CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

06b 2e bestuursrapportage 2025 Gemeente Rucphen

gemeenteraad 5 november 2025, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel 2e Bestuursrapportage 202514.586 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Nieuwe ontwikkelingen Programma kostenverhaal en financiële bijdragen (fonds bovenwijkse bijdragen) In lijn met de werkwijze binnen de andere De6-gemeenten werken wij aan een ‘Programma kostenverhaal en financiële bijdragen’. Op basis hiervan leveren ontwikkelaars en initiatiefnemers van woningbouwprojecten een financiële bijdrage aan gemeentelijke investeringen in de fysieke leefomgeving. Wij hebben ingestemd met het opstellen van dit programma, waarin we in beeld brengen welke investeringen – tot maximaal vijf jaar terug en tien jaar vooruit – in aanmerking komen voor doorberekening aan ontwikkelaars/initiatiefnemers. Deze doorberekening vindt plaats binnen de kaders van de geldende wet- en regelgeving. De oplevering van het programma is voorzien in de eerste helft van 2026 en zal, zoals wettelijk bepaald, door het college worden vastgesteld.

24

Rucphen Noord-West Na aanmelding bij de Provincie Noord-Brabant zijn vanuit het woningbouwversnellingstraject twee versnellingscoaches aan het project Rucphen Noord-West toegewezen. Deze coaches dragen bij aan de versnelling van het proces behouden en bewaken de voortgang op een structurele en doelgerichte wijze. 3.8.3. Financiële mutaties Overzicht mutaties 2e bestuursrapportage 2025 Programma 8 Omschrijving

Mutaties begrotingssaldo

Onvoorziene uitgaven

Jaar

Governance en Werkplan 2025/2026 SRWB

-65.000,00

2025

Anterieure overeenkomsten

68.060,00

2025

Totaal mutaties Programma 8

3.060,00

Governance en Werkplan 2025/2026 SRWB De Stedelijke Regio West Brabant gaat zich formeel oprichten. Wij hebben u hierover op 13 augustus 2025 geïnformeerd door middel van een raadsinformatiebrief. De kosten van de vorming van de SRWB governance worden op basis van de RIA, het werkplan en de governance bepaald op € 903.500,00 per jaar voor alle gemeenten tezamen. Dit bedrag wordt per hoofd van de bevolking van de gemeenten verdeeld. Het Waterschap Brabantse Delta legt eenzelfde bedrag in als de gemeente Roosendaal. Voor Rucphen betekent dit een bedrag van € 65.000,00 per jaar. Dit bedrag komt ten laste van het begrotingssaldo 2025. Anterieure overeenkomsten Op basis van de werkelijke inkomsten op de post anterieure overeenkomsten dient dit budget te worden verhoogd met € 68.060,00. De hogere inkomsten worden met name veroorzaakt door het project Vissenberg III.

25

3.9. Overige financiële mutaties De volgende wijzigingen zijn programma-overstijgend: Overzicht mutaties 2e bestuursrapportage 2025 Overige financiële mutaties Omschrijving

Mutaties begrotingssaldo

Onvoorziene uitgaven

Jaar

Halfjaarsverantwoording Belastingsamenwerking WestBrabant (BWB) 2025

169.737,00

2025

Actualisatie budgetten

46.797,00

2025 en verder

Totaal mutaties Overige financiële mutaties

216.534,00

Halfjaarsverantwoording Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) 2025 Halverwege het jaar ontvangen we van de BWB een prognose van de belastingopbrengsten in 2025. Deze zetten wij vervolgens af tegen onze begroting. In totaal is er een voordeel van € 179.834,00 waarvan € 169.737,00 ten gunste komt van het begrotingssaldo 2025 en € 10.097,00 ten gunste van de voorziening GRP. Het gaat om de volgende mutaties. Afvalstoffenheffing (meeropbrengst € 120.845,00) Er worden in 2025 meer opbrengsten uit ledigingen geprognosticeerd dan waar we rekening mee hebben gehouden in de begroting (€ 79.500,00). Het gaat om een stijging van 5.000 ledigingen gft en 6.000 ledigingen restafval. Verder is het bedrag aan vastrecht hoger omdat er op meer adressen wordt ingezameld (€ 12.500,00). Ook zijn er meer opbrengsten uit ledigingen over 2024 afgerekend dan waar we bij de jaarrekening 2024 rekening mee hielden (€ 29.000,00). De meeropbrengst brengen we ten gunste van het begrotingssaldo 2025. Wanneer de afvalstoffenheffing per jaareinde meer dan kostendekkend blijkt, storten we het overschot bij de resultaatbestemming 2025 in de egalisatiereserve afvalstoffenheffing. Die reserve kunnen we gebruiken om het tarief te drukken in volgende jaren. Forensenbelasting (meeropbrengst € 2.570,00) Er is meer forensenbelasting opgelegd over 2025 dan begroot.

