CConstaterende datRozendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4. Kaderbrief 2025

1.2 Raadsvergadering 20 februari 2024, gemeente RozendaalBij agendapunt: Kaderbrief 2025 VGGM9.696 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

www.vggm.nl

Kaderbrief 2025 Voor colleges en raden

januari 2024

Inhoudsopgave 1.

Inleiding

3

2.

Een schets van de maatschappelijke context

5

3.

Crisisbeheersing

7

3.1

7

4.

5.

Versterking crisisbeheersing

Brandweer

9

4.1

Gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing

9

4.2

Veilige Energietransitie

10

4.3

Inwerkingtreding Omgevingswet

11

GGD

13

5.1

Toekomstbestendige GGD

13

5.2

Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid

16

5.3

Decentralisatie rijksvaccinatieprogramma

17

6.

Ambulancezorg

18

7.

Bedrijfsvoering

19

7.1

Samen. Beter. Bedrijfsvoeren.

19

7.2

Duurzame bedrijfsvoering

21

7.3

Reductie van diversiteit arbeidsvoorwaarden

22

7.4

Harmoniseren afspraken huisvesting brandweer

23

8.

Financiële uitgangspunten

24

8.1

Verdeling gemeentelijke bijdrage veiligheid

24

8.2

Verdeling gemeentelijke bijdrage gezondheidszorg

24

8.3

Indexering gemeentelijke bijdragen

26

Bijlage 1: Mutaties gemeentelijke bijdragen vanaf 2025

28

Bijlage 2: Toelichtende tabellen verdeling gemeentefonds

31

Bijlage 3: Bijdragen per gemeente

32

Versie: januari 2024

Pagina

2

1. Inleiding Deze kaderbrief schetst de ontwikkelingen die komende periode invloed hebben op onze maatschappelijke bijdrage en gevolgen hebben op de beleidsmatige en budgettaire kaders. Aan de hand van deze kaderbrief kan iedere bestuurder de ontwikkelingen met zijn of haar gemeente bespreken en zijn of haar ambitie betrekken in de besluitvorming voor de regionale ambitie. De vastgestelde kaderbrief is vervolgens een belangrijke bouwsteen voor de ontwerp-begroting 2025. Deze ontwerp-begroting 2025 wordt begin april ter consultatie aangeboden aan de Colleges en Raden. Meer zuiverheid In voorgaande jaren werden beleidsontwikkelingen bekostigd uit het financiële resultaat van het vorige boekjaar door het vormen van bestemmingsreserves. Het bestuur heeft verzocht meer zuiverheid aan te brengen in de wijze waarop beleidsontwikkelingen worden bekostigd. Daarom doen we het nu anders. We hanteren het uitgangspunt dat beleidsontwikkeling en (incidentele) budgettaire kaders nadrukkelijker invloed hebben op de gemeentelijke bijdragen. Zowel voor de ontwerp-begroting 2025 als met een begrotingswijziging voor 2024. Hiermee ontstaat meer dynamiek in de financiën van VGGM. Voor alle voorstellen in deze kaderbrief geldt dat naast de kosten voor de directe capaciteit eveneens een opslag voor de ondersteunende processen is meegenomen.

Ontwikkelingen, risico’s, impact en financiële spanning Deze kaderbrief start met een schets van de ontwikkelingen die invloed hebben op veiligheid en gezondheidsvraagstukken in de regio. Vervolgens duiden we per programma deze ontwikkelingen, bijbehorende risico’s en impact op de beleidsmatige en budgettaire kaders in een meerjarenperspectief. Een van de ontwikkelingen betreft de versterkingsopgave van de organisatie. In de informatiebrief Samen. Beter. Bedrijfsvoeren wordt hier voor het jaar 2024 nader op ingegaan. Het advies is om deze kaderbrief in samenhang met deze informatiebrief te beschouwen. Deze ontwikkelingen die op de samenleving af komen vragen om een verandering van onze taken, terwijl de verandercapaciteit binnen de organisatie op dit moment minimaal is. We beseffen ons terdege dat de gevraagde verandercapaciteit leidt tot spanning met de gemeentelijke financiën, welke momenteel stevig onder druk staan. Het zogenaamde ravijnjaar 2026 nadert, maar ook worden de gemeenten geraakt door loon- en prijsstijgingen en opgaven op andere terreinen als gevolg van de maatschappelijke ontwikkelingen. Een aantal wethouders financiën van onze regio vragen naar mogelijkheden om keuzes te maken die leiden tot een beperking van de bijdrage van hun gemeenten aan de VGGM.

Aan de hand van deze kaderbrief verwachten we de Colleges van B&W en de gemeenteraden in staat te stellen om belangrijke afwegingen te maken ten aanzien van alle ontwikkelingen die op hun afkomen. Op gemeentelijk niveau In de bijlage is vervolgens op gemeentelijk niveau de impact op de financiële bijdrage zichtbaar. Hierbij is het huidige dienstverleningsniveau voor brandweerzorg en ambulancezorg het uitgangspunt, alsmede de inzet op publieke gezondheidszorg, waarop de huidige formatie, middelen en begroting zijn gebaseerd.

Versie: januari 2024

Pagina

3

Versie: januari 2024

Pagina

4

2. Een schets van de maatschappelijke context We leven in een realiteit van maatschappelijke spanningen en hybride dreigingen. Vanwege de onderlinge verbondenheid en verwevenheid kunnen zij in toenemende mate onze samenleving ontwrichten. Partijen als VGGM werken steeds vaker en langer in opgeschaalde modus aan acute crises. Dit vraagt veel van onze taak crisisbeheersing in termen van ad-hoc inzet, flexibiliteit, capaciteit en financiën. Er is sprake van krapte op de arbeidsmarkt. Met een verdere toename van het aantal openstaande vacatures en opnieuw een daling van het aantal werklozen, loopt de spanning op de arbeidsmarkt verder op. Hierdoor is het lastig om aan nieuw personeel te komen met de juiste expertise. Voor VGGM weegt dit vraagstuk extra zwaar omdat de noodzakelijke specifieke expertise op de arbeidsmarkt zeer beperkt voor handen is. Dit betekent dat VGGM genoodzaakt is om haar medewerkers hierin zelf te scholen. Terecht vraagt de maatschappij van ons dat we midden in de samenleving staan, en dat onze collega’s een afspiegeling zijn van de omgeving waarin wij opereren. We willen meer divers worden en inclusief zijn. Zo kunnen we effectiever ons werk doen. Dit vraagt van ons meer aandacht te hebben voor het zijn van een diverse en inclusieve organisatie.

Grote transitievraagstukken op het gebied van klimaat, energie en dataverwerking hebben urgentie, maar worden niet van vandaag op morgen opgelost. Deze vraagstukken geven ook transitierisico’s bij besluiten die meerjarige impact hebben. Denk aan het vervangen van materieel, het opleiden van nieuwe medewerkers en de wijzigingen in repressief optreden en het bestrijden van crises. Wereldwijd is meer geopolitieke instabiliteit dan we afgelopen jaren gewend waren. We hebben ervaren dat die onrust snel financiële gevolgen heeft. Door de toenemende schaarste van grondstoffen kunnen leveringen stagneren, waarmee het belang van en onze deelname aan een circulaire economie toeneemt. De verminderde stabiliteit vraagt financiële wendbaarheid van organisaties maar mogelijk ook een ander gebruik van materieel. Moderne technologieën zoals robotics, artificial intelligence, augmented reality en krachtige sensoren bieden kansen voor het voorkomen van en zo snel mogelijk reageren op crises en op termijn het verbeteren van processen. Hebben we de juiste mensen, middelen en kennis beschikbaar om deze technologieën toe te kunnen passen? Deze ontwikkelingen vragen om een andere kijk op ons strategische personeelsbeleid, gericht op inhoudelijke en persoonlijke ontwikkeling.

