CConstaterende datRozendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief Stand van zaken Omgevingswet (09-10-4)

1.2 Raadsvergadering 21 september 2021, gemeente RozendaalBij agendapunt: Ingekomen stukken, terugkoppeling uit gemeenschappelijke regelingen en overige mededelingen2.067 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Onderwerp Stand van zaken voorbereidingen invoering Omgevingswet Adviseur Portefeuillehouder Datum

: R. Berendsen : S. Warmerdam : 19 augustus 2021

Aan de Raad Inleiding De afgelopen periode zijn er verschillende stappen gezet in het kader van de voorbereidingen voor de invoering van de Omgevingswet. Met deze raadsinformatiebrief willen wij u informeren over de laatste stand van zaken en op hoofdlijnen een beeld schetsen van de vervolgstappen. Het is hierbij niet de bedoeling om uitputtend te zijn in de alle stappen van de voorbereiding. De nadruk ligt op de onderdelen waarvoor besluitvorming van de gemeenteraad vereist is. Eind mei 2021 is duidelijk geworden dat de invoeringsdatum van de Omgevingswet die gepland stond op 1 januari 2022 vooralsnog is opgeschoven naar 1 juli 2022. Hierbij heeft de verantwoordelijk minister aangegeven dat het wel noodzakelijk is dat de laatste minimale functionaliteiten van de landelijke voorziening van het DSO, die nodig zijn voor inwerkingtreding, uiterlijk oktober 2021 gereed zijn en werken. De planning van de noodzakelijke werkzaamheden zijn erop gericht om op het moment van inwerkingtreding de noodzakelijke voorbereidingen afgerond te hebben, net als de andere gemeenten in de regio. In het kader van de invoering van de Omgevingswet zijn er verschillende besluiten die het college en de gemeenteraad moeten nemen om de wet goed uit te kunnen voeren. Sommige besluiten moeten genomen zijn voordat de wet in werking treedt, voor andere besluiten kan dat ook na inwerkingtreding.

In deze raadsinformatiebrief wordt (in aanvulling op de kadernota) voor een aantal (deel)onderwerpen de stand van zaken en de planning voor het vervolg aangegeven Uitgangspunt is dat de overgang zoveel mogelijk beleidsneutraal plaats zal vinden. Voorgesteld wordt om in het vierde kwartaal met een eerste informatiebijeenkomst te beginnen. Hiervoor is een planning opgenomen. In deze raadsinformatiebrief komen de volgende onderwerpen aan de orde: 1. Omgevingsvisie 2. Omgevingsplan 3. Herijking bestaand beleid 4. Participatie 5. DSO 6. Dienstverlening 7. Financiën 8. Planning

1. Omgevingsvisie

Pagina 1 van 5

Collegevoorstel

De omgevingsvisie is het overkoepelende verhaal waarin de grote lijnen van de voorgenomen ontwikkelingen in de gemeente worden vastgelegd. De omgevingsvisie raakt aan de fysieke leefomgeving in de breedste zin van het woord. Kort samengevat is een omgevingsvisie een integrale visie op de fysieke leefomgeving. Dit betekent dat de reikwijdte veel breder is dan de structuurvisie onder de Wet ruimtelijke ordening. Met de omgevingsvisie verwoorden we samenhangend ‘wat voor een gemeente we willen zijn’. Dat betekent dat dat alle onderwerpen van een omgevingsvisie op elkaar zijn afgestemd, zodat er één totaalvisie ontstaat op onze fysieke leefomgeving. Als we weten wat voor een gemeente we willen zijn (ambitie), dan weten we ook wat er moet gebeuren om daar te komen (doelen). Gemeenten moeten binnen drie jaar na de inwerkingtreding van de Omgevingswet een door de raad vastgestelde omgevingsvisie hebben. De voorbereidingen hiervoor zijn gestart. Het plan van aanpak is door uw raad vastgesteld op 3 november 2020, hiermee zijn de financiële middelen beschikbaar gesteld. Na een eerste uitvraag is er geen geschikt bureau gevonden om de omgevingsvisie op te stellen. Hierdoor is de oorspronkelijke planning niet langer uitvoerbaar. Doordat de omgevingsvisie niet op korte termijn klaar hoeft te zijn is dat ook niet direct een probleem.