Toeristenbelasting (minder opbrengst € 1.027,00) Er is minder toeristenbelasting opgelegd over 2025 dan begroot. Onroerendezaakbelastingen (ozb) eigenaren woningen (meeropbrengst € 39.683,00) De definitieve waardeontwikkeling voor woningen is met gemiddeld 8,20% gestegen. Bij de tariefstelling voor 2025 is rekening gehouden met gemiddeld 7,00%. Dit verschil heeft een positief effect op de opbrengst, omdat het tarief “te hoog” is vastgesteld. Er is een meeropbrengst van € 69.683,00. De waardeontwikkeling is niet de enige verklaring. Bij ozb woningen houden we ieder jaar rekening met een meeropbrengst als gevolg van areaaluitbreiding (€ 30.000,00). Per saldo een voordeel van € 39.683,00. Onroerendezaakbelastingen (ozb) niet-woningen (meeropbrengst € 14.449,00) De definitieve waardeontwikkeling voor niet-woningen is met gemiddeld 4,54% gestegen waar bij de tariefstelling voor 2025 rekening is gehouden met gemiddeld 3,16%. Dit heeft een positief effect op de opbrengst. De waardeontwikkeling is niet de enige verklaring. De opbrengst voor niet-woningen wordt ook beïnvloed door areaaluitbreiding en (het opheffen van) leegstand. Rioolheffing (meeropbrengst € 10.097,00) De waardeontwikkeling voor niet-woningen heeft op een effect op de rioolheffing. Het bedrag aan rioolheffing is voor niet-woningen een percentage van de WOZ-waarde.

Een hogere definitieve waardeontwikkeling heeft ook hier een positief effect op de opbrengt. De meeropbrengst komt ten gunste van de voorziening GRP. Actualisatie budgetten Onder actualisatie budgetten worden relatief kleine mutaties positief danwel negatief verwerkt. De worden zoals afgesproken in de financiële verordening niet nader toegelicht.

26

Hieronder zijn de mutaties opgenomen/toegelicht die geen effect hebben op het begrotingssaldo, maar wel leiden tot aanpassing van de raming van budgetten (baten en/of lasten) Overbrengen budgetten/kredieten 2024 tlv Specifieke uitkeringen(SPUK’s)/Subsidies Een deel van de specifieke uitkeringen die in 2024 niet zijn uitgegeven mogen het jaar erop nog uitgegeven worden. Hiertoe worden deze middelen bij de jaarrekening "geparkeerd" op de balans. Met deze begrotingswijziging worden ze weer aan de begroting 2025 toegevoegd. Het gaat om een totaalbedrag van ruim € 6,5 mln. Hiervan heeft ca € 5,4 mln. betrekking op duurzaamheid. Personele mutaties Binnen de personeelsbegroting vinden er diverse mutaties plaats. Zo kunnen er middelen die resteren, omdat b.v. een vacature enige tijd niet is ingevuld, worden ingezet om personele knelpunten elders in de organisatie op te lossen. In sommige gevallen worden middelen die van het rijk worden ontvangen voor nieuwe of tijdelijk taken toegevoegd aan het personeelsbudget. Hoewel deze mutaties budgettair neutraal zijn, veroorzaken ze wel verschuivingen binnen de programma's en taakvelden omdat ook de doorbelasting van het personeel verandert. In deze bestuursrapportage is tevens de prognose van de personeelslasten per 1 augustus 2025 verwerkt.

Vrijval van vacatures tot dit moment is toegevoegd aan een stelpost voor personele knelpunten in het laatste kwartaal van 2025.

27

4.

Algemene dekkingsmiddelen

4.1 Algemene uitkering Gemeentefonds (algemene uitkering) In deze bestuursrapportage worden zowel de financiële consequenties voor het uitkeringsjaar 2025 van de meicirculaire 2025 en van de septembercirculaire 2025 verwerkt en toegelicht. De structurele effecten van de meicirculaire 2025 zijn reeds verwerkt in de kadernota 2026 en de structurele effecten van de septembercirculaire 2025 worden opgenomen in de begroting 2026. Voor 2025 is de ontwikkeling van de algemene uitkering voor ons per saldo positief. Hieronder wordt afzonderlijk voor de meicirculaire en septembercirculaire de mutatie beschreven. Overzicht mutaties 2e bestuursrapportage 2025 Algemene uitkering Omschrijving Algemene uitkering o.b.v. meicirculaire 2025 Algemene uitkering o.b.v. septembercirculaire 2025 Totaal mutaties Algemene uitkering

Mutaties begrotingssaldo

Onvoorziene uitgaven

Jaar

1.676.454,00

2025

126.484,00

2025

1.802.938,00

4.1.1. Meicirculaire 2025 Aan de hand van de meicirculaire 2025 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is de algemene uitkering voor het dienstjaar 2025 berekend. Ten opzichte van de raming die in de 1e bestuursrapportage 2025 tot stand is gekomen op basis van de decembercirculaire 2024, valt het bedrag voor de algemene uitkering 2025 € 1.362.765,00 hoger uit. De totale verwachte inkomst voor de algemene uitkering 2025 wordt daarmee geraamd op € 48.143.233,00. Accres en actualisatie maatstaven In de meicirculaire 2025 is het accres voor het jaar 2025 definitief vastgesteld. Dit zorgt voor een stijging van de algemene uitkering van afgerond € 428.500,00. Deze stijging is verdisconteerd in de berekening van de algemene uitkering 2025. Naast de actualisatie van het accres zijn ook diverse maatstaven geactualiseerd die toegepast worden in de berekening van de algemene uitkering. Afrekening ruimte onder plafond BCF 2024 Onderdeel van de algemene uitkering is de ruimte onder het plafond BTW compensatiefonds (BCF). Jaarlijks wordt bij de septembercirculaire een inschatting gemaakt van de declaraties door gemeenten bij het BCF. Op basis van deze inschatting is in de septembercirculaire 2024 de ruimte onder het plafond voor 2024 uitgekeerd (€ 447 miljoen).

