Verslag hoorzitting subcommissie bestemmingsplannen van 1 februari 2022
Tekst van het document
pagina 19
Raadscommissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte Subcommissie Bestemmingsplannen op 1 februari 2022 Hoorzitting diverse bestemmingsplannen
burgemeester en wethouders de nodige zorgvuldigheid in acht moeten nemen voordat een besluit wordt vastgesteld. En dat betekent dat alle bij de besluitvorming betrokken belangen, dus ook de belangen van de horecaondernemers in de omgeving van de RottaNova, zorgvuldig moeten worden meegewogen in de besluitvorming. Mevrouw geeft aan dat dat hier onvoldoende gebeurd is. Vragen aan ambtelijke ondersteuning De heer Verheij merkt op dat hij aan de bezonningschema's ziet dat de situatie van de RottaNova met schaduwwerking vergeleken wordt met de bebouwing die er ooit stond. Hij is benieuwd wanneer die bebouwing precies is weggehaald, dus vanaf wanneer er een open grasveld is. En sinds wanneer de poffertjessalon op die locatie is. Was die er al op het moment dat die oude bebouwing er nog stond en is dus die vergelijking eerlijk? De spreker ziet het totale beeld met de verschillende tijdstippen, waarbij er grotendeels zon is op de Hoogstraat op straatniveau met de RottaNova op de tijden dat dat met de oude bebouwing ook zo was. Maar is die vergelijking ook heel specifiek gemaakt voor de locatie van het terras van de poffertjessalon? Is die op die kaartjes nog inzichtelijk te maken? De heer Rozema geeft aan dat in de zienswijze A6 eerst wordt verhaald over gebruikmaking van de lichte TNO-norm. Bij het kopje Hoogstraat wordt gesproken over de TNO-norm.
Hij vraagt of de lichte TNO-norm die alleen maar ziet op bezonning voor woningen, is toegepast op de Hoogstraat. Is dat terecht voor de Hoogstraat, omdat daar voornamelijk detailhandel zit en dus ook een poffertjeszaak, wat geen woningen zijn. Mag gekozen worden voor een bepaalde TNO-norm of is voorgeschreven waaraan men zou moeten voldoen? Blijkbaar raakt dat de positie van deze reclamant. De heer Van Dijk merkt op dat naast het terras een vrij beperkte ruimte is om te wandelen. Daarnaast ligt het grasveld. Hij is benieuwd of de bebouwing echt op de rand komt van wat nu groen is en of dat straks de afstand is die ontstaat. Hij leest dat Peutz zegt dat groen de windhinder kan doen beperken. Waar is dat groen dan gepositioneerd? Is dat een keuze om dat aan te brengen of is dat een verplichting? De heer Akkulak geeft aan dat voor dit bestemmingsplan een bezonningsstudie is uitgevoerd door Peutz, een gerenommeerd bedrijf dat dit soort onderzoeken regelmatig uitvoert. Daarbij is gekeken naar de bouwmogelijkheden die het huidige bestemmingsplan biedt en dat is vergeleken met het plan zoals dat nu voorligt. Het huidige bestemmingsplan biedt de mogelijkheid om 25 tot 35 meter in de hoogte te bouwen. Bij het bouwen van een gebouw van 25 tot 35 meter hoog heeft dat dezelfde schaduwwerking als een gebouw van 70 meter hoog, zoals dat nu in dit plan is opgenomen.
Hij heeft begrepen dat de poffertjeskraam daar in 2010 is gevestigd. In 2008 waren de plannen voor RottaNova al bekend. Ook heeft hij begrepen dat in de terrasvergunning een clausule is opgenomen dat als RottaNova er komt, dat het terras op een andere manier ingericht zou moeten worden. Dat kan in de veegbrief meegenomen worden. Het is een keuze om uit te gaan van de lichte TNO-norm of de zware TNO-norm, maar als de zware TNO-norm wordt toegepast dan zou bijna nergens meer gebouwd kunnen worden. Dus wordt in Rotterdam gekozen voor de lichte TNO-norm. Het is
pagina 20
Raadscommissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte Subcommissie Bestemmingsplannen op 1 februari 2022 Hoorzitting diverse bestemmingsplannen
inderdaad zo dat op een aantal punten de windhinder verslechtert door de bouw van RottaNova. Begroeiing zou dat kunnen beperken, maar dat is niet als verplichting opgenomen. Naar aanleiding van de zienswijze zal de gemeente wel de verplichting opnemen om een luifel aan te brengen, waardoor de windhinder minder wordt. Er is nu een open grasveld. Het zal veel meer windhinder opleveren als daar straks een gebouw komt te staan. De spreker weet niet precies wat de afstand is, of er tot aan de rand van het grasveld wordt gebouwd of daarvoor. Hij gaat uit van tot aan de rand van het grasveld. De heer Rozema heeft een vraag ter verduidelijking. Licht versus zwaar in de wereld van TNO-normen: blijkbaar is het de vrijwilligheid van een bevoegd gezag om te kunnen kiezen. De lichte TNO-norm ziet echter op woningen, maar aan de Hoogstraat zijn geen woningen. Zouden de bepalingen uit de lichte TNO-norm wel toegepast kunnen worden op niet-woningen? De heer Akkulak geeft aan dat het op zich niet uitmaakt welke normen hier gehanteerd worden, omdat de schaduwwerking gewoon hetzelfde is. Als de gebruiksmogelijkheden van het huidige bestemmingsplan worden toegepast en een gebouw gerealiseerd wordt van 35 meter of de RottaNova, is er precies dezelfde schaduwwerking op de terrassen.
Misschien dat het voor de hoger gelegen gebouwen of woningen iets anders is, maar voor de terrassen op straatniveau maakt het niets uit wat de hoogte van het gebouw is. De spreker geeft aan dat dat ook uit het onderzoek van Peutz naar voren komt en dat daarom de reactie in de zienswijzerapportage kort en bondig is. De voorzitter merkt op dat de politieke discussie wordt gevoerd in de raadscommissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte. Ze dankt de inspreker en haar cliënt voor hun komst. Na een korte schorsing geeft zij het woord aan mevrouw mr. Jonkman voor het geven van een toelichting op zienswijze 15 en 16. Reclamant 15 en 16: Mevrouw Jonkman namens mevrouw O. Yildiz-Aktas en de heer H. Ghiraw geeft een korte toelichting op de hoofdpunten uit de zienswijzen. Haar cliënten hebben het appartement gekocht in de verwachting dat er 35 meter hoog gebouwd zou worden tegenover hen. Het gebouw wordt nu twee keer zo hoog en komt op een afstand van 24 meter, dus erg dichtbij. Zij maken zich zorgen over dat ze veel minder licht en zonlicht zullen ontvangen door de hoogbouw. Ze hebben nu een vrij uitzicht. In een stedelijk gebied kan men niet verwachten dat helemaal te behouden. De situatie is dat door de bijzondere architectuur van de Markthal de meeste appartementen, ook de appartementen van cliënten, maar van één kant licht ontvangt. De andere kant is al donker.
