Technische vragen GroenLinks inzake Wijk aan zet
Tekst van het document
Naar aanleiding van het raadsvoorstel 'Wijk aan zet' (21bb005393) heeft de fractie van GroenLinks momenteel een aantal technische vragen. Uiteraard een verzoek om deze zo spoedig mogelijk te beantwoorden ten behoeve van de behandeling in de commissie VB (3 en/of 10 juni 2021). Met excuses, dat deze vragen wat later worden gesteld en begrip voor een eventuele beantwoording in delen. Naar aanleiding van de raadsbrief en het ontwerpbesluit: 1. Op pagina 2 van de brief staat dat er 'de afgelopen jaren al behoorlijke stappen zijn gezet' [zodat de inwoners en ondernemers die zich eigenaar voelen van hun eigen leefomgeving de overheid en politiek ervaren als partner in crime]. Welke stappen bedoelt het college? Kunt u hiervan een aantal concrete voorbeelden beschrijven op het gebied van de organisatie van 'de Coolsingel'? 2. In de brief staat tevens op pagina 2 'door ons huidige bestel te verfijnen naar een wijkvertegenwoordiging brengen we het samenspel tussen wijk, wijkvertegenwoordiging en de ambtelijke organisatie meer in balans en wordt het samenspel effectiever met meer zichtbaar resultaat in de wijk'. De verfijning van de beoogde wijkvertegenwoordiging zelf wordt beschreven in de brief en het uiteindelijke ontwerpbesluit.
Hoe ziet concreet de verfijning van de ambtelijke organisatie eruit? Welke verschuivingen/veranderingen/aanpassingen in het ambtelijk apparaat worden beoogd? Is het mogelijk om bijvoorbeeld een organogram te schetsen van de huidige situatie en de uiteindelijk gewenste situatie? (Er wordt in de brief de term Yin en Yang genoemd; hoe ziet dat er concreet uit?) 3. De brief stelt dat het voorstel budgetneutraal kan worden uitgevoerd. Wat is het huidige totale budget voor gebieden en wijken? Uit welke onderdelen is dit budget opgebouwd? Verder, wat is de huidige verdeling van dat totale budget per gebied of wijk? Hoe zou dat er uit zien indien er wordt gekozen voor de voorgestelde 35 wijken? Hoe is en wordt de verdeling van budgetten (tussen wijken en binnen de wijken zelf) inzichtelijk gemaakt aan de wijkvertegenwoordigers en aan de gemeenteraad? Is het mogelijk om sowieso de financiële paragraaf bij dit voorstel uitgebreider en explicieter te omschrijven? Indien mogelijk in vergelijking met de huidige situatie? 4. Op pagina 3 gaat het over de praktische ondersteuning van wijk en wijkraad. Er wordt gesproken over o.a. 'wijkraadbuddy's' praktische ondersteuners, wijkmanagers en een 'dedicated team'. Hoe ziet dit er concreet uit? Hoeveel FTE per wijk wordt beoogd? Is hier een organogram van te schetsen? Er wordt gesproken over dagelijks contact met het wijknetwerk.
Betekent dit dat zo'n team voor iedere wijk fulltime beschikbaar en bereikbaar is? Hoe wordt dat organisatorisch geborgd? Welke mogelijkheden, beperkingen en consequenties zijn er indien de beoogde en gekozen wijkvertegenwoordigers ook zouden worden ondersteund door de griffie(r) (of een andere onafhankelijke ondersteuning)? 5. Op pagina 3 wordt de omgevingswet genoemd. In hoeverre past dit voorstel in de (toekomstige) omgevingswet en het vormgeven van omgevingsvisie(s)? Welke
elementen uit de omgevingswet bieden aanknopingspunten wat betreft de uitvoering van het voorstel Wijk aan zet? 6. Op pagina 3 stelt het college dat er indien dit voorstel uitgevoerd wordt er fysieke 'wijkhubs' zijn in elke wijk. Hoe ziet dit er concreet uit? Wie heeft de verantwoordelijkheid over het toegankelijk en beschikbaar houden van deze locaties? Is er al een overzicht van de beoogde 35 locaties? 7. Op pagina 4 wordt het digitale wijkplatform geïntroduceerd. Bestaat dit platform al? Zijn hier ervaringen mee opgedaan binnen de gemeente en/of elders? Welke functionaliteiten kent dit platform? Sluit dit digitale platform aan op de diversiteit van onze wijken (en bewoners?). Is toegankelijkheid en veiligheid van het digitale platform gegarandeerd voor iedereen in de wijk? Is er binnen de gemeentelijke organisatie (ook technische) ondersteuning beschikbaar om dit digitale platform te laten werken? 8. De verkiezingen van de wijkvertegenwoordigers zullen volgens dit voorstel digitaal plaatsvinden. Op welke wijze en op basis van welke wet/verordening/regel wordt dit georganiseerd? Hoe garandeert de gemeente dat deze verkiezingen voor eenieder toegankelijk, eerlijk en veilig verlopen? Wie mogen er voor de wijkraad gebruik maken van het stemrecht? 9. Er wordt voorgesteld om de gemeente in te delen in de 35 wijken zoals getekend in de bijlage.