De bebouwde omgeving transformeert naar een dynamisch stedelijke context, met meer hoogbouw, gemengd ruimtegebruik, andere manieren van mobiliteit en gevarieerde demografische samenstelling. Dit vraagt van VGGM om andere operationele concepten te ontwikkelen en toe te passen, met ander materiaal/materieel, andere arbeidsarrangementen en een andere maatschappelijke positionering, samen met onze collega hulpverleners. De wens om informatie gestuurd te werken en de toegenomen beschikbaarheid van data staat op gespannen voet met de privacywetgeving en informatieveiligheid. Uit de Baseline Informatiebeveiliging Overheid, de Algemene verordening gegevensbescherming, de Archiefwet en

Versie: januari 2024

Pagina

5

de Wet Open Overheid vloeit een ogenschijnlijk tegenstrijdige maatschappelijke verwachting voort waar we het antwoord vooralsnog schuldig op moeten blijven. Klimaatverandering leidt niet alleen tot nieuwe typen crises, het vraagt ook wat van bedrijfsvoering. Energieopwekking en -gebruik, ons materieel en de kennis van onze collega’s moeten aansluiten op wat inwoners van een hedendaagse publieke organisatie vraagt en we moeten hulpverlening kunnen bieden bij nieuwe incidenten. We moeten anticiperen op extreme weersomstandigheden zoals langdurige droogte, hogere zomerse temperaturen en heftige neerslag of valwinden. De risico's van natuurbranden, stormschade en gezondheidseffecten als gevolg van langdurige hitte nemen sneller toe dan de verandering in het klimaat. Dit vraagt om een gezamenlijke beleidsverandering vanuit verschillende beleidsterreinen. Bovenstaande veranderingen vragen om een transitie van de dienstverlening, welke een extra (tijdelijke) investering vragen. Deze opgave staat in een schril contrast met een toenemende krapte in de overheidsfinanciën en dat vraagt om het maken van afwegingen en heldere communicatie over gemaakte keuzes.

Versie: januari 2024

Pagina

6

3. Crisisbeheersing Binnen het programma crisisbeheersing vallen de crisistaken vanuit de wet veiligheidsregio, de taken vanuit de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) en de gemeentelijke samenwerking op het gebied van bevolkingszorg. Deze taken worden deels vanuit Rijksmiddelen bekostigd en deels middels een gemeentelijke bijdrage (in overeenstemming met de bekostigingswijze brandweerzorg), met uitzondering van de samenwerking op het gebied van bevolkingszorg. Deze worden door de gemeenten bekostigd middels een bijdrage per inwoner

3.1

Versterking crisisbeheersing

Aanleiding We leven in een realiteit van bijna permanente maatschappelijke spanningen en hybride dreigingen die vanwege de onderlinge verbondenheid en verwevenheid tezamen in toenemende mate onze samenleving kunnen ontwrichten. Organisaties als VGGM werken steeds vaker en langer in opgeschaalde modus aan acute crises. Dit vraagt om een versterking en transitie van onze huidige taken op het gebied van crisisbeheersing. Ook landelijk is ingezet op een versterking en doorontwikkeling van de crisisbeheersing. Om de doelen op het gebied van crisisbeheersing, te behalen (zoals informatiepositie en het inrichten van informatie-uitwisseling tussen veiligheidsregio’s onderling en met het Rijk) te realiseren, kent het Rijk de komende jaren extra financiële middelen toe aan de veiligheidsregio’s (brede doeluitkering rampenbestrijding – BDUR). In het wetswijzigingstraject voor de wet veiligheidsregio is ook aandacht voor het domein Crisisbeheersing. Dit geld is voor dat doel gelabeld.

Planning 2024 Begin 2024 verandert de organisatiestructuur van Brandweer en Crisisbeheersing: de taken voor Crisisbeheersing worden in een aparte afdeling belegd. Daar worden alle taken voor het beheersen van crises ondergebracht (in het kader van de openbare orde en veiligheid). Regionaal wordt ingezet op: -

Versterking van crisisbeheersing (met name rondom langdurige crises);

-

Ontwikkeling van het netwerk en flexibele netwerksamenwerking;

-

Continueren we van de ontwikkelingen rondom informatiemanagement, (zowel in de regio, als in aansluiting op Oost-5 (de vijf veiligheidsregio's in Overijssel en Gelderland) en landelijk.

Versie: januari 2024

Pagina

7

Beleidskader voor 2025 -

Verder versterken van de informatiepositie van gemeenten en regio;

-

Realiseren van een robuust netwerk met partners;

-

Intensiveren van de bovenregionale samenwerking;

-

Crisisorganisatie zodanig inrichten dat bij langdurige crises de eigen organisatie niet wordt uitgehold.

Risico dat we lopen -

Een krappe arbeidsmarkt, zeker voor informatiespecialisten, leidt tot het risico dat we niet op tijd de juiste mensen vinden voor deze versterkingsopgave, zeker ook omdat andere Veiligheidsregio’s een vergelijkbare opgave hebben.

-

De rijksuitkering voor Veiligheidsregio’s staat op de lijst van het ministerie van Financiën als mogelijke bezuiniging bij nieuwe kabinetsvorming. Wanneer hierop bezuinigd wordt, zullen bestuurlijke keuzes worden voorgelegd over de mate van versterking.

Financiële impact Het ontvlechten van de taken crisisbeheersing uit de brandweerorganisatie en de versterkingsopgave worden gedekt door een hogere bijdrage vanuit het Rijk ter versterking van de crisisbeheersing (BDUR uitkering). In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Versterking crisisbeheersing

1,7

2,2

2,5

2,5

2,5

1,7

2,2

2,5

2,5

2,5

Dekkingsmiddelen: Rijksbijdrage

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

8

4. Brandweer In dit hoofdstuk zijn specifieke thema’s voor het domein Brandweer opgenomen. In algemene zin geldt dat in het wetswijzigingstraject voor de wet veiligheidsregio ook aandacht is voor het domein Brandweer. De precieze impact hiervan wordt de komende jaren duidelijker. De taken van de brandweer worden grotendeels via een (vaste) gemeentelijke bijdrage bekostigd.

4.1

Gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing

Aanleiding Klimaatverandering leidt niet alleen tot nieuwe typen crises, maar ook tot een hoger natuurbrandrisico door natte periodes (lang groeiseizoen) afgewisseld met aanhoudende droogte. De verwachting is dat natuurbranden intensiever zullen zijn, langer duren en zich vaker zullen ontwikkelen tot zeer grote, onbeheersbare natuurbranden. De gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing heeft als doel de kans op onbeheersbare natuurbranden en de effecten ervan op termijn te verkleinen. Hierbij wordt samengewerkt door de drie Gelderse veiligheidsregio’s, provincie en gemeenten.

Planning 2024 In 2024 starten we versneld met de uitvoering van de gebiedsgerichte aanpak Natuurbrandbeheersing in heel Gelderland. Gemeenten en provincie hun risico’s op natuurbrand in kaart. Denk hierbij onder andere aan het risico dat ontstaat door intensief ruimtegebruik en de vermenging van natuur en de (bebouwde) omgeving (wonen, gezondheidszorg, bungalowparken, campings, hoogspanningstracés). De drie veiligheidsregio’s kunnen deze inventarisatie voor de gemeenten uitvoeren. De Provincie is gevraagd om deze aanpak te stimuleren middels een Provinciebijdrage (cofinanciering).

Beleidskader voor 2025 Het afronden van de versnelde uitvoering van de gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing (uitvoering gestart in 2024).

Risico dat we lopen De cofinanciering vanuit de Provincie voor 2025 is nog niet concreet, waardoor een onzekerheid bestaat ten aanzien van de dekking van de risico inventarisatie die moet worden gedaan.

Versie: januari 2024

Pagina

9

Financiële impact De totale kosten van de gebiedsgerichte aanpak Natuurbrandbeheersing schat VGGM op € 450.000 voor 2024 en 2025 samen. Wanneer cofinanciering bij de Provincie wordt toegekend, wordt dit bedrag door Provincie en deelnemende gemeenten bekostigd. In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Risico analyse natuurbrandbeheersing

0,2

0,2

-

-

-

Prioritering binnen kader VGGM

-0,1

-0,1

-

-

P.M.

P.M.

P.M.

-

-

P.M.

P.M.

P.M.

Provinciale bijdrage

0,1

0,1

P.M.

P.M.

P.M.

Totaal

0,2

0,2

P.M.

P.M.

P.M.

Activiteiten natuurbrandbeheersing Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

4.2

Veilige Energietransitie

Aanleiding Veilige energietransitie is een belangrijk thema dat volop in ontwikkeling is, in een razend hoog tempo. Het raakt aan alle onderdelen van de veiligheidsketen: pro-actie, preventie, preparatie, repressie en nazorg. VGGM kan hier als veiligheids- en gezondheidsorganisatie een belangrijke maatschappelijke bijdrage leveren. Dat maatregelen in de samenleving voor reductie van energiegebruik en alternatieve energiebronnen grote impact kunnen hebben bij de uitvoering van onze taken hebben we ervaren bij de bestrijding van de brand in Presikhaaf (aangebrachte isolatie en daken vol zonnepanelen). Planning 2024 Op dit moment werkt VGGM aan een voorstel om het thema veilige energietransitie goed in te bedden. Onderdeel van dit plan is om de volgende doelen te realiseren: -

Zorgen voor een actueel risicobeeld: de (nieuwe) risico’s van de energietransitie inzichtelijk maken en daarnaast borgen dat wij de ontwikkelingen en blijven monitoren. Dit is nodig ter voorbereiding op de advisering-, toezicht- en voorlichtingswerkzaamheden en operationele inzetten.

