lening op de reguliere hypotheek en overbrugt het verschil tussen de maximale hypotheek en de aankoopprijs van een eerste woning. In 2024 is actief gecommuniceerd over de regeling via onder andere de Bode, website en sociale media. Dit leidde tot een toename in belangstelling ten opzichte van 2023. In totaal zijn 12 startersleningen van maximaal € 30.000,00 toegekend. Aflossingen vloeien terug in het revolverend fonds. Indien de beschikbare middelen daarin ontoereikend worden, zal de derde en laatste tranche van € 300.000,00 beschikbaar worden gesteld. Volkshuisvestingsprogramma In 2024 is gestart met het opstellen van het volkshuisvestingsprogramma, het centrale beleidsinstrument uit de nieuwe Wet versterking regie volkshuisvesting. Dit programma vervangt de woonvisie en wordt onderdeel van de beleidscyclus van de Omgevingswet. Op 9 juli 2024 is een adviesbureau ingeschakeld om het programma in samenwerking met de gemeente vorm te geven.
Hierbij is voortgebouwd op de uitgangspunten uit de woon(zorg)visie die eind 2023 aan uw raad is gepresenteerd. Daarnaast is aansluiting gezocht bij de regionale woonzorgvisie, de Omgevingsvisie 2.0 en de visie op de sociale basis. Op 19 november 2024 is uw raad tijdens een raadsinformatiebijeenkomst geïnformeerd over de voortgang en inhoud van het conceptprogramma. De besluitvorming over het definitieve volkshuisvestingsprogramma staat gepland voor september 2025, gelijktijdig met de vaststelling van de Omgevingsvisie 2.0. Huisvestingsverordening In september 2024 heeft uw raad ingestemd met de nieuwe huisvestingsverordening. Hiermee is invulling gegeven aan de motie van 3 november 2021 om een toewijzingsregeling voor nieuwbouwwoningen mogelijk te maken. Door de wijziging van de Huisvestingswet per 1 januari 2024 mogen nu ook betaalbare koopwoningen met voorrang worden toegewezen. Met de nieuwe verordening kunnen maximaal 50% van de sociale huurwoningen van Thuisvester (voorheen 25%) en maximaal 50% van de betaalbare nieuwbouw koopwoningen worden toegewezen aan woningzoekenden die de afgelopen 10 jaar minimaal 6 jaar aaneengesloten in de gemeente hebben gewoond. Thuisvester rapporteert jaarlijks over de toepassing van de verordening.
In 2024 werd 25% van de woningen geadverteerd op basis van de verordening; 21% van de verhuurde woningen werd toegewezen op basis van lokale binding (ten opzichte van 18% in 2023). Omdat ook woningzoekenden met urgentie voorrang hebben, kan niet altijd het maximale percentage via maatschappelijke binding worden gerealiseerd. Hierover zijn werkafspraken gemaakt met Thuisvester.
60
Met ontwikkelaars zijn afspraken gemaakt om bij nieuwbouwprojecten 50% van de betaalbare koopwoningen toe te wijzen aan woningzoekenden met maatschappelijke binding. De effecten hiervan worden zichtbaar zodra deze projecten in verkoop gaan. Prémantelzorgwoningenbeleid Sinds 1 januari 2024 is het prémantelzorgwoningenbeleid van kracht in onze gemeente. Dit beleid biedt AOWgerechtigden de mogelijkheid om, na vergunningaanvraag, voorafgaand aan een mantelzorgsituatie bij naasten in een mantelzorgwoning te wonen. In 2024 zijn 17 informatieverzoeken ontvangen. Voor de zomer is extra gecommuniceerd over de beleidsregel, onder andere via de verspreiding van flyers onder KBO-leden. In augustus 2024 is één vergunningaanvraag ingediend en verleend. De evaluatie van het beleid en de vervolgstappen worden in het tweede kwartaal 2025 met de raad gedeeld via een raadsinformatiebrief. Voortgang Woningbouw In 2024 zijn in totaal 53 nieuwbouwwoningen opgeleverd in onze gemeente. De meeste woningen zijn gerealiseerd in de kern Rucphen, onder andere dankzij lopende projecten in en rond het centrum. De verdeling per kern is als volgt: St. Willebrord 1, Sprundel 5, Rucphen 39, Zegge 6 en Schijf 2. Binnen de periode 2020–2024 zijn in totaal 459 woningen opgeleverd. De doelstelling uit de woonvisie was om in deze vijf jaar 500 woningen te realiseren. Daarmee is 92% van deze ambitie behaald.