Bij het opmaken van de definitieve afrekening 2024 bleek de ruimte onder het plafond lager (€ 332 miljoen). Daarom wordt het verschil (€ 115 miljoen) in de meicirculaire in 2025 in mindering gebracht als mutatie op de uitkeringsfactor. Voor ons komt dit neer op een verlaging van de algemene uitkering van afgerond € 134.500,00. Jeugdzorg, tekort delen tussen Rijk en gemeenten De commissie Van Ark, die is ingesteld om te adviseren over de toekomst van de jeugdzorg, heeft geadviseerd om het tekort in het jeugdzorgbudget evenwichtig te verdelen tussen het Rijk en de gemeenten. Dit betekent dat beide partijen de helft van het tekort voor hun rekening nemen. De helft van de structurele kosten, € 414 miljoen per jaar, wordt via de Meicirculaire 2025 toegevoegd aan de algemene uitkering aan gemeenten. Voor ons gaat het om een bedrag van afgerond € 553.000,00. Taakmutatie IBO Problematische schulden Het kabinet voert een pakket aan maatregelen in om problematische schulden fundamenteel aan te pakken. Dit pakket is gebaseerd op het basispakket uit het Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Problematische schulden. Voor 2025 worden voor het onderdeel: ‘vroegsignalering’ middelen overgemaakt naar het gemeentefonds. Het gaat om een totaalbedrag van € 18,7 miljoen. Voor ons gaat het om een eenmalig bedrag van € 18.000,00. Dit bedrag wordt als stelpost verwerkt.

28

Algemene uitkering voorgaande jaren In 2025 is met betrekking tot de algemene uitkering over 2024 een totaalbedrag van € 304.561,00 ontvangen van het Ministerie. Deze ontvangst wordt veroorzaakt door de actualisatie van diverse maatstaven. Decentralisatie uitkering Voorschoolse voorziening peuters De decentrale uitkering voorschoolse voorzieningen peuters heeft als doel dat alle peuters, zonder recht op kinderopvangtoeslag of voorschoolse educatie, naar een voorschoolse voorziening kunnen gaan. De uitkering voorschoolse voorzieningen is voor 2025 geactualiseerd met de voluminastanden van uitkeringsjaar 2024. Op basis van deze actualisatie wordt het bedrag vanaf 2025 verhoogd van € 33.953,00 naar € 34.902,00. Deze verhoging wordt toegevoegd aan het budget onderwijsachterstanden overig en onvoorzien die hiervoor in de begroting is opgenomen. Decentralisatie uitkering Uitvoeringskosten Omgevingswet De financiële middelen vanuit het Coalitieakkoord (CA) van het kabinet-Rutte IV worden ingezet voor het bereiken van de doelen van de Omgevingswet. Met het uitkeren van € 80,7 miljoen in 2025 kunnen de ontvangende partijen in hun transitie ervoor zorgdragen dat ze aangesloten, geoefend en ingeregeld zijn en voldoen aan de in de Omgevingswet gestelde eisen. Er volgt nog een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten in kaart worden gebracht.

Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 138.544,00 in 2025. Dit bedrag wordt toegevoegd aan het budget Implementatie Omgevingswet. Decentralisatie uitkering Natuurbrandpreventie en -mitigatie Nederland ziet steeds meer brandgevoelige dagen met mogelijke omstandigheden waarbij er sprake kan zijn van onbeheersbare natuurbranden. Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) stelt daarom € 2,3 miljoen beschikbaar aan gemeenten waar een verhoogd risico op natuurbranden aan de orde is. De desbetreffende gemeenten worden via deze decentralisatie-uitkering in staat gesteld om bij te dragen aan het doel om natuurbrandbeheersing te versterken. De verdeling van het budget is gebaseerd op de ingediende aanvragen die door gemeenten zijn gedaan bij het ministerie van LVVN. Wij ontvangen hiervoor € 20.000,00 in 2025. Dit bedrag wordt als stelpost verwerkt. Decentralisatie uitkering jeugdhulp aan kinderen in een AZC Vanaf 2019 zijn gemeenten volledig verantwoordelijk geworden voor de organisatie en financiering van jeugdhulp, inclusief de jeugd-ggz, aan kinderen in een AZC. Vanaf 2024 is structureel € 5,1 miljoen hiervoor beschikbaar. Op basis van de definitieve verdeling voor 2024 ontvangen we, bovenop de eerder ontvangen € 2.244,00, een bedrag van € 9.525,00. Hiermee bedraagt het totaalbedrag voor 2025 € 11.769,00.

Omdat wij deze middelen niet direct benodigd hebben, vallen deze middelen vrij ten gunste van het begrotingssaldo 2025. Decentralisatie uitkering Einde lening inburgeringsplichtig Sinds januari 2023 zijn afspraken uit het Bestuurlijk Overleg (april 2020) tussen SZW en de VNG over de ondersteuning van ELIPs (Einde Lening Inburgeringsplichtigen) vastgelegd in regelgeving. ELIPs zijn inburgeraars die hun lening (bijna) volledig hebben benut maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. Gemeenten mogen hen begeleiding bieden en bepalen zelf hoe dit wordt ingevuld. Via een decentralisatieuitkering ontvangen zij hiervoor middelen, ook voor beperkte financiële ondersteuning bij extra cursusuren of examengelden. De middelen worden over gemeenten verdeeld op basis van het aantal ELIPs volgens de DUO-cijfers per 1 januari 2025. In 2025 is € 1,0 miljoen beschikbaar. Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 928,00 in 2025. Dit bedrag wordt gestort in de reserve maatschappelijke begeleiding. Decentralisatie uitkering Antidiscriminatie voorzieningen Gemeenten en hun antidiscriminatievoorzieningen (ADV’s) werken samen als het gaat om preventie van discriminatie op lokaal niveau. Voor de kerntaken van de ADV’s krijgen gemeenten sinds 2009 structureel middelen via het gemeentefonds. Net als in 2024 krijgen gemeenten middelen in 2025 om samen met hun ADV’s méér aan preventie te kunnen doen.