-

Bijdrage leveren aan een veilig ontwerp van de fysieke omgeving door vroegtijdig aan te sluiten bij visie-, plan- en besluitvorming met betrekking tot de energietransitie bij gemeenten en provincie.

-

Het ontwikkelen van voorlichting waarmee het veiligheidsbewustzijn en veilig gedrag van burgers, instellingen en bedrijven kan worden gestimuleerd inzake de risico’s van de energietransitie.

-

Zorgen voor goed geschoolde medewerkers omtrent de risico’s van de energietransitie en de daarbij noodzakelijke ‘tools’.

Versie: januari 2024

Pagina

10

Beleidskader voor 2025 Continueren verdere ontwikkeling van het thema Veilige Energietransitie, vergroten van veiligheidsbewustzijn in de eigen organisatie en in de maatschappij door de stevige netwerkpositie van VGGM te onderhouden.

Risico dat we lopen Gezien de snelle ontwikkelingen op het gebied van energietransitie en de hoge politieke en bestuurlijke ambities om nog verder te versnellen, is het essentieel om als brandweer goed aangesloten te zijn op ontwikkelingen. We willen bij besluitvorming, advisering, toezicht en handhaving onze specifieke veiligheidsinput kunnen leveren. We willen voorkomen dat er reële risico’s ontstaan voor de burger, onze vrijwilligers en beroepsmedewerkers.

Financiële impact In de huidige formatie is minimale ruimte voor beleidscapaciteit Veilige Energietransitie. Dit houdt in dat voor de invulling van bovenstaand beleidskader extra capaciteit nodig is. Voor de transitieperiode schatten we een lasten van ca € 250.000. Uiteindelijk zullen de consequenties van een veilige samenleving bij het gebruik van alternatieve energiebronnen en de impact hiervan op de hulpverlening verder uitgekristalliseerd worden in de transitiefase (2025, 2026). In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Veilige Energie Transitie

-

0,3

0,3

-

-

Structurele capaciteit Veilige Energie

-

-

-

P.M.

P.M.

-

0,3

0,3

P.M.

P.M.

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

4.3

Inwerkingtreding Omgevingswet

Aanleiding De Omgevingswet wordt per 2024 van kracht. Dit leidt tot een beleidswijziging met impact op het takenpakket van VGGM. De belangrijkste taken hierin zijn de omgevingsveiligheid en de meldingsplicht Wonen met zorg. De volledige implementatie van de Omgevingswet kent een doorlooptijd tot 2029. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 wordt de veiligheidsregio de wettelijke adviseur ten aanzien van milieubelastende activiteiten. Dit gaat verder dan alleen advisering op externe veiligheid; het betreft ook de brandveiligheid. Door de geplande invoering van de Omgevingswet wordt ook de Algemene Maatregel van Bestuur Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL) van kracht. In dit besluit staat dat voor een woonfunctie voor zorg een gebruiksmelding nodig is.

Versie: januari 2024

Pagina

11

Planning 2024 De VGGM-organisatie is voorbereid op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. In 2024 werken wij in overeenstemming met de Omgevingswet en doen wij ervaring op de werking van de wet in de praktijk.

Beleidskader voor 2025 De volledige implementatie van de Omgevingswet kent een doorlooptijd tot 2029. Ervaringen die gedurende de implementatiefase worden opgedaan leiden mogelijk tot aanpassingen of bijstelling van de activiteiten.

Risico dat we lopen De omgevingswet beoogt onder andere om vanuit verschillende gezichtspunten gezamenlijk naar ontwikkelingen in de omgeving te kijken. Naast ruimte ordening zijn dat ook aspecten van veiligheid en gezondheid. De uitvoering van werkzaamheden als gevolg van deze wetwijziging gaan zich nog ontwikkelen. Als de verschillende betrokken partijen onvoldoende samenwerken bestaat het risico dat het beoogde doel van de omgevingswet om verschillende gezichtspunten te betrekken niet wordt gerealiseerd.

Financiële impact Voor de invoering van de omgevingswet zijn middelen uit het gemeentefonds beschikbaar. Dit betreft een bedrag van € 103 miljoen in 2023, € 71 miljoen voor 2024 en € 80 miljoen voor 2025. Deze bedragen zijn landelijk aan het gemeentefonds toegevoegd en hebben betrekking op alle betrokken actoren voor de invoering van de omgevingswet. Er volgt ook nog een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijke kosten in kaart worden gebracht (gemeentecirculaire december 2023). Op basis hiervan heeft VGGM haar aanloop- en implementatiekosten voor 2024 en 2025 in de begroting opgenomen. Voor de structurele inzet worden nog nadere afspraken gemaakt. In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Implementatie omgevingswet

-

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

-

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

De bedragen in bovenstaande tabel betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023. De bedragen zijn derhalve niet cumulatief.

Versie: januari 2024

Pagina

12

5. GGD De taken van de GGD komen voornamelijk voort uit de Wet Publieke Gezondheid. De taken voor de gehele regio worden middels een bedrag per inwoner door de gemeenten bekostigd. Daarnaast worden per gemeenten afspraken gemaakt over aanvullende activiteiten of taken welke op basis van realisatie of capaciteit worden bekostigd.

5.1

Toekomstbestendige GGD

Aanleiding Voor de Coronacrisis is geconstateerd dat GGD Gelderland-Midden een minimaal ingerichte organisatie is. De beschikbare capaciteit was in 2019 al onvoldoende en zorgde voor een tekort aan veranderkracht. De coronapandemie maakte dat de constatering van destijds naar de achtergrond verdween. Ook legde de coronapandemie de kwetsbaarheden in de dienstverlening bloot. We willen voorkomen dat een noodmaatregel, zoals het afschalen bij Jeugdgezondheidszorg in 2022, nogmaals wordt ingezet. Daarnaast is het van belang de basis op orde te krijgen. Het onderstaande voorstel voor de GGD (Algemene Gezondheidszorg en Jeugdgezondheidszorg) is daarom gebaseerd op vier basisprincipes: 1.

De GGD voldoet aan het wettelijk minimum.

2.

Collectieve dienstverlening prefereert boven lokaal aanbod.

3.

De financiering verloopt grotendeels via de inwonerbijdrage.

4.

De GGD zet extra in op dichterbij in wijken/dorpen, op collectieve preventie en het gebruik van data.

Algemene Gezondheidszorg Planning 2024 Voor 2024 zijn incidentele middelen toegekend gekregen om de basis op orde te krijgen. Het gaat hierbij om de basis van: gezonde leefomgeving, werken aan gezondheid van inwoners, gezondheidsbescherming tijdens rampen en crises en voorbereid zijn op gezondheidsdreigingen. Met deze incidentele middelen zetten we een eerste stap in het versterken van de GGD-taken.

Beleidskader voor 2025 Vanaf 2025 stellen we een voorzetting van de versterking van de GGD-taken voor: -

Een gezonde leefomgeving: Door de Omgevingswet wordt het verplicht om gezondheid mee te wegen in de besluitvorming rondom de inrichting van de omgeving en het daarbij behorende beleid. Met de kennis en expertise van de GGD op dit gebied zal zij bij besluitvorming rondom de inrichting van de omgeving worden betrokken. De Omgevingswet zorgt naar verwachting voor 100 tot 500 extra adviesvragen per jaar per GGD (landelijk afgegeven verwachting, afhankelijk van de grootte van de GGD en de problematiek in de regio). GGD Gelderland-Midden heeft dus structurele capaciteit nodig om de omgevingsadvisering te kunnen doen.

-

Werken aan gezondheid van inwoners: Vanuit haar brede takenpakket beschikt de GGD over een schat aan kennis en informatie over de gezondheid van inwoners. Op basis van drie samenhangende pijlers (kennis, netwerk en interventies) werkt de GGD regionaal en lokaal samen met gemeenten en partners op gezondheidsthema's of specifieke doelgroepen. Het

Versie: januari 2024

Pagina

13

voorstel is om versterking aan te brengen in de advisering aan gemeenten op basis van data, trends en landelijke ontwikkelingen over wat, waar, voor wie nodig is. En de GGD past op basis van deze kennis en informatie juiste en effectief bewezen interventies toe ten behoeve van specifieke doelgroepen, wijken en kwetsbare groepen, om zo samen met gemeenten de gezondheid in Gelderland-Midden te verbeteren. -

Gezondheid beschermen tijdens rampen en crises: Uit voorgaande langdurige crisis is gebleken dat wij als GGD onvoldoende voorbereid zijn op rampen en crises. De crisisstructuur is tot nu toe ingevuld op basis van de intrinsieke motivatie van medewerkers en het netwerk van ketenpartners. Deze wijze van inzet als hulpverleningsorganisatie tijdens crises is niet toekomstbestendig. Zeker niet met het oog op langdurige en/of gelijktijdige crises. Dit leidt uiteindelijk tot uitholling en uitputting van medewerkers.