De spreekster ziet dat in de zonlichtstudie geen rekening is gehouden met de hoeveelheid daglicht. Bij die hoogte en afstand en bij appartementen die alleen aan de voorkant ramen hebben, kan men zich afvragen of de appartementen van haar cliënten nog wel voldoende daglicht zullen ontvangen, gelet op de normen van het bouwbesluit. Daarbij komt de inbreuk op de privacy. Het appartement is open aan één kant. De nieuwe bewoners zullen op korte afstand naar binnen kunnen kijken. Van een uitzicht is straks geen sprake meer. De inspreekster noemt voorts het punt van planschade. Er is sprake van een forse afwijking ten aanzien van het voormalige bestemmingsplan, waarin een hoogte van 35 meter was toegestaan. Ze denkt
pagina 21
Raadscommissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte Subcommissie Bestemmingsplannen op 1 februari 2022 Hoorzitting diverse bestemmingsplannen
dat dat tot aanzienlijke planschade zal kunnen leiden en heeft daar niets over gezien in de toelichting, ook niet in het kader van de financiële haalbaarheid. Op het punt van de ontgroening van dit deel van Rotterdam is ze in de zienswijze al ingegaan. Er is weinig groen in de buurt en het grasveldje wordt veel gebruikt. De vraag is of er wel behoefte is aan die duizenden vierkante meters extra voor detailhandel, terwijl er nu al veel leegstand is. De inspreekster noemt als laatste de geluidsoverlast die de horeca mogelijk zal veroorzaken. De voorzitter vraagt of de commissieleden vragen hebben voor de inspreekster. De heer Verheij merkt op dat de inspreekster een opmerking heeft gemaakt over daglichttoetreding en zich zorgen maakt of dat nog wel voldoende zal zijn. Eerder vandaag maakte een inspreker zich zorgen over te veel daglichttoetreding, omdat hij bang is voor de weerspiegeling van de zon in de ramen van de RottaNova richting de Markthal en de appartementen in de Markthal. Hoe beoordeelt mevrouw Jonkman dat voor haar cliënten? De heer Rozema merkt op dat zienswijze A6 op bezonning ziet. Hij vraagt hoe de inspreekster reageert op de reactie van het college die ingaat op de bezonning ten aanzien van de Markthal. Mevrouw Jonkman geeft aan dat de appartementen van haar cliënten op het noorden liggen.
De afstand van 24 meter heel dichtbij en ze denkt dat deze appartementen qua hoogte ongeveer halverwege komen van het nieuwe gebouw. Dus er ontstaat een soort steeg. Ze kan zich voorstellen dat de zon wel weerkaatst op het gebouw. Volgens de zonlichtberekening van de gemeente wordt alleen het topje van het gebouw belicht en daar herkennen haar cliënten zich niet in. De spreekster vindt zowel aan de geluidsoverlast als de lichtintreding heel summier aandacht is besteed door de gemeente in dit plan. Ze denkt dat die vraag ook uitwijst dat er te weinig is onderzocht wat dat betreft. Vragen aan ambtelijke ondersteuning De heer Verheij merkt op dat de ene inspreker vraagt of er straks nog genoeg zonlicht is en de andere vraagt of er niet te veel komt. Is voor dat aspect onderzocht wat de situatie zal zijn op verschillende momenten in het jaar, en wat is daar dan de uitkomst van? De heer Akkulak geeft aan dat de afstand tussen de gebouwen niet 24 meter maar 30 meter is. Een reguliere woonstraat heeft een afstand van veertien meter tussen twee woongebouwen. RottaNova is ten noorden van de Markthal gesitueerd. De zon komt op in het oosten en draait via het zuiden naar het westen. Dus de schaduwwerking van RottaNova op de Markthal is heel beperkt. Alleen in de zomermaanden, als de zon heel hoog staat, is er een klein beetje schaduwwerking op een paar appartementen op de hoek.
Hoe mensen de reflectie van het zonlicht ervaren, is blijkbaar iets persoonlijks. De een vindt het vervelend, de ander niet. Er is niet exact uitgezocht welke appartementen hoeveel reflectie krijgen en voor hoeveel uren. De spreker denkt dat dat niet mogelijk is. Wel is uitgezocht dat er enige reflectie zal optreden bij sommige appartementen.
pagina 22
Raadscommissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte Subcommissie Bestemmingsplannen op 1 februari 2022 Hoorzitting diverse bestemmingsplannen
Mevrouw Van den Broek licht toe dat daglichttoetreding niet wordt uitgezocht voor bestaande bebouwing als er nieuwe bebouwing wordt bijgebouwd. Dat is geen verplichting. Er is wel onderzoek gedaan naar daglichttoetreding voor de RottaNova zelf als onderdeel van het bouwbesluit. Daaruit blijkt dat de daglichttoetreding voldoet. De spreekster vermoedt dat ook voor de woning van de insprekers, zeker omdat die halverwege de Markthal is, geldt dat de daglichttoetreding aan alle normen zal voldoen. De voorzitter geeft aan dat de politieke behandeling zal volgen in de raadscommissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte en daarna in de raadsvergadering. Zij bedankt de inspreekster en haar cliënte voor hun komst. Ze geeft aan dat de heer De Roon de vergadering zojuist heeft moeten verlaten. Advisering Themagewijs A1 Bouwhoogte. Reclamanten 1, 2, 3, 4, 5, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 17, 20, 21, 22, 23 en 24. Voorstel van het college: deels gegrond. De commissie gaat akkoord. A2 Uitzicht. Reclamanten 1, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 18, 20, 21, 22, 23 en 24. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A3 Daglicht en privacy. Reclamanten 1, 2, 9, 10, 12, 13, 15, 16 en 18. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A4 Planschade. Reclamanten 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 16, 20, 21, 22, 23 en 24.
Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A5 Groen en omgeving. Reclamanten 2, 9, 10, 15, 16, 18, 19 en 22. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A6 Bezonning, hittestress en waterbuffering. Reclamanten 2, 9, 10, 15, 16, 18, 19 en 22. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A7 Windhinder. Reclamanten 2, 6, 9, 10, 14 en 17. Voorstel van het college: deels gegrond. De commissie gaat akkoord. A8 Geluidshinder. Reclamanten 2, 10, 14, 15 en 16. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A9 Verkeer/parkeren. Reclamanten 2, 7, 9, 10, 12, 13 en 17. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A10 Voorzieningen ten behoeve van bewoners. Reclamant 2. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A11 Commerciële functies. Reclamanten 2, 6, 10, 15, 16 en 17. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A12 Besluitvorming/participatie. Reclamanten 2, 3, 4, 5, 7, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 19, 20, 21, 22, 23 en 24. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A13 Bouwoverlast. Reclamanten 2, 6 en 19. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. A14 Communicatie. Reclamant 2. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord.
pagina 23
Raadscommissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte Subcommissie Bestemmingsplannen op 1 februari 2022 Hoorzitting diverse bestemmingsplannen
A15
A16
A17
Ruimtelijke ordening. Reclamanten 3, 4, 5, 7, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 17, 20, 21, 22, 23 en 24. Voorstel van het college: deels gegrond. De commissie gaat akkoord. Wet openbaarheid bestuur. Reclamanten 3, 4, 5, 7, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 20, 21, 22, 23 en 24. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord. Esthetiek. Reclamanten 18 en 22. Voorstel van het college: ongegrond. De commissie gaat akkoord.
De voorzitter constateert dat de commissie het bestemmingsplan RottaNova conform het voorstel van het college doorgeleidt naar de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte. Beide bestemmingsplannen worden geagendeerd voor de overlegvergadering van de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte op 16 februari 2022 en de raadsbehandeling in beginsel op 24 februari 2022, waar een definitief besluit zal worden genomen. In de veegbrief over het bestemmingsplan RottaNova wordt aandacht besteed aan de achtergrond en clausule in de terrasvergunning van de poffertjeskraam en over de keuze voor het weglaten van de ontwikkelingen rondom RottaNova uit het masterplan Laurenskwartier, die bij de politieke behandeling betrokken kan worden. Hiermee is de laatste hoorzitting van de subcommissie bestemmingsplannen in deze raadsperiode tot een einde gekomen. De voorzitter dankt allen hartelijk voor de inbreng en inzet. Zij wenst iedereen een prettige avond en sluit de vergadering om 20.45 uur.
pagina 24
Schriftelijke versie inspreekbijdrage Monique van der Ploeg dd 1 februari 2022 Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480 - 490 Allereerst bedankt voor de aanwezigheid, zo eind van de dag, vermoedelijk ook na een dag werken. Ik wil mij eerst kort voorstellen; Ik ben Monique van der Ploeg en 7 jaar geleden zijn wij met volle tevredenheid komen wonen aan de Vallettastraat in de wijk Oosterflank. We hebben voor dit huis gekozen vanwege de mooie grote tuin en de nabijheid van de in en uitvalswegen. Maar vandaag zijn we daar niet voor aanwezig, vandaag zijn we hier aanwezig, omdat er een voorstel ligt om het bestemmingsplan aan te passen bij de Hoofdweg 480-490 aan het eind van onze straat.
