05b Programmabegroting 2025
Tekst van het document
2.221.000
2.437.595
182.392
184.982
97.595 -159.738 713.516
126.966 -190.971 1.008.769
136.345 -198.988 2.363.703
3.358.004
2.960.000
1.908.000
1.276.413 -251.632 2.197.723
45
Jeugdhulp met verblijf regionaal PGB WMO PGB Jeugd Beschermd wonen (Wmo) Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo) Jeugdbescherming Jeugdreclassering Coördinatie en beleid Wmo Coördinatie en beleid Jeugd TOTAAL 1.6.4.
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
1.482.035
1.757.741
1.163.319
366.600
382.000
391.515
22.664
18.600
18.600
330.068
242.954
11.467
23.679
13.279
440.584
540.000
390.621
70.566
70.000
160.000
1.438.203 -184.058 625.154
2.030.841 -246.451 852.681
1.840.020 -246.451 701.016
27.744.673
30.473.723
29.029.618
De taakvelden
6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie Subsidies SKW’s In 2024 en 2025 wordt de gemeentelijke subsidiesystematiek ten behoeve van de SKW’s in gezamenlijkheid met de SKW-besturen tegen het licht gehouden. Er wordt gekeken of er een match is tussen de rolinvulling, plannen en ambities van de SKW’s en de manier en invulling. Vooruitlopend hierop voeren we gesprekken met individuele SKW’s over actuele bespreek- en knelpunten. Welke financiële impact dit onderzoek gaat hebben is nog niet duidelijk. Een andere verdeelsleutel en/of subsidieplafond zijn mogelijke uitkomsten van dit onderzoek. Inburgering Het Werkplein voert voor de De6-gemeenten de Wet inburgering uit. Vanuit deze wet wordt ingezet op een zo snel mogelijke participatie van statushouders, het liefst via betaald werk. Dit gebeurt in samenwerking met allerlei partners waaronder de taalscholen. Eind 2024 starten we met de aanbesteding voor de maatschappelijke begeleiding van deze doelgroep, momenteel belegd bij Vluchtelingenwerk Nederland. Compenseren exploitatietekort gymzaal Sprundel Op 31 mei 2022 hebben wij besloten tot garantstelling door de gemeente voor een eventueel negatief exploitatieresultaat bij de verhuur van de gymzaal door Dorpswerk Sprundel. Als de uitbreiding van Vinkenbos gereed is, vertrekt Vinkenbos uit het Kloosterlokaal dat boven de gymzaal ligt.
Daardoor vervalt jaarlijks een bedrag van € 9.600,00 aan structurele huurinkomsten. Een nieuw vaste huurder voor het Kloosterlokaal is nog niet in beeld. Op dat moment loopt het exploitatietekort naar verwachting op. Er is een structurele bijdrage verwerkt van € 13.500,00 in begroting 2025. Mantelzorg De Wmo verplicht gemeenten om niet alleen hulpvragers, maar ook mantelzorgers en zorgvrijwilligers actief te ondersteunen, te waarderen en met hen in gesprek te gaan. Zo is het aan de gemeente om bijvoorbeeld vervangende zorg aan te bieden en de samenwerking tussen formele en informele zorg te versterken. Doel is dat mantelzorgers op hun eigen wijze zorg kunnen verlenen. Dat is een voorwaarde om overbelasting te voorkomen. Steunpunten De steunpunten voor ouderen in onze gemeente bieden een gevarieerd laagdrempelig aanbod van (inloop-) activiteiten, eetpunten en informatiebijeenkomsten. Aan deze activiteiten kunnen ouderen zonder indicatie deelnemen. Op de steunpunten wordt eveneens dagbesteding in het kader van de Wmo geboden.
46
Algemeen maatschappelijk werk (AMW) Als eerstelijns voorziening wordt maatschappelijk werk ingezet voor onze inwoners. Zij helpen inwoners van 18 jaar en ouder die vastlopen in hun leven en daar zelf niet uitkomen. Daarnaast bestaat deze taak uit opvolging casuïstiek vanuit Veilig Thuis en het Zorg- en Veiligheidshuis (direct opvolgen van meldingen van Politie, Huiselijk Geweld enz.), samenwerking met bijvoorbeeld huisartsen, Thuisvester, Vraag- en Aanbodpunten, en met Oggz. Ook maakt het AMW deel uit van VraagR. Wij willen het AMW meer outreachend en integraal gaan organiseren. Hier komen we op een later moment bij uw raad op terug. Projectcoördinator sociale basis ter ondersteuning vrijwilligers Er zijn veel vrijwilligers in onze gemeente actief. Om deze vrijwilligers goed te ondersteunen, te laten functioneren en kwaliteit te borgen, is per 1 mei 2024 een projectcoördinator sociale basis gestart. Deze coördinator zorgt voor verbinding tussen de professionele zorg en de vrijwilligers (in bijv. zorgnetwerken), kan opschalen naar professionals waar nodig, deelt kennis en deskundigheid met de vrijwilligers en helpt ook de grenzen van de vrijwilliger te bewaken. Zo zetten we de vrijwilligers in hun kracht, benutten hun inzet, borgen we professionaliteit en zetten we preventief in op het voorkomen van zwaardere en duurdere zorg in de maatwerkvoorzieningen.
Deze inzet wordt begin 2025 geëvalueerd en de evaluatie wordt gedeeld met uw raad. Deze middelen zijn beschikbaar voor één jaar (tot mei 2025). Voor de mogelijke continuering in 2025 (mei-dec) vragen wij uw raad op een later moment om aanvullend budget beschikbaar te stellen. 6.21 – Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Wmo Cliëntondersteuning De Wmo verplicht gemeenten om onafhankelijke cliëntondersteuning aan te bieden aan hun inwoners. Voor de uitvoering van de onafhankelijke cliëntondersteuning hebben we samen met de gemeenten Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk en Zundert een overeenkomst met WijZijn Traverse, MEE West-Brabant en Zorgbelang. Naast de professionele onafhankelijke cliëntondersteuning zijn er binnen de gemeente verschillende vrijwillige lokale cliëntondersteuners actief. Zij worden door ons gefaciliteerd in het volgen van de opleiding tot cliëntondersteuner. Ook in 2025 bieden we onze informele vrijwillige cliëntondersteuning extra ondersteuning en begeleiding door professionals en zetten we in op naamsbekendheid van zowel de professionele als vrijwillige cliëntondersteuners. Gemeenschappelijke Regeling Geweld in Afhankelijkheidsrelaties (GR GIA) In de Gemeenschappelijke Regeling Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en het Meldpunt Crisiszorg (GR GIA en MCZ) hebben de 14 gemeenten van West-Brabant hun samenwerking vastgelegd.
Binnen de GR hebben de gemeenten afspraken gemaakt over de financiering van de uitvoering van regionale GIA-taken en van het Meldpunt Crisiszorg. De gemeente Breda fungeert als centrumgemeente en stelt de middelen beschikbaar aan de uitvoerende organisaties. De bijdrage 2025 bedraagt voor ons € 335.158,00. Inloop ggz Om zwaardere problematiek te voorkomen wordt een zeer laagdrempelige inloop ggz voor mensen met lichte ggz problematiek georganiseerd. Bij deze inloop kunnen zowel mensen met problematiek als naasten terecht. Deze inloop heeft ook een preventief karakter om terugval te voorkomen. Indicatievrije dagbesteding Als we in willen spelen op de groter wordende ondersteuningsvraag is het noodzakelijk dat we onze huidige vormen van dagbesteding (deels) transformeren. Dit kan door middel van indicatievrije dagbesteding. Dit is een vorm van dagbesteding waarbij de doelgroep kan binnenlopen, zonder hier een indicatie voor aan te vragen bij de gemeente. Deze indicatievrije dagbesteding is in onze gemeente een nieuw product dat we willen gaan ontwikkelen in de vorm van een pilot en waarvan gedurende de looptijd getoetst moet worden of de voorziening bijdraagt aan de gemeentelijke doelstellingen.
