05b Programmabegroting 2025
Tekst van het document
ruim voldoende
C
1.0-1.4
voldoende
D
0.8-1.0
matig
E
0.6-0.8
onvoldoende
F
<0.6
ruim onvoldoende
De gepresenteerde ratio is zowel van toepassing op het begrotingsjaar 2025 als op de jaren 2026 t/m 2028 van de meerjarenraming, omdat alle toekomstige mutaties op de Algemene reserve, waarover besluitvorming door uw raad heeft plaatsgevonden, zijn doorgerekend. Het verloop van het ratio is gepresenteerd in onderstaande tabel. Verloop van het ratio weerstandsvermogen Rekening 2022
Begroting 2024
Rekening 2023
Begroting 2025
ratio weerstandsvermogen
3,1
3,6
3,3
4,0
ratio weerstandsvermogen (gecorrigeerd)
2,0
2,1
2,0
2,9
ratio:
Kengetallen Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van een provincie of gemeente. Om de kengetallen te bepalen is gebruik gemaakt van de geprognosticeerde balans 2025. Voorgeschreven is dat de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing de volgende kengetallen bevat: Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) De netto schuldquote geeft de hoogte van de schulden van gemeente Rucphen aan ten opzichte van de totaal baten. Het percentage gecorrigeerd voor alle verstrekte geldleningen geeft aan hoeveel schulden zijn doorgeleend aan derden. De schuldquote geeft daarmee een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft aan in hoeverre de gemeente Rucphen voldoende eigen vermogen bezit om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeente. Grondexploitatie Aan grondexploitatie kunnen risico’s verbonden zijn, door bijvoorbeeld herwaardering. Het percentage grondexploitatie geeft aan of de gemeente Rucphen relatief veel grond heeft en daardoor veel risico loopt.
Voor het percentage grondexploitatie geldt: hoe lager dit percentage, hoe beter.
92
Structurele exploitatieruimte Dit percentage geeft aan of de gemeente Rucphen voldoende structurele baten heeft om haar structurele lasten te dekken. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Voor het percentage structurele exploitatieruimte geldt: hoe hoger dit percentage, hoe beter. Belastingcapaciteit De hoogte van de belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Het geeft aan op de gemeente Rucphen relatief veel belastingen heft en of er ruimte om deze belastingen te verhogen. Als dit percentage laag ligt, betekent het dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. Of dit wel of niet gebeurt is een beleidskeuze.
Kengetallen weerstandsvermogen en risicobeheersing (prognose) Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Netto schuldquote
35,5%
50,2%
56,0%
49,4%
46,1%
41,3%
Netto schuldquote (gecorrigeerd)
35,1%
49,8%
55,2%
48,2%
44,5%
39,7%
Solvabiliteitsratio
55,3%
48,0%
46,5%
41,6%
39,2%
36,5%
Grondexploitatie
9,3%
1,2%
5,1%
0,7%
-1,3%
-2,2%
Structurele exploitatieruimte
4,2%
2,7%
1,7%
-0,9%
-0,2%
0,1%
Belastingcapaciteit
90,4%
90,4%
94,9%
90,6%
86,5%
82,5%
Kengetallen:
Kengetallen weerstandsvermogen en risicobeheersing (prognose) Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Netto schuldquote
A
A
A
A
A
A
Netto schuldquote (gecorrigeerd)
A
A
A
A
A
A
Solvabiliteitsratio
A
B
B
B
B
B
Grondexploitatie
A
A
A
A
A
A
Kengetallen:
Structurele exploitatieruimte
A
A
A
C
C
A
Belastingcapaciteit
A
A
A
A
A
A
93
Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Gewaarborgde geldleningen De gemeente Rucphen staat in 2025 garant voor een 4-tal geldleningen voor sportverenigingen. Het bedrag waarvoor garant gestaan wordt is per 1 januari 2025 € 220.686,00. Het oorspronkelijke bedrag van deze leningen bedroeg € 602.500,00. De hypotheken met een door onze gemeente gegarandeerde hypothecaire geldlening zijn in 2024, naar verwachting, uitgefaseerd. Er worden geen nieuwe rechtstreekse hypotheekgaranties meer verstrekt. Tot slot is er een ongelimiteerde achtervangovereenkomst met Thuisvester voor 24 leningen met een schuldrestant van ruim € 212,6 miljoen euro. Deze portefeuille bestaat uit fixe leningen, die volledig worden afgelost aan het einde van de looptijd. nr. doel