Ik wil vandaag graag reageren op reactie op de zienswijzen. Daarin zien we heel vaak het argument terugkomen dat met het initiatief van Triple Living betaalbare woningen kunnen worden gerealiseerd. De afgelopen weken was het flink vaak in het nieuws; 8,5 % van de dure woningen in Rotterdam staan leeg. https://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimte-en-milieu/dure-huurwoningen-staan-leeg-amsterdamenrotterdam#:~:text=De%20eerste%20drie%20kwartalen%20van,woningen%20in%20dit%20segment% 20gebouwd. https://www.pzc.nl/rotterdam/hoe-rot-is-de-woningmarkt-als-bouwen-voor-leegstand-lucratiever-isdan-bouwen-voor-gewone-mensen~ad3e9a7e/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F
Mijn eerste argument tegen het plan van Triple Living is dan ook dat volgens de website Bouwenaanrotterdam.nl bij het initiatief aan de hoofdweg 480 er 353 woningen worden gerealiseerd met 50% middensegment (750 - 1060 euro) en 50% in een hoger segment (dus méér dan 1060 euro). Dat vind ik zelf best een hoge huur. Daarnaast is het in het licht van de berichtgeving over het feit dat 8,5 % van de woningen in het hoger segment leeg staan, wat verwonderlijk dat een groot deel dure huur betreft. Onderstaand een weergave van de omgeving en de nieuwbouwplannen (bouwenaanrotterdam.nl) bij ons in de buurt en specifiek meer informatie over het initiatief hoofdweg 480. De woningen zijn duur en het gebouw aan de hoofdweg 480 gaat met name de hoogte in. Dit voorstel voor de hoofdweg 480 (353 woningen, 2 torens van 70 meter hoog) wordt gedaan in een wijk waar het bestemmingsplan hier niet voor in aanmerking komt. Het is voor ons als bewoners verwonderlijk dat een projectontwikkelaar grond koopt, komt met de kennis over het bestaande bestemmingsplan en vervolgens een verzoek doet om dat aan te passen.
Mijn tweede argument is dat het voorstel om het bestemmingsplan aan te passen bijzonder is, als je kijkt naar de verschillende andere initiatieven in de omgeving waar juist vanuit het bestaande bestemmingsplan wél hoger gebouwd mag worden. De website bouwenaanRotterdam.nl geeft namelijk ook mooi zicht op de huidige initiatieven in de buurt. 2x aan de hoofdweg (220 woningen, en 196 woningen) en bij Alexanderium 158 woningen. Deze plannen gaan niet zo ver de hoogte in of zijn minder kolossaal. En dan hebben we het nog niet over de ideeën bij de Ster of op de locatie van het oude manege aan het Prinsenpark. Ook hier word niet zo hoog gebouwd, terwijl het bestaande bestemmingsplan op die locaties zich daar juist voor leent. Het Waarom hier? blijft voor mij onbeantwoord in de reactie op de zienswijze. Nu wordt er beschreven dat de reactie gaat over dit specifieke initiatief, maar je kan het goedkeuren van een wijziging van het bestemmingsplan niet los zien van de andere initiatieven in de nabije omgeving. Zeker niet vanwege alternatieve (beter lenende) locaties, waar wel al een bestemmingsplan voor bestaat om de hoogte in te gaan.
Zoals gezegd wordt in de reactie op de zienswijzen beargumenteerd dat het aanpassen van het bestemmingsplan niets te maken heeft met wat er in de omgeving gebeurt, maar vooral richt op het feit dat de gemeente een ambitie heeft om betaalbare woningen te realiseren en daar de noodzaak over uit. Als bewoners kunnen we alleen maar eens zijn met de gedachten dat er nieuwe woningen nodig zijn, maar de argumentatie dat dit het argument moet zijn om daartoe het bestemmingsplan van de hoofdweg 480-490 dan maar aan te passen is wat kort door de bocht. Ook bij de alternatieven gelden namelijk dezelfde argumenten als beschreven in de reactie (nabij uitvalswegen, NS en zelfs IN het verdichtingsgebied). Wij wonen in een groenstedelijke omgeving en de kenmerken daarvan zijn; wonen 'primair', veel prive tuinen, veel groen, gezinnen en veel eigen woningbezit/ eensgezinswoningen. Iedereen die op groen is gesteld; woont hier graag. Echter met een aanpassing van het bestemmingsplan valt het hele gebied ineens niet meer in deze groenstedelijke omgeving en staren er 353 woningen in onze achtertuin. Het wordt - zo lijkt het - een centrum/stedelijke omgeving. Het argument dat het nabij het verdichtingsgebied Alexanderknoop ligt, zegt al voldoende. Het ligt nabij, niet in het
verdichtingsgebied. Het kan niet zo zijn dat woningen en nieuwbouwinitiatieven in het verdichtingsgebied lager zijn dan het complex nabij het verdichtingsgebied. Dat is denk ik ook de reden dat gebiedscommissie adviseerde, om het aan te passen naar een meer vloeiende lijn in hoogte, richting de grote Beer omhoog en aan de hoofdweg 480 omlaag. Deze raadsvergadering is bedoeld om een besluit te nemen en het bestemmingsplan wel of niet aan te passen. Ik kan als bewoner alleen maar aandragen dat de aanpassing van het bestemmingsplan totaal niet past in de wijk. Het complex gaat de hoogte in, is kolossaal en grenst met 1 weg er tussen aan een complete laagbouw-woonwijk. Wij willen graag als we 19.00 thuis komen van een dag hard werken en in de tuin gaan zitten en van de zon genieten. Dat kan niet meer met dit plan. Daarbij, met zicht op (en van) dit kolossaal gebouw op een aantal meter van je vandaan, wordt het woongenot beduidend minder. Des temeer, omdat je weet dat er duidelijk andere mogelijkheden zijn bij andere locaties in de nabije omgeving die meer passend zijn.
Reclamant 6 - schriftelijke toelichting
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” t.a.v.:
De gemeenteraad van Rotterdam
Coolsingel Rotterdam van:
dhr. P.C. Holm (Namens de bewoners van de Djeddalaan, Vallettastraat en omgeving) Djeddalaan 102, 3067 MT Rotterdam
email:
pcholm1@gmail.com https://www.facebook.com/DjeddaValletta
op: referentie:
Vaststelling bestemmingsplan “Hoofdweg 480-490” BS21/01638 21bb015168
https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0599.BP2190Hfdw480on01/r_NL.IMRO.0599.BP2190Hfdw480-on01.html0
Nieuwbouw en aangrenzende woonwijk
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
Inhoud 1.
Voorwoord: ..................................................................................................................................... 3
A1. Alternatieven buiten plangebied ...................................................................................................... 4 A2. Stedenbouwkundige inpassing (hoogte en omvang): ...................................................................... 6 A3. Vuistregels "Bouwen in de uitbreidingswijken": .............................................................................. 8 A4. Programmma/Flexibiliteit": .............................................................................................................. 8 B. Aantasting woongenot:....................................................................................................................... 9 C2. Luchtkwaliteit / Stikstof: ................................................................................................................. 11 C3. Windhinder: .................................................................................................................................... 11 C4. Groen en oppervlakte water:.......................................................................................................... 13 C5. Vleermuizen: ................................................................................................................................... 16 D1.
Verkeer: .......................................................................................................................................... 17 D2. Parkeren: ........................................................................................................................................ 20 E. Horeca: .............................................................................................................................................. 21 F1. Prijs bouwgrond/grondspeculatie:.................................................................................................. 23 F2. Waardevermindering/Planschade: ................................................................................................. 24 F3. Participatie: ..................................................................................................................................... 25 F4. Gebiedsvisie en m.e.r.-beoordeling: ............................................................................................... 25 F5. Afwijkingsregel 10%: ....................................................................................................................... 25 F6. Gezondheidscentrum: .....................................................................................................................
