Vraag Antwoord - Webinar voor raadsleden over Recreatiezonering Veluwe 3nov2021.pdf
Tekst van het document
Digitale informatiebijeenkomst (webinar) voor raadsleden Veluwse gemeenten over Recreatiezonering Veluwe 3 november 2021 Vragen & Antwoord document 1.
Is de Veluwe natuur of een recreatiezone? Oftewel wordt er niet teveel aandacht besteed aan het vergroten van de recreatiebeleving in plaats van het beperken van een "teveel" recreatie ten behoeve van de natuur zelf. We zoeken met recreatiezonering naar de juiste balans tussen natuur en recreatie. Rust bieden aan de natuur waar dat nodig is én zorgen voor goede natuurbeleving door recreatie te faciliteren. Met een goede balans behouden en versterken we de natuur terwijl we tegelijkertijd investeren in recreatiemogelijkheden die ook nodig zijn.
2. Het opstellen van een recreatieplan is één van de maatregelen in het N2000 beheerplan van de Veluwe. Welke andere maatregelen volgen nog en hoe vindt hierover besluitvorming plaats? Enkelvoudig of gebundeld? Het recreatiezoneringsplan één van de herstelprogramma’s vanuit het Beheerplan N2000 Veluwe. De andere deelprogramma’s gaan over het herstel van heide en stuifzand, bossen, vennen en venen, en beken. Aan deze deelprogramma’s wordt momenteel gewerkt. Gemeenteraden worden hier binnenkort nog over geïnformeerd via een nieuwsbrief aan de griffies. Bestuursrechtelijk zijn de herstelprogramma’s een beleidsuitwerking van het al vastgestelde Beheerplan N2000 Veluwe. Deze beleidsuitwerkingen worden vastgesteld door GS. 3. Kennen/krijgen deze overige maatregelen geen planologische procedures? De meeste maatregelen in het recreatiezoneringsplan zijn kleinschalige ingrepen: bijvoorbeeld het wegnemen van zgn. olifantenpaadjes, verplaatsen van paden en routes, aanpassing van padenstructuren. Hiervoor zijn geen procedures nodig. Dit soort maatregelen hoort bij het natuurbeheer. Sommige maatregelen hebben een grotere impact op de omgeving. Dat betreft de grotere investeringen in recreatieve kwaliteit. Bijvoorbeeld de aanleg van hondenvijvers en uitkijktorens. Voor deze maatregelen moet beoordeeld worden of ze vergunbaar zijn binnen de Wet Natuurbescherming.
In het recreatiezoneringsplan komen nog geen maatregelen voor waarvoor een planologische procedure in de vorm van een bestemmingswijziging nodig. Mocht dat wel aan de orde zijn dan is de gemeente daarvoor het bevoegd gezag. 4. Wat wordt er gedaan aan de specifieke roofdieren die de bodembroeders zien als een maaltijd, zoals de vos? Roofdieren zoals de havik en de vos jagen op vogels. We noemen dit predatie. Het aantal roofdieren op de Veluwe is de afgelopen decennia niet toegenomen, zo zijn er veel minder haviken dan 20 jaar geleden. Ook is het jachtbeleid op vossen niet veranderd, het kan wel zijn dat er afgelopen jaar iets minder is gejaagd dan anders. Omdat de natuurkwaliteit op de Veluwe achteruit is gegaan, is tegelijkertijd het aantal prooidieren verminderd. Soorten zoals de duif en het konijn komen tegenwoordig in veel kleinere aantallen voor en dienen daarom ook minder als prooi. Hierdoor wordt er door de roofdieren meer gejaagd op de beschermde soorten. De predatiedruk op die soorten is toegenomen. Om dit probleem aan te pakken worden door terreinbeheerders natuurherstelmaatregelen genomen die er voor moeten zorgen dat allerlei
soorten (niet alleen de beschermde vogelsoorten) weer meer voorkomen op de Veluwe. Deze natuurherstelmaatregelen krijgen vanuit het Beheerplan Veluwe de komende jaren een impuls. 5. We zouden het interessant vinden om te horen welke input van omwonenden heeft geleid tot aanpassingen in de plannen. Kunnen daar meer details over gedeeld worden? Tijdens het webinar zijn de gebiedsprocessen bij Kootwijk en omgeving en het Hulshorsterzand als voorbeeld genoemd. Voor beide gebieden is de recreatiezoneringskaart aangepast na inbreng van de omgeving. Er is gezocht naar een indeling waarmee toegang tot de terreinen vanuit de woonkernen behouden blijft. Op het Kootwijkerzand zijn de delen die gedurende het broedseizoen vrijgehouden worden van recreatie zover mogelijk van Kootwijk ingetekend. Direct rond het dorp worden in de bossen ook geen wijzigingen aan de padenstructuren aangebracht. Dit gebeurt op grotere afstand van het dorp. Op het Hulshorsterzand wordt gezocht naar extra mogelijkheden voor wandelingen dicht bij het dorp. Tevens blijft er ook tijdens het broedseizoen een wandel, fiets, mtb en ruitermogelijkheid bestaand door de kerm van het gebied. Daarmee blijven dus ook langere recreatierondjes mogelijk. 6.