6.22 – Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd Jeugdwet Op grond van de Jeugdwet zorgen we voor ondersteuning en jeugdhulp aan jeugdigen tot 18 jaar wanneer opvoeden en opgroeien op eigen kracht of met hulp vanuit het eigen sociaal netwerk niet of onvoldoende lukt. We zijn verplicht om voldoende en kwalitatief goede jeugdhulp beschikbaar te hebben die aansluit bij de behoeften van onze jeugdigen, hun verzorgers en gezin. Daarnaast geven we uitvoering aan de opgelegde
47
jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen. Voor de uitvoering van de Jeugdwet wordt in regionaal D9 verband samengewerkt en op sommige vlakken op bovenregionale, provinciale en landelijke schaal. In 2025 gaan we ons preventief aanbod en algemene voorzieningen op het gebied van jeugd meer afstemmen in samenspraak met onze jeugd en hun ouders/verzorgers. We werken meer integraal samen binnen het Sociaal domein en onze partners. 6.23 – Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Integraal Suite4Regie Een integrale aanpak en planmatig werken in een veilige online omgeving zijn noodzakelijk. Om de integrale afstemming (gegevensdeling) te vergemakkelijken en de efficiëntie binnen de integrale toegang te verbeteren, is het wenselijk dat alle professionals binnen de uitvoering van het sociaal domein in één systeem werken. De applicatie Suite4Regie biedt hiervoor de oplossing. Suite4Regie ondersteunt gemeenten bij integrale ketensamenwerking volgens de werkwijze één gezin, één plan en één regisseur. Daarnaast biedt dit systeem een oplossing voor de samenwerking met andere partijen, zowel intern als extern. De implementatiekosten kunnen we uit bestaande middelen bekostigen (€ 40.708,00). De structurele kosten, € 21.007,00, worden deels (voor € 9.600,00) gedekt uit het budget schuldhulpverlening.
De claim in de Kadernota 2025 voor het restant, € 11.407,00, is verwerkt in de meerjarenbegroting. Gemeenschappelijke Regeling Geweld In Afhankelijkheidsrelaties (GIA) verbouwing Safegroup (eenmalig) De stichting Safegroup is al langere tijd bezig met de planvorming voor een algehele renovatie van het pand van de vrouwenopvang. De vrouwenopvang is een regionale voorziening waar we met 14 gemeenten verantwoordelijk voor zijn. De verbouwing is al van start gegaan en voor 2024 heeft de gemeente Breda de kosten gedekt. Voor de jaren 2025 en 2026 zijn de deelnemende gemeenten verzocht om bij te dragen aan de verbouwingskosten van de vrouwenopvang. De bijdrage voor ons bedraagt € 87.157,00 in 2025 en € 47.266,00 in 2026. 6.3 – Inkomensregelingen Wanneer inwoners onvoldoende inkomen of vermogen hebben om in hun levensonderhoud te voorzien en ze ook niet in aanmerking komen voor een andere uitkering, komen ze in aanmerking voor een bijstandsuitkering. Hiermee kunnen inwoners de periode overbruggen totdat ze weer betaald werk hebben. Inwoners zijn zelf verantwoordelijk voor het vinden van een baan, maar het Werkplein kan hierbij ondersteunen. Wanneer betaald werk (nog) geen mogelijkheid is, wordt gekeken naar andere mogelijkheden om wel deel te nemen aan de samenleving. De bijdrage aan het Werkplein voor de kosten van bedrijfsvoering bedraagt voor ons € 1.668.387,00.
Armoedebestrijding Wanneer ouders onvoldoende inkomen hebben om voor hun kind (sport)kleding, een fiets, zwemlessen, bepaalde schoolkosten of een hobby te bekostigen, kunnen zij een Kindpakket aanvragen bij Stichting Leergeld. Gezinnen met een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm kunnen deze pakketten aanvragen. Daarnaast verwachten we in 2025 ook een regeling te hebben opgezet voor volwassenen om te kunnen sporten. Zo kunnen ook zij ondanks te weinig inkomen deelnemen aan sportactiviteiten. Verder gaan we eind 2024 in gesprek met Voedselbank Etten-Leur over een mogelijke bijdrage vanuit onze gemeente. Zij hebben namelijk aangegeven niet langer alleen uit eigen gelden/sponsoring rond te kunnen komen. Momenteel verzorgen zij voor zo’n 46 huishoudens uit onze gemeente wekelijks voedselpakketten. Schuldhulpverlening Gemeenten zijn op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening verantwoordelijk voor het ondersteunen van hun inwoners bij het vinden van passende oplossingen voor hun schulden. Deze ondersteuning omvat verschillende vormen en fases. Fase 1, de intake- en stabilisatiefase, is bedoeld om inzicht te krijgen in de schuldensituatie en rust te creëren voor de inwoner. Samen met de gemeentelijke schuldhulpverlener wordt hierna gekeken welke interventies nodig zijn. Soms kan de inwoner, eventueel met behulp van budgetcoaching dit zelfstandig.
Zo niet, dan wordt de inwoner in overleg aangemeld voor een schuldhulpregeling, ook wel fase 2 genoemd. Deze wordt voor ons uitgevoerd door Kredietbank Nederland. Naast het bieden van de mogelijkheid tot ondersteuning zijn gemeenten verplicht om inwoners die bij hen in beeld zijn gekomen vanwege meerdere betalingsachterstanden, zoals zorgverzekering en huur, actief een
48
schuldhulpaanbod te doen. In onze gemeente gebeurt dit via de aanpak ‘Vroeg Eropaf Rucphen’. Afhankelijk van het signaal wordt een inwoner per brief, telefonisch of door een huisbezoek een schuldhulpaanbod gedaan. 6.4 – WVS en beschut werk WVS WVS geeft uitvoering aan de Wet sociale werkvoorziening, Beschut Werken en ontwikkeltrajecten voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Met de invoering van de Participatiewet is de instroom in de Sociale Werkvoorziening (SW) afgesloten. Degenen die een SW-dienstverband hadden, blijven hun rechten behouden. Dit betekent een geleidelijke afbouw van het SW-bedrijf WVS. De bijdrage aan WVS bedraagt voor Rucphen € 839.485,00. Ketensamenwerking In samenwerking met ISD Brabantse Wal en het Werkplein Hart van West-Brabant ontwikkelt WVS zich tot het leerwerkbedrijf van West-Brabant. Binnen deze ketensamenwerking is het maatschappelijke doel om inwoners optimaal ondersteuning te bieden bij hun ontwikkeling naar werk of participatie.
In 2024 doen de drie organisaties een onderzoek naar de toekomst van de uitvoering van de Participatiewet in de regio West-Brabant West. De verwachting is dat dit onderzoek in het eerste kwartaal van 2025 wordt afgerond. Op basis van de uitkomsten kunnen de negen gemeenten hierover een weloverwogen besluit nemen. 6.5 – Arbeidsparticipatie Participatiewet Het doel van de Participatiewet is dat iedereen die kan werken aan het werk is en door een eigen inkomen (of vermogen) voorziet in zijn levensonderhoud. Op grond van wet- en regelgeving zijn er verschillende ondersteuningsmogelijkheden om doorstroom richting arbeidsmarkt te bevorderen. Dit kan bijvoorbeeld door jobcoaching, proefplaatsing of tijdelijke loonkostensubsidie, maar ook door scholing of een indicatie banenafspraak. Ook voor startende ondernemers bestaan passende mogelijkheden. Kledingbank Rucphen Op 1 maart 2023 opende De Kledingbank Rucphen haar deuren. In de kledingbank zijn inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt aan de slag, met als doel zich te ontwikkelen richting een plek op de arbeidsmarkt. Daarnaast kunnen inwoners die leven rond het sociaal minimum elke maand per gezinslid een gratis pakket van kleding en woontextiel uit komen zoeken. De projectfase van De Kledingbank Rucphen is verlengd tot 1 juli 2026.
In het proces rondom de Kadernota 2026 en Begroting 2026 dient een besluit te worden genomen over het behoud van deze voorziening. 6.60 – Hulpmiddelen en diensten (Wmo) We bieden ondersteuning die bijdraagt aan de zelfredzaamheid van de participatie van personen met een fysieke beperking of chronische psychische of psychosociale problemen. Het kader hiervoor bestaat uit de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, de Verordening maatschappelijke ondersteuning (2023) en Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 2024 Gemeente Rucphen. Deeltaxi Begin 2025 gaat het nieuwe contract voor het Kleinschalig Collectief Vervoer (KCV) in. Vanaf 2025 kunnen alleen cliënten met een indicatie reizen met de deeltaxi en niet meer met het OV tarief . In tegenstelling tot de eerder behandelde begroting is de huidige begroting bijgesteld op basis van het aanbestedingsresultaat. Dit resulteert voor ons in een kostenverlaging van € 84.200,00. Het OV-tarief is een verantwoordelijkheid van de provincie, in de nieuwe provinciale OV concessie zal blijken wat het alternatief hiervoor is.