De cijfers betreffen gereed gemelde woningen tot en met 31 december 2024. Huisvesting statushouders Gemeenten zijn wettelijk verplicht om door het COA gekoppelde statushouders binnen afzienbare tijd te huisvesten. De provincie houdt toezicht op deze taakstelling. In 2024 is de samenwerking tussen de gemeente, Thuisvester en Vluchtelingenwerk verder versterkt. Thuisvester verzorgt het woningaanbod, Vluchtelingenwerk de plaatsing en nazorg, en de gemeente heeft een faciliterende en toezichthoudende rol. Door het beperkte aantal vrijkomende sociale huurwoningen blijft het realiseren van de taakstelling een uitdaging. Dankzij intensieve samenwerking, regelmatig overleg en maatwerk bij plaatsing is de taakstelling voor de tweede helft van 2024 (23 personen) behaald en is tevens een achterstand van 10 personen ingelopen. De totale taakstelling per 31 december 2024, inclusief achterstand, bedroeg 67 personen (exclusief de taakstelling van het eerste half jaar 2025). Beleidsindicatoren
Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishouden euro 1000 900 800 700
695
700
720
733
789
823
860 780
817
600 500 400 300 200 100 0 2020
2021
2022 Rucphen
2023
2024
Nederland bron: COELO, Atlas lokale lasten | 2020 -2024
61
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden euro 1000 900 800
764
773
800
810
867
905
942 852
894
700 600 500 400 300 200 100 0 2020
2021
2022 Rucphen
2023
2024
Nederland bron: COELO, Atlas lokale lasten | 2020 - 2024
*Woonlasten: Het gemiddelde totaalbedrag per jaar dat een één- of meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten (onroerendezaakbelastingen, rioolheffing en afvalstoffenheffing).
Gemiddelde WOZ waarde woningen x € 1.000,00 400 352 350 300
315 276
271
291
368
370
379
317
290
250 200 150 100 50 0 2020
2021
2022 Rucphen
2023
2024
Nederland bron : CBS - WOZ | 2020 - 2024
Nieuw gebouwde woningen per 1.000 woningen 30,0
26,5
25,0 20,0 15,0 10,0
13,6 9,2
10,4
8,9
8,9
9,3
7,7
9,1
3,5
5,0 0,0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland bron : BAG/ABF | 2019 - 2023
62
Demografische druk percentage 72,0
71,3
71,0
70,3
70,1
70,0
70,1 70,3
70,4
70,0 69,1 69,0 68,1 68,0
67,5
67,0 66,0 65,0 2020
2021
2022 Rucphen
2023
2024
Nederland bron : CBS | 2020 - 2024
*Demografische druk: De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar. Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van het niet-werkende deel van de bevolking tot het werkende deel van de bevolking.
63
Overzicht van de algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen zijn inkomsten van een gemeente waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald. Deze middelen zijn in principe vrij te besteden: uw raad bepaalt voor welk doel de middelen worden ingezet. In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van de verschillende algemene dekkingsmiddelen verantwoord. Hierna lichten wij de opbrengsten per onderdeel toe. Prim. Beg. 2024
Begr. na wijz. 2024
377.500 -4.219.439
369.430 -4.271.553
375.337 -4.279.194
-50.589.471 408.126 -598.835 712.049
-52.707.075 621.719 -788.752 164.901 -22.747
-52.904.014 634.302 -817.116
-53.910.070
-56.634.077
-56.949.435
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
Lokale heffingen Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Treasury Overige baten en lasten TOTAAL
Rekening 2024
41.250
Lokale heffingen Lokale heffingen zijn de opbrengsten uit rechten (retributies) en de eigen belastingen. Onder de algemene dekkingsmiddelen verstaan we alleen de baten uit de eigen belastingen. Dit zijn de onroerende zaakbelastingen, toeristenbelasting en forensenbelasting. Belastingopbrengsten uit rechten, zoals rioolheffing en afvalstoffenheffing, zijn kostendekkend en daarmee niet vrij besteedbaar. Voor het opleggen en innen van de eigen belastingen betalen we een bijdrage aan de Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB). Deze bijdrage zien we terug aan de lastenkant. Een nadere toelichting over de inkomsten en kostendekking vindt u terug in paragraaf 5.1 ‘Lokale heffingen’.
Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds De algemene uitkering is één van de uitkeringen die gemeenten van het Rijk ontvangen. Dat gebeurt via het Gemeentefonds. Gemeenten kunnen, met inachtneming van wet- en regelgeving, zelf bepalen of zij de uitkering uitgeven aan taken die het Rijk opdraagt of aan eigen beleid. Gemeenten hoeven zich niet te verantwoorden aan het Rijk over de besteding van de algemene uitkering. De verantwoording vindt plaats aan de gemeenteraad. Algemene uitkering 2024 Aan de hand van de decembercirculaire 2024 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is de uitkering uit het Gemeentefonds voor het jaar 2024 berekend op € 45.451.940,21. In onderstaand overzicht is de ontwikkeling van de algemene uitkering op de verschillende rapportagemomenten weergegeven: Algemene uitkering van het gemeentefonds 2024 Raming
Werkelijk
Verschil
Begroting 2024
44.187.736
1e bestuursrapportage 2024
44.687.310
499.574
2e bestuursrapportage 2024
45.196.825
509.515
Financiële slotwijziging 2024
45.406.355
Jaarrekening 2024
209.530 45.451.940
45.585
(Bedragen excl. afrekening oude jaren, integratie- en decentralisatie-uitkeringen, maar wel incl. taakmutaties).
Algemene uitkering oude jaren In het dienstjaar 2024 hebben er nog verrekeningen plaatsgevonden met betrekking tot de jaren 2022 en 2023 welke per saldo hebben geleid tot een ontvangst van € 63.934,76.
64
Totaal algemene uitkering Het totale bedrag dat in 2024 wordt verantwoord op het taakveld “algemene uitkering” bedraagt € 52.904.013,97. Voor 2024 was bij de begroting 2024 een bedrag begroot van € 50.589.471,00, waardoor per saldo een bedrag van € 2.314.542,97 meer ontvangen is in 2024. In onderstaande tabel is per onderdeel het geraamde en het werkelijke bedrag opgenomen. Totaal algemene uitkering
Omschrijving
Begroot
begroot na wijziging
Werkelijk
1
Algemene uitkering uit het gemeentefonds 2024
44.187.736
45.406.354
45.451.940
2
Alg. uitkering uit het gemeentefonds 2024 oude jaren
-4.749
63.935
3
Integratie-uitkering Sociaal domein
6.188.167
6.909.329
6.909.329
Decentralisatie-uitkeringen: 4
Voorschoolse voorziening peuters
33.419
33.953
33.953
5
VTH provinciale taken
46.697
46.697
46.697
6
Armoedebestrijding kinderen
81.559
81.559
81.559
7
Wet goed verhuurderschap
8
Maatschappelijke begeleiding
2.370
2.370
9
Extra capaciteit BOA's
32.635
32.635
32.635
10 Jeugdhulp kinderen in een AZC
4.488
4.488
11 Veilig wonen
7.062
7.062
14.258
14.258
12 Wet Kwaliteitsborging Bouwen (Wkb)
14.258
13 Einde lening inburgeringsplichtig
1.020
14 Spreidingswet
1.020 31.104
15 Alleenverdieners
16.780
16.780
16 Invoeringskosten Omgevingswet
122.575
122.575
17 Meerkosten Oekraïne sociaal domein
7.315
18 Antidiscriminatie voorzieningen
3.318
3.318
19 Landelijke aanpak adreskwaliteit
3.227
3.227
20 Versterking omgevingsveiligheidsdiensten
5.000
5.000
21 Register externe veiligheidsrisico
5.000 10.000
22 Wet betaalbare huur 23 Vangnetregeling energietoelage Totaal
21.199
23.186
50.589.471 52.707.075
52.904.014
32.263
