15. Ontwerp Omgevingsvisie Rozendaal
Tekst van het document
→ Programma Duurzaamheid (incl. warmte) → Programma Beheer Openbare Ruimte Grijs → Programma Beheer Openbare Ruimte Groen → Etc.
35
INLEIDING
OMGEVINGSSCHETS
TOEKOMSTVERHAAL
→ Do (doen): dit is de uitvoeringsfase waarin de maatregelen en acties worden uitgevoerd. Dit gaat bijvoorbeeld om het verlenen van vergunningen of het uitvoeren van specifieke projecten. Indien van toepassing is ook de participatie van bijvoorbeeld burgers, bedrijven of mede-overheden onderdeel van deze stap. → Check (controleren): na de uitvoering wordt gemonitord of de maatregelen het gewenste effect hebben gehad. Hiervoor wordt teruggegrepen naar de meetbare indicatoren uit de ‘Plan-fase’. → Act (acteren): op basis van de uitkomsten van de ‘Check-fase’ worden acties ondernomen. Dit kan gaan om het uitvoeren van nieuwe (extra) maatregelen, het borgen van (het vervolg van) succesvolle acties uit de ‘Do-fase’ of bijsturing op de inhoud van omgevingsprogramma. Zo wordt de opgedane kennis ingebracht in een nieuwe ‘Plan-fase’ en start de cyclus opnieuw. Via de begroting en de jaarstukken wordt verantwoording afgelegd aan de gemeenteraad over de vordering van de omgevingsprogramma’s. Zo kunnen zij jaarlijks de voortgang van de doelstellingen zien en worden zij op de hoogte gehouden hoe het college daar in het volgende jaar op gaat acteren.
DRIE INTEGRALE KERNAMBITIES
UITVOERING
OMGEVINGSVISIE ROZENDAAL
RUIMTEVOLK
5.4 EVALUATIE Onze omgevingsvisie Rozendaal 2050 is nu klaar, maar nooit af. We kijken regelmatig of we nog op de juiste weg zitten. Nieuwe inzichten en opgaven vragen ons steeds opnieuw te kijken naar de relevantie van ons beleid en de rol die we spelen als gemeente. Om onszelf snel aan te kunnen passen vormen monitoring en evaluatie een belangrijke pijler. Zo kunnen we controleren of we onze ambities nog steeds kunnen halen of dat we ze moeten aanpassen. We gebruiken hiervoor een beleidscyclus. Op deze manier zorgen we ervoor dat onze visie blijft aansluiten bij de behoeften en ontwikkelingen in onze gemeente. Om onze omgevingsvisie zo actueel mogelijk te houden, kiezen we ervoor om deze periodiek te evalueren. Het tempo waarin we de visie aanpassen hangt af van de ervaringen die we opdoen met andere instrumenten en de monitoring van onze doelen. En van de staat van onze fysieke leefomgeving. We evalueren de omgevingsvisie in ieder geval elke 4 jaar, in het jaar volgend op de gemeenteraadsverkiezingen, en starten hiermee in 2031. Dit leidt mogelijk tot een herijking. Daarnaast is het mogelijk om de visie van een herijking te voorzien wanneer (maatschappelijke) opgaven in de fysieke leefomgeving daar aanleiding toe geven.
36
INLEIDING
OMGEVINGSSCHETS
MONITORING OP PROGRAMMANIVEAU Op programmaniveau zal monitoring van de doelen van de omgevingsvisie plaatsvinden. In de omgevingsprogramma’s worden de doelen, de realisatie met tijdspad en de monitoring concreter uitgewerkt. Getracht wordt om zoveel mogelijk de monitoring van de omgevingsvisie te laten voeden door de monitoring die in het kader van een programma wordt uitgevoerd. Doelstellingen worden in de omgevingsprogramma’s zoveel mogelijk vertaald naar meetbare indicatoren. BIJSTELLEN VAN DE OMGEVINGSVISIE In de toekomst kan blijken dat bepaalde ontwikkelingen ertoe leiden dat onderdelen van de omgevingsvisie onvoldoende uitwerking kennen of onvoldoende te handhaven zijn en bijstelling eerder nodig is. Bijvoorbeeld door ontwikkeling van nieuw nationaal, provinciaal en/of lokaal beleid. Het is dan mogelijk dat we de huidige omgevingsvisie op onderdelen moeten aanpassen of aanscherpen. Wanneer er sprake is van ingrijpende aanpassingen, dan kunnen wij als gemeente de omgevingsvisie bijstellen. Hierbij betrekken we de samenleving actief. De wijze waarop we dit doen wordt vooraf met de gemeenteraad afgestemd. De gemeenteraad stelt uiteindelijk een (herijkte) omgevingsvisie vast.