49
6.711 – Hulp bij het huishouden (Wmo) Huishoudelijke ondersteuning Inwoners die het huishouden niet (helemaal) zelf meer kunnen doen, kunnen een aanvraag indienen bij de gemeente voor huishoudelijke ondersteuning. Het huidige contract loopt door in 2025. 6.712 – Begeleiding (Wmo) Begeleiding en dagbesteding Wij geven ondersteuning via de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). Gemeenten zijn wettelijk verantwoordelijk voor de ondersteuning van mensen die niet op eigen kracht zelfredzaam zijn. Het gaat daarbij b.v. om groepsbegeleiding (dagbesteding) en individuele begeleiding. Wij werken hierin samen met de De6 gemeenten: Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal en Zundert. 6.713 – Dagbesteding (Wmo) Op 1 januari 2023 is het nieuwe contract Wmo Begeleiding ingegaan, hieronder valt ook de dagbesteding (met indicatie) op de steunpunten in onze dorpen. We hebben ervoor gekozen om eerst de effecten van dit contract te monitoren alvorens een pilot indicatievrije dagbesteding te starten. Zodat we beter in beeld hebben waaraan behoefte is en wat nodig is. We gebruiken 2024 en mogelijk een gedeelte van 2025 om gesprekken te voeren met onze maatschappelijke- en ondersteuningspartners over óf en hoe we een pilot indicatievrije dagbesteding gezamenlijk kunnen opzetten in 2025.
6.714 – Overige maatwerkarrangementen (Wmo) Waspunt Wasverzorging valt onder de WMO-voorziening huishoudelijke ondersteuning (HO). Om de druk op de HO te verlichten, hebben wij eind 2012 het waspunt opgericht, gevestigd in Rucphen. Cliënten HO, die niet zelf kunnen wassen en strijken, kunnen gratis gebruik maken van het waspunt. De bekostiging van het waspunt wordt verzorgd door de deelnemende gemeenten: Etten-Leur, Moerdijk, Halderberge, Zundert en Rucphen. 6.751 – 6.763 & 6.792 Jeugdhulp Regionaal De Jeugdwet richt zich onder andere op ondersteuning van onze jeugdigen en hun ouders/verzorgers daar waar er opvoedings- en ontwikkelingsproblematiek speelt. Deze ondersteuning wordt geboden via (lokaal) preventief aanbod, ondersteuning door een jeugdprofessional of wanneer zwaardere zorg nodig is, door de inzet van een jeugdzorgaanbieder. Sinds 2022 vormt de Regiovisie jeugdhulp West-Brabant West 2022-2025 de basis voor de invulling van het regionale stelsel. Daarnaast is er op regionaal niveau aandacht voor de acties die volgen uit de landelijk vastgestelde Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028. Lokaal De Regiovisie bevat ook een lokale paragraaf, waarin onze gemeentelijke uitgangspunten zijn opgenomen. Deze zijn verder uitgewerkt in het lokaal uitvoeringsplan 2024-2025.
Het uitvoeringsplan reikt verder dan alleen jeugdhulp; het richt zich ook op ons preventief aanbod, algemene voorzieningen die bijdragen aan zo gezond en veilig mogelijk opgroeien tot zo zelfstandig mogelijke volwassenen. Daarnaast werken we integraal samen met sport, onderwijs, jeugdgezondheidszorg, jongerenwerk en het veiligheidsdomein. Kosten Al vanaf 2018 is er een stijgende lijn in de kosten voor niet-vrij-toegankelijke jeugdzorg (zorg in natura (ZIN), landelijk transitie arrangement (LTA), jeugdzorg plus, persoonsgebonden budget (PGB), jeugdbescherming en reclassering). Vanwege de landelijke ontwikkelingen is er nog geen zicht op stabilisatie. Daarnaast hebben we in 2023 geconstateerd dat de diverse indexeringsmaatregelen en het toegenomen zorggebruik hebben gezorgd voor een overschrijding van de budgetten. Dit werkt verder door in volgende jaren. In de Kadernota 2025 is daarom een claim opgenomen van € 300.000,00 vanaf 2025, welke in deze begroting is verwerkt. In de periode tussen de kadernota en begroting zijn prognoses van de bestedingen op (niet vrij-toegankelijke) jeugdzorg gemaakt voor 2024. De prognoses geven aanleiding om het budget in 2024 fors te verhogen. Uw raad is hierover per brief geïnformeerd. In de begroting 2025 was in eerste instantie € 5.4 mln. opgenomen, inclusief de claims uit Kadernota 2025.
Met de nieuwe informatie over 2024, lijkt dit bedrag niet langer reëel. Als we een correctie toepassen voor eenmalige kosten en excessen is een aanvulling van minimaal
50
€ 400.000,00 structureel nodig voor een realistische raming. Ook deze aanvulling is meerjarig in deze begroting verwerkt. JeugdzorgPlus Sinds 2024 wordt, conform de opdracht van het Rijk, ingezet op een verdere af- en ombouw van JeugdzorgPlus. In 2025 kopen de drie jeugdhulpregio’s, net als in 2024, 36 plekken in bij Almata, bestaande uit 24 gesloten en 12 hybride plekken. Uiteindelijk wordt het aantal plekken op een verantwoorde en duurzame manier verder afgebouwd naar 24 plekken. Daarnaast wordt gewerkt aan het ontwikkelen van een alternatief aanbod om jeugdigen met ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen een passende plek te kunnen bieden. 6.791 – PGB Wmo Persoonsgebonden budget (pgb) Huishoudelijke Ondersteuning en Begeleiding Een persoonsgebonden budget (pgb) is een bedrag waarmee iemand zelf zorg of ondersteuning inkoopt. Iemand die een pgb krijgt, bepaalt zelf welke zorgverleners zorg of ondersteuning geven, waar en wanneer. De ramingen voor de pgb’s voor de Wmo Huishoudelijke Ondersteuning en Wmo Begeleiding zijn aangepast aan de laatste bekende werkelijke uitgaven. 6.811 - Beschermd wonen (Wmo) 6.812 - Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo) Beschermd wonen In de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) is bepaald dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor het bieden van Beschermd Wonen (BW) en Maatschappelijke Opvang (MO).
Wij werken sinds 2015 op basis van een convenant samen met de gemeenten Bergen op Zoom, Roosendaal, Steenbergen, Woensdrecht en Halderberge op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. De budgetten voor BW en MO worden verstrekt aan de 43 centrumgemeenten. Bergen op Zoom is één van deze centrumgemeenten. Momenteel wordt beschermd wonen doorgecentraliseerd. In de Norm van Opdrachtgeverschap van de VNG staat dat gemeenten ook na de doordecentralisatie van beschermd wonen regionaal moeten blijven samenwerken. Om deze reden is een centrumregeling opgesteld. Deze centrumregeling vervangt het huidige convenant en voldoet aan de Norm voor Opdrachtgeverschap. Het voornemen is om in 2025 de centrumregeling in te laten gaan. Maatschappelijke opvang, verslavingszorg en (Openbare Geestelijke Gezondheidszorg) OGGZ, blijven de komende jaren nog een taak van de centrumgemeenten. Wet verplichte ggz De Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) regelt het verlenen van verplichte zorg aan mensen met een psychische aandoening. Verplichte zorg is nodig als er door de psychische aandoening gevaar (ernstig nadeel) is of dreigt voor de persoon zelf of anderen. Wijk GGZ-er Wij zijn wettelijk verantwoordelijk voor de opvolging van de niet acute politiemeldingen van mensen met verward gedrag (e33 meldingen).
