6 Inkoop Bijl 5 Resultaatafspraken.docx
Tekst van het document
Resultaatafspraken
Versie: 10-06-2021 1
We concretiseren de ontwikkelopgave Op hoofdlijnen doen we de volgende voorstellen om tot elkaar te komen: 1. Alle GI dienstverlening wordt in 2022 gebaseerd op het vastgestelde uurtarief. Dit is inclusief de Bijzondere Bijkomende Kosten (BBK). Reis -zak en kleedgeld vergoeding maken geen deel uit van het tarief van een GI (maar van een jeugdhulp aanbieder tarief). 2. De GI’s gebruiken in hun caseload normering de normen uit de 2014 Delta methodiek 3. De woonplaatsbeginsel afspraken inzake verhuizing worden door gemeenten nageleefd. We voorkomen administratieve werkzaamheden door naleven van bestaande én nieuw te maken afspraken. 4. De afspraken behorende bij de bouwstenen “samenwerken in de praktijk” met bijhorende randvoorwaarden én kosten worden G7 breed omarmd en met tempo opgepakt voor een vliegende start per 2022 en voorzien van harde Resultaatafspraken. 5. Alle betrokken Jeugdhulpregio’s starten een Toekomsttuin en betrekken actief de GI’s en andere veiligheidspartners, waarbij we per Toekomsttuin de bekostiging aan de hand van het Plan van Aanpak zullen bepalen. Dit kan per Toekomsttuin verschillen. 6. We gaan sturen op het dalen van de kosten voor de ingezette Jeugdhulp door GI’s Door maatregelen 4, 5 en 6 verwachten er we hiermee actief de hoeveelheid maatregelen te verminderen/beperken.
Afspraak = afspraak De hieronder opgesomde Resultaatafspraken zijn vertalingen van de ontwikkelopgave en worden opgenomen als resultaatverplichtingen in de overeenkomst. Bij het niet behalen van de resultaten wordt de partij die in gebreke is gebleven aansprakelijk gesteld.
1. Welke resultaatafspraken zijn nodig om beeld en grip te krijgen op deze afspraken? Er is veel gesproken in de werkgroep over de normen vanuit het Berenschot rapport. Deze normen lijken een startpunt, maar voldoen niet aan de ambities zoals die horen bij de Gelderse Verbeteragenda. We willen gaan ontwikkelen met elkaar en hiervoor nemen we als uitgangspunt de typering zoals door Berenschot voorgesteld voor indirecte personele kosten en als ook overhead. We stellen de volgende Resultaatafspraken voor om op te resultaatafspraken te maken. Dit vergt inspanning van zowel GI als gemeente. We gaan samen voor een beter functionerende keten mét lagere kosten. De resultaatafspraken worden over na 2 jaar geëvalueerd en waar nodig herijkt. De huidige resultaatafspraken zijn een fundament waar we komende jaren als partners verder mee gaan en met elkaar gaan doorontwikkelen. 1. Meer tijd en ruimte voor de Jeugdbeschermer Om de werkdruk van de jeugdbeschermers te verlagen, daarmee samenhangend het werkplezier te verhogen gaan we toewerken naar een lagere caseload. Feitelijk is caseload de norm voor productieve uren gedeeld door de normuren per maatregelen. Daarnaast is er sprake van ingeschat 18% tijd die een jeugdzorgmedewerker gemiddeld kwijt is om plaatsing voor jeugdhulp in te regelen. Dit is vastgesteld aan de hand van een enquête onder 121 jeugdzorgmedewerkers van de vier GI’s.
