CConstaterende datRozendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2: Raadsvoorstel september 2024, zienswijze op Uitgangspuntennotitie RPW

1.2 Raadsvergadering 13 mei 2025, gemeente RozendaalBij agendapunt: Regionaal Programma Werklocaties Groene Metropoolregio 2025-20281.328 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Onderwerp Zienswijze op de Uitgangspuntennotitie Regionaal Programma Werklocaties 2025-2028 Adviseur Programma Portefeuillehouder

: R. Berendsen : Economie : S. Warmerdam

Datum B&W Datum Raad Openbaar

: 27 augustus 2024 : 17 september 2024 : Ja

Aan de Raad

Aanleiding Met het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) maken 16 gemeenten in de Groene Metropoolregio (GMR) elke vier jaar afspraken over de programmering van werklocaties (bedrijventerreinen, kantoren en detailhandel). In het nieuwe RPW worden hier afspraken over campussen aan toegevoegd. Elke 2 jaar is er een tussentijdse monitoring. Het huidige RPW loopt tot mei 2025. Op dit moment bereiden we ons voor op een nieuw RPW voor de periode 2025 - 2028. Voordat het concept RPW aan alle raden wordt voorgelegd haalt de Groene Metropoolregio zienswijzen op over de belangrijkste uitgangspunten van het nieuwe RPW. Daar gaat dit raadsvoorstel over. Het RPW zal dus twee keer op de raadsagenda staan: de eerste keer voor het ophalen van zienswijzen op de Uitgangspuntennotitie RPW, de tweede keer voor de besluitvorming over het definitieve RPW. Het gehele proces gebeurt in nauwe samenwerking met de regiogemeenten. Zo zijn de keuzes in deze uitgangspuntennotitie tot stand gekomen in het ambtelijk en bestuurlijk platform van de Productieve regio van de Groene Metropoolregio (GMR). In de volgende fase worden ook andere stakeholders betrokken. Gevraagde beslissing 1. Kennisnemen van de Uitgangspuntennotitie Regionaal Programma Werklocaties 2025-2028. 2.

instemmen met de conceptbrief aan de Groene Metropool Regio met de zienswijzen op de uitgangspuntennotitie voor het Regionaal Programma Werklocaties 2025-2028. Wat willen we bereiken? De GMR input geven voor de uitwerking van de Uitgangspuntennotitie in het nieuwe RPW. Argumenten Voor de RPW-onderdelen bedrijventerreinen, kantoren en detailhandel is de afgelopen periode geanalyseerd in welke mate marktontwikkelingen aanleiding geven de regionale programmering van werklocaties aan te passen. Daar zijn, vanwege het toenemende belang voor onze regio, de campussen als vierde onderdeel aan toegevoegd.

Pagina 1 van 4

Raadsvoorstel

1. Brede welvaart, duurzaamheid en zorgvuldig ruimtegebruik Met het oog op de brede welvaart en het behoud van het landschap in de regio, is het belang van ruimte voor economie en zorgvuldig ruimtegebruik verder toegenomen. Het is daarom zaak de bestaande werklocaties in de GMR zo optimaal mogelijk te benutten. Dat betekent streven naar het juiste bedrijf op de juiste plek en, waar mogelijk en passend, intensiever ruimtegebruik. Waarbij in het vorige RPW vooral afspraken zijn gemaakt over nieuwe uitleg, gaat dit RPW ook expliciet in op bestaande locaties en de ruimte die we daar kunnen ‘winnen’. Daarmee zorgen we ervoor dat er minder ruimte nodig is voor nieuwe werklocaties. Om een florerende economie te behouden blijft het echter ook nodig om (beperkt) nieuwe werklocaties te ontwikkelen. 2. Optimalisatie van het ruimtegebruik op bedrijventerreinen De Uitgangspuntennotitie borduurt voort op bestaand regionale beleid voor bedrijventerreinen zoals het Verstedelijkingsakkoord en het Regioarrangement. Er worden nu verdere stappen gezet op zorgvuldig ruimtegebruik, ruimtelijke inpassing, kwaliteitsimpuls en het toekomstbestendig maken van bedrijventerreinen. Voorgesteld wordt daarbij de volgende vijf stappen te hanteren: 1. Het behoud van de werklocatiefunctie en compensatie van ruimte bij transformatie naar een andere functie. 2.

Extra m² toevoegen op bestaande bedrijventerreinen door het optoppen van gebouwen, 24 uurs gebruik, gezamenlijk parkeren e.d. 3. Inzetten op herstructurering en intensivering van bestaande bedrijventerreinen met als doel optimalisatie van het ruimtegebruik en het juiste bedrijf op de juiste plek. 4. Combineren van werken met andere functies. Niet alle economische functies hoeven op formele werklocaties. Lichtere activiteiten kunnen vaak gemengd worden met wonen of (in leegstaande panden) binnen de bebouwde kom (zoals winkelgebieden). 5. Zorgvuldige ontwikkeling en uitgifte van nieuwe bedrijventerreinen wanneer voorgaande stappen niet tot voldoende ruimte leidt. 3. Voortzetting van het regionaal kantorenbeleid Het regionaal kantorenbeleid uit het vorige RPW wordt in het RPW 2025-2028 voortgezet. Dit betekent dat nieuwe kantoren zich concentreren in de stationsgebieden Arnhem Centraal en Station Nijmegen/centrumgebied. Bovendien genieten bestaande kantoren in deze gebieden een beschermde status ten aanzien van transformatie naar wonen. Op campussen is daarnaast ruimte voor kantoorhoudende bedrijven die de campus versterken.

