11f. Beekhuizenseweg 1a Rozendaal_Bijlagen bij toelichting
Tekst van het document
Bestemmingsplan - Bijlagen bij toelichting -
Beekhuizenseweg 1a Rozendaal Gemeente Rozendaal
BESTEMMINGSPLAN - Bijlagen bij toelichting -
Beekhuizenseweg 1a Rozendaal Gemeente Rozendaal
IDN-nummer:
NL.IMRO.0277.BPROZEND2023001-0001
Status:
vastgesteld
Datum:
december 2023
Locatie Nijmegen Wijchenseweg 102 6538 SX Nijmegen 024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl
Locatie Rosmalen Berlicumseweg 6D 5248 NT Rosmalen
Inhoudsopgave Bijlagen bij toelichting
5
Bijlage 1
Landschappelijke inrichting
6
Bijlage 2
Inrichtingsplan september
21
Bijlage 3
Wijzigingen GNN Beekhuizenseweg
26
Bijlage 4
Quickscan Wnb
28
Bijlage 5
Stikstofonderzoek realisatie- en gebruiksfase
47
Bijlage 6
Archeologisch bureau- en inventariserend booronderzoek
54
Bijlage 7 Archeologisch rapport inclusief twee aanvullende boringen ter hoogte van de grafheuvel
115
Bijlage 8 Omgevingsdialoog - Verklaring geen bezwaar Buurtbewoners (geanonimiseerd)
181
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
3
4
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Bijlagen bij toelichting
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
5
Bijlage 1
6
Landschappelijke inrichting
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Landschappelijke inpassing Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal P218400 | 22 augustus 2022
www.pouderoyentonnaer.nl
Landschappelijke inpassing Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal P218400 | 22 augustus 2022
1. Inhoudsopgave 1.
inleiding 6
1.1 Aanleiding 6
1.2 Plangebied 6
2.
Ruimtelijke context 7
2.1 Huidige situatie 7
2.2 Kernkwaliteiten Rozendaal landschap & dorpsgezicht
7
2.3 Kernkwaliteiten GNN 8
3.
Ontwerp 9
3.1 Toelichting 9
3.2 Beplanting 10
3.3 Aanplant en beheer 10
3.4 Motivering Kernkwaliteiten Rozendaal landschap & dorpsgezicht
12
3.5 Motivering GNN/GO 13
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
5
1. inleiding 1.1 Aanleiding Aan de Beekhuizenseweg 1a te Rozendaal is het voornemen om een woning te realiseren. Hiervoor wordt er in het plangebied bestaande bebouwing gedeeltelijk gesloopt. het bestaande woonhuis wordt gesloopt. het monumentale bijgebouw wordt behouden en de ondergrondse wijnkelder gerestaureerd. Om tot realisatie te komen dient het ontwerp te passen binnen het landschappelijk en ruimtelijk kader. Hierin voorziet het onderliggende landschapsplan.
Landgoed Rosendael
1.2 Plangebied De beoogde ontwikkeling aan de Beekhuizenseweg te Rozendaal bevindt zich in een open bosruimte op de stuwwal. In deze bosruimte bevind zich de Bistrobar Beaune, een appartementengebouw en een woongebouw. Op de locatie van het woongebouw wordt de hierboven genoemde ontwikkeling beoogd. De locatie wordt gekenmerkt door landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten. Het westelijk van de planlocatie gelegen Kasteel en park Rosendael is beeldbepalend voor het gebied. Het betreft een park in Engels landschapsstijl met grote waterpartijen, slingerpaden, en een connectie met het Nationale park “Veluwe Zoom”. De kasteeltuin is in de 19e eeuw ontworpen door de bekende tuinen landschapsarchitect Jan David Zocher. Het park is een rijksmonumenten complex met 21 afzonderlijke rijksmonumenten. Ten noorden van de planlocatie bevindt zich aan de LF4 Midden-Nederlandroute een oude boerderij. Hierin is de stichting Landschapsbeheer Gelderland gevestigd. Aan de andere zijde van de weg is Landgoed Rosendael te vinden. De LF4 MiddenNederlandroute is een 312 km lange fietsroute vanaf Twente tot aan met Den Haag. Deze laat de fietsers een representatieve selectie van het Nederlandse landschap zien.
Bos omgeving Landschapsbeheer Gelderland Park & Kasteel Rosendael Open bosruimte
Kern Rozendaal
Figuur 1. Planlocatie in grotere context
6
Figuur 2. Projectgebied en de aangrezende gebieden
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
2. Ruimtelijke context 2.1 Huidige situatie De locatie is omringd met bebost gebied. In de huidige situatie bestaat het terrein uit één woongebouw en één bijgebouw. Van dit bijgebouw is een gedeelte aangemerkt als monument. De toegang tot het terrein wordt gedeeld met het naastgelegen appartementen complex en Bistrobar Beaune. Deze entree splits zich naar een onverharde weg richting de achterzijde van het perceel. Verder zijn er op het gehele terrein (incl. Bistrobar Beaune) 22 zomereiken, 7 gewone beuken, en 1 gewone esdoorn te vinden. Hiervan staat binnen het te ontwikkelen plangebied 14 zomereiken, 2 gewone beuken, en 1 gewone esdoorn. De voorzijde (zuidzijde) van het plangebied is aangeplant met rododendrons. Dit zorgt voor een afscheiding tussen de parkeerplaats en het plangebied. Op de perceelsgrens aan de westzijde is een bestaande haag ter afscherming van de naastgelegen accommodatie.
2.2 Kernkwaliteiten Rozendaal landschap & dorpsgezicht De beoogde ontwikkeling aan de Beekhuizenseweg te Rozendaal bevindt zich in de zone “Kasteeldorp” zoals aangegeven in de Nota ruimtelijke kwaliteit “Gemeente Rozendaal”. Dit gebied beslaat het licht bebouwd gebied ten noorden en oosten van de dorpskern. De Kasteeldorpzone wordt gekenmerkt door het Kasteel en park Rosendael. Het beeld van Rozendaal als kasteeldorp is nog steeds goed zichtbaar. Het oorspronkelijke lanenstelsel met het kasteel als zwaartepunt, bepaalt de ruimtelijke structuur van het dorp. De zichtrelatie met het kasteel en Rozendaal is essentieel voor de herkenbaarheid als kasteeldorp. Daarnaast is de landschappelijke context waarin het zich begeeft van grote betekenis. Karakteristiek is daarnaast het parkachtige landschap met een afwisseling tussen weilanden en bossen en met grote hoogteverschillen door de bijzondere ligging op de stuwwal. De open bosruimte waarin het plangebied zich begeeft wordt gedeeld met de naastgelegen “Bistrobar Beaune”. Deze heeft een directe zichtrelatie met het park waarbij door de hoge ligging een zicht op het gehele park mogelijk is. Vanuit het park is het zicht op de bistrobar zeer gering. Het zicht wordt geblokkeerd door het hoogteverschil. Hierdoor is er ook geen zicht op de planlocatie vanuit het lager gelegen park. Landschappelijke kwaliteiten en uitgangspunten:: • • • • • •
De landschappelijke structuur wordt bepaald door de hoogteverschillen, de aanwezigheid van beek en waterpartijen en het contrast tussen de met bomen begroeide hellingen van de Koningsberg, De open, glooiende grasvelden in de dalen, De markante situering van vrij geplaatste bebouwing draagt bij aan de beleving van de hoogteverschillen, Behoud en herstel van landschappelijke elementen als houtwallen, lanen, haagjes en weilanden is het uitgangspunt. Duidelijk markeren van het onderscheid tussen openbaar en privégebied.
Figuur 3. Huidige situatie
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
7
DEELGEBIEDEN KERNKWALITEIT 2.3 Kernkwaliteiten GNN Om natuurgebieden te behouden en versterken in de provincie Gelderland worden Grens deelgebied de gebieden aangemerkt als het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszone (GO) beschermd tegen aantasting van de kernkwaliteiten. Gelders Deze kernkwaliteiten zijn de natuurwaarden, de potentiele waarden en denatuurnetwerk omgevingscondities.