Jaarlijks wordt een daling van 2% nagestreefd, zodat jeugdzorgmedewerkers meer directe cliënturen kunnen inzetten. Deze daling draagt tevens 2
bij aan een kostenbesparing van de jeugdhulp (zie resultaatafspraak 2). Dit wordt inzichtelijk gemaakt door eenmaal per jaar een onderzoek, welke door GI en gemeenten gezamenlijk worden ontwikkeld, van voldoende omvang (tenminste 100 respondenten) te doen onder Jeugdbeschermers, waarbij hen wordt gevraagd hoeveel tijd ze kwijt zijn aan het vinden van passende hulp. Daarnaast is het open gesprek noodzakelijk tijdens de contractmanagement gesprekken. 2. Kosten jeugdhulp De kosten voor de ingezette Jeugdhulp door de GI’s gaan dalen. Onder andere door ruimte in de caseload te creëren (zie resultaatafspraak 1), kan doelmatiger worden doorverwezen. Jeugdhulp wordt daardoor goedkoper waar het kan, en duurder alleen waar nodig. Dit resulteert in een besparing op de ingezette Jeugdhulp door GI’s met 1% per jaar. De GI’s hebben hiervoor nodig dat de gemeenten de inkoop van het zorgaanbod adequaat hebben ingericht. Wijkteams dienen voldoende kwaliteit in huis te hebben om ambulante zorg te verlenen en tijdig specialistische hulp in te schakelen wanneer nodig. Partnerschap is essentieel en het terugdringen van de kosten jeugdhulp dient te worden voorbereid middels een plan van aanpak in de tweede helft van 2021 waarin zowel gemeenten als GI’s een taak hebben.
De resultaten wordt inzichtelijk gemaakt door te kijken naar de kosten van de ingezette Jeugdhulp aan de hand van een bepaling van de GI. Dit wordt op jaarbasis gemeten. Daarnaast is het open gesprek noodzakelijk tijdens de contractmanagement gesprekken. 3. Overheadkosten Kijkend naar rapport Berenschot is de gemiddelde norm voor overhead 29,1%. De GI’s zullen allen sturen naar de normen zoals gelden voor het eerste kwartiel zoals opgenomen door rapport Berenschot, namelijk 28,1%. Daarnaast willen we verdere efficiency behalen op de administratieve samenwerking tussen gemeenten en GI en het verder optimaliseren van de bedrijfsvoering. Door te werken met een Gelderse monitor én berichtenverkeer komen er ten opzichte van 2021 aanvullende werkzaamheden. Dit wordt volledig gecompenseerd, waarbij het cruciaal is dat gemeenten conform het VNG convenant inzake woonplaatsbeginsel werken. Door de bezuinigingsopgave die GI’s krijgen is er een prikkel om fors te sturen op het beheersbaar houden van overhead kosten. Er zal jaarlijks inzichtelijk gemaakt worden hoeveel de overheadkosten dalen. Dit wordt inzichtelijk gemaakt door jaarlijks door de GI’s op eenzelfde manier als voor het Berenschot onderzoek in 2018 kosten gealloceerd en het percentage overhead inzichtelijk te maken. 4.
Verloop We gaan het verloop naar beneden brengen (momenteel 20%), hiervoor hanteren we als norm 2,5% per jaar (17,5% in 2022, 15% in 2023). Een genormeerde daling van 2,5% per jaar impliceert een productiviteitsverbetering van 8 uur. GI’s zijn op allerlei manieren bezig om personeelsinstrumenten in te zetten en te ontwikkelen om verloopcijfers te verlagen, maar vinden deze uitdaging ook een zaak van partnerschap. Dit realiseren we onder andere ook door het maken van regionale afspraken over die zaken die een relatie hebben met afname van werkplezier én daarmee van invloed zijn op verloop: • Het monitoren én bijsturen van de werkafspraken van eenduidige aanmeldroute (per regio) 3
•
Het monitoren én bijsturen van de werking van RET’s en BOEG op regionaal niveau. Is er een verbetering in het leveren van tijdige en passende hulp? • Het monitoren van de daling in wachttijd bij gecontracteerde jeugdhulpaanbieders ten einde om escalaties en opschaling te voorkomen Dit wordt inzichtelijk gemaakt door jaarlijks inzichtelijk te maken wat de beginstand is van jeugdbeschermers, de instroom van nieuwe jeugdbeschermers, de uitstroom van jeugdbeschermers en de eindstand is van jeugdbeschermers per jaar. Daarnaast is het open gesprek noodzakelijk tijdens de contractmanagement gesprekken. 5. Instroom nieuwe medewerkers Daar waar er sprake is van verloop dient er gefocust worden op instroom nieuwe medewerkers. De betrokken regio’s zullen actief zorgdragen voor gemeenschappelijk carrière ontwikkeling programma waarin medewerkers van Lokale Teams, Veilig Thuis en GI’s actief worden gewezen op elkaar vacatures. Er worden snuffelstages/uitwisselingsprogramma’s en terugkeergaranties naar oude werkgevers georganiseerd. Met het huidige tekort aan jeugdbeschermers wordt er nu al actief bij Lokale Teams gewezen op de mogelijkheid van het werken als jeugdbeschermers. GI’s committeren zich om jeugdige enthousiaste mensen die dreigen uit te vallen bij de GI, een jaar of twee minder complexe ervaring opdoen bij de gemeentelijke teams.