Er is onderzocht of er een combinatie gezocht kan worden met andere beleidsvelden bij een nieuwe uitvraag. Hieruit is duidelijk geworden dat het ruimtelijk & maatschappelijk beleidskader voor (grootschalige) duurzame energie opwekking meegenomen wordt bij het opstellen van de Omgevingsvisie. Omdat de omgevingsvisie toekomstgericht is en de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022 gehouden worden, is het voornemen na de gemeenteraadsverkiezingen te starten met het opstellen van de omgevingsvisie. Het later opstellen van de omgevingsvisie is ook geen probleem voor het ruimtelijk & maatschappelijk beleidskader voor duurzame energieopwekking. 2. Omgevingsplan De omgevingsvisie is de basis voor het omgevingsplan dat daarna volgt. Op die manier worden de ambities uit de visie geborgd in regels. Het omgevingsplan geeft juridisch bindende regels voor alle functies en activiteiten in de fysieke leefomgeving in de gemeente. Uiteindelijk moet per locatie zo goed mogelijk duidelijk worden wat er kan en mag en hoe zowel het college als de raad zijn bevoegdheden en wettelijk instrumentarium inzet om te reageren op initiatieven. Alle gemeenten moeten uiterlijk 31 december 2029 een gemeente dekkend omgevingsplan hebben. Op het moment dat de Omgevingswet in werking treed, ontstaat er van rechtswege een ‘tijdelijk’ omgevingsplan.

Daarin worden de bestaande bestemmingsplannen en andere regels op het gebied van de fysieke leefomgeving zoals bedoeld in de Omgevingswet opgenomen. Doordat in 2019 de bestemmingsplannen in Rozendaal zijn geactualiseerd, beschikt de gemeente over een actueel ruimtelijk beleidskader en heeft dit onderdeel (omgevingsplan) op dit moment geen prioriteit en is ook geen besluitvorming op korte termijn noodzakelijk. De gemeenteraad moet vóór de inwerkingtreding nog wel een beleidskader ‘adviesrecht raad bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten’ vaststellen. Over dit onderwerp wordt in het vierde kwartaal van 2021 een informatiebijeenkomst georganiseerd op grond hiervan wordt een voorstel voorbereid waarover besluitvorming in de raad plaats kan vinden (naar verwachting eerste kwartaal 2022).

3. Herijking bestaand beleid Pagina 2 van 5

Collegevoorstel

Het bestaande beleid in de gemeente dat betrekking heeft op de fysieke leefomgeving wordt geïnventariseerd en onderzocht op relevantie voor het omgevingsplan. Naast de regels van de gemeente worden er de Rijksregels die in de ‘bruidsschat’ worden ondergebracht bestudeerd, waarbij per regel het effect voor de gemeente wordt beoordeeld. Op basis van het onderzoek wordt bekeken of de regels uit de bruidsschat kunnen worden overgenomen, aangepast of, geschrapt kunnen worden. De gemeentelijke regels worden vastgelegd in één of meerdere nieuwe ‘verordening(en) fysieke leefomgeving’. Daarmee kunnen een groot aantal bestaande losse (beleids-) regels komen te vervallen, dan wel worden aangepast. Verwachting is dat de VNG met een of meer model verordening(en) fysieke leefomgeving komt. Zodra deze beschikbaar zijn, wordt gestart met de voorbereiding voor de besluitvorming. Hierbij zal de overgang beleidsneutraal zijn. Uiterlijk in het eerste kwartaal van 2022 wordt de gemeenteraad hierover in een informatiebijeenkomst nader over geïnformeerd. Besluitvorming kan dan in het tweede kwartaal van 2022 plaatsvinden. Anders dan nu, is onder de Omgevingswet een welstandscommissie (of een commissie ruimtelijke kwaliteit) alleen nog verplicht voor het toetsen van de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een rijksmonument.