geldnemer
Sport 1 Financiering v.d. bedrijfsvoering 2 Nieuwbouw schietbaan 3 Renovatie 6 tennisbanen 4 Aanleggen 2 padelbanen
R.K.S.V. Rood-Wit De Koningsschutters TV de Bocht TV de Bocht
% borg
100% 100% 100% 100%
Totaal
bedrag
01-jan
31-dec
60.000 400.000 92.500 50.000
20.922 136.548 18.494 44.722
18.918 116.548 9.244 41.389
602.500
220.686
186.099
2024 24 212,6 95,0
2023 20 162,6 85,6
2022 17 130,2 79,3
Garanties i.v.m. woningbouw Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) Aantal leningen Schuldrestant (x € 1 mln.) Toegerekend bedrag
2025 24 212,6 95,0
94
5.3
Onderhoud kapitaalgoederen
Algemeen Integraal beheer openbare ruimte In 2016 is uw raad voorgesteld middelen beschikbaar te stellen om het gewenste beeldkwaliteitsniveau B aan te kunnen houden (scenario ‘toekomstvisie 2030’). Bij amendement op het raadsvoorstel (14 december 2016) voor deze middelen is door uw raad besloten om de realisatie van dit scenario af te laten hangen van de financiële mogelijkheden. Met het vaststellen van het wegenbeleid, door uw raad in december 2023 voor de periode 2024 – 2028, zijn voor de disciplines Wegen, Riolering en Groen alle beleidsplannen geactualiseerd. De extra middelen voor het wegonderhoud zijn opgevoerd in de Kadernota 2025 en ongewijzigd in deze begroting opgenomen. Met deze middelen moet voldaan kunnen worden aan het gewenste beeldkwaliteitsniveau B (CROW). Wegen Op grond van de Wegenwet is de gemeente verplicht om een beheer/beleidsplan vast te stellen. In de raadsvergadering van december 2023 is het wegenbeleid voor de periode 2024 – 2028 door uw raad vastgesteld. Hierin is integraal werken het uitgangspunt. Er wordt gecombineerd onderhoud gepleegd aan zowel wegen, water als riolering. Daarnaast zijn ook de uitgangspunten; duurzaamheid en kosten efficiëntie in dit plan verwerkt. Dit plan gebruiken we eveneens om de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s op te stellen op basis van de keuze voor kwaliteitsniveau B (conform CROW).
Gemiddeld worden de wegen tweemaal per drie jaren visueel geïnspecteerd, waarna de resultaten (de onderhoudstoestand van de wegen) worden vastgelegd in het softwarepakket t.b.v. het wegenbeheer. Op basis van objectieve criteria wordt vervolgens bepaald wanneer bepaalde wegvakken voor onderhoud of reconstructie in aanmerking komen. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. De financiële consequenties welke samenhangen met het beheerplan wegen worden toegelicht in hoofdstuk 1 van deze programmabegroting onder taakveld 2.1 – verkeer en vervoer. Riolering Uw gemeenteraad heeft op 15 juni 2022 het Gemeentelijk Rioleringsprogramma 2023-2026 vastgesteld. Het rioolbeheer wordt risicogestuurd uitgevoerd, waarbij integraal werken het uitgangspunt is. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Een gecombineerde uitvoering van riool-, weg- en groenbeheer is kosteneffectief en geeft minder overlast voor onze inwoners. Verder wordt ingezet op klimaatmaatregelen om schade en overlast als gevolg van wateroverlast zo veel mogelijk te beperken. De regionale samenwerking in water- en klimaatkring De Baronie en Samenwerking Water West-Brabant (SWWB) wordt voortgezet en er wordt ingezet op participatie van inwoners. De reguliere voortgang op het gebied van het (financiële) beheer, investeringen en onderhoud is toegelicht onder taakveld 7.2 – riolering.