In overige kantoorgebieden is er geen sprake van uitbreiding, maar wordt ingezet op kwalitatieve versterking (toekomstbestendige kantoorparken) of, in geval van langdurige leegstand, transformatie naar een andere economische functie (overige kantoorparken en bedrijventerreinen). Kleinschalige kantoren in de wijk (tot 500 m²) zijn wenselijk indien dit past bij het lokale omgevingsbeleid en het de wijkeconomie versterkt. 4. Voortzetting van het regionaal detailhandelsbeleid Het recent (eind 2023) uitgevoerde Koopstromenonderzoek Oost-Nederland toont aan dat het regionale beleid voor perifere en grootschalige detailhandel en voor reguliere detailhandel kan worden voortgezet. Mogelijkheden voor additionele ontwikkelruimte van Perifere Detailhandels Pagina 2 van 4

Raadsvoorstel

Vestigingen bevindt zich alleen in Duiven (te realiseren door middel van intensivering/ herstructurering van de bestaande voorraad). 5. Toevoeging van het onderdeel Campussen Campussen zijn een magneet voor talent, ondernemerschap en investeerders. Dit zorgt voor innovatieve bedrijvigheid, waarmee campussen een motor zijn voor de regionale economische ontwikkeling. Vanwege het toenemende belang van de campussen voor de regionale economie, wordt in het RPW 2025-2028 een hoofdstuk campussen toegevoegd. Onze zienswijze In het voortraject hebben wij geen specifieke inbreng aangedragen vanuit Rozendaal. Dit komt mede omdat de uitgangspuntennotitie RPW Rozendaal in directe zin niet raakt. Dat neemt niet weg dat het document relevant is voor de regio en de provincie. Daarnaast raakt het document onze inwoners indirect omdat veel van de inwoners van Rozendaal werken op de verschillende werklocaties in de regio. De Omgevingsverordening van de provincie Gelderland verplicht gemeentebesturen om in regioverband iedere vier jaar een RPW op te stellen. Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland stellen uiteindelijk het nieuwe RPW vast. De provincie neemt het RPW dan op in de provinciale verordening en toetst omgevingsplannen hieraan.Gezien deze verplichting stellen wij voor om een positieve zienswijze in te dienen. Kanttekeningen 1.

De druk op de ruimte is groot, denk aan de behoefte aan woningen, de energietransitie en de omslag naar een circulaire economie. Maar er moet ook voldoende ruimte blijven voor economische activiteiten. Wat gaan we daarvoor doen? a) Planning De GMR vraagt u om uw wensen en bedenkingen uiterlijk op 7 oktober 2024 kenbaar te maken. Zij streven ernaar om op basis van alle input in Q1 2025 een definitief RPW aan te kunnen bieden aan de gemeenteraden. Het huidige RPW 2021-2024 is tot en mei 2025 van kracht, de provincie geeft echter aan dat een zorgvuldig traject belangrijker is dan snelheid. Het streven blijft vooralsnog om in mei 2025 het traject te hebben afgerond en het nieuwe RPW aan te kunnen bieden aan Gedeputeerde Staten van de Provincie Gelderland. b) Evaluatie Met het RPW maken 16 gemeenten in de GMR elke vier jaar afspraken over de programmering van werklocaties (bedrijventerreinen, kantoorlocaties, winkelgebieden en campussen). Na twee jaar is er steeds een tussentijdse monitoring.

Pagina 3 van 4

Raadsvoorstel

c) Participatie en communicatie Voorliggende uitgangspuntennotitie is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met de regiogemeenten en is meermaals besproken in het ambtelijke en bestuurlijk platform Productieve Regio van de GMR. Gemeenteraden worden middels deze uitnodiging betrokken. 27 november 2023 is er een presentatie geweest bij de Regio Agendacommissie over wat het RPW inhoudt en waarom deze van belang is voor onze regio en de regiogemeenten. Op 24 mei zijn de raadsleden uitgenodigd voor een werkbezoek aan Duiven waarbij naast de nieuwe regionale agenda ook het RPW gespreksonderwerp was. In september volgt er nog een webinar voor raadsleden. De GMR benut de periode tot en met oktober 2024 om de uitgangspuntennotitie breder te toetsen en input op te halen. Dat gebeurt onder andere bij de zogenaamde integratietafels met alle opgaven binnen de GMR, bij ondernemersverenigingen, VNO-NCW, The Economic Board, marktpartijen. Alle input, inclusief de zienswijzen van de raden, vormen input voor de uitwerking van het uiteindelijke RPW. d) Publicatie verplicht? Niet van toepassing. Wat mag het kosten? Aan dit voorstel zijn geen kosten verbonden.

Het college van burgemeester en wethouders,

Bas Pelgrum, gemeentesecretaris

Ester Weststeijn, burgemeester

Bijlage(n) 1. Aanbiedingsbrief Uitgangspuntennotitie Regionaal Programma Werklocaties 2. Uitgangspunten Regionaal Programma Werklocaties 3. Concept zienswijze

Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rozendaal&id=a8ca72b8-ef7f-4e26-a01e-3b219c282254