136
Groene ontwikkelingszone 137 136
90
• • • • •
•
• •
Ontwikkeling bosranden en overgangen naar cultuurgronden Ontwikkeling uitwisseling met de omgeving en vermindering barrièrewerking N785, spoorlijn en Middachterallee 62 Ontwikkeling biotopen voor reptielen en amfibieën, poelen 148 148 148 Ontwikkeling cultuurhistorische patronen (bijv. parken, kastelen, 148 178 andere landgoedelementen, grafheuvels, ontginningen, houtwallen) en beheersvormen
De voor het deelgebied 130 specifieke kernkwaliteiten en ontwikkelingsdoelen zijn voornamelijk toepasbaar voor grotere ontwikkelingen in de GO zones. Hierdoor zijn NL.IMRO.9925.PVOmgverordeningGC-gc08 ze niet één-op-één toepasbaar in het plangebied. De algemene kernkwaliteiten zijn wel volledig toe te passen in het gebied.
8
98
70 138
83
106
161 94 93
125
127
104
106
77
82
126
128
99
162 91 95 100
135
103
92
105
102
87
88
165
78
170
119
113 142
55
47
56
54
156
145
157
63
156
179
60
60 64
50 150
8
17
154
21
176
41
26
9
3 20
18
13
43 36
38
39
184
27
176
146 146
31
30
29
24
154
40
1
6
2
25
175
176
145
61
131 175
66
53
146
49
144
172
5
32
132
121
130
58
52
156
143
46
65 45
122
0
4
172
76
153
153
33
172 22
114
67
68 173
129
74
69
181 180
7 23 174
171
123
7
158 7
84
75
120
116
152
164
112
48
141
140
115
151
160
166
118
147
85
108
110
117
159
86
101
71
81
72
109 163
124
80
89
168
107
79
111
73
Om deze kernkwaliteiten te behouden en/of te versterken worden in het document de volgende ontwikkelingsdoelen voor de GO geformuleerd: 44 • •
96
133
Voor het gebied Rozendaal-Beekhuizen (deelgebied 130) zijn in het document de volgende kernkwaliteiten beschreven.
• •
97
136 137
ecologische samenhang; stilte; duisternis; openheid; rust.
Onderdeel van grootschalig aaneengesloten gebied van droge, voedselarme bossen, zandverstuivingen en heide; hier vooral bos, grotendeels oude boskernen met overgangen naar de enk van Rheden onderdeel van Nationaal Landschap Veluwe Onderdeel van Natura 2000-gebied Veluwe met de bijbehorende habitats en soorten. Oostelijk deel onderdeel van Nationaal Park Veluwezoom Beken met bijzondere groot wild fauna: m.n. edelherten, wilde zwijnen Leefgebied das Leefgebied kamsalamander Cultuurhistorische waarden van landgoederen Rozendaal en Beekhuizen (o.m. park, sprengen, lanen, ijskelder), oude ontginningen, hakhout, houtwallen en boerderijen Rust, ruimte, duisternis
139
137
De algemene Kernkwaliteiten voor de GGN en GO zoals omschreven in de “Bijlage Kernkwaliteiten Gelders Natuurnetwerk en Groene Ontwikkelingszone” zijn hieronder puntsgewijs aangegeven:
•
155 167
Het uitgangspunt is dat er geen nieuwe ontwikkeling plaatsvinden in de GNN. In de GO is ruimte voor economische ontwikkeling in combinatie met een (substantiële) versterking van de samenhang tussen aangrenzende en inliggende natuurgebieden. Dit creëert de ecologische verbindingszones tussen GNN.
• • • • •
169
134
137
10
14 177
35
12
11 28 15
19
37
149
57
59 51 183 182 Figuur 4. GGN en GO kaart met deelgebied ‘130’ in het roze aangegeven
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
16 34
42
3. Ontwerp 3.1 Toelichting De bestaande bebouwing wordt gedeeltelijk gesloopt. Het te behouden bijgebouw is een monument. De bestaande ondergrondse, wijnkelder wordt behouden en gerestaureerd. Het nieuwe woongebouw krijgt een traditionele uitstraling. Aan de achterzijde wordt het terras en het plein omsloten door het woongebouw en sierplantsoen. De bestaande woonfunctie van de het te slopen gebouw wordt overgedragen aan het te ontwikkelen woongebouw ten oosten. Om de ontwikkeling te verankeren in de landschappelijke context word de volgende landschappelijke inpassing voorgesteld. Het gebied kent een tweedeling. Het zuiden heeft een natuurlijk/landschappelijke uitstraling. Het noordelijk deel, grenzend aan de woning, is cultuurlijk ingericht, aangezien dit een privé-tuin betreft. De toegang tot het terrein wordt begeleid met de uitbreiding van de bestaande laan in het oosten. In het zuiden worden enkele bomen met struiken aangeplant om zo de voorzijde een natuurlijke uitstraling te geven. Tussen de struiken wordt sierbeplanting aangeplant die net als de bomen en heesters inheems zijn. Verder wordt het grasveld met bloemrijkgrasland ingezaaid. Het noorden heeft een privésfeer waar sierbeplanting wordt toegepast. Er is een zicht op het achterliggende landschap met doorkijken in de robuuste beplanting. Het gazon gaat in een gradiënt over naar bloemrijkgrasland.
Rondom de terrassen is het uitsluitend in een cultuurlijke sfeer ingericht. De heesterbeplanting in deze zone bestaat wintergroene beplanting en wordt uitsluitend ingeplant met rododendrons met hier en daar een taxus of hulst. Richting de bosrand vormt de bloemenweide een natuurlijke overgang naar de bestaande bosrand. In de bosrand wordt de onder begroeiing plaatselijk gekapt om een visuele relatie tot stand te brengen met het lager gelegen park landschap. De bestaande haag aan de westzijde die grenst aan de accommodatie wordt verbreed met rhododendrons. Ook worden hier een zestal bomen aangeplant om zichtwerking vanuit het appartementencomplex te beperken.
Figuur 6. Ontwerp tekening. Grotere versie op de laatste bladzijde
Figuur 5. Bestaande situatie
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
9
3.2 Beplanting In het beplantingsplan worden de landschappelijke elementen weergegeven. Het sierplantsoen in de privétuin is hierin niet opgenomen. De beplantingskeuze is hieronder uiteengezet in beplantingstypen.
Bomen In het ontwerp worden 32 bomen aangeplant. Dit zijn de volgende soorten: • • •
20 QR 6 FS 6 AP
Quercus robur – zomereik Fagus sylvatica – gewone beuk Acer pseudo platanus – gewone esdoorn
16 zomereiken verlengen de bomenlaan naar de achterzijde van het perceel. 2 beuken worden aangeplant om de uitgevallen beuken bij de wegsplitsing te vervangen. Deze beschermen de bestaande beuken tegen verbranding de bast.
Heesterstrook De zuidzijde bestaat inheemse heester gecombineerd met inheemse vaste planten. Dit bevorderd de plaatselijke ecologische waarde. De heestersoorten die worden toegepast zijn de volgende: • • • • •
Amelanchier lamarckii-Amerikaans krentenboompje Aronia melanocarpa – Zwarte appelbes Cornus mas – Gele kornoelje Cornus sanguinea – Rode kornoelje Rosa canina – Hondsroos
Inheemse soorten met een hogere sierwaarde. Tussen het struweel worden inheemse sierplanten aangebracht. Deze bestaan uit de volgende soorten: • • • • • • • • • • • • • •
10
Hyacinthoides non-scripta - Wilde hyacint Salvia pratensis - veldsalie Isatus tinctoria- wede Eupatorium cannabinum – Koninginnekruid Allium ursinum - Daslook Convallaria majalis - Lelietje van dalen Centaurea jacea - knoopkruid Reseda lutea - Wilde reseda Geranium phaeum - donkere ooievaarsbek Hesperis matronalis - damastbloem Malva moschata - muskuskaasjeskruid Dianthus carthusianorum - kartuizer anjer Succisa pratensis - blauwe knoop Onopordum nervosum - acanthium
Gebiedseigen heesterbeplanting • • •
Rhododendron ponticum – Pontische rododendron Taxus bacatta - venijnboom Ilex aquifolium - hulst
Bloemrijkgrasland • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
Achillea millefolium – Duizendblad Barbarea vulgaris - Gewoon barbarakruid Centaurea jacea - Knoopkruid Crepis biennis - Groot streepzaad Daucus carota - Peen Echium vulgare - Slangenkruid Erodium cicutarium - Gewone reigersbek Galium mollugo - Glad walstro Hieracium laevigatum - Stijf havikskruid Hieracium umbellatum - Schermhavikskruid Hypericum perforatum - Sint janskruid Hypochaeris radicata - Gewoon biggenkruid Jasione montana - Zandblauwtje Leontodon autumnalis - Vertakte leeuwentand Leucanthemum vulgare - Gewone margriet Luzula campestris - Gewone veldbies Malva moschata - Muskuskaasjeskruid Oenothera biennis - Middelste teunisbloem Plantago lanceolata - Smalle weegbree Prunella vulgaris - Gewone brunel Ranunculus acris - Scherpe boterbloem Rhinanthus minor - Kleine ratelaar Silene dioica - Dagkoekoeksbloem Tragopogon pratensis - Gele morgenster Trifolium arvense – Hazenpootje
3.3 Aanplant en beheer Bomen
De bomen worden aangeplant met een diametermaat van 16-18, en geplant zoals aangegeven op de tekening. Tijdens de aanplant worden boompalen met boombanden aangebracht ten behoeve van een rechte stamgroei. Deze worden na 5 jaar verwijderd. De bomen worden opgekroond op 4 meter en worden jaarlijks gecontroleerd op afstervende takken. Het opkronen en de snoei wordt uitgevoerd in de winterperiode. Bij eventuele uitvalt wordt de betreffende boom in het voorjaar vervangen.
