CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Initiatiefvoorstel Nida- Sterker door strijd tegen corona als grote ongelijkmaker

Gemeenteraad 18 februari 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 4.1 Mededelingen.2.147 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

STERKER DOOR STRIJD TEGEN CORONA ALS GROTE ONGELIJKMAKER Initiatiefvoorstel NIDA Rotterdam 10 februari 2021 Ercan Büyükçifçi – Raadslid NIDA Rotterdam

Het initiatiefvoorstel ‘Sterker door strijd tegen corona als grote ongelijkmaker’ van NIDA pleit voor een progressieve invulling van de onroerende zaakbelasting (OZB) in Rotterdam om daarmee als gemeente een belangrijke aanzet te geven voor het tegengaan van groeiende vermogensongelijkheid.

Ercan Büyükçifçi NIDA Rotterdam

1

Inleiding Het coronavirus houdt de samenleving in zijn greep, de coronacrisis treft iedereen. De gevolgen van corona zijn echter ongelijk verdeeld. Het effect van corona op iemands gezondheid en bestaanszekerheid is afhankelijk van zijn/haar welvaartspositie. Een minuscuul virusdeeltje weet de ongelijkheid in de maatschappij pijnlijk bloot te leggen. De bestaande kloof tussen arm en rijk wordt zelfs verder verdiept in coronatijd. Corona is daarmee – onder de huidige omstandigheden – zelfs een ongelijkmaker. Omkijken naar elkaar is belangrijker dan ooit. Mensen die er wel bij varen dragen nóg meer de verantwoordelijkheid om mensen die het minder hebben en in nood verkeren bij te staan. De verantwoordelijkheid ligt bij ons allemaal. Dit is alleen niet voldoende. Er zal ook snel het nodige moeten veranderen aan het huidige systeem dat de groeiende kloof tussen arm en rijk mogelijk maakt. De disbalans in welvaart verdient een systeemcorrectie; een snelle en andere manier van welvaartsverdeling en welzijnsverdeling. De vermogensongelijkheid groeit alsmaar. De ontwikkelingen in de woningmarkt dragen daar zichtbaar aan bij. Het gevolg: groeiend verschil in welvaart tussen woningbezitters en huurders. Dit houdt in: anders belasten en meer oog hebben voor minderbedeelden.

Het initiatiefvoorstel van NIDA pleit voor een progressieve invulling van de onroerende zaakbelasting (OZB) in Rotterdam om daarmee als gemeente een belangrijke aanzet te geven voor het tegengaan van groeiende vermogensongelijkheid.

2

Vermogensopbouw De woningmarkt zorgt voor disbalans in welvaart. Een koophuis levert steeds meer vermogen op. Er ontstaat een onoverbrugbaar verschil in welvaart tussen woningbezitters en huurders. Waar en hoe je woont is in toenemende mate bepalend voor je welvaart. Door allerlei maatregelen en belastingvoordelen als de hypotheekrenteaftrek is het kopen en bezitten van een woning – ofwel vermogensopbouw – door de overheid gestimuleerd. Een maatregel die bovendien de woningprijzen heeft doen stijgen. Mede hierdoor en door het woningtekort is de woningmarkt voor veel starters niet toegankelijk. In een alsmaar populairder wordend Rotterdam stijgen de huizenprijzen sinds 2015. Steeds meer partijen grijpen hun kans om te beleggen in woningen. De schaarste aan woningen in de stad, in combinatie met toenemend aantal beleggers op de woningmarkt drijven de prijzen verder omhoog. Onderstaand tabel illustreert de gemiddelde waardeontwikkeling van woningen in Rotterdam over de jaren (CBS-cijfers): Rotterdam

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Gem. woning-

146.000

147.000

154.000

166.000

192.000

222.000

waarde (WOZ) Van de vier grootste steden stegen de huizenprijzen in Rotterdam het hardst. De meest recente stijging betreft bijna 16%.1 Het is eerder regel dan uitzondering dat iemand die in 2015 een huis kocht voor 300.000 euro, enkele jaren later, in 2020, zijn huis kwijt kon voor 400.000 euro. De waardestijging zet zich bovendien door, ondanks corona. Een overwaarde van 100.000 euro of meer ten opzichte van de koopprijs is anno nu het nieuwe normaal.2