De decentralisatie-uitkering maakt het mogelijk om op lokaal niveau maatwerk te kunnen toepassen. De ADV’s kunnen gemeenten aan de hand van hun meldingscijfers adviseren over onderwerpen die hen zijn opgevallen binnen die gemeenten. Hiervoor is landelijk in 2025 in totaal € 2,5 miljoen beschikbaar, wat voor ons neerkomt op een bedrag van € 3.333,00. Deze middelen worden toegevoegd aan het budget commissie ombudsman.

29

Decentralisatie uitkering landelijke aanpak adreskwaliteit Op 15 mei 2023 is de wetswijziging van de Wet basisregistratie personen (Wbrp) in werking getreden waarbij wordt voorzien in een taak voor de minister van BZK om colleges van burgemeester en wethouders te ondersteunen bij het onderzoek of een persoon als ingezetene in de Basisregistratie Personen (BRP) op een adres in de gemeente dient te worden ingeschreven en bij het onderzoek naar de juistheid van de gegevens betreffende het adres van een ingezetene in de BRP. Deze aanpak staat bekend onder de naam Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA). Met dit voorstel wordt beoogd de adreskwaliteit in de BRP te verbeteren. In 2025 is hiervoor 2,9 miljoen beschikbaar gesteld. Voor ons betreft dit een bedrag van € 3.227,00. Omdat wij deze middelen niet direct benodigd hebben, vallen deze middelen vrij ten gunste van het begrotingssaldo 2025. Decentralisatie uitkering Alleenverdienersproblematiek Gemeenten kunnen huishoudens die getroffen zijn door de alleenverdienersproblematiek individuele bijzondere bijstand bieden. Op basis van de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek verstrekken gemeenten in de periode 2025-2027 een vaste tegemoetkoming aan alleenverdienershuishoudens die door een ongunstige samenloop van regelingen te weinig toeslagen ontvangen en hierdoor een inkomen onder het bestaansminimum hebben.

Gemeenten ontvangen voor de uitvoering van deze regeling middelen op basis van de hoogte van de tegemoetkoming voor dat jaar (inclusief verschuldigde eindheffing), het verwachte aantal rechthebbende huishoudens in de gemeente en uitvoeringskosten. Het aantal verwachte rechthebbende huishoudens per gemeente is mede gebaseerd op een analyse door de Belastingdienst. Gemeenten ontvangen, indien nodig, twee jaar later een aanvullend budget als op basis van definitieve inkomensgegevens het aantal rechthebbende huishoudens hoger blijkt dan nu verwacht. Voor 2025 wordt € 25,4 miljoen toegekend, wat voor ons een bedrag is van € 39.641,00. Dit bedrag wordt als budget opgenomen in de begroting 2025. Integratie-Uitkering Sociaal Domein (IUSD) Op basis van de meicirculaire 2025 is de integratie-uitkering participatiewet (beschut werken en Wsw) geactualiseerd. De mutatie op de integratie-uitkering participatiewet (Wsw) wordt ook toegepast op het budget Wsw. De mutatie met betrekking op het onderdeel beschut werken valt vrij ten gunste van het begrotingssaldo, omdat in de begroting van het Werkplein met deze Rijksmiddelen rekening is gehouden. In onderstaande tabel zijn de huidige ramingen afgezet tegen de nieuwe bedragen o.b.v.

de meicirculaire 2025: Omschrijving PW: IUSD (Wsw) (OUD) PW: IUSD (Wsw) (NIEUW) Totale mutatie tgv budget WSW Omschrijving PW: IUSD (beschut werken) (OUD) PW: IUSD (beschut werken) (NIEUW) Totale mutatie tgv begrotingssaldo 2025

2025 6.216.623 6.485.543 268.920 2025 298.722 313.098 14.376

Rijksbijdrage sociale infrastructuur Vanaf 2025 geeft het Rijk extra geld aan gemeenten. Met dit geld kunnen gemeenten uiteindelijk 10.000 werkplekken mogelijk maken. Deze werkplekken zijn voor mensen die niet in aanmerking komen voor beschut werk, maar wel hulp nodig hebben van sociale ontwikkelbedrijven. Zij gebruiken deze werkplekken om zich voor te bereiden op een gewone baan, of als tijdelijke oplossing als ze (nog) niet aan het werk kunnen. Gemeenten krijgen dit extra geld om te zorgen dat er genoeg hulp en begeleiding beschikbaar is. Dit past bij de hogere bijdrage van het Rijk aan beschut werk sinds 2024. Gemeenten ontvangen circa € 3.600,00 per plek. Dit komt neer op € 19,8 miljoen in 2025, met een oploop naar structureel € 35,9 miljoen. Dit structurele niveau wordt in 2035 bereikt. Voor onze gemeente gaat het om € 25.399,00 in 2025.