Struiken De struiken worden geleverd met kale wortel en zijn 1+1 keer verplant. De heester worden aangeplant zoals aangegeven op de tekening. Onderhoudssnoei dient te gebeuren na de bloei en bessendracht t.b.v. de ecologie.
Inheemse sierbeplanting Sierbeplanting wordt geleverd in p9 potten of ingezaaid ter plaatse van de bloemenweide. Eventuele verjonging dient in het voorjaar te gebeuren.
Bloemrijkgrasland Er wordt extensief beheerd. In het begin twee maal per jaar maaien totdat de bloemen in meerderheid zijn ten opzichte van het gras. Vervolgens eenmaal per jaar maaien in juni/ juli of september. Maaisel enkele dagen laten liggen ter bevordering van zaad verspreiding. Vervolgens afharken en afvoeren.
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
11
3.4 Motivering Kernkwaliteiten Rozendaal landschap & dorpsgezicht De nota ruimtelijke kwaliteit geeft aan welke aan kwaliteiten nieuwe ontwikkelingen moeten voldoen. Gelet op de richtlijnen in het document is te concluderen dat het ontwerpvoorstel een toegevoegde waarde is ten opzichte van de bestaande situatie. De landschappelijke kwaliteit in de bestaande situatie is zeer summier. Naast de kwaliteit van het aangrenzende bos zijn er op het terrein geen landschapselementen gesitueerd. Vanuit de omgeving gezien blijft het terrein ongewijzigd. Er is geen zicht op de planlocatie vanaf het Kasteel & Park Rosendael en vanaf de Beekhuizenseweg. Het hoogteverschil bij het park ontneemt het zicht op de locatie. De Beekhuizenseweg is aan beide zijde zeer dicht beplant. De bomen met onderbegroeiing ontnemen het zicht volledig op de planlocatie vanaf de Beekhuizenseweg. De nieuwe vrij geplaatste bebouwing sluit aan bij de bebouwingstypologie in de omgeving. Een traditioneel ogend woongebouw waar het monumentale bijgebouw onderdeel van is. Het openbare en privégebied wordt door middel van landschapselementen gemarkeerd en van elkaar gescheiden.De heesters vormen een massa tussen het openbaar en privé gebied. Hier zijn wel doorkijken aangebracht om de woning niet compleet af te sluiten. Verder wordt een bloemenweide aangebracht ten behoeven van de biodiversiteit.
De bomenrijen richting de achterzijde van het perceel worden opgewaardeerd naar een volwaardige bomenlaan.
Figuur 8. Zicht vanaf de Bistro richting Park & Kasteel Rosendael
Figuur 7. Dichte begroeiing aan weerzijden van de Beekhuizenseweg
12
Figuur 9. Zicht vanaf het Park & Kasteel Rosendael richting de Bistro
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
3.5 Motivering GNN/GO De planlocatie maakt onderdeel van de GO zone. Hierin kunnen nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden zolang deze in beginsel geen afbreuk aan de natuurkwaliteiten teweeg brengen. Dit zijn zones die zijn aangemerkt om de GNN en N2000 gebieden in de toekomst te verbinden. Enig verlies van natuurkwaliteiten zoals aangegeven in de GO dienen gepaard te gaan met compensatie. In de bestaande situatie zijn geen natuurkwaliteiten zoals aangegeven door de GNN of GO binnen het plangebied. Tevens is de beoogde ontwikkeling geen ‘nieuwe’ ontwikkeling binnen de GO zone, aangezien de bestaande woonfunctie wordt overgedragen. De beoogde ontwikkeling zorgt niet voor verlies van natuurkwaliteiten en daarmee is compensatie ook niet aan de orde. De locatie specifieke kernkwaliteiten en ontwikkelpunten van het gebied RozendaalBeekhuizen (deelgebied 130) zijn voornamelijk geformuleerd voor grotere ontwikkelingen, en zijn daarmee niet toepasbaar in het plangebied. Echter, in het ontwerp is wel rekening gehouden met de algemene ontwikkelpunten van de GNN en GO om zo de lokale ecologie en natuurwaarden te verbeteren. Er wordt voornamelijk een ecologische samenhang gecreëerd door het toepassen van inheemse beplanting. De nieuwe bomen zijn een doorzetting van het aangrenzende bos van de Veluwe Zoom. Dit zorgt voor een verdere ontwikkeling van bosranden en overgangen naar cultuurgronden.
Met het behoud van de woonfunctie binnen de huidige woonbestemming, wordt een zelfde mate van stilte en rust in het gebied geborgd. Er komen geen extra verkeersbewegingen binnen het gebied. De bestaande verkeersbewegingen op het parkeerterrein van de bistrobar en accommodatie wordt afgeschermd door de struiken. Deze struiken bij het parkeerterrein versterken de stilte en rust binnen het plangebied. Ook wordt de kernkwaliteit “duisternis” bewaard, aangezien er geen lichtbronnen worden toegevoegd. Tot slot zal het doorzetten van de woonfunctie de cultuurhistorische kwaliteit bewaren door het monumentale bijgebouw te behouden en restaureren.
Figuur 10. beekhuizenseweg obliek.PNG
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
13
1.59 Sub-subtitel Lores illorep eliquate nihitisquo maximil luptis ma dis quis earibus ellessundio explici con cus, cullorrunt. Obis nonserum accupta tatiusanimi, sus sinctiis res aces eatio. Neque plicat eum, tem eiunt lant doloribusam rem volores alignihic te eum faceperum estio. Nem. Ut liqui at repro blabo. Itas everehendam re eat. Pedis iliciaeperum si berrum la quis eos neces debis es aut venimus, ullaut etur re nisque volupta sandae nobit que aut hit, quae nullatur, saeperit eum faccum voloris consectae nem eosti odigenis quam, venis que pre alitatio. Amustiam et acitinci ommolup tinciis maio voluptur, officid exere iunt ullupta temoluptaqui dolorro qui comnihit oditi doluptat exerror ibeaturit quunt quis as aperibust, nusam nobit, volorest exerrum cus sum eat milis autem dollit odis dolor aut faceperum reprepu danimodi reptatur simusandus non nobitatis aceate rectamus ipsam, que nobitis alit, quam excepti usamus unt et quibusae pro is quid qui in nostist id el et a iliae rendem.
1.60 Sub-subtitel Ut il eaquossed qui aut utasi bla ne net dolo te cumendit omnis andae. Del isque sunde numquiatur? Evenderis que sitatatum atem in rerovitam re, eium lab inctempora venis doluptur rerrumquam quia volesedis et in erorion seditatur, volorporiam et officit odipic te rem. Nam nis aut lit et harum, odit, volum quod quia voluptur site prerit occabo. Igendan debiscipis sae porum siminisi volorru ptatem a simenissequi re nobis dolori dolesti oreicia nulliquas nus et lam esequi seriae pro bea diatat lam exceatem experruptur reictotature volo volorum ut volorumque pelitatur, es eum aut essedipsam fuga. Pe suntiaecus inulla invent dio. Nullab ipietur, tempore cabores ad quid qui vollacid. Mintem dolorerendel et volorem fugitia ne volupta volupti atquati aut dellaut et lantiumqui cuptas dolo magnam, simil et faciet magnis volorioribus ma sit harum nobitis nus dolenda voluptat labo. Nequatem sequiaes quia aut rem est qui sum et omnitis cuscil et moluptint quo blaudae. Et magnihil maioremodit aut es simusci tatinus ute voluptur, untus aut landae nam, aut volut ex etur, tectio. Imolores aut et quibus secte maio. Et quiatumquos res vende necea sitent mos sincto endemperest odis solupti is volesendita saepedignis aut apicil ipidera ecumquam int odignatur aces voluptas quatiniet qui optibus.