Dat betekent dat we op een melding (na triage door het meldpunt crisiszorg) meteen moeten gaan handelen. Als gemeente hebben we ook de opgave om steeds meer bijzondere doelgroepen (lees: personen met een GZ-problematiek en/of verward gedrag) op lokaal niveau op te nemen (is ook een wettelijke taak). Om deze processen goed te laten verlopen hebben wij onder andere sinds enkele jaren de functie van Wijk GGZ-er ingekocht bij GGZ Westelijk Noord-Brabant. 6.821 - Jeugdbescherming 6.822 - Jeugdreclassering Gemeenten zijn niet alleen verantwoordelijk voor de ondersteuning bij (lichte) opvoedings- en ontwikkelingsproblematiek van jeugdigen en/of hun ouders maar ook voor de jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsketen. Het doel is om jeugdigen en gezinnen eerder, beter en duurzaam te beschermen in onveilige opgroei- en opvoedsituaties. Jeugd: Tarieven Gecertificeerde instellingen (GI’s) Per 1 januari 2024 gelden voor de Gecertificeerde instellingen landelijk vastgestelde tarieven. Deze tarieven hebben bij gelijkblijvend zorgverbruik in 2024 een kostenverhogend effect van ruim € 103.000,00. Naar
51
verwachting werkt dit structureel door, daarom is voor dit bedrag een claim ingediend in de Kadernota 2025 en deze is verwerkt in deze begroting. 6.91 – Coördinatie en beleid Wmo Contractbeheer Wmo Vanaf oktober 2022 (Huishoudelijke Ondersteuning) en januari 2023 (Begeleiding) zijn er nieuwe regionale contracten Wmo. Het contractbeheer wordt uitgevoerd door inkoopbureau Karel i.s.m. de Wmo De6. Contractbeheer bestaat met name uit relatiebeheer en contractmanagement en het monitoren van de uitvoering door zorgaanbieders volgens de contractuele afspraken Hulpmiddelen Wmo Wij hebben een regionaal contract Hulpmiddelen, met name rolstoelen en scootmobielen. Dit contract wordt beheerd door een regionale contractmanager. Om dit contract en de klanttevredenheid te monitoren, is er een dashboard ingericht. Net als de afgelopen jaren wordt consequent bewaakt of voldaan wordt aan de contractvoorwaarden en de klanttevredenheid. 6.92 - Coördinatie en beleid Jeugd Regionale veiligheidsteams Gemeenten hebben van het Rijk de opdracht gekregen dat zij in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd investeren in het stelsel om zo uiteindelijk op langere termijn een besparing in zorgkosten te realiseren. Dit doen we onder meer door (op regionale schaal) te investeren in het ontwikkelen van regionale veiligheidsteams. De kosten hiervoor zijn voor onze gemeente in 2025 geraamd op € 70.000,00.
Het Rijk verwacht dat met deze investering (duurdere) zorg kan worden voorkomen. 1.6.5.
Beleidsindicatoren
Banen per 1.000 inwoners 15-64 jaar 900,0
795,0
800,0
836,6
824,7
805,1
795,7
700,0 600,0 500,0
451,1
448,5
453,9
465,9
469,8
400,0 300,0 200,0 100,0 0,0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland
bron : CBS - Bevolkingsstatistiek / LISA - bewerking ABF research | 2019 - 2023
*Banen: Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners.
52
Jongeren met een delict voor de rechter percentage 1,2 1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0 0,0 2018
2019
2020 Rucphen
2021
2022
Nederland bron : CBS Jeugdmonitor | 2018 - 2022
*Jongeren met een delict voor de rechter: Het percentage jongeren (12 t/m 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen.
Achterstand onder jeugd - kinderen in uitkeringsgezin percentage 8,0 7,0 7,0 6,0
6,0
6,0
6,0
6,0 5,0 4,0
4,0
4,0
4,0
4,0
4,0 3,0 2,0 1,0 0,0 2018
2019
2020 Rucphen
2021
2022
Nederland bron : CBS - Jeugdmonitor | 2018 - 2022
*Kinderen in uitkeringsgezin: Percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Minimaal 1 lid van het huishouden ontvangt een bijstandsuitkering.
53
Achterstand onder jeugd - werkloze jongeren percentage 2,5 2,0
2,0
2,0
2,0
2,0 1,5 1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0 0,5 0,0 2018
2019
2020 Rucphen
2021
2022
Nederland bron : CBS - Jeugdmonitor | 2018 - 2022
*Werkloze jongeren: Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Polis administratie.
Netto arbeidsparticipatie percentage 74,0
73,1
73,0
72,2
72,0 71,0
70,4
70,0
69,6
70,0 69,0 68,0
67,5
69,8
69,4
70,1
68,0
67,0 66,0 65,0 64,0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland bron : CBS Arbeidsdeelname (gemeente) | 2019 - 2023
*Netto arbeidsparticipatie: het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).
54
Personen met een bijstanduitkering per 10.000 inwoners 500,0
459,7
431,2
450,0 381,7
400,0 350,0
366,7
300,0 250,0
344,8
316,3 254,7 205,1
204,0
201,9
200,0 150,0 100,0 50,0 0,0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland bron : CBS - Re-integratie | 2019 - 2023
*Personen met een bijstandsuitkering: Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015).
Lopende re-integratievoorzieningen per 1.000 inwoners van 15 - 64 jaar 250,0 199,1
196,2
200,0 150,0
197,7
121,2
197,7
127,7
191,5
126,8
100,0 50,0
47,7
60,7
0,0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland bron : CBS - Re-integratie | 2019 - 2023
*Lopende re-integratievoorzieningen: Onze gemeente biedt voorzieningen aan zoals scholing, werk of begeleiding om re-integratie (terugkeer naar werk) mogelijk te maken.
55
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo per 10.000 inwoners 800
710
700
680
700
580
600 500
700 640
480
450
430
400 300 200 100 0 2019
2020
2021 Rucphen
2022
2023
Nederland
bron : CBS - Gemeentelijke monitor sociaal domein Wmo | 2018 - 2022
*Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo: Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
Jongeren met jeugdhulp percentage van alle jongeren tot 18 jaar 18,0 16,0
16,5
16,3
15,7
13,5
13,4
13,2
14,0 12,0 10,0 8,0 6,0 4,0 2,0 0,0 2021
2022 Rucphen
2023
Nederland bron : CBS - indicatoren jeugdzorg in natura | 2021 - 2023
*Jongeren met jeugdhulp: Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp. Jeugdhulp is hulp bij psychische hulpvragen, een verstandelijke beperking en/of opvoedproblemen. Jeugdhulp is bedoeld voor kinderen en jongeren tot 18 jaar, soms tot 23 jaar
56
Jongeren met jeugdbescherming percentage van alle jongeren tot 18 jaar 1,8
1,6
1,6
1,4
1,4
1,2
1,2
1,2
1,1
1,1
1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0 2021
2022 Rucphen
2023
Nederland bron : CBS - indicatoren jeugdzorg in natura | 2021 - 2023
*Jongeren met jeugdbescherming: Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt wanneer een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jongere in de leeftijd van 0 tot 18 jaar (ernstig) wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet (voldoende) helpt.
Jongeren met jeugdreclassering percentage van alle jongeren tot 18 jaar 0,4 0,3
0,3
0,3
0,3
0,3 0,3 0,2 0,2 0,1 0,1 0,0 2021
2022 Rucphen
2023
Nederland bron : CBS - indicatoren jeugdzorg in natura | 2021 - 2023
*Jongeren met jeugdreclassering: Een jongere die met de politie in aanraking is geweest en een procesverbaal heeft gekregen, kan jeugdreclassering opgelegd krijgen. Jeugdreclassering is een vorm van jeugdzorg waarbij de jongere wordt geholpen, begeleid en gecontroleerd. Het doel van jeugdreclassering is om in samenwerking met ouder(s) of netwerk, het gedrag van de jongere te veranderen en recidive te voorkomen.
57
1.7.