1 https://indebuurt.nl/rotterdam/nieuws/woningwaarde-in-rotterdam-stijgt-het-hardst-dit-is-een-huis-nu-gemiddeld-waard~143304/ 2 https://www.kadasterdata.nl/rotterdam

3

Rotterdam: koploper verlaging OZB Elke gemeente heft, op basis van artikel 220 van de Gemeentewet, onroerende zaakbelasting (OZB) om een deel van gemeentelijke taken te bekostigen. Drie groepen krijgen een OZB-aanslag: 1) eigenaren van woningen, 2) gebruikers van niet-woningen en 3) eigenaren van niet-woningen. Voor iedere groep geldt een eigen OZB-tarief. De gemeenteraad stelt het tarief vast in een verordening OZB. Gebruikers van woningen – bijvoorbeeld huurders – krijgen geen aanslag OZB. OZB vormt de grootste eigen inkomstenbron van gemeenten en bedraagt ca. 8% van de totale gemeentelijke inkomsten3. Volgens het CBS bracht OZB in 2020 voor alle gemeenten tezamen 4,3 miljard euro op4. De verwachting is dat gemeente Rotterdam in 2021 zo’n 260 mln. euro aan OZBinkomsten zal hebben. Zo’n 60 mln. euro is afkomstig van woningeneigenaren en bijna 200 mln. euro is afkomstig van eigenaren van niet-woningen. OZB-inkomsten komen in de algemene middelen van de gemeente en hebben dus geen vooraf bepaald bestemmingsdoel. Waar het gaat om de besteding van OZB-inkomsten geldt: de raad bepaalt. Het is aan de gemeenteraad om vast te stellen waarvoor de OZB-inkomsten worden ingezet5. Als we kijken naar het OZB-tarief van afgelopen jaren, valt op te merken dat het tarief in Rotterdam nog altijd daalt: Rotterdam

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

OZB-tarief voor

0,1313% 0,1286% 0,1246% 0,1154% 0,0969% 0,0853% 0,0774%

woningen Rotterdam was in 2020 zelfs één van de koplopers waar het gaat om de verlaging van het OZBtarief. Met een verlaging van maar liefst 12% voerde Rotterdam de top 3 aan in gemeenteland6. Grootste stijgers

2020

Grootste dalers

2020

3 https://vng.nl/artikelen/onroerendezaakbelastingen-ozb

4 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2020/05/gemeenten-begroten-10-8-miljard-euro-aan-heffingen-in-2020 5 https://vng.nl/artikelen/onroerendezaakbelastingen-ozb

6 https://www.vastelastenbond.nl/belastingen/onroerendezaakbelasting-per-gemeente-2019/

4

Tynaarlo

+44,9%

Borger-Odoorn

-24,1%

Stadskanaal

+40,0%

Breda

-14,2%

Dantumadiel

+35,7%

Rotterdam

-12,0%

Met ruim 9% is de OZB-verlaging voor 2021 nog altijd fors. Elke gemeente bepaalt zelf het OZBtarief, soms ook met opmerkelijke verschillen tussen gemeenten. Zo hanteren zelfs de drie gemeenten met de hoogste gemiddelde woningwaarde, Blaricum, Bloemendaal en Laren (NH), een hoger OZB-tarief dan Rotterdam7. Het OZB-tarief van deze rijke gemeenten ligt in 2021 40% hoger dan het tarief in Rotterdam. Er zijn afspraken tussen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Rijksoverheid over de maximale stijging van de totale landelijke OZB-opbrengst. Ondanks deze afspraken kiezen diverse gemeenten nu juist in coronatijd voor een verhoging van het OZB-tarief. Zo kiest gemeente Amsterdam voor een forse ophoging van het OZB-tarief met 20%. Met deze ingreep verwacht Amsterdam 36 mln. euro meer OZB-inkomsten. In tijden van ongekende crisis kiest Rotterdam ervoor het OZB-tarief nog altijd te verlagen. Rotterdam houdt zich halsstarrig vast aan de rekenmethode dat de totale OZB-opbrengst ieder jaar ongeveer hetzelfde moet zijn. Zelfs de coronacrisis heeft geen aanleiding gegeven om van deze rekenmethode af te wijken en daarmee de groeiende ongelijkheid in de stad tegen te gaan. Corona verdiept de bestaande kloof tussen arm en rijk.