Deze opgave is reeds opgenomen in de GVJB, maar nog niet geconcretiseerd. Dit wordt als procesafspraak opgenomen in de overeenkomst én gerealiseerd in de periode juli-december 2021. We monitoren deze resultaatafspraak aan de hand van de stijging in sollicitaties op GI vacatures vanuit het lokaal veld en VT. Hierbij hanteren de norm van een stijging van 10% per jaar. Deze resultaatafspraak is alleen hard te maken door bij alle nieuwe medewerkers volledige registratie van vorige werkgevers te doen. Dit ligt niet voor de hand. We focussen ons op verhoging van de instroom van medewerkers én daarnaast voeren we het open gesprek tijdens de contractmanagement gesprekken. 6. Toekomsttuinen We monitoren de start en doorontwikkeling van de toekomsttuinen. We doen dit door de instroom en uitstroom van de JeugdBeschermingTafels en de Raad voor de Kinderbescherming te monitoren en aan de verlaging van het gebruik van het vragen om Raadsonderzoek (VTO) een prestatie norm te koppelen Dit wordt inzichtelijk gemaakt door te kijken per 1 januari 2022 of er een Toekomsttuin is opgestart. 7. Instroom wettelijke maatregelen daalt met 5% Door het optimaliseren van de ondersteuning vanuit samenwerking RvdK, VT en GI’s van het Lokale veld, daalt de instroom bij de GI’s voor wettelijke maatregelen met 5%. In 2023 daalt de instroom wederom met 5% .
Samenwerking en partnerschap zijn essentieel om de toeleiding naar wettelijke maatregelen te laten dalen. Tijdens de looptijd van de Toekomsttuin wordt er gekeken of er jaarlijks 5% minder verwijzingen komen naar wettelijke maatregelen vanuit de betreffende gemeente waar de Toekomsttuin is opgericht. Daarnaast is het open gesprek noodzakelijk tijdens de contractmanagement gesprekken. 8. Implementatie bouwstenen 4
Regio’s committeren zich aan het volledig implementeren van de randvoorwaarden zoals opgenomen in de bouwstenen. Dit betekent één eenduidige aanmeldroute per Jeugdhulpregio per 2022, afspraken over inzicht van de wachtlijsten van de Jeugdhulpaanbieders (bijv. door het werken met zorgbemiddelaar, Beschikbaarheidswijzer of anderszins). Ook zijn de Jeugdbeschermingstafel en de Regionale Expert team Operationeel. Dit wordt inzichtelijk gemaakt door te kijken per 1 januari 2022 of aan alle bouwstenen voldaan is en bespreken in het bovenregionaal contractmanagement overleg. 9. Gemiddelde duur van een Verlengde OTS De gemiddelde duur van een Verlengde OTS gaat dalen. We houden rekening met de uitzonderlijke gevallen. We stellen de norm vast op basis van de gegevens van de GI’s over 2020 en 2021. We hanteren de norm dat de huidige gemiddelde duur van verlengde OTS jaarlijks daalt met 2%. Dit wordt mogelijk gemaakt door eerder over te dragen naar een lokaal team en het beter inzichtelijk hebben van wachtlijsten bij jeugdhulpaanbieders. Het is belangrijk om deze resultaatafspraak na 3 jaar te herzien. Dit doen we door: A Gemeenten borgen actieve betrokkenheid van een lokaal team. Er is altijd een lokale teammedewerker beschikbaar is voor afschaling bij voorgenomen einde maatregel. Wachttijd voor de Jeugdbeschermers voor het lokale team is de maximaal overeengekomen 3 dagen.