Figuur 9. <No intersecting link>
1.61 Sub-subtitel Velia quo volupta tessum et archilibusda aliti am ipicil invelli squias conectatetur ad maxim eliam enimendus volorepratio coriorio et quos aut excerio reicient. La doluptatem re dicianissiti te mo blab incipitia quiam, consenis is esed exerspe renditiis veribus, arum estio eveliqu undit, solorum simus nihilis qui aut utatem quis repe cus voleseris perume lab ius molor aut velite lisinveri cullacimus name voluptur?
1.62 Sub-subtitel Ut il eaquossed qui aut utasi bla ne net dolo te cumendit omnis andae. Del isque sunde numquiatur? Evenderis que sitatatum atem in rerovitam re, eium lab inctempora venis doluptur rerrumquam quia volesedis et in erorion seditatur, volorporiam et officit odipic te rem. Nam nis aut lit et harum, odit, volum quod quia voluptur site prerit occabo. Igendan debiscipis sae porum siminisi volorru ptatem a simenissequi re nobis dolori dolesti oreicia nulliquas nus et lam esequi seriae pro bea diatat lam exceatem experruptur reictotature volo volorum ut volorumque pelitatur, es eum aut essedipsam fuga. Pe suntiaecus inulla invent dio. Nullab ipietur, tempore cabores
14
Figuur 10. <No intersecting link>
P218400-Landschappelijke inpassing - Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal
Bijlage 2
Inrichtingsplan september
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
21
HUIDIGE SITUATIE
Boomcodes
Qr. Quercus Robur - Zomereik Bestaand: 22 stk Fs. Fagus sylvatica - Gewone beuk Bestaand: 7 stk Ap. Acer pseudoplatanus - Gewone esdoorn Bestaand 1 stk Gekapte beuk, locatie bij benadering
Bestaande bosrand
Bestaand bijgebouw, gedeeltelijk saneren
Bestaand bomen
Bestaande haag Accomodatie Bestaand woongebouw saneren
Bestaande Rhododendrons
Hunting Lodge
0
5
10
15
20
25
N
P218400 22 september 2021 Inrichtingsplan, Beekhuizenseweg 1a - Rozendaal
NIEUWE SITUATIE
Boomcodes
Auto opstelplaats
Plein
Bestaande bosrand
Rhododendrons + groepen Taxus
Gazon
Qr. Quercus Robur - Zomereik Nieuw:20 stk - Bestaand: 22 Fs. Fagus sylvatica - Gewone beuk Nieuw: 6 stk - Bestaand: 7 stk Ap. Acer pseudoplatanus - Gewone esdoorn Bestaand 1 stk Ov. Overige soorten - 6 stk Doorzicht dmv dunning van onderbegroeiing Gekapte beuk, locatie bij benadering
Aanplant, nieuwe bomen
Bestaande haag
Sierplantsoen Terras Nieuw gebouw 2 parkeervakken
Bloemenweide Vaste planten
Sierbeplanting en Rhododendrons
Poort Siergrassen onder bomen Toegang naar woning
0
5
10
15
20
25
N
P218400 22 september 2021 Inrichtingsplan, Beekhuizenseweg 1a - Rozendaal
Wijnkelder Bestaande Rhododendrons
Aanplant beuken t.b.v. zonbescherming
HUIDIGE SITUATIE
Boomcodes
Qr. Quercus Robur - Zomereik Nieuw:19 stk - Bestaand: 14 Fs. Fagus sylvatica - Gewone beuk Bestaand: 2 stk Ap. Acer pseudoplatanus - Gewone esdoorn Bestaand 1 stk
Bestaande bosrand
Gekapte beuk, locatie bij benadering
Bestaand bijgebouw, gedeeltelijk saneren Bestaand bomen
Bestaande haag
Bestaand woongebouw saneren Accomodatie
Bestaande Rhododendrons
0
2.5
5
7.5
10 12.5
N
P218400 22 september 2021 Inrichtingsplan, Beekhuizenseweg 1a - Rozendaal
Gekapte bomen, bij benadering
NIEUWE SITUATIE
Boomcodes
Qr. Quercus Robur - Zomereik Nieuw:20 stk - Bestaand: 14 Fs. Fagus sylvatica - Gewone beuk Nieuw: 6 stk - Bestaand: 2 stk Ap. Acer pseudoplatanus - Gewone esdoorn Bestaand 1 stk Ov. Overige soorten - 6 stk
Bestaande bosrand
Rhododendrons + groepen Taxus
Auto opstelplaats
Gazon
Doorzicht dmv dunning van onderbegroeiing Gekapte beuk, locatie bij benadering
Aanplant, nieuwe bomen
Sierplantsoen
Plein
Bestaande haag
Terras
Nieuw gebouw 2 parkeervakken
Bloemenweide
Sierbeplanting en Rhododendrons Siergrassen onder bomen
Vaste planten Toegang naar woning
0
2.5
5
7.5
10 12.5
N
P218400 22 september 2021 Inrichtingsplan, Beekhuizenseweg 1a - Rozendaal
Wijnkelder
Bestaande Rhododendrons
Aanplant beuken t.b.v. zonbescherming
Bijlage 3
26
Wijzigingen GNN Beekhuizenseweg
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Vigerende ligging GNN en GO
Wijzigingen GNN en GO Meter
0
20
Gemeente Rozendaal Datum: 8-6-2022 I&A-Data | 2203 0143
40
GNN GO Wijzigingen
Bijlage 4
28
Quickscan Wnb
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Quickscan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Quickscan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Titel
Quickscan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Uitvoering
Bureau Bleijerveld
Opdrachtgever
Buro Boot Plesmanstraat 5 3900 AM Veenendaal
Datum
26 september 2022
Status
2e versie
8451 KB Oudeschoot mob 06-40559568 bleijerveld@ruimtevooradvies.nl
www.ruimtevooradvies.nl
Schoterlandseweg 53
Inhoudsopgave 1
Inleiding 1.1 Aanleiding & doel 1.2 Methoden 1.3 Plangebied 1.4 Ingreep
1 1 2 2 4
2
Beschermde gebieden 2.1 Aanwezigheid beschermde gebieden 2.2 Effecten beschermde gebieden
5 5 5
3
NDFF-gegevens
6
4
Beschermde soorten 4.1 Planten 4.2 Zoogdieren 4.3 Vleermuizen 4.4 Vogels 4.5 Amfibieën 4.6 Reptielen 4.7 Vissen 4.8 Ongewervelden 4.9 Samenvatting
7 7 7 7 8 8 9 9 9 10
5
Conclusies 5.1 Beschermde gebieden 5.2 Beschermde soorten
11 11 11
Bronnen Bijlage I. Wettelijk kader en beleidsbeleid
12
1 1.1 Aanleiding & doel
Inleiding
Aan de Beekhuizenseweg 1a in Rozendaal bevindt zich een woning met monumentaal bijgebouw. Het voornemen is om de woning te slopen en het bijgebouw te renoveren. Onder meer bij ruimtelijke ingrepen dient rekening te worden gehouden met beschermde soorten en gebieden. Wet- en regelgeving omtrent deze soorten en gebieden is vastgelegd in de Wet Natuurbescherming (Wnb, 2017) en de provinciale omgevingsverordening (Nederlands Natuurnetwerk).
Figuur 1. Globale ligging plangebied (rood).
Het onderhavige rapport beschrijft de resultaten van de quickscan van beschermde natuurwaarden in en rond het plangebied. De rapportage kan dienstdoen als onderbouwing bij bestemmingsplanwijzigingen en ontheffings- of vergunningaanvragen in het kader van de Wet Natuurbescherming of omgevingsverordening. Een quickscan betreft een beoordeling van de aanwezige natuurwaarden in en rond het plangebied op basis van beschikbare gegevens, een terreinbezoek en ecologische kennis. De quickscan is een momentopname en geen standaard veldinventarisatie waarbij meerdere veldrondes in een seizoen worden uitgevoerd. Een quickscan geeft daardoor een beperkter beeld dan een standaard veldinventarisatie. Omdat het onderzoek een momentopname betreft kan geen rekening worden gehouden met de dynamische aspecten van natuur, zoals migratie en kolonisatie door soorten en veranderd terreingebruik en –beheer na afloop van het onderzoek.