25 (Gekwalificeerd) advies gebiedscommissie: ......................................................................................... 26 Epiloog: ................................................................................................................................................. 27
2
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
1. Voorwoord: Met verbijstering hebben we kennis genomen van de inhoud van het document “Vaststelling bestemmingsplan “Hoofdweg 480-490” met referentie BS21/01638 21bb015168. Het document geeft een verkeerde en onvolledige voorstelling van een aantal zienswijzen van de omwonenden en is veel te eenzijdig gericht op de belangen van woningzoekenden, zonder daarbij voldoende rekening te houden met belangen van omwonenden, terwijl dit juist van bestuurders wel verwacht mag worden. Het gebrek aan voldoende betaalbare woningen is niet door de bestaande bewoners of woningzoekenden, gecreëerd, maar door een overheid (ook de lokale overheid) die de demografische ontwikkeling kennende en de financiële en fiscale maatregelen kende en daar zelf deels aan heeft bijgedragen, verzuimt heeft tijdig beleid op te maken en hier op te anticiperen met maatregelen en plannen. Ter compensatie gedraagt diezelfde overheid zich nu als een olifant in een porseleinen kast, door nieuwbouwplannen door te drukken en daarbij de belangen van bestaande bewoners volkomen te genereren.
Bewoners hebben een behoorlijke financiële investering gedaan in een huis in een wijk en zijn in de loop van de tijd hier emotioneel aan gebonden geraakt, dit alles met de verwachting dat zij kunnen rekenen op de geldende regels over die omgeving die zijn vastgelegd in bestaande bestemmingsplannen en op een betrouwbare overheid (gemeente) die, deze niet als het hun even niet goed uitkomt, aangepast. Dit is het beleid wat je van een fatsoenlijke overheid mag verwachten, namelijk consistentie in regelgeving en het respecteren van de belangen van bestaande bewoners. Een lokale overheid die verzuimt tijdig passend beleid te maken voor de woningbouw, moet zich niet rücksichtslos achter plannen van commerciële partijen scharen omdat die het probleem kunnen oplossen dat zij niet daadkrachtig hebben aangepakt. Een voorbeeld daarvan is ook, het nalaten om maatregelen te nemen die speculatie van grond tegen kunnen gaan, waardoor er wel massaler en kolossaler gebouwd moet worden door de projectontwikkelaar om uit de kosten te komen, dit laatste geheel tegen de wens van omwonenden. Om het hele proces van nieuwbouwontwikkeling democratisch te laten schijnen is er zoiets als participatie voor o.a. omwonenden. Er worden informatieavonden georganiseerd en er is overleg met de projectontwikkelaar. Veel gepraat maar geen enkele toezegging op onderwerpen die omwonenden echt belangrijk vinden.
Hoeft ook niet, want bewoners hebben geen enkel formeel recht hierop noch een middel om dit af te dwingen, en zij hebben immers hun mandaat aan de politici gegeven bij de verkiezingen, niet beseffend dat dit het resultaat zou zijn. Is dit hoe democratie op gemeentelijk niveau werkt? Nog al wat bewoners zijn dan ook hevig teleurgesteld in de hele gang van zaken, en de mate en manier waarop hun belangen door de politiek zijn gewogen hoe zij betrokken zijn geworden in het proces van participatie.
3
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
A1. Alternatieven buiten plangebied Gesteld wordt, dat: “voorliggende bestemmingsplan heeft enkel betrekking op het perceel gelegen aan de Hoofdweg 480-490” waarna vervolgens alleen nog maar wordt ingegaan op de woningbouwopgave en de geschiktheid van de locatie ter zake.
Alternatieven (een bredere context) afserveren en vervolgens het in bredere context plaatsen (van de woningbouwopgave) valt niet met elkaar te rijmen. De impliciet veronderstelde noodzaak om op de Hoofdweg 480-490 een dergelijk kolossaal gebouw te plaatsen wat grote weerstand oproept bij omwonenden, kan niet los worden gezien worden van de alternatieven die er zijn voor het creëren van nieuwe woningen elders. Immers als er voldoende alternatieven zijn, die beter passen in een andere omgeving, is de noodzaak om een dergelijk kolossaal groot gebouw vlak bij laagbouwwoningen neer te zetten, niet aanwezig, en zouden we nu deze discussie niet hebben. De gebiedscommissie Prins Alexander heeft aangegeven dat zij een “ontwikkelvisie Alexanderknoop” (aangrenzend gebied) missen. M.a.w. ook zij zijn van mening dat de plannen voor deze locatie niet los gezien kunnen worden van een bredere context of plan m.b.t. woningbouw in de gemeente en omgeving. Door het gemis van een dergelijke visie, en het “laissez fair” beleid van de gemeente, dreigen niet alleen de toekomstige de bewoners, maar vooral de omwonenden, nu de dupe te worden.
Als bewoners dan alternatieve locaties aandragen waar een dergelijk wooncomplex beter past , wordt dit afgedaan met: “De procedure heeft geen betrekking op andere locaties ” Een dergelijke formele benadering geeft bewoners het gevoel niet serieus genomen te worden en wekt de nodige wrevel op. Omdat in de “Vastelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” niet wordt ingegaan op de alternatieven, worden die hieronder nogmaals gepresenteerd: Dat terwijl er alternatieven zijn (2 voorbeelden): In onderstaande projecten worden de kavels verre van optimaal benut.
“De Ster”
“Prinsenpark” op het voormalige manageterrein
De “Ster” mag veel hoger worden dan zoals op de afbeelding aangegeven, waardoor er veel meer woningen kunnen worden gerealiseerd. De locatie leent zich, vanwege de ligging, bij uitstek om de 4
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” hoogte in te gaan. Het ligt in de Alexanderknoop die is aangemerkt als Hoogbouwzone (https://repository.officiele-overheidspublicaties.nl/externebijlagen/exb-2020-2360/1/bijlage/exb2020-2360.pdf).
1Gebouw “De Ster” (midden foto) nabij NS, Metro, A16 en winkelcentrum
“Prinsenpark”: voormalige manege (midden foto)
Het NS station Prins Alexander en het metro station zitten direct om de hoek. Evenals het winkelcentrum. Geen direct grondgebonden woningen (rijtjeshuizen of 2-oner-1-kap o.i.d.) in de buurt die hinder hebben van inkijk of horizonvervuiling, verkeersoverlast o.i.d.. Ontsluiting voor auto’s (richting A20) kan ook via de George Hintzenweg i.p.v. de Hoofdweg. Dit zelfde geldt voor de nieuwbouw op het voormalige manageterrein in Prinsenland. Ook dit leent zich bij uitstek om hoger te bouwen, waardoor er aanzienlijk meer woningen dan 82 woningen die nu zijn voorzien, kunnen worden gerealiseerd. Het wordt omgeven door veelal flats, die bovendien ook nog op de nodige afstand staan. Ontsluiting voor de auto via de A16 (2 mogelijke opritten). Metro station Prinsenland op loopbare afstand.
5
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
A2. Stedenbouwkundige inpassing (hoogte en omvang): Argumenten die worden genoemd waarom de beoogde nieuwbouw passend is: “Stedenbouwkundig gezien is een samengesteld bouwvolume van maximaal 70 meter 'passend' omdat de locatie: • is gelegen nabij een stedelijk aangewezen verdichtingsgebied de Alexanderknoop, • de begeleiding verzorgt van een stedelijk belangrijke stads-as als de Hoofdweg, • grenst aan een grotere groenstructuur als het Semiramispark .”