B De doorlooptijd van een maatregel is mede gerelateerd aan een tijdige start van de meest gewenste en passende zorg, zoals door de GI – in samenspraak met het lokale team – bepaald. Door Jeugdhulpaanbieders actief wachttijden inzichtelijk te laten maken kan de Jeugdbeschermer, samen met de lokaal team medewerker, sneller de meest gewenste en passende zorg laten starten. Dit wordt inzichtelijk gemaakt door te kijken naar een gewogen gemiddelde per GI voor het totaal van alle Gelderse gemeenten. 10. Beëindiging Voogdij maatregel De GI’s sturen waar mogelijk op het eerder beëindigen van een Voogdij maatregel door vanuit de verkregen caseload ruimte actiever in het netwerk op zoek te gaan naar een voogd. Vanaf 2022 streven GI’s dat jaarlijks 1% van alle voogdij casussen beëindigd worden om deze reden. Dit wordt inzichtelijk gemaakt door te kijken naar afsluiten van voogdij maatregelen waarbij de jeugdige nog geen 18 jaar heeft bereikt. Daarnaast is het open gesprek noodzakelijk tijdens de contractmanagement gesprekken.
11. Geen woonplaatsbeginsel problemen meer Om de overhead structureel te kunnen laten dalen is het van belang dat gemeenten de afspraken uit het VNG convenant inzake woonplaatsbeginsel eerbiedigen. De uitzoekwerkzaamheden voor de GI’s betekenen veel overhead kosten. Het VNG convenant is 5
leidend en bij problemen wordt dit direct opgepakt. De overhead kosten kunnen dalen als gemeenten ook structureel conform het VNG convenant handelen. Dit wordt inzichtelijk gemaakt door jaarlijks vanuit de Gecertificeerde Instellingen de aantallen incidenten per gemeente/Jeugdhulp regio te delen. Tijdens het bovenregionale contractmanagement overleg wordt hierop gestuurd.
2. Shared benefits De genoemde resultaatafspraken geven een inkijk in hoe het tarief in 2023 opnieuw berekend kan worden. Er is meer caseload ruimte, er minder overhead, er is minder instroom en we werken beter samen. We hebben oog voor de bedrijfsvoering aan de zijde van de GI’s; door te snijden in aantallen maatregelen heeft dit ook weerslag op de organisatie. De insteek van de resultaatafspraken is om te komen tot hogere kwaliteit en dalende kosten in de keten.. De genoemde Resultaatafspraken gaan we op sturen. Dat betekent dat de genoemde Resultaatafspraken harde eisen zijn en terugkomen in de Gelderse contractmanagement gesprekken. De Resultaatafspraken zijn wederkerig. Bij het niet behalen van de Resultaatafspraken bij gemeenten ondervinden de GI’s hier hinder van. Idem geldt dat als GI’s de Resultaatafspraken niet behalen de gemeenten hier hinder van ondervinden. We gaan na 2 jaar de huidige resultaatafspraken evalueren. Onze shared benefits vinden we terug in betere, kortere trajecten en het inzetten op het voorkomen van maatregelen. Door meer uren beschikbaar te hebben voor de jeugdbeschermer (door lagere caseload) kan er een daadwerkelijke verlaging van de werkdruk plaatsvinden. Door de caseload verlaging blijft er meer ruimte over voor betere afstemming, verhoging van werkplezier én daling van verloop.