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
1
1.2 Methoden
Bij de beoordeling van het plangebied is een bronnenonderzoek verricht naar het voorkomen van beschermde soorten en de ligging van beschermde gebieden in de regio. Daarvoor zijn de gegevens van de Nederlandse Databank Flora en Fauna (NDFF) geraadpleegd. Voor de ligging van beschermde gebieden is gebruik gemaakt van de digitale atlas van provincie Gelderland. Op 20 september 2022 is het plangebied bezocht. Daarbij is gelet op de aanwezigheid van beschermde soorten en sporen. Verder is het terrein beoordeeld op de geschiktheid voor beschermde soorten (habitatbeoordeling).
1.3 Plangebied
Het plangebied ligt op landgoed Beekhuizen dat aan de voet van de Veluwezoom ligt en grenst aan de bebouwde kom van Rozendaal. Het plangebied ligt aan de oostzijde van het landgoed en wordt gevormd door het erf van een woning die gebouwd is in 1911. De bouw is regulier met gemetselde gevels, een houten voorschot en een pannendak. Aan de oostzijde van het huis bevindt zich een aangebouwde, grotendeels ondergrondse wijnkelder van beton. Het noordelijke deel ligt bovengronds en heeft een zadeldakje met pannen. Ten noordoosten van de woning staat een schuur met gemetselde gevels en een pannendak. Het gebouw verkeert in slechte staat. De schuur had een aanbouw aan de oostzijde die begin 2022 is ingestort. Rond de gebouwen ligt grasland. Rond de woning staat enige opgaande begroeiing en in de zuidoosthoek een aantal oudere eiken. Ten noorden en oosten grenst het terrein aan bos en ten westen aan een appartementencomplex. Aan de zuidzijde ligt een parkeerterrein met sierbeplanting erlangs. Op en rond het terrein is geen oppervlaktewater aanwezig. Ten westen van het plangebied liggen waterpartijen van het landgoed. De afstand hiertussen bedraagt circa 150 meter.
Figuur 2. Luchtfoto plangebied (rood).
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
2
Figuur 3. Woning.
Figuur 4. Westgevel van de schuur.
Figuur 5. Zuidgevel van de schuur met links de kap van de wijnkelder.
Figuur 6. Noordelijk deel van de wijnkelder met overkapping.
Figuur 7. Oostzijde van de woning met rechts de kap van de wijnkelder.
Figuur 8. Gazon ten oosten van de schuur.
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
3
1.4 Ingreep
Het voornemen bestaat om een nieuwe woning te realiseren in het centrum van het plangebied. De bestaande woning wordt gesloopt. De schuur en de wijnkelder blijven behouden en worden gerenoveerd. Verder wordt de inrichting van de tuin gewijzigd.
Figuur 9. Inrichtingsschets (bron: Pouderoyen)
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
4
2 2.1 Aanwezigheid beschermde gebieden
Beschermde gebieden
Het plangebied maakt deel uit van de Groene Ontwikkelingszone, het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en van Natura 2000-gebied Veluwe. De nieuwe woning komt ten zuiden van de schuur en ten oosten van de huidige woning te staan. Dit gedeelte van het terrein heeft de status Natuurnetwerk. Vermoedelijk overlapt de woning niet met het Natura 2000-gebied maar grenst hier wel aan.
Figuur 1 Ligging plangebied t.o.v. beschermde natuurgebieden.
2.2 Effecten beschermde gebieden
De nieuwbouw heeft oppervlakteverlies van het GNN tot gevolg. Omdat deze locatie in gebruik is als gazon en tuin kan op voorhand worden gesteld dat het plan niet van invloed is op bestaande ecotopen die worden genoemd als kernkwaliteit. Omdat er wel oppervlakteverlies optreedt is een nadere toetsing van het plan aan het natuurbeleid noodzakelijk. Een toetsing van eventuele effecten van stikstofdepositie vallen buiten het kader van dit onderzoek.
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
5
3
NDFF-gegevens
In de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is van de afgelopen tien jaar één waarneming uit het plangebied bekend. Het gaat om een waarneming van een boomkruiper. In de nabije omgeving is een aantal strikter beschermde soorten waargenomen. Van de zoogdieren zijn eekhoorn en steenmarter gemeld. Beide soorten zijn nationaal beschermd (Wnb art 3.10). Van de soortgroep vogels zijn 45 soorten waargenomen waaronder soorten met vaste nestplaatsen (huismus en kerkuil). Vogels zijn streng beschermd in de Europese Vogelrichtlijn (Wnb art 3.1) Binnen een kilometer rond het plangebied zijn vijf soorten reptielen waargenomen, te weten ringslang, gladde slang, hazelworm, levendbarende hagedis en zandhagedis. Met name ringslang en in mindere mate levenbarende hagedis en hazelworm worden regelmatig op het landgoed waargenomen, ook in de omgeving van het plangebied. Van zandhagedis en gladde slang is het aantal waarnemingen beperkt. De soorten zijn niet op het landgoed waargenomen. Van de reptielen komen ringslang en hazelworm in de omgeving voor. Beide soorten zijn nationaal beschermd (Wnb art 3.10). Van de overige soortgroepen zijn geen beschermde of geen strikter beschermde soorten waargenomen.
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
6
4
Beschermde soorten
4.1 Planten
De bodem van het terrein bestaat uit grindrijk zand dat begroeid is met relatief schraal grasland en plaatselijk met pioniersvegetatie. Door de droge zomer was de vegetatie slecht ontwikkeld en de dekking beperkt. Er kwamen soorten voor als sint-janskruid, vingergras, gewoon biggenkruid, gewoon duizendblad, hopklaver, jakobskruiskruid, teunisbloem, beklierde duizendknoop, zwarte nachtschade, pitrus, tuinwolfsmelk, bleek cypergras en melganzenvoet. Verder waren tuinplanten aanwezig en soorten die kenmerkend zijn voor kruidenmengsels zoals Japanse duizendknoop, westerse karmozijnbes, aster sp., pekbloem en slangenkruid. Er zijn geen bedreigde of beschermde plantensoorten gevonden.
4.2 Zoogdieren
Alle inheemse soorten zoogdieren met uitzondering van de mol zijn in meer of mindere mate beschermd. In het plangebied zijn geen zoogdieren of sporen aangetroffen, behalve pootafdrukken van passerende reeën. Het terrein is weinig geschikt voor zoogdieren vanwege de openheid en de beperkte oppervlakte opgaande begroeiing. Er zijn algemene zoogdieren zoals gewone bosmuis, rosse woelmuis en huisspitsmuis. Voor de te verwachten soorten geldt een algemene vrijstelling van de Wnb in geval van ruimtelijke ingrepen. De begroeiing op het terrein is te jong om als verblijfplaats te dienen voor eekhoorn. De ligging van het plangebied (grens Veluwe – woonwijk) sluit de meeste soorten marterachtigen uit behalve steenmarter. De schuur en de kap waren goed te inspecteren en beschikken niet over verborgen ruimten. Hier zijn geen verblijfplaatsen van steenmarter gevonden. Van de woning vormt alleen het dak een potentiële verblijfplaats. Deze locatie is alleen bereikbaar via de overkapping van de wijnkelder. Hier zijn geen sporen van gebruik gevonden.
4.3 Vleermuizen
Alle soorten vleermuizen zijn strikt beschermd in de Wnb volgens het regime van de Europese Habitatrichtlijn. Van dergelijke soorten is het functionele leefgebied jaarrond beschermd. Verblijfplaatsen van vleermuizen bevinden zich in holten van bomen en besloten of donkere ruimten van kunstwerken, zoals gebouwen. De bomen in het plangebied zijn jong te jong om over holten te beschikken. Van de gebouwen is de schuur ongeschikt. Het gebouw is zeer open door ontbrekende deuren en vensters en een spouw ontbreekt. Het dak is in slechte staat. De windveren en veel pannen missen en in het dak zitten gaten waardoor de ruimte onder de pannen niet voldoende besloten is. De kap van de wijnkelder is enkelwandig en zeer laag bij de grond. Ook hier missen pannen. In de ruimte zijn geen vleermuizen of sporen gevonden. De wijnkelder is volledig afgesloten van de buitenwereld op een inpandige deur in de woning na. De ruimte is niet bereikbaar voor vleermuizen. Van de woning is de ruimte onder het dak potentieel geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen. De ruimte is in ieder geval via de hoekpannen van de kopgevels toegankelijk. De gevels beschikken vermoedelijk niet over een spouw. De ruimte achter het voorschot lijkt niet toegankelijk. De planken sluiten nauw op elkaar aan via mes-en-groefverbindingen en de onderzijde is
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
7
afgesloten met een lat die vrijwel naadloos op de muur zit. Op de zolder zijn geen vleermuizen of sporen van gebruik aangetroffen. Het plangebied zal tot het leefgebied van vleermuizen behoren maar vanwege het weinige groen en de structuurrijke omgeving is een belangrijke rol voor vliegen foerageerroutes uitgesloten. De ontwikkeling heeft geen wezenlijk effect op deze functies.