30

4.1.2. Septembercirculaire 2025 Aan de hand van de septembercirculaire 2025 is de algemene uitkering voor het dienstjaar 2025 opnieuw berekend. Ten opzichte van de meicirculaire 2025 valt het bedrag voor de algemene uitkering 2025 € 1.438.569,00 hoger uit. De totale verwachte inkomst voor de algemene uitkering 2025 wordt daarmee geraamd op € 49.581.802,00. Deze verhoging van de algemene uitkering 2025 wordt met name veroorzaakt door de extra middelen voor de ruimte onder het plafond BCF en de compensatie van de incidentele tekorten 2023 en 2024 in de jeugdzorg. BTW Compensatiefonds 2025 In deze septembercirculaire 2025 is de verwachte ruimte onder het plafond van het BTW Compensatiefonds voor 2025 verwerkt. Op basis van de huidige cijfers is er nog ruimte onder het plafond. Dit vertaalt zich in een toevoeging aan de algemene uitkering 2025. Deze toevoeging maakt onderdeel uit van het hierboven genoemde bedrag van de algemene uitkering 2025. In de meicirculaire 2026 zal de definitieve afrekening van het BTW compensatiefonds 2025 plaatsvinden. Taakmutatie compensatie incidentele tekorten 2023 en 2024 in de jeugdzorg Naar aanleiding van de eerdere afspraken in het voorjaar met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft het kabinet besloten tot compensatie van de incidentele tekorten 2023 en 2024 in de jeugdzorg.

Gemeenten ontvangen in totaal € 728 miljoen van het Rijk (voor ons € 980.000,00) die ze kunnen inzetten ter ondersteuning van de transformatie van de Jeugdhulp conform de afspraken in de Hervormingsagenda. Het gaat dan om het versterken van de sociale basis en stevige lokale teams, met tevens aandacht voor het verbeteren van kind- en gezinsbescherming en de bredere integrale aanpak sociaal domein. We nemen het bedrag van € 980.000,00 op als stelpost. Bij de Financiële slotwijziging 2025 wordt nader bekeken wat de noodzaak is om deze stelpost in te zetten. Taakmutatie Rijksvaccinatieprogramma Per 1 januari 2025 zijn er op advies van de Gezondheidsraad verschillende wijzigingen aangebracht in het vaccinatieschema van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Dit betekent dat sommige vaccinaties op een andere leeftijd aangeboden worden en dat er voor bepaalde leeftijdscohorten inhaalcampagnes nodig zijn. Deze veranderingen in het RVP schema hebben daarmee ook gevolgen voor de taken van gemeenten vanwege hun verantwoordelijkheid voor de uitvoering en financiering van het RVP. De budgettaire impact van de wijzigingen in het vaccinatieschema van het RVP verschilt in de periode 2025 t/m 2029 per jaar. De kosten voor gemeenten stijgen in de gehele periode 2025 tot en met 2029 in totaal met € 2,3 miljoen.

Dit bedrag wordt voor de hele periode in één keer in 2025 aan de algemene uitkering toegevoegd. Vanaf 2030 gaat het jaarlijks om € 300.000,00. In 2025 ontvangen wij hiervoor een bedrag van € 2.549,00. Dit bedrag wordt toegevoegd aan het budget Uitvoeren Rijksvaccinatieprogramma (RVP) Taakmutatie Implementatie Participatie in balans Het wetsvoorstel Participatiewet in Balans is een initiatief om de Participatiewet te vereenvoudigen en te verbeteren, met name door meer maatwerk, versoepeling van regels en een menselijkere aanpak. Er wordt € 55,5 miljoen beschikbaar gesteld in de periode 2025-2030 ten behoeve van de implementatie van deze wet. Deze € 55,5 miljoen is inclusief een bijdrage voor de regeling Verrekenen. In 2025 ontvangen wij hiervoor een bedrag van € 36.000,00. Dit bedrag wordt opgenomen als stelpost. Taakmutatie Vervroegde Tweede Kamerverkiezingen Het kabinet stelt eenmalig € 60 miljoen beschikbaar aan gemeenten voor de organisatie van de vervroegde Tweede Kamerverkiezing op 29 oktober 2025. Het kabinet heeft hierover besloten na overleg met de VNG. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 79.800,00. In paragraaf 3.0.2 van deze bestuursrapportage is al een toelichting opgenomen met betrekking tot verhoging van het budget verkiezingen.

Doordat de verhoging van het budget verkiezingen al verwerkt is, komt het bedrag van € 79.800,00 ten gunste van het begrotingssaldo 2025.

31

Algemene uitkering voorgaande jaren In 2025 is met betrekking tot de algemene uitkering over 2024 een totaalbedrag van € 35.270,00 terugbetaald aan het Ministerie. Deze terugbetaling wordt veroorzaakt door een herziene actualisatie van de maatstaf bijstandontvangers. Decentralisatie-uitkering Spreidingswet Vanuit de Spreidingswet hebben gemeenten een nieuwe taak gekregen in het zoeken naar opvangplekken. Zij ontvangen hiervoor middelen vanuit het gemeentefonds. Voor gemeenten is er een bijdrage van in totaal € 15,3 miljoen beschikbaar. Wij ontvangen hiervoor een bedrag van € 31.104,00. Dit bedrag wordt in 2025 opgenomen als stelpost. Decentralisatie-uitkering versterking omgevingsveiligheidsdiensten De VNG, namens de gemeenten, en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) zijn overeengekomen (in het bestuurlijk omgevingsberaad van 24 oktober 2024) dat bepaalde taken van het vervolg op de Meerjaren-agenda Versterking Omgevingsveiligheid (MVO) door gemeenten worden uitgevoerd. Het gaat om wettelijke taken op het terrein van de omgevingsveiligheid. Het gaat om een bedrag van € 3,9 miljoen in 2025, € 4,9 miljoen in 2026 en in 2027 en € 3,8 miljoen in 2028. De verdeling is gebaseerd op de gemeentelijke verdeelsleutel Externe Veiligheid (gebaseerd op aantal risicobronnen en inwonersdichtheid). In 2025 ontvangen wij een bedrag van € 5.131,00.