Correct gesteld is dat het zich nabij en niet in een verdichtingsgebied de Alexanderknoop bevind. Afbeeldingen laten beter zien, dan wat woorden kunnen beschrijven, als het gaat om passend:
Wat de foto’s laten zien, is het beoogde nieuwbouw op de locatie in de woonwijk waarin deze zou moeten komen te staan. De huidige woonwijk bestaat voornamelijk uit laagbouw. Qua hoogte en karakter misplaatst: volgens 96% van de huidige bewoners die geënquêteerd zijn, is deze nieuwbouw niet passend voor deze locatie. Het woord “stads-as” of “stadsas” is geen woord dat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie voorkomt, en helaas geen wel gedefinieerde betekenis heeft waardoor het een suggestief karakter krijgt. Het gebruik lijkt te suggereren dat het centra of wijken binnen een stad verbindt zoals in “de stads-as tussen Rotterdam Centraal District en het Hart van Zuid” (https://www.airrotterdam.eu/events/de-gelaagde-stad-03-de-rijnhaven-en-de-rotterdamsestadsas/). De Hoofdweg ligt in z’n geheel in Prins Alexander en verbind geen stadscentra of wijken. Veel geschikter is een bouwlocatie nabij het NS-station Prins Alexander, waarbij de ontsluiting naar de A20 en A16 via de George Hintzenweg mogelijk is. Hiermee wordt de toch al drukke Hoofdweg, zeker ter hoogte van de kruising Hoofdweg-Djeddalaan en Hoofdweg-Capelseweg, ontlast. Vind het argument derhalve niet valide.
6
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
Waarom is een woontoren van 70 meter passender zijn dan bijv. een gebouw van 25 meter als het gaat om de groenstructuur als het Semiramispark? Prachtig dat een deel van de nieuwe bewoners hierop kunnen uitkijken, maar ten koste van andere bewoners wiens uitzicht op dit park verdwijnt, zoals de bewoners op de kop van de flat aan de Hoofdweg/Djeddalaan, of omwonenden (i.h.b. zij die aan het Akkabapad wonen) (hori)zon gaan missen. Vind het, overigens een geen fraai gezicht om wandelend in het Semiramispark op dit gebouw te moeten uitkijken. Het geoogde bouwplan is qua karakter totaal niet in overeenstemming met de omgeving: een plint rondom van 4 etages past dan misschien wel in het centrum van Rotterdam waar het omgeven wordt door hoogbouw, maar niet in een woonwijk met laagbouw. De beide afbeeldingen hierboven laten duidelijk de wanverhouding zien tussen het beoogde gebouw en de woonwijk waar deze in komt te staan. De bovenste afbeelding laat ook duidelijk zien waar de bewoners van Akkabapd op gaan uitkijken: een muur van 70 meter hoog op korte afstand van hun woning.
Hoe misplaatst is dan ook de uitspraak in het gerefereerde document dat: “Op de hoek van Djeddalaan-Hoofdweg en de hoek Semiramispark-Akkabapad is een hoogteaccent middels een woontoren stedenbouwkundig goed in te passen vanwege enerzijds de ligging aan de Hoofdweg en anderzijds aan het Semiramispark.” Bewoners van de wijk waarin deze woontoren moet komen te staan, hebben niet het gevoel in een stedelijk gebied te wonen, maar een woonwijk met laagbouw, wat bestuurlijk gezien, tot de stad Rotterdam hoort. Het navolgende citaat is volgens ons dan ook van toepassing voor het centrum van Rotterdam of verderop in de Alexanderknoop met veel hogere bebouwing maar niet in de woonwijk zoals hierboven afgebeeld. Wat gemist wordt, is een gevoel voor de menselijke maat en de context waarin h.e.e.a. komt te staan, maar niet de theoretische overwegingen bedacht achter een tekentafel. Het betreft een gebouw wat op een andere locatie beter tot z’n recht zou komen (in een omgeving met vergelijkbare gebouwen). De aangevoerde argumentatie is omwille van de projectontwikkelaar die wel erg veel (ca 17 miljoen) voor de kavels betaald heeft waardoor deze de hoogte wel in moet om het rendabel te krijgen, en de gemeente die graag veel woningen wil realiseren, maar met onvoldoende oog voor de belangen voor de omwonenden. 7
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” Het advies van de Gebiedscommissie Prins Alexander m.b.t. de hoogte sluit aan bij de mening van de omwonenden: op blz 2 van de brief met: “Onderwerp: gevraagd advies over ontwerp bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”, bij het kopje “Het stedebouwkundig aspect, Alexanderpark” is te lezen: “Als we Alexandershopping center als ijkpunt nemen is een op en aflopende bebouwing logisch. En wel bezien van beide kanten van het shopping center. De Grote Beer is dan de top en vandaar aflopende bebouwing. Het gepresenteerde ontwerp voldoet daar ons inziens niet aan. De overgang van de bestaande bebouwing naar het ontwerp Alexanderpark is te abrupt. Wij adviseren u het ontwerp aan te passen zodat een meer vloeiende lijn in hoogte ontstaat richting de Grote Beer.”
A3. Vuistregels "Bouwen in de uitbreidingswijken": Hoewel dit onderwerp niet door mij aangedragen is in mijn zienwijze, hierbij toch een reactie. Blauw (water) uitruilen tegen groen (door de watergang te dempen) voegt geen natuur toe aan de omgeving. Een dakterras op 4 hoog is niet iets waar omwonenden van kunnen genieten. In de laatste zin wordt gesteld dat het past in Stadsvisie van groen-stedelijk woonmilieu: hierover verderop in dit document, wordt aangetoond dat dit niet het geval is: het bouwplan past niet in een groen-stedelijk woonmilieu.
A4. Programmma/Flexibiliteit": Voel geen noodzaak hier iets aan toe te voegen.
8
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
B. Aantasting woongenot: De nieuwebouwlocatie bevindt zich in een woonwijk met veel laagbouw. De term stedelijke ontwikkeling suggereert op z’n minst, dat er sprake zou zijn van compacte, dicht op elkaar gelegen, veelal gestapelde woningbouw, met aanzienlijke hoogte. De afbeelding hieronder laat nogmaals duidelijk zien, wat het karakter van deze woonwijk is:
Het moge dan zijn dat de bewoners van deze woonwijk zich niet op een wet kunnen beroepen, die hun uitzicht en privacy garandeert, maar deze bewoners mogen wel van de volksvertegenwoordigers verwachten dat zij hun belangen goed vertegenwoordigen en in voldoende mate mee laten wegen in hun besluit. Er is wel degelijk sprake van een onevenredige aantasting van het uitzicht en privacy van de omwonenden als gevolg van deze ontwikkeling, zoals ook onderstaande afbeelding laat zien.
Directe inkijk vanuit het nieuwe gebouw in de vertrekken en tuinen van de nabij gelegen woningen. Een voorbeeld: de achterzijde van diverse woningen hebben een schuifpui. Als zij in de vertrekken verblijven, zien wij niet alleen dit kolossale gebouw, maar omgekeerd kunnen bewoners van dit gebouw ook hen zien. Dit geldt ook voor slaapkamers met “zicht” op dit gebouw. H.e.e.a. is wordt nog duidelijker als zij in hun tuin of balcon verblijven. 9
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” De beperking van uitzicht en privacy geldt veel bewoners aan Djeddalaan, Vallettastraat, Akkabapad en voor de senioren appartementen aan de Hoofdweg. Voor de bezonning geldt: ondanks dat de gemeente waarschijnlijk voldoet aan de regelgeving van TNO en aan de eigen aangenomen besluiten daarover, betekent de komst van een dergelijk hoog en groot gebouw in onze wijk meer schaduwvorming. In een erder ingediende zienswijze, is te zien hoe op 21 juni (de dag waarop de zon overdag z’n hoogste punt bereikt) in de avond het gebouw een flinke schaduw op de tuinen en woningen in de omgeving werpt:
21 juni 19 uur
21 juni 20 uur
Ook hier wordt door de komst van dit gebouw, het woongenot voor de omwonenden aantast. Na werktijd zit menigeen op een mooie zomeravond graag nog even buiten in de tuin: in de zon maar niet in de schaduw van dit gebouw. Het mag dan misschien zo zijn dat er dat er geen recht bestaat op uitzicht, maar dan maakt het nog niet minder ongewenst, en het verzoek is dan ook om dit net als de overige punten in dit document, gegrond te verklaren. Ook is er wel degelijk sprake van onevenredige aantasting van uitzicht en privacy; is hierboven voldoende aangetoond. Een ieder kan door een bezoek aan de locatie of de huizen en tuinen van de omwonenden, met eigen ogen zien wat de huidige situatie is, en inschatten hoe het in de toekomstige situatie zal zijn. De schaduwvorming van het nieuwbouwcomplex is in zienswijzen van omwonenden eerder getoond, en tast het woongenot van omwonenden in ernstige mate aan, ongeacht de normen die de gemeente hiervoor hanteert.