Figuur 10 & 11. Aansluiting voorschot op gevel met de onderzijde (l) en de bovenzijde.
4.4 Vogels
Alle inheemse broedvogels zijn beschermd in de Wnb volgens het regime van de Europese Vogelrichtlijn. De Wnb maakt onderscheid tussen vogels zonder en met vaste broedplaatsen. Van vogels zonder vaste broedplaats zijn alleen de broedsels beschermd en niet het leefgebied. Van vogels met een vaste broedplaats is naast de broedplaats (jaarrond) ook het functionele leefgebied beschermd. Tijdens het terreinbezoek waren geen vogels op het terrein aanwezig. De locatie is beperkt geschikt voor broedvogels zonder vaste nestplaats vanwege de geringe hoeveelheid groen. Er zijn algemene tuinsoorten te verwachten zoals merel, roodborst en heggenmus. De schuur en het dak van de woning zijn geschikt voor soorten als spreeuw, witte kwikstaart en kauw. Van de soorten met een vaste nestplaats is de locatie ongeschikt voor kerkuil en steenuil op grond van de constructie en de ligging. Het dak van de woning is in principe geschikt voor huismus en gierzwaluw.
4.5 Amfibieën
Alle soorten amfibieën zijn in meer of mindere mate beschermd. Op het landgoed zijn alleen algemene soorten amfibieën bekend waarvoor een algemene vrijstelling van de Wnb geldt. In het plangebied komt geen oppervlaktewater voor waardoor de locatie ongeschikt is als voortplantingsgebied. Het terrein bestaat grotendeels uit droog gazon dat niet geschikt is als leefgebied. Op beschutte plaatsen rond de woning kunnen algemene soorten zoals bruine kikker en gewone pad in de landfase voorkomen. Het voorkomen van strikter beschermde soorten waarvoor geen algemene vrijstelling geldt is uitgesloten.
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
8
4.6 Reptielen
Alle soorten reptielen zijn in meer of mindere mate beschermd. Op het landgoed worden ringslang, hazelworm en levendbarende hagedis regelmatig waargenomen. Het is aannemelijk dat deze soorten op enig moment ook in het plangebied aanwezig kunnen zijn, met name rond de bosrand. Omdat het erf wordt beheerd als tuin en gazon is het plangebied niet geschikt als leefgebied voor deze soorten. Een negatief effect op deze soortgroep is uit te sluiten.
4.7 Vissen
In en rond het plangebied komt geen oppervlaktewater voor. Een negatief effect op vissen in het algemeen is uitgesloten.
4.8 Ongewervelden
De beschermde soorten ongewervelden zijn gebonden aan zeer specifieke habitats. Het plangebied komt voor geen van de beschermde soorten overeen met hun habitat. Deze soortgroep is daarom in zijn geheel uit te sluiten.
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
9
4.9 Samenvatting
In het plangebied is het voorkomen van algemene, licht beschermde kleine zoogdieren en amfibieën niet uit te sluiten. Voor de te verwachten soorten geldt algemene vrijstelling in geval van ruimtelijke ingrepen. Een aantal soorten reptielen kan rond de erfgrens in het plangebied aanwezig zijn maar als leefgebied is het terrein niet geschikt. In de opgaande begroeiing en de gebouwen kunnen algemene vogels zonder vaste nestplaats tot broeden komen. Onder het dak van de woning is de aanwezigheid van vaste verblijfplaatsen van vleermuizen, huismus en gierzwaluw niet uit te sluiten. Tabel 1: Beschermde soorten die binnen de planlocatie worden verwacht op basis van bestaande gegevens en het veldbezoek. SOORTGROEP
TOELICHTING
BESCHERMDE SOORTEN GEEN
Planten
WNB
HR
VR
X
Zoogdieren
Algemene soorten
Alg. vrijstelling
Vleermuizen
Verblijfplaatsen
Potentieel (woning)
Vleermuizen
Foerageergebied
Verwaarloosbaar
Vleermuizen
Vliegroutes
Broedvogels
Zonder vaste nestplaats
Broedvogels
Met vaste nestplaats
X Waarschijnlijk X
Potentieel huismus/gierzwaluw In woning
Amfibieën
Algemene soorten
Alg. vrijstelling
Reptielen
X
Vissen
X
Ongewervelden
X
Geen effect
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
10
5
Conclusies
5.1 Beschermde gebieden
Het plangebied is onderdeel van de Groene Ontwikkelingszone, het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en Natura 2000-gebied Veluwe. Het bouwplan ligt in het GNN en grenst aan Natura 2000-gebied. De locatie van de nieuwbouw is in gebruik als tuin waardoor een negatief effect op de kernkwaliteiten van het GNN is uitgesloten met uitzondering van oppervlakteverlies. Op grond hiervan is een toetsing aan het beleid van het GNN aan de orde. Voor het Natura 2000-gebied – in en rond het plangebied - is op het eerste gezicht geen negatief effect te verwachten omdat het gebruik van het erf niet wezenlijk verandert. Hierbij is er vanuit gegaan dat het nieuwe bouwvlak niet overlapt met Natura 2000-gebied. Een toetsing van de eventuele effecten van stikstofdepositie vallen buiten het kader van dit onderzoek.
5.2 Beschermde soorten
Vleermuizen (Wnb-Vogelrichtlijn, art. 3.5) Door de sloop kunnen verblijfplaatsen verloren gaan en verstoring en sterfte van dieren optreden. Dit is verboden volgens de Wnb. Daarom dient nader onderzoek plaats te vinden naar de eventuele functies van de gebouwen voor vleermuizen. Dit onderzoek dient uitgevoerd te worden in de periode van 15 mei tot 30 september. Broedvogels zonder vaste nestplaatsen (Wnb-Vogelrichtlijn, art. 3.1) Door het rooien van begroeiing of het slopen van gebouwen tijdens het broedseizoen kan sterfte van vogels en verstoring van broedsels optreden. Dit is verboden volgens de Wnb. Daarom dienen dergelijke ingrepen buiten het broedseizoen plaats te vinden tenzij een controle uitwijst dat geen broedsels aanwezig zijn. De piek van het broedseizoen beslaat de periode van 15 maart tot 15 juli, maar eerdere en vooral latere broedgevallen zijn mogelijk. In de periode van 1 september tot 1 maart is de kans op broedgevallen gering. Broedvogels zonder vaste nestplaatsen (Wnb-Vogelrichtlijn, art. 3.1) Door de sloop van de woning kunnen vaste nestplaatsen verloren gaan. Dit is verboden volgens de Wnb. Daarom dient nader onderzoek plaats te vinden naar de functies van het gebouw voor huismus en gierzwaluw. Hiervoor is nader onderzoek gewenst in de periode 15 mrt – 15 mei respectievelijk 15 mei – 15 jul. Tabel 2. Maatregelen en vervolgacties n.a.v. quick scan Soortgroep
Soort
Maatregel/vervolgactie
Planten
Alle
¾
Vleermuizen
Alle
Nader onderzoek in de periode 15 mei – 30 september
Zoogdieren
Alle
¾
Vogels zonder vaste
Alle
Groenwerkzaamheden buiten de periode (1 mrt) 15 maart – 15 juli (1
verblijfplaats
sep) of controle vooraf
Vogels met vaste verblijfplaats
Alle
Nader onderzoek in de periode 15 mrt – 15 mei
Amfibieën
Alle
¾
Reptielen
Alle
¾
Vissen
Alle
¾
Ongewervelden
Alle
¾
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
11
Bronnen
1. www.ndff.nl 2. www.gelderland.nl 3. www.synbiosis.alterra.nl
Quick scan Wnb Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
12
Bijlage I
Wettelijk kader en beleidskader
De toets is gericht op de aanwezigheid van beschermde soorten en beschermde gebieden. De bescherming is in de wet geregeld middels de Wet natuurbescherming. De gebiedsbescherming die voortkomt uit het beleid uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en de provinciale structuurvisies en verordeningen (NNN/EHS) neemt een aparte positie in. Wet natuurbescherming
De Wet natuurbescherming (Wnb) verenigt of vervangt verschillende wetten en verdragen op het gebied van bos- en natuurbescherming, te weten: • • • •
Voormalige Flora- en Faunawet Europese Vogelrichtlijn Europese Habitatrichtlijn, Verdrag van Bonn en Verdrag van Bern Voormalige Boswet
Activiteiten mogen niet leiden tot een overtreding van de verbodsbepalingen. Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een ontheffing of vrijstelling moet aan drie criteria zijn voldaan: • •
•
Ten eerste mag alleen van de verbodsbepaling afgeweken worden als er geen andere bevredigende oplossing voor de handeling mogelijk is. Ten tweede moet tegenover de afwijking van het verbod een in de wet genoemd belang staan. De wet geen voor de verschillende beschermingsregimes aan wat die belangen zijn zoals volksgezondheid of openbare veiligheid. Tenslotte mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort.