-

Voorbereid op gezondheidsbedreigingen: Voor de versterking van Infectieziektebestrijding komen vanaf 2025 structureel extra gelden beschikbaar vanuit het Ministerie van VWS. Echter, sinds 2019 zijn de kosten van GGD-taken op het gebied van Tuberculosebestrijding toegenomen, maar de vergoedingen zijn niet in dezelfde mate meegegaan. Daarnaast zijn de werkzaamheden de afgelopen jaren ook toegenomen, mede door de sterke toename van asielzoekers, migranten en statushouders.

Risico dat we lopen -

Beperkte tot geen advies- en monitorfunctie en uitvoering vanuit de GGD op bekende publieke gezondheidsthema’s zoals vaccinatiegraad, gezond gewicht, bewegen, rookvrije generatie, etc.;

-

Geen advies en monitorfunctie en uitvoering op nieuwe thema’s zoals gezond ouder worden en mentale gezondheid;

-

De GGD levert algemene gezondheidscijfers op (op basis van landelijke monitors), maar geen aanvullende data op specifieke thema’s, doelgroepen en wijk-/buurtniveau. Deze data worden ook niet vertaald naar regionale of lokale adviezen voor inzet van (wetenschappelijk bewezen) beleid en interventies.

Financiële impact Om het voorgestelde scenario waar te kunnen maken vragen we een structurele budgetuitbreiding per onderdeel: In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Basis op orde

0,6

-

-

-

-

Gezonde leefomgeving

0,3

0,3

0,3

0,3

Werken aan gezondheid bij inwoners

0,9

0,9

0,9

0,9

Gezondheidsbescherming tijdens

0,3

0,3

0,3

0,3

0,2

0,2

0,2

0,2

0,6

1,7

1,7

1,7

1,7

0,6

1,7

1,7

1,7

1,7

rampen Voorbereiden op gezondheidsdreigingen Totale lasten Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

Versie: januari 2024

Pagina

14

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Jeugdgezondheidszorg Planning 2024 Voor 2024 zijn incidentele middelen toegekend om de basis op orde te krijgen. De afgeschaalde dienstverlening van 2022/2023 wordt daarmee teruggedraaid en de continuïteit beter geborgd. Dit doen we door de werkdruk te verlagen en daarmee bovenmatig ziekteverzuim en uitstroom te verminderen en het vermogen te vergroten om wendbaar in te spelen op de verzwaring van de zorgvragen.

Beleidskader voor 2025 In 2025 zetten we de ingezette lijn van 2024 door. Dat betekent dat de basis op orde en de continuïteit geborgd is. Dit heeft tot gevolg dat de GGD de juiste zorg aan jeugdigen kan garanderen. Om te blijven meebewegen met maatschappelijke ontwikkelingen is nieuwe dienstverlening nodig. Hiervoor zijn aanvullende modules ontwikkeld. De keuze voor het regionaal organiseren van deze modules wordt door het bestuur van VGGM in het eerste kwartaal van 2024 besproken en besloten. Daarnaast maken we nieuwe afspraken over lokaal aanbod (plus taken), waarbij beschikbare capaciteit en meerjarige afspraken leidend zijn.

Risico dat we lopen Als de structurele middelen niet worden toegekend lopen we het risico om terug te vallen op het dienstverleningsniveau van 2022/2023. Daarmee voldoen we niet meer aan de minimale wettelijke taken die de GGD voor de jeugdigen in Gelderland Midden uitvoert. -

De keuze voor aanvullende modules is nog niet gemaakt. Het risico bestaat dat de GGD in de toekomst onvoldoende mee kan met maatschappelijke ontwikkelingen.

Financiële impact Voor een GGD-organisatie met continuïteitsborging op de jeugdgezondheidszorg vragen we een structurele budget uitbreiding van € 1.900.000. De uiteindelijke keuzes voor modules bepaalt het extra budget hiervoor. In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Basis op orde

1,7

Versterking JGZ

-

1,9

1,9

1,9

1,9

Modules

-

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

1,7

1,9

1,9

1,9

1,9

1,7

1,9 + P.M.

1,9 + P.M.

1,9 + P.M.

1,9 + P.M.

Totale lasten

-

-

-

-

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

15

5.2

Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid

Aanleiding In de COVID-19 pandemie zijn bestaande structuren en praktijken op de proef gesteld en vaak niet toereikend gebleken. Daarnaast zijn diverse kwetsbaarheden blootgelegd op het gebied van wendbaarheid, schaalbaarheid en betrouwbaarheid van de informatievoorziening. Er is een informatielandschap nodig dat de reguliere infectieziektebestrijding optimaal ondersteunt en dat kan worden opgeschaald in het geval van een pandemie. Dit zorgt ervoor dat de juiste informatie op het juiste moment bij de juiste partijen beschikbaar is. Voor de overgang van het huidige naar het nieuwe informatielandschap infectieziektebestrijding worden vanaf 2025 bij iedere GGD extra inspanningen verwacht. Het kabinet wil daarmee beter voorbereid zijn op een toekomstige pandemie. Landelijk worden hiervoor vanuit het Ministerie van VWS gelden beschikbaar gesteld.

Planning 2024 Het Ministerie van VWS heeft gelden beschikbaar gesteld voor 2023 en 2024. Met deze extra middelen breiden we in 2024 onder andere het team infectieziektebestrijding uit met extra verpleegkundigen, een dataspecialist en een epidemioloog.

Beleidskader voor 2025 Inmiddels

is

duidelijk

dat

de

gelden

van

het

Ministerie

van

VWS

voor

versterking

infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid structureel toegekend zijn vanaf 2025. De precieze verdeling voor de GGD’en is op dit moment nog niet bekend.

Risico dat we lopen Dat we niet wendbaar, niet schaalbaar en geen betrouwbare informatievoorziening hebben als we het informatielandschap niet op orde hebben.

Financiële impact Omdat de landelijke informatievoorziening nog in ontwikkeling is, is het hiervoor benodigde budget nog lastig in te schatten. Voorlopig is de inschatting dat dit 2 fte aan extra inspanning vraagt voor iedere GGD. Vooralsnog gaan wij er van uit dat deze inspanning rechtstreeks door VWS bekostigd wordt mogelijk worden afspraken gemaakt voor regionale bekostiging. In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Versterking infectieziektebestrijding

-

0,3

0,3

0,3

0,3

Gemeentelijke bijdrage

-

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

Rijksbijdrage

-

0,3

0,3

0,3

0,3

Dekkingsmiddelen:

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

16

5.3

Decentralisatie rijksvaccinatieprogramma

Aanleiding Sinds

1

januari

2019

Rijksvaccinatieprogramma

zijn

gemeenten

(RVP).

Door

verantwoordelijk

voor

de

uitvoering

uitvoering

het

RVP

onder

de

van

van

het

bestuurlijke

verantwoordelijkheid van de gemeente te laten vallen, wordt de samenhang tussen de uitvoering van het RVP en de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) geborgd. Hiertoe is op 1 januari 2019 het macrobudget voor de RVP-taken overgeheveld van de Rijksbegroting naar de gemeenten (decentralisatie). De overheveling van het macrobudget vond plaats via een storting in algemene uitkering van het gemeentefonds. Daarnaast is op 16 december 2019 de maternale kinkhoestvaccinatie opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma. Deze vaccinatie wordt tot eind 2023 gefinancierd door het RIVM. In de septembercirculaire 2023 is opgenomen dat vanaf 1 januari 2024 de uitvoering van de maternale kinkhoestvaccinatie formeel wordt overgedragen aan de gemeenten. De bijbehorende middelen, circa € 4 miljoen per jaar, voor de uitvoering van deze vaccinatie worden aan het gemeentefonds toegevoegd. Voor de gemeenten van VGGM gaat het om een bedrag van € 169.000.

Planning 2024 Sinds 2023, en dit loopt door in 2024, is gestart met de griepvaccinatie voor zwangeren. In 2024 wordt dit geëvalueerd. Wat verder doorloopt uit 2023 is de inhaalslag van HPV-vaccinaties. In 2024 wordt gestart met de vaccinatie tegen Rota voor jonge zuigelingen (inclusief evaluatie in 2024). De bekostiging van deze activiteiten zijn in de begroting 2024 opgenomen als Rijksbijdrage. Voor het bedrag dat het gemeentefonds zal VGGM bij elke gemeente lokaal aanbod in rekening brengen om de HPV vaccinatie uit te kunnen voeren.