Dit bedrag wordt toegevoegd aan het budget werkprogramma OMWB. De bedragen na 2025 worden verwerkt in de begroting 2026. Decentralisatie-uitkering Register Externe Veiligheidsrisico's (REV) Het ministerie van IenW is met medeoverheden verantwoordelijk voor het beheer van het REV. Gemeenten ontvangen via deze decentralisatie-uitkering een bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het inregelen van de beheerwerkzaamheden voor de Kwetsbare gebouwen en locaties (KGL)-module binnen het REV. De bijdrage is bedoeld voor het inregelen en het mee uitwerken van een efficiënte beheeraanpak, waarbij optimaal gebruik gemaakt wordt van bestaande (basis)registraties. Het gaat landelijk om een jaarlijks bedrag van € 850.000,00 voor de jaren 2025 en 2026. De middelen worden evenredig over alle gemeenten verdeeld. In 2025 ontvangen wij een bedrag van € 2.485,00. Dit bedrag wordt toegevoegd aan het budget werkprogramma OMWB. Het bedrag voor 2026 wordt verwerkt in de begroting 2026. Integratie-Uitkering Sociaal Domein (IUSD) Op basis van de septembercirculaire 2025 is de integratie-uitkering participatiewet met betrekking tot beschut werken geactualiseerd. Het onderdeel Wsw is ten opzichte van de meicirculaire niet aangepast.

De mutatie met betrekking op het onderdeel beschut werken valt vrij ten gunste van het begrotingssaldo, omdat in de begroting van het Werkplein met deze Rijksmiddelen rekening is gehouden. In onderstaande tabel is de huidige raming afgezet tegen het nieuwe bedrag o.b.v. de septembercirculaire 2025: Omschrijving PW: IUSD (beschut werken) (OUD) PW: IUSD (beschut werken) (NIEUW) Totale mutatie tgv begrotingssaldo 2025

2025 313.098 387.704 74.606

32

5.

Reserves en investeringen

5.1 Reserves 5.1.1. Vrijval naar reserve Integraal HuisvestingsPlan (IHP) Jaarlijks worden bij de 2e bestuursrapportage de aanwezige reserves en voorzieningen gescreend op noodzaak van instandhouding en de omvang. Per saldo leidt de screening tot een vrijval van € 323.077,82. In de raadsvergadering van 15 juni 2022 (behandeling jaarrekening 2021) heeft uw raad door middel van een amendement besloten de komende jaren toekomstige eenmalige meevallers te storten in de reserve IHP, tot het moment dat een nader te bepalen omvang van de reserve is bereikt. Het betreft stortingen uit de navolgende reserves: Reserve Restantbudgetten De reserve restantbudgetten bevat een aantal eenmalige (restant-) budgetten die niet van 2024 naar 2025 zijn overgebracht. Hierdoor valt een bedrag vrij van € 68.258,31. Reserve Dekking kapitaallasten De reserve dekking kapitaallasten bevat een aantal restantkredieten die niet meer worden uitgegeven. Het betreft een totaalbedrag van € 77.586,90. Dit bedrag valt vrij. Reserve Kadernota De reserve kadernota bevat een aantal eenmalige (restant-) budgetten die niet van 2024 naar 2025 zijn overgebracht. Hierdoor valt een bedrag vrij van € 16.511,29. Reserve Verbetering kwaliteit en leefbaarheid landelijk gebied De reserve verbetering kwaliteit en leefbaarheid landelijk gebied bevat een eenmalig (restant-) budget die niet van 2024 naar 2025 is overgebracht.

Hierdoor valt een bedrag vrij van € 1.900,00. Reserve Onderwijsachterstandenbeleid De resterende boekwaarde van deze reserve van € 30.387,57 valt vrij. Na deze vrijval, komt de reserve te vervallen. Reserve Sociaal Domein De reserve Sociaal Domein bevat een eenmalig (restant-) budget die niet van 2024 naar 2025 is overgebracht. Hierdoor valt een bedrag vrij van € 20.836,70. Reserve Mutaties decembercirculaire bij de resultaatbestemming 2022 en 2023 zijn een aantal decentralisatie-uitkeringen uit de decembercirculaires van die jaren in de deze reserve gestort. Gebleken is dat deze middelen (€ 14.305,00) niet meer benodigd zijn en kunnen vrijvallen. Reserve Maatschappelijke begeleiding De reserve maatschappelijke begeleiding beschikt over een boekwaarde van € 143.292,05. Gebleken is dat de reserve gedeeltelijk kan vrijvallen tot een bedrag van € 50.000,00. Het bedrag van € 93.292,05 valt vrij.

33

5.1.2. Nieuwe reserve Overzicht mutaties 2e bestuursrapportage 2025 Reserves Omschrijving

Mutaties begrotingssaldo

Reserve pensioen waardeoverdracht aan het ABP

-588.000,00

Totaal mutaties Reserves

-588.000,00

Onvoorziene uitgaven

Jaar 2025

Reserve pensioen waardeoverdracht aan het ABP In de 1e bestuursrapportage 2025 hebben wij u geïnformeerd over de pensioenwaardeoverdracht aan het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) per 1 januari 2028. De pensioenen van onze voormalige en huidige wethouders zijn nu apart wettelijk geregeld in de Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers (Appa). Het kabinet heeft vastgesteld dat deze pensioenen per 1 januari 2028 overgedragen moeten worden aan het ABP. Om dit te realiseren, moeten wij onder andere een eenmalige kapitaalstorting doen aan het ABP op of rond 1 januari 2028. Een extern onderzoeksbureau heeft een berekening gemaakt waaruit blijkt hoe groot dit bedrag naar verwachting zal zijn op het moment van overdracht. Op basis van deze berekening bedraagt het benodigde bedrag om de voorziening per 1 januari 2028 op peil te hebben € 588.000,00. Omdat de waardeoverdracht aan het ABP pas over enkele jaren plaatsvindt en er jaarlijks een actualisatie plaatsvindt van de rekenrente en de levensverwachting, kan dit bedrag nog wijzigen. Voor nu is € 588.000,00 het bedrag dat nodig is om de voorziening op peil te brengen. We mogen dit bedrag nu nog niet storten in de pensioenvoorziening wethouders, omdat we jaarlijks bij de jaarrekening de voorziening moeten aansluiten op de actuariële waardeberekeningen.