Het verschil tussen “begroot na wijziging” en “werkelijk” bedraagt € 196.939,00. Dit wordt met name veroorzaakt door de mutaties uit de decembercirculaire 2024. In onderstaande toelichting wordt met betrekking tot de onderdelen met een verschil een toelichting gegeven. Ontwikkelingen n.a.v. de decembercirculaire 2024 Zoals gebruikelijk bevat de decembercirculaire geen nieuwe accresramingen voor het lopende dienstjaar. In de decembercirculaire is wel de omvang van de algemene uitkering voor 2024 gewijzigd. Dit wordt veroorzaakt door diverse kleine taakmutaties die zijn toegevoegd. Gemeenten zijn vrij om deze middelen in de begroting op te nemen voor het uitvoeren van de taken waaraan ze volgens de circulaire aan gelabeld zijn of mogen deze middelen vrij besteden. De middelen zijn namelijk niet geoormerkt. Decentralisatie-uitkeringen decembercirculaire 2024 De decembercirculaire bevat een aantal nieuwe of geactualiseerde decentralisatie uitkeringen met betrekking tot 2024. Decentralisatie-uitkering Spreidingswet Vanuit de Spreidingswet hebben gemeenten een nieuwe taak gekregen in het zoeken naar opvangplekken voor asielzoekers om zo tot een evenwichtigere spreiding van asielzoekers te komen over gemeenten en provincies. Voor 2024 ontvangen zij hiervoor een bijdrage van in totaal € 15,3 miljoen. Elke gemeente ontvangt een vast
65
bedrag van € 20.000,00. Het resterende bedrag wordt verdeeld op basis van de verdeling van het aantal opvangplaatsen per gemeente. Wij ontvangen een bedrag van € 31.104,00. Doordat deze middelen betrekking hebben op compensatie van eventueel gemaakte kosten in 2024 valt dit bedrag vrij ten gunste van het rekeningresultaat 2024. Decentralisatie-uitkering meerkosten Oekraïne sociaal domein De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo, de Jeugdwet en de Wet publieke gezondheid voor de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek) ligt voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten. Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot dat dit niet kan worden beschouwd als onderdeel van gebruikelijke fluctuaties op gemeentelijk niveau. Daarom ontvangen de betreffende gemeenten een compensatie. De compensatie is vastgesteld op basis van onderzoek van het CBS naar daadwerkelijke opgevangen Oekraiense ontheemden per gemeente in 2024 en op basis van extern onderzoek naar de gemiddelde gemeentelijke zorgkosten per ontheemde. Op basis daarvan wordt een bedrag van € 29,8 miljoen uitgekeerd via deze decentralisatie-uitkering, waarbij de verdeelsleutel per gemeente is vastgesteld op basis van bovengenoemde onderzoeken. De gemeente Rucphen ontvangt in 2024 een bedrag van € 7.315,00.
Deze middelen worden verwerkt in de jaarrekening 2024 en vallen weg tegen de eventueel gemaakte kosten in 2024. Decentralisatie-uitkering Register externe veiligheidsrisico Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) is met medeoverheden verantwoordelijk voor het beheer van het Register Externe Veiligheidsrisico’s (REV). Onderdeel hiervan is dat alle gemeenten de juiste data moeten aanleveren in het REV. Het ministerie van IenW verstrekt hiervoor een eenmalige compensatie aan gemeenten. Alle gemeenten in Nederland ontvangen € 10.000,00 voor de te verrichten werkzaamheden. De bijdrage is specifiek bedoeld voor het invoeren, controleren, eventueel corrigeren, valideren en publiceren van alle kwetsbare gebouwen en locaties binnen onze gemeente in het register externe veiligheidsrisico’s. vanaf 2025 moet dit Register actueel worden gehouden. Samen met de OMWB zijn we aan het bekijken in hoeverre zij ons daarbij kunnen ondersteunen. De eenmalige uitkering van € 10.000,00 is hiervoor benodigd. Dit zal echter pas echt vorm krijgen in 2025. Door de middelen over te brengen naar 2025, kunnen ze in 2025 ingezet worden. Decentralisatie-uitkering Wet betaalbare huur De Wet maximering huurprijsverhogingen geliberaliseerde huurovereenkomsten is samen met de Wet betaalbare huur in werking getreden op 1 juli 2024.