Groen De inrichting en het beheer van het gemeentelijk groen vindt plaats conform de uitgangspunten van het groenbeleidsplan ‘Groen R’ (2022), het groenbeheerplan ‘Groene Vingers’ (2022) en het boombeleid ‘BOOM’ (2021). Met het groenbeleid 'Groen R' en het groenbeheerplan 'Groene Vingers' wordt het groen binnen onze gemeente, zowel in de dorpen als in het buitengebied, gewaardeerd en geborgd. We streven de komende jaren naar een duurzame ontwikkeling van het groen. De aspecten gebruiks-, belevings-, en toekomstwaarde zijn hierbij drie bepalende pijlers. Uitgangspunten hierbij zijn het behouden en versterken van de groenstructuur, het vergroten van de biodiversiteit en het klimaat-adaptief maken van de gemeente. Om het vastgestelde beeldkwaliteitsniveau B te bereiken en te behouden werken we vanaf 2023 voor het groenbeheer en -onderhoud op basis van een beeld- en frequentiebestek. Voor het uitvoeren van de
95
werkzaamheden zetten we de WVS-groep en commerciële partijen in. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Gebouwen De gemeentelijke gebouwen en objecten zoals gemeenschapshuizen, sport- en zwemaccommodaties zijn in onderhoud en beheer van de gemeente. Het onderhoud vindt plaats aan de hand van het meerjaren onderhoudsplan (MJOP). Het gewenste kwaliteitsniveau is dat onze objecten zich in een redelijke tot goede staat van onderhoud bevinden. Dit houdt in dat we kleine bouwkundige en installatietechnische gebreken herstellen en regulier onderhoud uitvoeren aan de diverse elementen die (cyclisch) onderhoud nodig hebben. In januari 2021 is op basis van deze uitgevoerde conditiemetingen het meerjaren onderhoudsplan geactualiseerd en vervolgens door uw raad op 29 september 2021 vastgesteld voor de jaren 2022 t/m 2031. In dit onderhoudsplan wordt op basis van urgentie verdere invulling gegeven om de staat van onderhoud de komende jaren op het gewenste doelmatige niveau te houden. Voor 2025 is voor structureel onderhoud voor 18 objecten € 399.242,00 aan uitgaven voorzien.
96
5.4
Financiering
Algemeen Op grond van de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) zijn de gemeenten verplicht twee treasuryinstrumenten op te stellen. Dit zijn het treasurystatuut en de paragraaf financiering in de begroting en de jaarrekening. Het treasurystatuut is een nadere uitwerking van artikel 20 Financieringsfunctie uit de ‘Verordening financieel beleid, beheer en organisatie (artikel 212 Gemeentewet) Rucphen 2023’. Op basis van artikel 20, lid 4 stelt het college van burgemeester en wethouders regels op ter uitvoering van de taken, bevoegdheden en de bijbehorende informatievoorziening omtrent de financieringsfunctie. In de financieringsparagraaf legt de gemeente de verwachtingen en het beleid voor de financieringsrisico's vast. De paragraaf geeft inzicht in het rentebeleid, het risicobeheer, de kasgeldlimiet, de financieringsbehoefte en de renterisiconorm. Rentebeleid We trekken tegen een zo laag mogelijk rentepercentage financieringsmiddelen aan. Voor financiering tot één jaar zijn dit kasgeldleningen. Langlopende financiering vindt plaats op de kapitaalmarkt tegen concurrerende rentetarieven. Hierbij houden we ons aan de normen zoals deze zijn opgenomen in de Wet fido. Omdat financieringsmiddelen veelal worden aangetrokken ten behoeve van het doen van investeringen zullen de nieuw aan te trekken geldleningen een looptijd kennen van circa 25 jaar.