Lastenverzwaring Rotterdam heeft de mogelijkheid om niet zo stevig vast te houden aan de systematiek waarbij waardestijging van woningen leidt tot een daling van het OZB-tarief. Het is niet zo dat Rotterdam helemaal niet aan lastenverzwaring doet. In 2021 verhoogt Rotterdam diverse andere lasten. De lastenverhogingen raken álle Rotterdammers. Huurders worden daarbij onevenredig hard getroffen. Huurders in Rotterdam hebben met zelfs in coronatijd met een huurstijging van 4,1% te maken met grootste huurstijging in Nederland8. Eerdere inzet van NIDA middels een aangenomen motie om huren te bevriezen heeft geen weerklank gehad. Naast huurstijging is voor huurders ook sprake van

7 Gemiddelde woningwaarde (WOZ, peildatum 1-1-19) en bijbehorend OZB-tarief woningen in 2020: Blaricum: 606000 (0,1064), Bloemendaal:

695000 (0,1064), Laren (NH): 626000 (0,1035) 8 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2020/37/grootste-huurstijging-in-zesjaar#:~:text=Grootste%20huurstijging%20in%20Rotterdam%20en,Amsterdam%3A%203%2C6%20procent.

5

lastenverzwaring. De afvalstoffenheffing is sinds 2019 gestegen met 15%9. Woningeigenaren hebben weliswaar ook te maken met lastenverzwaring (afvalstoffenheffing, rioolheffing en OZB), maar relatief gezien minder zware lastenverzwaring dan huurders. Uit recent landelijk onderzoek blijkt dat woningeigenaren en huurders dit jaar fors meer geld kwijt zijn aan gemeentelijke woonlasten. En dat huurders daarbij onevenredig hard worden getroffen. Voor huurders gaat het om een gemiddelde stijging van 8 procent ten opzichte van vorig jaar, woningeigenaren betalen gemiddeld 6,2% meer10.

9 Huurders hebben na 2018 te maken met lastenverzwaring van 328,20 euro (2018) naar 377,10 euro (2021) is stijging van 15% (bij

driepersoonshuishouden of meer) 10 Dat blijkt uit rapport van het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) van de Universiteit Groningen (RUG).

6

Het voorstel Gemeente Rotterdam draagt de verantwoordelijkheid om de groeiende kloof tussen arm en rijk te dempen. Huidige maatregelen op het gebied van schuldenaanpak en armoedebestrijding zijn niet afdoende. De gemeente zou naast deze maatregelen meer moeten toewerken richting een eerlijkere verdeling van welvaart. Dit initiatiefvoorstel streeft naar progressieve invulling van de onroerende zaakbelasting. De verhoging van de OZB is niet een doel op zich, maar een manier om het verlies aan welvaart in coronatijd eerlijker te verdelen en daarmee de groeiende ongelijkheid tegen te gaan. Hogere OZB-inkomsten komen in de algemene middelen terecht. NIDA pleit ervoor om de hogere OZB-inkomsten in te zetten voor maximale lastenverlichting voor lage inkomensgroepen en maximale ondersteuning in armoedeaanpak. Er geldt reeds kwijtschelding voor afvalstoffenheffing voor lage inkomensgroepen van 76,5%. De kwijtschelding is afhankelijk van iemands vermogen/inkomen. NIDA stelt voor om het OZB-tarief in 2022 dusdanig op te hogen, zodat met de hogere belastinginkomsten de kwijtschelding 100% wordt en zelfs extra ondersteunende maatregelen worden getroffen ten behoeve van armoedebestrijding. Het is uiteindelijk aan de gemeenteraad om zo snel mogelijk een progressief OZB-tarief vast te stellen.

Daarbij stel NIDA ook voor om rekening te houden met woningeigenaren met een laag inkomen door zo te belasten dat zij niet buitenproportioneel hard worden geraakt.