Wanneer blijkt dat de voorziening te hoog is, moet het surplus weer vrijvallen. Daarom kiezen we ervoor om dit bedrag in 2025 ten laste van het begrotingssaldo te storten in een nieuw te vormen reserve “Reserve pensioenwaardeoverdracht aan het ABP”. In 2027 wordt het bedrag vervolgens gestort in de pensioenvoorziening wethouders. 5.1.3. Overige mutaties reserves en voorzieningen Reserve risico glasschade scholen In 2025 is tot en met deze 2e bestuursrapportage voor een bedrag van € 6.396,00 aan kosten gemaakt in verband met glasschade aan scholen. Dit bedrag wordt ten laste van de reserve risico glasschade scholen gebracht. Reserve mutatie decembercirculaire Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn gemeenten het bevoegd gezag voor het aanleveren en beheren van informatie in het Register Externe Veiligheidsrisico’s (REV). Het REV bevat gegevens over kwetsbare gebouwen en locaties die onder meer gebruikt worden bij vergunningverlening, omgevingsplannen en projectbesluiten. In de decembercirculaire 2024 van het Gemeentefonds is een bedrag van € 10.000,00 voor dit onderwerp ontvangen. Deze bijdrage is bedoeld om gemeenten te ondersteunen bij het controleren, corrigeren en goedkeuren van de door het ministerie aangeleverde basisdata. Binnen de organisatie ontbreekt voldoende capaciteit en specialistische kennis om dit zelfstandig uit te voeren.

Er is reeds afgestemd met de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) over de inzet van deze middelen. Het bedrag van € 10.000,00 is bij de resultaatbestemming 2024 gestort in de reserve mutaties decembercirculaire omdat de middelen in 2024 niet meer konden worden benut. Het budget wordt nu toegevoegd aan het werkbudget voor de OMWB ten laste van de reserve mutatie decembercirculaire.

34

5.2

Investeringen

De kapitaallasten van de reeds gevoteerde en afgewerkte kredieten zijn voor 2025 al geactualiseerd in de 1e bestuursrapportage 2025. Deze actualisatie had met name betrekking op kredieten die in 2024 nog niet volledig zijn afgewerkt en waarvan de uitvoering doorloopt in 2025. Na de actualisatie van de afschrijvingslasten in de 1e bestuursrapportage is er nog een mutatie die betrekking heeft op 2025 en verder. Hieronder worden eerst de ontwikkelingen met betrekking tot de reeds gevoteerde kredieten beschreven, daarna worden nog een aantal nieuwe kredieten voorgesteld. Overzicht mutaties 2e bestuursrapportage 2025 Investeringen Omschrijving

Mutaties begrotingssaldo

Aanvullend krediet reconstructie Noorderstraat

Onvoorziene uitgaven

Jaar

0,00

2026 en verder

-3.635,00

2025 en verder

Realiseren verbindingspad voetbalvereniging R.K.V.V. Schijf

0,00

2026 en verder

Park Vinkenbosschen te Sprundel

0,00

2026 en verder

Renovatie hekwerk SV Sprundel en RKVV Schijf

0,00

2026 en verder

Afwaarderen boekwaarde aankoop grond t.b.v. vergroten plein in centrum Rucphen

Totaal mutaties Investeringen

-3.635,00

5.2.1. Ontwikkelingen m.b.t. reeds gevoteerde investeringskredieten Integraal werken reconstructie De Gagelrijzen De aanbesteding voor de reconstructie van De Gagelrijzen is succesvol doorlopen en er is een uitvoerende partij geselecteerd. De kosten, zoals vermeld in de inschrijfstaat, zijn verdeeld over de geraamde investeringskredieten. Hieruit blijkt dat er sprake is van een onderschrijding op het krediet voor verharding, terwijl de onderdelen verlichting en groen een overschrijding laten zien. Wij stellen voor om een deel van het beschikbare krediet voor verharding over te hevelen naar verlichting en groen. Daarbij wordt rekening gehouden met de verschillende afschrijvingstermijnen. De herverdeling van kredieten wordt zodanig vormgegeven dat de jaarlijkse kapitaallasten gelijk blijven. Ook op het onderdeel riolering is sprake van een onderschrijding. Daarom wordt het bijbehorende krediet in het investeringsprogramma 2026-2029 verlaagd in de begroting 2026. Aansluiting met financiële verordening 2025: aanvullend krediet reconstructie Noorderstraat en Klimaatbestendige inrichting overhoek Bernhardstraat In de 1e bestuursrapportage 2025 zijn 2 kredieten beschikbaar gesteld, waarbij de toegepaste afschrijvingstermijnen nog niet aansloten bij de in 2025 vastgesteld financiële verordening. N.a.v.