Bij het aangaan van een geldlening maken we een afweging tussen financieringsovereenkomsten welke rentevast zijn en financieringsovereenkomsten met een conversiebepaling zodat na verloop van tijd, in het algemeen na 10 jaar, de lening kan worden geconverteerd naar een lager rentepercentage. Kasgeldlimiet De financiering met kasgeld is geregeld binnen de kasgeldlimiet die is voorgeschreven in de Wet fido. De wettelijke norm bedraagt 8,5% van het totaal van de jaarbegroting (de totale lasten op de begroting) van het openbare lichaam bij aanvang van het jaar. Dit betekent dat het maximale bedrag dat in 2025 met kasgeld (korter dan één jaar) gefinancierd mag worden 8,5% x € 80.283.605,00 = € 6.824.106,00 bedraagt. Financieringsbehoefte Wij ramen het volgende verloop van de liquiditeiten gedurende de planperiode:
Omschrijving
Saldo 1 januari Saldo kasstroom uit operationele activiteiten Saldo kasstroom uit investeringsactiviteiten Saldo kasstroom uit financieringsactiviteiten Aan te trekken langlopende leningen
2025
1.570.744 5.071.836 -12.192.019 -2.115.288 7.000.000
2026
2027
2028
-664.726 2.618.258 -8.645.416 -2.543.958 9.000.000
-235.843 2.449.056 -7.916.056 -3.071.502 8.000.000
-774.345 2.976.316 -6.882.961 -3.537.162 8.000.000
Op basis van de recent geactualiseerde liquiditeitenplanning zullen we in de periode 2025 – 2028 afgerond 32,0 miljoen aan geldleningen moeten aantrekken. Waar nodig maken we gebruik van kasgeldleningen tot maximaal de kasgeldlimiet. Onze leningenportefeuille ziet er dan (geprognosticeerd) als volgt uit:
Omschrijving Stand lening op 1 januari 2025 Nieuwe leningen Reguliere aflossingen Stand leningen op 31 december 2025
Bedrag 37.760.000 7.000.000 -2.080.000 42.680.000
97
Risicobeheer We zijn ons bewust van de renterisico’s bij financiering op lange termijn. Bij een stijgende renteontwikkeling zullen wij tijdig de afweging maken om te komen tot het aantrekken van financieringsmiddelen voor de langere termijn. Ook voor de bestaande geldleningen zijn we alert op mogelijkheden voor renteconversie. Op deze manier kunnen we optimaal profiteren van de renteontwikkeling. Renterisiconorm De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Het doel van deze norm is dat gemeenten in enig jaar niet meer dan 20% van hun begrotingstotaal (looptijd langer dan 1 jaar) mogen converteren. Deze zekerheid is ingebouwd in de wet Fido om te voorkomen dat de gemeente met te grote negatieve renteschommelingen geconfronteerd wordt en de nadelige gevolgen daarvan moet kunnen opvangen binnen de begroting. Per 1 januari 2025 heeft de gemeente Rucphen, ter financiering van haar operationele en investeringsactiviteiten, een restant aan langlopende schulden van € 37.760.000,00. Het renterisico daarvan blijft ruim binnen de norm van 20% van het begrotingstotaal. Renterisiconorm
2025
1a Renteherziening op vaste schuld o/g
0
1b Renteherziening op vaste schuld u/g
0
2 Netto-renteherziening op vaste schuld (1a -/- 1b)
0
3 Aflossingen
2.080.000
4 Renterisico op vaste schuld (2 +/+ 3)
2.080.000
5 Begrotingstotaal 2025
80.283.605
6 Het normpercentage
20%
7 Renterisiconorm (5 x 6)
16.056.721
8 Ruimte onder risiconorm (7 -/- 4)
13.976.721
Rentetoerekening De rentekosten worden via een omslagmethode toegerekend aan taakvelden waar een boekwaarde van een investering voorkomt. In gevallen dat voor specifieke investeringen geldleningen worden afgesloten, mag de werkelijke rente worden doorbelast. Dat deel van de rentekosten blijft dan buiten de omslag. Wij hebben enkel geldleningen afgesloten voor algemene financiering. Dat betekent dus dat de rentekosten via omslag worden doorberekend. De omslagrente is bepaald op 0,57%. Renteresultaat Het renteresultaat is negatief. Dit komt omdat de toekomstige rentelasten nog niet toe te rekenen zijn aan taakvelden. Dat kan pas wanneer de investering daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en er sprake is van een boekwaarde.