10
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
C2. Luchtkwaliteit / Stikstof: Volgens het document “Vaststelling bestemmingsplan “Hoofdweg 480-490”, zou (reclamant 6) een zienswijze hebben gegeven over de luchtvervuiling en Stikstof. Reclamant 6 heeft dit niet als onderwerp benoemd, maar mogelijk zijdelings vermeld als gevolg van het toenemend verkeer.
C3. Windhinder: In het document Vaststelling bestemmingsplan “Hoofdweg 480-490”, wordt NIET ingegaan op onderstaand bezwaar en zienswijze van reclamant 6, noch is de samenvatting noch in de reactie. “Gelet op het voorgaande kan worden vastgesteld dat met het rapport van 26 maart 2021 inzichtelijk is gemaakt dat de voorziene ontwikkeling geen onaanvaardbare windhinder tot gevolg zal hebben.” Onjuist is dan ook de conclusie aan het eind van de reactie, en omdat niet is ingegaan op de bezwaren van reclamant 6, wordt deze hier herhaald: Hieronder nogmaals het bezwaar m.b.t. de Windhinder zoals door mij aangegeven in mijn zienswijze: Onderstaande diagrammen vergelijken het windklimaat voor het bestaande gebouw met de geplande nieuwbouw.
Windklimaat bestaand gebouw Bron: Windklimaatonderzoek met behulp van CFD
Windklimaat nieuwbouw Bron: Windklimaatonderzoek met behulp van CFD
Duidelijk is te zien dat er een verslechtering optreedt van het windklimaat in de nieuwbouw situatie (rechter diagram) t.o.v. de oude situatie (linker diagram hierboven). Ook is te zien dat de groene (laat u niet misleiden door de kleur), en gele kleur niet voldoet aan de norm van NEN 8100 die stelt aan slenteren: “Voor activiteiten klasse II en III geldt de eis p ≤ 0,05”. (Klasse II. Slenteren en klasse III. Langdurig zitten). Vooral mensen die slenteren zullen problemen ondervinden in de nieuwe situatie op de geel gemarkeerde vlakken 1, 2 en 3 en de groene vlakken. Dit zijn vaak ouderen, en zij die om andere reden, slecht ter been zijn. 11
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” In het oude gebouw als ook in het nieuwe gebouw zijn/worden o.a. een huisarts, fysiotherapeut, voetcentrum, verloskundige, logopedisch centrum en pedicure gehuisvest. Juist de bezoekers van deze centra zijn niet altijd goed ter been. Een aantal omwonenden, zijn bezoekers van dit centrum, en zijn slecht ter been, en zullen last kunnen krijgen van sterke wind ter plaatste. Er wordt geen melding gemaakt van fietsers: de ventwegen vlak ten noorden en ten oosten van het gebouw (oud en nieuw) worden intensief gebruikt door fietsers. Fietsers zijn erg gevoelig voor plotselinge zij / rukwinden. Het zal niet de eerste keer zijn dat een fietser door een plotselinge zijwind wordt omgeblazen met het nodige letsel als gevolg. M.b.t. de geel gemarkeerde gebieden op het rechter diagram hierboven: Locatie 1 valt samen met een trottoir en ventweg dat tevens als fietsroute fungeert. Locatie 2 valt samen met een zebrapad voorzien van stoplichten voor voetgangers, en gemotoriseerd verkeer en een trottoir waar voetgangers nomaliter wachten (stil staan) als het stoplicht voor hen op rood staat. Locatie 3 valt samen met een ventweg, waar veel fietsers van gebruik maken maar ook gemotoriseerd verkeer.
Tevens is ter plaatse een trottoir waar voetgangers lopen op bijvoorbeeld op weg zijn naar het gezondheidscentrum in de bestaande / nieuwe situatie of op weg naar de winkels. Voor wat betreft het “dek”:
Het “dak van de plint” zou worden ingericht als een collectieve daktuin. Bij sterke winden vrezen wij als omwonenden dat de hier aangebrachte bomen, struiken en overige attributen door de wind los gerukt kunnen worden en op passerende voorbijgangers terecht kunnen komen, of schade toebrengt aan auto’s of de tuinen erom heen.
12
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
C4. Groen en oppervlakte water: Te lezen is in het bestemmingsplan dat Rotterdam attractieve woonmilieus wil ontwikkelen en: “Het plangebied is gelegen binnen een gebied waar een groen-stedelijk woonmilieu gewenst is.”
Op blz. 7 van “Vaststelling bestemmingsplan "Hoofdweg 480-490”wordt hieronder nader ingegaan op groen-stedelijk woonmilieu: ……………………“Zo wordt het te dempen wateroppervlak van groen voorzien, wordt voorzien in groene gevels/daken, een daktuin en worden ten behoeve van het aspect flora en fauna ook nestkasten geplaatst. Tevens is aandacht voor het toepassen van duurzame maatregelen. Aangezien sprake is van het toevoegen van openbaar groen en slechts voor het gezondheidscentrum parkeergelegenheid in de buitenruimte wordt aangelegd, past de ontwikkeling binnen hetgeen met de Stadsvisie is beoogd voor een groen-stedelijk woonmilieu.” Dit komt niet overeen met onderstaande beschrijving van wat een groen-woonmilieu is, en er wordt ook niet ingegaan in wat het nieuwbouw complex hieraan toevoegt of eraan bijdraagt:
13
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” Van privé tuinen is in dit project geen sprake, behalve dan de tuinen van de woningen uit de omgeving waarop de bewoners van de nieuwbouw zicht op hebben, maar die behoren de bewoners van het appartementen complex niet toe. Deze tuinen zijn ook niet echt meer privé te noemen voor de bewoners van de woningen waartoe die wel behoren, in de zin dat ze daar nog privacy zouden hebben. Wordt niet aan voldaan! Veel openbaar groen: er worden bomen aan de Akkabapad verwijderd en een watergang gedempt. De kavels worden helemaal vol gebouwd met steen en beton (het dakterras hebben omwonenden geen zicht op)! Wordt niet aan voldaan! Parkeren op eigen terrein of voor de deur, lijkt me ook geen sprake van. Wel is er een parkeergarage met ca. 180 parkeerplaatsen. Parkeren voor de deur lijkt me praktisch niet mogelijk, omdat we spreken over appartementen in woontorens. Wordt niet aan voldaan! Woningtypes: Grondgebonden woningen met veel eengezinswoningen: het zijn zo goed als alle appartementen, en geen eengezinswoningen. Wordt niet aan voldaan! Klein aantal appartementen met eigen buiten ruimte: Het aantal appartementen is groot en deze hebben geen eigen buitenruimte. Wordt niet aan voldaan! Veel eigen woningbezit: naar verluid worden het vooral huurwoningen.