Programma 7: Volksgezondheid en milieu
1.7.1. Beoogd maatschappelijk effect Een duurzame en gezonde leefomgeving. 1.7.2. Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Afspraken uit het hoofdlijnenakkoord Naar een gezonde generatie We hechten belang aan een gezonde leefstijl voor alle inwoners. In het lokaal Preventieakkoord hebben we de krachten gebundeld om een stap te zetten naar een gezond en vitaal Rucphen. We voeren dit verder uit. Naar een duurzame gemeente Rucphen wil op termijn energie- en klimaatneutraal zijn. We volgen daarin het landelijk tempo. We geven uitvoering aan de Regionale Energiestrategie, de gemeentelijke visies op zonne- en windenergie en duurzaamheid en de Transitievisie warmte. We richten ons in eerste instantie op zonne-energie. De windprojecten en de aanvragen hiervan komen eerst pas na 2030 mogelijk in beeld. Activiteiten uit het collegewerkprogramma • We sluiten aan op bestaande initiatieven, zoals de Rookvrije generatie en Gezonde Generatie op de thema's overgewicht, alcohol en roken; • Voor het project ‘Kansrijke Start’ vormen we samenwerkingsverbanden; • We stellen een lokaal werkprogramma verslavingspreventie op en voeren dit uit; • We participeren in het opstellen van de Regionale Energie Strategie 2.0; • De opgave uit de transitievisie Warmte is het aardgasvrij maken van woningen en gebouwen in 2050 inclusief tussenstappen.
We voeren de transitievisie Warmte (Nationaal isolatieprogramma) uit; • We voeren de Regionale Energiestrategie, de gemeentelijke visies op zonne- en windenergie en duurzaamheid en de Transitievisie warmte uit; • We ondersteunen ontvankelijke aanvragen zon op dak/zon op veld; • We plaatsen zonnepanelen op gemeentelijke gebouwen; • We verduurzamen de gemeentelijk gebouwen; • We voeren activiteiten van de ‘Regeling Reductie Energieverbruik Woningen’ via het Regionaal Energie Loket uit; • We stellen het Beleid klimaatbestendig Rucphen op; • We maken beleid voor laadpalen, zodat we juiste afweging kunnen maken waar en hoeveel laadpalen gewenst zijn; • We voeren het GRP 2023-2026 uit: De projecten in de buitenruimte pakken we integraal op (dus gecombineerd beheer water/riolering, wegbeheer, groenbeheer en klimaat); • We implementeren de overgang naar Saver voor inzameling van het huishoudelijk afval 2022-2023 en het grondstoffencentrum.
58
1.7.3.
Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld
De baten en lasten die aan het programma verbonden zijn, zijn in onderstaande tabel per taakveld vermeld: Rekening 2023 Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria TOTAAL 1.7.4.
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
Begr. na wijz. 2024
Begroting 2025
1.418.352 -484.534 1.431.608 -2.551.060 2.102.937 -2.784.177 942.103 -232.151 86.396 -20.988
1.517.979 -452.795 1.840.866 -2.768.199 2.676.368 -3.410.547 4.359.239 -3.335.465 92.690 -26.534
1.495.787 -381.248 1.769.155 -2.850.685 2.543.234 -3.421.565 1.444.022 -426.374 66.529 -26.932
-91.514
493.602
211.923
De taakvelden
7.1 – Volksgezondheid Gemeentelijke gezondheidsdienst (GGD) Zorg voor de publieke gezondheid is vastgelegd in de Wet Publieke Gezondheid (WPG). Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering hiervan. Deze wet gaat over gezondheid beschermende en gezondheid bevorderende maatregelen voor de bevolking in algemene zin of voor specifieke (risico-)doelgroepen. Hieronder vallen ook de vaccinatieprogramma’s. Gemeenten hebben de wettelijke taak voor de lokale invulling en uitvoering. De uitvoering van de WPG hebben wij gelegd bij GGD West-Brabant. Wij nemen deel aan de Gemeenschappelijke Regeling GGD West-Brabant samen met 15 andere gemeenten. De 16 gemeenten dragen gezamenlijk de kosten van de GGD. Op grond van de begroting 2025 van GGD West-Brabant is een bijdrage van € 580.386,00 geraamd voor ons. Rijksvaccinatieprogramma Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bepaalt op landelijk niveau welke vaccinaties kinderen krijgen aangeboden. Gemeenten zijn formeel verantwoordelijk voor de uitvoering en bekostiging van deze vaccinaties. Voor Rucphen wordt dit uitgevoerd door Thuiszorg West Brabant (0 tot 4 jarigen) en GGD WestBrabant (4 jarigen tot 19 jarigen). Brede Regeling Combinatiefuncties/ buurtsportcoaches Via de Brede Regeling Combinatiefuncties (hierna BRC) zet de gemeente via cofinanciering van het Rijk in op buurtsportcoaches.
De buurtsportcoaches spelen en belangrijke rol bij het verwezenlijken van de ambities op sport- en preventiegebied in Rucphen. Daarnaast leveren zij een bijdrage aan verschillende projecten in het Sociaal Domein, zoals het Lokaal Sportakoord II. Op basis van de evaluatie die in 2024 heeft plaatsgevonden hebben wij u in de kadernota 2025 voorgesteld de inzet van de buurtsportcoaches voor een periode van twee jaar te verlengen. Deze verlenging is verwerkt in deze begroting. Hierbij gaat het om een tussenperiode. Voorafgaand aan een eventuele structurele invulling in de toekomst willen we eerst d.m.v. deze twee jaar beschikken over een representatieve periode om ontwikkelingen en resultaten te kunnen bepalen. De kosten voor de verlenging voor 2025 bedragen € 160.145,00 en in 2026 € 171.217,00. Deze bedragen zijn een inschatting op basis van de CAO Sport die nu van kracht is loopt tot en met 2025. De kosten kunnen worden bekostigd via de Brede Spuk, het restant budget uit 2024 en de reserve brede impuls combinatiefuncties. Op deze manier heeft het beschikbaar stellen van de middelen geen effect op de begrotingssaldi.
59
Regionale ambulancevoorziening (RAV) De Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening (RAV) Brabant Midden-West-Noord, waarin wij samen met 35 andere gemeenten participeren, verzorgt ons regionale ambulancevervoer. De opdracht hierbij is om een meldkamer in stand te houden, het verlenen of doen verlenen van ambulancezorg en het leveren van een bijdrage aan de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR). Het ambulancevervoer in de regio vindt plaats binnen de kaders van de op 1 januari 2014 ingevoerde bekostigingssystematiek voor de ambulancezorg. De RAV ontvangt geen gemeentelijke bijdrage, maar ontvangt middelen van de zorgverzekeraars. Uitgangspunt voor de begroting zijn de met de zorgverzekeraars overeengekomen prestatieafspraken. De RAV Brabant Midden-West-Noord heeft een sluitende begroting voorgelegd en er wordt geen gemeentelijke bijdrage voor 2025 gevraagd. Jeugdgezondheidszorg Gemeenten zijn op basis van de Wet publieke gezondheid ook verantwoordelijk voor de jeugdgezondheidszorg (JGZ) van 0 tot 19 jaar. Het doel van de jeugdgezondheidszorg is het bevorderen, beschermen en beveiligen van de gezondheid en de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van jeugdigen, zowel individueel als op populatieniveau. In onze gemeente is TWB verantwoordelijk voor de JGZ 0 tot 4 jaar en de GGD West-Brabant voor de JGZ 4 tot 19 jaar.
Deze diensten worden uitgevoerd door een team van jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen en consultatiebureau-assistenten. In 2026 loopt het contract met TWB af. Er is een regionale aanbesteding in voorbereiding die afgerond gaat worden in 2025. Vanuit de actielijn kansrijke start zijn wij in 2024 de pilot stevig ouderschap gestart met als doel kwetsbare zwangere/jonge ouders in een vroeg stadium preventief te kunnen ondersteunen om kindermishandeling te voorkomen. Wij zijn voornemens om deze pilot te verlengen tot 31 december 2025. De kosten worden gedekt vanuit de SPUK kansrijke start. 7.2 – Riolering Gemeentelijk Rioleringsprogramma (GRP) Uw raad heeft op 15 juni 2022 het Gemeentelijk Rioleringsprogramma 2023-2026 vastgesteld. Conform dit GRP wordt ingezet op klimaatmaatregelen om schade en overlast ten gevolge van wateroverlast zo veel mogelijk te beperken. Rioolbeheer wordt risicogestuurd uitgevoerd. Integraal werken is hierbij het uitgangspunt, omdat gecombineerde uitvoering van riool-, weg- en groenbeheer kosteneffectief is en minder overlast geeft voor verkeer en burger. De regionale samenwerking in water- en klimaatkring De Baronie en SWWB-verband wordt voortgezet en er wordt ingezet op participatie van inwoners. In de Programmabegroting 2024 is aangegeven dat jaarlijks bij de kadernota bekeken zal worden in hoeverre de indexering nog aansluit bij de CBS gegevens.