Beleidskader 2025 Uit de overdracht van de middelen naar het gemeentefonds vloeit een bekostiging voort. Het voorstel is om de bekostiging van de maternale kinkhoestvaccinatie aan te laten sluiten bij de generieke bekostiging van de overige RVP-taken. De generieke bekostigingssystematiek voor de RVP is gebaseerd op een bijdrage per inwoner 0-18 jaar. Voor de maternale kinkhoestvaccinatie resulteert dit in een bijdrage van € 1,27 per jeugdige in 2025 (inwoners van 0-18 jaar).

Financiële impact In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Dekkingsmiddelen: Lokaal aanbod gemeenten

0,2

Gemeentelijke bijdrage Rijksbijdrage Totaal

0,2

0,2

0,2

0,2

-0,2

-0,2

-0,2

-0,2

-0,2

-

-

-

-

-

De in bovenstaande tabel opgenomen dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

17

6. Ambulancezorg VGGM is voor onze regio aangewezen als Regionale Ambulancevoorziening. Over de uitvoering van de ambulancedienstverlening worden beleidsmatige en budgettaire afspraken gemaakt met zorgverzekeraars. Deze afspraken worden in het vierde kwartaal voorafgaand aan het nieuwe jaar gesloten. Voor 2024 staan de ontwikkelingen rondom zorgcoördinatie (naast inzet in de 112meldkamer in Apeldoorn), een verdere uitbreiding van de paraatheid en hogere kosten voor de ondersteunende processen centraal. De afspraken met de zorgverzekeraars worden in de gewijzigde begroting voor 2024 en de ontwerp-begroting voor 2025 verwerkt. In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Zorgcoördinatie

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

Uitbreiding paraatheid

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

Dekkingsmiddelen: Zorgverzekeraars

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

18

7. Bedrijfsvoering De ondersteunende processen komen ten laste van de verschillende taken die VGGM uitvoert. Hierbij is het aantal medewerkers leidend voor de verdeling van deze lasten over de verschillende taken.

7.1

Samen. Beter. Bedrijfsvoeren.

Aanleiding Binnen VGGM bestaat de noodzaak om op korte termijn de ondersteuning en samenwerking in de organisatie te versterken en verbeteren. Dit is een belangrijke conclusie uit KPMG-onderzoek (2022). Het gaat om een behoorlijke inhaalslag: er is investering nodig in de robuustheid van de systemen, het beschrijven van de processen, het versterken van het management en de wijze van samenwerken om toekomstige risico’s het hoofd te kunnen bieden. Daarom is VGGM in 2023 gestart met het inrichten van het programma Samen. Beter. Bedrijfsvoeren. Hoe is het zover gekomen? In het verleden is ervoor gekozen om de bedrijfsvoering binnen VGGM minimaal in te richten. Ofwel: de inrichting is sterk gericht geweest op de operationele ondersteunende processen. De aandacht voor ondersteuning, advies, controle en ontwikkeling op gebieden zoals IT, HR, Finance en Communicatie is (te) beperkt geweest. Dit effect werd nog verder versterkt door de uitbreiding van (wettelijke) taken en de formatie voor het ondersteunende proces die niet in verhouding meegroeide. Hiermee heeft de organisatie jarenlang tegen een lage kostprijs haar taken kunnen uitvoeren. Dit wordt ook onderkend in recente vergelijkingen met andere veiligheidsregio’s: VGGM voert haar ondersteunende processen met 37 FTE minder uit dan andere veiligheidsregio’s of bijna 60 FTE minder dan andere publieke uitvoeringsorganisaties.

(Bron: onderzoek Berenschot)

Planning 2024 De kwetsbaarheid van de organisatie is zo groot, dat deze verbeteropgave niet gepaard gaat met het ad hoc invullen van formatieplaatsen om specifieke risico’s te beperken. De verbeteropgave vraagt om een programmatische aanpak, waarbij gestart wordt met een verandering van de organisatieinrichting, actualisatie van organisatiebeleid en processen, vernieuwing van systemen om vervolgens de formatie in fte’s te versterken zodanig dat organisatieontwikkeling, beheersing van de bedrijfsvoeringsprocessen en ondersteuning aan het lijnmanagement adequaat kan worden ingericht. Om die reden is in 2023 gestart met het inrichten van het programma Samen. Beter. Bedrijfsvoeren. In 2024 wordt uitvoering gegeven aan het programma en richten we deelprojecten in op het gebied van Management & Organisatie, Data & Systemen, Mensen & Cultuur en Processen & Procedures. Eind 2024 moet een deel van de versterking gerealiseerd zijn. Het programma loopt door in 2025 en 2026. In een separate informatiebrief zijn de ambities en de geplande activiteiten voor 2024 beschreven. Het voorstel is om in de komende jaren vergelijkbare voortgangsbrieven op te stellen.

Beleidskader voor 2025 Om de risico's te beperken is substantiële versterking nodig op de volgende domeinen: 

Vertaling van strategie naar beleid, inclusief implementatie;

Versie: januari 2024

Pagina

19

Verbeteren en uitvoeren van de planning & control cyclus en het interne toezicht;

Verbeteren van de kwaliteit van de ondersteuning HR;

Vergroten van de capaciteit van Informatie & ICT om de informatievoorziening te verbeteren en de risico’s ten aanzien van cyber te mitigeren;

Ondersteunen van de afdelingen om de kwaliteit van de bronregistratie te verbeteren en voor het inhoudelijk ondersteunen van de afdelingen in het primaire proces.

Indicatief gaat het hierbij om een versterking van 37 tot 60 FTE (ca 5% van de totale formatie), afhankelijk van kwalitatieve keuzes te maken in het verbeterproces.

Risico dat we lopen -

Zonder het programma “Samen. Beter. Bedrijfsvoeren.” voldoet VGGM op termijn niet meer aan wet- en regelgeving.

-

VGGM zal onvoldoende in staat zijn om noodzakelijke actie te ondernemen op het gebied van personeelszorg, personeelsbehoud, cybercrime, administratieve fouten of opvolgen van wijzigingen in wet- en regelgeving.

-

Dit alles met een belangrijke doorwerking in het primaire proces.

Financiële impact Voor de versterking van de ondersteuning en samenwerking in de organisatie is eerder de wens uitgesproken om in de komende 4 jaar minimaal toe te groeien naar de gemiddelde personele overhead voor Veiligheidsregio’s (bron: Berenschot rapportage). In de meerjarenbegroting 2024 – 2027 is daarvoor een eerste inschatting van een cumulatieve versterking van € 1 miljoen per jaar opgenomen. Op basis van het huidige inzicht zijn er geen omstandigheden om deze inschatting bij te stellen. Deze uitzetting wordt jaarlijks herijkt op basis van het vast te stellen ambitieniveau en inrichtingskeuzes die binnen het programma Samen. Beter. Bedrijfsvoeren gemaakt worden. Voorstellen van de directie aan het bestuur ten aanzien van de versterking en versteviging worden begeleid door de bestuurlijke commissie beter bedrijfsvoeren. In EUR (x mln)

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Programma Samen. Beter.

0,7

0,7

0,5

-

-

0,3

1,3

2,3

3,8

3,8

Bedrijfsvoeren. Versterking ondersteunende processen Lasten nieuw back office systeem Totaal

-

-

0,2

0,2

0,2

1,0

2,0

3,0

4,0

4,0

1,0

2,0

3,0

4,0

4,0

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

20

7.2

Duurzame bedrijfsvoering

Aanleiding Binnen ons werk worden we steeds vaker geconfronteerd met de gevolgen van klimaatverandering. Een relevante vraag hierbij is; wat doen wij als VGGM zelf om te verduurzamen en een bijdrage te leveren aan een duurzame samenleving? Naast een eigen ambitie vraagt de maatschappij hier ook om. Bijvoorbeeld om te voldoen aan het akkoord van Parijs, duurzaamheidseisen die financiële instellingen vereisen bij het opnemen van leningen of de inzet van onze voertuigen in emissie loze zones. Op termijn is een (verplichte) uitgebreide duurzaamheidsrapportage niet ondenkbaar. Ook vanuit wet- en regelgeving wordt steeds meer gevraagd om maatregelen te nemen en informatie te verstrekken. Concreet geldt dat nu al voor de gebouwen, het niet meer gebruiken van wegwerpbekers en op gebied van woon-werkverkeer (per 1 juli 2024). In de afgelopen jaren hebben we ingezet op verschillende acties om bijvoorbeeld CO2 uitstoot tegen te gaan. Denk hierbij aan energiebesparing door bewustwording en aanpassing van gedrag op onze kazernes en gebouwen, minder printen, aandacht voor de CO2 footprint in de kantine en de inkoop van elektrische auto’s bij de vervanging van niet-repressieve voertuigen. Planning 2024 In 2024 gaan we aan de slag met het meetbaar maken van de resultaten en het stellen van concrete .