Op welke manier gaan deze plannen helpen op plekken waar groepen recreanten 'elkaar in de weg zitten'? Het recreatiezoneringsplan is onderdeel van het denken over het recreatief gebruik van de Veluwe. De terreinbeherende organisaties hebben te maken met veel meldingen met klachten over mederecreanten. Het plan helpt bij het structureren van het denken over oplossingen en draagt er aan bij dat dit in onderlinge afstemming gebeurt. Terreineigenaren zoeken samen naar een goede geleiding van het recreatief gebruik. Daarnaast vormt het plan ook een fundament voor het denken over bestemmingsmanagement in de samenwerking Veluwe-op-1. 7.
Hoe is de inbreng voor het Hulshorsterzand geregeld? Het Hulshorsterzand is een belangrijk gebied voor zowel recreatie als natuur. Omdat er veel belangen spelen is er een gebiedsproces doorlopen waarin met inwoners, recreatieondernemers, lokale gebruikersgroepen en belangenorganisaties is samengewerkt aan de recreatiezonering. Het gebiedsproces was enerzijds gericht op het geven van duidelijkheid over het doel van recreatiezonering en de impact op het recreatief gebruik, en anderzijds op het betrekken van omwonenden, recreatieondernemers, lokale gebruikersgroepen en belangenorganisaties bij de zonering en de uitwerking ervan in maatregelen. Het gebiedsproces werd georganiseerd door de provincie Gelderland in nauwe samenwerking met de gemeente Nunspeet en Natuurmonumenten (terreineigenaar Hulshorsterzand). In de periode mei t/m september 2021 zijn op een 11-tal momenten bijeenkomsten georganiseerd en gesprekken gevoerd met bewoners, recreatieondernemers, buurtverenigingen en lokale gebruikersgroepen. Voor de uitkomsten van deze bijeenkomsten en gesprekken verwijzen we graag naar het concept Recreatiezoneringsplan, pagina 34 en de bijlage op pagina 80.
8. Ik heb het proces in Epe goed gevolgd, maar dat er meer inbreng voor de inwoners is gweeest, zoals de gedeputeerde stelt is mij niet bekend. Hoe is die inbreng dan geregeld of georganiseerd? De inbreng van bewoners heeft via 2 sporen plaatsgevonden: 1) in enkele gebieden is er een (intensief) gebiedsproces geweest waarbij de bewoners(vertegenwoordigers) e.a. partijen waren betrokken, bijvoorbeeld voor Kootwijk e.o. en voor het Hulshorster- en Beekhuizerzand. 2) voor alle andere gebieden zijn er Veluwebrede informatiebijeenkomsten gehouden waarvoor een uitnodiging naar alle dorpsraden en dorps- en buurtverenigingen is gestuurd. Individuele reacties zijn daarnaast binnen gekomen via onze website www.recreatiezoneringopdeveluwe.nl
9.
Er was sprake van inspraak in de tussenfase door diverse belangengroepen zoals bewoners en recreatieve bedrijven. Nu geeft de gedeputeerde aan dat er pas inspraak volgt na deze tussenfase oftewel op het concept plan. Waarom is die inspraak er niet geweest tijdens de tussenfase? Er is een verschil tussen de participatie die is georganiseerd in het afgelopen jaar en de formele mogelijkheid tot zienswijzen die begin 2022 wordt geboden. In het afgelopen jaar is met zoveel mogelijk stakeholders op de hele Veluwe gesproken over het zoneringsplan, dit is wat de gedeputeerde bedoelde met de tussenfase. De input die dat opleverde is meegenomen in de planuitwerking. Onderdeel van een zorgvuldig proces is dat hierna ook nog een formele gelegenheid tot zienswijzen wordt geboden.
10. En welke rol hebben de gemeenteraden in dit proces? De recreatiezonering is mede via ambtelijk en bestuurlijk overleg met de gemeenten tot stand gekomen. Voor een werkende recreatiezonering die ook zijn doorwerking heeft in andere onderdelen van het gemeentelijk beleid is het belangrijk dat ook raadsleden geïnformeerd zijn. Daar is dan ook in geïnvesteerd tijdens het proces. Uiteindelijk zal Gedeputeerde Staten het recreatiezoneringsplan vaststellen. Daarbij is er aandacht voor de inbreng van gemeenten. Daarvoor volgt GS de staatsrechtelijke indeling waarin het gemeentebestuur gesprekspartner van het provinciebestuur is. Reacties van gemeenten kunnen dus door B&W met GS gedeeld worden. Daarnaast geldt dat wanneer gemeenten zelf natuurterreinen bezitten en beheren zij hier ook zelf in de 'lead' zijn v.w.b. het aangeven van de gewenste zonering met bijbehorende maatregelen. 11. Wij, raadsleden van gemeente Renkum, hebben een paar aanpassingen gedaan op de voorgestelde plannen, deze motie is aangenomen door de raad. Wat gaat de provincie hier nu mee doen? De motie van de raad van Renkum is door B&W vertaald naar een brief aan GS. Via deze lijn zal Renkum geïnformeerd worden over de verwerking ervan. Inhoudelijk zullen wij nagaan of de in de motie opgenomen punten aanleiding geven tot aanpassing van de zoneringskaart. 12.