De wet maximering huurprijsverhogingen geliberaliseerde huurovereenkomsten stelt een maximum aan de jaarlijkse huurverhogingen voor geliberaliseerde huurovereenkomsten. Gemeenten hebben sinds 1 juli 2024 handhavende bevoegdheden ten aanzien van verhuurders die zich niet aan deze maximering houden. De gelden zijn bestemd voor de implementatie van de wet en de daaruit volgende toezicht- en handhavingskosten in 2024. Het gaat om een totaalbedrag van bijna € 1,3 miljoen dat wordt toegevoegd aan de al bestaande decentralisatie-uitkering Wet betaalbare huur. Voor ons betreft het een aanvullend bedrag van € 1.987,00. Deze middelen worden verwerkt in de jaarrekening 2024 en vallen weg tegen de eventueel gemaakte kosten in 2024. Decentralisatie-uitkering Vangnetregeling energietoelage Binnen de decentralisatie-uitkering Energietoelage 2023 is € 32,5 miljoen van het budget gereserveerd voor een vangnetconstructie. Ondanks de aangepaste verdeelsystematiek kunnen er verschillen zijn ontstaan tussen de gebruikte verdeelstatistiek en het werkelijke aantal bereikte huishoudens met een inkomen tot 120% sociaal minimum. De vangnetconstructie is bedoeld om een oplossing te bieden voor te grote afwijkingen (ten nadele van gemeenten).
Op basis van onderzoek blijkt dat bij 16 gemeenten de gehanteerde verdeelmaatstaf ‘aantal huishoudens met een inkomen tot 120% sociaal minimum’ onvoldoende aansluit bij het aantal huishoudens aan wie zij op basis van de richtlijn 120% sociaal minimum de energietoeslag 2023 hebben moeten uitkeren. Deze 16 gemeenten ontvangen een aanvullende uitkering. De totale omvang van deze aanvullende uitkering is € 3,9 miljoen. De resterende € 28,6 miljoen wordt over alle gemeenten verdeeld op basis van de verdeelsystematiek van de decentralisatie-uitkering Energietoelage 2023. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 32.263,00. Omdat de afrekening over 2024 al is ontvangen, kunnen deze middelen vrijvallen ten gunste van het rekeningresultaat 2024.
66
Treasury Saldo van de financieringsfunctie Onder financieringsfunctie verstaan we alle activiteiten die te maken hebben met het verwerven en beheren van financiële middelen. Het saldo van de financieringsfunctie is het saldo van (a) de betaalde rente (lasten) over de aangegane leningen en de aangetrokken middelen in rekening-courant en (b) de ontvangen rente (baten) over de uitzettingen inclusief de toegerekende rentelasten aan de programma’s. Begroting na wijziging
Begroting Rente langlopende geldleningen
Rekening
399.022
568.561
568.561
Rente kasgeldleningen
-
35.613
35.613
Rente rekening-courant
-
8.341
9.024
756
756
756
8.348
8.448
20.349
TOTAAL LASTEN
408.126
621.719
634.302
Rente toegerekend aan taakvelden
515.620
452.593
409.585
Rentevergoeding grondbedrijf
20.718
47.298
47.298
497
497
497
-
210.907
283.925
Ontvangen dividend
38.000
42.457
42.457
Ontvangsten i.v.m. invordering
24.000
35.000
33.354
TOTAAL BATEN
598.835
788.752
817.116
SALDO
190.709
167.033
182.814
Rentetoerekening aandelen Kosten betalingsverkeer en beheer
Rente hypothecaire geldleningen Rente rekening-courant
Rentekosten rekenen we toe aan die taakvelden waar een boekwaarde van een investering voorkomt. In de Financiële Verordening is bepaald dat we dit doen we via een omslagmethode, tenzij speciaal voor een investering een geldlening is aangegaan. Dan belasten we de werkelijke rentekosten door en die rente blijft dan buiten de omslag. Wij kennen alleen geldleningen voor algemene financiering. Hiervoor geldt dus de omslagmethode. De omslagrente is bij de begroting 2024 bepaald op 0,43%. Dit ronden we conform de Financiële Verordening af op 0,50%. De verdeling van de reële en bespaarde rente aan de taakvelden is conform de volgende tabel.