We spreken 3-maal per jaar met elkaar op Gelders niveau en we monitoren voortgang op de vastgestelde Resultaatafspraken. Bij een tweede maal afwijking door een gemeente/GI escaleren we naar het Bestuurlijk Overleg G7. We zijn serieuze partners van elkaar. Het niet behalen van de Resultaatafspraken betekent dat deze partij in gebreke is én dient de verantwoordelijkheid hiervoor te nemen. Dat is zakelijk partnerschap.
6
Vastgestelde monitoring op 7-tal waarden Ten dienste van de Gelderse Monitor worden de gegevens vanuit het Gemeentelijk Gegevens Knooppunt verwerkt. Dit zijn gegevens die stoelen op het iJW berichtenverkeer. Om inzicht te houden of de bovengenoemde resultaatafspraken als ook verder inzicht in de effecten van de ingezette Jeugdbescherming wordt erop een 7-tal waarden gemonitord. Op basis van de gedane metingen kan er vervolgens een Kritische Prestatie Indicator met een norm ontwikkeld worden. Er wordt gemonitord op de waarden: 1. Aantallen Jeugdbescherming/Jeugdreclasseringsmaatregelen (conform resultaatafspraak 7) a. Bijbehorende financiële waarde van de ingezette maatregelen b. Bijbehorende financiële waarde van de ingezette Jeugdhulp (conform resultaatafspraak 2) 2. Instroom/doorstroom/uitstroom a. Start aantal Jeugdbeschermingsmaatregelen b. Beëindiging aantal Jeugdbeschermingsmaatregelen (conform resultaatafspraak 9 en 10) 3. Doorlooptijd a. Door te kijken naar het verschil tussen de 2b en 2a genoemde waarden komen de doorlooptijden naar voren (conform resultaatafspraak 9) 4. Samenloop Jeugdhulp a. Ingezette Jeugdbeschermingsmaatregel b. Ingezette Jeugdhulp maatregel(en) 5. Samenloop crisis a. Ingezette Jeugdbeschermingsmaatregel b. Ingezette crisismaatregel(en) 6. Wachttijd a. Start jeugdbeschermingsmaatregelen b. Toewijzing Jeugdhulp c. Start Jeugdhulp 7. Afschaling a.
Achter elkaar ingezette Jeugdhulpmaatregelen De vastgestelde waarden worden gebruikt ten behoeve van de resultaatafspraken enerzijds en anderzijds ook meegenomen in de (boven)regionale contractmanagement gesprekken tussen partijen worden de behaalde waarden met elkaar inzichtelijk gemaakt en zullen ook in 2022 dan wel 2023 ook genormeerd worden tot KPI’s, voor zover dit niet al gebeurd is vanuit de resultaatafspraken. In de bijgevoegde bijlage staan de definities nader geduid.
7
Tussentaal Ten behoeve van het op Gelders niveau vergelijkbaar maken van de gestelde waarden én resultaatafspraken dient er gewerkt te worden met een eenduidige groepering van zorgproducten over de regio’s heen. Deze tussentaal maakt de ingezette Jeugdhulp vergelijkbaar tussen de regio’s en hiermee kan een monitor gevuld gaan worden. De bijgevoegde lijst met 10 hoofdcategorieën is vastgesteld hiervoor. 1. 2. 3. 4.
Ambulante zorg Pleegzorg Gezinshuizen Crisis a. Zowel residentieel als ambulant 5. JeugdzorgPlus 6. Verblijf licht a. deeltijd verblijf, logeren 7. Verblijf middel a. verblijf groep licht 8. Verblijf Zware vormen a. 3 milieu, verblijf groep, deeltijdprestaties GGZ 9. LTA zorg 10. Overige producten a. BSO+, Persoonlijke Verzorging, Vervoer De genoemde lijst is een startpunt. Partijen erkennen dat flexibiliteit noodzakelijk is en met nieuwe inkooprondes voor Jeugdhulp door gemeenten komende jaren kan de indeling misschien nog gaan schuiven. Daarmee is de lijst voor nu definitief, maar niet onwijzigbaar. Eventuele wijzigingen zullen door Partijen worden besproken in het bovenregionaal contractmanagementoverleg vanwege de implicaties voor eventuele vergelijkbaarheid.