De Wnb kent verschillende beschermingsregimes voor nationaal beschermde soorten, Vogelrichtlijnsoorten en Habitatrichtlijnsoorten. Elk van deze drie beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten en belangen voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. In onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de verbodsbepalingen die relevant zijn bij ruimtelijke ontwikkelingen en dergelijke. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn § 3.1 Wnb Art 3.1 lid 1 Het is verboden in het wild levende vogels opzettelijk te doden of te vangen.
Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn § 3.2 Wnb Art 3.5 lid 1 Het is verboden soorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. Art 3.1 lid 2 Art 3.5 lid 4 Het is verboden opzettelijk nesten, Het is verboden de rustplaatsen en eieren van vogels voortplantingsplaat- sen of te vernielen of te beschadigen, of rustplaatsen van dieren te nesten van vogels weg te nemen. beschadigen of te vernielen. Art 3.1 lid 3 Art 3.5 lid 3 Het is verboden eieren te rapen en Het is verboden eieren van
Beschermingsregime andere soorten § 3.3 Wnb Art 3.10 lid 1a Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen. Art 3.10 lid 1b Het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen. Niet van toepassing
deze onder zich te hebben.
dieren in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. Art 3.5 lid 2 Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren.
Art 3.1 lid 4 en lid 5 Het is verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Niet van toepassing. Art 3.5 lid 5 Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.
Niet van toepassing.
Art 3.10 lid 1c Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.
Vrijstelling In sommige gevallen geldt voor een handeling die gevolgen heeft voor een soort een vrijstelling. Vormen van vrijstellingen zijn het toepassen van een gedragscode, een programmatische aanpak, een provinciale verordening en een ministeriele regeling. Zorgplicht De zorgplicht houdt in dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leef- omgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld; de zorgplicht kan wel door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd. Bevoegd gezag De provincie waarin een handeling plaatsvindt is in principe verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wnb. In een aantal gevallen is de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland namens het Rijk verantwoordelijk. Het gaat om zaken van nationaal of provincie-overschrijdend belang, zoals Rijkswegen, -wateren en militaire activiteiten. Rode lijst
Een Rode Lijst bevat een overzicht van soorten die uit Nederland zijn verdwenen of dreigen te verdwijnen. Dit wordt bepaald op basis van zeldzaamheid en/of negatieve trend. De lijsten worden periodiek vastgesteld door de minister van EZ. Rode lijsten hebben geen juridische status. Als een soort op de lijst komt, is deze niet automatisch beschermd. Daarvoor moet de soort worden aangewezen onder de Wnb. De Rode lijsten helpen daarbij. Deze lijsten worden ook gebruikt om te toetsen of de beleidsdoelen over biodiversiteit worden gehaald (www.rijksoverheid.nl).
NNN/EHS
Het Nationale Natuurnetwerk (NNN, voorheen de Ecologische Hoofdstructuur EHS) is een netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen natuurgebieden in Nederland. De EHS is als beleidsdoel opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). De juridische borging van de nationale ruimtelijke belangen die in de SVIR worden aangewezen vindt plaats via het
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). De rijkslijn zoals verwoord in het SVIR en Barro is dat er bij EHS geen sprake is van externe werking. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing en de ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Zij wijzen in hun structuurvisie of verordening de gebieden aan die onder het NNN vallen. In of in de nabijheid van een NNN-gebied geldt het 'nee, tenzij'-principe: nieuwe plannen of projecten zijn niet toegestaan als ze de wezenlijke (potentiële)waarden en kenmerken van het NNN-gebied significant aantasten, tenzij er sprake is van redenen van groot openbaar belang en er geen reële alternatieven zijn. De schade dient in dat geval door mitigerende maatregelen zoveel mogelijk beperkt te worden. De restschade dient te worden gecompenseerd. De planologische bescherming van het NNN vindt plaats in op basis van de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen bestemmingsplannen.
Bijlage 5 Stikstofonderzoek realisatie- en gebruiksfase
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
47
Blom Ecologie Koeweistraat 2 4181 CD Waardenburg
Harmonische Architectuur BV
0418 820 288
T.a.v. dhr. R. van de Weerd
info@blomecologie.nl
Voorsterweg 139
www.blomecologie.nl
6971 KD Voorstonden KVK
67221904
Onderwerp:
Stikstofonderzoek Beekhuizenseweg 1a te Rozendaal
BTW nr.
NL856882999B01
Datum:
3 juli 2023
IBAN
NL21RABO0314240683
Revisie:
5 september 2023 / 7 december 2023
Project:
2023-0527
Samensteller:
S. Gielen Ad.
Aanleiding Aan de Beekhuizenseweg 1a te Rozendaal is een woonperceel met een woning met een koetshuis gesitueerd. De initiatiefnemer is voornemens de bestaande woning op de planlocatie uit te slopen ten behoeve van een nieuwe woning. Het bestemmingsplan voorziet in de beoogde ontwikkeling en hoeft niet gewijzigd te worden (figuur 1).
Figuur1 Locatie van de activiteiten (AERIUS Calculator).
Natura 2000 De planlocatie ligt omringt met het Natura 2000-gebied ‘Veluwe’ (figuur 2). Een toename in stikstofdepositie kan een negatief effect sorteren op kwetsbare en gevoelige habitattypen of leefgebieden binnen Natura 2000gebieden. Middels een berekening met de AERIUS Calculator wordt rekenkundig inzichtelijk gemaakt of de voorgenomen ontwikkeling resulteert in een verhoging van stikstofdepositie binnen stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden van Natura 2000-gebieden. De nieuwe habitatkartering afkomstig uit het Wijzigingsbesluit Habitatrichtlijngebieden is op 25 november 2022 vastgesteld.
Figuur 2
De planlocatie ligt omringt met het Natura 2000-gebied ‘Veluwe’ (AERIUS Calculator).
Locaties van stikstofemissie
Figuur3
De stikstofemissie wordt gemodelleerd middels een verkeersweg en een planlocatie (AERIUS Calculator).
Stikstofemissie gebruiksfase Verwarming In de huidige situatie wordt er gebruik gemaakt van een gas aansluiting. In de nieuwe situatie wordt de woning zonder een gasaansluiting gerealiseerd. Het CPB hanteert vastgestelde waardes voor stikstofemissie per woningcategorie. Voor de woning betreft een vrijstaande woning. De jaarlijkse uitstoot per vrijstaande woning betreft 3,59 kg NOx per jaar en een uitstoot van 0,47 NH3 in kg/jaar. Voor de berekening van de stikstof emissie is gebruik gemaakt van interne saldering. Tabel 3
Stikstofemissie ten gevolge van verwarming bebouwing in de gebruiksfase van de huidige situatie. Bron: Factsheet AERIUS Ruimtelijke plannen – emissiefactoren (Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, RIVM, CBS, CPB).
Categorie
Stikstofemissie (kg NOx per jaar)
Totaal stikstofemissie (kg NOx per jaar)
Vrijstaande woning
3,59
0,47
totaal
3.59
0,47
Verkeer De beoogde ontwikkeling betreft de sloop van de woning en de realisatie van een nieuwe woning. De woning wordt geclassificeerd als vrijstaand koophuis in niet stedelijk in rest bebouwde kom. Ten opzichte van de huidige situatie leidt de beoogde ingreep worst-case tot een toename van circa 8,6 verkeersbewegingen (tabel 1) (CROW Toekomstbestendig parkeren, 2012). Er is nog sprake van een gebruikte woning met daarbij behorende verkeersbewegingen. Door de realisatie van de nieuwe woning wordt de oude woning gesloopt. Derhalve is in de berekening interne saldering op de huidige verkeersbewegingen door de sloop van de woning toegepast. Voor de aangetrokken verkeersbewegingen worden deze voor 100% in westelijke richting (figuur 3), totdat deze verkeersbewegingen opgaan in het heersende verkeersbeeld. Hiervan is sprake indien het aan- en afrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet dan wel niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg kan bevinden. Of zich daar daadwerkelijk ander verkeer bevindt, is niet relevant in het kader van de vraag of de gevolgen voor het milieu van het af- en aanrijdende verkeer aan de beoogde ontwikkeling kunnen worden toegerekend. Tabel 1
Verkeersgeneratie in de gebruiksfase. Bron: Toekomstbestendig parkeren (CROW).