Omschrijving Externe rentelasten Externe rentebaten Totaal door te berekenen rente Toerekening aan grondexploitaties Saldo door te rekenen rente Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente Renteresultaat op taakveld treasury
2025
2026
2027
2028
657.006 100.423 556.583 14.563 542.020 513.961 -28.059
770.759 100.346 670.413 4.215 666.198 514.622 -151.576
903.386 100.265 803.121 -1.167 804.288 517.182 -287.106
1.015.116 100.181 914.935 914.935 532.172 -382.763
98
5.5
Bedrijfsvoering
Organisatieontwikkeling De organisatie agenda is de basis Opgaven, ambities, rollen en taken veranderen continue. Dit vraagt om een organisatie die snel kan inspelen op de veranderende vraag uit samenleving en bestuur: een flexibele, wendbare organisatie met voldoende denken daadkracht. De organisatie agenda is de basis voor de ontwikkeling van onze organisatie. Een zogenaamd dynamisch document, dat zowel de koers, doelen én de uitvoering bevat. We volgen trends en ontwikkelingen op de voet. De strategie “samenwerken aan resultaat en mens” en de leidende principes zijn daarbij belangrijke sturingselementen. We actualiseren de organisatie agenda en zetten in op een goede afbakening van thema’s en activiteiten. Focus op een (kleiner) aantal opgaven geeft overzicht en leidt sneller tot resultaat. Belangrijk is om goede aansluiting te vinden bij de behoefte van bestuur, het managementteam en de medewerkers. Interne en externe profilering is nodig voor draagvlak, inzicht in wat we bereiken en successen vieren. Samenspel (samenwerken) De bedrijfscultuur bepaalt het samenspel in de organisatie. Kernwaarden, houding en gedrag, vertrouwen, verbinding en communicatie zijn belangrijke thema’s om te komen tot een familiaire, professionele cultuur. Het programma IkbenR blijft de “paraplu” voor verbinding, communicatie en intern aanbod van trainingen.
Het programma brengt samenhang in de diverse organisatie brede doelen en activiteiten. Een onderdeel is het werken aan integrale bewustwording op het gebied van integriteit, interne veiligheid, privacy en informatieveiligheid. We werken aan het collectief van leidinggevenden door middel van groeps- en individuele gesprekken en een aantal teamdagen per jaar. De focus ligt op integraal sturen, leiderschap, opdrachtgeverschap en eigen ontwikkeling. We gaan meer werken met opdrachtbeschrijvingen en het bijbehorende samenspel van bestuurlijk opdrachtgever, ambtelijk opdrachtgever en ambtelijk opdrachtnemer. Dit leidt niet alleen tot meer resultaat, maar draagt ook bij aan de weerbaarheid en eigenaarschap van medewerkers. Vraag en aanbod (resultaat en mens) Het strategisch samenbrengen van werk en mensen is een grote, complexe opgave. Aantrekkelijk werkgeverschap - voor het vinden en behouden van medewerkers - is voor de aanbodzijde een thema met hoge prioriteit. Strategische personeelsplanning, personeelsgesprekken, talentontwikkeling, introductie, arbeidsmarktstrategie en belonen en waarderen zijn instrumenten die we samenhangend inzetten en up-todate houden. De overgang naar HR21, een nieuw systeem voor het waarderen van functies, ronden we in 2025 af.
