Inspreekbijdrage mevrouw lansink
Tekst van het document
De Euromast, weergaloze icoon, nu nog het hoogste vanaf de grond bereikbare punt in Nederland (maar niet lang meer, dan weer wèl Eurovisiemast 2021?), architect Hugh Maaskant, onderdeel van internationale tuinbouwtentoonstelling Floriade 1960, symbool van de wederopbouw van Rotterdam èn van de Europese eenwording. Als domheid en graailust, een tweetal dat in onze fiere stad gelukkig niet altijd aan het langste eind trekt, het winnen, wordt deze vriendelijke reus ingepakt in circa 630 flats, allemaal hoger dan de ‘scheepsbrug’ van de Euromast. Destijds kwamen het bestuur van de Floriade en het gemeentebestuur overeen dat de strook ten westen van de Maastunnel nadrukkelijk deel zou uitmaken van de expositie, als ‘uitloper van het Park’. De gazons aan weerszijden van de toren moesten – ‘niets liever dan dat’ – behouden blijven en niet worden vrijgegeven voor bebouwing. Daaraan mocht niet worden ‘getornd’. Er was al te veel recreatiegroen verloren gegaan. Let wel, we hebben het over de tweede helft van de jaren 50, toen woningnood ‘volksvijand no.1’ was. Als je het spannende contrast tussen Maaskants beton en het aanpalende groen niet ziet, heb je pech, want dan mis je veel. Het groen maakt deel uit van het concept van de Euromast.
Terwijl de wereld alarm slaat over de Amazonebossen, stelt Rotterdam in alle ernst voor meer dan 200 volwassen bomen te vervangen door massale verstening. Op een plaats waar ieder blaadje groen is meegenomen, namelijk langs de verkeerssleuf geheten Maastunnel. Meer dan 32 soorten bomen, een enorme diversiteit, de trots van de Nederlandse boomkwekerij. Ons, bewoners, werd wijsgemaakt dat het om een zootje exoten ging, maar een quercus is gewoon een eik, een tilia een linde, een fagus een beuk en een fraxinus een es, enzovoort. En wat komt ervoor in de plaats? Een rijtje iepen en populieren langs de Parkhaven. Ook gekweekt natuurlijk, zoals alle bomen in Nederland. Tel uit je winst. In en om het Park bevinden zich, inclusief het park zelf en de Maastunnel, tien rijksmonumenten, objecten van nationaal belang. Het Park, 1852, vader en zoon Zocher, is een romantische illusie, in de informele Engelse landschapsstijl, waar de Rotterdammer, niet royaal gezegend met groen, zich gratis en voor niks, in de vrije natuur kon en kan wanen. Een muur van banale flats zal, zeker in de winter, onverbiddelijk zichtbaar maken waar het Park ophoudt. Daarmee wordt ook de context, de belevingswaarde, van de monumenten geschaad. Je zou toch zeggen dat Rotterdam, na het bombardement van 1940, niet zuinig genoeg kan zijn op authentiek cultuurgoed! Nee, het wordt ingezet als lokkertje, reclame.
En het kan ons niet schelen dat op de wezenlijke waarden, waarin door generaties is geïnvesteerd, wordt geparasiteerd. Als het maar ‘schuift’, met als excuus een vreselijke woningnood, bij wie? De mensen die het zich kunnen veroorloven aan het Park te wonen, trappen in een illusie, want zitten met hun derrière vooral aan de Maastunnel, waaruit dag en nacht motorgeronk en uitlaatgassen opstijgen. Neem, tenslotte, kennis van de ongevraagde negatieve adviezen van de Gebiedscommissies Centrum en Delfshaven. En van het vernietigende advies van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, hoogste kenniscentrum en uitvoeringsinstantie van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Gevestigd in Amersfoort. Dáár hebben ze meer inzicht
in en hart voor Rotterdam dan het stelletje ‘bestuurders’ waarmee we helaas opgescheept zitten. Lydia Lansink, architectuurhistoricus, bewoner Scheepvaartkwartier Rotterdam/08-02-2021