Klopt het dat de getoonde kaart verouderd is? Klopt, we hebben daarom een geüpdatete versie in de presentatie gezet; dit is de versie die ook op de website staat. Deze presentatie wordt tegelijk met dit vraag & antwoord document met u gedeeld. 13. Ik zie een Zone C rustgebied op het Beekhuizerzand, maar dit is een militairoefenterrein waar geen sprake is van rust weet ik uit ervaring. Zou dit niet Zone D moeten zijn? De Veluwe heeft, historisch gezien, een functie als militair oefenterrein. Een deel van deze oefeningen leidt niet tot ernstige verstoring. Dat is bijvoorbeeld het geval op schietkamp Harskamp waar sprake is van een grote soortenrijkdom. Er zijn echter ook delen van de Veluwe waar oefeningen wel tot schade van de verstoringsgevoelige natuur kan leiden. Het wel of niet toestaan van militair gebruik is de juridische bevoegdheid van de minister. Met de ontwikkeling van het recreatiezoneringsplan is duidelijk geworden dat ook de effecten van militaire oefeningen aandacht behoeft. Hierover zijn gesprekken gestart met het ministerie van Defensie en er is de afspraak gemaakt om gezamenlijk onderzoek te starten naar oefeningen als één van de verstoringsfactoren. Zie hiervoor ook pag. 46 van het concept recreatiezoneringsplan.
14. Ook op de heide in Ermelo wordt regelmatig door militairen oefeningen gehouden. Hoe wordt daar mee omgegaan? Zie antwoord op vraag 13. 15. Zijn er al grote gevolgen zichtbaar door zonering voor individuele bewoners en/of ondernemers (in praktische of financiële zin) en worden deze direct benaderd? Nee, bij het opstellen van de zoneringskaart is rekening gehouden met de ligging van recreatieparken, horeca en bestaande routenetwerken. De zoneringskaart en de maatregelen leiden er niet toe dat bedrijven of bewoners onbereikbaar worden. Er zijn gesprekken georganiseerd waarin ondernemers in gesprek met de provincie en de terreinbeheerder nagingen welke consequenties er zouden kunnen zijn voor de bereikbaarheid van de natuurterreinen vanaf hun bedrijven. Waar nodig zijn afspraken gemaakt over maatwerkoplossingen. 16. Is er nagedacht over de economische schade die dit plan met zich meebrengt? Denk aan mkb, hotels en recreatieve bedrijven? Ja, zie voorgaande bij vraag 15. In de gesprekken die met ondernemers zijn gevoerd wordt een groot bewustzijn zichtbaar van het belang van de natuur voor het recreatieve product dat wordt aangeboden. Er zijn ook ondernemers die bij de provincie aandringen op maatregelen. 17.
Is er zicht op de verdeling van stikstofschade, is die overal even groot? Zo nee, is dit ook meegenomen in de weegschaal van waar intensief of extensief gebruik wordt gepland? Bekend is dat de Veluwe als geheel te zwaar wordt belast door de stikstofneerslag (depositie) waardoor het bereiken van de N2000 natuurdoelstellingen bemoeilijkt wordt. De schade die die neerslag veroorzaakt kan per deelgebied wel iets verschillen afhankelijk van de specifieke lokale omstandigheden. Het stikstofprobleem is echter niet meegenomen bij het bepalen van de recreatieve zones, omdat dit laatste uitsluitend over het (dag)recreatieve gebruik van de natuurterreinen gaat en over het verminderen van de verstoring op de natuur die wordt veroorzaakt door de recreatie. 18. De nachtzwaluw neemt alleen maar in aantallen toe in de huidige situatie. Hoe verklaart u dat? Het gaat goed met de nachtzwaluw, zowel op de Veluwe als in Nederland. Er is sprake van een positieve trend. Als voornaamste verklaringen hiervoor worden klimatologische veranderingen in Afrika en Nederland gezien en de afname van zwavel in de lucht (verbetering luchtkwaliteit). De Veluwe is een belangrijk broedgebied voor de nachtzwaluw. Naar schatting broedt een derde deel van de nachtzwaluwen in Nederland op de Veluwe. Deze ontwikkeling willen we mede d.m.v. recreatiezonering ondersteunen. 19.
Waarom is er op het Hulshorsterzand gekozen voor een verlengd broedseizoen? Het sovon-onderzoek toont aan dat dit niet nodig is, de enige vogelsoort waar dit voor nodig zou zijn plust al in aantallen Door de terreinbeheerder Natuurmonumenten is om meerdere redenen gekozen voor een broedseizoen t/m augustus. We vragen de terreinbeheerder om de onderbouwing hiervan goed met de belanghebbenden te communiceren.