een technische vraag hierover, hebben wij toegezegd dit in de 2e bestuursrapportage 2025 aan te passen. Aanvullend krediet reconstructie Noorderstraat Het aanvullend krediet reconstructie Noorderstraat bedraagt € 210.000,00 en bestaat uit de componenten wegen (€ 104.000,00) en groen (€ 106.000,00). Bij onderdeel wegen is de afschrijvingstermijn omgezet van 30 naar 40 jaar en bij groen van 15 naar 30 jaar. De afschrijvingslasten vanaf 2026 voor groen komen ten laste van de reserve groencompensatie en voor wegen ten gunste van het begrotingssaldo (€ 867,00). Klimaatbestendige inrichting overhoek Bernhardstraat Het krediet klimaatbestendige inrichting overhoek Bernhardstraat aanplant, bedraagt € 20.000,00. De afschrijvingstermijn wordt omgezet van 15 naar 30 jaar en de afschrijvingslast komt vanaf 2026 ten laste van de reserve groencompensatie. Aankoop grond t.b.v. vergroten plein in centrum Rucphen In 2021 is grond aangekocht voor de uitbreiding van het plein in het centrum van Rucphen, voor € 293.366,55. Dit bedrag is geactiveerd op de balans en vanaf 2022 jaarlijks afgeschreven. Afschrijving op gronden is echter niet toegestaan volgens het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten), omdat

35

gronden niet in waarde verminderen en in dit geval ook geen economische waarde (meer) vertegenwoordigen. Daarom wordt de boekwaarde afgewaardeerd. Voor de aankoop was € 290.000,00 beschikbaar, gedekt uit de reserve Dorpsontwikkelingen. De bijkomende notariskosten van € 3.366.55 worden jaarlijks ten laste van de exploitatie afgeschreven. Het afwaarderen van de resterende boekwaarde van € 246.426,55 wordt voor € 242.791,89 gedekt uit de reserve Dorpsontwikkelingen en voor € 3.634,66 ten laste gebracht van het begrotingssaldo 2025. 5.2.2. Nieuwe investeringskredieten Realiseren verbindingspad voetbalvereniging R.K.V.V. Schijf Voor de realisatie van een verbindingspad tussen de Hoekvensedreef en het clubgebouw van R.K.V.V. Schijf is een krediet benodigd van € 46.500,00. U bent hierover geïnformeerd door middel van de raadsbrief van 25 juni 2025. De jaarlijkse afschrijvingslast vanaf 2026 van € 1.150,00 komt ten laste van het begrotingssaldo. Park Vinkenbosschen te Sprundel In Sprundel is de afgelopen maanden gewerkt aan de aanleg van het Park Vinkenbosschen aan de Omgangstraat. De totale kosten bedragen € 92.992,00. Hiervan heeft € 80.000,00 betrekking op de beplanting en bijbehorende voorzieningen, en € 12.992,00 op de aanschaf en plaatsing van speelvoorzieningen.

De speelvoorzieningen worden bekostigd uit het reeds beschikbaar gestelde krediet voor de aanschaf en vervanging van speeltoestellen. Voor de € 80.000,00 is een nieuw krediet nodig, waarbij de afschrijvingslasten (vanaf 2026 € 2.667,00) ten laste komen van de reserve groencompensatie. Bij de Programmabegroting 2025 heeft uw raad voor het krediet ‘Renovatie openbaar groen’ een bedrag van € 130.000,00 beschikbaar gesteld. Het was de bedoeling om hiervan € 80.000,00 in te zetten voor de bekostiging van het park. Bij nadere beoordeling is echter geconcludeerd dat deze dekking formeel niet passend is, omdat de aanleg van een park geen renovatie betreft. Het gebruik van dit krediet zou dan ook onrechtmatig zijn. Aangezien het krediet ‘Renovatie openbaar groen’ niet langer wordt ingezet voor de bekostiging van het park en er in 2025 geen andere verplichtingen zijn met betrekking tot dit krediet, wordt dit krediet met € 80.000,00 afgeraamd. Deze aframing veroorzaakt vanaf 2026 een vrijval in de afschrijvingslast van € 2.667,00. Dit bedrag komt ten gunste van het begrotingssaldo. Renovatie hekwerk S.V. Sprundel en R.K.V.V. Schijf In de raadsvergadering van 2 juli 2025 heeft uw raad de motie “Vervroegen vervangingsinvestering hekwerken bij S.V. Sprundel en R.K.V.V. Schijf” aangenomen.

De renovatie van de hekwerken bij beide verenigingen waren opgenomen in de Kadernota 2026 voor het jaar 2026. In uw motie draagt u ons op de geplande vervangingsinvestering van de hekwerken bij S.V. Sprundel en R.K.V.V. Schijf te vervroegen van 2026 naar 2025. De renovatie van beide hekwerken bedraagt € 55.000,00 per vereniging. De afschrijvingslast van € 5.500,00 komt vanaf 2026 ten laste van het begrotingssaldo. De investeringen worden verwijderd uit het investeringsprogramma van de Programmabegroting 2026. Grondverwerving voor retentie Rucphen Noord De ‘wijkgerichte aanpak Rucphen Noord fase 1 en 2’ is in voorbereiding. Afkoppelen van regenwater maakt deel uit van dit project en daardoor is aanleg van retentie nodig. In de begroting 2025 is hiervoor € 80.000,00 beschikbaar gesteld. Naast de koopsom worden ook de bijkomende kosten, zoals taxatie, bemiddeling, notaris en bodemonderzoek, ten laste van dit krediet gebracht. Hierdoor is een aanvullend krediet benodigd. Op het krediet retentie Vosdonkseweg/De Vennen resteert een bedrag van € 53.797,00 in verband met voordeligere realisatie dan begroot. Dit restantkrediet wordt toegevoegd aan het krediet met betrekking tot de grondverwerving voor retentie Rucphen Noord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16152451/1