Waar is deze beoogde indeling op gebaseerd? Welke criteria zijn hiervoor gesteld? Zijn er naast dit voorstel andere indelingen overwogen? Zijn de huidige gebieden en wijken hierover geraadpleegd? Is er een duidelijk overzicht van de huidige indeling in gebieden en wijken naast de beoogde indeling beschikbaar (zodat verschillen en overeenkomsten in één oogopslag duidelijk zijn)? 10. Er wordt voorgesteld om de wijkraad uit 7 (of 5 of 9) leden te laten bestaan. Op basis van welke gedachte(n) is dit aantal gekozen? Er wordt niet gesproken over (een eventueel) voorzitterschap binnen de wijkraad. Welke mogelijkheden, beperkingen en consequenties zijn er om een voorzittersrol te faciliteren? 11. Er wordt een vergoeding voor wijkvertegenwoordigers voorgesteld van 500 euro per vergadering (maximaal 12 keer per jaar). Welke wettelijke mogelijkheden en/of beperkingen zijn er om de hoogte van dit bedrag te bepalen. Wat zijn de gevolgen voor zowel de gemeentebegroting als voor een individuele wijkvertegenwoordiger indien dit bedrag hoger dan wel lager zou worden? Welke 'secundaire arbeidsvoorwaarden' zijn er (mogelijk) voor de beoogde gekozen wijkvertegenwoordigers? 12. Op pagina 5 wordt aangegeven: 'dat vraagt van onze organisatie herbezinning op sturing, systemen, cultuur en gedrag'.
Hoe krijgt deze herbezinning concreet vorm? Welk tijdspad wordt hiervoor voorgesteld? Welke concrete resultaten worden beoogd te behalen voorafgaand aan de nieuwe periode en gedurende de komende periode? Aansluitend wordt de nieuwe rol en taak van de betrokken ambtenaren in de wijken geschetst. In hoeverre worden ambtenaren concreet en praktisch hierop
voorbereid en getraind? Is er een profielschets beschikbaar of in voorbereiding voor de diverse nieuwe(ambtelijke) functies in de wijken zoals gesteld in de brief? 13. In het ontwerpbesluit wordt voorgesteld: 'periodiek overleg met het college of een afgevaardigde daarvan'. Hoe ziet zo'n periodiek overleg er concreet uit? Welke mogelijkheden en/of beperkingen biedt de (gemeente)wet wat betreft status van zo'n overleg? Wat is het maximaal aantal mogelijke periodieke overleggen? Wie is verantwoordelijk voor de organisatie, voorzitterschap, verslaglegging en opvolging van deze overleggen? Welke rol krijgt de griffie (of andere onafhankelijke ondersteuning) hier eventueel in? 14. Welke mogelijkheden zijn er wettelijk gezien om deze raadsperiode een besluit te nemen en/of voor te sorteren over de werkwijze (onder andere geborgd door middel van een reglement van orde) van de nieuwe gemeenteraad en van een volgend college in de nieuwe raadsperiode (2022-2026)? 15. Wat gebeurt er met het bestuurscommissiestelsel, indien de raad geen besluit neemt? Hoe ziet het stelsel er dan concreet uit in de gebieden (en wijken) wat betreft de volksvertegenwoordiging? Welke elementen uit de gewenste organisatorische veranderingen (lees; 'op de Coolsingel') - los van de vorm - kunnen worden voortgezet.
Welke zullen dan niet kunnen worden doorgezet? Alvast dank voor de snelle beantwoording! Met vriendelijke groet, Jimmy Smet GroenLinks Rotterdam