Op basis hiervan kunnen we een duidelijke afweging maken tussen kosten en baten van maatregelen. Het inzetten van de CO2-prestatieladder als instrument gaat ons hierbij ondersteunen. Eind 2024 willen we het meetinstrument ingericht hebben. Ook wordt het inkoopbeleidsplan herijkt, waarbij duurzaamheid een belangrijk item is.

Beleidskader voor 2025 VGGM wil minimaal voldoen aan de doelen zoals gesteld in het klimaatakkoord en aan de wet- en regelgeving. Dit doen we door het stellen van concrete doelen en het monitoren van de resultaten. Vanuit de branche is (nog) geen standaard gesteld ten aanzien van een duurzame bedrijfsvoering. Graag gaan wij met bestuur en gemeenten in gesprek om de ambitie van VGGM op dit vlak nader uit te werken. Hierin nemen we ook graag de duurzaamheid van de gebouwen mee.

Risico dat we lopen Belangrijkste risico is het niet kunnen voldoen aan wet- en regelgeving door het nemen van onvoldoende maatregelen en/of het niet zichtbaar kunnen maken van de resultaten.

Financiële impact Uitdaging en streven in de komende jaren is het terugbrengen van de CO2 footprint met maatregelen die binnen de budgettaire kaders vallen. Mogelijk leiden maatregelen tot keuzes of hogere kosten. Dan gaan we daarover met het bestuur in gesprek.

Versie: januari 2024

Pagina

21

7.3

Reductie van diversiteit arbeidsvoorwaarden

Aanleiding Binnen VGGM zijn verschillende arbeidsvoorwaarden van toepassing voor medewerkers die vergelijkbaar werk doen. Specifiek voor de jeugdgezondheidszorg zijn voor dezelfde taken twee verschillende arbeidsvoorwaarden van toepassing, namelijk de CAO VVT en de CAR UWO (CAO Veiligheidsregio). Deze situatie is ontstaan na de overdracht van taken voor de jeugdgezondheidszorg 0-4 van STMG en Icare aan VGGM.

Planning 2024 In 2023 is een verkenning gestart voor de overgang van de medewerkers in de CAO VVT naar de CAR UWO. We peilen de interesse bij medewerkers om vrijwillig over te stappen van de CAO VVT naar CAR UWO. In 2024 wordt duidelijk of een overgang gaat plaats vinden en in welke vorm.

Beleidskader voor 2025 Het voorstel is om toe te werken naar het uitgangspunt gelijke werkzaamheden is gelijke beloning. We werken een voorstel uit om medewerkers in de gelegenheid te stellen vrijwillig over te stappen naar CAR UWO.

Risico dat we lopen -

Een verschillende beloning voor medewerkers die hetzelfde werk uitvoeren, leidt tot mogelijke frustratie en minder goede samenwerking binnen teams;

-

Het hebben van 2 rechtspositionele regelingen voor eenzelfde taakuitvoering geeft een grotere kans op fouten in de uitvoering, onjuiste interpretatie of onduidelijkheid over hetgeen wat van toepassing is;

-

Twee rechtspositionele regelingen leiden tot hogere administratieve lasten .

Financiële impact De financiële gevolgen zijn afhankelijk van het aantal medewerkers dat vrijwillig overstapt naar CAR UWO. Als alle medewerkers op termijn zijn doorgegroeid naar de eindperiodiek van de CAR UWO, bedraagt het risico maximaal tussen de € 0,7 en € 0,9 miljoen per jaar. Bij overdracht van de taken van STMG en Icare aan VGGM is een bestemmingsreserve van € 0,9 gevormd voor dit risico. Met deze bestemmingsreserve kan een vrijwillige overgang in 2024, 2025 en mogelijk deels 2026 naar verwachting worden afgedekt en heeft deze aanpassing structurele consequenties voor het kader 2027 en verder. In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Harmoniseren arbeidsvoorwaarden

± 0,3

± 0,5

± 0,7

± 0,9

± 0,9

-

-

± 0,6

± 0,9

± 0,9

Benutten bestemmingsreserve

± 0,3

± 0,5

± 0,1

-

-

Totaal

± 0,3

± 0,5

± 0,7

± 0,9

± 0,9

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

22

7.4

Harmoniseren afspraken huisvesting brandweer

Aanleiding In 2020 is de gemeentelijke bijdrage voor de brandweer en crisisbeheersing herzien. Geconstateerd werd dat de afspraken rondom het beheer en de bekostiging van de huisvesting (de kazernes) niet zijn geregionaliseerd. Per gemeente zijn afspraken gemaakt over het beheer, waarbij een diversiteit aan afspraken is ontstaan en kosten voor gebouwen in een gemeente voor rekening van de betreffende gemeente zijn. Het bestuur concludeerde dat dit vanuit twee punten een onwenselijke situatie is: -

Er is onduidelijkheid van de beheerafspraken;

-

De huisvestinglocaties zijn integraal onderdeel van de regionale spreiding van de brandweer en daarmee ook onderdeel van de regionale bekostiging.

Beleidskader voor 2025 Als onderdeel van de evaluatie van de verdeling van de gemeentelijke bijdrage aan brandweer en crisisbeheersing is een eerste schatting gemaakt van de impact om te komen tot uniformering van de beheerafspraken. Door de complexiteit in eigendomsverhouding, gebruik, ouderdom en diversiteit van de huisvesting bleek dit een zeer complexe opgave. Besloten werd om het harmoniseren van de afspraken te temporiseren. Het voorstel is om in 2025 een project te starten om de beheerafspraken en de bijbehorende bekostiging te harmoniseren. Hiervoor zal een projectleider worden aangetrokken die samen met alle gemeentelijke afdelingen Vastgoed de huidige situatie in beeld brengt en alternatieven uitwerkt om te komen tot uniformering.

Risico dat we lopen Onduidelijkheid van beheerafspraken brengt het risico met zich mee dat beheer niet of niet tijdig wordt uitgevoerd.

Financiële implicatie De kosten van een projectleider worden geraamd op € 150.000. In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Project harmonisatie huisvesting

-

0,2

Regionalisering huisvestinglasten

-

-

-

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

P.M.

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

-

0,2

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

23

8. Financiële uitgangspunten 8.1

Verdeling gemeentelijke bijdrage veiligheid

Aanleiding Sinds het begrotingsjaar 2022 wordt de gemeentelijke bijdrage Veiligheid verdeeld op basis de onderlinge verhouding van ontvangen bijdrage uit het gemeentefonds, cluster Openbare Orde & Veiligheid, subcluster Brandweer. De bijdrage voor de lasten huisvesting (de kosten voor de panden in de betreffende gemeente die door VGGM gemaakt worden, dus niet de eigen kosten binnen de gemeente), functioneel leeftijdsontslag, verlenging Stadspoort Ede en het AED-netwerk Barneveld worden op basis van werkelijke kosten met de betreffende gemeente verrekend.

Beleidskader voor 2025 Bij de transitie naar deze verdeling werd onderkend dat landelijk besloten werd het gemeentefonds te herzien. Deze herziening is vanaf 2023 ingevoerd. De herziening van het gemeentefonds leidt tot een kleiner aantal maatstaven waarop de uitkering van gemeentefonds is gebaseerd. Voor het subcluster Brandweer houdt dit in dat het aantal maatstaven van 11 naar 5 is teruggebracht. Anderzijds stijgt de totale uitkering van het gemeentefonds subcluster Brandweer voor de gemeenten in de regio Gelderland Midden met 2,4%. ( over 2022 € 54,0 miljoen en over 2023 € 55,3 miljoen).

Financiële impact In Bijlage 2 is een opstelling van het gemeentefonds subcluster Brandweer voor 2022 en 2023 opgenomen, alsmede de berekening van de herverdeling voor het begrotingskader 2025.