Wordt niet aan voldaan! Bovenstaande laat zien dat het profiel van de nieuwbouw niet voldoet aan de typering van een gewenste “groen stedelijk milieu” waartoe de wijk Oosterflank toe behoort, en daarom niet passend is voor deze locatie. Daarentegen wordt er water gedempt en door “groen” vervangen zo lijkt het, terwijl deze beide als groen worden aangemerkt, echter waarbij volgens de definitie in het bestemmingsplan “het andere groen” ook bestrating, parkeerplaatsen etc. mogelijk maakt: Aanpaste versie bestemmingsplan blz 12:
Artikel 4 Groen 4.1 Bestemmingsomschrijving De voor ''Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen als park en plantsoen; b. waterpartijen, waterlopen en overige in het kader van de waterhuishouding nodige voorzieningen, zoals taluds, keerwanden en beschoeiingen; c. straatmeubilair; d. uitstekende delen van gebouwen die toegelaten zijn krachtens een aangrenzende bouwbestemming; e. voorzieningen ten behoeve van wandelen, verblijven en spelen, zoals trottoirs, voetpaden en trappen; f. voorzieningen voor rijdende en stilstaande voertuigen, zoals rijstroken, fietspaden, parkeerplaatsen; g. terrassen ten behoeve van een horecavestiging die is toegelaten op grond van een aangrenzende bestemming.
Het valt nog te begrijpen, dat “trottoirs, voetpaden en trappen”, “straatmeubilair” als onderdeel van een groen voorziening worden beschouwd, bijv. als onderdeel van een park, en zolang het niet de overhand krijgt (in ondergenoemd om te zetten water naar groen), maar het is niet te begrijpen dat, “uitstekende delen van gebouwen”, “rijstroken, fietspaden, parkeerplaatsen”, en “terrassen” als groen worden aangemerkt voor dit kleine stukje waar we hier over spreken. Graag verwijderen uit het bestemmingsplan.
14
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” Bestemming Water (art 25). Omzetten van bestemming Water naar Groen en het dempen van de watergang, draagt niet bij aan de groen-stedelijke woonmilieus, omdat bij bovenstaande typering van “gewilde woonmilieus” onder het kopje “groen stedelijk” op de regel “stedenbouwkundige en groenstructuur” al staat : “veel openbaar groen (singles…..” Door het omzetten van Water naar Groen veranderd er dus volgens de omschrijving van “gewilde woonmilieus” niets t.o.v. de situatie dat het water zou blijven, behalve dat er “straatmeubilair”, “uitstekende delen van gebouwen”, “trottoirs, voetpaden en trappen” “rijstroken, fietspaden, parkeerplaatsen”, en “terrassen” mogen komen, iets wat niet mag/mogelijk is bij water!
https://www.planviewer.nl/kaart?q=Hoofdweg+480 : Bestemming Archeologie (art 33):
Op blz 12 van “Vaststelling bestemmingsplan "Hoofdweg 480-490"” staat: “Voor de aanwezige vijf bomen is een omgevingsvergunning voor de activiteit kappen aangevraagd. Op de locatie van deze bomen worden echter ook weer bomen herplant.
De bomen aan het Akkabapad staan op precies de juiste plaats om een deel van het uitzicht op steen, glas en beton van een nieuw te bouwen wooncomplex, te ontnemen en te vervangen door groen. Niet kappen! Overigens staat er in bovenstaande beschrijving niet aangegeven waar op de “locatie” er herplant plaats zou vinden. Maar nogmaals, de bomen staan op precies de juiste locatie. Overigens betekent herplant maar al te vaak, dat volwassen bomen worden vervangen door ielige, kleinere bomen; zeer ongewenst. Is het ook niet de wereld op z’n kop, door te verlangen dat de omgeving zich aanpast aan de nieuwbouw i.p.v. dat de nieuwbouw zich aanpast aan de omgeving? Geeft deze gevraagde aanpassing eens te meer niet aan, dat het nieuwbouwproject te groot en te kolossaal voor deze locatie?
15
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
C5. Vleermuizen: Te lezen is op blz. 13 van “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”: “Ter compensatie van de aanwezige verblijfplaatsen van vleermuizen zijn vleermuiskasten in de omgeving aangebracht. In de nieuwbouw zullen ook vleermuiskasten worden aangebracht. Op deze wijze zal de ontwikkeling geen hinder opleveren voor de aanwezige vleermuizen.” Te lezen op blz 7 van het “ECOLOGISCH ONDERZOEK VLEERMUIZEN HOOFDWEG 490 TE ROTTERDAM” met kenmerk “20200320/rap01” “versie 2:
“De bomen en watergangen langs het plangebied zijn geschikt om als vliegroute te dienen voor vleermuizen. De watergangen en bomen langs het plangebied bieden beschutting en oriëntatiepunten aan de vleermuizen. Een aantal gewone dwergvleermuizen en laatvliegers maken hier gebruik van. De watergangen en bomen worden niet aangetast bij de werkzaamheden. De vet aangehaalde conclusie is NIET juist. Het rapport kan derhalve geen rechtvaardiging bieden voor de door de gemeente en/of projectontwikkelaar voorgestelde maatregelen omdat niet bekend is of voorgestelde maatregelen wel toereikend zijn. In de overheidspublicatie https://wetten.overheid.nl/BWBR0037552/2021-07-01#Hoofdstuk3_Paragraaf3.5 staat bij lid 2: “Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren.”
16
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
D1. Verkeer: Geluidsoverlast is maar één aspect van (extra) verkeer. In het rapport met code “s21bb015167_1_50008_tds, daarvan de bijlage van “Mees Ruimte & Milieu” over de “Stikstofdepositie berekening” (19255.04.ST), staat op bladzijde 12 en 13 onderstaande uitspraak en tabel m.b.t. de “Verkeersgeneratie per etmaal”: “In totaal zal de ontwikkeling een verkeersgeneratie van circa 1.604 verkeersbewegingen per etmaal met zich meebrengen.” 1036 nu)” Dit staat in schril contrast met de stelling uit het document “Vaststelling bestemmingsplan “Hoofdweg 480-490” waar op blz 9 staat:
“De ontwikkeling die in het nu voorliggende bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt leidt tot een toename van circa 170 voertuigbewegingen per etmaal (1206 toekomst- 1036 nu)”
Overigens kan ik me niet voorstellen, zoals het gebouw nu en gebruikt wordt/werd, dat het nu 1036 zou zijn: het is immers thans alleen in gebruik door een paar kleine gezondheids- instellingen en een expositie. die qua omvang en dus ook in aantal verkeersbewegingen, niet te vergelijken zijn met het aantal verkeersbewegingen verkeer (1.604) uit onderstaande tabel, anders gezegd: de toename is veel groter: Tabel 4 Verkeersgeneratie per etmaal.
Vrijwel al het, door dit plan gegenereerde, extra verkeer, zal van de Hoofdweg en Djeddalaan (Parkeergarage en ventweg komen uit op de Djeddalaan) gebruik maken. De gemeente geeft aan dat het verkeer op de Djeddalaan thans uit 2.600 voertuigen bewegingen bestaat (blz 9).: “Ten opzichte van de huidige 2.600 voertuigbewegingen op de Djeddalaan”:
” In het “m.e.r.-beoordelingsbesluit Hoofdweg 480 - 490” met kenmerk “9999216362_9999963094” d.d. 21 juli 2021 wordt gesteld: “Volgens de rekentool bedraagt de verkeersgeneratie in totaal gemiddelde 2.248 bewegingen per etmaal.” Een beduidend hoger getal dan de 1206 uit “Vaststelling bestemmingsplan “Hoofdweg 480-490”.