TOEKOMSTVERHAAL
DRIE INTEGRALE KERNAMBITIES
UITVOERING
OMGEVINGSVISIE ROZENDAAL
5.5
RUIMTEVOLK
BEKOSTIGING
De omvang van de gemeentelijke opgaven en ambities die we in deze omgevingsvisie beschrijven, is groot. Voor veel van deze ambities ligt de verantwoordelijkheid en het initiatief bij ons als gemeente Rozendaal, zoals de bereikbaarheid, de inrichting van de openbare ruimte en het voorzien in voldoende voorzieningen zoals scholen en groen. Het geheel aan aanpassingen om onze leefomgeving klaar te maken voor de toekomst is kostbaar. De Omgevingswet verplicht overheden om de kosten voor werken en maatregelen die bij een ontwikkeling horen, proportioneel te verhalen op de initiatiefnemers die profiteren van de aanleg van openbare voorzieningen in het ontwikkelde gebied. De Omgevingswet biedt daarbij een wettelijke grondslag voor een (anterieure) overeenkomst tussen de gemeente en een initiatiefnemer. Denk bij ontwikkelingen aan woningbouwprojecten, realisatie of transformatie van bedrijventerreinen en maatschappelijke voorzieningen. Met sommige van onze ambities uit deze omgevingsvisie gaan investeringen gepaard: denk bijvoorbeeld aan het klimaatbestendig maken van onze openbare ruimte of de woonopgave. Een deel van deze investeringen is toe te rekenen aan specifieke delen van het omgevingsplan en zijn
37
INLEIDING
OMGEVINGSSCHETS
rechtstreeks verhaalbaar. Een ander deel van de kosten wordt veroorzaakt door meerdere plannen en zullen breder worden verhaald, bijvoorbeeld binnen specifieke programma’s. Ten slotte is een deel van de investeringen niet zomaar langs de lat van profijt, toerekenbaarheid, proportionaliteit te leggen, maar zijn wel van toegevoegde waarde voor iedereen op het grondgebied van gemeente Rozendaal. Naast het verplichte kostenverhaal biedt de Omgevingswet de gemeente ook de mogelijkheid om zogenaamde financiële bijdragen voor de ontwikkeling van een gebied te vragen. Deze financiële bijdragen kunnen op grond van artikel 13.22 Omgevingswet worden overeengekomen in een overeenkomst of op grond van artikel 13.23 Omgevingswet worden opgenomen in het Omgevingsplan. In de artikelen 8.13 en 8.20 Omgevingsbesluit staan de activiteiten opgenomen waarvoor bij overeenkomst een financiële bijdrage kan worden gevraagd en in artikel 8.13 Omgevingsbesluit staan de activiteiten opgenomen waarvoor in een omgevingsplan een financiële bijdrage kan worden opgenomen.
Rozendaal is om zoveel mogelijk van deze kosten - in goed overleg - via anterieure overeenkomsten te regelen met ontwikkelaars. Mocht dit niet tot gewenste uitkomsten leiden, dan zetten we als gemeente hiertoe het instrument Nota Kostenverhaal in. Met de Nota Kostenverhaal wordt vastgelegd wat de uitgangspunten voor kostenverhaal zijn en de wijze waarop de kosten verhaald worden op initiatiefnemers van activiteiten en op welke wijze de gemeente financiële bijdragen gaat vragen.