8
Bijlage 1 Definities
Aantallen Jeugdbescherming/Jeugdreclasseringsmaatregelen (1) Bron:
iJW 303 en iJW323
Dimensies:
-
Productcode Ingangsdatum zorg Eindedatum zorg AGB code declarant Gemeentecode Indicatie debet/credit Declaratiebedrag Indicatie debet/credit toegekend bedrag
Meetwaarden
-
Identificatienummer kind (uniek BSN of geanonimiseerd) Toewijzingsnummer Declaratiebedrag Toegekend bedrag
Filter
-
Producten vallen binnen de iJW47 of iJW48 of iJW49 categorie Ingangsdatum zorg > 1-1-2017 Alleen verwerkte en toegekende regels
Instroom/doorstroom/uitstroom en doorlooptijd (2 en 3) Bron
iJW305 en iJW307
Dimensies
-
Productcode Datum start-zorg Datum stop-zorg
Meetwaarden
-
Identificatienummer kind (uniek BSN of geanonimiseerd) Toewijzingsnummer
-
Producten vallen binnen de iJW47 of iJW48 categorie Ingangsdatum zorg > 1-1-2017
Filter Definitie instroom
Datum start-zorg
Definitie uitstroom
Datum start-zorg
Definitie doorstroom
Lopende zorg: Datum heden – datum start-zorg Beëindigde zorg: Datum stop-zorg – datum start-zorg
9
Samenloop Jeugdhulp en Samenloop Crisis (4 en 5) Bron:
iJW303, iJW323, iJW305 en iJW307
Dimensies
-
Productcode Datum start zorg Datum einde zorg AGB code declarant Gemeentecode Indicatie debet/credit Declaratiebedrag Indicatie debet/credit Toegekend bedrag
Meetwaarden
-
Identificatienummer kind (uniek BSN of geanonimiseerd) Toewijzingsnummer Declaratiebedrag Toegekend bedrag
Filter
Per kind is er minimaal een declaratie met een product binnen de iJW47 of iJW48 categorie Ingangsdatum zorg is bekend via iJW305. Eindedatum zorg is bekend via iJW307. Samenloop stopt na eindedatum zorg. Datum startzorg JH > datum startzorg JB/JR product Alleen verwerkte en toegekende regels
-
Wachttijd (6) Bron:
iJW301; iJW303 of 323; externe database/filesheet
Dimensies:
-
AGB code aanbieder Naam aanbieder Jaar
Meetwaarden:
-
Bedrag declaraties (iJW303 of iJW323) Bedrag toewijzingen (iJW301)
Filter:
-
Ingangsdatum zorg > 1-1-2017 Alleen verwerkte en toegekende regels
Berekeningen:
-
Gemiddelde uitnutting = (Bedrag declaraties voorgaand jaar)/(Bedrag toewijzingen voorgaand jaar) Ruimte budgetplafond = Budgetplafond -/- (Bedrag toewijzingen huidig jaar * Gemiddelde uitnutting)
-
10
Afschalen (7) Voor samenloop zie 4 en 5
Definitie “afschalen” -
Opvolgende zorg (per kind of in het algemeen) kenmerkt zich door een lagere productcategorie. Aanname is dat een lagere productcategorie minder zware zorg inhoud. Opvolgende zorg (per kind of in het algemeen) kenmerkt zich door minder lange doorlooptijden. Opvolgende zorg (per kind of in het algemeen), bij gelijkblijvende productcategorie of doorlooptijd, kenmerkt zich door lagere kosten. Aanname is dat er een lichter product binnen dezelfde categorie wordt ingezet, of de frequentie neemt af.
11