Op basis van de meest recente CBS gegevens zijn de investeringen met betrekking tot riolering in 2025 ten opzichte van de opgenomen investeringen 2025 uit de Programmabegroting 2024 aanvullend geïndexeerd met 6,4%. Het toepassen van deze indexeringscorrectie is ook van toepassing op de jaren daarna. In juli 2024 is € 500.000,00 provinciale subsidie toegekend voor klimaatadaptatie bij reconstructie Gagelrijzen; onder meer voor afkoppelen van regenwater in de openbare ruimte en via participatie. Deze subsidie heeft ervoor gezorgd dat de investeringen ten behoeve van dit project ten opzichte van de kadernota, per saldo, naar beneden zijn bijgesteld voor de jaren 2025 en 2026. Klimaatadaptatie Aan het lokaal klimaatbeleid ‘klimaatbestendig Rucphen”, vastgesteld november 2022, wordt ook in 2025 verder uitvoering gegeven. We vergroten de bewustwording onder inwoners en bedrijven middels communicatie en acties. Door aan te haken bij de uitvoering van de integrale projecten, stimuleren we bewoners om af te koppelen. We spelen in op landelijke ontwikkelingen waarbij het thema Water- en Bodem sturend een nog grotere rol gaat spelen. In 2025 start een nieuwe DPRA-cyclus. Het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) werkt aan de opgave om Nederland zo in te richten dat we de gevolgen van de toenemende hitte, droogte, hevige neerslag en overstromingen kunnen opvangen.
Het DPRA bevat een Deltabeslissing en een Deltaplan. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (2018) werd de afspraak gemaakt dat alle gemeenten, waterschappen, provincies en het
60
Rijk een DPRA-stresstest uitvoeren. De tweede DPRA-cyclus (2025) en dus de uitvoering van de volgende ronde stresstesten, volgt op de nieuwe KNMI-klimaatscenario’s van 2023. Dit wordt binnen de regionale samenwerking de Baronie (Klimaatkring) opgepakt. Binnen het project Gebiedsgerichte aanpak ‘Molenbeek’ zetten we in samenwerking met het Waterschap en de gemeente Roosendaal (na de verkenningsfase die in 2024 is uitgevoerd) de stappen naar uitvoering om te komen tot een klimaatrobuuste inrichting van het stroomgebied de Molenbeek en de Rucphense Bossen. 7.3 – Afval In de wet Milieubeheer is aangegeven dat gemeenten verplicht zijn huishoudelijk afval in te zamelen. In het Landelijk Afval Plan 2 (LAP2) zijn aanvullende doelstellingen en afspraken verwoord. Eén van de doelstellingen is het afval tegen een zo laag mogelijke kostprijs in te zamelen en te verwerken. In de Visie Duurzaamheid en de daarbij behorende Duurzaamheidsagenda is eveneens het thema “Afval en Grondstoffen” opgenomen. In 2025 willen we, op basis van een benchmark met andere gemeenten, het afvalbeleid van onze gemeente actualiseren. Inzameling huishoudelijk afval Ook in 2025 zal Saver N.V. in onze gemeente het (huis-)afval ophalen middels drie mini containers; restafval, papier en GFT-E. Voor wat betreft de huis aan huis afvalinzameling zullen er geen veranderingen zijn ten opzichte van 2024.
Afvalstoffenheffing Door middel van de afvalstoffenheffing worden de kosten doorberekend aan de huishoudens, waarbij 100% kostenverhaal het uitgangspunt is. Evenals bij de rioolheffing is voor de Afvalstoffenheffing in het BBV voorgeschreven op welke wijze de kostendekkendheid van een heffing inzichtelijk wordt gemaakt. Opvang van zwerfdieren Dierennoodopvang Arduin heeft aangegeven te willen stoppen met hun werkzaamheden. In regionaal verband wordt gezocht naar een passend alternatief. 7.4 – Milieubeheer Uitvoeringsmiddelen klimaat- en energiebeleid In 2025 ontvangen we € 425.174,00 o.b.v. de Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaaten energiebeleid (CDOKE) ofwel ‘Jetten-gelden’ als specifieke uitkering. Deze structurele middelen dienen voor minimaal 90% te worden ingezet voor apparaatskosten voor de uitvoering van klimaat- en energiedoelen. Hieronder vallen o.a. salarissen en sociale lasten voor ambtelijk personeel, kosten voor ingeleend personeel of het afnemen van technisch- of beleidsonderzoek. Daarnaast mag maximaal 10% van deze middelen gebruikt worden voor overige kosten die te maken hebben met de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid van de gemeente.
In ons geval zullen de middelen worden ingezet voor de uitvoering van het lokale klimaat- en energiebeleid en werkzaamheden die voortkomen uit de Transitievisie Warmte, de Visie op Zonne- en Windenergie, de Visie Duurzaamheid en het verder uitvoeren van de duurzaamheidsagenda. Er wordt in 2025 beleid voor e-laadpalen opgesteld, waarbij een afweging wordt gemaakt in de gewenste aantallen en aansluitingen. Ook de kansen bij nieuwbouwontwikkelingen worden hierbij betrokken. Nationaal Isolatieprogramma - Soortenmanagementplan (SMP) Een SMP is nodig om de uitvoering van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) betaalbaar te houden. Voor bijna iedere vorm van woningisolatie moet namelijk een ecologisch onderzoek worden uitgevoerd dat voor een woning afzonderlijk veel tijd en geld kost. De uitweg is om op gebiedsniveau een SMP op te stellen, waarmee kan worden gewaarborgd dat de populaties van beschermde diersoorten in stand blijven bij woningisolatie (zoals vleermuizen en gierzwaluwen die zich nestelen in daken en spouwmuren). Op basis van dit SMP kan vervolgens een generieke gebiedsontheffing worden verleend. In de 2e bestuursrapportage 2024 hebben we benoemd dat we invulling willen geven aan de voorbereiding van de aanbesteding van dit SMP door gezamenlijk met zes gemeenten een projectteam in te huren.
De verwachting is dat deze voorbereiding eind maart 2025 is afgerond en de aanbesteding kan worden uitgezet. In het tijdpad dat daarna volgt zit nog een behoorlijke onzekerheidsmarge, wegens afhankelijkheid van verschillende factoren. Indien alles zonder problemen verloopt zou volgens onze huidige inschatting tussen juli 2025 en juni 2026 het veldwerk kunnen worden uitgevoerd door een ecoloog. Hiermee kan tussen april 2026
61
en september 2026 een SMP worden opgesteld. Op basis hiervan kan een generieke gebiedsontheffing worden aangevraagd waarmee we volop aan de slag kunnen met de uitvoering van het NIP. In de tussentijd kan vanaf de uitvoering van het ecologisch onderzoek alvast gedeeltelijk met de uitvoering van het NIP worden gestart onder een zogenaamde pre-SMP systematiek en kunnen we ook al gedeeltelijk aan de slag onder de regels van de Landelijke Aanpak die door de Rijksoverheid zijn gepubliceerd. Het projectteam bekijkt momenteel op welke wijze hier alvast mee kan worden gestart. Ook zal een kostenraming worden gemaakt voor de uitvoering van het SMP (eenmalig) en de monitoringsverplichting die hieruit voorkomt (structureel). Op basis van deze raming kunnen wij vervolgens in kaart brengen in hoeverre dit uit de aankomende Specifieke uitkering (SPUK) voor het SMP kan worden betaald en in hoeverre aanvullende bekostiging benodigd is vanuit andere budgetten zoals de CDOKE-middelen. Aanpak energiearmoede Voor de aanpak van energiearmoede zoeken we continu naar de juiste balans tussen zorgvuldigheid (het bereiken van de juiste groep mensen die het meest geholpen worden met de aanpak) en snelheid (de urgentie is hoog). Met de aanpak van energiearmoede zetten we effectief in op het besparen van energie en het omlaag brengen van de energierekening.