Daarnaast kunnen ook andere adviesrollen bij de commissie belegd worden. Iedere gemeente moet zich dus beraden op de gewenste invulling van deze commissie en zorg dragen voor de inrichting. De besluitvorming over welke activiteiten de commissie advies mag uitbrengen worden opgenomen in het omgevingsplan. In het vierde kwartaal van 2021 worden de raadsleden geïnformeerd over de mogelijkheden. Op basis van de input van deze bijeenkomst zal een voorstel worden voorbereid over de rol en taken van de in te stellen gemeentelijke adviescommissie. 4. Participatie De Omgevingswet zegt over participatie: 'het in een vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden bij het proces van besluitvorming over een project of activiteit'. Belanghebbenden zijn burgers, vertegenwoordigers van bedrijven, professionals van maatschappelijke organisaties en bestuurders van overheden. Het begrip ‘participatie’ of ‘participatiebeleid’ beperkt zich hier tot het betrekken van belanghebbenden bij een aanvraag van de Omgevingswet en omvat niet burgerparticipatie in brede zin, zoals wij dat kennen van bijvoorbeeld Buurt aan Tafel. Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning dient te worden aangegeven of belanghebbenden bij de voorbereiding van de aanvraag zijn betrokken en zo ja, hoe en wat de resultaten hiervan zijn.

Participatie bij een omgevingsvergunning traject is niet verplicht, maar de gemeenteraad kan in een algemeen besluit gevallen aanwijzen waarbij participatie wél verplicht is. Gemeenten hebben grote vrijheid hoe zij de participatie rondom een omgevingsvergunning willen inrichten. Het helpt wel om vanaf het begin duidelijke kaders of spelregels af te spreken. Zo wordt de kwaliteit van het participatieproces gewaarborgd en is het voor initiatiefnemers inzichtelijk wat van hen wordt verwacht. In het vierde kwartaal van 2021 wordt in een raadsinformatiebijeenkomst van gedachten gewisseld over uitgangspunten voor het participatiebeleid in de Omgevingswet. Op basis hiervan wordt het participatiebeleid voorbereid voor vaststelling in de gemeenteraad (uiterlijk eerste kwartaal 2022). 5. DSO Alle informatie over de fysieke leefomgeving moet op een of andere wijze ondergebracht worden in het door het Rijk te ontwikkelen DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet). De ontwikkeling en implementatie is er op gericht om lokale systemen en de onderdelen van de landelijke voorziening, Pagina 3 van 5

Collegevoorstel

zoals het Omgevingsloket, met elkaar te laten functioneren. Zo kunnen we gegevens als omgevingswetbesluiten, toepasbare regels en vergunningaanvragen uitwisselen met het DSO. In 2020 is de benodigde software aangeschaft voor het aansluiten op de landelijk voorziening DSO (digitaal stelsel omgevingswet). Hiermee zijn we in staat om voor de inwerkingtreding van de wet te kunnen voldoen aan de minimale van eisen van de VNG voor het:  kunnen ontvangen van aanvragen en meldingen  kunnen maken en publiceren van omgevingswet-besluiten (waaronder omgevingsplannen)  kunnen opstellen en publiceren van toepasbare regels en beslisbomen Er wordt nog onderzocht of in aanvulling hierop het wenselijk is om zelf te kunnen beschikken over software om toepasbare regels aan te passen of dat het adequater is om dit bij gelegenheid door een externe partij uit te laten voeren. In de Kadernota is hiervoor al een bedrag gereserveerd. Daarnaast zal de invoering van het DSO een aanpassing vragen van de huidige werkprocessen, waarbij helder wordt welke handelingen wij hier in huis moeten verrichten voor het DSO en welke beter elders belegd kunnen worden. 6. Dienstverlening Uitgangspunt dat met de invoering van de Omgevingswet het dienstverleningsniveau gelijk blijft en dat het op termijn verbetert, zoals ook aangegeven in het ambitiedocument.