Eventuele meerkosten hebben we niet eerder dan eind 2024 inzichtelijk als het functieboek en de bijbehorende conversietabel zijn vastgesteld. Een belangrijk thema aan de vraagzijde is met plezier slimmer werken. We benutten de technologische ontwikkelingen (zoals inzet AI) en optimaliseren processen. We werken aan een centraal georganiseerde informatievoorziening, een efficiënte en effectieve bedrijfsvoering en een servicegerichte interne en externe dienstverlening. Ook kijken we waar we kunnen vereenvoudigen (meer pragmatisch doen en denken). Informatievoorziening en automatisering Dienstverlening en informatievoorziening De gemeenteraad heeft de visie op Dienstverlening en Informatievoorziening in 2020 verlengd naar de periode 2020 – 2025. In deze visie staat dat we onze dienstverlening willen doen vanuit een drietal kernwaarden: persoonlijk, toegankelijk en betrouwbaar. Het beleid voor dienstverlening en informatievoorziening is vastgelegd in het Programmaplan Dienstverlening en Informatievoorziening 2020-2025.
Belangrijke speerpunten, zoals vastgelegd in het Uitvoeringsprogramma Dienstverlening en Informatievoorziening, die we in 2025 gaan oppakken of verder uitwerken zijn: • Het opstellen van een meerjarig Dienstverlening en Informatievoorziening Programmaplan en Uitvoeringsplan over de periode 2026-2030 om zo te kunnen blijven voldoen aan de toenemende wettelijke, technische en organisatorische eisen op het gebied van digitaal informatiebeheer en databeheer. Zie claim programma 0: bestuur en ondersteuning; • Het opstellen en werken met een meerjaren onderhoudsplan/Meerjarenplanning t.b.v. I&A contracten; • Het up to date houden van onze kernapplicaties, waaronder het aanschaffen van een nieuw Personeels-, informatie- en salarissysteem (PIS-systeem) in 2025; • Het versnellen van de overgang van applicaties van onze servers naar de Cloud;
99
• •
Het opstellen van vraag- en antwoordscripts (FAQ’s) op veel gestelde klantvragen; In het kader van de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer (WMEBV) is het van belang om het aantal digitaal aan te vragen producten voor inwoners en bedrijven te vergroten en de processen te optimaliseren.
Informatieveiligheid Zie programma 0: Bestuur en ondersteuning. Archief- en informatiebeheer De “(voortgangs)rapportage Archiefinspectie” is een beoordeling van de kwaliteit van ons archief- en informatiebeheer door de archivaris van het West-Brabants Archief (WBA). Deze rapportage is door ons voorzien van een plan met concrete acties op deze aanbevelingen en de stand van zaken met betrekking tot de afhandeling van deze voorstellen. De belangrijkste acties in 2025 zijn: • Het overbrengen van digitale milieuvergunningen over de periode 1945-2010 naar het e-depot (elektronische archiefkluis) van het WBA. Hiermee worden deze milieuvergunningen digitaal toegankelijk voor burgers en bedrijven. • Het verder uitwerken en implementeren van en het communiceren over het Archievenoverzicht en het Handboek Kwaliteitscontrole met daarin aandacht voor gemeentebreed zaakgericht werken en aandacht voor de gemeentelijke informatiehuishouding. • Het in werking stellen van het Strategisch Informatie Overleg (SIO). Dit gaat onder andere adviseren over de vast te stellen Hotspotlijst (met daarop de te bewaren, belangrijke gemeentelijke gebeurtenissen) op basis van de eerder door het college vastgestelde Hotspotmonitor. Auditing en control Het boekjaar 2023 is het eerste jaar geweest waarbij het college een rechtmatigheidsverantwoording heeft opgenomen in de jaarrekening.