8.2

Verdeling gemeentelijke bijdrage gezondheidszorg

Aanleiding De gemeentelijke bijdragen voor de Publieke Gezondheid en Bevolkingszorg wordt verdeeld op basis van de inwoneraantallen van de gemeenten op 1 januari 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

24

Beleidskader 2025 Het aantal inwoners waarop de bijdrage 2025 wordt gebaseerd zijn: Aantallen Inwoners

per 1 januari 2022 0-18 jarigen

per 1 januari 2023

# inwoners

0-18 jarigen

# inwoners

Arnhem

29.888

163.888

30.022

165.770

Barneveld

15.516

60.584

15.773

61.655

Doesburg

1.695

11.036

1.662

11.081

Duiven

4.496

24.946

4.428

24.937

Ede

25.906

119.986

26.206

122.012

Lingewaard

9.079

46.963

9.018

47.220

Nijkerk

9.697

44.311

9.731

44.975

Overbetuwe

10.076

48.266

10.076

48.707

Renkum

5.287

31.358

5.247

31.461

Rheden

7.312

43.435

7.258

43.570

Rozendaal

412

1.756

405

1.754

Scherpenzeel

2.338

10.317

2.384

10.386

Wageningen

5.780

39.939

5.880

40.960

Westervoort

2.717

14.944

2.754

15.114

Zevenaar

7.761

44.645

7.761

45.042

Totaal

137.960

706.374

138.605

714.644

Bron: CBS

Financiële impact Als gevolg van de mutatie in het aantal inwoners wijzigt de gemeentelijke bijdrage aan VGGM voor die bijdragen die inwonerafhankelijk zijn. De mutaties staan in onderstaand overzicht: In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Mutatie inwoners GGD

-

0,2

0,2

0,2

0,2

Mutaties inwoners JGZ

-

0,1

0,1

0,1

0,1

Mutaties inwoners RVP

-

-

-

-

-

0,3

0,3

0,3

Mutatie inwoners Bevolkingszorg

-

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

-

0,3

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023.

Versie: januari 2024

Pagina

25

8.3

Indexering gemeentelijke bijdragen

Aanleiding Het Algemeen Bestuur stelde een systematiek vast voor loon- en prijscompensatie. Deze bestaat uit een voorcalculatie voor 2025 en een nacalculatie over 2023. De cijfers voor deze indexatie worden herleid uit het Centraal Economisch Plan 2024. Het CPB stelt dit plan op in maart 2024. Deze kaderbrief gaat indicatief uit van de percentages in de Macro Economische Verkenningen 2024 ( september 2023).

Beleidskader voor 2025 

In de gewijzigde begroting 2023 (onderdeel van de begroting 2024) zijn we uitgegaan van de ramingingen van het CPB in het Centraal Economisch Plan (hierna: CEP) 2023 voor zowel de indexering 2024 als de nacalculatie 2022. Vervolgens is deze stijging verlaagd met 20%, omdat we er vanuit gingen dat de ramingen voor met name 2023 en ook 2024 aan de hoge kant zouden zijn. Per saldo was gerekend met een gemiddeld percentage indexatie van 7,5%.

 In deze voorcalculatie van de begroting 2025 gaan we uit van een loonkostenstijging in 2025 van 5,3% en een prijsstijging van 2,0% uit de MEV 2024. Deze percentages worden toegepast op de gemeentelijke bijdragen 2024 uit de gewijzigde begroting 2024 waarbij we uitgaan van 70% loonaandeel en 30% prijs.  In de begroting 2025 wordt ook een nacalculatie opgenomen voor de loon- en prijsstijgingen uit 2023 (het zogenaamde inhaaleffect). In de aangepaste begroting 2023 was rekening gehouden met een loonkostenontwikkeling van 9,0% en een prijsontwikkeling van 12,0%. Vervolgens zijn in de aangepaste begroting 2024 deze percentages verlaagd met 20% en teruggebracht tot respectievelijk 7,2% en 9,6%. De nieuw te hanteren percentages zijn volgens de MEV 2024 voor 2023 respectievelijk 5,0% en 4,8%. Dit betekent een nacalculatie van –2,2% op de lonen en -4,8% op de prijzen (een verlaging dus). Deze percentages worden toegepast op de gemeentelijke bijdragen 2023 uit de gewijzigde begroting 2023 waarbij we uitgaan van 70% loonaandeel en 30% prijs.

Risico dat we lopen Als lonen en prijzen stijgen en de gemeentelijke bijdragen niet in gelijke tred mee oplopen, dan zijn onvoldoende middelen beschikbaar om de salarissen van het personeel te betalen en daarmee de opgedragen taken uit te voeren.

Versie: januari 2024

Pagina

26

Financiële impact In EUR x mln

2024

2025

2026

2027

2028

Lasten: Loon / prijsindex Veiligheid

-

0,9

0,9

0,9

0,9

Loon / prijsindex bevolkingszorg

-

-

-

-

-

Loon / prijsindex GGD

-

0,2

0,2

0,2

0,2

Loon / prijsindex JGZ

-

0,2

0,2

0,2

0,2

Loon / prijsindex RVP

-

-

-

-

-

-

1,3

1,3

1,3

1,3

Dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage

De in bovenstaande tabel opgenomen lasten en dekkingsmiddelen zijn niet cumulatief. Het betreft de mutatie per boekjaar ten opzichte van het begrotingskader 2023. Bovenstaande indexatie wordt nog geactualiseerd aan de hand van het Centraal Economisch Plan, dat het CPB uitbrengt in maart 2024.

Versie: januari 2024

Pagina

27

Bijlage 1: Mutaties gemeentelijke bijdragen vanaf 2025 Gemeentelijke bijdrage Veiligheid In EUR x 1.000 Gemeentelijke bijdrage Veiligheid begroting 2024

Verkoop kazerne Dieren (specifiek Rheden)

53.093

-76 -76

Gemeentelijke bijdrage Veiligheid 2024 aangepast

53.017

Mutaties: Ingroei nieuwe verdeelsleutel 2024

215

Veilige energie transitie (§ 4.2)

250

Invoering omgevingswet (§ 4.3)

P.M.

Versterking bedrijfsvoering (§ 7.1)

571

Harmonisatie afspraken huisvesting (§ 7.3)

150

Loon- prijs indexatie (§ 8.3)

844 2.030

Kader gemeentelijke bijdrage Veiligheid 2025

55.048

Gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg In EUR x 1.000 Gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg begroting 2024

791

Mutaties: Mutatie inwoners (§ 8.2)

9

Loon- prijs indexatie (§ 8.3)

15 24

Kader gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg 2025

815

Bijdrage per inwoner: € 1,14

Versie: januari 2024

Pagina

28

Gemeentelijke bijdrage Publieke Gezondheid In EUR x 1.000 Gemeentelijke bijdrage GGD begroting 2024

15.964

Mutaties: Af: Basis op orde AGZ 2024

-551

Af: Basis op orde JGZ 2024

-713

Ingroei functiewaardering (cf besluit begroting 2023)

100

Toekomstbestendige AGZ (§ 5.1)

1.694

Toekomstbestendige JGZ (§ 5.1)

826

Versterking pandemische paraatheid (§ 5.2)

P.M.

Versterking bedrijfsvoering (§ 7.1)

429

Mutatie inwoners (§ 8.2)

181

Loon- prijs indexatie (§ 8.3)

257 2.223

Kader gemeentelijke bijdrage GGD 2025

18.187

Bijdrage per inwoner: € 25,45

In EUR x 1.000 Gemeentelijke bijdrage JGZ 0-4 begroting 2024

11.005

Mutaties: Af: Basis op orde JGZ 2024

-940

Toekomstbestendige JGZ (§ 5.1)

1.086

Mutatie inwoners (§ 8.2)

53

Loon- prijs indexatie (§ 8.3)

195 394

Kader gemeentelijke bijdrage GGD 2025

11.399

Bijdrage per jeugdinwoner € 82,24

Versie: januari 2024

Pagina

29

In EUR x 1.000 Gemeentelijke bijdrage RVP begroting 2024

1.889

Mutaties: Decentralisatie Maternale kinkhoest (§ 5.3)

176

Mutatie inwoners (§ 8.2)

9

Loon- prijs indexatie (§ 8.3)

29 214

Kader gemeentelijke bijdrage GGD 2025

2.103

Bijdrage per jeugdinwoner € 15,17

Versie: januari 2024

Pagina

30

Bijlage 2: Toelichtende tabellen verdeling gemeentefonds Uitkering gemeentefonds subcluster brandweer voor 2022 en 2023. Gemeente

Uitkering 2023

Aandeel

Uitkering 2022

Aandeel

Arnhem

14.340.832

25,9%

13.924.804

25,8%

Barneveld

4.764.414

8,6%

4.891.987

9,1%

Doesburg

904.302

1,6%

835.634

1,5%

Duiven

1.681.271

3,0%

1.742.596

3,2%

Ede

9.121.441

16,5%

9.268.259

17,2%

Lingewaard

3.202.384

5,8%

2.938.339

5,4%

Nijkerk

3.001.581

5,4%

2.965.373

5,5%

Overbetuwe

3.460.287

6,3%

3.338.651

6,2%

Renkum

2.461.397

4,4%

2.229.284

4,1%

Rheden

3.585.765

6,5%

3.341.387

6,2%

Rozendaal

205.336

0,4%

216.297

0,4%

Scherpenzeel

724.609

1,3%

669.095

1,2%

Wageningen

3.393.210

6,1%

3.318.660

6,1%

Westervoort

1.029.961

1,9%

905.477

1,7%

Zevenaar

3.450.878

6,2%

3.446.107

6,4%

TOTAAL

55.327.668

100,0%

54.031.950

100,0%

Aan de hand van bovenstaande uitkeringsbedragen ontstaat voor 2025 een grotere mutatie in de onderlinge verhouding van de uitkering uit het gemeentefonds met een eenmalig groter herverdelingseffect: Gemeente