De doorlooptijd van een aantal procedures gaat onder de Omgevingswet van 26 naar 8 weken. Daarnaast moeten aanvragen integraler beoordeeld worden. Dat betekent dat de bestaande interne processen en de werkafspraken met verbonden partijen en eventueel andere bevoegd gezag moeten herzien. Binnen de regio wordt samen met de verschillende stakeholders onder regie van de ODRA afspraken hier over gemaakt. Op basis hiervan worden bestaande samenwerkingsafspraken (SLA’s) en dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s) met verbonden partijen en ander bevoegd gezag, daar waar nodig geactualiseerd, met als doel om binnen de gestelde termijn een aanvraag integraal te kunnen beoordelen en initiatiefnemers snel van de noodzakelijke informatie te kunnen voorzien; In dit kader zal ook het huidige beleid op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving worden geactualiseerd. Aangezien de gemeente Rheden en de ODRA een deel van deze taken uitvoeren, gebeurt dit in overleg met hen. De voorbereidingen voor wat betreft Rozendaal hiervoor worden opgestart in het eerste kwartaal van 2022, besluitvorming is voorzien in het tweede kwartaal van 2022. 7. Financiën Vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet moet de leges(verordening) aangepast zijn op de Omgevingswet. Voor 2022 worden in ieder geval de aanpassing vanuit wettelijke eisen meegenomen.

Hierbij is aandacht voor de veranderingen die er zijn op het gebied van toetsing bij vergunningverlening , wijzigingen in terminologie en kostenstructuur. De vaststelling van de nieuwe legesverordening wordt conform het reguliere proces en planning ter vaststelling in het vierde kwartaal van 2021 voorgelegd aan de raad. De gemeenteraad heeft inmiddels een aantal kredieten beschikbaar gesteld voor de invoering Omgevingswet (eenmalige voorbereidingskosten en opstellen Omgevingsvisie). Verwacht wordt dat de Omgevingswet structureel meerkosten met zich meebrengt. De omvang hiervan is nu nog niet in te schatten. Daarover en over de tegemoetkoming vanuit het rijk is nog onvoldoende duidelijk om hier op te nemen als voorstel voor begroting. In de Kadernota is aangegeven dat voor de implementatie in 2022, in aanvulling op de verleende kredieten op een aantal zaken concrete kosten moeten worden gemaakt in het kader van de invoering van de Omgevingswet. Het gaat daarbij om: - omgang met de bruidsschat - het opstellen van toepasbare regels, en Pagina 4 van 5

Collegevoorstel

-

het ontwikkelen van VTH-beleid.

Deze kosten leiden in 2022 tot €15.000 aan onvermijdelijke kosten die in de begroting opgenomen worden. 8. Planning Bovenstaande is samengevat in onderstaand planningsschema. 2021 Q3 Q4 Q1 Omgevingsvisie Omgevingsplan

Herijking bestaand beleid

Participatie DSO Dienstverlening Financiën

2022 Q2 Q3

Omgevingsvisie Omgevingsplan Adviesrecht buitenplanse omgevingsplanactiviteiten Omgang Bruidsschat Verordening fysieke leefomgeving Gemeentelijke adviescommissie Participatiebeleid aanschaf en implementatie DSO Opstellen en publiceren toepasbare regels Doelmatige afhandeling VTH-beleid Aanpassen legesverordening

Voorbereiding, inclusief eventueel bijeenkomsten met de raad(scommissies) Besluitvorming Voorlopige planning raadsinformatiebijeenkomst Vierde kwartaal 2021, onderwerpen: - Algemene stand van zaken - Omgevingsplan: adviesrecht raad bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten - Participatie(beleid) - Gemeentelijke adviescommissie Eerste kwartaal 2022, onderwerpen: - Algemene stand van zaken - Omgang met de regels uit de bruidsschat en verordening fysieke leefomgeving - Dienstverlening: VTH-beleid Tweede kwartaal 2022, onderwerpen: - Algemene stand van zaken - Omgevingsvisie

Het college van burgemeester en wethouders,

Boele Boelens, Secretaris Pagina 5 van 5

Ester Weststeijn, Burgemeester

Q4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rozendaal&id=bb7374f2-6266-4cb3-a174-b17f4cd6fb82