In de afgelopen periode hebben wij ons zoveel mogelijk voorbereid op de nieuwe werkwijze, onder andere door het beschrijven van de bedrijfsvoeringsprocessen en de analyse daarvan op basis van beheersmaatregelen en risico’s. Voor 2025 kijken we naar een integrale en brede kijk op governance waarbij de focus niet alleen komt te liggen op financiële rechtmatigheid, maar op een brede beheersing van de organisatie, ook op het gebied van informatiebeveiliging en privacyvraagstukken. Een eerste stap hiervoor is gezet door het positioneren van de Chief Information Security Officer (CISO) en het versterken van de control-functie. Rekenkamercommissie De gemeente Rucphen heeft samen met de gemeente Zundert een nieuwe Rekenkamer opgericht volgens het directeursmodel. Hierbij is een externe deskundige als directeur aangesteld, zonder benoeming van leden, en worden de onderzoeken uitbesteed. Na een Europese aanbestedingsprocedure is de heer Peter Struik van het bureau Partners+Propper benoemd tot directeur van de gezamenlijke Rekenkamer Zundert-Rucphen. In 2025 zullen de Rekenkamercommissie en de gemeenteraad gezamenlijk de onderzoeksonderwerpen bepalen. Deze samenwerking zorgt ervoor dat de onderzoeken aansluiten bij de beleidsdoelen en behoeften van de gemeente, en dragen bij aan de verbetering van de effectiviteit en efficiëntie van het gemeentelijk beleid.
Communicatie We willen een communicatief sterke organisatie zijn die actief contact zoekt met de gemeenschap. Onze aanpak is gericht op het vroegtijdig betrekken van belanghebbenden en het verzamelen van hun meningen over gemeentebeleid, projecten en activiteiten. Daarnaast moedigen we initiatieven van inwoners en organisaties aan en ondersteunen deze actief. Online Communicatie Wij zijn verantwoordelijk voor de verspreiding van relevant nieuws via diverse online kanalen. Wij zorgen ervoor dat dit nieuws begrijpelijk is voor alle doelgroepen en dat het zoveel mogelijk informatie bevat. Dit doen wij onder andere door links te bieden naar uitgebreide informatiepagina's op onze website. Daarnaast werken wij aan de doorontwikkeling van onze website. De voornaamste drijfveer is om deze gebruiksvriendelijker te maken voor onze inwoners. Denk bijvoorbeeld aan het toegankelijker maken van onze website. Het doel is om er voor te zorgen dat inwoners zo gemakkelijk mogelijk hun informatie kunnen vinden.
100
Interne communicatie. Wij zorgen ervoor dat collega’s makkelijk toegang hebben tot alle nodige interne informatie. We bieden deze informatie aan via ons intranet en coördineren de inhoud die vaak door verschillende vakafdelingen wordt aangeleverd. Participatie We zetten in op inwonersparticipatie; het betrekken van inwoners en organisaties bij onze eigen beleidskeuzes en uitvoerende projecten. Daarnaast zetten we ons de komende jaren ook in op het verder ontwikkelen van overheidsparticipatie. We actualiseren ons huidige participatiebeleid als gevolg van nieuwe wetgeving. Concreet betekent dit dat we ons de komende periode richten op het analyseren en scherp stellen van onze participatievisie, ons participatiebeleid en stellen we een nieuwe participatieverordening op. Huisvesting en facilitair In 2024 is de projectgroep ‘Samenwerken onder één dak’ van start gegaan. Reden hiervoor is het ontbreken van vastgelegde eisen en richtlijnen waar een externe partner als huurder en/of gebruiker van ons gemeentehuis aan moet voldoen en wie intern verantwoordelijk is voor het proces. Het doel van de projectgroep is het inzichtelijk maken van wie er allemaal gebruik kunnen maken van ons gemeentehuis, op welke plekken we dit aanbieden en welke kosten we hiervoor eventueel in rekening brengen. Het doel is om deze richtlijnen eind 2024 op te leveren en ze in 2025 in werking te laten treden.
In 2025 zullen eventuele consequenties op het gebied van contracten, kosten en inrichtingsvraagstukken hiervoor duidelijk worden.