7

Raadsbesluit De raad van de gemeente Rotterdam, gelezen het initiatiefvoorstel van E. Büyükçifçi “Sterker door strijd tegen corona als grote ongelijkmaker” (21bbXXXX) en de reactie van het college van burgemeester en wethouders d.d. [invullen] (21bbXXXX), gehoord de raadscommissie [invullen]. Het College legt de raad spoedig een raadsbesluit voor waarbij onderstaande scenario’s zijn uitgewerkt, zodat de raad uiterlijk bij de voorjaarsnota een besluit kan nemen. Dat wil zeggen dat elk onderstaand scenario is voorzien van een uiteenzetting van het effect van OZB-tariefswijziging op intensivering armoedebestrijding in de vorm van kwijtschelding en/of andere inkomensregelingen. -

Scenario 1: Een snelle progressieve invulling van het OZB-tarief door voor 2022 het tarief van 2019 (0,0969%) te hanteren. De hogere OZB-inkomsten worden ingezet voor lage inkomensgroepen door ze tot 100% van het verschuldigde belastingbedrag voor de aanslagen over belastingjaar 2022 kwijtschelding te verlenen. Afhankelijk van de hoogte van de OZB-inkomsten wordt de kwijtschelding aangevuld met inkomensregelingen ten behoeve van armoedebestrijding die een hoge verzilveringsgraad kennen.

-

Scenario 2: Een snelle progressieve invulling van het OZB-tarief door voor 2022 het tarief van 2020 (0,0853%) te hanteren. De hogere OZB-inkomsten worden ingezet voor lage inkomensgroepen door ze tot 100% van het verschuldigde belastingbedrag voor de aanslagen over belastingjaar 2022 kwijtschelding te verlenen. Afhankelijk van de hoogte van de OZB-inkomsten wordt de kwijtschelding aangevuld met inkomensregelingen ten behoeve van armoedebestrijding die een hoge verzilveringsgraad kennen.

-

Scenario 3: Een snelle progressieve invulling van het OZB-tarief in 2022 met als gevolg dat de hogere OZB-inkomsten de mogelijkheid bieden om voor lage inkomensgroepen tot 100% van het verschuldigde belastingbedrag voor de aanslagen over belastingjaar 2022 kwijtschelding te verlenen.

-

Scenario 4: Een snelle progressieve invulling van het OZB-tarief in 2022 met als gevolg dat de hogere OZB-inkomsten de mogelijkheid bieden om voor lage inkomensgroepen tot 90% van het verschuldigde belastingbedrag voor de aanslagen over belastingjaar 2022 kwijtschelding te verlenen.

8

-

Scenario 5: Een snelle progressieve invulling van het OZB-tarief door in 2022 het tarief van 2021 als ondergrens te hanteren. College voorkomt verdere daling van het OZB-tarief van 0,0774%. Hogere OZB-inkomsten in geval van stijgende woningwaarden (WOZ) worden ingezet voor lage inkomensgroepen door ze een hoger percentage kwijtschelding te verlenen voor het verschuldigde belastingbedrag voor de aanslagen over belastingjaar 2022.

Het College wordt verzocht om voor elk scenario inzichtelijk te maken welk effect de voorgestelde OZB-tariefswijziging heeft op de intensivering van de armoedebestrijding in de vorm lastenverlichting en aanvullende ondersteunende inkomensregelingen. Het College wordt tevens verzocht uit te werken hoe op een manier kan worden belast zodat woningeigenaren met lage inkomsten niet buitenproportioneel hard worden geraakt. Differentiëren in het OZB-tarief zou een oplossing kunnen bieden. Alleen is deze mogelijkheid er niet. Het College kan inzichtelijk maken in hoeverre en op welke manier de huidige kwijtschelding voor het verschuldigde belastingbedrag dusdanig vorm gegeven kan worden, zodat deze groep niet geraakt wordt door het voorgestelde inzet op hogere OZB-inkomsten. De vraag is aan het College om de scenario’s uit te werken en door te rekenen en hiervoor een raadsbesluit aan de raad te doen toekomen. Graag ontvangen wij tijdig een reactie van het College op deze voorstellen, zodat de raad nog bij de voorjaarsnota een besluit kan nemen. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van [DATUM] De griffier

9

De voorzitter

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=7b097913-29e6-4afe-a166-3c4eb0ac0084