Categorie
Verkeersgeneratie per etmaal
Totaal aantal verkeersbewegingen per etmaal
1 woning
8,6 per woning
8,6
Totaal
8,6
Stikstofemissie aanlegfase Gedurende de sloopfase en de aanlegfase wordt een tijdelijke toename in stikstofemissie verwacht. Deze stikstofemissie komt ten gevolge van: 1. De inzet van machines op de werklocatie en; 2. Het aan- en afvoeren van personeel, materiaal en machines middels verkeersbewegingen. Tabel 1
Inzet van mobiele werktuigen gedurende de aanlegfase.
Fase
Werktuig
Stage
Gemiddelde motorbelasting
Vermog en (kW)
Draaiuren
Sloop
Graafmachine
Li-ION
-
53,8
16
Sloop
Shovel
Li-ION
18,7
8
Sloop
Trilplaat
Li-ION
-
3,1
16
53,8
8
Bouwrijp maken
Graafmachine
Li-ION
-
Bouwrijp maken
Shovel
Li-ION
-
18,7
4
-
3,1
8
-
53,8
12
Bouwrijp maken
Trilplaat
Uitgraven kelder
Graafmachine
Li-ION Li-ION
Uitgraven kelder
Shovel
Li-ION
-
18,7
4
Uitgraven kelder
Trilplaat
Li-ION
-
3,1
8
Woningbouw
Betonpomp
iONTRON Hybrid
-
92
24
Woningbouw
Hijskraan
-
55
16
Woningbouw
Graafmachine
e-lift/hybride Li-ION
-
53,8
25
-
18,7
16
-
3,1
6
Woningbouw
Shovel
Li-ION
Woningbouw
Trilplaat
Li-ION
De toename van stikstof depositie zal beperkt worden door de aanvoer van materialen en machines efficiënt uit te voeren. Alle machines worden éénmalig aangevoerd en alle machines en de afvoer van bouwmaterialen wordt na afronding van de realisatie uitgevoerd. Daarnaast wordt er voor het aan en afvoer van personeel buiten de planlocatie een parkeerplaats aangewezen (figuur 4). Vanaf de aangewezen locatie zal het vervoer van personeel volledig brandstofvrij plaatsvinden. Derhalve is er geen overschrijding van de stikstofdepositie waarde in het stikstof gevoelige natura2000- gebied ‘Veluwe’.
Figuur4 Verkeerswegen personeel en bouwverkeer. Rood omcirkelt de parkeerlocatie voor het bouwpersoneel.
De tijdelijke toename in verkeersbewegingen tijdens de aanlegfase wordt in onderstaande tabel berekend (tabel 2). Tabel 2 Samenvatting van de verkeersbewegingen gedurende de aanlegfase als input voor de AERIUS Calculator. Type verkeer
Weken aanlegfase
Aantal per week
Totaalaantal
Licht verkeer***
26
20
520
Middelzwaar vrachtverkeer
26
1*
26
Zwaar vrachtverkeer
26
1**
14
*per 2 weken 1 maal middelzwaar zwaar verkeer retour. ** per 4 weken 1 maal zwaar verkeer retour *** Licht verkeer van aan en toevoer van personeel wordt geleidt naar een aangewezen parkeerplaat aan de Moestuin (figuur 4).
Resultaten gebruiksfase Er is sprake van afname van stikstofdepositie ten gevolge van de beoogde ruimtelijke ingreep van 0,34 mol N/ha/jr in de gebruiksfase. Resultaten aanlegfase Er is sprake van afname van stikstofdepositie ten gevolge van de beoogde ruimtelijke ingreep van 0,35 mol N/ha/jr in de realisatiefase.. Conclusie Op basis van de in dit rapport beschreven berekeningen is de beoogde ontwikkeling wat betreft stikstofdepositie en gebiedsbescherming gedurende de gebruiksfase en de aanlegfase uitvoerbaar in het kader van de Wet natuurbescherming. Aangezien de stikstof depositiewaardes in de ‘Veluwe’ in meerdere gebieden ruim boven de kritische depositie waardes liggen (KDW) is het noodzakelijk dat de beoogde ruimtelijk ontwikkeling in de realisatiefase wordt uitgevoerd met volledig elektrische machines. Daarnaast is het noodzakelijk om het aantal verkeersbewegingen in de realisatiefase te beperkte. Hiervoor is spreiden van de verkeersbewegingen in dit rapport opgenomen waardoor de stikstofdepositie beperkt blijft. Derhalve is er geen vergunning nodig en zijn er voor stikstof geen verdere vervolgstappen noodzakelijk. De permanente stikstofdepositie verlaagd de stikstofdepositie van het Natura 2000-gebied `Veluwe’ met 0,34 mol N/ha/jr. Derhalve is er voor stikstof in de gebruiksfase geen verdere vervolgstappen noodzakelijk.
We hopen u met dit schrijven voldoende te hebben geïnformeerd. We verblijven in afwachting van uw reactie.
Met vriendelijke groet,
Blom Ecologie B.V., S. Gielen Ad. Auteur
Blom Ecologie B.V., ir. T.W.D. Schrader Collegiale toets
Blom Ecologie B.V. Koeweistraat 2 - 4181 CD Waardenburg Niets uit deze rapportage mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Blom Ecologie B.V. worden gebruikt door derden. Onder gebruik worden alle vormen van kopie, openbaarmaking en elke andere toepassing begrepen. Deze rapportage mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor het is samengesteld. Blom Ecologie B.V. is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden en/of gegevens verkregen van Blom Ecologie B.V.
Bijlage 6 Archeologisch bureau- en inventariserend booronderzoek
54
bestemmingsplan Beekhuizenseweg 1a Rozendaal
Bureau voor Archeologie Rapport 1251 Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal, gemeente Rozendaal: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende en karterende fase
2
Colofon titel:
Bureau voor Archeologie Rapport 1251. Beekhuizenseweg 1a, Rozendaal, gemeente Rozendaal: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende en karterende fase
auteur:
A. de Boer (KNA senior prospector)
datum:
20 oktober 2022
ISSN:
2214-6687
© Bureau voor Archeologie Koningsweg 244 Utrecht T 030 245 18 95 E info@bureauvoorarcheologie.nl I https://www.bureauvoorarcheologie.nl
Bureau voor Archeologie Rapport 1251
Rozendaal Beekhuizenseweg 1a
3
Administratieve gegevens Projectnummer
2022090801
Provincie
Gelderland
Gemeente
Rozendaal
Plaats
Rozendaal
Toponiem
Beekhuizenseweg 1a
Centrum locatie (m RD)
194.870; 446.950 (x; y)
Omvang plangebied
1.310 m2
Omvang onderzoeksgebied booronderzoek 1.310 m2 Kadastrale gegevens
kadastrale gemeentenaam: Rozendaal, sectie: C, nummer: 2370
ARCHIS onderzoeksmeldingsnummer
5297825100 (ABU); 5297833100 (ABO)
Soort onderzoek
een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende en karterende fase
Opdrachtgever
BOOT
Uitvoerder
Bureau voor Archeologie
Kaartblad
40B
(RO) kader onderzoek
Bestemmingsplanwijziging
Periode van uitvoering veldwerk
12 oktober 2022
Bevoegde overheid
Gemeente Rozendaal
Deskundige namens bevoegde overheid
Omgevingsdienst Regio Arnhem
Versie van het rapport
1
Beheerder en plaats van documentatie
Digitale documentatie: ARCHIS en E-Depot Vondstdocumentatie: geen vondsten
Bureau voor Archeologie Rapport 1251
Rozendaal Beekhuizenseweg 1a
4
Figuur 1: Het plangebied (rood; www.opentopo.nl).
Bureau voor Archeologie Rapport 1251
Rozendaal Beekhuizenseweg 1a