Om energie te besparen zetten we, op grote schaal, in op het toepassen van concrete maatregelen in de woningen. Daarnaast willen we door middel van het stimuleren van gedragsverandering de inwoners adviseren over het omlaag brengen van het energieverbruik. Voor de aanpak op grotere schaal loopt momenteel de uitvoering van een Europese aanbesteding waarmee we inzetten op energie-fixteams. Deze uitvoering is met 6 maanden verlengd en zal nu eindigen in april 2025, na het stookseizoen. Deze energie-fixteams passen kleine energiebesparende maatregelen toe bij woningen met een laag energielabel en hoog energiegebruik. Deze aanpak betreft een combinatie van koopwoningen en huurwoningen van Thuisvester. Daarnaast gaan we ook werken met een witgoed-regeling voor een specifieke doelgroep binnen het huurdersbestand van Thuisvester, namelijk de huurders die al in een goed geïsoleerde woning wonen (waarbij energiebesparende maatregelen dus weinig effect meer hebben) maar die toch hulp kunnen gebruiken om de energierekening te verlagen. In het kader van gedragsverandering zetten we in op voorlichtingsacties, informatieavonden en de inzet van lokale energiecoaches. Inmiddels zijn er twee energiecoaches actief binnen de gemeente en is het streven om deze poule van vrijwilligers uit te breiden.
Deze energiecoaches zullen huisbezoeken op afspraak uitvoeren bij inwoners die behoefte hebben aan meer advies en ondersteuning over het onderwerp energiebesparing. Om uitvoering te geven aan de aanpak energiearmoede hebben we tot en met 2025 € 781.602,00 aan specifieke Rijksmiddelen ter beschikking. In het laatste kwartaal van 2024 zullen we van start gaan met de witgoed-regeling, welke door zal lopen tot en met het eerste kwartaal van 2025. Na de evaluatie van de witgoed-regeling en met de afloop van de inzet van de energie-fixteams, zullen we bepalen hoe de resterende middelen het beste ingezet kunnen worden voor de verschillende oplossingsrichtingen. Het uiteindelijke reactieratio tijdens de inzet van de energie-fixteams is hier namelijk een bepalende factor in. Regionale Energiestrategie (RES) 2.0 Aan het begin van 2025 wordt de RES 2.0 aan uw raad voorgelegd ter besluitvorming, waarna aan de slag wordt gegaan met het opstellen van het concrete uitvoeringsprogramma in de loop van 2025. De RES 2.0 is een herijking van de RES 1.0 waarin voorstellen worden gedaan over de energietransitie in WestBrabant en wat waar een plek gaat krijgen in de regio. Hiermee geven we vorm aan het energiesysteem van de toekomst, waarbinnen vraag en aanbod (van elektriciteit en warmte) op elkaar worden afgestemd.
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant De Omgevingsdienst heeft als missie om als een verlengstuk van het lokaal en provinciaal bestuur een bijdrage te leveren aan een leefbare en veilige werk- en leefomgeving voor de regio. Doelstellingen hierbij zijn het verder verbeteren van de dienstverlening, kwaliteit en veiligheid en een eenduidige en gelijke behandeling van bedrijven en burgers. De taken die wij door de Omgevingsdienst laten uitvoeren bestaan uit verplichte taken (landelijke basistaken), verzoektaken en collectieve taken, allen gerelateerd aan de activiteit milieu.
62
De landelijke basistaken moeten wij verplicht door de Omgevingsdienst laten uitvoeren en bestaan voornamelijk uit vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu. De verzoektaken bestaan hoofdzakelijk uit adviezen en onderzoeken die de omgevingsdienst voor onze gemeente uitvoert op het gebied van veiligheid, luchtkwaliteit, geluid, bodem, energie, afval(water) en asbest. De collectieve taken worden uitgevoerd ten behoeve van alle deelnemers. Dit wordt vormgegeven in een Gemeenschappelijk Uitvoeringskader (GUK). Hierin wordt onder andere een gezamenlijke werkwijze en prioritering vormgegeven voor de aanpak van gemeentegrenzen overschrijdende milieuproblemen, de schadelijke effecten hiervan (op gezondheid, veiligheid, duurzaamheid) en milieucriminaliteit. 7.5 - Begraafplaatsen en crematoria In de Wet op de Lijkbezorging is geregeld dat elke gemeente tenminste één gemeentelijke begraafplaats heeft. Wij beschikken over twee gemeentelijke begraafplaatsen, te weten aan de Kerkstraat te Rucphen en de Kaaistraat te St. Willebrord. Daarnaast is in elk kerkdorp, met uitzondering van Rucphen, een bijzondere begraafplaats, die door het kerkbestuur beheerd wordt. Het reguliere groenonderhoud op de gemeentelijke begraafplaatsen is bij het Werkvoorzieningsschap ondergebracht. Alle andere werkzaamheden op de begraafplaatsen worden in eigen beheer uitgevoerd.
In de ‘Verordening lijkbezorgingsrechten’ zijn de verschuldigde rechten voor het gebruik maken van de gemeentelijke begraafplaatsen vastgesteld. 1.7.5.
Beleidsindicatoren
Percentage bekende hernieuwbare elektriciteit percentage 45,0
41,3
40,0 33,1
35,0 30,0
26,9
25,0
20,0
17,5
20,0 15,0
12,8
10,3
10,0 5,0
19,1
4,3
6,8
0,0 2018
2019
2020 Rucphen
2021
2022
Nederland bron : berekening | 2018 - 2022
*Hernieuwbare energie, ook wel duurzame of groene energie genoemd, is energie afkomstig van natuurlijke bronnen die constant worden aangevuld. Dit is energie uit wind, waterkracht, zon, bodem, buitenluchtwarmte en biomassa.
63
Omvang huishoudelijk restafval kg per inwoner 175
172
171
170 165 160
162
164
163
159
155
150
148
150
148 144
145 140 135 130 2018
2019
2020 Rucphen
2021
2022
Nederland bron : CBS | 2018 - 2022
*Omvang huishoudelijk restafval: Het aantal kilogram niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval.
64
1.8.
Programma 8: Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing
1.8.1. Beoogd maatschappelijk effect Het is goed wonen in Rucphen; aantrekkelijk en leefbaar. 1.8.2. Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Afspraken uit het hoofdlijnenakkoord Bevorderen lokale binding We zetten in op een aantrekkelijk en gevarieerd woningaanbod. We gaan de komende periode nadenken voor wie, wat en waar we willen bouwen. We willen inwoners graag de mogelijkheid bieden om in de gemeente Rucphen te blijven wonen of er naar terug te keren. Hiervoor creëren we voldoende mogelijkheden. Hierbij actualiseren we de Woonvisie. Hierbij nemen we de regie. Optimaliseren dorpskernen De kernen vormen het kloppend hart van de dorpen. We verkennen de mogelijkheden voor het optimaliseren ervan. Huisvesten arbeidsmigranten en statushouders Arbeidsmigranten zijn niet meer weg te denken bij onze bedrijven en zijn nodig voor de economie. We zetten in op goede huisvesting voor deze doelgroep op de daarvoor meest geschikte locaties. Hiervoor trekken we samen op met gemeenten in de regio.
Activiteiten uit het collegewerkprogramma • We stellen een Omgevingsvisie 2.0 op en werken deze uit in een omgevingsplan; • We actualiseren de Woonvisie; • We maken de realisatie van pré-mantelzorgwoningen mogelijk; • We geven uitvoering aan ruimtelijke initiatieven voor woningbouw met als doel de bouw van zoveel mogelijk woningen; • We onderzoeken een ruimere opzet van het Omgevingsplan om meer mogelijk te kunnen maken voor ruimtelijke initiatieven en minder procedures als gevolg hiervan; • We onderzoeken de mogelijkheden voor strategisch grondbeleid; • We betrekken deze ambitie expliciet bij de uitwerking van de omgevingsvisie 2.0; • We benutten kansen en projecten uit het IP en ontwikkellocaties om hier uitvoering aan te geven; • We onderzoeken de mogelijkheden van een flexibel woonconcept voor knelpunten op de woningmarkt. 1.8.3.
Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld
De baten en lasten die aan het programma verbonden zijn, zijn in onderstaande tabel per taakveld vermeld: Rekening 2023 Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen TOTAAL
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
Begr. na wijz. 2024
Begroting 2025
961.677 -384.541 4.232.038 -4.670.121 1.273.534 -526.356
1.471.340 -796.580 2.738.565 -2.386.363 1.807.752 -1.103.394
780.299 -244.542 2.223.731 -2.127.368 1.618.578 -562.557
886.230
1.731.320
1.688.141
65
1.8.4.