67
Reële en bespaarde rente toegerekend aan taakvelden Begroting
Begroting na wijziging
21
21
21
0.4 Overhead
56.328
53.678
53.678
0.5 Treasury
756
756
756
2.893
2.875
2.875
Taakveld 0.2 Burgerzaken
1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid
Rekening
465
640
640
2.1 Verkeer en vervoer
145.820
120.055
120.055
2.5. Openbaar vervoer
698
698
698
3.1 Economische ontwikkeling
11
11
11
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
16
16
16
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
-
-
-
3.4 Economische promotie
175
98
98
4.1 Openbaar basisonderwijs
4.705
4.705
4.705
4.2 Onderwijshuisvesting
37.101
28.314
28.314
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
2.453
2.433
2.433
5.2 Sportaccommodaties
53.461
51.398
51.398
7
7
7
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
12.682
9.579
9.579
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
36.011
35.890
35.890
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
225
-
-
7.1 Volksgezondheid
226
205
205
5.5 Cultureel erfgoed
7.2 Riolering
88.380
68.252
68.646
7.3 Afval
750
750
750
7.5 Begraafplaatsen en crematoria
194
154
154
8.1 Ruimte en leefomgeving
160
168
168
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
22.444
26.744
26.744
8.3 Wonen en bouwen
6.235
1.743
1.743
472.217
409.190
409.585
TOTAAL
Dividend Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Dividend is een winstuitkering van een onderneming aan haar aandeelhouders. Gemeente Rucphen heeft 19.656 aandelen in BNG. Het dividend over 2023 is € 42.456,96; dit is € 2,16 per aandeel.
68
Overige baten en lasten (inclusief onvoorzien) Onder de overige baten en lasten nemen we de onvoorziene uitgaven, stelposten, taakstellingen en de ontvangsten uit dwangsommen op. In de volgende tabel is het verloop te zien, gevolgd door een toelichting.
Omschrijving
Begroting na wijziging
Begroot
Werkelijk
Onvoorziene uitgaven
55.000,00
-
-
Stelpost Ambulantisering in de GGZ Stelpost Rijksvaccinatieprogramma meningokokken
39.721,00
39.721,00
-
4.082,00
-
-
Stelpost Integratie uitkering Inburgering
44.073,00
-
-
Stelpost Flankerend beleid energiearmoede
46.790,00
52.829,00
-
-
13.514,00
-
Stelpost dienstverlening gemeentelijke aanpak armoede en schulden Stelpost Decentralisatie-uitkering Wet betaalbare huur
-
21.199,00
-
Stelpost subsidieprogramma
7.271,00
14.891,00
-
Stelpost SPUK Breed (H30)
515.112,00
-
-
Dwangsommen TOTAAL
-
-
41.250,00
712.049,00
142.154,00
41.250,00
Onvoorziene uitgaven In 2024 is het budget voor onvoorziene uitgaven ingezet voor € 2.500,00. Het restant € 52.500,00 is vrijgevallen in de Financiële Slotwijziging 2024. In hoofdstuk 6.4. vindt u een nadere toelichting. Stelposten We nemen een stelpost op wanneer de werkelijke uitgaven nog niet exact bepaald kunnen worden. Onze stelposten bevatten beschikbare middelen waarvoor nog geen beleid is vastgesteld, zoals bijvoorbeeld ontvangen decentralisatie-uitkeringen. Uitgaven ten laste van deze posten kunnen pas worden gedaan wanneer uw raad hierover een besluit heeft genomen. Op dat moment worden de middelen met een begrotingswijziging overgebracht naar een ander (uitvoerings-)budget. Stelpost ambulantisering GGZ Op 5 juni 2019 is op de Algemene Ledenvergadering van de VNG ingestemd met het hoofdlijnenakkoord GGZ. In het hoofdlijnenakkoord GGZ wordt ingezet op ambulantisering van de zorg. Dit leidt tot een groter beroep op zorg en begeleiding in het gemeentelijke domein. Het kabinet stelt financiële middelen beschikbaar voor het realiseren van de ambities uit het hoofdlijnenakkoord. In 2024 is een bedrag van € 39.721,00 als stelpost opgenomen. De nog resterende stelpost valt vrij in het rekeningresultaat 2024.