Bijdrage 2024

Specifiek

Verdeeld obv

Verdeeld obv

2024

Gf 2022

Gf 2023

Herverdeling

Arnhem

15.315.291

2.835.391

12.479.899

12.547.828

67.929

Barneveld

4.561.226

178.020

4.383.206

4.168.730

-214.476

Doesburg

754.655

6.080

748.574

791.239

42.665

Duiven

1.567.073

6.080

1.560.993

1.471.065

-89.928

Ede

9.497.635

1.198.183

8.299.452

7.981.007

-318.445

Lingewaard

2.756.263

123.241

2.633.022

2.801.996

168.974

Nijkerk

2.717.542

60.801

2.656.741

2.626.300

-30.441

Overbetuwe

3.086.278

94.898

2.991.379

3.027.655

36.275

Renkum

2.134.177

136.194

1.997.984

2.153.654

155.670

Rheden

3.082.225

88.446

2.993.779

3.137.445

143.665

Rozendaal

193.750

-

193.750

179.663

-14.086

Scherpenzeel

612.830

13.376

599.454

634.012

34.558

Wageningen

3.010.714

37.696

2.973.017

2.968.965

-4.053

Westervoort

811.088

-

811.088

901.187

90.098

3.206.997

119.170

3.087.828

3.019.422

-68.406

Zevenaar

De kolom ’Specifiek’ betreft de bijdrage van de betreffende gemeente aan VGGM voor huisvesting, functioneel leeftijdsontslag, verlenging Stadspoort Ede en AED. Omdat deze op basis van werkelijke kosten worden verrekend, blijft deze buiten de verdeling van de gemeentelijke bijdrage op basis van de onderlinge verhouding van het gemeentefonds. Bovenstaande bedragen zijn indicatief en nog onderhevig aan mutaties als gevolg van de indexatie van de bijdragen.

Versie: januari 2024

Pagina

31

Bijlage 3: Bijdragen per gemeente Gemeentelijke bijdrage Veiligheid In € x 1.000

Bijdrage

Correctie

Loon/prij

Versterk.

Harm.

Energie

2024

OOV

s 2025

BV

Huisv.

Transitie

Specifiek

2024

OOV

Bijdrage

herverd.

2025

2025

Arnhem

15.315

0

245

147

39

64

0

77

15.887

Barneveld

4.561

0

71

52

14

23

0

-222

4.498

Doesburg

755

0

14

9

2

4

0

42

825

Duiven

1.439

128

24

18

5

8

0

-93

1.529

Ede

9.498

0

150

98

26

43

0

-328

9.486

Lingewaard

2.756

0

43

31

8

14

0

175

3.027

Nijkerk

2.718

0

43

31

8

14

0

-32

2.781

Overbetuwe

3.086

0

48

35

9

15

0

37

3.232

Renkum

2.134

0

33

24

6

10

0

162

2.369

Rheden

3.082

0

50

35

9

15

-76

147

3.263

Rozendaal

147

46

3

2

1

1

0

-15

186

Scherpenzeel

613

0

10

7

2

3

0

35

670

Wageningen

2.970

41

48

35

9

15

0

-6

3.112

Westervoort

811

0

12

10

3

4

0

93

933

Zevenaar

3.207

0

50

36

10

16

0

-71

3.248

Totaal

53.093

215

844

571

150

250

-76

0

55.048

Gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg In € x 1.000

Kader 2024

loon/prijs

Mutatie

2025

inwoners

Kader 2025

Arnhem

184

3

2

189

Barneveld

68

1

1

70

Doesburg

12

0

0

13

Duiven

28

1

0

28

Ede

134

2

2

139

Lingewaard

53

1

0

54

Nijkerk

50

1

1

51

Overbetuwe

54

1

0

56

Renkum

35

1

0

36

Rheden

49

1

0

50

Rozendaal

2

0

0

2

Scherpenzeel

12

0

0

12

Wageningen

45

1

1

47

Westervoort

17

0

0

17

Zevenaar

50

1

0

51

Totaal

791

14

9

815

Per inwoner

€ 1,12

€ 1,14

Versie: januari 2024

Pagina

32

Gemeentelijke bijdrage PG In € x 1.000

Kader

l/p 2025

2024

Mutatie

Basis

Verst.

inw.

agz

agz

basis jgz

Cont.

Verst.

Functie

Kader

jgz

BV

waard

2025

Arnhem

3.704

60

41

-128

393

-166

192

99

23

4.219

Barneveld

1.369

22

23

-47

146

-61

71

37

9

1.569

Doesburg

249

4

1

-9

26

-11

13

7

2

282

Duiven

564

9

0

-19

59

-25

29

15

3

635

Ede

2.712

44

44

-94

289

-121

140

73

17

3.105

Lingewaard

1.061

17

6

-37

112

-47

55

28

7

1.202

Nijkerk

1.001

16

15

-35

107

-45

52

27

6

1.145

Overbetuwe

1.091

18

10

-38

115

-49

56

29

7

1.240

Renkum

709

11

2

-24

75

-32

37

19

4

801

Rheden

982

16

3

-34

103

-44

51

26

6

1.109

Rozendaal

40

1

0

-1

4

-2

2

1

0

45

Scherpenzeel

233

4

2

-8

25

-10

12

6

1

264

Wageningen

903

15

22

-31

97

-40

47

25

6

1.042

Westervoort

338

5

4

-12

36

-15

17

9

2

385

Zevenaar

1.009

16

9

-35

107

-45

52

27

6

1.146

Totaal

15.964

257

181

-551

1.694

-713

826

429

100

18.187

Per inwoner

€ 22,60

€ 25,45

Gemeentelijke bijdrage JGZ 0-4 In € x 1.000

Kader 2025

loon/prijs

Mutatie

basis op orde

Continuiteit

2025

inwoners

jgz

jgz

Kader 2025

Arnhem

2.384

42

11

-203

235

2.469

Barneveld

1.238

22

21

-107

124

1.297

Doesburg

135

2

-3

-11

13

137

Duiven

359

6

-5

-30

35

364

2.067

37

24

-178

205

2.155

Lingewaard

724

13

-5

-61

71

742

Nijkerk

774

14

3

-66

76

800

Overbetuwe

804

14

0

-68

79

829

Renkum

422

7

-3

-36

41

432

Rheden

583

10

-4

-49

57

597

Rozendaal

33

1

-1

-3

3

33

Scherpenzeel

187

3

4

-16

19

196

Wageningen

461

8

8

-40

46

484

Westervoort

217

4

3

-19

22

226

Zevenaar

619

11

0

-53

61

638

11.005

195

51

-940

1.086

11.399

Ede

Totaal per 0-18 jarige

€ 79,77

€ 82,24

Versie: januari 2024

Pagina

33

Gemeentelijke bijdrage RVP In € x 1.000

Kader 2024

loon/prijs

Maternale

Mutatie

2025

kinkhoest

Inwoners

Kader 2025

Arnhem

409

6

38

2

456

Barneveld

212

3

20

4

239

Doesburg

23

0

2

0

25

Duiven

62

1

6

-1

67

Ede

355

6

33

4

398

Lingewaard

124

2

11

-1

137

Nijkerk

133

2

12

0

148

Overbetuwe

138

2

13

0

153

Renkum

72

1

7

-1

80

Rheden

100

2

9

-1

110

Rozendaal

6

0

1

0

6

Scherpenzeel

32

1

3

1

36

Wageningen

79

1

7

1

89

Westervoort

37

1

4

1

42

Zevenaar

106

2

10

0

118

Totaal

1.889

29

176

9

2.103

per 0-18 jarige

€ 13,69

€ 15,17

Versie: januari 2024

Pagina

34

Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) verzorgt Ambulance, Brandweer, GGD en GHOR voor de gemeenten Gelderland-Midden

Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden Postbus 5364 6802 EJ ARNHEM T 0800 8446 000 E info@vggm.nl I www.vggm.nl

Versie: januari 2024

Pagina

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rozendaal&id=b28c0899-38bc-4f7a-9c85-a201dd05c571