17
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
Onjuist is echter de aanname in het “m.e.r.-beoordelingsbesluit Hoofdweg 480 - 490”: “Aangezien in de huidige situatie – het tweetal kantoorgebouwen - ook reeds sprake is van een verkeersaantrekkende werking zal dit naar verwachting niet tot knelpunten leiden en daardoor zal er ook geen sprake zijn van mogelijke aanzienlijke negatieve milieugevolgen.” Zoals al in dit document hierboven is gesteld over het huidige gebruik “…..het is immers thans alleen in gebruik door een paar kleine gezondheidsinstellingen en een expositie.” Zelfs toen het jaren geleden nog in gebruik was als kantoor, leverde dat nauwelijks verkeersoverlast op, omdat de omvang / volume van het gebouw en daarmee het aantal werkplekken erg beperkt was. Als we het huidige en extra gegenereerde verkeer voor de Djeddalaan bij elkaar optellen, komen we op 1.604 + 2.600 = 4.204 (volgens de wordt dit aantal 2.248 + 2.600 = 4.848) voettuigbewegingen per etmaal, met het merendeel van het verkeer op de spitsmomenten. Op een regenachtige en/of koude dag zijn er nogal wat ouders die hun kinderen in de ochtend naar de basisschool Cornelishaak aan de Algiersstraat en de Meridiaan aan de Adenstraat brengen en in middag weer ophalen. Dit geldt in mindere mate voor het Emmauscollege aan de Alexandriëstraat.
Ouders die hun kinderen naar school brengen met de auto, zullen in meerderheid in de ochtend (en in de vroege avondspits) gebruik maken van de kruising Djeddalaan – Hoofdweg. Dit genereert 4 verkeersbewegingen per etmaal en geen 2. De vraag is of die in de berekeningen en modellen worden meegenomen, en zo ja met de factor 4? Het rapport van “Mees Ruimte & Milieu” over de “Stikstofdepositie berekening” (19255.04.ST) gaat in op de Stagnatie van het verkeer op blz 13. Merk daarbij op dat de Djeddalaan zelf, niet is meegenomen (waarom niet??), maar alleen:
“Onderstaande wegvlakken zijn opgenomen voor de routing in de berekening: - Hoofdweg – Capelseweg – aansluiting op de A20”.
Figuur 5 Stagnatiefactor verkeer rondom de projectlocatie (Bron: NSL-Monitoring tool)
De extra door dit plan gegenereerde verkeer zal via de Djeddalaan, de Hoofdweg op willen, met de nodige extra drukte bij de stoplichten op de kruising Djeddalaan – Hoofdweg.
18
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”
De uitrit van de parkeergarage van dit woongebouw sluit nl. aan op de Djeddalaan, vlak bij de stoplichten.
Uitrit
De uitrit komt achter de huidige locatie van het elektriciteitshuisje
Dat er sprake is van verkeersopstoppingen komt ook duidelijk naar voren in dit rapport: “Om te bepalen in hoeverre deze voertuigen in de file staan is op basis van de NSLmonitoringstool de stagnatiefactor bepaald. Rondom de projectlocatie is de stagnatiefactor op de wegen 25 - 50%. In de AERIUS-calculator is derhalve een filepercentage van 50% opgenomen.” De gemeente hanteert onrealistische aantallen voor de parkeernorm, waardoor ze ten onrechte meent dat daardoor ook minder verkeer wordt gegenereerd. Een wooncomplex zo dicht bij de A16 en A20 gelegen zal bij uitstek bewoond gaan worden door hen die hiervan gebruik willen maken (met de auto). Blz 39 “In de toekomstige situatie zullen naar verwachting ruim 1.200 mvt/etmaal plaatsvinden. In de huidige situatie zijn dit er reeds ruim 1.000. Aangezien dit betekent dat minder dat 1 auto per twee minutenextra gebruik zal maken van de ontsluitingswegen worden geen knelpunten voorzien.”
Ronduit misleidend is bovenstaande uitspraak van . minder dat 1 auto per twee minuten... Als iedereen gelijk verdeeld over de dag (dus ook midden in de nacht) zou gaan reizen met de auto, zouden we geen files in Nederland hebben. De realiteit is, dat de meesten ongeveer op hetzelfde tijdstip naar het werk en weer terug naar huis gaan. Naast dat het misleidend is, kloppen de aantallen die als uitgangspunt zijn genomen en in bovenstaand citaat staan, ook niet, zoals eerder is aangegeven.
19
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490” Ten slotte de mening van de Gebiedscommissie Prins Alexander over mobiliteit in haar “gevraagd advies over ontwerp bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”: “Tenslotte wijzen bewoners terecht op het vraagstuk van mobiliteit waar de Hoofdweg en lokale wegen een zeer belangrijke rol spelen. Het moeilijk voorstelbaar dat alle extra woningen nauwelijks tot extra verkeer leidt zoals berekeningen lijken uit te wijzen.”
Behalve dit nieuwbouwplan, is er in de directe omgeving ook nog een nieuwebouwplan aan de Grote Beer. Bewoners van dit nieuwbouwcomplex gaan ook bijdragen aan de verkeersbewegingen en filevorming op de Hoofdweg richting Capelseweg en v.v.. De Alexanderknoop wordt verder ontwikkeld met o.a. veel meer woningen, kantoren etc.. Ook zij zullen gebruik gaan maken van de Hoofdweg. Zolang als er geen duidelijk plan en visie is m.b.t. de Alexanderknoop bijv. m.b.t. de ontsluiting en verkeersgeneratie, en deze getallen niet zijn meegenomen in bovenstaande berekening, is het een volkomen verkeerde voorstelling van zaken. Er is sprake van een cumulatief effect van alle nieuwbouwplannen tezamen i.p.v. de toename van verkeer t.g.v. een enkel nieuwbouwproject.
D2. Parkeren: Op blz. 14 van “Vaststelling bestemmingsplan "Hoofdweg 480-490". “ Overigens zijn voor deze wijk onlangs 2 parkeertellingen uitgevoerd (te weten in oktober 2021 en in november 2021) om de huidige parkeerdruk inzichtelijk te maken. Het aantal geparkeerde auto's is op 2 werkdagen geteld door onderzoeksbureau Groen Licht in de middag (12.00 - 15.00) en nacht (23.00 - 03.00). Daaruit blijkt dat 's nachts de gemiddelde bezetting (geparkeerde auto's / parkeercapaciteit) in de omgeving 63% bedraagt en overdag 41 % op een capaciteit van 412 plekken. Buiten de piekmomenten van het Alexandrium is er dus voldoende parkeercapaciteit beschikbaar”.
Het gaat niet om de wijdere omgeving, waarnaar kennelijk is gekeken in het onderzoek doordat men 412 parkeerplaatsen in oogschouw heeft genomen, maar om de directe omgeving. Er zijn best wel een aantal bewoners in de directe omgeving die slecht ter been zijn en afhankelijk zijn van eigen vervoer, en moeite hebben om verder te moeten lopen om bij hun auto te komen, omdat zij bij het parkeren verdrongen worden door de bewoners van het nieuwe wooncomplex die net als een ieder zo dicht mogelijk bij hun woning willen parkeren. Het is niet de gehele dag betaald parkeren in de wijk, dus het is voor de bewoners van dit wooncomplex niet altijd nodig om een parkeervergunningen te hebben: zonder deze kan ook op straat geparkeerd worden. Verder lezen we op blz. 15 van “Vaststelling bestemmingsplan "Hoofdweg 480-490". Verder wordt erop gewezen dat in de eerdergenoemde Beleidsregeling is vastgelegd dat bewoners en gebruikers van ontwikkelingen waarvoor geheel of gedeeltelijk vrijstelling (zoals die voor deelauto's en nabijheid OV) van de parkeereis is verleend in beginsel geen recht hebben op een parkeervergunning op straat binnen het betaald parkeergebied.
De crux zit h ’m in de woorden “in beginsel”: bepaald geen zekere zaak zo lijkt het dat bewoners van het nieuwbouwcomplex geen parkeervergunning krijgen, zeker niet als beschouwd wordt, dat de gemeente vastgestelde regels weer ongedaan kan maken, net als het huidige bestemmingsplan van de Hoofdweg 480-490! Er zal druk komen van de bewoners van het nieuwbouwcomplex op de gemeente om meer publieke parkeerplaatsen ter beschikking te stellen. Bewoners hebben dan ook geen enkele illusie over de uitkomst ervan.
20
Reactie op: “Vaststelling bestemmingsplan Hoofdweg 480-490”