Hoe we als gemeente Rozendaal omgaan met de financiële bijdrage aan zogenaamde ‘ruimtelijke ontwikkelingen’ werken we uit in een Nota Kostenverhaal. De ambitie van gemeente
TOEKOMSTVERHAAL
DRIE INTEGRALE KERNAMBITIES
UITVOERING
Bijlage
OMGEVINGSVISIE ROZENDAAL
RUIMTEVOLK
BEGRIPPENLIJST AUTO-TE-GAST-CONCEPT Het auto-te-gast-concept is een benadering waarbij de auto, door middel van een andere inrichting van de weg, ondergeschikt wordt gemaakt aan andere vormen van verkeer in een gebied. Het doel is om de openbare ruimte aangenamer en veiliger te maken voor voetgangers, fietsers en bewoners. BIODIVERSITEIT Alle verschillende soorten van leven (dieren en planten) die we op aarde hebben. Een hoge biodiversiteit betekent dat er in een gebied veel verschillende soorten dieren en planten leven. DEMOGRAFIE Demografie omvat de samenstelling van een bevolking, waarbij gekeken wordt naar de omvang, structuur, spreiding en dynamiek ervan. Het analyseert factoren zoals geboorte, sterfte, migratie en veroudering, en hoe deze processen de bevolkingssamenstelling beïnvloeden. ENERGIETRANSITIE De energietransitie is de wereldwijde overgang van fossiele brandstoffen (zoals kolen, olie en aardgas) naar duurzame energiebronnen (zoals wind-, zonne- en waterkracht). Dit proces omvat niet alleen de opwekking van energie, maar ook aanpassingen in energieopslag, -transport
39
en -verbruik, met als doel klimaatverandering tegen te gaan en de energievoorziening te verduurzamen. EXTERNE VEILIGHEID Externe veiligheid richt zich op het beheersen van risico’s voor personen buiten inrichtingen of transportroutes, die kunnen ontstaan door ongevallen met gevaarlijke stoffen of activiteiten. Het doel is om de kans op slachtoffers door dergelijke ongevallen te minimaliseren en de veiligheid van de omgeving te waarborgen. HITTESTRESS Hittestress treedt op wanneer de omgevingstemperatuur en vochtigheid zo hoog zijn dat het lichaam moeite heeft om warmte kwijt te raken, wat kan leiden tot gezondheidsklachten. Dit fenomeen wordt versterkt door klimaatverandering en kan ernstige gevolgen hebben voor mens, dier en natuur. Een openbare ruimte waar voldoende verkoeling is, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van water en de schaduwwerking van bomen, kan dit effect verminderen. INBREIDING Inbreiding is het bouwen van nieuwe woningen of voorzieningen binnen bestaand stedelijk gebied, vaak op lege plekken of door herontwikkeling van verouderde panden. Het doel is om efficiënt
gebruik te maken van de beschikbare ruimte, de leefbaarheid te verbeteren en verdere uitbreiding aan de randen van steden (uitbreiding) te beperken. KLIMAATADAPTATIE Het aanpassen van de omgeving om zo voorbereid te zijn op de gevolgen van klimaatverandering, zoals droge perioden, extreme regenbuien en hete zomerdagen. LEVENSLOOPBESTENDIGE WONING Een levensloopbestendige woning is ontworpen om bewoners in verschillende levensfasen te kunnen huisvesten, van jonge gezinnen tot ouderen, zonder ingrijpende aanpassingen. Kenmerken zijn onder meer de mogelijkheid om op de begane grond te slapen en te douchen, brede deuren en drempelvrije doorgangen, zodat de woning geschikt blijft bij verminderde mobiliteit. NATURA2000-GEBIED Een Natura 2000-gebied is een Europees beschermd natuurgebied waar kwetsbare planten diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving worden beschermd. Het doel is het behoud van de biodiversiteit in Europa, conform de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn.
OMGEVINGSVISIE ROZENDAAL
NETCONGESTIE Netcongestie treedt op wanneer het elektriciteitsnet onvoldoende capaciteit heeft om de gevraagde of aangeboden hoeveelheid elektriciteit veilig te transporteren. Dit kan leiden tot “file” op het net, waardoor nieuwe aansluitingen of uitbreidingen niet mogelijk zijn en de energietransitie vertraagd wordt. SAMENREDZAAM Samenredzaam beschrijft het vermogen van individuen of groepen om gezamenlijk oplossingen te vinden en elkaar te ondersteunen bij uitdagingen, door actief gebruik te maken van elkaars kennis, vaardigheden en middelen. Het benadrukt het belang van collectieve kracht en onderlinge afhankelijkheid om veerkrachtig te zijn en zelfstandig te kunnen functioneren. VERGRIJZING Vergrijzing verwijst naar de demografische trend waarbij het aandeel ouderen (meestal 65-plussers) in de totale bevolking toeneemt, waardoor de gemiddelde leeftijd van de bevolking stijgt. Dit komt voornamelijk door een hogere levensverwachting en een daling van het geboortecijfer. VOORZIENINGEN Een voorziening zijn alle zaken waar je gebruik van kunt maken in een stad of dorp. Denk aan onderwijs, medische zorg, winkels, sport of ontspanning. Er zijn verschillende soorten voorzieningen, openbare voorzieningen, bijzondere voorzieningen en maatschappelijke voorzieningen.
40
RUIMTEVOLK
WATERBERGING Het tijdelijk opvangen van (regen)water in de bodem, sloten, beekjes rivieren, meren, plassen en overige waterbergingsgebieden.