De taakvelden
8.1 - Ruimtelijke ordening Omgevingswet: van bestemmingsplan naar omgevingsplan De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Vanaf dat moment gebruiken gemeenten een tijdelijk omgevingsplan als basis voor het beoordelen van ruimtelijke plannen. Dit tijdelijke plan bestaat uit al bestaande ruimtelijke plannen, een aantal lokale regels en een set regels van de Rijksoverheid, die 'de bruidsschat' wordt genoemd. Deze bruidsschat bevat landelijke regels die nu aan gemeenten worden overgedragen en uiteindelijk een plek moeten krijgen in het definitieve omgevingsplan. Gemeenten hebben tot en met 2031 de tijd om dit tijdelijke omgevingsplan om te zetten naar een definitief plan. In dat definitieve omgevingsplan staan de gemeentelijke regels voor activiteiten die de fysieke leefomgeving beïnvloeden. Denk bijvoorbeeld aan het bouwen van een woonwijk, wat de indeling van een gebied verandert, of het kappen van bomen, wat ervoor zorgt dat een omgeving minder groen wordt.
Acties 2025 - 2031 De transitie van bestemmingsplan naar omgevingsplan bestaat uit de volgende stappen: Voorbereiding (2025-2026) Aanbesteding (2025) Selectie stedenbouwkundig adviesbureau (2025) Inventarisatie (2025) Totstandkoming regelset omgevingsplan (2025 en 2026) Integratie gemeentelijke verordeningen (>2025) Milieuregels in omgevingsplan (> 2025) Functietoedeling (>2025) Procedure (2027 t/m 2031) Nadat de voorbereiding is afgerond zal het gemeentelijke omgevingsplan worden opgesteld en in procedure worden gebracht. Omdat dit omgevingsplan voor de hele gemeente geldt, verwachten we dat we de tijd tot en met 2031 nodig hebben voordat het plan definitief en volledig van kracht is. Omgevingswet: functioneren landelijk Digitaal stelsel Omgevingswet Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) werkt nog steeds niet helemaal zoals het zou moeten. Dit systeem zou één digitaal loket moeten bieden waar je vergunningen kunt aanvragen, de geldende regels per locatie kunt opzoeken en (in de toekomst) informatie over de kwaliteit van de fysieke leefomgeving kunt vinden. Zonder een goed werkend DSO kan de Omgevingswet niet goed worden uitgevoerd. Om te voorkomen dat de ontwikkeling van plannen en gebieden vertraging oploopt door de problemen met het DSO, is er een Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM) ingevoerd.
Deze TAM’s zullen later, zodra het DSO goed functioneert, alsnog aan de eisen van de Omgevingswet moeten voldoen. Omdat het niet duidelijk is wanneer de problemen met het DSO worden opgelost, moet er rekening worden gehouden met mogelijke aanpassingen, wat kan leiden tot extra ICT-kosten. Omgevingswet: personele gevolgen De Omgevingswet brengt nieuwe rollen en taken met zich mee. Onder deze wet wordt het maken en beheren van het gemeentelijke omgevingsplan een samenwerking tussen verschillende disciplines: techniek (digitale bestanden), inhoud (juridische regels), en dienstverlening (het vertalen van regels naar begrijpelijke taal). Een belangrijke taak hierbij is dat de (juridische) regels moeten worden gekoppeld aan specifieke locaties op de kaart. Wij hebben daarom een geospecialist en een regelanalist nodig. De geospecialist weet hoe geografische informatie aan regels moet worden gekoppeld en speelt een cruciale rol bij de dienst "regels op de kaart", waarmee inwoners en bedrijven de geldende regels per locatie kunnen bekijken. De regelanalist zorgt ervoor dat de regels duidelijk en toepasbaar zijn en werkt samen met de geospecialist en de planjurist om de regels in het omgevingsplan goed te beheren.
66
Dit is extra belangrijk omdat er onder de Omgevingswet één omgevingsplan geldt voor de hele gemeente, in plaats van de meerdere bestemmingsplannen die er vroeger voor verschillende delen van onze gemeente waren. Dit nieuwe omgevingsplan is veel meer gebaseerd op digitale (geo)data dan voorheen. Voor de inzet van een geo-specialist is in de begroting voor 2025 een vast budget van € 95.000,00 opgenomen. De rol van regelanalist zal worden ingevuld met de bestaande personeelscapaciteit. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Fazantendonk-Vosdonkseweg Voor de woningbouwontwikkeling aan de Fazantendonk-Vosdonkseweg is een stedenbouwkundige visie uitgewerkt. De voortgang van het project is vertraagd door het Didam-arrest en de aanhoudend hoge werkdruk voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Het plan is om deze gronden in 2025 te verkopen, met als voorwaarde dat de realisatie in overeenstemming is met het door ons vooraf vastgestelde woonprogramma. Kaaistraat-Valkendonk Wij zullen deze locatie zelf ontwikkelen of onder bepaalde voorwaarden aan een andere partij overdragen voor ontwikkeling. Het project zal in 2025 van start gaan. Kaaistraat-Verlengde Helakkerstraat De ontwikkeling van deze locatie, gelegen naast de begraafplaats aan de Kaaistraat, zal in 2025 van start gaan.
Wij zullen de locatie zelf ontwikkelen of onder bepaalde voorwaarden aan een andere partij overdragen voor ontwikkeling. Rucphense Vaartkant (Middengebied centrumplan Rucphen) De ontwikkeling van deze locatie is vertraagd door het Didam-arrest. Volgens dit arrest is een overheidsorgaan verplicht om concurrentieruimte te bieden bij de verdeling van schaarse rechten. Dit houdt in dat bij de uitgifte van grond doorgaans een openbare uitgifteprocedure moet worden gevolgd. Er loopt een onderzoek naar de vraag of de huidige procedure met de drie geselecteerde partijen kan worden voortgezet, of dat op basis van het Didam-arrest een openbare selectieprocedure noodzakelijk is. Afhankelijk van de uitkomst van dit onderzoek wordt de ontwikkeling in 2025 hervat. Snippergroen Het doel van het project snippergroen is het beëindigen van alle situaties van oneigenlijk grondgebruik binnen de gemeente. Dit kan door verkoop van de grond aan de gebruiker, door teruggave aan ons of door het succesvol een beroep doen op verjaring. In 2024 zijn alle situaties van oneigenlijk grondgebruik in beeld gebracht en is een plan van aanpak met een inschatting van kosten en opbrengsten opgesteld. In 2025 wordt het plan van aanpak al dan niet gewijzigd naar aanleiding van de evaluatie uitgevoerd.
Naar verwachting zijn de inkomsten uit de verkoop groter dan de kosten die gemaakt moeten worden om het plan van aanpak uit te voeren. 8.3 - Wonen en bouwen Volkshuisvestingsprogramma In 2024/2025 wordt het volkshuisvestingsprogramma opgesteld en in het eerste kwartaal van 2025 voor besluitvorming aan uw raad voorgelegd. Dit programma is het belangrijkste instrument binnen de Wet versterking regie volkshuisvesting en vervangt de woonvisie. Het programma wordt onderdeel van de beleidscyclus van de Omgevingswet. In het volkshuisvestingsprogramma staat beschreven waar, hoeveel, en voor wie er de komende jaren gebouwd zal worden. Na de vaststelling van het programma wordt begonnen met de uitvoering. De wettelijke verplichting om een volkshuisvestingsprogramma te hebben, gaat in vanaf 2026. Arbeidsmigranten In de tweede helft van 2024 is in de regio West-Brabant gestart met het opstellen van een gebiedsgerichte aanpak arbeidsmigratie. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan het afsprakenkader arbeidsmigranten WestBrabant uit 2021. De gebiedsgerichte aanpak zorgt voor een verbeterde regionale samenwerking in het netwerk waarbinnen een arbeidsmigrant zich beweegt. Dit traject loopt door in 2025. De gemeentelijke aanpak arbeidsmigratie wordt bepaald in samenhang met de gebiedsgerichte aanpak en het volkshuisvestingsprogramma.