Stelpost Rijksvaccinatieprogramma meningokokken Op basis van de septembercirculaire 2021 zijn vanaf 2022 middelen geraamd met betrekking tot het Rijksvaccinatieprogramma meningokokken. In de Programmabegroting 2024 is hiervoor een stelpost opgenomen van € 4.082,00. Deze stelpost hebben we in 2024 laten vrijvallen, omdat dit onderdeel van het vaccinatieprogramma ondertussen is opgenomen in de begroting van de GGD. Stelpost Integratie-Uitkering (IU) Inburgering De nieuwe Inburgeringswet is per 1 januari 2022 ingegaan. Vanaf 2021 ontvangen gemeenten een structurele bijdrage in de uitvoeringskosten. De kosten met betrekking tot inburgering zijn verwerkt in de begroting van het Werkplein en daardoor ook in onze begroting. We laten de stelpost integratie-uitkering Inburgering vanaf 2024 vrijvallen ten gunste van het begrotingssaldo. In 2024 gaat het om een bedrag van € 44.073,00, in 2025 € 1.971,00 en vanaf 2026 € 556,00. Stelpost Flankerend beleid energiearmoede Het kabinet heeft in totaal incidenteel € 200 miljoen beschikbaar gesteld voor de jaren 2022 tot en met 2024 om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen. In 2024 is de stelpost deel ingezet voor de voortzetting van de Kledingbank Rucphen. De nog resterende stelpost valt vrij in het rekeningresultaat 2024.
69
Stelpost dienstverlening gemeentelijke aanpak armoede en schulden Vanuit de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden heeft het kabinet via het gemeentefonds € 40 miljoen aan structurele middelen voor betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn voor 2023 incidenteel aan gemeenten beschikbaar gesteld. De toekenning vanaf 2024 zal structureel plaatsvinden om gemeenten verder in staat te stellen om strategisch en doelgericht te handelen. Voor ons gaat het om een structureel bedrag van € 37.084,00. Dit bedrag is verwerkt als stelpost en in 2024 ingezet voor de implementatiekosten van Suite4Regie. We stellen voor om het deel van de stelpost wat niet is ingezet (€ 13.514,00) over te brengen naar 2025. Stelpost Decentralisatie-uitkering Wet betaalbare huur Met de Wet betaalbare huur wordt de op 1 juli 2023 in werking getreden Wet goed verhuurderschap gewijzigd. Het Rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel. In 2024 ontvangen wij in totaliteit € 21.199,00. De nog resterende stelpost valt vrij in het rekeningresultaat 2024. Stelpost subsidieprogramma De stelpost subsidieprogramma is bedoeld om mutaties op bestaande subsidies en incidentele subsidies te bekostigen.
Dwangsommen Dwangsommen worden alleen in uitzonderlijke situaties opgelegd en worden om die reden niet als structurele inkomst geraamd. In 2024 zijn geen nieuwe dwangsommen ontvangen. We zijn de invorderingstrajecten van een aantal zaken zijn nog lopende. Om deze reden is een bedrag van € 41.250,00 opgenomen als dubieus.